Concept Omgevingsvergunning Waterberging Himpensermar
Tekst van het document
Oldehoofsterkerkhof 2 Postbus 21000 8900 JA Leeuwarden Telefoon 14058
www.leeuwarden.nl E-mail gemeente@leeuwarden.nl
CONCEPT Omgevingsvergunning BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN LEEUWARDEN; Belangrijke gegevens Aanvrager : Wetterskip Fryslân : Fryslânplein 3 : 8914 BZ Leeuwarden Gemachtigde :Ontvangstdatum : 25-11-2024 Ons kenmerk : OV-2024-025248 Locatie : polder Himpensermar Omschrijving : het inrichten als een tijdelijk waterbergingsgebied Juridisch kader en beleid Algemene wet bestuursrecht (Awb) Omgevingswet (Ow) Besluit Bouwwerken leefomgeving (Bbl) Besluit Kwaliteit Leefomgeving (Bkl) Omgevingsplan Leeuwarden Onderdeel bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’ Onderdeel bestemmingsplan ‘Partiële herziening archeologie’ Lijst van projecten waarvoor een bindend advies van de gemeenteraad conform artikel 16.15a sub b onder 1° van de Omgevingswet (Ow) en participatie zoals bedoeld in artikel 16.55 (Ow) is vereist Bevoegd gezag en procedure Uit de aanvraag blijkt dat wij bevoegd gezag zijn om op uw aanvraag te beslissen. De aanvraag is voorbereid met de reguliere procedure. Volledigheid van de aanvraag Wij zijn van oordeel dat u in het kader van deze aanvraag belanghebbende bent. Het dossier is volledig, u heeft voldoende stukken bijgevoegd om de aanvraag inhoudelijk te kunnen beoordelen. Overwegingen De overwegingen staan per activiteit op een aparte pagina bij deze omgevingsvergunning. Deze pagina’s zijn onderdeel van deze omgevingsvergunning.
Besluiten Het college van burgemeester en wethouders besluiten: 1. De gevraagde omgevingsvergunning te verlenen voor de volgende activiteiten: - Omgevingsplanactiviteit (Art. 5.1 lid 1 onder a Ow.) 2. Dat de gewaarmerkte stukken deel uitmaken van de omgevingsvergunning. Zie hiervoor bijlage: opgave bijgevoegde stukken. 3. Aan de gevraagde omgevingsvergunning voorschriften te verbinden als genoemd in bijlage: voorschriften bij omgevingsvergunning. Leeuwarden, [datum verleend]
Sjoch dizze stêd wat der rûnom bart –It âlde spegelet him yn wat de takomst hat –Piter Terpstra
Met vriendelijke groet, college van Burgemeester en wethouders namens dezen,
Nynke van der Hoef Teamleider Plannen en Vergunningen Onder deze brief staat geen handtekening. Meer informatie: www.leeuwarden.nl/digitalepost
Onderdeel Afwijken van de regels in het omgevingsplan Gelet op artikel 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet is het verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten. De aanvraag ziet op het gebruik van de Himpensermar polder als waterbergingsgebied door het Wetterskip Fryslân. Waterberging is van groot maatschappelijk belang om het hoofd te kunnen bieden aan de toenemende schommelingen in het waterpeil. Dat gebeurt door tijdelijke inundatie (het onder water laten lopen van gronden). Inrichtingsmaatregelen die als gevolg van dit gebruik moeten worden genomen (de aanleg van een waterkering aan de noordzijde, een inlaatvoorziening aan de zuidzijde en verbetering van de waterinfrastructuur door middel van dammen en duikers) volgen indien nodig in separate aanvragen. Deze hebben hun eigen beoordelingskader. Omgevingsplan Het gebied ligt binnen omgevingsplan Leeuwarden. De relevante regels staan in het onderdeel bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’. Het gebied heeft hierin de enkelbestemming ‘Natuurgebied’, met de aanduidingen ‘grasland, en ‘gaaf gebied’. Daarnaast rust op een deel van het gebied de bestemmingen ‘Water’ en ‘Recreatie- en horecabedrijven’ met de aanduiding ‘restaurant’. Tot slot rust er op een deel van het gebied een dubbelbestemming ‘Molenbeschermingszone’. Tevens is van toepassing het bestemmingsplan ‘Partiële herziening archeologie’.
