CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

9. best.plan ter vaststelling

Besluitvorming (raad) 27 september 2023, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Leeuwarden - Dorhoutstraat Potmarge'22.177 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

29 (24)

Figuur 4.5: Parkeren tussen de appartementen Conclusie Door realisatie van het project wordt het iets drukker in de buurt. De gevolgen zijn, gezien de verwachte aantallen en de gegeven ontsluitingsstructuur, acceptabel. Het project voorziet in de parkeerbehoefte. Het plan voldoet vanuit het aspect verkeer en parkeren aan een goede ruimtelijke ordening. 4.8

Geluid

Wet- en regelgeving De Wet geluidhinder (Wgh) is van toepassing binnen de van rechtswege aanwezige zone van een (spoor-)weg. Op basis van de Wet geluidhinder heeft een weg een geluidzone, met uitzondering van: • wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied; • wegen waarvoor een maximum snelheid van 30 km per uur geldt. Onderzoek Door Noorman Bouw- en milieu-advies is in februari 2021 een memo opgesteld over de geluidbelasting op de te realiseren grondgebonden woningen en appartementen (bijlage 8). In een aanvullende memo (10 maart 2022) is de geluidsituatie van de 30 km/uur wegen (Achter de Hoven en De Tuinderij) beschouwd (bijlage 9). Wegverkeerslawaai Vanwege het feit dat in de omgeving een regime van 30 km/uur geldt en de relatief gering toename van verkeer als gevolg van het plan, wordt relevante geluidbelasting van deze wegen niet verwacht. De Drachtsterweg is een 50 km/uur weg. Deze weg ligt op een zodanige afstand, met bovendien afschermende bebouwing tussen de weg en het plangebied, dat ook hier aan de voorkeurswaarde voor geluid voldaan wordt. In de aanvullende memo van 10 maart is het woon- en leefklimaat beoordeeld voor het aspect wegverkeerslawaai vanwege de verwachte verkeerstoename voor het wonen aan de Achter de Hoven en De Tuinderij.

30 (24)

- Achter de Hoven De huidige akoestische kwaliteit van de woonomgeving is als overwegend ‘matig’ te beoordelen en ter hoogte van enkele woningen ‘zeer matig’. In de situatie mét bouwplan is voor enkele beoordelingspunten een verschuiving te zien van ‘matig’ naar ‘zeer matig’. Zowel in de referentiesituatie 2034 als de plansituatie 2034 wordt op geen enkel beoordelingspunt een zodanig hoge geluidbelasting berekend dat de akoestische kwaliteit van de woonomgeving als onvoldoende is te karakteriseren. De in de plansituatie 2034 ten opzichte van de referentiesituatie 2034 te verwachten toename van de geluidbelasting (vanwege de verkeersaantrekkende werking van het plan) is op de naar de weg toegekeerde voorgevels van de woningen langs Achter de Hoven ≤ 1 dB. In de praktijk is een dergelijke toename nagenoeg niet waarneembaar. - De Tuinderij Ter hoogte van de woonwagens aan De Tuinderij is zowel in de referentiesituatie 2034 als de plansituatie 2034 sprake van een als ‘goed’ te beoordelen akoestisch woon- en leefklimaat [rekenpunt 08, de Tuinderij 2]. Ten opzichte van de referentiesituatie 2034 neemt in de plansituatie de geluidbelasting met ten hoogste 2 dB toe. Dit is nauwelijks hoorbaar. Langs het wegdeel van De Tuinderij dat is gelegen tussen het plangebied en de kruising met Achter de Hoven neemt de geluidbelasting met 2 tot 3 dB toe.

Er is daarmee sprake van een net hoorbare toename. De totale geluidbelasting is wel lager dan langs Achter de Hoven, dit omdat de totale hoeveelheid verkeer op dit wegdeel lager is. Spoorweglawaai De spoorlijn Groningen – Leeuwarden die noordelijk van het plangebied loopt heeft een geluidproductieplafond van 54 dB met een bijbehorende zonebreedte van 100 m. Met een afstand van ten minste 270 m tussen de spoorlijn en het plangebied ligt het plangebied ruimschoots buiten de zone van de spoorlijn. Het plangebied wordt niet geluidbelast. Industrielawaai De appartementengebouwen binnen liggen (deels) binnen de zonegrens van het in het kader van de Wet geluidhinder gezoneerde industrieterrein ‘Leeuwarden-Oost’. De wettelijk toegestane geluidbelasting, uitgedrukt als Letmaal in dB(A), vanwege het gehele industrieterrein bedraagt op de zonegrens ten hoogste 50 dB(A). Voor nieuw te realiseren woningen binnen de zone van het industrieterrein dient een hogere waarde te worden aangevraagd bij B&W van de gemeente. De maximaal toegestane hogere waarde bedraagt conform de Wet geluidhinder 55 dB(A) etmaalwaarde. Rekening houdend met de ligging van de woontorens ter hoogte van de zonegrens bedraagt de ter plaatse te verwachten geluidbelasting ten hoogste circa 50 tot 51 dB(A). Aan de maximale grenswaarde van 55 dB(A) wordt voldaan.

Geadviseerd wordt om voor de appartementen een hogere waarde van 55 dB(A) etmaalwaarde aan te vragen. Een nader akoestisch onderzoek naar de daadwerkelijke geluidbelasting kan dan verder achterwege blijven. Conclusie Vanwege wegverkeerlawaai, spoorweglawaai kan worden geconcludeerd dat de planlocatie niet relevant geluidbelast wordt. Nader akoestisch onderzoek is niet noodzakelijk. Voor de appartementen wordt geadviseerd een hogere waarde aan te vragen. Als dit advies wordt opgevolgd is nader onderzoek niet nodig.

