CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-05-19 Beantwoording nagekomen vragen informatiebijeenkomst Jeugdzorg 14 mei 2025

Informatieve bijeenkomst - raadzaal 14 mei 2025, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Vragenronde2.848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording nagekomen vragen informatiebijeenkomst Jeugdzorg 14 mei 2025

ChristenUnie: 1. JHF: waarin verschilt de aanpak van Heppie Thuis t.o.v. wat er nu al wordt gedaan? Vanuit het verleden zijn we meer geneigd naar het probleemgedrag van de jeugdige te kijken, dat centraal te stellen en dit te begrijpen vanuit de verklarende analyse (integratieve beeld) die wordt opgesteld. Heppie (t)Huis inspireert ons om het gedrag meer te begrijpen vanuit de context van de jeugdige zelf. De vraag is hoe de context om de jongere heen veranderd kan worden, zodat zij het beschermgedrag (wat we vaak labelen als probleembedrag) niet meer in hoeven te zetten. Dit vraagt om meer reflectie op het eigen handelen van de jeugdzorgwerker. Een belangrijke vraag daarin is, wat vraagt deze situatie nu van mij als opvoeder? We voeden op, overspoelen jeugdigen met meer positieve aandacht. Ook staan ouders meer centraal, we werken meer samen, meer systeemgericht. 2. JHF: Hoe kijkt JHF naar financiering op basis van Lumpsum voor de specialistische jeugdhulp? Wij denken dat een (tijdelijke) lumpsumfinanciering (gegarandeerd budget voor een langere periode met afspraken over het aantal cliënten dat naar tevredenheid wordt geholpen) organisaties kan helpen bij het transformeren. Een gegarandeerd budget voor een langere periode maakt het eenvoudiger om een langetermijnstrategie te ontwikkelen en uit te voeren.

Hierdoor wordt het risico dat een beroep moet worden gedaan op extra middelen verkleind. In de zomer 2024, toen wij voorzagen dat aanvullende middelen noodzakelijk zouden zijn, hebben wij deze mogelijkheid van financiering voorgelegd bij de centrumgemeente. Wij hebben begrepen dat dit niet mogelijk is binnen de huidige financiering en ook vanwege het gelijkheidsbeginsel/marktprincipe. Via de zorgkantoren worden in de WLZ wel uitzonderingen gemaakt om systeemorganisaties op een andere manier te financieren. We willen benadrukken dat de financiële situatie van JHF niet op zichzelf staat. JHF is een van de 18 integrale jeugdhulpaanbieders die het financieel zwaar hebben en waarbij de Jeugdautoriteit betrokken is. Een lumpsumfinanciering zou ook andere specialistische jeugdhulporganisaties kunnen helpen bij de veranderopgave, ook op 3Noord niveau. 3. JHF: wat zijn de ervaringen vanuit JHF met het JET? De werkwijze van het JET kan volgens ons worden verbeterd en worden verduidelijkt als het gaat om mandaat, bereikbaarheid en snelheid. 4. JHF: 40 FTE minder bedienen 6 jeugdigen minder. We hebben gelezen over de overhead en het aantal FTE maar hoe kan dit verschil zo groot zijn en wat is er dan eventueel voorgaande jaren misgegaan? We hebben ingezet op het beperken van aantal tijdelijke contracten en het afbouwen van het inzetten van ZZP-ers.

Het sluiten van Woodbrookers heeft ook bijgedragen aan een daling van de inzet van de overhead. De interne managementstructuur is dichter op de teams georganiseerd. En er heeft een reorganisatie plaatsgevonden waarbij de overhead met 25 fte is gekrompen. De effecten hiervan liepen door tot begin 2025.

JHF stuurt conform het uitvoeringsplan strakker op:   

het niet meer verlenen van zorg als er geen beschikking is; het niet meer verlenen van zorg als de beschikking is uitgeput; het verhogen van de productiviteit en caseload van medewerkers.

