CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

III-A2 college - raadsinformatiebrief ontwikkelingen financiën sociaal domein 2021 (prognose 2) BIJLAGE 1

Gemeenteraad 28 april 2022, gemeente larenBij agendapunt: Vaststellen lijst ingekomen stukken8.818 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eindrapportage KPMG-HHM normenkader Gemeente Huizen Afdeling Bedrijfsvoering Oktober 2021

Inhoudsopgave 1.

Aanleiding

3

2.

Aanpak project

4

3.

Resultaten na afronding van het project

6

3.1 Resultaten Gemeente Huizen

6

3.2 Resultaten Gemeente Blaricum

11

3.3 Resultaten Gemeente Eemnes

15

3.4 Resultaten Gemeente Laren

19

4.

Autonome groei

24

5.

Conclusie

25

Bijlage 1: Normenkader

27

Bijlage 2: Dashboard HBEL-gemeenten

28

Bijlage 3: Dashboard Gemeente Huizen

29

Bijlage 4: Dashboard Gemeente Blaricum

30

Bijlage 5: Dashboard Gemeente Eemnes

31

Bijlage 6: Dashboard Gemeente Laren

32

Bijlage 7: CBS percentages autonome groei

33

2

1. Aanleiding Sinds de invoering van het abonnementstarief in de Wmo is er naast de toestroom vanwege de dubbele vergrijzing (meer ouderen en ouderen wonen bovendien langer dan vroeger nog zelfstandig thuis) een extra toestroom van het aantal inwoners dat gebruik maakt van de voorziening hulp bij het huishouden(hierna: HH). Dit is één van de redenen dat het meerjarenperspectief van de HBELbegroting 2021 – 2024 onder druk staat. De HBEL-gemeenten willen dan ook graag kosten besparen, waarbij inwoners, die de voorziening HH nodig hebben hier ook voor in aanmerking blijven komen en waarbij maatwerk mogelijk blijft. Bij het verkennen van mogelijke scenario’s om deze ambitie te bewerkstelligen, is er gekeken naar de mogelijkheid om het normenkader voor ureninzet bij het indiceren van HH aan te passen. Het bepalen van de hoeveelheid HH moet objectief gebeuren. Tot eind 2020 werd hiervoor het normenkader van het CIZ uit 2006 gebruikt. Dit normenkader was oorspronkelijk bedoeld voor HH in een verzorgingstehuis. Het CIZ-normenkader is inmiddels verouderd en bovendien minder geschikt voor andere woningen en inwoners die zelfstandig wonen. De gemeente Utrecht heeft bureau HHM en KPMG Plexus daarom opdracht gegeven onderzoek te doen naar normtijden voor huishoudelijke ondersteuning.

HHM en KPMG Plexus hebben onderzocht welke inzet van professionele ondersteuning noodzakelijk is in gemiddelde situaties en welke afwijkingen op de standaardsituatie toegepast kunnen worden. De gemiddelde situatie vormt de basis, waarbij er ruimte is voor maatwerk om naar boven of beneden af te wijken. Dit onderzoek heeft geleid tot een zorgvuldig en objectief normenkader, dat in 2019 getoetst en akkoord bevonden is door de Centrale Raad van Beroep. Op basis van dit oordeel kunnen gemeenten het normenkader en de uitgangspunten uit het KPMGrapport integraal overnemen en implementeren inclusief de plicht om individueel maatwerk te leveren. In het kader van het project ‘Analyse toegang: toewijzingen en verlengingen’ is een eerste toetsing van de aanvragen in Huizen met het nieuwe normenkader gedaan. Vervolgens is er een analyse uitgevoerd. Naar schatting zou er door het nieuwe normenkader te implementeren 30% minder uren worden geïndiceerd1. In 2021 is het normenkader ingezet bij het indiceren van de omvang van HH. Daarbij is het KPMG-HHM normenkader in alle HBEL-gemeenten op zowel lopende- als nieuwe casussen toegepast. Deze rapportage informeert u over de financiële resultaten van het project. Ook doen we op basis van de behaalde resultaten een voorspelling over de gerealiseerde en nog te realiseren bezuiniging.

1 Verkenning scenario’s HH

3

2. Aanpak project Het normenkader van KPMG gaat uit van een basismodule van 108 uur per jaar voor HH per woning (omgerekend 125 minuten per week). Dit normenkader wordt toegepast op zowel lopende- als nieuwe indicaties. Bij toepassing van het normenkader maakt de betrokken consulent aan de hand van de situatie van een inwoner een optelsom van de resultaatgebieden waarbij de cliënt ondersteuning nodig heeft. Het normenkader bij de gemiddelde cliëntsituatie2 vormt hierbij de basis. Daarbij is 108 uur per jaar toereikend voor een schone en leefbare woning, maar de individuele situatie van de cliënt is bepalend. Zo wordt o.a. aan de hand van de mogelijkheden van de inwoner en de kenmerken van de woning meer of minder tijd toegekend om het resultaat ‘schoon en leefbaar huis’ te realiseren. In bijlage 1 is weergegeven hoe het normenkader wordt toegepast. Redenen voor het indiceren van meer of minder tijd ten opzichte van de basismodule Bij de herindicatie op basis van het KPMG-HHM normenkader kan meer of minder tijd worden geïndiceerd vanwege de verplichting tot het leveren van individueel maatwerk. Aan de hand van het KPMG-HHM normenkader (zie bijlage 1) wordt met de cliënten bekeken wat zij zelf kunnen en wat vanuit de WMO 2015 aangevuld moet worden.

Als blijkt dat cliënten als gevolg van hun (medische) beperking meer ondersteuning nodig hebben dan de basisvoorziening ‘Schoon Huis’ levert, worden aanvullende maatwerkmodules ingezet. De extra tijd, die dan besteed wordt aan het schoonmaken dient een medisch aantoonbare oorzaak te hebben. Er zijn twee redenen waarbij een medische aandoening kan leiden tot een hogere indicatie:  Als het huishouden als gevolg van de aandoening ernstiger en sneller vervuild raakt, waardoor het schoonmaken meer tijd kost.  Als er als gevolg van een medische aandoening aantoonbaar hogere eisen worden gesteld aan de hygiëne. Ook vanwege kenmerken en gebruik van de woning kan meer of minder tijd worden geïndiceerd op basis van het normenkader. Het vaststellen van de omvang HH gebeurt via de ‘keukentafelgesprekken’. Bij de heronderzoeken hebben we de situatie van de inwoner opnieuw beoordeeld met als uitgangspunt dat er geen sprake was van tussentijds gewijzigde omstandigheden. Inwoners konden veranderingen in de situatie, waardoor de hulp niet meer passend is, tijdens het gesprek melden. Vóór de start van het project hebben we alle inwoners met HH schriftelijk geïnformeerd over de invoering van het nieuwe normenkader, waarbij ook de mogelijkheid om gebruik te maken van cliëntondersteuning nadrukkelijk is benoemd.