31 (24)

4.9

Luchtkwaliteit

Wet- en regelgeving In het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (NIBM), is omschreven dat een project ‘niet in betekenende mate’ bijdraagt aan de luchtkwaliteit als het project maximaal 3% van de grenswaarde bijdraagt aan de jaargemiddelde concentratie NO2, PM2,5 en PM10. Dit betekent dat projecten voldoen aan de Wet milieubeheer als de jaargemiddelde concentratie van zowel NO2 als PM2,5 en PM10 met niet meer dan 1,2 μg/m3 toeneemt. Betekenis voor het project In het besluit NIBM zijn categorieën van gevallen aangewezen (bijvoorbeeld: woningen en kantoren) waarvoor vaststaat dat deze niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Voor een plan dat binnen deze categorieën valt, hoeven geen verdere berekeningen te worden uitgevoerd om aan te tonen dat sprake is van een NIBM-situatie en hoeft dus geen onderzoek gedaan te worden naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit. Het planvoornemen behoort tot de categorie kantoren en woningen. Dit is een categorie van aangewezen gevallen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Bovendien geeft de Regeling NIBM kwantitatieve grenzen. Zo is een nieuwbouwproject met maximaal 1500 woningen per definitie NIBM. Het aspect luchtkwaliteit vormt dan ook geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

Conclusie Er is geen sprake van vermindering van de luchtkwaliteit door realisatie van het planvoornemen. Het plan voldoet vanuit het aspect luchtkwaliteit aan een goede ruimtelijke ordening. 4.10

Externe veiligheid

Wet- en regelgeving Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het verminderen en beheersen van risico’s van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen in inrichtingen en tijdens het transport ervan. Op basis van de criteria, zoals onder andere gesteld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (verder: Bevi), worden bedrijven en activiteiten geselecteerd die een risico van zware ongevallen met zich mee (kunnen) brengen. Het beleid voor externe veiligheid heeft tot doel zowel individuele burgers als groepen burgers een minimum beschermingsniveau te bieden tegen een ongeval met gevaarlijke stoffen. Om dit doel te bereiken, zijn gemeenten en provincies verplicht om bij de besluitvorming rondom ruimtelijke plannen de invloed van een risicobron op zijn omgeving te beoordelen. Daartoe wordt in het externe veiligheidsbeleid het plaatsgebonden risico en het groepsrisico gehanteerd: • Het plaatsgebonden risico is de kans dat een persoon die zich gedurende een jaar onafgebroken op een bepaalde plaats bevindt, overlijdt als gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Dit risico wordt per bedrijf vastgelegd in contouren. Er geldt een contour waarbinnen die kans 10-6 (één op 1.000.000) bedraagt. • Het groepsrisico is een berekening van de kans dat een groep personen binnen een bepaald gebied overlijdt ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen.

De oriëntatiewaarde geeft hierbij een indicatie van een aanvaardbaar groepsrisico. Indien een ontwikkeling is gepland in de nabijheid van een risicobron, geldt, afhankelijk van de ontwikkeling, een verantwoordingsplicht voor het toelaten van gevoelige functies.

32 (24)

Onderzoek Raadpleging van de Risicokaart.nl heeft uitgewezen dat zich in en rondom het plangebied geen voorzieningen, inrichtingen en leidingen bevinden die van invloed zijn op het plangebied. Conclusie Vanuit oogpunt van externe veiligheid ondervindt het plangebied geen nadelige gevolgen. 4.11 Kabels en leidingen In bestemmingsplannen worden uitsluitend kabels en leidingen (gas, water, elektra, rioolpersleidingen) opgenomen die ruimtelijke relevantie hebben en/of van belang zijn in het kader van beheer, externe veiligheid of gezondheidsrisico's. Het gaat dan altijd om de hoofdtransportstructuur. In elk bestemmingsplangebied bevinden zich uiteraard ook kabels en leidingen voor distributie en huisaansluitingen, maar die worden niet in het plan opgenomen. Binnen of in de directe omgeving van het plangebied bevinden zich geen kabels en leidingen die onderdeel uitmaken van de hoofdstructuur, waarvan de bescherming van die kabels en leidingen in dit bestemmingsplan opgenomen moet worden. 4.12 Vormvrije m.e.r.-beoordeling In het Besluit milieueffectrapportage zijn activiteiten opgenomen die m.e.r.(beoordelings)plichtig zijn. Het nieuwe bestemmingsplan voorziet in de realisatie van 24 grondgebonden woningen en 50 appartementen.

Deze activiteit wordt genoemd in categorie D 11.2 bij activiteiten: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. De activiteit voldoet echter niet aan de drempelwaarden van de gevallen ‘1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer’ en valt dus onder de drempelwaarde van kolom 2. Indien een activiteit een omvang heeft die onder de drempelwaarden ligt, dan dient op grond van de selectiecriteria in de 'Europese richtlijn milieueffectbeoordeling' te worden vastgesteld of belangrijke nadelige gevolgen van de activiteit voor het milieu kunnen worden uitgesloten, een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.- beoordeling'. Pas als dat het geval is, is de activiteit niet m.e.r.-plichtig. Met gebruik van de beschikbare milieuonderzoeken is in bijlage 10 een vormvrije m.e.r.aanmeldingsnotitie opgesteld die voldoet aan de geldende wet- en regelgeving. Deze notitie gaat in op het plan, de kenmerken van het plangebied en de mogelijke milieueffecten als gevolg van de ontwikkeling. De notitie bevat in tabelvorm de milieueffecten van het planvoornemen.

Doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling is om op objectieve wijze informatie te verzamelen en te presenteren over mogelijk relevantie milieugevolgen van het project. Op basis van de aanmeldingsnotitie kan de gemeente Leeuwarden besluiten of een verdere m.e.r.-procedure al dan niet aan de orde is. Het uitgangspunt hierbij is ‘nee, tenzij’. Dit betekent dat er geen m.e.r. nodig is, tenzij er sprake is van ‘belangrijke nadelige gevolgen’ voor het milieu. De aanmeldingsnotitie concludeert dat, gezien de omvang van de activiteiten in relatie tot de drempelwaarden en te verwachten effecten, belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu uit te sluiten zijn. De gemeente Leeuwarden besluit op basis hiervan dat er geen MER wordt uitgevoerd.

33 (24)

D 11.2

Parkhoven

Kolom 1 Activiteiten De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. Activiteit: woningbouwontwikkeling

Kolom 2 Gevallen In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Geval: voldoet niet aan de drempelwaarde van de genoemde gevallen.

Kolom 3 Plannen De structuurvisie, bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2 en 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening, en het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.

Kolom 4 Besluiten De vaststelling van het plan, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet ruimtelijke ordening dan wel bij het ontbreken daarvan van het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.

Plan: Er wordt geen structuurvisie opgesteld.

