Notitie Kaderstelling Fondsen Programmabegroting 2023 (1)
Tekst van het document
Notitie Kaderstelling Fondsen Programmabegroting 2023 Kenmerk: 2023-066052 1. Inleiding In de Programmabegroting 2023 zijn conform het coalitieakkoord de volgende drie fondsen opgenomen: 1. klimaat, energie en biodiversiteit (€ 10 miljoen); 2. maatschappelijke vernieuwing, inclusief preventie, sport en cultuur (€ 15 miljoen); 3. strategische ontwikkeling, inclusief innovatie, stedelijke vernieuwing en mobiliteit (€ 15 miljoen). De drie fondsen richten zich onder meer op grote maatschappelijke transities. 2. Vertrekpunt Deze transities gelden als vertrekpunt voor de aanwending van de fondsen voor de komende jaren. Het coalitieakkoord en de Samenwerkingsagenda provincie Fryslân en gemeente Leeuwarden bevatten daartoe diverse (samenhangende) programma’s die tot concrete investeringsvoorstellen uitgewerkt kunnen worden. -
De in het coalitieakkoord opgenomen programma’s: o Volhoudbaar o Leeuwarden Oost o Spoorzone o Binnenstad inclusief de integrale aanpak van de samenhangende beleidsvelden Onderwijs, Economie en Arbeidsmarkt.
-
De zes zogenoemde icoonprojecten uit de Samenwerkingsagenda: o Spoorzone o Kennisinfrastructuur o Culturele infrastructuur/Arcadia o Digitalisering o Greidhoeke plus o Leeuwarden Oost
3. Inhoudelijke afweging Inhoudelijk filter ‘kompas’ Het inhoudelijke filter is in de vorm van een cirkeldiagram (kompas) opgesteld.
Blad 2
Het is van belang dat een eventueel investeringsvoorstel een daadwerkelijke bijdrage levert aan een of meerdere onderdelen in dit kompas. Dit kompas is onderverdeeld in lijn met de uitgangspunten van het coalitieakkoord en ambities en ontwikkelprincipes in de door de raad vastgestelde Omgevingsvisie en gevuld met thema’s die voor de gemeente van belang zijn. Indien van toepassing zal in een investeringsvoorstel ook aangegeven moeten worden in hoeverre er draagvlak is voor het betreffende voorstel bij stakeholders en/of andere externe partijen. Naast het kompas geldt een extra criterium bij de beoordeling van een investeringsvoorstel door middel van het zogenaamde transitiepotentie model. Een model waarmee de veranderkracht van een investeringsvoorstel ‘bepaald’ kan worden.
Blad 3
Met dit model kan een investeringsvoorstel beoordeeld worden vanuit een aantal gezichtspunten: doelen (grensverleggend), functies (katalyserend, resultaatgericht, mobiliseren en iconisch) en de succesfactoren (opportuun). Samengevat: - Grensverleggend: radicaal anders dan huidige gang van zaken; - Katalyserend: zet nadrukkelijk beweging in gang; - Resultaatgericht: levert efficiënte en effectieve resultaten; - Mobiliserend: nodigt uit om deel te nemen; - Iconisch: Is spraakmakend en brengt nieuwe manier van denken op gang; - Opportuun: is realiseerbaar qua momentum, financiën en eigenaarschap. 4. Financieel filter In aanvulling op het inhoudelijke afwegingskader gelden de volgende financiële ‘voorwaarden’ en/of ‘spelregels’: a. De fondsen zijn primair bestemd voor: • Dekking van investeringen. Onder investering moet worden verstaan het inzetten van geld en menskracht om beleidsdoelen te realiseren waarvan het economische en/of maatschappelijke nut zich over meerdere jaren uitstrekt. Een investering leidt tot een eenmalige onttrekking. Structurele exploitatie- en beheerlasten die gepaard gaan met de investering horen niet tot de reikwijdte van een fonds maar dienen wel in het voorstel in de calculatie en dekking van het totale project meegenomen te worden.
• Resultaatfinanciering: bijdragen aan en/of van derden (subsidies/cofinanciering) of samenwerkingsverbanden die een beoogd resultaat gaan realiseren passend in het inhoudelijke afwegingskader.
Blad 4
•
Experimenten gericht op beleidsinnovatie en systeemdoorbraken passend binnen het inhoudelijk afwegingskader.
b. De in te zetten middelen moeten over een aantoonbare directe relatie beschikken met de te bereiken output (beperking aandeel overhead). c. De fondsen zijn bedoeld voor substantiële investeringen, met rendement (multiplier of doorwerkingseffect; ‘met een visje een snoek vangen’) als belangrijk criterium. d. De fondsen worden niet ingezet voor (toekomstige) dekkingsopgaven voortvloeiende uit de reguliere taakuitvoering van de gemeente die ongewijzigd worden voortgezet. Deze opgaven dienen ingebed te worden in het reguliere begrotingsproces. e. Aangaan van een financiële verplichting in deze bestuursperiode. Een gefaseerde inzet van de beschikbare middelen over de gehele bestuursperiode is gewenst. De beoogde tussentijdse evaluatie scheidt een eerste en een tweede tranche, met een onttrekking per tranche in de orde van grootte van ongeveer 50%. f.
Het is in beginsel mogelijk dat een investeringsvoorstel gehonoreerd wordt uit meerdere fondsen.