Transcript Commissie Ruimte & Infrastructuur 11.09.2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE RUIMTE & INFRASTRUCTUUR VAN GEMEENTE LAREN d.d. 11 september 2024
1.
Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Het is precies acht uur. Welkom allemaal. Fijn dat u allemaal weer terug bent na het zomerreces. We hebben afgelopen vrijdag al het nieuwe politieke jaar afgetrapt. Maar dan vandaag begint het ook echt hier weer in de raadszaal in Eemnes. Dat wil zeggen, we hebben vandaag een commissievergadering waarvoor u allemaal aanwezig bent van de commissie R&I. En allereerst allemaal de commissieleden, hartelijk welkom. Uiteraard ook het college en uiteraard ook de mensen die op de publieke tribune zitten. Ik ga even de opening langs aan de hand van de agenda, maar ook de aanwezigen eerst eens even opnoemen. Vanavond hebben we aanwezig van Larens Behoud, de heer Van Goozen en mevrouw Van Oort. De VVD is vertegenwoordigd door mevrouw De Brouwers. D66 is vertegenwoordigd door mevrouw Van Dorst. En Liberaal Laren door mevrouw Timmerman en de heer Oomkens. En dan Groen Laren is vertegenwoordigd door de heer Vos, die heb ik ergens gezien, oh daar. En de heer Wichers Schreur. En de CDA is vertegenwoordigd door de heer Van den Berg en mevrouw Krapels. Democratisch Laren door de heer Spaan. En vanuit college zijn twee wethouders aanwezig, de wethouders Van Midden en Rood. Dan berichten van verhindering zijn van de heer Westendorp van de VVD en mevrouw Berghorst van D66.
Dan heb ik twee punten om zo meteen ook aan de hand van de agenda eventjes te noemen. Omdat daar iets van een wijziging in komt. Hij is ook binnen, want hij zit achter een stoel verstopt. Maar vanavond is ook de laatste vergadering van onze gemeentesecretaris waar hij aanwezig bij zal zijn. Fijn dat u er bent. Voor de luisteraars op de publieke tribune en thuis, hij begint maandag aan een nieuwe functie bij de Tweede Kamerfractie, voor de Tweede Kamerfractie van Nieuw Sociaal Contract. En daar wensen wij hem uiteraard ook vanuit deze commissie, voor zover het nog niet gebeurd is, heel veel succes mee. En afscheid en dergelijke is de komende dagen allemaal gepland. Dan heb ik een ander ordevoorstel bij agendapunt 8. In het presidium hebben wij het erover gehad, maar er is toen even vergeten om dit door te voeren in deze agenda. Maar dank mevrouw Timmerman dat u daar nog eventjes op heeft geattendeerd. Namelijk om de rondvraag weer als van ouds naar het einde van de vergadering te verplaatsen. Omdat daar soms heel veel punten nog op het laatste moment komen en dat dat eigenlijk de agenda frustreert. Ook voor de mensen die speciaal naar de raadszaal zijn gekomen om bijvoorbeeld in te spreken. Als u daarmee kunt instemmen zo meteen, dan doen we dat in één keer bij het vaststellen van de agenda.
Dan gaan we over even nog de aankondiging bij agendapunt 9, de bespreking reconstructie Eemnesserweg. Daar heeft één spreker zich gemeld namens de bewonersgroep verkeerssituatie Eemnesserweg, mevrouw Verloop. Ja, aanwezig, fijn. En zij heeft ook gevraagd om het woord te voeren aan het begin van de behandeling van agendapunt 10 wegenbeheerplan 2024-2028. Dat gezegd hebbende zijn er verder geen wijzigingen meer in de overige punten van de agenda. Ik wijs u er wel op dat er hier en daar technische vragen zijn ingediend door meerdere fracties en die zijn allemaal ook gepubliceerd in IBabs. Dus mocht u die zoeken, waar zijn die dan? Ik heb ze niet gezien. Ze zijn allemaal gepubliceerd en met die laatste mededeling wil ik graag de agenda met uw welnemen vaststellen. Goed, dan dank u wel.
2.
Presentatie over het omgaan met Grexen De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 2. En op verzoek van de commissie zal er eerst een presentatie gegeven worden over de omgang met de grondexploitaties. Het is niet dat er heel veel gebouwd wordt in het dorp, misschien wel tot verdriet van sommige mensen, want we willen allemaal graag meer woningen. Maar aan de hand van discussie die we in het verleden daarover hebben gehad, is er wat onduidelijkheid of gewoon
ook wens van de commissieleden om hier wat meer over te worden voorgelicht. En daarom, daarvoor is uiteraard aanwezig de wethouder Rood, maar de presentatie wordt gegeven door de heer De Jong, projectleider ruimtelijke ontwikkeling van de BEL Combinatie. En die is hier aanwezig, dus ik zou zeggen, ik geef u graag het woord. De heer De Jong: Dank u wel. U heeft het al gezegd, ik ben Huub de Jong, projectleider ruimtelijke ontwikkeling. Veel mensen kennen mij in dit gremium. Projectleider ruimtelijke ontwikkeling wil zeggen dat ik naast beleidsmatige zaken op het gebied van ruimtelijke ordening en ontwikkeling, bestemmingsplannen en dergelijke, ook veel projecten doe voor alle drie gemeenten en heel vaak projecten met woningbouw. Ik ben van huis uit jurist. Na mijn studie in Utrecht ben ik eerst in militaire dienst gegaan. Toen heb ik nog ruimtelijk bestuursrecht gestudeerd. Daarna ben ik voor kleine gemeenten gaan werken. En dan doe je eigenlijk van alles wat. Je bent van heel veel dingen op de hoogte. Je gaat bijna nooit ontzettend de diepte in. En je kunt eigenlijk wel zeggen, ik weet heel veel, of ik weet heel weinig van heel veel, hoe je het ook wil zeggen. Ik ben geen planeconoom. Ik heb wel een studie bij de Bestuurs Academie gedaan voor planeconomie. Maar het is eigenlijk gewoon een vak op zich.
Er zijn gewoon mensen die zich hierin helemaal volledig hebben gespecialiseerd en die hebben hier een dagtaak aan. Dat ben ik dus niet. Dat gezegd hebbende. Ik heb voor u een heel kort programmaatje gemaakt. De vraag was, vertel iets over grondexploitaties. Ik heb nog even doorgevraagd, waar moet het dan over gaan? Ja, de grondexploitaties die in de raad en commissie zijn behandeld. Dat was niet altijd even duidelijk. Kun je daar nog iets meer over zeggen? Dat is op zich niet een moeilijke vraag, maar ik wilde het in een iets breder kader plaatsen, omdat we ook bezig zijn met een locatieonderzoek woningbouw en de Grexen die u heeft vastgesteld was op gemeentegrond. Veel locaties van het woningbouwlocatieonderzoek zijn niet op gemeentegrond. Ik wil u iets vertellen over grondbeleid in zijn algemeenheid, grondpolitiek, heel kort. Kan je natuurlijk hele boeken over schrijven, maar heel kort. Ik wil u iets vertellen over de drie mogelijkheden om iets te realiseren. Je kunt het zelf doen. Je hebt zelf grond, ga je zelf bouwrijp maken en dergelijke, verkopen, dan kun je het programma zelf bepalen. Je kunt samen met de markt woningen ontwikkelen en je kunt het ook volledig overlaten aan de markt. En dan kom ik aan de gemeentelijke grondexploitatie.
Wat u eigenlijk heeft gevraagd, wat staat daar nou in en wat is dat nou eigenlijk? En ik wil eindigen met kort heel even wat risico's te benoemen. Zoals ik al zei, u heeft recent drie grondexploitaties, GREX, staat dat voor, drie Grexen, dus drie grondexploitaties, vastgesteld. Die moeten ook jaarlijks door de gemeenteraad worden herzien. Dat was de directe aanleiding voor deze korte presentatie. En we hebben daaraan toegevoegd het locatieonderzoek woningbouw, want dat staat, het komt binnenkort in de besluitvorming. En dat betekent ook iets voor risico's, Grexen en dergelijke. Heel kort iets over grondbeleid, want wat is dat nou eigenlijk, grondbeleid, grondpolitiek? Er staat in eerste instantie aangegeven, het is facilitair aan ruimtelijke doelen. Grondpolitiek en grondbeleid, alles wat met grond te maken heeft, is geen doel op zich. U koopt geen grond om winst te maken. Als u grond bezit of u gaat grond kopen, dat kan allemaal, dan heeft u daar een doel mee. Dat wil zeggen, het is facilitair. Maar uw doel is, primair, er moeten woningen gebouwd worden. Of we willen bedrijventerrein ontwikkelen. Of er moet iets voor de zorg worden gerealiseerd. Met andere woorden, de doelstelling is natuurlijk dat we zaken voor elkaar willen krijgen en grondbeleid draagt daaraan bij. Als u vragen heeft, stelt u ze gerust tussendoor. Mag ook aan het eind, maar tussendoor mag ook.
