210035 Bijlage 11 Bomen Effect Analyse Uitvoeringsbesluit Gasthuiswijk-Haagweg-Zuid fase 1
Tekst van het document
Gasthuiswijk fase 1, Leiden
Bomen Effect Analyse
STATUS RAPPORT
Definitief 2-11-2020
PROJECTNUMMER
20203061
OPGESTELD VOOR
Greenpoint Advies T.a.v. Dhr. P. van der Linden Plantsoen 57i 6701 AS Wageningen
GEZIEN DOOR
T. Faber Adviseur groene ruimte European Tree Technician
OPGESTELD DOOR
J. Eichholtz European Tree Technician Van Helvoirt Groenprojecten BV Oisterwijksebaan 8A 5056 RD Berkel-Enschot Postbus 145 5056 ZJ Berkel-Enschot 013-5408236 06-52396036 www.vanhelvoirtgroenprojecten.nl
© 2018 Van Helvoirt Groenprojecten BV. Het is niet toegestaan dit rapport of delen ervan openbaar te maken, te verveelvuldigen of voor andere doeleinden te gebruiken zonder schriftelijke toestemming van Helvoirt.
Bomen Effect Analyse Gasthuiswijk fase 1
Leiden
INHOUD 1.
INLEIDING
5
1.1
Aanleiding en doel
5
1.2
Uitvoering
5
2.
HUIDIGE SITUATIE
6
2.1
Onderzoekslocatie
6
2.2
Planfase
7
2.3
Opname Boomgegevens
7
2.4
Groeiplaatsonderzoek
9
2.5
Vochthuishouding
16
3.
EFFECTENANALYSE
17
3.1
Verwachte werkzaamheden
17
3.2
Te verwachten knelpunten
18
4.
VERPLANTBAARHEID
20
4.1
Boomsoort
20
4.2
Conditie, kwaliteit en levensverwachting
20
4.3
Groeiplaats en beworteling
21
4.4
Omgevingsfactoren
21
4.5
Nieuwe locatie
21
4.6
Verplantbaarheid
21
5.
CONCULSIES EN AANBEVELINGEN
22
5.1
Conclusies
22
5.2
Aanbevelingen
23
6.
BIJLAGEN
26
1. INLEIDING 1.1
AANLEIDING EN DOEL
In opdracht van Greenpoint Advies heeft Van Helvoirt Groenprojecten een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. De BEA is gericht op 48 bomen in verschillende straten van het projectgebied Gasthuiswijk fase 1 te Leiden. Van 17 van de 48 bomen dient de verplantbaarheid tevens onderzocht te worden. Het bomenbestand bestaat uit 14 soorten waarbij de Zwarte berk (Betula nigra) en de Gewone plataan (Platanus x hispanica) het meeste voorkomen. Aanleiding voor het onderzoek is dat gemeente Leiden voornemens is de huidige riolering te vervangen, en het maaiveld opnieuw in te richten. Gemeente Leiden wil weten wat de invloed van het project op de betreffende bomen is en heeft Van Helvoirt Groenprojecten gevraagd dit middels een BEA inzichtelijk te maken. Een BEA is een gestandaardiseerde onderzoeksmethode om de mogelijke effecten van ruimtelijke ingrepen te beoordelen. De volgende vragen staan centraal: Wat is de huidige kwaliteit van de 48 opgegeven bomen? Welke effecten hebben de plannen of werkzaamheden op de opgegeven 48 bomen? Zijn de 17 aangegeven bomen duurzaam te verplanten? Welke maatregelen of projectaanpassingen zijn nodig om de opgegeven bomen te kunnen behouden?
1.2
UITVOERING
Het veldwerk voor het onderzoek is uitgevoerd op woensdag 14 oktober 2020 door J. Eichholtz , boomtechnisch adviseur. Dit rapport bevat de uitwerking van de onderzoeksresultaten en de daaruit volgende conclusies en aanbevelingen.
Leeswijzer Het rapport is op de volgende wijze opgebouwd: • Hoofdstuk 2: beschrijving van het onderzoeksgebied met de boomgegevens en verdere bevindingen. • Hoofdstuk 3: analyse van de knelpunten op basis van de plannen. • Hoofdstuk 4: mogelijkheid om de bomen te verplanten • Hoofdstuk 5: conclusies op basis van de onderzoeksresultaten en aanbevelingen voor duurzaam behoud van de bomen met betrekking tot het ontwerp en de uitvoering van de werkzaamheden.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 5 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
2. HUIDIGE SITUATIE 2.1
ONDERZOEKSLOCATIE
De onderzoekslocatie, Gasthuiswijk, bevindt zich in de wijk Bos- en Gasthuisdistrict ten zuiden van Leiden. Ten westen wordt het projectgebied ontsloten door de Churchilllaan, en ten oosten door een bedrijventerrein aan de Rooseveltstraat. In het projectgebied staan vele bomen, echter dienen er voor de voorgenomen plannen 48 bomen onderzocht te worden. Onderstaande afbeelding geeft het projectgebied met een oranje arcering aan.
Afbeelding 1: overzicht projectgebied aangegeven met een oranje arcering
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 6 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
2.2
PLANFASE
Voor het onderzoek is gebruikgemaakt van de volgende (project)tekeningen en bronnen: Tekening: Wurck architectuur stedenbouw landschap. Leiden Gasthuiswijk, Overzichtstekening Fase 1 incl bomen BEA. Projectnummer: 19594, schaal 1:500, datum: 5 oktober 2020 Tekening: Gemeente Leiden. Gasthuiswijk en Haagweg-Zuid, Rioolontwerp civil 3D. Schaal 1:500, datum: 2 oktober 2020 Digitale kaart: Gemeente Leiden. Groene Kaart Leiden. Geraadpleegd op 28 oktober 2020, op https://groenekaart.leiden.nl
2.3
OPNAME BOOMGEGEVENS
Het onderzoek richt zich op 48 bomen in het projectgebied Gasthuiswijk fase 1 te Leiden. Bomenstatus Met behulp van de Groene Kaart beschermt de gemeente Leiden verschillende aangewezen houtopstanden. De houtopstanden bestaan uit solitaire bomen, boomstructuren en boomgebieden. In de Gasthuiswijk zijn enkele solitaire bomen als beschermd aangewezen. Daarnaast lopen er door de Gasthuiswijk 4 beschermde boomstructuren (afbeelding 2).
Afbeelding 2: detail Groene Kaart Gasthuiswijk Leiden
De solitaire beschermde bomen maken geen deel uit van dit onderzoek. Delen van de boomstructuren aan de Van der Helmlaan, De Bazelstraat en het Rietveldpad maken wel deel uit van dit onderzoek. Geen van de bomen is opgenomen in het Landelijk Register van Monumentale Bomen van de Bomenstichting.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 7 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Boomgegevens De boomgegevens kunnen als volgt worden samengevat: In het projectgebied staan 48 bomen die tot deze BEA behoren. Te noemen zijn 19 Zwarte berken (Betula nigra), 6 Gewone platanen (Platanus x hispanica), 4 Gewone esdoorns (Acer pseudoplatanus), 4 Ruwe berken (Betula pendula), 3 papierberken (Betula papyrifera), 2 trompetbomen (Catalpa bignonioides), 2 amberbomen (Liquidamber styraciflua), 2 Canadese populieren (Populus canadensis), 2 Japanse sierkersen (Prunus sargentii), 1 Noorse esdoorn (Acer platanoides GLobosum), 1 zilverberk (Betula utilis Doorenbos), 1 tulpenboom (Liriodendron tulipiferum) en een Zoete kers (Prunus avium). De meeste bomen, 34 stuks, staan in de verharding langs de diverse straten in het projectgebied. 13 bomen staan in het gazon en 1 boom in de beplanting. Van de 48 bomen zijn er 9 beschermd. Deze bomen staan in een aangewezen boomstructuur. Het betreft de bomen 337, 420, 914, 1427, 2442, 2601, 2603, 2604 en 2605 De boomgegevens zijn opgenomen in Bijlage 1. Een overzicht van de boomlocaties is opgenomen in Bijlage 2. Visuele onderzoek Bij het visuele onderzoek, de boomveiligheidscontrole (BVC), worden de verschillende delen (kroon, stam en stamvoet) van de bomen vanaf de grond beoordeeld om een indruk te krijgen van de boomkwaliteit1 (conditie2 en structuur3).
Hierbij wordt gebruikt van de VTA- (Visual Tree Assessment) en IBA-methodiek (Intergrierte Baum Analyse). Voor een goede beoordeling van de boomkwaliteit worden tevens de onderhoudstoestand4 en levensverwachting5 geschat, uitgaande van ‘normale ondergrondse groeiomstandigheden’. De belangrijkste resultaten van het visuele onderzoek zijn als volgt: Van de 48 onderzoeksbomen, verkeren 24 bomen in een goede conditie en 17 in een redelijke conditie. De bomen 908, 1447, 2265 en 2282 verkeren in een matige conditie, de bomen 1995 en 2605 in een slechte conditie en boom 891 is afgestorven. De levensverwachting is voor 21 van de 48 bomen goed. Dit houdt in dat zij in de huidige omstandigheden nog minimaal 15 jaar behouden kunnen blijven. Voor 16 bomen is de levensverwachting als redelijk beoordeeld en voor 8 bomen als matig. De bomen 1995 en 2605 hebben een slechte levensverwachting. Boom 891 is afgestorven en heeft dus geen levensverwachting meer. Bij 12 bomen is er wortelopdruk in de verharding waargenomen. 5 bomen zijn aangewezen als risicoboom.
