CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

B23 00835 BIJLAGE 1 - koersdocument

Gemeenteraad 28 juni 2023, gemeente larenBij agendapunt: Koersdocument Programma duurzaamheid 2023-202715.765 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programma duurzaamheid & klimaat gemeente Laren Koersdocument 2023-2027

Colofon In opdracht van Gemeente Laren Contactpersoon: Klaas-Jan Mauritz, beleidsmedewerker duurzaamheid

Opgesteld door SME Jurgen Broeders en Carolien Hoogland broeders@sme.nl / hoogland@sme.nl

Laren/Utrecht, april 2023 Dit rapport is opgesteld door SME in opdracht van Gemeente Laren. Niets uit deze uitgave mag op welke wijze dan ook worden gebruikt zonder voorafgaande toestemming van deze partijen.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

2

Inhoud 1.

Inleiding

4

1.1

Aanleiding

4

1.2

Resultaten Klimaatbeleidsplan 2018-2022

4

1.3

Programma duurzaamheid Laren 2023-2027

5

1.4

Thema’s

5

1.5

Uitgangspunten

5

1.6

Verschillende rollen van de gemeente

6

1.7

Samenhang met Omgevingswet en de Omgevingsvisie

7

1.8

Totstandkoming programma duurzaamheid

7

2.

Energie

9

3.

Groen en klimaatbestendig

19

4.

Circulaire economie

23

5.

Duurzame mobiliteit

26

6.

Programma duurzaamheid als verbindend beleid

30

Bijlage I.

Europese en nationale beleidskaders

34

Bijlage II.

Potentie voor reductie CO2-uitstoot

41

Bijlage III.

Inpassing duurzaamheid in de systematiek van de Omgevingswet

43

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

3

1. Inleiding 1.1 Aanleiding In de afgelopen jaren hebben zowel op landelijk niveau én in Laren veel ontwikkelingen plaatsgevonden op het gebied van duurzaamheid. Laren heeft de afgelopen jaren gewerkt aan verduurzaming van de gemeente. Dat gebeurde de afgelopen jaren aan de hand van het Klimaatbeleidsplan 2018-2022. Op landelijk niveau zijn sinds het opstellen van dat Klimaatbeleidsplan onder andere het Klimaatakkoord, het Deltaplan Ruimtelijk Adaptatie en het Nationaal Grondstoffenakkoord tot stand gekomen, met daarin bindende afspraken waaraan ook gemeente Laren moet voldoen. Daarmee gepaard wordt door de Rijksoverheid ook budget aan gemeenten beschikbaar gesteld voor klimaatbeleid, en dan met name voor de energietransitie. Omdat het Klimaatbeleidsplan 2018-2022 afloopt en vanwege de snelle landelijke ontwikkelingen, herijkt de gemeente Laren het beleid in een nieuw programma duurzaamheid voor de periode 20232027. Het beleid in het programma legt de verbinding tussen de landelijk (en regionaal) gemaakte afspraken en lokale kansen voor duurzame ontwikkeling. De ambities en doelstellingen in dit koersdocument komen in de plaats van het Klimaatbeleidsplan 2018-2022.

1.2 Resultaten Klimaatbeleidsplan 2018-2022 In de periode 2018-2022 zijn belangrijke stappen gezet in de verduurzaming van Laren, waaronder: o

RES 1.0 vastgesteld: In het kader van de Regionale Energie Strategie (RES) zijn er in regionaal verband plannen ontwikkeld om gezamenlijk de verduurzaming te stimuleren. Voor Laren zijn er meerdere zoekgebieden opgenomen. De raad heeft hierop ook haar zienswijze gegeven. De volgende zoekgebieden voor de plaatsing van zonnepanelen (zon) zijn voorgesteld om in de RES 1.0 op te nemen: zon op geluidschermen langs de A1, zon op grote daken en zon boven grote parkeerplaatsen. In de zomer van 2021 is de RES 1.0 definitief vastgesteld.

