BIJLAGE - Speelruimteplan Laren 2024-2023
Tekst van het document
Speelruimteplan Laren Visie en uitvoering 2024-2033
april 2024
Inhoudsopgave
Leeswijzer
1. Inleiding 3
In hoofdstuk 1 wordt de aanleiding voor het nieuwe beleid geschetst.
2. Onderzoek openbaar speel- en sportaanbod 4 3. Speelruimtevisie 6
Hoofdstuk 2 beschrijft de huidige situatie van de openbare speelruimte en licht de belangrijkste resultaten van het speel- en beweegscan toe.
5. Uitvoeringsplan 7 4. Financiën 11
De visie en speerpunten voor het nieuwe speelbeleid worden in hoofdstuk 3 beschreven en komen voort uit de resultaten van het speelruimteonderzoek en andere relevante ontwikkelingen (gemeentelijke en landelijke).
Bijlagen: B1 Basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering 14 B2 Uitvoeringsplan Laren 20
Op basis van de visie en het speelruimteonderzoek is in hoofdstuk 4 een uitvoeringsplan opgesteld voor de periode 2024-2033. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de benodigde budgetten voor uitvoering van de speelruimtevisie en de bijkomende kosten zoals onderhoud. In bijlage B1 zijn de basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering te vinden. Dit basisdocument is de leidraad voor ontwerp en inrichting van de openbare speelruimte en bij uitvoering en participatie.
Colofon Samenwerking
Namens de Bel-combinatie: Rena Heilema
Uitgave april 2024 Tekst - onderzoek - vormgeving Speelplan: Marije Buiter, Ferdi Tillema
2
Bijlagen B2 geeft het volledige uitvoeringsplan per locatie weer.
1
Inleiding
Actualisatie speelbeleid Inleiding
Het in stand houden en verbeteren van het huidige speel- en sportaanbod in de openbare ruimte is belangrijk voor buitenspelen en bewegen. Een goed sport- en speelaanbod draagt bij aan sportieve, motorische, culturele en sociale ontwikkeling voor jong en oud. Goed ingerichte speelveldjes dragen daarmee bij aan de uitgangspunten van de Sportvisie. Het huidige Speelbeleid is van 2008. Dat beleid richtte zich vooral op renovatie en het veilig in stand houden van de bestaande speelplekken. Het is belangrijk om het openbare speel- en sportaanbod weer aan te laten sluiten op de actuele trends en ontwikkelingen, zoals: • Samenspeelakkoord: Toegankelijkheid en inclusiviteit zijn belangrijke criteria bij (her) inrichting van speelruimte i.v.m. samenspel voor kinderen met en zonder beperking (dit komt o.a. tot uiting via het landelijke Samenspeelakkoord uit 2019). • Verduurzaming: Klimaatadaptatie en de (wettelijke) duurzaamheidseisen voor toestellen en ondergronden op speel- en sportplekken zijn belangrijke nieuwe criteria om bij de inrichting rekening mee te houden. • Verzoeken bewoners: Afgelopen twee jaar zijn uit Laren diverse verzoeken gekomen vanuit bewoners over speelplekken. • Omgevingswet: Het speelruimteplan moet aansluiten bij de omgevingswet. Dit vergt een integrale en bewonersgerichte aanpak van de speelruimte.
Daarom is nieuw beleid nodig. Dit Speelruimteplan Laren 2024-2033 richt zich met name op de bestaande speel- en sportveldjes, gericht op de jeugd (tot 12 jaar). De eerste jaren wordt vooral ingezet op levensduurverlengend onderhoud. Dit groot onderhoud voorkomt noodzakelijke (duurdere) vervanging op korte termijn. Daarna worden toestellen vervangen en trapvelden gerenoveerd. Verder zorgen we dat speelplekken aangenamer worden door meer groen en schaduw (klimaatadaptatie). Dit ligt in lijn met de Sportvisie Laren welke is ontwikkeld door de Sportraad. De Sportraad zal ook in de verdere ontwikkelingen/onderzoeken m.b.t. sport- en speelplekken betrokken worden/blijven. Samen wordt ook gekeken naar mogelijkheden om sport- en speelplekken toe te voegen voor andere leeftijdsgroepen, en in het westelijk deel van Laren. Een eerste stap hierin is al het plaatsen van beweegtoestellen.
Verder hebben we te maken met: Uitgestelde vervanging: De afgelopen jaren zijn de speelplekken onderhouden maar zijn herinrichting en vervanging uitgesteld. Het sport- en spelaanbod sluit daardoor niet goed meer aan op de wensen en trends. • Prijsstijgingen toestellen: De budgetten die in het verleden zijn begroot zijn inmiddels niet meer toereikend vanwege de (forse) prijsstijgingen van speeltoestellen, ondergronden en kosten voor de aanleg afgelopen jaren.
•
Omdat de speelruimte, de visie hierop en de behoeften vanuit inwoners onderhevig zijn aan verandering, is het belangrijk om tenminste elke 5 jaar opnieuw de stand van zaken op te maken en het beleid en de uitvoering waar nodig bij te stellen.
3
2
Onderzoek openbaar speel- en sportaanbod - Hoe is het nu?
In dit hoofdstuk wordt de huidige stand van zaken opgemaakt en worden de belangrijkste resultaten van de speel- en beweegscan beschreven.
2.1 Speel- en beweegonderzoek
Bureau Speelplan heeft de openbare speelruimte in Laren onderzocht. Tijdens het veldonderzoek zijn alle speel- en sportplekken beoordeeld en ingedeeld op basis van ligging, bereik, inrichting en functie, speelwaarde, klimaatbestendigheid en toegankelijkheid. De speel- en sportplekken zijn niet alleen op individueel niveau onder de loep genomen, maar ook op buurt- en wijkniveau. Deze informatie is verwerkt in een onderzoeksrapport met hierin kansen en aanbevelingen per wijk en per speellocatie. Tijdens een ketenpartneroverleg met gemeentelijke professionals op het gebied van jeugd, scholen, handhaving en sportbeleid zijn de onderzoeksresultaten en raakvlakken betreft de openbare speelruimte besproken. Onderwerpen als jongeren in Laren, inclusiviteit, participatie en sportaanbod zijn besproken. Hieruit zijn een aantal aanbevelingen gekomen: • Er is behoefte aan een jongeren ontmoetingsplek (JOP), maar er moet eerst geïnventariseerd wat een goede locatie is. • De speeltuinvereniging is de meest geschikte locatie om een inclusieve speelplek van te maken. • Er zijn geen beweegmogelijkheden voor volwassenen/ ouderen. Er is een initiatief voor een wandelroute of trimpad rond Laren. • Op speelplekken is het belangrijk dat kinderen worden uitgedaagd om hun motoriek te verbeteren.
2.2 Aantal locaties
Laren heeft (nov 2023) in totaal 18 openbare plekken met speel- en sporttoestellen. Er zijn 3 locaties ingericht als sportplek (trapveldjes). Op één speelplek wordt sport en spel combineert, hier zijn kleine doeltjes en een losse basketbalpaal. De staat van de toestellen en ondergronden is over het algemeen nog prima, al zijn veel toestellen inmiddels 15 jaar (afschrijftermijn) en een aantal zelfs al ouder. Daarom zullen veel toestellen de komende 10 jaar aan vervanging toe zijn.
