CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke onderbouwing Wielsterdyk 2

Besluitvorming (raad) 22 december 2021, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen bouw 2e bedrijfswoning en vervanging schuur/technische ruimte Wielsterdyk 2 in Weidum5.096 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum INLEIDING Op 30 december 2020 hebben wij een aanvraag omgevingsvergunning ontvangen voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en de vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte bij de bestaande pluimveehouderij op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum. Dit verzoek is in strijd met het ter plekke geldende bestemmingsplan ‘Bûtengebiet’.

Afbeelding 1: Luchtfoto met perceel Wielsterdyk 2 binnen rode cirkel

Afbeelding 2: Luchtfoto van de pluimveehouderij aan de Wielsterdyk 2 (bron: Geo-Oblique, 2020) Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

1

De pluimveehouderij ligt tussen de dorpen Weidum (circa 400 meter ten zuiden van het bedrijf) en Jellum (circa 600 meter ten noorden van het bedrijf). Direct ten noordwesten van de pluimveehouderij bevindt zich het buurtschap It Wiel (zie afbeelding 1). De ontwikkelingen, inclusief landschappelijke inpassing, vinden plaats op de percelen kadastraal bekend als gemeentecode JWD00, sectie G, percelen 398, 399 en 400. BESCHRIJVING VAN HET PROJECT Het project voorziet in de bouw van een tweede bedrijfswoning en de vervangende nieuwbouw van de meest noordelijke schuur. Deze schuur wordt gebruikt voor opslag en als technische ruimte.

Afbeelding 3: Situatieschets

Afbeelding 4: 3d-aanzicht zuid-westgevel tweede bedrijfswoning

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

2

Afbeelding 5: 3d-aanzicht noord-westgevel tweede bedrijfswoning

Afbeelding 6: Plattegrond tweede bedrijfswoning De tweede bedrijfswoning krijgt een oppervlak van circa 196 m2 met een bouwhoogte van 7,90 meter. De aanbouw krijgt een bouwhoogte van 2,92 meter (zie afbeeldingen 4 t/m 6).

Afbeelding 7: Plattegrond en 3d-aanzicht schuur/technische ruimte Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

3

De huidige schuur heeft een oppervlak van circa 846 m2. De nieuwe schuur/technische ruimte wordt iets groter met een oppervlak van 918 m2 en zal grotendeels gebruik maken van de bestaande fundering. Van de huidige schuur blijven de wanden in de noordoostelijke hoek behouden omdat aan deze wanden de technische installaties bevestigd zijn die niet worden vervangen of gewijzigd. Deze hoek zal ingepast worden in de nieuw schuur/technische ruimte. De nieuwe schuur/technische ruimte krijgt een bouwhoogte van 8,18 meter. In deze ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat het project zoals hiervoor beschreven op deze locatie aanvaardbaar is. BESCHRIJVING VAN DE GELDENDE PLANOLOGISCH-JURIDISCHE SITUATIE Op grond van het geldende bestemmingsplan ‘Bûtengebiet’ (vastgesteld op 29 september 2015 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Littenseradiel) heeft het perceel de bestemming ‘Agrarisch’ met de functieaanduidingen ‘specifieke vorm van agrarisch - bedrijfskavel nietgrondgebonden agrarisch bedrijf’ en ‘specifieke vorm van wonen – tweede bedrijfswoning’. Daarnaast hebben beide bouwlocaties op het perceel in het bestemmingsplan ‘Bûtengebiet’ de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’. Ondertussen is op 11 november 2020 het bestemmingsplan ‘Partiële herziening Archeologie’ vastgesteld.

Als gevolg daarvan geldt nu voor beide locaties de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 5’ uit dat bestemmingsplan.

