CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

LOF Concessie aanvraag - juni 2021.pdf

Besluitvorming (raad) 26 januari 2022, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Concessieverlenging Leeuwarder Ondernemersfonds 20219.470 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2022 CONCESSIEVERLENGING

‘Er moet

gedurfd

worden!’

VOORWOORD Het LOF, opgericht in 2009, is nu bijna 12 jaar operationeel. Het is verantwoordelijk voor de opbrengst van de opslag op het OZB-tarief, categorie “niet woning” van de gemeente Leeuwarden. Samen met de betrokken ondernemers en ondernemersverenigingen werkt zij aan de volgende doelstellingen: • Het stimuleren van een sterk economisch klimaat gericht op realisatie van duurzame continuïteit en het bevorderen van werkgelegenheid (talentontwikkeling). • Het bijdragen aan ontwikkeling en het bevorderen van een aantrekkelijk woon-, werken leef- klimaat binnen de gemeente Leeuwarden. • Het mede-ontwikkelen en aansluiten bij de Legacy van LF2018 (LF2028). Voor u ligt het verzoek om concessieverlenging met ingang van 1 januari 2022 van het Leeuwarder OndernemersFonds (LOF). Geopend wordt met de aanleiding van het verzoek, gevolgd door een beschrijving van de essentie van het fonds en de ambities van het LOF. Daarbij wordt ingegaan op hoe het fonds zich in een veranderende omgeving denkt te kunnen door ontwikkelen en op de samenwerking binnen het georganiseerd bedrijfsleven in de gemeente Leeuwarden en de rol van het LOF daarbij. Vervolgens wordt teruggekeken de afgelopen periode 2016 – 2020 en de aandachtspunten die daaruit voorvloeien. In 2011 heeft uitgebreide evaluatie plaatsgevonden.

Aan het eind van de eerste verlengingstermijn van vijf jaar, die op 31 december 2016 afliep, is met beknopte evaluatie teruggekeken op het functioneren van het LOF. Jaarlijks is in de vorm van jaarverslagen door het bestuur verslag gedaan en verantwoording afgelegd. Het verzoek wordt afgerond met “hoe nu verder”: de concessieverlenging van het LOF, met ingang van 1 januari 2022.

Leeuwarden, 4 juni 2021

2

Inhoudsopgave: Voorwoord

2

1.

Aanleiding

4

2.

Essentie van het LOF

5

3.

Ontwikkeling van het LOF

7

4.

Ambities

10

4.1.

Ambities van het LOF

10

4.2.

Ambities van ondernemend gemeente Leeuwarden

11

5.

Terugblik op de periode 2016-2020

13

5.1.

Toegekende trekkingsrechten 2016-2020

13

5.2.

Bestedingen

13

5.3.

Resultaten

14

5.4.

Vergelijking met andere fondsen

15

5.5.

Lessen en verbeterpunten

15

6.

Hoe verder: Concessieverlenging 2022

20

7.

Bijlagen: 1. Achtergrondinformatie over het LOF

20

2. De Legacy 2018: Morgen is te laat

24

3. Presentatie 5 pijlers/criteria Gemeentebrede Budget

24

4. Vragenformulier

24

5. Lijst respondenten vragenlijst

24

6. Opbrengsten vragenformulier

26

3

1. Aanleiding. Het was de raad van de gemeente Leeuwarden die in 2008, op verzoek van het georganiseerd bedrijfsleven, besloot een opslag van 5,5 % te heffen op de Onroerend Zaakbelasting, categorie niet-woningen. Dat maakte de weg vrij om het Leeuwarder OndernemersFonds (LOF) op te richten. In 2009 werd in een convenant met de gemeente Leeuwarden vastgelegd dat de werkwijze en werking van het fonds aan het eind van een proefperiode van drie jaar zou worden geëvalueerd. Het toenmalige bestuur heeft in 2011 aan Bureau Beleidsonderzoek (BBO) de opdracht verstrekt tot het uitvoeren van een evaluatie. De uitkomst daarvan was overwegend positief en heeft ertoe geleid dat de gemeenteraad de concessieperiode van het LOF met 5 jaar verlengde tot en met 31 december 2016. Aan het eind van de eerste verlengingstermijn van vijf jaar, die op 31 december 2016 afliep, werd met een beknopte evaluatie teruggekeken op het functioneren van het LOF in de periode 2011-2016. De uitkomsten waren dusdanig positief dat de gemeenteraad unaniem besloot in te stemmen met een tweede concessietermijn voor het LOF, van 2016-2021. Deze tweede termijn loopt eind dit jaar ten einde en daarom moet besloten worden over een nieuwe concessie.

4

2. Essentie van het LOF De essentie van een ondernemersfonds is dat het van ondernemers is, voor ondernemers is en dat het door ondernemers wordt gerund. Het woord ondernemers moet in de context van het fonds breed worden gelezen. Ook de agrarische sector en non-profit instellingen (scholen, medische voorzieningen, sport en cultuurinstellingen) dragen bij aan het fonds en hebben trekkingsrechten. Het LOF wordt elk jaar gevoed met een opslag van 5,5 % op de Onroerend Zaakbelasting, categorie niet-woningen. De opslag komt voor eigenaars en gebruikers gezamenlijk in 2020 neer op circa 44 euro per 100.000 euro OZB-waarde. Dit levert in 2021 een bedrag van circa 1.000.298 euro’s op dat afkomstig is van ondernemers. Dit bedrag wordt door de gemeente geïncasseerd en (op 1 april) in één keer als subsidiebedrag overgemaakt naar het fonds. Met deze bijdrage worden collectieve ondernemers- activiteiten gefinancierd. Belangrijk doel van het LOF is het versterken van het woon-, leef- en werkklimaat in de gemeente Leeuwarden. Het bedrag is dus bestemd voor ondernemers. Voorbeelden van bestedingen uit het fonds staan vermeld op www.leeuwarderondernemersfonds.nl en in de jaarverslagen. Het LOF is een stichting met een eigen bestuur. De bestuursleden vormen een afspiegeling van alle deelnemende verenigingen. Het wordt gerund door ondernemers, i.c.

vertegenwoordigers van de deelnemende verenigingen. Het LOF is zo opgezet dat per postcodegebied in de gemeente Leeuwarden een budget beschikbaar is waarop door een vereniging trekkingsrecht kan worden uitgeoefend. Een trekkingsrecht is het budget dat naar rato van de bijdrage van een gebied, aan de betreffende vereniging kan worden toegekend. Het LOF kent 35 trekkingsgerechtigden die met eigen plannen/aanvragen hun eigen beschikbare budget kunnen besteden. Inhoudelijke beslissingen over de plannen zijn aan de trekkingsgerechtigden zelf. Het bestuur van het LOF past slechts een marginale toetsing toe en beoordeelt de ingediende voorstellen op een beperkt aantal criteria. Zo moeten aanvragen voor het LOF voldoen aan een aantal, voornamelijk procedurele criteria. De aanvraag moet namens een collectief van ondernemers worden gedaan (bij voorkeur een formeel opgerichte vereniging), dient een collectief doel, vindt plaats binnen de gemeente Leeuwarden en past binnen de beschikbare trekkingsrechten. Het gaat dan om 75 % van het totaal geïncasseerde jaarbedrag. In 2021 komt er in totaal een bedrag van 1.000.298 euro binnen. Daarvan is 15 % bestemd voor de zogenaamde gemeentebrede (voorheen ‘bovenstedelijke’ genoemde) activiteiten en 10 % voor de beheerskosten van het fonds. Het overgrote deel, t.w. 75%, is direct beschikbaar voor de 35 trekkingsgerechtigden.

In 2021 is dat een bedrag van 750.000 euro’s.

5

Bij aanvragen voor een bijdrage uit het budget voor gemeentebrede activiteiten heeft het bestuur van het LOF wel een beslissende stem. Een bijdrage uit dit budget is bedoeld voor activiteiten die de gemeente Leeuwarden, zowel in Fryslân als de rest van Nederland, op de kaart zetten. Het zijn veelal externe aanvragers die een beroep doen op dit budget, zoals Brave New World voor het organiseren van het theaterspektakelstuk Fuerza Bruta (2019), het Fries Straat Festival (2019) en het project Froulju yn Fryslân (2017). Maar ook kleinschalige evenementen worden gehonoreerd, zoals voor Wartenster Wetterwille (2018), het jubileum van Doarpsbelang Reduzum (2019) en centrumactiviteiten in Stiens (2019). Met alle 35 trekkingsgerechtigden is afgesproken dat hiervoor jaarlijks 15 % van het totaal geïncasseerde bedrag voor beschikbaar wordt gesteld. In 2021 komt dat neer op een bedrag van 150.000 euro’s. Bij de toekenning van dat bedrag wordt het bestuur vooraf geadviseerd door de Raad van Advies. In de adviesraad zitten vertegenwoordigers van de trekkingsgerechtigden die gebruik maken van het LOF. De raad heeft een onafhankelijk voorzitter. Voor het beheer c.a. van het fonds wordt 10 % van het geïncasseerde jaarbedrag gereserveerd. Hieruit wordt onder meer de fondsmanager betaald die, voor 24 uur per week, in dienst is van het LOF.

