Bijlage 8 - Natuurtoets AF S-6365 en S-6210 Hilversum
Tekst van het document
Afzender: WSP Nederland B.V. Orionweg 28 8938 AH Leeuwarden
N.V. Nederlandse Gasunie T.a.v. de heer H.W. Denneboom Postbus 19 9700 MA GRONINGEN
Leeuwarden, 20 juni 2023 Uw kenmerk: I.014413.01 Ons kenmerk: SOL022574FF Status: Definitief Onderwerp: Natuurtoets afsluiterschema’s S-6365 en S-6210 te Hilversum
Geachte heer Denneboom, Hierbij ontvangt u de natuurtoets voor de geplande werkzaamheden ter hoogte van afsluiterschema’s S-6365 en S-6210 te Hilversum. Indien u hierover nog vragen en/of opmerkingen heeft, kunt u contact opnemen met ondergetekende (tel. 06 - 22 915 110 of via mail Anita.Heddes@WSP.com).
Met vriendelijke groet, WSP Nederland B.V.
Mevrouw ing. A.J.M. Heddes Projectmanager
Bijlage(n) - Natuurtoets afsluiterschema’s S-6365 en S-6210 te Hilversum
WSP Nederland B.V. Orionweg 28 8938 AH Leeuwarden tel. +31 (0)88 910 20 00 Iban NL06 ABNA 0440 3394 21 kvk 20045963 btw NL0065.66.832.B.01 wsp.com
adviesbureau voor natuur & landschap
NOTITIE Aan: Opgesteld door: Veldonderzoek: Controle: Datum: Projectnummer: Onderwerp: Status:
A. Heddes (WSP Nederland B.V.) N. van der Pol N. van der Pol G. Hoogerwerf 20-06-2023 22-162 (Natuurbalans - Limes Divergens); SOL022574 (WSP) Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210) Definitief
1. Aanleiding N.V. Nederlandse Gasunie heeft werkzaamheden voorzien aan afsluiterschema’s S-6365 en S-6210 te Hilversum. Uitvoering van deze werkzaamheden kan leiden tot overtreding van verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming (Wnb) en tot aantasting van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen EHS). Ten behoeve van de uitvoerbaarheid en vergunbaarheid van de voorgenomen ingreep dient een actueel en volledig beeld te bestaan van het voorkomen van beschermde natuurwaarden op de ingreeplocatie of binnen de invloedssfeer van de ingreep. Op verzoek van WSP Nederland B.V. heeft Natuurbalans - Limes Divergens BV een natuurtoets uitgevoerd, met als doel om vooraf vast te stellen of de werkzaamheden impact kunnen hebben op beschermde soorten, gebieden en habitats, zoals die zijn geformuleerd in de Wnb of in de beleidsregels voor het NNN. Het natuuronderzoek voldoet aan de eisen voor ecologisch onderzoek, zoals vastgelegd in de Gasunie Technische Standaard OSK-12-N (versie 2, 23-11-2018).
2. Werkwijze De natuurtoets bestaat uit een eenmalig veldbezoek in combinatie met een bureaustudie. Als basis voor de bureaustudie is gebruik gemaakt van archiefgegevens van de afgelopen tien jaar uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF), opgevraagd op 28-03-2023. De ingreeplocatie is op 05-04-2023 bezocht door een ecoloog van Natuurbalans - Limes Divergens BV. Tijdens dat veldbezoek is gezocht naar beschermde natuurwaarden en is een inschatting gemaakt van de potenties van de ingreeplocatie voor beschermde soorten op basis van een habitatbeoordeling (expert judgement). Die kennis is nodig om mogelijke effecten op beschermde natuurwaarden in beeld te brengen. Indien er een kans is op negatieve effecten zijn mitigerende maatregelen voorgesteld. Ook is aangegeven of vervolgonderzoek en/of een ontheffingsaanvraag Wnb nodig is.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV Radboud Universiteit, Toernooiveld 1 Postbus 6508, 6503 GA Nijmegen
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p T (024 – 352 88 01)
info@natuurbalans.nl www.natuurbalans.nl
3. Beschrijving locaties en voorgenomen ingreep Locaties Schema’s S-6365 en S-6210 bevinden zich op circa 123 m afstand van elkaar (figuur 1) en liggen in het buitengebied ten oosten van Hilversum en ten westen van Baarn in gemeente Baarn, provincie Utrecht. Schema S-6365 bevindt zich binnen de westelijke berm van de Doctor Albert Schweitzerweg naast Crematorium Laren (figuren 2 en 3) en ligt inclusief beoogde werkput en globaal werkterrein geheel binnen provincie Utrecht (figuur 1). De ingreeplocatie bestaat uit berken, beuken en eiken met een geringe stamdiameter en enkele brem- en braamstruiken. Schema S-6210 bevindt zich ten zuiden van S-6365 in de oostelijke berm van de Zandheuvelweg. De beoogde werkput en het globaal werkterrein liggen zowel in de provincie Utrecht als Noord-Holland (figuur 1). Ter hoogte van S-6210 bestaat de wegberm uit kort gemaaid gras en enkele grove dennen, eiken en een berk (figuur 4). De beoogde werkput en het globale werkterrein strekt zich uit over de omliggende wegen naar de westelijke berm van de Zandheuvelweg en bestaat hier uit een strook met kort gemaaid gras die over gaat in een bosstrook met berken, grove dennen en eiken met een geringe stamdiameter en enkele hulst- en braamstruiken (figuur 5). Het is nog niet duidelijk waar parkeren en grondopslag zal plaatsvinden. Hiervoor zijn zes mogelijke locaties op het oog (figuur 6).
