BIJLAGE 1a - Bestemmingsplan
Tekst van het document
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
27 - 35
Bij het toepassen van infiltratieputten zijn in het plangebied tussen de 100 en 260 infiltratieputten nodig. Bij bepaling van de exacte k-waarde (is nu een schatting gemaakt op basis van de omgevingsfactoren) zijn er mogelijk minder infiltratieputten noodzakelijk. Aan de hand van nadere technische berekeningen en financiële afwegingen zal er een keuze worden gemaakt voor de wijze (mogelijk combinatie) van bergen/infiltreren.
4.8.3 Conclusie Binnen het plangebied is voldoende ruimte aanwezig om waterberging te realiseren in de vorm van infiltratiekratten en/of infiltratieputten. Hiermee wordt voldaan aan het beleid van de gemeente Laren op het gebied van waterberging. Welke methode of combinatie wordt toegepast zal bij de verdere uitwerking van het planvoornemen worden bepaald. Om te voldoen aan de watertoets dient deze waterparagraaf formeel ter beoordeling te worden voorgelegd aan het Hoogheemraadschap Amstel, Vecht en Gooi en aan de gemeente Laren voor een wateradvies. De uitkomsten hiervan worden te zijner tijd verwerkt in deze toelichting.
4.9 Verkeer en parkeren Grondslag voor de toets op het verkeer- en parkeeraspect is CROW uitgave 381 (Toekomstbestendig parkeren). Daarin worden op basis van omgevingsadressen-dichtheid verschillende stedelijkheidsgraden omschreven voor Nederlandse gemeenten (variërend van niet stedelijk naar zeer sterk stedelijk). Laren is ingedeeld in de categorie matig stedelijk.
4.9.1 Verkeer Het plangebied bevindt zich in het centrum van het dorp Laren. De locatie is centraal gelegen en ligt direct aan de Eemnesserweg die een dorp-ontsluitende functie heeft. Over deze weg vinden de primaire verkeersbewegingen plaats richting en door het dorpscentrum en het Rijkwegennet (A27). Door de ligging van het plangebied is de bereikbaarheid goed te noemen. Voor de verkeersgeneratie staat voor de functie sociale huurappartement per eenheid (categorie matig stedelijk en centrumzone) een bandbreedte omschreven van 3,9 - 4,7 voertuigverplaatsingen per etmaal. Hierbij wordt uitgegaan van het midden van de bandbreedte van 4,3 voertuigverplaatsingen per etmaal. Het woningbouwproject behelst realisatie van 7 sociale huurappartementen. Dat leidt tot de volgende som voor de verkeersgeneratie: 7 * 4,3 = (afgerond) 30 motorvoertuigen per etmaal. De ontsluitende Eemnesserweg heeft een huidige etmaalintensiteit van circa 6.800 motorvoertuigen. Toevoeging van 30 motorvoertuigen per etmaal als gevolg van de woningbouw betreft een relatief geringe groei van 0,4% ten opzichte van het totaal. Omdat de verkeerstoename (ruim) onder de 2,5% blijft, gaat dit verkeer direct op in het (al) heersende verkeersbeeld. De toename leidt niet tot een capaciteitsprobleem op de weg.