o

Transitievisie warmte (TVW) vastgesteld: Eind 2021 is een visie op warmte binnen de gebouwde omgeving vastgesteld. Daarin is aangegeven op welke manier het mogelijk is om bepaalde wijken van het aardgas af te sluiten.

o

Oprichting Energiedienstenbedrijf: Eind 2020 is hiervoor een stichting opgericht met als opdracht een groot ‘aanbod’ aardgasvrije concepten voor verschillende bouwjaren te ontwikkelen.

o

Uitvoering RRE-regeling: Eind 2019 heeft de Rijksoverheid de Regeling Reductie Energiegebruik (RRE) gelanceerd. Een regeling voor gemeenten om bewoners te stimuleren om energie te besparen. Laren heeft hiervoor ruim 1000 huishoudens van een duurzaamheidsvoucher voorzien.

o

Verduurzaming gemeentelijk vastgoed: Er is gestart met de uitvoering van het projectplan voor al het gemeentelijk vastgoed. Insteek is te komen tot een gestructureerde, effectieve en gestandaardiseerde aanpak voor het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. Er zijn diverse energiescans uitgevoerd bij onder meer het raadhuis en de brandweerkazerne, maar ook bij de Biezem en de buitensportcentra.

o

Energiearmoede: Begin 2022 heeft de Rijksoverheid de Regeling voor Energiearmoede bestrijding gelanceerd. Een regeling voor gemeenten om bewoners met energiearmoede te helpen om energie te besparen. Samen met Klimaatroute is in 2022 een plan van aanpak opgesteld voor de

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

4

uitvoering van kleine maatregelen door een fixbrigade. Voor Laren hebben ruim 20 huishoudens van deze regeling gebruik gemaakt. o

In 2021 is de energiecoöperatie Stichting Hut van Mie formeel opgericht voor de gemeenten Blaricum en Laren. In 2022 is verder gewerkt aan een plan van aanpak en is begonnen met de uitvoering.

o

Eind 2022 is i.s.m. het lokale energieloket, Duurzaam Bouwloket, een initiatief gestart in het kader van isolatiemaatregelen met een mobiele showroom en een bewustzijnscampagne voor vooroorlogse woningen en jaren ‘70 woningen en is een fysieke bijeenkomst georganiseerd namens de BEL-gemeenten.

o

Verkenning warmte: In 2020 hebben meerdere verkennende gesprekken met Larderel Energy plaatsgevonden voor onderzoek naar Ultradiepe geothermie. In 2021 is hier vervolg aan gegeven middels een aanvraag voor een opsporingsvergunning voor de regio Gooi en Vechtstreek.

1.3 Programma duurzaamheid Laren 2023-2027 Het programma duurzaamheid bestaat uit twee delen: 1.

Dit koersdocument bevat de kaders, prioriteiten en ambities voor het nieuwe programma duurzaamheid voor de jaren 2023-2027.

2.

Er is een uitvoeringsprogramma voor twee jaren opgesteld met concrete acties, maatregelen en projecten. Het uitvoeringsprogramma geldt voor de jaren 2023-2024. Eind 2024 wordt een nieuw uitvoeringsprogramma opgesteld voor de daarop volgende jaren.

Vooruitlopend op de komst van de Omgevingswet stellen we het duurzaamheidsbeleid op in de vorm van een vrijwillig programma conform de Omgevingswet.

1.4 Thema’s Duurzaamheid is een breed begrip. Het programma duurzaamheid 2023-2027 richt zich op fysieke duurzaamheid en is opgebouwd uit de volgende thema’s: o

Energie

o

Groen & klimaatbestendig

o

Circulaire Economie

o

Duurzame Mobiliteit

Deze thema’s sluiten goed aan bij de opgaven voor gemeenten op het gebied van fysieke duurzaamheid. Er is voor deze vier hoofdthema’s gekozen omdat ze alle relevante beleidsvelden op het gebied van duurzaamheid voor Laren dekken. Ze staan niet los van elkaar maar hebben raakvlakken en hangen nauw met elkaar samen. De thema’s Energie en Groen & Klimaatbestendig zijn binnen het programma duurzaamheid de belangrijkste en grootste thema’s. In de volgende hoofdstukken worden per thema de (nationale) beleidskaders toegelicht, de stand van zake en opgave inzichtelijk gemaakt, de prioriteiten en strategie van onze aanpak benoemd, en worden de lokale ambitie en doelstellingen benoemd.