1 Boomkwaliteit wordt in eerste instantie bepaald door conditie en structuur van de boom. De volgende kwaliteitsklassen worden
onderscheiden: goed, redelijk, matig en slecht. 2 De conditie is de toestand van een boom op het moment van opname en wordt en wordt visueel vanaf de grond bepaald. Hierbij wordt gelet
op blad- of knopbezetting, bladverkleuring, vertakkingpatroon, groei t.o.v. normaal, mate van overgroeiing bij beschadigingen en symptomen die wijzen op aantastingen. De volgende klassen worden onderscheiden: goed, redelijk, matig en slecht. 3 Bij structuur gaat het om stabiliteit en breukgevoeligheid. Stabiliteit heeft betrekking het omvallen van de boom en breukgevoeligheid heeft
betrekking op afbreken van de stam en het af- of uitbreken van takken. Voor de beoordeling wordt gebruikgemaakt van de Visual Tree Assessment (VTA) en Intergrierte Baum Analyse (IBA). Middels deze methodes kan op grond van zichtbare kenmerken gebreken of signalen die duiden op verborgen gebreken beoordeeld worden. 4 Bij de beoordeling van de onderhoudstoestand wordt gekeken naar de snoeimaatregelen die noodzakelijk zijn om tot een aanvaard
boombeeld te komen. Hierbij wordt met name gelet op de aanwezigheid van afgestorven takken of mogelijk (toekomstige) ‘probleemtakken’ zoals plakoksels of te laaghangende takken voor een normale afwikkeling van verkeer. De volgende klassen worden onderscheiden: aanvaard, achterstallig of verwaarloosd. 5 De levensverwachting wordt geschat a.d.h.v. boomsoort, leeftijd, conditie en eventueel aanwezige aantastingen. Ook de boven- en
ondergrondse groeiruimte zijn factoren die in de beoordeling van de levensverwachting worden meegenomen. De volgende klassen worden onderscheiden:0 – 5 jaar, 5 – 10 jaar, 10 – 15 jaar en > 15 jaar. VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 8 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
2.4
GROEIPLAATSONDERZOEK
Bij het groeiplaatsonderzoek is de ondergrondse groeiruimte en de beworteling van de bomen in kaart gebracht om de effecten van de voorgenomen werkzaamheden in te kunnen schatten. Daarvoor zijn enkele profielkuilen gegraven op plekken waar de werkzaamheden in conflict kunnen komen met de ondergrondse boomdelen. Daarnaast hebben enkele profielkuilen als doel de wortelkluit van enkele te verplanten bomen te bepalen. Een grondboring is gezet om de bodemopbouw en grondwaterinvloed inzichtelijk te maken. De resultaten worden in deze paragraaf aan de hand van tabellen en foto’s toegelicht. In Bijlage 2 is een overzicht gegeven van de locaties binnen het onderzoeksgebied waar het bodemonderzoek is uitgevoerd. Profielkuil 1 De eerste profielkuil is op 1 meter vanuit het hart van boom 963 gegraven (afbeelding 3). Op deze afstand krijgt het maaiveld een andere inrichting. De reden dat op deze locatie een profielkuil is gegraven, is om vast te stellen of, en hoeveel wortels ter hoogte van de geplande werkzaamheden aanwezig zijn. De profielkuil is tot een diepte van 40 centimeter onder maaiveld gegraven. Onder de tegelverharding ligt een circa 35 centimeter dikke laag humusarm, matig fijn straatzand. Deze laag is intensief beworteld met haarwortels en dikkere wortels (afbeelding 4). Dieper is niet gegraven vanwege de hoge intensiteit aan wortels.
De resultaten van deze profielkuil zijn in tabel 1 schematisch weergegeven. Tabel 1: resultaten profielkuil 1.
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0-4
Trottoirtegels
4 – 40
Humusarm, matig fijn, straatzand
Afbeelding 3: locatie profielkuil 1
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
Intensief beworteld met haarwortels en dikkere wortels (Ø 10cm)
Afbeelding 4: detail profielkuil 1
– 9 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Profielkuil 2 Profielkuil 2 is op 1,8 meter vanuit het hart van boom 654, in de Zocherstraat, gegraven (afbeelding 5). De boom staat op de locatie waar het nieuwe vuilwaterriool wordt gerealiseerd. De afstand van de profielkuil is dus bepaald op de rand van de wortelkluit die benodigd is voor een verplanting. De profielkuil heeft een diepte van 70 centimeter. Direct onder de verharding bevinden zich wortels welke intensief aanwezig zijn in de laag humusarm, matig fijn straatzand. Onder het straatzand, vanaf 30 centimeter onder maaiveld, bevindt zich humusarm, matig fijn grijs zand zonder beworteling. De resultaten van deze profielkuil zijn in tabel 2 schematisch weergegeven. Tabel 2: resultaten profielkuil 2.
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0-4
Trottoirtegels
4 - 30
Humusarm, matig fijn, straatzand
Intensieve beworteling
30 - 70
Humusarm, matig fijn, grijs zand
Geen beworteling aangetroffen
Afbeelding 3: locatie profielkuil 2
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
Afbeelding 4: detail profielkuil 2
– 10 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Profielkuil 3 De derde profielkuil is op 2,5 meter vanuit het hart van boom 337 gegraven (afbeelding 7). Op deze locatie wordt een waterpartij langs de boom gegraven in het gazon. De profielkuil heeft een diepte van 50 centimeter. Handmatig dieper graven was vanwege de grote stukken puin in de grond onmogelijk (afbeelding 8). Het profiel bestaat uit puinhoudend humeus, uiterst fijn zand. De beworteling is matig intensief aanwezig. Stabiliteitswortels zijn in de profielkuil niet aangetroffen. In tabel 3 worden de resultaten van de profielkuil uiteengezet. Tabel 3: resultaten profielkuil 3
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0 - 50
Humeus, uiterst fijn zand (teelaarde)
50 >
Humeus, uiterst fijn zand (teelaarde)
• •
Matig intensief beworteld Puinhoudend
Zeer veel puin aanwezig
Afbeelding 7: locatie profielkuil 3
Afbeelding 8: detail profielkuil 3
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 11 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Profielkuil 4 Profielkuil 4 is op 0,5 meter vanuit het hart van boom 908, in de Aerent Bruunstraat, gegraven (afbeelding 9). Op deze afstand krijgt het maaiveld een andere inrichting. De reden dat op deze locatie een profielkuil is gegraven, is om vast te stellen of, en hoeveel wortels ter hoogte van de geplande werkzaamheden aanwezig zijn. De profielkuil heeft een geringe diepte van 25 centimeter. De verharding wordt omhoog gedrukt door de wortels die er direct onder groeien (afbeelding 10). Onder de verharding bestaat het profiel uit humusarm, matig fijn straatzand. De beworteling is hier tot minstens 25 centimeter onder maaiveld intensief aanwezig (afbeelding 11). Handmatig dieper graven, zonder onnodig wortelverlies te veroorzaken, was onmogelijk vanwege de hoge intensiteit aan beworteling. De resultaten van deze profielkuil zijn in tabel 4 schematisch weergegeven. Tabel 4: resultaten profielkuil 4.
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0-4
Trottoirtegels
Wortelopdruk
4 - 25
Humusarm, matig fijn, straatzand
Afbeelding 9: locatie profielkuil 4
• •
Intensieve beworteling Wortels tot Ø 6 cm
Afbeelding 10: wortelmat direct onder de verharding
Afbeelding 11: detail profielkuil 4 VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 12 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Profielkuil 5 De vijfde profielkuil is in de Jan Keldermansstraat op 1,2 meter vanuit het hart van boom 306 gegraven (afbeelding 12). Op deze afstand krijgt het maaiveld een andere inrichting. Langs parkeren wordt haaks parkeren. De reden dat op deze locatie een profielkuil is gegraven, is om vast te stellen of, en hoeveel wortels ter hoogte van de geplande werkzaamheden aanwezig zijn. De profielkuil heeft een diepte van 30 centimeter. Handmatig dieper graven was vanwege de hoge wortelintensiteit onmogelijk. Het profiel bestaat uit onder de verharding uit humusarm, matig fijn straatzand. In deze laag worden veel wortels aangetroffen, waaronder ook afgezaagde wortels (afbeelding 13). In tabel 5 worden de resultaten van de profielkuil uiteengezet. Tabel 5: resultaten profielkuil 5.
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0-4
Trottoirtegels
4 - 30
Humusarm, matig fijn, straatzand
Afbeelding 12: locatie profielkuil 5
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
Intensieve beworteling Afgezaagde wortels aangetroffen
Afbeelding 13: detail profielkuil 5
– 13 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Profielkuil 6 Profielkuil 6 is op 1 meter vanuit het hart van boom 2139, in de Vingboomhof, gegraven (afbeelding 14). Op deze afstand krijgt het maaiveld een andere inrichting. De reden dat op deze locatie een profielkuil is gegraven, is om vast te stellen of, en hoeveel wortels ter hoogte van de geplande werkzaamheden aanwezig zijn. De profielkuil heeft een diepte van 70 centimeter. De verharding wordt omhoog gedrukt door de wortels die er direct onder groeien (afbeelding 15). Onder de verharding bestaat het profiel uit humusarm, matig fijn straatzand. Beworteling wordt alleen tot 20 centimeter onder maaiveld aangetroffen. De resultaten van deze profielkuil zijn in tabel 6 schematisch weergegeven. Tabel 6: resultaten profielkuil 6.
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0-4
Trottoirtegels
Wortelopdruk
4 - 70
Humusarm, matig fijn, straatzand
Afbeelding 14: locatie profielkuil 6
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
• •
Intensieve beworteling tot 20 cm-mv Na 20 cm-mv geen beworteling aanwezig
Afbeelding 15: detail profielkuil 6
– 14 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Grondboring Om een beeld te kunnen krijgen van de bodemopbouw en de vochthuishouding is er tussen boom 2603 en 2604 een grondboring gezet (afbeelding 16). De eerste 15 centimeter onder maaiveld bestaat uit humeus, matig fijn zand. Deze laag wordt opgevolgd door een 10 centimeter dikke laag humeus, matig fijn bruin zand. Vanaf 25 centimeter onder maaiveld wordt humusarm silt aangetroffen, waar vanaf 55 centimeter onder maaiveld roestdeeltjes in worden aangetroffen. Vanaf 70 centimeter onder maaiveld wordt humusarm, matig fijn grijs zand aangetroffen. Grondwater wordt op 85 centimeter onder maaiveld aangetroffen. Het totale profiel is in onderstaande afbeeldingen en tabel 7 weergegeven. Tabel 7: resultaten grondboring
DIEPTE (CM – M.V.)