De taken van de fondsmanager bestaan uit het verzorgen van de administratie, het ondersteunen de trekkingsgerechtigden bij het indienen van plannen en aanvragen, het verlenen van service en het verstrekken van informatie. De fondsmanager vervult ook een belangrijke rol bij het stimuleren van samenwerking tussen de verenigingen. Een van de uitgangspunten van een ondernemersfonds is dat er zo weinig mogelijk regels zijn. De opslag op de WOZ is een eenvoudig systeem. Het leidt niet tot extra administratieve lasten, omdat het meeloopt in de al bestaande OZB-heffing. Om het systeem eenvoudig te houden is gekozen voor een centrale kas en niet voor budgetten die door de verenigingen zelf worden beheerd. Aangezien door verenigingen geld wordt aangevraagd moet transparantie en de democratische verantwoording gewaarborgd zijn. Immers, de verenigingen moeten ‘accountable’ zijn en een bestuur hebben dat verantwoording aflegt aan haar leden. Het LOF-bestuur legt op haar beurt verantwoording af aan de verenigingen, onder meer via de Raad van Advies. Tevens worden de boeken van het LOF jaarlijks door een accountant gecontroleerd en wordt een jaarverslag opgesteld dat aan het gemeentebestuur wordt aangeboden. De gemeente staat op afstand van het LOF.

Bij de oprichting in 2009 is overeengekomen dat, wat landelijk ook wel het ‘gentlemen’s agreement’ wordt genoemd, de opslag van 5,5 % niet geldt voor gemeentelijke gebouwen, i.c. gebouwen die in eigendom zijn van de gemeente. Dit heeft te maken met het min of meer principiële argument dat als de gemeente mee zou betalen het ook over de door haar opgebrachte middelen zou mogen beschikken of in elk geval een soort van beslissingsrecht zou moeten hebben. Immers, wie betaalt, die bepaalt. Dat zou evenwel niet passen bij het uitgangspunt dat het LOF van, voor en door ondernemers is.

6

Om die reden houdt gemeente zich ‘op afstand’ en is zij niet vertegenwoordigd in het bestuur of in de Raad van Advies. De gemeente heeft enkel de incassofunctie, dat wil zeggen dat het verantwoordelijk is voor de inning van de opslag op de OZB. In de samenwerkings­ overeenkomst (convenant), die op 25 augustus 2009 is getekend tussen gemeente en stichting, zijn de wederzijdse taken en verantwoordelijkheden vastgelegd.

7

3. Ontwikkeling van het LOF. Het fenomeen ondernemersfonds is in 2005 ontstaan in Leiden. Aanleiding was dat onder­ nemersverenigingen in toenemende mate te kampen kregen met zogenaamde free-riders in winkelgebieden en op bedrijventerreinen, dat vrijwillige bijdragen voor activiteiten terug­ liepen en dat de door een afnemend ledental de organisatiegraad onder druk kwam te staan. Daarnaast was een ontwikkeling gaande waarbij het bedrijfsleven zich maatschappelijk verantwoordelijk begon te voelen en in sommige gevallen het initiatief naar zich toe trok. Passend bij de verschuiving van publiek naar privaat. Met het fonds werd het mogelijk om via een vorm van ‘gedwongen solidariteit’ middelen te vergaren die voor een gemeenschappelijk doel konden worden ingezet. In oorsprong ging het bij ondernemersfondsen veelal om het financieren van activiteiten en praktische voorzieningen, veelal gericht op de korte termijn. De zogenaamde ‘eerste generatiebestedingen”. Voorbeelden daarvan zijn het aanbrengen van sfeerverlichting, de intocht van Sinterklaas en eenmalige evenementen. Om die redenen is het LOF in 2009 opgericht. Het was daarmee het eerste OZB-fonds in de provincie Fryslân. In de eerste jaren lag de nadruk vooral op de trekkingsrechtensystematiek. Het geld zou een-op-een beschikbaar komen voor de gebieden of sectoren waar het werd opgebracht.

Die strakke aanpak was nodig om het vertrouwen te winnen voor dit gloednieuwe vehikel. Uit vragen aan de leden van de Raad van Advies is gebleken het huidige draagvlak onverminderd groot en is het LOF voor velen niet meer weg te denken. Om de gemeente Leeuwarden zowel in Fryslân als de rest van Nederland op de kaart zetten werd het mogelijk gemaakt een beroep te doen op een bijdrage uit het Gemeentebrede Budget. In de loop der jaren is duidelijk geworden dat met de bundeling van krachten (w.o. crossovers), het nastreven van middellange-termijn doelen en een verdere profes­ sionalisering nog meer bereikt kon worden. Met andere woorden ‘Samen staan we sterk en bereiken we meer’. Ook bij het LOF werd een behoefte voelbaar aan meer flexibiliteit en een meer gebiedsoverstijgende agendering, met het accent op de zogenaamde ‘tweede generatiebestedingen’. Dat is vooral gebleken in de aanloop naar LF2018. Doordat alle trekkingsgerechtigden uit eigen budget, gedurende 4 jaar, een bedrag beschikbaar hebben gesteld kon het LOF met circa 1.000.000 euro’s hoofdsponsor worden van LF2018. In aansluiting daarop is het visiedocument “Morgen is te laat” gepresenteerd waarin het LOF zich richt op blijvende spin-off in de periode na 2018 ofwel de bruidsschat, de economische legacy.

7

Na 10 jaar LOF is het bestuur met haar achterban gaan nadenken over de toekomst. Geconcludeerd is dat voor het Gemeente brede budget behoefte is aan visiegedreven bestedingen, eigen agenda-ontwikkeling en lange termijn belangen. Om daarbij weloverwogen keuzes te maken, een concreet vervolg te geven aan de Legacy LF2018 en koppelkansen te zoeken met het gemeentelijk en provinciaal beleid. Aanvragen en projecten worden in toenemende mate beoordeeld of zij aansluiten bij de doelstellingen en vallen onder de pijlers: Economie, Leefbaarheid, Cultuur, Toerisme en Talentontwikkeling. Met de Raad van Advies, die over de toekenning van deze aanvragen adviseert, wordt hier verder vorm aan gegeven. Het LOF maakt dus een ontwikkeling door die landelijk ook bij andere fondsen zichtbaar is. Veel fondsen beschouwen het LOF als hun een voorbeeld en laten zich inspireren door de aanpak en werkwijze van het LOF. In Nederland zijn circa 20 OZB-fondsen, die zich inmiddels hebben verenigd in het Landelijk Platform Ondernemers Fondsen (LPOF). De huidige voorzitter van het LOF is tevens voorzitter van het LPOF. In bijna alle fondsen is wel iets van ontwikkelingsdynamiek te bespeuren. Het idee dat de buitenwacht nog vaak heeft, dat een ondernemersfonds gaat over feesten en partijen, is sterk verouderd.

Punt van aandacht is evenwel dat de structuur van de fondsen zich maar langzaam aanpast aan de ambities.

8

In de al langer bestaande fondsen wordt wel gesproken over ‘generatiebestedingen’. Veel fondsen beginnen met de bekostiging van praktische voorzieningen zoals sfeer­ verlichting en beveiliging. Of eenmalige evenementen als een wielerronde en de Sinterklaasintocht. Na enige tijd komen er langjarige plannen en visie-gedreven ontwik­ kelingen in beeld, vaak ook gebied overstijgend en gemeente breed. Zo kan een onderscheid worden gemaakt in drie generaties bestedingen. Onderstaande een klein overzicht. Eerste generatie

Tweede generatie

Derde generatie

Praktische voorzieningen,

Door-organiseren van ‘eerste

Visie-gedreven bestedingen,

korte termijn, eenmalige

generatie’,

eigen agenda ontwikkeling,

activiteiten

professionalisering,

lange termijn belangen

middellange termijn belangen, cross-overs. • Sfeerverlichting

• Grote, terugkerende

• Kennis & kunde sessies • Collectieve investeringen

• Sinterklaasintocht

evenementen (winterfair,

• Eenmalige evenementen

ijsbaan, meerdaagse

o.a. op gebied

• Promotie/ folders

markten)

duurzaamheid/

• Braderieën • Parkmanagement op bedrijventerrein • Techniekdagen/ dagen van de zorg

• Evenementenkalender afgestemd met omgeving • Ontwikkeling bezoekerspakketten • Onderzoek glasvezel • Lokale belangen­

klimaatneutraliteit • City- en regiomarketing onder regie ondernemers • Gezamenlijk ‘poolen’ personeel • Collectieve werving tekortsectoren (techniek,

behartiging • Opbouw stagenetwerk e.d.

onderwijs, zorg) • Ondernemersstrategie op krimp en vergrijzing

De kunst is om niet te veel bij de eerste generatiebestedingen te blijven. Natuurlijk is het belangrijk een basisniveau aan voorzieningen te onderhouden, ook na tien jaar ondernemersfonds blijft de sfeerverlichting belangrijk. Maar het fonds is ook een plek voor innovatie en nieuwe samenwerkingsverbanden.

