Bijlage 2.1 - Historisch bodemonderzoek
Tekst van het document
Historisch vooronderzoek Burd 20 te Grou
Opdrachtgever:
5.1.2e
Projectnummer:
2022.119
Rapportversie: Rapportnummer:
WWW.MANN.FRL
Architect-AvB
1.0 2022.119_rapport.01
Datum:
9 november 2022
Auteur:
5.1.2e
INHOUD 1
INLEIDING ................................................................................................................................................................ 3
1.1
Aanleiding en doel............................................................................................................................................................................ 3
1.2
Kwaliteitseisen .................................................................................................................................................................................... 3
1.3
Aansprakelijkheid .............................................................................................................................................................................. 3
1.4
Opbouw rapportage ........................................................................................................................................................................ 3
2
ONDERZOEKSOPZET ............................................................................................................................................... 4
3
ONDERZOEKSVRAGEN ........................................................................................................................................... 5
3.1
Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie? ............................................................................................................... 5
3.2
Welke bodemkwaliteitsklasse is toegekend aan de aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? ............................................................................................................................................. 6
3.3
Is de bodem asbestverdacht? ...................................................................................................................................................... 6
3.4
Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de kritische parameters? ......................................................................................................................................................................................... 6
3.5
Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? ........................................................................................... 8
3.6
Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? ............................................................................................................... 9
3.7
Wordt op de locatie of een deel daarvan een bodemverontreiniging vermoed? ................................................. 9
4
CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN ....................................................................................................................... 10
4.1
Aanbevelingen ..................................................................................................................................................................................10
Bijlagen 1 Kadastrale kaart onderzoekslocatie 2 Kadastrale gegevens onderzoekslocatie 3 Foto’s locatiebezoek
Pagina 2 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
1
INLEIDING
FIND Bodemadvies heeft, in samenwerking met Milieu Advies Noord-Nederland, in opdracht van 5.1.2e 5.1.2e Architect-AvB een historisch vooronderzoek verricht ter plaatse van het perceel aan de Burd 20 te Grou.
1.1
Aanleiding en doel
De aanleiding voor het uitvoeren van het historisch vooronderzoek is de herontwikkeling van een groot deel van het perceel aan de Burd 20. Het doel van het historisch vooronderzoek is het vaststellen en het in beeld brengen van mogelijke bodembedreigende activiteiten.
1.2
Kwaliteitseisen
FIND Bodemadvies en Milieu Advies Noord-Nederland zijn onafhankelijk als adviesbureaus en hebben geen andere relatie met de opdrachtgever dan opdrachtgever-opdrachtnemer. Het historisch vooronderzoek is verricht conform de Nederlandse norm NEN 5725 “Bodem- Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Nederlands Normalisatie Instituut, oktober 2017”.
1.3
Aansprakelijkheid
Hoewel FIND Bodemadvies en Milieu Advies Noord-Nederland een grote mate van zorgvuldigheid hebben aangehouden bij het uitvoeren van dit historisch onderzoek kan het geen volledige zekerheid bieden omtrent de aan- of afwezigheid van een bodemverontreiniging voor het gehele onderzoeksgebied. De voor het historisch vooronderzoek geraadpleegde bronnen zijn mogelijk niet altijd volledig en/of zonder fouten. Voor het verkrijgen van historische informatie zijn FIND Bodemadvies en Milieu Advies Noord-Nederland wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor ze niet kunnen instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. FIND Bodemadvies en Milieu Advies NoordNederland aanvaarden derhalve op geen enkele wijze aansprakelijkheid voor gevolgen welke voortvloeien uit beslissingen welke genomen zijn op basis van de onderzoeksresultaten van voorliggend onderzoek.
1.4
Opbouw rapportage
In deze rapportage wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op de opzet van het vooronderzoek. In hoofdstuk 3 worden de bevindingen uit het vooronderzoek beschreven en geïnterpreteerd. In hoofdstuk 4 worden tenslotte de conclusies en aanbevelingen beschreven.
Pagina 3 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
2 ONDERZOEKSOPZET Het historisch vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725 “Bodem- Landbodem- Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Nederlands Normalisatie Instituut, oktober 2017”. Het doel van het historisch vooronderzoek is het vaststellen en het in beeld brengen van mogelijke bodembedreigende activiteiten. Dit conform aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek, paragraaf 6.2.1, uit de NEN 5725. De verplichte te onderzoeken aspecten binnen het vooronderzoek zijn opgenomen in de onderstaande tabel. Tabel 1: Onderzoeksaspecten milieuhygiënisch vooronderzoek Bodemopbouw en geohydrologie:
Verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit: Gebruik en beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval: Terreinverkenning
Bodemopbouw Antropogene lagen in de bodem Geohydrologie Geval van ernstige bodemverontreiniging? Kwaliteit op basis van bodemkwaliteitskaart Eerder uitgevoerde bodemonderzoeken Voormalig en huidig gebruik onderzoekslocatie Asbestverdachtheid
De te beantwoorden onderzoeksvragen voor het opstellen van de hypothese over de aanwezigheid van potentieel bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten zijn: • Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? • Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? • Is de bodem asbestverdacht? • Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de kritische parameters? • Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? • Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? • Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? • Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Motiveer het antwoord.