Hierdoor slaagde JHF er in 2024 in om ongeveer hetzelfde aantal cliënten te blijven bedienen. De reductie van fte heeft zo weinig mogelijk plaatsgevonden onder het directe behandelpersoneel, behalve langdurig zieken die minder of geen rol speelden in de behandeling van jongeren. Hierdoor is de bezetting van de zorgteams vrijwel gelijk gebleven. De overhead is afgeslankt door onder andere de organisatiestructuur te vereenvoudigen. 5. SDF: Wat zijn de belangrijkste risico’s die de uitvoering in 2025 en verder bedreigen? Antwoord: SDF interpreteert deze vraag alsof het gaat om de belangrijkste risico's qua uitvoering van Jeugdhulp in 2025 en verder: SDF ziet verschillende risico's op het gebied van kwalitatief goede zorg. Er is bijvoorbeeld sprake van arbeidsmarktproblematiek, waardoor het ingewikkeld kan zijn om de juiste kwaliteit en inhoud van zorg te leveren. Ook de financiële middelen van gemeenten zijn schaars, terwijl de vraag naar jeugdhulp hoog is.

Gemeentebelangen: Vragen aan JHF: 1. In het 2-sporen scenario is in het eerste spoor sprake van afslanking van de portfolio, d.w.z. verlieslatende producten worden afstoten. Naar wij aannemen verdwijnt daarmee de zorgvraag die met deze producten gediend wordt niet. Klopt dat? Zo nee, was dit dan onnodige zorg? Zo ja, gaan de partijen die deze zorg overnemen dat tegen dezelfde tarieven doen? Zo ja, waarom kunnen deze partijen dit dan wel en JHF niet? Zo nee, betekent dit dan extra kosten voor de Friese gemeenten? JHF verleent geen onnodige zorg. Wij werken op basis van beschikkingen die door de gemeenten worden afgegeven. Samen met de cliënt vertalen wij de zorgvraag naar een passend traject. Dit kan een kort individueel traject zijn of bestaan uit verschillende modules of het inzetten van zeer specifieke behandelingen. Voor sommige behandelingen kan JHF alternatieven aanbieden, waardoor wij deze cliënten zelf kunnen blijven begeleiden. Als we in gecertificeerd behandelaanbod zouden moeten snijden, onderzoeken we welke andere aanbieders dit aanbod ook kunnen leveren. Kleinere zorgaanbieders hebben vaak een lagere overhead, vooral starters. Deze partijen bieden echter niet het integrale aanbod dat JHF biedt, wat vooral bij complexe zorgvragen cruciaal is.

Bijvoorbeeld: bij JHF werken de ambulante diensten samen met de residentiële zorg, worden vanuit de crisiszorg ook ouders begeleid en worden jongeren worden begeleid richting zelfstandig wonen, etc.

Of de overname van zorg door andere aanbieders tot extra kosten leidt, kunnen we niet beoordelen. Dit kan uiteindelijk ook een kwestie van prijs zijn. De prijs is ook een factor om te beoordelen of een bepaald aanbod rendabel is of niet. De zorgvraag verdwijnt niet, deze wordt in dit scenario opgepakt door andere zorgaanbieders. 2. In het 2-sporen scenario is sprake van afslanking en overname. Onze eerste gedachte was, het is het één of het ander, maar toch gaat dit parallel plaatsvinden. Het eerste, afslanking, begrijpen wij. Bij het tweede is sprake van overname van de dienstverlening. Graag wat meer uitleg daarover. Betekent dat dat de medewerkers overgaan naar een andere organisatie? Zo ja, wat blijft er dan nog van JHF over, behalve een portfolio met rendabele producten? Wij onderzoeken of we door een overname of fusie met een andere partij als geheel nog robuuster kunnen worden. En daarmee een duurzame toekomst te realiseren, zowel financieel als op het gebied van kwaliteit en het zijn van een aantrekkelijke werkgever. Als we daarin slagen, ontstaat er een nieuwe organisatie waar onze cliënten ondersteund kunnen worden en onze medewerkers kunnen blijven werken. In die zin verandert er niet zo veel. Ons doel is om het integrale aanbod voor Friese kinderen te behouden. Ondertussen gaan we onverminderd door met het verder financieel gezond maken van het huidige JHF.

