CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210028 Bijlage 1 Beleidsprogramma Voetganger 2020-2030 April

Gemeenteraad 7 oktober 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Bijlagen bij raadsvoorstel6.326 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Leiden Duurzaam Bereikbaar Beleidsprogramma Voetganger 2020 - 2030 April 2021

2

Inhoudsopgave Voorwoord...................................................................................... 5 1. Voetgangers in Leiden: Ons beleid................................................. 7 1.1. Aanleiding.............................................................................................7 1.2. Covid-19 en de anderhalvemetersamenleving.........................................8 1.3. Beleidsdoelen........................................................................................9 1.4. Beleidsprogramma Voetganger en de Mobiliteitsnota........................... 10 1.5. Onze samenwerkingspartners.............................................................. 11 1.6. Zo denkt Leiden over lopen................................................................. 11 1.7. Evaluatie.............................................................................................. 13

2. Meer ruimte om te lopen: Onze acties......................................... 14 2.1. Fijnmazig netwerk en continuïteit van routes........................................ 14 2.2. Inclusiviteit en lopen............................................................................ 17 2.3. Voetganger in de ketenverplaatsing..................................................... 21 2.4. Verkeersveiligheid................................................................................23 2.5. Klimaatadaptatie.................................................................................23 2.6. Gezondheid......................................................................................... 24

Bijlage I kaartmateriaal.................................................................... 26 Bijlage II Leiden in Cijfers LeidenPanel 2020: voetgangers Bijlage III Nota van beantwoording bij beleidsprogramma Voetganger 2020 – 2030 Bijlage IV Kijk op Mobiliteit

3

4

Voorwoord Leiden is een compacte stad waar het makkelijk is om je lopend te verplaatsen. Dat is fijn want lopen is een prettige, duurzame en gezonde manier van bewegen. Iedereen is een gedeelte van zijn reis wel eventjes voetganger, naar de fiets, vanaf de bushalte of tijdens een wandeling. In Leiden hechten we er grote waarde aan dat iedereen zich gezond en veilig kan bewegen. Omdat het steeds drukker wordt in Leiden krijgen schone vervoersvormen de ruimte, en daarbij staat lopen bovenaan! In het beleidsakkoord hebben we aangegeven dat we fietsen en lopen sterk willen stimuleren om de doelstellingen voor een groenere, duurzame en goed bereikbare stad te behalen. Ook in de mobiliteitsnota benadrukken we de voordelen van lopen en wandelen en stellen we uitgangs­ punten op om lopen en wandelen in de stad nog aantrekkelijker te maken voor iedereen. Dat de Leidenaar lopen belangrijk vindt blijkt uit reacties in vele participatietrajecten. Dit heeft geresulteerd in het eerste voetgangersbeleid van Leiden dat nu voor u ligt. In dit beleid leest u hoe we ontwerpen vanuit de voetganger, hoe we zorgen dat in Leiden iedereen mee kan doen en hoe we zorgen voor mogelijkheden om ontspannen te wandelen. Ik ben trots op de vele parken die we aanleggen waar het als wandelaar heerlijk vertoeven is.

Met het Singelpark heeft Leiden de eerste LoopAward gewonnen en met het beleidsprogramma voetganger zetten we een volgende stap en laten we zien dat de voetganger er toe doet in Leiden!

Ashley North Wethouder duurzaamheid, mobiliteit & beheer openbare ruimte

5

6

1. Voetgangers in Leiden: Ons beleid 1.1.

Aanleiding

Leiden staat voor een mobiliteitstransitie. Onze dichtbevolkte stad blijft alleen bereikbaar, leefbaar en economisch veerkrachtig als we de schaarse ruimte zo efficiënt mogelijk benutten. We willen dat Leiden een duurzame stad wordt, waarin wij en de generaties na ons vitaal oud worden in een aantrekkelijke omgeving met schone lucht en een sterk vestigingsklimaat. Om dat te bewerkstelligen, is het noodzakelijk dat mensen en goederen zich op een andere manier verplaatsen dan momenteel het geval is. Dat betekent andere vervoersmiddelen; minder vervuilend en minder ruimte innemend. Deze wijziging van het verplaatsingsgedrag wordt ook wel modal shift genoemd. Het te voet verplaatsen, speelt hierin een belangrijke rol. Lopen is daarbij gezond en iedereen is wel eens voetganger bij zijn verplaatsingen. Daarom stimuleren we het lopen met een fijnmazig, toegankelijk en aantrekkelijk netwerk. Zo levert de voetganger een belangrijke bijdrage aan de opgave om Leiden duurzaam bereikbaar te maken. Daarnaast zijn er ook andere gebruikers van het trottoir, zoals spelende kinderen, jongeren op skeelers en mensen in een rolstoel. Waar over voetgangers gesproken wordt, gaat het in dit programma ook over deze groepen. Mobiliteit is voor de meeste weggebruikers geen doel op zich, maar een middel om te komen waar je naar toe wil, zoals naar het werk, hobby’s, winkels, scholing en voorzieningen.

Sommige mensen maken ook gewoon een ommetje zonder bestemming met ontspanning als doel. Mobiliteit draagt bij aan de grotere ambitie die Leiden heeft voor de stad. In het beleidsakkoord is deze als volgt verwoord:

We maken de stad klimaatneutraal, we zetten ons ervoor in dat iedereen meedoet en we blijven investeren in Leiden als aantrekkelijke stad

In de Mobiliteitsnota Leiden 2020-2030 is vastgesteld dat een transitie naar schone en duur­ zame mobiliteit nodig is om de bereikbaarheid te vergroten, de verstedelijkingsopgave te faciliteren en de klimaatdoelen te realiseren. De voetganger speelt hierin een rol. In de nota zijn de volgende 5 uitgangspunten vastgesteld voor de voetganger. Dit Beleids­ programma Voetganger 2020-2030 vormt het raamwerk waarbinnen deze uitgangspunten, aangevuld met de laatste drie uitgangspunten, verder worden uitgewerkt: 1. Een fijnmazig netwerk en continuïteit in de routes; 2. Passende maatregelen daar waar grote stromen voetgangers zijn; 3. Inclusiviteit en lopen; 4. Beleving en kwaliteit van routes; 5. Voetganger in de ketenverplaatsing; 6. Verkeersveiligheid; 7. Duurzaamheid; 8. Gezondheid.

