CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 27.11.2024

Gemeenteraad 27 november 2024, gemeente larenBij agendapunt: Opening en vaststelling agenda17.252 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Dat is jammer want daarmee stelt hij zichzelf eigenlijk buiten de discussie en ik zou die graag met hem willen aangaan op de inhoud. Maar eigenlijk ben ik er ten aanzien van dit onderwerp wel min of meer klaar mee. Want om een discussie … De heer Van den Berg: Voorzitter, ik heb wel een interruptie. De voorzitter: Ja, u heeft een interruptie van de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, de interruptie is, mijnheer Koldenhof, u zegt iets over de heer Vos. Maar mijn vraag is, dacht u niet dat wij dan zeg maar in die allereerste ronde toen het eerste initiatiefvoorstel eigenlijk precies hetzelfde dachten, toen heeft u best wel grote woorden gebruikt om het stuk naar huis te sturen in die commissie. Nu verwijt u eigenlijk een beetje de pot dat de ketel zwart ziet. Wat maakt het dat u zo storend vindt aan dat wij enige tegenwerping maken? Dat is niet alleen maar taalgebruik. Wat stoort u? De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Nou, goede vraag. Het gaat mij juist wel om het taalgebruik in dit geval. Het gaat me nog niet eens zozeer om de inhoud want als u het geen goed stuk vindt kunt u het ook met dezelfde woorden die ik net gebruik zeggen. Maar de manier waarop het gezegd wordt vind ik echt geen recht doen aan ook de inspanningen die wij hebben geleverd als penvoerders ... De heer Van den Berg: Nog een keer een interruptie. De voorzitter: De heer Van den Berg.

De heer Van den Berg: Uw eigen fractiegenoot deed in die commissie hiervoor over het collegevoorstel exact hetzelfde. Die brandde de wethouder volledig af en Larens Behoud deed daaraan mee. De heer Koldenhof: Nou, dan ben ik blij dat u mij daarop corrigeert want ik wil ook liever niet dat mijn eigen fractie dit soort woorden gebruikt. Dus mocht dat zo zijn, maar ik neem het van u aan dat dat zo is, dan heb ik ook liever dat dat niet op die manier wordt gezegd want daar komen wij niet verder mee. Dus wat dat betreft, dan heeft u een vraag gesteld over het amendement of ik daarmee kom om afbreuk te doen aan die

verdeling? Nee, dat hoeft ook helemaal niet want het staat in het stuk duidelijk verwoord, we hebben een Woonvisie vastgesteld. Ik heb dat meerdere keren mondeling toegelicht. Maar het neemt niet weg dat wij allemaal wel weten in meer of mindere mate dat er projecten zijn waar het net misschien, als je het getalsmatig bekijkt die een derde niet gehaald zou worden voor sociale woningbouw. Nou, als daar oplossingen voor zijn te vinden, dan wil ik graag dat mijn wethouder naar ons toekomt met een voorstel, hoe kunnen we hiermee aan de slag? En die oplossing die zit juist in het bedenken van en opstellen van een richtlijn voor een vereveningsfonds. Want als iemand daar dan niet aan kan voldoen, dan moet die betalen. En daar heb ik geen enkele moeite mee om daar een fors bedrag tegenover te stellen om te zorgen dat dat geld binnenkomt. Zodat in een ander project, waar mogelijk een andere ontwikkelaar zegt, nou, ik wil het ook niet, ja, maar je moet en we betalen eventueel mee om het voor elkaar te krijgen. Daar gaat het om. De heer Van den Berg: Interruptie. De voorzitter: U heeft al twee interrupties gehad, mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, maar dit is, dit stuk zou ook niet behandeld worden en we gaan het nu wel behandelen. De voorzitter: Ja, oké. Een korte interruptie.

De heer Van den Berg: Dat laatste wat u net zegt, mijnheer Koldenhof van, de ene partij kan er misschien net niet aan voldoen en de andere partij kan er ook niet aan voldoen maar die wordt gedwongen. Hoort u wel wat u zegt, waar zit dan de willekeur? En nou, het begint dan bijna op vriendjespolitiek of cliëntelisme of wat dan ook voor een zwaar woord maar te gebruiken. Waar legt u dan het kader of wie bepaalt dan wat er wel en niet kan? Waar gebeurt dat? De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dat kader is nooit 100 procent dicht te timmeren, ben ik van mening en daar gaat het om. Je kunt dit niet volledig voorleggen want anders gebeurt er nooit meer wat. Ik weet nog heel goed uit een lange bestuurlijke periode die ik zelf heb meegemaakt dat alle angst er was voor precedentwerking. Ook dat heerlijke woord van, dan doen we dus helemaal niks meer en dat wil ik niet. Ik wil dat er met dan maar de richtlijnen, noem het kaders, ik heb helemaal geen zin in een discussie over wat nou het woord kader betekent en wat het woord richtlijn is. Vind ik helemaal niet zo belangrijk. Het gaat mij erom dat het college weet waar het mee aan de slag moet en welke richting het is, waar geen politiek draagvlak vanuit de coalitiepartijen voor is. Nou, en een belangrijke oplossing die er ligt is het opzetten van een vereveningsfonds zo snel mogelijk.