Afbeelding 8: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan met bedrijfskavel in rood (bron: ruimtelijkeplannen.nl) De aanvraag is voor wat betreft de tweede bedrijfswoning in strijd met het bestemmingsplan omdat de aanbouw een plat dak krijgt (terwijl een minimale dakhelling van 30o is voorgeschreven) en omdat door de aanbouw bij de tweede bedrijfswoning meer dan 50% van het bouwvlak wordt bebouwd.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

4

De aanvraag is voor wat betreft de nieuwe schuur/technische ruimte in strijd met het bestemmingsplan omdat de nieuwe schuur aan de noordkant deels buiten het bouwvlak wordt gebouwd. Het gaat daarbij om een strook van circa 70 centimeter breed. Daarnaast is er strijd met het bestemmingsplan omdat de nieuwe schuur een groter oppervlak krijgt dan de huidige schuur. Daarnaast kent het perceel de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – radarverstoringsgebied’ met een maximum bouwbeperking tot 65 meter hoogte. Hier komen geen verdere belemmeringen voor het project uit naar voren. Aangezien het bestemmingsplan geen afwijkingsmogelijkheden of wijzigingsbevoegdheden kent voor alle strijdigheden met het bestemmingsplan en geen medewerking kan worden verleend met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 2° van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) jo. artikel 4 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor), kan alleen medewerking aan de aanvraag omgevingsvergunning worden verleend door middel van een planologische procedure; de zgn. ‘buitenplanse grote afwijking’ waar een ruimtelijke onderbouwing onderdeel van uit maakt. Voor dit project is een ‘verklaring van geen bedenkingen’ (vvgb) van de gemeenteraad vereist. De raad heeft een lijst van projecten vastgesteld, waarvoor geen vvgb is vereist.

Het project past niet binnen deze vastgestelde projectenlijst omdat het plangebied buiten de bebouwde kom ligt. TOETSING AAN DE RUIMTELIJKE EN FUNCTIONELE STRUCTUUR Toets op functie • Tweede bedrijfswoning De bouw van een tweede bedrijfswoning bij de pluimveehouderij is op grond van het huidige bestemmingsplan bij recht al toegestaan. De beoordeling van de noodzaak van een tweede bedrijfswoning heeft in principe dan ook al bij de vaststelling van dat bestemmingsplan in 2015 plaatsgevonden. Op basis van artikel 3.7.6, onder a van het bestemmingsplan wordt de noodzaak van een tweede bedrijfswoning aangetoond wanneer er sprake is van een bedrijfsomvang van ten minste 100 NGE en de bedrijfswoning noodzakelijk is in verband met permanent toezicht en de continuïteit en duurzaamheid van het bedrijf als volwaardig meermansbedrijf. Bedrijfsomvang Er is voor de pluimveehouderij een milieuvergunning verleend voor 207.000 vleeskuikens en daarnaast 100 schapen. De 207.000 vleeskuikens komen overeen met 277 NGE-eenheden. Tegenwoordig wordt echter niet meer met NGE-eenheden gerekend, maar met de NSO-typering. Op basis van deze NSO-typering valt de pluimveehouderij in de grootteklasse 5 (zeer grote bedrijven). Een bedrijf van deze omvang heeft minimaal twee volwaardige fulltime arbeidskrachten.

Noodzaak permanent toezicht De aard van de bedrijvigheid -het houden van kwetsbare levende have- is van dien aard dat er sprake moet zijn van permanent toezicht mede in verband met de zeer nauw stekende klimaatbeheersing, het daarvoor moeten inzetten van zeer geavanceerde en complexe apparatuur en het toezien op de goede werking daarvan. Daarnaast is er permanente controle nodig op onder andere voer- en waterlijnen. Uit de praktijk blijkt dat de hoeveelheid arbeid die moet worden verricht niet 24 uur per dag en zeven dagen per week door één arbeidskracht kan worden verricht. Daarvoor is afwisseling nodig van twee volwaardige arbeidskrachten. Om snel ter plekke te kunnen zijn is het noodzakelijk dat beide arbeidskrachten bij de pluimveehouderij wonen. In de directe omgeving rondom de pluimveehouderij is het aanbod van woningen echter zeer schaars.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

