Bestemmingsplan 'Leeuwarden Buitengebied - Rijksweg 194 Jirnsum'
Tekst van het document
Cultuurhistorie Op de CHK is binnen voorliggend plan de boerderijplaats aangeduid en de provincie wil dit graag dat dit in de toelichting wordt benoemd. Dit gegeven kan worden meegewogen in de inrichting van het geheel. De tekst over de aanwezigheid van de boerderijplaats is opgenomen en toegelicht bij het aspect cultuurhistorie. Waterrobuust bouwen
37/298
De gronden liggen op enkele punten < 0,00 m NAP. De provincie Fryslân adviseert om in de toelichting te motiveren op welke wijze het plan rekening houdt met het risico op wateroverlast of op overstroming en af te wegen of de aanleghoogte van de woning voldoende is. In de toelichting van het bestemmingsplan zijn teksten opgenomen met betrekking tot waterrobuust bouwen. In het kader van waterrobuust bouwen wordt de toekomstige woning verhoogd aangelegd tot minimaal 0 NAP. Om de gronden te verhogen wordt gebruik gemaakt van grond uit de te graven sloot. Soorten De provincie heeft meerdere vragen gesteld over het vervolgonderzoek. Deze vragen zijn beantwoord door een ecoloog in het aanvullend ecologisch onderzoek. Brandweer Fryslân De brandweer Fryslân adviseert het volgende: De initiatiefnemer informeren over het aandachtspunt in de bereikbaarheid. Mocht de initiatiefnemer willen investeren in een verbetering, dan zal de weg op zijn perceel verbreed moeten worden tot 4,5 meter en doorlopend moeten worden gemaakt. De eigenaar van de woning te informeren over het bluswaterprobleem en het te verwachten brandscenario; De situatie ten aanzien van het bluswater te laten verbeteren. Dit kan door het openwater bij de nieuw te bouwen woning bereikbaar te laten maken. Bij de boerderij zou bij de gronddam een mogelijkheid voor openwater kunnen zijn.
De brandweer te betrekken bij de uitwerking van de keuze met betrekking tot bluswater. Bij verdere uitwerking van het plan wordt rekening gehouden met de bluswatervoorziening. De reactie van de brandweer leidt niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan. Wetterskip Fryslân Het Wetterskip Fryslân vraag een minimaal vloerpeil aan te geven dat boven het maatgevend boezempeil ligt en dit te borgen in het plan. Dit advies is opgenomen bij het aspect water. In deze paragraaf wordt aangegeven dat het vloerpeil boven het maatgevend boezempeil ligt. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen (artikel 3.8 Wro). Op het plan zijn geen zienswijzen ingediend. Vaststelling Het bestemmingsplan is ongewijzigd vastgesteld. Na publicatie van het besluit tot vaststelling ligt het bestemmingsplan zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.
38/298
6.3
Grondexploitatie
Voor de uitvoerbaarheid van het project is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de manier van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële uitvoerbaarheid De ontwikkeling betreft een particulier initiatief, waarin de gemeente geen directe financiële rol of belangen heeft. De particulier kan het project volledig financieren. Er zijn voldoende financiële middelen beschikbaar. Daarmee is de financiële haalbaarheid voldoende gewaarborgd. Grondexploitatie Door middel van de grondexploitatieregeling beschikken gemeenten over mogelijkheden voor het verhalen van kosten, bijvoorbeeld voor het bouw- en woonrijp maken en kosten voor de ruimtelijke procedure. Indien er sprake is van bepaalde bouwplannen, dient de gemeente hiervoor in beginsel een exploitatieplan op te stellen. Van deze verplichting kan worden afgezien als het kostenverhaal anderszins verzekerd is. Dit kan middels een anterieure overeenkomst. Voor vaststelling van het planologisch besluit dient duidelijk te zijn op welke wijze de kosten zullen worden verhaald. De beoogde ontwikkeling die in dit bestemmingsplan centraal staat is als 'bouwplan' aangemerkt waarvoor in beginsel een grondexploitatieplan dient te worden opgesteld.
Voor dit plan is een anterieure overeenkomst opgesteld, waarmee de kosten anderszins zijn verzekerd. Hierin zijn ook afspraken gemaakt ten aanzien van planschade.
39/298
40/298
Bijlagen toelichting
41/298
42/298
Bijlage 1
43/298
Ontwerptekening
Bijlage 2
45/298
Akoestisch onderzoek
- MEMO Memo
DATUM KENMERK VAN AAN CC
25 september 2023 20230144/81467/RKRK Rients Koster ---
PROJECT OPDRACHTGEVER AANWEZIG AFWEZIG
20230144 Jirnsum - Rijksweg 194 - bestemmingsplan G. Keulen ---
AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI INLEIDING Aan de Rijksweg 194 te Jirnsum (gemeente Leeuwarden) bevindt zich een agrarisch bedrijf waarvan de bedrijfsactiviteiten zijn gestopt. Het voornemen is om de bestaande agrarisch opstallen te slopen en hiervoor op de plaats een reguliere woning te bouwen door gebruik te maken van de ruimte-voor-ruimte-regeling. De bestaande agrarische bedrijfswoning blijft bestaan, maar wordt gesplitst in twee reguliere woningen. In de toekomstige situatie is er dan sprake van drie reguliere woningen, waarvan één twee-onder-één-kap woning (gerealiseerd in de bestaande boerderij) en één vrijstaande woning. Deze ontwikkeling is niet mogelijk op basis van het geldende bestemmingsplan. Om de ontwikkeling juridisch-planologisch toch te kunnen regelen, is het opstellen van een nieuw bestemmingsplan noodzakelijk. In het kader van de bestemmingsplanprocedure dient een toetsing aan de Wet geluidhinder plaats te vinden en is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidsbelasting vanwege wegverkeer op het plangebied als gevolg van de Rijksweg. De uitgangspunten, berekeningen en resultaten zijn vastgelegd in voorliggend memo. De gehanteerde akoestische begrippen worden in bijlage 1 toegelicht.
PLANBESCHRIJVING Het plangebied aan de Rijksweg 194 ligt op circa 60 meter afstand van de Rijksweg en de rondweg rond Jirnsum. De beoogde ontwikkeling voorziet in de mogelijkheid op het in gebruik nemen van de (voormalige) bedrijfswoning als reguliere woning en deze bedrijfswoning te splitsen in twee woningen; één van deze woningen komt in het boerderijgedeelte. Daarnaast wordt in ruil van het slopen van agrarische opstallen een nieuwe vrijstaande woning met bijgebouw gerealiseerd. In figuur 1 is een overzicht gegeven van de toekomstige inrichting van het plangebied weergegeven. De verbeelding van het nieuwe bestemmingsplan is gegeven in figuur 2.