In Laren zijn een aantal plantsoenen waarop spel mogelijk is
Bespeelbare bosjes (Smeekweg)
2.3 Belangrijkste onderzoeksresultaten
Hieronder zijn de belangrijkste onderzoeksresultaten samengevat. In hoofdstuk 4 worden aan de hand van de onderzoeksresultaten en de visie specifieke aandachtspunten uitgelicht voor uitvoering.
4
De Brink is een mooie groene ontmoetsplek.
Toegang tot een bos (H. Vosweg)
2
Onderzoek openbaar speel- en sportaanbod - Hoe is het nu? Laren - belangrijkste onderzoeksresultaten Speelplekken: Laren beschikt voornamelijk over kleine speelplekken. Vijf locaties komen qua grote of speelmogelijkheden in aanmerking om te functioneren als buurtplek. In deze locaties zal geïnvesteerd moeten worden om ze echt in te richten tot een aantrekkelijk buurtplek. De kleine speelplekken hebben allemaal een soortgelijke indeling: één groter combinatie/ klimtoestel aangevuld met één of twee toestellen (bijv. duikelrek of wip). Hierdoor is er weinig variatie in de speeluitdagingen. De speelplekken zijn allemaal te vinden in het oosten van de stad, waardoor in het westen van Laren geen speelplekken zijn. Specifiek in het noordoosten is een cluster van vijf speelplekken die minder dan 100 meter van elkaar af liggen.
#04 - Speelplek De Veenen
Sportplekken: In Laren zijn drie sportplekken. Dit zijn trapveldjes met middelgrote doelen. Daarnaast is er een losse basket en een trapveldje met kleine doeltjes op de buurtplek aan de Gooiersgracht. Beweegvriendelijke openbare ruimte: In Laren zijn een aantal plantsoenen waarop kunnen spelen en bewegen. Verder is de vrij bespeelbare openbare ruimte beperkt. De straten zijn slecht bespeelbaar; druk, smal of bezet door geparkeerde auto’s. Wel is er veel privé speelruimte beschikbaar in tuinen; trampolines, speelhuisjes e.d. Rondom het dorp liggen kleine bossen en het uitgestrekte natuurgebied van Het Goois Natuurreservaat. Hierin kunnen kinderen sporten en spelen in de natuur.
#17 - De enige speel- en sportplek in Laren aan de Gooiersgracht
Inclusiviteit en bereikbaarheid: Laren heeft brede straten met smalle stoepen. Langs de grotere wegen is de stoep breder, waardoor deze goed toegankelijk zijn. De speelplekken vallen vaak niet op, omdat deze gelegen zijn achter woningen. De meeste speelplekken liggen in of zijn omringt door gras. Hierdoor zijn de speelplekken slecht toegankelijk voor minder valide inwoners. Er zijn ook geen speel- of sporttoestellen afgestemd op deze doelgroep. Groen en klimaat: De meeste speelplekken hebben een groen karakter door het gebruik van natuurlijke ondergronden (gras). Op een aantal plekken wordt onnodig gebruik gemaakt van kunstgras. De kunstgras ondergronden zijn geplaatst in het gras en onder de schaduw van bomen. Hierdoor ontstaat er sneller aanslag. Ook is er op een aantal locaties geen schaduw, waardoor het zomers erg warm wordt op de speelplekken.
#15 - Speelplek Gooistergracht 177
5
3
Speelruimtevisie – Wat vinden we belangrijk?
3.1 Visie
Bijlage 1. Randvoorwaarden voor inrichting en uitvoering
De beweegvriendelijke en gezonde leefomgeving staat centraal in de actualisering Visiekaart Een goed en3.3 divers netwerk van speel‐ en sportplekken is belangrijk zodat zoveel mogelijk bewoners Op basis van de speerpunten en het envan beweegonderzoek 2021), van het speelruimtebeleid en de toekomstige inrichting van de speelruimte. Hetvoorzieningen van deze gebruik kunnen maken. Aan speelde hand ligging, inrichting (zomer en ruimte zijn is een visiekaart gemaakt, zie pagina 8. Deze kaarten slaan een brug tussen onderzoek, openbare speel- en sportaanbod nodigt uit tot beweging, ontspanning, ontmoeting de speel‐ en sportplekken in Eemnes onderverdeeld is 4 categorieën; Speelhofjes, en samenspel voor jong tot oud met en zonder bewegingsbeperking. Dat gaat verder visie en uitvoering. Hierop is het huidige speelruimteaanbod terug te vinden én de Buurtspeelplekken, Bovenwijkse voorzieningen en trapveldjes. In dit hoofdstuk wordt omschreven dan alleen de inrichting van speel- en sportplekken. Het heeft ook betrekking op de voorgestelde ingrepen/kansen voor de verbetering. welke functie deze plekken vervullen. Aanvullend wordt de algehele bespeelbaarheid van de bespeelbaarheid van de openbare ruimte in het algeheel. openbare ruimte beschreven. Om speel‐ en sportplekken te visie verduurzamen enIn te hoofdstuk maken tot prettige In hoofdstuk 4 wordt de uitvoering van de toegelicht.
5 volgt de verblijfsplekken zijn in dit hoofdstuk een aantal algemene inrichtingscriteria opgenomen. In het Bewonersparticipatie krijgt een centrale rol bij de (her)inrichting van speel- en financiële onderbouwing van het uitvoeringsplan. In bijlage B1 zijn overkoepelende voor inrichting en uitvoering (o.a. circulariteit, uitdaging of sportplekken. De betrokkenheid van inwoners zorgt over het algemeen voor beter kaders uitvoeringsplan behorend bij deze notitie is dit verder uitgewerkt in detoegankelijkheid, kaders voor (her)inrichting gebruik. Ook klimaatadaptatie en duurzaamheid zijn belangrijke actuele thema's die wetgeving). en omschreven per type voorziening. onderdeel zijn van de inrichting van speel- en sportplekken. Concreet betekent dit: meer balans tussen zon en schaduw, meer speelgroen én kiezen voor toestellen en ondergronden van hernieuwbare materialen. Dit zijn essentiële ingrediënten voor het creëren van een gezonde leef- en speelomgeving voor inwoners.
3.2 Speerpunten
Duurzame speelruimte: Speel- en sportplekken dragen bij aan verduurzaming van de openbare ruimte; minder verharding en kunstmatige ondergronden, meer groen voor waterbuffer en schaduw, hergebruik en verlengen levensduur en inrichting met circulaire materialen.
klimaat‐ en duurzaamheidscriteria
Gezonde speelruimte: De openbare speelruimte draagt bij aan de gezondheid en het welbevinden van inwoners; het stimuleren van beweging door verbetering en verbreding van het sportaanbod voor jong en oud, vergroting gebruik- en verblijfswaarde in de zomer door groene inrichting met voldoende schaduw en eventueel een watertappunt op centrale plekken.
participatie en initiatief
Speelruimte voor iedereen: Grote (buurt- en wijk) speelplekken zijn voor een brede doelgroep; multifunctioneel en toegankelijk en inclusief, gericht op ontmoeting, samenspelen en beweging voor bewoners met en zonder handicap.
wetgeving, veiligheid en beheer
algemene inrichtingscriteria
Figuur 1. Basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering (bijlage B1)
6
B.1.1 Soorten speelruimte en functie
4
Uitvoeringsplan 2024-2033 - Hoe gaan we het aanpakken?
Op basis van het onderzoek en de speelruimtevisie is voor de periode 2024-2033 een uitvoeringsplan opgesteld. In dit hoofdstuk wordt het programma en de planning op hoofdlijnen toegelicht.