De voorzitter: Liever even aan het eind, als ik eerlijk ben. De heer De Jong: Ik vind het goed. Als het heel prangend is, maar goed, we zullen zien. Grondpolitiek, soort grondbeleid. Ik zei het al, als er woningen, laten we het gewoon hebben over woningen, want dat is het meest in het oog springend op het ogenblik in Laren. Dan kun je als gemeente het zelf doen. U kunt grond kopen, als
dat te koop is. U heeft ook gronden in bezit. Bijvoorbeeld de Ligweide had u al in bezit. Daar zijn we zelf aan het ontwikkelen. En daarvoor maken we een grondexploitatie, een GREX. U ziet het links op dat plaatje. Een tweede variant is dat je gaat samenwerken met een ontwikkelaar of met een corporatie en dergelijke. PPS staat voor Privaat Publieke Samenwerking. Die twee, zelf ontwikkelen en PPS, dat lijkt heel erg op elkaar, omdat wij als gemeente niet zelf een aannemer in de arm gaan nemen en zeggen, ga jij die woningen bouwen. Wij geven eigenlijk nooit een aannemer zelf opdracht om woningen te gaan bouwen. Dat betekent, in het geval van de Harmen Vosweg of van de Eemnesserweg, dat is een PPS-constructie. En vooral ook de Harmen Vosweg, dat was gezamenlijk eigendom van de gemeente en van de woningcorporatie. Dus daar moest je gewoon samenwerken met de corporatie. Als u geen grond heeft en ook niet wilt kopen, dan moet u de markt afwachten. U gaat niet zelf ontwikkelen. Dat betekent het private spoor. Dat gebeurt in Laren vrij veel. Recent Rabobank, de Stationsweg 1 was geen gemeentelijk eigendom, daar is het een ontwikkelaar gaat ontwikkelen en de gemeente probeert eisen te stellen en we sluiten daarvoor een anterieure overeenkomst. Er is ook nog, als je het niet zelf gaat doen bij zelfontwikkelingen, zelf ontwikkelen een publiekspoor.
Dat hebben we niet in Laren, hebben we ook niet in Eemnes of Blaricum. Ik kan er wel iets over vertellen, maar ik denk dat dat hier te ver voert. De voorzitter: Ik wilde het liefst even dat u ze opspaart, tenzij u echt een verduidelijkende vraag, maar niet een uitgebreide vraag. Dat is geen verduidelijkende vraag, dat komt dan zometeen. De heer De Jong: Klassiek is een plan zelf ontwikkelen. Gemeente heeft grond, bepaalt wat er gebouwd moet worden. Past het omgevingsplan aan. Ik gebruik gewoon de nieuwe term. Het is natuurlijk bestemmingsplan vanouds, maar het heet tegenwoordig omgevingsplan. Maakt de grond bouwrijp. Verkoopt de grond aan een aannemer, maar heeft wel bepaald al in het bestemmingsplan en in overeenkomst wat er gebouwd moet gaan worden. Als de woningen klaar zijn, wordt de grond door de gemeente woonrijp gemaakt. En het plan is klaar. Daar moet je wel een GREX voor vaststellen. Dat is een verplichting. Ik zal zo verder gaan over die GREX. Maar als u alles zelf doet, moet u een GREX maken. Als u dat niet doet, en dat gebeurt ook heel regelmatig, dan heb je een initiatiefnemer voor een plan. Idealiter gaat die initiatiefnemer kijken naar het beleid van de gemeente. Wat wil de gemeente voor woningen? In de woonvisie staat heel duidelijk één derde, één derde, één derde.
Dus als een ontwikkelaar een plan wil maken, dan is het wel wenselijk dat hij zich richt op het beleid van de gemeente. Hiervoor is afstemming nodig. Maar het is best wel lastig. We kunnen de ontwikkelaar niet dwingen te bouwen. We kunnen ook hem niet dwingen te bouwen wat de gemeente heel graag wil. Dus er is altijd overleg nodig. Het ultieme remedium is, je gaat maar niet bouwen, we gaan het bestemmingsplan niet veranderen. Maar er is altijd wel enige vorm van overleg nodig. Soms schuurt het, soms niet. Soms gaat het echt makkelijk. Maar mijn ervaring is dat het niet altijd makkelijk gaat. Maar als je er toch uitkomt met een ontwikkelaar, dan leg je natuurlijk de afspraken vast. Wat wordt er gebouwd? Welk tempo wordt er gebouwd? Welke prijsklasse word er gebouwd en dergelijke? En dan wordt vastgelegd, u heeft het wel eens van gehoord, het is een overeenkomst, maar het heet een anterieure overeenkomst. En anterieur wil eigenlijk niets anders zeggen dan voorafgaand aan alles een overeenkomst sluiten. In een overeenkomst worden over en weer plichten en rechten opgelegd, veel plichten voor de ontwikkelaar, maar ook wel voor de gemeente. Een anterieure overeenkomst wordt vastgesteld, of wordt gesloten door het college. Maar als je een anterieure overeenkomst sluit als college, kun je de gemeenteraad niet binden. Dus de gemeenteraad is nog steeds wel vrij om het omgevingsplan c.q.
het bestemmingsplan, vast te stellen. Dus als er een bestemmingsplan komt waar de gemeenteraad het niet mee eens is, dan is de gemeente daaraan niet gebonden, ondanks dat het college die overeenkomst heeft gesloten. En in die overeenkomst staat dus dat het een inspanningsverplichting is voor het college. En het college richt zich uiteraard op de wensen van de raad. Die kijkt heel goed naar de woonvisie. Wat wil de gemeenteraad? Dus het komt niet zo heel vaak voor dat er een
overeenkomst wordt gesloten, waarvan later de gemeenteraad zegt, nou dat gaan we echt niet doen. De gemeente is er dus niet keihard aan gebonden, alleen een inspanningsverplichting. Maar dat is voor een ontwikkelaar natuurlijk allemaal een mooie toezegging. Als de overeenkomst is gesloten, dan wordt het ruimtelijk traject gestart. En dat betekent dat de gemeente, de gemeenteraad het omgevingsplan gaat aanpassen of er komt een afwijking van het omgevingsplan. Dat heet tegenwoordig in het jargon een BOPA, buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Het is een verschrikkelijk woord, maar dat gaat u vaker horen. Zo'n afwijking is een bevoegdheid van het college, maar de gemeenteraad heeft in Laren en bij de andere drie gemeenten ook, wel besloten van als het echt een wat groter plan wordt, je gaat een woning, bij één woning is het al, dan moet aan de raad een bindend advies worden gevraagd. Dus u krijgt wel die zaken langs, heel vaak. Wat staat er in zo'n overeenkomst? Nogmaals, de kosten van de procedure. Vaak gewoon voor de ontwikkelaar. Planschade. Het kan zijn dat een plan gepaard gaat met aanpassing van het openbaar gebied. Er moeten misschien wel parkeerplaatsen worden aangelegd. Het kan van alles zijn. Het riool wordt in de overeenkomst geregeld. Zijn voor rekening van de ontwikkelaar. Voordat ik op de Grexen inhoudelijk ingaan, ga, nog even iets over voor- en nadelen.