Dit is nodig om een aantrekkelijke fusiepartner te zijn. Mocht een eventuele fusie of overname niet doorgaan, dan moet JHF ook zelf in staat zijn om continuïteit van zorg te blijven bieden. In beide gevallen is het zo dat de marges in de specialistische jeugdzorg erg klein zijn. 3. Op blz. 10 van het projectplan lezen we een aantal interventies: minder inzet externen, verlaging ziekteverzuim, hercontractering en afslanken van de overhead. Het leest/lijkt alsof dit knoppen zijn waar makkelijk aan te draaien valt. Maar dit kan toch niet zomaar gedaan worden, en kan toch ook niet gedaan worden zonder gevolgen voor de bedrijfsvoering? Bijv. het verminderen van externen heeft naar ons idee als gevolg dat er werk/zorg blijft liggen. Als dit zo makkelijk gedaan/gerealiseerd kan worden, waarom is dit dan niet eerder gedaan? Door te stoppen in Kortehemmen verloren we een stabiele inkomstenstroom met een redelijke marge voor JHF met een vaste dekking voor de overhead. Als gevolg van de sluiting moest de overhead worden teruggebracht. Door in zetten op technologie, zoals AI en automatisering, kunnen we de krimp opvangen. Eerlijk is eerlijk: het verlies van specifieke functies in de overhead (juridische zaken, kwaliteit en HR) doet pijn. Ook is er gesneden in het aanbod voor medewerkers, zoals bedrijfsfitness en vitaliteit.

Ondanks dit alles - daar moeten we onze medewerkers echt voor prijzen - blijven zij zich inzetten voor onze cliënten. Het ziekteverzuim is gedaald. Dit is vermoedelijk het gevolg van een veranderde managementstructuur, waarbij leidinggevenden dichterbij de medewerkers zijn gepositioneerd en de extra aandacht voor verzuim die daarmee gepaard gaat. 4. Op blz. 11 lezen we dat als voorschot op de nog niet ontvangen SPUK de Friese gemeenten 2,5 miljoen beschikbaar hebben gesteld. Samen met het VWS is 5 miljoen aan bevoorschotting resp. subsidie ontvangen. Op onze vraag hoe hoog de SPUK is, was het antwoord 2,5 miljoen. Als deze SPUK ontvangen wordt, kan hiermee het voorschot aan OF de Friese gemeenten OF aan VWS

worden terugbetaald. Per saldo geen gevolgen voor de liquiditeit (er komt 2,5 miljoen binnen en er gaat 2,5 miljoen uit). Hoe kan het nog niet afronden van de SPUK 2023/2024 dan toch als één van de oorzaken van de liquiditeitsproblemen worden genoemd? Hoe wordt het resterende voorschot resp. subsidie van 2,5 miljoen terugbetaald, indien de SPUK is ontvangen? Kan de liquiditeit dat wél dragen? Op het gevaar af dat we ons niet teveel moeten/willen bemoeien met de bedrijfsvoering van een zorgaanbieder, zou inzicht in de liquiditeitenprognose t/m 6 juni 2026 ons wel helpen of gerust kunnen stellen. Om tegenvallers op te kunnen vangen, is de gebruikelijke liquiditeitsnorm voor bedrijven en instellingen ongeveer tweemaal de maandelijkse salarissen. Voor JHF komt dit neer op ongeveer 5 miljoen euro. Zonder de verlenging zouden we eind juni 2025 onder nul uit zijn gekomen. Om ons te kunnen focussen op de toekomst is financiële rust een randvoorwaarde. De hoogte en het moment van uitkering van de SPUK-vergoeding is door de nog steeds onduidelijke regels nog steeds onzeker (de afhandeling van de SPUK ligt bij de centrumgemeente Groningen). Daarom zijn wij de 18 Friese gemeenten zeer dankbaar voor het verleende uitstel en hopelijk volgt de voorwaardelijke steun vanuit VWS ook snel.