Bij het benaderen van de inwoners voor een afspraak voor een keukentafelgesprek hebben we de inwoners hier opnieuw op gewezen. Vanwege Corona zijn de gesprekken niet altijd bij inwoners thuis gevoerd. Omdat de situatie bekend was, was dit in de meeste gevallen geen probleem. Wanneer vóór of tijdens het gesprek bleek dat de situatie zonder huisbezoek niet goed kon worden ingeschat is alsnog een huisbezoek uitgevoerd. In Eemnes is op verzoek van het bestuur meestal een huisbezoek uitgevoerd, behalve wanneer de inwoners hier bezwaar tegen hadden. Uitzonderingen herindicaties In het implementatieplan is opgenomen dat bij inwoners met een indicatie van 120 minuten of minder HH in principe geen herindicatie plaats hoeft te vinden vóór afloop van de lopende indicatie. Wel is afgesproken om de verandering in indicatie bij de reguliere afloop van indicaties van 120 minuten of minder in het eerste kwartaal van 2021 zorgvuldig te monitoren. Daarbij is inderdaad gebleken dat 2 Zie voor definitie van een gemiddelde clientsituatie het implementatieplan “HH volgens normenkader KPMG”

4

deze indicaties grotendeels onveranderd bleven (gelijk of tot maximaal 10 minuten meer of minder per week). Alleen wanneer er verandering in de situatie van de inwoner was opgetreden, was een grotere bijstelling van de indicatie naar boven of beneden nodig. Op basis daarvan is definitief besloten om indicaties van 120 minuten of minder niet te herzien vóór afloop van de huidige indicatie. Deze cliënten hebben bij vaststelling van de huidige indicatie namelijk aangegeven dat het huidige aantal minuten voldoende is. Hierdoor hoefde 32% van het aantal herindicaties niet te worden uitgevoerd. Daarnaast zijn inwoners ouder dan 90 jaar uit Eemnes niet meegenomen bij de herindicaties vóór afloop van de geïndiceerde periode. Ook is de ruimte om binnen het normenkader zo nodig extra tijd toe te kennen maximaal benut bij inwoners uit Eemnes tussen de 85 en de 90 jaar. Dit is een politieke keuze geweest met als doel de oudere inwoners in Eemnes zo min mogelijk te confronteren met voor hen ongunstige veranderingen in de omvang van HH.

5

3. Resultaten na afronding van het project Op het moment van opstellen van het implementatieplan maakten ongeveer 1656 inwoners uit Huizen, Laren, Blaricum en Eemnes gebruik van HH. Gedurende het project zijn in totaal 1040 herindicaties uitgevoerd op basis van het KPMG-HHM normenkader. Inwoners gingen daarbij van gemiddeld 175,8 minuten per week HH naar gemiddeld 147,7 minuten HH per week. Daarmee is over alle herindicaties een besparing van gemiddeld 15,98% gerealiseerd.3 De resultaten worden hierna per gemeente besproken, er zal dan ook dieper op de gerealiseerde besparing worden ingegaan.

3.1 Resultaten Gemeente Huizen In de tussentijdse rapportage zijn op basis van de aantallen inwoners met HH van eind juli 2020 de bezuinigingen berekend en vastgesteld: er waren 350 inwoners met een indicatie van 120 minuten of minder en 717 met een indicatie van meer dan 120 minuten. In totaal dus 1067 inwoners. Bij de gemiddelde besparing op basis van een bijgehouden Excel-bestand zou deze uitkomen op 20%, wat overeenkomt met een bedrag van € 929.880,-. Gerealiseerde bezuiniging HH door herindicaties Er zijn in de gemeente Huizen in totaal 676 herindicaties uitgevoerd4. Dit is minder dan het hiervoor genoemde aantal van 717 doordat sommige bestaande cliënten zijn overleden, zijn overgestapt naar de Wlz of doordat ze maar tijdelijk HH nodig hadden. Cliënten gingen als gevolg van de herindicaties van gemiddeld 176,1 minuten per week naar gemiddeld 148,3 minuten per week. Het aantal minuten is gedaald met 15,8%. De gerealiseerde financiële besparing wijkt daarmee af van de besparing die berekend werd in de tussentijdse rapportage.

Tabel 1: Vergelijking verwachting en realisatie gemeente Huizen

Aantal indicaties Financiële besparing Percentage besparing

Verwachting tussentijdse rapportage

Gerealiseerd

1.067 € 929.880,-

676 € 732.418,-

20%

15,8%

Percentage gerealiseerd t.o.v. tussentijdse rapportage 64% 79%

Tabel 2: Financiële besparing t.o.v. tussentijdse rapportage gemeente Huizen

Verwachte besparing herindicatie Verwachte besparing nieuwe instroom Verwachte besparing uitstroom Totaal

Verwachting tussentijdse rapportage € 580.491,-

Gerealiseerd

Verschil

€396.469,-

€ 184.022,-

€ 190.012,-

€ 184.329,-

€ 5.682,-

€ 159.377,-

€151.620,-

€ 7.757,-

€ 929.880,-

€732.418,-

€ 197.461,-

3 Zie ook bijlage 2 voor het dashboard van de HBEL-gemeenten 4

Zie ook bijlage 3 voor het dashboard van de gemeente Huizen 6

Dat er minder besparing is gerealiseerd dan op basis van de tussentijdse rapportage werd verwacht, heeft de volgende oorzaken. De oorspronkelijk herindicaties werden bijgehouden in een Excel-bestand om zo snel mogelijk inzicht te krijgen in de voortgang van het project. Bij 131 van de 676 inwoners kwamen de oorspronkelijke herindicaties echter niet overeen met wat er uiteindelijk in het backoffice systeem (CivSam) is verwerkt. Gebleken is dat dit komt door: 

 

verhoging van de omvang vanwege het verslechteren van de individuele situatie van de cliënt (wanneer dat goed gemotiveerd werd in de periode tussen uitvoering herindicatie en definitieve afgifte beschikking). Dit bleek bij 40 huishoudens het geval; verhoging van de omvang door ingediende en terecht bevonden bezwaren in 12 gevallen; procesfouten en menselijke fouten bij doorgeven en invoeren omvang herindicatie (41 gevallen, waarbij de uiteindelijke indicatie meestal hoger werd vastgesteld dan de indicatie volgens het Excel-bestand).

Zittend bestand (geen herindicatie uitgevoerd) Van de 350 indicaties van 120 minuten of minder zijn 288 indicaties niet opnieuw geïndiceerd omdat deze indicatie nog doorloopt na beëindiging van het project. Uit de resultaten van de herindicaties bij reguliere afloop van de geïndiceerde periode, bleek immers dat dit geen besparingseffect zou hebben en ook niet nodig was: deze groep inwoners heeft bij het vaststellen van de huidige indicatie immers aangegeven dat deze toereikend is. Er is op deze indicaties dus geen besparing gerealiseerd. Van de 288 indicaties die niet zijn meegenomen bedraagt het gemiddelde aantal minuten per week voor HH 118,8. Dit is iets minder dan de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, die 125 minuten per week bedraagt. In- en uitstroom Er zijn in 2021 t/m september in totaal 148 cliënten ingestroomd binnen de gemeente Huizen, die eerder nog geen gebruik maakten van HH. Gemiddeld zijn deze inwoners geïndiceerd op 121,8 minuten per week, iets minder dan volgens de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, omdat deze inwoners sommige taken veelal nog zelf kunnen uitvoeren. De gemiddelde kosten per nieuw ingestroomde client per jaar bedragen €2.577,-. In de oude situatie waren de gemiddelde kosten per client €3.511,-. Er is hier dus een financiele besparing gerealiseerd van gemiddeld €934,- per client per jaar.

De kosten voor instromende cliënten komen op basis van de aantallen in september 2021 op € 201.507,- uit. Deze kosten zijn doorgerekend voor het gehele jaar. Op basis daarvan komen de kosten voor instroom voor het gehele jaar 2021 op € 268.676,-. Er zijn t/m september 2021 135 cliënten uitgestroomd met een gemiddelde indicatie van 173,4 minuten per week. Voor deze 135 uitstromende cliënten bedroegen de kosten € 126.379,-. De gemiddelde kosten per client bedragen omgerekend voor een heel jaar €3.667,-. De gemiddelde kosten per jaar van instromende cliënten zijn dus lager dan die van uitstromende cliënten. Daardoor worden er kosten bespaard. In de toekomst ligt de gemiddelde indicatie bij uitstroom naar verwachting namelijk lager. We verwachten dat de omvang van een indicatie met het KPMG-HHM normenkader minder snel toeneemt, doordat inwoners langer zelf huishoudelijke taken uit blijven voeren. Extra hulp wordt nu namelijk pas ingezet wanneer dat nodig is. Bij het oude normenkader was er soms ruimte voor het overnemen van extra taken, zonder dat dat (al) nodig was.

