CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

2020-06-04 Contourennotitie sociale basis

Informatiebijeenkomst MS Teams 1 maart 2021, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Contourennotitie sociale basis3.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Contourennotitie sociale basis 4 juni 2020 Registratienummer: Z223935-2020

Inleiding Eind 2019 is de position paper sociale basis vastgesteld. Deze dient als onderlegger voor de dialoog die wij met de sociale basis willen voeren. In deze position paper zijn vijf gespreksthema’s benoemd. Dit zijn:  Wat levert het op,  Hoe kunnen wij van elkaar leren,  Duiden van eigenaarschap en betrokkenheid,  Ruimte geven en steun door beroepskrachten,  Draagkracht en draaglast. Bij het vaststellen van de position paper sociale basis is door het College aangegeven dat de visie zich toespitst op de Wmo vanwege de grote veranderingen die daarin per 2021 worden doorgevoerd. Aan de gemeenteraad is toegezegd de visie voor de zomer van 2020 gereed te hebben. Het eerste kwartaal van dit jaar heeft mede als doelstelling gehad rust aan te brengen op dit onderdeel van het Wmo dossier en niet halsoverkop deze verkenning te starten. Door ambtelijke wisselingen en het vertrek van de portefeuillehouder heeft de start van een verkennend traject nog wat langer op zich laten wachten. Daarnaast is door de coronacrisis van de oorspronkelijke werkwijze om de dialoog aan te gaan met de Sociale basis niet veel terecht gekomen en hebben we moeten zoeken naar een andere werkbare invulling van dit gesprek. Dat traject is inmiddels opgestart en de opbrengsten van de eerste digitale bijeenkomst zijn verwerkt in deze startnotitie.

Tijdens de digitale bijeenkomst was er een mogelijkheid om bijeen te komen in zogenaamde digitale kamers om een thema verder uit te diepen. De bijeenkomst was erop gericht een beter beeld te krijgen van waar de spanning ligt in de samenwerking tussen vrijwilligers en beroepskrachten. Daarnaast was het een verkenning hoe een ieder zijn eigen verantwoordelijkheden en rollen in de sociale basis ziet. Omdat het delen van kennis als groot thema naar voren kwam, hebben wij ons ook hierop gericht. De opbrengsten van de start van de permanente dialoog, tezamen met de opbrengsten van het VOLrapport, de opbrengsten van de opbouwwerkers en een aantal theoretische exercities hebben geleidt tot deze uitgangspuntennotitie. Hiermee stopt het niet. Wij zien een permanente dialoog voor ons waarin de Sociale basis over de belangrijke dilemma’s met elkaar in gesprek blijft. De gemeente heeft deze notitie geschreven op basis van inbreng van bewoners en maatschappelijke partners, maar ook met behulp van kennisinstituten zoals Movisie.

Wat leest u in deze notitie In deze notitie leest u de contouren voor de verdere uitwerking van onze visie op het versterken van de sociale basis . In deze notitie beperken wij ons tot de sociale basis voorzieningen en -initiatieven die een directe relatie hebben met de Wmo. De gemeente werkt vanuit veel verschillende beleidsterreinen samen met de sociale basis. Daarvan is de Wmo er slechts één. Het gesprek dat wij met de sociale basis voeren, gaat echter niet alleen over de Wmo maar ook over de samenwerking op andere beleidsterreinen. Wij beschrijven in deze notitie welke contouren wij kunnen meegeven aan betrokkenen in de sociale basis om te anticiperen op de veranderende werkwijze Wmo per 2021. In het vervolgtraject geven wij meer toelichting op de breedte van de sociale basis . Vanzelfsprekend wordt in de verdere uitwerking ook aansluiting gezocht bij de andere beleidsonderwerpen binnen het sociaal domein. De gemeente stelt middelen beschikbaar voor de sociale basis , onder andere aan bewonersinitiatieven, ondersteuningsaanbod voor vrijwilligers, aan zorg en ondersteuning en vrijwilligersorganisaties. Op deze wijze investeren wij in een sterke sociale basis. We beseffen dat de veranderende samenleving het nodig maakt om met een andere blik te kijken naar oplossingen en het efficiënt inzetten van middelen.

