Bijlagen bij Regels 'Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven’
Tekst van het document
Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
bestemmingsplan Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de regels
3
Bijlage 1
Toetsingscriteria algemene wijzingsbevoegdheden
4
Bijlage 2
Welstandscriteria
8
Bijlage 3
Bodemonderzoek
10
Bijlage 4
Kwaliteitsnota plan voor de zon
91
2
Inhoudsopgave (concept)
bestemmingsplan Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
Bijlagen bij de regels
Bijlagen bij de regels (concept)
3
bestemmingsplan Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
Bijlage 1 T oetsingscriteria algemene wijzingsbevoegdheden
4
Bijlagen bij de regels (concept)
SPECIFIEKE WIJZIGINGSCRITERIA De volgende specifieke voorwaarden dienen bij de toepassing van de wijzigingsbevoegdheden genoemd in artikel ‘Algemene wijzigingsregels’ vanaf lid c in acht te worden genomen:
c
1. Een uitbreiding van het aantal woningen dient in overeenstemming te zijn met een door de gemeenteraad vastgesteld Woonplan. (Deze voorwaarde is niet van toepassing in geval van het wijzigen van het gebruik van bestaande gebouwen in maximaal 10 woningen / appartementen).
x
2. Een project dient bedrijven en/of voorzieningen te betreffen die passen binnen de milieucategorieën 1 en 2, volgens de Lijst van Bedrijfsactiviteiten en Voorzieningen die als bijlage 1 aan dit bestemmingsplan is of die qua aard en invloed op de omgeving gelet op de milieuhinder vergelijkbaar zijn met deze milieucategorieën.
d
e
f
g
h
i
x
x
x
x
x
x
3. De projecten m.b.t. infrastructuur dienen kleinschalig en beperkt van omvang te zijn (d.w.z. de lengte van de weg en/of van het water mag maximaal 2 kilometer bedragen) en het mogen geen infrastructuur-projecten betreffen die samenhangen met nieuwe planmatige stads- of dorpsuitbreidingen.
x
4. De projecten t.b.v. de sport en de sportieve recreatie, en de recreatieve voorzieningen en de maatschappelijke voorzieningen dienen vooral een lokaal karakter te hebben en mogen niet op bedrijventerreinen worden gevestigd. 5. Projecten dienen betrekking te hebben op bestaand stedelijk gebied / op locaties binnen de bebouwde kom. 6. Voor projecten waarbij de wijzigingsbevoegdheid wordt toegepast t.b.v. detailhandel zijn de volgende voorwaarden specifiek van toepassing: a. de (ver-)bouwprojecten t.b.v. detailhandel dienen plaats te vinden binnen de bebouwde kom in of grenzend aan het kernwinkelgebied of in overige bestaande winkelcentra; b. er mag geen ernstige verstoring optreden in de lokale en regionale detailhandelsstructuur; c. het dient geen perifere detailhandelsvestiging (PDV) in volumineuze goederen te betreffen; d. het project t.b.v. detailhandel mag een maximale oppervlakte van 1.000 m² brutovloeroppervlak (bvo) niet te boven gaan; e. het wijzigingsplan dient in overeenstemming te zijn met het geldende detailhandelsbeleid van de gemeente Leeuwarden.
1
j
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
De volgende specifieke voorwaarden dienen bij de toepassing van de wijzigingsbevoegdheden genoemd in artikel ‘Algemene wijzigingsregels’ vanaf lid c in acht te worden genomen:
c
d
e
7. Voor projecten waarbij de wijzigingsbevoegdheid wordt toegepast t.b.v. een horecafunctie dient het wijzigingsplan in overeenstemming te zijn met het geldende horecabeleid van de gemeente Leeuwarden. 8. Voor projecten waarbij de wijzigingsbevoegdheid wordt toegepast t.b.v. een kantoorfunctie zijn de volgende voorwaarden specifiek van toepassing: a. de locatie van het project mag zich niet bevinden op een bedrijventerrein; b. voor de andere kernen dan de stad Leeuwarden mag aan de vestiging van kantoren slechts worden meegewerkt, indien er sprake is van maximaal 600 m² brutovloeroppervlak (bvo), waarbij de kantoorfunctie onderdeel dient uit te maken van lokale bedrijvigheid, of dient er sprake te zijn van een notaris, accountant, makelaar of een daarmee vergelijkbare kantoorfunctie. 9. Het bruto-vloeroppervlak (bvo) van de gebouwen van het project mag niet meer bedragen dan 1.500 m², waarbij voor de functie van detailhandel het gestelde onder voorwaarde 6, letter d, onverminderd van kracht blijft, en waarbij voor de functie van kantoren in andere kernen van de stad Leeuwarden het gestelde onder voorwaarde 8, letter b onverminderd van kracht blijft. 10. Bij het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid dienen de maximale maten, afmetingen en percentages volgens de bouwvoorschriften (bouwregels) van de oorspronkelijke vigerende bestemming in acht te worden genomen.
Vergroting van het bouwvlak is toegestaan, maar daardoor mag de bouwmassa binnen het bestemmingsvlak, volgens het oorspronkelijke vigerende bestemmingsplan, niet toenemen. 11. De wijzigingsbevoegdheid kan niet worden toegepast indien er volgens de Wet milieubeheer (Wm) en het Besluit milieu-effectrapportage een m.e.r.-procedure of een m.e.r.beoordelingsprocedure dient te worden gevoerd.
h
i
j
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
2
g
x
12. De wijzigingsbevoegdheid kan niet worden toegepast ten behoeve van risicovolle inrichtingen en ook niet voor vuurwerkbedrijven. 13. De wijzigingsbevoegdheid kan niet worden toegepast voor seksinrichtingen.
f
x
x
x
x
x
De volgende specifieke voorwaarden dienen bij de toepassing van de wijzigingsbevoegdheden genoemd in artikel ‘Algemene wijzigingsregels’ vanaf lid c in acht te worden genomen:
c
d
e
f
g
h
i
j
14. Indien het gebied of het gebouw, waarvoor om een bestemmingswijziging wordt verzocht en waarbij een bouwvergunning is vereist, is gelegen in een gebied dat is aangewezen als Beschermd stads- of dorpsgezicht, dient voor het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid advies te worden gevraagd van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
x
x
x
x
x
x
x
x
15. Naast de bovengenoemde specifieke voorwaarden, dient voldaan te worden aan de algemene voorwaarden, zoals genoemd onder de leden 2 en 3 van dit artikel.
x
x
x
x
x
x
x
x
3
bestemmingsplan Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
Bijlage 2 Welstandscriteria
8
Bijlagen bij de regels (concept)
Bijlage.