Figuur 1: voorgenomen indeling van het plangebied
2/6
Figuur 2: verbeelding nieuw bestemmingsplan
TOETSINGSKADER WET GELUIDHINDER Wettelijke zones langs wegen Langs alle wegen, met uitzondering van 30 km-wegen en woonerven, bevinden zich op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) geluidzones waarbinnen de geluidhinder vanwege een weg aan bepaalde wettelijke normen dient te voldoen. De breedte van een geluidzone voor wegen is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de binnen- of buitenstedelijke ligging. De breedte van een geluidzone van een weg is in tabel 1 weergegeven. Tabel 1: schema zonebreedte aan weerszijden van de weg volgens artikel 74 Wgh aantal rijstroken 5 of meer 3 of 4 1 of 2
breedte van de geluidzone [m] buitenstedelijk gebied stedelijk gebied 600 350 400 350 250 200
De breedte van de geluidzone wordt hierbij gemeten vanaf de as van de weg en is gelegen aan de buitenste rand van de weg. In artikel 1 van de Wgh zijn de definities opgenomen van stedelijk en buitenstedelijk gebied. Deze definities luiden:
3/6
-
stedelijk gebied: gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII voor zover het betreft
-
een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg; buitenstedelijk gebied: gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg;
Dosismaat Lden De berekende geluidsniveaus wordt beoordeeld op basis van de Europese dosismaat Lden (Lday-evening-night). Deze dosismaat wordt weergegeven in dB. De berekende geluidwaarde in Lden vertegenwoordigt het gemiddelde geluidniveau over een etmaal. Aftrek op basis van artikel 110g Wgh De in de Wgh genoemde grenswaarden gelden inclusief de standaard aftrek op basis van artikel 110g van de Wgh. Dit artikel houdt in dat een aftrek mag worden gehanteerd welke anticipeert op het stiller worden van het verkeer in de toekomst door innovatieve maatregelen aan de voertuigen. Voor wegen met een representatief te achten snelheid lager dan 70 km/u geldt een aftrek van 5 dB. Voor wegen met een representatief te achten snelheid van 70 km/u of hoger geldt de volgende aftrek: • 4 dB voor situaties dat de geluidbelasting zonder aftrek artikel 3.4 RMG 2012 57 dB bedraagt; • 3 dB voor situaties dat de geluidbelasting zonder aftrek artikel 3.4 RMG2012 56 dB bedraagt; • 2 dB voor andere waarden van de geluidbelasting. De toegestane aftrek conform artikel 3.4 uit het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012 is op alle genoemde geluidbelastingen toegepast, tenzij anders vermeld.
Nieuwe situaties Voor de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen binnen de wettelijke geluidzone van een weg, gelden bepaalde voorkeursgrenswaarden en maximale ontheffingswaarden. In bepaalde gevallen is vaststelling van een hogere waarde mogelijk. Hogere grenswaarden kunnen alleen worden verleend, nadat is onderbouwd dat maatregelen om de geluidbelasting op de gevel van geluidgevoelige bestemmingen terug te dringen onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Deze hogere grenswaarde mag de maximaal toelaatbare hogere waarde niet te boven gaan. De maximale ontheffingswaarde voor wegen is op grond van artikel 83 Wgh afhankelijk van de ligging van de bestemmingen (binnen- of buitenstedelijk). Bestemmingen met een binnenstedelijke ligging, maar binnen de geluidzone van een autosnelweg, worden bij het bepalen van de geluidzone voor die autosnelweg gerekend tot buitenstedelijk gebied. Voor het plangebied geldt dat dit binnen de wettelijke zone ligt van de het 60 km-gedeelte van de Rijksweg (vanaf Akkrum) en de rondweg rond Jirnsum (Terprane); verder is er sprake van een 30 km-gedeelte bij de entrée naar het dorp.
Verder geldt dat er formeel sprake is van een buitenstedelijke situatie (de plangrens ligt globaal ter plaatse van de huidige komgrens). De maximale grenswaarde bedraagt Lden = 53 dB. 30 km-wegen Wegen met een maximumsnelheid van 30 km/uur of lager zijn op basis van de Wgh niet gezoneerd. Akoestisch onderzoek zou achterwege kunnen blijven. Echter dient op basis van jurisprudentie in het kader van een goede ruimtelijke ordening inzichtelijk te worden gemaakt of er sprake is van een aanvaardbaar akoestisch klimaat. Indien dit niet het geval is, dient te worden onderbouwd of maatregelen ter beheersing van de geluidbelasting aan de gevels noodzakelijk, mogelijk en/of doelmatig zijn. Ter onderbouwing van de aanvaardbaarheid van de geluidbelasting wordt bij gebrek aan wettelijke normen
4/6
aangesloten bij de benaderingswijze die de Wgh hanteert voor gezoneerde wegen. Vanuit dat oogpunt worden de voorkeursgrenswaarde en de maximale ontheffingswaarde als referentiekader gehanteerd. De voorkeursgrenswaarde geldt hierbij als richtwaarde en de maximale ontheffingswaarde als maximaal aanvaardbare waarde.
UITVOERING BEREKENINGEN Modellering Op basis van de Standaard Rekenmethode II uit het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012) is een overdrachtsmodel opgesteld in het softwareprogramma Geomilieu, versie 2022.4 van dgmr-software. De objectgegevens en (de ligging van) bodemgebieden zijn ontleend aan PDOK-gegevens. Voor de niet als hard ingevoerde bodemvlakken is gerekend met een gemiddelde bodemfactor van Bf = 0,5 (50% absorberend). De ingevoerde weggegevens zijn gegeven in bijlage 2. Voor het plangebied en omgeving is een raster van rekenpunten ingevoerd (grid) met een waarneemhoogte ho = +4,5 m als in maatgevend geachte waarneemhoogte. Het maximum aantal reflecties waarmee de berekeningen zijn uitgevoerd bedraagt 1 reflectie en een sectorhoek van 2˚, conform de aanbeveling van de projectgroep Vergelijkend Onderzoek Akoestische Bureaus (VOAB). In deze projectgroep VOAB zijn afspraken gemaakt om de onderlinge verschillen in rekenprogrammatuur te minimaliseren. Verkeersgegevens Voor wat betreft de verkeersintensiteiten is uitgegaan van door de gemeente Leeuwarden aanleverde telgegevens. Deze zijn op basis van 1% autonome groei doorgerekend naar het 2033 (10 jaar na plandatum). Een samenvatting van de uitgangspunten is gegeven in tabel 2 (afgeronde intensiteiten voor 2033). De voertuig- en etmaalverdelingen zijn gebaseerd op de telgegevens (zie ook bijlage 2).
Rijsnelheid en wegdekverharding Voor de Rijksweg/Terprane geldt een maximum toegestane snelheid van 30 km/uur binnen de bebouwde kom en 60 km/uur buiten de bebouwde kom, voor zover het de Rijksweg in zuidelijke richting betreft en de Terprane. De Rijksweg in het dorp is 30 kmgebied. De wegdekverharding op de Rijksweg/Terprane bestaat uit standaard asfaltverharding en klinkers bij de overgang RijkswegTerprane (geldt ook voor de Rijksweg het dorp in). De Fonterbuorren is eveneens voorzien van een klinkerverharding.