En een andere die ook genoemd is in het stuk is, kijk eens of je ook zelf grond kunt aankopen. Actieve grondpolitiek, lijkt me een uitstekende kluif voor het college om mee aan de slag te gaan. En elk project nogmaals is anders want we hebben hier geen weiland om eens even opnieuw, ja, hebben we wel maar dat willen we niet, geen weiland om nog eens even een nieuwe woonwijk neer te zetten. Dus het is altijd maatwerk. Dus je kunt niet zeggen dat je dan de regel voor 100 procent moet dichttimmeren, dat kan helemaal niet. En dan nog het laatste, voorzitter, als ik mag over dat mijnheer Van den Berg een aantal locaties mist. Nou, gefeliciteerd, dat zal ook zeker wel zijn en er zullen in de toekomst ook nog wel vaker locaties bijkomen die er niet in staan. Maar wat er wel in staat, en precies de locaties die u noemt die vallen daaronder. Namelijk onder de eerste richtlijn, steen voor steen. Want u noemt een aantal locaties waar nu een gebouw staat. Nou, perfect als daar iets anders kan, dan is dat toch volgens de richtlijn steen voor steen?

Dan moeten we nog steeds kijken of het past in die omgeving maar feitelijk bent u het daar dus mee eens? Dank u wel. De voorzitter: Dank, de heer Koldenhof. De heer Vos. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, mijnheer Koldenhof, als mijn woorden u niet bevallen, dan moet u daar maar aan leren wennen heb ik zo het idee. Want dat gaat niet veranderen en ik zal u zeggen waarom. Als er een discussie gevoerd wordt, dan gaat die over een stuk als dit en dat gebeurt in de commissie. En volgens mij worden daar dan argumenten uitgewisseld. En als dan via een omweg toch weer dit stukje op tafel komt, dan kun je verwachten dat daar weinig complimentjes zullen komen. Als u mij dan verwijt dat u vindt, ja, die woorden dit, die woorden dat, u moet eens een beetje mee gaan denken. Nou, ik ga hier zeker niet meer meedenken dus wendt u er maar aan. Dat wil ik even kwijt. Dan kom ik toch nog even inhoudelijk terug. Volgens mijnheer Loeff is dit een heel duidelijk stuk want daaraan kunnen wij zien dat iets kansrijk is. Oké. Maar de hamvraag is, maar waarom is dat dan kansrijk? Ik zie daar nooit een antwoord op, waarom is dit nou kansrijk? En ik heb eigenlijk toch nog een vraag.

Ik weet niet of u dat mij vergunt, voorzitter, om de heer Loeff te vragen om de vraag te beantwoorden waarom, welke kaders, welke criteria gaat hij gebruiken om de wethouder in te adviseren om dat te gaan gebruiken als criterium om iets kansrijk te noemen? De kans is groot dat het gaat regenen. Ja, daar kan de KNMI iets over zeggen want die heeft daar namelijk bepaalde variabelen voor. Ik ben heel nieuwsgierig naar de variabelen die u de wethouder gaat meegeven om te zeggen, nou, als het zo zit dan is dat hartstikke kansrijk. Dus daar ben ik heel nieuwsgierig naar want u noemt het zelf duidelijke richting en een helder stuk. Ik heb er een andere mening over en dat valt niet altijd in goede aarde heb ik begrepen. Nou, jammer maar helaas. Overigens ook voor kleine projecten, mijnheer Koldenhof, als ik een kostuum laat maken is dat volgens mij een kleinschalig project, is dat maatwerk, en dan hoop ik toch dat die kleermaker zich aan bepaalde kaders houdt. Dat ik toch wel een kledingstuk krijg wat voldoet aan bepaalde normen en dergelijke. Dus volgens mij hebben kaders niks te maken met het feit of het een klein project is of een groot project. Daar wou ik het even bij laten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Koldenhof ter interruptie.

De heer Koldenhof: Bent u met mij van mening dat als u een kostuum of een pak laat ik liever zeggen laat maken, dat dat dan een maatwerkpak is? De heer Vos: Nee, ik heb het anders gezegd. Ik heb gezegd, als ik een pak laat maken is dat een kleinschalig project en heb ik gezegd, als dat op maat gemaakt moet worden dan hoop ik dat die kleermaker toch kaders gaat gebruiken. Dat ik niet de kontzakken boven op mijn schouders krijg, bij wijze van spreken. Dus dat was mijn vergelijking. De voorzitter: Ik wist dat deze interruptie ging komen trouwens. De heer De Jong. De heer De Jong: Nee, dank u. De voorzitter: Dan kijk ik nog even naar de heer Spaan. Nee, oké. Mevrouw Van Dorst. Dus toch? Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja, nee, inderdaad. Ik heb alles gehoord en ik begrijp dat allemaal heel goed. Er is één ding waar ik toch nog even geen antwoord op heb horen zeggen. U heeft het over een uitzondering. We hebben inderdaad hier een raadsinitiatief neergelegd, dat is de uitzondering. Daar zijn we juist nou juist zo blij mee dat we dat deden. Dat zou juist een voorbeeld moeten zijn om dat nou wat vaker te doen. Dat niet altijd