De impulsen blijven echter optioneel. •
Impuls spelen en sport: Op buurtplekken en bovenwijkse voorzieningen wordt een breed speel- en sportaanbod geadviseerd. Nu is de inrichting vaak te minimaal voor de functie die deze plekken (zouden moeten) vervullen. Door een speel- en/ of sportimpuls worden er extra functies toegevoegd om het aanbod te verbeteren en/of doelgroep te verbreden. Aanvullend zijn er twee sportimplusen die toegepast kunnen worden op sportplekken om kunstgras aan te leggen of het sporaanbod te verbreden.
•
Impuls groen: Voor speel- en sportplekken met veel stenen en weinig schaduw is het advies: meer gras, bomen en bespeelbaar groen. Dat is belangrijk voor de klimaatbestendigheid van de plekken en buurten (afwatering, verkoeling), maar ook voor de speel- en verblijfswaarde (beschutting, exploratief spel).
•
Impuls toegankelijkheid: Op een grotere speel- en sportplekken is het wenselijk om de toegankelijkheid te verbeteren. Dit kan op verschillende manieren bijvoorbeeld aanleg van een centraal pad, aanpassing ondergrond of uitbreiding speelaanbod.
In bijlage B1 zijn de ‘Basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering’ te vinden. Deze zijn leidend bij aanpassing en aanleg van speel- en sportplekken en beschrijven waar onderstaande locaties en ingrepen aan moeten voldoen en hoeveel geld er gereserveerd is voor de inrichting.
4.1 Regulier uitvoeringsprogramma
Dit omvat de (her)inrichting, aanleg en omvorming van speel- en sportplekken. Om een goed netwerk van speel- en sportplekken te behouden is het advies om de meeste locaties op termijn opnieuw in te richten. In de buurten waar naar verhouding veel speelplekken liggen op korte afstand van elkaar, wordt voorgesteld enkele plekken om te vormen ter bevordering van de speeldiversiteit en verlaging van de investeringsen onderhoudskosten voor speeltoestellen: •
•
Buurtplekken, kleine speelplekken en trapveldjes: deze zorgen voor een basis speel- en sportaanbod op buurtniveau. Niet al deze locaties worden hetzelfde ingericht; op een aantal grotere/centrale plekken wordt het speelen/of sportaanbod uitgebreid (zie impulsen). Op een aantal kleinere locaties en plekken met een beperkt bereik en gebruik, zal de inrichting worden vereenvoudigd (zie omvormen). Het jaar van aanleg in combinatie met de technische staat is leidend voor wanneer plekken ‘aan de beurt zijn’ voor herinrichting. Door levensduur verlengend onderhoud na 10-15 jaar (zie 4.3) verschuift de termijn voor vervanging en gaan toestellen langer mee. Omvormen speelplekken: Op een aantal (kleine) plekken, die op korte aftand van een andere plek liggen, verdwijnen de speeltoestellen op termijn. De ruimte zelf blijft wel behouden als vrije speelruimte en wordt opnieuw ingericht met beplanting en/of gras. Een alternatieve invulling voor de plek (bijv.moestuin, ontmoeten) is mogelijk als bewoners actief willen participeren bij de realisatie en het onderhoud. Indien toestellen vrijkomen die nog herbruikbaar zijn, worden deze elders in de gemeente geplaatst.
4.2 Impulsen en projecten (optioneel)
Naast de impulsen zijn er ook losse projecten die binnen Laren opgezet kunnen worden. Deze projecten kunnen gerealiseerd worden om de openbare ruimte beweegvriendelijke te maken. De financiering van deze projecten kan individueel worden aangevraagd, samen met andere beleidsterreinen worden bekostigd of (deels) gefinancierd worden met crowdfunding. Deze ideeën komen voort uit het ketenpartner overleg van 12 september 2023. • Wandel/ beweegroutes: momenteel zijn er geen buitensporttoestellen in de gemeente. Een wandelroute met sporttoestellen langs de route kan een waardevolle toevoeging zijn de inwoners van Laren. Verwachte kosten: € 30.000,• Uniek kunst speeltoestel: Laren is een artistiek dorp vol met kunstenaars. Een uniek speel/beweegtoestel, ontworpen door een kunstenaar uit laren, zou een grote trekpleister kunnen worden. Verwachte kosten: € 50.000,- tot € 75.000,• Sociale borden: Om de sociale controle op speelplekken te bevorderen borden ontwikkelen die op een positieve toon aangeeft dat de speelruimte is voor kinderen, geen honden zijn toegestaan en dat de speelruimte rookvrij is. Verwachte kosten: € 150,- per bord
Impulsen zijn bedoeld om gerichte verbeteringen door te voeren op locatieniveau en binnen Laren. Voor het merendeel van de impulsen op de visiekaart geldt het advies om hier actief uitvoering aan te geven bij het herinrichten van de speelplekken.
7
zonder toestellen ruimte voor buurtinitiatief nr.
speel- of sportplek behouden
Visiekaart Laren Legenda algemeen
Impuls groen: vergroenen en/of natuurlijke speelaanleidingen
Soort plek: nr.
sportplek
speelplek
nr. tafeltennis
S
schoolplein, in eigen beheer kleine speelplek
07
Doorgaande weg minder drukke weg nr.
08
10 10 11 11 22
Impuls toegankelijkheid: Verbetering van toegankelijkheid
nr
buurtspeelplek
21
Impuls sport: toevoegen en/of verbeteren sportaanbod
skaten
Bereik en bereikbaarheid: S
BSBS De Larense Montesorieschool
impuls spelen: vergroten doelgroep, vergroten uitdaging
basketbal
voetbal
BSBS De Gooische school
Aanbevelingen
02
(her)inrichten als speel- en ontmoe�ngsplek zonder toestellen ruimte voor buurtinitiatief
Laren MHC
23 HC
BSBSDe Brinckhorst St Jan
speel- of sportplek behouden
09 06
TV
Larense L.T.C.
Overige loca�es: S
TV
VV
vrije speelruimte in het groen om te struinen, klimmen, klauteren park / bosjes
19
sportvereniging
15
18
Legenda algemeen Soort plek: nr.
BSBS De Ploeg
sportplek
speelplek
basketbal
voetbal
nr. tafeltennis
S
17 skaten
schoolplein, in eigen beheer 16
Bereik en bereikbaarheid: S
kleine speelplek 04
buurtspeelplek Doorgaande weg minder drukke weg
Overige loca�es: S
TV
VV
VV
park / bosjes
12
ST De Goyer Golf & Countryclub
sportvereniging
vrije speelruimte in het groen om te struinen, klimmen, klauteren
8
20 SV Laren ‘99
GV
Postiljonheide
4
Uitvoeringsplan 2024-2033 - Hoe gaan we het aanpakken?
4.3. Verlenging levensduur
Voor vervanging van speeltoestellen wordt niet de standaard vervangingstermijn van 10 tot 15 jaar gehanteerd, maar gekeken naar de technische staat. In de meeste gevallen kunnen toestellen na de vervangingstermijn worden opgeknapt en de levensduur met 5 tot 10 jaar worden verlengd. Met levensduurverlengend onderhoud wordt niet alleen opvolging gegeven aan de duurzaamheids-ambities (je doet langer met dezelfde materialen), maar worden ook de kosten voor herinrichting verspreid over een langere periode. Zie hoofdstuk 5 voor de financiën en bijlage B1.3 voor de basisvoorwaarden van levensduurverlenging.