OMSCHRIJVING
BEVINDINGEN
0 - 15
Humeus, matig fijn donkergrijs zand
Teelaarde
15 - 25
Humeus, matig fijn bruin zand
Bruine teelaarde
25 - 70
Humusarm, silt, grijs
Vanaf 55 cm-mv roestdeeltjes aanwezig
70 - 85
Humusarm, matig fijn, grijs zand
• • •
Reductiezonde Roestdeeltjes aanwezig Grondwater op 85 cm-mv
Afbeelding 16: locatie grondboring
Afbeelding 17: detail grondboring VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 15 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
2.5
VOCHTHUISHOUDING
Inzicht in de vochthuishouding is van belang om in te kunnen schatten op welke manier de bomen in hun vochtbehoefte worden voorzien. Tijdens het veldwerk op woensdag 14 oktober is er grondwater aangetroffen op 85 centimeter onder maaiveld. Vochtnalevering vanuit het grondwater is het gehele jaar mogelijk; de bomen staan daarom op een grondwaterprofiel6.
6 Voor bomen wordt de grondwatersituatie als volgt ingedeeld:
•
Grondwaterprofiel: profiel waarbij gedurende het hele jaar voldoende capillaire vochtnalevering vanuit het grondwater naar de boomwortels mogelijk is.
•
Hangwaterprofiel: profiel waarbij geen capillaire nalevering vanuit het grondwater aan de boomwortels mogelijk is. De boom is voor de vochtvoorziening volledig afhankelijk van het beschikbare vocht in de hangwaterzone, die aangevuld wordt door neerslag.
•
Contactprofiel of tijdelijk grondwaterprofiel: profiel waarbij gedurende een gedeelte van het jaar voldoende capillaire vochtnalevering vanuit het grondwater naar de boomwortels mogelijk is. In (een deel van) het voorjaar staan de boomwortels in contact met de capillaire zone, maar gedurende het seizoen zakt de grondwaterstand tot buiten het bereik van de boomwortels. De boom is voor de vochtvoorziening daarom deels afhankelijk van het beschikbare vocht in de hangwaterzone. VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 16 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
3. EFFECTENANALYSE In dit hoofdstuk worden de effecten die de realisatie van de plannen hebben op de kwaliteit van de bomen beschreven en beoordeeld.
3.1
VERWACHTE WERKZAAMHEDEN
In het projectgebied wordt de riolering vervangen door een gescheiden stelsel (afbeelding 18). Deze werkzaamheden bieden de mogelijkheid het maaiveld daarna direct anders in te richten. Bijlage 3 en 4 bevatten het ontwerp voor het aanleggen van het gescheiden rioleringsstelsel en de nieuwe inrichting van het maaiveld. De voorgenomen werkzaamheden bevinden zich in de groeiplaats/-ruimte van de onderzoeksbomen. Graafwerkzaamheden binnen de kroonprojectie is hierbij onvermijdelijk. Globaal worden de volgende werkzaamheden onderscheiden: 1.
Opbreken verhardingen
2.
Verwijderen en aanleggen rioleringsstelsel
3.
Aanleggen nieuwe maaiveldinrichting
Afbeelding 18: Uitsnede rioolontwerp ter hoogte van de Zocherstraat
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 17 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
3.2
TE VERWACHTEN KNELPUNTEN
Effect op wortelgestel Per verwachte werkzaamheden worden hieronder de verwachte knelpunten weergegeven. 1. Opbreken verhardingen Voor de onderzoeksbomen die in de verharding staan geldt dat zij allen oppervlakkig wortelen. Het opbreken van de verhardingen draagt hierbij aan een percentage wortelverlies7 tot 10% van de gehele kluit. 2. Verwijderen en aanleggen rioleringsstelsel Het verwijderen en aanleggen van het rioleringsstelsel vraagt om ruime werksleuven. Hierbij moet gedacht worden aan werksleuven welke op maaiveld niveau minimaal 4 meter breed zijn. Voor een groot aantal bomen heeft dit nadelige effecten op het wortelgestel. Voor de bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat geldt dat zij bij het verwijderen van de huidige riolering 10 tot 15% wortelverlies zullen ondervinden. Het nieuwe stelsel wordt op een grotere afstand van deze bomen aangelegd. De bomen 410, 1189, 1430, 1759, 2362 en 2265 zullen bij de aanleg van het nieuwe stelsel 30% wortelverlies ondervinden. De bomen die de meeste nadelige effecten van deze werkzaamheden ondervinden zijn de bomen 404, 420, 438, 654, 691, 2047 en 2139. Deze bomen zullen meer dan 40% wortelverlies ondervinden bij de genoemde werkzaamheden. De overige bomen vanuit dit onderzoek staan op geruime afstand van deze werkzaamheden. Het wortelverlies ligt tussen de 0% en de 10%. 3.
Aanleggen nieuwe maaiveldinrichting Het aanleggen van een nieuw maaiveld bestaat hoofdzakelijk uit het aanbrengen van nieuwe verhardingsmaterialen en het creëren van nieuwe parkeervoorzieningen. Daarnaast wordt er in het projectgebied ook openwater gecreëerd. Deze aanpassing heeft nadelige effecten op het wortelgestel van enkele bomen. De bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat zullen gezien de werkzaamheden (aanpassen parkeervoorzieningen), een wortelverlies van 10 tot 15% ondervinden. Voor de bomen 908, 1152 en 2282 geldt hetzelfde percentage wortelverlies. De bomen 337, 914, 1427, 2603 en 2442 komen met hun stamvoet in een talud aan nieuw water te staan. Hierbij is het percentage wortelverlies 30 tot 40%. Bij de bomen 634 en 1769 wordt vanwege deze werkzaamheden meer dan 40% wortelverlies verwacht, daar zij geheel in het water komen te staan. De bomen 410, 1189, 1430, 1759, 2055, 2139 en 2362 komen met hun stamvoet in de nieuwe trottoirbanden te staan. Wortelverlies van minimaal 40% wordt hier ingeschat. Ditzelfde geldt voor de bomen 1447 en 1661. Bomen buiten de scope van dit onderzoek In het projectgebied staan meer dan de 48 opgegeven bomen. Langs deze bomen zal ook het maaiveldopnieuw worden ingericht. Bij enkele bomen zal zelfs het oude rioleringsstelsel vervangen worden. Onder andere aan het Dudokpad.
De negatieve effecten op deze bomen zijn niet in deze rapportage beschreven.
7 Percentage wortelverlies
• • • •
< 10 % wortelverlies: Geen of nauwelijks gevolgen 10-25 % wortelverlies: Conditievermindering 25-40 % wortelverlies: Structurele conditievermindering en verlaagde toekomstverwachting > 40 % wortelverlies: Stabiliteitsrisico’s, bomen zijn met huidige habitus niet duurzaam te behouden VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 18 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Effect op stam en kroon Tijdens de diverse werkzaamheden is de kans op schade aan de stam- en kroondelen verhoogd, omdat veel werkzaamheden binnen de kroonprojectie plaatsvinden. Daarom zijn beschermende maatregelen nodig en zullen de werkzaamheden in aangepaste vorm plaats moeten vinden. Effect op groeiplaats Tijdens de diverse werkzaamheden is de kans op structuurbederf en te hoge mate van bodemverdichting van de groeiplaats verhoogd. Hierdoor worden de boomwortels ernstig beperkt in groei en opname van water en voedingsstoffen. Dit heeft structurele conditievermindering als gevolg. De werkzaamheden zullen in aangepast vorm moeten plaatsvinden. Effect op vochtvoorziening De geplande werkzaamheden vragen bij het vervangen van het riool om bronbemaling. Effecten op de vochtvoorziening wordt verwacht als de bronbemaling gedurende het groeiseizoen actief is.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 19 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
4. VERPLANTBAARHEID Of een boom duurzaam te verplanten is hangt af van de volgende factoren: • • • • •
Boomsoort; Conditie, kwaliteit en toekomstverwachting; Bodem en beworteling; Omgevingsfactoren; Nieuwe locatie.
Onderstaande paragrafen zullen aangeven wat de mogelijkheden per factor zijn voor een verplanting. In de laatste paragraaf zullen alle factoren met elkaar worden afgewogen. Deze afweging laat zien welke bomen duurzaam te verplanten zijn.
4.1
BOOMSOORT
Niet elke boomsoort leent zich even goed voor een verplanting. Soorten met een groot regeneratievermogen zijn doorgaans goed in staat om na de verplanting weer een gezonde groei en ontwikkeling tot stand te brengen. Ook de aard van het wortelgestel bepaalt of een boomsoort goed of minder goed verplantbaar is. Het verplanten van bomen met vlezige wortels zijn moeilijker te verplanten dan bomen met een fijn vertakt wortelgestel. De 17 onderzoeksbomen die door de gemeente Leiden zijn aangewezen bestaan uit 1 Gewone esdoorn, 8 Zwarte berken, 3 Papierberken, 1 Ruwe berk, 1 Japanse sierkers, 1 tulpenboom, 1 Noorse esdoorn en 1 amberboom. Van deze bomen zijn wat soort betreft de Gewone esdoorn en de Noorse esdoorn goed verplantbaar. De verschillende berkensoorten zijn minder goed verplantbaar, evenals de Japanse sierkers. De tulpenboom en de amberboom zijn slecht verplantbaar.