7

Gelijktijdig met het opstellen van dit Beleidsprogramma Voetganger wordt gewerkt aan de Agenda Autoluwe Binnenstad. Waar het beleidsprogramma de uitgangspunten uit de Mobiliteitsnota nader uitwerkt en acties formuleert, is de Agenda Autoluwe Binnenstad een uitvoeringsprogramma waarin de ambitie uit het beleidsakkoord wordt omgezet in maatregelen voor de binnenstad. En juist in die binnenstad is de rol van de voetganger zeer groot. Beide documenten ondersteunen elkaar en zijn op elkaar afgestemd. Concreet hebben we in dit Beleidsprogramma Voetganger de volgende actiepunten benoemd om de voetganger letterlijk en figuurlijk de ruimte te geven: ACTIE 1

Fijnmazigheid, kwaliteit en bewegwijzering van voetgangersnetwerk verbeteren

ACTIE 2

Singelpark koppelen aan wandelknooppuntennetwerk

ACTIE 3

Handboek Kwaliteit Openbare Ruimte aanvullen met een hoofdstuk over voetgangers

ACTIE 4

Voetgangersnetwerk obstakelvrij en voldoende breed maken

ACTIE 5

De openbare ruimte voor iedereen toegankelijk en herkenbaar maken, zeker ook voor mensen met een visuele en/of auditieve beperking

ACTIE 6

Rustplekken en verblijfsplekken creëren langs wandelroutes

ACTIE 7

Verbeteren voetgangersgebied binnenstad door duidelijker onderscheid tussen verkeersstromen met gebruik van verplaatsingsdata

ACTIE 8

Bushaltes toegankelijk maken voor iedereen

ACTIE 9

Beleidsregels voor afweging tussen oversteekplaatsen en zebrapaden opstellen

ACTIE 10

Lopen stimuleren door gezondheidsacties zoals Op Voeten En Fietsen Naar School

Deze acties gaan we de komende jaren oppakken en uitvoeren. Het aanvullen van het Handboek kwaliteit openbare ruimte, het opstellen van beleidsregels over inrichting van oversteekplaatsen en zebrapaden en het uitvoeren van tellingen van voetgangersstromen starten al in 2021. Andere acties nemen we mee in lopende en nieuwe projecten, die we de komende jaren gaan uitvoeren. De financiële middelen voor een verbeterd voetgangersnetwerken en plekken om te rusten en te verblijven worden in projecten of bestaande programma’s gezocht.

1.2. Covid-19 en de anderhalvemetersamenleving Dit Beleidsprogramma Voetganger is opgesteld in de periode dat het COVID-19-virus Leiden, Nederland en de rest van de wereld op zijn kop zette. In dit beleidsprogramma zijn geen specifieke (tijdelijke) maatregelen beschreven, die verdere verspreiding van het virus tegengaan. Wel ambiëren we met meer aandacht voor de voetgangers een bijdrage te kunnen leveren aan het functioneren van de anderhalvemetersamenleving. Hoewel de verwachting is dat door bijvoorbeeld vaker thuiswerken enerzijds de aantallen forensen zullen afnemen, zullen er anderzijds ook personen zijn die juist in deze tijd meer gaan wandelen. Dit om bijvoorbeeld besmetting in het openbaar vervoer te voorkomen.

8

De groeiende aandacht voor lopen, wandelen, vitaliteit en gezondheid is al voor de coronacrisis in gang gezet, maar door COVID-19 is het nog eens extra in de spotlights komen te staan. Deze maatschappelijke ontwikkeling is niet te negeren en juist wandelen is een laagdrempelige manier om vitaliteit te bevorderen en de gezondheid te verbeteren. De wereld is sinds COVID-19 veranderd en er is door de anderhalvemetersamenleving een grotere druk op de openbare ruimte ontstaan. In dit beleidsprogramma worden maatregelen beschreven die lopen stimuleren. In de komende maanden / jaren zullen deze maatregelen en keuzes in de openbare ruimte gemonitord worden en zo nodig tussentijds geëvalueerd. Ondertussen werkt de gemeente mee aan wetenschappelijk onderzoek naar voldoende bewegingsmogelijkheden in de anderhalvemetersamenleving, onder leiding van de Radboud universiteit.

1.3. Beleidsdoelen Het Beleidsprogramma Voetganger is een middel dat bijdraagt aan de overkoepelende ambitie voor het verbeteren van de gezondheid, vitaliteit, het streven naar een kwalitatief hoogstaande openbare ruimte en een duurzame, bereikbare en leefbare stad. Het hoofddoel van het Beleidsprogramma Voetganger is:

Het verbeteren van het voetgangersklimaat waarmee een verschuiving naar het gebruik van meer duurzame vervoersmiddelen wordt gerealiseerd. Dit draagt bij aan de duurzame bereikbaarheid, leefbaarheid en gezondheid van de stad en haar inwoners.

Het hoofddoel wordt uitgewerkt in onderstaande subdoelen:

LOPEND moet iedereen overal kunnen komen Lopen is gezond en goedkoop. Lopen maakt bij bijna iedere verplaatsing deel uit van de mobiliteitsketen. Daarom heeft iedereen baat bij verbeteringen in de loopinfrastructuur. De meeste mensen kunnen zich zonder verdere hulpmiddelen verplaatsen. Door de toenemende vergrijzing zal het aantal mensen met een lichte mobiliteitsbeperking in de komende 20 jaar verdubbelen. Daarom is het extra belangrijk om hier bij toekomstige aanpassingen in de openbare ruimte rekening mee te houden.

LOPEND versterk je de sociale samenhang in de wijk Een voetgangersvriendelijke stad biedt veel mogelijkheden tot sociale interactie. Een voetgangersvriendelijke inrichting van de wijk kan ervoor zorgen dat mensen (weer) meer gebruikmaken van de plaatselijke voorzieningen en meer omkijken naar elkaar en hun woonomgeving. Dat versterkt de lokale economie, verzorgdheid van de wijk en de sociale samenhang.