5

Continuïteit bedrijf Om de continuïteit van de pluimveehouderij te waarborgen zijn er de afgelopen jaren grote investeringen gedaan om het bedrijf te moderniseren (in de afgelopen circa 15 jaar zijn alle oorspronkelijke stallen vervangen door grotere stallen en daarnaast is het aantal stallen uitgebreid). Hiermee voldoet de pluimveehouderij aan alle moderne eisen om deze duurzaam en doelmatig voort te zetten. Daarnaast is de continuïteit geborgd door de maatschap tussen vader en zoon. • Vervangende nieuwbouw schuur/technische ruimte Op de plaats van de nieuwe schuur/technische ruimte staat op dit moment al een (iets kleinere) schuur/technische ruime die zijn beste tijd heeft gehad. Het vervangen van deze schuur door een nieuwe schuur op dezelfde locatie past in de stapsgewijze modernisering van het bedrijf. Beleid • Rijksbeleid Het project is niet in strijd met nationale belangen voortkomend uit Rijksbeleid. • Provinciaal beleid / Verordening Romte 2014 Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte vastgesteld. De verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Tweede bedrijfswoning In de provinciale Verordening Romte zijn niet specifiek regels opgenomen voor tweede agrarische bedrijfswoningen.

Daarnaast is een tweede bedrijfswoning op grond van het bestemmingsplan al toegestaan. Wel moet de noodzaak aangetoond worden. Uitbreiding niet-grondgebonden veehouderij Op grond van artikel 6.1.3 van de Verordening Romte kan een bestaand bouwperceel voor een nietgrondgebonden veehouderij een uitbreiding krijgen tot een maximale oppervlakte van 1,5 ha. Onder voorwaarden kan ook een groter bouwperceel worden toegestaan. De nieuwe schuur overschrijdt de begrenzing van het in het bestemmingsplan aangeduide bouwvlak iets (circa 65 m2), maar op een totaal bouwvlak van circa 20.000 m2 is dat relatief zeer beperkt. Daarmee wordt voldaan aan onderdeel a (“.. uitbreiding is redelijkerwijs niet binnen het bouwperceel te realiseren..”) en b (“.. uitbreiding van het bouwperceel blijft beperkt ..”) van artikel 6.1.3, lid 2 van de Verordening Romte. Daarnaast is de definitie van een bouwperceel in de Verordening Romte ruimer dan die van het bouwvlak in het bestemmingsplan. Het provinciale bouwperceel komt meer overeen met de in het bestemmingsplan aangeduide bedrijfskavel, waarbinnen de uitbreiding wel plaatsvindt. Weidevogelkansgebied De pluimveehouderij ligt binnen een in de Verordening Romte aangewezen weidevogelkansgebied. In principe zijn nieuwe planologische ontwikkelingen met bebouwing, beplanting of verharding die verstorend werken op de openheid en rust niet toegestaan.

Op grond van artikel 7.2.2 van de Verordening Romte voorziet een ruimtelijk plan voor landelijk gebied dat betrekking heeft op gronden die gelegen zijn in of grenzen aan gebieden die op de kaart Weidevogelgebieden zijn aangewezen als weidevogelkansgebieden of weidevogelparels dan ook in een regeling waarmee voldoende openheid en rust van die gebieden wordt gehandhaafd. Onder de kopjes ‘Landschappelijke inpassing’ en ‘Ecologie / Groen’ wordt aangetoond dat aan dit provinciale doel wordt voldaan. De aanvraag is in het kader van het vooroverleg besproken met de provincie Fryslân. Op 14 april 2021 (en aangevuld op 30 april 2021) heeft de provincie geconcludeerd dat meegewerkt kan worden aan het plan (zie bijlage 1). • Gemeentelijk beleid Van de diverse gemeentelijke beleidsthema’s is in het plangebied het welstandsbeleid zoals

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

6

vastgelegd in de Welstandsnota gemeente Leeuwarden 2019 (deel Leeuwarderadeel - Littenseradiel) en het daarin opgenomen Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Littenseradiel relevant. Gelet op de advisering van de welstandscommissie Hûs en Hiem van 23 februari 2021 en de aanpassing van de schuur/technische ruimte conform dat advies, mag worden geconstateerd dat het bouwplan aan redelijke eisen van welstand voldoet. Parkeren/verkeer Er is geen extra verkeer aantrekkende werking naar aanleiding van voorliggend plan. Het plan betreft uitsluitend de realisatie van een tweede bedrijfswoning op locatie. Er is geen aanleiding om te veronderstellen dat hiermee een toename aan verkeersbewegingen plaatsvindt, aangezien de toekomstige bewoners van de tweede bedrijfswoning met voorliggend plan aan huis komen te werken. Het parkeren wordt daarnaast opgelost op het eigen erf. Hier wordt in de huidige situatie reeds in voorzien. Bovendien is op het perceel voldoende ruimte voor eventueel aanvullende parkeergelegenheid beschikbaar. De vervangende nieuwbouw van de schuur/technische ruimte heeft geen gevolgen voor verkeersbewegingen en parkeerbehoefte. Stedenbouw Door de tweede bedrijfswoning op afstand van de bestaande bedrijfswoning te plaatsen en deze tevens iets verder van de weg te plaatsen dan de bestaande bedrijfswoning is het bouwplan stedenbouwkundig akkoord.