Deze locaties zijn beoordeeld tijdens het veldbezoek. Toetsing van locaties voor parkeren en grondopslag beperkt zich op verzoek van de opdrachtgever tot een tabel, zie hoofdstuk 12.
Figuur 1. Ligging van S-6365 (volledig binnen gemeente Baarn, provincie Utrecht) en S-6210 (gemeente Baarn, provincie Utrecht; beoogde werkput en globaal werkterrein ook in gemeente Laren, provincie Noord-Holland).
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
2
Geplande werkzaamheden Schema S-6365 komt te vervallen en tevens wordt een vloeistofvanger inclusief aanstroomleidingen aangelegd. Schema S-6210 wordt nabij dezelfde locatie vervangen. Er is definitieve en deels mogelijke bomenkap voorzien, zie figuren 7 en 8. De bomenkap bij S-6365 betreft vrij jonge bomen met een geringe stamdiameter die varieert tussen de 10-30 cm. Dit geldt ook voor de te kappen bomen in de bosstrook in de westelijke berm van de Zandheuvelweg bij S-6210. De te kappen bomen in de oostelijke berm van de Zandheuvelweg betreffen oudere bomen met een stamdiameter van 30-50 cm. Uitvoeringsperiode De periode van uitvoering is voorzien in 2025.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
3
Figuur 2. Zicht op ingreeplocatie S-6365 in de westelijke berm van de Doctor Albert Schweitzerweg naast Crematorium Laren, gefotografeerd in noordelijke richting.
Figuur 3. Zicht op de westelijke berm van de Doctor Albert Schweitzerweg naast Crematorium Laren, gefotografeerd in zuidelijke richting.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
4
Figuur 4. Zicht op ingreeplocatie S-6210 in de oostelijke berm van de Zandheuvelweg, gefotografeerd in westelijke richting.
Figuur 5. Zicht op de westelijke berm van de Zandheuvelweg, gefotografeerd in noordelijke richting.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
5
Figuur 6. Overzichtskaart van ingreeplocaties S-6365 en S-6210 en de mogelijke locaties waar grondopslag en parkeren is voorzien. De beoordeling van de locaties voor parkeren en grondopslag is terug te vinden in de tabel in hoofdstuk 12.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
6
Figuur 7. Mogelijk te kappen bomen (bruin) en te snoeien struiken (groen) bij locatie S-6365.
Figuur 8. Zeker te kappen bomen (rood) en mogelijk te kappen bomen (oranje en bruin) bij locatie S-6210.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
7
4. Toetsing Wet natuurbescherming: onderdeel soortenbescherming Tabel 1 geeft een overzicht van streng beschermde soorten die bekend zijn uit de omgeving van de ingreeplocatie. De NDFF-gegevens geven een goed beeld van de aanwezigheid van soorten. In de volgende paragrafen wordt hier per soortgroep nader op ingegaan en vindt toetsing aan de Wnb, onderdeel soortenbescherming, plaats. Tabel 1. Overzicht van streng beschermde soorten in de omgeving van de ingreeplocatie. De gegevens zijn afkomstig uit waarnemingsarchieven (NDFF van laatste 10 jaar binnen 2 km van de ingreep). Van de nationaal beschermde soorten (A) zijn alleen de soorten opgenomen waarvoor geen vrijstelling geldt (bij RVO als bevoegd gezag); van de vogels zijn alleen soorten opgenomen met jaarrond beschermde nestplaatsen. WNB:
Soort is opgenomen in de Wet natuurbescherming (VR = Vogelrichtlijn, HR = Habitatrichtlijn, A = Andere beschermde faunasoort B = Andere beschermde florasoort).
RL:
Soort is opgenomen op de Rode lijst (GE=gevoelig, KW=kwetsbaar, BE=bedreigd, EB=ernstig bedreigd, VN=verdwenen).
Jaar:
Laatste jaar van waarneming.
Records: Aantal records in de NDFF binnen een zone van 2 km rond de ingreep. Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
WNB
RL
Jaar
Records
2022
28
Vaatplanten Dennenorchis
Goodyera repens
B
Kartuizer anjer
Dianthus carthusianorum
B
BE
2019
1
Muurbloem
Erysimum cheiri
B
EB
2022
1
Baardvleermuis
Myotis mystacinus
HR
2022
9
Franjestaart
Myotis nattereri
HR
2022
9
Gewone dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
HR
2022
457
Gewone grootoorvleermuis
Plecotus auritus
HR
Laatvlieger
Eptesicus serotinus
HR
Rosse vleermuis
Nyctalus noctula
Ruige dwergvleermuis
Pipistrellus nathusii
Watervleermuis
Vleermuizen
2017
3
2022
46
HR
2022
77
HR
2021
58
Myotis daubentoni
HR
2022
13
Boommarter
Martes martes
A
2023
31
Damhert
Dama dama
A
2021
1
Das
Meles meles
A
2023
47
Eekhoorn
Sciurus vulgaris
A
2023
121
Boomvalk
Falco subbuteo
VR
2022
15
Buizerd
Buteo buteo
VR
2022
55
Gierzwaluw
Apus apus
VR
2021
6
Havik
Accipiter gentilis
VR
2022
29
Huismus
Passer domesticus
VR
2022
221
Ooievaar
Ciconia ciconia
VR
2021
2
Sperwer
Accipiter nisus
VR
2021
18
KW
Grondgebonden zoogdieren
Vogels jaarrond beschermd nest
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
KW
GE
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
8
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
WNB
RL
Jaar
Records
Wespendief
Pernis apivorus
VR
2018
1
Hazelworm
Anguis fragilis
A
Levendbarende hagedis
Zootoca vivipara
A
GE
2022
343
2022
185
Ringslang
Natrix helvetica
A
KW
2022
153
Heikikker
Rana arvalis
HR
2014
2
Kamsalamander
Triturus cristatus
HR