LOPEND blijf je gezond! Lopen is goed voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid. Het levert een bijdrage aan het voorkomen van overgewicht, het verlaagt de kans op hart- en vaatziekten en stress. Wandelen in het groen versterkt dit effect. Kortom wie wandelt, blijft langer fit.

9

LOPEND help je het milieu en klimaat Maatregelen die duurzame vervoerswijzen als lopen, fietsen en openbaar vervoer bevorderen, kunnen tot een modal shift van automobiliteit tot deze vervoerswijzen leiden. Dat scheelt lucht­ vervuiling en geluidsoverlast. Lokaal zorgt dat voor minder overlast voor bewoners en een afname van gezondheidsklachten. Ook beperkt een modal shift het broeikaseffect. De afname van het autoverkeersvolume kan zorgen voor minder ruimtebeslag door rijdende en geparkeerde auto’s. Hierdoor komt meer ruimte vrij voor lopen en fietsen, maar ook vergroening, waterberging en andere klimaatadaptieve maatregelen.

LOPEND versterk je de lokale economie Betere omstandigheden voor voetgangers versterken de lokale economie. Een winkelgebied waar voetgangers zich welkom voelen, trekt meer bezoekers. Voor het economisch functioneren van een gebied is een comfortabel loopklimaat bijvoorbeeld heel interessant. Voetgangers geven in Amsterdam meer geld uit dan fietsers en automobilisten (Gemeente Amsterdam, 2013).

1.4. Beleidsprogramma Voetganger en de Mobiliteitsnota In de Mobiliteitsnota Leiden 2020 – 2030 is vastgesteld dat een transitie naar schone, duurzame mobiliteit nodig is om de toenemende vraag naar mobiliteit (mede door de verstede­ lijkingsopgave) te faciliteren en om de klimaatdoelen te realiseren. Het college heeft hiervoor negen ambities geformuleerd, waaronder de ambitie om meer ruimte voor lopen te realiseren in de stad. In de Mobiliteitsnota is aangegeven dat het opstellen van nieuw voetgangersbeleid een logische vervolgstap is. De voetganger heeft namelijk een belangrijke positie op de stedelijke modaliteitsladder. Dit betekent dat in de binnenstad en rond grote winkelgebieden de voetganger prioriteit heeft en dat we over langere afstanden inzetten op de fiets.

10

Figuur 1: Mobiliteitsladder per gebied

Ook de ambitie te komen tot een autoluwe binnenstad met meer autovrije straten is opgenomen in de Mobiliteitsnota. Deze ambitie is uitgewerkt in de Agenda Autoluwe Binnenstad. Hiermee kunnen we onze binnenstad nog veel meer benutten als een prachtige plek voor ontmoeting en ontspanning van Leidenaren en bezoekers. Het verbetert de luchtkwaliteit, de leefbaarheid en de (verkeers)veiligheid. Bovendien wordt hierdoor de binnenstad beter bereikbaar voor schonere vormen van vervoer. In de agenda autoluw worden concrete maatregelen uitgewerkt om onder andere ruimte voor de voetganger te creëren.

1.5. Onze samenwerkingspartners Niet alleen Leiden hecht grote waarde aan lopen. Ook het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de provincie Zuid-Holland, het Regionaal Ondersteuningsbureau Verkeersveiligheid Zuid-Holland, Holland Rijnland, omliggende gemeenten en NS zien het belang in van de toename van lopen en willen de voetganger opnemen in hun beleid. Onder de noemer Ruimte voor Lopen werken overheden, marktpartijen, maatschappelijke organi­ saties, kennisinstituten en platforms samen aan het initiëren van voetgangersbeleid in Nederland. Leiden heeft zich aangesloten bij dit platform, een netwerk van ambitieuze steden die de voet­ ganger op de kaart willen zetten.

1.6. Zo denkt Leiden over lopen Leiden is al een echte loopstad. Dat is vanzelfsprekend want lopen is fantastisch in bijvoorbeeld het prachtige Singelpark. Van de Leidenaren loopt 31% iedere dag door de stad. Nog eens 23% loopt 4 tot 6 dagen in de week. Daarom hebben wij nadrukkelijk geluisterd naar de wensen en ervaringen van onze inwoners en ondernemers. Hierbij hebben we ook de reacties betrokken die we hebben ontvangen bij bijvoorbeeld het opstellen van de Omgevingsvisie Leiden 2040, het Ontwikkelperspectief Zuid-West en bij de stadsenquêtes. Bij de participatie voor de Mobiliteitsnota, Parkeervisie en het beleidsprogramma Fiets is met veel organisaties gesproken. Op basis hiervan is een bloem­ lezing geschreven waarin ook veel informatie is opgenomen, die relevant is voor het opstellen van voetgangersbeleid. Uit de gesprekken is naar voren gekomen dat voetgangers vooral hinder ondervinden van het gedrag van andere weggebruikers: vooral van auto’s of bussen die gevaarlijk dicht langsrijden, van gestalde fietsen en van fietsers die door het voetgangersgebied rijden. Tijdens de huiskamergesprekken in het kader van de Burgertop L750 van maart 2017 hebben met name ouderen en mindervaliden aandacht gevraagd voor de veiligheid en bereikbaarheid van de stad voor voetgangers.

Ze vragen onder andere aandacht voor meer banken om tijdens het wandelen even te kunnen rusten en het verbeteren van de toegankelijkheid van winkels en restaurants voor mensen met een scootmobiel.