De vervangende nieuwbouw van een iets grotere schuur/technische ruimte op dezelfde plek en met dezelfde nokrichting als de huidige schuur en de overige stallen, heeft stedenbouwkundig verder geen gevolgen. Landschappelijke inpassing Er is een landschappelijk inrichtingsplan (zie afbeelding 9 en bijlage 2) opgesteld. Uitgangspunt daarbij is de ligging van de pluimveehouderij in de voormalige Middelsee (dat zich tegenwoordig kenmerkt door een open en grootschalig karakter), de ligging in het weidevogelkansgebied. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan het op zorgvuldige wijze landschappelijk inpassen van de nieuwe schuur/technische ruimte en tweede bedrijfswoning door middel van twee plas-dras locaties, kruidenrijk grasland, opgaande erfbeplanting en ‘plukjes’ lage bosschages en (middel)hoge bomen.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

7

Afbeelding 9: Landschappelijk inrichtingsplan De aanleg en instandhouding van het landschappelijke inrichtingsplan zal als voorwaarde worden opgenomen in de omgevingsvergunning. TOETSING AAN DE OMGEVINGSASPECTEN Milieuzonering Ten behoeve van de milieuzonering rond bedrijven, is door de VNG het systeem ‘Bedrijven en milieuzonering’ ontwikkeld, in de vorm van een bedrijvenlijst waarin de bedrijven zijn gecategoriseerd op hun milieueffecten. Naarmate de milieuhinder toeneemt, loopt de milieuindeling op van 1 t/m 6.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

8

Op het perceel is een niet-grondgebonden agrarisch bedrijf toegestaan. De daaronder vallende pluimveehouderij (fokken en houden van pluimvee; opfokkippen en mestkuikens) valt in milieucategorie 4.1 met een richtafstand van 200 meter voor het aspect geur, 50 meter voor het aspect geluid en 20 meter voor het aspect stof. De dichtstbijzijnde woningen aan de Wielsterdyk bevinden zich op circa 27 meter van de grens van de bedrijfskavel van de pluimveehouderij en op circa 90 meter van de bestaande bedrijfsgebouwen. In de bestaande situatie wordt dan ook niet voldaan aan de richtafstanden van de VNG. De nieuwe schuur/technische ruimte wordt gerealiseerd binnen de begrenzing van de bedrijfskavel en de afstand tot de dichtstbijzijnde woning blijft gelijk. Daarnaast wordt de inrichting zelf niet veranderd. Er zal door de vervangende nieuwbouw van de schuur/technische ruimte dan ook geen sprake zijn van een verslechtering van het woon- en leefklimaat voor deze woningen. De realisatie van de tweede bedrijfswoning levert geen belemmering op voor omliggende bedrijven. Het dichtstbijzijnde bedrijf, het bedrijvencentrum Weidum aan de Wielsterdyk 33, bevindt zich op circa 165 meter afstand en op kortere afstand (direct grenzend aan het bedrijfsperceel) daarvan zijn al woningen aanwezig en toegestaan.

