Bijlage 1. Mulier rapport 2024 Ruimte voor sport in Leeuwarden
Tekst van het document
Tabel 4.1 Sportparken in gemeente Leeuwarden in 2023 Gebied
Sportpark
Sporten
Centrum
Aldlân
Rugby
West
Magere Weide
Tennis, voetbal
Zuidwest
Nijlân
Noordoost
Kalverdijkje Noord
Atletiek, beachvolleybal, korfbal, padel, tennis, voetbal Honk- en softbal, korfbal, tennis, voetbal
Noord
Zuidoost Dorpen
Kalverdijkje Zuid
Hockey, voetbal, wielrennen
It Gryn (Stiens)
Padel, tennis, voetbal
Cornjum
Voetbal
Britsum
Korfbal
Hijum
Korfbal
Wiarda
Voetbal
Goutum
Korfbal, tennis
Warga (Wergea)
Tennis, voetbal
De Bining (Jirnsum)
Tennis, voetbal
Meinga (Grou)
Korfbal, tennis, voetbal
’t Loo (Wirdum)
Voetbal
Tred Iene (Easterlittens)
Voetbal
Reduzum
Korfbal, tennis
Mantgum
Korfbal, tennis
Warten
Korfbal, tennis
Bron: Database Sportaanbod (DSA), 2023
*
In deze tabel hebben we de kaatsvelden in de gemeente niet meegenomen. Verspreid over de gemeente zijn deze te vinden op sportparken en als afzonderlijke velden. In tabel 4.16 in paragraaf 4.8 zijn alle kaatsverenigingen met hun veld te vinden.
Spreiding De sportparken in gemeente Leeuwarden liggen goed verspreid over de gemeente, met een kleine concentratie aan de randen van de stad Leeuwarden (figuur 4.1). Tennisbanen en voetbalvelden kunnen (samen met sporthallen) gerekend worden tot de basisinfrastructuur van gemeentelijke sportaccommodaties (Hoekman & Schadenberg, 2023). Deze liggen daarom vaak goed verspreid over de gemeente. Dat is in Leeuwarden ook het geval. Ook korfbalvelden en kaatsbanen (niet in figuur) liggen in Leeuwarden goed verspreid over de gemeente. Voorzieningen voor buitensporten die maar op één sportpark in de gemeente aanwezig zijn (atletiek, hockey en rugby), zijn allemaal te vinden op een sportpark in de stad Leeuwarden.
Figuur 4.1 Sportparken in gemeente Leeuwarden in 2023
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.
Sportpark Kalverdijkje Zuid is het enige sportpark in de gemeente Leeuwarden met hockeyvelden. Hier zijn twee semi-watervelden en een zandkunstgrasveld te vinden. Ten opzichte van het aantal inwoners is het aanbod in de gemeente vergelijkbaar met het gemiddelde in de regio (tabel 4.2). Wel is het een stuk lager dan het landelijke gemiddelde en dat van de referentiegemeenten. In 2022 waren circa 560 inwoners van de gemeente Leeuwarden lid van de Koninklijke Nederlandse Hockeybond (KNHB). Dit resulteert in een
ledenpercentage dat in lijn ligt met het regionale gemiddelde, maar dat opnieuw lager is dan de referentiecijfers van Nederland en de referentiegemeenten. De hieruit volgende velddruk bedroeg in Leeuwarden 187 leden per veld in 2022. Hiermee heeft Leeuwarden een lagere velddruk dan het gemiddelde van de referentiegemeenten en heel Nederland, maar een hogere dan het gemiddelde van de omliggende gemeenten. Tabel 4.2 Aantal hockeyvelden, ledenpercentage KNHB en gemiddelde velddruk* Aantal velden per 25.000 inwoners
Ledenpercentage
Velddruk
Gemeente Leeuwarden
0,6
0,4
187
VSG-regio Fryslân
0,6
0,3
147
Referentiegemeenten
1,2
1,0
219
Nederland
1,4
1,2
213
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; KNHB via NOC*NSF, 2022. *
De velddruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van de KNHB te delen door het aantal velden.
De hockeyvelden in de gemeente Leeuwarden vormen de thuisbasis van Mixed Hockey Club Leeuwarden. In het seizoen 2023/2024 heeft de vereniging in totaal 35 teams ingeschreven voor deelname aan een zaterdag- of zondagcompetitie van de KNHB. Daarnaast heeft de vereniging drie teams die doordeweeks deelnemen aan een competitie van de KNHB. De drie velden bieden voldoende capaciteit gedurende het seizoen (tabel 4.3). De velden bieden ook voldoende capaciteit in de toekomst. De verwachte bevolkingsgroei in de gemeente Leeuwarden leidt bij een stabiele sportdeelname tot een toename van het potentiële aantal leden, maar doet de behoefte in aantal wedstrijdvelden niet sterk stijgen. Een toename van het aantal leden zou wel ingaan tegen de teruglopende hockeydeelname en -ledentallen in de gemeente de laatste jaren (zie hoofdstuk 2). Door deze ontwikkeling in het ledenaantal van de hockeyvereniging in Leeuwarden is de (toekomstige) behoefte veranderd ten opzichte van het vorige onderzoek. In 2020 was er op zaterdag nog sprake van een minimaal tekort (0,1 veld) en verwachtten we dat dit tekort verder zou groeien. Van een dergelijk tekort is nu dus geen sprake meer.
Tabel 4.3 Aanbod-behoefteanalyse velden Mixed Hockey Club Leeuwarden (in (semi-)watervelden, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname ) Behoefte Seizoen/jaar
Aanbod
Zaterdag
Zondag
2023/2024
3
3 (2,1)
1 (0,9)
2030
3
3 (2,2)
1 (1,0)
2035
3
3 (2,3)
1 (1,0)
In gemeente Leeuwarden is één honk- en softbalvereniging actief: HSV The Northern Lights. Op sportpark Kalverdijkje Noord beschikt de vereniging over één honkbalveld en één softbal-/jeugdhonkbalveld. In 2023 had HSV The Northern Lights twee teams ingeschreven bij een competitie van de Koninklijke Nederlandse Baseball en Softball Bond (KNBSB). Het honkbalveld biedt voldoende capaciteit om te voldoen aan de behoefte van de vereniging (tabel 4.4). Aangezien er in 2023 geen softbal- of jeugdteams ingeschreven stonden voor een competitie bij de KNBSB, was aan dit veld vanuit de bij de bondscompetitie ingeschreven teams geen behoefte. Tabel 4.4 Aanbod-behoefteanalyse velden HSV The Northern Lights (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname) Aanbod
Behoefte
Seizoen
Honkbalveld
Softbal-/jeugdhonkbalveld
Honkbalveld
Softbal-/jeugdhonkbalveld
2023
1
1
1 (0,4)
0 (0,0)
2030
1
1
1 (0,5)
0 (0,0)
2035
1
1
1 (0,5)
0 (0,0)
Rekening houdend met de bevolkingsprognoses bieden de velden ook in de toekomst voldoende capaciteit om in de behoefte te voorzien. Bij een stabiele sportdeelname neemt het ledenaantal van HSV The Northern Lights licht toe. Maar dit zou ingaan tegen de dalende trend in het ledenaantal van de laatste jaren. In 2020 was er bij de honk- en softbalvereniging nog wel een softbalteam dat deelnam aan een competitie van de KNBSB. Het wegvallen van dit team is de enige grote verandering in de (toekomstige) behoefte van de vereniging ten opzichte van het vorige onderzoek. Mogelijk wordt het veld nog wel gebruikt voor trainingen of recreatieve wedstrijden van jeugd- of softballeden.
In de gemeente Leeuwarden bevinden zich zeven korfbalverenigingen. KV Mid Fryslân maakt als vereniging gebruik van velden op vier verschillende sportparken in de kernen Grou, Reduzum, Warten en Akkrum (gemeente Heerenveen). Daarnaast zijn er een aantal samenwerkingsverbanden tussen verenigingen die geleid hebben tot combinatieteams. De oudere jeugd van Pallas ’08 en Wêz Warber & Fluch speelt in seizoen 2023/2024 samen, en KV Leeuwarden en Wêz Warber & Fluch hebben een gezamenlijk seniorenteam dat doordeweeks speelt. Samen hebben de korfbalverenigingen in het seizoen 2023/2024 77 teams ingeschreven voor een zaterdagcompetitie van het Koninklijk Nederlands Korfbalverbond (KNKV). De aanwezige velden bieden voldoende capaciteit voor de korfbalverenigingen (tabel 4.5). Een aantal verenigingen heeft overcapaciteit. KV Leeuwarden heeft een veld extra en KV Mid Fryslân zou zonder de natuurgrasvelden ook voldoende aanbod hebben. Voor de verenigingen met natuurgrasvelden is een klein overschot aan wedstrijdvelden welkom, zodat er voldoende trainingsruimte overblijft en velden niet overbelast raken. Mocht er bij deze verenigingen de wens zijn om over te stappen op kunstgrasvelden, dan hebben ze alle drie voldoende aan één wedstrijdconform kunstgrasveld. Tabel 4.5 Aanbod-behoefteanalyse korfbalvelden gemeente Leeuwarden seizoen 2023/2024 (in aantal wedstrijdvelden) Behoefte1
Aanbod Gebied
Sportpark
Vereniging
Zuidwest
Nijlân
Pallas ‘08
Noordoost Noord Zuidoost Dorpen
Kunstgras2 Natuurgras3 Kunstgras2 Natuurgras3 2
-
2 (1,2)
-
Kalverdijkje Noord KV Leeuwarden
2
-
1 (0,8)
-
Britsum
KV CSL
2
-
2 (1,6)
-
Hijum
KV MN en W
-
1
-
1 (0,5)
Goutum
Wêz Warber & Fluch
-
2
-
1 (0,5)
KV Mid Fryslân
3
1+24
3 (2,6)
-
WWC
-
2
-
1 (0,9)
9
5+24
- (6,2)
- (1,9)
Akkrum/Meinga/Re duzum/Warten Mantgum
Totaal 1
De behoefte geven we weer als de wedstrijdbehoefte op zaterdag. Op zondag wordt in de gemeente niet gekorfbald.