7

Begroting In 2020 werd er €3.290.000,- in begroot voor HH en in 2021 €3.322.000,-. Bij het opstellen van de begroting voor 2022 is rekening gehouden met €180.000,- besparing uit de voorjaarsnota en een besparing van circa €900.000,- op HH. Dit is gebaseerd op een initiële berekening van de besparingen die het toepassen van het KPMG-HHM normenkader zouden opleveren. Voor 2022 is er, rekening houdend met de verwachte besparing, €2.689.825,- begroot. Kosten HH voor cliënten die opnieuw zijn geïndiceerd Als het KPMG normenkader niet was toegepast zou de gemeente Huizen in 2021 € 2.517.083,- aan kosten kwijt zijn geweest voor de cliënten waar nu een herindicatie op is toegepast. Door de toepassing van het KPMG-HHM normenkader is er na de voor inwoners aangehouden overgangstermijn geld bespaard en komen de totale kosten voor 2021 naar verwachting uit op € 2.408.659,-. Het toepassen van het KPMG-HHM normenkader leidt in 2021 dus tot een besparing van €108.424,-. Door het aanhouden van een overgangstermijn bij afgifte van een lagere indicatie, is de besparing van de indicaties niet over een heel jaar gerealiseerd. Daarom is de besparing ook doorgerekend voor 2022. Dit betekent dat toepassing van het nieuwe normenkader een jaarlijkse besparing oplevert van 396.469,-. Hierbij is geen rekening gehouden met indexatie.

De totale kosten komen in 2022 op basis van de huidige aantallen herindicaties uit op € 2.120.614,-.

Kosten HH (o.b.v. herindicaties) 2.600.000

2.517.083

2.500.000

2.408.659

2.400.000 2.300.000 2.200.000

2.120.614

2.100.000 2.000.000 1.900.000 Kosten HH 2021 (zonder KPMG-normenkader)

2021 (met KPMG-normenkader)

2022 (met KPMG-normenkader)

Realisatie In 2020 werd er een totaal bedrag van € 3.291.602,- gerealiseerd. Naar verwachting zal er op basis van het KPMG-HHM normenkader in 2021 voor het gehele cliëntenbestand € 3.522.972,- worden gerealiseerd. Dit betreft het geheel van indicaties (dus zowel de cliënten, die zijn geherindiceerd als de cliënten met een lopende indicatie van 120 minuten of minder). De verwachte besparingen zijn doorgerekend naar 2022, waarin een realisatie € 3.196.688,- wordt verwacht.

8

Begroting vs realisatie 4.000.000 3.500.000

3.322.000

3.290.000 3.291.602

3.522.972 3.196.688

3.000.000

2.689.825

2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 2020

2021 Begroot

2022

Gerealiseerd/ verwachte realisatie

Hoewel de verwachte realisatie in 2022 hoger is dan begroot, zou dit nog hoger zijn als er geen gebruik was gemaakt van het KPMG-HHM normenkader. De verwachte gerealiseerde kosten zouden dan uitkomen op een bedrag van € 3.736.172,- in 2021 en € 4.055.485,- in 2022.

Verwachte realisatie 4.500.000 4.000.000

4.055.485 3.522.972

3.736.172

3.500.000

3.196.688

3.000.000 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 2021 Verwachte realisatie (met KPMG-normenkader)

2022 Verwachte realisatie (zonder KPMG-normenkader)

Als we de verwachte realisatie zonder het KPMG-HHM normenkader vergelijken met de verwachte realisatie met het KPMG-HHM normenkader, wordt er in 2022 een bedrag van € 858.797,- bespaard. De verwachte besparingen door het KPMG-HHM normenkader zijn doorberekend voor 2023 en 2024. Deze berekeningen laten zien dat het positieve effect van het KPMG-HHM normenkader zich voortzet en tot veel besparingen zal leiden in de toekomst.

9

Tabel 3: Doorberekening verwachte realisatie gemeente Huizen

Verwachte realisatie Besparing t.o.v. voorgaande jaar Besparing t.o.v. 2021

2021 € 3.522.972,-

2022 € 3.196.688,-

2023 € 3.045.068,-

2024 € 2.893.448,-

-

€ 326.284,-

€151.620,-

€151.620,-

-

€ 326.284,-

€ 477.904,-

€ 629.524,-

Conclusie Geconcludeerd kan worden dat het toepassen van het KPMG-HHM normenkader een positief financieel effect heeft. Het toepassen van het normenkader leidt in 2022 tot een reductie in kosten van circa €400.000,- in vergelijking met 2021. Het positieve effect is vooral terug te zien door de verwachte realisatie met het gebruiken van het KPMG-normenkader te vergelijken met de verwachte realisatie als we het normenkader niet hadden toegepast. De gemeente Huizen bespaart in 2022 meer dan €850.000,-. Met het normenkader worden dus veel kosten bespaard binnen de gemeente Huizen. Er worden wel minder kosten bespaard dan werd verwacht. Dit heeft twee redenen:

1. Bij het stellen van de herindicaties is gebleken dat de situatie bij een deel van de inwoners met HH is verslechterd na afgifte van de oorspronkelijke indicatie. Dit is vooral het geval bij veel ouderen, de grootste groep inwoners met HH, waarbij de beperkingen met toenemen van de leeftijd eveneens zijn toegenomen. Omdat de (ruimere) indicatie op basis van het oude CIZ-normenkader vaak nog steeds toereikend was om de noodzakelijke huishoudelijke taken uit te voeren, is deze verslechtering niet altijd gemeld bij de gemeente. Pas bij het stellen van een nieuwe indicatie op basis van het KPMGHHM normenkader kwam bijvoorbeeld aan het licht dat een inwoner niet meer in staat was om (een deel van) de wasverzorging zelf te doen of dat het tussentijds opruimen moeizamer ging. Om deze redenen is vanwege cliëntkenmerken vaker dan vooraf werd verwacht een verruiming ten opzichte van de basismodule toegekend. 2. In de begroting voor de komende jaren is geen rekening gehouden met de autonome groei van het aantal inwoners met HH. Er is uitgegaan van een statisch bestand van mensen. De realiteit is echter anders. Zowel vanwege het abonnementstarief, maar ook vanwege de dubbele vergrijzing zal het aantal inwoners met HH in de toekomst verder toenemen.

Voor een eerlijke vergelijking van de besparing moeten we dus feitelijk de kosten, die we zouden maken zonder nieuw normenkader (gebaseerd op de gemiddelde indicatie bij CIZ-normenkader) afzetten tegen de kosten, die we maken bij toepassing van het KPMG-HHM normenkader (met de huidige gemiddelde indicatie). En dus niet de werkelijke kosten van voorgaande jaren vergelijken met de verwachte kosten voor komende jaren. Deze twee oorzaken zullen het effect van het normenkader op korte termijn enigszins indammen. Maar het KPMG-HHM normenkader zal op de lange termijn positieve effecten blijven hebben. Er is berekend dat er door de toepassing van het normenkader vanaf 2022 ieder jaar consequent €151.620,minder kosten HH worden gerealiseerd dan het jaar ervoor. Het positieve financiële effect van het normenkader zal de komende jaren dus nog steeds merkbaar zijn.