1.5 Uitgangspunten Voor het programma duurzaamheid 2023-2027 gelden de volgende uitgangspunten:

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

5

o

Duurzame ontwikkeling als gezamenlijke missie Duurzaamheid is een maatschappelijke en urgente missie van en voor iedereen. Duurzame ontwikkeling moet dan ook maatschappelijk gedragen worden; betrokkenheid van inwoners, bedrijven en instellingen is erg belangrijk. Daarbij heeft de gemeente beperkte invloed en middelen ter beschikking om veranderingen te bewerkstelligen. We werken aan participatie van inwoners en organisaties met initiatieven vanuit de samenleving én vanuit de overheid, waarbij een groeiend aantal mensen in de samenleving meedoet.

o

We dragen bij aan landelijke doelstellingen, met aandacht voor Larense situatie Laren onderschrijft de landelijke doelstellingen voor duurzaamheid en draagt op lokaal niveau bij aan de realisatie ervan. Landelijke afspraken leiden tot concreet uit te voeren beleid voor Laren en een aanzienlijk deel van de inspanningen van de gemeente op het gebied van duurzaamheid komt daaruit voort. Daarbij hebben we oog voor de specifieke, lokale situatie en mogelijkheden. We benutten de middelen die vanuit Rijk en provincie beschikbaar worden gesteld. Per duurzaamheidsthema heeft gemeente Laren in de volgende hoofdstukken een ambitie geformuleerd die aansluit bij het landelijk ambitieniveau.

o

Het programma is actiegericht We voelen de urgentie van de duurzaamheidsopgaven. Het programma duurzaamheid is daarom gericht op actie en maatregelen om zo snel mogelijk koers te zetten richting de doelstellingen voor 2030.

o

Monitoren en bijsturen aan de hand van meetbare doelstellingen Aan de hand van meetbare doelstellingen monitoren en evalueren we de voortgang. Waar nodig sturen we bij. We monitoren de voortgang van gemeentelijke acties én duurzame ontwikkeling van de gemeenschap en omgeving. Daarmee sluiten we aan bij de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek Inzicht in de energietransitie in de BEL-gemeenten (2020).

1.6 Verschillende rollen van de gemeente Bij de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid neemt gemeente Laren verschillende rollen in: 1.

Facilitator en aanjager van initiatieven uit de samenleving: De gemeente stimuleert, faciliteert, en maakt gebruik van initiatieven van de bewoners, bedrijven, en maatschappelijke partners om actief te werken aan een duurzame samenleving. Met kennis, met netwerken, met geld waar dat effectief bijdraagt aan onze duurzame doelstellingen.

2.

Regierol: De gemeente neemt het voortouw bij duurzaamheidsopgaven en zoekt de samenwerking met andere partijen. Initiatieven ondersteunen om tot ontwikkeling of realisatie te komen met behulp van subsidies, garanties, borgstelling en/of leningen.

3.

Samenwerken: Uitgaande van eigen beleidsdoelen, samenwerken met private partijen in een partnerschap met eventueel een minderheidsaandeel in projecten.

4.

Eigenaarschap: De gemeentelijke organisatie wordt zelf steeds duurzamer bij de uitvoering van gemeentelijke taken en diensten. De gemeentelijke organisatie geeft daarbij zelf het goede voorbeeld.

5.

Voortgangsbewaking: Als gemeente monitoren we duurzame ontwikkeling in Laren.