Poelkikker
Rana lessonae
HR
2023
221
2014
8
Rugstreeppad
Bufo calamita
HR
GE
2022
2
Reptielen
Amfibieën
KW
Vissen Geen streng beschermde soorten bekend Ongewervelden Grote vos
Nymphalis polychloros
A
KW
2022
3
Gevlekte witsnuitlibel
Leucorrhinia pectoralis
HR
KW
2022
208
Oostelijke witsnuitlibel
Leucorrhinia albifrons
HR
VW1
2022
1
Sierlijke witsnuitlibel
Leucorrhinia caudalis
HR
VW1
2021
1
Teunisbloempijlstaart
Proserpinus proserpina
HR
2021
1
Platte schijfhoren
Anisus vorticulus
HR
2014
1
KW
Vaatplanten en mossen De NDFF bevat waarnemingen van 3 streng beschermde plantensoorten: dennenorchis, kartuizer anjer en muurbloem. De waarnemingen van dennenorchis zijn afkomstig uit het bosgebied circa 1,3 km ten noorden van de ingreeplocaties. De groeiplaats van deze soort is beschaduwde, voedselarme en zure grond (zand en lemig zand) binnen dennenbossen met een slecht ontwikkelde struiklaag. Kartuizer anjer is één keer waargenomen binnen de bebouwde kom van Hilversum en betreft een ingezaaid exemplaar. De soort komt van nature voor binnen voedselarme graslanden en rotsachtige plaatsen. Muurbloem is één keer waargenomen binnen de bebouwde kom van Hilversum en komt uitsluitend voor op oude muren van kerken, forten, stadsmuren en ruïnes. Dergelijke groeiplaatsen zijn niet aanwezig op de ingreeplocaties. Op basis van expert judgement kan worden gesteld dat op de ingreeplocaties geen streng beschermde planten- en mossen voorkomen. De wegbermen waarin beide schema’s liggen zijn te voedselrijk doordat het ingezaaid grasland betreft (S-6210) of door de aanwezige strooisellaag van Amerikaanse eik (S-6365) en ze worden te intensief beheerd. Negatieve effecten op deze soortgroep als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn dan ook uitgesloten. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vaatplanten en mossen worden niet overtreden.
Een ontheffing van de Wnb voor vaatplanten en mossen is niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. Vleermuizen De NDFF bevat archiefwaarnemingen van 8 vleermuissoorten: baardvleermuis, franjestaart, gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis. Het betreffen zowel boombewonende als gebouwbewonende vleermuissoorten. De
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
9
waarnemingen zijn voornamelijk afkomstig uit de bebouwde kom van Hilversum en langs enkele wegen in het omliggende gebied. In de directe omgeving van de ingreeplocaties heeft vermoedelijk nog nooit gericht vleermuisonderzoek plaatsgevonden. De bomen op en rondom de ingreeplocaties beschikken niet over potentiële voortplantings- of rustplaatsen zoals holten en spleten. Er bevinden zich geen gebouwen op de ingreeplocaties. Negatieve effecten op verblijfplaatsen van vleermuizen zijn daarmee uitgesloten. De te kappen bomen zijn geen onderdeel van essentiële vliegroutes omdat de omliggende bomen en bosranden die behouden blijven ook dienst kunnen doen als vliegroute voor vleermuizen. Mogelijk zijn de ingreeplocaties onderdeel van het foerageergebied van vleermuizen. In het omliggende bos is voldoende alternatief foerageergebied aanwezig. Op de ingreeplocaties is geen sprake van essentiële foerageergebieden. De Zandheuvelweg bij S-6210 betreft een doorgaande weg waar reeds licht- en geluidsverstoring aanwezig is. De Doctor Albert Schweitzerweg is in de huidige situatie niet verlicht maar er is wel verlichting aanwezig op de parkeerplaats van het Crematorium Laren naast S-6365. Er wordt geen verstoring verwacht op vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen als gevolg van de voorgenomen ingreep. Negatieve effecten op deze soortgroep zijn daarmee uitgesloten.
Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vleermuizen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor vleermuizen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. Grondgebonden zoogdieren De NDFF bevat waarnemingen van 4 streng beschermde grond gebonden zoogdieren: boommarter, damhert, das en eekhoorn. Boommarter is voornamelijk bekend als verkeersslachtoffer op de A27 en de A1. De bosrijke omgeving rondom de ingreeplocaties vormt geschikt leefgebied voor deze soort, alsmede voor steenmarter (niet bekend uit de NDFF). In de bomen op en rondom de ingreeplocaties bevinden zich geen holten en daarmee geen potentiële verblijfplaatsen. Mogelijk gebruiken marters de ingreeplocaties om te foerageren maar in het omliggende gebied blijft te allen tijde voldoende alternatief foerageergebied beschikbaar. Negatieve effecten op boommarter en steenmarter als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn daarmee uitgesloten. Damhert is één keer waargenomen langs het spoor ten zuiden van de ingreeplocaties. In Nederland komt deze soort voornamelijk voor op de Veluwe en in duingebieden. Op verschillende andere plekken zijn kleinere damhertenpopulaties bekend. Damherten ontsnappen regelmatig uit een kinderboerderij of hertenkamp waardoor verspreid over vrijwel alle provincies van Nederland groepjes damherten voorkomen in de vrije natuur.