10

3.2 Resultaten Gemeente Blaricum In de gemeente Blaricum zouden naar verwachting 61 inwoners binnen de doelgroep < 120 minuten en 142 inwoners binnen de doelgroep >120 minuten opnieuw worden geïndiceerd op basis van het normenkader KPMG. Dit is een totaal aantal van 203 herindicaties. Dat zou op basis van de tussentijdse rapportage een financiële besparing opleveren van € 168.029,-. Gerealiseerde bezuiniging HH Er zijn in de gemeente Blaricum in totaal 139 herindicaties uitgevoerd5. Cliënten gingen daarbij van gemiddeld 174,7 minuten per week naar 147 minuten gemiddeld per week. Het gemiddeld aantal minuten is met 15,9% gedaald. De gerealiseerde besparing door herindicaties wijkt daarmee af van de besparing, die berekend werd in de tussentijdse rapportage (22%). Doordat er echter meer besparing dan verwacht gerealiseerd wordt door het verschil in indicatie tussen nieuwe instroom en de uitstroom, wordt de verwachte financiële besparing wel gerealiseerd. Tabel 4: Vergelijking verwachting en realisatie gemeente Blaricum

Aantal indicaties Financiële besparing Percentage besparing

Verwachting tussentijdse rapportage

Gerealiseerd

203 € 168.029,-

139 € 184.571,-

22%

15,9%

Percentage gerealiseerd t.o.v. tussentijdse rapportage 69% 100%

Tabel 5:Financiële besparing t.o.v. tussentijdse rapportage gemeente Blaricum

Verwachte besparing herindicatie Verwachte besparing nieuwe instroom Verwachte besparing uitstroom Totaal

Verwachting tussentijdse rapportage €129.785,-

Gerealiseerd

Verschil

€81.591,-

€48.194,-

€32.345,-

€37.109,-

€4.765,-

€5.899,-

€65.871,-

€59.972,-

€168.029 ,-

€184.571,-

€ 16.542,-

Gerealiseerde besparing door herindicaties Dat er minder besparing is gerealiseerd dan op basis van de tussentijdse rapportage werd verwacht, heeft de volgende oorzaken. De oorspronkelijk herindicaties werden bijgehouden in een Excel-bestand om zo snel mogelijk inzicht te krijgen in de voortgang van het project. Bij 19 van de 139 inwoners kwamen de oorspronkelijke herindicaties niet overeen met wat er uiteindelijk in het backoffice systeem (CivSam) is verwerkt. Gebleken is dat dit komt door: 

5

verhoging van de omvang vanwege het verslechteren van de individuele situatie van de cliënt (wanneer dat goed gemotiveerd werd in de periode tussen uitvoering herindicatie en definitieve afgifte beschikking). Dit bleek bij 10 huishoudens het geval;

Zie ook bijlage 4 voor het dashboard van de gemeente Blaricum 11

 

verhoging van de omvang door ingediende en terecht bevonden bezwaren in 2 gevallen; procesfouten en menselijke fouten bij doorgeven en invoeren omvang herindicatie (7 gevallen, waarbij de uiteindelijke indicatie meestal hoger werd vastgesteld dan de indicatie volgens het Excel-bestand).

Zittend bestand (geen herindicatie uitgevoerd) Daarnaast zijn er 51 indicaties niet opnieuw geïndiceerd omdat het om indicaties van 120 minuten en minder ging. Van deze 51 indicaties bedraagt het gemiddelde aantal minuten per week voor HH 117,05. Dit is iets minder dan de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, die 125 minuten per week bedraagt. De kosten hiervoor bedragen € 124.896,-. In- en uitstroom Er zijn in t/m september 2021 in totaal 28 cliënten ingestroomd binnen de gemeente Blaricum, die eerder nog geen gebruik maakten van HH. Gemiddeld zijn deze inwoners geïndiceerd op 119 minuten per week, iets minder dan volgens de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, omdat deze inwoners sommige taken veelal nog zelf kunnen uitvoeren. De gemiddelde kosten per nieuw ingestroomde client bedragen omgerekend per jaar €2.517,-. In de oude situatie bedroegen de gemiddelde kosten per cliënt per jaar €3.511,-. Dit is een besparing van gemiddeld €994,- per client. Er zijn t/m september 2021 34 cliënten uitgestroomd met een gemiddelde indicatie van 166,7 minuten per week. Omgerekend per jaar bedragen de gemiddelde kosten voor een uitstromende cliënt €3.526,. De gemiddelde kosten per jaar van instromende cliënten zijn dus lager dan die van uitstromende cliënten. Daardoor worden er kosten bespaard. In de toekomst zullen indicaties bij uitstroom naar verwachting lager liggen.

We verwachten dat de omvang van een indicatie met het KPMG-HHM normenkader namelijk minder snel toeneemt, doordat inwoners langer zelf huishoudelijke taken uit blijven voeren. Extra hulp wordt nu namelijk pas ingezet wanneer dit nodig is. Bij het oude normenkader was er soms ruimte voor het overnemen van extra taken, zonder dat dat (al) nodig was. Begroting In 2020 en 2021 werd er €621.000,- in begroot voor HH. Op dit moment is er voor 2022 €708.300,begroot6. De initiële verwachte besparing van €174.110,- die het toepassen van het KPMG-HHM normenkader zou opleveren, is hier nog niet in meegenomen. Er zou dan €537.000,- worden in begroot. Dit bedrag wordt gebruikt bij onze berekeningen. Kosten HH voor cliënten, die opnieuw zijn geïndiceerd Als het KPMG-HHM normenkader niet was toegepast, zou de gemeente Blaricum in 2021 € 513.589,aan kosten kwijt zijn geweest voor de cliënten, die nu zijn geherïndiceerd. Door de toepassing van het KPMG-HHM normenkader is er na de voor inwoners aangehouden overgangstermijn geld bespaard en komen de totale kosten voor 2021 naar verwachting uit op € 493.050,-. Het toepassen van het KPMGHHM normenkader leidt in 2021 dus tot een besparing van € 20.539,-. Deze besparing is doorgerekend voor 2022. De totale kosten komen in 2022 op basis van de huidige aantallen herindicaties uit op € 431.998,-.

De gerealiseerde besparing ten opzichte van 2021 bedraagt daardoor € 81.591,-. Hierbij is geen rekening gehouden met indexatie.

6

De begroting voor 2022 is nog niet officieel vastgesteld door de gemeenteraad. Dit bedrag zal hoogstwaarschijnlijk nog veranderen. 12

Kosten HH (o.b.v. herindicaties) 513.589

520.000

493.050

500.000 480.000 460.000

431.998

440.000 420.000 400.000 380.000 Kosten HH 2021 (zonder KPMG-normenkader)

2021 (met KPMG-normenkader)

2022 (met KPMG-normenkader)

Realisatie In 2020 werd er een bedrag van € 624.011,- gerealiseerd. Naar verwachting zal er op basis van het KPMG-HHM normenkader in 2021 € 704.041,- worden gerealiseerd voor het gehele cliëntenbestand. Dit betreft het geheel van indicaties (dus zowel de cliënten, die zijn geherindiceerd als de cliënten met een lopende indicatie van 120 minuten of minder). De verwachte besparingen zijn doorgerekend naar 2022, waarin een realisatie van € 650.849,- wordt verwacht.

Begroting vs realisatie 800.000 704.041 700.000

621.000 624.011

650.849

621.000

600.000

537.000

500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0 2020

2021 Begroot

2022

Gerealiseerd/ verwachte realisatie

Hoewel de verwachte realisatie in 2022 hoger is dan begroot, zou dit nog hoger zijn als het KPMG-HHM normenkader niet was toegepast. De verwachte gerealiseerde kosten zouden dan uitkomen op een bedrag van € 743.968,- in 2021 en €811.095,- in 2022.