In het uitvoeringsprogramma wordt per maatregel aangegeven welke rol de gemeente pakt.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

6

1.7 Samenhang met Omgevingswet en de Omgevingsvisie Het programma duurzaamheid is opgesteld in de geest van de Omgevingswet die begin 2024 in werking treedt. Dat betekent bijvoorbeeld dat dit programma participatief tot stand komt (zie paragraaf 1.8). Het koersdocument wordt als basisstuk gebruikt bij het opstellen van de omgevingsvisie. Het programma duurzaamheid wordt opgesteld als vrijwillig programma. Een vrijwillig programma is een van de instrumenten van de Omgevingswet en bevat doelstellingen, de opgave, maatregelen, en de wijze van monitoren. Duurzame ontwikkeling is ook een belangrijk aspect bij het opstellen van de Omgevingsvisie voor Laren die naar verwachting komend jaar wordt opgesteld. Duurzame ontwikkeling wordt daarin geborgd. Anderzijds kan de Omgevingsvisie ook impact hebben op dit programma duurzaamheid. Wanneer de vastgestelde Omgevingsvisie daartoe aanleiding geeft, dan zal dit programma duurzaamheid daarop worden aangepast. Bijlage III gaat nader in op de samenhang tussen vier duurzaamheidsthema’s en de Omgevingswet.

1.8 Totstandkoming programma duurzaamheid Duurzaamheid is een gezamenlijke opgave voor gemeente, inwoners, bedrijven en organisaties. Daarom heeft we het nieuwe programma duurzaamheid vorm gekregen met betrokkenheid van de verschillende belanghebbenden. Quickscan duurzaamheid gemeente Laren De eerste stap in het proces om het duurzaamheidbeleid te herijken was een Quickscan Duurzaamheid. Die is in de eerste helft van 2022 uitgevoerd. In de Quickscan zijn de landelijke en lokale kaders voor het nieuwe duurzaamheidsbeleid en de stand van zaken voor de vier duurzaamheidsthema’s in beeld gebracht. Daarmee ontstaat inzicht in de opgaven waar Laren voor staat. De stand van zaken en de opgave waar we als Laren voor staan, is verderop in dit koersdocument per thema beknopt weergegeven. Bepalen van het ambitieniveau in dit koersdocument Vervolgens zijn de resultaten van de Quickscan en enkele scenario’s voor de toekomst besproken met betrokken ambtenaren, met de wethouder duurzaamheid, en met afgevaardigden van de gemeenteraad. De drie scenario’s die uitgewerkt zijn gingen uit van respectievelijk een lagere ambitie dan landelijk, volgen van landelijke ambities, of voorlopen op landelijke ambities. Uit de gespreken is gebleken dat het volgen van landelijke doelstellingen voor duurzame ontwikkeling voor Laren zeer ambitieus, maar haalbaar worden geacht.

In dit koersdocument van het programma duurzaamheid is het landelijke ambitieniveau vertaald naar lokale doelstellingen per thema voor Laren. We maken en onderbouwen hierin keuzes voor de het beleid voor de komende jaren. Concretiseren van beleid in een uitvoeringsprogramma Naast het koersdocument is een uitvoeringsprogramma opgesteld voor de jaren 2023-2024. De maatregelen en activiteiten in het uitvoeringsprogramma sluiten aan bij de strategie zoals in dit koersdocument is vastgelegd. Om de maatregelen in het uitvoeringsprogramma te bepalen, zijn verschillende stakeholders in de gemeente geraadpleegd, zoals de energiecoöperatie, het energiedienstenbedrijf (EDB), en de klimaatburgemeester. Ook hebben inwoners via het

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

7

Bewonerspanel van de gemeente aangegeven wat zij belangrijk vinden voor het nieuwe duurzaamheidsbeleid van de gemeente en hoe zij ondersteund willen worden om zelf duurzame stappen te zetten. De inbreng van de verschillende betrokkenen vormt belangrijke input voor het uitvoeringsprogramma en bij de uitvoering daarvan. Eind 2024 wordt een nieuw uitvoeringsprogramma opgesteld voor 2025-2026. Op die manier kan tijdig worden bijgestuurd en aangehaakt bij landelijke ontwikkelingen, zoals subsidieregelingen en nieuwe wet- en regelgeving.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