2
Wedstrijdconform kunstgrasveld met een oppervlakte van 40*20 meter.
3
Wedstrijdconform natuurgrasveld met een oppervlakte van 68*44 meter.
4
In Akkrum (gemeente Heerenveen) heeft KV Mid Fryslân beschikking over een natuurgrasveld waarop plaats is voor twee wedstrijdconforme velden (oppervlakte 68*44 meter).
We verwachten dat de potentiële ledengroei als gevolg van de bevolkingstoename bij een constante sportdeelname niet leidt tot capaciteitstekorten bij de korfbalverenigingen. Op basis van de prognoses verwachten we een lichte stijging van het aantal leden van de korfbalverenigingen. De grootste ledentoename verwachten we bij Wêz Warber & Fluch, gezien de ligging dicht bij de uitbreidingsplannen in Middelsee en De Zuidlanden (tabel 4.6). Ten opzichte van het aantal inwoners in de gemeente is het aantal leden van de korfbalverenigingen de laatste jaren redelijk stabiel gebleven. Als dit ook in de toekomst zo blijft, verandert de behoefte van de verenigingen niet sterk. Het huidige aanbod is in dat geval voldoende om in de behoefte te voorzien. Tabel 4.6 Verwachte behoefte korfbalvelden gemeente Leeuwarden (in aantal wedstrijdvelden, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname) Behoefte 2030
Behoefte 2035
Gebied
Vereniging
Kunstgras
Natuurgras
Kunstgras
Natuurgras
Zuidwest
Pallas ‘08
2 (1,3)
-
2 (1,3)
-
Noordoost
KV Leeuwarden
1 (0,8)
-
1 (0,8)
-
Noord
KV CSL
2 (1,6)
-
2 (1,5)
-
KV MN en W
-
1 (0,5)
-
1 (0,5)
Zuidoost
Wêz Warber & Fluch
-
1 (0,6)
-
1 (0,7)
Dorpen
KV Mid Fryslân
3 (2,6)
-
3 (2,5)
-
-
1 (0,9)
-
1 (0,8)
6,3
2,0
6,1
2,0
WWC Totaal
In het onderzoek van 2020 gebruikten we voor het berekenen van de behoefte en het aanbod van het aantal natuurgrasvelden een andere rekenmethode, omdat destijds andere richtlijnen golden. Desondanks zijn er geen grote verschillen ontstaan in het aanbod of de behoefte sinds 2020. Geen van de korfbalverenigingen heeft in het seizoen 2023/2024 een tekort aan wedstrijdvelden. In 2020 verwachtten we een lichte afname van de veldbehoefte. Deze verwachting stellen we nu bij naar een minimale toename.
De gemeente Leeuwarden telt één rugbyvereniging. Greate Pier Rugby Club is gevestigd op sportpark Adlân in Leeuwarden en heeft de beschikking over twee natuurgrasvelden. In het seizoen 2023/2024 heeft de vereniging vijf teams ingeschreven bij een zaterdag- of zondagcompetitie van Rugby Nederland. Drie jeugdteams spelen hun wedstrijden op zaterdag en twee seniorenteams (één heren- en één damesteam)
komen uit in een zondagcompetitie. De twee velden bieden gedurende het seizoen voldoende capaciteit (tabel 4.7). De velden bieden voldoende capaciteit om een potentiële ledenstijging als gevolg van de verwachte bevolkingstoename te huisvesten. De huidige trend van de ledenontwikkeling van Greate Pier Rugby Club laat een sterke afname van jeugd zien, maar een toename van senioren. Het doortrekken van deze trend naar de toekomst levert geen grote veranderingen op in de behoefte van de vereniging. Tabel 4.7 Aanbod-behoefteanalyse velden Greate Pier Rugby Club (in aantal velden, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname) Seizoen/jaar
Aanbod
Behoefte
2023/2024
2
2 (1,3)
2030
2
2 (1,3)
2035
2
2 (1,4)
In 2020 presenteerden we de toekomstige behoefte van de Greate Pier Rugby Club in twee scenario’s: op basis van de bevolkingsontwikkeling en als afgeleide van de ledenontwikkeling van Rugby Nederland. Het scenario dat de nationale ledenontwikkeling volgde, voorspelde een forse toename van leden en veldbehoefte. In Leeuwarden is het totale aantal leden gedaald. De huidige aanbodbehoefteanalyse sluit beter aan bij het scenario van de bevolkingsontwikkeling. Dit houdt in dat de veldbehoefte tot 2035 naar verwachting niet sterk wijzigt. De behoefte aan twee velden blijft.
In de gemeente Leeuwarden liggen 57 tennisbanen, verdeeld over verschillende sportparken. Het aanbod in de gemeente ten opzichte van het aantal inwoners is daarmee laag vergeleken met referentiecijfers (tabel 4.8). Met name in gemeenten in de regio liggen veel banen. In 2022 waren ruim 3.000 inwoners van gemeente Leeuwarden lid van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennisbond (KNLTB). Het ledenpercentage dat hieruit voortvloeit is vergelijkbaar met de omliggende gemeenten, maar lager dan het gemiddelde van de referentiegemeenten en Nederland. De resulterende baandruk was met 53 leden vergelijkbaar met het landelijke gemiddelde en dat van de referentiegemeenten. Wel was de baandruk in de gemeente hoger dan het regionale gemiddelde.
Tabel 4.8 Aantal tennisbanen, ledenpercentage KNLTB en gemiddelde baandruk* Aantal banen per
Ledenpercentage
Baandruk
Gemeente Leeuwarden 11,4
2,4
53
VSG-regio Fryslân
19,1
2,5
33
Referentiegemeenten
15,0
2,9
50
Nederland
16,4
3,3
51
25.000 inwoners
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; KNLTB via NOC*NSF, 2022. *
De baandruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van de KNLTB te delen door het aantal banen.
De gemeente Leeuwarden telt elf tennisverenigingen, die ieder een aantal eigen tennisbanen tot hun beschikking hebben. De verenigingen zijn verspreid over de gemeente te vinden. In totaal hadden de tennisverenigingen in Leeuwarden in 2023 circa 2.850 leden, waarvan 15 procent junioren (leden jonger dan 18 jaar). De verenigingen verschillen sterk in omvang. Er zijn verenigingen met enkele honderden leden, met als uitschieter TC ’t Nijlan (912 leden in 2023), maar er zijn ook verenigingen met maar enkele tientallen leden (figuur 4.2). Van TV Eernum zijn geen ledenaantallen bekend. Deze vereniging is niet ingeschreven bij de KNLTB. De ontwikkeling van de ledenaantallen de laatste jaren is ook divers. Een aantal verenigingen is sterk gegroeid, maar er zijn ook tennisverenigingen die te maken hebben gekregen met een ledendaling. Dit is voornamelijk het geval bij TV De Molen.
Figuur 4.2 Ledenaantallen tennisverenigingen* gemeente Leeuwarden in 2019 en 2023 (in aantallen) 1.000
912
800
696
600 400
501 383 370
397
385 279
236
220 208
137
200 22 20
19
83
30
0
2019
0
0
15 11
2023
Bron: KNLTB, 2023. *
Ledenaantallen van TV Eernum ontbreken. Vereniging is niet aangesloten bij de KNLTB.
In seizoen 2023 had één tennisvereniging in gemeente Leeuwarden een hogere behoefte dan het huidige aanbod (tabel 4.9). TC Goutum komt minimaal één en maximaal drie tennisbanen te kort. De vereniging onderzoekt momenteel de realisatie van een zesde tennisbaan. Bij TV De Molen, L.T.V. de Bontekoe, TV Stiens, TV Grouw, TV Warten, TV Stânfries en de Mantgummer Tennis Club was er sprake van een overschot aan tennisbanen. Vooral bij TV De Molen en L.T.V. de Bontekoe was dit overschot aanzienlijk (respectievelijk drie à vier en zes banen). Bij TV Stiens was het overschot met twee à drie banen iets kleiner. TV Grouw, TV Warten, TV Stânfries en de Mantgummer Tennis Club hebben één baan extra. Alle andere tennisverenigingen beschikken over een aantal banen dat binnen de behoeftebandbreedte valt.
Behoeftebandbreedte De baanbehoefte van de tennisverenigingen geven we weer in een bandbreedte (zie ook bijlage 1). In hoeverre de minimale of de maximale variant van toepassing is voor een vereniging, is afhankelijk van diverse factoren, zoals de demografische opbouw van het ledenbestand en het aantal deelnemende teams aan de competities.
