CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

Commissie Maatschappij en Financiën 16 juni 2022, gemeente larenBij agendapunt: Opening en vaststelling agenda17.196 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE MAATSCHAPPIJ EN FINANCIËN VAN GEMEENTE LAREN d.d. 16 juni 2022

1.

Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Goedenavond geachte commissieleden en geacht college. Het is trouwens uw eerste commissievergadering als nieuw college natuurlijk. Natuurlijk ook de luisteraars thuis die naar deze commissie Maatschappij en Financiën gaan luisteren. De stream heeft misschien op dit moment niet de kwaliteit die u gewend bent. Dat wordt omdat er een klein technisch probleempje. Het wordt nu via Teams uitgezonden. Maar hij wordt wel opgenomen en als de kwaliteit dermate slecht is dan wordt hij vervangen door een goed bestand. Mijn naam is Eric Hurink en normaal gesproken plaatsvervangend voorzitter van de commissie. Maar door de afwezigheid van de heer Erwin van den Berg zal ik u vandaag voorzitten. Er zijn geen insprekers gemeld. Ik heb bericht gehad van de heer Jacobse dat hij afwezig is. Hij wordt vervangen door de heer Van der Zwaan. We hebben een korte agenda vanavond. Ik heb geen verzoek ontvangen om deze aan te passen dus ik vraag u om de agenda vast te stellen. Dank u wel. Zoals u heeft kunnen lezen wordt er vanavond gestemd met een nieuwe werkwijze in het eerste termijn en ik zal hierop terugkomen in agendapunt 5.3.

2.

Mededelingen De voorzitter: Zijn er mededelingen van het college dan wel commissieleden? Mijnheer Van der Zwaan. De heer Van der Zwaan: Dank u wel voorzitter. Ik heb een mededeling. Zoals we allen weten is in de coronatijd het aantal honden per inwoner fors toegenomen. Probleem is alleen dat het grootste ‘…’ reservaat heeft de uitlaatservice heel erg beperkt. Dus nu zit de uitlaatservice Laren waar vijf medewerkers inmiddels in dienst zijn, kunnen de honden eigenlijk niet uitlaten want er is te weinig ruimte c.q. te weinig mogelijkheden. We hebben dat probleem aangekaart bij het college. Die komen op korte termijn met een oplossing voor Laren. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Zwaan: Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Jong, Liberaal Laren. De heer De Jong: Zo ben ik te verstaan. Ik zie dat de punten jaarrekening en kaderbrief geschrapt zijn. Normaal gesproken zou deze vergadering volgende week zijn. De week voor de raadsvergadering. Dat was een week vervroegd. Ik heb in april rekening gehouden met deze avond. Dus ik heb mijn vakantie tot en met gister geboekt dat ik deze hele dag had om de vergadering voor te bereiden en de jaarrekening goed te bestuderen. Ik was vanochtend not amused toen ik begreep dat ik dat allemaal voor niets gedaan had. Ik probeer altijd hier goed aanwezig te zijn. Op deze manier gaat dat niet door.

Dat heeft mij toch wel even vanochtend was ik daar toch wel even boos om. Dan heb ik gelijk nog een opmerking over. De jaarrekening, normaal gesproken was die in mei. De laatste jaren is die in juni. Nu wordt die ook naar juli verplaatst. Zo blijven we altijd achter de feiten aanlopen. Wordt het volgend jaar september? Ik begrijp niet waarom dat continu later wordt en waarom er dus geen verbeteringen plaatsvinden in de organisatie waardoor deze jaarrekening gewoon eerder beschikbaar is. Helaas, ik moest het kwijt. Ik kan weer prima aan de gang.

De voorzitter: U heeft het niet voor niets gedaan want 6 juli komt u gewoon rustig aan het woord over de jaarrekening. Mevrouw Niekus, VVD. Mevrouw Niekus: Dank u voorzitter. Ik wil nog even een aanvulling en ook een bezorgdheid uitspreken over de vragen die de heer Van der Zwaan van Larens Behoud heeft geuit. Ik ken de honden uitlaatservice en ik weet dat deze mevrouw 400 gezinnen bedient met honden uitlaten waarvan 200 gezinnen in Laren. Dat is heel veel. Dat zijn werkende mensen. Dat zijn ook mensen die kleine kinderen hebben. De opvang is tegenwoordig ook al een probleem want dan zijn de mensen zijn er niet en moeten ze thuis blijven. Nu wordt dit ook al een probleem. Dus ik wil met heel veel dwang en heel veel emotie aan de wethouders vragen om toch te zorgen dat er ergens een oplossing komt. Misschien is er een particulier die misschien toch hier in Laren ergens een terrein heeft. Want met drie honden uitlaten aan de riem, dat is bijna niet te doen. Honden horen buiten te lopen, horen te spelen, horen te ravotten. Het is natuurlijk voor de gezinnen echt een aderlating. 200 gezinnen die moeten zorgen dat hun hond op een andere manier uitgelaten wordt, dat ze ook nog moeten werken. We zijn wel een werkend land en in Laren zijn er veel jonge gezinnen die werken met kleine kinderen. Dus ik wil daar echt toch heel veel aandacht aan schenken. Dank u wel.

De voorzitter: Dan zag ik ook een vingertje bij wethouder De Groot. De heer De Groot: Dank u voorzitter. Bij ons is dat bij de rondvragen in het college aan de orde geweest. Als wethouder Economische Zaken maak ik mij zorgen om het bedrijf. Een gezond bedrijf met werknemers, met goeie ondernemer, met stagiaires die opgeleid worden. Dus een mooi voorbeeld van een goed bedrijf waarvan je het beste mag hopen. Het was mij ook al gebleken omdat onze honden ook uitgelaten worden door dat bedrijf. Dus ik was er zelf persoonlijk ook not amused over zal ik maar zeggen. Neemt niet weg, dat gaat hier niet om mijn persoonlijke zaken hier. Het gaat over inderdaad ook economisch gezien voor gezinnen waarvan mensen rekenen op dat. Net zoals jeugdopvang of kinderopvang is dit iets wat eigenlijk, naja een basisvoorziening vind ik net een te groot woord maar wel een belangrijke voorziening in het dorp. Dus er is ons veel aangelegen om te kijken of we daar een postje voor kunnen vinden. Het is nu in handen van wethouder Westerkamp. Die gaat dat ook meen ik maandag inbrengen in het BEL-overleg om te kijken naar geschikte locaties om dit soort activiteiten te doen. Laat ik het daar even bij laten en even verzoeken te wachten op nadere mededeling van de heer Westerkamp. De voorzitter: De heer, ik kan uw naam niet lezen, de heer Lobregt.

De heer Lobregt: Ik wilde … De voorzitter: Het knopje rechts aan de zijkant. De heer Lobregt: Ik wilde even reageren op mijnheer De Jong. Ik wilde sowieso even zeggen dat hij er goed uitziet na zijn vakantie en er goed voorbereid uitziet ook. Dus ik wilde u daar even mee complimenteren. Verder ben ik het helemaal met u eens. Zoals u waarschijnlijk niet weet werk ik bij een accountkantoor en wij hebben inmiddels alle jaarrekeningen, inclusief die voor het eiland Aruba afgerond. Ik denk dat het hebben van een jaarrekening past in juni. Ik begrijp ook dat die zelfs nu nog niet helemaal af is. Dat is echt veel te laat. Hij moet niet naar september hij moet gewoon naar maart, uiterlijk april. We zijn nu als het goed is bezig, daar gaan we het zo meteen ook over hebben, over 2023 en verder. We zijn niet meer geïnteresseerd in wat er in 2021 allemaal is gebeurd. Daar is het veel te laat voor. Dus ik zou ook wel eens een tendens in de wereld dat we jaarrekeningen eerder doen. Dus liever in februari of maart dan in juli. Dus ik zou toch graag willen vragen dat we daar als gemeente ook bij aansluiten.

De voorzitter: De wethouder zal daar straks het een en ander over zeggen bij agendapunt 5.1. Verder geen mededelingen? 3.

Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie M&F d.d. 19 mei 2022 De voorzitter: Zijn er opmerkingen over de lijst van adviezen en conclusies zoals deze zijn voorgelegd? Mevrouw Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Naar aanleiding van het verslag, ik vraag mij af of de wethouder al een antwoord heeft over de vergoeding voor de vertraging van de oplevering van de meldkamer. Dat staat in het vorige verslag en ik ben zo bang dat het wegzakt. Als het ergens opgenomen wordt, dat we een keer een antwoord krijgen. Daar zouden wij heel blij mee zijn. De voorzitter: De heer De Groot. De heer De Groot: Dat gaat over de Veiligheidsregio. Volgens mij moet mijnheer Mol daar een antwoord op geven. Dus ik denk dat we nu niets anders willen doen dan mijnheer Mol vragen met enige voorrang hier het antwoord op te geven. De voorzitter: Komt op de lijst van toezeggingen. Verder nee? Dan stel ik hem hierbij vast.

4.

Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Zijn er mededelingen over de Gemeenschappelijke Regelingen dan wel verbonden partijen? Mijnheer De Groot. De heer De Groot: We zijn eigenlijk begonnen, eerst overleggen ook regionaal. Er zijn bepaalde opstartsessies geweest, bijpraten, opstarten, plannen maken. Er zit niet veel inhoudelijks in. We hebben een interessante discussie gehad over vergrijzing en de impact die het heeft op de verzorging, thuiszorg en dat soort instellingen. We hebben daar ook met de collega-wethouders goed naar gekeken en we hopen dat de aanbeveling die we gedaan hebben opgevolgd worden. Regel de dingen maar vandaag ‘…’ bezig is dat hier lokale zaak vaak jonge mensen die die indicatie moeten stellen staan tegenover mensen die hoogopgeleid zijn en gewend zijn om orders te geven. Dus het is goed om ervaren, prachtig buiten te zetten of ‘…’ of dat soort dingen. Zou men powermoment geven en indicaties te helpen. Ook zou het goed zijn als huishoudelijke hulpen als ze merken dat ze als ‘…’ gebruikt worden, de kans krijgen om die indicatie te challengen. Verder zou een samenwerking met hoge scholen en mbo’s misschien nog wel geïntensiveerd worden. Ook kijken naar therapeutische hulp om te zorgen dat mensen hun mobiliteit verhoogt. Al dat soort dingen zijn aan de orde geweest, die worden opgepikt.

Ik hoop daar in de toekomst dat ook terug te zien. Want het is van groot belang dat we met een beperkte dimensie toch het niveau van dienstverlening omhoog brengen. Daar kom ik zeker nog eens een keertje op terug. Tweede mededeling. Is misschien niet zozeer regionaal. Maar u heeft in de krant kunnen lezen dat Hilversum een bedrag van 667 duizend euro toegekend gekregen heeft van het Rijk om wat te doen aan energiearmoede. Dat is landelijk gebeurd, dus ook Laren heeft geld ontvangen. Dat gaat om een bedrag van rondom de 40 duizend euro. Ik heb al een afspraak gemaakt met wat ambtenaren om zo snel mogelijk te kijken en plannen te maken, te zorgen dat onze inwoners die het hard nodig hebben van de winter niet in de kou of in ieder geval minder in de kou komen te zitten. Dus dat zijn denk ik de belangrijkste dingen die ik aan u zou mee willen geven.

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Midden niks? De heer Van Midden: Nee dank u wel mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dan komen we bij de raadsvoorstellen. Aangezien het college … Oh, mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Om eventjes te reageren op de wethouder over de zorgtoeslag en alle toeslagen die uitgekeerd moeten gaan worden. Ik heb gehoord van oudere mensen van boven de 80 jaar dat het vaak moeilijk om die toeslagen aan te vragen. Omdat ze vaak geen DigiD hebben en het wordt een heel groot probleem voor de 80-plussers. Dit bedrag wordt ook toegereikt aan al die 80-plussers. Maar hoe moeten ze daar aankomen want ze moeten door een hele procedure heen. Die mensen die snappen het niet meer. Dus hoe gaan wij dat dan oplossen? Toevallig hoorde ik het ook vanmorgen op de radio. Zeiden ze ook al dat het een groot probleem was bij 80-plussers. De voorzitter: Van mij wel. De heer …: Ja nou, dank voor het signaal. Ik heb volgende week ook overleg over een heleboel dingen. Ik zal het daarin meenemen en verstandig om het ‘…’. De voorzitter: Oké. 5.

Raadsvoorstellen:

5.1 Jaarrekening 2021 (Behandeling verplaatst naar de raad van 6 juli) De voorzitter: Aangezien het college heeft aangegeven dat de jaarrekening half juni naar de raad wordt gestuurd heeft het presidium besloten de jaarrekening en de kaderbrief direct in de raad van 6 juli te behandelen en dus niet in deze commissie. 5.2 Kaderbrief Laren voor begroting jaar 2023 (Behandeling verplaatst naar de raad van 6 juli) De voorzitter: Hetzelfde geldt ook voor de kaderbrief. Ik wil nu eerst het woord geven aan de heer Van Midden voor een toelichting op het proces en mochten er dan vragen over zijn, dan kunt u deze stellen. We gaan zoals gezegd niet inhoudelijk in, op zowel de jaarrekening als de kaderbrief. De heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Inhoudelijk op de jaarrekening ingaan zou ook wat lastig zijn omdat hij er nog niet is op dit moment. Maar ik denk dat het goed is om even toelichting te geven op het proces. Allereerst begrijp ik de frustratie over het late tijdstip opleveren van de jaarrekening. Wij zijn weliswaar geen Aruba maar wel in het verleden door strategisch adviseur een Waddeneiland genoemd. Dus in die zin gaat het parallel met een eiland zeker op en kunnen wij ook sneller leveren te zullen doen. Ik heb vanmiddag portefeuillehoudersoverleg gehad met BEL-verband, met BEL-gemeenten.

Daar zat eigenlijk bij alle drie de partijen dezelfde frustratie dat het allemaal te lang duurde. Ook in een soort iteratief proces met accountant waardoor ik ook gezegd heb: ik wil eigenlijk als het alles achter de rug is het proces eens evalueren om te kijken van nou waar gaan de dingen niet goed en kunnen we dingen ook versnellen om sneller dingen op te kunnen leveren. Want uiteindelijk betekenen die iteraties heel veel werk voor de mensen die uiteindelijk het werk in orde moeten krijgen. Zoals bijvoorbeeld mijnheer De Haan die hier zit, die zich de laatste dagen te barsten werkt om het voor elkaar te krijgen. Daar willen uiteindelijk ook vanaf. Als we kijken naar het verdere proces is het inderdaad zo dat we op 6 juli over de jaarrekening 2021 spreken. Het werd feitelijk in het college

al vastgesteld afgelopen dinsdag. Alleen op verzoek van de accountant moeten er nog een aantal technische wijzigingen opgenomen worden. Ik verwacht dat er een jaarrekening deze week in ieder geval begin volgende week definitief is en dat die ook bij u op de mat valt. Tijdens de vergadering trouwens op 6 juli zal er een accountant aanwezig zijn om zijn voordeel toe te lichten. Dus dan krijgt u het hele verhaal in een keer gepresenteerd. Ook zal tijdens die vergadering op 6 juli de kaderbrief gepresenteerd worden, toegelicht worden, er kunnen vragen gesteld worden. Die heeft u inmiddels in bezit want we zitten al op dit moment in iBabs bij de stukken van juli. Dus in die zin heeft u op dit moment al wat te lezen. Ter voorbereiding op de bespreking van 6 juli zijn wij natuurlijk van harte bereid om alle vragen te beantwoorden. We hebben ook met de financiële specialisten inmiddels een klankbordavond gepland op maandagavond 27 juni. Die uitnodiging is jullie allemaal toegezonden waarin we de jaarrekening en de kaderbrief ook inhoudelijk technisch kunnen bespreken. Eerlijk gezegd als er echt hele technische vragen dan heb ik liefst dat ze vooraf per mail gesteld worden zodat we ze ook goed mee kunnen nemen in de bespreking. Want we hebben een bespreking van uit mijn hoofd ongeveer anderhalf uur.