 Als bijlage een beeldend verslag van de bijeenkomst van 27 mei 2020.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

Ambitie Gemeente Leeuwarden Een sterke sociale basis vormt de ruggengraat van de Leeuwarder samenleving en is voorwaardelijk voor een sterkte maatschappij waarin we betrokken zijn bij elkaar. Dit is ook van belang vanuit de ambitie van de gemeente Leeuwarden om iedereen te laten meedoen en te streven naar een ‘inclusief’ Leeuwarden. In het Collegeprogramma 2018 – 2022 worden verschillende ambities genoemd die zich richten op de sociale basis:  We willen de kracht van mienskip blijven stimuleren. Deze zo goed mogelijk kunnen inzetten om de leefbaarheid en vitaliteit van dorpen en wijken te versterken.  We kiezen voor vernieuwing van het sociaal domein. We gaan de ondersteuning anders organiseren. Zo kunnen we de juiste hulp dichtbij mensen bieden, tegen lagere kosten. Daarbij kijken we nog beter wat inwoners zelf in hun eigen leefomgeving kunnen organiseren. Zo kunnen we hulp en zorg waarborgen voor wie dat echt nodig heeft.  We willen de dialoog met de samenleving versterken en staan open voor nieuwe vormen van samenwerking. Als we durven te vertrouwen op de kracht, bevlogenheid en het leiderschap van mensen zelf, komen we tot oplossingen die werken. Dit doen wij door toe te werken naar een permanente dialoog met de samenleving zodat eigen kracht en initiatieven van inwoners meer ruimte krijgen.

Nieuwe organisatie Wmo De kracht van ondersteuning op maat zit in het benutten van de aanwezige potentie van bewoners, vrijwilligers en beroepskrachten. Op dit moment werken we aan een andere organisatie van de ondersteuning van de Wmo. Vanaf 2021 wordt hiermee gestart. Een onderdeel van de nieuwe werkwijze is de inrichting van buurt- of dorpskamers. De buurt- en dorpskamers bieden de mogelijkheid tot ontmoeting, activiteiten en vrijwilligerswerk. Ook inwoners met een ondersteuningsvraag kunnen hier terecht. In de buurt- of dorpskamer zijn zowel vrijwilligers als professionals aanwezig. Samen onderzoeken zij welke ondersteuning passend is: vanuit het eigen netwerk, in combinatie met vrijwilligers en/of zorgaanbieders. De beroepskracht is hierbij eindverantwoordelijk voor de in te zetten ondersteuning. Omdat iedere wijk en dorp anders zijn, zullen de buurt- en dorpskamers er verschillend uit zien op verschillende plekken. Dit is maatwerk; de buurt- of dorpskamer moet passen bij de wijk of het dorp en zo veel mogelijk van onderop worden georganiseerd. De buurtkamer komt zo veel mogelijk op een ‘logische’ plek; een laagdrempelige plek waar nu al mensen samenkomen en die bekend is in het gebied. Er komen minimaal acht buurt- en dorpskamers, verspreid over de gemeente zoals de huidige wijk- en dorpenteams zijn verspreid.

Hier is tijdens kantooruren altijd een beroepskracht aanwezig. Dit zorgt ervoor dat ondersteuning altijd in de buurt en bereikbaar is. Daarnaast kan het netwerk van buurt- en dorpskamers verbreed worden met (satelliet)locaties; locaties die nog meer in de haarvaten van de wijken en dorpen zitten, aansluitend bij wat er nu al is. Op deze locaties is bijvoorbeeld niet standaard een beroepskracht aanwezig; men kan hier wel terecht voor ontmoeting, activiteiten en vrijwilligerswerk en kan worden doorverwezen naar de juiste plek indien er meer nodig is.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

De sociale basis in gemeente Leeuwarden De term sociale basis lijkt een nieuw begrip maar is terug van nooit weggeweest. Wij duiden nu het geheel van informele contacten en netwerken van bewoners(-organisaties) en vrijwilligers (-organisaties) als de sociale basis . Dit samenspel van mensen en hun netwerken is een breed en ongrijpbaar begrip. Dit blijkt wel uit het gegeven dat wanneer we aan mensen vragen wat de sociale basis is, we merken dat iedereen er net wat anders onder verstaat. De sociale basis omvat namelijk een veelvoud aan zichtbare en onzichtbare structuren, initiatieven, collectieven en individuen. Voorbeelden hiervan kunnen een wijk- of dorpsvereniging zijn, een kerkgemeenschap, een maatjesproject, een culturele vereniging of een sportvereniging, maar ook de minder zichtbare of georganiseerde vormen van ‘naar elkaar omzien’, zoals burenhulp of mantelzorg. Tevens vallen de meer geformaliseerde vrijwilligersorganisaties onder de sociale basis , bijvoorbeeld degenen die betaalde coördinatoren in dienst hebben (uit de position paper Sociale basis 2019).