Als deze voorwaardelijke stap ook volgt komt een einde aan de financiële onzekerheid waardoor we weer stappen kunnen zetten en perspectief hebben. Uiteraard blijven wij met SDF en de centrumgemeente in gesprek over terugbetaling van het voorschot. De datum van terugbetaling is nu gelijkgetrokken met die van VWS, namelijk 6 juni 2026. De liquiditeitsprognose voor de komende jaren is gedeeld met de vertegenwoordigers van de centrumgemeente via de regiegroep. Deze informatie kunnen wij niet openbaar maken. Vragen aan SDF: 1. JHF gaf aan dat de problemen mede zijn ontstaan doordat de opdracht anders was dan ze hadden voorbereid. Was de opdracht vanuit SDF niet helder en bleek dit in de praktijk anders uit te pakken of heeft JHF een verkeerde inschatting gemaakt? Antwoord: SDF heeft, na het besluit van JHF om Woodbrookers te sluiten, intensieve gesprekken gevoerd met JHF over de benodigde transformatie in de jeugdzorg. JHF heeft hierin verschillende plannen aan SDF gepresenteerd waarna er vanuit SDF als opdrachtgever is geconstateerd dat deze plannen op dat moment niet aansloten bij de vraag vanuit de Friese gemeenten. Ook zag SDF te grote risico’s in verband met de geconstateerde beperkte uitvoeringskracht van de organisatie. VVD: 1.

JHF: Kunnen andere vormen van financiering van jeugdhulp, zoals een lump sum-bekostiging, bijdragen aan een betere continuïteit van zorg? En wordt bij de volgende inkoopronde ook gekeken naar dergelijke alternatieve financieringsmogelijkheden? Zie antwoord vraag ChristenUnie. Voor zover wij weten wordt er niet door SDF gekeken naar alternatieve financieringsmogelijkheden

2. Ambtelijke dienst: Nu het contract met Amaryllis en Incluzio afloopt en er ruimte ontstaat om de organisatie van de wijkteams en de zorg daaromheen opnieuw vorm te geven, is dit dan ook het moment om het takenpakket van het Jeugdexpertteam tegen het licht te houden in relatie tot amaryllis? Op het moment dat de overeenkomst met Amaryllis eindigt zal een afweging worden gemaakt op welke manier de taken van Amaryllis uitgevoerd moeten worden en hoe dit zich verhoudt tot jeugd en participatie. Bij het maken van die keuze zullen we uw raad, en belanghebbenden, nauw betrekken. De overkomst met Amaryllis kan overigens nog tot uiterlijk 31-12-2028 doorlopen, mits er van de mogelijkheid tot verlengen met nog eens twee jaar gebruik wordt gemaakt. Hierover moet nog een besluit worden genomen. De ontwikkelingen in het sociaal domein, zoals de Hervormingsagenda Jeugd, het ‘Richtinggevend Kader voor toegang, lokale teams en integrale dienstverlening in het sociaal domein’ van de VNG en het Toekomst-scenario Kind en Gezinsbescherming zijn voor ons aanleiding om doorlopend, samen met Amaryllis, de GI’s en de zorgaanbieders, vanuit het Jeugdexpertteam te werken aan versterking van de keten. Dit staat los van een aflopend contract met Amaryllis. D66: De aanleiding van deze bespreking was o.a. kostenbeheersing. Het college neemt in de brief over JHF een voorschot op nog meer kosten. 1.

Welke kosten voor gemeenten gaan er gepaard met de twee voorkeurstoekomstscenario’s en waaruit gaat dit college dit mee financieren? We hebben hiervan een eerste schatting gemaakt en in de komende maanden zal deze schatting worden verfijnd. 2. Waarom niet gelijk terugbetalen van het voorschot zodra SPUK -gelden uitgekeerd zijn? Om tegenvallers op te kunnen vangen, is de gebruikelijke liquiditeitsnorm voor bedrijven en instellingen ongeveer tweemaal de maandelijkse salarissen. Voor JHF komt dit neer op ongeveer 5 miljoen euro. Zonder de verlenging zouden we eind juni 2025 onder nul uit zijn gekomen. Om ons te kunnen focussen op de toekomst is financiële rust een randvoorwaarde. De hoogte en het moment van uitkering van de SPUK-vergoeding is door de nog steeds onduidelijke regels nog steeds onzeker (de afhandeling van de SPUK ligt bij de centrumgemeente Groningen). Er werd in de bijeenkomst van 14-05-2025 meerdere keren gesproken over ‘maatschappelijke kosten’ bij JHF. 3. Wat verstaan we precies onder maatschappelijke kosten en hoe wordt dit gemeten? JHF doelt hier op de kosten van reorganisatie, het sociaal plan en projectkosten zoals ondersteuning en juridisch advies. JHF kan deze kosten niet volledig zelf dragen, daarom hebben wij ervoor gekozen dit maatschappelijk kosten te noemen. Jeugdhulp+ 4.