bestemmingsplan Leeuwarden - bouw woning Achter de Hoven
Bijlage 3 Bodemonderzoek
10
Bijlagen bij de regels (concept)
Verkennend en nader bodemonderzoek aan Achter de Hoven in Leeuwarden
Rapportnummer: Status: Datum:
220431/JvdM Definitief, versie 1 22 juli 2022
Opdrachtgever:
De heer H. Smit Hoofdweg 5 9104 BA DAMWÂLD
Realisatie:
WMR Rinsumageest bv Van Aylvawei 40 9105 KT RINSUMAGEAST T 0511 - 425050 I www.wmr.nl E milieu@wmr.nl
COLOFON Project: Opdrachtgever: Rapportnummer: Auteur: Projectleider: Handtekening:
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden De heer H. Smit 220431/JvdM J.J. van der Mei D.T. van der Mei
Datum:
22 juli 2022
Niets uit dit rapport mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de opdrachtgever. De activiteiten van WMR Rinsumageest bv zijn gewaarborgd middels de volgende certificaten: NEN-EN-ISO 9001 Kwaliteitsmanagementsystemen VCA**: Veiligheids Checklijst Aannemers SC-530: SCA Procescertificaat Asbestverwijdering SVMS-007: Procescertificaat Slopen BRL SIKB 1000: Procescertificaat Monsterneming voor partijkeuringen BRL SIKB 2000: Procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek BRL SIKB 6000: Procescertificaat Milieukundige begeleiding van bodemsaneringen BRL SIKB 7000: Procescertificaat Uitvoering Bodemsaneringen en lidmaatschap van:
Vereniging Van Milieu Adviesbureaus Bouwend Nederland
BRL SIKB 2000
Rapportnummer : 220431/JvdM
Blad : III
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING ..................................................................................................................................................................1 1.1 Algemeen ....................................................................................................................................................1 1.2 Aanleiding en doelstelling van het onderzoek............................................................................................1 1.3 Onderzoeksstrategie...................................................................................................................................1 1.4 Kwaliteitswaarborg .....................................................................................................................................1
2
VOORONDERZOEK .....................................................................................................................................................2 2.1 Algemeen ....................................................................................................................................................2 2.2 Algemene locatiegegevens .........................................................................................................................2 2.3 Geraadpleegde bronnen.............................................................................................................................2 2.4 Actuele situatie en historische situatie ......................................................................................................2 2.5 Bodemopbouw en geohydrologie onderzoekslocatie ................................................................................3 2.6 Voorgaande bodemonderzoeken ...............................................................................................................3 2.7 Conclusie vooronderzoek ........................................................................................................................... 3 2.8 Opstelling onderzoekshypothese ...............................................................................................................3
3
VELD- EN LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN .........................................................................................................4 3.1 Veldwerkzaamheden .................................................................................................................................. 4 3.2 Laboratoriumonderzoek .............................................................................................................................4
4
TOETSINGSKADER .....................................................................................................................................................6
5
ANALYSERESULTATEN EN TOETSING.........................................................................................................................7 5.1 Grond ..........................................................................................................................................................7 5.2 Grondwater ................................................................................................................................................7 5.3 Aanvullend onderzoek ................................................................................................................................ 7 5.4 Nader onderzoek ........................................................................................................................................8
6
EVALUATIE ONDERZOEKSRESULTATEN .....................................................................................................................9 6.1 Grond ..........................................................................................................................................................9 6.2 Grondwater ................................................................................................................................................9 6.3 Omvang verontreiniging .............................................................................................................................9 6.4 Ernst van de verontreiniging ....................................................................................................................10 6.5 Spoedeisendheid ......................................................................................................................................10
7
SAMENVATTING EN CONCLUSIE .............................................................................................................................11 7.1 Samenvatting ............................................................................................................................................11 7.2 Conclusies .................................................................................................................................................11 7.3 Aanbevelingen ..........................................................................................................................................12
Bijlagen:
1. Kadastrale kaart 2. Situatietekening 3. Boorprofielen 4. Analysecertificaten 5. Toetsingsresultaten 6. Situatietekening met interventiewaardecontour grond
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM
1
INLEIDING
1.1
Algemeen
Blad : 1 van 12
In opdracht van de heer H. Smit is door WMR Rinsumageest bv een verkennend, aanvullend en nader bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van een perceel aan Achter de Hoven in Leeuwarden. 1.2
Aanleiding en doelstelling van het onderzoek Aanleiding van het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen ontwikkeling van de locatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Op basis van de onderzoeksresultaten kan bepaald worden of de milieuhygiënische bodemkwaliteit voldoende geschikt is voor de voorgenomen plannen.
1.3
Onderzoeksstrategie Het onderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725 (Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek) en NEN 5740 (Bodem - Onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond). Aansluitend is op basis van de NTA 5755 (Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging) een onderzoeksopzet opgesteld om de omvang van de koperverontreiniging te bepalen.
1.4
Kwaliteitswaarborg Het veldwerk uitgevoerd conform de SIKB-protocollen 2001 en 2002. WMR Rinsumageest bv is voor uitvoering van de veldwerkzaamheden bij (water)bodemonderzoek gecertificeerd door het KIWA volgens de BRL SIKB 2000 (certificaatnummer K9198). Het procescertificaat van WMR Rinsumageest bv en het hierbij behorende keurmerk, zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. WMR Rinsumageest bv is op geen enkele wijze gelieerd of gekoppeld aan de opdrachtgever. Ook bestaan er geen eigendomsverhoudingen met betrekking tot het te onderzoeken terrein. Hiermee wordt voldaan aan de onafhankelijkheidseisen uit de BRL 2000. Daarnaast is in het belang van een gewaarborgde functiescheiding tussen opdrachtgever en opdrachtnemer(s) geen sprake van een directe relatie (opdracht uit eigen organisatie). De analyses zijn uitgevoerd conform AS3000 in het erkende laboratorium van Eurofins Analytico.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 2 2.1
Blad : 2 van 12
VOORONDERZOEK Algemeen Het vooronderzoek is uitgevoerd op basis van de NEN 5725. Het vooronderzoek heeft zich gericht op de onderzoekslocatie en de aangrenzende percelen.