Tabel 2: gehanteerde uitgangspunten wegverkeerslawaai berekeningen Rijksweg 194 omschrijving weg(vak)
telgegevens [mvt/etmaal]
intensiteiten 2033
wegdek
rijsnelheid
[mvt/etmaal] doorgaand deel Rijksweg/Terprane
2.782 (2018)
3.250
standaard asfalt/klinkers
30/60 km/uur
Rijksweg dorp in
970 (2023)
1.100
klinkerverharding
30 km/uur
Fonterbuorren
610 (2023)
700
5/6
klinkerverharding
30 km/uur
BEREKENINGSRESULTATEN EN BESPREKING Resultaten In figuur 3 is een overzicht gegeven van de berekende geluidbelasting vanwege de Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren, waarbij rekening is gehouden met de aftrek van 5 dB op basis van artikel 110g van de Wgh. Figuur 3:
berekende geluidbelasting Lden in dB (inclusief 5 dB aftrek o.b.v. artikel 110g Wgh) vanwege de Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
Beoordeling Uit figuur 3 blijkt dat er voor het plangebied aan de voorkeursgrenswaarde van Lden = 48 dB vanwege de Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren wordt voldaan. De uitvoering van het plan is mogelijk binnen de randvoorwaarden van de Wgh. Een hogere waarde procedure is niet nodig. De berekende geluidcontouren zijn op basis van een worst-case uitgangspunt, waarbij ook alle 30 km-wegdelen zijn meegenomen.
6/6
Bijlage 1:
begrippen
Decibel A, afgekort dB(A): een maat voor de sterkte van geluid, zoals het door de mens wordt waargenomen, ten opzichte van een referentiedruk van 20.10-5 Pa. Equivalent geluidsniveau LAeq,T in dB(A): het energetisch gemiddelde van de fluctuerende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode optredende geluid.
Gestandaardiseerd immissieniveau Li in dB(A): het equivalente geluidsniveau dat tijdens een bepaalde bedrijfstoestand onder meteoraamomstandigheden op een bepaalde plaats en hoogte wordt vastgesteld. Immissierelevante bronsterkte LWR in dB(A): het geluidvermogensniveau van een denkbeeldige bron, gelegen in het centrum van de werkelijke geluidsbron, die in de richting van het immissiepunt dezelfde geluiddrukniveaus veroorzaakt als de werkelijke geluidsbron. Langtijdgemiddeld deelgeluidsniveau LAeqi,LT in dB(A): equivalent A-gewogen geluidsniveau over een specifieke beoordelingsperiode ten gevolge van een specifieke bedrijfstoestand op een immissiepunt, bij een meteoraamgemiddelde geluidsoverdracht, zo nodig gecorrigeerd voor de gevelreflectie. Langtijdgemiddeld deelbeoordelingsniveau LAri,LT in dB(A): equivalent A-gewogen geluidsniveau over een specifieke beoordelingsperiode ten gevolge van een specifieke bedrijfstoestand op een beoordelingspunt, zo nodig gecorrigeerd voor de aanwezigheid van impulsachtig geluid, zuivere tooncomponent of muziekgeluid. Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT in dB(A): energetische sommatie van de langtijdgemiddelde deelbeoordelingsniveaus.
Etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau vanwege het industrieterrein Letmaal in dB(A): de hoogste van de volgende drie waarden: LAr,LT over de dagperiode; LAr,LT over de avondperiode + 5; LAr,LT over de nachtperiode + 10. Europese dosismaat Lden in dB(A): avondperiode en nachtperiode.
gewogen gemiddelde van het geluidsniveau in de dagperiode,
Dagperiode: de beoordelingsperiode van 07.00 tot 19.00 uur. Avondperiode: de beoordelingsperiode van 19.00 tot 23.00 uur. Nachtperiode: de beoordelingsperiode van 23.00 tot 07.00 uur. Maximaal geluidsniveau (piekgeluidsniveau) LAmax in dB(A): het maximaal te meten A-gewogen geluidsniveau, meterstand “fast” gecorrigeerd met de meteocorrectieterm Cm. Immissiepunt: de plaats waarop het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau wordt bepaald. Representatieve bedrijfssituatie: toestand waarbij de voor de geluidproductie relevante omstandigheden kenmerkend zijn voor een bedrijfsvoering bij volledige capaciteit in de te beschouwen etmaalperiode. Bedrijfstoestand: toestand van een inrichting, die relevant is voor te verrichten metingen. Meteoraam: de meteorologische omstandigheden waaronder een goede en stabiele geluidoverdracht plaatsvindt. Stoorgeluid: het op een bepaalde plaats optredende geluid, veroorzaakt door andere geluidsbronnen dan die waarvan het geluidsniveau wordt bepaald. Zone: een rond een industrieterrein gelegen gebied, waarbuiten een bepaalde geluidsbelasting vanwege dit terrein niet wordt overschreden.
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
Naam 1 2 3 4 5
Omschr. Rijksweg Rijksweg/Terprane Terprane 30 km Terprane Rijksweg (dorp)
X-1 182353,00 182217,41 182170,17 181876,23 182203,67
Y-1 565375,42 565384,22 565371,53 565521,05 565586,86
X-n 182511,64 182353,00 182217,41 182170,17 182303,51
Y-n 565203,22 565375,42 565384,22 565371,53 565415,16
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
6
Fonterbuorren
182008,94
565441,71
182211,65
565383,55
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
H-1 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
H-n 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
M-1 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
M-n 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
ISO_H 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Min.RH 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Max.RH 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Min.AH 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
0,00
0,00
0,00
0,00
0,00
0,00
0,00
0,00
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
Max.AH 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
ISO M. 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Eigen waarde
Vormpunten 2 16 4 21 26
Lengte 234,13 160,86 48,97 372,96 207,02
Lengte3D 234,13 160,86 48,97 372,96 207,02
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
0,00
0,00
Eigen waarde
19
257,30
257,30
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
Hbron 0,75 0,75 0,75 0,75 0,75
Helling 0 0 0 0 0
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
0,75
0
Wegdek W0 W9a W0 W0 W9a
Wegdek Referentiewegdek Elementenverharding in keperverband Referentiewegdek Referentiewegdek Elementenverharding in keperverband
V(MR(D)) ------
V(MR(A)) ------
V(MR(N)) ------
W9a
Elementenverharding in keperverband
--
--
--
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
V(MR(P4)) ------
V(LV(D)) 60 30 30 60 30
V(LV(A)) 60 30 30 60 30
V(LV(N)) 60 30 30 60 30
V(LV(P4)) ------
V(MV(D)) 60 30 30 60 30
V(MV(A)) 60 30 30 60 30
V(MV(N)) 60 30 30 60 30
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
--
30
30
30
--
30
30
30
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
V(MV(P4)) ------
V(ZV(D)) 60 30 30 60 30
V(ZV(A)) 60 30 30 60 30
V(ZV(N)) 60 30 30 60 30
V(ZV(P4)) ------
30 km/uur False True True False True
Totaal aantal 3250,00 3250,00 3250,00 3250,00 1100,00
%Int(D) 6,95 6,95 6,95 6,95 6,68
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
--
30
30
30
--
True
700,00
6,68
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
%Int(A) 2,53 2,53 2,53 2,53 3,83