Besluit: Planvorming geschiedt door een bestemmingsplan en een wijzigingsplan

34 (24)

5

Juridische toelichting

5.1 Toelichting op het juridisch systeem In voorgaande hoofdstukken is de inpasbaarheid van het plan beschreven door te toetsen aan de milieu- en omgevingsaspecten. In dit hoofdstuk wordt de inhoud van de bestemmingen (de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden) toegelicht en wordt aangegeven hoe het plan juridisch is vertaald. De bepalingen die betrekking hebben op de te onderscheiden bestemmingen, zijn vastgelegd in de regels en op de verbeelding (plankaart). Het bestemmingsplan geeft aan voor welke doeleinden de gronden zijn bestemd. Het bestemmingplan valt onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Het bestemmingsplan is opgezet volgens de wettelijke regelgeving en qua systematiek volgens de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) 2012. Het plan is digitaal raadpleegbaar uitgevoerd. Het digitale plan verschaft de burger 'online' informatie omtrent het bestemmingsplan. Bovendien is de digitale versie bedoeld voor uitwisseling van gegevens binnen de gemeente en met andere overheidsinstanties. 5.2

Toelichting op de regels

De regels zijn vervat in artikelen die onderverdeeld zijn in drie delen: In de Inleidende regels zijn algemene artikelen opgenomen die voor het gehele plan van belang zijn. In artikel 1 zijn omschrijvingen opgenomen van de in het plan voorkomende relevante begrippen. In artikel 2 is vastgelegd op welke wijze dient te worden gemeten. Door deze vaste omschrijving van de begrippen en van de wijze van meten wordt eenduidigheid in de bedoelingen van het plan gegeven en wordt de rechtszekerheid vergroot. In de Bestemmingsregels zijn de bestemmingen en de gebruiks- en/of bebouwingsmogelijkheden van de betreffende gronden aangegeven. De bestemmingen zijn op alfabetische volgorde benoemd. Onderstaand volgt een nadere toelichting op de bestemmingen Groen en Wonen - Woongebouw in de artikelen 3 en 4. In de Algemene regels (artikel 5 tot en met 9) staan artikelen benoemd die voor alle of meerdere bestemmingen gelden. Het betreffen onder andere de voor alle bestemmingen geldende gebruiksregels en de algemeen geldende afwijkingsregels. De algemene afwijkingsregels zorgen voor enige verruiming van de flexibiliteit van het plan. Deze afwijkingen zijn niet specifiek op één bestemming gericht, zij kunnen gebruikt worden ten aanzien van alle bestemmingen. Het gaat hier om ondergeschikte gevallen als het overschrijden van bestemmings- c.q.

bouwgrenzen, mocht een meetverschil daartoe aanleiding geven. Naar aanleiding van de zienswijzen is de mogelijkheid om een bouwwerk, geen gebouw zijnde – bijvoorbeeld een zend- en ontvangstmast - tot een hoogte van 30m te realiseren, komen te vervallen in de bestemming Groen. De overgangs- en slotregels staan in de artikelen 10 en 11. Toelichting op de bestemmingen: Artikel 3 Groen Het groen rondom de appartementengebouwen is in lijn met de groenbestemming van de inbedding van de Potmarge in het bestemmingsplan Achter de Hoven van de bestemming

35 (24)

Groen voorzien. In deze bestemming zijn de ontwikkelingen die het groen kunnen aantasten, zoveel mogelijk beperkt. De bouw van gebouwen, wordt daarom niet toegestaan. Ook het realiseren van parkeervoorzieningen binnen het groen sluit deze bestemming uit. Het aanleggen van paden en speelvoorzieningen en het recreatief medegebruik is wel mogelijk binnen de bestemming. In lijn met de bestemming in het bestemmingsplan Achter de Hoven vallen de wateropvanggebieden binnen deze bestemming. Artikel 6 Wonen - Woongebouw De geplande appartementengebouwen vallen onder de bestemming Wonen Woongebouw. De bouwvlakken geven aan waar de woongebouwen gesitueerd mogen worden. Dit is volgens het stedenbouwkundig plan zoals in voorgaande hoofdstukken beschreven. Op de verbeelding is de maximale bouwhoogte van de gebouwen weergegeven, evenals het maximaal aantal te realiseren woningen. De bouw van aan- en uitbouwen en bijgebouwen is niet toegestaan om de uitstraling van woningen in het groen te behouden. De woonfunctie is de hoofdfunctie binnen de bestemming. Naast het wonen is bij recht een aan-huis-verbonden beroep toegestaan. Er is een oppervlaktebeperking opgenomen (ten hoogste 30% van het oppervlak van een woning, met een maximum van 50 m²) omdat deze functie alleen in combinatie met een woning is toegestaan en niet als zelfstandige functie.

Voor het parkeren tussen de twee woongebouwen is de aanduiding ‘parkeerterrein’ aangegeven. Hiermee is geregeld dat het parkeren uitsluitend daar mag plaatsvinden. De regels uit bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Partiële herziening woningsplitsing en woonzorgfuncties’ (2022) zijn in deze bestemming verwerkt. Hierin staat een verbod op het splitsen of omzetten van woningen. Dit is als strijdig gebruik aangemerkt in deze bestemming.

36 (24)

6

Participatie en overleg

6.1

Participatie

Vooruitlopend op formele bestemmingsplanprocedure is naar aanleiding van de woningbouwplannen Potmargepark op 10 juni 2021 een digitale informatiebijeenkomst gehouden voor de omwonenden, het wijkpanel en de leden van de gemeenteraad. De Ontwikkelaar heeft deze bijeenkomst georganiseerd. Er hebben zich 34 huishoudens uit de omgeving aangemeld. Tijdens deze bijeenkomst zijn omwonenden door de gemeente Leeuwarden geïnformeerd over de voorgeschiedenis, het proces en de te doorlopen procedures. Aansluitend hebben de landschapsarchitect en de architect van de bebouwing hun voorlopige ontwerpen gepresenteerd. Vooraf en tijdens de bijeenkomst hebben omwonenden de gelegenheid gehad om vragen te stellen. Aan het einde van deze bijeenkomst zijn deze beantwoord. Hiervan is verslag gedaan en deze is toegestuurd naar de aanwezigen. Er is tijdens de bijeenkomst afgesproken dat de omwonenden nog tot twee weken na de bijeenkomst schriftelijke reacties konden sturen en de ontwikkelaar vervolgens zou kijken of er iets gedaan kan worden met deze input. Hierop zijn vier reacties binnengekomen. Deze zijn door de gemeente beantwoord. Ook hiervan is verslag gedaan en de beantwoording is verzonden aan de indieners van reacties. Als gevolg van de opmerkingen van omwonenden zijn enkele wijzigingen doorgevoerd in het plan.