2.2
Algemene locatiegegevens In bijlage 1 is een kadastrale kaart opgenomen, waarop de onderzoekslocatie en de directe omgeving zijn weergegeven. In onderstaande tabel zijn de locatiegegevens samengevat. Tabel 2.1: Overzicht locatiegegevens Adres locatie Kadastrale gegevens Oppervlakte onderzoekslocatie Huidig gebruik
2.3
Achter de Hoven, Leeuwarden Gemeente Leeuwarden, sectie G, nr. 17676 873 m2 Berging-stalling
Geraadpleegde bronnen Voor het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: • Opdrachtgever • Locatie-inspectie (gecombineerd met veldwerk) • Bodeminformatiesysteem Nazca-i • Dinoloket • Google Earth/Maps/Streetview • Het Kadaster (www.kadaster.nl)
2.4
Actuele situatie en historische situatie De onderzoekslocatie aan Achter de Hoven bevindt zich ten zuidoosten van het historisch centrum van Leeuwarden. Het terrein ligt momenteel braak. Op het zuidelijk deel van het terrein heeft tot medio 2010 een loods gestaan (bron: topotijdreis.nl). De loods is onder meer in gebruik geweest als opslag voor auto’s en materialen. Een deel van het terrein is van 1986 tot 1992 in gebruik geweest als opslag voor steigers en bouwmaterialen. Op het noordelijk deel van het terrein heeft tot begin jaren ’90 een container met bouw- en sloopafval gestaan. Uit gegevens van het bodeminformatiesysteem (Nazca-i) blijkt dat op het terrein een bovengrondse benzinetank (6.000 L) met vulpunt aanwezig is geweest. De tank is in 1931 geplaatst. Het is niet bekend wanneer de tank verwijderd is. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van 873 m2. PFAS Voor de onderzoekslocatie zijn er geen aanwijzingen voor een verontreiniging met PFAS. PFAS is onder andere water-, vet- en vuilafstotend. Ze zitten in verschillende producten. Bijvoorbeeld in smeermiddelen, voedselverpakkingsmaterialen, blusschuim, anti-aanbaklagen van pannen, kleding, textiel en cosmetica. Ook worden ze gebruikt in verschillende industriële toepassingen en processen.
Omliggende percelen De omliggende percelen bestaan uit woningen met tuin, een voormalig caseïnefabriek/timmerwerkplaats en braakliggend terrein. Van de onderzoekslocatie en de directe omgeving zijn gegevens bekend omtrent milieuverdachte activiteiten en calamiteiten. In bijlage 2 is een situatietekening van de onderzoekslocatie opgenomen.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 2.5
Blad : 3 van 12
Bodemopbouw en geohydrologie onderzoekslocatie De regionale bodemopbouw in de omgeving van de onderzoekslocatie is afgeleid uit ondergrondgegevens van het Dinoloket (BRO Regis II v 2.2, boring B06C0681). De resultaten tot 9,1 m -mv zijn in tabel 2.2 weergegeven. Tabel 2.2: Bodemopbouw omgeving onderzoekslocatie Diepte (m -mv)
Lithologie (textuur)
Lithostratigrafie
0,0 - 6,9 6,9 - 7,4 7,4 - 9,1
Klei Veen Zand
Holocene afzettingen Holocene afzettingen Formatie van Boxtel
Uit het grondwaterbeschermingsplan van de provincie Fryslân blijkt dat de locatie niet in een grondwaterbeschermingsgebied ligt. De grondwaterstroming van het freatisch grondwater is niet bekend. De grondwaterstroming wordt in de regel met name bepaald door lokale watergangen en voorkeursstromingen (als gevolg van o.a. vijvers en sloten). 2.6
Voorgaande bodemonderzoeken Ter plaatse van de onderzoekslocatie en de directe omgeving is in 2010 een historisch onderzoek (Register, rapportnr. B02037.000109, 12 februari 2010) uitgevoerd. Aanleiding van het onderzoek was het vermoeden van verontreinigingen. Op de locatie zijn in het verleden matig verhoogde concentraties aan PAK, zink en lood aangetroffen, deze betreffen echter verhoogde achtergrondwaarden. Geconcludeerd wordt dat nader onderzoek niet noodzakelijk is.
2.7
Conclusie vooronderzoek Op basis van de resultaten van het vooronderzoek en gezien de ligging van de locatie zijn er aanwijzingen voor een vermoeden van bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie.
2.8
Opstelling onderzoekshypothese Conform de NEN 5740 is voor de onderzoekslocatie een onderzoekshypothese met een onderzoeksstrategie opgesteld welke in tabel 2.3 worden weergegeven. Tabel 2.3: Onderzoekslocatie met onderzoeksstrategie (Deel-)locatie Oppervlakte (in m2) Verdacht/onverdacht Aard verwachte stoffen 1. Vml. bovengrondse benzinetank (6.000L) 20 Verdacht Min. olie, BTEX 2. Vml. vulpunt 10 Verdacht Min. olie, BTEX 3. Overig terrein 843 Verdacht PAK-10, lood, zink VEP-OO Verdachte locatie, met één of meer ondergrondse tanks VED-HE-NL Verdachte niet-lijnvormige locatie met heterogeen verdeelde verontreiniging
Onderzoeksstrategie VEP-OO VEP-OO VED-HE-NL
Verdachte locatie met één of meer ondergrondse tanks Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is vast te stellen of de aanwezigheid van een ondergrondse tank heeft geleid tot gehaltes aan de verontreinigde stoffen in de grond en het freatische grondwater boven respectievelijk de achtergrondwaarden en de streefwaarden. Verdachte niet-lijnvormige locatie met heterogeen verdeelde verontreiniging Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is het bepalen van de aard van de heterogeen verdeelde verontreinigende stoffen op schaal van de monsterneming. Tevens wordt vastgesteld of de concentraties van de vermoede verontreinigende stoffen in de grond en het freatisch grondwater boven respectievelijk de achtergrondwaarde en de streefwaarde worden aangetroffen. Opgemerkt wordt dat de gehanteerde onderzoeksstrategie (NEN 5740) niet geschikt is om de eventuele aanwezigheid van asbest in de bodem aan te tonen. Onderzoek naar asbest dient plaats te vinden conform de NEN 5707. Vooralsnog is er geen aanleiding voor het uitvoeren van een onderzoek naar asbest in de bodem conform NEN 5707. Bij de uitvoering van het veldwerk dient aandacht te worden besteed aan het eventueel zintuiglijk voorkomen van asbest op en in de bodem.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 3 3.1
Blad : 4 van 12