401
Tabel 4.9 Aanbod-behoefteanalyse banen tennisverenigingen Leeuwarden 2023 (in aantal banen) Behoefte Gebied
Sportpark
Vereniging
Aanbod
Minimaal
Maximaal
West
Magere Weide
L.T.V. de Bontekoe
9
5 (4,1)
6 (5,3)
Zuidwest
Nijlân
TC ’t Nijlan
11
11 (10,1)
13 (13,0)
Noordoost
Kalverdijkje Noord TV De Molen
10
4 (3,1)
4 (4,0)
Noord
It Gryn
TV Stiens
8
5 (4,3)
6 (5,5)
Zuidoost
Goutum
TC Goutum
5
6 (5,6)
8 (7,2)
Dorpen
Meinga
TV Grouw
4
3 (2,3)
3 (3,0)
Warten
TV Warten
2
1 (0,2)
1 (0,3)
Warga
TV Warga
2
2 (1,5)
2 (2,0)
Reduzum
TV Stânfries
2
1 (0,3)
1 (0,4)
De Bining
TV Eernum
1
2
-
-
Mantgum
Mantgumer Tennis
2
1 (0,1)
1 (0,2)
57
31,7
40,8
Totaal Bron: Mulier Instituut, 2024. 1
Ledenaantallen TV Eernum is onbekend. Vereniging is niet aangesloten bij de KNLTB.
De verwachte bevolkingsgroei heeft, bij een stabiele sportdeelname, vooral invloed op de behoefte van de tennisverenigingen die nu al met een normatief tekort kampen (tabel 4.10). TC ’t Nijlan en TC Goutum hebben het ledental de laatste jaren al flink toe zien nemen (figuur 4.2). Met de huidige woningbouwplannen in de omgeving van sportparken is de verwachting dat deze groei doorzet. Hierdoor zal de baanbehoefte verder uitstijgen boven de capaciteit. De realisatie van een zesde tennisbaan door TC Goutum verhelpt dit toekomstige tekort niet. Andere tennisverenigingen in de gemeente zullen naar verwachting minder merken van de bevolkingstoename of zelfs te maken krijgen met een ledendaling. Een betere spreiding van de leden over de tennisverenigingen kan helpen om (toekomstige) tekorten op te vangen. Het huidige totaalaantal tennisbanen in gemeente Leeuwarden (57) biedt ook in de toekomst voldoende capaciteit, mits de leden beter verdeeld zijn over de verenigingen.
Tabel 4.10 Toekomstige baanbehoefte tennisverenigingen gemeente Leeuwarden (in aantal banen, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname)
Gebied
Vereniging
West
TV Leeuwarden1
Zuidwest
TC ’t Nijlan 2
Behoefte 2030
Behoefte 2035
Aanbod
Minimaal
Maximaal
Minimaal
Maximaal
9
8 (7,5)
10 (9,7)
8 (7,5)
10 (9,7)
11
11 (10,7)
14 (13,8)
12 (11,2)
15 (14,3)
10
-
-
-
-
Noordoost
De Tennis Fabriek
Noord
TV Stiens
8
5 (4,1)
6 (5,3)
4 (4,0)
6 (5,1)
Zuidoost
TC Goutum
5
8 (7,1)
10 (9,2)
8 (7,9)
11 (10,1)
Dorpen
TV Grouw
4
3 (2,3)
3 (3,0)
3 (2,3)
3 (2,9)
TV Warten
2
1 (0,2)
1 (0,3)
1 (0,2)
1 (0,3)
TV Warga
2
2 (1,5)
2 (2,0)
2 (1,5)
2 (1,9)
TV Stânfries
2
1 (0,3)
1 (0,4)
1 (0,3)
1 (0,4)
3
2
-
-
-
-
2
1 (0,1)
1 (0,2)
1 (0,1)
1 (0,2)
57
34,0
43,8
35,0
45,0
TV Eernum
Mantgumer Tennis Totaal Bron: Mulier Instituut, 2024. 1
TV Leeuwarden is de naam van de fusievereniging van L.T.V. de Bontekoe en TV De Molen. De vereniging is gevestigd op sportpark Magere Weide.
2
De Tennis Fabriek is een nieuwe tennisvereniging die de vrijgekomen banen van TV De Molen gebruikt.
3
Ledenaantallen TV Eernum is onbekend. Vereniging is niet aangesloten bij de KNLTB.
Begin 2024 zijn tennisverenigingen L.T.V. de Bontekoe en TV De Molen gefuseerd. TV Leeuwarden, zoals de nieuwe vereniging heet, maakt gebruik van de tennisbanen op sportpark de Magere Weide. De tennisbanen op sportpark Kalverdijkje Noord worden gebruikt door De Tennis Fabriek, een nieuwe tennisclub. Bij de berekening van de toekomstige baanbehoefte zijn we ervan uitgegaan dat alle leden van TV De Molen en L.T.V. de Bontekoe zich aansluiten bij TV Leeuwarden. In de praktijk is dit is onwaarschijnlijk. Het is aannemelijk dat de behoefte van TV Leeuwarden lager uitvalt dan de schatting. Omdat er geen ledenaantallen zijn van de nieuwe vereniging, is het niet mogelijk de behoefte van de vereniging te berekenen. In het onderzoek van 2020 hebben we het aanbod en de (toekomstige) behoefte van tennis niet behandeld. Er is dus geen vergelijking van de ontwikkeling van de baanbehoefte mogelijk. Padel Padel is de snelst groeiende sport in Nederland. In 2006 werd de eerste (onofficiële) padelbaan aangelegd. In 2023 bestaat het aanbod inmiddels uit ruim 2.200 banen verspreid over circa 580 locaties (Wezenberg-Hoenderkamp et al., 2023).
In de gemeente Leeuwarden zijn twee sportparken met padelbanen. Op sportpark Nijlân heeft de gelijknamige tennisvereniging twee padelbanen gerealiseerd. Bij TV Stiens op sportpark It Gryn zijn ook twee padelbanen te vinden. Deze twee verenigingen hebben een sterke ledengroei doorgemaakt de laatste jaren. Het is mogelijk dat de aanwezigheid van de padelbanen hieraan heeft bijgedragen. Daarnaast zijn er twee commerciële aanbieders. Bij Padel Grou zijn twee indoorbanen te vinden en bij de Padelfabriek Leeuwarden zijn vijf indoorbanen, vijf outdoorbanen en twee singlebanen aanwezig. Op het nieuwe sportpark dat in Middelsee gerealiseerd wordt, zijn padelbanen ingetekend. Deze komen in gemeentelijk bezit en worden niet door een tennisvereniging gebruikt.
In de gemeente Leeuwarden zijn er 48 voetbalvelden te vinden op de sportparken. Ten opzichte van het aantal inwoners is dit lager dan de diverse referentiecijfers (tabel 4.11). Vooral het verschil met het gemiddelde van gemeenten in de regio is groot. Een deel van dit verschil wordt gecompenseerd door het hoge percentage kunstgrasvelden waarover de verenigingen in Leeuwarden beschikken. Daarnaast beschikken sportparken Meinga en ’t Loo ieder over een wetraveld. Zowel kunstgrasvelden als wetravelden kunnen intensiever belast worden dan natuurgrasvelden. In 2022 waren ruim 8.000 inwoners van gemeente Leeuwarden lid van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) Het hieruit voortvloeiende ledencijfer (6,4%) is vergelijkbaar met het gemiddelde van de referentiegemiddelde en dat van Nederland. Het gemiddelde ledenpercentage in de regio ligt hoger dan in Leeuwarden. De resulterende velddruk in gemeente Leeuwarden is met 169 leden per veld relatief hoog. Wanneer we het onderscheid tussen natuurgras- en kunstgrasvelden verwerken in de velddruk (laatste kolom tabel 4.11), is de velddruk in Leeuwarden nog altijd hoger dan de referentiecijfers. Het verschil in velddruk tussen de gemeente en het gemiddelde van de VSG-regio is dan wel een stuk kleiner.
Tabel 4.11 Aantal voetbalvelden, ledenpercentage KNVB en gemiddelde velddruk Velden Aantal per 25.000 Percentage
Ledenpercentage
Velddruk1
Gecorrigeerde velddruk2
inwoners
kunstgras
Gemeente Leeuwarden
9,6
35,4
6,4
169
124
VSG-regio Fryslân
21,1
17,4
8,0
95
81
Referentiegemeenten
11,7
30,1
6,5
144
110
Nederland
12,1
24,9
6,6
137
110
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2024; KNVB via NOC*NSF, 2023. 1
De velddruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van de KNVB te delen door het aantal velden.
2
In de gecorrigeerde velddruk tellen kunstgrasvelden dubbel mee wegens de extra belastbaarheid van de velden. Dit is in lijn met de richtlijnen van de KNVB waarop ook onze aanbod-behoefteanalyse gebaseerd is.
