M E M O over terrassen tbv agenda-initiatief.docx
Tekst van het document
MEMO Aan:
Griffie
Van:
JVZ
Datum:
6 december 2021
Onderwerp:
Informatie over terrassen
Aanleiding VVD en D66 hebben een agenda-initiatief ingediend met betrekking tot modernisering van het terrassenbeleid. De afgelopen periode zijn vanwege Covid enkele incidentele en tijdelijke aanpassingen gedaan op het terrassenbeleid, waaronder tijdelijke uitbreiding van de terrassen vanwege de 1,5 meter maatregel en (gedeeltelijke) kwijtschelding van precario. De wens is om te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om het terrassenbeleid structureel aan te passen. Dit om daarmee meer duidelijkheid en zekerheid te kunnen bieden aan ondernemers. Naar aanleiding van dit agenda-initiatief is er contact geweest tussen de vakafdeling en de griffie. Het bleek wenselijk om ten behoeve van de behandeling van het agenda-initiatief alvast algemene inhoudelijke informatie over het onderwerp te delen. Dit betreft informatie over het huidige beleid en aandachtspunten bij het onderzoek naar mogelijkheden tot structurele aanpassingen. Doel hiervan is om relevante elementen tijdig te kunnen betrekken bij het onderzoek. In dit memo wordt informatie gegeven over de volgende onderdelen: - Grondslag en huidig beleid - Precario en leges - Tijdelijke terrassenregeling - Overige belanghebbende partijen Grondslag en huidig beleid De grondslag voor het terrassenbeleid is te vinden in artikel 2:34b APV.
Hierin wordt aan de burgemeester de bevoegdheid gegeven om het exploiteren van terrassen middels een vergunningenstelsel te regelen. Een aanvraag voor een terras wordt getoetst aan de bepalingen in de APV en aan het Horecabeleid. Zie de bijlage voor deze bepalingen. Deze bepalingen zien onder andere op de inrichting van het terras, de toegestane grootte, de openingstijden en algemene regels met betrekking tot openbare orde, verkeersveiligheid en bruikbaarheid van de weg (bijvoorbeeld voor hulpdiensten, voetgangers en minder validen). Precario en leges Voor de behandeling van een aanvraag terrasvergunning worden leges in rekening gebracht. De hoogte hiervan is € 377,02 voor een nieuw terras en voor een wijziging € 282,74.
Blad 2
Daarnaast betaalt men voor gebruik van gemeentegrond precario. Binnen drukke gebieden, zoals de binnenstad, betaalt men € 38,45 per m2 en voor rustige gebieden buitenuit betaalt men € 10,53 per m2. De precario voor de terrassen in de gemeente levert 150.000 euro per jaar op. Daarbij is het goed te weten dat voor meer activiteiten precario wordt geheven: voor alle activiteiten boven, op of onder openbare gemeentegrond waarvoor een vergunning nodig is. Bijvoorbeeld voor aanlegsteigers, luifels, balkons, marktkramen, reclameborden en evenementen. Wanneer een groep uitgezonderd zou worden van (gehele of gedeeltelijke) betaling van precario, handelt de gemeente mogelijk in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Tijdelijke terrassenregeling In verband met de veilige afstand van 1,5 meter kunnen en konden horecaondernemers op hun bestaande terras minder klanten kwijt. Daarom is besloten de ondernemers hierin tegemoet te komen en tijdelijk grotere terrassen toe te staan in strijd met het reguliere beleid. Dit was mede mogelijk omdat andere gebruikers van de openbare ruimte helemaal niets mochten (evenementen) of slechts beperkt (markt). Er werd door andere partijen dus minder een beroep gedaan op gebruik van de openbare ruimte. Om die reden was de ruimte makkelijker beschikbaar voor tijdelijke uitbreiding van de terrassen. Zo kon de horeca toch hetzelfde aantal klanten bedienen.