VELD- EN LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door de erkende monsternemer J.R. Duinstra volgens de SIKB-protocollen 2001 en 2002. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 13 mei en 7 juli 2022. De boringen zijn uitgevoerd met een edelmanboor. De grond van de boringen is per bodemlaag bemonsterd met een maximaal bemonsteringstraject van 0,5 meter. De peilbuis is, na voldoende doorpompen, bemonsterd op 20 mei 2022 met behulp van een slangenpomp. In tabel 3.1 is een overzicht weergegeven van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Tabel 3.1 Veldwerkzaamheden Uitvoering per onderzoek boring tot 0,5 m -mv Verkennend onderzoek NEN 5740 1. Vml. bovengrondse benzinetank Verkennend onderzoek NEN 5740 2. Vml. vulpunt Verkennend onderzoek NEN 5740 3. Overig terrein Nader onderzoek NTA 5755 Onderzoekslocatie (t.p.v. boring 5)
aantal boringen boring tot 2,0 m -mv boring met peilbuis
boringnummers
2
-
1
nrs. 1 t/m 3
-
1
-
nr. 4
5
1
1
nrs. 5 t/m 11
-
1
-
nr. 100
De situering van de onderzoekslocatie en de boringen is weergegeven op de situatietekening in bijlage 2. Zintuiglijke waarnemingen Het maaiveld en de opgeboorde grond van iedere boring is zintuiglijk beoordeeld op het voorkomen van bodemvreemde en asbestverdachte materialen. Hierbij zijn in meerdere boringen puinrestanten (baksteen) aangetroffen. Verder zijn geen bijzonderheden waargenomen. De bodemkundige beoordeling van de boringen is weergegeven op de boorprofielen in bijlage 3. Veldmetingen grondwater In tabel 3.2 zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater weergegeven. Tabel 3.2: Resultaten veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterstelling (cm -mv)
Grondwaterstand (cm -mv)
pH (-)
Ec (mS/cm)
Troebelheid (NTU)
1
320 - 420
210
6,41
2,53
<10
5
300 - 400
240
6,30
1,97
<10
De gemeten waarden voor de zuurgraad en geleiding zijn normaal voor de omgeving waarin de onderzoekslocatie zich bevindt. De troebelheid van de grondwatermonsters voldoen aan de verwachte natuurlijke waarde (0-10 NTU). Het meten van een verhoogde troebelheid is overigens niet bezwaarlijk maar kan gebruikt worden bij de interpretatie van de analyseresultaten. 3.2 Laboratoriumonderzoek De chemische analyses van de grond zijn uitgevoerd in het geaccrediteerde laboratorium van Eurofins Analytico. De samenstelling van de te analyseren monsters heeft plaatsgevonden op basis van de resultaten van het veldonderzoek. De monsters zijn dusdanig geselecteerd dat, na uitvoering van de analyses, een zo representatief mogelijk beeld verkregen wordt van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. In tabel 3.3 zijn de samenstelling van de monsters en de geanalyseerde parameters weergegeven. Vanwege een verhoogd PAK-10 gehalte in een mengmonster van de bovengrond is aansluitend een aanvullend en nader bodemonderzoek uitgevoerd. De uitgevoerde analyses van het aanvullend en nader bodemonderzoek zijn eveneens in tabel 3.3 op de volgende pagina weergegeven.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM
Blad : 5 van 12
Tabel 3.3: Samenstelling (meng)monsters en analyses Uitvoeringsfase Verkennend onderzoek Vml. bovengrondse benzinetank Verkennend onderzoek Vml. vulpunt Verkennend onderzoek Overig terrein
Mengmonster
Boringen met monstertraject
Motivatie
Analyses
MMbg1 Peilbuis 1 MMbg2
(cm -mv) 1 (10-60), 3 (12-62) Peilbuis 1 (filter: 320-420) 4 (12-62)
Bovengrond Grondwater Bovengrond
Minerale olie + BTEX Minerale olie + BTEX Minerale olie + BTEX
MMbg3 MMbg4 MMog Peilbuis 5
5 (0-50), 6 (0-30), 7, 8 (0-40) Bovengrond NEN 5740 basispakket grond* 9, 10 (10-50), 11 (8-58) Bovengrond NEN 5740 basispakket grond 5 (75-200), 6 (80-200) Ondergrond NEN 5740 basispakket grond Peilbuis 5 (filter: 300-400) Grondwater NEN 5740 basispakket grondwater** Aanvullend onderzoek 5 (0-50) Uitsplitsing PAK-10 6 (0-30) Uitsplitsing PAK-10 7 (0-40) Uitsplitsing PAK-10 8 (0-40) Uitsplitsing PAK-10 Nader onderzoek 10 (60-100) Verticale afperking PAK-10 10 (100-150) Verticale afperking PAK-10 * droge stof, zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni en Zn), minerale olie, PAK-10, PCB, organisch stofgehalte en lutum ** zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni en Zn), minerale olie, aromatische en chloorhoudende verbindingen, zuurgraad en geleiding
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 4
Blad : 6 van 12
TOETSINGSKADER De gemeten gehalten aan verontreinigende stoffen in de grond worden beoordeeld op basis van “AW 2000” (TNOrapport 2006-U-R0044/A; maart 2006) en de “Circulaire Bodemsanering 2013” (Staatscourant, nummer 16675, 27 juni 2013). In deze regelgeving zijn normen aangegeven voor het vaststellen van bodemvervuiling aan de hand van achtergrond-, tussen- en interventiewaarden. Voor het grondwater wordt in plaats van de achtergrondwaarde, de streefwaarde gebruikt als toetsingscriterium. Barium De norm voor barium in grond is tijdelijk ingetrokken. Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 920 mg/kg d.s. Het beoordelingsniveau van de achtergrond-, tussen- en interventiewaarden, waaraan verontreinigende stoffen worden getoetst, is in onderstaande tabel weergegeven: Tabel 4.1: Interpretatie van de achtergrond-, tussen- en interventiewaarden (Wbb) Beoordelingsniveau verontreinigende stof
Waardering
Toelichting
≤ Achtergrond-/streefwaarde (of detectiegrens)
niet verontreinigd
> Achtergrond-/streefwaarde ≤ Tussenwaarde
licht verhoogd
> Tussenwaarde ≤ Interventiewaarde
matig verhoogd
> Interventiewaarde
sterk verhoogd