Wat levert het op? Wat merken bewoners van een sterke sociale basis ? Hoe volgen we wat de opbrengst is van het versterken van de Sociale basis in het licht van de Wmo? Van elkaar leren en voortbouwen op inzichten die je opdoet, zijn hierin belangrijker dan klassieke ‘verantwoording’. Toch zullen wij ook met elkaar indicatoren voor de beoogde lange termijn effecten moeten formuleren waaraan wij de inzet op het versterken van de Sociale basis kunnen toetsen. Uit de eerste digitale bijeenkomst bleek dit een lastig vraagstuk, omdat het per individu en organisatie verschilt. In de volgende gesprekken gaan wij ons bezighouden met onder andere de volgende vragen: 1. Wat merken bewoners, vrijwilligers, beroepskrachten, organisaties en overheid van het versterken van de sociale basis ? 2. Welke goede, betekenisvolle indicatoren zijn er waaraan de versterking van de Sociale basis kan worden getoetst (kwalitatief en kwantitatief)? Een sterkte Sociale basis draagt in ieder geval bij aan Leeuwarder ambities, namelijk;  een sterke steunstructuur in wijk en dorp: waar eigen kracht en initiatieven van bewoners ruimte krijgen  een ‘inclusief Leeuwarden’: een gemeente waarin iedereen kan meedoen én meekomen

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

Leeuwarder samenleving: ontwikkelingen en stand van zaken Leeuwarden groeit naar verwachting van 123.107 inwoners nu naar ruim 127.600 in 2035. Door vergrijzing en voortgaande individualisering neemt het aandeel eenpersoonshuishoudens toe. Ook in Leeuwarden wonen steeds meer mensen alleen. Van het totale aantal huishoudens in Leeuwarden in 2019 (62.411) was 28.902 eenpersoons. In 2035 wordt dit 34.500. Het gaat hierbij om jongeren die alleen gaan wonen, studenten en gescheiden mensen. Maar de groei van het aantal alleenstaanden concentreert zich vooral bij de ouderen die door het verlies van hun partner alleen achterblijven. In de komende decennia neemt het aantal (en aandeel) AOW-ers in de bevolking verder toe. Tot 2035 krijgen alle regio’s te maken met verdere vergrijzing. Ouderen worden steeds ouder, blijven langer vitaal en wonen langer zelfstandig. Daarnaast blijven ouderen langer mobiel. Onder 85-plussers is de zorgbehoefte relatief groot en neemt de vraag naar mantelzorg toe. Die ontwikkelingen kunnen niet alleen door de gemeente worden opgevangen, omdat de middelen daarvoor ontoereikend zijn. In Leeuwarden is de vergrijzing nog relatief laag omdat de stad jong blijft door studenten en gezinnen met kinderen. Door de aanwezigheid van (hoger) onderwijsvoorzieningen wonen in Leeuwarden relatief veel 15tot 25-jarigen. Maar de vergrijzing neemt wel toe.

Er zijn op wijkniveau grote verschillen zichtbaar. Het aantal ouderen (65 jaar en ouder) is in Camminghaburen e.o. het hoogst: 2.099. Aldlân , Westeind en Nijlân zijn relatief de meest vergrijsde wijken, gevolgd door Bilgaard & Havankpark, Stiens e.o. De wijken hebben een aandeel van 23,5% of meer van de bevolking die 65 jaar en ouder is. Ook steeds meer dorpen kennen een toenemend deel 65-plussers. Met een ouder wordende bevolking neemt de sociaal-recreatieve mobiliteit toe en is de bereikbaarheid van de dagelijkse voorzieningen een aandachtspunt voor de nabije toekomst. Zorg draagt bij aan het bevorderen van gezondheid en welbevinden. Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor mensen en groepen die terug moeten vallen op (tijdelijke) ondersteuning om het hoofd boven water te houden én voor de jeugdzorg. Kenmerkend voor alle transformatie-bewegingen is naast het versterken van sociale netwerken en de eigen kracht van burgers, bewoners en cliënten - de opmars van beleid en uitvoeringspraktijken naar de leefwereld van burgers.