Dus om die uiteindelijk zo efficiënt mogelijk te kunnen doen is het denk ik goed ook om zoveel mogelijk schriftelijke vragen te versturen. Dus bij deze. Afhankelijk uiteindelijk van de hoeveelheid en inhoud van de vragen is het streven om al die vragen voor 1 juli schriftelijk beantwoord te hebben dat ze meegenomen kunnen worden in de bespreking in de raad op 6 juli. Verder het proces, wij gaan na 6 juli in de zomer aan de slag met de begroting. Waar naast de kaderbrief, de inbreng vanuit de gemeenteraad ook het coalitieakkoord en mogelijke eerste begrootwijze van de BEL meegenomen kan worden. Dat wordt op 4 november door het college met elkaar besproken. Dus dat is eigenlijk het hele proces zoals we dat nu hebben. Even wat tipjes van de sluier: als we kijken naar de jaarrekening zoals we nu zien dan ziet die incidenteel op zich er goed uit. Ik heb de accountant ook gevraagd, als je ‘…’ op los moet laten, wat zie je dan. We liggen op koers, maar weliswaar op woelige waarden. Dat is aan alle kanten. Dat is zowel aan de uitgavekant maar ook als het gaat om de inkomstenkant vanuit de overheid en het gemeentefonds. Wij zien wel en daar zal binnenkort een raadsinformatiebrief over komen, dat naar aanleiding van de meicirculaire dat er een flinke positief ‘…’ zijn. We zullen die ook in een raadsinformatiebrief voorafgaand aan de vergadering van 6 juli over vertellen.

Dat is het verder eigenlijk voor dit moment als het gaat om het proces. Ik weet niet of er naar aanleiding hiervan vragen zijn of opmerkingen zijn. De voorzitter: De heer Grunwald van Groen Laren. De heer Grunwald: Dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag. Er zijn opmerkingen gemaakt over het tijdstip waarop de jaarrekening behandeld wordt. Mijn vraag aan de wethouder is, kunt u toezeggen dat de jaarrekening volgend jaar in april in de raad behandeld wordt, dan wel in ieder geval toezeggen dat u uw uiterste best zult doen dat dat in april gebeurt. Dank u wel voorzitter. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer Grunwald. Ik wil die toezegging wel doen maar wat ik al zei, we gaan het proces evalueren en uiteindelijk wil ik het zo snel mogelijk hebben. Begin april, de uitslag van ‘…’ eerlijk gezegd. Het zou mooi zijn als dat kan maar ik ga daar geen harde toezeggingen over doen maar ik kan hier wel toezeggen dat ik mij toch zal inspannen om het zo snel mogelijk te doen. Maar het belangrijkste is uiteindelijk dat die ook goed is. Daar moeten we uiteindelijk ook oog voor hebben voor de zorgvuldigheid. Maar mijn inspanning zal ik leveren om het maar even zo te zeggen. De voorzitter: De heer De Jong had ook nog een vraag. De heer De Jong: Er komt nu ook een avond waarin de financiële specialisten ook met de wethouder en een controller gewoon eens inhoudelijk kunnen maken, wat is wat.

Normaal is dat er daarna een commissievergadering komt waar je gewoon technisch wat dieper gaat en ook kritische vragen en met elkaar

in discussie gaat. Dat wordt nu gepropt in een vergadering want er is alleen maar raadsvergadering. Dat lijkt mij toch niet handig dat we alles in een vergadering doen. We kunnen het wel op schrift doen, dan kunnen we net zo goed ook niet meer vergaderen dan kunnen we alles wel op schrift doen. Je kunt elkaar antwoorden sturen. Dan kunnen we net zo goed zo een financieel ‘…’ maken. Dat lijkt dan toch handig want een commissievergadering hebben we het over technisch nog even wat dieper gaan. Kritische vragen over allerlei dingen stellen en dat we hier dat met elkaar doen en dat ook mensen thuis dat kunnen horen. Nu wordt het weer eigenlijk in een achterkamertje via technische vragen krijgen we schriftelijke antwoorden. Ik vind eigenlijk dat dat niet kan. Ik vind ook dat we een commissievergadering moeten hebben over dit onderwerp. De voorzitter: Mijnheer De Jong, ik wil beantwoorden dat het presidium heeft dit besloten. Dus in deze zijn alle partijen hebben hiermee ingestemd. De heer Lobregt, u had nog een vraag. De heer Lobregt: Ik had inderdaad een vraag, dank u wel mijnheer de voorzitter. Even een aansluiting op wat de heer Grunwald zei en ook wat de wethouder net aangaf. Wat ik graag zou willen is dat wij een evaluatie krijgen van het jaarrekeningproces met daarin waarom het dan nu zo laat is. Ik ben het eens met de wethouder dat het goed moet zijn.

Hoewel ik daar dan wel bibbers van krijg dat ik denk, moet het dan tot juli duren om het goed te krijgen. Dus welke procesverbeteringen zijn dan nodig mijnheer de voorzitter om er dan voor te zorgen dat we in april een goede jaarrekening krijgen? Ik zou heel graag dan ook van de wethouder horen welke actiepunten er dan zijn zodat we, ik begrijp alle goede bedoelingen en die worden zeer gewaardeerd. Maar van goeie bedoelingen kunnen we niet leven. Dus ik zou graag horen hoe we dan concreet komen tot een jaarrekening in april en wat daar dan voor nodig is om een goede jaarrekening in april te krijgen. Ik zou daar graag een notitie over zien in september in de volgende commissie in de raad. De voorzitter: Mijnheer Merckx. De heer Merckx: Dank je wel voorzitter. Dat laatste was exact waar ik naar op zoek was. Want inderdaad, een evaluatie is noodzakelijk en dat gunnen we van harte. Voor mij was het even om welke termijn. Ik denk dat we ‘…’ september in de eerstvolgende ‘…’ om te zorgen dat het een goede evaluatie is. De voorzitter: De heer Van Midden wilt u daar nog op reageren? De heer Van Midden: Ja mijnheer de voorzitter staat mij toe een paar opmerkingen te maken.

Een, de accountant zit bij de bespreking op 6 juli, dus u kunt uw eigen accountant ook doorvragen over dit proces en hem ook vragen: wat ziet u op dit moment als verbeterpunt uiteindelijk en ook als actiepunt om het proces snel te laten verlopen. Wat ik zei, ik wil het zelf ook geëvalueerd hebben. Ik weet niet of ik in september al met een rapport van bevindingen kan komen. Maar we gaan er in ieder geval mee aan de slag. Wat denk ik ook belangrijk is te weten dat bij het samenstellen van de jaarrekening ook afhankelijk zijn van de cijfers die van elders aangeleverd worden. Onder andere vanuit het sociaal domein, onder andere Hart van Laren, onder andere het zwembad. Die cijfers die lieten ook nog op zich wachten de laatste weken. Pas op het laatste moment gekregen en op het laatste moment daar ook iets naar de jaarrekening kunnen doen. Dus er zitten heel veel afhankelijkheden in wat het soms wat lastig maakt. Maar de opdracht is duidelijk om het even zo te zeggen en ik ga er zeker mee aan de slag. Nogmaals wat ik zei, de frustratie zit niet alleen bij de Gemeente Laren, ook in andere omgevingen dus in die zin ‘…’. Dank u wel mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Oké. Mijnheer Lobregt.

De heer Lobregt: Ik wil daar toch nog even op reageren. Het is niet de jaarrekening van de accountant het uw jaarrekening mijnheer, via de voorzitter, mijnheer de wethouder. Dus ik zou graag van u die notitie willen zien. De accountant kan u uiteraard ondersteunen bij ervoor zorgen dat de processen op orde komen. Als u wacht op derde partijen, dat ken ik. Dan moet u tegen die derde partijen zeggen: wanneer, maar dan gaan we al in de evaluatie en dat moeten we niet doen. Dan moet u tegen die partijen zeggen wanneer u die cijfers uiterlijk moet hebben. Maar dat lijkt me iets voor de evaluatie, dat zie ik dan in september graag tegemoet. Dank u wel. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter. Volgens mij lopen we een beetje in een cirkeltje rond. Ik heb toegezegd, we gaan evalueren. Dit zijn de elementen eigenlijk die u noemt, mijnheer Lobregt, die we ook mee moeten nemen in de evaluatie. Dus ik hoop daar zo snel mogelijk antwoord … De voorzitter: Oké. Dan sluit ik hierbij agendapunt 5.1 en 5.2 en gaan we over naar het volgende punt. 5.3 Programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 BEL Combinatie voor zienswijze De voorzitter: We gaan beginnen met de bespreking van het raadsvoorstel programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 van de BEL Combinatie voor zienswijze.