Om de beschikbare gegevens omtrent de bodemkwaliteit in beeld te brengen zijn de volgende bronnen geraadpleegd: • bodembeheernota gemeente Leeuwarden 2020; • historie onderzoekslocatie (www.topotijdreis.nl); • Nazca BodemInformatieSysteem gemeente Leeuwarden; • terreininspectie op 12 oktober 2022. Pagina 4 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
3
ONDERZOEKSVRAGEN
3.1 Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie? De onderzoekslocatie bestaat uit het perceel zoals gelegen aan de Burd 20 te Grou, kadastraal bekend onder Grouw, sectie K, nummers 120 en 146. De globale coördinaten van de locatie zijn X: 187.406 en Y: 567.804. Er zijn geen beperkingen bekend in de Basisregistratie Kadaster. De totale oppervlakte van de onderzoekslocatie is 24.600 m2 en is in de onderstaande figuur weergegeven binnen het rode kader. Figuur 1: Ligging onderzoekslocatie (rode kader)
Pagina 5 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
3.2 Welke bodemkwaliteitsklasse is toegekend aan de aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? Op basis van de Bodembeheernota Leeuwarden 2020 wordt geconcludeerd dat de onderzoekslocatie: • is gelegen in de bodemkwaliteitszones ‘buitengebied’; • de bodemfunctieklasse ‘landbouw/natuur’ toebedeeld heeft gekregen; • een verwachte ontgravingsklasse heeft van klasse ‘landbouw/natuur’ voor zowel de boven- als de ondergrond.
3.3 Is de bodem asbestverdacht? Op de locatie is voor zover bekend enkel ter plaatse van de schuur, zoals gesitueerd ten zuiden van de boerderij, sprake van een asbesthoudende dakbedekking. Vanwege het mogelijke voornemen om de schuur te laten slopen heeft de opdrachtgever in september 2022 een asbestinventarisatie laten verrichten door ABF Asbestinventarisatie Bureau Friesland B.V. (gerapporteerd onder projectnummer ABF22113, d.d. 27 september 2022). Uit de resultaten van de asbestinventarisatie blijkt dat de dakbedekking bestaat uit hechtgebonden Chrysotiel. Bij de inventarisatie zijn aan de achterzijde van de schuur en op het maaiveld tevens asbestplaten aangetroffen. In de onderstaande figuur is de situatie ter plaatse van de betreffende schuur weergegeven. Figuur 2: foto schuur met asbesthoudende dakplaten
3.4 Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de kritische parameters? Historie onderzoekslocatie Om de historie van de onderzoekslocatie te achterhalen zijn de kadastrale kaarten op www.topotijdreis.nl geraadpleegd. Hieruit blijkt dat de boerderij en de schuur zijn gebouwd omstreeks 1885. Tot die tijd was het gebied onbebouwd en bestond het vermoedelijk uit grasland.
Pagina 6 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
Gebruik locatie De eigenaar van het perceel heeft aangegeven dat de onderzoekslocatie tot omstreeks 1975 als agrarisch bedrijf in gebruik is geweest waarbij koeien werden gehouden. Van 1975 tot 2021 was in de voormalige stal van de boerderij een trappenmakerij actief waarbij enkel sprake was werkzaamheden met hout. In de huidige situatie vindt binnen de voormalige stal, het hoge deel van de boerderij (in de onderstaande figuur weergegeven middels nr. 1), enkel opslag plaats van onder andere hout, een zeilboot en een camper. De vloer bestaat hier deels uit beton en deels uit klinkers. De schuur (in de onderstaande figuur weergegeven middels nr.2) werd tot omstreeks 1975 gebruikt als (melk)stal waarbij sprake was van een grupstal met onderliggende gierkelder. Er is sprake van een betonvloer waarbij in de huidige situatie tevens opslag plaatsvindt van onder andere hout, ijzer en een tractor. Het overige deel van het perceel bestaat uit grasland waarbij het pad naar de boerderij deels bestaat uit asfalt c.q. een grind/puinverharding. Figuur 3: overzicht onderzoekslocatie
2 .
1 .
Boven- en/of ondergrondse tanks Binnen het Nazca BodemInformatieSysteem zijn geen gegevens opgenomen van voormalige/huidige (brandstof, olie of diesel)tanks die zijn gelegen op de onderzoekslocatie. De perceeleigenaar heeft aangegeven dat in de schuur een olietank heeft gestaan in een lekbak met voldoende capaciteit. Bij de terreininspectie zijn geen restanten van een olietank aangetroffen.
Pagina 7 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
Eerder uitgevoerde (bodem)onderzoeken Binnen het archief van het Nazca BodemInformatieSysteem zijn van de onderzoekslocatie geen eerder uitgevoerde (bodem)onderzoeken opgenomen. Gegevens aanwezige verontreinigings- en saneringscontouren Binnen het archief van het Nazca BodemInformatieSysteem is van de onderzoekslocatie geen informatie opgenomen van een ernstige bodem- en grondwaterverontreiniging.