In de gemeente Leeuwarden zijn zeventien voetbalverenigingen1 te vinden, verdeeld over twaalf sportparken. De meeste voetbalverenigingen bevinden zich in de stad Leeuwarden (9 van de 17). Sportparken Kalverdijkje Zuid, Nijlân en Wiarda huisvesten meerdere voetbalclubs. Elke vereniging heeft hier zijn eigen velden. Voetbalverenigingen VV Warga en VV WWS zijn onlangs een samenwerkingsverband gestart voor hun jeugdafdelingen: SJO Warga WWS. In het seizoen 2023/2024 hebben alle voetbalverenigingen in Leeuwarden in totaal 404 teams ingeschreven voor een zaterdag- of zondagcompetitie van de KNVB. De overgrote meerderheid van deze teams (95%) speelt zijn wedstrijden op zaterdag. Daarnaast hebben veel voetbalverenigingen teams die hun wedstrijden spelen op vrijdagavond (35+, 45+ en/of vrouwenelftallen) en bieden zeven verenigingen zaalvoetbal aan. Op basis van de ruim vierhonderd zaterdag- en zondagteams constateren we bij drie verenigingen knelpunten in het aantal wedstrijdvelden (tabel 4.12). De aanbod-behoefteanalyse gaat uit van de KNVB-richtlijn. Dit betekent dat natuurgrasvelden alleen voor wedstrijden of trainingen gebruikt worden in verband met de belastbaarheid. Kunstgrasvelden kunnen voor beide gebruikt worden. Dit geldt ook voor wetravelden. Om een voetbalveld als trainingsveld te kunnen gebruiken, heeft het veld verlichting nodig.
CSV de Leeuwarder Zwaluwen, FVC en Blauw Wit ’34 hebben in seizoen 2023/2024 een normatief te kort aan wedstrijdvelden. LAC Frisia 1883 komt twee wedstrijdvelden tekort, CSV de Leeuwarder Zwaluwen heeft behoefte aan 1
Betaaldvoetbalorganisatie SC Cambuur nemen we niet mee in de aanbod-behoefteanalyses. De club maakt wel gebruik van de velden op Kalverdijkje Noord en Sportpark Cornjum voor de trainingen en wedstrijden van de jeugdteams.
anderhalf wedstrijdveld extra, FVC komt één veld tekort en bij Blauw Wit ’34 is er een tekort van maar liefst vier velden. Het aanleggen van nieuwe velden is niet de enige oplossing voor tekort. Andere mogelijkheden zijn verlenging van de speeldag en het invoeren van een flexibele speeldag (zondag of doordeweekse avond). Bij CSV de Leeuwarder Zwaluwen is medegebruik van de voetbalvelden van LVV Friesland of RKVV MKV ’29 een optie. Deze voetbalverenigingen beschikken over een normatief overschot aan wedstrijdvelden op zaterdag. Een andere mogelijkheid is herbestemming van het natuurgrastrainingsveld naar natuurgraswedstrijdveld. FVC en Blauw Wit ’34 zijn gehuisvest op sportpark Wiarda. Er liggen plannen om FVC te verhuizen naar een nieuw te ontwikkelen sportpark in Middelsee. Het aantal vrijkomende velden voor Blauw Wit ‘34 lost de huidige ondercapaciteit niet op. Er is dan nog altijd een tekort van twee wedstrijdvelden. Uitwijken naar zondag door een deel van de teams is een noodzakelijke maatregel om de behoefte aan te laten sluiten op het aanbod.
Tabel 4.12 Aanbod-behoefteanalyse wedstrijdvelden voetbalverenigingen Leeuwarden seizoen 2023-2024 (in aantal velden) Aanbod Gebied
Sportpark
West
De Magere Weide LAC Frisia 1883
Zuidwest
Nijlân
Noordoost
Vereniging
Kunstgras
2
Zaterdag
Zondag
2 + 0,54
2 + 0,53
5 (4,5)
1 (0,5)
0,54
2
5 (4,7)
0 (0,0)
Natuurgras
CSV de Leeuwarder Zwaluwen
Behoefte
1
LVV Friesland
2
-
1 (0,4)
1 (0,9)
RKVV MKV ‘29
1
1
2 (1,7)
1 (0,3)
Kalverdijkje Noord SC Leovardia
2
3
4 (3,8)
0 (0,0)
Kalverdijkje Zuid
1
-
1 (0,3)
0 (0,0)
Lions ‘66 VV Nicator
2
-
1 (0,6)
0 (0,0)
It Gryn
SC Stiens
45
1
4 (3,3)
0 (0,0)
Cornjum
VV DTD
1
1
1 (0,7)
1 (0,3)
Zuidoost
Wiarda
FVC
-
2
3 (2,5)
1 (0,2)
Blauw Wit ‘34
1
3
8 (7,2)
0 (0,0)
Dorpen
Meinga
GAVC
25
1
2 (1,8)
0 (0,0)
De Bining
VV Irnsum
2
-
2 (1,5)
1 (0,2)
Tred Iene
VV Oosterlittens
5
3
-
2 (1,4)
1 (0,7)
Warga
VV Warga
1
1
0 (0,0)
1 (0,5)
‘t Loo
VV WWS
25
-
1 (0,5)
0 (0,0)
-
-
1 (1,0)
0 (0,0)
26 + 2*0,5
17 + 0,5
35,9
3,6
Noord
6
SJO Warga WWS Totaal Bron: Mulier Instituut, 2024. 1
Natuurgrasvelden worden uitsluitend voor wedstrijden of trainingen gebruikt. Bestemming is afhankelijk van de aanwezigheid van verlichting. Gebruik voor wedstrijden en trainingen vergroot de kans op overbelasting van het veld.
2
Kunstgrasvelden worden voor wedstrijden en trainingen gebruikt, mits ze beschikken over verlichting.
3
Het halve kunstgrasveld is een wedstrijdveld voor pupillen.
4
Het halve natuurgrasveld is een wedstrijdveld voor pupillen.
5
Eén van de velden is een wetraveld. Dit veld kan voor wedstrijden en trainingen gebruikt worden, mits er verlichting aanwezig is.
6
SJO Warga WWS maakt gebruik van de velden op sportpark Warga en ‘t Loo
In de behoefte aan trainingsvelden constateren we op basis van de richtlijn bij drie verenigingen tekorten. LVV Friesland, Blauw Wit ’34 en VV Irnsum hebben een normatief tekort aan trainingsvelden (tabel 4.13). Bij LVV Friesland is dit tekort op te lossen door een natuurgraswedstijdveld om te vormen tot trainingsveld. Een belangrijke voorwaarde hiervoor is de aanwezigheid van verlichting. In het geval van Blauw Wit’34 verdwijnt het tekort als FVC verhuist naar het toekomstige sportpark in Middelsee.
Bij VV Irnsum is het tekort minimaal. De twee natuurgraswedstrijdvelden kunnen hier gebruikt worden om het tekort op te vangen. Deze velden zijn al voorzien van verlichting. Tabel 4.13 Aanbod-behoefteanalyse trainingsvelden voetbalverenigingen Leeuwarden seizoen 2023-2024 (in aantal velden) Aanbod Gebied
Sportpark
Vereniging
West
De Magere Weide
LAC Frisia 1883
Zuidwest
Nijlân
Noordoost
Kunstgras
2
Trainingsvelden
-
2 + 0,5
2,5 (2,5)
1
2 + 0,53
2,5 (2,4)
Natuurgras
CSV de Leeuwarder Zwaluwen
Behoefte
1
LVV Friesland
0,5
-
1 (0,6)
RKVV MKV ‘29
0,5
1
1 (1,0)
Kalverdijkje Noord
SC Leovardia
-
3
2 (1,9)
Kalverdijkje Zuid
Lions ‘66
1
-
1 (0,2)
1 + 0,5
-
1 (0,3)
It Gryn
VV Nicator SC Stiens
14
1
2 (1,7)
Cornjum
VV DTD
0,5
1
1 (0,5)
Zuidoost
Wiarda
FVC
-
2
1,5 (1,4)
Blauw Wit ‘34
-
3
4 (3,6)
Dorpen
Meinga
GAVC
14
1
1 (0,9)
5
-
1 (0,8)
4
1
-
1 (1,0)
Noord
De Bining
VV Irnsum
0,75
Tred Iene
VV Oosterlittens
Warga
VV Warga
0,5
1
1 (0,3)
‘t Loo
VV WWS
14 + 0,5
-
1 (0,2)
-
-
1 (0,5)
10 + 6*0,5 + 0,75
17 + 2*0,5
19,8
6
SJO Warga WWS Totaal Bron: Mulier Instituut, 2024. 1
Natuurgrasvelden worden uitsluitend voor wedstrijden óf trainingen gebruikt. Bestemming is afhankelijk van de aanwezigheid van verlichting. Gebruik voor wedstrijden én trainingen vergroot de kans op overbelasting van het veld.
2
Kunstgrasvelden worden voor wedstrijden én trainingen gebruikt, mits ze beschikken over verlichting.
3
Dit is een kunstgraspannaveld. In tegenstelling tot alle andere (verlichte) kunstgrasvelden is een pannaveld niet geschikt voor bondswedstrijden.
4
Eén wetraveld. Dit veld kan voor wedstrijden én trainingen gebruikt worden, mits er verlichting aanwezig is.
5
Dit natuurgraswedstrijdveld bij VV DTD heeft verlichting en kan ook voor trainingen gebruikt worden.
6
SJO Warga WWS maakt gebruik van de velden op sportpark Warga en ’t Loo.