het college met allerlei initiatieven komt maar dat wij daar juist een keer mee komen. Dat wou ik even nog toevoegen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Duidelijk. Ik kijk nog, een reactie van de wethouder en als laatste het woord aan de heer Loeff die vragen heeft gekregen. En dat is dan geen derde termijn, maar dan krijgt die dat gewoon als initiatiefnemer, daarna gaan we gewoon stemmen. De heer Rood. De heer Rood: Ja, voorzitter, dank u wel. Even voor een goed begrip, die verdeling een derde, een derde, een derde geldt bij hele kleine projectjes is dat vaak gewoon niet te doen. Dus dat ben ik met de heer Koldenhof eens. In de toekomst zullen we daar dan dus een financiële straf op zetten zeg maar. Dan nog één keer, ik zei dat denk ik al eerder, er gaan allerlei gesprekken gewoon door omdat initiatiefnemers dat graag wensen. Ik geef dan natuurlijk wel aan, en dat is meer in reactie op de heer Van den Berg, dat ik heb kunnen lezen dat er een voorstel ligt voor de gemeenteraad waarin een aantal fracties aangeven niet enthousiast te zijn bijvoorbeeld over zo'n locatie. En dat kan voor een initiatiefnemer ook een reden zijn om zijn knopen te tellen maar het kan ook een reden zijn om te zeggen, ja, dat zullen we nog wel eens zien want ik ga een prachtig plan maken waar ik alle fracties mee omverblaas.

En dan is dat een goed recht van zo’n initiatiefnemer en dan komt het inderdaad gewoon, wordt het gewoon op zijn merites beoordeeld in de commissie R&I en dan zien we dan wel hoe dat uitpakt. Dus die status van zowel mijn voorstel als ook dit voorstel moet nou ook weer niet steeds heel overdreven worden voorgesteld. Dank u wel. De voorzitter: De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, voorzitter, dank voor het slotwoord. Nou, misschien, ik was heel blij dat de toon van de heer Vos in ieder geval inhoudelijk ook werd. En u vraagt inderdaad om, hoe kan het nou zijn welke zaken kansrijk zijn en niet en welke kaders hebt u daarbij meegenomen? U kent het rapport van Sweco, daar staat heel veel informatie in en die informatie die geeft allerlei getallen en dichtheden en kansen, et cetera. Wij hebben dat rapport gepakt, dat rapport is weliswaar niet als raadsbesluit hier aan de orde geweest maar dat is wel een rapport wat bestaat. Dat zal, en dat hoor ik ook uit de woorden van de wethouder, ook best op tafel liggen bij initiatiefnemers die zeggen, nou, aan de hand hiervan ga ik verder. Wij hebben in dit korte stuk eigenlijk twee zaken onderscheidden, en de heer Koldenhof zei dat ook al, stenen voor stenen, er staat iets en je gaat het herbestemmen of afbreken en iets nieuws bouwen.

Dat is een inbreidingslocatie en die inbreidingslocatie is in principe een kansrijke locatie, want daar hoef je niet voor bomen te kappen, andere dingen te doen. Daar staat al iets dus dat maakt ook dat je daar op een makkelijke manier kunt nakijken, nadenken of dat kansrijk is. En vervolgens hebben wij gezegd, er zijn een aantal locaties niet kansrijk, die staan ook in het stuk. We hebben daar inderdaad heel kort achter gezet waarom wij, initiatiefnemers, ze niet kansrijk vinden. Uiteraard kunt u daar een andere mening over hebben, dat mag. Wij denken dat de argumenten die daarachter staan helder zijn. Daar hebben we geen enorme matrix op losgelaten of allerlei discussies over gevoerd of zijn we mee rondgegaan. Wij zijn bij elkaar gaan zitten, we hebben met elkaar in brede consensus gezegd, nou, deze zijn niet kansrijk of deze zijn op dit moment niet kansrijk. Dat is eigenlijk alles. En ja, soms moet je het kort houden. Je kan natuurlijk heel veel dingen in enorme maatregelenpakketten en in allerlei kaders gaan gieten. Dat doen we niet. Dit komt ook zeker nog een keer terug. Maar juist om het kort te houden, een helder stuk, denk ik dat de wethouder hiermee verder kan als dit stuk wordt aangenomen. De voorzitter: Dank, mijnheer Loeff. We gaan stemmen.

De fracties die het initiatiefvoorstel steunen, kunnen die dit kenbaar maken? Ja, dat is de fractie van Larens Behoud, D66, de VVD en Democratisch Laren. De fracties die tegen zijn, kunnen die dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van Groen Laren en Liberaal Laren en het CDA en daarmee is het initiatiefvoorstel aangenomen. Ik kijk wel even schuin naar de klok, want hier

hebben we lang over gedaan, met lange spreektijden. Het is dus inmiddels tien voor half tien en we hebben één voorstel gehad vanavond, dus neem dat ook even in overweging met de rest van de agenda. 9.