De achtergrond-/streefwaarde geeft het uiteindelijk te bereiken kwaliteitsniveau van de bodem aan waarbij de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, dier en plant heeft volledig hersteld zijn. Naast de streef-/achtergrond- en interventiewaarden worden de gemeten waarden getoetst aan het criterium (A/S+I)/2, de zogenaamde tussenwaarde. Bij overschrijding van de tussenwaarde bestaat er een vermoeden van een ernstige bodemverontreiniging en wordt nader onderzoek noodzakelijk geacht. De interventiewaarde geeft het niveau aan waarbij verontreinigingen in de bodem zodanig zijn dat er een ernstige of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen van de bodem voor mens, dier en plant. Bij gehalten boven de interventiewaarde en een bepaalde hoeveelheid verontreinigde grond/sediment (≥25 m3) of grondwater (≥100 m3), is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Bodemtypecorrectie Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de gemeten gehalten middels een bodemtypecorrectie omgerekend naar standaardbodem. De wijze van omrekening is beschreven in bijlage G, onderdeel III van de Regeling Bodemkwaliteit. Besluit Bodemkwaliteit De regels voor de afvoer van grond zijn opgenomen in het Besluit Bodemkwaliteit. De analyseresultaten zijn indicatief getoetst aan de achtergrondwaarden en maximale waarden voor grond en baggerspecie zoals deze zijn opgenomen in de “Regeling bodemkwaliteit” (bijlage B, tabel 1). Opgemerkt dient te worden dat de veldwerkzaamheden en chemische analyses niet conform de AP-04 richtlijnen zijn uitgevoerd. Aan de resultaten van dit onderzoeksrapport kunnen daarom niet dezelfde rechten worden ontleend als aan een partijkeuring die conform Besluit Bodemkwaliteit is uitgevoerd.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 5 5.1
Blad : 7 van 12
ANALYSE- EN TOETSINGSRESULTATEN VERKENNEND EN AANVULLEND ONDERZOEK Grond De analyseresultaten en interpretatie van de grond is weergegeven in tabel 5.1. Tabel 5.1: Interpretatie analyseresultaten grond Deellocatie Monster Boringnrs. met monstertraject (cm -mv)
Bodemkwaliteitsklasse Bbk*
1. Vml. bovengrondse benzinetank 2. Vml. vulpunt
MMbg1
1 (10-60), 3 (12-62)
> AW -
>T -
>I -
Altijd toepasbaar
MMbg2
4 (12-62)
Min. olie
-
-
Niet Toepasbaar
3. Overig terrein
MMbg3
Lood, zink, PCB, min. olie Kwik, lood
-
PAK-10
Niet Toepasbaar
MMbg4
5 (0-50), 6 (0-30), 7, 8 (0-40) 9, 10 (10-50), 11 (8-58)
-
-
Altijd toepasbaar
MMog
5 (75-200), 6 (80-200)
-
-
-
Altijd toepasbaar
> AW >T >I *
5.2
Mate van verontreiniging Wbb
: geen overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de tussenwaarde : overschrijding van de interventiewaarde : indicatieve toetsing bij toepassing op landbodem
Grondwater De analyseresultaten en interpretatie van het grondwater is weergegeven in tabel 5.2. Tabel 5.2: Interpretatie analyseresultaten grondwater Peilbuis Filtertraject (cm -mv) 1
320-420
>S -
5
300-400
Molybdeen
>S >T >I
5.3
Mate van verontreiniging Wbb >T -
>I -
-
-
: geen overschrijding : overschrijding van de streefwaarde : overschrijding van de tussenwaarde : overschrijding van de interventiewaarde
Aanvullend onderzoek In verband met het sterk verhoogde gehalte aan PAK-10 in een mengmonster van de bovengrond zijn de deelmonsters van dit mengmonster afzonderlijk geanalyseerd op het voorkomen van koper. Op basis van de resultaten kan beoordeeld worden of nader onderzoek voor deze verontreiniging noodzakelijk is. Voor de omrekening van de toetsingswaarden naar een standaardbodem zijn de lutum- en organisch stofgehalten van het mengmonster gebruikt. In tabel 5.3 zijn de gecorrigeerde analyseresultaten en de interpretatie van de analyseresultaten weergegeven. Tabel 5.3: Overschrijdingstabel aanvullend onderzoek Boring Monstertraject (cm -mv)
Mate van verontreiniging (mg/kg ds) >T >I (20,8) (40) 172,7
5
0-50
> AW (1,5) -
6
0-30
7,17
-
-
7
0-40
3,84
-
-
8
0-40
17,45
-
-
> AW >T >I
: geen overschrijding : overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de tussenwaarde : overschrijding van de interventiewaarde
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 5.4
Blad : 8 van 12
Nader onderzoek In verband met sterke verontreiniging met PAK-10 ter plaatse van boring 5 (0-50 cm -mv) is een nader onderzoek uitgevoerd om de omvang van de verontreiniging vast te stellen. In tabel 6.1 zijn de gecorrigeerde meetwaarden (in mg/kg ds) en de interpretatie van de analyseresultaten weergegeven. Tabel 6.1: Overschrijdingstabel analyseresultaten nader onderzoek Boring Monstertraject (cm -mv)
100
60-100
> AW (1,5) -
100
100-150
-
> AW >T >I
Mate van verontreiniging (mg/kg ds) >T (20,8) -
>I (40) -
-
-
: geen overschrijding : overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de tussenwaarde : overschrijding van de interventiewaarde
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. De toetsingsresultaten zijn opgenomen in bijlage 5.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 6 6.1
Blad : 9 van 12
EVALUATIE ONDERZOEKSRESULTATEN Grond De analyseresultaten van het verkennend bodemonderzoek zijn als volgt: Voormalig bovengrondse benzinetank: - in het mengmonster van de bovengrond (MMbg1) zijn geen verhoogde gehalten gemeten; - in het grondwater (peilbuis 1) zijn geen verhoogde concentraties gemeten. Voormalig vulpunt: - in het mengmonster van de bovengrond (MMbg2) is voor minerale olie een licht verhoogd gehalte gemeten. Overig terrein: - in het mengmonster van de bovengrond (MMbg3) zijn voor lood, zink, PCB en minerale olie licht verhoogde gehalten gemeten. Voor PAK-10 is een sterk verhoogd gehalte gemeten; - in het mengmonster van de bovengrond (MMbg4) zijn voor kwik en lood licht verhoogde gehalten gemeten; - in het mengmonster van de ondergrond (MMog) zijn geen verhoogde gehalten gemeten; - in het grondwater (peilbuis 5) is voor molybdeen een licht verhoogde concentratie gemeten. De licht verhoogde gehalten zijn dusdanig dat een aanvullend onderzoek naar deze parameters niet noodzakelijk is. Vanwege het sterk verhoogde gehalte aan PAK-10 is voor deze parameter een aanvullend en nader onderzoek uitgevoerd. Na uitsplitsing van een mengmonster van de bovengrond (MMbg3) en de separate analyse van de deelmonsters op PAK-10, blijkt dat in één boring (nr. 5; 0-50 cm -mv) een sterk verhoogd gehalte aan PAK-10 is gemeten. In de overige boringen (nr. 6; 0-30 cm -mv, nr.
7; 0-40 cm -mv, nr. 8; 0-40 cm -mv) zijn licht verhoogde gehalten aan PAK-10 gemeten. Uit de resultaten van het nader onderzoek blijkt dat in beide monsters van de verticale afperking (boringnr. 100; 60-100 cm -mv, 100-150 cm -mv) geen verhoogde gehalten aan PAK-10 zijn gemeten. De sterke verontreiniging wordt in verticale richting afgeperkt door het monster van boring 100 (60-100 cm -mv). De verontreiniging is wordt in horizontale richting afgeperkt door de monsters van boring 8 (0-40 cm -mv) en boring 9 (10-50 cm -mv) waarin PAK-10 maximaal licht verhoogd zijn gemeten.