11

Op de participatiebijeenkomst in het kader van de actualisatie van de mobiliteitsnota gaf men, als het gaat om de binnenstad, de voorkeur aan de voetganger op 1. De fiets komt voor de deelnemers wel op een hoger plan dan de auto. Deze reacties zijn verwerkt in het boekje ‘Kijk op Mobiliteit’ die op de website van de gemeente te lezen is: www.leiden.nl/mobiliteit Specifiek voor dit Beleidsprogramma Voetganger hebben we wensen en ideeën opgehaald en besproken met diverse experts en nauw betrokkenen, zoals de Voetgangersbeweging, het Platform gehandicapten, ROVER, Centrummanagement en de Fietsersbond. Daarnaast is er een enquête uitgezet onder de leden van het LeidenPanel. Samengevat zijn de reacties als volgt. Inwoners en ondernemers steunen het initiatief om een apart beleidsprogramma voor voetgangers op te stellen. Ze willen veilige en comfortabele wandelroutes met daarbij adequate bewegwijzering en verlichting. In het LeidenPanel gaf 73% van de respondenten aan dat zij de looproutes richting binnenstad en station als prettig te ervaren, maar dat er nog wel verbeterpunten zijn. 65% van de respondenten ervaart de looproutes binnen de wijk als prettig of zeer prettig. Niet alle wandelroutes zijn veilig, niet alle routes zijn comfortabel, bij verkeerslichten duurt het wachten soms lang en soms moet er omgelopen worden.

De belangrijkste zaken in hun wandeling door de stad en het stationsgebied vinden de deelnemers een schone omgeving en een aangenaam staatbeeld, zoals mooie gevels en uitnodigende terrassen. In de eigen wijk ligt de nadruk op een schone, groene en verkeersveilige omgeving.

12

Verschillende participanten hebben gevraagd om een uitbreiding van het netwerk van geleidelijnen, onder andere naar de universiteit en de RMO op het Rapenburg. Ook is er aandacht gevraagd voor de zebrapaden. Er is nog veel onduidelijkheid over wanneer er een zebrapad kan worden aangelegd en wanneer niet. In de binnenstad is het niet overal duidelijk welke modaliteit de hoofdgebruiker is. Sommige stegen zijn gedeeld met fietsers en andere niet. Tenslotte hebben veel participanten gewezen op de raakvlakken met stedenbouw, economie, klimaat, gezondheid en sport.

1.7.

Evaluatie

De acties in het beleidsprogramma Voetganger maken deel uit van het uitvoeringsprogramma Leiden Duurzaam Bereikbaar. De effecten van dit beleidsprogramma zullen op de lange termijn zichtbaar worden, omdat de uitvoering meegenomen wordt in lopende en nieuwe projecten. De actiepunten gaat het college de komende jaren uitvoeren en worden teruggekoppeld in de halfjaarlijkse bestuursrapportages.

13

2. Meer ruimte om te lopen: Onze acties De ambitie meer ruimte voor lopen is in dit hoofdstuk nader uitgewerkt aan de hand van de uitgangspunten van de mobiliteitsnota 2020. Op basis van de participatie zijn deze uitgangspunten aangevuld met verkeersveiligheid, duurzaamheid en gezondheid. Om de ambitie waar te maken, zijn concrete acties toegevoegd.

2.1. Fijnmazig netwerk en continuïteit van routes Om lopen te stimuleren, zijn directe en aantrekkelijke routes zonder barrières noodzakelijk. Deze verbindingen moeten herkenbaar en duidelijk zijn voor de gebruikers en samen een continu netwerk vormen. Voor de voetganger is een fijnmazig netwerk gewenst, passend bij het schaalniveau van de voetganger. In figuur 2 staat het gebied aangegeven waarin de voetganger een prominentere plek moet gaan krijgen bij de inrichting van de openbare ruimte. Voorbeeld hiervan is de looproute van het station naar de Humanities Campus van de Universiteit. Het voetgangersnetwerk bestaat in basis uit twee verschillende soorten routes, functionele en recreatieve routes. De functionele routes vormen een goed netwerk van deur naar alle belangrijke bestemmingen, waarbij het kernwinkelgebied, wijkwinkelcentra, bushaltes, stationsgebieden, onderwijsinstellingen, musea en drukke werkomgevingen bijzondere aandacht behoeven.

Figuur 2 schets van het kernverblijfsgebied en looproutes in de binnenstad

14

Looproutes Het voetgangersnetwerk bestaat in basis uit twee verschillende soorten routes, functionele en recreatieve routes. De functionele routes vormen een goed netwerk van deur naar alle belangrijke bestemmingen, waarbij het kernwinkelgebied, wijkwinkelcentra, bushaltes, stationsgebieden, onderwijsinstellingen, musea en drukke werkomgevingen bijzondere aandacht behoeven. Deze looproutes zijn minimaal voorzien van verlichting en een trottoir. De uitzondering hierop zijn in woonerven en op routes waar onvoldoende ruimte is voor een apart trottoir. Op de recreatieve routes delen de voetgangers in principe de rijbaan met fietsers en is niet altijd verlichting, omdat de drukte op deze routes beperkt is tot specifieke momenten, zoals zonnige en warme dagen. Vanwege de sociale veiligheid en het behoud van de biodiversiteit is er op deze routes niet altijd verlichting. Het winkelpubliek maakt voornamelijk gebruik van de straten binnen het centrum, tussen het centraal station en de binnenstad en van de belangrijke bushaltes, parkeergarages en fietsenstallingen naar het kernverblijfgebied. Dit zijn de straten waar zich grote stromen voetgangers bevinden. Extra aandacht voor de plek van de voetganger in deze gebieden is gewenst. De entreestraten naar de binnenstad dienen daarom als een herkenbare rode loper ingericht te worden.

Ook rondom wijkwinkelcentra zoals de Kopermolen, Stevenbloem, Diamantplein, Kooiplein en Bevrijdingsplein/ Vijfmei-plein is extra aandacht voor de voetganger van belang.

Bewegwijzering Algemene bewegwijzering Leiden is een gastvrije stad. Bezoekers worden door middel van bewegwijzering op een efficiënte manier naar hun bestemming geleid. Op welke wijze dit gebeurd is, wordt uitgewerkt in het Verwijzingsplan dat onderdeel is van de Nota Bewegwijzering. In de Nota Bewegwijzering is de ambitie van de programma’s Binnenstad en Bereikbaarheid om van Leiden een toegankelijke en gastvrije stad te maken. Dit heeft geresulteerd in de voetgangersbewijzering vanuit bronpunten naar belangrijke bestemmingen. Belangrijke doelen die worden bewegwijzerd zijn: universiteitsgebouwen, culturele instellingen, historische monumenten en locaties die betrekking hebben op Rembrandt van Rijn. Het is aan te bevelen toiletvoorzieningen en (fiets)parkeergarages toe te voegen op de algemene voetgangersbewegwijzering.