Zoals aangekondigd gaan we de eerste termijn iets anders insteken dan dat we tot nu toe hebben gedaan. Elke fractie krijgt de mogelijkheid om twee vragen te stellen. Deze twee vragen zullen daarna meteen worden beantwoord door de wethouder. Na de beantwoording kunnen alle fracties eventuele aanvullende vragen over dat specifieke onderwerp stellen. Is dat gebeurt dan krijgt de volgende fractie de mogelijkheid om twee vragen te stellen. Zo gaan we de hele kring rond. Dan gaan we daarna net zo lang door totdat alle vragen gesteld zijn. Hebt u als fractie zes vragen bij wijze van spreken, dan zult u daar drie ronden over doen. De heer De Jong: Mag ik hier iets over zeggen? Dit is compleet nieuw voor mij. Ik zit hier in deze commissie en als lid van deze commissie vind ik dat de leden hier wat over zouden moeten kunnen zeggen en dat dit niet gewoon op hoeft te leggen. Ik vind het maar vreemd dat er allerlei dingen besloten worden en dat de mensen die het moeten doen er gewoon helemaal niet eens in betrokken worden. Dan kunnen we net zo goed naar huis gaan. De voorzitter: Ik wil hierover zeggen dat we dit een drietal vergaderingen gaan proberen en daarna evalueren we hoe het gegaan is. Geef het een kans mijnheer De Jong. Ook dit is trouwens in het presidium besproken. De heer De Jong: Ja maar de mensen die hier zitten die hebben geen inspraak gehad.

De voorzitter: Zullen we het gewoon proberen? Daarna komt als alles is geweest gewoon een tweede termijn en dan kunt u op elkaar interrumperen en dergelijken. Aan het eind van de tweede termijn vraag ik u of we dit door leiden naar de vergadering van 29 juni en of dit dan wel een bespreekpunt of een hamerstuk zal zijn. Dan geef ik graag het woord aan de fractie van Groen Laren. Wie van de twee? De heer …: Sorry voorzitter ik ben even afgeleid. Wat is nu aan de orde? De voorzitter: U kunt nu twee vragen stellen aan de wethouder. De wethouder geeft daar antwoord op, vervolgens kunnen andere fracties naar aanleiding van de antwoorden een vervolgvraag stellen over dat specifieke item.

De heer …: Ik heb hem weer dank u wel. De heer …: Mijnheer de voorzitter, is het veroorloofd dat iedereen een inleiding geeft op dit onderwerp? De voorzitter: Ach natuurlijk sorry, helemaal vergeten. Mijn fout, ik ben ook nieuw. De heer …: Ik zal beloven het kort te houden dit keer. Het is voor mij ook de eerste keer. Mag ik nou of mag ik nou niet. Dank u wel mijnheer de voorzitter. Even kort inleiden. De voorzitter: Uw microfoon. De heer …: Wat voor u ligt op dit moment is de zienswijze op de begroting van de BEL-combinatie 2021. Dit is de BEL-begroting plus meerjarenraming zoals deze door het BEL-bestuur op 9 juni jongstleden is vastgesteld. De BEL-gemeenten kunnen op basis van de begroting en de meerjarenraming hun zienswijzen indienen, zoals hier nu. Op 21 juli zal het BEL-bestuur deze begroting definitief vaststellen, rekening houdend ook met de opmerkingen die gemaakt zijn in de zienswijzen die ingediend zijn. ‘…’heeft de inhoud van de stukken die hier liggen, de begroting die voorligt is in kern beleidsarm zoals u heeft kunnen lezen. Dus dat is eigenlijk … betekent dat de noodzakelijke dingen meegenomen zijn. Zo een CAO-stijgingen, wijziging, NEx-stijgingen, plus een aantal investeringen, een aantal personeelsredelijke investeringen. Plus een aantal investeringen waardoor dus wel op dit moment beter in control komt. Volgend jaar beter in control.

Bij die noodzakelijke investeringen betekenen voornamelijk ‘…’ naar drie ton. Je kunt eigenlijk pièce de résistance om het even zo te zeggen, wordt in de komende maanden uitgewerkt. Waarin de BEL een marsroute maakt die zij vastlegt in een meerkeuzenota om de BEL de komende jaren structureel te versterken. Daar zullen uiteindelijk ook de financiële consequenties van in kaart worden gebracht en voorgelegd. Dus het voorstel zoals het er nu dan ligt is om deze zienswijze in te dienen zoals u hem geformuleerd heeft. U ziet in de zienswijze trouwens dat de zienswijze zeker niet alleen zich toeziet op de begroting zoals die nu voorligt maar ook vast een doorkijkje geeft, een aantal overwegingen meegeeft bij het vaststellen of bij de uitwerking van de meerkeuzenota. Tot zover mijn toelichting mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Kom ik nu wel bij Groen Laren. Mijnheer Grunwald. De heer Grunwald: Dank u wel voorzitter. Ja, het is een beleidsarme begroting in die zin. Dat is begrijpelijk omdat er op dit moment weinig exact financiële middelen mogelijk zijn. Maar in de toekomst is dat ook niet zo. Dus alle hoop is dan gevestigd op de meerkeuzenota. Waarvan ik dan zal begrijpen van, dan maak je binnen de bestaande budgetten dus keuzes voor de verbeteringen die je het minst belangrijk vindt in dezen.

In de zienswijze geeft het college daarbij aan dat de dienstverleningsovereenkomst bijvoorbeeld te ambitieus geformuleerd worden. Dat dat ook ‘…’ zou moeten kunnen. Maar dan zie ik dus eigenlijk dat we hier in een soort spagaat terecht komen. Want de vraag is dan natuurlijk: we willen verandering, verbetering. Maar we hebben ook geen geld. Hoe rijmt zich dat dan? Dat we aan de ene kant ambities af hebben bij de BEL door een beleidsarme ambities. Ook via de zienswijze ambities eigenlijk een beetje afremmen. Terwijl die wel bij de BELcombinatie leven. Aan de andere kant, ook weer minder geld eigenlijk ter beschikken willen stellen of in ieder geval niet meer geld. Dus mis ik een beetje een soort ‘…’. Mijn vraag is eigenlijk: hoe denkt het college daarmee de komende jaren om te gaan? Hoe ziet het college de discussie over de keuzenota dan tegemoet? Mijn tweede vraag gaat eigenlijk over de oplegger. Daarin wordt vermeld dat wij aan structurele verhogingen komende jaren dus naar 1560 euro meer kwijt zijn aan de BEL. Daar wordt bij vermeld dat er 36,25 procent is van het totaalbedrag wat meer nodig zou zijn volgend jaar. Dat is dus niet helemaal in de verhouding tot inwonersaantallen. Nu begrijp ik natuurlijk dat dat ook een som is van enerzijds de bewonersaantallen maar

anderzijds ook wel de dienstverlening die we aan de BEL vragen. Nu staat in het coalitieakkoord dat bij mijn weten dat dit doorgebracht zou worden door de realistische verhoudingen tussen de drie deelnemende gemeentes. De vraag is eigenlijk: wat is het college voornemens om te doen om inderdaad dit ook terug te brengen? In een aansluiting aan mijn vorige vraag, terwijl heb ik wel meer gevraagd wordt. Dus wellicht hebt u daar nu al ideeën over. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: De heer Van Midden. U wordt trouwens bijgestaan door ambtenaar Theo de Haar. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Theo zit naast me om met name het technisch gedeelte mij bij te staan. De eerste vraag. Ik vond het even wat lastig te interpreteren maar ik interpreteer hem eigenlijk als: als je bezig gaat met een begroting 2023 en er een meerkeuzenota, waarom neem je dan nu niet al beslissingen over je huidige budgetten over de dingen die je moet gaan formuleren. Maar dat is juist eigenlijk de truc achter meerkeuzenota. We zeggen eigenlijk drie dingen, dat betekent ook drie stukken: een, welke dingen moet je autonoom op dit moment doen om uiteindelijk noem het even de hele maand verplichtingen in te vullen. Dat ligt nu voor. Dat is de CAO-stijging, de CPI-stijging en dat zijn de maatregelen die je neemt om meer in control te zijn. Dat is een.