9

4. Ambities. 4.1. Ambities van het LOF. De gemeente Leeuwarden barst van de ambities en de energie. De stad gloeit nog na van het cultuurjaar 2018. De gemeentelijke herindeling heeft de basis van de lokale economie nog gevarieerder gemaakt. Campus Fryslân, de Dairy Campus en Wetsus en het HBO-onderwijs maken de stad nog relevanter voor jonge mensen en kenniswerkers. Al die dynamiek moet goed benut worden. Er is echter ook nog steeds armoede in Leeuwarden en de gemeente moet, onder meer met het oog op de komst van Lelylijn, opboksen tegen de trekkracht van andere gemeenten in Fryslân en Noord-Nederland. De prachtige resultaten van de afgelopen tien jaar zijn mede geboekt doordat het bedrijfsleven goed georganiseerd was. Met de bestaande infrastructuur konden de kansen die voorbijkwamen, ook daadwerkelijk benut worden. Het mooiste wapenfeit was zonder meer de financiering van Culturele Hoofdstad LF2018. Er zijn echter nieuwe uitdagingen in aantocht. De energietransitie komt eraan, de internationalisering van economie en arbeidsmarkt is volop gaande. Er zal blijvend ingezet moeten worden om jonge en getalenteerde mensen te binden. Cultuur, leefbaarheid, gastvrijheidseconomie en talentontwikkeling zijn factoren van betekenis. Dat het LOF veel heeft bereikt en breed wordt gesteund staat buiten kijf.

Maar het is niet genoeg om alleen goed voor de afzonderlijke gebieden in de gemeente Leeuwarden te zorgen. Onder het motto ‘Samen staan we sterk en bereiken we meer’ zal verder invulling moeten worden gegeven aan het uitwerken van de vijf pijlers. Daarbij zal de uitdaging zijn om een goede balans te houden tussen het eigen budget van de trekkingsgerechtigden en het Gemeentebrede Budget. Ook is de verhouding tussen stad en platteland daarbij een punt van aandacht. Beide kunnen niet zonder elkaar en zijn complementair aan elkaar. In de bestedingen zal dat ook blijvend tot uitdrukking moeten komen. Een verlegging van het ambitieniveau is inmiddels ingezet. Het accent verschuift van primaire voorzieningen als promotie en beveiliging naar duurzaamheid, organiserend vermogen en echte regievoering over de bedrijfsomgeving; de zogeheten ‘derde generatie bestedingen’. De urgentie om ‘door te pakken’ is verwoord in het manifest ‘Morgen is te laat’ en daar moet in de komende periode verder uitwerking aan worden gegeven. In het verlengde van het vorenstaande zal ook de structuur van LOF moeten worden afgestemd op de ambities. Het LOF dateert van 2009 en is een van de oudste fondsen van het land, maar het heeft nog steeds een tijdelijke status. Elk nieuw fonds begint als een pilot, die na twee tot vijf jaar geëvalueerd moet worden.

Dat is een uitgangspunt waar de oprichters van een fonds zelf altijd mee komen: een fonds heeft tijd nodig om zich waar te maken en geaccepteerd te worden en het is goed om die periode te markeren met een evaluatie. Nu het LOF een breed draagvlak kent en zich wil richten op lange-termijn doelen begint de

10

tijdelijkheid, van telkens een concessieperiode van 5 jaar, te knellen. Natuurlijk moet er altijd bij voortduring kritisch naar het functioneren van het LOF gekeken worden, al was het maar om bij de tijd te blijven. Maar dat moet niet meer het karakter van ‘aftesten’ hebben. Een verlenging van de concessieperiode voor onbepaalde tijd sluit in de toekomst beter aan bij het ambitieniveau van het LOF. 4.2. Ambities van Ondernemend Gemeente Leeuwarden. In de afgelopen jaren is er in de gemeente Leeuwarden veel moois gebeurd en zijn dromen uitgekomen. Dat is mede tot stand gekomen doordat het bedrijfsleven goed georganiseerd was met het LOF en een aantal gebieds-gebonden verenigingen. Met die infrastructuur konden kansen die voorbijkwamen daadwerkelijk benut worden. Het LOF heeft sinds haar oprichting in 2009 al veel bereikt en wordt breed gesteund. Maar het is niet meer genoeg om alleen goed voor de afzonderlijke trekkingsgebieden te zorgen. De ambities reiken verder. Zo streeft De Federatie (DF), waarbij alle ondernemersverenigingen uit de gemeente zijn aangesloten, naar professionalisering van de belangenbehartiging en naar een versterking van de informatiepositie. De Commerciële Club Leeuwarden (CCL) zoekt naar continuïteit voor de ontmoetingsfunctie en wil de leden meer gelegenheid bieden om zich in te zetten voor de stad en het omliggend gebied.

Ook zijn er nieuwe uitdagingen in aantocht. De energietransitie komt eraan, de internationalisering van economie en arbeidsmarkt is volop gaande. Cultuur, de gastvrijheidseconomie en het onderwijs ontwikkelen zich snel als factoren van betekenis. De noodzaak om goed samen te werken op basis van een stevige kennispositie en een stevig netwerk wordt alleen maar groter. Tijd om te durven de krachten in Ondernemend Gemeente Leeuwarden te bundelen. Tegen deze achtergrond zijn in 2020 gesprekken gestart over verregaande samenwerking. De drie partijen hebben geconstateerd dat er een vergaande parallelliteit van belangen is. Die parallelliteit zit met name in het hoge ambitieniveau: een eigen regie voeren in de visievorming en belangenbehartiging (De Federatie), van ‘een pot met geld’ naar een echte investeringsagenda (LOF) en een hoge kwaliteit in de ontmoetings- en kennisfunctie (CCL) zijn alle drie ambities die professionaliteit en continuïteit vergen. Bij fusies – van welke aard ook maar – is de beleving en het behoud van de eigen identiteit vaak een punt.

11

Het LOF, de CCL en De Federatie zien hun identiteit vooral in de herkenbaarheid en kwaliteit van activiteiten, niet in de organisatie op zich. Eén organisatie met één bestuur, één ‘backoffice’ en één-loket, maar herkenbare en geborgde doelstellingen – gedegen financiering (LOF), belangenbevordering (De Federatie) en hoogwaardige ontmoetingen (CCL) – zou goed kunnen werken. Essentieel daarbij is dat ze aansluiten op de vijf inhoudelijke thema’s: economie, leefbaarheid, talentontwikkeling, cultuur en toerisme. Hiermee kan binnen de Gemeente Leeuwarden een sterk ondernemersnetwerk ontstaan met een duidelijk loket en aanspreekfunctie. Gesprekken hierover, die al in 2020 zijn gestart,hebben er inmiddels toe geleid dat partijen op bestuurlijk niveau hebben uitgesproken uiterlijk op 1 januari 2022 gezamenlijk door te willen gaan in een nieuwe formele structuur. Gedurende dit jaar wordt een proces gevolgd om hieraan uitvoering te geven. Daarmee wordt door het georganiseerd bedrijfsleven een belangrijke stap gezet naar de toekomst.