4.9.2 Parkeren Op basis van de stedelijkheidsgraad van Laren (categorie matig stedelijk en centrumzone) is de bandbreedte van het parkeerkencijfer voor de functie sociale huurappartement 0,7 - 1,5 parkeerplaats. Hierbij wordt uitgegaan van het midden van de bandbreedte: 1,1 parkeerplaats (waarvan 0,8- het bewonersdeel en 0,3 parkeerplaats het bezoekersdeel is). Dat leidt tot de volgende som voor de parkeerbehoefte: 7 * 1,1 = (7,7 en afgerond) 8 parkeerplaatsen (bewonersdeel 6en bezoekersdeel 2 parkeerplaatsen). Op het kavel zijn 4 parkeerplaatsen voorzien voor de toekomstige bewoners. Dat betekent dat bewoners (6 - 4=) 2 parkeerplaatsen binnen acceptabele loopafstand van 100 meter in openbare ruimte moeten kunnen vinden zonder dat door bezetting daarvan een capaciteitsprobleem ontstaat. Beoordeeld is daarom of binnen een straal van 100 meter om de woningbouwlocatie voldoende vrij beschikbare parkeergelegenheid is. Voor de beoordeling zijn de volgende secties van actueel gemeentelijk parkeeronderzoek geraadpleegd: Parkeersectie Capaciteit 10:15 - 12:00 12:30 - 13:00 14:00 - 15:30 15:15 - 16:30 16:45 - 18:00 18:30 parkeren uur uur uur uur uur 19:00 uur 81 22 10/22 6/22 10/22 19/22 11/22 5/22
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
28 - 35
85 0 0 0 0 0 0 0 87 6 3/6 3/6 3/6 3/6 2/6 3/6 92 8 4/8 6/8 6/8 5/8 6/8 5/8 Totaal 36 17/36 15/36 19/36 27/36 19/36 13/36 Tabel: Parkeerdruk binnen acceptabele loopafstand van 100m om het bouwkavel In bovenstaande tabel wordt duidelijk dat het huidige piekoment (27/36) in de parkeerdruk tussen 15:15 en 16:30 ligt. Indien er 2 auto's als gevolg van de ontwikkeling bijkomen stijgt de parkeerdruk op dergelijk piekmoment naar een nog steeds acceptabele 29/36 (ofwel 81%) bezettingsgraad. Voor de bezoekers-parkeerbehoefte van 2 parkeerplaatsen geldt een (maximale) acceptabele loopafstand van 250 meter. Daarvoor kan dus wat verder in de omgeving worden gekeken naar mogelijk beschikbare parkeergelegenheid. Daarvoor is gekeken naar parkeersecties 82, 83, 84, 86 en 91 (waaronder het relatief grote parkeerterrein aan Plein 1945) die zich geheel binnen 250 meter loopafstand bevinden (zie de afbeelding hieronder).
De bezettingsgraad is daar als volgt: Parkeersectie Capaciteit 10:15 - 12:00 12:30 - 13:00 14:00 - 15:30 15:15 - 16:30 16:45 - 18:00 18:30 parkeren uur uur uur uur uur 19:00 uur 82 42 21 14 13 15 29 21 83 180 105 181 165 180 118 37 84 80 48 63 62 54 33 29 86 0 0 0 0 0 0 0 91 0 0 1 1 2 2 1 Totaal 302 174/302 259/302 241/302 251/302 182/302 88/302 Tabel Parkeerdruk tot een acceptabele loopafstand van 250m om bouwkavel In bovenstaande tabel wordt duidelijk dat het huidige piekoment (259/302) in de parkeerdruk tussen 12:30 en 13:00 ligt. Indien daar 2 auto's als gevolg van bezoekers van toekomstige bewoners bijkomen, stijgt de parkeerdruk op dergelijk piekmoment naar 261/302. (ofwel 86%) Conclusie is dat daardoor geen capaciteitsprobleem ontstaat, zelfs op het piekmoment is er nog een vrije parkeercapaciteit van 41 parkeerplaatsen.
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
29 - 35
Afbeelding: Aanduiding bouwkavel en secties parkeeronderzoek
4.9.3 Conclusie Geconcludeerd wordt dat de aspecten verkeer en parkeren geen belemmeringen oplevert voor het planvoornemen.
4.10 Milieueffectenrapportage 4.10.1 Kader Voor het voorliggende bestemmingsplan wordt onderzocht of de activiteiten(en), die het plan mogelijk maakt, m.e.r.-plichtig zijn. In het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen in onderdeel C (m.e.r.-plicht) en onderdeel D (m.e.r.-beoordelingsplicht). Daarnaast dient het college van Burgemeester en Wethouders bij de betreffende activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, na te gaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen; de kenmerken van de projecten; de plaats van de projecten; de kenmerken van de potentiële effecten. In onderdeel C zijn activiteiten, plannen en besluiten opgenomen waarvoor het maken van een milieueffectrapportage verplicht is. In onderdeel D zijn de activiteiten, plannen en besluiten waarvoor een m.e.r.-procedure van toepassing is. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is te beschouwen als een eenvoudige, compacte versie van de m.e.r.-beoordeling.
De vraag die beantwoordt moet worden is of, gelet op de omvang (waarvoor de drempelwaarde een indicatie geeft), én de aard en de ligging van het project, sprake kan zijn van aanzienlijke milieueffecten, waardoor het opstellen van een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is.