Er zijn enkele wijzigingen aangebracht in de positie van de geprojecteerde gebouwen vanwege de afstand van bestaande woningen. Ook in het ontwerp van de openbare ruimte zijn enkele aanvullingen gedaan. Ten behoeve van een goede onderbouwing is het akoestisch onderzoek aangevuld. 6.2 Vooroverleg Instanties die blijkens hun werkterrein, belangen vertegenwoordigen of bevoegdheden krachtens de Wro hebben, worden bij de totstandkoming van bestemmings- en wijzigingsplannen betrokken in het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening (Bro). De gemeente heeft het plan in dit kader toegestuurd aan de Provincie Fryslân, Brandweer Fryslân en Wetterskip Fryslân. De provincie geeft per brief aan geen op- of aanmerkingen ten aanzien van het plan te hebben maar geeft nog wel een suggestie over natuurinclusief bouwen. De brandweer stelt eisen aan bereikbaarheid voor bluswagens en beschikbaarheid van bluswater. Het Wetterskip heeft in de reactie per mail enkele vragen over de uitvoering gesteld en aangegeven dat de compensatieopgave goed is verwerkt in het plan. De reacties als bijlage 11 bij deze bestemmingsplantoelichting gevoegd. Het vooroverleg heeft niet tot wijzigingen aan het plan geleid. Onderstaand een beknopt verslag: Provincie Fryslân De provincie vraagt om in het ontwerp rekening te houden met natuurinclusief bouwen en geeft daarbij enkele suggesties.

Gewezen wordt op de ‘40 punten checklist’ van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging en de provinciale ecoloog is bereid hierover te adviseren. De mogelijkheid van natuurinclusief bouwen is met initiatiefnemer besproken. Deze heeft aangegeven hieraan zeker gehoor te geven en bij de nadere detaillering van de gebouwen en inrichting van het gebied, elementen ten behoeve van de natuur toe te voegen waar mogelijk.

37 (24)

Brandweer Friesland De reactie van de brandweer betreft een advies op grond van de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) in relatie tot omgevingsveiligheid en de brandweerzorg. De brandweer heeft geen bezwaar tegen het plan maar noemt wel enkele aandachtspunten over opstelplaatsen voor blusvoertuigen, bluswatercapaciteit en het aantal brandkranen. Naar aanleiding van het advies van de brandweer heeft inmiddels nader overleg plaatsgevonden en zijn afspraken gemaakt over de door de brandweer aangegeven aandachtspunten. De benodigde voorzieningen voor de (brand)veiligheid behoeven geen planologische vertaling en kunnen zonder meer aangelegd worden binnen de bestemmingen van zowel de gebouwen als de openbare ruimte. Bij de uitvoering van het project wordt invulling gegeven aan de te nemen maatregelen, zoals opstelplaatsen en bluswatervoorziening met voldoende capaciteit. Dit stelt mogelijk eisen aan het gemeentelijke onderhoud. Hierover vindt overleg voor realisatie van het plan. Wetterskip Fryslân Het Wetterskip stelt in de reactie een drietal vragen: De eerste vraag luidt of er gebruik wordt gemaakt van half verharding of waterdoorlatende bestrating. Hierop is het antwoord dat onderzocht wordt om in het openbaar gebied waterdoorlatende bestrating toe te passen. Voor de particuliere parkeerterreinen is initatiefnemen voornemens waterdoorlatende bestrating toe te passen.

De tweede vraag luidt of de bestemming Groen ook de aanleg van water mogelijk maakt. Dat is het geval. Binnen de bestemming is in de bestemmingsomschrijving ‘water’ opgenomen. De waterberging bevindt zich binnen deze bestemming. Met een inzijging van K=3 zal deze meestal het regenwater opnemen, echter een slokop zorgt er voor dat bij forse buien het overtollige water naar de Potmarge wordt afgevoerd. Tot slot stelt het Wetterskip de vraag of de compensatie voor beide locaties wordt gezocht bij de Smedinglocatie. De compensatie van verharding ziet er goed uitziet volgens het Wetterskip. Hierbij kan nog worden opgemerkt dat de parkeerplaatsen bij de appartementen ook waterdoorlatende verharding wordt toegepast en het hemelwater wordt afgevoerd naar een blusriool (met enige doch beperkte bergingscapaciteit). 6.3 Het vervolg Nu het vooroverleg is afgerond heeft de gemeente het ontwerp bestemmingsplan overeenkomstig afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode kon iedereen zienswijzen indienen. Hiervan is gebruik gemaakt en het college heeft een reactie gegeven. Het verslag is te lezen in bijlage 13, Reactie- en antwoordnota zienswijzen. Hierin is aangegeven welke wijzigingen zijn doorgevoerd in het wijzigingsplan. De zienswijzen betrekt de raad bij de vaststelling van het bestemmingsplan.

Na vaststelling is het mogelijk in beroep te gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Na de beroepstermijn treedt het plan in werking en is onherroepelijk als er geen beroep wordt ingesteld. Als er wel beroep wordt ingesteld wordt het plan pas na de uitspraak van de Raad van State onherroepelijk maar treedt wel eerder in werking.

38 (24)

7

Uitvoerbaarheid

7.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid De omgeving is nadrukkelijk betrokken bij dit initiatief (zie ook paragraaf 6.1). Vroegtijdig zijn de omwonenden geïnformeerd over het plan door middel van een informatiebijeenkomst. Naar aanleiding van deze bijeenkomst is door omwonenden een aantal kritische reacties ingediend. De indieners van deze reacties hebben hierop schriftelijk een antwoord ontvangen, zie bijlage 12. Daarbij is aangegeven dat de gemeente beschikbaar is voor vragen of opmerkingen. Met een aantal omwonenden heeft nog nader overleg plaatsgevonden en op verzoek is aan diverse bewoners nog nadere informatie verstrekt. Hiermee is het plan in het kader van de maatschappelijke uitvoerbaarheid in voldoende mate gecommuniceerd met de omwonenden en belanghebbenden, zodat het ter visie leggen van het voorontwerpbestemmingsplan achterwege kan blijven. Het voorontwerpplan is wel voorgelegd aan de overlegpartners in verband met het vooroverleg (zie paragraaf 6.2) en het ontwerpbestemmingsplan heeft ter voorbereiding op de vaststelling zes weken ter visie gelegen. 7.2 Financiële uitvoerbaarheid De grond wordt aangekocht door initiatiefnemer Slokker B.V. De kosten voor de realisering van het plan en de inrichting van het plangebied komen geheel ten laste van de initiatiefnemer.

De garantie op een goede kwaliteit openbare werken en voorzieningen is opgenomen in de door initiatiefnemen en de gemeente gesloten anterieure exploitatieovereenkomst volgens art. 6.24 Wro. Hierin wordt ook de overdracht van de openbare ruimte naar de gemeente geregeld. Hiermee is de economische uitvoerbaarheid van het project voldoende gewaarborgd. Planschade wordt in beginsel toegekend door het besluitvormend orgaan aan degenen die waardevermindering van onroerend goed ondervinden ten gevolge van het besluit tot afwijken van het bestemmingsplan. De grondslag voor deze planschaderegeling wordt gegeven in artikel 6.1 Wro. In artikel 6.4 onder a Wro is bepaald dat de gemeente de mogelijkheid heeft om met de initiatiefnemer een overeenkomst te sluiten ten aanzien van planschade.