De oorsprong van de betreffende NDFFwaarneming is niet bekend. De waarneming heeft betrekking op een zwervend exemplaar. De ingreeplocatie vormt geen bezet leefgebied van de soort. Negatieve effecten op damhert zijn uitgesloten. Das is waargenomen binnen verschillende bosgebieden verspreid over de ruime omgeving rondom de ingreeplocaties. Op de Zandheuvelweg is op circa 25 m afstand van S-6210 een waarneming bekend van een verkeersslachtoffer. Tijdens het veldbezoek zijn geen voortplantings- of rustplaatsen of sporen van das aangetroffen, zoals burchten, prenten, graafsporen of wissels. Mogelijk ligt de ingreeplocatie wel in het ruimere foerageergebied van dassen. Vanwege het ontbreken van sporen en burchten van de soort en vanwege het feit dat in de omgeving volop geschikt vergelijkbaar leefgebied voorhanden is, worden geen negatieve effecten verwacht op in de omgeving aanwezige
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
10
voortplantings- of rustplaatsen. Bovendien zijn de werkzaamheden van tijdelijke aard. Na afronding komen de ingreeplocaties weer beschikbaar als potentieel foerageergebied. Wel bestaat de kans dat foeragerende dassen in werkputten vallen en hier niet meer uitkomen (Wnb art. 3.10, lid 1a). Om dit te voorkomen is de volgende maatregel benodigd: De werkputten worden met een flauw talud afgewerkt als uittreedplaats voor dieren of er worden uittreedplanken aangebracht. Op deze wijze kunnen dassen zelfstandig de werkput verlaten. Ook is het mogelijk te voorkómen dat dassen in de werkput terecht komen door deze volledig af te zetten met een dassenkerend raster. Eekhoorn is verspreid waargenomen in de omgeving rondom de ingreeplocaties. Ten tijde van het veldbezoek zat er nog geen blad aan de bomen en konden de bomen goed geïnspecteerd worden op eventuele aanwezigheid van eekhoornnesten, deze werden niet aangetroffen binnen de invloedsfeer van de voorgenomen ingreep. Negatieve effecten op eekhoorn zijn uitgesloten. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van grondgebonden zoogdieren worden niet overtreden, mits voorgestelde mitigerende maatregel wordt getroffen. Een ontheffing van de Wnb voor grondgebonden zoogdieren is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig.
Broedvogels De NDFF bevat waarnemingen van 8 vogels met een jaarrond beschermd nest: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, havik, huismus, ooievaar, sperwer en wespendief. Er zijn tijdens het veldbezoek geen potentiële jaarrond beschermde nesten van boomvalk, buizerd, havik, sperwer en wespendief aangetroffen. Er bevinden zich geen gebouwen op de ingreeplocaties en daarmee geen geschikte nestlocaties voor de gebouwbewonende soorten gierzwaluw en huismus. Ooievaar broedt in nabijheid van mensen, op hoge structuren zoals hoogspanningsmasten, steenfabrieken en palen. Dergelijke structuren zijn niet aanwezig binnen de ingreeplocaties. Negatieve effecten op vogels met een jaarrond beschermd nest als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn daarmee uitgesloten. Potentieel geschikte broedlocaties voor vogels zonder jaarrond beschermd nest zijn aanwezig in bomen en struiken op en rondom beide ingreeplocaties. Gedurende het broedseizoen kan het uitvoeren van werkzaamheden leiden tot beschadiging van nesten van broedende vogels (Wnb art. 3.1, lid 2). Om negatieve effecten ten aanzien van broedvogels te voorkomen, dienen de volgende maatregelen te worden getroffen: De werkzaamheden (inclusief bomenkap) worden uitgevoerd buiten het broedseizoen van aanwezige broedvogels. Dat loopt globaal van maart t/m juli, maar in het kader van de Wnb wordt geen standaardperiode gehanteerd.
Van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode. Als het niet mogelijk is om buiten het broedseizoen te werken kunnen voorbereidende maatregelen worden getroffen om de ingreeplocatie voorafgaand aan het broedseizoen ongeschikt te maken voor vogels om er te broeden, op voorwaarde dat met zekerheid is vastgesteld dat er geen essentiële functies, zoals verblijfplaatsen en vliegroutes, voor andere beschermde soorten aanwezig zijn. Dat kan door binnen de begrenzing van het werkterrein (werkputten, grond- en materiaalopslag, parkeerplaatsen, etc.) bomen en struiken te rooien en overige vegetaties kort te houden. Dergelijke maatregelen dienen uitsluitend voor het voorkómen van vestiging, niet voor het bestrijden van al aanwezige
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
11
broedgevallen. Op deze wijze wordt voorkomen dat broedvogels gaan broeden op het werkterrein, waarna werkzaamheden ook in het broedseizoen kunnen plaatsvinden. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vogels worden niet overtreden, mits de voorgestelde mitigerende maatregelen worden getroffen. Een ontheffing van de Wnb voor vogels is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. Reptielen De NDFF bevat waarnemingen van 3 streng beschermde reptielsoorten: hazelworm, levendbarende hagedis en ringslang. Hazelworm is voornamelijk waargenomen in het bosgebied ten zuiden van de ingreeplocaties en twee keer op het terrein van zorginstelling Amerpoort, ten oosten van S-6210. Levendbarende hagedis is verspreid waargenomen in de ruimere omgeving, met name rondom het Hilversums Wasmeer en langs de spoorlijn ten zuiden van de ingreeplocaties en aan de andere kant van de A27 op de Zuiderheide bij Laren. De oostelijke berm van de Zandheuvelweg bij S-6210 bestaat uit kort gras en vormt door het gebrek aan dekking geen geschikt leefgebied voor hazelworm en levendbarende hagedis. De westelijke wegberm van de Zandheuvelweg bij S-6210 en de wegberm waarin S-6365 is gelegen zijn vanwege de aanwezige strooisellaag en braamstruiken wel geschikt als leefgebied voor hazelworm en levendbarende hagedis.