Er zijn een aantal verenigingen met een overcapaciteit aan wedstrijd- en/of trainingsvelden (tabel 4.12 en tabel 4.13). In de meeste gevallen hebben verenigingen één extra veld. Bij VV Nicator op sportpark Kalverdijkje Zuid is de overcapaciteit het grootst. De vereniging heeft behoefte aan één wedstrijd- en één trainingsveld, maar heeft beschikking over drie en een half veld.
Bij een stabiele sportdeelname leidt de verwachte bevolkingsontwikkeling ertoe dat het aantal leden van de voetbalverenigingen toeneemt. Vooral voor voetbalverenigingen in en om Leeuwarden betekent dit dat de veldbehoefte (flink) toeneemt (tabel 4.14). Voetbalverenigingen in het rurale gebied ten noorden en zuiden van Leeuwarden hebben hier minder mee te maken. Tabel 4.14 Verwachte ontwikkeling van het aanbod en de behoefte aan voetbalvelden in Leeuwarden (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname) Aanbod 2030/2035 1
Behoefte 2030 2
3
Training Wedstrijd3 Training
Gebied
Vereniging
Wedstrijd
West
LAC Frisia 1883
4 + 2 * 0,5
2 + 0,5
6 (5,7)
3 (3,2)
6 (5,7)
3 (3,2)
2 + 0,5
3 + 0,5
7 (6,1)
3 (3,0)
7 (6,2)
3 (3,1)
LVV Friesland
2
0,5
2 (1,0)
1 (0,8)
2 (1,0)
1 (0,8)
RKVV MKV ‘29
2
1 + 0,5
3 (2,5)
2 (1,5)
3 (2,5)
2 (1,5)
SC Leovardia
5
3
6 (5,2)
3 (2,6)
6 (5,2)
3 (2,6)
Lions ‘66
1
1
1 (0,5)
1 (0,2)
1 (0,5)
1 (0,2)
VV Nicator
2
1 + 0,5
1 (0,9)
1 (0,4)
1 (0,9)
1 (0,4)
SC Stiens
5
2
4 (3,3)
2 (1,7)
4 (3,3)
2 (1,7)
VV DTD
2
1 + 0,5
1 (0,7)
1 (0,5)
1 (0,7)
1 (0,5)
FVC
34
34
4 (3,9)
2 (2,1)
5 (4,1)
2 (2,2)
Blauw Wit ‘34
5
6
5
5
11 (10,3)
5 (5,1)
12 (11,2)
6 (5,6)
GAVC
3
2
2 (2,0)
1 (1,0)
2 (1,8)
1 (0,9)
VV Irnsum
2
0,75
2 (1,7)
1 (1,0)
2 (1,5)
1 (0,8)
VV Oosterlittens
3
1
2 (1,4)
1 (1,1)
2 (1,4)
1 (1,0)
VV Warga
2
1 + 0,5
0 (0,0)
1 (0,3)
0 (0,0)
1 (0,3)
2
1 + 0,5
1 (0,8)
1 (0,4)
1 (0,5)
1 (0,2)
-
-
1 (1,0)
1 (0,5)
1 (1,0)
1 (0,5)
46 + 2*0,5 27 + 8*0,5 + 0,75
46,4
25,6
47,1
25,7
Zuidwest
Noordoost
Noord Zuidoost Dorpen
CSV de Leeuwarder Zwaluwen
VV WWS SJO Warga WWS Totaal
6
Training Wedstrijd
Behoefte 2035
Bron: Mulier Instituut, 2024. 1
Zie voor een uitsplitsing van de huidige wedstrijdvelden in natuurgras en kunstgras figuur 4.12.
2
Zie voor een uitsplitsing van de huidige trainingsvelden in natuurgras en kunstgras figuur 4.13.
3
4
Het aantal wedstrijdvelden geven we weer als de behoefte op zaterdag, aangezien er op deze dag het meest gespeeld wordt. LVV Friesland is hierop een uitzondering. Voor deze vereniging geven we de zondagbehoefte weer. Er zijn plannen om FVC te laten verhuizen naar een nieuw sportpark in Middelsee. Hier krijgt de vereniging in principe drie velden. Het is onduidelijk of dit kunstgras- of natuurgrasvelden worden. In de tabel gaan we, gezien de behoefte, uit van kunstgrasvelden.
5
Door de geplande verhuizing van FVC naar Middelsee krijgt Blauw Wit’34 de beschikking over twee extra kunstgrasvelden.
6
SJO Warga WWS maakt gebruik van de velden van VV Warga en VV WWS, op sportparken Warga en ’t Loo.
De verwachte ledengroei van de voetbalverenigingen is zo groot dat het huidige aanbod van wedstrijd- en trainingsvelden in 2040 niet voldoende is. Zelfs niet wanneer de leden perfect verdeeld worden over de verenigingen in de gemeente
(tabel 4.14). De tekorten bij voetbalverenigingen die op dit moment al over te weinig capaciteit beschikken, zoals CSV de Leeuwarder Zwaluwen, FVC en Blauw Wit ’34, zullen verder groeien, terwijl ook RKVV MKV ’29 te maken krijgt met een behoefte aan wedstrijdvelden die hoger is dan het huidige aanbod. Het gebruiken van trainingsvelden voor wedstrijden wordt in de toekomst lastiger te realiseren door de stijgende behoefte aan trainingsvelden. Het omzetten van natuurgras- in kunstgrasvelden, verlenging van de speeldag of invoering van een flexibele speeldag blijft (op een aantal sportparken) wel een mogelijkheid. Het aantal leden van de voetbalverenigingen als percentage van de totale bevolking van gemeente Leeuwarden is de laatste jaren redelijk stabiel (zie hoofdstuk 2). Het ligt daarom niet in de lijn der verwachting dat het aantal leden van de voetbalverenigingen veel sterker stijgt of daalt dan de bevolking van gemeente Leeuwarden. Ten opzichte van het onderzoek uit 2020 is het aanbod en de behoefte van een aantal verenigingen veranderd. Zoals verwacht is het tekort op sportpark Wiarda (FVC en Blauw Wit ’34) verder toegenomen. Tegen de verwachtingen van 2020 in is er nog een vereniging die op zaterdag een tekort aan wedstrijdvelden heeft: CSV de Leeuwarder Zwaluwen. Ook het aantal verenigingen met een tekort aan trainingsvelden is veranderd.
LVV Friesland, Blauw Wit ’34 en VV Irnsum hebben een normatief tekort. Door een afname van het aantal teams door samenvoegen van de jeugdafdeling met VV WWS en de aanleg van een kunstgrasveld, is het tekort aan trainingsruimte bij VV Warga verholpen. Op basis van de nieuwe bevolkingsprognoses wordt de situatie voor een aantal verenigingen nijpender. Voor een aantal verenigingen verwachten we tekorten aan wedstrijd- en trainingsvelden die we in 2020 nog niet voorzagen.
Voor onderstaande sporten zijn geen richtlijnen of normen voorhanden waarmee we een indicatie van de behoefte van de verenigingen kunnen geven. Atletiek In de gemeente Leeuwarden is één atletiekaccommodatie te vinden op sportpark Nijlân. Deze accommodatie bestaat uit een zesbaansrondbaan (inclusief sprintbanen) van 400 meter en een middenterrein dat ingericht is voor het beoefenen van spring- en werpdisciplines. De accommodatie wordt gebruikt door atletiekvereniging Lionitas. In 2023 telde deze vereniging 744 leden. Op basis van de bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname verwachten we een groei in het aantal leden voor Lionitas (tabel 4.15). De laatste paar jaar heeft atletiek aan populariteit gewonnen, vooral onder
jongeren. Mocht deze trend zich doorzetten, dan kan het ledenaantal in de toekomst verder stijgen (niet in figuur). In gemeente Leeuwarden is nog een tweede atletiekvereniging actief die aangesloten is bij de Atletiekunie: Loopgroep Leeuwarden. Deze vereniging richt zich exclusief op hardlopen. In 2023 had Loopgroep Leeuwarden 119 leden. De verwachting is dat de bevolkingsgroei voor een kleine toename in het aantal leden zorgt (tabel 4.15). De vereniging maakt geen gebruik van de atletiekaccommodatie op sportpark Nijlân, maar van de openbare ruimte. Tabel 4.15 (verwachte) aantal leden atletiekverenigingen Leeuwarden in 2023, 2030 en 2035 (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkings- en woningbouwprognoses en stabiele sportdeelname) Gebied
Sportpark
Vereniging
2023
2030
2035
Zuidwest
Nijlân
Lionitas
744
790
810
-
-
Loopgroep Leeuwarden
119
127
128
863
917
938
Totaal Bron: Mulier Instituut, 2024.
In 2020 verwachtten we dat de atletiekaccommodatie op sportpark Nijlân ook in de toekomst in de behoefte van Lionitas kan voorzien. Dit beeld blijft ongewijzigd. Wel is het aantal leden van de vereniging de laatste jaren gestegen, terwijl we een daling verwachtten op basis van ledenaantallen van de Atletiekunie. Vooralsnog lijkt het er niet op dat deze ledenstijging tot ruimtetekorten zal leiden in de toekomst. Kaatsen Kaatsen is een grote sport in gemeente Leeuwarden. In totaal zijn er achttien kaatsverenigingen te vinden in de gemeente die ingeschreven zijn bij de Koninklijke Nederlandse Kaatsbond (KNKB). De meeste verenigingen zijn te vinden buiten de stad Leeuwarden, in de dorpen in het noorden en zuiden van de gemeente (tabel 4.16). De kaatsverenigingen spelen allemaal op een ander sportpark of -veld en beschikken ieder over één veld. De ledenaantallen van de kaatsverenigingen variëren van enkele tientallen tot bijna driehonderd.