Voor de toestemming hiervoor zijn geen leges in rekening gebracht en ook is er geen precario geheven voor de gemeentegrond die tijdelijk als terras in gebruik was. Dit omdat er geen vergunningsplicht was voor de tijdelijke uitbreiding. Daarnaast is over het jaar 2020 besloten om voor de bestaande vergunde terrassen de precario te halveren. De verordening biedt ruimte om dit te doen in uitzonderlijke omstandigheden, zoals de covidsituatie. De tijdelijke terrassen mogen nog een gedeelte van 2022 opgezet worden om de zware tijd die de horeca heeft doorgemaakt en nog doormaakt, enigszins te compenseren. Wel is de verwachting dat andere gebruikers van de openbare ruimte in de komende periode weer meer actief zullen zijn. Daarmee zullen ook hun belangen weer meer onderdeel worden van afwegingen over het gebruik van de beperkte openbare ruimte. Overige belanghebbende partijen In algemene zin kan gesteld worden dat het terrassenbeleid ruim is. Terrassen mogen bijvoorbeeld al gedurende het gehele jaar geopend zijn. De omvang van de terrassen wordt vooral beperkt door het gebruik van de openbare ruimte door anderen.
Denk hierbij onder andere aan: - Hulpdiensten: doorgang voor en aanrijtijden van brandweer, politie en ambulance - Vervoerders: OV-bussen, taxidiensten, Wmo-taxi - Minder validen: toegankelijkheid van straten, stoepen en panden - Omwonenden - De markt - Verkeer - Evenementen - andere ondernemers, niet zijnde horeca-ondernemers
Blad 3
Bijlage 1: bepalingen opgenomen in het Horecabeleid De burgemeester heeft op grond van artikel 2:34b APV beleid geformuleerd, waarmee inhoud is gegeven aan de discretionaire bevoegdheid. Dit beleid is opgenomen in het Horecabeleid Leeuwarden. Het beleid houdt het volgende in: 3.3 Terrassen Het terrasbeleid ziet alleen op terrassen in de buitenruimte. Indien het gaat om een overdekt en dicht (serre) terras is de Woningwet/Wabo van toepassing. Ten aanzien van dit soort terras is de bouwregelgeving helder, zodat daarop hier niet wordt ingegaan. De terrasvergunning wordt voor onbepaalde tijd verleend. Daarnaast is een terras een lokaliteit in de zin van de Drank- en Horecawet. Een aanvraag voor inrichting van een terras of een uitbreiding van een terras wordt getoetst op grond van openbare orde, verkeersveiligheid en de bruikbaarheid van de weg aan de APV en de nadere regels. Daarnaast is de Welstandsnota en de Wabo van toepassing i.v.m. bouwwerken op het terras zoals terrasschermen, terrasoverkapping en terrasmeubilair. Voor dit soort bouwwerken dient dus apart een omgevingsvergunning aangevraagd te worden. De sluitingstijden voor de terrassen zijn opgenomen in de APV. Afhankelijk van waar het bedrijf is gevestigd gelden openingstijden van 08.00 uur tot 24.00 uur of 01.00 uur.
In de horecagebieden geldt daarnaast dat in de maanden juni, juli, augustus en september het toegestaan is het terras in de nachten van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag tot 02:00 uur geopend te hebben. Voor terrassen worden de volgende regels vastgesteld: Terrasschermen, parasols, terrasmeubilair - Indien terrasschermen worden geplaatst, dient er zicht te zijn op wat er op het terras plaats vindt. Geen afgesloten ruimte. - Bevestiging in het straatwerk dient verwijdering van de terrasschermen mogelijk te maken, zonder boven het straatwerk uitstekende bevestigingselementen. - Te plaatsen parasols dienen van een solide uitvoering te zijn en moeten op de juiste wijze in het straatwerk worden bevestigd; - De parasol mag niet groter zijn dan het terras; - De plaatsing van bevestigingspunten voor de parasol in het straatwerk geschiedt pas na overleg met en door de gemeente. - Buiten de exploitatie-uren dient het terrasmeubilair inpandig te worden opgeslagen. Wanneer zulks niet mogelijk is, dient de exploitant nadere afspraken te maken met de gemeente; - Stoelen en tafels, die buiten de inrichting en tegen de gevel van die inrichting worden opgeslagen, moeten vervaardigd zijn van brandvertragend materiaal (klasse 2). Dit voorschrift houdt verband met de brandveiligheid van opslag van materialen.