Uitvoering van de werkzaamheden op dit perceel kan leiden tot aantasting van voortplantings- of rustplaatsen van reptielen (Wnb art. 3.10, lid 1b). Om de effecten op hazelworm en levendbarende hagedis te kunnen beoordelen, is vervolgonderzoek nodig naar de actuele verspreiding van deze soorten binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep. Ringslang is verspreid waargenomen in de ruimere omgeving van de ingreeplocaties, met name in de buurt van poelen en binnen waterrijke gebieden zoals Landgoed Groeneveld in het oosten en aan de westkant van de A27 bij het Laarder Wasmeer. Deze soort is gebonden aan water om te jagen en zont op open plekken tussen structuurrijke begroeiing op de oever. In de directe omgeving van de ingreeplocaties is geen geschikt leefgebied voor ringslang aanwezig. Negatieve effecten op deze soort als gevolg van de voorgenomen ingreep kunnen daarmee worden uitgesloten. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van hazelworm en levendbarende hagedis worden mogelijk overtreden. Vervolgonderzoek is nodig om hier duidelijkheid over te verschaffen. Amfibieën Uit de NDFF zijn archiefwaarnemingen bekend van 4 streng beschermde amfibieën: heikikker, kamsalamander, poelkikker en rugstreeppad. Heikikker is twee keer waargenomen in het agrarische veenweidegebied ten noorden van de A1 op circa 2 km afstand van de ingreeplocaties.
Poelkikker is ook enkele keren waargenomen in hetzelfde veenweidegebied en twee keer bij een poel in het bos op circa 2 km ten zuidoosten van de ingreeplocaties. Kamsalamander is veelvuldig waargenomen bij poelen in verschillende bosgebieden verspreid over de ruimere omgeving en één keer op het terrein van zorginstelling Amerpoort, ten oosten van S-6210. Rugstreeppad is twee keer waargenomen op ruime afstand van de ingreeplocaties. Beide waarnemingen betreffen roepende exemplaren. De waarnemingen zijn afkomstig van het Hilversums Wasmeer ten zuiden van de ingreeplocaties en uit het heidegebied ten westen van de A27.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
12
In de directe omgeving van de ingreeplocaties is geen geschikt voortplantingswater aanwezig. Streng beschermde amfibieënsoorten komen niet voor op de ingreeplocaties. Negatieve effecten op deze soortgroep als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden zijn daarmee uitgesloten Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van amfibieën worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor amfibieën is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. Vissen In de NDFF zijn geen waarnemingen opgenomen van streng beschermde vissoorten. In de directe omgeving van de ingreeplocaties is geen water aanwezig. Negatieve effecten op vissen als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden zijn daarmee uitgesloten. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van vissen worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor vissen is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig. Ongewervelden De NDFF bevat archiefwaarnemingen van 6 streng beschermde soorten ongewervelden: grote vos, gevlekte witsnuitlibel, oostelijke witsnuitlibel, sierlijke witsnuitlibel, teunisbloempijlstaart en platte schijfhoren. Grote vos is waargenomen bij Landgoed Groeneveld en in het heidegebied ten westen van de A27. Deze soort leeft in boomgaarden, vochtige, open bossen, bosranden en andere plekken met grote vrijstaande bomen.
De bossen nabij de ingreeplocaties zijn droog en sterk beschaduwd en vormen daarmee geen geschikt leefgebied voor grote vos. Bij de voorgenomen werkzaamheden worden geen waardplanten van de soort (iep, zoete kers, populier en sommige wilgensoorten) aangetast. Gevlekte witsnuitlibel is waargenomen bij het Hilversums Wasmeer ten zuiden van de ingreeplocaties en bij vennen in het heidegebied ten westen van de A27. Oostelijke witsnuitlibel en sierlijke witsnuitlibel zijn beide eenmalig waargenomen bij het Hilversums Wasmeer. In de directe omgeving van de ingreeplocaties is geen water aanwezig en daarmee geen geschikt leefgebied voor streng beschermde libellen. Teunisbloempijlstaart is één keer waargenomen op een zandig terrein ten westen van de A27. Deze soort komt uitsluitend voor in open, zandige en warme plekken, dergelijk habitat is niet aanwezig op de ingreeplocaties. Platte schijfhoren is één keer waargenomen in een sloot in het veenweidegebied ten noorden van de A1. Gezien het ontbreken van wateren op de ingreeplocaties kan aanwezigheid van deze soort worden uitgesloten. Negatieve effecten op streng beschermde ongewervelden als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn uitgesloten. Verbodsbepalingen van de Wnb ten aanzien van ongewervelden worden niet overtreden. Een ontheffing van de Wnb voor ongewervelden is daarmee niet aan de orde. Vervolgonderzoek is niet nodig.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
13
5. Voortoets Wet natuurbescherming: onderdeel gebiedsbescherming Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden De ingreeplocaties liggen ruim buiten de begrenzing van Natura 2000-gebieden. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen ligt op 7 km afstand van de ingreeplocaties (figuur 9). Er is geen kans op fysieke aantasting of verstoring. Verdere toetsing aan de Wnb voor het onderdeel gebiedsbescherming is niet noodzakelijk. Effecten van stikstofuitstoot (NOx) en -depositie op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten worden gezien de ruime afstand tot Natura 2000-gebieden en de aard en duur van de werkzaamheden als nihil ingeschat. Dit kan worden geverifieerd middels een AERIUS-berekening.
