beheerplan voorziening verhardingen 2023-2026
Tekst van het document
Beheerplan voorziening verhardingen 2023-2026 Sector Inrichting en Beheer Buitenruimte Inleiding Voor het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte heeft de gemeente voor een aantal (belangrijke) kapitaalgoederen in het verleden voorzieningen ingesteld. Deze voorzieningen worden jaarlijks gevoed door dotaties en benut via onttrekkingen. Een van de voorzieningen betreft die van de verhardingen. In 2017 heeft het BBV de notitie materiele vaste activa aangepast en aansluitend is begin 2018 door het BBV aangegeven dat voor de onderbouwing van de voorzieningen er beheerplannen door de gemeenteraad moeten worden vastgesteld. Jaarlijks beoordelen we of de omvang van de voorziening toereikend is om voor de komende jaren het onderhoud te kunnen uitvoeren, eenmaal per 4 jaar moet conform het BBV een beheerplan worden vastgesteld. In dit beheerplan wordt een nadere toelichting gegeven op de onderbouwing van de voorziening verhardingen. Hierbij wordt aangegeven welke kaders er gelden, hoe de gemeente Leeuwarden tot de meerjaren onderhoudsplanning komt en wat dat financieel betekent.
Wat beheren we aan verhardingen? Het totaal te beheren areaal aan verhardingen bedraagt momenteel in totaal ca. 806 ha.
1
Wat zijn de kaders? Het beheer en onderhoud binnen de gemeente Leeuwarden gebeurt op basis van de “BOR in beeld” systematiek die is gekoppeld aan landelijk gehanteerde CROW-systematiek en richtlijnen voor wegbeheer. In de gemeente Leeuwarden worden de verhardingen op een gemiddeld technisch onderhoudsniveau “basis” onderhouden (CROW-B niveau). Met de nota ‘’beheer en onderhoud’’ kapitaalgoederen is dit in november 2022 herbevestigd door de gemeenteraad.
Hoe komen we tot de meerjaren onderhoudsplanning? Weginspecties Het proces om te komen tot een uitvoeringsplanning voor verhardingen start met de uitvoering van weginspecties. Dit zijn globale visuele weginspecties waarbij het gehele areaal aan verhardingen wordt beoordeeld en de kwaliteit van de verharding wordt gerapporteerd volgens de nieuwste publicaties 146 t/m 147 van de CROW. Gelijktijdig worden de kleinschalige schades opgenomen en gerapporteerd. De inspecties worden uitgevoerd door gespecialiseerde bureaus waarvan de inspecteurs zijn opgeleid en gecertificeerd om te inspecteren conform de CROW-methodiek. De gemeente Leeuwarden hanteert voor de globale visuele inspecties een frequentie van 1 keer in de 2 a 3 jaar. Cyclische planning Tot voor kort werd de basisplanning – en daarmee de onderbouwing van de voorziening – gedaan op basis van de kwalitatieve planning. We hebben als gemeente Leeuwarden – in lijn met de landelijke trend en het advies van het CROW op basis van de nieuwste wegbeheer publicaties – ervoor gekozen om de voorziening op basis van cyclische gegevens te onderbouwen. Hierbij spelen modellen van kwaliteitsverloop – waarbij plaatselijke omstandigheden van het wegennet en bodemopbouw zijn meegenomen – een grote(re) rol. Deze modellen zijn opgenomen in het beheersysteem.
De parameter die nog van invloed is op deze wijze van onderbouwing is areaaluitbreiding. De kwalitatieve gegevens vanuit de weginspecties worden gebruikt om de exacte (onderhouds)locaties vast te stellen en om te toetsen of we (gemiddeld) aan het afgesproken basis niveau voldoen. Basisplanning / Input voor de voorziening 2
De resultaten van de cyclische planning worden door het beheersysteem op netwerkniveau gepresenteerd waarbij voor het gehele wegennet de totaalbedragen per planjaar worden getoond. Deze bedragen per planjaar vormen de input voor de onderbouwing van de voorziening. Naast de voorziening kennen we ook een opgave voor vervanging en levensduurverlengend onderhoud (rehabilitaties). Voor de uitgaven van deze opgaven worden de middelen conform het BBV nu geactiveerd en investeringskredieten beschikbaar gesteld. De onderbouwing daarvan vindt separaat van de voorziening plaats.
