CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Aanvullende toelichting VRF Zienswijze KB 2023-2026 (002).docx

Besluitvorming (raad) 26 januari 2022, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Veiligheidsregio Fryslân: zienswijze Kaderbrief 2023-2026692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanvullende toelichting op de structurele verhoging van de bijdrage aan de VRF. Tijdens de bespreking van het raadsvoorstel Zienswijze Kaderbrief 2023-2026 van de VRF kwam o.a. aan de orde of het rijk wel of geen compensatie geeft voor stijgende kosten (voor o.a. loon- en prijsontwikkeling) en of die eventuele compensatie dan voldoende is of niet. Daarover het volgende. a) Voor de extra kosten van de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek is het antwoord: ja. Daarvoor ontvangen de gemeenten een extra en als zodanig herkenbare bijdrage van het rijk via het Gemeentefonds. Het rijk stort hiervoor dus ook extra geld in het Gemeentefonds. Gemeenten vergoeden de extra kosten voor het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek via de bijdrage aan de VRF en kunnen dat dekken door de extra ontvangst uit het Gemeentefonds. De kostenraming door de VRF is gelijk aan de op provinciaal niveau ontvangen extra middelen uit het Gemeentefonds en die is daarmee dan ook toereikend. Voor zo’n constructie reserveren wij het begrip ‘compensatie van kosten door het rijk’. Bij nader inzien is bij het opstellen van het raadsvoorstel ten onrechte geen rekening gehouden met een voor dit doel aanwijsbare hogere uitkering uit het Gemeentefonds.

Toevallig is de extra bijdrage aan de VRF die gemeente Leeuwarden gaat betalen vrijwel gelijk aan de extra ontvangst uit het Gemeentefonds. Deze compensatie via het Gemeentefonds kan dus ook onvoldoende zijn, maar voor de 'compensatie-vraag' van belang is of er een voor het genoemde doel aanwijsbare en herkenbare geldstroom van het rijk naar de gemeenten gaat. En dat is in dit geval zo. Dus: ja, er is compensatie en die is in dit geval ook toereikend omdat de kostenraming gelijk is aan de extra inkomsten. b) Voor de stijging van loonkosten en de stijging van prijzen ligt het anders en minder rechtlijnig. In zijn algemeenheid geldt dat gemeenten deze kostenstijgingen moeten dekken uit (een stijging van) de eigen inkomsten. Deze eigen inkomsten bestaan in hoofdzaak uit de uitkering uit het Gemeentefonds maar bijvoorbeeld ook uit de opbrengst van de OZB. Verschil met a) is, is dat het rijk voor de loon- en prijsontwikkeling géén extra geld in het Gemeentefonds stort: geen toevoeging dus die hier specifiek voor bedoeld is en ook als zodanig herkenbaar is. Maar het Gemeentefonds groeit ook omdat de rijksuitgaven stijgen: het zg. accres op basis van de 'trap-op, trap-af' systematiek. Die rijksuitgaven kunnen ook stijgen door o.a. loon- en prijsaanpassingen bij het rijk, maar het rijk geeft daarover nooit specifieke informatie.

Uit die algemene groei van het fonds (het accres) moet dus o.a. de stijging van lonen en prijzen gedekt worden door gemeenten. Deze werkwijze noemen wij niet ‘compensatie door het rijk’ omdat er niet een specifieke extra geldstroom aangewezen kan worden die exclusief voor het dekken van deze kostenstijging verstrekt wordt door het rijk aan gemeenten. Het is een onderdeel van de (stijging van de) totale, vrij besteedbare bekostiging van gemeenten door het rijk. Vanwege het feit dat er geen aanwijsbare, extra inkomsten tegenover de hogere lasten door loon- en prijsstijgingen staan, er in de begroting nog geen rekening is gehouden met de extra lasten én omdat deze stijging niet zonder een besluit daartoe kan worden verlaagd, spreken we van een onontkoombare uitzetting of tegenvaller voor de begroting (bij ongewijzigd beleid). Vanwege het voorgaande kan ook niet worden vastgesteld of de groei van het Gemeentefonds door het accres 'voldoende' is voor het dekken van de stijgende lonen en prijzen ook al omdat er meer stijgende lasten uit het accres gedekt moeten worden. Binnen de financiële verhoudingen tussen rijk en gemeenten zou het ook niet passend zijn om over 'voldoende' of 'onvoldoende' te

spreken omdat bijvoorbeeld de hogere loonkosten door gemeenten zelf in belangrijke mate bepaald worden door de cao's die worden afgesloten.

Rekening houdend met de gecorrigeerde bijdrage uit het Gemeentefonds is dan het financieel effect van de Kaderbrief op de begroting en meerjarenraming van de gemeente Leeuwarden: 2023

2024

voorgaand jaar:

2025

2026

-140

-164

-189

loon- en prijsstijging pren. huisbezoek en RVP taakmutatie Gemeentefonds

-137 -86 83

-24

-25

-342

tegenvaller (cumulatief)

-140

-164

-189

-530

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=69644032-c7b1-47ab-8602-a8257a89f5a3