3.5 Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Regionale bodemopbouw Om de regionale bodemopbouw vast te stellen van het betreffende gebied is het DINOloket geraadpleegd. De regionale bodemopbouw van het onderzoeksgebied is weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 2: Regionale bodemopbouw onderzoeksgebied Globale diepte beneden maaiveld (m)
Lithostratigrafie
0 tot 2
Holocene afzettingen
2 tot 6
Formatie van Boxtel
6 tot 14
Formatie van Drente
14 tot 18
Formatie van Drachten
18 tot 32
Formatie van Urk, laagpakket van Tynje
32 tot 50
Formatie van Urk
Lithologie Zand: zeer fijn tot uiterst grof, kleiig tot grindig Klei: siltig tot zandig, lokaal humeus Veen, lokaal kleiig Zand: zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus Leem, lokaal zandig, lokaal humeus Klei, siltig tot zandig; veen, kleiig Zand: zeer fijn tot uiterst grof, kleiig tot grindig, lokaal kleiig tot grindig Klei: lokaal siltig tot zandig Leem: kleiig tot grindig Zand: matig fijn tot matig grof, kalkloos Leem: lokaal zandig Zand: zeer fijn tot uiterst grof, lokaal grindig Klei: lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus Veen: lokaal kleiig Zand: zeer fijn tot uiterst grof, lokaal grindig, lokaal schelphoudend Klei: lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus Veen: lokaal kleiig
Geohydrologie Op basis van de bekende gegevens kan geen eenduidige grondwaterstroming worden opgemaakt. De stromingsrichting van het freatisch grondwater wordt voornamelijk bepaald door de aanwezige infrastructuur. Lokale omstandigheden zoals waterlopen, drainagesystemen, (lekke) rioleringen kunnen de regionale stromingsrichting van het freatisch grondwater beïnvloeden. De onderzoekslocatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied. Antropogene lagen Om de antropogene bodemlagen, de lagen in de bodem die zijn beïnvloedt door menselijke activiteiten, in kaart brengen is het Nazca BodemInformatieSysteem geraadpleegd. Uit de beschikbare informatie blijkt dat het onderzoeksgebied reeds sinds begin 1900 op kaartmateriaal aanwezig is waarbij vermoedelijk geen grootschalige ophoging met grond heeft plaatsgevonden. De waterpartij aan de zuidzijde van het onderzoeksgebied is vermoedelijk in de periode 2016/2017 ontstaan. Pagina 8 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
3.6 Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Boven- en/of ondergrondse tanks Binnen het Nazca BodemInformatieSysteem zijn geen gegevens opgenomen van voormalige/huidige (brandstof, olie of diesel)tanks die zijn gelegen in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. Eerder uitgevoerde (bodem)onderzoeken Binnen het archief van het Nazca BodemInformatieSysteem zijn van de directe omgeving geen eerder uitgevoerde (bodem)onderzoeken opgenomen. Gegevens aanwezige verontreinigings- en saneringscontouren Binnen het archief van het Nazca BodemInformatieSysteem is van de directe omgeving geen informatie beschikbaar van een ernstige bodem- en grondwaterverontreiniging.
3.7 Wordt op de locatie of een deel daarvan een bodemverontreiniging vermoed? Uit de resultaten van de in september 2022 verrichte asbestinventarisatie blijkt dat de dakbedekking van de schuur, zoals gesitueerd ten zuiden van de boerderij, bestaat uit hechtgebonden Chrysotiel. Bij de inventarisatie zijn aan de achterzijde van de schuur en op het maaiveld tevens asbestplaten aangetroffen. Gezien de beschadigingen en mate van erosie is de zgn. druppelzone, de toplaag van de bodem zoals aanwezig onder de dakranden, en het omliggende maaiveld verdacht op het voorkomen van een asbestverontreiniging. Ter plaatse van het erfpad, gelegen tussen de boerderij en de schuur, is mogelijk sprake van een puinverharding. Indien een puinverharding aanwezig is dan wordt de bodem als verdacht aangemerkt op verontreiniging met asbest, zware metalen, PAK en/of minerale olie.
Pagina 9 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
4 CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN FIND Bodemadvies heeft, in samenwerking met Milieu Advies Noord-Nederland, in opdracht van 5.1.2e 5.1.2e Architect-AvB een historisch vooronderzoek verricht ter plaatse van het perceel aan de Burd 20 te Grou. De aanleiding voor het uitvoeren van het historisch vooronderzoek is de herontwikkeling van een groot deel van het perceel aan de Burd 20. Het doel van het historisch vooronderzoek is het vaststellen en het in beeld brengen van mogelijke bodembedreigende activiteiten. Op basis van de verzamelde informatie kan de laatste onderzoeksvraag, is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk, als volgt worden beantwoord: • Uit de bij de Bodembeheernota Leeuwarden 2020 behorende ontgravingskaarten blijkt voor zowel de boven- als de ondergrond dat de regionale bodemkwaliteit voldoet aan de klasse ‘landbouw/natuur’. • Binnen het archief van het Nazca BodemInformatieSysteem van de gemeente Leeuwarden zijn van de onderzoekslocatie en/of de directe omgeving geen potentiële verontreinigingsbronnen opgenomen. • Op de locatie en/of de directe omgeving zijn geen (brandstof, olie of diesel)tanks aanwezig. • Op de locatie is voor zover bekend enkel ter plaatse van de schuur, zoals gesitueerd ten zuiden van de boerderij, sprake van een asbesthoudende dakbedekking.
Uit de resultaten van een door de opdrachtgever uitgevoerde asbestinventarisatie blijkt dat de dakbedekking bestaat uit hechtgebonden Chrysotiel. • Op de locatie is een deel van het pad naar de boerderij verhard middels een grind c.q. puinverharding. Geconcludeerd kan worden dat binnen de onderzoekslocatie enkel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de schuur en het met grind c.q. puin verharde pad onvoldoende bekend zijn.