%Int(N) 0,81 0,81 0,81 0,81 0,56
%Int(P4) ------
%MR(D) ------
%MR(A) ------
%MR(N) ------
%MR(P4) ------
%LV(D) 93,40 93,40 93,40 93,40 97,70
%LV(A) 97,50 97,50 97,50 97,50 99,30
%LV(N) 94,00 94,00 94,00 94,00 100,00
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
3,83
0,56
--
--
--
--
--
97,70
99,30
100,00
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
%LV(P4) ------
%MV(D) 3,80 3,80 3,80 3,80 1,60
%MV(A) 1,90 1,90 1,90 1,90 0,70
%MV(N) 2,70 2,70 2,70 2,70 --
%MV(P4) ------
%ZV(D) 2,80 2,80 2,80 2,80 0,90
%ZV(A) 0,70 0,70 0,70 0,70 0,70
%ZV(N) 3,30 3,30 3,30 3,30 --
%ZV(P4) ------
MR(D) ------
MR(A) ------
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
--
1,60
0,70
--
--
0,90
0,70
--
--
--
--
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
MR(N) ------
MR(P4) ------
LV(D) 210,97 210,97 210,97 210,97 71,79
LV(A) 80,17 80,17 80,17 80,17 41,84
LV(N) 24,75 24,75 24,75 24,75 6,16
LV(P4) ------
MV(D) 8,58 8,58 8,58 8,58 1,18
MV(A) 1,56 1,56 1,56 1,56 0,29
MV(N) 0,71 0,71 0,71 0,71 --
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
--
--
45,68
26,62
3,92
--
0,75
0,19
--
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
MV(P4) ------
ZV(D) 6,32 6,32 6,32 6,32 0,66
ZV(A) 0,58 0,58 0,58 0,58 0,29
ZV(N) 0,87 0,87 0,87 0,87 --
ZV(P4) ------
Cpl False False False False False
Cpl_W 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5
LE (D) Totaal 108,05 106,14 103,34 108,05 99,66
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
--
0,42
0,19
--
--
False
1,5
97,70
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
Rijksweg 194 Jirnsum Model: Groep:
Bijlage 2: ingevoerde wegen
definitief model (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer
Groep Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
LE (A) Totaal 103,18 100,13 97,79 103,18 96,80
LE (N) Totaal 98,73 96,74 93,99 98,73 87,60
LE (P4) Totaal ------
Rijksweg/Terprane/Fonterbuorren
94,84
85,63
--
Geomilieu V2023.1 rev 2 Licentiehouder: Rho - Rotterdam
25-9-2023 11:38:37
64/298
Bijlage 3
65/298
Bodemonderzoek
Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Opdrachtgever De heer G. Keulen Rijksweg 194 9011 VK JIRNSUM Projectnummer
Autorisatie
230205
Redactie:
paraaf
De heer F. Visser Eindredactie/kwaliteitscontrole: De heer E. Wagenaar
Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV Singel 60, 9001 XP GROU Telefoon: +31 (0) 566-653130 Internet: www.bodemvisie.nl Rabobank, rekeningnummer NL38 RABO 0118.7529.79 KvK-nummer 58074201, BTW-nummer: NL852861825B01
paraaf
datum
status
26-05-2023
Definitief
Datum
status
26-05-2023
Definitief
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
INHOUD 1
INLEIDING
3
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten
3
1.2
Indeling rapportage
3
2
VOORONDERZOEK
4
2.1
Algemeen
4
2.2
Bekende gegevens
4
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese
4
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
6
3.1
Algemeen
6
3.2
Veldwerkzaamheden
6
3.3
Chemisch-analytisch onderzoek
7
3.4
Toetsingskader
7
4
RESULTATEN
9
4.1
Zintuiglijke waarnemingen
9
4.2
Analyseresultaten boven- en ondergrond
10
4.3
Analyseresultaten aanvullend bodemonderzoek
11
4.4
Interpretatie onderzoeksresultaten
11
4.5
Toetsing hypothese
12
5
CONCLUSIES EN ADVIES
13
BIJLAGEN: 1.
Topografische ligging
2.
Situatietekening met monsternamepunten
3.
Profielbeschrijvingen
4.
Analysecertificaten
5.
Toetsing analyseresultaten
6.
Verklaring omtrent veldwerk (colofon)
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
2 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
1
INLEIDING In opdracht van de heer G. Keulen is door Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Rijksweg 194 te Jirnsum. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek betreft de voorgenomen herontwikkeling van de locatie. Het onderzoek heeft als doel, inzicht te verschaffen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse. Dit om vast te kunnen stellen, of deze al dan niet een belemmering vormt voor de beoogde nieuwbouw en functiewijziging.
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten Tijdens het verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest) zijn de volgende normen gevolgd: -
Voorafgaand aan het bodemonderzoek een vooronderzoek conform de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5725: “Bodem, leidraad voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend, oriënterend en nader onderzoek” te worden verricht;
-
Het verkennend bodemonderzoek dient te voldoen aan de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5740: “Bodem, onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek”.
Volledigheidshalve merken wij op dat Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV een onafhankelijk opererend adviesbureau is, welke op generlei wijze verbonden is met de opdrachtgever voor het onderzoek of de eigenaar van de onderzoekslocatie.
1.2
Indeling rapportage In het onderhavige rapport wordt eerst ingegaan op de locatiegegevens en het vooronderzoek. Vervolgens komen de veldwerkgegevens, het laboratoriumonderzoek en de analyseresultaten aan bod. De rapportage wordt afgesloten met een bespreking van de analyseresultaten en de bijbehorende conclusies en aanbevelingen.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
3 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
2
VOORONDERZOEK
2.1
Algemeen Het vooronderzoek is gebaseerd op de NEN 5725. In het kader van het vooronderzoek is informatie ingewonnen uit de volgende bronnen:
2.2
-
informatie van de opdrachtgever;
-
informatie van het gemeentelijk bodeminformatiesysteem (Nazca-I);
-
interpreteren van topografische en geohydrologische kaarten;
-
een locatie-inspectie.
Bekende gegevens De onderzochte locatie aan de Rijksweg 194 bevindt zich in een landelijk gebied, ten zuiden van de woonkern van Jirnsum. Het onderzochte perceel staat kadastraal bekend als: gemeente Grouw, sectie L, nummer 936 (deels). Op het perceel is een omstreeks 1885 gerealiseerde woonboerderij gesitueerd. Op de locatie was tot voor kort een agrarisch bedrijf gevestigd. Het voornemen bestaat, om een drietal woningen op het perceel te realiseren. Hierbij zal een deel van het perceel (circa 6.850 m2) van functie wijzigen en zullen diverse opstallen worden gesloopt. De onderzochte locatie betreft het terreindeel, dat van een ‘agrarische functie’ naar een ‘woonfunctie’ zal worden gewijzigd. In het kader van de voorgenomen herontwikkeling zijn recentelijk asbesthoudende daken gesaneerd. Op aangeven van de opdrachtgever blijkt, dat er geen sprake zou zijn geweest van zogenaamde ‘druppelzones’ waarbij, middels verwering van de daken, asbest op een onverharde bodem terecht zou kunnen komen. De bouwwerken zouden zijn voorzien van deugdelijke dakgoten. Een kleinschalige garage, op het zuidoostelijke terreindeel, zou circa 10-15 jaar geleden zijn gerealiseerd. De aanwezige dakbeplating zou, op aangeven van de opdrachtgever, derhalve geen asbest bevatten.