Tabel 4.16 Aantal velden en leden kaatsverenigingen in gemeente Leeuwarden in seizoen 2023-2024 (in aantallen) Gebied
Plaats
Vereniging
Ledenaantal
Aanbod
West
Leeuwarden
L.K.C. Sonnenborgh
178
1
Zuidwest
Huizum
Onderling Genoegen
102
1
Noord
Oude Leije
Het Centrum
29
1
Britsum
It Partoer
77
1
Hijum
In Nij Begjin
104
1
Stiens
KC de Boer
294
1
Zuidoost
Goutum
Kaatsclub Goutum
35
1
Dorpen
Grou
It Wetterlân
188
1
Irnsum
KV Irnsum
36
1
Reduzum
Jan Reitsma
141
1
Wergea
KV ’t Oosten
75
1
Baard
KF Baerd
40
1
Jellum-Bears KF de Twa Doarpen
21
1
Easterlittens KV Onder ons
115
1
Húns-Leons
KV Huns-Leons
18
1
Jowert
KV Hald Moed
20
1
Mantgum
KV Jacob Klaver
163
1
Weidum
KV Nije Kriich
111
1
1.747
18
Totaal
Bron: Mulier Instituut, 2024; ledenaantallen volgens Koninklijke Nederlandse Kaatsbond (KNKB).
Een vergelijking van de huidige ledenaantallen met die uit de seizoenen 2014-2015 en 2019-2020 laat een wisselend beeld zien (figuur 4.3). Een aantal verenigingen, zoals Kaatsclub Goutum, KV Jirnsum en KV ‘t Oosten, hebben te maken gekregen met een flinke afname van het aantal leden. Deze ontwikkeling is in lijn met de verwachtingen uit het onderzoek van 2020. Andere verenigingen, bijvoorbeeld Wetterlân, Jan Reitsma en KC De Boer, hebben de afname van het aantal leden weten om te keren, waardoor ze terug op het niveau van 2014-2015 zijn. Van een deel van de kaatsverenigingen uit Leeuwarden zijn de ledenaantallen van eerdere seizoenen niet bekend. De verwachte bevolkingsgroei zorgt bij een stabiele sportdeelname voor een lichte groei van het totale aantal leden van de kaatsverenigingen in gemeente Leeuwarden (niet in figuur). De huidige kaatsvelden bieden voldoende capaciteit om een toenemende behoefte op te vangen. Wel vindt volgens de woningbouw- en bevolkingsprognoses de bevolkingsgroei vooral plaats in en dicht rondom de stad
Leeuwarden, terwijl in de rurale gebieden de bevolking nauwelijks toeneemt of zelfs licht afneemt. Mocht dit daadwerkelijk het geval zijn, dan groeien vooral kaatsverenigingen L.K.C. Sonnenborgh, Kaatsclub Goutum en Onderling Genoegen. Figuur 4.3 Ledenontwikkeling kaatsverenigingen gemeente Leeuwarden, seizoen 2014-2015, 2019-2020 en 20232024 (in aantallen) 300 250 200 150 100 50 0
2014-2015
2019-2020
2023-2024
Bron: KNKB, ledentallen, 2014, 2019 en 2023.
Bv SPORT verzorgt de exploitatie en het beheer van de sportparken in Leeuwarden. Elk sportpark/-veld heeft een hoofdgebruiker. Overdag is er wel eens nevengebruik door scholen voor bewegingsonderwijs. Ander nevengebruik wordt vaak georganiseerd door de verenigingen zelf, zoals walking-varianten van sporten. In de dorpen hebben de meeste voetbalverenigingen geen kunstgras, waardoor zij in de winter niet altijd op hun eigen velden kunnen spelen. Dit lossen ze op door uit te wijken naar sportparken in Leeuwarden. Bv SPORT geeft aan dat er een knelpunt is op sportpark Nijlân. Hier zijn drie voetbalverenigingen gevestigd, waarvan Leeuwarden Zwaluwen de grootste is. Op zaterdag maken zij vaak gebruik van de velden en kleedkamers van de andere verenigingen, om zo hun tekort op te lossen. Het samenwerken van deze verenigingen kost veel moeite. Bv SPORT signaleert dat er op sportpark Kalverdijkje Zuid twee voetbalverenigingen zitten die beide in leden afnemen. Hier zien zij dan ook een
overschot aan velden. Volgens bv SPORT geeft de hockeyvereniging die ook op dit sportpark gevestigd is - Mixed Hockey Club Leeuwarden – aan dat zij graag een extra veld willen aanleggen, omdat zij momenteel een ledenstop hanteren voor veldhockey. Bv SPORT ziet daarom een oplossing in het afstaan van voetbalvelden, zodat er ruimte is voor aanleg van een extra hockeyveld op dit sportpark. Ook op sportpark Wiarda signaleert bv SPORT krapte. Voetbalvereniging Blauw Wit ’34 is hier gevestigd. Zij hebben een groot tekort aan ruimte. Momenteel lossen zij dit op door langer te spelen en teams een kleedkamer te laten delen. Het plan is dat voetbalvereniging FVC, die op sportpark Wiarda gevestigd is, gaat verhuizen naar Middelsee en dat de velden van FVC daarmee beschikbaar komen voor Blauw Wit ’34. Maar dit is niet voldoende om de krapte op te lossen.
Hoofdstuk 5
In dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste conclusies op een rij en geven we op basis van de resultaten een aantal aanbevelingen.
Aanbod en behoefte Het aanbod aan zaaldelen in sporthallen, sportzalen en gymzalen voor de inwoners van Leeuwarden voor het beoefenen van de zaalsport is aan de lage kant vergeleken met referentiecijfers. Dit komt doordat er in de gemeente geen sportzalen aanwezig zijn. Het aanbod aan sporthallen is in lijn met referentiecijfers en het aantal gymzalen is relatief hoog vergeleken met de regio en het landelijke gemiddelde. Het aanbod van elf sporthallen is in lijn met behoefte vanuit de sport in de gemeente. Gemeentebreed loopt de behoefte licht op. De huidige capaciteit aan sporthallen moet deze toename op kunnen vangen, zeker met de geplande uitbreiding van het aanbod in de wijk Middelsee. Spreiding De sporthallen liggen redelijk goed verspreid over de gemeente. Alleen inwoners in het gebied Dorpen moet gemiddeld ver reizen naar de dichtstbijzijnde sporthal. Het overgrote deel van de inwoners van dit gebied heeft binnen 3 kilometer geen sporthal. Druk op de accommodaties Over de hele gemeente gezien is er voldoende ruimte in de gemeentelijke sporthallen en gymzalen. Wel zijn er grote verschillen in druk. In een deel van de hallen en zalen wordt de capaciteit ruim onderbenut. Bij een paar sporthallen is de druk in de wintermaanden (overdag of in de piekuren) erg hoog en kan dit tegen een organisatorische grens aan lopen.
Er is geen extra capaciteit beschikbaar in de nabijheid van de drukbezette sporthallen. Dit geeft op gebiedsniveau knelpunten, zowel in Kalverdijkje als in Nijlân. Dit ervaart bv SPORT ook zeer sterk. Knelpunten bewegingsonderwijs Het totale aanbod aan zaaldelen is ruim voldoende om in de gemeentebrede behoefte vanuit het bewegingsonderwijs te voorzien. Maar als we rekening houden met de normafstanden, knelt op een aantal gebieden het aanbod aan gymnastieklokalen met de behoefte vanuit het bewegingsonderwijs: Vier scholen voor het basisonderwijs hebben niet binnen de normafstand een gymnastieklokaal. Van één school is bekend dat zij met busvervoer naar de gymlocatie reizen.
Een aantal scholen maakt gebruik van een gymnastieklokaal dat onvoldoende capaciteit biedt om te voorzien in het benodigde aantal klokuren van de school. Deze scholen hebben allemaal wel voldoende uitwijkmogelijkheden binnen de normafstanden. De toekomstige behoefte aan gymnastieklokalen vanuit het primair onderwijs blijft nagenoeg stabiel. In de nieuwbouwwijken Middelsee, De Zuidlanden, en Nijlân & De Zwette stijgt de behoefte. Deze gebieden hebben momenteel een overschot aan gymnastieklokalen, waardoor er – normatief gezien – ruimte is voor deze stijgende behoefte. De knelpunten met betrekking tot de normafstanden blijven bestaan.
Aanbod en behoefte Gemeentebreed is per sport voldoende ruimte aanwezig voor de totale huidige behoefte van de sportverenigingen. Het merendeel van de verenigingen heeft ook op het eigen sportpark voldoende capaciteit om in de behoefte van de huidige leden te voorzien. Op een aantal sportparken constateren we wel knelpunten. Daarnaast zorgt de verwachte bevolkingsgroei voor een potentiële ledengroei bij de sportverenigingen. Dit leidt tot een toename van de ruimtebehoefte op de sportparken. Huidige tekorten In 2023 constateren we een normatief tekort aan: minimaal één tennisbaan bij TC Goutum; wedstrijdvelden voor voetbal op zaterdag bij CSV de Leeuwarder Zwaluwen (anderhalf), FVC (één) en Blauw Wit ’34 (vier); trainingsvelden voor voetbal bij LVV Friesland (een half), Blauw Wit ’34 (één) en VV Irnsum (een kwart). Toekomstige behoefte en tekorten De bestaande velden en banen kunnen in theorie een groot deel van de toenemende behoefte als gevolg van de bevolkingsontwikkeling voorzien. Dan moet de bestaande overcapaciteit op de sportparken goed benut worden. Voetbal is hierop een uitzondering. Gemeentebreed constateren we voor voetbal vanaf 2030 een tekort aan wedstrijdvelden op zaterdag.