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
30 - 35
4.10.2 Beoordeling Het planvoornemen betreft het realiseren van 7 (zorg)woningen. Het plan bevat een activiteit die genoemd wordt in onderdeel D van de bijlage behorende bij het Besluit milieueffectrapportage. In onderdeel D is onder D 11.2 de volgende activiteit opgenomen; de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen valt onder onderdeel D in de bijlage van het Besluit Milieueffectrapportage. In de volgende gevallen waarop de activiteit betrekking heeft op is een aparte m.e.r.-beoordeling nodig; een oppervlakte van 100 hectare of meer; een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat; of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer. De omvang van het planvoornemen blijft ver onder de drempelwaarden genoemd in onderdeel D.11.2 in bijlage van het Besluit Milieueffectrapportage. De activiteit betreft een oppervlakte van minder dan 1 hectare en zit daarmee ruim onder de drempelwaarde van 100 hectare waarvoor een aparte m.e.r.-beoordeling moet worden uitgevoerd. Wel is het nodig om voor het te nemen besluit kort uit te leggen dat er geen significante milieugevolgen voor de omgeving zijn. Dit heet een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Vormvrije m.e.r. beoordeling Kenmerken van het project Het planvoornemen betreft de realisatie van 7 sociale huurwoningen voor ouderen.
Plaats van het project Het plangebied ligt aan de Eemnesserweg te Laren. Het plangebied ligt nabij Natura 2000-gebied en Natuur Netwerk Nederland. Het Natura 2000-gebied is Eemmeer & Gooimeer Zuidoever en ligt op ongeveer 5,7 km afstand. Het Natuur Netwerk Nederland ligt ongeveer op 450 meter van het gebied Het plangebied ligt niet binnen de beschermingszone van een waterkering of een watergang. Kenmerken potentiële effecten Voor het planvoornemen zijn diverse omgevingsaspecten beoordeeld en onderzocht. Uit de beoordeling van Archeologie 4.1, Bodem 4.2, Ecologie 4.3, Externe veiligheid 4.4, Geluid 4.5, Luchtkwaliteit 4.6, Bedrijven en milieuzonering 4.7, Water 4.8, en Verkeer en parkeren 4.9 blijkt dat geen belemmeringen zijn voor de realisatie van het planvoornemen.
4.10.3 Conclusie Op basis van de vormvrije m.e.r.-beoordeling wordt geconcludeerd, gelet op de aard en relatieve omvang van het project, de plaats hiervan en de kenmerken van de potentiële effecten, dat er geen negatieve milieugevolgen aan de orde zijn. Daarmee hoeft er geen m.e.r.-procedure te worden doorlopen.
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
31 - 35
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
32 - 35
Hoofdstuk 5 Juridische opzet bestemmingsplan 5.1 Algemeen Voor dit bestemmingsplan is gebruikgemaakt van de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen standaardvorm van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingplannen 2012 (SVBP 2012). Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen moeten in onderlinge samenhang worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Ook is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. Tot slot maakt een eventuele bijlage onlosmakelijk onderdeel uit van het bestemmingsplan.
5.2 Opzet van de regels De planregels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels voor het hele plangebied. Hoofdstuk 2 geeft de bestemmingsregels. Hoofdstuk 3 geeft vervolgens de algemene regels waaronder (mogelijke) flexibiliteitsbepalingen in de vorm van wijzigings- en afwijkingsbevoegdheden. In dit derde hoofdstuk kunnen belangrijke algemene bepalingen zijn opgenomen die van invloed zijn op het bepaalde in Hoofdstuk 2. Ten slotte regelt Hoofdstuk 4 de overgangs- en slotbepalingen. Ook de regels van een bestemming kennen een standaardopbouw en worden als volgt benoemd: Bestemmingsomschrijving (in elk bestemmingsplan); Bouwregels (bestemmingsplanafhankelijk); Nadere eisen (bestemmingsplanafhankelijk); Afwijken van de bouwregels (bestemmingsplanafhankelijk); Specifieke gebruiksregels (bestemmingsplanafhankelijk); Afwijken van de gebruiksregels (bestemmingsplanafhankelijk); Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden (bestemmingsplanafhankelijk).