4.5 Specifieke aandachtspunten bij uitvoering
Onderstaande aandachtspunten voor uitvoering zijn meegenomen in het uitvoeringsprogramma en de begroting: •
Richt buurt(speel)plekken in: voor een brede doelgroep en zorg voor meer uitdaging, variatie en een inclusieve inrichting. Kies niet enkel ‘standaard’ speeltoestellen te plaatsen, maar ook bijvoorbeeld balanceerparcours, speelaanleidingen of een thematische inrichting. Maak combinaties met waterberging en spelen en zorg voor voldoende schaduw zomers. Door de inrichting af te stemmen krijg je op buurtniveau een uitdagendere speelruimte en kunnen kinderen op verschillende manieren spelen. Meer criteria voor inrichting zijn te vinden in bijlage B1 ‘basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering’.
•
Vorm speelplekken om: door de korte afstand tussen speelplekken is het niet altijd noodzakelijk om elke speelplek (her) in te richten met speeltoestellen. Deze plekken worden omgevormd tot groene (speel) ruimte evt. aangevuld met speelaanleidingen. Dit komt de speelkwaliteit en diversiteit ten goede en verlaagd de kosten voor vervanging en onderhoud.
•
Behoud het speelgroen: op veel plekken in de wijk, niet enkel bij speelplekken zelf, wordt zichtbaar goed in de bosjes gespeeld door kinderen. Deze vrije groene speelruimte is ontzettend belangrijk voor het speelplezier en de ontwikkeling van kinderen. Daarom is een absolute aanbeveling hiermee rekening te houden tijdens de wijkrenovatie.
Korte termijn (2024-2026)
•
Meer uitdaging voor de doelgroep 6+: door op korte termijn op een aantal locaties een uitdagender en gevarieerder speelaanbod te realiseren wordt aangesloten bij de speelbehoefte van opgroeiende kinderen. De speelplekken worden niet volledig heringericht, maar enkelen krijgen een impuls om de doelgroep uit te breiden. Zie ook bijlage B1 voor de voorwaarden voor inrichting.
In deze periode moet ook het geld aangevraagd zijn voor de lange termijn om het volledige uitvoeringsplan uit te kunnen voeren.
•
Verbeter de klimaatvriendelijkheid van speelplekken en openbare ruimtes: door bij herinrichting het aantal kunststof ondergronden te verminderen en het schaduw- en speelgroen uit te breiden. Ook vergroening van de pleinen wordt van harte aanbevolen vanuit de speelruimtevisie.
In de uitvoeringsplanning 2024-2033 is per locatie een inschatting gemaakt van het nut en kosten van levensverlengend onderhoud op basis van het plaatsing-/ vervangingsjaar, speelintensiteit en de huidige staat en gebruikte materialen. Het advies vanuit de jaarlijkse veiligheidsinspectie is leidend voor het al dan niet verlengen van de levensduur. Door de gemiddeld leeftijd van de speeltoestellen in Laren moeten we rekening houden met een flinke investering voor levensverlengend ouderhoud. De meeste speeltoestellen zijn nu 15 jaar oud en in het onderhoudsbudget is weinig ruimte geweest om regulier onderhoud te plegen. Hierdoor is er een achterstand die we moeten wegwerken. Als er geen budget zal zijn om groot onderhoud te plegen zullen er toestellen weggehaald moeten worden, omdat ze niet veilig genoeg meer zijn voor de openbare ruimte. De piek hiervoor wordt verwacht in 2028, als de meeste toestellen 20 jaar geleden geplaatst zijn.
4.4 Uitvoeringsplanning In de eerste periode staat het onderhouden van het huidige areaal centraal. Er zal levensverlengend onderhoud uitgevoerd moeten worden. Daarnaast is het raadzaam om te beginnen met het uitvoeringsplan en (minimaal) 1 locatie per jaar opnieuw in te richten.
Lange termijn (2026-2033)
Tussen 2026 en 2033 staan de meeste herinrichtingen gepland. In deze periode worden gezamenlijk speelplekken opgepakt om uitvoeringskosten te besparen. Elk jaar worden er twee tot drie speelplekken omgevormd of heringericht.
9
4
Uitvoeringsplan 2024-2033 - Hoe gaan we het aanpakken?
Goede afstemming speel- en sport aanbod met buurgemeenten
Gemeentegrenzen zijn voor jongeren en volwassenen over het algemeen geen belemmering. Met afstemming en uitwisseling m.b.t. ‘unieke’ sportfuncties kunnen investeringen worden verdeeld.
Goede spreiding leidend i.p.v. demografie
Kinderen spelen overal (gescheiden ouders, grootouders, gastouder). Een goede basisdekking en goede spreiding van speelplekken en speelruimte is daarom belangrijker dan enkel inrichting van plekken gebasseerd op demografiesche gegevens. Natuurlijk kan wel enigszins rekening worden gehouden met de demografie (en ontwikkeling hiervan) in een buurt of wijk.
10
5
Financiën 2024-2033
Dit hoofdstuk geeft inzicht in de benodigde investeringen en te maken kosten participatie en toezicht op uitvoering. Het is belangrijk dat dit budget apart wordt voor de speel- en sportplekken in de periode 2024-2033. Ook de jaarlijkse begroot en niet van de budgetten voor inrichting wordt 'afgesnoept'. Als dit wel gebeurt onderhoudskosten en andere bijkomende kosten lichten we toe. is uitvoering van de speelruimtevisie niet meer realistisch. Daarom moet rekening worden gehouden 25% extra ontwikkelkosten.
5.1 Vervangingswaarde
De huidige 18 openbare speel- en sportplekken in Laren vertegenwoordigen samen een vervangingswaarde van ongeveer € 500.000,- voor de kosten van toestellen en ondergronden (op basis van 1-op-1 vervanging). In de periode 2024 t/m 2033 is een groot deel van de speelvoorzieningen in aan vervanging toe. Huidige gang van zaken: 1. Momenteel is er alleen een jaarlijks onderhoudsbudget van € 8.000,-. Hiervan worden toestellen en ondergronden minimaal onderhouden. Er is geen jaarlijks budget om toestellen te vervangen. Door het minimale budget is er de laatste jaren een forse achterstand aan vervangingen opgebouwd. 2. Prijzen van toestellen en ondergronden zijn fors gestegen (c.a.30% in 5 jaar tijd), waardoor richtbedragen hoger ingestoken zijn dan 5 jaar geleden. 3. In het verleden is er weinig rekening gehouden met bijkomende kosten voor VAT (voorbereiding, administratie en toezicht), ontruiming en aanleg. In de huidige berekening van de vervangingswaarde wordt hiermee wél rekening gehouden.
5.3 Kosten onderhoud en inspecties
Om speelvoorzieningen veilig te houden worden veiligheidsinspecties en onderhoud uitgevoerd. De benodigde onderhoudskosten bedragen ongeveer € 15.000 per jaar. Dit komt neer op c.a. 3% van de huidige totale vervangingswaarde. Levensduurverlenging (groot onderhoud) is geen onderdeel van het reguliere onderhoudsbudget, maar van de investeringsbegroting. Door het lage onderhoudsbudget van de laatste jaren en door het verouderde areaal is het nodig om het komende jaar levensverlengend onderhoud te plegen. Anders zal het op de korte termijn (circa. 2028) noodzakelijk zijn toestellen te verwijderen, zonder dat er iets voor terug geplaatst kan worden (zie H 5.3). Door het toepassen van het levensverlengend onderhoud kan het huidige areaal langer blijven staan en kan het herinrichten van speelplekken verspreid worden over de komende 10 jaar.