ACTIE 1: Fijnmazigheid, kwaliteit en bewegwijzering van voetgangersnetwerk verbeteren

Langeafstandswandelroutes Een Lange-Afstand-Wandelpad (afgekort LAW) is een wandelroute van minstens 150 km. Alle LAW’s zijn in twee richtingen bewegwijzerd met een wit-rode markering. Er zijn 23 LAW’s in Nederland die samen een netwerk vormen van ca. 7500 km. Deze routes worden aangeduid met rood-witte horizontale tekens. Er lopen twee LAW-routes door Leiden: Romeinse Limespad (Katwijk aan Zee/Voorburg – Berg en Dal);Marskramerpad (Bad Bentheim – Scheveningen). Deze wandelroutes doorkruisen ook verschillende woonwijken, zoals Roomburg, Meerburg en het Houtkwartier. Daarnaast worden ook diverse parken, zoals Park Matilo en de Leidse Hout.

15

Wandelknooppunten Om en door Leiden lopen recreatieve routes aangeduid met wandelknooppunten, vergelijkbaar zoals deze ook voor toeristische fietsroutes gebruikelijk zijn. Dit zijn paden voor langzaam verkeer in de groene recreatieve gebieden en de doorgaande routes door de parken. De groene kwaliteit en de verblijfskwaliteit van deze gebieden gaan boven de verkeerseisen en -maten. Onlangs is een nieuwe route ontstaan, het rondje Singelpark door de aanleg van bruggen tussen de verschillende parkdelen. De gemarkeerde recreatieve routes eindigen nu buiten de singels. Om het wandelknooppuntennetwerk te versterken en wandelaars van het Singelpark te laten genieten leggen we een koppeling tussen het wandelknooppuntennetwerk en het Singelpark. Recreatieve wandelaars worden hiermee vanaf het groene buitengebied om de stad, via groene routes (de groene spaken) uitgenodigd om de binnenstad en het Singelpark te verkennen.

ACTIE 2: Singelpark koppelen aan wandelknooppuntennetwerk

Toeristische wandelroutes Er zijn in Leiden verschillende toeristische wandelroutes uitgezet. Deze worden beheerd door Leiden Marketing. De routes zijn ieder opgebouwd rondom een bepaald thema. De routes gaan onder andere langs verschillende bekende gebouwen uit de Leidse geschiedenis. De routes worden verkocht bij de VVV Leiden. De volgende vier routes zijn beschikbaar: Rembrandtwandeling, Pilgrimwandeling, Hofjesroute en de Leidse Loper. De Leidse Loper en het Singelpark staan op driehoeksborden verspreid door de stad.

Passende maatvoering Voldoende brede voetpaden zijn belangrijk voor het stimuleren van het lopen, maar ook voor de toegankelijkheid van het voetgangersnetwerk voor iedereen. Wij volgen hierbij de landelijke richtlijnen. Het aantal voetgangers is maatgevend bij het ontwerpen van voetgangersvoorzieningen. Standaard is een trottoir minimaal 1,80 meter breed. In gebieden met grotere voetgangersstromen en op belangrijke routes, zoals tussen station en binnenstad, is de ruimte voor de voetgangers zelfs breder! Voor een goede doorstroming en het comfort is het belangrijk dat het trottoir ook vrij is van obstakels. Daarom is in het handboek opgenomen dat een obstakelvrije doorgangsbreedte van minimaal 1,50 meter moet worden aangehouden. Ook de geleidelijnen en gidslijnen voor visueel gehandicapten blijft vrij met een vrije ruimte van 60 centimeter aan weerszijden van de lijn. Ook de overlast door hinderlijk geplaatste auto’s, fietsen en bromfietsen moet worden tegengegaan.

16

Het Handboek kwaliteit openbare buitenruimte geeft al veel maatvoeringen voor voetgangersvoorzieningen, maar er worden geen algemene uitgangspunten vastgesteld voor de voetganger. Om de positie van de voetganger te verbeteren, is het belangrijk dat de paragraaf in het eerste deel van het Handboek kwaliteit openbare buitenruimte die over verkeersstructuren gaat, wordt aangevuld met een onderdeel over voetgangers. In het handboek worden ook voorwaarden gesteld over de materialisatie van voetpaden.

ACTIE 3: Handboek Kwaliteit Openbare Ruimte aanvullen met een hoofdstuk over voetgangers

2.2. Inclusiviteit en lopen Leiden wil een sociale stad zijn waar iedereen mee kan doen. Voor iedereen moet het mogelijk zijn om voorzieningen zoals woningen, werkplekken, winkels, restaurants, sportfaciliteiten, scholen en parken te bereiken en te gebruiken.

Figuur 3 Huidige kaart geleidelijnen (links) en wensbeeld (rechts)

Sommige mensen moeten meer gefaciliteerd worden om hun weg te vinden door Leiden. Het gaat hier bijvoorbeeld om mensen met een visuele beperking, een auditieve beperking, mensen in een rolstoel, rollator of ander hulpmiddel en mensen met een kinderwagen. Ook zij moeten zich vrijuit door de stad en de parken kunnen bewegen. Naast voldoende beschikbare ruimte dient er ook aandacht te zijn voor goede op- en afritten bij kruisingen, bankjes om te rusten, een trottoir zonder oneffenheden, goede oversteekvoorzieningen op de juiste plekken, verlichting en duidelijke geleidelijnen. Dit moet er voor zorgen dat alle wandelroutes begaanbaar zijn voor iedereen. Het ontbreken van aangepaste infrastructuur voor voetgangers (in het bijzonder met een mobiliteitsbeperking) doet afbreuk aan de toegankelijkheid. De behoeften van personen met beperkte mobiliteit zijn richting-

17

gevend voor het ontwerp in de openbare ruimte. Speciale aandacht in het netwerk gaat uit naar de routes tussen universiteitscomplexen en het centraal station en het kernwinkelgebied. Leiden heeft specifiek beleid voor toegankelijkheid en inclusiviteit uitgewerkt in de Lokale Inclusie Agenda. De routes in de binnenstad met geleidelijnen willen we om die reden heroverwegen.