4.2
CONDITIE, KWALITEIT EN LEVENSVERWACHTING
De conditie is een belangrijk gegeven bij het beoordelen van de potentiele verplantbaarheid. Een boom met een slechte conditie heeft een groot deel van zijn reserves verbruikt. Het herstellingsvermogen is daardoor sterk verminderd. Bij de beoordeling op kwaliteit wordt gekeken naar gebreken of symptomen van structurele verzwakking. Bij deze beoordeling wordt onderscheid gemaakt tussen gebreken en symptomen die wel en niet bepalend zijn voor de resterende levensduur. Van de 17 onderzoeksbomen loopt de conditie, kwaliteit en de levensverwachting sterk uiteen. In bijlage 1 zijn voor de bomen 404, 410, 420, 438, 654, 691, 891, 1189, 1430, 1447, 1661, 1759, 1995, 2047, 2055, 2362 en 2603 per boom de factoren conditie, levensverwachting en kwaliteitskenmerken opgenomen.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 20 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
4.3
GROEIPLAATS EN BEWORTELING
De bomen in de huidige groeiplaats dienen een goede beworteling en een goede groeiplaats te hebben. Afhankelijk van boomsoort, bodemgesteldheid en grondwaterstand kan een zeer uitgestrekte, oppervlakkige beworteling aangetroffen worden of juist een diepere, intensief doorwortelde kluit. In het eerste geval leent de wortelkluit zich niet voor verplanting, terwijl er in het tweede geval wel mogelijkheden zijn. De wortelkluit moet tenminste 50 centimeter diep zijn. Uit de groeiplaatsonderzoeken is gebleken dat de meeste bomen in de verharding tot 30 centimeter onder maaiveld intensief wortelen. Daaronder is extensief tot geen beworteling aangetroffen. Voor de bomen in gazon geldt dat zij dieper wortelen, tot minstens 50 centimeter onder maaiveld.
4.4
OMGEVINGSFACTOREN
Bij het bepalen van de potentiële verplantbaarheid wordt niet alleen gekeken naar de boom zelf, maar ook zijn directe omgeving. Bijvoorbeeld de ligging van ondergrondse kabels en leidingen kunnen het verplanten van een boom al onmogelijk maken. Tevens wordt ook de mogelijkheid voor transport beoordeeld. De meeste bomen zullen met een grote verplantmachine verplant worden. Alle obstakels op de route van de huidige naar de nieuwe standplaats zullen beoordeeld moeten worden. Denk hierbij aan viaducten, waterwegen, smalle straten, verkeersregelinstallaties et cetera. Ondergrondse kabels en leidingen zijn talrijk in het projectgebied aanwezig. In bijlage 3, rioolontwerp, is tevens de ligging van de aanwezige kabels en leidingen ingetekend. Hieruit blijkt dat bij de bomen 410, 1430, 1759 en 2362 een datakabel op zeer korte afstand van de stam ligt. Voor de bomen 891, 1447, 1661 en 1995 geldt dat zij nagenoeg op een gasleiding staan. De bomen 1189 en 2055 staan op circa 1 meter van diverse kabels en leidingen. Gezien de benodigde kluit zou dit net moeten passen. De overige te verplanten bomen staan op geruime afstand van de aanwezige kabels en leidingen. Op dit moment is er nog geen nieuwe plantlocatie bekend. Obstakels op de transportroute kunnen nu dus nog niet worden ingeschat.
4.5
NIEUWE LOCATIE
Een eventueel nieuwe locatie is nog niet bepaald. Er kunnen hier dus nog geen uitspraken over worden gemaakt.
4.6
VERPLANTBAARHEID
Vanuit de paragrafen 4.1 tot en met 4.5 zijn alle factoren inzichtelijk gemaakt. Hieruit kan worden opgemaakt dat er voor alle 17 de opgegeven bomen een negatief verplantadvies geldt. De bomen in de verharding hebben een te oppervlakkige kluit en de boomsoort is minder goed verplantbaar. Daarnaast lopen er bij enkele bomen kabels en leidingen door de te verplanten kluit heen. Boom 2603 staat in het gazon, waar een diepere kluit aanwezig is, echter de soort inclusief zijn formaat geven deze boom een negatief verplantadvies.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 21 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
5. CONCULSIES EN AANBEVELINGEN 5.1
CONCLUSIES
Op basis van het onderzoek zijn de volgende conclusies getrokken: Wat is de huidige kwaliteit van de 48 opgegeven bomen? Van de 48 onderzoeksbomen, verkeren 24 bomen in een goede conditie en 17 in een redelijke conditie. De bomen 908, 1447, 2265 en 2282 verkeren in een matige conditie, de bomen 1995 en 2605 in een slechte conditie en boom 891 is afgestorven. De levensverwachting is voor 21 van de 48 bomen goed. Dit houdt in dat zij in de huidige omstandigheden nog minimaal 15 jaar behouden kunnen blijven. Voor 16 bomen is de levensverwachting als redelijk beoordeeld en voor 8 bomen als matig. De bomen 1995 en 2605 hebben een slechte levensverwachting. Boom 891 is afgestorven en heeft dus geen levensverwachting meer. 5 bomen zijn aangewezen als risicoboom.
Welke effecten hebben de plannen of werkzaamheden op de opgegeven 48 bomen? 1.
Opbreken verharding Het opbreken van de verhardingen zal tot circa 10% wortelverlies van de bomen in de verharding opleveren. Dit percentage wortelverlies is acceptabel. Er dient rekening te worden gehouden met bijkomend wortelverlies van overige werkzaamheden. Door tijdens de uitvoering hier rekening mee te houden, door bijvoorbeeld onder de kroonprojectie de verharding zoveel als mogelijk handmatig te verwijderen, wordt het percentage wortelverlies aanzienlijk gereduceerd.
2.
Verwijderen en aanleggen rioleringsstelsel De bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat zullen bij vervanging van het rioleringsstelsel 10 tot 15% wortelverlies zullen ondervinden. Dit percentage wortelverlies is onacceptabel. De bomen 410, 963, 969, 982, 1143, 1184, 1198, 1243, 1430, 1494, 1693, 1700, 1759, 1973 en 2362 in de Berlagestraat en boom 1189 op het Van Banchemhof en boom 2265 in de Aerent Braunstraat zullen bij de vervanging van het rioleringsstelsel 30% wortelverlies ondervinden. Dit percentage wortelverlies is onacceptabel. Boom 420 in de Van der Helmlaan en bomen 404, 438, 654, 691 en 2047 in de Zocherstraat en boom 2139 in de Vingboonshof zullen meer dan 40% wortelverlies ondervinden bij de werkzaamheden aan het rioleringsstelsel. Dit percentage wortelverlies is onacceptabel.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 22 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
3.
Aanleggen nieuwe maaiveldinrichting De bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat zullen gezien de werkzaamheden een wortelverlies van 10 tot 15% ondervinden. Voor de bomen 908, 1152 en 2282 in de Aerent Braunstraat geldt hetzelfde percentage wortelverlies. Dit percentage wortelverlies is onacceptabel. De bomen 337, 914, 1427, 2603 en 2442 aan de Bazelstraat komen met hun stamvoet in een talud nabij nieuw water te staan. Hierbij wordt 30 tot 40% wortelverlies verwacht. Bij de bomen 634 en 1769 in de Berlagestraat wordt vanwege deze werkzaamheden meer dan 40% wortelverlies verwacht. Beide percentages wortelverlies zijn onacceptabel. De bomen 410, 1430, 1759 en 2362 in de Berlagestraat komen met hun stamvoet in de nieuwe trottoirbanden te staan. Dit geldt ook voor de boom 1189 in de Van Banchemhof, boom 2055 in de Stalpaerthof en boom 2139 in de Vingboonshof. Wortelverlies van minimaal 40% wordt hier ingeschat. Ditzelfde geldt voor de bomen 1447 en 1661 in de Jacob Romansstraat.
Zijn de 17 aangegeven bomen duurzaam te verplanten? Geen van de 17 onderzochte bomen zijn duurzaam te verplanten. Te oppervlakkige wortelkluiten, kabels en leidingen en type bomen dragen er aan bij dat geen van de bomen duurzaam is te verplanten. Algemene conclusies Van de 48 bomen zijn er 9 beschermd. Deze bomen staan in een aangewezen boomstructuur. Het betreft de bomen 337, 420, 914, 1427, 2442, 2601, 2603, 2604 en 2605. Bij 12 bomen is er wortelopdruk in de verharding waargenomen. Boom 891 en 2055 dienen vanwege hun huidige toestand geveld te worden. De bomen 306, 2264 en 2265 dienen binnen 6 maanden aan een onderhoudssnoei te worden onderworpen. Zij bevatten momenteel gevaarlijk afgestorven takken. Bij uitbreken van de takken is er een verhoogd risico op schade of letsel. Bij het opstellen en in gebruik nemen van materiaal en materieel is de kans op schade aan de stam en kroondelen verhoogd. Deze werkzaamheden dienen in aangepaste vorm plaats te vinden. De kans op structuurbederf van de groeiplaats van alle onderzoeksbomen is verhoogd. Zwaar materieel en materiaal kunnen voor verdichting zorgen. De werkzaamheden dienen in aangepaste vorm plaats te vinden. De onderzoeksbomen staan op een grondwaterprofiel. Eventuele bronbemaling in het groeiseizoen heeft nadelig effect op de bomen.
5.2
AANBEVELINGEN
In deze paragraaf worden aanbevelingen gegeven die als hoofddoel het behoud van de bomen stimuleert. In enkele gevallen lijkt dit helaas niet altijd te lukken. Per maatregel worden diverse aanbevelingen voorgeschreven, welke in bijlage 5 in een tabel nogmaals zijn aangegeven. Welke maatregelen of projectaanpassingen zijn nodig om de opgegeven bomen te kunnen behouden? 1.