6.2
Grondwater Uit de analyseresultaten blijkt dat in peilbuis 5 voor molybdeen een licht verhoogde concentratie is gemeten. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde concentraties (t.o.v. de streefwaarde of detectiegrens) gemeten. Een duidelijke oorzaak voor de licht verhoogde concentratie aan molybdeen is niet aan te geven. De gemeten concentratie is echter dusdanig (alleen overschrijding van de streefwaarde) dat een aanvullend bodemonderzoek naar deze parameter niet noodzakelijk wordt geacht.
6.3
Omvang verontreiniging Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de analyseresultaten van het verkennend, aanvullend en nader onderzoek is een inschatting gemaakt van de omvang van de sterke verontreiniging met PAK-10. Het totaal bodemvolume sterk verontreinigde grond met PAK-10 ter plaatse van boring 5 (0-50 cm -mv) wordt geschat op 67,5 m3 (135 m2 x 0,5 m). Een situatietekening met de interventiewaardecontour is opgenomen in bijlage 6.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 6.4
Blad : 10 van 12
Ernst van de verontreiniging Op basis van het vooronderzoek en de ligging van de locatie, wordt de verontreiniging beschouwd als een historische verontreiniging (ontstaan voor 1987). Tijdens onderhavig onderzoek is de omvang van de sterke verontreiniging binnen de onderzoeksgrenzen voldoende vastgesteld. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de analyseresultaten van het verkennend en aanvullend onderzoek wordt de omvang van de sterke verontreiniging geschat op 67,5 m3. Dit betekent dat ter plaatse van de onderzoekslocatie sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging (bodemvolume sterk verontreinigde grond is ≥ 25 m3).
6.5
Spoedeisendheid Als sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging moet op basis van een beoordeling van de actuele humane, ecologische en/of verspreidingsrisico’s worden bepaald of een bodemsanering met spoed dient te worden uitgevoerd. Deze beoordeling dient plaats te vinden aan de hand van het “saneringscriterium” zoals vastgelegd in de Circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013). Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de webapplicatie Sanscrit (www.sanscrit.nl). In eerste instantie dient een standaard risicobeoordeling te worden uitgevoerd. Indien daaruit geen onaanvaardbare risico’s blijken, is een spoedige sanering niet noodzakelijk. Indien wel onaanvaardbare risico’s blijken kan ervoor worden gekozen een locatiespecifieke risicobeoordeling uit te voeren. Indien ook hieruit onaanvaardbare risico’s blijken, dient een sanering met spoed te worden uitgevoerd. Vanwege het voornemen om de locatie op korte termijn opnieuw te ontwikkelen is geen risicobeoordeling uitgevoerd. De verontreiniging met PAK-10 kan in combinatie met de herontwikkeling gesaneerd worden (door middel van verwijderen en/of isoleren van de verontreiniging) . Gelet op de aard van de verontreiniging (immobiel) en het gebruik van het perceel zijn geen actuele risico’s te verwachten.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 7 7.1
Blad : 11 van 12
SAMENVATTING EN CONCLUSIE Samenvatting In opdracht van de heer H. Smit is door WMR Rinsumageest bv een verkennend, aanvullend en nader bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van een perceel aan Achter de Hoven in Leeuwarden. Aanleiding van het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen ontwikkeling van de locatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Hieronder volgt een beknopte samenvatting van de onderzoeksresultaten. Zintuiglijke waarnemingen De opgeboorde grond van iedere boring is zintuiglijk beoordeeld op het voorkomen van bodemvreemde en asbestverdachte materialen. Hierbij zijn ter plaatse van meerdere boringen puinresten aangetroffen. De aanwezigheid van puin kan een aanwijzing zijn dat de bodem asbesthoudend materiaal bevat. Zintuiglijk is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Het aangetroffen puin is gedefinieerd als baksteen en mag daarom als niet asbestverdacht worden beschouwd. Een verkennend onderzoek naar asbest (conform NEN 5707) is niet noodzakelijk. Hieronder volgt een beknopte samenvatting van de onderzoeksresultaten. Verkennend, aanvullend en nader bodemonderzoek Uit de analyseresultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat in de bovengrond voor kwik, lood, zink, PCB en minerale olie licht verhoogde gehalten gemeten zijn. Voor PAK-10 is een sterk verhoogd gehalte gemeten.
In het mengmonster van de ondergrond (MMog) zijn geen verhoogde gehalten gemeten. In het grondwater is voor molybdeen een licht verhoogde concentratie gemeten. Na uitsplitsing van een mengmonster van de bovengrond (MMbg3) en de separate analyse van de deelmonsters op PAK-10, blijkt dat in één boring (nr. 5; 0-50 cm -mv) een sterk verhoogd gehalte aan PAK-10 is gemeten. In de overige boringen (nr. 6; 0-30 cm -mv, nr. 7; 0-40 cm -mv, nr. 8; 0-40 cm -mv) zijn licht verhoogde gehalten aan PAK-10 gemeten. Uit de resultaten van het nader onderzoek blijkt dat in beide monsters van de verticale afperking (boringnr. 100; 60-100 cm -mv, 100-150 cm -mv) geen verhoogde gehalten aan PAK-10 zijn gemeten. Omvang, ernst en spoed Middels het aanvullend en nader onderzoek is de omvang van de verontreiniging meer inzichtelijk gemaakt, echter de omvang van de sterke verontreiniging is niet volledig vastgesteld. Het bodemvolume sterk verontreinigde grond wordt geschat op 67,5 m3. Ter plaatse is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging die valt binnen het kader van de Wet Bodembescherming (Wbb). Vanwege het voornemen om de locatie op korte termijn opnieuw te ontwikkelen is geen risicobeoordeling uitgevoerd. De verontreinigingen kunnen in combinatie met de herontwikkeling gesaneerd worden (verwijderen of isoleren).