Trottoirs zijn obstakelvrij Deelnemers van het LeidenPanel hebben aangegeven dat de binnenstad aantrekkelijker gemaakt kan worden door het obstakelvrij houden van de trottoirs. Hierdoor blijft voldoende ruimte over voor voetgangers om zich prettig te verplaatsen. Dit is extra belangrijk in straten waar de ruimte beperkt is. Deze looproutes moeten voldoende doorloopruimte hebben. De gemeente hanteert als uitgangspunt om objecten, zoals reclameborden, prullenbakken en ondergrondse containers zo te plaatsen dat ze geen obstakelsvormen. Met handhaving houdt de gemeente ook toezicht op obstakels op trottoirs die door andere worden geplaatst. Zo krijgt de handhaving op langer niet gebruikte fietsen de komende jaren extra aandacht na de corona-crisis. Bij het vergunnen van terrassen en geveltuintjes houdt de gemeente hier ook rekening mee.

ACTIE 4: Voetgangersnetwerk obstakelvrij en voldoende breed maken

Verkeersoplossingen zijn herkenbaar en duidelijk Op plaatsen als pleinen of winkelstraten is er tegenwoordig niet altijd meer een apart voetpad, een apart fietspad en een aparte rijbaan voor gemotoriseerde voertuigen aanwezig. De ruimte wordt een shared space. Bij shared space wordt extra oplettendheid van alle verkeersdeelnemers gevraagd, door het ontbreken van kenmerkende verkeerstekens zoals borden, verkeerslichten en stoepranden. Mensen die blind of slechtziend zijn kunnen zich in deze open ruimten niet goed oriënteren en dit kan leiden tot onzekerheid. Het toepassen van shared space is altijd maatwerk. Dit blijkt ook uit de verschillende uitvoerings­ vormen van shared space die al in Leiden uitgevoerd zijn, waarbij op sommige plekken toch een trottoirband aangebracht is. Het Stationsplein is een voorbeeld waarin het mengen van verschillende vervoersvormen niet functioneert.

ACTIE 5: De openbare ruimte voor iedereen toegankelijke en herkenbaar maken, zeker ook voor mensen met een visuele en/of auditieve beperking

18

Beleving en kwaliteit Lopen is meer dan je zomaar functioneel verplaatsen. Een openbare ruimte wordt aantrekkelijker als er mogelijkheden worden geboden om te zitten, zoals bankjes of trappen, het zitten in de schaduw of juist in de zon. De kwaliteit van de buitenruimte en het openbaar groen heeft invloed op de gebruiksintensiteit en de beleving van de buitenruimte. In samenhang hiermee nemen ook aanvullende sociale activiteiten toe. Ruimte voor activiteiten nodigt mensen uit om te verblijven. Dit zorgt voor meer veiligheid, economische activiteiten en levendigheid op straat. Een voorbeeld hiervan is een meanderend pad door het groen. Dit wordt als aantrekkelijker ervaren dan rechttoe met alleen bestrating. Wanneer je je te voet beweegt, sta je ook wel eens stil. Tijdens een lange wandeling door parken en wijken of bij het slenteren door de winkelstraten ontstaat de behoefte om even uit te rusten. Om wandelroutes aantrekkelijk te maken, zijn ook rustpunten nodig. Deze rustpunten vergroten ook de mogelijkheid voor senioren en mensen die moeilijk ter been zijn om voldoende te bewegen in de directe omgeving van hun woning. In herinrichtingsprojecten gaan we dit verder uitwerken.

ACTIE 6: Rustplekken en verblijfsplekken creëren langs wandelroutes

19

Verlichting In het beleidsplan openbare verlichting is beschreven wanneer en hoe we paden, wegen en straten verlichten. Licht in de openbare ruimte is nodig om te zien waar we lopen, fietsen of rijden. Verkeersveiligheid en sociale veiligheid zijn van oudsher twee belangrijke functies van openbare verlichting. En licht is van invloed op de sfeer in een bepaalde omgeving. Tegenstrijdige belangen zullen er altijd zijn. Vanuit veiligheid en economische belangen willen we juist licht, vanuit biodiversiteit en gezondheid juist niet. En wat de één fijn verlicht vindt, is voor een ander weer te uitbundig of te mager. In Leiden zoeken we daarom steeds naar een optimale balans, waarbij we per situatie proberen om de belangrijkste factoren het zwaarste te laten wegen. Voetpaden worden over het algemeen mee-verlicht met de rijbaan of het fietspad. De gemeente verlicht separaat gelegen openbare voetpaden alleen als ze woonwijken verbinden of anderszins doorgaande paden zijn. Voetpaden die een belangrijke rol spelen in het voetgangersnetwerk binnen de bebouwde kom worden wel verlicht. Recreatieve voetpaden worden niet verlicht.

Gladheidsbestrijding Het sneeuwvrij houden van looproutes en voetgangersgebieden heeft prioriteit voor de gemeente. De hoogste prioriteit ligt natuurlijk bij de routes voor hulpdiensten en het fietsnetwerk. Fietsers staan minder stabiel op de weg en hebben een grotere kans op letsel wanneer zij uitglijden. Dit jaar zal het gladheidsbestreidingsplan worden geëvalueerd en worden aangepast.

Beleving en kwaliteit binnenstad De binnenstad van Leiden is bezig met een kwaliteitssprong met prioriteit voor voetgangers, fietsers en openbaar vervoer. Wonen in de binnenstad is aantrekkelijk, vele activiteiten vinden er plaats en steeds meer mensen bezoeken de stad. Zoals aangegeven in de Mobiliteitsnota wil Leiden prioriteit geven aan de voetganger in het hart van de binnenstad met kwalitatief goede looproutes en goede oversteekvoorzieningen. Looproutes naar fietsparkeervoorzieningen worden nadrukke­ lijker vorm gegeven. Hetzelfde geldt voor looproutes naar de parkeergarages.