Opbreken verharding Het opbreken van de verharding onder de kroonprojecties van de bomen dient zoveel als mogelijk handmatig te gebeuren. Op deze wijze wordt onnodig wortelverlies voorkomen.
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 23 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
2.
Verwijderen en aanleggen rioleringsstelsel Bij de bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat zal bij vervanging van het rioleringsstelsel 10 tot 15% wortelverlies plaatsvinden. Door onder de kroonprojectie grond handmatig te verwijderen, of gebruik te maken van zuigtechnieken, zal het percentage wortelverlies hier onder de acceptabele 10% komen. De bomen 410, 963, 969, 982, 1143, 1184, 1198, 1243, 1430, 1494, 1693, 1700, 1759, 1973 en 2362 in de Berlagestraat en boom 1189 op het Van Banchemhof en boom 2265 in de Aerent Braunstraat zullen bij de aanleg van het nieuwe rioleringsstelsel te veel wortelverlies ondervinden. Bij de bomen aan de woningzijde kan wortelverlies worden voorkomen door het huidige riool te laten liggen en vol te schuimen. Voor overige bomen geldt dat zij of verwijderd dienen te worden, of dat het rioolontwerp aangepast dient te worden. Door bijvoorbeeld 2 meter van de bomen te blijven en door gebruik te maken van sleufbekisting. Boom 420 in de Van der Helmlaan en boom 2139 in de Vingboonshof zullen te veel wortelverlies ondervinden bij de werkzaamheden aan het rioleringsstelsel. Wanneer voorgenomen plannen worden uitgevoerd moeten de bomen voor aanvang van de werkzaamheden verwijderd worden. Zocherstraat De bomen 404, 438, 654, 691 en 2047 in de Zocherstraat staan zeer dicht op het te vervangen riool.
De bomen wortelen oppervlakkig en wijdverspreid. Ook in de rijbaan. Werkzaamheden aan het riool zullen bijdragen aan wortelverlies. Drie opties zijn er afgewogen: Rioleringsstelsel vervangen met behulp van een open ontgraving. De methode vraagt om een werksleuf welke op het maaiveld snel 4 meter breed is. De ligging van het huidige riool en het toekomstige riool liggen op korte afstand van de onderzoeksbomen in de Zocherstraat. In dit geval dient een open ontgraving minimaal vanaf de stam van de onderzoeksbomen gerealiseerd te worden. Dit draagt bij aan wortelverlies van meer dan 40%. Dit is onacceptabel. Door gebruik te maken van een sleufbekisting, kan men de werksleuf een heel stuk smaller houden. Het huidige riool ligt op circa 1 à 1,5 meter van de onderzoeksbomen. Met behulp van sleufbekisting kan het graafwerk 1 meter opgeschoven worden ten gunste van de bomen. Echter gezien het formaat bomen en de manier van wortelen (oppervlakkig gestrekt), draagt deze methode bij aan onacceptabel veel wortelverlies (30 à 45%). Het huidige riool relinen is onmogelijk gebleken. Door een riool te relinen (kunststof kous aanbrengen aan de binnenzijde van het riool) verleng je de levensduur ervan, echter dient het riool geen verzakkingen te hebben. Rioolinspectie heeft aangetoond dat relinen van het huidige riool geen optie is.
Mocht er gekozen worden om met behulp van een sleufbekisting de bomen toch proberen te sparen, dan dient men rekening te houden met structurele conditievermindering en verlaagde toekomstverwachting van de bomen. In enkele gevallen zullen er ook stabiliteitsrisico’s kunnen ontstaan. Binnen circa 5 jaar zullen de bomen één voor één uitvallen. Dit houdt in dat de straat elke keer opnieuw aangepakt dient te worden. Door nu in een goede groeiplaats te investeren en nieuwe bomen, voorkom je dat je over 5 jaar een lege straat hebt, maar heeft de straat nieuwe bomen die al 5 jaar een goede groei kennen. Tevens dient er rekening te worden gehouden met extra onderhoud van de bomen. Hierbij moet gedacht worden aan het jaarlijks verwijderen van afgestorven takken en een jaarlijkse veiligheidsinspectie.
3.
Aanleggen nieuwe maaiveldinrichting De werkzaamheden bij de bomen 306, 307, 600 en 1428 in de Jan Keldermansstraat en de bomen 908, 1152 en 2282 in de Aerent Braunstraat dienen onder de kroonprojecties van de bomen handmatig te gebeuren. Op deze wijze blijft het percentage wortelverlies onder de 10%. Dit is acceptabel. De bomen 337, 914, 1427, 2603 en 2442 aan de Bazelstraat en de bomen 634 en 1769 in de Berlagestraat komen met hun stamvoet in of tegen nieuw water aan te staan. Door de oevers 2,5 meter uit de stamvoet VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 24 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
van de bomen op te schuiven en glooiend aan te leggen, wordt wortelverlies flink gereduceerd. Het percentage wortelverlies zal op de manier circa 10% bedragen. Enkele bomen komen met hun stamvoet in nieuwe trottoirbanden te staan. Dit betreffen boom 2055 in de Stalpaerthof en de bomen 1447 en 1661 in de Jacob Romansstraat. Wanneer voorgenomen plannen worden uitgevoerd moeten de bomen voor aanvang van de werkzaamheden verwijderd worden. Algemene voorwaarden Wortels ø > 2,5 cm die tijdens de werkzaamheden worden aangetroffen en verwijderd dienen te worden, worden haaks op de groeirichting afgezaagd. Indien tijdens de werkzaamheden wortels ø > 5 cm worden aangetroffen dient een bomenwacht8 ingeschakeld te worden. De adviseur beslist ter plaatse of de wortel al dan niet kan worden afgezet. Onverharde delen van de groeiplaats dienen afgezet te worden met fysieke afscherming. De bomen kunnen bijvoorbeeld worden afgeschermd worden door middel van bouwhekken te plaatsen langs het tracé. Hiermee wordt voorkomen dat materiaal en materieel wordt opgeslagen op de onverharde groeiplaats. Om de stam en stamvoet te beschermen van bomen, waar geen fysieke afscherming door middel van bouwhekken mogelijk is, wordt aanbevolen om voor aanvang van de werkzaamheden stamommanteling op de bomen aan te brengen. Deze bestaat uit een ring van verticaal geplaatste planken rondom de stam en stamvoet.
Om de stam is over de takvrije lengte (bemantelde) drainbuis gewikkeld om eventuele klappen op te vangen. Voor de werkzaamheden binnen de kroonprojectie wordt aanbevolen om met klein materieel te werken (< 1000 kg). Hiermee wordt structuurbederf en verdichting van de bodem beperkt.
8 De bomenwacht houdt toezicht over en begeleid de werkzaamheden rondom de bomen, zodat schade zoveel mogelijk wordt voorkomen. De
bomenwacht is het aanspreekpunt op de werkplek en adviseert bij mutaties in de werkzaamheden die gevolgen kunnen hebben voor de bomen. Verder houdt de bomenwacht de ontwikkeling van de bomen in het oog en adviseert hij over eventuele aanvullende maatregelen. De bomenwacht is in het bezit van ETT-certificaat (European Tree Technician). VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 25 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
6. BIJLAGEN
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 26 –
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
BIJLAGE 1 Boomgegevens
Boomnr.
Boomnaam Boomnaam (Wetenschappelijk) (Nederlands)
Standplaats
Stamomtrek in cm
Boomhoogte Kroondiameter
Takvrije stam
Conditie
Toekomstverwachting
Veiligheidsklasse Zorgplicht
306 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
140 9 - 12 meter
10 - 12 meter
4 meter
Redelijk
Matig (5 - 10 jaar)
Risicoboom
307 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
122 9 - 12 meter
10 - 12 meter
4 meter
Redelijk
Matig (5 - 10 jaar)
Geen gebreken
337 Platanus hispanica
Gewone plataan
Gazon
111 9 - 12 meter
12 - 14 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
404 Prunus sargentii
Japanse sierkers
Verharding
20 0 - 6 meter
0 - 2 meter
Niet ingevuld
Goed
Goed (> 15 jaar)
410 Betula nigra Acer 420 pseudoplatanus
Zwarte berk
Verharding
129 12 - 15 meter 6 - 8 meter
4 meter
Goed
Gewone esdoorn
Gazon
142 12 - 15 meter 12 - 14 meter
6 meter
438 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
130 9 - 12 meter
8 - 10 meter
600 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
105 9 - 12 meter
10 - 12 meter
634 Platanus hispanica
Gewone plataan
Gazon
122 9 - 12 meter
654 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
691 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
891 Betula pendula Acer 908 pseudoplatanus
Ruwe berk
Urgentietermijn Boomstatus
Onderhoudssnoei 6 maanden
Geen
Boomveiligheid VTA Afgestorven takken
Opmerkingen Beginnende kroonsterfte
Veilig
Geen gebreken
Geen Boomstructuur (Groene Kaart)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Veilig
Opdrukken verharding
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen Boomstructuur (Groene Kaart)
Veilig
Schade stam en stamvoet
6 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Opdrukken verharding
4 meter
Redelijk
Matig (5 - 10 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
12 - 14 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
112 9 - 12 meter
8 - 10 meter
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig Afgestorven takken
110 9 - 12 meter
8 - 10 meter
Niet ingevuld
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Verharding
16 0 - 6 meter
0 - 2 meter
Niet ingevuld
Dood
Dood
Risicoboom
Gewone esdoorn
Verharding
46 6 - 9 meter
4 - 6 meter
4 meter
Matig
Matig (5 - 10 jaar)
Geen gebreken
914 Platanus hispanica
Gewone plataan
Gazon
126 9 - 12 meter
10 - 12 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
963 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
89 9 - 12 meter
8 - 10 meter
4 meter
Goed
969 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
90 9 - 12 meter
8 - 10 meter
6 meter
982 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
115 9 - 12 meter
12 - 14 meter
4 meter
1143 Betula nigra Acer 1152 pseudoplatanus
Zwarte berk
Verharding
107 9 - 12 meter
10 - 12 meter
Gewone esdoorn
Verharding
62 6 - 9 meter
1184 Betula papyrifera Liquidambar 1189 styraciflua
Papierberk
Verharding
24 0 - 6 meter
Amberboom
Verharding
1198 Betula nigra
Zwarte berk
1243 Betula nigra
Vellen
6 maanden
Veilig
Veilig Afgestorven takken
Geen
Veilig
Geen gebreken
Geen Boomstructuur (Groene Kaart)
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
4 meter
Redelijk
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
4 - 6 meter
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
2 - 4 meter
Niet ingevuld
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
63 6 - 9 meter
6 - 8 meter
Niet ingevuld
Goed
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Verharding
97 9 - 12 meter
8 - 10 meter
6 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Zwarte berk
Verharding
85 9 - 12 meter
8 - 10 meter
6 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Veilig
1427 Platanus hispanica Betula pendula 1428 Tristis
Gewone plataan
Gazon
103 9 - 12 meter
10 - 12 meter
6 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen Boomstructuur (Groene Kaart)
Ruwe berk
Verharding
76 12 - 15 meter 4 - 6 meter
6 meter
Goed
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1430 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
110 9 - 12 meter
6 - 8 meter
6 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1447 Betula papyrifera Betula utilis 1494 Doorenbos
Papierberk
Verharding
58 6 - 9 meter
4 - 6 meter
4 meter
Matig
Matig (5 - 10 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
Zilverberk
Verharding
75 9 - 12 meter
6 - 8 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1661 Prunus sargentii
Japanse sierkers
Verharding
34 0 - 6 meter
2 - 4 meter
Niet ingevuld
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1693 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
105 9 - 12 meter
10 - 12 meter
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1700 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
103 9 - 12 meter
8 - 10 meter
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1759 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
129 12 - 15 meter 6 - 8 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1769 Platanus hispanica
Gewone plataan
Gazon
107 15 - 18 meter 10 - 12 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1973 Betula pendula
Ruwe berk
Verharding
75 6 - 9 meter
4 - 6 meter
6 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
1995 Betula papyrifera
Papierberk
Verharding
34 0 - 6 meter
2 - 4 meter
4 meter
Slecht
Slecht (0 - 5 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 27 –
Opdrukken verharding
Veilig
Opdrukken verharding
Opdrukken verharding
Veilig
Opdrukken verharding
Opdrukken verharding
Kromme boom met 2 toppen
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Boomnr.