13

Verwachte realisatie 900.000 800.000

811.095 743.968

704.041

650.849

700.000 600.000 500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0 2021

2022

Verwachte realisatie (met KPMG-normenkader)

Verwachte realisatie (zonder KPMG-normenkader)

Als we de verwachte realisatie zonder het KPMG-HHM normenkader vergelijken met de verwachte realisatie met het KPMG-HHM normenkader wordt er in 2022 een bedrag van €160.246,- bespaard. De verwachte besparingen door het KPMG-HHM normenkader zijn doorberekend voor 2023 en 2024. Deze berekeningen laten zien dat het positieve effect van het KPMG-HHM normenkader zich voortzet en tot veel besparingen zal leiden in de toekomst. Tabel 6: Doorberekening verwachte realisatie gemeente Blaricum

Verwachte realisatie Besparing t.o.v. voorgaande jaar Besparing t.o.v. 2021

2021 € 704.041,-

2022 € 650.849,-

2023 € 584.978,-

2024 € 519.107,-

-

€ 53.193,-

€ 26.785,-

€ 26.785,-

-

€ 53.193,-

€ 119.063,-

€ 184.934,-

Conclusie We kunnen concluderen dat het toepassen van het KPMT-HHM normenkader een positief financieel effect heeft. Het toepassen van het normenkader leidt in 2022 tot een reductie in kosten van circa €80.000,- in vergelijking met 2021. Daarmee wordt de verwachte financiële besparing in de tussentijdse rapportage behaald. Dit komt vooral door de kosten die bespaard worden door de verschillen tussen in- en uitstroom. Er worden wel minder kosten bespaard door de herindicaties dan verwacht. Dit komt door tussentijdse verslechtering in de situatie bij cliënten en door de autonome groei (zie uitgebreide toelichting op pagina 10). Hier is in eerdere berekeningen geen rekening mee gehouden.

14

Ook In Blaricum weegt de indamming van het effect door bovenstaande redenen niet op tegen de positieve financiële resultaten effecten van het nieuwe normenkader. Vooral omdat de impact nog lang merkbaar zal zijn. Er is berekend dat er vanaf 2022 ieder jaar structureel € 26.785,- minder wordt gerealiseerd dan voorgaande jaren.

3.3 Resultaten Gemeente Eemnes In de gemeente Eemnes zouden naar verwachting 49 inwoners binnen de doelgroep < 120 minuten en 113 inwoners binnen de doelgroep >120 minuten opnieuw worden geïndiceerd op basis van het normenkader KPMG. Dit is een totaal aantal van 162 herindicaties. Dat zou op basis van de tussentijdse rapportage een financiële besparing opleveren van €174.374,-. Gerealiseerde bezuiniging HH Er zijn in de gemeente Eemnes in totaal 104 herindicaties uitgevoerd7. Cliënten gingen daarbij van gemiddeld 173,5 minuten per week naar 143,8 minuten gemiddeld per week. Het gemiddeld aantal minuten is met 17,1% gedaald. Inwoners ouder dan 90 jaar zijn niet meegenomen bij de herindicaties in Eemnes. En bij inwoners tussen de 85 en de 90 jaar is het normenkader waar nodig ruim toegepast. De gerealiseerde besparing door herindicaties wijkt daarmee af van de besparing, die berekend werd in de tussentijdse rapportage. Van de verwachte financiële besparing is 68% gerealiseerd. Tabel 7: Vergelijking verwachting en realisatie gemeente Eemnes

Aantal indicaties Financiële besparing Percentage besparing

Verwachting tussentijdse rapportage

Gerealiseerd

162 €174.374,-

104 € 118.379

25%

17,1%

Percentage gerealiseerd t.o.v. tussentijdse rapportage 64% 68%

Tabel 8: Financiële besparing t.o.v. tussentijdse rapportage gemeente Eemnes

Verwachte besparing herindicatie Verwachte besparing nieuwe instroom Verwachte besparing uitstroom Totaal

Verwachting tussentijdse rapportage €118.981,-

Gerealiseerd

Verschil

€65.454,-

€53.527,-

€37.047,-

€40.801,-

€3.755,-

€18.346,-

€ 12.124,-

€ 6.222,-

€174.374,-

€118.379,-

€ 55.994,-

Gerealiseerde besparing door herindicaties Dat er minder besparing is gerealiseerd dan op basis van de tussentijdse rapportage werd verwacht, heeft de volgende oorzaken. De oorspronkelijk herindicaties werden bijgehouden in een Excel-bestand om zo snel mogelijk inzicht te krijgen in de voortgang van het project. Bij 13 van de 104 inwoners kwamen de oorspronkelijke herindicaties niet overeen met wat er uiteindelijk in het backoffice systeem (CivSam) is verwerkt. Gebleken is dat dit komt door: 7 Zie ook bijlage 5 voor het dashboard van de gemeente Eemnes

15

verhoging van de omvang vanwege het verslechteren van de individuele situatie van de cliënt (wanneer dat goed gemotiveerd werd in de periode tussen uitvoering herindicatie en definitieve afgifte beschikking). Dit bleek bij 8 huishoudens het geval; procesfouten en menselijke fouten bij doorgeven en invoeren omvang herindicatie (5 gevallen, waarbij de uiteindelijke indicatie meestal hoger werd vastgesteld dan de indicatie volgens het Excel-bestand).

Verder is er bij vier inwoners sprake van een nog lopend bezwaar. De indicaties van deze inwoners kunnen daarom worden gewijzigd in de toekomst. Zittend bestand (geen herindicatie uitgevoerd) Daarnaast zijn er 41 indicaties niet opnieuw geïndiceerd omdat het om indicaties van 120 minuten en minder ging of omdat de betreffende inwoners 90 jaar of ouder waren. Van deze 41 indicaties bedraagt het gemiddelde aantal minuten per week voor HH 132,6. De kosten hiervoor bedragen € 113.277,-. In- en uitstroom Er zijn in t/m september 2021 in totaal 32 cliënten ingestroomd binnen de gemeente Eemnes, die eerder nog geen gebruik maakten van HH. Gemiddeld zijn deze inwoners geïndiceerd op 120,8 minuten per week, iets minder dan volgens de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, omdat deze inwoners sommige taken veelal nog zelf kunnen uitvoeren. De gemiddelde kosten per nieuw ingestroomde client bedragen omgerekend per jaar €2.554,-. In de oude situatie bedroegen de gemiddelde kosten per cliënt per jaar €3.511,-. Dit is een besparing van gemiddeld €957,- per client. Er zijn t/m september 2021 27 cliënten uitgestroomd met een gemiddelde indicatie van 159 minuten per week. Omgerekend per jaar bedragen de gemiddelde kosten voor een uitstromende cliënt €3.364,De gemiddelde kosten per jaar van instromende cliënten zijn dus lager dan die van uitstromende cliënten.

Daardoor worden er kosten bespaard. In de toekomst zullen indicaties bij uitstroom naar verwachting lager liggen. We verwachten dat de omvang van een indicatie met het KPMG-HHM normenkader namelijk minder snel toeneemt, doordat inwoners langer zelf huishoudelijke taken uit blijven voeren. Extra hulp wordt nu namelijk pas ingezet wanneer dit nodig is. Bij het oude normenkader was er soms ruimte voor het overnemen van extra taken, zonder dat dat (al) nodig was. Begroting De gemeente Eemnes heeft in 2020 € 393.000,- in begroot voor HH. In 2021 was dit € 378.000,-. In 2022 is er een bedrag van €609.900,- in begroot voor HH. 8De bezuiniging die naar verwachting gerealiseerd wordt met het implementeren van het KPMG- normenkader moet nog worden meegenomen. Als de verwachte bezuiniging wordt meegenomen dan zou het begrootte bedrag op €447.000,- uitkomen. Dit bedrag wordt gebruikt bij de berekeningen. Kosten HH voor cliënten, die opnieuw zijn geïndiceerd Als het KPMG-HHM normenkader niet was toegepast, zou de gemeente Eemnes in 2021 € 381.686,aan kosten kwijt zijn geweest voor de cliënten, die nu zijn geherïndiceerd. Door de toepassing van het KPMG-HHM normenkader is er na de voor inwoners aangehouden overgangstermijn geld bespaard en komen de totale kosten voor 2021 naar verwachting uit op €367.000,-.

Het toepassen van het KPMG8 De begroting voor 2022 is nog niet officieel vastgesteld door de gemeenteraad. Het genoemde bedrag kan

afwijken van de daadwerkelijke begroting. 16

HHM normenkader leidt in 2021 dus tot een besparing van € 5.686,-. Deze besparing is doorgerekend voor 2022. De totale kosten komen in 2022 op basis van de huidige aantallen herindicaties uit op € 316.232,-. De gerealiseerde besparing ten opzichte van 2021 bedraagt daardoor € 65.454,-. Hierbij is geen rekening gehouden met indexatie.