39 (24)

Bestemmingsplan Leeuw arden - Dorhoutstraat Potmargepa rk Pagina 44 van 302

Bijlagen toelichting

Bestemmingsplan Leeuw arden - Dorhoutstraat Potmargepa rk Pagina 45 van 302

Bijlage 1 Samenvatting bodemonderzoeken

Bestemmingsplan Leeuw arden - Dorhoutstraat Potmargepa rk Pagina 46 van 302

Notitie Onderwerp: Samenvatting bodemonderzoeken Smedingterrein/Parkhoven te Leeuwarden Projectnummer: 370741 Datum: 19-03-2021

Smedingterrein

Locatie De locatie betreft het perceel Achter de Hoven 200 te Leeuwarden (“Smedingterrein”). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Leeuwarden, sectie G, nummer 16648 en heeft een oppervlakte van circa 11.590 m2. De locatie is vanaf begin jaren ’60 tot 2017 bebouwd geweest (kassencomplex). Momenteel is de locatie braakliggend. Het noordelijke deel van de locatie betreft een puinpad. De locatie is in figuur 1 in blauw weergegeven.

Figuur 1: locatie Smedingterrein

Voorgaande onderzoeken Op de locatie zijn de volgende onderzoeken uitgevoerd: • • • • • •

Historisch vooronderzoek Achter de Hoven 200 te Leeuwarden, ReGister, kenmerk 01011, maart 2001; Verkennend bodemonderzoek Achter de Hoven 200 te Leeuwarden, CSO-Milfac, kenmerk 04.H002.02, d.d. 16 februari 2004; Verkennend bodemonderzoek en verkennend en nader asbestonderzoek Achter de Hoven 200 te Leeuwarden, CSO-Milfac, kenmerk 13F019.R01, d.d. 28 juni 2013; Nader bodemonderzoek Achter de Hoven 200 te Leeuwarden, CSO-Milfac, kenmerk 13F215.R01, d.d. 2 september 2013; Aanvullend bodem- en verkennend waterbodem- en asbestonderzoek Achter de Hoven 200 te Leeuwarden, LievenseCSO, d.d. 29 maart 2017; Bodemonderzoek PFAS ten behoeve van project Parkhoven te Leeuwarden, Sweco Nederland B.V., projectnummer 269828, d.d. 29 oktober 2019.

Verontreinigingssituatie Uit bovengenoemde rapporten blijkt het volgende. Ter plaatse van het westelijke deel van het puinpad is een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest aanwezig (traject 0,04 – 0,25 m -mv). De grond onder het puinpad is licht tot sterk verontreinigd met zware metalen (met name lood) en PAK.

Ter plaatse van één boring (G25) werd in eerste instantie een sterk verhoogd loodgehalte in de grond aangetoond. In het nader onderzoek is deze sterke loodverontreiniging niet aangetroffen. Tijdens het nader onderzoek werd in deze boring ten hoogste een matig verhoogd loodgehalte aangetoond. Op de rest van het terrein zijn ten hoogste licht tot matig verhoogde gehalten zware metalen, PAK, minerale olie en/of hexachloorbenzeen aangetoond. Met betrekking tot PFAS voldoet de bovengrond aan hergebruiksklasse Wonen/Industrie. In het grondwater zijn ten hoogste licht verhoogde concentraties barium, molybdeen, xylenen en vinylchloride aangetoond. In onderstaande figuur is de globale verontreinigingssituatie in de grond weergegeven.

Figuur 2: globale verontreinigingssituatie grond

Kadastraal perceel gemeente Leeuwarden, sectie G, nummer 16650

Locatie De locatie betreft een ten noorden van de Potmarge en ten westen van de Huizemerstraat/het Sanatoriumpad terrein. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Leeuwarden, sectie G, nummer 16650 en heeft een oppervlakte van 894 m2. In het verleden (vanaf circa 1961) is op de locatie een opstal aanwezig geweest welke vóór 2013 is afgebrand. Momenteel is de locatie braakliggend en sterk begroeid. De locatie is in figuur 3 in blauw weergegeven.

Figuur 3: locatie perceel Leeuwarden G 19950

Voorgaande onderzoeken Op de locatie is het volgende onderzoek uitgevoerd: •

Verkennend bodemonderzoek locatie Achter de Hoven, Grontmij Nederland B.V., projectnummer 332721, d.d. 30 september 2013.

Verontreinigingssituatie Uit bovengenoemd rapport blijkt het volgende. In de opgeboorde grond van 0,0 – 1,0 m -mv zijn brokken stenen, brokken baksteen en resten puin aangetroffen. In de bodem op de locatie is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. In de bovengrond is een licht verhoogd gehalte aan molybdeen aangetoond. In ondergrond is een licht verhoogd gehalte aan PCB aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties barium, xylenen en naftaleen aangetoond.

Parkhoventerrein

De locatie betreft een ten noorden van het Potmargepaad en ten oosten van de Huizemerstraat/het sanatoriumpad terrein. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Leeuwarden, sectie G, nummer 16833 (ged.) en heeft een oppervlakte van circa 7.000 m2. Momenteel is de locatie braakliggend. De locatie is in figuur 4 (geel omlijnd) weergegeven.

Figuur 4: locatie Parkhoventerrein

Voorgaande onderzoeken Op (een deel van) de locatie zijn de volgende onderzoeken uitgevoerd: • • • • • •

Verkennend bodemonderzoek NEN 5740, Achter de Hoven, Grontmij Nederland B.V., projectnummer 358254, d.d. 15 mei 2013; Partijkeuring conform Besluit bodemkwaliteit ex situ bodemklassebepaling van een partij grond ter plaatse van Parkhoven te Leeuwarden (zuidelijk deel), Sweco Nederland B.V., projectnummer 341068, d.d. 13 juni 2018; Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) locatie Parkhoven (terrein zuid) te Leeuwarden, Sweco Nederland B.V., projectnummer 341068, d.d. 12 november 2018; Verkennend bodemonderzoek asbest locatie Parkhoven (terrein zuid) te Leeuwarden, Sweco Nederland B.V., projectnummer 341068, d.d. 14 november 2018; Nader bodemonderzoek asbest naar de omvang van de verontreiniging locatie Parkhoven zuid te Leeuwarden, Sweco Nederland B.V., projectnummer 341068, d.d. 5 maart 2019; Bodemonderzoek PFAS ten behoeve van project Parkhoven te Leeuwarden, Sweco Nederland B.V., projectnummer 269828, d.d. 29 oktober 2019.