Deze opmars tekent zich af in de volgende bewegingen:  de sterkere nadruk op het langer thuis blijven wonen voor ouderen;  de ambulantisering van de GGZ en de afbouw van residentiële zorg;  begeleid wonen instellingen steeds meer in de wijk  ambulantisering in de zorg voor de jeugd;  normalisering van beschutte arbeid (afbouw sociale werkvoorzieningen);  het beroep op de reguliere arbeidsmarkt om burgers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt in het reguliere arbeidsproces op te nemen. Langer thuis wonen vraagt ook voldoende adequate voorzieningen in de buurt. Knelpunten kunnen zich vooral in de kleine kernen van de gemeente voordoen, waar een deel van de voorzieningen al niet langer meer of in kleine mate aanwezig is. Voor de burger is het van belang om de keuzes en eigen mogelijkheden inzichtelijk te maken. De gemeente moet mensen ondersteunen in de zoektocht naar hulp en informatie over zorg. Naast het overzicht is ook de mogelijkheid om vanuit eigen regie proactief en vroegtijdig actie te nemen van belang. Op deze wijze kunnen veel problemen worden voorkomen. In bepaalde wijken, zullen sociale en leefbaarheidsproblemen toenemen doordat de participatie van bepaalde groepen achterblijft. De leefbaarheidsscore in wijken als Heechterp, Wielenpôlle en Schepenbuurt is zwak (Leefbarometer).

Kinderen die in een gezin leven dat van een uitkering moet rondkomen, wonen vooral in de noordoostelijke schil van Leeuwarden. De afgelopen jaren steeg het percentage kinderen in armoede tot 11% (2018). Dat is hoger dan gemiddeld in Nederland (7%). Het aantal mensen in Leeuwarden dat naar eigen opgave kan rondkomen, neemt sinds 2012/2014 weer toe. Om de armoede en ongelijkheid te verminderen, moeten we investeren in het vergroten van de betrokkenheid van inwoners, juist ook van de moeilijk bereikbare inwoners. Leeuwarden heeft veel ingrediënten om de Leeuwarders brede welvaart te bieden. In de Leeuwarder mienskip kijken we naar elkaar om. En er is een goed aanbod aan betaalbare woningen en voorzieningen.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

In Leeuwarden hebben ruim 20.000 inwoners een migratieachtergrond. Dit is bijna 17% van de bevolking. Een belangrijke opgave is de verbetering van het taalniveau en de arbeidsparticipatie van nieuwkomers (IBT). De overheid streeft naar een samenleving waarin burgers meer verantwoordelijkheid op zich nemen en doet op uiteenlopende terreinen stappen terug. Taken die voorheen door professionals werden uitgevoerd, moeten steeds vaker worden opgepakt door burgers. Denk aan de inzet van vrijwilligers bij schuldhulpverlening, aan de inzet van allochtone vrouwen als intermediairs bij het leggen van contacten of aan de inzet van ervaringsdeskundigen op allerlei terreinen. Dit betekent dat een groter beroep op onderlinge hulp en ondersteuning wordt gedaan. Om te zorgen voor een grotere verantwoordelijkheid naar elkaar en dat buurtbewoners meer voor elkaar klaar staan en elkaar gaan helpen, is sociale verbondenheid het belangrijkste speerpunt. Sociale verbondenheid wordt gekenmerkt door groepsidentificatie en saamhorigheidsgevoelens, frequente en intensieve contacten, veel onderling vertrouwen, gedeelde normen en waarden en participatie in het groepsleven. De sociale verbondenheid in Fryslân is groot in vergelijking met landelijk. Fryslân scoort vooral hoog op onderling vertrouwen, vrijwilligerswerk en binding met de buurt.