U kunt ze eigenlijk bijna wel zelf bedenken. Het voordeel van een gemeentelijke grondexploitatie is dat je gewoon aan het stuur zit. Er wordt iets ontwikkeld wat de gemeente wil, punt. U heeft ook kans om winst te maken. Het is niet misschien het doel, maar soms wel prettig als je woningen bouwt dat je ook wat winst maakt. Maar er is natuurlijk ook een kans dat je verlies maakt en dat je ook risico loopt. Dat zijn wel nadelen. Als je het overlaat aan de markt, je zit niet direct aan het stuur. Dus, ik zei het net al, je kunt best wel strijd hebben over het beleid, over de doelen, wat wordt er nou gebouwd en dergelijke. U herkent dat vast wel. Er is ook geen bouwplicht. Dus ook al hebben we het bestemmingsplan vastgesteld, ook al hebben we een anterieure overeenkomst, ook al staat erin dat het gebouwd moet worden op een bepaalde datum, het hoeft niet. Er staan gewoon gerechtelijke uitspraken, er is geen bouwplicht voor zo’n ontwikkelaar initiatiefnemer. Voordeel is dat er heel beperkt financieel risico is, of geen financieel risico. Aan de andere kant krijgen we alleen kostenverhaal, dus ambtelijke kosten kunnen we terugkrijgen. Als we kosten maken in het openbaar gebied, krijgen we allemaal wel terug, maar we maken geen winst. Dan het eigenlijke doel van vanavond, grondexploitatie. Het staat er, de GREX is eigenlijk niet meer dan boekhouden.
Je hebt aan de ene kant kosten die de gemeente maakt en aan de andere kant heb je opbrengsten. Het wordt wat ingewikkeld, omdat er wel termen worden gebruikt die misschien niet helemaal bekend zijn bij iedereen. En dat maakt het iets lastiger. Maar er zijn natuurlijk ook wel termen die u heel goed kent. Want als je het nou over kosten hebt, dan is het logisch. Je hebt grond, dat heb je of gekocht of het heeft een boekwaarde. Dat moet je in een GREX aan de kostenkant zetten. Aankoopkosten. Logisch. Als er iets gebouwd al is, er staat gewoon onroerend goed op, ja, moet je slopen. Ja, kosten. Sloopkosten. Heel makkelijk, heel duidelijk. Bouwrijp maken. Dat betekent, u zult het vast al weten, je kunt niet op elk veldje gewoon maar beginnen met bouwen. Het moet bouwrijp worden gemaakt. Dat betekent, er moeten bouwwegen worden aangelegd. Als er bomen opstaan, moeten de bomen eraf worden gehaald. Er moet riool worden aangelegd en dergelijke. Dus er moet voor gezorgd worden dat een aannemer kan komen met zijn graafmachine om te bouwen. En als dat kan, zijn de gronden bouwrijp. Als het hele project klaar is dan moet het gebied worden ingericht, heringericht. Parkeerplaatsen moeten worden aangelegd, verhardingen moeten worden aangelegd, er moeten bomen worden teruggeplaatst, groen en dergelijke. Gewoon inrichting van het gebied, dat heet woonrijpmaakkosten.
Dus je maakt het gebied woonrijp. Ja, ambtelijke kosten. Ja, dat wil zeggen, iemand die dit regelt voor de gemeente moet wel betaald worden. Vaak de BEL, niet altijd, maar er zijn wel kosten aan verbonden. Ik schrijf tijd op projecten. Die worden door de BEL bij Laren in dit geval dan in rekening gebracht. Die kosten moeten wel betaald worden. Kosten van directievoering en toezicht. Dat wil zeggen dat als er bouwrijp wordt gemaakt en woonrijp wordt gemaakt, dan moet wel goed in de gaten worden gehouden of er wel de werkzaamheden door de civiele aannemer worden uitgevoerd zoals wij dat willen. Er moet gewoon gecontroleerd worden. Ligt dat riool er wel goed in? Worden de bomen goed geplaatst? Van alles en nog wat.
Dat heet kosten voor directievoering en toezicht. Als we voor investeren. U koopt grond. Dat zijn kosten, maar er moet ook rente over betaald worden. En vaak moet je eerst kosten betalen en krijg je het later terug. Dus je hebt eerst de kosten en later de opbrengsten. En dat betekent dat we rente gaan toerekenen aan het project. Onvoorzien, het is natuurlijk niet een post op zich, maar we moeten er wel rekening mee houden dat we onverwachte zaken tegen kunnen komen. Je kunt deze lijst heel erg lang maken, dus dit is eigenlijk maar een greep van kosten waar we mee te maken krijgen. Inkomsten, dat is eigenlijk een veel korter rijtje, dat kan ook veel langer. Maar, ja, nog heel even terug. Wat doen wij in Laren over bouwrijp maken, woonrijp maken en dergelijke? Je kunt een grondexploitatie maken op basis van een leeg papiertje. Dan weet je, er worden hier tien woningen gebouwd. Dat is alles wat je weet. Dan zijn er wel kengetallen die kunnen zeggen, tien woningen op 2000 vierkante meter. Het kengetal is, als je het bouwrijp gaat maken, kost het x. En als je het woonrijp gaat maken, kost het zoveel. Ambtelijke uren mag je ongeveer zoveel tijd. Op die manier kun je een grondexploitatie maken zonder dat je echt weet wat de invulling is. Dat gebeurt natuurlijk best wel.
Hier in Eemnes, met een heel groot gebied waar vijfhonderd woningen worden gebouwd, maar waarvan je nog niet weet wat er gaat komen, en dat je nog helemaal niet weet wat voor wegen er gaan komen. Ja, je moet wel ergens beginnen. Dus dan wordt er ook een grondexploitatie gemaakt, maar op basis van kengetallen. Dat doen we in Laren niet, of eigenlijk niet. Want de Grexen die u heeft gekregen van ons de afgelopen tijden, zijn gebaseerd op offertes. Op een bestek. Er is een bestek gemaakt. Soms op offertes, maar ook op bestekken. En een bestek wil zeggen welke werkzaamheden er moeten worden uitgevoerd. Voor bouwrijp maken, woonrijp maken, daar staat precies in welke steentjes worden gebruikt, hoe diep er wordt gegraven, dat soort dingen allemaal. En dat wordt allemaal uitgerekend op basis van gewoon eenheden. Dat heet een bestek. Dat bestek wordt uiteindelijk aan een civiele aannemer gegeven. Zeg nou, maak een offerte, dan geven wij geen prijzen mee, maar dit is het werk wat je moet uitvoeren. Maar wij kunnen natuurlijk wel zelf berekenen wat wij denken wat zo'n bestek mag gaan kosten. Want de eenheden zijn al bekend. Dus in Laren werken we altijd of met offertes of met een bestek waarbij we dus heel nauwkeurig de kosten in beeld kunnen brengen. Dat doen we ook voor de inkomsten. Op het moment dat je niet weet waarvoor je het gaat verkopen, moet je natuurlijk een raming maken.
Dan kijk je naar de markt, het wordt getaxeerd. We vragen advies aan makelaars en er komt een getalletje onderaan de streep te staan. Dat hebben we in de eerste instantie bij de Ligweide gewoon gedaan. We gaan zoveel woningen bouwen, zoveel van elke categorie. Wat mag de grondprijs zijn? Dan nemen we dat gewoon over in de grondexploitatie en dan hebben we daar een inkomst staan. De grondexploitatie die u gezien heeft van de Ligweide, dat was niet meer een raming of dat was niet meer een taxatie van de grondprijs, maar de prijs die daarin staat, die is later tot stand gekomen, omdat we de grond hebben verkocht aan een aannemer en aan een ontwikkelaar die daar gaat bouwen. Dus we konden gewoon de prijs opschrijven. De grondwaarde is zoveel. Dus naarmate een project ook verder gaat in de tijd, des te duidelijker en zekerder wordt ook de grondexploitatie, des te minder onzekerheden zijn er. Andere inkomsten, subsidies. Nou, die hebben we in dit geval bij geen enkel project gekregen. Omdat ze te klein waren. Het ging vanaf tien woningen. Eemnesserweg en Harmen Vosweg, alle twee wel geprobeerd, maar het moest van tien woningen zijn. Bijdrage van derde. Dat was toevallig bij de Ligweide is er grond verkocht aan Liander. Dat is ook al grondverkoop, maar we hebben hem hier apart opgenoemd om het uit elkaar te kunnen houden. Dit is voor u een beetje klein.
