aanvullende vragen GL 19 mei 2022.docx
Tekst van het document
2022-05-19 aanvullende vragen die tijdens informatie sessie niet gesteld konden worden: 1) Zijn er -hypothetisch- instrumenten op basis waarvan wij als gemeente kunnen ingrijpen op de kwaliteit van de noodopvang en zo ja op welke gronden zou dat kunnen? Antwoord: Er is een bestuursovereenkomst opgesteld tussen de gemeente en het COA. Daarin zijn afspraken opgenomen over de rolverdeling tussen COA en gemeente ten aanzien van o.a. brandveiligheid en Veiligheid. De bestuursovereenkomst is een (juridisch) instrument om in te kunnen grijpen als het COA niet voldoet aan de gemaakte afspraken. Daarvan is echter formeel geen sprake, het COA houdt zich goed aan alle eisen uit de Bestuursovereenkomst. De verantwoordelijkheid rondom de leefomstandigheden voor de bewoners, ligt bij het COA. De gemeente kan geen nadere eisen ten aanzien van de kwaliteit van de noodopvang stellen. Dat heeft ook te maken met de tijdelijke aard van deze voorziening en het feit dat het een noodvoorziening betreft. Daarnaast is de gemeente geen pandeigenaar, en dus ook vanuit dat perspectief is er geen rol weggelegd voor het stellen van nadere eisen. In formele zin kunnen we dus niet ingrijpen. Omdat zowel het COA als wij het er over eens zijn , dat deze noodvang niet bedoeld is voor langdurig verblijf, zijn we in overleg met COA aan het zoeken naar vervangende huisvesting.
2) Klopt het dat momenteel in Nieuw Mellens 130 bedden bestemd voor Oekraïners leeg staan? En zo ja, is hierover overleg geweest of gaat er overleg komen met het COA om deze op korte termijn te gebruiken voor kwetsbaarste bewoners (gezinnen en kinderen) uit de Leeuwarder Noodopvang? Antwoord: Het klopt niet dat er op dit moment 130 bedden leegstaan in Nieuw Mellens. Er verblijven nu 220 vluchtelingen uit Oekraïne. De totale capaciteit in Nieuw Mellens is 260 bedden. Die plekken zijn hard nodig voor de verwachte opschaling van 2000 naar 3000 bedden voor de regio Fryslan. 3) Klopt het dat er naast asielzoekers inmiddels ook een aantal statushouders in de noodopvang van het WTC zitten? En zo ja, om hoeveel statushouders gaat het? Antwoord: Ja, het klopt dat er statushouders verblijven in het WTC. Er verblijven op dit moment 7 statushouders in het WTC die nog niet gekoppeld zijn aan een gemeente. Daarnaast verblijft er één gezin en één vrouw die wel gekoppeld zijn aan een gemeente en deze maand nog naar reguliere huisvesting gaan. 4) In de media en de procedures horen wij dat doorverwijzing via GZA (moet) gaan. In de informatiebijeenkomst hoorden we het COA zeggen met betrekking tot Psychosociale hulp; “kinderen en iedereen die dat nodig heeft kan dat krijgen”.
Dit staat in schril contrast op ‘Amper psychologische ondersteuning in noodopvang’ zoals blijkt uit verslaglegging in de krant (dd 18 mei) en diverse geluiden die raadsleden bereiken. Is er een manier waarop de gemeente een rol kan spelen in deze patstelling? Zo ja welke? Antwoord: De beoordeling of, en zo ja welke, medische of psychosociale hulp nodig is wordt gedaan door de huisarts van de GZA. De arts maakt hierin een professionele afweging. Wanneer er hulp nodig is, wordt er een doorverwijzing gegeven. Soms blijkt na doorverwijzing dat er een wachtlijst is bij de zorgverlener naar wie wordt doorverwezen, waardoor het langer duurt voordat de hulp start. Het komt ook voor dat de arts constateert dat een doorverwijzing niet passend is omdat het geen oplossing is voor de situatie van de betreffende persoon. Dit kan verschillende redenen hebben.
Soms blijkt hierin mee te spelen dat mensen onjuist verwachtingen hebben van bijv de inzet van medicatie of psychische hulp. Wanneer er om die reden geen doorverwijzing volgt, is dat vaak een teleurstelling. 5) Waarom kan het jongerenwerk van Amaryllis wel aan de slag bij Nieuw Mellens en Oekraïense doelgroep, maar is team statushouders van Amaryllis niet ingezet (of welkom) in de noodopvang? Antwoord: Amaryllis is vanaf het begin ook betrokken bij de noodopvang in het WTC. Eerst vanuit het team opbouwwerk maar ook als snel vanuit het team Inburgering. Er zijn de laatste weken gesprekken geweest tussen COA, Amaryllis en de gemeente Leeuwarden om de werkwijze en de toeleiding naar ondersteuning goed in te regelen. Ondanks het feit, dat de noodopvang een verantwoordelijkheid is van het COA is dit lijntje dus wel gelegd. 6) Klopt het dat in de achterstand bij de huisvestingsverplichting van statushouders in de gemeente Leeuwarden het een rol speelt, dat Vluchtelingen werk niet altijd op het moment van match de benodigde maatschappelijke opvang kan bieden en dat dit in de afgelopen jaren reden is geweest om de huisvesting op zo’n moment niet door te laten gaan? Antwoord: Nee, wij huisvesten iedereen als dat mogelijk is zodra er een woning beschikbaar komt. We kijken wel naar de geschiktheid van de woning om een juiste match te realiseren, zoals een alleenstaande of gezin.
Zeker gezien onze ' achterstand'. Vluchtelingen werk doet de maatschappelijke begeleiding bij huisvesting en helpt de statushouder bij het inrichten van een woning, het aanvragen van financiële ondersteuning zoals rekeningen openen etc. Het contract met VW loopt dit jaar af. Hierdoor loopt er nu een aanbesteding en kan het zijn dat we een nieuwe aanbieder krijgen voor deze taak.