Met een afstand van circa 165 meter tussen het bedrijvencentrum Weidum en de tweede bedrijfswoning wordt ook ruimschoots aan de richtafstand van 30 meter voor het bedrijvencentrum voldaan. Overige bedrijven in de omgeving bevinden zich op minimaal 300 meter afstand van de tweede bedrijfswoning, waarmee ook deze bedrijven ruimschoots aan hun richtafstanden voldoen. Ook bij deze bedrijven zijn op veel kortere afstand woningen aanwezig en toegestaan, waardoor deze bedrijven niet in hun bedrijfsvoering kunnen worden belemmerd door de tweede bedrijfswoning. Geluid • Wegverkeerslawaai In de Wet geluidhinder (Wgh) is vastgesteld dat, indien in het plangebied geluidgevoelige functies (zoals woningen) zijn voorzien binnen de invloedssfeer van wegverkeerslawaai, akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te worden. De schuur/technische ruimte is géén geluidsgevoelig object. De tweede bedrijfswoning is wel een geluidsgevoelig object. De voorgevel van de bedrijfswoning komt op circa 39 meter uit de wegas van de Wielsterdyk te liggen. Op deze weg geldt een maximale snelheid van 60 km/u en de bedrijfswoning ligt dan ook binnen de wettelijke geluidszone van deze weg. Uit bijgevoegde berekening (zie bijlage 3) blijkt dat kan worden voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB voor wegverkeerslawaai. Hierom hoeft geen nader akoestisch onderzoek te worden verricht.

Het planvoornemen wordt niet belemmerd door geluid. • Industrie-, railverkeer- en luchtvaartlawaai Het perceel ligt niet binnen een geluidszone van een industriegebied, een spoorlijn of van vliegbasis Leeuwarden. Luchtkwaliteit De Wet milieubeheer (Wm) voorziet onder meer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Luchtkwaliteitseisen vormen onder de Wm geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkelingen als een van onderstaande situaties van toepassing is: • er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; • een project (al dan niet per saldo) leidt niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; • een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL; • een project draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de luchtverontreiniging. Met betrekking tot het realiseren van één woning en het vervangen van een schuur/technische ruimte geldt dat dit project als ‘niet in betekenende mate’ bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Het aspect luchtkwaliteit vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het project.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

9

Externe veiligheid Externe veiligheid gaat om het beperken van de kans op en het effect van een ernstig ongeval voor de omgeving door: • het gebruik, de opslag en productie van gevaarlijke stoffen (inrichtingen); • het transport van gevaarlijke stoffen (buisleidingen, wegen, waterwegen en spoorwegen); • het gebruik van luchthavens. Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het beperken van de risico’s voor de burger door voornoemde activiteiten. Op ruim 1 kilometer ten noorden en bijna 3 kilometer ten oosten van het plangebied liggen aardgasbuisleidingen. Het plangebied ligt niet binnen de risicocontour en/of het invloedsgebied van deze buisleidingen. Verder bevinden zich geen andere risicobronnen binnen een afstand van 3 kilometer van het plangebied (zie afbeelding 10). Externe veiligheid vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het project.

Afbeelding 10: Risicobronnen nabij plangebied (bron: risicokaart) Archeologie Met het verdrag van Malta en als gevolg daarvan het sinds 2017 in de wet vastgelegde archeologische bestel, is het rijksbeleid erop gericht om het archeologisch erfgoed te behouden in de bodem. In de bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen moet een archeologieparagraaf worden opgenomen. De archeologische (verwachtings)waarde en vindplaatsen moeten in beeld worden gebracht. Voor gebieden met een archeologische verwachtingswaarde geldt een archeologische onderzoeksplicht. Op het perceel geldt op basis van de provinciale FAMKE voor de periode ijzertijd-middeleeuwen een archeologisch onderzoeksadvies, te weten ‘karterend onderzoek 1’. Dit houdt in dat onderzoek wordt aanbevolen wanneer ruimtelijke ingrepen plaatsvinden met een planomvang groter dan 500 m2. Voor de periode steentijd-bronstijd geldt geen archeologisch onderzoeksadvies. In het bestemmingsplan 'Leeuwarden - Partiële herziening Archeologie’ geldt voor beide bouwlocaties de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 5’. Voor deze categorie geldt een onderzoeksplicht bij een ingreep groter dan 2.500 m² en een dieper dan 50 cm. Het voorgenomen project betreft het realiseren van een bedrijfswoning van circa 196 m2 en een toename van het oppervlak van een schuur/technische ruimte met circa 70 m2.