Motie Groen Laren “Woningbouw veldje Eemnesserweg” De voorzitter: Maar dan kom ik eerst bij een herstemming van de motie van Groen Laren over woningbouw op het veldje van de Eemnesserweg. Die is door gelijke stemming in de raadsvergadering van 23 oktober doorgeschoven. Dus de beraadslaging wordt niet opnieuw gedaan, die heeft toen plaatsgevonden. Het enige wat we nu doen is de technische stemming. Mocht de motie door gelijke stemming weer staken, dan is het volgens artikel 32 lid 5 van de Gemeentewet niet aangenomen. De heer Vos. De heer Vos: Mag ik toch iets zeggen voorafgaand aan de stemming, voorzitter? De voorzitter: Als initiatiefnemer mag dat. De heer Vos: Dank u wel. Dat doe ik namelijk graag. We hebben zonet een heel verhaal gehad over mogelijke projecten. Ik las dat we binnenkort gelukkig appartementen mogen kopen op het Rabobankterrein ter waarde van startprijs vanaf 2,3 miljoen euro. Ik heb dat niet, ik denk dat meer mensen dat niet hebben, maar dat is wel het dorp waar we op het ogenblik in wonen. En ik weet dat een aantal mensen hier aan tafel het een prachtig project vinden. Ik hoop dat die mensen die dat een mooi project vinden en vonden ook het project aan de Eemnesserweg een mooi project gaan vinden. Ik zou willen vragen om opnieuw hoofdelijk te stemmen, mijnheer de voorzitter, als dat mag? De voorzitter: Ja, we gaan hoofdelijk stemmen.

Ik ben best ruimhartig geweest in wat we allemaal toestaan hè, maar als we nou, want het gebruikelijk is dat we niet de beraadslaging opnieuw gaan doen. Maar met zo'n statement kan ik me voorstellen dat andere partijen zeggen, dan wil ik ook wel weer wat vinden. En dan gaan we eigenlijk toch weer een opening creëren naar een beraadslaging. Ik wil daar toch eigenlijk wel wat terughoudend mee omgaan. Het is nu klaar met de inhoudelijke bespreking van deze motie, we gaan nu een hoofdelijke stemming doen. De heer Van Goozen: Precies. De voorzitter: Mevrouw de griffier, wilt u daar nu mee beginnen? De heer Van Goozen: Mag ik een stemverklaring, voorzitter? De voorzitter: De heer Van Goozen. De heer Van Goozen: Mag dat nu? De voorzitter: Ja. De heer Van Goozen: Ik ga voor het voorstel stemmen. Alhoewel ik mezelf daar een beetje mee tegenspreek omdat het in het initiatiefvoorstel anders staat. Maar het is ons eigen Larens Behoud plannetje en ik zou niet willen dat het stukje straks verkwanseld wordt aan andere doelen. De voorzitter: De heer Koldenhof.

De heer Koldenhof: Ja, dank u, voorzitter. Stemverklaring. De VVD zal tegen de motie stemmen. Dat heeft ze de vorige keer ook gedaan. Er is al een onderzoek door het college uitgevoerd of een opdracht van het college uitgevoerd van 30 november 2021, dat is nog niet eens drie jaar geleden. Wat mij betreft is daarmee deze motie volstrekt overbodig en ik refereer verder aan het net zojuist aangenomen initiatiefvoorstel. De voorzitter: We gaan stemmen. Mevrouw de griffier, voordat er weer een stemverklaring komt. Mevrouw Kroon-Stam: Andreus Grunwald. De heer Grunwald: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Ellen Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Erwin Van den Berg. De heer Van den Berg: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Ronald Spaan. De heer Spaan: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Karel Loeff. De heer Loeff: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Hans Van Goozen. De heer Van Goozen: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Thijmen Jacobse. De heer Jacobse: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Eric Hurink. De heer Hurink: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Erik Koldenhof. De heer Koldenhof: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Desirée Niekus. Mevrouw Niekus: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Evert De Jong.