Kosten HH (o.b.v. herindicaties) 450.000 400.000

381.686

376.000

350.000

316.232

300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000 0 Kosten HH 2021 (zonder KPMG-normenkader)

2021 (met KPMG-normenkader)

2022 (met KPMG-normenkader)

Realisatie In 2020 werd er een bedrag van € 504.590,- gerealiseerd. Naar verwachting zal er op basis van het KPMG-HHM normenkader in 2021 € 572.712,- worden gerealiseerd voor het gehele cliëntenbestand. Dit betreft het geheel van indicaties (dus zowel de cliënten, die zijn geherindiceerd als de cliënten met een lopende indicatie van 120 minuten of minder). De verwachte besparingen zijn doorgerekend naar 2022, waarin een realisatie van € 538.494,- wordt verwacht. Als het KPMG-HHM normenkader niet toegepast zou zijn, bedroeg de verwachte realisatie € 597.734,- in 2021 en € 667.766,- in 2022.

17

Begroting vs realisatie 700.000 572.712

600.000

538.494

504.590 500.000 400.000

447.000 393.000

378.000

300.000 200.000 100.000 0 2020

2021 Begroot

2022

Gerealiseerd/ verwachte realisatie

Verwachte realisatie 800.000 667.766

700.000 600.000

597.734

572.712

538.494

500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0 2021 Verwachte realisatie (met KPMG-normenkader)

2022 Verwachte realisatie (zonder KPMG-normenkader)

Als we de verwachte realisatie zonder het KPMG-HHM normenkader vergelijken met de verwachte realisatie met het KPMG-HHM normenkader wordt er in 2022 een bedrag van €129.272,- bespaard. De verwachte besparingen door het KPMG-HHM normenkader zijn doorberekend voor 2023 en 2024. Deze berekeningen laten zien dat het positieve effect van het KPMG-HHM normenkader zich voortzet en tot veel besparingen zal leiden in de toekomst.

18

Tabel 9: Doorberekening verwachte realisatie gemeente Eemnes

Verwachte realisatie Besparing t.o.v. voorgaande jaar Besparing t.o.v. 2021

2021 € 572.712,-

2022 € 538.494,-

2023 € 526.370,-

2024 € 514.246,-

-

€ 34.217,-

€ 12.124,-

€ 12.124,-

-

€ 34.217,-

€ 46.341,-

€ 58.465,-

Conclusie We kunnen concluderen dat het toepassen van het KPMT-HHM normenkader een positief financieel effect heeft. Het toepassen van het normenkader leidt in 2022 tot een reductie in kosten van circa €65.454,- in vergelijking met 2021. Er worden wel minder kosten bespaard door de herindicaties dan verwacht. Dit komt door tussentijdse verslechtering in de situatie bij cliënten en door de autonome groei (zie uitgebreide toelichting op pagina 10). Hier is in eerdere berekeningen geen rekening mee gehouden. Daarnaast heeft de gemeente Eemnes specifieke beleidskeuzes gemaakt bij het toepassen van het normenkader. Door inwoners ouder dan 90 jaar niet mee te nemen bij de herindicaties en het normenkader bij inwoners tussen de 85 en de 90 jaar waar nodig ruim toe te passen, is er minder besparing gerealiseerd. Toch wordt er al veel bespaard ten opzichte van de oude situatie. En die besparing zet de komende jaren door. Er is berekend dat er vanaf 2022 ieder jaar structureel € 12.124,- minder wordt gerealiseerd dan voorgaande jaren.

3.4 Resultaten Gemeente Laren In de gemeente Laren zouden naar verwachting 56 inwoners binnen de doelgroep < 120 minuten en 146 inwoners binnen de doelgroep >120 minuten opnieuw worden geïndiceerd op basis van het normenkader KPMG. Dit is een totaal aantal van 202 herindicaties. Dat zou op basis van de tussentijdse rapportage een financiële besparing opleveren van € 157.018,-. Gerealiseerde bezuiniging HH Er zijn in de gemeente Laren in totaal 121 herindicaties uitgevoerd9. Cliënten gingen daarbij van gemiddeld 178,3 minuten per week naar 148,1 minuten gemiddeld per week. Het gemiddeld aantal minuten is met 16,9% gedaald. Dit is net iets minder dan de besparing, die berekend werd in de tussentijdse rapportage (18%). Doordat er echter meer besparing dan verwacht gerealiseerd wordt door het verschil in indicatie tussen nieuwe instroom en de uitstroom, wordt de verwachte financiële besparing wel gerealiseerd.

9

Zie ook bijlage 6 voor het dashboard van de gemeente Laren 19

Tabel 10: Vergelijking verwachting en realisatie gemeente Laren

Aantal indicaties Financiële besparing Percentage besparing

Verwachting tussentijdse rapportage

Gerealiseerd

202 € 157.018,-

121 € 200.474,-

18%

16,9%

Percentage gerealiseerd t.o.v. tussentijdse rapportage 60% 100%

Tabel 11:Financiële besparing t.o.v. tussentijdse rapportage gemeente Laren

Verwachte besparing herindicatie Verwachte besparing nieuwe instroom Verwachte besparing uitstroom Totaal

Verwachting tussentijdse rapportage €100.983,-

Gerealiseerd

Verschil

€77.107,-

€23.876,-

€ 23.729,-

€25.745,-

€2.017,-

€32.306 ,-

€ 97.621,-

€65.315,-

€ 157.018,-

€200.474,-

€43.456,-

Gerealiseerde besparing door herindicaties Dat er minder besparing is gerealiseerd dan op basis van de tussentijdse rapportage werd verwacht, heeft de volgende oorzaken. De oorspronkelijk herindicaties werden bijgehouden in een Excel-bestand om zo snel mogelijk inzicht te krijgen in de voortgang van het project. Bij 13 van de 121 inwoners kwamen de oorspronkelijke herindicaties niet overeen met wat er uiteindelijk in het backoffice systeem (CivSam) is verwerkt. Gebleken is dat dit komt door: 

 

verhoging van de omvang vanwege het verslechteren van de individuele situatie van de cliënt (wanneer dat goed gemotiveerd werd in de periode tussen uitvoering herindicatie en definitieve afgifte beschikking). Dit bleek bij 7 huishoudens het geval; verhoging van de omvang door ingediende en terecht bevonden bezwaren in 2 gevallen; procesfouten en menselijke fouten bij doorgeven en invoeren omvang herindicatie (4 gevallen, waarbij de uiteindelijke indicatie meestal hoger werd vastgesteld dan de indicatie volgens het Excel-bestand).