De voorzitter: Mag ik tussendoor, hoeveel sheets heeft u nog? De heer De Jong: Dit is de een na, of twee na laatst. Dit is de grondexploitatie van de Ligweide, maar zonder getallen. Ik denk dat u het niet kunt zien. Ik kan het hier vandaan, ik kan het niet zien. Maar het is gewoon even een verdere verdieping van welke kosten en opbrengsten er zijn. Hier staat bijvoorbeeld ook overhead bij. Hier staat planschade bij, rente onvoorzien, bestemmingsplan, beeldkwaliteitsplan, milieuonderzoek en
dergelijke. Dus deze lijst kan heel groot worden. Ik heb net heel even uitgelicht een heel klein lijstje. Dit is weer een iets groter lijstje. Bij alles speelt, als je zelf gaat ontwikkelen zijn er natuurlijk ook risico's, kostenstijgingen. Risico's als je zelf ontwikkelt, maar ook bij een ontwikkelaar, is RO procedures kunnen heel erg lang duren, bezwaar en beroep en dergelijke. En milieuaspecten als je iets tegenkomt in de grond, flora fauna wet risico's. Ja, dan wil ik, dit is de laatste sheet, hiermee eindig ik, want de drie grondexploitaties van Laren zijn, als je ze bij elkaar optelt, positief. In Eemnes hebben we één grondexploitatie, dat is toevallig de Hink Stap Sprong, daar bouwen we iets vergelijkbaars als in Laren, maar dan op één plek. En de grondexploitatie daarvan is nul. Geen winst, geen verlies. Dus als je een project wat groter maakt, en er zijn ook gewoon veel huurwoningen, maar ook koopwoningen bij. Als je huurwoningen gaat realiseren, sociale huurwoningen, is de grondexploitatie bijna altijd per saldo negatief. En het zijn ontzettend kleine aantallen. Kleine aantallen, dat is per saldo eigenlijk altijd niet goed, want als je een bodemonderzoek doet, is het voor een klein stukje 1500 euro, voor een groot stuk is het 2000 euro. Als ik bezwaar en beroepsprocedures moet doen, dan ben ik er tien uur mee bezig en voor een groot project twaalf uur mee bezig.
Dus klein is duurder. Maar als je die drie grondexploitaties bij elkaar ziet, vergelijkbaar met Eemnes, dan doen we het in Laren eigenlijk niet zo slecht. U bent misschien wel geschrokken van de negatieve getallen van de Harmen Vosweg en de Eemnesserweg, maar het is alleen maar huur. Als je het bij elkaar optelt, heb je best een positief verhaal. De oplossing hiervoor is bouwen in meerdere segmenten. Idealiter op één locatie. Het is moeilijk, want dat vergt gewoon meer woningen en de locaties zijn nooit zo heel erg groot. En meer woningen bouwen. En wat ik net zei, positief saldo in zijn totaliteit wel, maar als je ze afzonderlijk ziet, niet. Dat was het einde van mijn verhaal. De voorzitter: Geweldig. Ik moest tijdens de presentatie denken aan dat deze week zijn begonnen met het eenvoudiger uitleggen van het journaal. Maar ik geef u een compliment. Eigenlijk de manier waarop u het vertelt. Ik vond het heel helder en duidelijk uitgelegd. Complimenten daarvoor. Vragen. De heer Vos had al een vraag. De heer Vos: Ja, dat klopt, voorzitter. Ik sluit me aan bij uw woorden met betrekking tot de helderheid van de presentatie. Ook fijn dat die ook op voorhand al beschikbaar was. Dat maakt het fijn om mee te kunnen lezen. U gaf aan dat het in Laren niet gebruikelijk is dat het publieke spoor gevolgd wordt. Behalve dat u het even genoemd heeft.
Waarom niet? En wat is het? De heer De Jong: Wat het is wilde ik u eigenlijk besparen. De heer Vos: Wil ik wel graag weten. De voorzitter: Misschien kunt u even terug naar die sheet. De heer De Jong: Ik heb hem hier. Waarom zou je een overeenkomst, posterieur, na afloop van alles sluiten, als je het ook vooraf kunt regelen. Dat is één. Anterieur, je regelt het van tevoren en niet als het al bijna klaar is. En wat eigenlijk het belangrijkste, en de wetgever zegt ook, heeft de voorkeur voor anterieure overeenkomsten. En dat komt met name omdat het maken van een exploitatieplan ongelooflijk ingewikkeld is. Je moet allerlei kosten toerekenen, fictieve kosten en dergelijke. En de uitkomst is met een anterieure overeenkomst hetzelfde. Dus het publieke spoor, dan denk je, dat is een publiek spoor, wij gaan over publiek domein. Maar Publiek…Wat zegt u? Een exploitatieplan, dat is fictieve toerekening van boekhouding, hoe je kosten mag verhalen op iemand die gaat ontwikkelen. Mevrouw (…): Nee, wat is precies een publiek spoor?
De heer De Jong: Privaatrechtelijk dat is gewoon, dat zijn wij, u en ik en bedrijven, privaatrechtelijk. En publiek is gemeente en overheid. Dus als je niet zelf ontwikkelt en je kunt er helemaal niet uitkomen met een ontwikkelaar, dan kun je een exploitatieplan gaan vaststellen. Het is te doen, het is ingewikkeld, maar het is natuurlijk wel te doen. En dan wacht je maar af of diegene dat op die manier wil gaan ontwikkelen. Ik vind het een beetje moeilijk om uit te leggen. Ja, kijk, een anterieure overeenkomst, ontwikkelaars komen bij ons, ze willen wat. Wij willen ook wat, we sluiten een overeenkomst met elkaar, dan ben je klaar. Of we sluiten geen overeenkomst met elkaar. Als je daar niet uitkomt en de gemeente wil per se dat diegene gaat ontwikkelen, dan moet je een bestemmingsplan maken met een exploitatieplan. Want als hij dan gaat bouwen, dan hebben wij al kosten gemaakt, kun je het op hem gaan verhalen. Dus het is een kostenverhaal. De heer Vos: Bedoelt u dan eigenlijk als je zo'n plan maakt, dat je dat daarna dan gaat aanbesteden of zo? De heer De Jong: Nee, want dan ga je, je maakt wel een bestemmingsplan waarin je precies aangeeft wat er moet gaan gebeuren. Je hebt niets geregeld met de ontwikkelaar. En naast dat bestemmingsplan maak je een plan voor kostenverhaal.
Dus als hij dan een vergunning gaat aanvragen gaan wij berekenen, aan de hand van die vergunning, wat voor kosten hij moet betalen aan ons. Dat is eigenlijk de eenvoudigste uitleg. De voorzitter: Oké, anderen? Wie heeft nog meer een vraag? Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Dank u wel, voorzitter, voor het woord. Dank u ook, mijnheer De Jong. Ik kan u vertellen dat er mensen zijn die ieder jaar een dag volgen om dit überhaupt te volgen als ze ook al professionals zijn. Ik heb drie korte vragen. Eén is, u zei iets over de tien woningen bij de Harmen Vosweg en toen dacht ik, is het een goede vraag om even te vragen, we hebben daar acht woningen gebouwd, maar stel dat we daar tien of twaalf woningen hadden gebouwd. Even niet in het getal an sich, maar dan was dat misschien anders uitgepakt. Of zegt u daarmee eigenlijk ook, ik ontlok u geen politieke uitspraak, maar eigenlijk moet je minimaal tien woningen bouwen? Maar dat is dus even de vraag wat u precies met die tien woningen zei. Dan een tweede vraag is, het is nogal ingewikkeld, huurt de gemeente Laren ook als expertise in als dit nu echt gaat lopen? Want we gaan natuurlijk de komende tijd toch wat locaties ontwikkelen. En ik begrijp hieruit dat als je goed onderhandelt en goede expertise inzet dat je daar ook al wat mee terug kan verdienen in je anterieure overeenkomsten.