12

5. TERUGBLIK OP DE PERIODE 2016-2020 Nu aan het eind van de tweede concessietermijn wordt wederom teruggekeken op de afge­ lopen periode. Doel is inzicht te krijgen in het functioneren van het LOF, in hoeverre de beoogde doelen zijn gerealiseerd en of de gekozen aanpak werkt. Het is een aanvulling op de jaarverslagen die in de afgelopen jaren zijn gepresenteerd en die te vinden zijn op de website van het LOF. 5.1. Toegekende trekkingsrechten 2016-2020 In de afgelopen periode is het totale beschikbare budget verder gestegen. Dat is onder meer het gevolg van de toetreding van een deel van de voormalige gemeente Littenseradiel en van Leeuwarderdeel bij de gemeente Leeuwarden. Jaar

Beschikbaar

2016

842.331

2017

844.021

2018

891.515

2019

933.002

2020

960.000

2021

1.000.298

In periode van 2016 tot en met 2020 bedroeg het totaal beschikbare budget 3.921.531 euro. In totaal is een bedrag van 4.287.939 besteed, waarvan 75 %, te weten 3.312.311 euro’s, is ingezet voor eigen projecten en initiatieven van de trekkingsgerechtigden. Gezamenlijk is een bedrag van 976.049 euro bijgedragen aan LF2018. Dat er meer geld is uitgegeven dan beschikbaar was is mogelijk omdat trekkingsgerechtigden reserves mogen opbouwen en die op een later moment kunnen aanspreken. Dit kan voor een periode van maximaal 3 jaar. 5.2. Bestedingen Het aantal bekostigde activiteiten is in de afgelopen jaren verder toegenomen. In 2016 werden aan 68 projecten trekkingsrechten toegekend. In 2019 was dit gestegen naar in totaal 176 projecten. Het gemiddelde bedrag per toegekend project is in de afgelopen periode gedaald. In 2016 is het gemiddelde per toegekend project iets minder dan 7.000 euro. In 2019 ging het gemiddeld om circa 3.972 euro per project, variërend van enkele duizenden euro’s tot een halve ton. Door het toetreden van relatief kleine ondernemersverenigingen uit de dorpen worden de trekkingsrechten ook steeds meer besteed aan kleinere activiteiten. Verder kan als uitvloeisel van het LOF worden geconstateerd dat de organisatiegraad van ondernemersverenigingen in de afgelopen periode verder toegenomen en gegroeid tot bijna 100%. Slechts drie postcodegebieden, t.w.

Valeriuskwartier, Oldegallileën/ Bloemenbuurt en Blitsaerd hebben nog geen eigenaar.

13

Het Gemeentebrede budget staat sinds 2011 op 15% van het totaal beschikbare jaarbudget. Ook hier geldt dat niet alle gelden in hetzelfde jaar behoeven te worden besteed. Naast de rente-inkomsten over dit budget vloeien ook de baten van de niet-verenigde postcodegebieden in dit budget. Het Gemeente brede budget wordt gebruikt voor uiteenlopende initiatieven die de gemeente Leeuwarden, zowel in Fryslân en in Nederland of daarbuiten op kaart zetten. Voorbeelden van grote projecten zijn het Hoofdsponsorschap van LF2018, het Fries StraatFestival, PsyFi en Wij-Vikingen in het Fries Museum. Voorbeelden van kleinere projecten zijn bijdragen aan het Sint Piterfeest in Grou, centrumactiviteiten in Stiens, Jubileum Doarpsbelang Reduzum en Jirn-Summertime. Het aantal activiteiten waarvoor gemeente brede trekkingsrechten zijn ingezet is gestegen van 21 projecten in 2016 tot in totaal 27 projecten 2019. In totaal is in 2019 voor een bedrag van 99.220 aan projecten besteed, wat neer komt op gemiddeld bedrag van 3.675 per project. Het Gemeentebrede Budget wordt veelal als medebekostiging ingezet en gebruikt naast de trekkingsrechten uit een postcodegebied en vormen daarmee een deel van het totale toegekende budget. In sommige gevallen vormen bestedingen uit het Gemeentebrede Budget de enige bijdrage die via het LOF loopt. 5.3.

Resultaten Het ondernemersklimaat wordt niet alleen maar gemeten aan bereikbaarheid, de hoeveelheid bedrijventerreinen, het arbeidspotentieel en de aanwezigheid van kennisinstellingen. Ook de kwaliteit van het onderwijs, cultuur en sport en de natuurbeleving bepalen mede het woon-, werk- en leefklimaat. In de afgelopen concessieperiode is er veel georganiseerd. De jaarverslagen en de website van het LOF geven daar voldoende voorbeelden van. Een groot succes is de bijdrage die het LOF heeft geleverd aan Leeuwarden – Fryslân Culturele Hoofdstad 2018. Samen met de ING-bank en Arriva is het LOF hoofdsponsor van CH2018 van geweest en heeft het circa 1 miljoen euro bijgedragen. Een bijdrage die zonder het bestaan van het LOF nimmer tot stand zou zijn gekomen en die een belangrijke impuls heeft gegeven aan het woon-, werk- en leefklimaat in de gemeente Leeuwarden. Maar ook met het ondersteunen van wijk-gebonden activiteiten en initiatieven in de kleine dorpen wordt een bijdrage geleverd aan de doelstelling van het LOF.

14

5.4. Vergelijking met andere fondsen. In Nederland zijn 25 OZB-fondsen. Mede op initiatief van het LOF is het Landelijk Platform Ondernemers Fondsen (PLOF) opgericht. De huidige voorzitter van het LOF is tevens voorzitter van het LPOF. Ter oriëntatie is een kleine vergelijking gemaakt met acht andere gemeenten in Nederland over het 2020. Daaruit valt op te maken dat de percentages opslag WOZ variëren van 5,30 % tot 10,00 %. Het percentage in Leeuwarden ligt onder het gemiddelde van 6,72 %. De bijdrage in Leeuwarden is al vanaf de start gebaseerd op een opslag van 5,5 % op de OZBbelasting voor niet-woningen. Het bedrag per 100.000 WOZ-waarde in Leeuwarden komt in 2020 uit op 44,14 euro. Ook daarmee zit Leeuwarden onder het gemiddelde van 46,33 euro. Verder hebben vijf fondsen, waaronder Alblasserdam, Culemborg en Leiden, inmiddels een looptijd voor onbepaalde tijd. Totaaloverzicht diverse informatie ondernemersfondsen Ondernemers

Fondswaarde Fondswaarde

Fondswaarde Percentage opslag

fonds

per jaar 2019

per jaar 2020

per jaar 2021

Culemborg

€ 270.000

€

282.500

€

Delft

€ 934.000

€

950.000

Den Helder

€ 640.000

€

640.000

Bedrag per

Bedrag per

100.000

100.000

WOZ waarde WOZ waarde

WOZ 2019

Looptijd

(2019)

(2020)

282.500

6,00%

onbepaald

€ 36,92

€ 36,89

€

950.000

8,22%

onbepaald

€ 40,66

€ 42,54

€

640.000

10,00%

2024

€ 71,00

€ 69,44

Groningen

€ 2.109.637

6,00%

2024

€ 54,03

€ 56,38

Leeuwarden

€ 933.002

€

960.000

€ 1.000.298

5,50%

tot 2022

€ 44,72

€ 44,14

Leiden

€ 1.382.421

€ 1.420.000

€ 1.420.000

5,30%

onbepaald

€ 52,11

€ 53,52

Meppel

€ 220.000

€

220.000

€ 35 per Waarde

2021

€ 35,00

€ 35,00

6%

2023

€ 32,71

€ 32,71

€100.000 WOZ Sud West Fryslan € 800.000 Bron: LPOF

5.5. Lessen en verbeterpunten. Om gericht zicht te krijgen op het functioneren van het fonds in de afgelopen concessie­ termijn is een vragenlijst toegezonden aan de leden van de Raad van Advies van het LOF. Vanwege de RIVM-maatregelen was het niet wenselijk om persoonlijke gesprekken te voeren met alle trekkingsgerechtigden. Met het stellen van 29 vragen is gevraagd of zij van mening zijn dat de doelen zijn bereikt, hoe wordt gedacht over de manier van werken, de organisatie en de toekomst van het LOF. Van de 35 leden die zijn aangeschreven hebben er 34 gereageerd. Deze exercitie is bedoeld als een zelfevaluatie, waarbij aan de hand de uitkomsten binnen het LOF wordt besproken welke lessen kunnen worden getrokken en wat verbeterpunten zijn.

15

Doelen. Het versterken van de betrokkenheid, samenwerking en het draagvlak onder de achterban bij verenigingen is een aandachtspunt. Een deel heeft daar problemen mee. Veelal is dat te wijten aan het ontbreken van bestuurskracht en/of het ontbreken van een achterban bij de verenigingen zelf. Met de betreffende verenigingen zal worden besproken hoe zij geholpen en gefaciliteerd kunnen worden om dit aan te pakken. Evenals in voorgaande periodes is het totaal aantal gehonoreerde projecten toegenomen. In 2015 werden aan 107 projecten trekkingsrechten toegekend. In 2019 is dit gestegen naar in totaal 176 projecten. Wel blijkt er bij de trekkingsgerechtigden behoefte te bestaan aan criteria om nog beter te kunnen sturen op de kwaliteit van projecten. In reactie hierop zal het werken met de vijf pijlers, zoals nu gebeurt bij de toedeling van het Gemeente brede budget, ook geschikt worden gemaakt om te gebruiken bij de toekenning van het eigen budget van trekkingsgerechtigden. De samenwerking van ondernemersverenigingen met non-profit organisaties, cultuur­ instellingen en het onderwijs is verder toegenomen. Voor een deel van de verengingen blijft dit nog een uitdaging, aangezien het hen ontbreekt aan tijd en wederom vaak aan bestuurskracht.