De bevolkingsontwikkeling bij een stabiele sportdeelname leidt tot: een oplopend tekort bij TC Goutum (drie à zes banen); een tekort van één à drie tennisbanen bij TC ’t Nijlan; een mogelijk tekort van één tennisbaan bij TV Leeuwarden vanaf 2030; een oplopend tekort aan wedstrijdvoetbalvelden op zaterdag bij CSV de Leeuwarder Zwaluwen (twee en een half vanaf 2030), FVC (twee velden vanaf 2035) en Blauw Wit ’34 (vijf velden in 2030, zes velden vanaf 2035); een tekort aan wedstrijdvoetbalvelden op zaterdag bij LAC Frisia 1886 (één wedstrijdveld) vanaf 2030;
een tekort aan wedstrijdvelden bij voetbalvereniging RKVV MKV ’29 (één wedstrijdveld) vanaf 2030; een blijvend tekort aan trainingsvoetbalvelden bij LVV Friesland, Blauw Wit ’34 en VV Irnsum.
In de gemeente Leeuwarden is sprake van een divers aanbod van binnen- en buitensportaccommodaties. In de visie op sportvoorzieningen en de omgevingsvisie van de gemeente Leeuwarden staat dat de gemeente sport als een basisbehoefte wordt gezien en zoveel mogelijk behouden moet worden, ook in de dorpen. Dit is terug te zien in het aanbod en de spreiding van de huidige sportaccommodaties over de gemeente. Het aanbod sluit alleen niet in alle gevallen aan op de normatieve (toekomstige) behoefte. We doen op basis van ons onderzoek een aantal aanbevelingen voor de gemeente Leeuwarden. Ga (vaker) in gesprek met de gebruikers van de sportaccommodaties Binnensport In de gemeente is voldoende binnensportruimte voor de georganiseerde sport en het bewegingsonderwijs. Wel is de druk in een aantal sporthallen op bepaalde momenten hoog, waarbij een organisatorische grens bereikt kan zijn. Vanuit het bewegingsonderwijs heeft een aantal scholen geen of niet voldoende gymcapaciteit binnen de normafstand. Ook maakt een aantal scholen gebruik van accommodaties die onvoldoende ruimte bieden voor het benodigde aantal klokuren. We raden aan deze uitkomsten te bespreken met de verenigingen en schoolbesturen. Kijk hierbij welke knelpunten zij ervaren en zoek samen naar een duurzame en toekomstbestendige oplossing voor deze knelpunten.
Buitensport De behoefte aan buitensportaccommodaties hebben we bepaald aan de hand van richtlijnen die uitgaan van standaard verenigingsactiviteiten, zoals trainingen en wedstrijden. Maar velden en banen kunnen ook voor andere activiteiten en door andere gebruikersgroepen gebruikt worden. Net als bij de binnensport zijn de uitgangspunten niet lokaal getoetst. De lokale situatie kan afwijken van de standaardsituatie waarvan de richtlijnen uitgaan. We raden aan om ook met de buitensportverenigingen de uitkomsten te bespreken. Op korte termijn kan de gemeente het gesprek aangaan met verenigingen op locaties waar we capaciteitsknelpunten waarnemen om te kijken of zij deze knelpunten ook ervaren. En samen te zoeken naar een toekomstbestendige oplossing om de knelpunten weg te nemen.
Verken de kansen voor efficiënter accommodatiegebruik Bij een deel van de binnensportaccommodaties constateren we een grote overcapaciteit, maar bij een aantal sporthallen juist een hoge druk. Daarom raden we aan te bezien welke kansen er liggen om het gebruik te optimaliseren. Onderbenutting van sportaccommodaties is een venijnig probleem en veelal het gevolg van een combinatie van factoren. Sportaccommodaties beter benutten gaat om meer dan sportgebruik en vraagt ook aandacht voor het vergroten van de maatschappelijke functie en waarde van de accommodatie (Hoekman & Schadenberg, 2023). Andere activiteiten of gebruikers In gesprek met de huidige gebruikers kan de gemeente bekijken of zij knelpunten ervaren en of zij mogelijkheden zien om de bestaande accommodaties beter te benutten, bijvoorbeeld door meer activiteiten of activiteiten voor nieuwe doelgroepen aan te bieden. Daarnaast kan de gemeente onderzoeken of de overcapaciteit gebruikt kan worden door potentiële nieuwe gebruikers. Zoals de gemeente aangeeft in haar visie op sportvoorzieningen, hebben de accommodaties in de dorpen een grote sociale functie en dragen ze bij aan de sociale cohesie. Het verbreden van de gebruiksmogelijkheden en typen gebruikers kan ook bijdragen aan het optimaliseren van het gebruik en de bredere (maatschappelijke) functie van de accommodaties.
Extra scheidingswanden Een andere mogelijkheid is om bepaalde sporthallen beter te benutten. Een sporthal bestaat in principe uit drie zaaldelen. Maar een aantal sporthallen in de gemeente Leeuwarden heeft slechts één scheidingswand, waardoor de zaal slechts in twee losse delen (1/3 zaal en 2/3 zaal) te verdelen en te verhuren is. We raden aan te onderzoeken of het mogelijk is scheidingswanden bij te plaatsen, zodat de bestaande sporthallen efficiënter gebruikt kunnen worden. Onderling en intensiever gebruik van sportvelden De capaciteitstekorten op de buitensportparken betekenen niet dat per definitie op alle sportparken met een tekort ruimtelijke aanpassingen nodig zijn. Bij een aantal verenigingen is namelijk sprake van een overschotsituatie, terwijl we bij anderen een normatief tekort constateren. Voor de voetbalverenigingen in Leeuwarden geldt daarnaast dat ze suboptimaal gebruik maken van de aanwezige capaciteit. Zeker op sportparken met meerdere voetbalverenigingen biedt onderling gebruik van voetbalvelden mogelijkheden. Ook zijn er onder andere ontwikkelingen op het gebied van flexibele en verlengde speeldagen die uitkomst kunnen bieden. Het wisselen van de bestemming van velden (van wedstrijd- naar trainingsvelden of andersom) kan in specifieke gevallen uitkomst bieden, maar wordt met het oog op de toenemende behoefte in de
toekomst steeds lastiger. Ook het omzetten van natuurgras- in kunstgrasvelden kan een uitkomst bieden. De gemeenten kan lokaal verkennen welke opties er bestaan voor intensivering van het gebruik van de bestaande sportvelden. Kijk daarbij per sportpark ook naar overschotten en tekorten over de verschillende sporten heen. Bijvoorbeeld op sportpark Wiarda, waar een overschot aan voetbalvelden is, terwijl de hockeyvereniging volgens bv SPORT graag wil uitbreiden. Bekijk daarom kansen voor betere verdeling van de beschikbare ruimte op de bestaande sportparken. Monitor ontwikkelingen Tot slot raden we aan het gebruik van de binnen- en buitensportaccommodaties te monitoren en periodiek een verenigingsmonitor of een gebruikersbevraging uit te laten voeren. Zo krijg je zicht op de ontwikkeling van aanbod en behoefte. Op basis van de bevolkingsontwikkeling verwachten we bijvoorbeeld dat op een aantal sportparken overcapaciteit benut kan worden door nieuwe sporters. Maar het is ook mogelijk dat inwoners gaan sporten bij verenigingen waar onvoldoende capaciteit is. Met het oog op de verdere ontwikkeling van padel, de recente fusie van twee tennisverenigingen, de aankondiging van een nieuwe tennisvereniging, de toekomstige verhuizing van FVC en de grote verschillen in ledenontwikkeling tussen verenigingen (bv. bij kaatsen en tennis) of verschillende leeftijdsgroepen (bv.
bij atletiek en rugby) verdient dit in de gemeente Leeuwarden extra aandacht. Door dit te monitoren kan de gemeente op tijd bijsturen om een betere spreiding te realiseren.