4.1 Aanbevelingen Vanwege het aantreffen van asbesthoudende platen op het maaiveld en tegen de achterzijde van de schuur wordt aanbevolen een asbestonderzoek in grond conform NEN 5707+C2 (Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond) te verrichten ter plaatse van de druppelzone en de toplaag van het maaiveld aan de achterzijde van de schuur. Ter plaatse van het erfpad wordt aanbevolen de opbouw van de verharding vast te stellen en indien sprake is van een puinverharding een verkennend bodem- en asbestonderzoek volgens de landelijke norm NEN 5740 (verrichten van boringen en chemische analyses op grondmonsters) en NEN 5707+C2 te verrichten. Tot slot wordt geadviseerd om tijdens vervolgwerkzaamheden in de bodem alert te zijn op de aanwezigheid van puin, asbestverdachte materialen of andere waarnemingen die kunnen duiden of een verontreiniging. Indien er aanwijzingen zijn op de aanwezigheid van een verontreiniging wordt aanbevolen op deze locatie(s) een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 uit te voeren. Aanbevolen wordt om het historisch vooronderzoek voor te leggen aan de gemeente Leeuwarden om te beoordelen of de onderbouwing uit het rapport afdoende is om de werkzaamheden uit te voeren. Pagina 10 van 10
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL
Bijlage 1 Kadastrale tekening
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL WWW.FINDBODEMADVIES.NL
Kadastrale kaart
Uw referentie: 2022.119
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Grouw K 146
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 3 november 2022 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Bijlage 2 Kadastrale gegevens
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL WWW.FINDBODEMADVIES.NL
BETREFT
Grouw K 146 UW REFERENTIE
2022.119 GELEVERD OP
PRODUCTIEORDERNUMMER
03-11-2022 - 09:51
S11139903954
VOLLEDIG GESIGNALEERD T/M
VOLLEDIG BIJGEWERKT T/M
02-11-2022 - 14:59
02-11-2022 - 14:59
BLAD
1 van 1
Eigendomsinformatie ALGEMEEN Kadastrale aanduiding Grouw K 146 Kadastrale objectidentificatie: 089920014670000
Locatie Burd 20
9001 ZW Grou BAG identificatie: 0055010000267784 Locatiegegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Adressen en Gebouwen
Kadastrale grootte 13.495 m² Grens en grootte Vastgesteld Coördinaten 187406 - 567804 Omschrijving Wonen
Terrein (grasland)
AANTEKENINGEN Publiekrechtelijke beperking Er zijn geen beperkingen bekend. Overige aantekening Herverkavelingskosten te verwachten Betrokken (rechts)persoon
5.1.2e
Afkomstig uit stuk Hyp4 60587/52
Ingeschreven op 13-10-2011 om 11:25
Aanvullend stuk Hyp4 60589/110
Ingeschreven op 14-10-2011 om 09:00
Is aanvulling op Hyp4 60587/52
RECHTEN 1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk Hyp4 60587/52
Ingeschreven op 13-10-2011 om 11:25
Aanvullend stuk Hyp4 60589/110
Ingeschreven op 14-10-2011 om 09:00
Is aanvulling op Hyp4 60587/52
Naam gerechtigde
5.1.2e
Adres Burd 20
9001 ZW GROU Geboren 14-12-1943
te KOLLUMERLAND EN
NIEUWKRUISLAND Persoonsgegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Personen
Burgerlijke staat Gehuwd (ten tijde van verkrijging) Betrokken persoon
5.1.2e
(ten tijde van verkrijging)
Persoonsgegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Personen Voor een eensluidend uittreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbare registers. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt ten aanzien van de kadastrale gegevens zich het recht voor als bedoeld in artikel 2 lid 1 juncto artikel 6 lid 3 van de Databankenwet. Heeft u nog vragen? Neem contact op met de klantenservice.
BETREFT
Grouw K 120 UW REFERENTIE
2022.119 GELEVERD OP
PRODUCTIEORDERNUMMER
03-11-2022 - 09:51
S11139904066
VOLLEDIG GESIGNALEERD T/M
VOLLEDIG BIJGEWERKT T/M
02-11-2022 - 14:59
02-11-2022 - 14:59
BLAD
1 van 1
Eigendomsinformatie ALGEMEEN Kadastrale aanduiding Grouw K 120 Kadastrale objectidentificatie: 089920012070000
Kadastrale grootte 11.105 m² Grens en grootte Vastgesteld Coördinaten 187385 - 567691 Omschrijving Terrein (grasland)
AANTEKENINGEN Publiekrechtelijke beperking Er zijn geen beperkingen bekend. Overige aantekening Herverkavelingskosten te verwachten Betrokken (rechts)persoon
5.1.2e
Afkomstig uit stuk Hyp4 60587/52
Ingeschreven op 13-10-2011 om 11:25
Aanvullend stuk Hyp4 60589/110
Ingeschreven op 14-10-2011 om 09:00
Is aanvulling op Hyp4 60587/52
RECHTEN 1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk Hyp4 60587/52
Ingeschreven op 13-10-2011 om 11:25
Aanvullend stuk Hyp4 60589/110
Ingeschreven op 14-10-2011 om 09:00
Is aanvulling op Hyp4 60587/52
Naam gerechtigde
5.1.2e
Adres Burd 20
9001 ZW GROU Geboren 14-12-1943
te KOLLUMERLAND EN
NIEUWKRUISLAND Persoonsgegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Personen
Burgerlijke staat Gehuwd (ten tijde van verkrijging) Betrokken persoon
5.1.2e
(ten tijde van verkrijging)
Persoonsgegevens zijn ontleend aan de Basisregistratie Personen
Voor een eensluidend uittreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbare registers. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt ten aanzien van de kadastrale gegevens zich het recht voor als bedoeld in artikel 2 lid 1 juncto artikel 6 lid 3 van de Databankenwet. Heeft u nog vragen? Neem contact op met de klantenservice.
