CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE 10

Gemeenteraad 24 september 2025, gemeente larenBij agendapunt: Ter kennisname, van college (RIB)1.852 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenwerkingsovereenkomst Buitengewoon opsporingsambtenaren domein 1 gemeenten Blaricum, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren.

Juli 2025

Versie 1.0 Partijen: De burgemeesters van de volgende gemeenten: 1. Blaricum 2. Gooise Meren 3. Hilversum 4. Huizen 5. Laren 6. Wijdemeren Overwegende dat: 1. Gemeenten kennis hebben genomen van:  Het Besluit Buitengewoon Opsporingsambtenaar;  De Beleidsregel Buitengewoon Opsporingsambtenaar;  De Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten;  Bijlage K van de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar behandeling van klachten over Buitengewoon opsporingsambtenaren;  De Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en andere opsporingsambtenaren. 2. Gemeenten ter handhaving van lokale verordeningen en/of landelijke wetgeving in de betreffende gemeente één of meer buitengewoon opsporingsambtenaren, hierna Boa’s, ex. Artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering hebben aangesteld, ofwel de intentie hebben om deze Boa’s conform dit convenant in te lenen, bevoegd tot handhaving van de in Domein 1 van de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar genoemde wetgeving, telkens voor zover de handhaving van die wetgeving binnen de reikwijdte van de aan hun verstrekte opsporingsbevoegdheden en hun functieomschrijving valt; 3.

De gemeenten het ter borging van adequate opsporing en handhaving noodzakelijk achten de buitengewoon opsporingsambtenaren als bedoeld onder punt 2 telkens met inachtneming van hun wettelijke bevoegdheden incidenteel in te kunnen zetten op elkaars grondgebied, teneinde optimaal gebruik te maken van elkaars aanwezige (Boa) opsporings- en handhavingscapaciteit op momenten dat de eigen gemeentelijke (Boa) opsporings- en handhavingscapaciteit onvoldoende is of onvoldoende dreigt te worden; 4. Het, gelet op hetgeen hiervoor bij punt 3 is vermeld, efficiënt is op structurele basis in de mogelijkheid van deze samenwerking te voorzien zodat snel en adequaat op assistentieverzoeken kan worden gereageerd in plaats van in voorkomende gevallen telkens ad hoc een samenwerkingsovereenkomst op te stellen; 5. Gemeenten over het voorafgaande overeenstemming hebben bereikt met de toezichthouder en de direct toezichthouder op de buitengewoon opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 36 van het Besluit Buitengewoon Opsporingsambtenaar zijnde respectievelijk de hoofdofficier van justitie bij het arrondissementsparket en de politiechef van de eenheid Midden-Nederland.

Pagina 2 van 7

Komen het volgende overeen: Artikel 1 Buitengewoon opsporingsambtenaar (Boa) a. Daar waar in deze samenwerkingsovereenkomst wordt gesproken over ‘’buitengewoon opsporingsambtenaar’’ of ‘’Boa’’, wordt bedoeld: een buitengewoon opsporingsambtenaar ex. Artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering, bevoegd tot handhaving van de in Domein1 van de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar genoemde wetgeving, telkens voor zover de handhaving van die wetgeving binnen de reikwijdte van de aan hun verstrekte opsporingsbevoegdheden en hun functieomschrijving valt en die Buitengewoon opsporingsambtenaar een dienstverband heeft bij één van de aan deze samenwerkingsovereenkomst deelnemende gemeenten, dan wel bij een private rechtspersoon die eigendom is van één of meer aan deze samenwerkingsovereenkomst deelnemende gemeenten. b. Daar waar met betrekking tot de buitengewoon opsporingsambtenaar de mannelijke vorm wordt gebruikt kan tevens de vrouwelijke vorm worden gelezen.

Artikel 2 In- en uitleen van Buitengewoon opsporingsambtenaar Deze samenwerkingsovereenkomst heeft in eerste instantie tot doel om de planmatige uitwisseling van Boa’s, zoals bedoeld in artikel 1, mogelijk te maken op de volgende momenten:  Piekmomenten waarbij de eigen gemeentelijke capaciteit niet toereikend is bij bijvoorbeeld calamiteiten;  Ziekteverzuim;  Publieksevenementen;  Toezicht op sekswerk;  Projectmatige inzet  Inzet in aangewezen overgangsgebieden. Gemeenten wijzen elkaars Boa’s in een separaat aanwijzingsbesluit aan voor het toezicht op de geldende lokale verordeningen in de betreffende gemeenten. Artikel 3 Uitoefening toezicht en/of opsporingsbevoegdheid a. De Boa is gerechtigd zijn toezicht en/of opsporingsactiviteiten en -bevoegdheden uit te oefenen in de aan deze samenwerkingsovereenkomst deelnemende gemeenten. b. De Boa oefent zijn toezicht- en/of opsporingsbevoegdheid in een andere gemeente dan zijn gemeente van aanstelling niet uit anders dan op een concreet schriftelijk verzoek van het bevoegde bestuursorgaan of een daardoor gemandateerd persoon van de assistentie verzoekende gemeente. c. De verlenende gemeente is niet verplicht om in te stemmen met het schriftelijke verzoek van de verzoekende gemeente. d. In spoedeisende gevallen kan het verzoek als bedoeld onder b mondeling plaatsvinden.