Bronnenlijst
Bresser, R., Veneklaas Slots, E., Van Elp, B. & Bulten, T. (2020). Duurzaam Realisme. Voorzieningenplanning Onderwijs gemeente Leeuwarden 2021-2030. Gemeente Leeuwarden. Gemeente Leeuwarden (2018). Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Leeuwarden 2018. Gemeente Leeuwarden (2021). Omgevingsvisie Gemeente Leeuwarden. Gemeente Leeuwarden (2022a). Coalitieakkoord Gemeente Leeuwarden 2022-2026. Gemeente Leeuwarden (2022b). Visie Sportvoorzieningen. Gemeente Leeuwarden (2024). Startnotitie: Een nieuw beleidskader sport en bewegen voor de gemeente Leeuwarden. Hoekman, R. (2018). Sport policy, sport facilities and sport participation. Radboud Universiteit. Hoekman, R., Hoenderkamp, K., Van der Poel, H., Bakker, D., Romijn, D., & Van der Werff, H. (2013). Sportaccommodaties in beeld. Mulier Instituut. Hoekman, R., & Schadenberg, B. (2023). Onderbenutting van sportaccommodaties. Mulier Instituut. Hoekman, R., Schots, M., & Ruikes, D. (2022). Jaarrapport duurzame sportinfrastructuur. Mulier Instituut. Hoekman, R., & Van der Maat, K. (2017). Monitor Lokaal Sportbeleid 2016. Mulier Instituut. Hoogendam, A., Ruikes, D., & Hoekman, R. (2021). Monitor Lokaal Sportbeleid 2020. Mulier Instituut. KVLO (2023). Document overzicht leerlijnanalyse. Lijzenga, L., & Jongejan, J. (2018). Samen bewegen naar een gezonde gemeente. Gemeente Leeuwarden. Schadenberg, B. (2022).
Ontwikkeling uitbesteding gemeentelijk sportbeleid in beeld. Vereniging Sport en Gemeenten. Schots, M., & Schadenberg, B. (2020). Open sportparken in Nederland. Mulier Instituut.
Slot-Heijs, J., Vrieswijk, S., Bronkhorst, A., & Lucassen, J. (2022). Lichamelijke opvoeding en sport in het voortgezet onderwijs. Mulier Instituut. Slot-Heijs, J., Vrieswijk, S., & Lucassen, J. (2021). Bewegingsonderwijs en sport in het primair onderwijs 2021: 2-meting. Mulier Instituut. Van der Poel, H., & Hoekman, R. (Reds.) (2023). Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken. Mulier Instituut. Van Eldert, P., & Van der Heijden, J. (2023). Exploitatie en financiering. In H. van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 209-250). Mulier Instituut. Vrieswijk, S., & Schadenberg, B. (2023). Huisvesting bewegingsonderwijs: gemeentelijk perspectief op de wettelijke verplichting in het primair onderwijs. Mulier Instituut. Wezenberg-Hoenderkamp, K., Ruikes, D., & Floor, C. (2020). Ruimte voor sport in Leeuwarden. Wezenberg-Hoenderkamp, K., & Rauws, R.(2023). Afstand. In H. Van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 70-95). Mulier Instituut. Wezenberg-Hoenderkamp, K., Rauws, R., & Aarnink, A. (2023). Aanbod aan sportaccommodaties. In H. Van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 21-69). Mulier Instituut.
Bijlage 1
Capaciteitsbehoefte De normatieve behoefte aan sporthallen voor de (georganiseerde) sport bepalen we aan de hand van draagvlakcijfers. Draagvlakcijfers vormen een planologische richtlijn. Dat wil zeggen dat bij een bepaalde bevolkingsomvang (in theorie) voldoende draagvlak bestaat voor een type voorziening. De draagvlakcijfers geven we weer in een bandbreedte. De motivatie daarvoor ligt in de variatie van de lokale context. De bevolkingssamenstelling, de deelname aan sport en de aan- of afwezigheid van andere sport- en recreatievoorzieningen zijn van invloed op het werkelijke draagvlak van een sportaccommodatie. Zo kunnen in een gemeente met een hoge deelname aan binnensporten relatief meer sporthallen nodig zijn en in een gemeente met veel andersoortige accommodaties, zoals turnhallen of blaashallen, juist relatief minder. Voor meer informatie over de planologische richtlijn verwijzen we naar ons onderzoeksrapport ‘Binnensportaccommodaties in Nederland’ uit 2020 (Schadenberg, Wezenberg-Hoenderkamp & Hoekman, 2020). Bezettingsanalyse Het gebruik van de gemeentelijke sporthallen en gymzalen hebben we in kaart gebracht op basis van de verhuuroverzichten van gemeente Leeuwarden/bv Sport. De sporthallen kunnen voor de helft of een derde worden gehuurd, gymzalen alleen als geheel. Het aantal verhuurde uren hebben we gewogen.
Dit betekent dat we het aantal bezette uren hebben gecorrigeerd met een deelfactor. Als een derde van een sporthal bezet is, nemen we deze uren daardoor voor een derde mee in het totale aantal verhuurde uren. De bezetting hebben we berekend door het aantal verhuurde uren af te zetten tegen de maximaal mogelijke verhuur. Bewegingsonderwijs De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting van de scholen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs (sbo & (v)so) en voortgezet onderwijs. De gemeente moet zorgen voor voldoende accommodaties die scholen minstens in staat stellen het wettelijk verplichte aantal gymlessen op een adequate wijze te verzorgen voor hun leerlingen. Hoeveel gymlessen verplicht zijn, is afhankelijk van het onderwijstype. Hierbij moet de gemeente zorgen voor een dusdanige spreiding dat de afstand tussen het schoolgebouw en de gymlocatie niet te groot is. Hoe groot de afstand mag zijn, is afhankelijk van het onderwijstype en schoolgrootte.
De gemeente heeft haar huisvestingsplicht in een lokale verordening onderwijshuisvesting (OHV) verwerkt. Deze is tot stand gekomen in een Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) met de schoolbesturen. Wij hebben de artikelen in het OHV aangehouden om de normatieve behoefte aan accommodaties voor het bewegingsonderwijs in beeld te brengen.
Capaciteitsbehoefte De behoefte aan velden en banen voor bondsactiviteiten hebben we bepaald aan de hand van algemeen geaccepteerde richtlijnen (geaccordeerd door VSG/VNG). De richtlijnen bieden de mogelijkheid in beeld te brengen hoeveel ruimte een vereniging nodig heeft om standaard verenigingsactiviteiten te kunnen aanbieden voor de leden, met mogelijkheden voor wedstrijden en trainingen. De richtlijnen zijn gebaseerd op een aantal aannames, zoals de duur en frequentie van wedstrijden en trainingen en het aantal uur dat een veld bespeeld kan worden per dag. De richtlijnen houden geen rekening met lokale factoren die van invloed zijn op de behoefte van verenigingen, zoals het nevengebruik van de voorzieningen door de verenigingen (zoals trainingsteams of interne competities) of door andere gebruikers (zoals onderwijsgebruik) of met bijvoorbeeld topsportambities. De daadwerkelijke behoefte (en belasting) aan velden en banen kan daardoor hoger uitvallen dan de uitkomsten door het toepassen van de richtlijnen. In de berekeningen nemen we de bestaande sportinfrastructuur en het huidige aantal teams/leden als uitgangspunt. Het aantal teams en leden van de verenigingen zijn aangeleverd door de betreffende bond.
Uit de gepresenteerde ruimtebehoefte kunnen we concluderen of het aantal velden/banen van een vereniging conform de huidige behoefte van verenigingen voor bondsactiviteiten is. Het kan zijn dat verenigingen een ledenstop of wachtlijst hanteren. Daar houden we in de analyse geen rekening mee. De (extra) behoefte van een vereniging hoeft niet per definitie te worden geaccommodeerd op het sportpark waar volgens de berekening een tekort kan ontstaan. Capaciteitsuitbreiding op nabijgelegen sportparken kan ook in de behoefte van sportende inwoners voorzien. De verwachte ruimtebehoefte tot 2035 hebben we geraamd door de bevolkingsprognoses van de gemeente toe te passen, waarbij we rekening houden met de bevolkingsopbouw (figuur 2.1). Een aanname hierbij is dat de nieuwe inwoners rationeel handelen en zich bij de dichtstbijzijnde vereniging van hun sport aanmelden. Ook gaan we uit van een stabiele sportdeelname. Dat wil zeggen dat in de toekomst hetzelfde aandeel van de inwoners lid is van bijvoorbeeld een voetbalvereniging als in 2024. In sommige gevallen leidt dit tot een buitensporige toe- of afname van de
behoefte. Het is (beleidsmatig) relevant om de ontwikkeling van de verenigingen te monitoren om te bezien langs welke lijn de verenigingen zich ontwikkelen. Richtlijnen De toegepaste richtlijnen lichten we hieronder per sport toe. Hockey De veldbehoefte van de hockeyverenigingen hebben we berekend aan de hand van de richtlijn van de KNHB. De richtlijn bedraagt zeven wedstrijdrondes per weekenddag op een zandveld en zes wedstrijdrondes op een (semi-)waterveld. Per ronde is plek voor één normteam, waarbij senioren-, O18-, O16-, O14- en O12teams gelijkstaan aan één normteam, O10-teams aan een half normteam en O9- en O8-teams aan een kwart normteam. Hierbij moeten verenigingen 60 procent van hun teams op een wedstrijddag kunnen inplannen. Korfbal De veldbehoefte van de korfbalverenigingen hebben we berekend aan de hand van de richtlijn uit het Handboek Sportaccommodaties van NOC*NSF. Het aantal teams wordt hierbij vermenigvuldigd met een belastingcoëfficiënt, die afhankelijk is van de leeftijdscategorie. De som van de uitkomsten bedraagt het aantal normteams. De senioren-, A- en B-teams staan gelijk aan één normteam, C- en D-teams aan 0,625 normteam en E- en F-teams aan 0,4 normteam. De korfbalverenigingen in gemeente Leeuwarden spelen op één speeldag, namelijk de zaterdag.