5.2 Investeringsbudget 2022-2033
Instandhouding en 1-op-1 vervanging van de huidige speel- en sportplekken biedt weinig (financiële) ruimte voor het doorvoeren van gerichte verbeteringen en participatie met bewoners. Uitvoering van de speelruimtevisie biedt die ruimte wel zodat de leefomgeving aansluit bij spelen en bewegen anno nu.
Inrichting en aanleg - Voor het uitvoeren van de speelruimtevisie is in de periode 2024-2033 een investeringsbudget van € 608.500,- nodig voor inrichting en aanleg. Dit omvat de investeringskosten voor herinrichting/vervanging van speelplekken, maar ook voor omvormingen, levensduurverlengend onderhoud én de voorgestelde impulsen, zie tabel 1.. Dit investeringsbudget is exclusief onderhoud en ontwikkelkosten. Diagram 1 op de volgende pagina toont de benodigde investering per jaar. De investeringspiek in de beginperiode wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het levernsduurverlengend onderhoud en de impulsen. In Tabel 2 op de volgende pagina zie je de totale investering die per jaar nodig is, dus inclusief regulier onderhoud en de ontwikkelkosten.
Bijkomende ontwikkelkosten - Naast kosten voor inrichting en aanleg wordt rekening
gehouden met kosten voor
o.a. begeleiding aanbesteding, advisering, ontwerp,
T a b e l 1 - I n v e s t e r i ng e n 2 0 2 4 t / m 2 0 3 3 Uitvoering Periode 2024 - 2033
a a nt a l locaties
totaal t/m 2033
Vervanging/herinrichting speelplekken en sportveldjes
14
€
427.500
Levensduurverlengend onderhoud
11
€
51.000
I m p u l s e n e n o m v o r m i ng Actief uitvoeren visie Spelen Sport Groen Toegankelijkheid Omvormingen
aantal keer totaal t/m 2033 4 5 6 1 4
€ € € € €
30.000 30.000 25.000 10.000 35.000
Totaal
€
608.500
Onderhoud en inspecties totale periode* Bijkomende ontwikkel kosten 25%** * zie H5.3 ** zie H5.2
€ €
160.320 106.875
11
5
Opbouw investering per jaar per jaar Opbouw investering
0
€ 140.000
0
€ 120.000
0
€ 100.000
0
€ 80.000
0
€ 60.000
0
€ 40.000
0
€ 20.000
0
Financiën 2024-2033
2024
€0
Impuls: Toegankelijkheid Impuls: Toegankelijkheid Impuls: sport
Impuls: sport
Impuls: Spelen
Impuls: Spelen
Impuls: Groen
Impuls: Groen
Omvorming en opheffing (eenmalig) Omvorming en opheffing (eenmalig) Levensduurverlengend onderhoud Levensduurverlengend onderhoud
2025 2024
2026 2025
2027 2026
2028 2027
2029 2028
2030 2029
2031 2030
2032 2031
Vervanging/ herinrichting basislocaties; speelplekken, Vervanging/ herinrichting basislocatie buurtplekken en trapvelden buurtplekken en trapvelden
2032
Tabel 2 - begroting per jaar Herinrichting Levensduur Impulsen Totaal investering Ontwikkelkosten (25%) Onderhoud en inspectie Totaal per jaar
12
€ € €
2024 35.000 € 46.000 € 17.500 €
€
98.500
€
55.000
€
8.750
€
7.500 €
6.250 €
12.500 €
12.500 €
12.500 €
€
16.032 €
16.032 €
16.032 €
16.032 €
16.032 €
€
123.282
78.532
74.782
108.532
93.532
€
2025 2026 2027 2028 30.000 € 25.000 € 50.000 € 50.000 € 5.000 € - € - € - € 20.000 € 27.500 € 30.000 € 15.000 € €
€
52.500
€
€
80.000
€
€
65.000
€
€
2029 2030 50.000 € 50.000 € - € - € 30.000 € 5.000 €
2031 75.000 € - € - €
2032 62.500 -
75.000
€
62.500
12.500 €
18.750 €
15.625
16.032 €
16.032 €
16.032 €
16.032
108.532
83.532
109.782
94.157
80.000
€
€
55.000
€
€
€
Bijlagen B1 Basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering
B.1.1 Soorten speelruimte en functie
14 14
B.1.2. Inrichtingscriteria 15
B.1.3. Criteria klimaat en duurzaamheid
16
B.1.4. Werkwijze participatie en initiatieven B.1.5. Ruimte voor spelen en sporten bij nieuwbouw
17
18
B.1.5. Wetgeving, veiligheid en beheer
17
B2 Uitvoeringsprogramma Laren
20
13
B1
Basisvoorwaarden voor inrichting en uitvoering
Deze bijlage is een leidraad voor de inrichting van de speel- en sportplekken in Toestellen specifiek voor de doelgroep 0-4, 'mini-toestellen, zijn op speelhofjes af te Laren. Het kan worden gebruikt als richtlijn voor ontwerp van de speelruimte, raden i.v.m. kortdurend gebruik ten opzichte van de levensduur. bij uitvoering en participatie met bewoners. B.1.1 Soorten speelruimte en functie
Budget voor herinrichting: € 25.000,-
Buurtplekken - adviesdoelgroep 0-14 jaar Een goed en divers netwerk van speel- en sportplekken is belangrijk zodat zoveel Buurtplekken hebben een ruime en open opzet, liggen niet te dicht op of omsloten door mogelijk bewoners van deze voorzieningen gebruik kunnen maken. woningen, bieden uitdaging voor een bredere doelgroep en stimuleren samenspel en ontmoeting in de buurt. Spelen wordt op deze plekken bij voorkeur gecombineerd Aan de hand van ligging, inrichting en ruimte, is de speelruimte in Laren onderverdeeld met een vorm van sport. De belangrijkste doelgroep voor buurtspeelplekken is is 5 categorieën; Kleine speelplekken, Buurtspeelplekken, Sportplekken (nu 9-14 jaar, de kinderen die de kleine speelplekken zijn 'ontgroeid'. In elke speelbuurt voornamelijk trapveldjes), vrije speelruimte en routes. zou zo’n plek moeten liggen of gerealiseerd moeten worden. Openbare schoolpleinen kunnen deze functie ook vervullen. De demografische ontwikkeling in een buurt is niet In de begroting is gewerkt met richtbedragen voor verschillende ingrepen. Anders van invloed op het al dan niet aanwezig zijn/realiseren van buurtplekken, hooguit op dan in de huidige situatie wordt er gerekend met een bedrag voor de volledige de inrichting.