Het mondelinge verzoek wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk bekrachtigd. e. In het geval een Boa zijn toezicht- en/of opsporingsactiviteiten uitoefent in een andere gemeente dan zijn gemeente van aanstelling, wordt de direct toezichthouder daarvan door de assistentie verzoekende gemeente in kennis gesteld. Artikel 4 Politiebevoegdheden en geweldsmiddelen a. De Boa die assistentie verleent en aan wie de bevoegdheid bedoeld in artikel 7 lid 1 en/of lid 3 van de Politiewet 2012 is toegekend (gebruik van geweld, respectievelijk veiligheidsfouillering en/of vervoersfouillering) en/of aan wie vrijheidsbeperkende middelen ter beschikking zijn Pagina 3 van 7

gesteld, oefent die bevoegdheden uit en draagt dat/die vrijheidsbeperkende middel(en) in zijn totale werkgebied, ook wanneer de Boa – met inachtneming van de afspraken uit deze samenwerkingsovereenkomst – optreedt in het gebied van een deelnemende partij. De boa’s van de deelnemende partijen beschikken niet over geweldsmiddelen. b. Volgens artikel 17 en 37 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en andere opsporingsambtenaren moet een Boa die geweld heeft aangewend dit schriftelijk melden bij de direct toezichthouder. Deze schriftelijk melding wordt door de direct toezichthouder in ontvangst genomen en onverwijld vastgelegd. De Boa wordt door de direct toezichthouder ingelicht over de afhandeling van de melding. Artikel 5 Aansturing a. De Boa die assistentie verleend, verricht de werkzaamheden onder leiding, toezicht en verantwoordelijkheid van de assistentie verzoekende gemeente. b. De assistentie verzoekende gemeente informeert de Boa over de geldende lokale wetgeving, reglementen en voorschriften in die gemeente. c. De Boa die assistentie verleent, verricht daar waar mogelijk de werkzaamheden in samenwerking met een Boa uit de assistentie verzoekende gemeente. d.

Indien het genoemde onder artikel 5c niet van toepassing is, bijvoorbeeld doordat de assistentie verzoekende gemeente zelf niet over voldoende Boa’s beschikt, dan worden minimaal twee Boa’s aangevraagd die als koppel worden ingezet. e. De rechtspositieregeling van de assistentie verlenende gemeente blijft van toepassing, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen tussen partijen en de Boa. Artikel 6 Kwaliteit a. De assistentie verlenende gemeente is verantwoordelijk voor, en borgt de kwaliteit en de geldigheid van de opsporingsbevoegdheid, opleiding, trainingen, vaardigheden etc. voor zover die noodzakelijk zijn voor het goed functioneren van de Boa tijdens diens feitelijke werkzaamheden in de assistentie verzoekende gemeente. b. De assistentie verzoekende gemeente is verantwoordelijk voor, en bewaakt de kwaliteit van het opsporingsproduct (bestuurlijke strafbeschikking, politiebeschikking, proces-verbaal etc.) van de Boa die in het kader van deze samenwerkingsovereenkomst in die gemeente zijn feitelijke werkzaamheden verricht. Indien gewenst kan de assistentie verlenende gemeente hierin een rol spelen. Artikel 7 Functiebeschrijving in relatie tot opsporingsbevoegdheden a.

De Boa wendt geen bevoegdheden aan welke vallen buiten de reikwijdte van de hem toegekende opsporingsbevoegdheid in domein 1, de functie waarin hij is aangesteld én waar de aanvraag van zijn opsporingsbevoegdheid in relatie tot de functieomschrijving van de Boa op was gericht. b. In het kader van deze samenwerkingsovereenkomst is de functieomschrijving en de aanvraag van opsporingsbevoegdheid als bedoeld onder artikel 7a van de assistentie verlenende gemeente waaraan de Boa zijn bevoegdheid ontleent (akte van aanstelling) bepalend en omvat deze aldus tevens de maximale reikwijdte van de opsporingsbevoegdheid in de assistentie verzoekende gemeente. c. Het gestelde onder artikel 7b is niet van toepassing indien de assistentie verzoekende gemeente daar nadrukkelijk bezwaar tegen maakt, met dien verstande dat het feitelijk invulling geven aan de reikwijdte van de opsporingsbevoegdheden van de Boa wel beperkt doch niet uitgebreid kan worden. In geval van een dergelijk bezwaar wordt dat ter kennis gebracht van de assistentie verlenende gemeente conform artikel 3 van deze samenwerkingsovereenkomst. Artikel 8 Veiligheid tijdens uitvoering van de werkzaamheden Gemeenten komen overeen dat wanneer Boa’s worden in- en/of uitgeleend, zij uitsluitend hun werkzaamheden in koppels verrichten. Zie artikel 5c en 5d. Pagina 4 van 7