Inzet is om na Corona weer -meer- bijeenkomsten van het LOF te organiseren, waardoor de trekkingsgerechtigden elkaar vaker kunnen ontmoeten en meer handvatten te bieden om tot crossovers en gezamenlijke projecten te komen. Manier van werken. Het draagvlak voor het LOF is onverminderd groot. Voor velen is het LOF niet meer weg te denken. De manier van werken kan op brede waardering rekenen, evenals het functioneren van de organisatie en het bureau. De bekendheid van het LOF is voldoende, maar kan nog verder worden vergroot. Uitdaging is om de toegevoegde waarde van het LOF, met name ook voor de agrarische sector, nog beter voor het voetlicht te brengen. In samenhang met het transitieproces, om te komen tot een nieuwe organisatie voor LOF, CCL en De Federatie, zal een publiciteitscampagne worden opgezet waarin de doelstellingen, de nieuwe werkwijze en de toegevoegde waarde van de nieuwe organisatie voor ondernemend gemeente Leeuwarden, maar voor ook de inwoners van Leeuwarden, voor het voetlicht wordt gebracht. Tevens krijgt de website van het LOF een update met meer nieuws en achtergrondinformatie over het ondernemersfonds.

16

De systematiek van de trekkingsgelden werkt over het algemeen goed. Kanttekeningen worden gemaakt bij de wijze waarop het Gemeente brede budget wordt toegekend. Hiervoor ontbreekt een heldere procesgang met wegingscriteria, waaraan wel behoefte bestaat. In het kader van de besteding van het Gemeente brede budget wordt inmiddels gewerkt met 5 pijlers en criteria. In het verlengde hiervan wordt het toekenningsproces in 2021 verder gestroomlijnd en geobjectiveerd. Verder blijkt in de praktijk dat in enkele gebieden de besteding nog moeizaam tot stand komt. Met het samenvoegen van gebieden kan meer massa en bestuurskracht worden gecreëerd, waardoor tot volledige en betere besteding kan worden gekomen. Trekkingsgerechtigden kunnen desgewenst, nog meer dan tot nu toe, een beroep doen op de fondsmanager voor ondersteuning bij het ontwikkelen van projecten, het bevorderen van crossovers/samenwerking en het vinden van financiële bronnen. Waar nodig en wenselijk zal bundeling van postcodegebieden worden overwogen. Organisatie. De huidige organisatiestructuur wordt door trekkingsgerechtigden als passend geacht. Niet is bij iedereen duidelijk hoe Dagelijks bestuur, Algemeen bestuur en de Raad van Advies zich tot elkaar verhouden. Sommige voelen zich minder betrokken bij de gang van zaken rond het LOF en hebben behoefte aan meer nieuws en informatie van de bestuurstafel.

Anderen geven aan dat zij de netwerkfunctie van het LOF nog onvoldoende benutten. Ook hier wordt door enkelen als reden genoemd dat zij daar, wegens tijdgebrek, ook niet in kunnen of willen investeren. Net als iedereen heeft ook het LOF gevolgen ondervonden van de strenge RIVM-maatregelen. Fysieke bijeenkomsten waren in het afgelopen jaar nauwelijks mogelijk, waardoor de netwerkfunctie en de contactmomenten ernstig in het gedrang zijn gekomen. Via de website probeert het bestuur alle betrokken zo goed mogelijk op de hoogte te houden. Binnenkort zal gestart worden met het periodiek uitbrengen van een nieuwsbrief met daarin nieuws over vergaderingen, bestedingen en behaalde resultaten. Het blijft echter een uitdaging om iedereen erbij te betrekken. Zoals iemand op de vragenlijst noteerde: “Ondanks het feit dat er een website is en social mediakanalen, komt er steeds weer commentaar dat het werk van het LOF (en ook wat wij met het geld doen) te onbekend is. Lastig, omdat mensen niet meer willen lezen en vaak niet georganiseerd zijn”. Dit neemt niet weg dat dit blijvende aandacht vergt. De website heeft een update gehad en biedt nog meer informatie over de werking van het fonds c.a. Zodra de RIVM-maatregelen dat toelaten zullen er weer bijeenkomsten worden georganiseerd en zullen de banden met trekkingsgerechtigden door middel van clustergesprekken weer worden aangehaald.

17

Toekomst. Dat het LOF moet doorgaan staat voor iedereen vast. De opvattingen verschillen over de periode waarvoor de concessieperiode, 5 jaar of onbeperkt, vanaf 2022 zou moeten gaan gelden. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de ambities van het LOF. Daaruit blijkt dat het accent verschuift van primaire voorzieningen als promotie en beveiliging naar duurzaamheid, organiserend vermogen en echte regievoering over de bedrijfsomgeving: de zogeheten ‘derde generatie bestedingen’. Nu het LOF zich wil richten op lange-termijn doelen begint de tijdelijkheid, van telkens een concessieperiode van 5 jaar, steeds meer te knellen. Natuurlijk moet er altijd kritisch naar het functioneren van het LOF worden gekeken, al was het maar om bij de tijd te blijven. Maar dan wel binnen de eigen gelederen van het fonds, passend bij het motto ‘van, voor en door ondernemers’. Daarbij past niet dat het LOF geremd wordt door een korte horizon die thans nog wordt gehanteerd. Een verlenging van de concessieperiode voor onbepaalde tijd zal in de toekomst dan ook beter passen bij het ambitieniveau van het LOF. Het gesprek daarover zal in de komende periode, intern en met de gemeente, moeten worden gestart. Het eventueel verhogen van de opslag op het OZB-tarief is voor een derde deel onbespreek­ baar, terwijl de rest daarover wel in gesprek wil gaan.

Ook over het laten toenemen van het Gemeentebrede Budget verschillen de meningen. Onderkend wordt dat het voordeel daarvan is dat door gezamenlijk handelen meer kan worden bereikt. Dat blijkt ook wel uit de bereidheid om te bespreken of meer kan worden ingezet op participatie in grote culturele evenementen, zoals het recent opgerichte Frysk Blockbusterfonds Dit mag dan echter niet ten koste gaan van lokale activiteiten en initiatieven buiten de stad Leeuwarden of in de wijken. De omvang van een ondernemersfonds wordt bij de start bepaald. Het is een afweging tussen twee factoren: ten eerste de ambitie om een substantieel bedrag bijeen te brengen teneinde investeringen te kunnen doen, ten tweede de ambitie om de extra financiële last voor de ondernemer draaglijk te houden. Op basis van de uitgesproken ambities en de behoefte aan meer Gemeente brede uitgaven zal de huidige opbrengst in de toekomst niet toereikend zijn. Dat betekent dat gezocht moet worden naar een grotere voeding van het fonds. Daarbij zal de discussie niet uit de weg moeten worden gegaan over bijstelling van de opslag op het OZB-tarief: categorie-niet woning. De bijdrage aan het fonds komt nu uit op 44,72 euro per ton WOZ-waarde. Daarmee zit Leeuwarden onder het gemiddelde.

Met een goede onderbouwing, gebaseerd op een plan voor de toekomst, moet het uit te leggen zijn dat na jaren stabiliteit het tarief in de komende jaren gefaseerd omhooggaat, temeer daar die verhoging rechtstreeks ten goede komt aan de mogelijkheid van de Leeuwarder ondernemers om in het ondernemingsklimaat te investeren. De discussie daarover moet binnenkort eerst binnen de eigen gelederen worden gevoerd.

18

Voor een verdergaande samenwerking tussen het LOF, de Federatie en de CCL zal duidelijk aangetoond moeten worden dat nauwere samenwerking aantoonbare voordelen zal opleveren en dat de uitvoering van de huidige taken in de toekomst gewaarborgd kan zijn. In paragraaf 4.2. wordt ingegaan op de ambities van ondernemend gemeente Leeuwarden. Op bestuurlijk niveau hebben de drie betrokken partijen uitgesproken om in 2021, op basis van een daarvoor vastgesteld startdocument, te werken naar één organisatie met één bestuur en één ‘backoffice’ en één-loket, met herkenbare en geborgde doelstellingen, een gedegen financiering (LOF), belangenbevordering (De Federatie) en hoogwaardige ontmoetingen (CCL). Het Algemeen Bestuur en de Raad van Advies van het LOF hebben op 18 maart en op 22 maart jl. te kennen gegeven akkoord te zijn met het besluit van het bestuur om te komen tot een nieuwe organisatie voor ondernemend gemeente Leeuwarden.