8

2. Energie Met de energietransitie wordt onder andere ingezet op het verminderen van de CO 2-uitstoot door het gebruik van fossiele brandstoffen, om zo de opwarming van de aarde te beperken. Door de toename van energieprijzen en de afname van leveringszekerheid van fossiele brandstoffen, heeft de energietransitie extra urgentie gekregen. De energietransitie bestaat grofweg uit drie pijlers: 1.

verminderen van energieverbruik;

2.

zorgen voor duurzame energiebronnen;

3.

aanpassing van de energie-infrastructuur aan een veranderend energiesysteem.

2.1 Kaders In het Klimaatakkoord is in 2019 op nationaal niveau afgesproken dat de Nederlandse uitstoot van CO 2 in 2050 moet zijn geminimaliseerd en in 2030 moet zijn teruggebracht tot 49% van de uitstoot in 1990. Inmiddels is de Europese doelstelling en de nationale doelstelling nog verder aangescherpt: in 2030 moet de CO2-uitstoot met 55% verminderd zijn ten opzichte van 1990. Het kabinet Rutte IV streeft zelfs naar een reductie van 60%. De Europese en nationale beleidskaders voor de energietransitie zijn nader toegelicht in bijlage I. In het Klimaatakkoord hebben gemeenten een regierol gekregen in de energietransitie. Net als alle andere gemeenten heeft Laren vanuit die regierol een Transitievisie Warmte opgesteld. Die is eind 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. In de Transitievisie Warmte zijn de mogelijkheden in beeld gebracht om op den duur te zorgen voor aardgasvrije wijken in Laren. Daarnaast heeft Laren in 2021 in regionaal verband een Regionale Energiestrategie 1.0 opgesteld, waarin de strategie is bepaald voor grootschalige opwek van duurzame energie.

2.2 Stand van zaken CO2-uitstoot en energieverbruik Laren 80.000

1200

70.000

1000

60.000 800

50.000 40.000

600

30.000

400

20.000 200

10.000

Totaal CO2-uitstoot (in ton per jaar), excl. Snelwegen Ontwikkeling van de totale CO2-uitstoot in gemeente Laren, exclusief snelwegen. Bron: Klimaatmonitor (Voor 2012 zijn geen gegevens bekend)

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

0

2010

0

Totaal energiegebruik Laren (in TJ per jaar), excl. Snelwegen Totaal energieverbruik in gemeente Laren, exclusief snelwegen.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

9

Om in beeld te brengen waar Laren staat in de energietransitie is een nulmeting uitgevoerd. Daarbij is gekeken naar het energieverbruik en de CO2-uitstoot voor de gemeente Laren. 1 De uitstoot van CO2 in de gemeente Laren vertoont de afgelopen jaren een dalende trend. In 1990 bedroeg de CO2-uitstoot in Laren 73,49 kiloton.2 In 2020 was die afgenomen tot 46,9 kiloton.3 Daarmee is Laren op weg om de uitstoot in 2030 met 55% terug te dringen ten opzichte van 1990, naar 33,1 kiloton. Dat komt vooral door verduurzaming van de energieopwek op landelijk niveau. Het energieverbruik in Laren blijft de laatste jaren wel nagenoeg gelijk, op een hoog niveau. De meeste energie wordt in Laren verbruikt binnen de gebouwde omgeving. Het gaat om zo’n 80% van het totale energieverbruik binnen de gemeente (Klimaatmonitor, cijfers 2020). Als we verder inzoomen op het energieverbruik binnen de gebouwde omgeving, dan blijkt dat woningen met 69% de meeste energie verbruiken binnen de gebouwde omgeving in Laren. Per woning verbruiken we in Laren veel meer energie dan landelijk gemiddeld. Het terugdringen van het energieverbruik (met name warmte), met een woningvoorraad van veelal relatief oude, grote woningen, vormt de grootste uitdaging voor de komende jaren.