Het gebied heeft hierin grotendeels de dubbelbestemming ‘Waarde -archeologie 6’. Daarnaast heeft een klein deel van het gebied de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’. Het planvoornemen is niet in overeenstemming met de voorschriften van het omgevingsplan Leeuwarden, onderdeel bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’. Het bestemmingsplan voorziet niet in het gebruik van de gronden ten behoeve van een waterbergingsgebied. In dit geval moet worden afgeweken van het omgevingsplan. Overwegingen Met een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA) kan medewerking worden verleend aan deze aanvraag. Op grond van artikel 8.0a lid 2 van het Besluit Kwaliteit Leefomgeving wordt een omgevingsvergunning alleen verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Hierbij zijn tevens van toepassing de instructieregels uit hoofdstuk 5 van het Bkl. Wij zijn van oordeel dat er wordt voldaan aan een ETFAL. Het planvoornemen past binnen het geldend beleid van de verschillende overheden en er zijn vanuit ruimtelijk en milieu hygiënisch oogpunt geen belemmeringen. Voor de overwegingen hiertoe verwijzen wij naar de bijgevoegde onderbouwing voor een ETFAL (‘Rapport waterberging Himpensermar’). Deze onderbouwing maakt deel uit van de omgevingsvergunning.
Bindend advies van de gemeenteraad (art. 16.15a sub b onder 1° Ow.) De gemeenteraad heeft een lijst vastgesteld voor gevallen waarbij sprake is van een BOPA en de gemeenteraad in die gevallen bindend advies moet afgeven (Lijst van projecten waarvoor een bindend advies van de gemeenteraad conform artikel 16.15a sub b onder 1° van de Omgevingswet (Ow) en participatie zoals bedoeld in artikel 16.55 (Ow) is vereist). Het gebruik van Himpensermar polder voor een tijdelijke waterberging is aan te merken als ‘het realiseren van een nieuwe niet-agrarische functie buiten bestaand stedelijk gebied’ (onderdeel ‘k’ op de lijst). Er is bindend advies van de gemeenteraad nodig om de omgevingsvergunning te kunnen verlenen. De gemeenteraad heeft bij besluit van XXXX het bindend advies afgegeven. Dit advies maakt onderdeel uit van deze omgevingsvergunning. Advies en instemming provincie Fryslân (art. 16.15a sub d Ow.) Conform de ‘Lijst met aangewezen buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’ (vastgesteld door GS van de provincie Fryslân) is advies en instemming van de provincie vereist om deze BOPA te kunnen verlenen. Het zoeken van ruimte voor waterberging is een belangrijk onderdeel van de opgave Energietransitie in de provinciale Omgevingsvisie ‘De Romte Diele’. De provincie Fryslân heeft de ambitie om in de periode tot 2035 1.500 ha waterberging in natuurgebieden te realiseren.
Dit initiatief draagt hieraan bij. Het planvoornemen is, mits wordt voldaan aan enkele voorwaarden, niet in strijd met de Omgevingsverordening Fryslân (OVO). Er wordt voldoende rust en openheid gehandhaafd om het gebied geschikt te houden voor weidevogels. Daarnaast hebben de activiteiten geen negatieve gevolgen voor de wezenlijke kenmerken en waarden van het Natuurwetwerk Nederland (NNN). De voorwaarden zijn opgenomen in de voorschriften van deze omgevingsvergunning. De provincie concludeert dat de waterberging ook geen negatieve effecten heeft op de landschappelijke, cultuurhistorische en archeologische waarden. De provincie heeft per brief d.d. 23 april 2025 positief geadviseerd op deze BOPA. Deze brief maakt onderdeel uit van deze vergunning. Participatie (art. 16.55 Ow.) Er heeft participatie plaatsgevonden met stakeholders in de polder. De polder is eigendom van Staatsbosbeheer en wordt beheerd door een aantal pachters. Zowel Staatsbosbeheer als de pachters zijn nauw betrokken bij de ontwikkelingen en het ontwerpproces voor de inrichting. Zij hebben ook hun akkoord gegeven op voorlopige ontwerpen. Staatsbosbeheer heeft wel als voorwaarde gesteld dat waterberging alleen mag plaatsvinden in de periode tussen 1 oktober en 1 maart van het daaropvolgend jaar. Dit in verband met het broedseizoen van de weidevogels.
Dit is opgenomen in de voorschriften van deze omgevingsvergunning. Ook de eigenaar van Gasterij De Wâldwei en de beheerders van de Hempensermeer Molen zijn betrokken bij de planvorming. Bij de Gasterij zullen
aanvullende werkzaamheden plaatsvinden (die niet vallen onder deze omgevingsvergunning). Daarnaast brengt het Wetterskip Fryslân een periodieke nieuwsbrief uit die naar alle stakeholders gaat en is er een projectpagina op de website van Wetterskip Fryslân: wetterskipfryslan.nl/projecten/polder-himpensermar-inrichting-alswaterberging. Gelet hierop is voldaan aan de vereiste van participatie. Conclusie Uit het voorgaande blijkt dat sprake is van een ETFAL en er is geparticipeerd. Ook heeft de provincie Fryslân positief geadviseerd en de gemeenteraad heeft bindend advies afgegeven. Er is dan ook, gelet op artikel 5.21 Ow, geen grond om afwijzend op de aanvraag te beslissen.