Het gemeentelijk bodeminformatiesysteem (Nacza-I) is geraadpleegd, om inzicht te verkrijgen in mogelijke gegevens met betrekking tot eerder uitgevoerd bodemonderzoek, potentieel (voormalige) bodembedreigende activiteiten en/of uitgevoerde bodemsaneringen. Hieruit blijkt, dat ter plaatse van het westelijke terreindeel sprake is van een gedempte watergang. Het is vooralsnog onduidelijk of de watergang is gedempt met gebiedseigen grond of met ander materiaal. Van het perceel zijn geen voorgaande bodemonderzoeken of bodemsaneringen bekend.
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese Het onderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740 ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Op basis van het langdurige (bedrijfsmatige) gebruik van de locatie is de onderzoeksstrategie van een ‘verdachte locatie, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL)’ gehanteerd. Opmerking: Aangezien ter plaatse van de gedempte watergang mogelijkerwijs bodemvreemd materiaal is toegepast, is hier extra aandacht aan besteed. Ter plaatse is aanvullend een raai van boringen verricht.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
4 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
NB: Bij de interpretatie van het totaal aan onderzoeksgegevens dient, gezien de gehanteerde strategie (gebaseerd op de Nederlandse Norm NEN 5740) welke is gericht op een steekproefsgewijze beoordeling van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden te worden met een zeker restrisico. Tevens wordt erop gewezen, dat onderhavig onderzoek een momentopname is.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
5 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
3.1
Algemeen De werkzaamheden zijn uitgevoerd op basis van de BRL SIKB 2000 protocol 2001: ‘Plaatsen van handboringen en peilbuizen en nemen van grondmonsters etc’, protocol 2002: ‘Het nemen van grondwatermonsters’ (versie 6.0, d.d. 1 februari 2018). Voor deze protocollen is Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV in het bezit van een procescertificaat (certificaatnummer: NC-SIK-20350), welke is afgegeven door Normec Certification B.V. De chemische analyses zijn uitgevoerd door het de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde
laboratorium
van
SGS
Environmental
Analytics
B.V.
te
Rotterdam.
Het
onderzoeksprogramma is in tabel 3.1 opgesomd. Tabel 3.1: onderzoeksprogramma Locatie
Boringen / inspectiegaten
Boorpuntnr.
Analyses
Rijksweg 194 te Jirnsum
13 x boring tot 0,5/1,0 m-mv
01 t/m 19
4 x standaardpakket grond
(circa 6.850 m2)
5 x boring tot 2,0 m-mv
1 x standaardpakket grondwater
1 x boring met peilbuis Aanvullend onderzoek: Slootdemping
1 x raai
R1 t/m R3
3 x PAK en zware metalen (grond)
(3 x boring tot 2,0 m-mv) Toelichting op tabel: m -mv: Standaardpakket grond: Standaardpakket grondwater:
3.2
meter minus maaiveld; metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), PAK (VROM 10), minerale olie, PCB’s; metalen, vluchtige aromaten (BTEXN en styreen), vluchtige chloorkoolwaterstoffen (18 verbindingen), minerale olie.
Veldwerkzaamheden Het veldwerk (plaatsen boringen en peilbuis) is uitgevoerd op 17 april 2023, door de heer D.M. Reitsema. De bemonstering van het grondwater is uitgevoerd op 28 april 2023, door de heer T. van der Meulen. Het opgeboorde materiaal is beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, welke zijn opgenomen als bijlage 3. De globale bodemopbouw en de relevante zintuiglijke waarnemingen zijn beschreven in paragraaf 4.1. Voor het vaststellen van een eventueel aanwezige olieverontreiniging is gebruik gemaakt van de olie-opwater-test. De grootte en de kleurschakering van de oliefilm op het werkwater geven een indicatie van de mate van verontreiniging. Voor het laboratoriumonderzoek zijn van de bovengrond (0,0-0,5 m-mv) uit iedere boring grondmonsters genomen. Uit de boringen tot 2,0 m-mv is per iedere halve meter een grondmonster genomen. Bodemlagen met afwijkende kenmerken (textuur, kleur, aanwezigheid bodemvreemd materiaal, etc.) zijn apart bemonsterd.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
6 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
3.3
Chemisch-analytisch onderzoek De samenstelling van de analysepakketten is als volgt: Standaardpakket grond: -
zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink;
-
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK);
-
PCB’s (polychloorbifenyl);
-
minerale olie (GC).
Standaardpakket grondwater:
3.4
-
zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink;
-
vluchtige aromaten (BTEXN);
-
vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen;
-
minerale olie (GC).
Toetsingskader De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Wet Bodembescherming. Het toetsingskader bestaat uit achtergrond- (voor grond) en streefwaarden (voor grondwater) alsmede interventiewaarden. Het gemiddelde van achtergrondwaarde (voor grond) of streefwaarde (voor grondwater) en de interventiewaarde wordt als tussenwaarde aangeduid. Een beschrijving van de waarden is hieronder weergegeven: Achtergrondwaarden (AW) (alleen voor grond) De achtergrondwaarden geven de milieuhygiënische kwaliteit voor bodem, waarop geen locatiespecifieke bodembelasting is opgetreden. De achtergrondwaarden geven derhalve de gemiddelde gehalten van de parameters in gebieden, waarin geen antropogene beïnvloeding van de bodem heeft plaatsgevonden. Streefwaarden (S) (alleen voor grondwater) De streefwaarden geven het uiteindelijk te bereiken kwaliteitsniveau voor de bodem aan. De streefwaarden hebben betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondconcentraties, of detectiegrenzen bij stoffen die niet in natuurlijke milieus voorkomen. Ook is er een risicobenadering in de streefwaarden geïntegreerd. Tussenwaarden (T) De tussenwaarde ofwel het criterium voor nader onderzoek (gemiddelde van achtergrond- en interventiewaarde) is vastgesteld om aan te geven dat een nader onderzoek nodig is.
Voor stoffen waarvoor geen achtergrondwaarde is vastgesteld, dient ½ (interventiewaarde) gehanteerd te worden. Interventiewaarden (I) De interventiewaarden geven het concentratieniveau voor verontreinigende stoffen aan waarboven sprake is van ernstige bodemverontreiniging. Indien de interventiewaarde voor grond een bodemvolume van 25 m³ of voor grondwater een bodemvolume van 100 m³ overschrijdt, is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. oor asbest geldt dit omvangscriterium niet en is er al sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging, als de interventiewaarde in enig bodemvolume wordt overschreden.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
7 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
In bijzondere situaties kan ook bij concentraties beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging. De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico’s voor de volksgezondheid en het ecosysteem. De achtergrond- en interventiewaarden in de grond zijn gerelateerd aan het gehalte aan lutum en organische stof (humus) van de bodem. Voor asbest geldt dit omvangscriterium niet en is er al sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging, als de interventiewaarde in enig bodemvolume wordt overschreden Wanneer een gehalte tussen de achtergrondwaarde/ streefwaarde en de tussenwaarde ligt, wordt dit in de tekst aangeduid als een licht verhoogd gehalte. Een gehalte tussen de tussenwaarde en de interventiewaarde wordt aangeduid als een matig verhoogd gehalte. Een gehalte boven de interventiewaarde wordt aangeduid als een sterk verhoogd gehalte. Het toetsingskader bevat een aantal voorschriften voor toetsing in het geval het gehalte/ de concentratie van één parameter of de gehalten/ concentraties van één of meer stoffen behorend bij een somparameter beneden de detectiegrens liggen. In dit geval dient de detectiegrens met een factor 0,7 vermenigvuldigd te worden en vervolgens getoetst.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
8 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
4
RESULTATEN
4.1
Zintuiglijke waarnemingen In het veld zijn de fysische bodemeigenschappen per te onderscheiden bodemlaag omschreven. Hoewel sprake is van een relatief heterogene bodemopbouw is in tabel 4.1 de globale bodemopbouw weergegeven, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden is aangetroffen. Hierbij is de bodemopbouw van peilbuis 01 representatief gesteld. Voor een beschrijving van de bodemopbouw, op boorpuntniveau, wordt naar de boorprofielen in bijlage 3 verwezen. Tabel 4.1: globaal overzicht bodemopbouw Diepte (m-mv.)