Ook de commerciële en publieke dienstverlening zorgen voor een significant verbruik van energie, met een aandeel van respectievelijk 16% en 15%. Sector Gebouwde omgeving Woningen Publieke dienstverlening Commerciële dienstverlening Verkeer en vervoer (excl. snelwegen) Overig Industrie, afval, water Land-, bosbouw, visserij Totaal

Energieverbuik (2020) % 80 % 69 % 15 %

TJ 591 407 87

Uitstoot CO2 (2020) kton 36,7 24,6 5,6

16 %

96

6,6

16 %

119

7,3

4%

44 19 6

1,9 1,4 0,5

100 %

754 TJ

46,9 kton

Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat Duurzame energiebronnen Het aandeel duurzaam opgewekte energie is momenteel nog laag in Laren, lager dan gemiddeld in Nederland. In Laren ligt het aandeel duurzame opgewekte energie op 4,7 procent, terwijl in Nederland 8,5 procent van de energie van duurzame oorsprong is. Een relatief klein deel van de woningen (3,6%) in Laren heeft zonnepanelen; voor heel Nederland is 12,3 procent. De laatste jaren neemt de hoeveelheid in Laren opgewekte energie wel toe.

1

Voor de data maken we gebruik van de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat. We gaan uit van data voor het jaar 2020 omdat gegevens met een vertraging van enkele jaren beschikbaar komen in de Klimaatmonitor. 2 Bron: Klimaatbeleidsplan 2018-2022. 3 Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

10

Hernieuwbare energie in Laren (2020) Zonnestroom 4 TJ Houtkachels 19 TJ Biobrandstof 35 TJ wegverkeer (bijgemengd) Biobrandstof mob. 1 TJ werktuigen totaal 60 TJ

Totaal bekende hoeveel hernieuwbare energie opgewekt in Laren in TJ. (Bron: Klimaatmonitor) In 2020 concludeerde de rekenkamercommissie van de BEL-gemeenten in het rapport Inzicht in de energietransitie in de BEL gemeenten dat een trendbreuk noodzakelijk is om de doelstellingen voor energiebesparing en opwek van duurzame energie in Laren te halen. De komende jaren willen we die trendbreuk realiseren en de achterstand op die gebieden inlopen. Van onze achterstand maken we een voordeel doordat we gebruik kunnen maken van nieuwe technologieën. Door de stijgende energieprijzen van afgelopen jaar zien we dat veel inwoners aan de slag willen met energiebesparing en dat er momentum is ontstaan om de trendbreuk te realiseren.

2.3 Ambitie en doelstellingen Energie Laren draagt lokaal bij aan de realisatie van de landelijke doelstellingen om in 2050 klimaatneutraal te zijn en in 2030 al 55% minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. Ambitie: Laren in 2050 klimaatneutraal & aardgasvrij Landelijke doelstellingen 2030: 55% minder CO2-uitstoot t.o.v. 1990

Gemeentelijke (sub)doelen We brengen de CO2-uitstoot van Laren terug tot maximaal 33,1 kiloton in 2030. Dat is 55% minder dan de uitstoot in 1990 (73,5 kiloton). In 2027 is de uitstoot teruggebracht tot maximaal 40,5 kiloton.