Kinderen en andere bewoners moeten in elke buurt goed kunnen spelen inrichting inclusief ondergronden en plaatsingskosten (niet enkel 1-op-1 vervanging en bewegen, ongeacht de leeftijd. Hierin wordt meegewogen dat kinderen ook bij van toestellen). Ook is rekening gehouden met de kosten voor ontruiming en afvoer vriendjes, oppas of opa’s en oma’s spelen en vanwege gescheiden ouders niet de hele van materialen. Hierbij is uitgegaan van de huidige prijzen voor de inrichting van week wonen op het adres waar zij staan ingeschreven. speelvoorzieningen. Over vijf jaar moeten deze kosten geëvalueerd worden en zo nodig geïndexeerd. Hiermee ontstaat een realistischer inzicht in de te verwachten Budget voor herinrichting: € 50.000,kosten. Sportplekken (trapveldjes) Kleine speelplekken - adviesdoelgroep 0-9 jaar Laren heeft verschillende trapveldjes die (op 1 na) niet bij speelplekken gelegen zijn, De kleine speelplekken (op een straathoek of tussen de huizen) zijn bedoeld ter de kwaliteit is wisselend. Voetballen is een geliefde vorm van buitenspelen bij veel aanvulling op de buurtplekken. Deze kleine speelplekken zijn vooral bedoeld voor kinderen en andere bewoners. De inrichting hangt uiteraard van de beschikbare de jongste doelgroep die nog niet zelfstandig in de buurt uit spelen mag. Inrichting ruimte en ligging.
Bij voorkeur worden trapvelden niet te dicht bij water gerealiseerd met speeltoestellen is niet altijd nodig. Of een kleine speelplek wordt (her)ingericht en anders i.c.m. met goede ballenvangers. Een combinatie met andere sporten met toestellen of speelaanleidingen hangt onder anderen af van de beschikbare (volleybal, basketbal, hockey) kan spel en beweging is aan te bevelen om beweging speelruimte en andere speelvoorzieningen in de buurt. Demografische ontwikkeling te stimuleren. Natuurlijk kunnen grasvelden prima als speel-/sportveld functioneren van de buurt of bewoners rondom de plek kunnen ook worden meegewogen. Deze zonder dat deze worden ingericht met toestellen zoals doeltjes. Toch is een zekere plekken zijn meestal wel belangrijk voor de direct omwonenden en blijven behouden mate van inrichting aan te bevelen (houten paaltjes, kleine doeltjes), dit komt het als speelruimte. In overleg met bewoners kunnen deze plekken ook (tijdelijk) een gebruik vaak ten goede (uitnodigend en minder gebruikt als uitlaatveld). Om voor andere buurtfunctie krijgen (groen, ontmoeting, moestuin), al dan niet gecombineerd afwisseling te zorgen kan er gekozen worden om enkele trapveldjes te voorzien van met spelen. een kunstgrasondergrond of om een trapveld op te heffen en een andere sportfunctie te geven, bijvoorbeeld basketbal.
Vanwege de beperkte ruimte en vaak korte afstand tot de huizen of tuinen wordt een maximale valhoogte van 150 cm voor toestellen gehanteerd en worden toestellen Budget voor herinrichting: € 5000,bij voorkeur op gras geplaatst. Onder slijtgevoelige delen kan evt. (gedeeltelijk) een (Voor kunstgras of wijzigen sportaanleiding: € 15.000,-) slijtvaste ondergrond worden geplaatst (zie ook hieronder bij ‘valondergronden’.
14
B1
Vrije speelruimte en routes Grasveldjes, plantsoenen, bosjes, stoepen, pleintjes en autoluwe straten behoren ook tot de speelruimte van kinderen en zijn van minstens even groot belang als speelplekken. In de ene buurt zijn meer van deze ruimtes dan in de andere. Deze ruimtes hoeven niet te worden ingericht met speel- of sporttoestellen om bespeelbaar te zijn. Ook op speelplekken zelf is het belangrijk om voldoende ruimte vrij te houden en niet alles vol te zetten met toestellen. Groene of ‘lege’ openbare ruimte laat kinderen vrij om hun eigen spel te bedenken en dat is minstens even waardevol, dan niet waardevoller dan spelen op een aangewezen speelplek. Wanneer er barrières zijn die moeten worden overbrugt om naar een speelplek te komen, kan het helpen om een speelroute aan te leggen. Speelroutes (kindlinten) tussen speelplekken kunnen ook stimuleren dat kinderen van meer plekken gebruikmaken.
B.1.2. Inrichtingscriteria spel, sport en verblijf Uitdaging en diversiteit Een divers sport- en speelaanbod verspreid over de gemeente zorgt voor een aantrekkelijke speelruimte. Voldoende variatie op plekken zelf, maar ook tussen plekken onderling is belangrijk. Bij inrichting van speel- en sportplekken is het daarom belangrijk om altijd te inventariseren welk aanbod er al is. Speel- en sportplekken kunnen meer zijn dan een verzameling toestellen. Thema’s en combinaties van toestellen en speelaanleidingen kunnen de speeluitdaging vergroten. Op kleine speelplekken die hoofdzakelijk door direct omwonenden worden gebruikt is variatie tussen soortgelijke plekken van minder belang, al is het wel goed om binnen buurtjes zelf hier toch enigszins rekening mee te houden. Om te voorkomen dat de plek snel saai wordt, kan met speelvormen worden gevarieerd (geen gelijksoortige toestellen op een plek). Kleine toestellen voor enkel een hele jonge doelgroep (minischommels, mini-glijbanen e.d.) hebben niet de voorkeur. Kinderen ontgroeien deze toestellen erg snel, zeker wanneer ze in een speelhofje staan. Op buurtspeelplekken en bovenwijkse voorzieningen is vooral uitdaging van belang voor kinderen die de speelhofjes ontgroeid zijn en zelfstandig in hun eigen buurt mogen spelen of ook naar speelplekken in andere buurten mogen.
Klim- en klautertoestellen, parcours, speciale schommels (manden, multischommels, banden etc.) zijn voorbeelden van een uitdagend speelaanbod. Spelen op deze plekken kan goed worden gecombineerd met sport en groene speelruimte zoals speelbosjes. Toch zijn buurtspeelplekken en bovenwijkse voorzieningen ook plekken waar prima toestellen voor een jonge doelgroep kunnen worden aangeboden omdat kinderen hier vaak onder begeleiding van (groot)ouders of opvang heen gaan. Deze ‘kleine’ toestellen worden op deze plekken vaak beter en langer gebruikt.
Vrije speelruimte op speelplekken Dit is belangrijk voor alle plekken, maar vooral voor buurtspeelplekken en bovenwijkse locaties. Bij inrichting moet rekening worden gehouden met voldoende bewegingsvrijheid rondom de speeltoestellen. Op speelhofjes is vooral overzicht belangrijk en voldoende vrije ruimte op gras of ruimte waar jonge kinderen met hun fiets of step kunnen spelen. Inclusiviteit en samenspel (bron 1) De gemeente Laren onderschrijft het Samenspeelakkoord. Vooral bij de (her) inrichting van bovenwijkse locaties en buurtspeelplekken is goede toegankelijkheid een belangrijk criterium zodat iedereen van deze plekken gebruik kan maken. Het goed bereikbaar en begaanbaar maken van een locatie en het bieden van uitdaging in de vorm van speelaanleidingen kan al een uitkomst zijn. Dit kan worden bevorderd door inrichtingsvormen te kiezen waarbij kinderen met een handicap zelfstandig met leeftijdsgenoten kunnen samenspelen en niet afhankelijk van hen of ouders/ verzorgers zijn. Dit kunnen speciale toestellen zijn, maar ook binnen het reguliere aanbod en met creatief ontwerp zijn veel samenspeelmogelijkheden te creëren. Dit blijft natuurlijk maatwerk in samenspraak met inwoners.