Samenstelling
0,00 - 1,50
Klei, matig siltig, zwak humeus
1,50 - 2,50*
Veen, sterk kleiig
*: maximale boordiepte
Tijdens de veldwerkzaamheden is in de bodem een bijmenging met bodemvreemde materialen waargenomen, welke zou kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De waarnemingen zijn weergegeven in tabel 4.2. Tabel 4.2: overzicht bijmenging in de bodem Boring
Diepte (m-mv.)
Bijmenging
01
0,00 - 1,50
Baksteen (resten)
02
0,80 - 1,00
Puin (matig)
03
0,00 - 0,30
Baksteen (zwak)
04
0,10 - 0,50
Puin (sterk)
05
0,00 - 0,50
Baksteen (sporen)
06
0,00 - 0,80
Puin (sterk)
09
0,00 - 0,50
Puin (sporen)
13
0,17 - 0,60
Volledige puinlaag (gebroken asfalt, matig puin)
14
0,00 - 0,70
Baksteen (resten)
15
0,00 - 0,50 0,20 - 0,50 0,50 - 0,90 0,10 - 0,50
Baksteen (resten) Volledige puinlaag (gebroken asfalt, zwak puin) Puin (zwak) Volledige puinlaag (sterk zandcement, sporen baksteen)
16 18
In de uitgevoerde raaien van boringen ter plaatse van de voormalige watergang is geen afwijkend bodemprofiel aangetroffen. Er is geen bodemvreemd dempingsmateriaal waargenomen. Bij het samenstellen van de (meng)monsters voor analyse, is rekening gehouden met de bodemvreemde materialen en meest verdachte bodemlagen. Hoewel in de opgeboorde grond visueel geen asbestverdacht materiaal is waargenomen, dient het voorkomen van ondefinieerbaar puin in de bodem als indicator voor de mogelijke aanwezigheid van asbest te worden beschouwd. Vooralsnog is, op verzoek van de opdrachtgever, geen verkennend asbestonderzoek (conform de NEN 5707/5897) uitgevoerd.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
9 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
In tabel 4.3 zijn de resultaten van metingen tijdens de bemonstering van het grondwater weergegeven. Tabel 4.3: resultaten van metingen aan het grondwater Filterdiepte (m-mv) 1,5 - 2,5
Peilbuis nr. 01
Grondwaterstand (m-mv) 0,65
pH-waarde (-/-) 6,8
EC (µS/cm) 2.950
Troebelheid (NTU) 8,5
De gemeten waarden in het grondwater wijken niet af van de waarden welke onder de natuurlijke omstandigheden verwacht kunnen worden.
4.2
Analyseresultaten boven- en ondergrond De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. In de tabellen in bijlage 5 zijn de analyseresultaten getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden. De resultaten van de toetsingen zijn in tabel 4.4 (grond) en tabel 4.5 (grondwater) opgesomd. Tabel 4.4: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven)
Indicatieve toetsing (BBK)
Parameters
Mengmonster (traject m -mv)*
Boringen
M1 (0,00-0,50)
01
MM2 (0,10-0,80)
> achtergrondwaarde =< tussenwaarde (licht verontreinigd)
> tussenwaarde =< interventiewaarde (matig verontreinigd)
> interventiewaarde (sterk verontreinigd)
-
-
-
Altijd toepasbaar
04, 06
Kwik (0,306), molybdeen (2,2)
Lood (527), PAK (28,6)
Cadmium (13,2), zink (6190)
Niet toepasbaar
MM3 (0,00-0,70)
14, 15
Minerale olie (250)
-
-
Klasse industrie
MM4 (0,50-1,00)
16, 18
Lood (97,5), minerale olie (231)
-
-
Klasse industrie
*: minimale en maximale bemonsteringsdiepte
Tabel 4.5: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Peilbuis
01
Filterstelling (m-mv)
1,5 - 2,5
Parameters > streefwaarde =< tussenwaarde (licht verontreinigd)
> tussenwaarde =< interventiewaarde (matig verontreinigd)
> interventiewaarde (sterk verontreinigd)
Molybdeen (15)
-
-
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
10 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
4.3
Analyseresultaten aanvullend bodemonderzoek Zoals uit tabel 4.4 blijkt, zijn in mengmonster MM2 (0,1-0-0,8 m-mv) voor cadmium en zink gehalten boven de interventiewaarde gemeten. Voor lood en PAK zijn gehalten boven de tussenwaarde gemeten. Om een eerste indruk van de verspreiding van de verhoogde gehalten binnen het betreffende mengmonster te verkrijgen, zijn de puinhoudende deelmonsters van boring 04 en 06 separaat op zware metalen en PAK geanalyseerd. De resultaten van dit aanvullende bodemonderzoek zijn in tabel 4.6 opgenomen. Tabel 4.6: Analyseresultaten grondmonsters Boring (traject m -mv)
Zware metalen en PAK > achtergrondwaarde =< tussenwaarde (licht verontreinigd)
> tussenwaarde =< interventiewaarde (matig verontreinigd)
> interventiewaarde (sterk verontreinigd)
04 (0,10-0,50)
Kwik (0,58), zink (150), PAK (2,47)
Lood (381)
-
06 (0,00-0,50)
Cadmium (1,38), lood (160), PAK 4,43)
-
Zink (881)
06 (0,50-0,80)
Cadmium (6,68), molybdeen (3,3), nikkel (52,6)
-
Barium (1.480), lood (865), zink (7.060) en PAK (131)
Garage
4.4
Interpretatie onderzoeksresultaten De onderzoeksresultaten van het verkennend bodemonderzoek zijn als volgt samen te vatten:
In een separaat geanalyseerd grondmonster van de bovengrond (M1; 0,0-0,5 m-mv), inpandig ter plaatse
van
een
voormalige
stalruimte,
zijn
voor
de
geanalyseerde
parameters geen
verontreinigingen aangetoond.