De sociale samenhang neemt in Leeuwarden toe en is groter dan gemiddeld in Nederland (Leefbarometer). De gemeente kan sociale verbondenheid bevorderen, door bijvoorbeeld het creëren van ontmoetingsplekken. Door deelname aan beleidsprocessen kunnen mensen zich meer betrokken gaan voelen bij elkaar en bij de buurt en zich beter identificeren met het beleid.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

Contouren versterken sociale basis In het kader van de Wmo hebben wij het met name over voorzieningen en inzet vanuit de sociale basis, initiatieven van bewoners en vrijwillige inzet van bewoners die eraan bijdragen dat iedereen mee kan doen. Wij richten ons op het versterken van de sociale netwerken en het organiseren van zorg en ondersteuning dichtbij. Hiervoor werken wij aan voorzieningen die laagdrempelig zijn en waar iedereen kan binnen lopen. Deze basisvoorzieningen raken álle aspecten van het dagelijkse leven: ontmoeting, onderwijs, onze wijk-, buurt-, en dorpshuizen, bewegen en recreatie, onze woningen en leefomgeving. Voor de basisvoorzieningen is de gemeente primair verantwoordelijk en werkt samen sociale partners om dit te realiseren. Maar de sociale basis is breder en we zien diverse organisaties, inwoners en ondernemers die zich inzetten vanuit en voor de sociale basis. In het najaar 2019 is de rapportage van het V-O-L verschenen. Daarnaast hebben beroepskrachten en vrijwilligers uit de sociale basis hun stem laten horen, onder andere met betrekking tot de vorming van de buurt- en dorpskamers. Op basis van de vijf thema’s uit de position paper en de individuele gesprekken die zijn gevoerd, zijn een aantal belangrijke uitgangspunten/contouren te noemen die bijdrage aan het versterken van de sociale basis.

In de eerste digitale bijeenkomst op 26 mei 2020 hebben wij een deel van deze thema’s uitgebreider kunnen bespreken met 35 participanten, actief in de sociale basis.  Er is ondersteuning en ruimte door beroepskrachten: In een sterke sociale basis sluiten actieve bewoners en beroepskrachten op elkaar aan op het gebied van zorg en ondersteuning. De beroepskrachten in de gemeente Leeuwarden kennen de leefwereld van de bewoners, zijn hier actief in aanwezig en sluiten hierop aan. Ze kennen als geen ander de eigen kracht van de bewoner en diens netwerk. De sociale basis heeft oog voor kwetsbare bewoners en weet de weg te vinden naar de beroepskracht. Om goed met elkaar samen te werken is het cruciaal om elkaar te kennen, elkaar te vertrouwen en elkaars kennis en kunde te waarderen. Vrijwilligers, beroepskrachten en bewoners geven elkaar de ruimte en krijgen deze ook, zodat er een flexibele samenwerking ontstaat. Die samenwerking is gelijkwaardig. Hier kan echter spanning op zitten; het is belangrijk dat de beroepskracht met vrijwilligers overlegt en niet eenzijdig bepaalt, en visa versa. Ook is scholing van beroepskrachten in het werken met vrijwilligers van belang.  Wij leren van elkaar en bouwen voort op de inzichten die wij opdoen: In de sociale basis zijn beroepskrachten, ervaringsdeskundige, mantelzorgers, vrijwilligers en nog vele anderen actief.

Er is bereidheid om van elkaar te leren en te ontwikkelen waar dit kan. Het V-O-L heeft aangegeven hierin een rol te willen vervullen, naast het huidige leer- en ontwikkelaanbod voor vrijwilligers en beroepskrachten.  Draagkracht en draaglast: Draagkracht en draaglast is een balans die per wijk anders kan uitvallen. In de ene wijk is de kracht groot en de last klein, in een andere wijk kan dat andersom zijn. Beroepskrachten en vrijwilligers moeten gezamenlijk en naast elkaar optrekken. Als de druk op de vrijwilligers te groot wordt of er wordt teveel bij de vrijwilliger neergelegd, dan moet de professional hier alert op zijn. De capaciteiten verschillen ook per vrijwilliger. Daarnaast is er een nuancering per type vrijwilliger. Je kunt bewoner zijn en vanuit die rol opereren maar je kunt ook vanuit een organisatie worden ingezet. De afstand tussen beroepskracht en bewoners is ook van belang. Als een vrijwilliger de bewoner goed kent, zien ze van nature al naar elkaar om, signaleren ze sneller en is de toegang gemakkelijker maar soms is de problematiek overstijgend en is er bewustwording nodig om over te schakelen naar beroepskracht. Een goede terugkoppeling is dan wel een pré. De attitude van personen actief in de sociale basis hoort laagdrempelig en