Uitbreiden voetgangersgebied De Apothekersdijk en de Boommarkt zijn behoorlijk ondergewaardeerde straten langs de Rijn. Deze straten kunnen fantastische plekken worden om te genieten van het water, als alternatieve aanloopstraten van en naar het station, waar ook veel ruimte gemaakt kan worden voor verblijfsplekken, detailhandel, horeca of een uitbreiding van de weekmarkt. Figuur 4 Kansen verbreden van trottoirs

20

Om te bepalen of een straat een andere functie krijgt, zoals een entreestraat die een winkelstraat wordt, en om te bepalen of de voorzieningen voor de voetgangers passen bij de intensiteiten zullen we moeten monitoren op welke plekken het drukker wordt in de stad. Om dat te kunnen doen is het belangrijk data te verzamelen over de voetgangersstromen in de binnenstad. Gemengde verkeersstromen In het verblijfsgebied in de binnenstad komen veel functies en vervoerswijzen bij elkaar. Fietsers en voetgangers bewegen hier door elkaar heen en verschillende modaliteiten maken gebruik van dezelfde weg. De bewoners hebben in de stadsgesprekken aangegeven dat zij als voetganger vooral hinder ondervinden van het gedrag van andere weggebruikers: vooral van auto’s of bussen die gevaarlijk dicht langsrijden, van gestalde fietsen en van fietsers die door het voetgangersgebied rijden. Zij gaven aan dat het onduidelijkheid is waar voetganger en waar fietsers zich mogen bewegen.

Aan de hand van de voetgangersdata gaan we de komende jaren bekijken welke straten en stegen specifiek voor voetgangers kunnen worden bestemd. Met name tijdens de weekmarkt is fiets­verkeer een grote hinder voor de voetgangers. Dit is aanleiding om dit gebied aan te wijzen als voetgangerszone.

ACTIE 7: Verbeteren voetgangersgebied binnenstad door duidelijker onderscheid tussen verkeersstromen met gebruik van verplaatsingsdata

2.3. Voetganger in de ketenverplaatsing Om duurzame mobiliteit te stimuleren krijgen de aanlooproutes naar het openbaar vervoer en looproutes naar geconcentreerde (fiets-)parkeerplaatsen hierbij in het bijzonder onze aandacht. Dat betekent dat de routes vanaf deze locaties naar de belangrijkste bestemmingen in het

21

centrum duidelijk herkenbaar en logisch moeten zijn. De bushaltes in de stad worden de komende jaren versneld toegankelijk gemaakt. De haltes worden hierbij indien mogelijk met geleidelijnen verbonden met nabijgelegen publieksfuncties. Er zal extra aandacht worden besteed aan de looproutes vanuit de wijken naar de haltes en vanuit de parkeergarages/fietsenstallingen naar belangrijke bestemmingen in de omgeving. Alle haltes zijn toegankelijk voor alle gebruikers en een gelijkvloerse instap is mogelijk. De haltes zijn ook op de perrons voorzien van geleidelijnen, die gebruikers naar herkenningspunten toe leiden. Dit is conform het besluit toegankelijkheid van het openbaar vervoer.

ACTIE 8: Bushaltes toegankelijk maken voor iedereen

Voetgangers rondom het Centraal Station In het stationsgebied lopen de routes voor voetgangers, fietsers, bussen en auto’s sterk door elkaar. De plek van de voetganger hierin is erg kwetsbaar. Daarom is het belangrijk dat het duidelijk wordt wat de plek van de voetganger in dit gebied is. Het LeidenPanel geeft aan dat de stationsomgeving nu een sfeerloos en onaantrekkelijk gebied is om naar toe te gaan of doorheen te lopen. Meer groen in de omgeving en duidelijker scheiden van vervoerstromen, zoals bus, auto, fiets en voetganger zou de omgeving verbeteren voor de voetganger. De deelnemers benoemen bijvoorbeeld het aanbrengen van meer zebrapaden in de stationsomgeving om de voetganger meer prioriteit te geven. Ook wordt door verschillende deelnemers van het LeidenPanel de barrière­werking van het spoor genoemd en dan met name het feit dat de poortjes van de NS in de onderdoorgang in het station gesloten zijn. De positie van de voetganger krijgt in de Gebiedsvisie van het stationsgebied veel aandacht. Ook in de ontwikkelingen rondom knooppunt Leiden Centraal zal de voetganger een belangrijke rol vervullen. Lopen vormt een zeer belangrijke vorm van voor- en natransport. Voor bijna 60% van de treinreizigers geldt lopen als natransport en voor 20% als voortransport. In het document Leiden Verbindt is de opgave voor de ontwikkeling van knooppunt Leiden Centraal beschreven.

Een belangrijk onderdeel daarvan is de aandacht voor een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte voor de voetganger en de fietser.

Verbinding Stationsgebied - Binnenstad De route van het Centraal Station naar de binnenstad is op dit moment een krappe en onaantrekkelijke verbindingsroute. Via deze route vinden veel bussen, fietsers en ook voetgangers hun weg naar de binnenstad. De route is, zeker voor voetgangers, niet aantrekkelijk. Vooral de route door de Steenstraat kent erg smalle looproutes. Het is wenselijk om de verbinding tussen het station en de binnenstad om te vormen tot aantrekkelijke entreegebied, waarbij de fiets en de voetganger prioriteit krijgt. Oversteekplaatsen met overig verkeer dienen veilig vormgegeven te worden. In het belang van de voetganger is het wenselijk om hen duidelijk te scheiden van het gemotoriseerd verkeer en fietsverkeer. Voor de bezoekers van de Leidse binnenstad is een logische, goed herkenbare en goed ingerichte route van belang waardoor zij, als vanzelfsprekend, van het station naar de binnenstad worden geleid en omgekeerd.