De heer De Jong: Tegen. Mevrouw Kroon-Stam: Bart Vos. De heer Vos: Voor. Mevrouw Kroon-Stam: Ze staken dus dan is het niet aangenomen. De voorzitter: De stemmen zijn gestaakt, de motie is niet aangenomen. 10. Bekrachtigen MRA Agenda 2025 - 2028 en Meerjarenbegroting MRA De voorzitter: Ik ga naar agendapunt 10. Dat is een hamerstuk, het bekrachtigen van de MRA Agenda. Die is uitvoerig in de commissie behandeld, het betreft een hamerstuk. Wenst iemand nog stemming over het voorstel? Nee, dat is niet het geval. Dan is het hiermee aangenomen. 11. Vaststellen bestemmingsplan en woningbouwproject Eemnesserweg De voorzitter: Dan kom ik bij de bespreekstukken en agendapunt 11. Dat is het vaststellen van het bestemmingsplan en woningbouwproject op de Eemnesserweg. Welke fractie wenst hierover het woord te voeren? Is dat één of twee termijnen? Ik kijk even rond. Eén. Ja, één? Oké. Dan geef ik het woord … Wie wenst hierover het woord te voeren? De heer Loeff, de heer Van den Berg, de heer De Jong, de heer Vos. Dat wordt hem. Loeff. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Het gaat steeds sneller, u wil haast maken, dat is hartstikke goed. Wij willen ook haast maken. Er is heel veel gezegd over dit bestemmingsplan in de commissie. Ik moet even wennen dat het nog steeds bestemmingsplan heet terwijl we eigenlijk met de Omgevingswet met omgevingsplannen werken.

Maar goed, dit is nog onder de oude regie tot stand gekomen dus we houden het op een bestemmingsplan. Dat is wel fijn en dat is ook wel memorabel. Ik ben heel blij dat we eindelijk na een lange periode van voorbereiding dit bestemmingsplan hier voor hebben liggen. Ik wil een compliment geven aan het college over de wijze van onderhandelen waarmee met de buurman die aanvankelijk bezwaar had tot overeenstemming is gekomen, zodat het plan ook op een goede manier kan worden uitgevoerd. Ik vind het jammer dat de diaconie die aanvankelijk het initiatief had genomen om hier ook zelf ouderen te huisvesten niet de financiën bij elkaar kon krijgen om het project van de grond te trekken. Maar we hopen dat dit uiteindelijk toch een goede bestemming krijgt. En ik ben heel blij dat straks ouderen die slecht ter been zijn op loopafstand van de markt op een prachtig plekje hier kunnen wonen. En ook als zij hopelijk een grotere woning verlaten, nog een aantal jaar hier fijn kunnen wonen. Dus in die zin blij met het voorstel. En ja, er zijn heel veel inhoudelijke dingen over het plan gezegd, maar we hebben het hier gewoon simpelweg over de kaders waarbinnen de bouw gaat plaatsvinden. We hopen vanuit Larens Behoud dat dit ook zonder bezwaren bij de Raad van State zal gebeuren want we hebben snel locaties nodig.

Dus in die zin ook een oproep na de stemming aan iedereen om dit plan ook snel voort te laten gaan. En we hopen dan ook dat de corporatie snel de bouw kan aanvangen en de eerste bewoners heel spoedig de sleutel zullen krijgen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voorzitter, dank u wel. Het is zoals de heer Loeff zegt, het heeft even geduurd. Een paar opmerkingen daar nog bij. In allereerste instantie hebben we daar tegen gestemd omdat de toenmalige

wethouders met kinderen op het schoolplein stonden en het over bomen en groen hadden en men niet bereid was om te erkennen dat het dan raar is als je een van de laatste stukjes wild groen, verwilderd groen gaat kappen. Vervolgens hebben we wat stappen gezet en zijn we meegegaan in woningbouw. Wat ik wel wil rechtzetten is dat het nooit, maar dan ook nooit de bedoeling is geweest dat de diaconie dit zou gaan kopen. Het is van meet af aan de bedoeling geweest dat er een stichting of iets dergelijks geformuleerd zou worden. Ik wilde nog even aanstippen omdat ook in eerdere behandelingen nog van dit bestemmingsplan en ook bij een grondexploitatie nog zware afkeur vanuit de coalitie werd geuit op het feit dat daar de grondprijzen te laag zouden liggen. En ik wil toch nog één keer de opmerking maken dat dit wel het college was met de VVDwethouder die dit voor dit bedrag heeft weggegeven en wij dus niet goed op zitten te letten als gemeenteraad. Met die paar kanttekeningen, en wellicht komen ze bij sommigen wat zuur over, maar ik denk dat het goed is voor het nageslacht om wel even gewoon zuiver te duiden dat hier, als dit ook een beetje anders aangepakt was er misschien nog steeds zeven woningen waren gekomen, dan was het wel vlotter verlopen.

We gaan dus mee want we hebben zoals in de commissie eigenlijk al gezegd, het is allemaal helder en duidelijk en zaak dat er zo gauw mogelijk zeven woningen voor Laarders komen. De voorzitter: Dank, mijnheer Van den Berg. De heer De Jong. De heer De Jong: Ja, daar is een besluit genomen in het verleden, terrein door de raad zijn randvoorwaarden vastgesteld. Kijk aan, we hebben daadkrachtig randvoorwaarden vastgesteld. Maar wat gaan we nu doen? Die randvoorwaarden gaan we onderuithalen en zeggen, ja, daar gaan we ons gewoon niet aan houden. Ja, maar op deze manier blijft dit voor ons een niet kansrijke locatie, om met de woorden van vandaag te spreken. Mevrouw Timmerman heeft dit al voldoende toegelicht in de commissievergadering. En ja, we zijn gewoon niet eens dat hier deze bomen gekapt moeten worden. Er zijn genoeg andere locaties waar dit gekund had en die we niet gedaan hebben. Daarnaast, ja, gaan we 70 duizend euro betalen voor planschade. Dan denk ik, ja, dat is toch wel een cadeau met gemeenschapsgeld. En we gaan ook niet toetsen bij de rechter of dat wel goed is. Nee, we gaan dat gewoon van 60 duizend naar 70 duizend euro verhogen. De voorzitter: Mijnheer … Ho, ho. De heer De Jong: Ja, ook de erfpacht hebben we, dat ook binnen de coalitie waren er van, ja, we moeten dit niet uit handen geven want erfpacht is belangrijk.