Tweede is, wat heb je dan nodig om uiteindelijk de kwaliteit van je BEL-organisatie te verbeteren, welke extra investeringen zijn er nodig. Daar gaan we ook kijken, wat is er nu aan de hand, waar ligt de prioriteit, wat zijn de bijbehorende budgetten. Is de keuze aan de raden, uiteindelijk op basis van prioriteit de juiste keuze te maken en ook uiteindelijk ‘…’ te stellen. Hetzelfde geldt voor, het derde deel is eigenlijk de toekomst. ‘…’ er komt heel veel op ons af, er komen heel veel uitdagingen op ons af. Tegelijkertijd hebben we ook een aantal interne uitdagingen. Denk bijvoorbeeld aan personeel en dat soort zaken. Ook daar willen ze een overzicht van de prioriteiten en bijbehorende budgetten presenteren. Dan wil je uiteindelijk als raden de juiste keuzes maken over de vele investeringen in BEL en uiteindelijk BEL voor de toekomst vast te maken. Dat is een proces waar we nu in zitten. We hebben vanmiddag de contouren van de meerkeuzenota gepresenteerd gekregen. Dat gaat de komende tijd uitgewerkt worden naar de besluitvorming naar een totaal ‘…’. Dat heeft even tijd nodig. Dat is niet iets dat je op dit moment kan presenteren en zeker niet kan vertalen naar een begroting voor 2023. Tweede vraag die ging over structurele verhoging van de BEL. Die begrijp ik eigenlijk niet goed want die … Oja, de BTO-discussie. Die gaan we inzetten, dat is best wel een lastige trouwens hoor.

Uiteindelijk staan wij relatief heel ten opzichte van andere gemeenten. 36, komma zoveel procent, Blaricum 33 ongeveer, Eemnes ongeveer 31. Logischerwijs zou een derde, een derde, een derde zijn gevoelsmatig. Ik weet niet of dat onze inzet zal zijn maar wat wij willen gaan doen is inderdaad de komende tijd kijken we met drie andere gemeenten of daar wat evenwichtige verdeling in kunnen krijgen. Ik moet heel eerlijk zeggen de uitkomst is wat onzeker. Voor Blaricum is het wat makkelijker want die kunnen gewoon precies blijven zitten zoals ze nu zitten, 33 procent. Dat betekent dat vooral Eemnes moet gaan bewegen. Die hebben het toch ook vrij lastig op dit moment. Dus dat zal best wel een stevig gesprek worden. Het is in ieder geval een discussie die we willen gaan voeren met alle partijen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Er is een aanvullende vraag over dit item? De heer …: Ja sorry mijnheer de voorzitter. Ik ben betrokken geweest bij het afsluiten van deze discussie. Daar is toen afgesproken dat alle gemeenten betalen op basis van inwonersaantal. Dat betekent dat langzamerhand ze alle drie gelijk worden. Dus iedereen een derde, een derde, een derde dan moeten gaan betalen. Dat is uiteindelijk door degenen die minder betalen. Het is ook nergens ooit opgeschreven met handtekeningen eronder. Dus dat is verdwenen. Andere gemeenten die houden hun mond hierover.

Ik denk toch dat we meer van die uitgangspositie dat we daar weer naar terug moeten op basis van inkomen of we moeten echt reëel

gaan verdelen. Dat betekent alle uren schrijven, dat de gemeenten die uren vraagt, die krijgt die uren en betaalt de uren die die gebruikt heeft. Want dat is de enige andere reële alternatief wat er is als we niet op basis van die gelijkheid doen. De voorzitter: Wat is uw vraag? De heer …: Mijn vraag is om terug te gaan naar een derde, een derde. Als de andere gemeenten dat niet willen dan dat we gaan kijken of er niet op basis van geschreven uren dat de gemeenten alleen maar betalen wat ze zelf afnemen. Dat is de vraag. De voorzitter: Verder nog iemand? Nee. Mijnheer De Jong. Nee over dit onderwerp, dit deel. Heeft u daar een vraag over mijnheer Lobregt? Dit is nog de eerste ronde maar dan krijgt eerst de heer De Jong nog twee vragen te stellen. Dus mijnheer De Jong aan u het woord. De heer De Jong: Het gaat over de BEL. Ik heb ‘…’ vragen, ik ga er nu twee stellen en daarna heb ik nog twee vragen en een opmerking als dat mag. Pensioenpremie, daar staat bij dat die 25,9 procent is over een gelijk percentage gelijk blijft als de begroting was. Dat er dus verder geen verhoging meegenomen wordt. Maar de salarissen gaan wel omhoog. 36.000 euro omhoog. Dat betekent dat ook door de verhoging van salarissen de pensioenpremies die zijn op basis van het salaris ook omhoog gegaan. Dat gaat toch om een bedrag van 6070.000 euro.

Dus het lijkt mij verstandig als we een goede begroting willen maken dat de kosten die gewoon er zijn dat die ook meegenomen worden en dat die niet achterwege blijven. Dit bedrag hoort gewoon opgenomen te worden. De tweede is, eind volgend jaar loopt er een lening af van 6 miljoen. Die lening is tegen 0,48 procent. Ik neem aan dat het eind volgend jaar, dat weet ik wel haast zeker, dat we niet meer nemen voor 0,48 procent. Ik heb de fte even gesteld 3 procent. Dat is waarschijnlijk nog weinig. Dat zal ook op een bedrag van 150.000 euro gaan. Als we kijken naar de rentekosten de komende jaren zie ik ze alleen maar omlaag gaan. Terwijl als leningen aflopen en dit zijn leningen die niet afgelost wordt dan zouden die rentekosten fors omhoog. Dus ook daar is in die begroting naar mijn idee niet op de basis zoals nu in de ‘…’ toe gaat is de rente meegenomen. Ook daar is gewoon veel te weinig kosten meegenomen. Dus we krijgen cijfers waar gewoon een aantal toch wel forse posten gewoon niet in zitten. Dat vind ik toch jammer. Ik vind toch ook in een begroting waarbij gewoon alles meten op basis van de realiteit meegenomen moet worden. De voorzitter: Mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Mijnheer De Haar zal inhoudelijk in gaan op de vraag van mijnheer De Jong.

De heer De Haar: We hebben een aantal telefoon gehad dat er geen extra ‘…’ verhoging van het pensioenfonds te verwachten is. De toename op lasten die u ziet is gemuteerd, dus wij nemen gewoon meer last over het geheel mee. Daar zit dus ergens een factor pensioenpremie gewoon in mee gezakt. Wij weten donders goed dat wij daar altijd risico lopen. Want elk moment kan een pensioen zaak worden bijgesteld en dat soort zaken. Maar er zit in de totale volume van salarislasten, die worden nu geïndexeerd meegenomen. Dus daar zit ook dat postje pensioenpremie. De aanleg is ook ‘…’ is hartstikke terecht dat u dat zegt. Wij hebben, ik zal niet zeggen dagelijks want ik heb wel wat andere dingen ook te doen, maar toch wel een keer per week contact met allerlei zaken, dus personen die rente ‘…’ en dat soort zaken. Ook met ABP maar ook met de BNG en Waterschappen natuurlijk. U hebt gelijk, de rente is ondertussen al twee misschien wel iets meer gegaan. U moet zich echter wel vaststellen dat deze BEL-begroting al eind april klaar moet zijn. Eind april was dit alles nog niet aan de orde. Dus zij hebben met het momentum van toen besloten, zo zit het erin. Als je

het zo meteen naar onze begroting gaat werken en zij ook hun eindproducten gaan berekenen, zal er dus een begrotingswijziging moeten gaan komen PZP met een ophoog van het rentecomponent. Dat kan niet anders. Maar op het moment van het schrijven van het stuk was het nog niet aan de orde. De voorzitter: Iemand nog anders vragen over pensioenen en rente? Mevrouw Van Dorst, D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Inderdaad hadden wij dezelfde vragen over die rentepercentage verhoging. Dat daar dus inderdaad, wij hebben het geschat op 120 en u schat het op 150. Nou ja, genoeg. Maar wat ons ook verbaasde was dat het in de post, zo heb ik het begrepen, opgenomen was als: versterking BEL. Dat vonden wij een beetje vreemd. Klopt dat? De voorzitter: Mijnheer De Haar. De heer De Haar: Dat is een mooie en lastige vraag. De leningen zijn natuurlijk voor een groot gedeelte voor gebouwen en dat soort zaken maar ook voor ICT-achtige doelstellingen. Op het moment dat daar nu geld gaan aantrekken zal er dus weer geld in bezitting zijn van ook bijvoorbeeld wat de ICT-systemen te doen. Ik werk voor de BEL zoals je begrijpt. Als ik ’s morgens opstart mijn PC dan duurt het altijd een half uur voordat hij ergens een server heeft gevonden waarvan hij zegt, hier mag je wel op werken et cetera. Er zijn dus een heleboel dingen die ook daadwerkelijk gedaan worden om de bedrijfsvoering beter te kunnen gaan doen.