En de derde vraag die ik heb is, eigenlijk een beetje in de commissie waar u toen ook aanwezig was ontstond er een beetje een discussie tussen volle eigendom en erfpacht. In dit verhaal van de GREX, valt daar nog even heel kort iets zinnigs te zeggen over als de gemeente bijvoorbeeld volle eigendom heeft, zoals de Ligweide, waarom, of nou laat ik de Eemnesserweg noemen, als je dat in erfpacht uitgeeft aan bijvoorbeeld aan de woningstichting, waarom die dat dan echt niet zouden willen of kunnen, of dat ook in een GREX nog recht te rekenen is? Dank u wel. De voorzitter: Heldere vragen, dank u wel. Mijnheer De Jong. De heer De Jong: Ik ben er van op de hoogte dat de Harmen Vosweg acht woningen heeft. Misschien zei ik tien keer, maar… De heer Van den Berg: Nee, nee. Voorzitter, wij hebben er uiteindelijk in participatie acht van gemaakt, maar ik begrijp eigenlijk uit de opmerkingen net, als we daar tien of twaalf woningen hadden gehad, dan hadden we onszelf niet tekort gedaan. De heer De Jong: Nee, zo bedoel ik het niet. Ik ga niet aangeven…Kijk, in eerste instantie zouden er zestien komen, toen zouden er twaalf komen, nu zijn er acht gekomen. Dat is natuurlijk een heel mooi plan. Maar hoe
meer je bouwt, we hebben op een gegeven moment ook wel grond verkocht aan de corporatie. En het is wel een sociale prijs. Die prijs is ongeveer 25 duizend normaal voor een sociale huurwoning. Als je er vier meer bouwt, dan heb je 100 duizend euro. Dan hadden we 100 duizend euro meer in kas gehad. Misschien niet helemaal, want dan hadden we iets meer bouwrijp moeten maken en dergelijke. Maar zo simpel is wel het sommetje. Expertise voor anterieure overeenkomsten. We hebben best wel veel juristen bij de BEL. We gaan niet winst maken op anterieure overeenkomsten. We moeten natuurlijk wel het programma uit onderhandelen. Maar wij moeten kostenverhaal doen. Wij mogen geen winst maken op anterieure overeenkomsten. Dus wij moeten gewoon in beeld brengen, wat kost dat. En dan zeggen het bestemmingsplan kost zoveel, dat ga je betalen. De ambtelijke kosten is zoveel, als wij het openbaar gebied moeten aanleggen is zoveel. Dus er wordt gewoon uitgerekend wat de kosten zijn en dat kan op zich best wel oplopen. Als het een heel groot project is, met vijfhonderd woningen, dan gaat het over veel geld. Als het een klein projectje is, dan zijn de ambtelijke kosten en dergelijke beperkt. De voorzitter: Even nog de derde vraag, of wilt u naar aanleiding… Even door met de derde vraag.
Ook een beetje gelet op de tijd wil ik wel…Ik zie daar nog één vinger van mevrouw Van Dorst en de heer Oomkens en dan houden we het daarbij. Gaat uw gang, mijnheer De Jong. De heer De Jong: Erfpacht. Ja, u moet zich afvragen, wat is het doel van erfpacht? Verkoop je de grond niet, maar dan krijg je wel de erfpachtcanon, maar die krijg je niet in één keer, die krijg je door de jaren heen. De gemeente Amsterdam kent het heel goed, maar alle erfpachtwoningen zijn daar koopwoningen, dus dat is eigenlijk een verdienmodel voor de gemeente Amsterdam. Als je invloed wil houden op wat er of de woningen nog worden verkocht of iets dergelijks. Daar zijn ook andere middelen voor als je sociale huurwoningen bouwt. Er wordt gewoon afspraken met een corporatie gemaakt over verkoop van woningen. Mag wel verkopen of mag niet verkopen. Jaren geleden was de trend, verkoop zoveel mogelijk huurwoningen. Echt waar, dat kan je nu niet meer bedenken, maar dat is echt waar. En nu is de trend, we verkopen niks meer. Dus de gemeente Laren heeft nu echt wel heel streng de hand in zo, min mogelijk te verkopen. En als je wel verkoopt, dan moeten er hele goede redenen voor zijn. Ik ben er zelf niet van overtuigd dat erfpacht een goed middel is om nu voor huurwoningen in te zetten. En als je het niet doet, we hebben toch ook bij elke project inkomsten, ook uit die grondverkoop, die zetten we in.
Als je dat geld niet hebt, dan moet het uit algemene middelen komen. Of je moet er geld voor lenen. Zegt u het maar, wat de doelstelling is van een erfpacht overeenkomst. Nee, hoeft u nu niet te beantwoorden, het is een retorische vraag. De voorzitter: De heer Van den Berg zei al, het is eigenlijk een politieke vraag, dus u kunt, u heeft hem verhelderd, om het zo te zeggen, en de heer Van den Berg mag er zijn bevindingen van mee huis nemen. U had nog een laatste vraag, want ik wil ook een beetje afronden, mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik ga meteen afronden. Erfpacht is gewoon macht houden over de grond, op termijn dat een erfpacht afloopt, maar dat is een politieke discussie, die gaan wij met elkaar voeren. Los van de rekeningen. Even nog terug over de expertise en de juristen. Ik snap wel dat je met de anterieure overeenkomst geen geld kan verdienen, maar de inzet van ambtelijke kosten zijn bij kleine bouwprojecten laag. Maar is het niet zo met de bouwprojecten die wij net in Laren achter de rug hebben, waar alleen maar heel duur gebouwd wordt, dat je eigenlijk gewoon in de Premier League van vastgoed terechtkomt. En dan kan ik me zo voorstellen dat onze gemeente daar niet altijd alle capaciteit voor heeft, fysiek, om daarin te zitten. En dat was eigenlijk meer mijn vraag.
Als wij dadelijk, voorzitter, en dan stop ik ook en dat is niet uitlokken, maar wel, daar ging het mij om. Op het moment dat je dit soort onderhandelingen voert met vastgoedadvocaten en alles erbij dan moet je wel gewoon, als wij straks die locaties gaan ontwikkelen die
negen van de tien keer misschien niet ons eigendom zijn dat we ons wel realiseren dat we ook daar dan wel kosten moeten gaan maken om wel te krijgen wat we willen en dat is een derde, een derde, een derde. De voorzitter: Goed, dat is meer een opmerking. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Ik had ook een ander soort vraag. U heeft het over, we hebben geen subsidie ontvangen. Dat is van de landelijke overheid. Gemeente Laren kan natuurlijk ook subsidie geven als ze dat wil. Daar heeft u het verder niet over. Dat is ook waarschijnlijk politiek. Maar misschien zou u daar iets over kunnen zeggen. Gemeente Laren kan ook bij huur natuurlijk subsidie geven. De voorzitter: Ja, duidelijke vraag. De heer De Jong: Ja, waarom ik het zei over de subsidies, want ik was zelf persoonlijk zwaar teleurgesteld in de Rijksoverheid. Want er kwam een subsidieregeling en ik dacht, daar hebben we twee projecten voor, dat is mooi. Want ik wilde het liefst u positieve cijfers tonen. Maar toen was ik bij vraag 24, toen stond er, is het meer of minder dan tien woningen? Dat was minder U heeft geen recht. Dat vond ik wel erg jammer. Daarom zei ik het. We hebben hier, maar er zijn natuurlijk wel eens projecten waar wel subsidies voor gekregen worden. Ja, ik denk, subsidie van de gemeente is het verkeerde woord.
Maar u, het is een beetje een semantische discussie, maar u geeft natuurlijk wel subsidie voor het bouwen van sociale huurwoningen. Want de grondprijs is laag en de grondexploitatie is ook nog negatief. Dus u geeft eigenlijk subsidie. De voorzitter: Duidelijk. Laatste vraag, mijnheer Oomkens. De heer Oomkens: Dank, voorzitter. Mijnheer De Jong, dank voor uw presentatie. Ik heb een hele simpele vraag. Anterieure overeenkomsten, u zegt, die worden vooraf gesloten. Een hele directe vraag. Is er in Laren ooit sprake geweest van een anterieure overeenkomst die niet bij de vaststelling van het bestemmingsplan de goedkeuring van de gemeenteraad heeft gekregen? De heer De Jong: Ja. Nou ja, de vraag is toch wat verwarrend. Want de anterieure overeenkomst, dat is een B&W bevoegdheid. Dus er is niet een directe relatie tussen de anterieure overeenkomst en het bestemmingsplan. In zekere zin is die er natuurlijk wel. Idealiter sluit je een anterieure overeenkomst voordat het bestemmingsplan wordt vastgesteld. Want anders heb je geen machtsmiddel meer. Als die anterieure overeenkomst later moet worden gesteld en het bestemmingsplan is wel vastgesteld, dan zegt die ontwikkelaar van, maar planschade, ik zeg maar wat, of die kosten, ga ik niet betalen. Ja, en dan heeft de gemeente geen machtsmiddel meer om te dwingen dat die overeenkomst wordt gesloten.