Zittend bestand (geen herindicatie uitgevoerd) Daarnaast zijn er 47 indicaties niet opnieuw geïndiceerd omdat het om indicaties van 120 minuten en minder ging. Van deze 47 indicaties bedraagt het gemiddelde aantal minuten per week voor HH 119,3. Dit is iets minder dan de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, die 125 minuten per week bedraagt. De kosten hiervoor bedragen € 117.358,-. In- en uitstroom Er zijn in t/m september 2021 in totaal 20 cliënten ingestroomd binnen de gemeente Laren, die eerder nog geen gebruik maakten van HH. Gemiddeld zijn deze inwoners geïndiceerd op 120,4 minuten per week, iets minder dan volgens de basismodule van het KPMG-HHM normenkader, omdat deze inwoners sommige taken veelal nog zelf kunnen uitvoeren. De gemiddelde kosten per nieuw 20

ingestroomde client bedragen omgerekend per jaar €2.545,-. In de oude situatie bedroegen de gemiddelde kosten per cliënt per jaar €3.511,-. Dit is een besparing van gemiddeld €966,- per client. Er zijn t/m september 2021 33 cliënten uitgestroomd met een gemiddelde indicatie van 177,8 minuten per week. Omgerekend per jaar bedragen de gemiddelde kosten voor een uitstromende cliënt €3.761,De gemiddelde kosten per jaar van instromende cliënten zijn dus lager dan die van uitstromende cliënten. Daardoor worden er kosten bespaard. In de toekomst zullen indicaties bij uitstroom naar verwachting lager liggen. We verwachten dat de omvang van een indicatie met het KPMG-HHM normenkader namelijk minder snel toeneemt, doordat inwoners langer zelf huishoudelijke taken uit blijven voeren. Extra hulp wordt nu namelijk pas ingezet wanneer dit nodig is. Bij het oude normenkader was er soms ruimte voor het overnemen van extra taken, zonder dat dat (al) nodig was. Begroting De gemeente Laren heeft in 2020 € 618.000,- in begroot voor HH. In 2021 was dit € 503.000,-. In 2022 is er een bedrag van €625.000,- in begroot voor HH. 10De bezuiniging die naar verwachting gerealiseerd zou worden met het implementeren van het KPMG- normenkader moet nog worden meegenomen. Het in begrootte bedrag zou dan uitkomen op €458.000,-. Dit bedrag zal worden gebruikt bij de berekeningen.

Kosten HH voor cliënten, die opnieuw zijn geïndiceerd De kosten voor HH in 2021 zouden voor de gemeente Laren € 456.129,- hebben bedraagt als er geen herindicaties waren uitgevoerd. Door de toepassing van het KPMG-HHM normenkader is er in de laatste maanden geld bespaard en komen de totale kosten uit op € 435.218,-. Dit heeft in 2021 tot een besparing van €20.911,- geleid. Deze besparing is doorgerekend voor 2022. De totale kosten voor de cliënten waarop het normenkader is toegepast zouden uitkomen op € 379.022,-. De gerealiseerde besparing ten opzichte van 2021 bedraagt daardoor €77.107,-.

Gerealiseerde financiele besparing (o.b.v. herindicaties) 500.000

456.129

435.218

450.000

379.022

400.000 350.000 300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000 0 Kosten HH 2021 (zonder KPMG-normenkader)

2021 (met KPMG-normenkader)

2022 (met KPMG-normenkader)

10 De begroting voor 2022 is nog niet officieel vastgesteld door de gemeenteraad. Het genoemde bedrag kan

afwijken van de daadwerkelijke begroting. 21

In 2020 is er € 608.638,- gerealiseerd. Naar verwachting wordt er in 2021 € € 621.279,- gerealiseerd en in 2022 € € 564.252,-. Dit is de realisatie van het gehele cliëntenbestand. Als het KPMG-HHM normenkader niet toegepast zou zijn, zouden de verwachte gerealiseerde kosten € 657.397,- bedragen in 2021 en € 695.962,- in 2022.

Begroting vs realisatie 700.000 621.279

618.000 608.638

564.252

600.000 503.000 500.000

458.000

400.000 300.000 200.000 100.000 0 2020

2021 Begroot

2022

Gerealiseerd/ verwachte realisatie

Verwachte realisatie 800.000 700.000

695.962

657.397

621.279

564.252

600.000 500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0 2021 Verwachte realisatie (met KPMG-normenkader)

2022 Verwachte realisatie (zonder KPMG-normenkader)

22

Als we de verwachte realisatie zonder het KPMG-HHM normenkader vergelijken met de verwachte realisatie met het KPMG-HHM normenkader wordt er in 2022 een bedrag van €131.710,- bespaard. De verwachte besparingen door het KPMG-HHM normenkader zijn doorberekend voor 2023 en 2024. Deze berekeningen laten zien dat het positieve effect van het KPMG-HHM normenkader zich voortzet en tot veel besparingen zal leiden in de toekomst. Tabel 12: Doorberekening verwachte realisatie gemeente Laren

Verwachte realisatie Besparing t.o.v. voorgaande jaar Besparing t.o.v. 2021

2021 € 621.279,-

2022 € 564.252,-

2023 € 466.631,-

2024 € 369.009,-

-

€ 57.027,-

€ 41.805,-

€ 41.805,-

-

€ 57.027,-

€ 154.649,-

€ 252.270,-

Conclusie We kunnen concluderen dat het toepassen van het KPMT-HHM normenkader een positief financieel effect heeft. Het toepassen van het normenkader leidt in 2022 tot een reductie in kosten van circa €77.107,- in vergelijking met 2021. Daarmee wordt de verwachte financiële besparing in de tussentijdse rapportage behaald. Dit komt vooral door de kosten die bespaard worden door de verschillen in indicatie tussen in- en uitstroom. Verder is de vergrijzing in Laren over zijn piek heen; er zullen in de komende jaren minder ouderen zijn dan nu, waardoor de instroom procentueel lager zal zijn dan in de overige HBEL-gemeenten. Dit heeft een gunstig effect op de te maken kosten. Daarnaast is er in de gemeente Laren wat minder instroom dan bij andere gemeenten vanwege de inkomenstoets. Er worden wel minder kosten bespaard door de herindicaties dan verwacht. Dit komt door tussentijdse verslechtering in de situatie bij cliënten en door de autonome groei (zie uitgebreide toelichting op pagina 10). Hier is in eerdere berekeningen geen rekening mee gehouden. Ook In Laren weegt de indamming van het effect door bovenstaande redenen niet op tegen de positieve financiële resultaten effecten van het nieuwe normenkader. Vooral omdat de impact nog lang merkbaar zal zijn. Er is berekend dat er vanaf 2022 ieder jaar structureel € 41.805,- minder wordt gerealiseerd dan voorgaande jaren.

23

4. Autonome groei De autonome groei van het cliëntenbestand wordt in deze rapportage als één van de redenen genoemd dat het effect van het KPMG-HHM normenkader minder besparing oplevert dan van te voren werd verwacht. Sinds 2016 is er elk jaar een stijging te zien in het aantal cliënten dat landelijk gebruikt maakt van maatwerkvoorzieningen binnen de Wmo. Vooral de laatste jaren is het aantal gestegen. Naast de vergrijzing11 komt dat door een lagere landelijk vastgestelde maximale eigen bijdrage vanaf 2019. Deze was vanaf 2019 ook niet meer gerelateerd aan het inkomen van een cliënt. In het eerste halfjaar van 2020 waren er landelijk 445 duizend cliënten, die gebruik maken van één of meer Wmo maatwerkvoorzieningen, een jaar eerder 382 duizend. Dat is een stijging van 16 procent.12 Ook bij de HBEL-gemeenten is er sprake van een stijging in het aantal inwoners dat gebruik maakt van voorzieningen zoals HH. Onderstaande tabellen tonen de autonome groei van het cliëntenbestand HH in de HBEL-gemeenten aan in de afgelopen jaren en de realisatie op basis van dit cliëntenbestand. Tabel 13: Cliëntenbestand hulp bij het huishouden en rekening per jaar

Cliëntenbestand

2018

2019

2020

Huizen Stijging t.o.v. voorgaande jaar Rekening Blaricum Stijging t.o.v. voorgaande jaar %Rekening Eemnes Stijging t.o.v. voorgaande jaar Rekening Laren Stijging t.o.v. voorgaande jaar Rekening

846 -

973 15%

1072 10%

2021 (stand sept) 1115 4%

€ 2.296.603,131 -

€2.723.977,168 28%

€ 3.276.414,211 26%

€ 3.522.972,213 1%

€ 403.943,113 -

€471.954,144 27%

€ 624.011,174 21%

€ 704.041,177 2%

€ 372.870 151 -

€ 395.451 168 11%

€ 504.590 194 16%

€ 572.712 179 -8%

€ 436.512

€ 501.309

€ 608.638

€ 621.279

Op basis van CBS data 13 is er een prognose opgesteld voor de autonome groei van inwoners die gebruik maken van HH. Dit toont aan dat het aantal inwoners dat gebruik maakt van de voorziening HH de komende jaren zal blijven toenemen. Tabel 14: Prognose autonome groei