Maatregeltoets en budgetplanning De maatregeltoets dient om de maatregelen en planjaren die de beheermethodiek – zoals vanuit de cyclische aanpak alsook vanuit de visuele inspecties - voorstelt te controleren en zo nodig te corrigeren. De toets is alleen van toepassing op onderhoud dat gepland staat voor planjaar 1 en 2, waarbij de planning wordt geoptimaliseerd op basis van integrale afstemming. Om te komen tot de vertaling van de Meerjarenonderhoudsplanning naar een concrete uitwerking is nader onderzoek nodig. Dit nader onderzoek kent twee niveaus: 1) Bepalen maatregel op hoofdlijnen. Hierbij staat de afweging “onderhoud” of “vervanging” centraal. Bovendien vindt de integrale afstemming met andere assets en opgaven plaats. Vervolgens worden de concrete maatregelen en het planjaar bij gecombineerde wegvakken/ wegvakonderdelen bepaald. 2) Nader onderzoek in relatie tot engineering en (besteks)voorbereiding. Hierbij worden de daadwerkelijke voorbereidingen gedaan voor de uitvoering van de werkzaamheden. Werkproces in detail De uitwerking van de herstel- c.q. onderhoudsmaatregelen kent in hoofdlijnen 3 werkstromen; de kleine herstelmaatregelen en klachten worden door onze buitendienst uitgevoerd. Omvangrijke(re) meldingen en zgn. midschalig onderhoud wordt middels raamovereenkomsten op de markt gezet.
Tot slot worden de grote onderhouds- en vervangingsopgaven (integraal) middels programmaopdrachten binnen projectteams voorbereid en aanbesteed. Het klein- en midschalig onderhoud zijn doorlopende processen binnen de jaarcyclus, de programmaopdrachten worden zoals aangegeven op het onderstaande schema – jaarlijks in Q4 verstrekt. Opgemerkt wordt dat urgente schades en calamiteiten deze trajecten niet volgen en uiteraard zo spoedig mogelijk worden opgepakt.
3
Tijdpad opstellen planning verhardingen en uitvoering groot onderhoud Weginspecties (1x per 2 a 3 jaar) genereren cyclischeplanning (1x jaar) Maatregeltoets
2e/3e kwartaal jaar x begin 4e kwartaal jaar x doorlopend : 1e kwartaal jaar x+1
Integrale afstemming (riolering/groen) planning Afstemming met reconstructie- en andere projecten Planning MJOP jaar x+2 definitief Voorbereiding groot onderhoud Uitvoering groot onderhoud
2e kwartaal jaar x+1 (doorlopend) 3e kwartaal jaar x+1 (doorlopend) 1 oktober jaar x+1 4e kwartaal jaar x+1 / 1e kwartaal jaar x+2 jaar x+2
Tijdpad klein onderhoud Weginspecties (1x per 2 jaar) Bepalen planning jaar x+1 en jaar x+2 (1x per 2 jaar) Voorbereiding klein onderhoud Uitvoering klein onderhoud
2e/3e kwartaal jaar x 4e kwartaal jaar x 4e kwartaal jaar x / 1e kwartaal jaar x+1 2e en 3e kwartaal jaar x+1
Wat betekent dit financieel? Binnen de meerjarenbegroting is voor het onderdeel “verhardingen” een voorziening ingesteld. Deze voorziening (VRZ 571) voorziet erin om langjarig middelen te reserveren en te bestemmen voor (grootschalig) onderhoud aan verhardingen gebaseerd op CROW basis niveau. Daarnaast wordt er zoals hiervoor aangegeven op basis van de BBV geactiveerd ten behoeve van vervangingen en de daaraan gerelateerde opgaven. Met de recent aangepaste verhoging van de jaarlijkse storting in de voorziening is het kapitaalgoed verhardingen voldoende beheerst en in control en de voorziening toereikend tot en met 2026. In onderstaande tabel is het verloop van de voorziening aangegeven. In verband met de lopende onttrekkingen in het huidige jaar is 2022 toegevoegd: Voorziening verhardingen
2022
2023
2024
2025
612.779 €
540.352 €
2026
Beginsaldo 1-1
€ 2.884.420 € 3.385.206 €
467.925
Storting Beschikbaar
€ 10.360.228 € 4.968.749 € 7.668.749 € 7.668.749 € 7.668.749 € 13.244.648 € 8.353.955 € 8.281.528 € 8.209.101 € 8.136.674
Onttrekkingen lopend jaar € -7.741.176 € -7.741.176 € -7.741.176 € -7.741.176 € -7.741.176 Onttrekkingen bestaande werkvoorraad€ -2.118.266 Totaal dotaties
€ 3.385.206 €
4
612.779 €
540.352 €
467.925 €
395.498