Archeologisch onderzoek is dan ook niet vereist voor dit project. Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

10

Cultuurhistorie en karakteristieke panden Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Het voorstel tot wijziging is een uitvloeisel van de Beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg (MoMo) uit 2009. Bij het opstellen van ruimtelijke plannen moet een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. In het plangebied zijn geen cultuurhistorische waarden aanwezig die geraakt worden door dit project. De bestaande bedrijfsbebouwing betreft geen monument of karakteristiek bouwwerk. Uit de provinciale Cultuurhistorische Kaart blijkt dat op een deel van het perceel van de pluimveehouderij een boerderijplaats ligt. In het bestemmingsplan ‘Partiële herziening Archeologie’ heeft de locatie van de boerderijplaats de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’. Op deze plek zal echter niet worden gebouwd. Bodem Uitgangspunt ten aanzien van de bodemkwaliteit is dat deze bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zodanig goed moet zijn dat er geen risico’s voor de volksgezondheid bestaan bij het gebruik van het plangebied voor wonen of een andere functie. De locatie ligt in een deel van de gemeente Leeuwarden waar de bodemkwaliteit gemiddeld voldoet aan de kwaliteitsklasse ‘landbouw/natuur’.

De bodemkwaliteit is dan ook geschikt voor de bouw van de schuur/technische ruimte. Voor de locatie van de tweede bedrijfswoning is in maart/april 2021 een historisch bodemonderzoek uitgevoerd (zie bijlage 4). Uit het onderzoek blijkt dat de onderzoekslocatie onverdacht is op het voorkomen van noemenswaardige vormen van bodemverontreiniging. Er is dan ook geen noodzaak tot het uitvoeren van een milieuhygiënisch veldonderzoek. De bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de uitvoering van het project. Waterparagraaf In de toelichting op ruimtelijke plannen dient een waterparagraaf te worden opgenomen van de wijze waarop rekening is gehouden met de gevolgen van het project voor de waterhuishoudkundige situatie. In de zogenaamde waterparagraaf dient uiteengezet te worden of en in welke mate het project in kwestie gevolgen heeft voor de waterhuishouding, dat wil zeggen het grondwater en het oppervlaktewater. Het is de schriftelijke weerslag van de zogenaamde watertoets. Op 30 maart 2021 is voor het project een watertoets doorlopen (zie bijlage 5). Op basis van de aangeleverde gegevens is met de digitale watertoets geconstateerd dat met betrekking tot het planvoornemen een ‘korte procedure’ volstaat. Dit betekent dat voorliggend plan een beperkte invloed heeft op wijzigingen in de waterhuishouding en afvalwaterketen.

Mogelijke gevolgen kunnen worden opgevangen door het treffen van gestandaardiseerde maatregelen. Als richtlijn bij het beoordelen van ruimtelijke plannen werkt Wetterskip Fryslân met de Leidraad watertoets. Hierin staan voor alle wateraspecten uitgangspunten omschreven waarmee rekening moet worden gehouden en is informatie raadpleegbaar over te nemen maatregelen. Eventuele wateraspecten en aandachtspunten die specifiek op het plan en planlocatie van toepassing kunnen zijn, zijn benoemd in het wateradvies die in de stukken omtrent de watertoets is opgenomen. Relevant zijn de thema’s ‘toename verharding’, ‘ruimtelijke adaptatie’ en ‘Waterwet’. Kortheidshalve wordt op deze plek naar deze passages verwezen. Door de ruimtelijke ontwikkeling neemt de hoeveelheid verhard oppervlak toe met als gevolg een versnelde afvoer van hemelwater. Het is nodig om deze versnelde afvoer te compenseren om de waterberging in een gebied in stand te houden. De meest voorkomende manier van compenseren is het graven van extra oppervlaktewater. Vrijstelling van de compensatieplicht geldt wanneer de ontwikkeling voorziet in de realisatie van minder dan 200 m2 verhard of bebouwd oppervlak in stedelijk gebied of minder dan 1.500 m2 in landelijk gebied.