Bijlage 3 Foto’s locatie-inspectie
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL WWW.FINDBODEMADVIES.NL
it
va
: ow
Wi
Rx
ON
ie SN
A
=
u
ca
A DN
ES
9
+ 6 5 +k, et 0
Wi:
4>Â,
51
Et
ig
Us
&
4%
AE
NK
is
3 4
»
fs:
BD
NN E
As:
== D=
a,
ge
e3
7
ii
en: dg
=*
je
Den 4 N) | We 4
i
d Ne JE MS:
al!
/
Ve
IE # NE
IW
it
Nl
np
IN
Ed
:
DA
/
|| |
ee
2Q
Sd
I=
59
KEN
7
az WE kf:
NG
ie
SE
3
SD
AE
5E
erk
4
5)
ij: [A
Ie
AE
# EN)
SN
PX VJ
IN
E
FSA NE:
A4
if
Á ij MI
AK
> IK
A A
WN
Ï
#
iS
de
IR
Zn
5
RN PS ded 3E
4
is Ta,
Ee
AA
EE
45
5
En
Te
Hs
ww
ie
59
Ee
ee
# PK
ZE
EES
ae
NS
B a5 A
EE A
2ie Ä
DE De EE
PE
D!
6
AS
ES
Es
3
#
=
Ep.
SE
ia
eN
Eh
U
En
Ti
As
ID}
Ne
zE
in E
oa
Rm
5
4
mie
ds
ENNE
TD
Te
3)
A
6e
ievar
È
ie
Ed ief
nT
ES
Es A 6 me
5
VEN
0%
is
KES
“ali
NS
&
ie Ml
MACA
=-
ON
PS
©
se
lg
Ma
dein
vla
&3
fs SNAAR! A
A
wen
€
Ù
ï IN
4)
IVA
5
Ch
&
SS
EN
Hi
Af
Eed
Ee! eg:
AS
Ed
! IK
6bij
sf
#
ef
e
ai
De
SN,
WY
7
#
AS
NI
WI
1
EE
&=
Ne
ia
Re
ns
X
ES
Ee
BEN
935
sr
4
Se
AK
is,
EN
ef
NS
E
Bi
le
AA
5
za
Ee
Wa
ee
A
E
á
Sz
teg 7d
SE 25
4%
ie
4 At, eh 77
i4
#5
“=
kie
75
SE
40
45
5
pt EES Si
PSA
SL
VD
sE
E35
Koi
is
[E
wt
ak
4
2á
#4
N
iN
A
mm,
\ë
Se NN ve SAN
1
je
En
&
5
G=
AS] AE
4
DE
2
TT
te
j
EE IK SS a
ae
gl
If AE
Es 8
6
AN A
==
Bid: 1
aiT
rb;
9: Ee
27
ie
BE? 4
jar
x=)
IRE
HE #7
Al
À47
ùe
: 9
ee Hs Es
5
&
\ AI
NN 1 “%
Si,
MA
MG
5
5
6
AA
bi a:
EN
A
ae
IA
Ä
Pe
==
je
EL )
u
“ e= za
Ns
fs
gE
5
A
tf:
ja
6
S|
Z
“N
Is gk
A
1
Ni Es
JS
5
EN
SE
7
EE
a
EV |
a
® ae
En
EN Ee
3
7
#6
in Hr
e
Vi
BE
ee
9
5
Pe 5 me
5
eden
NK
VAI
a
a
Í=
KN
itt
we
58
Ss
Dn
©
ee
#e
8 AS At Wi
cs
Ai
GE
if
Fi g4
Hi
De
AV
1
xl
w
=>)
15
DIN
PN
T* N
GN
TG
je?
EN
ge a
ATe
AN
SS
EN)
WE AW Vs
ij
JW
DN
3)
3
4
Ip AK
Je
AN
is
5
aEE as 4 ae 5 wt +
G>
Ae
& ss
#1
Fa
EE
NW:
EE DSB
„Osl
Hi 24
VIR
ie
u,
Ze
wb TAR
SN
Y,
JS
5 Nee
id
a
ax
®
4
NN
|jf 4
A)
2
,
FN TAP
=7
ps
EE
Sg
Zar,
3”
a ij >=;
az fa:
HM
A4
EE]
GE
Pd
be
2d
BEA ay
PA ed
*
#5
7
bf
aj 5
Ja
Ei
4E,
IEP
ge
„=
€
Ea
17
EERS
im ie
9 “47
iT &
EE VI
ad be
7 D pg #
Ee:
_
on
Ce
De ot
sp
‚+
pr
4 Hi +14 UE
A
rde GEV
SN
eeAe
vr=
L= Lee
A
Ei
KEA,
4 ij a de
#
Js
mie &
ig
7 ij
ë
5
Tas
KR
ig, ij.
4 Dae 4 Sf Is a E A €. En + 4 Bi: 5 e 27 4 ee O0
%
. Gay
vä
é DF
Ye
ae Ze # et De Ps
sv
&
3 Hv
ná
Li
5! 2
ie A *%
45
DS[
a _peEV «
5
ie’
+-
de *
“ a
de
dr
J
KNK …
*
9: En Ae F4
tbe a
Dee
Ei
ien U 1" ”s
In Mie
LsOf
0:
aeN “—
<pA
ij
A
ee {
AN
a ós
“ +.