Want het bestemmingsplan is vastgesteld en we kunnen niet meer terug. We kunnen natuurlijk wel, als het een beroep is tegen het bestemmingsplan, het niet verdedigen bij de Raad van State, maar dat zou niet fair zijn. Dus idealiter moet je een anterieure overeenkomst sluiten op het moment dat je nog kunt onderhandelen voor de vaststelling van het bestemmingsplan. Niet erna. De heer Oomkens: Maar dat is…Sorry, voorzitter, dat is geen antwoord op mijn vraag. Bij de vaststelling van twee recente bestemmingsplannen, met name La Gare en de Rabo, is er sprake geweest van een anterieure overeenkomst, waarbij bij de vaststelling van het bestemmingsplan werd opgenomen in de tekst, letterlijk, er is een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer gesloten. De heer De Jong: Ja, maar dat probeerde ik te zeggen. Dus voor de vaststelling van het bestemmingsplan moet je de anterieure overeenkomst hebben gesloten en niet na de vaststelling van het bestemmingsplan.
De voorzitter: Oké, duidelijk. Wilt u de microfoon uitzetten, alstublieft? Voor zover, misschien komen we hier nog wel een keertje op terug. Ik wil eigenlijk het onderwerp afronden. Dank, mijnheer De Jong, voor deze heldere toelichting, want die gaat ons hopelijk, neem ik aan, mag ik verwachten helpen bij de discussie in de komende maanden, of komende jaren denk ik wel, voordat er een keer ergens een woning wordt gebouwd. En misschien dat we u nog wel een keer terugvragen om het dan aan de hand van een concreet plan nog een keertje opnieuw uit te leggen. Hierbij sluit ik in ieder geval het onderwerp van agendapunt 2 af. 3.
Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie R&I d.d. 12 juni 2024 De voorzitter: Ga ik door naar de vaststelling van de lijst adviezen en conclusies van de vergadering van 12 juni. Iemand daar nog het woord over? Tekstueel? Nee. Naar aanleiding van? Goed, dan stellen we die vast. Dank u wel.
4.
Mededelingen De voorzitter: Mededelingen. Mededelingen vanuit de leden van de commissie? Nee. Mededelingen vanuit het college? Mijnheer Van Midden, gaat uw gang. De heer Van Midden: Dank u wel. Mijnheer de voorzitter, ik heb drie korte mededelingen. Allereerst heb ik zojuist een buurtbezoek gehad. En dat was bij de Bazelweg in de Postiljonbuurt. Overal troffen wij tevreden inwoners aan. De opkomst was goed, ondanks het slechte weer. En met een aantal inwoners gaan wij afspraken maken over het zelfbeheer van het groen in de buurt. Dus dat is heel mooi. En alvast de aankondiging dat het laatste buurtbezoek dit jaar 16 oktober is op de Tafelbergweg. Mijn tweede mededeling betreft de hekjes van Van Wees. Daar gaan we juridische stappen nemen. En we zijn voornemens te besluiten tot het opleggen van een last onder dwangsom. En een last onder dwangsom is een middel om Van Wees te dwingen de overtreding te beëindigen. Als we dat besluit nemen en Van Wees heeft de overtreding niet op tijd beëindigd, dan verbeurt Van Wees een dwangsom. En verbeuren betekent dat Van Wees dan ons een dwangsom moet betalen. Van Wees kan dat voorkomen door de overtreding te beëindigen en dat kan alleen door de hekjes te verwijderen. We hebben Van Wees een briefje gestuurd waarin we aangegeven hebben dat Van Wees binnen vier weken de hekken dient te verwijderen en ook verwijdert laat.
Als ze dat doen sluiten we het dossier en krijgen ze geen last onder dwangsom. Doen ze dat niet dan gaan we dat wel doen. Van Wees heeft ook de gelegenheid om een zienswijze te geven op ons voornemen. En we hebben ze gevraagd dat binnen twee weken na verzenddatum van de brief, die is vorige week verzonden, dat te doen en ons de zienswijze kenbaar te maken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Midden: En als laatste, tijdens het bespreken van het rioolplan deed mevrouw Timmerman van Liberaal Laren de suggestie om voor de rioolheffing in communicatie met de inwoners een mooie infographic te maken om uit te leggen waar, zeg maar hoe de rioolheffing uiteindelijk is samengesteld, dus welke elementen de rioolheffing bevat. Die infographic hebben wij inmiddels gemaakt, die is bij de stukken gevoegd en ik moet zeggen dat die heel aardig geworden is en heel leuk om het op die manier ook aan te geven. Dus mevrouw Timmerman wil ik langs deze weg bedanken voor de suggestie en het initiatief. De voorzitter: Dan neem ik aan, mijnheer Van Midden dat niet alleen wij als commissie die infographic krijgen, maar dat heel Laren die krijgt, zomaar.
De heer Van Midden: Die gaat die zeker, heel Laren zeker krijgen, ja. De voorzitter: Goed, dank u wel. Mijnheer Rood. De heer Rood: Ja, één korte mededeling eigenlijk. Het kan niemand zijn ontgaan dat we de zomer hebben benut voor locatieonderzoek of een inventarisatie van mogelijke woningbouwlocaties. En dat heeft in een kortere lijst geresulteerd dan die beroemde lijst met tweeënveertig locaties waar veel over gesproken is. En die staat sinds vandaag online. Dus ik denk, maak van de gelegenheid gebruik om daar de commissieleden, maar ook mensen die luisteren, op te wijzen. En die kunt u vinden bij de agenda van de commissie van oktober. De voorzitter: Dank u wel. Dat zijn de mededelingen. Dan hebben we dat gehad. 5.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Dan gaan we naar de meldingen portefeuillehouders met betrekking tot Gemeenschappelijke Regelingen. Mijnheer Rood, gaat uw gang. De heer Rood: Ja, kan ook weer kort. Ik heb er twee. Bibliotheek Gooi+, dat zijn de gemeenten Wijdemeren, Hilversum, Gooise Meren, Laren, Huizen. En Eemnes. Zou ik bijna vergeten. We werken natuurlijk samen voor bibliotheekwerk. In Laren zijn de openingstijden van de bibliotheek verruimd, voornamelijk bekostigd door het Rijk. En we hebben ook, en dat is best goed voor een ieder die dit hoort, om daar ook ander op te wijzen of zelf gebruik van te maken, een bibliotheekspreekuur. De overheid wordt in toenemende mate digitaal, wil steeds meer digitaal regelen met inwoners. Dat kan soms lastig of moeilijk zijn. En dan kun je maandagmiddag terecht in de bibliotheek. Dus in het Brinkhuis of in een andere bibliotheek. Lid of geen lid, maakt niet uit, om je te laten helpen. En dat kan dan met de nodige privacy en is er tijd en geen haast. Dus dat is een goede ontwikkeling. Ook dat is helemaal bekostigd door de Rijksoverheid. Dus voor ons heeft dat verder financieel geen consequenties. Dan heb ik voor de zomer nog een portefeuillehouderoverleg fysiek door mij gehad, maar na de laatste commissie in juni.
En daar was niet heel veel op de agenda, maar wel een ruimer beleid als het gaat om bouwen in bijzonder provinciaal landschap. Dus daar heeft de provincie nu meer ruimte voor gemaakt. Dat is het beroemde straatje erbij. Dat kan niet of nauwelijks in Natuurnetwerk Nederland, maar wel in bijzonder provinciaal landschap. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog andere Gemeenschappelijke Regeling van de heer Van Midden? Nee?
6.
Stand van zaken Omgevingswet De voorzitter: Dan gaan we naar de stand van zaken Omgevingswet. Valt daar nog iets over te melden? Nee.
7.
Stand van zaken vluchtelingenopvang De voorzitter: Dan hebben we nog de stand van zaken van vluchtelingenopvang. Is daar nog iets over te melden op dit moment? Nee.
9.
Bespreking reconstructie Eemnesserweg De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 9. Dat gaat over de bespreking reconstructie Eemnesserweg. Zoals ik u al meldde, heeft mevrouw Verloop zich gemeld om u toe te spreken. Dus mevrouw Verloop, u mag
daar op die mooie zetel midden in de zaal plaatsnemen. En iemand achter u gaat u even helpen om de microfoon aan te zetten, want ik kan me voorstellen dat u dat niet precies weet. En terwijl u plaatsneemt, gaat de gemeentesecretaris dat allemaal voor u regelen. Hij heeft nog één keer de kans om dat te doen, dus dan doet hij dat natuurlijk ook heel graag. Mevrouw Verloop, u heeft vijf minuten de tijd om te vertellen wat u wilt vertellen aan de commissieleden. En dan mogen de fracties ook allemaal één verduidelijkende vraag aan u stellen, mochten ze het nog niet helemaal begrijpen of meer willen weten. En daarna komt de wethouder aan de hand en dan gaan we even kijken of er dan nog nodig is voor. En u krijgt ook nog als laatste het woord. En als u goed in de microfoon, u heeft hem een beetje schuin, maar zet hem maar gewoon recht voor je mond. Inspreker: Ik zet hem zo, dan kan iedereen mij horen. De voorzitter: Helemaal goed, gaat uw gang. Inspreker: Ik ben Sonja Verloop en ik spreek namens de bewonersgroep die wij in 2000 hebben opgericht over de verkeerssituatie Eemnesserweg. Als eerste willen wij hier nogmaals reageren op het feit dat de werkzaamheden wat betreft asfaltering Eemnesserweg overhaast is uitgevoerd zonder overleg en toekomstvisie. Dat is onze kijk op de zaak.