Dus nee, wij kunnen hier met al deze wijzigingen absoluut niet akkoord. De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Ja, hij doet het. Dank u wel, voorzitter. Ik zal het nog korter maken. Het lijkt ons een heel goed plan, snel beginnen. De voorzitter: De heer Spaan. De heer Spaan: Ik denk het enige probleem is, ik ben erg voor dat de woningbouw problemen heeft met erfpacht, dus daar blijft het op hangen denk ik, vrees ik. De voorzitter: Oké, duidelijk. Volgens mij hebben we één termijn gehad. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Sorry. Inderdaad, het onderwerp erfpacht, daar hebben we in de commissie afgesproken, dat zou inderdaad onderzocht worden in een volgend plan. Dit plan gaat gewoon door. Ik zie het

zelf als een soort subsidie als het mag voor sociale woningbouw. En daar ben ik heel blij mee en daarom ben ik voor dit project. De voorzitter: Oké, duidelijk. De heer Rood. De heer Rood: Ik heb geen vraag gehoord, voorzitter. De voorzitter: Nee, oké. We gaan stemmen. De heer Rood: Dank voor alle steun. De voorzitter: De fracties die het voorstel steunen, kunnen die dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van Larens Behoud, D66, CDA, Democratisch Laren, Groen Laren en de VVD. Kunnen de fracties die tegenstemmen dit kenbaar maken? Dat is de heer De Jong en daarmee is het voorstel aangenomen. 12. Zienswijze begrotingswijziging 2024 VRGV De voorzitter: Dan kom ik bij de zienswijze op de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek. Die is vrij uitgebreid besproken in de commissie. Ik begreep dat op verzoek van de heer Grunwald is het een bespreekstuk voor de raad geworden. Ik kijk even naar de raad wie hier het woord over wenst te voeren? Wie wenst het woord te voeren? De heer Grunwald. De heer Grunwald: Mag ik even. Dit gaat over de begrotingswijziging van de regio, daar heb ik bij mijn weten geen vragen over gesteld om dat hier te bespreken. Daar hebben we vastgesteld dat het een hamerstuk zou zijn. Ik heb wel aangegeven dat ik iets wilde zeggen over de stukken van de Veiligheidsregio. De voorzitter: Maar daar spreken we nu over.

De heer Grunwald: Daar spreken we nu over? De voorzitter: Ja, ik kan ook wel voorzitten hoor. De heer Grunwald, het gaat hier over de Veiligheidsregio. De heer Grunwald: Oké, dan prima. De voorzitter: Mooi, gaat uw gang. De heer Grunwald: Ja, dank u wel. Ja, dat stuk is eerder in de commissie besproken en de technische vragen zijn beantwoord. Wat ik persoonlijk merkwaardig vond is dat er in de oplegger gebruik gemaakt wordt van, nou, daar wordt een zienswijze op gegeven op die stukken. Als je dan de zienswijze erop naleest dan staat daarin van, we zijn het ermee eens, punt. Nou ja, het is een zienswijze natuurlijk heel kort door de bocht genomen, maar het is natuurlijk ook wel een beetje een gemiste kans. Want als je nou de cijfers een beetje daarop nakijkt en de stukken die daarbij zitten, dan is daar wel toch aanleiding denk ik om daar wat meer uitgebreider wellicht over na te denken. Dat zit hem in het volgende, het is natuurlijk erg prettig als er ook eens iets overschiet en we als gemeente nog wel eens wat terugkrijgen door wat meevallers. Maar het is maar de vraag of dat dan wel een goede zaak is? Want als ik de stukken zo bekijk dan zie ik toch ook een aantal problemen bij de Veiligheidsregio.