7.2
Conclusie Vanwege de verhoogde gehalten in de grond en het grondwater, blijkt dat de gestelde onderzoekshypothese, een verdachte locatie, juist is. In de bovengrond bevindt zich een sterke verontreiniging met PAK-10. De sterke verontreiniging is binnen de grenzen van de onderzoekslocatie volledig afgeperkt. Het totaal bodemvolume sterk verontreinigde grond met PAK-10 binnen het onderzoeksgebied wordt geschat op 67,5 m3. Ter plaatse is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
Rapportnummer : 220431/JvdM 7.3
Blad : 12 van 12
Aanbevelingen Geadviseerd wordt om de aangetroffen sterke verontreiniging met PAK-10 in combinatie met de herontwikkeling van het terrein te saneren. Eventueel vrijkomende grond moet onder bodemsaneringscondities ontgraven en afgevoerd worden naar een erkende verwerker. Geadviseerd wordt om op basis van onderhavige onderzoeksresultaten en het ontwikkelingsplan een saneringsplan (BUS melding) op te stellen voor het uitvoeren van een bodemsanering. De BUS melding moet bij het bevoegd gezag Wet Bodembescherming (Fumo) ingediend worden. Slotopmerkingen Het onderzoek is op de meest zorgvuldige wijze uitgevoerd. Voor de bepaling van de omvang van de verontreiniging zijn enkele aannames gedaan. De mogelijkheid bestaat dat lokale afwijkingen in bodemsamenstelling en/of bodemkwaliteit op het perceel aanwezig kunnen zijn. Het is mogelijk dat de vastgestelde verontreinigingscontour afwijkt van de daadwerkelijke situatie. WMR Rinsumageest bv acht zich niet aansprakelijk voor de schade of extra kosten die hieruit kunnen voortvloeien.
Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven, Leeuwarden
WMR Rinsumageest bv
BIJLAGE 1 (VAN 6) - Regionale ligging locatie + kadastrale kaart
Kadastrale kaart
Uw referentie: WMR
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 500
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Leeuwarden G 17676
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 7 juli 2022 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
BIJLAGE 2 (VAN 6) - Situatietekening met boorlocaties
BIJLAGE 3 (VAN 6) - Boorprofielen
01
1 -25
cm t ov m aaiveld
0
0
volledig bet on, edelm an 1 50
-10
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, geur: geen, , m at ig bakst een, edelm an -60
2 100
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, bruin, geur: geen, , m at ig bakst een, brokken klei, edelm an -110
3
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, licht bruin, grijs, geur: geen, , st erk bakst een, edelm an
4
zand, m at ig grof, st erk silt ig, donker grijs, geur: geen, , edelm an
150
5 200
-160
-180
klei, zwak silt ig, donker grijs, blauw, edelm an -200
klei, zwak silt ig, donker grijs, blauw, edelm an
250
-220
veen, zwak kleiig, neut raal bruin, edelm an -270
300
klei, zwak silt ig, donker grijs, blauw, edelm an
320
-320
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an
350
-370
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an
400 420
-420 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
02
cm t ov m aaiveld
0
0
volledig bet on, edelm an -12 1 50
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an -62
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Ach t e r d e H ove n , Le e u w a r d e n 220431 N EN 5 1 0 4
03
cm t ov m aaiveld
0
0
volledig bet on, edelm an -12 1 50
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, zwak m ergel, brokken klei, edelm an -62
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
04
cm t ov m aaiveld
0
0
licht grijs, grijs, volledig bet on, edelm an -12
1
zand, zeer grof, zwak silt ig, licht grijs, bruin, st erk bakst een, edelm an
2
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, licht grijs, m at ig oer, edelm an
50
-62 100
-112 3
klei, st erk silt ig, neut raal grijs, bruin, m at ig oer, edelm an
4
klei, zwak silt ig, donker grijs, blauw, edelm an
150 -162
200 -212 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Ach t e r d e H ove n , Le e u w a r d e n 220431 N EN 5 1 0 4
05
05
cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, kleiig, m at ig grindig, zwak hum eus, donker bruin, zwart , zwak glas, m at ig bakst een, edelm an
50
-50
100
2
zand, kleiig, zwak grindig, m at ig hum eus, donker bruin, grijs, zwak bakst een, edelm an
3
klei, st erk silt ig, neut raal grijs, edelm an
4
klei, st erk silt ig, neut raal grijs, edelm an
5
klei, uit erst silt ig, neut raal blauw, edelm an
-75
-125 150
-150
200
-200 6
klei, uit erst silt ig, neut raal blauw, edelm an -220
veen, zwak zandig, neut raal bruin, edelm an
250
-240
klei, uit erst silt ig, neut raal blauw, edelm an 300
300
350
400
400 t ype dat um boorm eest er
-400
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
06
cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal grijs, geel, m at ig bakst een, edelm an -30
50
2
klei, st erk zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal zwart , bruin, edelm an
3
klei, st erk silt ig, neut raal grijs, edelm an
-80 100
-110 4
klei, st erk silt ig, neut raal grijs, m at ig oer, edelm an
150
-150 5
klei, uit erst silt ig, neut raal grijs, m at ig oer, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er
-200
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Ach t e r d e H ove n , Le e u w a r d e n 220431 N EN 5 1 0 4
07
cm t ov m aaiveld
0 1 2
50 t ype dat um boorm eest er
-40
klei, st erk zandig, donker grijs, zwak bakst een, edelm an
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
08 2
50 t ype dat um boorm eest er
-40
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an
09 2
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, edelm an -10
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an
50
-50
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
10 0
cm t ov m aaiveld 1 2
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, edelm an -10
klei, st erk zandig, donker grijs, edelm an
50 t ype dat um boorm eest er
-50
cm t ov m aaiveld 1
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, m at ig bakst een, edelm an
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
0
t ype dat um boorm eest er
-50
cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal grijs, edelm an
-50
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
11
cm t ov m aaiveld
0
0
volledig bet on, edelm an 1 50
-8
klei, m at ig zandig, donker grijs, zwak bakst een, edelm an -58
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Ach t e r d e H ove n , Le e u w a r d e n 220431 N EN 5 1 0 4
12
cm t ov m aaiveld
0 1 50 t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, donker grijs, laagjes klei, edelm an -50
g r on d b or in g 3 0 -0 5 -2 0 2 2 Ja cob Ru b e n D u in st r a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Ach t e r d e H ove n , Le e u w a r d e n 220431 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
BIJLAGE 4 (VAN 6) - Analysecertificaten
WMR Rinsumageest B.V. T.a.v. Jan-Jacob van der Mei Postbus 5 9104 ZG DAMWOUDE NETHERLANDS
Analysecertificaat Datum: 17-Jun-2022
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw datum aanlevering monster(s)
2022090773/1 220431 VO Achter de Hoven 03-Jun-2022
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 NL-3771NB Barneveld +31 (0)34 242 63 00 Info-env@eurofins.nl www.eurofins.nl
Venecoweg 5 B-9810 Nazareth +32 (0)9 222 77 59 belgie-env@eurofins.be www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
220431 VO Achter de Hoven
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
jr duinstra
Eenheid
Analyse
1
2022090773/1 07-Jun-2022 17-Jun-2022 17-Jun-2022/13:08 A,B,C,D 1/2
3
4
5
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
86.1
79.8
70.1
2.1
2.5
2.4
2
Voorbehandeling
Uitgevoerd
Verkleinen kaakbreker Uitgevoerd
Cryogeen malen
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses
S
Droge stof
% (m/m)
86.4
S
Organische stof
% (m/m) ds
1.3
Gloeirest
% (m/m) ds
98
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
S
86.2 1)
2.3
1)
97
98
97
97
4.4
10.0
12.9
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
77
36
27
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.32
<0.20
<0.20
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
3.4
3.7
6.4
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
15
14
7.2
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.097
0.17
<0.050
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
7.6
9.4
18
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
140
68
19
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
150
73
45
Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen
S
Benzeen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
Tolueen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
Ethylbenzeen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
o-Xyleen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
m,p-Xyleen
mg/kg ds
<0.050
S
<0.050 2)
0.070
2)
Xylenen (som) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.070
BTEX (som)
mg/kg ds
<0.25
<0.25
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
10.0
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
21
6.1
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
10
18
54
<5.0
<5.0
Minerale olie
Nr. Uw monsteromschrijving
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
12801322
MMbg2, 04: 12-62
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
3
MMbg3, 05: 0-50, 06: 0-30, 07: 0-40, 08: 0-40
Grond (AS3000)
12801324
4
MMbg4, 09: 10-50, 10: 10-50, 11: 8-58
Grond (AS3000)
12801325
5
MMog, 05: 75-125, 05: 125-150, 05: 150-200, 06: 80-110, 06: 110-150, 06: 150-200 Grond (AS3000)
12801326
1
MMbg1, 01: 10-60, 03: 12-62
2
12801323
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
W: Waals Gewest erkende verrichting
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
220431 VO Achter de Hoven jr duinstra
Eenheid
Analyse
S
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina 1
2
3
2022090773/1 07-Jun-2022 17-Jun-2022 17-Jun-2022/13:08 A,B,C,D 2/2 4
5
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
18
43
89
<11
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
6.8
21
28
<5.0
5.1
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
8.5
9.2
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
36
120
190
<35
<35
Zie bijl.