In een sterk puinhoudend mengmonster (MM2; 0,1-0,8 m-mv), samengesteld uit boringen ter plaatse van de noordoostzijde van het perceel, zijn voor cadmium en zink sterk verhoogde gehalten gemeten. Voor lood en PAK zijn matig verhoogde gehalten gemeten. Voor kwik en molybdeen zijn lichte verontreinigingen aangetoond. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde gehalten gemeten;
In een zwak puinhoudend mengmonster van de bovengrond (MM3; 0,3-0,8 m-mv), samengesteld uit boringen ter plaatse van de westzijde van het perceel, is een lichte verontreiniging met minerale olie aangetoond. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde gehalten gemeten;
In een mengmonster van de kleiige ondergrond (MM4; 0,5-1,0 m-mv), samengesteld uit boringen en bodemtrajecten onder volledige puinlagen, zijn voor lood en minerale olie lichte verontreinigingen aangetoond. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde gehalten gemeten;
In het grondwatermonster ter plaatse van peilbuis 01 is voor molybdeen een licht verhoogde concentratie gemeten. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde concentraties aangetoond.
Om een eerste indruk van de verspreiding van de verontreiniging binnen het betreffende mengmonster (MM2; 0,1-0,8 m-mv) te verkrijgen, zijn de puinhoudende deelmonsters van boring 04 en 06 separaat op zware metalen en PAK geanalyseerd. Ter plaatse van boring 06 (0,0-0,5 m-mv) is voor zink een sterke verontreiniging aangetoond. ©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
11 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
In het onderliggende bodemtraject van boring 06 (0,5-0,8 m-mv) zijn voor barium, lood, zink en PAK sterk verhoogde gehalten gemeten. Ter plaatse van boring 04 (0,1-0,5 m-mv) is voor lood een matige verontreiniging aangetoond. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn hoogstens lichte verontreinigingen aangetoond.
4.5
Toetsing hypothese Op basis van de licht tot sterk verhoogd gemeten gehalten in de grond en de licht verhoogd gemeten concentratie in het grondwater, kan de hypothese ‘verdacht’ voor de locatie worden aangenomen. De licht tot sterk verhoogd gemeten gehalten in de grond zijn vermoedelijk te relateren aan het langdurige (bedrijfsmatige) gebruik van de locatie en de puinresten in de geanalyseerde monsters. Mogelijk is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging (criterium >25 m3 grond sterk verontreinigd) op de locatie. Geadviseerd wordt om middels nader bodemonderzoek (conform de NTA 5755) een afperking van de verontreiniging met zware metalen en PAK te bewerkstelligen. Geadviseerd wordt het nader bodemonderzoek te combineren met een verkennend asbestonderzoek (conform NEN 5707/5897). Hoewel op het maaiveld en in de opgeboorde grond visueel geen asbestverdachte materialen zijn waargenomen, wordt het voorkomen van puin als indicator voor de mogelijke aanwezigheid van asbest beschouwd. Graafwerkzaamheden binnen de contouren van een sterke verontreiniging vereisen extra maatregelen en procedures (zie hoofdstuk 5).
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
12 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
5
CONCLUSIES EN ADVIES Tijdens de veldwerkzaamheden is ter plaatse van een groot deel van de locatie een zwakke tot sterke bijmenging met puin waargenomen. Lokaal is sprake van een volledige verhardingslaag. In de uitgevoerde raaien van boringen ter plaatse van een voormalige watergang is geen afwijkend bodemprofiel aangetroffen. Er is geen bodemvreemd dempingsmateriaal waargenomen. Dit wijst erop, dat de sloten met gebiedseigen grond zijn gedempt. Ter plaatse van de noordoostzijde van het perceel is in een mengmonster van de puinhoudende bovengrond een sterke verontreiniging met cadmium en zink aangetoond. Voor lood en PAK zijn matig verhoogde gehalten gemeten. In de overige geanalyseerde grond (meng)monsters zijn hoogstens lichte verontreinigingen met lood en/of minerale olie aangetoond. De lichte tot sterke verontreinigingen in de grond zijn vermoedelijk te relateren aan het langdurige (bedrijfsmatige) gebruik van de locatie, alsmede het aanwezige puin in de geanalyseerde monsters. Uit de resultaten van de ‘uitsplitsing’ van het mengmonster blijkt, dat ter plaatse van boring 06 (0,0-0,5 m-mv) voor zink een sterke verontreiniging is aangetoond. In het onderliggende bodemtraject van boring 06 (0,5-0,8 m-mv) zijn voor barium, lood, zink en PAK sterk verhoogde gehalten gemeten. Ter plaatse van boring 04 (0,1-0,5 m-mv) is voor lood een matige verontreiniging aangetoond.
Voor de overige geanalyseerde parameters zijn hoogstens lichte verontreinigingen aangetoond. In het grondwatermonster is voor molybdeen een licht verhoogde concentratie aangetoond. Voor de overige geanalyseerde parameters zijn geen verhoogde concentraties gemeten. Aanbevelingen Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek zijn er vanuit milieuhygiënisch oogpunt aandachtspunten betreffende de voorgenomen herontwikkeling van de locatie. Mogelijk is op de onderzoekslocatie sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging (criterium omvang sterke verontreiniging > 25 m3). Voor het bepalen van de omvang en verspreiding van de verontreiniging met zware metalen en PAK wordt, voorafgaand aan eventuele grondwerkzaamheden, een nader bodemonderzoek (conform de NTA 5755) geadviseerd. Voor de uitvoering van een eventueel nader bodemonderzoek gelden de volgende adviezen:
Aanbevolen wordt een nader onderzoek, eventueel in overleg met het bevoegd gezag, af te stemmen op de toekomstige ontwikkelingsplannen. De kosten als gevolg van de bodemverontreiniging zouden in dit geval inzichtelijk kunnen worden gemaakt, zodat dit in een exploitatiebegroting kan worden geïntegreerd;
Geadviseerd wordt het nader bodemonderzoek te combineren met een verkennend asbestonderzoek (conform NEN 5707/5897). Hoewel op het maaiveld en in de opgeboorde grond visueel geen asbestverdachte materialen zijn waargenomen, wordt het voorkomen van puin als indicator voor de mogelijke aanwezigheid van asbest beschouwd.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
13 van 14
Project
: Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194 te Jirnsum
Projectnummer
: 230205
De aanwezigheid van sterke verontreiniging vereist extra saneringsmaatregelen en -procedures, indien graafwerkzaamheden in de betreffende bodemlagen worden uitgevoerd. Dit houdt onder meer in, dat werkzaamheden bij het bevoegde gezag (gemeente Leeuwarden) gemeld dienen te worden. Dit kan middels een procedure volgens het Besluit Uniforme Saneringen (immobiel). Voorts dienen de werkzaamheden door een BRL 7000 gecertificeerde aannemer, onder toezicht van een BRL 6000 gecertificeerd milieukundig begeleider, te worden uitgevoerd. Eventuele vrijkomende grond dient naar een erkende be-/verwerker te worden afgevoerd. Voor eventuele voorwaarden met betrekking tot het hergebruik van vrijkomende grond buiten de contouren van de eventuele saneringslocatie wordt verwezen naar het gemeentelijk Bodembeheerplan, gebaseerd op het besluit Bodemkwaliteit. Hoewel bij voorkeur hergebruik op basis van de gemeentelijke bodemkwaliteitskaarten kan plaatsvinden, kan, afhankelijk van de hergebruikslocatie, de uitvoering van partijkeuring(en) noodzakelijk zijn om de hergebruiksmogelijkheden van vrijkomende grond als bodem te kunnen bepalen. Ter voorkoming van een overtreding van het Besluit Bodemkwaliteit (illegaal samenvoegen partijen), wordt geadviseerd om grond van verschillende textuur en kwaliteit separaat te ontgraven en in depot te plaatsen.