Dat kan je dus een beetje zien in de cijfers waarbij bij de brandweerzorg weliswaar minder uitgegeven wordt maar uit de tekst maak ik ook een beetje uit op dat het ook onderbesteding is. En dan bedoel ik met onderbesteding iets van, ja, personeel wat er zou moeten zijn is er

dus niet. Dat hoeft niet betaald te worden dus dan schiet er iets over. Is dat dan een goede zaak? Vervolgens zie je dus dat er op het onderdeel veiligheidsbureau toch zo'n 30 procent te veel uitgegeven wordt. Nou ja, is dat iets om even gewoon maar zo te laten? Bij bevolkingszorg ook iets dergelijks, wordt eigenlijk ook wel 20 procent te veel uitgegeven. Dus ik heb eigenlijk het gevoel, ja, waarom wordt hier dan niet op gereageerd? Dus mijn vraag is ook aan het college dan van, hebt u dat ook geconstateerd en is dat dan aanleiding voor u om hier iets van te vinden of niet? En zo niet, ja, waarom vindt u dat dan daar iets niet van? En ja, dat vind ik dan toch wel heel interessant eigenlijk ook als raadslid om dan ook van het college nog eens terug te horen van, wat gaat er nou in het college om als dit soort zaken voorbijkomen? Of is het nu zaak omdat het morgen gewoon rond moet zijn, want dan verloopt de reactietermijn, om dan maar kort door de bocht even gewoon zo dan maar geen reactie op te geven? Dat is mijn vraag. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ja, ik vind zelf eigenlijk dat u best een goede analyse heeft gegeven van de positieve en negatieve punten van de analyse van deze begrotingswijziging. We houden geld over, dat is op sommige punten goed nieuws, dat is op sommige punten kun je er extra vraagtekens bij stellen.

Want inderdaad, als we geld over hebben omdat we geen mensen hebben kunnen aannemen, dan was dat uiteindelijk niet de bedoeling want dan wordt er bepaald werk ook niet gedaan. Dus daar heeft u ook gewoon helemaal gelijk in. Overigens dienen wij vaker inhoudelijke zienswijzen in waarbij we dezelfde vragen ook naar voren brengen. Vragen die u stelt hebben we ook wel mondeling gesteld. Wat ik een beetje ingewikkeld vind, is dat als u de suggestie heeft om deze op te nemen in de zienswijze had dat vanavond in een amendement voor moeten liggen. En dat ligt er nu niet dus als we dat nou eens zo oplossen dat ik in de vergadering van het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio de inbreng precies laat zijn zoals u die brengt, want ik ben het eigenlijk volledig met u eens. Ik vind het dan stiekem terugkijkend dacht ik van, nou, dan is het niet nodig om een inhoudelijke zienswijze wederom te maken. Maar terugkijkend denk ik van, ach ja, we hadden eigenlijk best uw punten kunnen opnemen in de zienswijze. Dus die handreiking doe ik u hier nu, die neem ik graag inhoudelijk mee. De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ja, ik ben even verward over de volgorde die we doen.

Want u reageert in eerste instantie op mijnheer Grunwald maar hebben we nog een eerste termijn of wilt u nog iets … Wat was eigenlijk, wat was uw gedachte daarbij? De voorzitter: Nou, ik heb rondgekeken wie het woord wilde voeren en ik heb alleen de heer Grunwald gezien. De heer Koldenhof: O, nou, dat is dan mijn excuus maar het is mij niet opgevallen, maar ik wilde toch kort nog reageren. De voorzitter: Heel goed, gaat uw gang. De heer Koldenhof: Maar nu maakt u het mij, als het mag? De voorzitter: Ja. De heer Koldenhof: Maar nu maakt u het mij nog makkelijker om toch te pleiten om het amendement in stemming te brengen. Kijk … De voorzitter: We hebben het over de Veiligheidsregio hè? De heer Koldenhof: Ja, want u stelt voor om een andere handelwijze te doen.

De voorzitter: Nee, we hebben twee begrotingswijzigingen, de Veiligheidsregio en de Regio Gooi en Vechtstreek. We hebben het nu over de Veiligheidsregio. De heer Koldenhof: O ja, met dank aan al die afkortingen. Ik kom daar zo nog op terug, excuus. De voorzitter: Ja, ik heb een beetje onorthodox voorstel gedaan omdat ik toch wel graag iets u tegemoet wil komen. Kunt u daarmee leven, mijnheer Grunwald? De heer Grunwald: Ja, dank u wel voor uw antwoord. Nou, fijn als u dat nog wilt meenemen. Technisch gesproken ben ik het verder ook met u eens inderdaad als ik iets anders wil, dan kan ik daar een amendement over indienen. Dat is ook akkoord. Maar ziet u het verder maar als een oproep aan het college om zelf ook, en natuurlijk kan het best wel zijn dat u ook eens iets ontgaat of dit soort dingen, maar om daar ook zelf van meet af aan kritisch te zijn op waar dan wel of geen zienswijze op ingediend wordt en wat de inhoud daarvan is. Dank u wel. De voorzitter: Uw aansporing op dit agendapunt in de commissie is voor mij aanleiding geweest om op het volgende agendapunt in de commissie de suggestie te doen voor een amendement op de zienswijze. Als we dit nu in stemming hebben gebracht, gaan we nu dan dat agendapunt behandelen. Dus de Veiligheidsregio, kunnen we gewoon allemaal leven met dit voorstel? Ja, dat is het geval. Dan is het hiermee aangenomen. 13.