Zie bijl.
Zie bijl.
Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 138
mg/kg ds
0.0017
3)
S
PCB 153
mg/kg ds
0.0015
4)
S
PCB 180
mg/kg ds
0.0011
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0071
0.0049
<0.0010 2)
0.0049
2)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
0.18
<0.050
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
6.9
0.16
0.091
S
Anthraceen
mg/kg ds
2.0
<0.050
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
11
0.37
0.12
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
4.8
0.16
0.056
S
Chryseen
mg/kg ds
4.7
0.19
0.059
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
2.0
0.087
<0.050
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
4.6
0.17
<0.050
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
2.7
0.12
<0.050
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
3.2
0.14
<0.050
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
42
1.5
0.53
Nr. Uw monsteromschrijving
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
12801322
MMbg2, 04: 12-62
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
3
MMbg3, 05: 0-50, 06: 0-30, 07: 0-40, 08: 0-40
Grond (AS3000)
12801324
4
MMbg4, 09: 10-50, 10: 10-50, 11: 8-58
Grond (AS3000)
12801325
5
MMog, 05: 75-125, 05: 125-150, 05: 150-200, 06: 80-110, 06: 110-150, 06: 150-200 Grond (AS3000)
12801326
1
MMbg1, 01: 10-60, 03: 12-62
2
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
V: VLAREL erkende verrichting W: Waals Gewest erkende verrichting
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC: 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
12801323
Akkoord Pr.coörd.
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met de opgegeven deelmonsterinformatie behorende bij het analysecertificaat. 2022090773/1 Pagina 1/1 Monster nr. Barcode
Uw monsteromschrijving Boornr
12801322
Van
Tot
Uw datum monstername
MMbg1, 01: 10-60, 03: 12-62
0539409736
01
10
60
03-Jun-2022
0539409730
03
12
62
03-Jun-2022
62
03-Jun-2022
12801323 0539409724
Monsteromsch./Monstername ID
MMbg2, 04: 12-62 04
12801324
12
MMbg3, 05: 0-50, 06: 0-30, 07: 0-40, 08: 0-40
0539409047
05
0
50
31-May-2022
0539409701
06
0
30
31-May-2022
0539410015
07
0
40
31-May-2022
0539410024
08
0
40
31-May-2022
12801325
MMbg4, 09: 10-50, 10: 10-50, 11: 8-58
0539410011
09
10
50
31-May-2022
0539410012
10
10
50
31-May-2022
0539409731
11
8
58
03-Jun-2022
12801326
MMog, 05: 75-125, 05: 125-150, 05: 150-200, 06: 80 -110, 06: 110-150, 06: 150-200
0539410020
05
75
125
31-May-2022
0539410017
05
125
150
31-May-2022
0539410023
05
150
200
31-May-2022
0539409698
06
80
110
31-May-2022
0539409696
06
110
150
31-May-2022
0539409421
06
150
200
31-May-2022
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2022090773/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
Het organische stof gehalte is gecorrigeerd voor het lutumgehalte van 5.4 % m/m (SIKB 3010 pb 3). Opmerking 2)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG Opmerking 3)
PCB 138 kan positief beïnvloed worden door PCB 163. Opmerking 4)
PCB 153 kan positief beïnvloed worden door PCB 132.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2022090773/1
Analyse
Pagina 1/1
Methode
Techniek
Methode referentie
Malen kaakbreker (1kg)
W0101
Voorbehandeling
NEN-EN 16179
Cryogeen malen
W0106
Voorbehandeling
AS3000
Droge Stof
W0104
Gravimetrie
pb 3010-2 en NEN-EN 15934
Organische stof (gloeiverlies)
W0109
Gravimetrie
pb 3010-3 en NEN 5754
Korrelgrootte < 2 µm (lutum)
W0171
Sedimentatie
pb 3010-4 en NEN 5753
Barium (Ba)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Voorbehandeling
Bodemkundige analyses
Metalen
Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen
Aromaten (BTEX)
W0254
HS-GC-MS
pb 3030-1 & NEN-EN-ISO 22155
Xylenen som AS/AP
W0254
HS-GC-MS
pb 3030-1 & NEN-EN-ISO 22155
Minerale Olie (C10-C40)
W0202
GC-FID
pb 3010-7 en NEN-EN-ISO 16703
Chromatogram MO (GC)
W0202
GC-FID
NEN-EN-ISO 16703
W0271
GC-MS
pb 3010-8 en NEN 6980
Minerale olie
Polychloorbifenylen, PCB
PCB (7)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
PAK (10) (VROM)
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
PAK som AS3000/AP04
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie april 2022.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (D) opmerkingen aangaande de monstername en conserveringstermijn 2022090773/1 Pagina 1/1 Er zijn verschillen met de richtlijnen geconstateerd die de betrouwbaarheid van de resultaten van onderstaande monsters of analyses mogelijk hebben beinvloed.