Boomnaam Boomnaam (Wetenschappelijk) (Nederlands)
Standplaats
Stamomtrek in cm
Boomhoogte Kroondiameter
Takvrije stam
Conditie
Toekomstverwachting
Veiligheidsklasse Zorgplicht
Urgentietermijn Boomstatus
2047 Betula nigra Acer platanoides 2055 Globosum Liquidambar 2139 styraciflua
Zwarte berk
Verharding
110 9 - 12 meter
8 - 10 meter
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Noorse esdoorn
Verharding
65 0 - 6 meter
4 - 6 meter
Niet ingevuld
Goed
Redelijk (10 - 15 jaar)
Risicoboom
Amberboom
Verharding
59 9 - 12 meter
6 - 8 meter
6 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
2264 Populus canadensis
Canadese populier
Gazon
245 gd 24 meter
12 - 14 meter
Niet ingevuld
Redelijk
Matig (5 - 10 jaar)
Risicoboom
Onderhoudssnoei 6 maanden
Geen
2265 Populus canadensis Acer 2282 pseudoplatanus
Canadese populier
Gazon
126 gd 24 meter
12 - 14 meter
8 meter
Matig
Matig (5 - 10 jaar)
Risicoboom
Onderhoudssnoei 6 maanden
Gewone esdoorn
Verharding
52 6 - 9 meter
4 - 6 meter
4 meter
Matig
Matig (5 - 10 jaar)
2362 Betula nigra
Zwarte berk
Verharding
135 12 - 15 meter 6 - 8 meter
6 meter
Goed
2442 Platanus hispanica Catalpa 2601 bignonioides Liriodendron 2603 tulipiferum
Gewone plataan
Gazon
137 9 - 12 meter
14 - 16 meter
6 meter
Trompetboom
Gazon
150 15 - 18 meter 14 - 16 meter
Tulpenboom
Gazon
2604 Betula pendula Catalpa 2605 bignonioides
Ruwe berk
2920 Prunus avium
Vellen
1 jaar
Boomveiligheid VTA Veilig Ingerotte snoeiwonden
Geen
Schade stam en stamvoet Opdrukken verharding
Geen
Veilig Afgestorven takken Afgestorven takken
Geen gebreken
Geen
Veilig
Opdrukken verharding
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Veilig
Opdrukken verharding
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
4 meter
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
170 15 - 18 meter 14 - 16 meter
4 meter
Goed
Goed (> 15 jaar)
Geen gebreken
Gazon
155 15 - 18 meter 8 - 10 meter
4 meter
Goed
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Trompetboom
Gazon
166 0 - 6 meter
16 - 18 meter
Niet ingevuld
Slecht
Slecht (0 - 5 jaar)
Geen gebreken
Geen Boomstructuur (Groene Kaart) Boomstructuur (Groene Kaart) Boomstructuur (Groene Kaart) Boomstructuur (Groene Kaart) Boomstructuur (Groene Kaart)
Zoete kers
Beplanting
55 0 - 6 meter
8 - 10 meter
Niet ingevuld
Redelijk
Redelijk (10 - 15 jaar)
Geen gebreken
Geen
Veilig
VAN HELVOIRT GROENPROJECTEN
– 28 –
Geen
Opmerkingen
Opdrukken verharding Opdrukken verharding
Veilig Veilig Plakoksel Veilig Veilig
Boom is geveld op 25m/mv
BOMEN EFFECT ANALYSE | GASTHUISWIJK FASE 1 LEIDEN
Bijlage 2: overzichtstekening
Profielkuil 4
Profielkuil 1
Profielkuil 3
Profielkuil 2
Grondboring
Legenda Profielkuil 6
Onderzoeksbomen
Advies STATUS
Concept PROJECTOMSCHRIJVING
Bomen Effect Analyse Gasthuiswijk fase 1, Leiden OPDRACHTGEVER
Greenpoint Advies PROJECTNUMMER
CONTACTPERSOON
20203061
Dhr. P. van der Linden
ONTWERPER
CONTACTPERSOON
SCHAAL
Jorian Eichholtz
Tom Faber
1 : 1.000
TEK. NO.
DATUM
VERSIE
FORMAAT
BLAD NO.
29-10-2020
01
A2
1 van 1
A Oisterwijksebaan 8A 5056 RD Berkel-Enschot Postbus 145 5056 ZJ Berkel-Enschot T 013-5408200 F 013-5408201 E info@vanhelvoirtgroenprojecten.nl
Profielkuil 5
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
A
A
B
B
P39
-1.80
C
C
-1.48
P77 +0.25
33 P-V1.C30Ø3 0.00%
-1.30 333 PVC Ø1% .4 0 -
-1.80
-1.46
-1.80
-1.63
-2.50 -2.50 PVC Ø333 0.00%
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
P17 +0.25
P15
-1.39 -1.32 PVC Ø333 0.32%
+0.25
P87
-1.98
-1.80
-1.55
P69 +0.25 P8 -1.98
-1.80
+0.60
+0.70
+0.60
+0.25
-1.98
+0.61
J
-1.80
+0.25
+0.25
333 PVC Ø 0.34%
+0.25
P7
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
3
33 PVC Ø3 0.00%
+0.25
333 PVC Ø % 0 0.0
33 PVC Ø 0.38%
P32
P24
P138
P31
-1.80
+0.25 -1.80
+0.25
P11
-1.80
33 PVC Ø3 0.00%
1.72 +0.25 -1.71 -Negatieve drempel -1.72 -1.80 PVC Ø333 0.38% +0.25
333 PVC Ø 0.00%
+0.25
-1.15
33 PVC Ø3 -0.43% 14 Parkeerplekken
P68 +0.25 P124 P123 3 3 +0.25 -1.