Figuur 9. Ligging van de ingreeplocaties ten opzichte van Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen. Het betreft Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebied.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
14
6. Beoordeling Natuurnetwerk Nederland Ligging ten opzichte van Natuurnetwerk Nederland S-6365 ligt inclusief alle bijbehorende werkzaamheden binnen provincie Utrecht en valt buiten het Natuurnetwerk (figuur 10). Bij realisatie van de ingreep bij S-6365 bestaat geen kans op aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. Verdere toetsing is niet nodig.
Figuur 10. Ligging van de ingreeplocatie S-6365 ten opzichte van het Natuurnetwerk Nederland.
S-6210 ligt inclusief alle bijbehorende werkzaamheden zowel binnen provincie Utrecht als provincie Noord-Holland. In de provincie Utrecht valt het beoogde werkterrein buiten de begrenzing van het NNN. Net binnen de NNN-begrenzing is echter wel de kap van twee bomen voorzien (figuur 11). Het betreft natuurtype Droog bos met productie (N16.03). In provincie Noord-Holland vindt het grootste deel van de werkzaamheden plaats binnen het NNN (figuur 11). Het betreft natuurtype Dennen-, eiken-, en beukenbos (N15.02) en mogelijk ook het natuurtype Droge heide (N07.01). De volgende paragrafen beschrijven de kernkwaliteiten van het NNN, de mogelijke effecten van de ingreep en de consequenties. Beschrijving wezenlijke kenmerken en waarden Het natuurtype Droog bos met productie (N16.03) bestaat uit verschillende, veelal van oorsprong aangeplante, bosopstanden van den, (winter)eik, beuk, Douglas, lariks of fijnspar. Dit bostype is de productievariant van het bostype dennen-, eiken- en beukenbos (zonder productie; 15.02). Het
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
15
bostype komt voor op een voedselarme tot lemige, zandige, zure ondergrond van het Droge Zandlandschap. Het is het omvangrijkste bostype en combineert een redelijk tot goede groei met een ruime variatie aan, en mengingsmogelijkheden van, loof- en naaldboomsoorten, vooral op de wat lemigere bosgroeiplaatsen. Het maakt dit type tot het belangrijkste type voor de houtproductie. De diversiteit is (nog) relatief laag. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de uniforme aanleg en beheer in het verleden, door de jonge leeftijd van de bossen en onvoldoende abiotische kwaliteit als gevolg van verzuring en vermesting (BIJ12, 2023). Het natuurtype Dennen-, eiken-, en beukenbos (N15.02) omvat bossen met dennen, eiken, beuken en/of berken en zijn vaak eenvoudig van structuur. Veel van deze bossen komen voor op zure, droge en zandige bodems. Wanneer de bodem meer leem bevat, kennen de bossen een grotere floristische rijkdom. Veel van de bossen zijn vorige eeuw ontstaan als gevolg van aanplant of natuurlijke successie. Hoewel Dennen-, eiken-, of beukenbos algemeen voorkomt ontbreekt vaak een hoge diversiteit aan flora en fauna. Oorzaken betreffen een geringe structuurrijkdom in voormalige productiebossen, de jonge leeftijd en gevolgen van verzuring en vermesting (BIJ12, 2023).
Het natuurtype Droge heide (N07.01) omvat zowel heiden, struwelen, kleine open zandige plekken en grazige vegetaties op basenarme zand- en leemgronden. Het natuurtype komt voor op de drogere delen van de hogere zandgronden, met name binnen Midden Nederland. De vegetatie wordt gekenmerkt door dwergstruiken, struikheide is meestal dominant (BIJ12, 2023). Effecten op wezenlijke kenmerken en waarden De werkzaamheden in de oostelijke berm van de Zandheuvelweg vinden plaats in Droog bos met productie (N16.03). Hier worden twee bomen gekapt op de grens van het NNN (zie figuur 11). Deze beperkte kap in een natuurtype waar houtoogst een doel is en reeds periodiek bomenkap plaatsvindt, zorgt niet voor aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN Utrecht. Het bostype blijft als dusdanig behouden. De werkzaamheden in de westelijke berm van de Zandheuvelweg vinden plaats in Dennen-, eiken-, en beukenbos (N15.02) en omvatten het definitief kappen van circa 1320 m2 en mogelijk kappen van 405 m2 van dit natuurtype. Ten zuiden van de Weg over Anna’s Hoeve dient mogelijk gekapt te worden vanwege het tijdelijk afsluiten (ook wel bekend als stoppelen) van de gasleiding. Deze locatie ligt binnen natuurtype Dennen-, eiken-, en beukenbos (N15.02) en afhankelijk van de definitieve begrenzing ook mogelijk in natuurtype Droge heide (N07.01).
Gezien de omvang van de te kappen oppervlakte binnen het NNN wordt geadviseerd om hierover in overleg te treden met het bevoegd gezag, in dit geval provincie Noord-Holland. Er wordt geadviseerd om voor het te kappen bos een compensatieplan op te stellen. Binnen het compensatieplan worden de compensatiemogelijkheden (fysieke compensatie en financiële compensatie) nader uitgewerkt. Voor bosgebieden binnen het NNN geldt hierbij mogelijk een kwaliteitstoeslag. In het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) geldt voor het kappen of rooien van bos en voor andere houtopstanden zoals houtwallen, heester- en struikhagen, struwelen of beplantingen van bosplantsoenen een meldplicht en vaak ook herplantplicht (RVO). De Wnb is van toepassing indien: • de houtopstand buiten de 'bebouwde kom Wet natuurbescherming' ligt; • de houtopstand groter is dan 10 are (1.000 m2) of het om bomen gaat in een rijbeplanting van meer dan 20 bomen.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
16
Figuur 11. Ligging van de ingreeplocatie S-6210 ten opzichte van het Natuurnetwerk Nederland.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
17
7. Conclusies Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Het verspreidingsbeeld van streng beschermde soorten op de ingreeplocatie en binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep is onvoldoende actueel en volledig om effecten van de ingreep te kunnen beoordelen. Vervolgonderzoek is nodig, zie hoofdstuk 8. Binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep kunnen de volgende streng beschermde soorten voorkomen: das, hazelworm en levendbarende hagedis. Verder dient gedurende het broedseizoen rekening te worden gehouden met broedende vogels. Negatieve effecten kunnen deels worden voorkomen door het treffen van mitigerende maatregelen voorafgaand of tijdens de werkzaamheden. Deze maatregelen zijn opgenomen in hoofdstuk 9. Indien de voorgestelde mitigerende maatregelen worden uitgevoerd, wordt overtreding van verbodsbepalingen uit artikel 3.1 en 3.10 voor de meeste soorten voorkomen. Alleen voor de nader te onderzoeken soorten is dat nog onduidelijk. Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedsbescherming Er ligt geen Natura 2000-gebied binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep. Significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van een Natura 2000-gebied zijn op voorhand uitgesloten. Verdere toetsing en vergunningverlening zijn niet nodig.