Om de inclusiviteit van een speelplek te verbeteren kunnen speciale toestellen worden geplaatst die samenspel tussen kinderen met en zonder handicap/beperking bevorderen; bijvoorbeeld een mandschommel of rolstoel-draaitoestel. Wanneer er vanuit de bewoners aanleiding is om een locatie/locaties toegankelijker te maken voor inwoners met een handicap dan wordt hiermee rekening gehouden bij herinrichting van de plek. Als herinrichting nog niet aan de orde is, maar er wel behoefte is aan meer toegankelijkheid, wordt samen met bewoners nagedacht over een passende oplossing op de betreffende locatie of elders in de buurt. Verblijfswaarde versus overlast Het is prettig als kinderen en andere bewoners een tijdje op een speel- of sportplek kunnen vertoeven. Vooral op buurtspeelplekken en bovenwijkse voorzieningen is het belangrijk om ontmoeting en verblijf te stimuleren. Voldoende zitgelegenheid, afvalbakken, afwisseling van zon en schaduw of een watertappunt kunnen bijdragen aan een prettig verblijf. Grenst een speelplek aan woningen of tuinen, dan is het belangrijk om bij inrichting rekening te houden met privacy, door toestellen niet te dicht op tuinen/ramen te plaatsen. Natuurlijk kan het gebeuren dat wanneer een plek aantrekkelijk wordt gevonden door (met name) jongeren, omwonenden hier overlast van ondervinden.
Hier kan met de inrichting enigszins rekening mee worden gehouden (verlichting, bankjes zonder leuning en dergelijke), maar een tijdige sociale aanpak is vaak effectiever.
15
B1 B.1.3. Criteria klimaat en duurzaamheid Klimaatadaptatie en groene speelruimte (bron 2 t/m 5) In Laren zijn veel kleinere speelplekken gelegen in hofjes tussen de huizen. Juist op deze plekken kan het zomers erg warm worden en blijft het lang hangen. Vergroening kan zorgen voor verkoeling in de zomer en betere opvang van regenwater. Kortom, meer bomen en gras en minder verharding en kunstondergronden. Daarbij wordt door het toevoegen van groen de bespeelbaarheid en verblijfswaarde van plekken vergroot (meer schaduw, speelbosjes, picknickgras), zeker ook voor grotere speelplekken. Geschikte soorten speelgroen zijn bij voorkeur robuust, stekelvrij, niet giftig, en gemakkelijk in onderhoud, bijvoorbeeld: hazelaar, wilg, laurier. Voor beplanting op speelplekken die meer onderhoud vergt, zoals fruitbomen, wilgenhutten-/tunnels, is het advies om dit enkel aan te leggen als bewoners dit zelf onderhouden/bijhouden. Er zijn inmiddels tal van onderzoeken die aantonen dat een groene (speel)omgeving een positief effect heeft op het welzijn van mensen, zeker op plekken waar zij veel gebruik van maken. Spelen in het groen of met natuurlijke speelaanleidingen heeft ook voor de motorische en cognitieve ontwikkeling van kinderen voordelen. Groenere speelplekken kunnen zo bijdragen aan een gezonde jeugd (zie literatuur pagina 22).
Aandachtspunten voor aanleg en onderhoud groene speelruimte: • • •
•
16
Speelbosjes: Belangrijk om niet te rigoureus te snoeien en snoeiafval (deels) te laten liggen als speelmateriaal. Op speelplekken zelf, maar ook ander bespeelbaar groen. Grasmaaien: op grote speelplekken moet de maaimachine gemakkelijk rondom de toestellen kunnen maaien. Op kleine speelplekken is het nodig om een bosmaaier te gebruiken. Bomen: Op grote plekken met veel afstand tot de huizen kunnen soorten worden geplant die groot mogen worden (afhankelijk van de ruimte). Evt. laag vertakte bomen planten. Het is wel belangrijk bomen niet te dicht op toestellen en ondergronden te plaatsen i.v.m. wortelgroei. Op kleine speelplekken soorten planten die niet hoger dan 3 meter worden; laagstam, halfstam, dakof leibomen. Participatiegroen: perken, bloemen, hagen, fruitbomen, wilgenhutten vergen specifieker onderhoud/zorg en kunnen het beste worden aangelegd wanneer bewoners zorg dragen voor het onderhoud.
Duurzame inrichting: Levensduur en gebruiksduur Een duurzame inrichting van speel- en sportplekken gaat lang mee en wordt goed gebruikt. Bij (her)inrichting van speel- en sportplekken wordt in het vervolg gekozen voor toestellen met een lange levensduur van ten minste 12 tot 15 jaar. Een ander belangrijk criterium is een lange gebruiksduur. Dit betekent dat toestellen door een brede doelgroep en gedurende langere periode goed benut kunnen worden (bijvoorbeeld een hoog genoeg duikelrek). Toestellen die samenspel stimuleren hebben de voorkeur, bijvoorbeeld een dubbele (veer)wip of dubbele schommel. Valondergronden Ondergronden zijn nu op de meeste speelplekken van kunststof, met name kunstgras en rubber tegels. Kunststofondergronden vergen minder onderhoud, maar met name kunstgras is niet goed recyclebaar en zowel kostbaar om te vervangen als in onderhoud (jaarlijks inzanden). Voor het verduurzamen van speelplekken hebben natuurlijke ondergronden de voorkeur in het kader van zowel het milieu (recycling) als het verbeteren van afwatering en verminderen van hitte. Toestellen met een valhoogte tot 150 cm kunnen op gras geplaatst. Bij een grotere valhoogte kunnen valzand, houtsnippers of schors worden gebruikt. Een natuurlijke ondergrond vergt intensiever onderhoud.
Soms kan de keuze voor kunststof ondergronden toch voorkeur hebben (anders dan esthetisch), bijvoorbeeld ter bevordering van de toegankelijkheid of bij intensief gebruik waarbij gras snel uitslijt zoals bij de uitloop van glijbanen of onder schommels. Bij voorkeur wordt dan gekozen voor een gerecyclede rubber/ EPDM ondergrond (pak's-vrij) i.p.v. kunstgras; ; beter recyclebaar, slijtvaster, een langere levensduur en zorgt voor minder plastic in het milieu. Een nieuw duurzaam alternatief voor een vaste valondergrond is een kurkvloer. Aandachtspunt: het belangrijk dat het gebruik van een natuurlijke ondergrond niet ten koste gaat van de bespeelbaarheid van een plek, bijvoorbeeld: het is onwenselijk dat door het gebruik van een losse ondergrond onder een mandschommel de toegankelijkheid verminderd.
B1 Hergebruik en verlenging levensduur Wanneer een speel- of sportplek opnieuw wordt ingericht wordt gekeken welke toestellen nog herbruikbaar zijn. Speeltoestellen hebben een afschrijftermijn van tussen de 10 en 15 jaar. Toch zijn de meeste speeltoestellen na deze termijn nog in voldoende goede technische staat en kan de levensduur eenvoudig een aantal jaren worden verlengd door het toestel op te knappen en losse onderdelen te vervangen. Als de levensduur van toestellen kan worden verlengd is dit zowel gunstig voor de beschikbare budgetten als voor het milieu. Voorwaarde is wel dat de toestellen voor een redelijk bedrag kunnen worden opgeknapt en ten minste nog 3 jaar mee gaan. Daarbij is het belangrijk om rekening te houden met de ondergrond waarin het her te gebruiken toestel wordt geplaatst om zo kapitaalvernietiging bij vervanging te voorkomen. Wanneer toestellen worden verwijderd en op een andere locatie worden hergebruikt is het belangrijk dat verwijdering zorgvuldig gebeurt en het toestel voor herplaatsing wordt geïnspecteerd op veiligheid. Aandachtspunten levensduurverlenging: •
Altijd vooraf laten inspecteren, evt. demonteren bij bewegende toestellen om veiligheid te controleren/verbeteren.