5.3 Beschrijving van de regels Artikel 3 Groen De bestemming Groen is in het vigerende bestemmingsplan Centrum Laren 2018 toegekend aan gronden die onderdeel zijn van structureel (beeldbepalend) groen (het overige groen is opgenomen in de bestemming 'Verkeer'). In beginsel zijn binnen de groenbestemmingen overal inritten, voet- en fietspaden, kunstobjecten, speelvoorzieninge, nutsvoorzieningen, wadi's, water en waterhuishoudkundige voorzieningen toegestaan. Voor voorliggend plan is de groenbestemming opgenomen aan de west- en zuidoostkant, hiermee wordt een aansluiting op het omliggende groen en een groene aankleding van het plan geborgd. Artikel 4 Tuin De bestemming Tuin is opgenomen aan de voorzijde en zijkant van de woonbestemming. Door deze bestemming wordt een groene aankleding van de woningen vrij van bebouwing geborgd. In deze bestemming zijn qua bebouwing, overeenkomstig het vigerende bestemmingsplan Centrum Laren 2018, enkel erkers toegestaan. Artikel 5 Verkeer
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
33 - 35
Het parkeerterrein in het plangebied heeft de bestemming verkeer gekregen. Deze bestemming is overeenkomstig de bestemming Verkeer van het vigerende bestemmingsplan Centrum Laren 2018. Artikel 6 Wonen De beoogde woningen zijn bestemd als Wonen. Er is voor de woningen één bouwvlak opgenomen met daarin een aanduiding voor het toegestaan aantal woningen binnen het bouwvlak. De toegestane goot- en bouwhoogtes van de woningen zijn in de regels opgenomen. Overeenkomstig het vigerende bestemmingsplan Centrum Laren 2018 is voor de bestemming wonen in ondergeschikte omvang ook een bedrijfsmatige activiteit binnen de woning toegestaan. Voor de mogelijkheden van erfbebouwing wordt ook het bestemmingsplan Centrum Laren 2018 gevolgd. Aan de westzijde van het plangebied naast het bouwvlak is nog een aanvullende aanduiding opgenomen om in aanvulling op de toegestane erfbebouwing een gemeenschappelijke berging mogelijk te maken. Artikel 7 Waarde - Archeologie 3 Ter bescherming en veiligstelling van mogelijke archeologische waarden in het plangebied is de dubbelbestemming archeologie opgenomen. Afhankelijk van de verwachtingswaarde is bepaald bij welke omvang van de bodemverstoring of archeologisch onderzoek noodzakelijk is.
Artikel 8 Waarde - Beschermd dorpsgezicht Het beschermd dorpsgezicht is beschermd door middel van een dubbelbestemming, op grond waarvan burgemeester en wethouders nadere eisen kunnen stellen aan de situering en de omvang van nieuw op te richten bouwwerken, de nokrichting van de kappen van gebouwen, de gevelindeling en het materiaal- en kleurgebruik. Uiteraard is dit alleen toegelaten voor zover dat de bestemming 'waarde - beschermd dorpsgezicht' dient.
5.4 Verbeelding Op de verbeelding worden de bestemmingen weergegeven met daarbij andere bepalingen als gebiedsaanduidingen, bouwaanduidingen, bouwvlakken et cetera. Voor de analoge verbeelding is gebruik gemaakt van een digitale ondergrond (Grootschalige Basiskaart Nederland en kadastrale kaart).
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
34 - 35
Hoofdstuk 6
Financiële uitvoerbaarheid
6.1 Financiële uitvoerbaarheid Het bouwen van een beperkt aantal sociale huurwoningen is relatief erg duur. Volgens Gooi en Omstreken (corporatie) is de bouw van 7 woningen rendabel op te brengen als de gemeente een minder hoge grondprijs in rekening brengt. Het college heeft zich bereid verklaard om aan deze wens van Gooi en Om mee te werken, en af te zien van de gebruikelijke vraagprijs per perceel grond en uit te gaan van € 5.000 per woning. De opbrengst van € 35.000,- kan door de gemeente benut worden voor het maken van het bestemmingsplan en de nodige (milieu) onderzoeken. Gooi en Om zal de grond bouw- en woonrijp maken.
6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Met twee omwonenden is meerdere malen overleg gevoerd over dit bouwvoornemen. Na besluitvorming zal de ruimtelijke procedure conform de wet worden gevoerd. Vooroverleg In het kader van het wettelijk vooroverleg ex. art. 3.1.1. Bro wordt het concept ontwerpbestemmingsplan aan de vooroverlegpartners voorgelegd. Er zijn geen reacties ontvangen. Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 12 september 2023 tot en met 24 oktober 2023 ter inzage gelegen, waarbij iedereen in de gelegenheid was om een zienswijze in te dienen. Er zijn geen zienswijzen ingediend. Ambtshalve wijziging De volgende ambtshalve wijziging wordt in het bestemmingsplan doorgevoerd: Het plangebied wordt uitgebreid aan de zuidzijde met de bestemmingen Wonen en Tuin.
(vastgesteld) Diaconaal woonproject Laren NL.IMRO.0417.BPdiaconaalwoonprj-Va01
35 - 35