Algemene regels: - De exploitanten mogen het hele jaar een terras opstellen; - Bij coffeeshops zijn terrassen niet toegestaan; - Bij ondergeschikte horeca (kleinschalige horeca binnen een andere bestemming) zijn terrassen die toegankelijk zijn zonder de inrichting te hoeven betreden, of terrassen die vanaf een openbare plaats zichtbaar zijn, niet toegestaan; - Bij winkels, niet hebbende ondergeschikte horeca, is het plaatsen van één bankje voor de gevel van de winkel toegestaan, indien ook het plaatsen van een uitstalling daar toegestaan is. Voor het plaatsen van een bankje is een vergunning Gebruik Openbare Grond vereist. - Bij de vorming van een terras dient rekening gehouden te worden met de bereikbaarheid van de panden. Andere functies, zoals winkels, wonen of het verkeer, mogen niet een negatief effect ondervinden van de terrassen ter plaatse, zoals in het verleden wel is gebeurd. Het beleid is daarom als volgt: - Terrassen tegen de gevel van de horeca-inrichting mogen niet breder zijn dan de gevel;
Blad 4
- Voor voetgangers dient er een ruimte over te blijven van minimaal 1,50 meter op het trottoir, of, indien het terras zich bevindt in een autovrij gebied, op de weg; - Er moet voor de hulpdiensten 3,5 meter weg overblijven bij het plaatsen van een terras (uitzondering is het winkelgebied dit is 4 meter). Daarnaast moet de doorgangshoogte minimaal 4,2 meter zijn; - In straten waar het trottoir smal is en het trottoir over het algemeen niet door voetgangers gebruikt wordt, omdat het trottoir onderbroken wordt door stoepjes, hekjes en kelderingangen, is een gevelterras toegestaan, indien op dat stuk trottoir ook het plaatsen van een uitstalling is toegestaan en het gevelterras niet verder dan 1 meter uit de gevel staat; - Een losstaand terras mag niet verder van de horeca-inrichting (dichtstbijzijnde muur pand) liggen dan 20 meter (rand van het begin van het terras); - Terrassen op een plein of een verbreding in de straat worden gesitueerd overeenkomstig een door de wegbeheerder op te maken terrassenplan. Dit terrassenplan maakt onderdeel uit van de vergunning van de desbetreffende horecainrichting. Bij het maken van het terrassenplan worden de in het voorgaande genoemde afstanden in acht genomen; - De trottoirs van de Nieuwestad z.z.
en de Wirdumerdijk dienen gevrijwaard te blijven van terrassen, gelet op de winkelfunctie aldaar, de bruikbaarheid van de weg en de verkeersveiligheid; - Het plaatsen van verwarmingsapparaten op terrassen is toegestaan; - Er worden geen extra terrassen of vergroting van bestaande terrassen toegestaan tijdens feestdagen of evenementen, tenzij een tijdelijke uitbreiding van het terras binnen het evenemententerrein ligt. In verband met de drukte op dergelijke dagen en de daarmee gepaard gaande verdeelde inzet van toezichthouders was deze regel de laatste jaren al praktijk. - Het uitgiftepunt van de tap op het terras moet gericht zijn naar het eigen terras, behalve als het terras onderdeel is van het evenemententerrein; - Er mogen maximaal twee sandwichborden met reclame-uitingen voor betreffende horeca op een terras worden geplaatst binnen de terrasgrenzen van de terrasvergunning. De exploitant hoeft voor de sandwichborden geen vergunning aan te vragen deregulering); - Als het gedeelte van de openbare weg, waar het terras is opgericht, betrokken is bij een evenement, moet het meubilair tijdelijk worden verwijderd; - Tevens geldt de terrasvergunning niet indien aan de weg onderhoud moet worden gepleegd, de weg moet worden vernieuwd of heringericht. Een deel van het terrassenbeleid is opgenomen in de welstandsnota.
Hieronder is volledigheidshalve het artikel 2:34b APV weergegeven. Artikel 2:34b Terrasvergunning horecabedrijf 1. Het is verboden bij een horecabedrijf een terras te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2. Indien de vergunningaanvraag mede betrekking heeft op één of meer bij het horecabedrijf behorende terrassen op de weg, beslist de burgemeester over de ingebruikneming van die weg ten behoeven van het terras. De burgemeester kan over de uitoefening van deze bevoegdheid nadere regels vaststellen. 3. Het verbod in het eerste lid geldt niet indien het terras zich geheel op eigen grond bevindt en onderdeel is van een horecabedrijf waar geen alcohol geschonken wordt. 4. Onverminderd het gestelde in artikel 1.8 kan de burgemeester de in het tweede lid bedoelde ingebruikneming van de weg weigeren: a. indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan; b. indien dat gebruik een belemmering kan worden voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg. c. in het belang van voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak; d. ingeval van strijd met de op grond van lid 2 vastgestelde nadere regels
Blad 5
5. Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken of het Provinciaal wegenreglement.