…%
4Pl 44Dr Wij
4 ft,
hi D *
ee
Ì
7
ms
TE
GEE
PI À 4
ks
cas
kh WE 1
==
ED es EE
54
IR
of WA
14
a
_”
+-
fg “n Aa 4 A4 4
ee+ ie
sf 24EE
“fd
A wij, er;f,
74
Ee
f&
EL
3e 4 dek
#7
L=
>
- -
EE
BES 7
“Jer
ij A IE Ae 72
In
Vast
6 Ter
EE,
AE 7 a ig ee
=
4
a
B | wá
#4
De
#7 in <
un
I=
A:
3*
+7
Pk ai: 90
Eg) 4
aj
Lets
4
4)
te
wel ms
_
D3 rid
Len
“i
idg
7-
5
gi Ee 3
A
if
A
ff
on EP
a
he 1
he
eá
Ep
m4,
De
93
—
G>
ikie -? 4
4
==
=g
Dd
#,
KA |
9
a
TT
7
c%
ez
+,
5
WN,
o-
Ei]
Ad
ua
ai
F=
5
ze 5 In ee Ja a A At PA “
NN
saá
|
“9%
HX
#
=
RAN
4Hi
Dá +
+
4 Is
34+
Á
„1
”
mi
E
ON
OK =
fi U A, 5% 5,
.„Ls of
4%
Dr
….
7
%
d:
ei
NN AE
4}
in
EN
IS LN &
a5
1£
WT
&
e=
TA
YT
+
fe
VA Á
+5Ep
7x
2
(94
AN
5N
Pi
dj
4
5. 47:
4
ZE
A
“5
ey
e=
dz IVY
7 A
<6
=
“4 ie;
10
Hd 5 A)
14;
@
en
EIA
A5
(82:
Ds
„0
‘ge Á Gj TA Wi | 7 4 ig d, A pd}
le 5,
eds
EU
ia A
AN 38]
KL
£
Gie %
VA
W
Ee ok wi
ú
41
Val Sj
654
Me UE
En Aa Do be © 4 en
d«,
5
á
ii
TV
Us
NN
HI)
AN
a
ij a
4]
Ei
»-Ä
HD,
an Ù}
ie
he
4del 40 Mi
Po
Pe
Tk &
Vd EG
> Le
# Wik
UT
es Il NT D="
U p=
oe
1}
enk
VA
_
wk An
ae
|
|
INT
|
| | | ||| NI III ||
||
||] |||
| IJ]
|] ||
==
7 mj
Is %
VM
AI)
>
ie ij nx
4
e=
SN
/3
sz m4 ge. 4
Ae
f ai
ij
ge fg VG Ws
vj KA
er
á
jeg,
7:
$4e
ze,
xx es
as
on
ee
ei 3
44 He &
ge5
——
EL ©
“AH
dg
I=
WAE: 4
7
LE
JE
A GS
E
Ee
-
S=
Ds
®
zz
w.
js
%
Es
N
ed
E:
A
4
:
ww
4á
a
KE:
nk sé
pw
4e
{SS
93
7
?
w.
Ds
Es
zes
\#
>
—_—
NRS MÍ
Nd
\l
Aes
as
De
ay
Se 5 PE
9
B-
we Wz ef
4
Geef
Po
©
Ps
aJE
4 Á
oe
3
Tig
7
PA
nd
En
5
MD
Ie
7 +
j, 77
27 ee
sega
IS
ze AE
=
®
od
SS
a
G igps ‘4d
Pe
n=
e=
-— B
EE £
“7
> ss,
p=
ee
pe
SN De AS
wy D.
ze
:<
7
&5
js.
x
#3
a
-
| AG
Ee Me “ DA
er)
ww
1,
KS 5 Te,
en
4x
ds
OE ze
SE „a
A
Ax
| à
wg
BSA
=
Ws KX
mm —=
7
\ is
&
ee a ee
AM
»>es(7/
+
@
ww
EA
EE 4
ON ii
d>
„>
á
4
#7 W
#
X)
DS
MN
If,
B kV
se
AA
9Jai:
Ere
/ 4
eN
7
0
IM
44 fl
HH
=
==
is:
“7 94
Wit)
7
A
B $&
Ns
Hi
£&
J
df
We!
ie
NN
7Sh
9
Vi
AN EN
a
7,
U
7
_—
—Ó
VA
ij #4 Á
ee
a Es
Je nw A
HET
fs
Vá |
Di:
“
4
ik 4
3E
==
SIA
ie
==
k IN
\
> Le 5 ee
AS
——
ie
is
id
A
# pt
1
_
ee ek t
Ä
B
AN
_
==
id
\f
4
Aas
Ee
Dt
ij
Ge —
(
Gs
£ sE
fe
”
kie
eh
A
xx
*®
®
ta
di
“NS
en
Fa
sf
Ee
ia FE
-
> <4
SS
jn
\ md)
®|
17
HJ
ns
n
5
& ne eg 4
ve
dT
U
AÍ dr vr}
wt
ber
| vi [
Hi
4
IEN
IN
EA
N
it
PRE
4
Eg
Pe
#
eN Na “Pe
/
JI
BN
n=
IN
: EN
sil
El
vs
IW
DEN
fj
4
a
5
AWI AA
4
iN HT w
In
al
Pa B
NES
{=
“…
#
4
p
N
We
me
4
A
{
AX
H
EN
GE
V'
5) 1 Ù EE
A
A Ä
4&
4
AK
Nx
4
ee \
ed
HRS
a
dw
hv
4 ER
a
Vn
>
on
Hp xl
5
4e
N
JL
LN
KC |
5 eg
zi
ed
Je
fe
g=
a
d> ik
U
de
N
Zl
VM >
>
B-
Ss
iN)
ii
a
eN
—
ff
7
d VPS
PE
4 Â
\
7
#1
|
AN
Rt __
en 1 z
_—*
— Ds meoe gi
oaben > be
Did
Pe — a
er
pn
Yoe
,
>
ane
zap
bá
ei
GN
A
A
ei
Ter,
ee be LL
Weg
==
WW
en,
Nino
Ô Sg
», 9Á;
A
…
ae
#EN
2 A EE? —®# #
Rn
nt
Pk 4
2
p=
—
B
-
Pf
ES
_=
3
5 a
_+
<=
GE
ig
bs
&
£
==
._
de á U
btn Á
Dn:
&
2A
5
—He rd
GV g>
Di ci
en
3
fee
5À
vk
2
—
ww <
==
.- Krg
w—_-
&
—
En
iN ä
+ We
+4
wi,
ie +" aant es A
==
\
st
ki»
N vt
4 ek
NS
ce
TD
IN
is
wi
=_
je
9
a
in
a
NE
fe
er
Zi
je
8
MV
fl
bd A Le 7
JK
ps
A
f,
U
f
IW
K+
6|
(5
9
7
>
v>”
TE
Vé,
#
fg # 9
ä
#
4
4
5
ig
ie
3
“£
=
V
Se
=
>
g RN EN 8 ARE
JE)
14
KE
SS
ff
SENT
EN
ET
S
ED ms
es
14,
24 GE
4!