Bijlage: voorschriften bij omgevingsvergunning Hoort bij omgevingsvergunning: OV-2024-025248 Algemeen -
Gelet op artikel 5.34 Omgevingswet worden voorschriften verbonden aan deze omgevingsvergunning. De gewaarmerkte stukken zijn de basis voor de omgevingsvergunning. U werkt volgens de vergunning, tenzij daarvan wordt afgeweken in deze voorschriften.
Voorschriften - Inundatie mag uitsluitend plaatsvinden in de periode tussen 1 oktober en 1 maart van het daaropvolgend jaar (inzetperiode). - De duur van een inundatie bedraagt maximaal 3 weken. - Er mag maximaal één inundatie per twee maanden plaatsvinden met een maximum van twee keer per inzetperiode. - Bij een inundatie tussen 1 februari en 1 maart moet vooraf contact worden opgenomen met een ecoloog van Staatsbosbeheer om te beoordelen of het gebied voor waterberging kan worden ingezet. Bodem Werkzaamheden in verdachte terreindelen Uit het bijgevoegde vooronderzoek bodem blijkt dat ter plaatse van het werkgebied de volgende verdachte activiteiten en/of bekende bodemverontreinigingen zijn geconstateerd: - Ter plaatse van een voormalig erf is een sterke asbestverontreiniging aanwezig. De locatie is afgedekt met een leeflaag van 0,60 meter. - Twee andere voormalige erven (nog niet onderzocht); - 51 dammen; - Eén ongespecificeerde demping; - Twee duidelijke kavelpaden. Indien er werkzaamheden worden uitgevoerd ter plaatse van de verdachte terreindelen (voormalige erven, dammen, kavelpaden en/of de demping) dan dient hier verkennend bodemonderzoek (NEN5740) en/of verkennend asbestonderzoek (NEN5707) te worden uitgevoerd.
Graven in de bodem Voorafgaand aan eventuele graafwerkzaamheden dient een melding ‘graven in de bodem met een kwaliteit onder/boven de interventiewaarde bodemkwaliteit’ (afhankelijk van de kwaliteit van de grond) ingediend te worden via het DSO bij het bevoegd gezag. Bij deze melding hoort minimaal een historisch onderzoek conform de NEN5725 toegevoegd te worden om de (verwachte) kwaliteit van de grond en eventuele verdachte deellocaties vast te stellen.
Mocht uit het historisch vooronderzoek blijken dat er sprake is van verdachte deellocaties, dient aanvullend een verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 uitgevoerd te worden.
Bijlage: opgave bijgevoegde stukken Hoort bij omgevingsvergunning:
Gewaarmerkte stukken: -
Verzoek, ontvangen d.d. 25 november 2024 Onderbouwing, ontvangen d.d. 30 april 2025 Protocol Spontaan Aantreffen Ontplofbare Oorlogsresten, ontvangen d.d. 25 november 2024 Onderzoek Ontplofbare Oorlogsresten Conflictperiode, d.d. 25 november 2024 Gebeurtenissenkaart Ontplofbare Oorlogsresten, d.d. 25 november 2024 Chronologische Gebeurtenissenlijst, d.d. 25 november 2024 Bodembelastingskaart, ontvangen d.d. 25 november 2024 Cultuurhistorisch onderzoek, ontvangen d.d. 25 november 2024 Stikstofdepositie-onderzoek, ontvangen d.d. 25 november 2024 Aerius projectberekening 2024, ontvangen d.d. 25 november 2024 Aerius projectberekening 2025, ontvangen d.d. 25 november 2024 Natuurtoets en activiteitenplan, ontvangen d.d. 25 november 2024 Aanmeldingsnotitie m.e.r., ontvangen d.d. 30 april 2025 Vooronderzoek bodem, ontvangen d.d. 25 november 2024 Gebruikte zoektermen, ontvangen d.d. 25 november 2024 Archeologische QuickScan, ontvangen d.d. 25 november 2024 Formeel advies BOPA Provincie, ontvangen d.d. 23 april 2025 Advies Gemeenteraad, ontvangen d.d. XXXX
Einde opgave bijgevoegde stukken.