Dan wordt het een semantische vraag: hoe moet je dit presenteren? Zijn dat ‘…’ zouden moeten doen. Ik vind dat wij dat voor de time being maar moeten nemen en nu de keuzeperspectiefnota moeten afwachten van wat zij er allemaal mee gaan doen en hoe ‘…’. De voorzitter: Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dus het klopt inderdaad dat het een vreemde post is. Maar dat u accepteert dat het nu daarmee bezet is omdat het uiteindelijk uit een ICT-versterking komt uit 2018 als ik mij goed herinner. Daar moet nu dan de rente over betaald worden en nog extra rente ook wat we net besproken hebben. Maar dat hoort dan toch bij de versterking BEL. Dat gaat mij een beetje verwarrende informatie. Maar ik accepteer dat u bij deze antwoordt. Dank u wel. De voorzitter: Iemand anders nog vragen over de pensioenen en rente? Nee. Dan geef ik graag het woord aan de heer Merckx van de VVD voor zijn eerste twee vragen. De heer Merckx: Dank u wel voorzitter. Het gaat met name over de toekomst van de BEL. Inderdaad zoals de wethouder zei een beleidsarme begroting. Het is een beetje verbazingwekkend om te zien in dat respect dat er duidelijk knelpunten worden genoemd. Dat deze begroting zo wordt opgesteld maar dat er nergens in een overleg ook maar enige termijn wordt gesteld voor de daadwerkelijke presentering van de keuzes die gemaakt worden.

Dus ik zou graag horen wat is het plan op dit moment van de BEL-organisatie om met een strategie te komen. Want zoals het ook blijkt uit de ‘…’ wel degelijk grote risico’s. De tweede vraag gaat om het financiële. Er staat: de algemene reserve moet 400 duizend euro zijn. Die staat op dit moment volgens mij op 150 duizend euro. Deze moet versterkt worden. De grote vraag is: hoe? Door wie? Wanneer? Dank je wel. De voorzitter: Mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter dank u wel. Twee vragen van mijnheer Merckx. Eerste vraag is, wanneer kunnen wij de meerkeuzenota verwachten? Volgens mij is dat heel kort de vraag ook gezien de hoge

risico’s die we lopen. Het zal ergens in het najaar zijn. Wordt nu voorbereid, de hele besluitvorming daaromheen zal denk ik in september zijn. Ik denk in het najaar, oktober, november met de meerkeuzenota’s. Dat is denk de tijds’…’. De tweede, wat algemene reserves betreft. Die kunnen wij op twee manieren aanvullen. Een, uit de overschot en de BEL-begroting, de verdiensten in BEL. Twee vanuit de extra notaties naar de onderliggende gemeentes. Dat zijn eigenlijk de enige instrumenten die je hebt om je reserve op te krikken. De voorzitter: Mijnheer Merckx. De heer Merckx: Stelregel is dat we nog een vraag hierover terug mogen stellen. De voorzitter: Ja dat geldt ook voor u. De heer Merckx: Goed dank u wel. Dank u wel wethouder. Wat ik graag zou willen in dit geval wat we net al hebben gezien dat de jaarrekening uit de rails dreigt te lopen qua termijn. Dat we proberen om daadwerkelijk een datum te stellen waarbinnen het meerkeuze beleidsplan te verwachten is dat het op tijd besproken kan worden en ontstaan er risico’s. Mijn tweede opmerking is dan inderdaad: hoe ‘…’. Dus de algemene reserve moet worden aangezuiverd. Wanneer en met welk bedrag, met welke gemeenten. 36 procent, 33 procent, 31 procent. ‘…’deelsleutel. Dank u wel. De voorzitter: Iemand anders nog vragen over de meerkeuzebeleidsplan? Termijn? Of de reserves? Kom ik daarna bij uw antwoord. Niemand. Kunt u antwoorden.

De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Of er een tijdslot is bij een meerkeuzenota. Dat is op zich een hele interessante vraag. Want ik denk dat dat best wel een gedoe gaat worden om het zo maar even te zeggen. Dat werd in het in het portefeuillehoudersoverleg ook al gezegd. Het grootste gevaar is dat die meerkeuzenota dat je met die colleges niet op een lijn komt om het zo maar te zeggen, voordat je het in de raad bespreekt. Dan wordt het voor de BEL heel lastig als je uiteindelijk met de drie gemeenten niet tot een, noem het even eenduidige prioriteit stellen voor je strategie en de financiële invulling van kan komen. Dus ik heb het vanmiddag ook in het portefeuille overleg aangegeven. In het hele proces is het essentieel dat we eerst als colleges gaan zitten en als college het met elkaar eens worden over prioriteiten en investeringen die erbij horen. Voordat we gezamenlijk naar de raden gaan. Ik kan daar helemaal geen inschatting geven wat voor tijden wat voor inspanning dat zal leveren. Ik denk niet dat dat in een weekje tijd gebeurd is om het zo maar even te zeggen. Maar het is wel een terecht punt wat we in de gaten houden. Want anders zou je uiteindelijk ook je doel voorbij schieten omdat het allemaal te lang duurt ‘…’.

Maar goed ik ga ervan uit dat de ‘…’ energie door alle gemeentes is om daar op een goeie manier uit te komen en toch gezamenlijke prioriteitstellingen te komen. Dus ook gezamenlijk verhaal richting de raad om over te besluiten. Tweede punt, algemene reserve. Ik weet niet of het een noodzaak is om nu algemene reserve op dit punt aan te vullen. Het is natuurlijk beetje een klassieke discussie. Op het moment dat je nu als gemeente aanvult ben je als gemeente het geld kwijt. Dan kan je er niet meer over beschikken. Je kan ook als gemeente zeggen, joh ik hou het geld gewoon in de tas en ik ga de reserve aanvullen op het moment dat het echt nodig is om aan te vullen. Op het moment dat we door onze hoeven zakken bij wijze van spreken. Maar daar een keuze aan de raad om dat te gaan doen. Maar ik zou nu is het vooralsnog zeggen we het is op dit moment geen reden om die algemene reserve extra notaties aan te hangen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Merckx.

De heer Merckx: Ik begrijp heel goed, dank u wel voorzitter, dat de heer Van Midden zegt: op welke wijze moeten we nu zorgen dat de meerkeuze uitkomt dat dat goed op de rails komt te staan. We hebben de raad, we hebben een college, we hebben BEL. Ik denk dat we het maar even moeten zien zoals in Europa wordt omgegaan met lastige keuzes. Dat is dat, onze minister van Financiën krijgt de opdracht van de Tweede Kamer om in Europa een bepaald standpunt te verwezenlijken. Dus ik kan mij heel goed voorstellen dat het college met een voorstel komt dat aan de raad wordt voorgesteld, wat het antwoord van Laren zal zijn ten opzichte van de samenwerking met de BEL. Dank je wel. De voorzitter: Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dat is ook inderdaad precies wat wij ook zouden willen vragen. Maar misschien nog ietsje scherper er naartoe gespitst. Wij zouden graag meegenomen worden in de procedure. Zoals u zegt, ik ga eerst, net wat de heer Merckx ook al zegt, wij gaan de stap naar het college maken. Maar ik denk dat wij als raad best daarvoor ook wat willen inbrengen of in ieder geval mee willen denken: wat is voor ons Laren belangrijk? Dus het meenemen in de procedure tot het komen van deze meerjarenkeuze. Is daar een mogelijkheid binnen? Ik kom er op omdat er werd gezegd in deze aanbiedingsbrief dat wij op 9 juni meegenomen zouden worden in het proces van een meerjarenkeuze.

Die heb ik niet gehoord. Dus daarom kom ik daar ietsje verder op terug. Dank u wel. De voorzitter: Eerst even mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Ik denk een terecht punt van mevrouw Van Brakel en ik begrijp inmiddels van mijn ‘…’ Theo, dat er in augustus voor de raad mee op gespitst zal worden om inderdaad de raad door het proces mee te nemen. Dus het wordt meteen ingenomen. De voorzitter: Mijnheer Grunwald wilde een vraag stellen. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Kan ik u alleen maar danken. De voorzitter: Mijnheer Grunwald u had nog een vraag. De heer Grunwald: Dank u wel. Wij onderschrijven de vragen en standpunten van de heer Merckx en mevrouw Van Brakel ten zeerste. Wij zijn van mening dat we daar veel meer sturend en taakstellend van te voren al moeten inspringen in plaats van wachten wat waarmee de ‘…’. Dus dat is toch wel heel belangrijk dat daarin een rol voor de commissie en de raad weggelegd is. Dat spreekt voor zich. De voorzitter: Wat is uw vraag? Wat is uw vraag? De heer Grunwald: De vraag is of de wethouder met dit standpunt rekening kan houden. De voorzitter: Wij gaan naar de volgende. Gezien zijn professie denk ik dat ik bij de heer Lobregt kom van het CDA voor uw eerste twee vragen.