Voor deze ontwikkeling geldt géén compensatieplicht, omdat de ruimtelijke ontwikkeling voorziet in de realisatie van minder dan 1.500 m2 verhard of bebouwd oppervlak op onbebouwde grond in landelijk gebied. Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

11

Er bestaan voor het plan verder geen waterhuishoudkundige bezwaren wanneer aan de richtlijnen ten aanzien van deze thema’s wordt voldaan. Ecologie / Groen Met de afwijking dient rekening te worden gehouden met het beleid en de wetgeving ten aanzien van de natuurbescherming. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen gebiedsbescherming en soortenbescherming. Uitgangspunt is dat met beide geen strijdigheid ontstaat. • Gebiedsbescherming Het plangebied maakt geen deel uit van een Natura 2000-gebied dat in het kader van de Wet Natuurbescherming is beschermd. De dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden, De Groote Wielen en De Alde Feanen, liggen op circa 10 km afstand van het plangebied. In het plangebied en directe omgeving ligt geen gebied dat is aangewezen in het kader van Natuur Netwerk Nederland (NNN). Het plangebied maakt geen deel uit van gebieden die van belang zijn voor de Ecologische hoofdstructuur. Gebiedsbescherming is dan ook niet aan de orde. • Soortenbescherming Gelet op de aard en schaal van het planvoornemen (toevoegen van een woning bij het bedrijf en de vervanging van een bestaande schuur/technische ruimte) is ecologisch onderzoek naar soortenbescherming op voorhand niet noodzakelijk. De bestaande schuur bestaat uit plaatmateriaal. Er zijn dan ook geen conflicten te verwachten met met de Wet natuurbescherming zolang de sloop plaats vindt buiten het broedseizoen.

Indien men toch in het broedseizoen wil slopen, dan zal alsnog een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd moeten worden om er zeker van te zijn dat er geen verblijfplaatsen van beschermde soorten aanwezig zijn. De nieuwe locatie van de tweede bedrijfswoning ligt vlak naast een strook met bomen en struiken. Wanneer eventuele werkzaamheden buiten het broedseizoen plaatsvinden zijn er geen conflicten met de Wet natuurbescherming te verwachten. Anders zal alsnog een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd moeten worden. Het gebied rondom het plangebied is wel aangewezen als weidevogelkansgebied. De uitbreiding van de pluimveehouderij blijft gesitueerd binnen het gebied dat in het bestemmingsplan is aangewezen als bedrijfskavel. Bij de landschappelijke inpassing wordt rekening gehouden met de ligging in het weidevogelkansgebied door geen hoge bomen te planten aan de noord-, oost- en zuidzijde van de bebouwing en door de aanleg van twee plas-dras locaties en kruidenrijk grasland. • Stikstofdepositie De realisatie van de tweede bedrijfswoning en de vervangende nieuwbouw van de schuur/ technische ruimte leidt niet tot een wijziging/verslechtering van de stikstofdepositie zoals die al bij recht is toegestaan. De dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden betreffen De Alde Feanen en De Groote Wielen.

Deze gebieden liggen op circa 10 km respectievelijk ten zuidoosten en noordoosten van het plangebied. Het project heeft dan ook geen significante gevolgen voor de stikstofdepositie op De Groote Wielen en De Alde Feanen. • Monumentale- en waardevolle bomen In december 2019 zijn de “Nadere regels bomen en compensatie groen” vastgesteld. Door het vaststellen van de “Lijst monumentale en waardevolle bomen” zijn de ongeveer 1.400 monumentale en waardevolle bomen beschermd en er geldt een aparte “kapvergunning-procedure” voor. Op of nabij het perceel Wielsterdyk 2 bevinden zich geen monumentale en/of waardevolle bomen. Kabels en leidingen Planologisch relevante kabels en leidingen komen in of nabij het plangebied niet voor.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

12

Straalpaden / Vliegbasis Leeuwarden Vanwege Vliegbasis Leeuwarden is in het bestemmingsplan ‘Bûtengebiet’ een vrijwaringszone opgenomen vanwege radarverstoring. Ter plaatse van de Wielsterdyk 2 in Weidum geldt daarbij een maximum bouwbeperking tot 65 meter hoogte. De bouwhoogten van de tweede bedrijfswoning en de nieuwe schuur/technische ruimte blijven daar met respectievelijk 7,90 meter en 8,18 meter ver onder. De vrijwaringszones vormen dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het project. Plan-Mer / Mer-beoordelingsplicht Voor activiteiten op de C-lijst van het Besluit M.e.r. geldt dat het maken van een milieueffectrapportage verplicht is. Voor activiteiten op de D-lijst onder de drempelwaarde geldt dat een zogenaamde “vormvrije m.e.r.-beoordeling” moet worden doorlopen. Op grond van art. 5 van het Besluit milieueffectrapportage moet worden onderzocht of de activiteit (naar verwachting) leidt tot belangrijke negatieve milieueffecten, die tot het doorlopen van een (formele) m.e.r.beoordeling dan wel m.e.r.-procedure noodzaken. In respectievelijk onderdeel 14 van de C-lijst en onderdeel 14 van de D-lijst is de oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie voor het fokken, mesten of houden van pluimvee of varkens opgenomen.