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

gelijkwaardig te zijn met de bewoner, beroepskracht en de vrijwilliger. Aangegeven wordt dat goede coördinatie op het geheel wenselijk is. Bevoegdheden liggen soms ook anders tussen beroepskrachten en vrijwilligers. Besef dat er verschil in bevoegdheden is. Er is wel gelijkwaardigheid, maar samen pak je het probleem op.  Eigenaarschap en betrokkenheid: Initiatieven in de samenleving ontstaan vaak vanuit de privésfeer waar bewoners met elkaar omgaan op basis van vertrouwen, elkaar kennen, persoonlijk betrokken zijn en zonder belangen. Dit kan botsen met de meer publieke of private sfeer van waaruit overheid en beroepskrachten werken. Het is lastig om eigenaarschap en betrokkenheid als een regel op te schrijven, wel moeten wij er aandacht voor hebben en er bij stilstaan. Dit verschilt per situatie en hangt af van de betrokken organisaties en mensen. Het is belangrijk dat te erkennen en recht te doen aan het eigenaarschap en de initiatieven van inwoners. De informele netwerken moeten worden gefaciliteerd en gesteund maar liggen primair bij de bewoner, en zijn dus niet van de overheid of de beroepskracht.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

Hoe kijken wij naar de toekomst De dialoog Deze notitie gebruiken wij om de dialoog met de sociale basis verder vorm te geven. Omdat dit gesprek niet één eigenaar kent maar de verantwoordelijkheid is van de sociale basis , zullen we als gemeente dit gesprek faciliteren. Hoe het gesprek vorm krijgt, welke zaken besproken moeten worden, wordt door de sociale basis, beroepskrachten en vrijwilligers zelf bepaald. Participatief onderzoek kan ons hierin ondersteunen. Vertegenwoordigers van de Sociale basis onderzoeken wat nodig is en zetten stappen in het versterken van de Sociale basis (Movisie, 2018). De gemeente zorgt voor de randvoorwaarden om deze dialoog tot stand te laten komen. Deze dialoog willen wij zorgvuldig voeren en hier nemen wij de tijd voor. Met het principe ‘neem iemand mee’ dagen wij ook onze contacten in de sociale basis uit om de minder zichtbare doelgroepen bij het gesprek te krijgen. Vanwege de huidige coronatijd lijkt de dialoog vooral via digitale wegen tot stand te komen. Voor participanten die minder digitaal onderlegd zijn, wordt een maatwerk oplossing gevonden. Het dialoog gaat in drie fasen verder: 1. verder vaststellen van de richtinggevende uitgangspunten (waarvan enkele al beschreven staan bij contouren visie); 2. opstellen van ontwikkeldoelen (hoe en in welke zin wordt de sociale basis versterkt en waar beginnen wij); 3.

maken van praktische afspraken;

Het proces 2020-2021 Om tot een visie versterken Sociale basis te komen in het kader van de WMO , moeten wij de komende periode een aantal flinke stappen maken. Dit doen we in gezamenlijkheid met de sociale basis . Het proces dat hieronder staat beschreven is richting gevend maar passen we, in overleg, aan waar dit nodig blijkt. Van juni tot en met november 2020 houden wij ons bezig met: 1. het voeren van de dialoog; 2. het doen van onderzoek samen met kennisinstituten en bij andere overheidsorganisaties; 3. het vormgeven van een visie en uitgangspunten + uitwerking; 4. het herijken van onze uitgangspunten en beleid (tot zover dit nog niet gedaan is) dat in beginsel is gericht op de ontwikkelingen vanuit de Wmo en vrijwilligersbeleid; 5. het monitoren van inzet versterken sociale basis. De komende maanden zullen wij de Raad de komende maanden met regelmaat infomeren over de voortgang, onder andere door de opbrengsten van de bijeenkomsten te delen. In december 2020 zullen wij een samenvattende rapportage aan de Raad presenteren.

Contouren versterken Sociale Basis juni 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=ee63c092-9630-42be-8d87-7d53dda2aac6