Bij uithuisplaatsingen wordt er ook wel eens gesproken om ipv het kind uit huis te plaatsen, juist één van de ouders tijdelijk uit huis te plaatsen. Zijn hier al ontwikkelingen gaande?

Hier heeft JHF nog geen ervaring mee. Wel nemen wij op de Crisisafdeling soms ook een van de ouders gelijktijdig op. Naleving van de nieuwe contractvoorwaarde van 5 procent winst per 2024 door SDF 5. Hoe gaat SDF met 8FTE het contact onderhouden met bijna 200 aanbieders en tegelijkertijd ook nog controleren of die wel aan de 5 procent-norm voldoen? Antwoord: Contractmanagement binnen SDF is gericht op het effectief beheren, monitoren en optimaliseren van contracten met zorgaanbieders gedurende de looptijd. De huidige formatie contractmanagement is 5,5 fte contractmanagement. Op basis van deze beschikbare capaciteit is een gestructureerde aanpak opgesteld waarbij de beschikbare fte’s optimaal worden ingezet om grip te houden op de uitvoering van de contracten en zicht te houden op de prestaties en bedrijfsvoering van onze zorgaanbieders. De prioritering van aanbieders en de frequentie waarmee gesprekken worden gevoerd, wordt bepaald op basis van een risicogerichte benadering. 6. Hoe bepaal je welk deel van de winst uit de jeugdzorg komt bij aanbieders die meerdere zorg aanbieden? Antwoord: Contractueel is sinds 2024 bepaald dat winst > 5% aantoonbaar wordt geïnvesteerd in de verbetering van Specialistische Jeugdhulp op het gebied van kwaliteit, capaciteit en efficiëntie. Winst wordt op zichzelf niet direct gespecificeerd per zorgdomein in de financiële verslaglegging.

Om te bepalen welk deel van de winst afkomstig is uit de jeugdzorg bij aanbieders die ook andere vormen van zorg aanbieden (zoals Wlz of Wmo), mag SDF eisen stellen aan de manier waar zorgaanbieders verantwoorden in de jaarrekening of aanvullende rapportages. In de aanpak is voorzien in aandacht voor winst in de reguliere gesprekken met aanbieders en een benadering op basis van data. 7. Vinden we het belangrijk dat alle uren in het beoordelen van de jaarrekening gaan zitten? Of vinden we het belangrijk dat er ook gedurende het jaar contact is tussen onze mensen en alle aanbieders? Met andere woorden, waar komt de focus op? Antwoord: Met de bovengenoemde aanpak is een evenwicht gezocht tussen het contact met aanbieders en de nieuwe contractuele voorwaarde. De directeuren van de Friese gemeenten bespreken de aanpak in juni. De Friese portefeuillehouders jeugd worden vervolgens geïnformeerd. In oktober blikken de Friese directeuren en SDF terug op deze werkwijze. Op basis daarvan kunnen ook de portefeuillehouders een oordeel vellen over de gewenste focus. Er is laatst vanuit een steekproef gebleken dat er toch wel grootschalig gefraudeerd wordt met SKJregistraties bij jeugdzorgmedewerkers en er zijn zelfs signalen binnen gekomen van criminele uitbuiting.

8. Herkent het college deze signalen en heeft het college een beeld in hoeverre dit speelt bij onze jeugdzorgaanbieders? 9. Is er een beeld van de vraag van jeugdhulp/zorg per stadsdeel/dorp? En is hier ook een ontwikkeling in gaande? Bijvoorbeeld dat de vraag naar jeugdhulp/zorg in de meer armere wijken stagneert en in de rijkere wijken stijgt? Ja we beschikken over data over het zorg gebruik per wijk/stadsdeel/dorp. Voor de data met een toelichting verwijs ik u naar bijgevoegd document: Jeugdhulp wijken gemeente Leeuwarden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=e93ee24f-9ed4-4fb2-a05e-18ba4f82afcc