Terwijl wij al vier jaar met de gemeente in gesprek zijn om het in zeer slechte staat verkerende, beklinkerde deel van de Eemnesserweg te laten renoveren. Maar ons is constant voorgehouden dat hier geen geld voor was en dat het beklinkerde deel nog niet toe was aan renovatie. En plotsklaps wordt er gemeenschapsgeld uitgegeven aan een deel van de Eemnesserweg dat in een veel betere staat verkeert. Daar zit voor ons een heel groot onbegrip. Hoewel wij schijnbaar geen belang hebben bij het geasfalteerde deel van de Eemnesserweg, hebben wij dat toch wel, want deze weg heeft…Even opnieuw, is cruciaal voor de verkeersintensiteit op de rest van de Eemnesserweg. Wij hebben wel degelijk belang bij het rijgedrag op de geasfalteerde weg. Vandaar onze felle reactie in onze brief op 2 augustus, voorafgaande aan de werkzaamheden. Er had bij de herinrichting van het geasfalteerde gedeelte rekening moeten worden gehouden met het op handen zijnde verkeersvisie die voor het hele dorp in de maak is. Dat is niet gebeurd. We hebben enkele voorstellen gedaan om de weg een rustiger beeld te geven door de lengte van de weg visueel te breken. Wat voor de weggebruiker snelheidsremmend zou werken en het overstekende kruisende verkeer veiliger zou maken.
In een gesprek met wethouder Rood en projectleider Koorndijk, hier achter mij, op 8 september hebben wij dit nog proberen te implementeren in het huidige werk. Maar die voorstellen waren natuurlijk niet meer toe te...Maar er is wel opgemerkt dat deze moeten worden voorgelegd aan verkeersdeskundigen. En de verdere bestudering wat geld en ruimtelijke passing moet zijn, dat was natuurlijk ook noodzakelijk. Maar er werd ook toegegeven dat de voorstellen wel bij zou dragen aan eenduidigheid van de kruisingen in combinatie met de verkeersmaatregelen. Dus dat gaf ons dan nog een klein beetje hoop. Met metingsrapporten op de Eemnesserweg tussen de kruising Melkweg en de kruising Graafland wordt aangegeven dat er over het algemeen niet veel te hard gereden wordt. Maar onze ervaring op de beklinkerde deel is echter heel anders en het is een hele andere belevingskwestie. De metingen zijn momentopnames die af en toe op tijdsvakken worden gedaan waarop het verkeersluw is. Dan hebben we het over coronatijd of eventueel een herfstvakantie. Sinds twee dagen hangt er nu ook een matrixbord voor snelheidsmeting op het beklinkende deel van de Eemnesserweg. Het dorp inrijdend, precies voor een drempel. In een periode dat er weinig verkeer is, want de weg is verderop afgesloten en dat zal nog een paar dagen extra duren, omdat de asfalteermachines later beschikbaar zijn.
Er ontstaat voor ons een beeld dat niet naar de ware situatie wordt gekeken, maar dat er vanaf een bureau op afstand beslissingen worden genomen door theoretisch ingestelde instanties. De neiging om alles nu minutieus te controleren zou bijna gerechtvaardigd zijn. Een voorbeeld, de oversteek op de Eemnesserweg met Dokter Holtmannweg en de Omloop. Er komt daar een verhogingsplateau op de Eemnesserweg om het verkeer af te remmen en de
oversteek voor de voetgangers en de fietsers veiliger te maken. En dat is niet alleen voor de sporters, maar dat is ook voor de bejaarde bewoners van de Johanneshove. Een verhogingsplateau heeft een bepaalde hoogte. Er zal in het wegdek over een lengte van tweeënhalf meter een drempel worden aangelegd om deze hoogte te bereiken. Zodat het verkeer ook zal afremmen. Het gekke is dat als ik dat bekijk, dat die tweeënhalf meter niet echt tweeënhalf meter is, maar eerder drieënhalf meter. En dit is een deel van de weg wat nog geasfalteerd moet worden. Dus het zou nog anders kunnen zijn. Dus als deze drempel zo langzaam is, zal die zeker niet een verkeersremmende maatregel hebben. Het lijkt me niet goed dat wij met een meetlint dit moeten gaan controleren. De voorzitter: Mag ik u wel vragen om te gaan afronden? Inspreker: Ja, laatste. Een ander voorbeeld, nu worden de weghelften nog gescheiden door een doorgetrokken streep op het geasfalteerde deel. De doorgetrokken streep houdt in dat er een inhaalverbod is. Voor inritten bij de huizen is de streep onderbroken. Zo is de situatie nu. Ons logische voorstel is dat deze streep ook in een nieuwe situatie zou moeten worden aangebracht. Net zoals het bijvoorbeeld op de Hilversumseweg is. Maar deze streep komt niet terug, want de streep zou geen zin hebben. Inhalen wel.
Op de Hilversumseweg heeft deze streep wel degelijk nut en wij zien dus niet in wat de motivatie zou zijn om deze streep niet terug te zetten. De voorzitter: Keurig in de tijd. Maar uw verhaal is duidelijk. Dat ook. Dank u wel. Ik wil aan de leden van de commissie vragen, een vraag per fractie. De heer Vos trapt het af. De heer Vos trapt het af. De heer Vos: Ik keek even die kant op, sorry. Dus ik had geen oogcontact. Sorry, ik had geen oogcontact. Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor uw heldere verhaal. Ik denk dat ik in grote mate uw verhaal en uw probleem onderken en begrijp waar het over gaat. Mijn vraag is heel simpel, u zegt u heeft voorhand contact gehad met onder andere de wethouder, met de projectmanager en dergelijke. Ik vermoed dat, dat ook digitaal is geweest of in ieder geval schriftelijk is geweest. Dat is niet het geval geweest? Inspreker: Nee, ik heb daar zelf een verslag van gemaakt. De heer Vos: Oké, zou u eventueel bereid zijn om dat verslag aan ons toe te laten komen? Inspreker: Ja. De heer Vos: Goed, duidelijk. Dat kan via de griffie hoor, denk ik, dat dat handig is. De voorzitter: Mijnheer Van Goozen, Larens Behoud. De heer Van Goozen: Mevrouw Verloop, dank u wel voor uw duidelijke uitleg. In het begin van uw verhaal zei u dat u een bewonersvereniging, een clubje had opgericht in 2000. Klopt dat? Inspreker: Ja, in 2020. Sorry, 2020.
De heer Van Goozen: Oh, 2020. Ik schrok al namelijk. Als je al 24 jaar bezig bent dan… Inspreker: Nee, 2020. En dat gaat over het beklinkerde gedeelte. De heer Van Goozen: Oké, dank u wel.
De voorzitter: Mevrouw De Brouwers, VVD. Mevrouw De Brouwers: Mijn vraag zou zijn, is er überhaupt een reden geweest waarom dit zo onverwachts snel allemaal heeft plaatsgevonden? Niemand was op de hoogte, niet alleen de bewoners, maar ik denk ook niemand in Laren verder. De voorzitter: Daar krijgen we vast zo antwoord op van de wethouder. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Dank u wel. Volgens mij is het de bedoeling vooral om mijn nog een verduidelijkende vraag te stellen. Ik wil eigenlijk het betoog van mevrouw gewoon overnemen en eigenlijk aan de wethouder vragen, dat sluit een beetje aan op de opmerking van mijn buurvrouw net, we hebben wel een mededeling gehad voor de zomer van een van de wethouders. En nu valt de naam van een andere wethouder. Dus ik zou graag willen dat ze ook allebei vanuit dit perspectief mevrouw meenemen. De voorzitter: Ja, goed. Dat is eigenlijk geen vraag aan u. U mag uw microfoon uitzetten. En als u wilt, mag u daar blijven zitten en dan kunt u het wat, maar u mag ook weer op de publieke tribune plaatsnemen. Ik vraag u zo nog even terug of u nog een laatste opmerking wil maken, maar dat komt zo wel. Ik denk dat het handig is…Mevrouw Van Dorst, nee, dan gaan we naar de wethouders, denk ik, toch even om een toelichting te geven op wat nu juist gezegd is. Mijnheer Rood.