RE
WW
A
44
WE
Vá
5
€
4
NEsjkDl X| in.
>
af
gaf
ij Vi
1
Mp
14
4 5
s
be
#|
4
te
PE
4
jé
MM
“%
7
N
4
trsia # Sjis 4
<
Ee
N
|
Nn
IENS
SS
4
GS
ss
#
ae
Aa ®
EN EN
lb
he :
ie ==
Peel
B
Da
75
*
f} $
IA
1
LN
HE
7
ar
@
ee
IT 8
zg
hi
14,
“a w$
É
Ei
EN
®
6)
Sh
NN
dÄá
2: “ia
_
7
>
ia
35
Ps
“yy
Y
BT
o
NE
«7
is
*
k:
is
A
“
vi
>
4
ie
PE
Ä
a
_7
EN
A RD Ps A
EN
|
9
ij
EN
in d
NE Pa oi
4 b,
Ya
ba
<4
es
a &:
EN
if Lo E
3
DD
Dg
#4}
DE
Taj
A
df
ge
a Se
o9
3E
A
si
54 &
4
PS
EE
> 7
4
rj
jk
BN
Ze
ZS:
od
N
& 4
SD
Kg
NE
7Â
SE
de
—
WO
ue
2
#
==
AE
ST
De ii
ie
f 5e
eg
aÌ
Re
%,
2B
ós
xt >
4
7 En fs
íá,
1E
y
5ed
Bei s
Fi
6
3
fe
#
4
K t
ee
DE
€
Di
xp
Ei
x
JE
UIN
43
ef
Zep:
Gek
Ls
| >
==
a
27
-
SN »
es
DS a DS GJ 5) Se®
ES
Fa
ReES
è2
3 5
5 MITS:
EN ST as “> 5, ne
po
=
eN A
4
» ga
ex Tx
5 „ a
éh
©
ZA
£
EN
ONE
Aa?Ss
“&
ii
dk <
me
ë,
Tj
Ä
a DE
xe
a
je:
ix
xe
zes
®
4
#
w
Li an
6
ie
&
NA
ie ® be PE
#
Re
4)
A ie
Ee
ASS
+
e=
Ds
[?
JE
14 f
mm ie a ==
#
K
>
z=
—
S=
sea >=
Pie
==
EN
Ee
—g
A
et
GE
x
Ee] me
-
== jn
—<
&
Ax
e=
a ==
Ge,
5
IL
5 ps
…
\3 SN ie
— #
GA
N
=
Aid
we
4
EN EN
aA
ss
ef
a
is
E$ ?
3 SE
Kh
ii
9D;
ee wg
A
#5
Ee
EN
ij ew,
Eid
5
Vid
6
de «&
(
Y NS A
®
Ki N
Ad
43
ST
fe
If
od
N
4 je
4 WE
g4 9,
PES
AF
ES
ww
ä&
xd
J
ieee
“Bn
Et,
/
Ei
ae
3
EN Ee
#5 vie
A
#
5e
|
|
ij
1
in
a
m4
AN:
B
4
Bij
£
5
if
ad 9
A p4
V
SS SE
NN
9
7
ä
R9,
SN
jd ee,
sm
je
if
EE)
6
SS
A
==
DN A,
DA voi inf IN
=>
A7
6
A
4
38
je nn
j,
5
<t fig,
si f
24
w
BET
is
UE
3
Ps
==
EN
if
j:
EnZe:
8
@
3He Pe „7 2E7À
Ei S >2eEs
5
EE
WA
8
et
5;
Le
Es Be
eö
Ee
&|
eG
EP
Ne
a Ä
is
6
Wij
#7
Es4
&
u
Ss
,
De:
2 D, tE EE )
SE
dS
if
Em
4
®
IS
ki
£e.
&
&
is
&
sù
8
B:
B
|
A:
BET
er
NE
ZE
=d
Ep
21
3
E
>e
5
AR B d A4
EN
ä
AN
AE
n
jg
fie
Ted
N:
+
Epe
EE
a:
id
74
iS
175
ië
A
EV
“4
Se
Nn
5
EE
NS
sE ee is oe IS ia es ® Ie EN
5
ek kk,
EE
ns DE,
2E
E
Gee
==
SS ee
2 A == ST!
Es
BE
df
Gi Te He
Ee
IE
si
if
|
JE
iK
iN
A)
IE sk
N
iN:
|A f,
EE
ef
E
EN.
iS
ee EEN
a
ii
3
iN
iS
8
im
A
Ie DE
7
TE
if:
ESR
y
fis
it
f
YI
NT 5 5)
EN W
ii
EL
a!