Daarnaast is op de locatie een bodemsanering uitgevoerd: • •

Melding Immobiel BUS-sanering d.d. 29 maart 2019; Evaluatie Immobiel BUS-sanering d.d. 22 mei 2019 2019.

Verontreinigingssituatie Uit bovengenoemde rapporten blijkt het volgende. In 20218 was op de locatie een puinhoudend gronddepot aanwezig (circa 114 m3). Uit de partijkeuring bleek dat de grond voldeed aan bodemkwaliteitsklasse “Industrie” en dat er geen asbest in het depot werd aangetroffen. Het depot is inmiddels verwijderd. Tijdens de uitgevoerde bodemonderzoeken zijn in de boven- en ondergrond bijmengingen met puin en baksteen aangetroffen. In de boven- en ondergrond zijn licht verhoogde gehalten aan kwik, zink en PAK aangetoond. Voor lood en koper zijn matig verhoogde gehalten aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties barium en naftaleen aangetoond. Tijdens het bodemonderzoek naar asbest in 2018 zijn op het maaiveld stukjes asbesthoudend plaatmateriaal aangetroffen. Deze zijn ten behoeve van het onderzoek van de locatie verwijderd. In één asbestgat werd in de grond een sterk verhoogd asbestgehalte aangetoond (circa 15 m3) . Deze asbestverontreiniging is middels een BUS-sanering verwijderd. In onderstaande figuur is de ontgravingscontour weergegeven.

Figuur 5: ontgravingscontour asbestsanering

Bijlage 2 Notitie indicatieve partijkeuring bodem Smedningllocatie

Bestemmingsplan Leeuw arden - Dorhoutstraat Potmargepa rk Pagina 52 van 302

Notitie indicatieve partijkeuring Smedingterrein te Leeuwarden Onderwerp: Indicatieve partijkeuring Smedingterrein Leeuwarden Projectnummer: 51001601 (370741) Referentienummer: NL21-648800269-652 Datum: 06-07-2021

1

Uitgevoerde werkzaamheden

1.1 Aanleiding Slokker Vastgoed BV wil op het Smedingterrein een ontwikkeling laten plaatsvinden. In het verleden is deze grond onderzocht en daaruit bleek dat de kwaliteit van de bodem de klasse ‘industrie’ betreft. De gewenste ontwikkeling heeft een bodemkwaliteit nodig die valt in klasse ‘wonen’. De opdrachtgever wil onderzoeken of door het zeven van de grond de kwaliteit kan worden verbeterd van ‘industrie’ naar ‘wonen’. 1.2 Veldbezoek Op maandag 28 juni 2021 is, ter plaatse van de betreffende locatie, een terreininspectie uitgevoerd door Sweco Nederland B.V. (de heren P. Hemmen en P. Vriese). Op de locatie is een grondzeef aanwezig, welke grond aan het zeven is. De grond is afkomstig uit drie inspectiegaten in het noordwesten van het terrein. In Bijlage 1 is een kaartje weergegeven waarop de inspectiegaten zijn weergegeven en zijn foto’s van inspectiegaten opgenomen. Op het terrein zijn verder verschillende stapels met puin te vinden met o.a. een (deels verbrande) tank en een dranghek. Rondom de stapels lijkt het maaiveld schoon van puin. Deze zijn wat verder gelegen van de inspectiegaten. Zie ook de afbeeldingen in Bijlage 2 1.3 Grondmonsters De grond wordt gezeefd door gebruik te maken van een trommelzeef. Hierdoor ontstaan twee partijen grond, te weten die met zeeffractie en het residu. Uit deze partijen zijn op basis van steekproeven grondmonsters genomen.

Van deze grondmonsters is per partij in het veld één mengmonster samengesteld. In Bijlage 3 is de partij van het residu in beeld gebracht. Zichtbaar zijn verschillende puinresten en grote stukken organisch materiaal. 1.4 Laboratoriumonderzoek De twee mengmonsters zijn in het laboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. geanalyseerd op het standaardpakket voor grond en asbest. Het standaard pakket voor grond bestaat uit droge stof, lutum, organische stof, zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PAK (10 van VROM), Polychloorbifenolen (PCB, 7 stuks) en minerale olie (GC). De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS 3000 richtlijn. 1.5 Resultaten en toetsing De analyseresultaten met betrekking tot de chemische parameters zijn indicatief getoetst aan de toetsingswaarden van de Regeling bodemkwaliteit, behorend bij het Besluit Bodemkwaliteit. Middels deze toetsing wordt de grond ingedeeld in een hergebruiksklasse. De hergebruiksklassen zijn als volgt:

Sweco Rozenburglaan 11 9727 DL Groningen Postbus 7057 9701 JB Groningen

T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl

Sweco Nederland B.V. Adviseur Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt

Patrick Vriese

M +31 6 82 29 23 30 1 (2)

Altijd toepasbaar

klasse Wonen

interventiewaarde

waarde industrie

(lokale) maximale

waarde wonen

(lokale) maximale

achtergrondwaarde Standaardparameters

klasse industrie

Niet toepasbaar

Nooit toepasbaar

Maximale

emmissiewaarde

In grootschalige bodemtoepassing

Niet

Verhoogd

Matig verhoogd

hechtgebonden

100 mg/kg ds gg

50 mg/kg ds gg

0 mg/kg ds gg

Sterk verhoogd

Sterk verhoogd

100 mg/kg ds gg

verhoogd hechtgebonden

Asbest in grond en puin

1000 mg/kg ds gg

Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is met betrekking tot asbest, is de interventiewaarde asbest vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013. De met dit onderzoek verkregen asbestgehalten, moeten beschouwd worden als indicatieve gehalten. De toetsingsmogelijkheden asbest zijn als volgt:

In zowel het monster van de gezeefde grond en die van het residu is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. Uit de toetsing blijkt dat zowel de gezeefde grond als het residu indicatief voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse “Wonen”. Het analyserapport is bijgevoegd in bijlage 4 en het toetsingsrapport is bijgevoegd in bijlage 5.