De heer Rood: Ja, er zijn een groot aantal opmerkingen die ook aan de orde komen in de toelichting die straks volgt. Dus die laat ik even voor nu. Ik wou één verspreking even verduidelijken, want anders…Het contact wat ik heb gehad met het comité was op 8 augustus, niet op 8 september. Anders lijkt het wel heel kort geleden dat we eindelijk om de tafel konden, maar dat was eigenlijk een paar dagen na de brief. En het is niet zo dat wij hebben gemeten in coronatijd of expres in herfstvakanties. Dat is gewoon niet waar. Dus we hebben snelheidsmetingen en dat ligt er vaak wat langer. Er is ook een van die metingen wel in de tijd geweest dat er ook sprake was van corona, maar dat was in ieder geval voor mij geen reden om harder of minder hard te rijden. Dus het kon misschien wel wat rustiger zijn, maar die metingen die gaan vooral over de snelheid. Dus het kan best wat invloed hebben. Het zijn altijd natuurlijk metingen waarvan je zegt, is dat nou altijd zo? En de beleving, daar wil ik dan kort even op ingaan. Verkeersdeskundigen werken altijd met V85. Dat is de snelheid waaronder 85 procent van de mensen blijft. Die is eigenlijk niet zo, die ligt niet hoger dan de maximumsnelheid op de Eemnesserweg op het 50 kilometer gedeelte.
Maar dat wil niet zeggen dat als, bij wijze van spreken, een kleiner percentage dan 15 daar met veel geweld overheen racet, dat dat niet heel onveilig is of heel veel overlast veroorzaakt. Dus dat de V85 goed is, wil nog niet meteen zeggen dat een bewonerscomité ongelijk heeft, dat daar hard gereden wordt. Maar dat is dan gewoon door een beperkt aantal mensen. Dat waren mijn opmerkingen voor dit moment, want een groot aantal andere dingen komen nog aan de orde. En over de aanleiding en over het al dan niet overhaaste heeft collega Van Midden denk ik wel wat te melden. De voorzitter: Dan nog de heer Van Midden. De heer Van Midden: Ja, dank u wel. Ik denk het goed is om de heer Koorndijk zo even het woord te geven, want die is de projectleider van het project, om in ieder geval voor iedereen een beeld te geven wat nou uiteindelijk, wat we aan het doen zijn en wat de oorspronkelijke bedoeling is ook van werkzaamheden. Voor wat betreft de snelheid, die is ingegeven door het feit dat we een soort gelegenheidskoopje hadden om maar te zeggen. Dat BAM klaar was met de werkzaamheden bij de rotonde van Eemnes voor de HOV. En dat ze zeiden van, we hebben toch alle spullen klaar staan en klaar liggen. Vinden jullie het goed als we een paar
honderd meter het dorp in gaan en de Eemnesserweg tot het beklinkende deel van een nieuwe asfaltlaag voorzien? Dat scheelt jullie in een hoop aanloopkosten. En wij kunnen heel snel dat uitvoeren. En dat hebben we ook zo gedaan. Althans, het was de bedoeling om het zo te doen, laat ik het even zo zeggen. Tegelijkertijd lag er al een plan om de oversteekplaats bij Dokter Holtmannweg aan te pakken, zeg maar de VRI. Dat was een plan dat door de voorganger van de heer Rood, de heer Westerkamp, ontwikkeld was en goedgekeurd was. Dus we dachten, als we dan dat asfalt gaan doen, laten we meteen ook dat plan gaan uitvoeren. Want dat lag er inmiddels al anderhalf jaar. Dus dat was diepere gedachte. En mevrouw Verloop merkte ook op dat de bewonersgroep van Eemnesserweg hier niet in betrokken is. Dat het overhaast is uitgevoerd zonder overleg en zonder toekomstvisie. Ja, inderdaad heeft het overleg met de bewonersgroep niet plaatsgevonden. Daar heeft de heer Rood al zich voor verontschuldigd, want ik was mij, eerlijk gezegd, helemaal niet bewust van het feit dat er een bewonersgroep was die we hierin hadden kunnen betrekken. Had ik het uiteraard wel geweten, had ik het ook gedaan, want u weet zo langzamerhand dat ik van inwonersbetrokkenheid en participatie aan elkaar hang. En dat is dus hier gewoon misgegaan.
De voorzitter: Ik denk dat u, wacht even, is dat uw toelichting? De heer Van Midden: Ja, dat is mijn toelichting en ik wil de heer Koorndijk het woord geven om even het project uit te leggen. Wat zijn we nou precies aan het doen, zodat iedereen even het beeld heeft. De voorzitter: Hebben we daar behoefte aan? Dat weet ik helemaal niet. Ik bedoel, het gaat even om…Oké. Nou, ik wil… De heer Van Midden: Mag ook daarna. Maar goed, er zijn al wat opmerkingen gemaakt door mevrouw Verloop. De voorzitter: Het is ook niet op die manier aangekondigd. Dus ik heb er een beetje moeite mee dat nu opeens een hele uitleg van een project komt. Daarvoor komen we hier eigenlijk niet. Mevrouw Verloop vraagt gewoon, ik ben niet betrokken. Hoe zit dat? Er gebeurt iets. En u heeft toelichting gegeven vanuit het college. Dan wil ik graag nu naar de commissie om te vragen, één ronde wat mij betreft, om even gewoon een vraag te stellen. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Eén vraag. Dat is niet om mijn buurvrouw in te halen, maar ik hoorde wethouder Van Midden net niet zeggen dat, en ik weet het bijna 100 procent zeker, dat ergens in een van de commissies een mededeling staat voor de zomer over dat meevallertje. Dus wij hebben het wel geweten, als gemeenteraad, dat hij, alleen niet ons beseffen wat er allemaal achter weg kwam, we dachten dat het een gelukje was.
De voorzitter: Duidelijk, dank u wel voor de toelichting. Even de microfoon uit graag. Mijnheer Van Goozen. Mijnheer Van den Berg, wilt u de microfoon uitdoen? Mijnheer Van den Berg. Nee, sorry, mijnheer Van Goozen. De heer Van Goozen: Nou, dank u. Het is zelfs zo dat wij hebben op 26 juni een motie ingediend naar aanleiding van die raadsinformatiebrief of er snelheidsbeperkende middelen, maatregelen, konden worden genomen. We hebben ook in die motie gevraagd of we daar tekst en uitleg bij konden krijgen. Daar hebben we helemaal niks van vernomen. Dus het is niet zo dat het even een mededeling was. Het is behoorlijk besproken. De heer Rood: Die dingen die lopen nu allemaal door elkaar.
De voorzitter: Mijnheer Rood, u bent nog niet aan de beurt. Andere leden? Mijnheer Vos De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. Allereerst vind ik het sportief dat de heer Van Midden aangeeft dat dat mis is gegaan. Hij is inderdaad van de participatie. Maar dat laat onverlet dat een eventueel overleg nu als een soort mosterd na de maaltijd dreigt te komen. Volgens mij wordt er al druk geasfalteerd en u heeft ongetwijfeld mijn bijdrage gelezen. Wat mij betreft duurt het nog een jaar of drie, maar dat zal ongetwijfeld niet de planning zijn bij de projectleider. Maar zijn er nog wijzigingen aan te brengen of is het gewoon een gevalletje jammer maar helaas? De voorzitter: Duidelijke vraag. Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik begin met haastige spoed, want er is nogal het een en ander vergeten. En als je inderdaad gaat kijken naar de burgerparticipatie die op één had moeten staan om dit te doen als eerste. En er ligt een heel mooi wegenbeheerplan en daar worden ook een aantal koppelkansen genoemd, zoals bijvoorbeeld de riolering, de groen aanleg, de veiligheid enzovoort, die in acht genomen moeten worden. Dat staat nu op hetzelfde agendapunt en dat is gewoon allemaal niet gebeurd. Ik vind het eigenlijk onbegrijpelijk dat, omdat iemand tijd heeft om dit te doen en dan gelijk maar doorgaat.