Cliëntenbestand

2018

2035

Huizen Blaricum Eemnes Laren

22,1% 25,6% 19,9% 30,9%

29,9% 27,3% 27,2% 28,8%

11

VNG (2021) https://vng.nl/nieuws/wmo-uitgaven-stijgen-nog-harder-dan-uitgaven-jeugdzorg CBS (2020) https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/48/meer-hulp-bij-het-huishouden-via-wmo-maatwerk 13 Zie bijlage 7 voor percentages van autonome groei per leeftijdscategorie en jaar 12

24

5. Conclusie Om kosten te besparen, maar inwoners nog steeds huishoudelijke hulp te blijven bieden met als resultaat een schoon (genoeg) huis, hebben de HBEL-gemeenten het KPMG-HHM normenkader toegepast in 2021. Het normenkader is op zowel bij lopende- als bij nieuwe casussen toegepast. Resultaat Gebleken is dat het toepassen van het KPMG-HHM normenkader een positief effect heeft op de uitgaven. Voor de gemeenten Blaricum en Laren worden er zelfs meer kosten bespaard dan verwacht werd op basis van de tussentijdse rapportage. Bij alle gemeenten is meer besparing gerealiseerd op inen uitstroom dan vooraf werd verwacht. Dit komt omdat de uitgestroomde inwoners gemiddeld een hogere indicatie hebben dan de nieuw ingestroomde inwoners. De verwachting is dat de omvang van een indicatie met het KPMG-HHM normenkader minder snel toeneemt dan bij het oude normenkader en dat de gemiddelde indicatie bij uitstroom afneemt, doordat inwoners langer zelf huishoudelijke taken uit blijven voeren. Extra hulp wordt nu namelijk pas ingezet wanneer dit nodig is. Bij het oude normenkader was er soms ruimte voor het overnemen van extra taken, zonder dat dat (al) nodig was. Doorberekeningen van de verwachte realisatie in 2023 en 2024 laten voor alle gemeenten een flinke besparing zien ten opzichte van eerdere realisaties.

Vergelijking met oude normenkader Wanneer we de te maken kosten met het CIZ-normenkader afzetten tegen die met het KPMG-HHM normenkader, wordt er voor de gemeente Huizen meer dan acht ton bespaard en voor Blaricum, Eemnes en Laren meer dan een ton per gemeente. Het positieve effect van het KPMG-HHM normenkader zet de komende jaren naar verwachting door, vanwege een lagere indicatie bij instroom en een minder snelle groei in de omvang van de indicatie. Voor de gemeente Huizen en de gemeente Eemnes worden er wel minder kosten bespaard dan vooraf werd verwacht. In Eemnes heeft dat deels te maken met de gemaakte keuze om het normenkader voor oudere inwoners waar nodig ruim toe te passen. Voor de gemeente Huizen hebben we geen reden voor dit verschil kunnen achterhalen; het normenkader wordt namelijk op dezelfde wijze toegepast als in de overige gemeenten. Invloed niet gemelde verslechteringen De belangrijkste reden voor een lagere besparing ten opzichte van de verwachting is dat de situatie bij een deel van de inwoners met HH de afgelopen jaren is verslechterd. Vooral bij ouderen zijn de beperkingen toegenomen. Omdat de (ruimere) indicatie op basis van het CIZ-normenkader nog steeds toereikend was om de huishoudelijke taken uit te voeren binnen de bestaande indicatie, was deze verslechtering vaak niet gemeld aan de consulent.

Pas bij het stellen van de herindicaties bleek dat sommige inwoners niet (meer) in staat waren om bepaalde huishoudelijke taken zelf uit te voeren. Er is daarom vaker dan vooraf werd verwacht een verruiming ten opzichte van de basismodule toegekend. Invloed autonome groei De eindrapportage toont ook aan dat de besparingen die behaald zijn met het KPMG-HHM normenkader niet toereikend genoeg zijn om binnen de gestelde begroting van de HBEL-gemeenten te blijven. Dat komt vooral door de toename van het aantal inwoners met HH door de dubbele 25

vergrijzing en het abonnementstarief. Het aantal oudere inwoners zal in de toekomst verder toenemen, met uitzondering van Laren. Daar wordt een kleine afname verwacht omdat deze gemeente al sterk vergrijsd is. In Huizen wordt de grootste groei verwacht van het aantal inwoners met HH. In Blaricum en Eemnes zal er wel sprake zijn van groei, maar minder sterk dan in Huizen. In de begroting voor de komende jaren is geen rekening gehouden met de autonome groei van het aantal inwoners met HH. Op dit moment is de begroting namelijk gebaseerd op een statisch bestand van inwoners met HH. Het advies is om de begroting voor Huizen, Blaricum en Eemnes mee te laten bewegen met de verwachte groei.

26

Bijlage 1: Normenkader

27

Bijlage 2: Dashboard HBEL-gemeenten

28

Bijlage 3: Dashboard Gemeente Huizen

29

Bijlage 4: Dashboard Gemeente Blaricum

30

Bijlage 5: Dashboard Gemeente Eemnes

31

Bijlage 6: Dashboard Gemeente Laren

32

Bijlage 7: CBS percentages autonome groei Tabel 15: Percentages gemeente Huizen

21 - 30 jaar 31 - 40 jaar 41 - 50 jaar 51 - 60 jaar 61 - 70 jaar 71 - 80 jaar 81 - 90 jaar 91 - 100 jaar

2000 11% 73% 17% 13% 7% 5% 2% 0%

2005 9% 64% 17% 15% 9% 6% 2% 0%

2010 9% 52% 16% 16% 12% 6% 3% 0%

2015 10% 42% 15% 16% 14% 8% 4% 1%

2020 10% 43% 12% 16% 15% 10% 4% 1%

2021 9% 43% 12% 16% 15% 11% 4% 1%

2010 6% 7% 16% 18% 18% 8% 4% 0%

2015 7% 8% 14% 15% 20% 10% 4% 1%

2020 7% 14% 12% 14% 14% 12% 4% 1%

2021 6% 15% 12% 14% 13% 12% 4% 1%

2005 9% 16% 16% 15% 8% 5% 1% 0%

2010 7% 12% 18% 14% 11% 5% 2% 0%

2015 8% 9% 17% 16% 14% 7% 3% 0%

2020 9% 9% 14% 17% 13% 10% 3% 1%

2021 9% 10% 14% 17% 13% 10% 4% 1%

2005 6% 14% 14% 16% 12% 11% 6% 1%

2010 6% 11% 15% 14% 14% 11% 7% 1%

2015 5% 9% 15% 15% 16% 11% 8% 2%

2020 5% 9% 13% 15% 13% 14% 8% 2%

2021 5% 9% 12% 16% 13% 14% 8% 2%

Tabel 16: Percentages gemeente Blaricum

21 - 30 jaar 31 - 40 jaar 41 - 50 jaar 51 - 60 jaar 61 - 70 jaar 71 - 80 jaar 81 - 90 jaar 91 - 100 jaar

2000 8% 12% 18% 19% 10% 7% 2% 0%

2005 7% 10% 15% 21% 12% 7% 3% 0%

Tabel 17: Percentages gemeente Eemnes

21 - 30 jaar 31 - 40 jaar 41 - 50 jaar 51 - 60 jaar 61 - 70 jaar 71 - 80 jaar 81 - 90 jaar 91 - 100 jaar

2000 12% 17% 15% 13% 7% 4% 1% 0%

Tabel 18: Percentages gemeente Laren

21 - 30 jaar 31 - 40 jaar 41 - 50 jaar 51 - 60 jaar 61 - 70 jaar 71 - 80 jaar 81 - 90 jaar 91 - 100 jaar

2000 7% 16% 14% 15% 13% 10% 5% 1%

33

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11447758/1