Indicatoren voor monitoring Op basis van de Klimaatmonitor: - Hoeveelheid CO2uitstoot (Klimaatmonitor) Woningcorporatie: - Gegevens verduurzaming of labelstappen

Binnen het thema Energie richten we ons op de energietransitie binnen de gebouwde omgeving, die zorgt voor veruit de meeste CO2-uitstoot. Daarbij werken we aan de hand van de drie genoemde pijlers van de energietransitie. De reductie van CO2-uitstoot door verkeer en vervoer is nader uitgewerkt in het thema Duurzame mobiliteit.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

11

2.3.1

Verminderen van energieverbruik

Landelijke doelstellingen 1,5% energiebesparing per jaar

Gemeentelijke (sub)doelen Door minimaal 1,5% energiebesparing per jaar brengen we de CO2-uitstoot door woningen terug van 24,6 kton in 2020 tot maximaal 22,1 kton in 2027. Door minimaal 2% energiebesparing per jaar brengen we de CO2-uitstoot door maatschappelijk vastgoed (publieke dienstverlening) terug van 5,6 in 2020 tot maximaal 4,9 kton. Hieronder vallen o.a. vastgoed gemeentelijke organisatie, sportaccommodaties, scholen, openbare verlichting. Door minimaal 1,5% energiebesparing per jaar brengen we de CO2-uitstoot door commerciële dienstverlening terug van 6,6 kton in 2020 tot maximaal 5,9 in 2027. Door minimaal 1,5% energiebesparing per jaar brengen we de CO2-uitstoot in de overige sectoren terug van 1,4 kton in 2020 tot max. 1,3 kton in 2027.

Indicatoren voor monitoring Klimaatmonitor: - CO2-uitstoot woningen - Energieverbruik woningen - Energielabels woningen Klimaatmonitor: - CO2-uitstoot publieke dienstverlening - Energieverbruik maatschappelijk vastgoed (publieke dienstverlening) Gemeentelijke organisatie: - Energieverbruik op basis van energierekeningen Klimaatmonitor: - CO2-uitstoot comm. dienstverlening - Energieverbruik comm. dienstverlening Klimaatmonitor: - CO2-uitstoot Industrie

Veel inwoners van Laren zijn al bezig om energie te besparen, zo blijkt onder andere uit de raadpleging van het inwonerspanel van Laren. Een lagere energierekening, bijdragen aan het milieu, en comfort zijn daarbij de belangrijkste beweegredenen. We willen dit proces versnellen en inwoners op weg helpen hun woning te verduurzamen en stimuleren tot energiezuinig, duurzaam gedrag. Energiebesparing zorgt immers direct voor minder uitstoot van CO2 en een besparing op energiekosten voor inwoners van onze gemeente. Nationaal isolatieprogramma (NIP) Het doel van het Nationaal Isolatieprogramma is om tot 2030 2,5 miljoen woningen te isoleren met de nadruk op de slecht geïsoleerde woningen waarbij één of meerdere stappen worden gezet richting de standaard voor woningisolatie. Het programma is een langjarige, programmatische aanpak van slecht geïsoleerde huur- en koopwoningen. Het Nationaal Isolatieprogramma bestaat uit 4 actielijnen: o

Actielijn 1: Lokale (wijk)aanpak isoleren 750.000 koopwoningen samen met gemeenten

o

Actielijn 2: Isoleren van 1 miljoen huurwoningen door verhuurders

o

Actielijn 3: Versneld isoleren van 750.000 koopwoningen op eigen initiatief (en via collectieve

inkoopinitiatieven) o

Actielijn 4: Samen energie besparen met laagdrempelige maatregelen (incl. energiearmoede)

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

12

Het plan van aanpak van Laren (dat nu in voorbereiding is) sluit aan bij actielijnen 1 en 3. Onder actielijn 1 kunnen gemeenten budget aanvragen specifiek voor extra ondersteuning van inwoners met een slecht geïsoleerde koopwoning. Onder actielijn 3 kunnen huizenbezitters zelf aan de slag met de isolatie van hun woning, met landelijke subsidie en een beperktere ondersteuning vanuit de gemeente. Een landelijk programmaorganisatie ondersteunt de aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma. Ingenieursbureau DWA heeft een inschatting gemaakt van de potentiële besparing van CO 2-uitstoot door verduurzaming van woningen in Laren. Daaruit blijkt dat in de periode 2023-2030 de jaarlijkse CO2-uitstoot in potentie met 11,3 kton kan worden teruggebracht. Over 20 jaar kan de jaarlijkse uitstoot door woningen met 32,3 kton zijn verminderd (zie bijlage II). Of deze potentie wordt benut is afhankelijk van de stappen die woningeigenaren zetten om hun woning te verduurzamen.

