Bijlage 6 - Molenbiotooponderzoek
Tekst van het document
20 22
5.1.2e Molenbiotoop locatie De Burd 20 Voor afstanden tot molen is de Google maps foto gebruikt. U kunt de afstanden na meten op google maps. De rereatie arken en recreatiewoningen zijn gepositioneerd conform de laatste situatie tekening S-01-gew.
projekt
4 recreatie-arken en 2 recreatie woningen
opdracht-
5.1.2e
gever
5.1.2e
projectnr.
531120 2023-19
recreatie rken en recreatie woningen
tek. nr.
M-01
fase
voorlopig ontwerp
schaal
status
akkoord
getekend
5.1.2e
gewijzigd
datum
A 10-12-2024
datum
, 5.1.2e
onderdeel A4 boekje, Molenbiotoop
5.1.2e
1:2000
5.1.2e
5.1.2e
5.1.2e 5.1.2e
5.1.2e
5.1.2e
Molenbiotoop Burd 20 Om te kunnen functioneren moet een molen niet alleen in goede staat verkeren, maar ook voldoende wind vangen. Zoals op tekening M-01 aangegeven staat in de nabijheid van het plangebied een molen. Voor deze molen is in het huidige bestemmingsplan een dubbelbestemming 'molenbeschermingszone' opgenomen. Binnen deze zone zijn voorwaarden gesteld aan de maximaal aanvaardbare hoogte van obstakels. Om te achterhalen of/in welke mate de realisatie van de vier recreatie-arken en twee recreatie woningen invloed hebben op de molenbiotoop, heeft de initiatiefnemer een berekening met behulp van de biotoopformule uitgevoerd. In de uitwerking van het plan Nije Pleats zoals aangegeven op tekening S-01-gew en blad Ark02 en RW03 is de maximale hoogte van de recreatie arken 3m resp. 3.2+NAP en recreatie woningen 3m resp. 3.5+NAP.
Biotoopformule Een gangbare manier om de maximaal aanvaarbare hoogte van obstakels rond een molen te berekenen is de biotoopformule (bron: https://www.molens.nl/molenbeheer/biotoopformule): H(x) = x/n + c*z waarin: • H(x) = maximaal toelaatbare hoogte van een obstakel op afstand x • x = afstand van een obstakel tot de molen (in meters) • n = een constante, afhankelijk van de ruwheid van de omgeving en de maximaal toelaatbare windreductie • c = een constante, afhankelijk van de maximaal toelaatbare windreductie • z = askophoogte Voorts geldt dat binnen een afstand van 100 meter tot de molen geen obstakels mogen worden opgericht. Ruwheid van het terrein (n) Er zijn drie ruwheidscategorieën te onderscheiden: 1. Open: Vlak land met alleen oppervlakkige begroeiing (gras) en soms geringe obstakels. Bijvoorbeeld startbanen, weiland zonder windsingels, braakliggend bouwland. (n=140) 2. Ruw: Bouwland met afwisselend hoge en lage gewassen. Grote obstakels (rijen bebladerde bomen, lage boomgaarden enzovoort) met onderlinge afstanden van omstreeks tien tot vijftien maal hun hoogte. Wijngaarden, maisvelden en dergelijke (n=75) 3. Gesloten: Bodem regelmatig en volledig bedekt met vrij grote obstakels, met tussengelegen ruimten niet groter dan enkele malen de hoogte van de obstakels. Bijvoorbeeld bossen en lage bebouwing.
(n=50) De spinnenkopmolen De Bird staat in een relatief open polderlandschap. Wel kent het landschap op deze plek een aantal belemmeringen zoals rietland, bosschages en de boerderij op het adres De Burd 20 en 5.1.2e Echter tussen de molen en het plangebied liggen geen noemenswaardige obstakels en valt dit gebied hiermee in ruwheidscategorie open. Conclusie: n=140. Maximaal toelaatbare windreductie (c) De constante behorende bij de maximaal toelaatbare windreductie bedraagt gewoonlijk 0,2. Conclusie: c=0,2. Askophoogte (z) De spinnenkopmolen De Bird betreft een grondzeiler, omdat de wieken van de molen vrijwel over de grond draaien. Zie volgende blad voor berekening
Volgens de biotoop formulen zitten we op 300m met een hoogte van 4m in open terrein
blad
M-02
project 4 recreatie-arken 2 recreatie woningen onderdeel opdr.g. 5.1.2e schaal fase voorlopig ontwerp proj.nr.
afstanden tot molen 1:2000 get. A . 2023-19 datum
blad GdV 10-12-2024
M-02
Biotoop berekening; H(x) = x/n + c*z Afstand tot de molen(x). Recreatie arken 300m Recreatie woningen 308m Voor de berekening zijn alleen de dichstbijzijnde objecten meegenomen. De andere objecten liggen op hetzelfde maaiveld niveau en zullen dus gunstiger uitpakken in de berekening. Ruwheid van het terrein (n) n=140. (zie uitleg blad 2) Maximaal toelaatbare windreductie (c) c=0,2. (zie uitleg blad 2) Askophoogte (z) De spinnenkopmolen De Bird betreft een grondzeiler, omdat de wieken van de molen vrijwel over de grond draaien. De vlucht van de molen bedraagt 12,20 meter (bron: www.molendatabase.nl). De helft van de vlucht bedraagt 6,10 meter. De onderkant wiek staat t.o.v. NAP : +0,817 m. Gemiddelde lokaal maaiveld molen t.o.v NAP: +0.2 m. Gelet hierop wordt de askophoogte: 6,10 + (0,817-0.2) = 6,717.+NAP Conclusie: z=6,717.+NAP Maaiveldhoogte plangebied Zie tekening S-01-gew Het maaiveld ter hoogte van de recreatie-arken is +0.18 m NAP. Hoogte ark +3.20 NAP Het maaiveld ter hoogte van de recreatiewoningen is -1.00 m NAP. Hoogte Won +3.50 NAP Omdat er hoogteverschillen in het maaiveld zitten zijn de hoogtes herleid naar NAP
De conform de molenbiotoop toegestane bouwhoogten komen uit de ingevulde biotoopformule H(x) = x/140 + 0,2*6,717 H (maximale toelaatbare hoogte van een obstakel in meters). Ark H(x)= 300/140 + 0.2x6.717 = 2.142 + 1.343 = 3.485 + 0.20 = 3.665m +NAP Won H(x)= 308/140 + 0.2x6.717 = 2.200 + 1.343 = 3.543 + 0.20 = 3.743m +NAP De te realiseren recreatie-arken en recreatiewoningen blijven onder de maximale bouwhoogte tov NAP. Ter plaatse van de recreatie-ark geldt een maximale hoogte van 3.665 m +NAP, de ark kent een hoogte van 3.20 m +NAP. Ter plaatse van de recreatiewoning geldt een maximale hoogte van 3.543 m +NAP, de woning kent een hoogte van 3.50 m +NAP. De realisatie van de recreatie-arken en recreatiewoningen leveren geen belemmeringen op voor de spinnenkopmolen.
blad
M-03
project 4 recreatie-arken 2 recreatie woningen onderdeel opdr.g. 5.1.2e schaal fase voorlopig ontwerp proj.nr.
berekening toegestane hoogtes 1:2000 get. A . GdV 2023-19 datum 10-12-2024
blad
M-03
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
1, 2, 3