-1.80 +0.64
P73
+0.25
P88
K
P30
-1.55 5 -323.03 5 C .0 2 V -P Ø 0.00%
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
+0.65
PVC Ø333 0.28%
-1.32
-1.42 0 -1.8
+0.25
P85
-1.80
-1.55
+0.25 -1.42 -1.42 -1.39 PVC Ø333 0.24%
-1.80
333 PVC Ø % 3 5 3 .3 3 0 PVC Ø 0.00%
P14
-1.39
+0.62
P86
H
+0.64
h
+0.59
+0.66
+0.25
+0.25
P16
+0.62
P117
-1.80
+0.88
4-21.3 80 -1.P80VC Ø 0.00%
H
J
+0.25
-1.71
+0.88
-1.80
+0.67
P80
+0.61
-1.80
333 PVC Ø % -0.33
+0.25
0.41%
33 PVC Ø3 0.00%
-1.10 -1.22
+0.62
+0.66
+0.25 PVC Ø333
33 PVC Ø3 -0.32%
3 3 PVC Ø3 0.33% 3 3 PVC Ø3 0.35%
PVC Ø333 0.00%
+0.61
+0.65
P89
G
+0.25
+0.88 +0.88
+0.25
333 PVC Ø 0.00%
+0.25
P79
+0.25
P27
-1.80
+0.63
-1.80
P28
P119
P78 +0.25 P38
+0.60
PVC Ø333 0.00%
-1.80
+0.38
-1.25
+0.25
-1.80 -1.80 +0.88 PVC Ø333 0.00%
-1.91
P120 -1.12
+0.88
-1.91
333 PVC Ø % -0.59
+0.25
F
+0.25 +0.25
-1.92 -1.92 PVC Ø333 0.00% +0.66
P26
P145 +0.25 P139P25 P146 +0.25
PVC Ø333 -0.22%
P-V1.4 C 8-Ø1.4 -0.43 3353 %
333 PVC Ø % -1.35 9 .7 -0 -1.25 3-1.80 C Ø33 -1.80PV .00% 0
G
+0.25PVC Ø333 5 -0.43% .4 1 -
+0.62
+0.25 +0.60
333 PVC Ø 0.00%
P83
-1.80
-1.35
333 PVC Ø 0.00%
+0.25
P127 +0.25 P10
PVC Ø333 -0.19%
-1.35
-1.80
+0.61
+0.25
-1.22
P118
+0.63
3 PVC Ø33 0.38%
-1.80
333 PVC Ø 0.40%
-1.32
P81
-1.81
-1.81
P122 P121
F
-1.81
-1.80
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00% -1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
-1.80 -1.30 -1.80 -1.30 PVC Ø333 -0.76 PVC Ø528 0.00% 0.00% +0.25 -1.30 -1.30 PVC Ø528 +0.25 -1.50 0.00% -1.56
+0.60
P74
-1.81 -1.81 PVC Ø333 -0.11%
D
+0.53
+0.25
+0.25
-1.42
333 PVC Ø % -0.35
+0.25
P36
P75 -1.63
+0.53
-1.80 -1.80
333 PVC Ø % -0.34
D
+0.25
-1.42
-1.46
P37
333 PVC Ø 0 .0 0 %
P76
+0.61
K
-2.09
P92 +0.25 +0.67
PV C 0.1 Ø333 8%
P136
0
-1.80
-1.80
-1.45
+0.59
+0.25
+0.68
+0.25
33 PVC Ø3 -0.67%
+0.65
3 Ø33 PVC .00% 0
P33
+0.59
+0.59
-1.8
0
2
-1.80
+0.25
333 PVC Ø 0.00%
Negatieve drempel
3 Ø33 PVC .18% 0
P12
-1.80
14 Parkeerplekken
M
+0.25
3 Ø33 PVC 0% .0 0 3 Ø33 PVC .18% -0
P67 -1.45 +0.25 P129 -1.80 +0.25 P6
-2.2
-1.7
-2.2
333 PVC Ø -0.41%
L
+0.25
-1.28
+0.25
333 PVC Ø 0.00%
+0.61
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
P23 P90 P137 0 +0.25 +0.25
-1.84
M
-2.70 -2.70 PVC Ø333 0.00%
-1.80
-2.50 -2.50 PVC Ø333 0.00%
-1.45
-2.
+0.25
2 -2.1 +0.63
P72
+0.70
P125
12
L
-1.80
+0.59
+0.68
-2. 09
333 PVC Ø % -0.37
333 PVC Ø 0.00%
+0.25 +0.59
2
-2.3
N 3 Ø33 PVC .32% 0
+0.32
P113
+0.64
-1.29
+0.25 8 Ø52 PVC .00% 0
P97
+0.71
+0.25
+0.18
0 -1.1 -1.91
+0.58 +0.60
-1.91
+0.57
+0.25
P96 P133 +0.25
+0.59
0
2
-1.3
+0.25+0.60
0
-1.8
2
-1.3
P98
P
P134 +0.25
+0.25 32
-1.
-1.8 0
+0.53
0 -1.8
6
-1.8
-1.4
P131
0
+0.59
P35
+0.60
333 CØ PV 0.16% -
2.14
-
+0.25
-1.8 0
S
P149
423 CØ% V P .00 0
+0.25
+0.65
7
-1.6
23 -2.
333 CØ PV 0.22% -
-1.6
05 -2.
1.80
-
Q
P46 -1.46
+0.25
-1.80
P50
P4
-1.49
+0.25
423 CØ% V P .00 0
R
P18
P101Ø423
+0.25
C +0.25 PV .00%
P43 +0.25
P44 -1.46
S
P63 +0.25 0
23
-1.8
-2.
0 -1.8
P99 3
7
2 -2.
0
-1.8 -1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
333 CØ PV 0.21% -
P 2% -0.3 P64 9
+0.25
0
-1.8
+0.57
-2.83 -2.83 +0.58 PVC Ø333 0.00%
P141 P105
+0.25
Ø423 PVC % .0 0 0
P109 +0.25
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
P49
P1 +0.25
333 PVC Ø % 0 0.0
0
14
-2.
-2.91 -2.91 PVC Ø528 333 CØ 0.00% PV 0.22% -
-1.63
-1.63
-1.80
333 PVC Ø % 0.00
-1.80
+0.25
8
0
+0.25
VC
11 +0.25 -2. +0.25 0 11 -1.8 -2. 0 8 -1.
-1.5
P95 2 -1.3
+0.60
333 CØ PV 0.27% -
-1.8
0 -1.8
0 -1.8
R
+0.67
333 CØ PV .38% 0
333 CØ PV .00% 0
333 CØ PV .00% 0
+0.25Ø333
+0.25 528 CØ PV .00% 0
2 -1.5
P132
P103
P144
+0.65
-2.05
0
+0.60
+0.25
2 -1.5
-1.80
-2.30 -2.30 +0.68 PVC Ø333 0.00%
-1.80
333 CØ PV .39% 0
-1.8
333 CØ PV .00% 0
P94 +0.25 P21
-1.80
333 PVC Ø4% -0.3
+0.25 +0.65
-1.80
+0.65
-1.29 8 Ø52 PVC 00% 0.
333 CØ PV 0.33% +0.67
0 -1.8
-1.30
+0.59
+0.61
Q -2.00 -2.00 PVC Ø333 0.00%
P19
0
+0.61
333 CØ PV .00% 0
+0.25
-1.8
0
-1.8
+0.60
P34
P143
333 PVC Ø % 1 .2 -0
0
-1.8
+0.57
-1.3
2
-1.3
O +0.57
+0.25
P106 +0.60
+0.68
333 CØ PV .40% 0
+0.25
333 PVC Ø 0.00%
+0.68
0
P
-1.90 -1.90 PVC Ø333 0.00%
-1.8
333 CØ PV .46% 0
333 CØ PV .00% 0
+0.25
P13
0
0
+0.25
333 CØ PV .40% 0
333 CØ PV .00% 0
P135
+0.67
P66 -1.55 +0.25 P130 -1.80 +0.25 P5
-1.80
-2.0
0 -1.4
2 -1.5
0 -1.8
333 PVC Ø -0.38%
333 PVC Ø % 0.00
2
-1.8
-1.5
P93 +0.25 P22
+0.25
-1.39
Negatieve drempel
0 -1.8
-2.00 -2.00 PVC Ø333 0.00%
P71
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
8 Ø52 PVC 0% .0 0
0
-1.8
P112
0 -2.0
0
-1.8
O
+0.59
+0.64
8 Ø52 0 PVC .00%-1.8 0 -1.8
-1.80
+0.61
-1.80
N
P20 +0.25
33 +0.25 CØ PV .00% 0
7
2 -2.
0
-1.8 +0.58
T
333 CØ PV 0.18% -
333 CØ% V P .00 0
-1.8
35 -2.