SNE
54
A
Ht
ae
s6
EN
ee
Ee
EE
Ge
Vi
ie
De
A
SE
KA
19 els
Me
==
AS
Ti ai
8
Je
SE
&
E
ik
u
es
==
edes
is:
dj
V
&
W
Ei
WR
si MV
le
a
GE
A
Pi
oen
5
EE
ie
a
ze
sl
e= ae EE EE is
em
IE
is
Re
“a
IS
Kid
KM;
FN
Si p
pi4
ie
is
5
f
#4
EE
eed
ni A
NE
h ig
KN
IE
78
H
in
ie
A
EN
A
Si Ne
fi
‘
NJ
tf
it
od
Ne
$
ie
9
SN
HE
EE
pB
a
an Ze:
>
fe
el
je
JA
ae
—
a
ee
B e=
BEN
4
zn
==
ie
Dt
|
A
iet
A
Ni
EN
sE
A
IN
eN
EN
Ns:
IN
iN
ai
):
ï
in
br,
5a #
4
|
[|
EE
Ek
®
ER
sE
En
EN 5 GV
A 5
®
ax
Es
jk 8
ie @r
2
5
ee
j
de e=
EE
“%
BES
EE 3
eeEA Ms
TIN
f #7
A EJ
a4
Hag
==
za
6 ee
ps
=
2
EN
Va A
GN
|
4 iN] in
dh
N PSN HN
AN
sg)
Ss
N
IW g
dtiÙ
(4
(4
“si
>4
a\
\h
(7
V
Ù ==
u
es
1
eN / NE
iN
a
mn
Y;
Jy LJ
{4
oe a a
EE
He fÈt
ns
_
a
Gd
5
#7
ef
B,
C#
an
9ä
Wi
& 7
SIfS “4
5
ff Ä
ES =S
Ds:
|
Ny
Úl il
if
| JE 55
#
|
ta
Ef
des
5
ee
Je
À N
â Nl
wr
JA
a,8e
9
NS
as
ei
Ml
Jade
64
NV
JJ
Nl
N}
&
is
a À,eN
y
ik
\ mA
NR
ON
5
O1 ad
DID
ie
ä
x Ax
1
ia SN
5
Ke A
4
ns
SE jj
Jl
w
1
w
w ==
9
Is4
Á
#
|—
_
|
Ee
8
sg
ES
1&
\
|
JW
a
Â!
Tig
a
EN
Jie.
Wi. ie
»-
ie] VE |
—f
ai
esn
Ox
1 DN |
|
Ee á
df
$
&
Has
Îz
it
on
Ees
Td
9 ®
wi
>»
Go
ie
%
ef
Ne
A
da
is
>=
5
,i,
iS
—=
Ga
Ë
TE,
En
if
Á
Ed
Ee
il
g
Em
IE
Î ==
5.1.2e
Tay
B
xy
ess
+18
vt
j-
Ea Es A9
e=
A
hie c
di:
5
MIE
Ves n
Nd
<4 ax
dd
2
‚R
A4
de
A
| PN VEN IN
4
De
GEN
)
N
AN
WS NN SN
EN
if
Bj
gE,ie AN
ik
tE$
& bi
NM
NV4 )
eN
Ef
|l (1
in WW
4 SE”
Es
3
Ow
it
Ra eN
6A
Ki
14 ek AV “ij vd
in HV
®
3
ZeÁ
9
96)
fj
“4
IM
“
sy
Ä
je
N
jn
A
AN, >
Cw
V
|
N
y
f
Al
ea
9
ARA BNP we
Gl
mars iN
)
K
At
dU
is
Ko
Nn
7
5
ag
a&AAo A
II
N
AE
$ A
we
ie Ae
in
DE
4
ee &
F5
5
E)
Ge
4
©
ENE
A
EN
WE
NN
AP
il ib
IN
,
A
Le
2
Ht
is
®.
6:
Pf
ee
5
wie
ie
Eu 63
*
# JR ie
jn
is
EA
=K
&
Eid
ov
ve
K. ©
Pe @
Pu
”
5
is
id
E
A]
sd
#4
YW;
JA
*
&
GN w,
En
d
Kord
ia
=
5
Ee
he
En
5
pe
Db
#
iR
zt
#7
d
5
£
wi
Hi
le
iN
Ag,
a
'i
4%
NG
U
4
£,
Ds 3,
Ea
E
31.
ea
Po 2e
#
EM
Vs
ä
R
SH
ie
ed
BS
mied
ES 5
=
7
#|
Sf:
Ke
EE
vz 51
“# k
=
1 dE
5
Se 5}
Ee
if
Ne 3 a Ä
Se
9e
za
>
Js
33
a Ng
f
3
Ef WA
5
mw B
EEEE)
EE!
Te
EEE EEE)
a
_
=
IA
5 WN EN
4
ID
as 9E
==
5S
tj
3U7
B
Ji
a
nieES eN e=
n=
ASVINV 4
NS
TE
ID
EN h
Sh
AW (AE)
EN
nf —_ a 2 Tar &
73 mi
WWW.MANN.FRL
WWW.FINDBODEMADVIES.NL WWW.FINDBODEMADVIES.NL
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
1, 3, 10, 14, 15, 35