19

6. Hoe verder: Concessieverlenging 2022 Zoals eerder vermeld barst Leeuwarden van de ambities en de energie. Met het document “Morgen is te laat” (juli 2018) zet het LOF in ‘op groot durven denken’. In de ontwikkeling van de Legacy LF2018 naar LF2028 dicht het LOF zich een serieuze rol als gesprekspartner toe. Om zo, naast de andere organisaties, deel te nemen in de ontwikkeling van al het mooie dat Leeuwarden te bieden heeft. De nadien vastgestelde vijf thema’s/criteria voor toedeling van het Gemeente brede budget, te weten economie, leefbaarheid, talentontwikkeling, cultuur en toerisme, sluiten daar goed bij aan. Daardoor kunnen weloverwogen keuzes worden gemaakt, wordt uitwerking gegeven aan de visie en missie van het LOF en worden koppelkansen gezocht met het gemeentelijk en provinciaal beleid. Met deze verschuiving naar zogeheten ‘derde generatie bestedingen’, gericht op langere termijn doelen begint de tijdelijkheid, van telkens een concessieperiode van 5 jaar, in toenemende mate te knellen. Vasthouden aan dat principe maakt het LOF tot een uitzondering. Inmiddels heeft al 20% van de fondsen in den lande een concessie voor onbepaalde tijd. Het LOF wil in de komende periode aantonen daar ook rijp voor te zijn. De resultaten van de afgelopen tien jaar zijn mede geboekt doordat het bedrijfsleven goed georganiseerd was, met het LOF en een serie gebied-gebonden verenigingen.

Met die infrastructuur konden de kansen die voorbijkwamen, ook daadwerkelijk benut worden. Er zijn echter nieuwe uitdagingen in aantocht. Tijd om samen met de CCL en de Federatie de krachten in Ondernemend Gemeente Leeuwarden te bundelen. Het LOF heeft veel bereikt en wordt breed gesteund. Maar het is niet meer genoeg om alleen goed voor de afzonderlijke gebieden in de gemeente te zorgen. Er is steeds meer vraag naar gemeente brede activiteiten, naar een goed georganiseerde belangenbevordering en naar een platform voor het leggen van verbindingen, het geven van inspiratie en het delen van kennis. Daarin wordt voorzien door, het streven is eind 2021/aanvang 2022, verder te gaan met één organisatie, met één bestuur, één ‘backoffice’ en één-loket, met herkenbare en geborgde doelstellingen, zoals een gedegen financiering (LOF), belangenbevordering (De Federatie) en hoogwaardige ontmoetingen (CCL). Daarmee ontstaat binnen de Gemeente Leeuwarden een sterk ondernemersnetwerk met een duidelijke loket en aanspreekfunctie. Het Ondernemersfonds is de grootste financier van Ondernemend gemeente Leeuwarden. Er is bij het georganiseerde bedrijfsleven groot vertrouwen in het fonds als een gezamenlijke investering. Dat blijkt ook wel uit het Frysk Blockbuster Fonds (www.fryskblockbusterfonds.nl) dat recent is opgericht en waarin ook het LOF participeert.

20

Onder het corona gesternte is het belang bij een flink ambitieniveau alleen maar sterker geworden. Als er straks een normalisering van het economisch leven op gang komt, zal de urgentie groot zijn om samen te werken en alle kansen te benutten. Daarbij speelt ook de vraag of de huidige jaaropbrengst van het fonds in de toekomst toereikend zal zijn om de ambities waar te maken. De discussie over een eventuele bijstelling van de opslag op het OZB-tarief: categorie-niet woning, zal eerst intern bij de LOF moeten worden gevoerd, alvorens daartoe in de komende periode een verzoek kan worden voorgelegd aan de gemeente. Het is nu eerst aan de gemeente om te beslissen over een nieuwe concessie. In de beraadslagingen daarover zal het niet moeten gaan over draagvlak en bestaansrecht van het LOF, maar over verbetervragen, over kansen voor samenwerking en ambities voor de toekomst. Het LOF, samenvloeiend met De Federatie en de CCL in een nieuwe organisatie, mag daarbij niet worden verward met een aan te sturen partij, maar worden gezien als een serieuze partner om ontwikkelingen in de gemeente mee mogelijk te maken. Bijlage 1: Achtergrondinformatie over het Leeuwarder OndernemersFonds. Het LOF is in 2009 opgericht als een fonds waaruit collectieve ondernemersactiviteiten worden gefinancierd. Belangrijk doel van het LOF is het versterken van het ondernemersklimaat in de gemeente Leeuwarden.

Voorbeelden van bestedingen uit het fonds staan vermeld in de jaarverslagen en op www.leeuwarderondernemersfonds.nl Het initiatief voor het LOF is ontstaan naar voorbeeld van het ondernemersfonds in Leiden, waar al sinds 2005 een vergelijkbaar fonds bestaat. Directe aanleiding was het probleem van het zogenoemde freerider gedrag van ondernemers. Dat wordt nu voorkomen doordat ook ondernemers of instellingen meebetalen die niet altijd direct aantoonbaar voordeel hebben bij de bestedingen. Dat hoort bij de gekozen systematiek. Het gaat om een vorm van ‘verplichte’ solidariteit. Aangezien de kosten worden uitgesmeerd over meerdere partijen is het uiteindelijke bedrag lager dan wanneer alleen direct belanghebbenden zouden betalen. Het fonds wordt elk jaar gevoed met een opslag van 5,5 % op de Onroerend Zaakbelasting, categorie niet-woning. De opslag voor eigenaars en gebruikers gezamenlijk komt in 2020 neer op circa 44 euro per 100.000 euro OZB-waarde. De inkomsten van het fonds bedragen 1.000.298 euro in 2021. Het geïncasseerde bedrag wordt elk jaar (op 1 april) door de gemeente in één keer overgemaakt naar het fonds.

21

Het fonds is zo opgezet dat per postcodegebied in de gemeente Leeuwarden budget beschikbaar is voor activiteiten en projecten waarop door een vereniging trekkingsrecht kan worden uitgeoefend. In 2018 is de gemeente Leeuwarden uitgebreid met een deel van de voormalige gemeente Littenseradiel en de voormalige gemeente Leeuwarderadeel. Organisatie Het LOF is een stichting met een eigen bestuur, dat thans uit 9 leden bestaat, die elk een eigen portefeuille (bijv. cultuur, zorg, bedrijventerreinen) hebben. De leden van het bestuur vormen een afspiegeling van de deelnemende trekkingsgerechtigden. De rol van het bestuur is in beginsel terughoudend. Het zijn de trekkingsgerechtigden die met plannen/ aanvragen komen. Het bestuur past een marginale toetsing toe en beoordeelt de ingediende voorstellen op een beperkt aantal criteria. Inhoudelijke beslissingen over de plannen zijn aan de trekkingsgerechtigden zelf. Het bestuur van het LOF heeft daarentegen wel een beslissende stem bij aanvragen voor een bijdrage uit het budget voor gemeentebrede activiteiten. Over deze voorstellen wordt het bestuur vooraf geadviseerd door de Raad van Advies. In de adviesraad zitten vertegenwoordigers van de trekkingsgerechtigden die gebruik maken van het LOF. De raad heeft een onafhankelijk voorzitter.

Verder is een fondsmanager, voor 24 uur per week, in dienst van de stichting Ondernemers­ fonds Leeuwarden. De taken van de fondsmanager bestaan onder meer uit het verzorgen van de administratie, het ondersteunen van de trekkingsgerechtigden bij het indienen van plannen en aanvragen, het verlenen van service en het verstrekken van informatie. De fondsmanager vervult ook een belangrijke rol bij het stimuleren van samenwerking tussen de verenigingen. Uitgangspunt: eenvoud en transparantie Eén van de uitgangspunten van het LOF is dat er zo weinig mogelijk regels zijn. De opslag op de WOZ is een eenvoudig systeem. Het leidt niet tot extra administratieve lasten, omdat het meeloopt in de al bestaande OZB-heffing. De opbrengsten kunnen door de gemeente eenvoudig worden berekend en worden overgedragen aan het LOF. Het LOF kan ook relatief eenvoudig op basis van simpele rekenregels de trekkingsrechten bepalen. Het systeem is dus eenvoudig ‘na te rekenen’ en daarmee transparant. Om het systeem eenvoudig te houden, is ook gekozen voor een centrale kas en niet voor budgetten die door de verenigingen zelf worden beheerd. Daardoor kunnen de administratieve lasten en beheerskosten beperkt worden gehouden en liggen die voornamelijk bij het LOF en niet bij de afzonderlijke verenigingen.