Zienswijze begrotingswijziging Regio Gooi & Vechtstreek De voorzitter: Dan ga ik nu naar de zienswijze op de begrotingswijziging van de Regio Gooi en Vechtstreek waar een unaniem amendement voor, is het unaniem eigenlijk, unaniem amendement voor is ingediend. Welke fractie mogen we hiervoor het woord geven? Ik kijk rond, willen fracties dit zichtbaar kenbaar maken? Dat zijn de heer Koldenhof en de heer Grunwald. Ik begin bij de heer ... Nee, ook niet? De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Nee, nou, voorzitter, daarom ben ik een beetje abuis want u begon net over een amendement om het niet te doen of wel te doen. Daarom dat ik nu even dacht, wat moet ik hier nu mee? Maar ik vind het een heel goed amendement omdat ik namelijk eerder bij ik denk behandeling van een Kadernota dit jaar of misschien al bij de begroting van vorig jaar heb voorgesteld juist om trap op trap af zeg maar even bij tegenvallende inkomsten van de gemeente ook de Regio Gooi en Vechtstreek hierop aan te spreken. Dat werd eerst niet zo enthousiast overgenomen door het college, maar later bij de begroting wel. En dan vind ik het gek dat u dat dan niet gewoon opneemt in de zienswijze. En daarom denk ik dat het heel goed is dat degene die, ik was het zelf niet hoor, maar in ieder geval alert is geweest om dit amendement op te stellen, mijn complimenten en ga zo door. De voorzitter: Dank, mijnheer Koldenhof.

Het college heeft in de commissie de suggestie gedaan dit amendement in te dienen dus wat fijn dat u het initiatief heeft overgenomen. En laat ik dan nogmaals, als voorzitter van uw gemeenteraad en namens het college, mijn hele grote zorgen over de voorgenomen bezuiniging op het gemeentefonds uitspreken. Aangezien het overgrote deel, een heel groot deel van onze uitgaven wij doen binnen hele strakke kaders die het Rijk stelt. De bezuiniging van het gemeentefonds voor het overgrote deel zal vallen daar waar wij zelf speelruimte hebben en dat zal allemaal landen in onze eigen lokale voorzieningen. En als we dan ook nog te maken gaan krijgen met gemeenschappelijke regelingen die gewoon doorgaan met een kostenstijging, dan zal de dreun voor de inwoner nog harder aankomen. Vandaar dat ik het belangrijk vind dat de gemeente Laren als eerste de oproep doet aan alle gemeenschappelijke regelingen, en u neemt ook dat initiatief, om luidkeels kenbaar te maken dat wij behoefte hebben aan een

collectief overleg van de gemeente om de kostenontwikkelingen binnen gemeenschappelijke regelingen te bespreken. En de heer Van Midden heeft in het verleden ook geen kans onbenut gelaten om datzelfde pleidooi te doen. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Hoor ik u zeggen dat wij bij eerstvolgende voorstellen bij wijze van spreken een soort van generieke korting naar alle gemeenschappelijke regelingen gaan voorstellen? Want dat doet het Rijk namelijk ook naar al haar partijen. De heer Koldenhof: Bij interruptie, mag ik u … De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Het lijkt mij verstandig, en mijnheer Van den Berg, zou u het dan een goed idee vinden om dit dan te betrekken bij de algemene bespreking over hoe wij met het ravijnjaar omgaan? Want naar mijn informatie zou de wethouder van financiën hier in januari met een voorstel naar ons toe komen en dan kunnen we dit erbij betrekken. Hoe denkt u daarover? De heer Van den Berg: Nee, daar denk … De voorzitter: De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, dank u wel, voorzitter. Nee, de heer Koldenhof die doet natuurlijk een heel goed procedurevoorstel maar uw mooie enthousiaste opmerkingen leidde mij tot deze opmerking. De voorzitter: Heel goed.

Nou, ik denk dat het allerbelangrijkste is, is dat wij ver aan de voorkant de dialoog zoeken met onze andere gemeenten in het gebied, via de wethouders, via raadsleden. Ik denk dat dat veel kansrijker is dan dat we een Kadernota afwachten en daar een korting op. Maar mijnheer Van den Berg, u bent een van onze meest prominente vertegenwoordigers vanuit de gemeenteraad in de regio, samen met mevrouw Van Dorst. Dus wie weet dat ook via die lijn de dialoog gezocht kan worden zou mijn suggestie zijn. Dan was het, kom ik toe aan de sluiting van deze vergadering. Ja, nee, er moet nog gestemd worden. Wenst iemand hier nog stemming? Ik ben helemaal van de leg. Wenst een fractie nog stemming over het amendement? Dan is het amendement enthousiast unaniem aangenomen. Ik zie non-verbaal blije gezichten. Wenst iemand nog stemming over het hoofdvoorstel? Dat is niet het geval. Dan hebben we hierbij een zienswijze gewijzigd die aan de regio verzonden zal worden. Wie weet neemt de griffier het initiatief om het ook nog even te verspreiden onder de andere griffies in de regio. 14. Sluiting De voorzitter: Daarmee sluit ik deze vergadering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14926435/2