2 (4)

2

Conclusie en aanbevelingen

Uit de indicatieve partijkeuring ter plaatse van het Smedingterrein te Leeuwarden blijkt dat zowel de gezeefde grond als het residu uit de zeef indicatief voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse “Wonen”. Dit in tegenstelling tot wat blijkt uit eerder onderzoek. Het verschil is mogelijk te verklaren doordat tijdens onderhavig onderzoek door het ontgraven van een relatief groot gedeelte van de locatie en het uitvoeren van de zeving een homogener mengmonster is samengesteld. Aanbevolen wordt één of meerdere AP04-partijkeuringen op de locatie uit te voeren. Door het uitvoeren van een AP04-partijkeuring worden op basis van twee keer minimaal 50 grepen per maximaal 10.000 ton twee mengmonsters samengesteld. Op deze wijze wordt ook een homogeen mengmonster samengesteld dat een beter beeld creëert van de totale hoeveelheid af te voeren grond.

3 (4)

Verantwoording Titel

Indicatieve partijkeuring Smedingterrein Leeuwarden

Projectnummer

51001601 (370741)

Referentienummer

51001601 (370741)

Revisie

D1

Datum

06-07-2021

Auteur

Patrick Vriese

E-mailadres

patrick.vriese@sweco.nl

Gecontroleerd door

Marijn Hilbrandie

Paraaf gecontroleerd

Goedgekeurd door

Hilde Boon

Paraaf goedgekeurd

Klik of tik om tekst i n te voeren.

4 (4)

Bijlage 1

Foto’s inspectiegaten

Bijlage 2

Foto’s maaiveld (zintuiglijke waarneming)

Bijlage 3

Foto’s zeefresidu

Bijlage 4

Analysecertificaten

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

Sweco Groningen Patrick Vriese Postbus 7057 9701 JB GRONINGEN

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer

Blad 1 van 7

: Zeefproef smedingterrein. : 51001601 : 13489662, versienummer: 1. : NSFYATS1

Rotterdam, 29-06-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 51001601. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 7 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002

Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 Zeeffractie potj Zeeflocatie (0-1) MM2 Residu potje Zeeflocatie (0-1)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 77.1 <1 geen

Ja 74.5 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

3.7

5.0

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

12

12

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

41 0.28 3.4 19 0.14 64 0.56 9.8 99

49 0.37 3.5 22 0.17 76 0.86 10 120

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.15 antraceen mg/kgds S 0.06 fluoranteen mg/kgds S 0.46 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.25 chryseen mg/kgds S 0.19 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.13 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.25 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.17 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.14 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 1.807 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds

S S S S S S S S

<1 <1 1.5 1.2 <1 1.1 <1 1) 6.6

002

<0.01 0.11 0.04 0.27 0.18 0.14 0.12 0.21 0.15 0.13 1) 1.357

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 3 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002

Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 Zeeffractie potj Zeeflocatie (0-1) MM2 Residu potje Zeeflocatie (0-1)

Analyse

Eenheid

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

Q

001

002

S

<5 <5 13 16 30

<5 <5 12 10 20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 5 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

barium

Grond (AS3000)

cadmium

Grond (AS3000)

kobalt

Grond (AS3000)

koper

Grond (AS3000)

kwik

Grond (AS3000)

lood

Grond (AS3000)

molybdeen

Grond (AS3000)

nikkel

Grond (AS3000)

zink

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28

Grond (AS3000)

Grond: conform NEN-EN 16179. Grond (AS3000): conform NEN-EN 16179 Grond: Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934. Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-EN-ISO 17294-2) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

PCB 52

Grond (AS3000)

PCB 101

Grond (AS3000)

PCB 118

Grond (AS3000)

PCB 138

Grond (AS3000)

PCB 153

Grond (AS3000)

PCB 180

Grond (AS3000)

som PCB (7) (0.7 factor)

Grond (AS3000)

totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000)

Grond (AS3000)

Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 en conform NEN-EN-ISO 16703

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 002

Y8821979 Y8824162

23-06-2021 23-06-2021

22-06-2021 22-06-2021

ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 6 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Monsternummer:

001

Monster beschrijvingen

MM1 Zeeffractie potjZeeflocatie (0-1)

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 7 van 7

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489662 - 1

Monsternummer:

002

Monster beschrijvingen

MM2 Residu potjeZeeflocatie (0-1)

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

Sweco Groningen Patrick Vriese Postbus 7057 9701 JB GRONINGEN

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer

Blad 1 van 5

: Zeefproef smedingterrein. : 51001601 : 13489663, versienummer: 1. : 7B8JFCGT

Rotterdam, 29-06-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 51001601. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 5 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 5

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489663 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Asbestverdachte grond AS3000 Asbestverdachte grond AS3000

MM1 Zeeffractie Asbe Zeeflocatie (0-1)

002

Analyse

MM2 Residu Asbest Zeeflocatie (0-1)

Eenheid

Q

VOORBEREIDENDE RESULTATEN totaal aangeleverd monster kg in behandeling genomen kg gewicht Mengmonster samengesteld totaal gewicht <20 mm na g drogen droge stof gew.-% KWANTITATIEF ASBESTONDERZOEK gemeten totaal mg/kgds asbestconcentratie gemeten hechtgebondenmg/kgds asbestconcentratie mg/kgds gemeten niethechtgebondenasbestconcentratie ondergrens (95% mg/kgds betrouwb.interval) bovengrens (95% mg/kgds betrouwb.interval) gemeten hechtgebonden mg/kgds Serpentijn-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden mg/kgds Serpentijn-asbestgehalte gemeten hechtgebonden mg/kgds Amfibool-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden mg/kgds Amfibool-asbestgehalte berekende bepalingsgrens mg/kgds gewogen asbestconcentratie mg/kgds

001

002

14.00 14.00

13.74 13.74

nee 10711

nee 10503

76.5

76.8

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S

<2

<2

S S

0.8 <2

1.1 <2

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 3 van 5

Analyserapport Sweco Groningen Patrick Vriese Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 25-06-2021 Startdatum 25-06-2021 Rapportagedatum 29-06-2021

Zeefproef smedingterrein. 51001601 13489663 - 1

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

totaal aangeleverd monster

Asbestverdachte grond AS3000

totaal gewicht <20 mm na drogen

Asbestverdachte grond AS3000

droge stof

Asbestverdachte grond AS3000

gemeten totaal asbestconcentratie ondergrens (95% betrouwb.interval) bovengrens (95% betrouwb.interval) gemeten hechtgebonden Serpentijn-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden Serpentijn-asbestgehalte gemeten hechtgebonden Amfibool-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden Amfibool-asbestgehalte berekende bepalingsgrens

Asbestverdachte grond AS3000

Conform AS3070-1 en conform NEN 5898 Idem Idem Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Asbestverdachte grond AS3000

Idem

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 002

E1884646 E1884645

23-06-2021 23-06-2021

25-06-2021 22-06-2021

ALC291 ALC291

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

SGS rapportnummer

13489663 - 1

Blad 4 van 5

SGS rapportnummer

13489663 - 1

Blad 5 van 5

Bijlage 5

Toetsing volgens BoToVa, module T.1-Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem

(Toetsversie 3.0.0, toetskader BBK, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 30-06-2021 - 10:25)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie

51001601 Zeefproef smedingterrein. MM1 Zeeffractie pot Grond (AS3000) Klasse wonen

Analyse

Eenheid SR

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

% g %

BT

BC

Ja 77.1 77.1 <1 Geen 3.7 3.7

-

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS 12 METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

BI

12

41 70.6 -0.28 0.391<=AW-0.02 3.4 5.71 <=AW-0.05 19 28 <=AW-0.08 0.14 0.171WO 0.00 64 82.8 WO 0.07 0.56 0.56 <=AW0.00 9.8 15.6 <=AW-0.30 99 151 WO 0.02

POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 ug/kg PCB 52 ug/kg PCB 101 ug/kg PCB 118 ug/kg PCB 138 ug/kg PCB 153 ug/kg PCB 180 ug/kg som PCB (7) (0.7 factor) ug/kg

<1 <1 1.5 1.2 <1 1.1 <1 6.6

1.89 1.89 4.05 3.24 1.89 2.97 1.89 17.8 <=AW

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<5 <5 13 16 30

9.46 -9.46 -35.1 -43.2 -81.1 <=AW-0.02

Monstercode 13489662-001 13489662-002

Monsteromschrijving MM1 Zeeffractie potj Zeeflocatie (0-1) MM2 Residu potje Zeeflocatie (0-1)

SR

BT

BC

Ja 74.5 74.5 <1 Geen 5.0 5

-

12

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg <0.010.007 fenantreen mg/kg 0.15 0.15 antraceen mg/kg 0.06 0.06 fluoranteen mg/kg 0.46 0.46 benzo(a)antraceen mg/kg 0.25 0.25 chryseen mg/kg 0.19 0.19 benzo(k)fluoranteen mg/kg 0.13 0.13 benzo(a)pyreen mg/kg 0.25 0.25 benzo(ghi)peryleen mg/kg 0.17 0.17 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg 0.14 0.14 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg 1.8071.81 WO 0.01

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

51001601 Zeefproef smedingterrein. MM2 Residu potje Grond (AS3000) Klasse wonen

-

BI

12

49 84.4 -0.37 0.493<=AW-0.01 3.5 5.88 <=AW-0.05 22 31.4 <=AW-0.06 0.17 0.206WO 0.00 76 96.4 WO 0.10 0.86 0.86 <=AW0.00 10 15.9 <=AW-0.29 120 180 WO 0.07 <0.010.007 0.11 0.11 0.04 0.04 0.27 0.27 0.18 0.18 0.14 0.14 0.12 0.12 0.21 0.21 0.15 0.15 0.13 0.13

-

1.3571.36 <=AW0.00 <1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

1.4 1.4 1.4 1.4 1.4 1.4 1.4 9.8

<=AW

<5 <5 12 10 20

7 7 24 20 40

----<=AW-0.03

-

Verklaring kolommen SR Resultaat op het analyserapport BT Berekend toetsresultaat (omgerekend naar standaard bodem). Bij organische stof en lutum staan de voor de toetsing gebruikte waarden. BC Toetsoordeel BI SGS berekende BodemIndex waarde: =(BT - (S of AW) ) / (I - (S of AW) ) Verklaring toetsingsoordelen Geen toetsoordeel mogelijk -Heeft geen normwaarde, zorgplicht van toepassing --Interventiewaarde ontbreekt, zorgplicht van toepassing # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat + De normen voor barium zijn ingetrokken. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte door het bevoegd gezag worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 625 mg/kg d.s (waterbodem) en de interventiewaarde voor landbodem van 920 mg/kg (landbodem). ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd.

<=AW Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde WO Wonen IN Industrie ,zp Interventiewaarde ontbreekt, zorgplicht van toepassing. >I Groter dan interventiewaarde >(ind)I INEV (Indicatieve interventiewaarde) wordt overschreden somIW>1 Interventiewaarde wordt overschreden door som fractie interventiewaarde > 1 (interventie factor) ^ Enkele parameters ontbreken in de som NT>I Niet toepasbaar > interventiewaarde NT Niet toepasbaar BT/BC gemiddelde op basis van standaard bodemtype (humus 10% en lutum 25%) gem Kleur informatie Rood overschrijding klasse B / Interventiewaarde, nooit toepasbaar Oranje >= Tussenwaarde (BI ligt tussen 0.5 en 1) of groter dan de B waarde (component niveau) Klasse wonen of klasse industrie (monsterniveau) Blauw >= Achtergrond waarde, industrie of wonen op component niveau

Bijlage 3 Archeologisch onderzoek Parkhoven Leeuwarden

Bestemmingsplan Leeuw arden - Dorhoutstraat Potmargepa rk Pagina 78 van 302

Rapport Projectnummer: 370741/ 51001601 Referentienummer: NL21-648800269-7664 Datum: 19-10-2021

Archeologisch onderzoek plangebied Parkhoven te Leeuwarden, gemeente Leeuwarden Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2457

Status: Definitief

Sweco Rozenburglaan 11 9727 DL Groningen Postbus 7057 9701 JB Groningen Nederland

T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl

Sweco Nederland B.V. Team Heritage Consultancy Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt

Dagmar Ewolds Adviseur Archeologie M +31 6 51 35 57 24

Verantwoording Titel Subtitel

Archeologisch onderzoek plangebied Parkhoven te Leeuwarden, gemeente Leeuwarden Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2457

ISSN-nummer

2468-4813

Projectnummer

370741/51001601

Referentienummer

NL21-648800269-7664

Revisie

D1

Datum

19-10-2021

Auteur

Dagmar Ewolds KNA archeoloog en prospector (actornummer 54425479)

E-mailadres

Dagmar.ewolds@sweco.nl

Gecontroleerd door

Jan Jaap Hekman senior KNA archeoloog (actornummer 64229705)

Paraaf gecontroleerd

Goedgekeurd door

Jeroen van Rooij MA Teammanager

Paraaf goedgekeurd

Sweco voert archeologisch onderzoek uit onder procescertificaat SIKB BRL 4000 ’Archeologie’ (versie 4.1) en de protocollen 4001, 4002, 4003 en 4004. De archeologische werkzaamheden worden uitgevoerd in overeenstemming met de Kwaliteitsnorm van de Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1).

2 (28)

Administratieve gegevens Uitvoerder

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=e782f644-f076-436b-ad4f-58fe78977553