De heer Lobregt: Ik moet u zeggen Mijnheer De Jong ik leef enorm met u mee vanavond want ik heb wel vijftig vragen voorbereid dus het worden 25 rondes. Maar ik ga proberen om het kort toch te houden. Ze zeiden tegen mij: wat leuk voor Jan. Ik zeg: ja je moet mijnheer Van Midden zeggen omdat hij nu wethouder is geworden. Ik zei: ik moet eerlijk zeggen, ik leef graag met mijnheer Van Midden mee. Want hij gaf het net zelf ook al aan, het wordt een heel gedoe. We zitten in woelige baren. Maar ik ben wel blij dat mijnheer Van

Midden. Toen later besefte ik mij pas dat de zienswijze niet door mijnheer Van Midden was opgesteld maar door zijn voorganger. Maar desalniettemin, mijn complimenten mijnheer Van Midden dat u in staat bent geweest op basis van dit stuk een zienswijze te geven. Ik wil u daar echt op complimenteren. Want op basis van dit stuk zou ik daar niet zelf toe in staat zijn geweest om daar een zienswijze voor op te geven. Ik zal u dat toelichten. Er zijn al een aantal punten genoemd mijnheer de voorzitter over deze kaderbrief voor de BELcombinatie. Maar zoals ook al genoemd door een aantal van de andere leden van de commissie zijn er heel veel risico’s. Er zijn een aantal genoemd maar er zijn er nog veel meer. Het is echt een brei aan risico’s. Maar mijn vraag aan u is, hoe heeft u nu een overzicht van het totale risico wat we lopen. Ik hoor net, is een beetje slordig van mij mijnheer, maar ik ben uw naam even kwijt. Mijnheer De Haar hoor ik net zeggen: die ‘…’. Dan doen we gewoon eventjes een begrotingswijziging en dan zijn we er weer. Maar ik ben bang dat we heel veel tegenvallers en hopelijk ook nog wat meevallers gaan krijgen en dat we dus heel veel begrotingswijzigingen gaan krijgen.

Ik zou heel graag eigenlijk inzicht hebben in: wat zijn nu de risico’s die we lopen? Hoeveel begrotingswijzigingen kunnen we verwachten? Wat is een worst case scenario, wat is een scenario waarin we goed uitkomen. Dus ik zou heel graag een overzicht krijgen, in moderne termen wordt het ook wel een ‘…’ genoemd, waarin we kunnen volgen hoe we er qua risico’s voor staan. Overigens, als het gaat om weerstandsvermogen, ik hoef niet te rekenen maar dat is denk ik aan de lage kant. Ik ben bang dat het vier ton wat dan de norm is, dat dat ook aan de lage kant is. Maar hoe krijgt u als gemeente overzicht van de totale risico’s die we lopen? Dat is mijn eerste vraag. Tweede vraag gaat over het begeleidend schrijven. Daar staat: om dienstverlening te kunnen blijven bieden is het versterken van de BEL-combinatie belangrijk. Nu heb ik in de politiek geleerd dat versterken dat dat vaak betekent dat er meer geld bij moet komen. Maar zouden we eerst eens moeten evalueren, zeker nu de BEL-combinatie volgens mij een jaar of tien, twaalf bestaat. Hoe werkt die BEL-combinatie nu eigenlijk? Welke processen lopen goed? Welke processen lopen niet goed? Waar kunnen we processen nog uniformeren? Waar zitten de kostenbesparingen die we kunnen doorvoeren.

Er wordt letterlijk nog over gesproken over automatisering, digitalisering, hoeveel geld kunnen we daarop bezuinigen? Dus voordat we gaan praten over versterken zouden we eigenlijk eerst een evaluatie willen van de BEL-combinatie om te zien: waar kunnen we efficiënter werken, hoe kunnen we dat doen? Waar kan dat geld besparen? Zou u voor mij kunnen toevoegen … De voorzitter; Uw vragen zijn duidelijk. Mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer Lobregt. Dank ook voor het compliment wat u geeft. Fijn dat ik in staat ben om op basis van ‘…’ informatie deze zienswijze te formuleren. Ik weet niet of daar misschien een zekere mate van ‘…’. De heer Lobregt: Nee nee nee. De heer Van Midden: Ik heb er geen enkele moeite mee om deze zienswijze ‘…’. Maar de vragen die u stelt zijn heel heel erg terecht. Het belangrijkste is, wat ik al aangaf, is dat we een goed overzicht krijgen in het totale risico dat we lopen. Met name ook de impact van die risico’s om uiteindelijk de bedrijfsvoering van de BEL en het dienstcollege van BEL aan de inwoners. Want uiteindelijk is dat leidend voor het treffen van de maatregelen die we moeten nemen om de risico’s beheersbaar willen laten zijn. Uiteindelijk ook de keuze die we maken in de investeringen die we kunnen doen. Dat is op dit moment iets wat echt expliciet ook in die meerkeuzenota uitgewerkt wordt.

Daar hebben we vanmiddag ook een goed overzicht van gekregen van alle risico's. Eerlijk gezegd, het enige wat ik zelf nog miste vanuit mijn professie is een weging van die risico's. Want ze zijn niet allemaal gelijk in mijn ogen. Er zijn risico’s die wat zwaarder zijn dan de ander en ook risico’s die zeker prioriteit hebben als het gaat om het beheersbaar risico. Dus dat gaat zeker gebeuren. Wat betreft de

evaluatie: waar gaan dingen goed? Wat kan beter? Die evaluatie wordt op dit moment gedaan. Die is gedaan met de medewerkers. Er is met behulp van de medewerkers, wat dan mooi heet een slotanalyse gemaakt, om te kijken: geven we ook alles wat op ons afkomt? Geven we ook de risico's? Waar zitten onze sterktes, waar zitten onze zwaktes? Wat zijn de bereidingen? Waar zitten de opportunities? Hoe gaan we het uiteindelijk vertalen naar een strategie van de BEL en de investeringen die we doen. Dus eigenlijk, elk element wat u aangeeft in uw verhaal dat wordt meegenomen in die meerkeuzenota. Ik denk dat het goed is om uiteindelijk als die keuzenota er is, misschien komt het dan in een toelichting in augustus, om daar ook de BEL op te challengen. Want dat is precies hetgeen waar we uiteindelijk ook naartoe willen om ook de juiste keuzes te kunnen maken. Dus het is een heel terecht punt. In het begeleidend schrijven daar staat ook de versteviging van de BEL-combinatie belangrijk is. Die is ook belangrijk. Dat heb ik zelf ook kunnen zien in de laatste jaren dat ik in de commissie net zat. Wat we steeds zagen is dat met name interne risicobeheersing van BEL niet helemaal op orde was. Waardoor er bijvoorbeeld onrechtmatigheidsissues waren. We zien dat er nu in de begroting geïnvesteerd wordt in een half fte om het punt van die interne risicobeheersing te versterken.

Ik denk dat het meer dan terecht is. Ik denk dat het misschien uiteindelijk ‘…’, kijkend naar de meerkeuzenota misschien niet eens genoeg is. Maar denk for the time being voor nu dat het uiteindelijk voldoende is om in ieder geval de kwaliteit van de risicobeheersing te versterken. Dus dat is eigenlijk hetgeen wat daarmee bedoeld wordt. Dank u wel mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Niemand vragen over de risicobeheersing en de evaluatie? Mijnheer Lobregt. De heer Lobregt: Ik ben blij dat het opgepakt wordt. Dus ik kijk er vol verwachting naar uit. Graag zou ik dan ook in de toekomst in die kaderbrief een overzicht krijgen op basis van welke veronderstellingen bijvoorbeeld inflatie, of rente, is dit nu opgesteld. Zodat we ook daarin het inzicht krijgen. Ik ben ook blij dat we erin meegenomen worden. Ik ben ook heel benieuwd uiteindelijk naar het plan van aanpak. Dat kunnen we dan in augustus waarschijnlijk ook tegemoet zien wat jullie dan precies aan het doen zijn. Ben wel benieuwd naar wat dan de ‘…’ vervolg uiteindelijk gaat worden. De voorzitter: Wat is uw vraag? De heer Lobregt: Nee ik wilde alleen even nog … De voorzitter: Maar het is de bedoeling dat u uw vraag stelde. De heer Lobregt: Maar ik geef ook nog even een toelichting. Ik hoop dat de dingen die ik nu vraag dat dat ook opgepakt wordt. De heer Van Midden: Ik wil daar, mijnheer de voorzitter, nog even op ingaan.