0 -1.8
-1.80 -1.80 PVC Ø333 0.00%
P41
T
+0.25
P42 -1.46
0
P40 +0.25
U
U
V
V
W
W
Legenda VWA riool HWA riool
X
X
DIT riool
0
5
10
15
20m
Project
Y
Y
Gasthuiswijk en Haagweg-Zuid Onderwerp
Rioolontwerp civil 3D Getekend door
Gecontroleerd door
S. Huizer
Aantal
Documentsoort
Documentstatus
1
1
Tekening
Concept Contractnummer
Datum uitgifte
Gezien door
Schaal
Formaat
02-10-2020
TOETSER
1:500
A0
Gemeente Leiden
Z
Blad
Projectbureau Team Stadsingenieurs
Leiden
Stationsplein 107 Postbus 9100, 2300 PC Leiden Tel. 071-5165901 / Fax 071-5165899
Projectnummer:
Zaaknummer:
Documentnummer:
Z
i:\ldnstb_ibor\3. domein wegen\project gasthuiswijk haagweg zuid\7. onderzoeken\5.23 riolering\civil 3d\ontwerp riolering fase 1.dwg
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
a at ar t tr ss y ry er e mm go o gt on Mt Mon
16
181
107
at
51
1420 203 44 199
2992
918
2087
a n al a a l m sa sm dd n ran r tusBB s Ti tu Ti
198
1515 152
24
2650
868
1031 2651
an
871
1417
112
983
128 1293
867
81 1247
2472 149
1701
1803 93
veltst
224
2570
38
2266
80 15 153
229
2595 1690
25 195 162
2688
268
2691
2689
2690
2318 Aps
823
1183
185
2368 Aps
357 2370
1844
509
Aps PniI
2000
46
201
2413
Aps PseK
764
Pca
22
1510
Aps
555
457
1760
2143 94
190 17
695 1128 75 71 52
2056 1387 82
83
76 151
Sca
804 PseK Lst
1554
186
Aps
Lst
Aps
1679
1081
CbeF Apl
CbeF CbeF
CbeF
CbeF
1167
CbeF
2924
2923
2925
2297
1024
CbeF
2481
Bni
Aps
419
1759
Bni
Bpa
2906
1159
2483 Apl
PceN PceN
t
B er e lag
But
CbeF
Kerkplein geen onderdeel van plangebied
Sba
tr a a
969
Bni
Lan
2480
azels De B
971
2927
2926
2929
2928
CbeF
2036
2899
Aps
818
Bpa
Aps
Aps
Bni
der Van
1236
2930
2281
Aps
aan 420 Hel ml
2482 Aps
1452
st r
Pxh Pxh
a at
2686 2685 2687 Pxh
Bni
Pca
PceN
2484
1856
728 Psu
Aps
Aca
1453
2511
2492 2491
Fex
Aca
Aca
AspS
Aca Aca
2478
Aca 2494 2495 2493 Aca 2497 2496 2498
Bni
963
2512
h
Pca Pca Pca
2920
613
Bni
Pca Pca
1243
604
1155
353
1441
1139
2264
1189
Fex
Aps
2265
Pca Pca
917
2479
1427
2515 AspS 2514 Pse
2516
Pse Pse
2938 2937 2940 Pse
TeuE
Pse
494
Bni
Aca
Qro
2758
Bpe
1888
1973
2555
2123
Pca
2922
2936
2585
TeuE
2921 Bni
2553
2941
2160
2980
Qro
2272 AspS
Pse Sin
Pca
at tra ers h c Zo 2047
2513
AspS
Bni
PseK Aca
2202
2558
Qro
1378
TeuE
Chu
aat str her c o Z
2554
TeuE
1744
2033
Bpa
2932 1184
AspS
PseK
Pxh
Qro
Qro
TeuE
PseK
rc h
r ch
an llla i
an llla i
C hu
2551
TeuE
Bpe
337
2777
1699
1163
2560 2934
1202
1522
Bni
Pse
AspS
Iaq
2935 1700
2344
Aca
601
2933
Pav
2942
2552
TeuE
Pxh
Cmo ButD
914 1693
Sau
Aca
Pav
2124
Mko
Sar
Cmo
652
De
Rps
1066 2460 2138 2157 2435 2153 1050 1584 FanR 2170 2954
2393
Cmo
2539
429
Cmo
482 2207
Fex
2977
2944
Pse
1029
Cmo Cmo
1173
Sar
1666
FanR
Cmo
Pse
1446
2974
1341 Cmo
2546
TeuE
991
1827 2208 2081 Cmo 2436 Cmo 731 Bpe Cmo
FanR
2418 2151
Pse
2545
TeuE
2209
TeuE
2602
Mdo
1061 Aco
Cmo
Mdo
2152 Aco
TeuE
Mdo
2603
2142
2431
2169
1612 2959 346 Pav
TeuE
2958
992
2604 AhiB
Bni
174
AhiB
Cbi
1509
2605
Bpa
Mdo
Lst
431
2289
681
2550
72
t
1023
Bpe
2549
Mdo
raa
TeuE
Sau
TeuE
est
Cmo
Aca
2601
Lti
2536 AspS
Pse
2946
a nd
Mdo
2423
1825
Cbi
Mdo
1040 Ppa
2542
e ns
2400 1340 Bpe 541 2437 21272993 1358 2425 1588 481 Pco
1182
Fan
Pse
r av
Mdo
2544 2543
1280
's-G
1045
Aco
Bni
2947
2385
TeuE
1999
Pse
Pse
V an
Bni
259
2548
Pse
Bpa
2960
1150
2256
2538
Pse
Cmo
Bni
2945 2547 Aca
513
Lst
TeuE
Pav
Cmo
2451
FanR
928
Cmo
1665
Bpa
1191
Pse
Cmo
at ra st el z Ba
2315
Pse TeuE
Cmo Fex
Cmo
2953
Qro
2168
1893
1608 2950
Negatieve drempel
Aca
Sar
2961Bpe 960
2975
1312
2995 Bpa 2994 Bpa 2299 926
2978
Cmo
1138
at
780
Cmo
1745
AspS
812
1988
1143
2949
Fan
1074
Qro
TeuE
tr a
2442
2055
2976
AspS
f ho rt ae p al St
elts
Cmo
Bni
2311
2943
AplG
1879 1614
But
1009
Pxh
678
548
2948
958
Ber
2951
1572
Pca
655
Cbi
TeuE
Cmo
2996
347
TeuE
657
sev
982
1601
R oo
Lst
1377
Qro
1769
aa t
Bni
TeuE
Cmo 819 Cmo 2171 1590Apl 1372
Pxh
st r
1208
Cmo
2450 544 Cmo Aps
1694
e lag
2016
Aps
2952 489 1091
AspS
Ber
368
1419
697
Pxh
Bni
2343
2979
Aps
634 1998
1144
PseK
2680
2015
n Va
t raa est and ens v a r s-G ' Van
Bni
1894
AspS
f ho em ch n Ba
Negatieve drempel
Pxh
654
313
AspS
Lst
Pca
Pav
2014
AspS
Aca
at tr a
2282
2510 2509
Aca
Aps
Aca
t uns Bru ent Aer
1262
AspS
Pse
elts
1152 908 raat
404
2507
2489 2490 2485 2488 Clae 2486 2487
937 1323
1705
Aps
1430
Bni
2506 2504 2503
2593
se v
2463
438
Iaq Bpe
Psu Psu
Bni
686
Bpe
Pav
Clae
943
1220
1467
2501 2502
2594
2561
Aps
Aps
Bni
Bpe
Ro o
2678 2679 2757
2362
2500 Qru 2600 2499
Pca
Cla
Aps
Aps
691
Qpa
2598
2597
Pca
Pxh
Pxh
1198
Bni
Iaq
Pse
Pca
aat str j ei e K d n eve Li
Pxh
1494
Bni
2508
2195
1088 Pca
410
1898
2931
1891
1606
1080
Aps
1883
Aps
Lst
534
1961
622
1376
815
Lst
2158
23
Pab
Lst
Cpe
Aps
2422
Cpe
CbeF CbeF
Aps
1607 2212
Cpe
1990
1873
Aps
1102
Lst
1660
Aps
21
47
1663
Apl
1524
1082
Cpe
CbeF
158 53 92 228 200
PniI
1795
Cpe
Aps
Pca
1859
164
er n d Va
1281
1794
PniI
aan ml Hel
Aps
2457
2316
1800
Apl
2411
508
Pca
Aps
1093
2163
506
846 10 585 1968
670
2109
1334
227 2229230
1550
362 Aps
Pca
2046
1322
1715 Aps
751
267 133
2596
2898
2592
127 192
2473
2013
1603
Aps
2591
77
12
1379
2565
271 237 59
236
2347
r aat
202 1114 86 18 11 233 91 270 55 58
183
397
2294
1500
2404
1882
aat t r a t a r s t n s n a a m m k c c e e B i B d r i a i d W ar Wi
74 48
972
1248 2054
129 276 197 222 113 19
841 965
2060
Ro o s e
2245
2139
1987
Bpa
V
of sh on o b ng i
2535 352
Bpa
961
2137
1962
TeuE
Cmo
Bpa
Qro
Negatieve drempel
Bpa
888
Bpa
Bpa
1447 Bpa
Cla
Bpa
TeuE
411
1450
2957 2956
TeuE
ld
Bni
p
2967
2067
a d
1147
Aca
TeuE
Teu
1587
Phi Phi
951
416
Pav
e
640
AspS
1252 v
b co Ja 891
2962 Aca
Bpa
t
Bpa
439
2296
at Psa ra t s ns 1661 ma o R
e i
2970
1839
R
1995
Cla
1549
Qro
Bni
1495
1274
2621
1146 d a p k o ud 333 D
1448 2338
2303
Bpa
Bpa
753
2606
2369
2969 2968
PceN
2529
2955
1315
TeuE Bpe
2966
Cja
1371
TeuE AspS
2620 1801
2973 e r g
2972
s
370
t
761
b co Ja
TeuE
e
328
Sba
la
Bni
1840
2020
Cco
a Pse
ch
Bni
Psy
TeuE
1958
Pse
aa lll i
1502
2897
2359
Ppa
n
Pse Mli
Ch
2895
ur ch
817
TeuE Apl
aa lll i
Bni
1503
Fan
n
307
869
707
b co Ja
n va
MHS
n aa l en mp Ca
2263 591 303 Mli
t
a 306 a r
1838
SseT
498
554 Apl
2965 1087
2971
2417
Apl
Aps Agl
696
n a J
Bni
1075
Mli
Bni
BpeT
1474
2022
Pce
t s s n a m r e d l e1428 K
547
MHS
MHS
Bni
647
Mli
1412
2630 Lka
1656 1362
1083
2896
d a p a m e k a B
1750
383
2517
TeuE
t
ur
a
Psy
716
Agl Cbe
Apl Apl
Jni
600
979
2963
Pab
1734
1765
546 531 2646
MHS
2647
865
Apl PceN
Fsy
2283
Apl
1399
Bomenlijst Aca Acer campestre Apl Acer platanoides Aps Acer pseudoplantanus Asa Acer saccharinum Agl Alnus glutinosa AspS Alnus spaethii 'Spaeth' Ber Betula ermanii Bni Betula nigra Bpa Betula papyrifera Bpe Betula pendula ButD Betula utilis 'Doorenbos' CbeF Carpinus betulus 'Fastigiata' Cla Cercidiphylluum japonicum Cco Corylus colurna Clae Crataegus laevigata Cmo Crataegus monogyna Cpe Crateagus persimillis Fsy Fagus sylvatica Fan Fraxinus angustifolia FanR Fraxinus angustifolia 'Raywood' Jni Juglans nigra Lst Liquidambar styraciflua Iaq llex aquilfolium MHS Magnolia 'Heaven Scent' Mko Magnolia kobus Mdo Malus domestica Mli Malus Liset Pab Picea abies Psy Pinus sylvestris Phi Plantanus hispanica Pca Populus canadensis PniI Populus nigra 'Italica' Pav Prunus avium PceN Prunus cerasifera 'Nigra' Ppa Prunus padus Pse Prunus serrulata PseK Prunus serrulata 'Kazan' Pca Pyrus calleryana Pco Pyrus communis Qpa Quercus palustris Qro Quercus robur Qru Quercus rubra Sba Salix babylonica Sca Salix caprea SseT Salix sepulcralis 'Tristis' Sar Sorbus aria Sau Sorbus aucuparia TeuE Tilia europeae 'Euchlora'