22

2.4. Verkeersveiligheid De voetganger is een kwetsbare verkeersdeelnemer. Bij veel ongevallen met voetgangers is een verkeersdeelnemer van een andere modaliteit betrokken. Daarom is van belang dat het aantal conflictpunten zo laag mogelijk is. In gebieden met veel voetgangers moet het snelheidsverschil met andere verkeersdeelnemers zo klein mogelijk zijn. Hierdoor kunnen kinderen veilig spelen en kwetsbare verkeersdeelnemers veilig oversteken. Het kernverblijfsgebied in de binnenstad en de rode loper met grote stromen voetgangers dienen daarom zo veel mogelijk autoluw te zijn. Ook rondom basisscholen dient extra aandacht te zijn voor goede voorzieningen voor de voet­ gangers. Langs drukke wegen zijn veilige trottoirs, kruispunten en oversteekplaatsen vereist. Ook tijdens bijzondere situaties zoals winters weer of werkzaamheden dient de veiligheid van voetgangers gewaarborgd te zijn. Vanuit het ontwerpproces is een eenduidig kader nodig voor de toepassing van oversteekplaatsen: een oversteekwijzer. Dit zijn beleidsregels over de afweging tussen oversteekplaatsen en zebrapaden.

In veel gemeenten verdwijnen zebrapaden vanuit het argument dat veel weggebruikers niet altijd stoppen voor voetgangers, Voor slechtziende en blinde mensen is het zebrapad een belangrijke plek om veilig over te steken, omdat het een duidelijk herkenningspunt biedt voor bijvoorbeeld stok- en geleidehondengebruikers.

ACTIE 9: Beleidsregels voor afweging tussen oversteekplaatsen en zebrapaden opstellen

2.5. Klimaatadaptatie Door het veranderende klimaat krijgen we vaker te maken met hittegolven, heftige regenbuien en langere periode van droogte. De gevolgen hiervan kunnen ook de voetgangers in de stad merken. De ambitie is om in 2050 een klimaat robuuste stad te zijn, waarin economie, leefbaarheid, veiligheid en gezondheid niet of nauwelijks hinder ondervinden van klimaatverandering en waarbij Leiden zichtbaar groener is geworden en de biodiversiteit is vergroot.

23

Hittestress Tijdens warme dagen/een hittegolf is het voor voetgangers fijn dat er schaduwrijke routes/pleintjes zijn. Waarbij bij voorkeur de schaduw gecreëerd wordt door beplanting. Groen heeft naast schaduwwerking namelijk ook een ander verkoelend effect. Vooral voor kwetsbarre groepen zoals ouderen, jonge kinderen en mensen met gezondheidsproblemen is het fijn dat er bankjes in de schaduw staan waar je op een warme dag even kan uitrusten. Voor kinderen is het goed als er speelplekken met schaduw aanwezig zijn. Watertappunten langs wandelroutes en bij speelplekken kunnen er voor zorgen dat bewoners ook als ze onderweg/buiten zijn genoeg kunnen drinken waarmee de kans op uitdrogen wordt verkleind.

Heftige regenbuien We moeten er rekening mee houden dat onze stad heftigere regenbuien op dit moment niet kan verwerken. Het regenwater kan dan op straat komen te staan. Als voetganger kan het dus zijn dat je natte voeten krijgt. Het kan gebeuren dat als er een straat onder water komt te staan dat dit water zich mengt met het rioolwater. Als dit gebeurt heeft dit invloed op de waterkwaliteit. Zich verplaatsen of spelen in dit water kan risico’s met zich meebrengen. Bij nieuw aan te leggen paden of bij herinrichtingsprojecten wordt er gekeken naar het materiaalgebruik. Hierbij wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie en gaat de voorkeur uit naar materialen die regenwater doorlaten. Hierdoor ontstaan minder snel wateroverlast en is ook droogte minder snel een probleem.

2.6. Gezondheid Lopen heeft een positief effect op de gezondheid, zo is ook te lezen in het Leidse Beleidskader Sport en Gezondheid 2019-2023 Samen maken we de stad gezond en actief. Gezond gedrag, waaronder voldoende bewegen en sporten, verkleint onder andere het risico op overgewicht, chronische ziekten, depressieve symptomen en draagt bij aan gezond opgroeien, gezond blijven en vitaal ouder worden. Hoe we dit in de openbare ruimte gaan aanpakken wordt uitgewerkt in de Nota Leidse beweegsleutels. Voorbeeld hiervan is bewegwijzering van hardlooproutes in verschillende wijken. De beweegrichtlijn opgesteld in opdracht van de Gezondheidsraad adviseert volwassenen om minstens 2,5 uur per week matig intensief te bewegen; voor kinderen is dit minstens een uur per dag. Meer bewegen is altijd beter. Lopen is een goede manier om invulling te geven aan het matig intensief bewegen. Door een afstand lopend af te leggen, voldoet men sneller aan de beweegrichtlijn dan wanneer dezelfde afstand per fiets wordt afgelegd. Voor gezond gedrag geldt ‘jong geleerd, is oud gedaan’. Daarom is investeren in de jeugd op lange termijn belangrijk, zoals interventies die bewegen en in dit geval lopen stimuleren. Bij herinrichtingsprojecten zorgen we voor een kindvriendelijke en verkeersveilige inrichting van de openbare ruimte.

Voorbeelden hiervan zijn The Daily Mile van Jongeren op Gezond Gewicht waar al verschillende scholen in Leiden aan meedoen en Op Voeten en Fietsen naar School van Veilig Verkeer Nederland. Bovendien doet de gemeente een pilot met de Fietsersbond om de school thuisroute te inventariseren met schoolkinderen.

24

Als werkgever stimuleert Leiden het initiatief Let’s Walk van Bereikbaar Haaglanden en Rijnland. Vooral mensen die slechter ter been zijn en mensen met een lage sociaaleconomische status zijn meer aangewezen op dagelijkse voorzieningen in de naaste woonomgeving. Voor hen is het ook belangrijk dat ze deze binnen hun wijk lopend kunnen bereiken en dat zij gestimuleerd worden om in beweging te komen. De welzijnspartijen in de stad zetten in op deze gezonde leefstijl.

ACTIE 10: Lopen stimuleren door gezondheidsacties zoals Op Voeten En Fietsen Naar School

25

Bijlage

Wensbeeld geleidelijnen binnenstad

Huidige situatie geleidelijnen

26

Wensbeeld geleidelijnen Leiden Bioscience Park

Voetgangersnetwerk Leiden

27

28

Gemeente Leiden Postbus 9100 2300 PC LEIDEN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9983267/1