Artikel 9 Opvang bij ingrijpende incidenten a. De eigen werkgever, zoals beschreven in de Arbowet, is verantwoordelijk voor de zorg betreffende welzijn en gezondheid van zijn werknemers, hier specifiek Boa’s zoals omschreven in artikel 1. b. Bij ingrijpende incidenten wordt door de assistentie verzoekende gemeente een overdracht georganiseerd om de continuïteit en informatieoverdracht te borgen. Artikel 10 Tarief voor in- en uitleen a. De Boa, zoals omschreven in artikel 1 van deze samenwerkingsovereenkomst, wordt uitgewisseld op basis van gesloten beurs. b. Indien partijen voorzien dat er sprake zal zijn van een langdurige en/of negatieve in/uitleenbalans maken zij afspraken over een onkostenvergoeding. Artikel 11 Klachten Indien een klacht wordt ingediend over een gedraging van de Boa in de assistentie verzoekende gemeente, wordt deze klacht ingevolge het Besluit Buitengewoon Opsporingsambtenaar opgevat als een gedraging van het bestuursorgaan waaronder de Boa ressorteert, dat wil zeggen de assistentie verzoekende gemeente. Klachten over de Boa worden conform bijlage K van de Beleidsregel Buitengewoon Opsporingsambtenaar in behandeling genomen en afgehandeld. De assistentie verlenende gemeente wordt hierin wel betrokken om de continuïteit en informatieoverdracht te borgen. Artikel 12 Aansprakelijkheid a.

De assistentie verzoekende gemeente draagt zorg voor de veiligheid, gezondheid en welzijn van de Boa in verband met de door hem verrichten werkzaamheden. b. De assistentie verlenende gemeente is aansprakelijk voor schade die de Boa mocht veroorzaken aan derden bij de uitoefening van de werkzaamheden voor de assistentie verzoekende gemeente. Artikel 13 Geldigheidsduur en beëindiging samenwerkingsovereenkomst a. Deze samenwerkingsovereenkomst wordt één jaar na inwerkingtreding geëvalueerd. De evaluatie vindt plaats op initiatief van de gemeente Hilversum. De deelnemende gemeenten, toezichthouder en direct toezichthouder worden bij deze evaluatie betrokken. Na de initiële evaluatie zal de overeenkomst vervolgens jaarlijks worden geëvalueerd. b. Deze samenwerkingsovereenkomst kan eenzijdig worden opgezegd, zulks met inachtneming van een opzegtermijn van twee maanden, of op elk moment zonder opzegtermijn wanneer dit gebeurt met instemming van alle partijen. c. In het geval de toezichthouder en/of direct toezichthouder schriftelijk kenbaar heeft gemaakt niet langer akkoord te gaan met deze samenwerkingsovereenkomst vervalt deze overeenkomst per direct. De aanleiding en consequenties wordt voorafgaand aan de intrekking met deelnemende partijen besproken.

Artikel 14 Mogelijkheid wijziging samenwerkingsovereenkomst Een verzoek om wijziging van deze samenwerkingsovereenkomst dient schriftelijk kenbaar te worden gemaakt en dient instemming te verkrijgen van de deelnemende partijen. Het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging dienst duidelijk in de samenwerkingsovereenkomst vermeld te worden. Artikel 15 Citeertitel Deze samenwerkingsovereenkomst wordt aangehaald als ‘’Samenwerkingsovereenkomst buitengewoon opsporingsambtenaren domein 1 gemeenten Gooise Meren, Wijdemeren en Hilversum, Huizen, Blaricum en Laren.’’ Pagina 5 van 7

Artikel 16 Inwerkingtreding a. Deze samenwerkingsovereenkomst treedt in werking met ingang van de datum dat deze door alle deelnemende partijen is ondertekend en gedagtekend. b. De werking van de ondertekende samenwerkingsovereenkomst beperkt zich tot de deelnemende gemeenten die de samenwerkingsovereenkomst hebben ondertekend. c. Na inwerkingtreding van deze samenwerkingsovereenkomst wordt de bestaande overeenkomst inzake de samenwerking met betrekking tot buitengewoon opsporingsambtenaren domein1 tussen de gemeenten Hilversum, Wijdemeren en Gooise Meren ontbonden. Aldus overeengekomen en getekend: De burgemeester van de gemeente Blaricum Ondertekend te: Datum: De burgemeester van de gemeente Gooise Meren Ondertekend te: Datum: De burgemeester van de gemeente Wijdemeren Ondertekend te: Datum: De burgemeester van de gemeente Hilversum Ondertekend te: Datum: De burgemeester van de gemeente Huizen Ondertekend te: Datum: De burgemeester van de gemeente Laren Ondertekend te: Datum:

Pagina 6 van 7

Gezien en akkoord: de betrokken direct toezichthouder en toezichthouder De direct toezichthouder De korpschef van de politie, namens deze

De toezichthouder Hoofdofficier van justitie Midden-Nederland, namens deze

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16011145/1