Ook effecten van stikstofuitstoot (NOx) en -depositie op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten worden gezien de ruime afstand tot Natura 2000-gebieden en de aard en duur van de werkzaamheden als nihil ingeschat. Dit kan worden geverifieerd middels een AERIUS-berekening. Natuurnetwerk Nederland Ingreeplocatie S-6210 ligt binnen de begrenzing van het NNN. Significant negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN zijn niet op voorhand uitgesloten. Geadviseerd wordt in overleg te gaan met provincie Noord-Holland en een compensatieplan op te stellen voor de bomenkap bij S-6210.
8. Vervolgonderzoek Het verspreidingsbeeld van hazelworm en levendbarende hagedis is onvolledig. Vervolgonderzoek naar deze soorten is nodig, zodat (negatieve) effecten van de ingreep kunnen worden beoordeeld en eventuele mitigerende maatregelen kunnen worden aangegeven. Het vervolgonderzoek (gebaseerd op concept Soortinventarisatieprotocollen van Netwerk Groene Bureaus, update 2023) bestaat uit:
Hazelworm: Uitleggen reptielplaten (min. 2 weken voor start onderzoek i.v.m. gewenning) en daarna 5 controles in de periode april – september. Spreiding tussen rondes bedraagt min. 1 week. Levendbarende hagedis: Uitleggen reptielplaten (min. 2 weken voor start onderzoek i.v.m. gewenning) en daarna 4 controles, waarvan min. 2 in de periode april-eind mei en min. 1 in de periode augustus-september. Spreiding tussen rondes bedraagt min. 1 week.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
18
Het verspreidingsbeeld van overige streng beschermde soorten op de ingreeplocatie en binnen de invloedssfeer van de voorgenomen ingreep is voldoende actueel en volledig om (negatieve) effecten van de ingreep te kunnen beoordelen. Vervolgonderzoek is voor die soorten niet nodig. Met behulp van het rekeninstrument AERIUS kan worden berekend wat de effecten van de ingreep zijn op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten die zijn aangewezen voor nabijgelegen Natura 2000-gebieden.
9. Mitigerende maatregelen Grondgebonden zoogdieren (dassen) De werkputten worden met een flauw talud afgewerkt als uittreedplaats voor dieren of er worden uittreedplanken aangebracht. Op deze wijze kunnen dassen zelfstandig de werkput verlaten. Ook is het mogelijk te voorkómen dat dassen in de werkput terecht komen door deze volledig af te zetten met een dassenkerend raster. Broedvogels De werkzaamheden (inclusief bomenkap) worden uitgevoerd buiten het broedseizoen van aanwezige broedvogels. Dat loopt globaal van maart t/m juli, maar in het kader van de Wnb wordt geen standaardperiode gehanteerd. Van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode. Als het niet mogelijk is om buiten het broedseizoen te werken kunnen voorbereidende maatregelen worden getroffen om de ingreeplocatie voorafgaand aan het broedseizoen ongeschikt te maken voor vogels om er te broeden, op voorwaarde dat met zekerheid is vastgesteld dat er geen essentiële functies, zoals verblijfplaatsen en vliegroutes, voor andere beschermde soorten aanwezig zijn. Dat kan door binnen de begrenzing van het werkterrein (werkputten, grond- en materiaalopslag, parkeerplaatsen, etc.) bomen en struiken te rooien en overige vegetaties kort te houden. Dergelijke maatregelen dienen uitsluitend voor het voorkómen van vestiging, niet voor het bestrijden van al aanwezige broedgevallen.
Op deze wijze wordt voorkomen dat broedvogels gaan broeden op het werkterrein, waarna werkzaamheden ook in het broedseizoen kunnen plaatsvinden.
10. Aanbevelingen In de NDFF zijn binnen de begrenzingen van beide ingreeplocaties geen waarnemingen opgenomen van invasieve exotische plantensoorten (lijst NVWA 2022). Dergelijke soorten zijn bij het veldbezoek ook niet waargenomen. Vervolgstappen worden niet nodig geacht.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
19
11. Samenvatting In onderstaande tabel is een samenvatting gegeven van de resultaten van de natuurtoets. De kleuren geven aan of specifiek aandacht moet worden besteed aan de aanwezige natuurwaarden. GROEN GEEL
geen problemen: de werkzaamheden kunnen zonder meer worden uitgevoerd. mitigerende maatregelen: de werkzaamheden zijn gebonden aan een uitvoeringswijze.
ORANJE ROOD
mitigerende maatregelen: de werkzaamheden zijn gebonden aan een uitvoeringsperiode. vervolgonderzoek: bekende gegevens zijn onvoldoende actueel of volledig voor toetsing.