Aangezien door verenigingen geld wordt aangevraagd, is de transparantie en democratische verantwoording gewaarborgd. Immers, de verenigingen moeten ‘accountable’ zijn en een bestuur hebben dat verantwoording aflegt aan haar leden. Het LOF bestuur legt op haar beurt verantwoording af aan de verenigingen, onder meer via de Raad van Advies.

22

Tevens worden de boeken van het LOF jaarlijks door een accountant gecontroleerd en wordt een jaarverslag opgesteld dat aan het gemeentebestuur wordt aangeboden. Relatie met gemeente De gemeente staat op afstand van het LOF. De opslag van 5,5 % betreft niet de gebouwen die in eigendom zijn van de gemeente. Dit heeft te maken met een min of meer principieel argument: als de gemeente mee zou betalen, zou ze eigenlijk ook over de middelen moeten beschikken of in elk geval een soort van beslissingsrecht moeten hebben. Immers, wie betaalt, die bepaalt. Dat zou niet passen bij het uitgangspunt dat het LOF voor en door ondernemers is. Om die reden houdt gemeente zich ‘op afstand’ en is zij niet vertegenwoordigd in het bestuur of in de Raad van Advies. De gemeente heeft enkel de incassofunctie, dat wil zeggen dat het verantwoordelijk is voor de inning van de opslag op de WOZ. In de samenwerkingsovereenkomst, die op 25 augustus 2009 is getekend tussen gemeente en stichting, zijn de wederzijdse taken en verantwoordelijkheden vastgelegd. Verenigingen Zoals eerder vermeld kunnen alleen geformaliseerde ondernemersverenigingen of samenwerkingsverbanden, de zogenaamde trekkingsgerechtigden, een aanvraag indienen. Bij voorkeur wordt op postcodeniveau gewerkt. In de gemeente Leeuwarden zijn 35 trekkingsgerechtigden bij het LOF betrokken.

Daaronder bevinden zich de grote bedrijven­ verenigingen zoals BV De Hemrik, BV De Zwette en OndernemersVereniging Leeuwarderadeel en grote organisaties zoals de Vliegbasis Leeuwarden en het MCL. Er zijn ook kleinere verenigingen, zoals Sakeclub Reduzum-Fries en Idaerd, Netwerk Ondernemers Aldlân, Ondernemers Vereniging Ouddeel. Zeven winkeliersverenigingen werken samen in de stichting Binnenstadsmanagement Leeuwarden (BML), waar ook het DOLCI (het Directeuren Overleg Leeuwarder Culturele Instellingen) en Koninklijke Horeca Nederland deel van uitmaken. Het BML is in 2010 van start gegaan, om de relatief kleine winkeliersverenigingen in de binnenstad te ondersteunen en om hun trekkingsrechten te bundelen. Met de opbrengst wordt ook de binnenstadsmanager gefinancierd. Het woord ondernemers(verenigingen) moet in de context van het fonds breed gelezen worden. Ook de agrarische sector en non-profit instellingen (scholen, medische voorzieningen, sport en cultuurinstellingen) dragen bij aan het fonds en hebben ook trekkingsrechten in hun postcodegebied. De organisatiegraad in de gemeente Leeuwarden is in de afgelopen concessieperiode gestegen tot bijna 100 %. Daarmee is een niet onbelangrijk neveneffect van het LOF gerealiseerd. In slechts drie postcodegebieden wordt nog geen gebruik gemaakt van het LOF.

De niet benutte trekkingsrechten worden op enig moment toegevoegd aan het Gemeentebrede budget.

23

Besteding De bestedingen zijn bedoeld voor activiteiten en projecten die de collectieve belangen van de trekkingsgerechtigden in de gemeente Leeuwarden dienen. Alles wat zij in gezamenlijk overleg van belang vinden, komt voor bekostiging uit het fonds in aanmerking. De bestemming van de gelden is daarmee breed en ‘open’ gedefinieerd, en kent niet een limitatieve opsomming van mogelijkheden. Het gaat om een algemeen kader waar allerlei soorten projecten en activiteiten in beginsel onder kunnen vallen. Aanvragen voor het LOF moeten voldoen aan een aantal, voornamelijk procedurele criteria. De aanvraag moet namens een collectief van ondernemers worden gedaan (bij voorkeur een formeel opgerichte vereniging), dient een collectief doel, vindt plaats binnen de gemeente Leeuwarden en past binnen de beschikbare trekkingsrechten. Na 10 jaar LOF is het bestuur met haar achterban gaan nadenken over de toekomst. Geconcludeerd is dat voor het Gemeentebrede Budget behoefte is aan visie gedreven bestedingen, eigen agenda-ontwikkeling en lange-termijn belangen. Vanuit die gedachte worden aanvragen en projecten in toenemende mate beoordeeld of zij aansluiten bij de doelstellingen en vallen onder de pijlers: Economie, Leefbaarheid, Cultuur, Toerisme en Talentontwikkeling. Met de Raad van Advies, die adviseert over de toekenning van aanvragen, wordt hier verder vorm aan gegeven.

De bestedingen worden in beginsel verdeeld naar trekkingsrechten van verenigingen. Een trekkingsrecht is het budget dat naar rato van de bijdrage van een gebied, aan de betreffende vereniging kan worden toegekend, na aftrek van een percentage van 25 %, waarvan 15 % beschikbaar is voor de zogenaamde gemeentebrede (voorheen ‘bovenstedelijke’ genoemde) activiteiten en 10 % voor de beheerskosten van het fonds. Ondernemersverenigingen beschikken dus niet over een ‘eigen potje’, maar hebben het recht om het voor hen beschikbare budget te gebruiken. Daarmee blijven de administratieve lasten voor de verenigingen beperkt. Bijlage 2: De legacy 2018: Morgen is te laat Bijlage 3: Presentatie 5 pijlers/criteria bovenstedelijk budget Bijlage 4: Vragenformulier Bijlage 5: Lijst respondenten vragenlijst

24

Respondenten: OV LMS (Lekkum, Miedum en Snakkerburen) Winkeliersvereniging De Schrans e.o. LOF Lekkumerend/Vrijheidswijk Ondernemersvereniging Oranjewijk Achter de Hoven” Winkeliersvereniging Tjerk Hiddes Cambuursterhoek Ondernemers Vereniging Jirnsum Ondernemers Vereniging Nijlan Platform Ondernemersvereniging Westeinde (POW-er) Business Club Grou Ondernemings Vereniging Leeuwarderadeel Netwerk Ondernemers Aldlân Winkelpark de Centrale Bedrijvenvereniging De Hemrik, Leeuwarden” Winkeliersvereniging Camminghaburen” Stichting Binnenstadsmanagement Leeuwarden, bestaande uit 7 winkeliersverenigingen en KHN Leeuwarden Zakelijk Wergea LTO Leeuwarden Ondernemersvereniging Goutum Zuiderburen Bedrijvenvereniging Goutum Leeuwarden Zuid Ondernemersvereniging Vlietzone Winkeliersvereniging “De Schrans en Omstreken” Ondernemersvereniging Heechterp Schieringen Sakeclub Reduzum, Friens, Idaerd” Ondernemersvereniging Warten Bedrijven en winkelpark De Zwette Ondernemersvereniging de Schakel (Wytgaard, Wirdum, Swichum) Ondernemersvereniging Ouddeel Mero Leeuwarden DOLCI (Directeuren Overleg Leeuwarder Culturele Instellingen) Medisch Centrum Leeuwarden Ondernemersvereniging MTV Rengerspark e.o.

25

Bijlage 6: Opbrengst vragenformulier. 1. Doelen Het overgrote merendeel van de respondenten geeft aan dat het LOF bijdraagt aan het versterken van het woon-, werk- en leefklimaat in hun trekkingsgebied. Zo is onder meer de leefbaarheid in de dorpen versterkt. Is de gemeente Leeuwarden op de kaart gezet met LF2018. Is de veiligheid op bedrijventerreinen door de aanschaf van camerasystemen toegenomen en is door de ondersteuning van wijk-gebonden activiteiten het woon- en leefklimaat in wijken verbeterd. 43 % geeft aan dat het LOF veel heeft bijgedragen aan het versterken van de betrokkenheid, samenwerking en het draagvlak onder hun achterban en 11% vindt dat het LOF heel veel heeft bijgedragen. Daar staat tegenover dat 46 % te kennen geeft dat het LOF weinig heeft bijgedragen. Dit wordt verklaard door het gebrek aan

Weinig: 46%

bestuurskracht bij de betreffende vereniging en het ontbreken van een achterban of belangstelling bij de achterban, waardoor onvoldoende binding ontstaat.