•
Houten en kunststof toestellen gaan minder lang mee dan staal, let op verborgen broosheid/rot.
•
Stalen toestellen gaan vaak lang mee, maar ook hier moet gelet worden op metaalmoeheid. Vooral de lasnaden en bevestigingspunten op de grond moeten extra goed worden gecontroleerd wanneer het toestel ouder is dan de voorgeschreven levensduur.
•
Indien toestel korter dan 10 jaar meegaat, dan niet in vaste kunstondergrond plaatsen, maar in losse ondergrond of gras.
•
Levensduur alleen verlengen indien het toestel daardoor nog ten minste 3 jaar mee kan.
•
Het jaarlijks inzanden van kunstgras komt de levensduur en ten goede. (Hiermee is rekening gehouden in het jaarlijkse onderhoudsbudget, zie Hoofdstuk 4.3)
•
Om te weten of een ondergrond nog voldoende valdempend is, na 7 a 10 jaar een HIC-meting worden uitgevoerd. (Hiermee is rekening gehouden in het jaarlijkse onderhoudsbudget en levensduurverlenging, zie Hoofdstuk 4.3)
B.1.4. Werkwijze participatie en initiatieven Bewonersinitiatieven Initiatieven van bewoners op het gebied van spelen, bewegen en sporten zijn waardevol voor de sociale cohesie en de gemeente wil hiervoor de ruimte geven. Wanneer bewoners zelf speelelementen in de openbare ruimte plaatsen/maken zijn hieraan regels verbonden, zie B.1.6. Wanneer bewoners een speel-, sport-, of beweeginitiatief hebben en hier ondersteuning bij nodig hebben kunnen zij contact opnemen met de gebiedsmanager om te bespreken wat de mogelijkheden zijn. Draagvlak in de buurt is altijd een belangrijke voorwaarde voor ondersteuning door de gemeente. Participatie bij herinrichting of aanleg speel- en sportplekken De gemeente betrekt bewoners wanneer van speel en -sportplekken worden ingericht. Dit is de afgelopen jaren eigenlijk een vanzelfsprekendheid als het gaat over aanpassingen in de openbare (speel) ruimte. Direct omwonenden worden altijd uitgenodigd om mee te denken over de inrichting. Wanneer het gaat om grotere locaties die door een brede doelgroep worden gebruikt wordt de uitnodiging breder verspreid. De aanpak voor participatie kan per locatie verschillen en is onder andere afhankelijk van het soort locatie, doelgroep en de vervangingsopgave.
B.1.5. Ruimte voor spelen en sporten bij nieuwbouw De 3% speelnorm (minimum) blijft bij nieuwbouw/inbreiding leidend. Echter versnippering van speelruimte moet in vervolg worden voorkomen zodat ook in de toekomst voldoende ruime speelplekken kunnen worden gerealiseerd voor opgroeiende jeugd. Wanneer Inbreiding ten koste gaat van speelruimte moet dit in de omliggende buurt worden gecompenseerd volgens de basisvoorwaarden van dit beleid. Bijvoorbeeld: de sportplek verdwijnt door nieuwbouw, elders in de buurt moet een nieuwe sportplek worden gerealiseerd/toegevoegd aan een bestaande locatie. Het is belangrijk dat wanneer bij nieuwbouw ook speel- en sportvoorzieningen worden gerealiseerd, de kosten hiervan vooraf worden mee begroot in de Grondexploitatie.
17
B1 B.1.6. Wetgeving, veiligheid en beheer
PFAS waarde bij afvoer grond In 2019 was er veel te doen geweest om de PFAS (poly- en perfluoralkylstoffen) kwestie. Grond ontgraven en afvoeren kan niet meer zomaar. Wanneer grond moet worden afgevoerd moet eerst onderzoek worden gedaan naar het PFAS-gehalte. De kosten per onderzoek worden geschat € 2.000,- euro per locatie. Daarom is in Laren gekozen om bij inrichting van speel- en sportplekken te werken met een gesloten Onderhoud en inspectie grondbalans. Wanneer afvoer van grond wel noodzakelijk is moet in de projectkosten De openbare speel- en sportplekken worden jaarlijks geïnspecteerd. De meldingen voor rekening worden gehouden met de kosten voor onderzoek, maar ook afvoer van onderhoud en reparatie die hieruit volgen worden zo snel mogelijk opgepakt zodat de eventueel vervuilde grond. kwaliteit en veiligheid van voorzieningen gewaarborgd blijft. Tussentijdse meldingen van gebreken op speel- en sportplekken door bewoners of vanuit de buitendienst worden op korte termijn opgepakt. Wanneer reparatiekosten (bijvoorbeeld na Literatuur vandalisme) te hoog zijn wordt het toestel in zijn geheel verwijderd. Terugplaatsing hangt af van de dan beschikbare budgetten. Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen (WAS) Speelvoorzieningen moeten voldoen aan het WAS.
Toestellen en ondergronden die in de openbare ruimte worden geplaatst zijn gecertificeerd (hebben een keurmerk) en worden regelmatig op veiligheid geïnspecteerd.
Zelfbouwtoestellen Door bewoners zelf gebouwde toestellen en ander buitenspeelgoed zoals trampolines voldoen niet aan de wettelijke veiligheidseisen van het WAS (Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen) en mogen daarom niet in de openbare ruimte worden geplaatst. Wanneer dit wel gebeurt zal de Buitencoördinator van de gemeente hierover met de verantwoordelijke bewoners in gesprek gaan en samen komen tot een redelijke termijn waarbinnen bewoners het toestel/bouwwerk verwijderen. Wanneer dit niet gebeurt of de eigenaar niet bekend is zal de gemeente in het uiterste geval zelf overgaan tot verwijdering ter voorkoming van ongevallen. Milieucriteria inkoop (bron 7,8) Bij de keuze voor nieuwe toestellen en ondergronden staat duurzaamheid centraal. De Rijksoverheid heeft voor de vervaardiging en inkoop van toestellen nieuwe milieucriteria opgesteld1. Ook is het vrijkomen van PAK’s aan richtlijnen gebonden (REACH richtlijn).
18
1. www.samenspeelakkoord.nl 2. N. Vreeken; Natuurspeeltuinen onder de loep – Onderzoek naar de effectiviteit van natuurlijke speeltuinen op de gezondheid van kinderen, 2015. 3. LtL; National School Grounds Survey 2003, 2003. Via https://www.ltl.org.uk/pdf/LTLSurvey-20031288585139.pdf). 4. W. Leufgen, M. van Lier; Vrij Spel voor Natuur en Kinderen. Uitgeverij Jan van Arkel, Utrecht, 2007, p.152. 5. R. Louv; Het laatste kind in het bos – Hoe we onze kinderen weer in contact brengen met de natuur. Uitgeverij Jan van Arkel, Utrecht, 2007. 6. www.rli.nl - Recht op Groen en 6. www.rivm.nl/tekenbeten-en-lyme/teek 7. https://www.mvicriteria.nl/nl/webtool?product_group=42&cluster=3#//42/3//nl 8. https://www.boerplay.com/2018/05/08/informatie-rubbertegels-als-valondergrond/