PAARS
ontheffing: voor uitvoering van de werkzaamheden is een ontheffing/vergunning nodig. NEGATIEVE EFFECTEN ALS
MITIGERENDE MAATREGELEN/
ONTHEFFING
GEVOLG VAN DE INGREEP
VERVOLGONDERZOEK
NODIG?
Vaatplanten en mossen
Geen
Geen
Nee
Vleermuizen
Geen
Geen
Nee
Grondgebonden zoogdieren (das)
Kans op verwonding/sterfte
NATUURWAARDEN WNB: SOORTENBESCHERMING
Broedvogels zonder jaarrond beschermd nest Broedvogels met jaarrond beschermd nest
Uittreedplaatsen werkputten realiseren en/of dassenkerend raster plaatsen
Nee
Werken buiten broedseizoen voor vogels (dat Verstoring in broedseizoen
loopt van maart t/m juli), of mitigerende
Nee
maatregelen treffen vóór aanvang broedseizoen Geen
Geen
Nee
Vervolgonderzoek
N.t.b.
Reptielen (hazelworm,
Kans op aantasting
levendbarende hagedis)
voortplantings- en rustplaatsen
Amfibieën
Geen
Geen
Nee
Vissen
Geen
Geen
Nee
Ongewervelden
Geen
Geen
Nee
Stikstofdepositie
AERIUS-berekening
N.t.b.
Oppervlakteverlies
Overleg met provincie en compensatieplan
N.v.t.
WNB: GEBIEDSBESCHERMING Locatie ligt buiten Natura 2000gebied, kans op externe werking NATUURNETWERK NEDERLAND Locatie S-6210 ligt binnen NNN
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
20
12. Beoordeling locaties grondopslag en parkeren (zie overzichtskaart in figuur 6)
GROEN
geen problemen: de werkzaamheden kunnen zonder meer worden uitgevoerd.
GEEL ORANJE
mitigerende maatregelen: de werkzaamheden zijn gebonden aan een uitvoeringswijze. mitigerende maatregelen: de werkzaamheden zijn gebonden aan een uitvoeringsperiode.
ROOD PAARS
vervolgonderzoek: bekende gegevens zijn onvoldoende actueel of volledig voor toetsing. ontheffing: voor uitvoering van de werkzaamheden is een ontheffing/vergunning nodig. Streng beschermde soorten Wnb
Locatie 1 S-6365 Locatie 2 S-6210
Geen streng beschermde soorten aanwezig
Locatie 4
Geen streng beschermde
Viaduct
soorten aanwezig
route naar zij-ingang
Nee
Nee
Nee
Niet van toepassing
Nee
Nee
Nee
Hazelworm,
Bosranden vrijhouden om aantasting
Indien mitigatie
levendbarende hagedis
potentieel leefgebied te voorkomen
niet mogelijk is
Nee
Nee
Niet van toepassing
Nee
Nee
Nee
Geen streng beschermde
Bomencentrum
soorten aanwezig
Locatie 7
Hazelworm,
Bosranden vrijhouden om aantasting
Indien mitigatie
Recreatieveld
levendbarende hagedis
potentieel leefgebied te voorkomen
niet mogelijk is
Hazelworm,
Bosranden vrijhouden om aantasting
Indien mitigatie
levendbarende hagedis
potentieel leefgebied te voorkomen
niet mogelijk is
M&R-station incl. toegangspad en bermen
NNN
2000
Niet van toepassing
Locatie 6
Locatie 8
Natura
Zie toetsing voorgaande hoofdstukken
Crematorium
Amerpoort depot incl.
Vervolgonderzoek
Zie toetsing voorgaande hoofdstukken
Locatie 3
Locatie 5
Voorkomen of mitigeren
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
Nee
Nee
Noord-Holland Natuurtype N15.02
Nee
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
21
13. Bronnen
BIJ12. Index Natuur en Landschap. Natuurtypen. Geraadpleegd op 03-05-2023. https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/index-natuur-en-landschap/natuurtypen/
Nationale Databank Flora en Fauna, gegevensaanvraag 28-03-2023.
Natura 2000 Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Kaartviewer Natura 2000-gebieden Nederland. Geraadpleegd op 03-05-2023. https://www.natura2000.nl/gebieden
Provincie Noord-Holland. Portaal Kaart en Data. Geraadpleegd op 03-05-2023. https://geoapps.noordholland.nl/kaartenportaal/apps/MapSeries/index.html?appid=e85fc52939f240ba9ef5164b5e203fb2&entry=2
Provincie Utrecht. Kaartviewer Natuurnetwerk Nederland. Geraadpleegd op 03-05-2023. https://ruimtelijkeplannen.provincie-utrecht.nl/NL.IMRO.9926.2020OWVISIEVA01?s=SANMmAIGAWuZIkGnJDgUkAoxloBTQTrEP4B_BA4jfv4AHMA
Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van scanning, internet, druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van WSP Nederland B.V. en Natuurbalans - Limes Divergens BV noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Natuurbalans - Limes Divergens BV is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Natuurbalans - Limes Divergens BV. WSP Nederland B.V. vrijwaart Natuurbalans - Limes Divergens BV voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Natuurbalans - Limes Divergens BV is lid van het Netwerk Groene Bureaus, brancheorganisatie voor kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Natuurbalans - Limes Divergens BV is gecertificeerd door EBN Certification en voldoet aan de eisen gesteld in de norm ISO 9001:2015.
NATUURBALANS – LIMES DIVERGENS BV
NOTITIE 22-162 Natuurtoets Hilversum (S-6365 en S-6210)
a d v i es b u r ea u v o or n a t u u r & l a n d s c h a p
22