CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-01-27 vragen en antwoorden interpellatieverzoek GroenLinks en Gemeentebelangen

Debat MS Teams - OZ 12 januari 2022, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Interpellatie GroenLinks Leeuwarden en Gemeentebelangen: Bijstandsboodschappen 27 januari 20211.607 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen en antwoorden interpellatie: 1a. Is het in onze gemeente voorgekomen dat bedragen verrekend worden met de uitkering omdat er hulp is ontvangen van familie of particulieren of door andere inkomsten die niet uit (voormalig) betaald werk voortkomen? Voor zover wij hebben kunnen nagaan is het niet voorgekomen dat er boodschappen zijn verrekend. Ontvangen bedragen moeten wij wel altijd verrekenen, behalve als het gaat om eenmalige giften. Dit is ook begrijpelijk omdat de bijstand het sluitstuk is van de sociale zekerheid, een vangnet. Het principe is dat bijstand aanvullend is op eigen middelen. In de volksmond wordt vaak gesproken over het korten of verrekenen van bedragen. Eigenlijk is de gedachte net andersom: de bijstand vult de bedragen die men uit andere bronnen ontvangt aan. Dit is ook nodig om het draagvlak hoog te houden. De bijstand wordt vanuit de samenleving betaald. Hierbij is het belangrijk om te benadrukken dat het de absolute intentie is, van iedereen die bij Sociale Zaken (uitvoering sociaal domein) werkt, om de mensen verder te helpen, ze te ondersteunen waar nodig, ze mee te laten doen in de maatschappij, ze te helpen weer een baan te krijgen en om bronnen van stress (zoals schulden) zoveel mogelijk weg te nemen of te reduceren. Vanuit deze intentie voeren we de wet uit en hanteren we maatwerk waar nodig.

Het is pertinent niet de bedoeling om mensen verder in de problemen te helpen, ze te straffen waar kan of bijvoorbeeld een maximaal bedrag binnen te halen. b) Zo ja, hoe vaak is er de laatste 5 jaar teruggevorderd en welke giften en inkomsten betrof het? Bij het opboeken van een terugvordering wordt de achterliggende reden niet geregistreerd. Om een beeld te geven over het aantal vorderingen: 6905 maal in de afgelopen 5 jaar (ongeacht de grond). c) Gaat u, gelet op de huidige discussie, opnieuw naar deze vorderingen kijken? Nee. 2. In de opsomming ‘wat wordt verstaan onder inkomsten’ die op de Leeuwarder website staat, worden o.a. genoemd: giften, verkoop van spullen en uitkering of vergoeding voor een schade. a) Is door u nader bepaald wat wel/niet onder giften verstaan wordt (denk aan een bril die door familie betaald wordt, eten bij de buren, een fiets voor je verjaardag)? In onze richtlijnen staat dat vrij besteedbare eenmalige giften tot een bedrag van € 500 per jaar worden vrijgelaten. Dit vinden wij proportioneel. Giften met een specifieke bestemming worden ook vrijgelaten, mits dit binnen redelijke grenzen blijft. Een tweedehands auto is iets anders dan een dure sportauto. Giften in natura kunnen op geld worden gewaardeerd, onder andere om de redelijkheid te bepalen. b)Wanneer kort u deze inkomsten wel en wanneer niet? (Kort u b.v.

alleen structurele giften of verkoop van goederen en wat verstaat u dan onder structureel)? Het korten van giften wordt hierboven beschreven. Het beoordelen van wanneer iets structureel is, is afhankelijk van de situatie. We kunnen hier geen limitatieve opsomming voor geven. Er wordt onder andere gekeken naar voorbeelden uit de jurisprudentie. Structureel is als het vaker dan een enkele keer voorkomt. Dit geldt voor giften en voor de verkoop van goederen. Worden er structurele giften ontvangen die bedoeld zijn voor bijvoorbeeld het betalen van de vaste lasten, dan worden die over het algemeen gekort omdat immers een deel van de bijstand voor die vaste lasten bedoeld is. c) Ook heerst er veel onduidelijkheid over hoe er met incidentele giften wordt omgegaan indien het vermogen beneden de geldende vermogensgrens blijft. Kunt u daar duidelijkheid over geven?

De bijstandswet maakt verschil tussen vermogen en inkomen. Eenmalige giften (het deel boven de genoemde € 500) moeten worden opgeteld bij het vermogen. Tot € 500 per jaar wordt er niets bij het vermogen opgeteld. Structurele giften worden als inkomen aangemerkt omdat het bijdraagt in de kosten van levensonderhoud. Uitgangspunt is dat het middelen zijn die op de uitkering in mindering worden gebracht. In individuele gevallen vindt soms maatwerk plaats en wordt de gift vrijgelaten. 3. Er zijn gemeenten waar mensen die gebruik maken van de Participatie-Wet giften/schenkingen tot een bepaald bedrag niet hoeven door te geven (o.a. NO-Fryslan, Amsterdam 1200 euro en SudwestFryslan 2196 euro). Daarnaast hanteren deze gemeenten maatwerk bij giften die hoger uitpakken. a) Ziet u, als uitvoerder van de wet, enige uitvoeringsruimte? Gemeenten mogen zelf bepalen welk bedrag maximaal vrijgelaten kan worden als gift. De gemeente Leeuwarden heeft in richtlijnen in het handboek voor het uitvoeringsbeleid bepaald, dat € 500 hiervoor een proportioneel bedrag is. Als het vrij te laten bedrag zou worden verhoogd naar € 2.200 zou dat ons inziens klemmen met de proportionaliteit. Een alleenstaande krijgt een uitkering van € 1.075,44 als deze persoon maandelijks gemiddeld bijna € 200 meer krijgt is dat een verhoging van 20% op de uitkering.