Want was ik even vergeten. Maar een zeer terecht punt wat u nu noemt, dat geldt niet alleen voor ‘…’ maar uiteindelijk ook voor onze eigen begroting binnen Laren. Gezien ook de woelige baren waar we op zitten en ook de onvoorspelbaarheid van de dingen in alle opzichten. Overwegen wij veel meer scenario-gewijs te gaan begroten. Hoe ontwikkelen zich de dingen over de lange termijn? Wat is best case, worst case, average scenario. Dan op het gemiddelde scenario gaan begroten zodat je in ieder geval zoveel mogelijk rekening houdt met die mogelijke risico's. Dus ook hier mijnheer Lobregt, maar ik merk dat u ook in het vak zit, een zeer terecht punt wat we zeker mee zullen nemen met de begroting van zowel ‘…’ Laren als BEL. De voorzitter: Iemand anders? Nee. Dan gaan we naar mevrouw Dorst voor haar twee vragen. Van Dorst, sorry.

Mevrouw Van Dorst-Brakel: Nee hoor dat is mijn eigen schuld. Als je na zoveel jaar zegt, ik hou het toch maar bij Van Dorst. Voor in het vervolg. Er zijn natuurlijk al heel wat vragen die wij ook in de ‘…’ hadden, beantwoord. Heel fijn. Ik wou even beginnen met mijn complimenten, wat ook uw buurman aangaf op de zienswijze aan te geven. Want zoals ik het begrepen heb, zou de BEL eigenlijk het DVO naar begroting willen verdelen over onze drie dorpen. Maar in de zienswijze heeft toch de gemeente Laren het bestuur gevraagd om dat toch op het aantal inwoners te doen. Heb ik dat goed begrepen en als dat zo is, dan ben ik daar heel erg mee eens. Mijn tweede vraag is: ik heb begrepen dat in 2022 onze netto schuld 103 procent is. Gigantisch hoog. Gelukkig wordt die zoals ik dat lees in 2023, 91 procent. Heel fijn. De goede richting. Maar het landelijk gemiddelde is 60 procent heb ik begrepen. Dus ik heb daar wel zorgen over. Zou u daar ons een antwoord op kunnen geven? Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Wat die DVO betreft, daar kan je allerlei geraamtes voor bij gebruiken, inwoners in Groningen is er een, zijn er twee. Er zijn er ook meerdere. Maar de vraag is ook uiteindelijk in de gesprekken die we gaan voeren: waar zijn we het nu eens, over welke geraamtes we gaan gebruiken om die verdeling te gaan doen.

Dit zijn allemaal elementen die we daarin mee kunnen nemen. Voor zover ik weet hebben we daar verder geen definitieve standpunten in. Dus je kunt de suggestie om het aantal inwoners doen maar … Ja in de basis maar er kunnen ook andere factoren meespelen. Ik kan er gif op innemen dat, behalve de andere gemeenten we ook op andere elementen zullen gaan inzetten in deze discussie. Dus dat nemen we mee. Wat betreft die netto schuld, geef ik het even aan de heer De Haar om daar een korte toelichting op te geven. De heer De Haar: De netto schuld ‘…’ van 90 procent is inderdaad fors. De Gemeente Laren, dan moet je verrekenen over de dingen die je doorgeleend hebt. Mag je verrekenen wat er doorgeleend wordt. Alleen dus komt dan op een percentage van 50-55 procent. Dat is ook al veel. 50 is nog enigszins binnen de marges die door iedereen worden gesteld. Probleem hier is dat we natuurlijk, hoe lang is het geweest, twaalf jaar geleden dit gebouw weer opnieuw ‘…’, gronden moeten kopen, dat soort zaken. De hele inrichting. We staan niet stil in het taxipark op de gemeentewerken en dat soort zaken. De afgelopen jaren is er niet erg veel geld over. Kortom, er is maar een weg om aan geld te komen om voortgang te blijven houden. Dat is lenen. En dat is in grote mate gebeurd. Dat is tegen hele hoge rentepercentages.

Daarom hebben ze twee jaar geleden een herfinanciering gedaan waar de ‘…’weer zaken worden betaald en per jaar afschrijven. ‘…’erbij leggen. Daarom is die netto schuld zo hoog. De voorzitter: Niemand wil reageren of een vraag stellen over de netto schuld onder meer? Nee? Dan gaan we naar Larens Behoud. Mijnheer Van Stempvoort met uw twee vragen. De heer Van Stempvoort: Er is al heel veel gezegd. Dank voor de uitleg. Bij mij kwam er nog eventjes na alle vragen en rondes nog iets boven. Ik werk zelf bij een … De voorzitter; Zou u wat dichter bij de microfoon willen praten. De heer Stempvoort: Ik werk zelf bij een bank, dan merk ik het ook over rentes bijvoorbeeld onderhandeld kan worden. Ik denk dat een overheid ook borg staat garant staat. Ook zaken die nu bijvoorbeeld in de oorlog waar we nu in zitten ook nog spelen, die dat risico kunnen intensiveren. ‘…’vraag. De voorzitter: Mijnheer Van Midden of de heer De Haar.

De heer Van Midden: Dank u wel mijnheer de voorzitter. Mijnheer De Haar. De heer De Haar: ‘…’. Rentes zijn flink aan het stijgen. Dat maakt zoals ik al zei, een vermogensbeheerder, een tussenpersoon lijn. Als je kijkt over de hele markt ‘…’ doet natuurlijk enorme stijgingen ‘…’ van deze week. Wij lenen in principe of bij de BNG of bij de Waterschapsbank ‘…’. Daar blijft het bij. Wij weten daarin ‘…’ een heel groot woord, maar we weten in ieder geval wel dat we met deze partij kunnen praten. We weten ook dat het niet meer is zoals het voorheen was omdat ‘…’ et cetera. Nee er wordt nu wel degelijk meer gekeken naar gemeente, hoe steek je in elkaar. We moeten jaarrekening overleggen, je moet uitleggen wat we aan het doen zijn, waar we wat voor nodig hebben. Dus het wordt wel wat serieuzer allemaal. Dat is op zich hartstikke goed. ‘…’. Dus heel logisch dat dit gebeurt. Dat heeft wel logisch effect dat we die banken moeten ook meer kosten gaan maken en dat soort zaken. Dus er valt gewoon domweg wat minder te onderhandelen. Vaak ‘…’ niet. We hebben afgelopen januari, nee niet afgelopen januari maar de januari ervoor, hebben we een herfinanciering moeten doen van uitstaande lening van ‘…’ 0,46% rente. Dat bestaat niet meer. Vaak is dit wel in onze portefeuille. Dus we kunnen wel wat hebben ‘…’.

We gaan een keer kijken wat we moeten doen en wat een ‘…’ om in te stappen en proberen weer ‘…’. De voorzitter: Dank u wel. Iemand nog anders nog vragen over de rentepercentage onderhandelingen? Nee? Dan was dit de eerste ronde. Het profijt van deze manier van vergaderen moet zijn dat het allemaal sneller gaat. Dat kan op het moment dat we vragen stellen en niet allemaal een heel betoog gaan houden. Dus ik stel voor dat we, zijn er nog partijen die vragen hebben? Eerst daar kijk ik even naar. Dat zijn er drie partijen. Dan begin ik bij de heer De Jong van Liberaal Laren. Uw volgende twee vragen. De heer De Jong: Nu is er al een verbeterd door mijnheer Lobregt dus die … De voorzitter: Uw volgende vraag. De heer De Jong: Bij financiën staan, nee een aantal speerpunten: waar aantal mensen in dienst waren genomen, goede zaken te doen, ‘…’, vaste medewerkers zijn die het werk doen, die ervaring op doen en die op een gegeven moment ook de historie kennen. Dus heel goed dat dat gebeurd is. Die hebben alle drie een aantal speerpunten benoemd die ze de komende jaren willen gaan uitvoeren. Dat is heel lovend. Nu kom ik wel een paar speerpunten tegen. Ik zal er maar een noemen: verplichtingenadministratie. Dat was tien jaar geleden is heeft er natuurlijk ook een prijsje gestaan en dat is in tien jaar nooit gebeurd. Dus ik hoop en ik ga er vanuit dat het nu wel gaat gebeuren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11633833/1