Door de respondenten wordt een palet aan voorbeelden gegeven van hoe het LOF heeft bijgedragen aan meer en/of kwalitatieve betere activiteiten en projecten. Zo is in Jirnsum geld beschikbaar gesteld voor de verfraaiing van het dorp in zomerperiode voor het aantrekken toerisme, voor een AED-cursus onder de bewoners van het dorp en voor de inrichting van een schoolplein. Op Bedrijventerrein De Zwette is bijgedragen aan het aanstellen van een parkmanager, de aanschaf van de vijf welkomstzuilen, het ondersteunen van de Zwettekrant 4 x per jaar met een oplage van 48.000 stuks in Leeuwarden en omgeving en het bevorderen van de fiets en E-bike voor woonwerk verkeer. In Baard is de Summerfair uitgebreid met een bedrijvenmarkt. Het meest veelzeggende voorbeeld is het hoofdsponsorschap van LF2018 waarmee de gemeente Leeuwarden nationaal en internationaal op de kaart is gezet.

26

Maar liefst 60% geeft te kennen dat er bij hen sprake is van toenemende samenwerking met non-profit instellingen, cultuurinstellingen, het onderwijs en ondernemers. Bij 26% is daar nog geen sprake van. Als oorzaak wordt gegeven dat het ontbreekt aan bestuurskracht bij de betreffende respondent en tijd en aan

Ja: 60%

onbekendheid. 2. Manier van werken In totaal geeft 91% te kennen dat het LOF transparant, efficiënt en effectief werkt in termen van aanvragen, procedures en besluitvorming. Helaas is 9% nog niet tevreden. Met name het proces rond het verdelen van het Gemeente brede budget behoeft verbetering. Met het opstellen van

Goed: 54%

criteria die bij de weging kunnen worden toegepast, gekoppeld aan de vijf thema’s, t.w. economie, cultuur, toerisme, talentontwikkeling en leefbaarheid, moet een slag worden gemaakt. De ondersteuning door het bureau wordt met een 8,3 hoog gewaardeerd.

Voor 60 % van de respondenten voldoet het systeem van de trekkingsrechten goed tot zeer goed en draagt het bij aan de doelen. 29% is redelijk tevreden en 12 % is van mening dat dat niet zo is. Ter verbetering worden verschillende suggesties gedaan, waaronder het verhogen van het Gemeente brede budget, zodat meer grote initiatieven kunnen worden ondersteund, en het toepassen van verdeelsleutels bij de toekenning van het Gemeente brede budget. Maar ook het nog duidelijker maken van het voordeel dat bijdrage-plichtigen hebben van het LOF. Met

Goed: 37%

name wordt daarbij de agrarische sector genoemd.

27

63% Is van mening dat de bekendheid over de systematiek in het betrokken trekkingsgebied groot tot voldoende is. Echter 37 % is van mening dat de bekendheid nog te weinig is.

Te weinig: 37%

Maar liefst 85% geeft te kennen dat de financiering via de OZB efficiënt en effectief verloopt. Het systeem wordt ervaren als helder en transparant. Als verbetering wordt hier en daar gesuggereerd om het budget te verhogen, waar nodig te herschikken en om de concessie voor onbepaalde tijd toe te kennen.

Goed: 71%

3. Organisatie De huidige organisatiestructuur van LOF – bestuur/adviesraad/fondsmanager – wordt 91 % passend geacht. Wel wordt opgemerkt dat transparantie en kennisdeling van groot belang is.

Passend: 91%

28

Niet tevreden: 11%

Ruim 89 % is tevreden, tot zeer tevreden over de informatievoorziening vanuit het LOF. Wel wordt voorgesteld om nog meer informatie te delen via de website van het LOF, zoals over vergaderingen van het bestuur en besluiten die daar worden genomen.

Voor 38% van de respondenten zijn externe contacten met andere partijen niet toegenomen en komt de netwerkfunctie van het LOF nog niet uit de verf. Als reden wordt aangegeven dat er geen behoefte aan bestaat en dat er ook geen tijd voor is om daarin te

Ja: 62%

investeren.

4. Toekomst Over de verlengingsduur van de nieuwe concessie na 2021 wordt verschillend gedacht. Van de respondenten kiest 57 % voor de gebruikelijke termijn van 5 jaar en 37 % voor

Met een termijn van 5 jaar: 57%

een termijn van onbepaalde tijd. Hierbij valt op dat vooral de grotere organisatie kiezen voor onbepaalde tijd. De kleinere organisaties geven de voorkeur aan de huidige termijn van 5 jaar.

29

Het draagvlak om de opslag op het OZB-tarief eventueel te verhogen om de ambities voor de komende jaren te kunnen realiseren is voor 64% in meer of mindere mate bespreekbaar. Voor 29% is het onbespreekbaar. De omvang van de organisatie speelt daarbij geen rol.

Gering, maar bespreekbaar: 35%

De bereidheid om het Gemeentebrede Budget in de komende jaren te laten toenemen, om daarmee meer gezamenlijk ambities te realiseren, verdeelt de achterban. Ook hier is de omvang van de organisatie niet van invloed op de bereidheid. De argumenten om voor te

Bereid: 50%

zijn laten zich samenvattend met het credo ‘Samen staan we sterk en bereiken we meer’. De tegenstanders behouden het geld liever voor hun eigen gebied of verwachten dat het ten koste zal gaan van de dorpen en dat het buitengebied er niet van zal profiteren.

Bij het toekennen van bijdragen uit het Gemeentebrede Budget geldt als belangrijk criterium dat zij passen binnen de pijlers: Economie, Leefbaarheid, Cultuur, Toerisme en Talentontwikkeling. Van de respondenten

Zwaar: 41%

geeft 59 % dat die criteria niet, nauwelijks of nog niet een rol spelen bij de beoordeling van aanvragen in hun eigen trekkingsgebied.

30

In navolging op de forse bijdragen aan LF2018 is 24 % bereid om in de toekomst op vergelijkbare wijze bij te dragen aan

Niet bereid: 18%

initiatieven om de gemeente Leeuwarden nadrukkelijker op de kaart te zetten, zoals nu al wordt gedaan met de participatie van het LOF in het recent opgerichte Frysk Blockbusterfonds. 59 % geeft te kennen daarover te willen praten.

Over het voornemen om intensiever te gaan samenwerken met De Federatie en de Commerciële Club Leeuwarden wordt verschillend gedacht. Voorstanders menen dat partijen daardoor sterker komen te staan, versnippering wordt voorkomen en dat het past bij de verdere ontwikkeling van het LOF. Anderen vinden overleg en afstemming prima maar pleiten, met het oog op de verschillende belangen, voor een onafhankelijke positie van het LOF. De toegevoegde waarde wordt nog niet door iedereen gezien.

31

5. Opmerkingen. Door respondenten zijn verschillende opmerkingen gemaakt. In het navolgende worden daar een paar van genoemd: - Blijf breed investeren. Niet alleen in de binnenstad, niet alleen in bepaalde sectoren, maar ook ik de kern van de maatschappij. De ondernemers mogen niet vergeten mogen worden. - Wij vinden het LOF nog steeds een prachtig platform dat van groot belang is voor de gemeente. Op diverse vlakken kan het geheel nog wat professioneler in elkaar worden gezet en verdienen bepaalde thema’s (Bijv.: verhouding stad versus ommelanden) meer aandacht, anderzijds, zoals het nu gaat, gaat het ook. Wij zouden het in elk geval zeer betreuren als het LOF zou verdwijnen, dat zou echt een gat slaan in de huidige mogelijkheden om creatieve plannen en ideeën verder te brengen en te realiseren. - Ondanks het feit dat er een website is en social mediakanalen komt er steeds weer commentaar dat het werk van het LOF (en ook wat wij met het geld doen) te onbekend is. Lastig, omdat mensen niet meer willen lezen en vaak niet georganiseerd zijn. - Verhoging van de OZB voor zakelijk vastgoed vinden wij niet gepast. Agrarische ondernemers, detailhandel, e.a. die het nu vaak al zwaar hebben moeten dit opbrengen, terwijl zij er niet/weinig voordeel terugzien. Verder succes gewenst bij het verwerven van de nieuwe concessie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=153f2374-39cb-4127-a1a4-eea74c539042