Bij eventuele afvoer kan hiermee rekening worden gehouden met de bestemming en toepassing.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
14 van 14
BIJLAGE 1:
REGIONALE LIGGING LOCATIE
Projectnaam Projectnummer Opdrachtgever
REGIONALE LIGGING ONDERZOEKSLOCATIE Verkennend bodemonderzoek Rijksweg 194, Jirnsum 230205 De heer G. Keulen
BIJLAGE 2:
OVERZICHT LOCATIE EN SITUERING MONSTERNAMEPUNTEN
05
04 07 06
01 03 11 15 12 R3
R2
17
02 08
R1
14
09 13
10
18 16
19
0
10
20m
Legenda
Getekend door
Datum getekend
Gecontroleerd door FV
Grens locatie
LT
25-05-2023
Project nr.
Tekeningnummer
Schaal
Formaat
Slootdemping
230205
1
1:500
A3
Project
Boring tot 0,5/1,0 m-mv Boring tot 2,0 m-mv Boring met peilbuis
VO Rijksweg 194 te Jirnsum
Singel 60 9001 XP GROU T: 0566 653130 E: info@bodemvisie.nl I: www.bodemvisie.nl
Onderdeel Overzicht locatie en situering monsterpunten Opdrachtgever De heer G. Keulen
BIJLAGE 3:
PROFIELBESCHRIJVINGEN
01
1
erf / cm t ov m aaiveld
0
0
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, bruin, rest en bakst een, edelm an
1 50 2 100 3 150
150
-150
veen, st erk kleiig, neut raal bruin, grijs, edelm an
4 200 5
-220 6 250
250 t ype dat um boorm eest er
m eet punt 01 427108550
veen, st erk kleiig, neut raal blauw, grijs, edelm an -250
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
02
t uin / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
50 2 -80 3 100 t ype dat um boorm eest er
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, m at ig puin, edelm an
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
-100
m eet punt 02 427108552
03
gazon / cm t ov m aaiveld
0 1
-50
50 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
04 0
gazon / cm t ov m aaiveld 1 2
50 t ype dat um boorm eest er
0
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal bruin, grijs, zwak bakst een, edelm an
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
0
klei, st erk zandig, st erk hum eus, donker bruin, edelm an -10
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal grijs, bruin, st erk puin, edelm an
-50
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
05
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
-50
50 t ype dat um boorm eest er
0
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, donker grijs, rest en bot , sporen bakst een, edelm an
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
m eet punt 05 427108554
06
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, donker grijs, st erk puin, edelm an
50 2 -80 3 100 t ype dat um boorm eest er
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, donker grijs, edelm an -100
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
m eet punt 06 427108555
07
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal grijs, bruin, edelm an
50 2 100 3 150
4 5
-160
klei, m at ig zandig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er
-150
veen, m ineraalarm , neut raal zwart , edelm an
-200
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
m eet punt 07 427108556
08
bet on / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, uit erst grof, zwak silt ig, st erk grindig, neut raal beige, crem e, edelm an -50
50 2
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, neut raal grijs, crem e, edelm an
3
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, edelm an
-100
100
150 4 200
m eet punt 08 427108557 5
250 -270 t ype dat um boorm eest er
Geplaat st in een gaat je van het bet on
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
09
erf / cm t ov m aaiveld
0 1
-50
50 t ype dat um boorm eest er
0
klei, zwak zandig, m at ig hum eus, donker bruin, sporen puin, edelm an
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
10
erf / cm t ov m aaiveld
0 1
0
klei, zwak zandig, m at ig hum eus, donker bruin, edelm an -50
50
Puin op het m aaiveld t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
m eet punt 10 427108558
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
11
erf / cm t ov m aaiveld
0
0
zand, zeer grof, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, edelm an
1
-30 50
zand, zeer grof, zwak silt ig, licht grijs, edelm an
2
-80 t ype dat um boorm eest er
edelm an, gest aakt op een ondoordringbare laag
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
-81
m eet punt 11 427108559
12
erf / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht grijs, edelm an
2
klei, m at ig silt ig, st erk hum eus, donker bruin, grijs, rest en veen, edelm an
0
-35 50
100
3 -120
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an
4
150
5 -190
6
200
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, donker grijs, edelm an
7
-200 t ype dat um boorm eest er
m eet punt 12 427108560
klei, m at ig silt ig, donker grijs, edelm an
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
-220
Voorm alig kuilbult en t errein
13
bet on / cm t ov m aaiveld
0
0
volledig bet on, edelm an
1
-13 2 3
zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an
4
st erk asfalt Gebroken asfalt , m at ig puin, rest en klei, edelm an
50
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
-17
-60
zand, m at ig grof, kleiig, licht hum eus, neut raal blauw, grijs, edelm an, gest aakt op een ondoordringbare laag -70
m eet punt 13 427108561
m eet punt 13, laag 17-60, bijz. asfalt 427108563
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
14
erf / cm t ov m aaiveld
0
1
50
0
zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, zwart , neut raal groen, glauconiet ?, rest en bakst een, edelm an -70
t ype dat um boorm eest er
Gest aakt op een ondoordringbare laag
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
15
erf / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker grijs, rest en bakst een, m at ig st enen, edelm an, gest aakt op een ondoordringbare laag
1 50 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
16
erf / cm t ov m aaiveld
0 1 2 7 50 3 100 4
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an
0
-50
0
-20
st erk asfalt , zwak puin, zwak klei, edelm an -50
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal grijs, bruin, zwak puin, edelm an
-90
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, blauw, edelm an 150 5 -190 200 6
veen, m ineraalarm , donker bruin, edelm an
m eet punt 16 427108562
250 -270 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
17
erf / cm t ov m aaiveld
0 1
0
klei, m at ig silt ig, m at ig hum eus, neut raal grijs, bruin, edelm an -50
50
Recent slooppuin op het oppervlak t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
18 0
braak / cm t ov m aaiveld 1 2
50
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal crem e, bruin, m at ig klei, rest en st enen, edelm an
0
-10
st erk zandcem ent , rest en bakst een, edelm an 3
100
-50
klei, m at ig silt ig, neut raal grijs, blauw, sporen bakst een, edelm an -100
klei, m at ig silt ig, kleur, grijs 4 150 5 200 t ype dat um boorm eest er
-200
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
19
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
-50
50 2
veen, st erk kleiig, neut raal blauw, zwart , edelm an
100 t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig grof, kleiig, licht hum eus, neut raal grijs, bruin, edelm an
-100
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
R1
erf / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an 50
0
-25
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, blauw, edelm an
100 1
150 -170
veen, st erk kleiig, neut raal bruin, grijs, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er
-200
g r on d b or in g 1 7 -0 4 -2 0 2 3 D Re it se m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
V O Rijk sw e g 1 9 4 t e Jir n su m 230205 N EN 5 1 0 4
R2
erf / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig grof, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, grijs, edelm an 50
0
-25
klei, m at ig, silt ig, zwak hum eus, neut raal grijs, blauw, edelm an
100 1
150 -170
veen, st erk kleiig, neut raal bruin, grijs, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er