Weliswaar wordt een tweede bedrijfswoning gerealiseerd en een schuur (niet zijnde een stal) vervangen bij de bestaande pluimveehouderij, maar de installatie en het aantal dieren wordt niet gewijzigd of uitgebreid. Een milieueffectrapportage of vormvrije mer beoordeling is dan ook niet vereist. Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een onderbouwing op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de “ladder voor duurzame verstedelijking”. De “stappen van de ladder” worden in artikel 3.1.6, lid 2 Bro als volgt omschreven: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Op grond van artikel 5.20 Bor is artikel 3.1.6 Bro eveneens van toepassing voor een omgevingsvergunning die wordt verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°van de Wabo.

Uit jurisprudentie blijkt dat niet iedere ontwikkeling als een nieuwe stedelijke ontwikkeling valt te kwalificeren. Of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. De vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte (met een beperkte toename van het oppervlak) bij een bestaand pluimveebedrijf is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling. Ook de bouw van de tweede bedrijfswoning is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling. Uit jurisprudentie blijkt dat er pas bij een toename van 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Daarnaast is de tweede bedrijfswoning planologisch al toegestaan, waardoor er geen sprake is van een toename van woningen. De conclusie is dan ook dat voor dit project de zogenaamde ladder niet doorlopen hoeft te worden. UITVOERBAARHEID Maatschappelijke uitvoerbaarheid De aanvraag omgevingsvergunning doorloopt de in de Wabo voorgeschreven procedure. De aanvraag, het ontwerpbesluit omgevingsvergunning en de ontwerp verklaring van geen bedenkingen hebben vanaf 29 juli 2021 zes weken ter inzage gelegen voor zienswijzen. Naast publicatie in het Gemeenteblad en Huis aan Huis Leeuwarden, zijn direct omwonenden over de ter inzagelegging schriftelijk geïnformeerd. Tijdens deze periode is één zienswijze ingediend en is één (positieve) reactie ontvangen.

In de als bijlage 6 bijgevoegde ‘Reactie- en antwoordnota zienswijzen’ wordt Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

13

hierop ingegaan. De ingediende zienswijze vormt geen aanleiding om goedkeuring aan het plan te onthouden. Wel is naar aanleiding van de zienswijze een aangepast landschappelijk inrichtingsplan opgesteld en is de plancontour van de omgevingsvergunning aangepast aan het landschappelijk inrichtingsplan. Tegen de omgevingsvergunning is beroep mogelijk bij de rechtbank en hoger beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Economische uitvoerbaarheid De kosten worden gedekt uit de leges en door het sluiten van een overeenkomst ambtelijke kosten. De eventuele planschade wordt betaald door de initiatiefnemer. Voorts wordt het project volledig gefinancierd door de initiatiefnemer en er is geen aanleiding om te veronderstellen dat deze niet over voldoende financiële middelen beschikt om dit project te realiseren. Conclusie Het te realiseren project past goed in de ruimtelijke structuur van de omgeving en past in het ruimtelijk beleid van de gemeente Leeuwarden. Nu er ook voor het overige geen redenen zijn waarom niet kan worden meegewerkt is de afwijking van het bestemmingsplan aanvaardbaar. Om deze redenen kan worden meegewerkt aan dit verzoek door af te wijken van het geldende bestemmingsplan.

Ruimtelijke onderbouwing voor de bouw van een tweede bedrijfswoning en vervangende nieuwbouw van een schuur/technische ruimte op het perceel Wielsterdyk 2 te Weidum definitief d.d. 02-11-2021

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=f21aa505-5deb-4a56-976e-88783940f7fc