b) Wat is het beleid van Leeuwarden ter zake tot op heden en hoe komt u tot die keuze? Volgens de Participatiewet moet alles worden gemeld wat mogelijk van invloed kan zijn op het recht of de hoogte van de uitkering, zodat de gemeente kan onderzoeken of de bedragen vrijgelaten kunnen worden of moeten worden gekort. 4. Ook staat in uw rijtje inkomsten vermeld ‘Vergoeding vrijwilligerswerk’. Iedere Nederlander mag dit jaar 1800,= vrijwilligersvergoeding onbelast ontvangen bovenop andere inkomsten. Wanneer mogen cliënten in de participatiewet dit niet behouden in die zin dat het in mindering wordt gebracht op hun uitkering? Waarom is dat? Die vergoeding moet worden gemeld want ook dit zijn middelen. Bedragen tot € 1.800 per jaar worden inderdaad vrijgelaten, hogere bedragen worden gekort op de uitkering. 5. Wat is het gemeentelijk beleid indien men te maken krijgt met een erfenis? Zijn hier duidelijke richtlijnen voor? (Weten mensen vooraf bijv. hoe lang ze er van moeten kunnen leven?) De Participatiewet geeft aan dat een erfenis wordt gezien als geld waarvan kan worden geleefd. Wel

kent de Participatiewet een bedrag aan “vrij te laten vermogen”. Bedragen daarboven zien we als een middel dat gebruikt kan worden om in het levensonderhoud te voorzien. Het is aan de bewoner zelf om hier verantwoord mee om te gaan, zeker op het moment dat vooraf al bekend is dat de bewoner weer een bijstandsuitkering zal aanvragen, als het geld op is. Hiervoor worden vooraf geen richtlijnen gegeven. Omdat een en ander afhankelijk is van de persoonlijke situatie. Voorbeeld: We gaan er vanuit dat iemand verantwoord leeft en ervoor zorgt dat hij zichzelf zo lang mogelijk kan voorzien in het levensonderhoud. Verantwoord vinden wij ongeveer anderhalf keer uitgeven wat je normaal gesproken aan bijstand ontvangt. Stel je krijgt een erfenis en je vermogen is daardoor € 15.000 meer dan je in de bijstand mag hebben. Dan stoppen we je uitkering. Als je recht had op een uitkering van € 1.000 per maand, dan zou je ongeveer € 1.500 per maand kunnen uitgeven. Je mag je dan na 10 maanden weer melden voor een

nieuwe uitkering. Geef je meer uit per maand en meld je je te vroeg, dan is het niet verantwoord en kun je een maatregel (minder uitkering) krijgen. We geven bij het stoppen van de uitkering nooit een exacte datum aan wanneer je je weer mag melden, omdat iemand tussendoor middelen kan ontvangen, waardoor hij langer van de erfenis kan leven. 6. Het zal duidelijk zijn dat een rechtvaardige en goede voorlichting aan betrokkenen van groot belang is en veel onrust en problemen kan wegnemen en voorkomen. Die communicatie moet ook goed afgestemd zijn op de doelgroep(en) en goed toegankelijk voor iedereen. a) Hoe informeert u betrokkenen over de regelgeving omtrent inkomsten zoals in bovenstaande vragen? Heeft u regelmatig gecheckt of de doelgroep de informatie als voldoende en helder beschouwt ? Bij aanvraag van een uitkering krijgen klanten in een gesprek deze informatie. Ook wordt er een folder uitgereikt waarin dit nog eens kan worden nagelezen. In december 2020 is er een klantenonderzoek gehouden in de vorm van een enquête. Met de uitkomsten proberen we de dienstverlening aan onze klanten verder te verbeteren. Verder kan nog worden gemeld dat er op dit moment wordt gewerkt aan voorlichtingsfilmpjes over rechten en plichten.

b) Bent u bereid (op de website) meer duidelijkheid te geven over wat precies wel of niet gemeld moet worden en verrekend wordt met de uitkering? Of is de huidige manier van vermelden landelijk verplicht en moet u daarvoor wachten op nieuwe wetgeving? Alles wat van invloed kan zijn op de hoogte en het recht op een uitkering moet worden gemeld. De wet schrijft dat voor. De gemeente kan daarna beoordelen of iets kan worden vrijgelaten. De gemeente is verantwoordelijk voor haar eigen website. We zijn continu bezig om dit te verbeteren. Mogelijk worden filmpjes geplaatst. c) Bij het onderdeel inkomsten staat op de website: ‘deze inkomsten korten wij op uw uitkering’. Dat is absoluut gesteld. Indien u ruimte ziet, klopt deze stelling dan wel? Is het landelijk verplicht deze informatie op deze manier weer te geven? Die stelling klopt, want zo staat het in de wet. Dat er in de praktijk maatwerk wordt geboden lijkt ons niet iets om bij ieder onderdeel te benadrukken. Want dan weten klanten nog niet waar ze aan toe zijn. 7. Indien u tot terugvordering van uitkering besluit, houdt u dan rekening met de gevolgen die dat heeft voor degene van wie u het terugvordert? Heeft u daar beleidsvrijheid? De wet is helder, terugvordering is verplicht. Wel kijken we vanuit de gedachte van inclusieve stad waar de impact van de maatregelen zichtbaar wordt.

*Bijstandsnormen per 1-1-2021 21 jaar en ouder tot pensioengerechtigde leeftijd Maandelijkse uitkering Alleenstaande alleenwonende Alleenstaande ouder Gehuwden

€ 1.075,44 € 1.075,44 € 1.536,34

Maximaal vermogen op rekening € 6.295,00 € 12.590,00 € 12.590,00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=6ce1cee5-44a3-4db6-950c-a4f18bd66b41