Natuurinclusief isoleren In woningen en andere gebouwen kunnen beschermde diersoorten nestelen en verblijven, zoals huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen. Natuurinclusief isoleren houdt in dat bij isolatiewerkzaamheden op grond van de Wet natuurbescherming rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van die beschermde diersoorten. Bij het isoleren van woningen moet vooraf onderzoek worden gedaan naar de aanwezigheid van deze diersoorten. Indien nodig moeten maatregelen worden getroffen om de diersoorten te beschermen. Met een gemeentelijk soortenmanagementplan (SMP) en met maatregelen die daarin zijn opgenomen kunnen gemeenten de instandhouding van beschermde soorten waarborgen. Een SMP beschrijft de staat van instandhouding van beschermde soorten in een bepaald gebied en welke maatregelen nodig zijn om bepaalde diersoorten te beschermen. Het doel van een soortenmanagementplan is om populaties van diersoorten in stand te houden. Ook kan de gemeente op basis van een soortenmanagementplan (SMP) een ontheffing op de Wet natuurbescherming aanvragen. Woningeigenaren weten daardoor waar ze aan toe zijn. Dat betekent dat het niet meer nodig is om voor alle isolatiewerkzaamheden individueel ecologisch onderzoek uit te voeren. Dat onderzoek is dan immers al voor de hele gemeente uitgevoerd.

Een soortenmanagementplan zorgt er dus voor dat beschermde diersoorten worden beschermd en tegelijkertijd dat de verduurzaming van woningen geen vertraging oploopt. Gemeente Laren onderzoekt momenteel de mogelijkheden om aan de slag te gaan met een soortenmanagementplan op basis waarvan een gebiedsontheffing kan worden verkregen.

Energiearmoede lage inkomens Laren heeft ervoor gekozen om de doelgroep (120% van het sociaal minimum die de energietoeslag had aangevraagd) voor deze regeling te benaderen via verschillende maatschappelijke organisaties, zoals Versa, Schuldhulpmaatje en de Voedselbank. Het aantal aanmeldingen via deze routes bleef in 2022 echter beperkt tot 33 huishoudens. Daarom is begin 2023 een plan van aanpak opgesteld om meer huishoudens te benaderen voor energiehulp. De bestemde inwoners van Laren (120% van het sociaal minimum mét een slecht geïsoleerd huis) zullen een brief ontvangen met de mogelijkheden om hun huis, en/of specifiek energie onzuinig apparaat op kosten van de gemeente te verduurzamen. Tevens zullen op de sociale

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

13

media kanalen van de gemeente, alsmede op de gemeentelijke website van Laren, informatie worden verschaft over de mogelijkheden rondom verduurzaming. Energiearmoede bij huizenbezitters Een van de uitgangspunten voor de lokale aanpak isolatie en energiebesparing koopwoningen is dat de aanpak bijdraagt aan een sociale energietransitie. Op de korte termijn richt de aanpak zich op eigenaar/bewoners in Laren die de ondersteuning het hardst nodig hebben. Om dat inzichtelijk te maken zal in het plan van aanpak, in samenwerking met het sociaal domein, gekeken worden welke inwoners aanspraak maken op de energietoeslag. De Rijksoverheid stelt hiervoor middelen beschikbaar aan gemeenten, en voor inwoners worden er landelijk verschillende subsidies en financieringsmogelijkheden aangeboden. Samen met de buurgemeenten in de BEL Combinatie en met lokale initiatieven, zoals de energiecoöperatie en het Energie Diensten Bedrijf (EDB), ondersteunen we inwoners zo goed mogelijk om energie te besparen en hun woning te verduurzamen richting de daarvoor geldende standaard (zie kader). In het bijzonder bewoners met een kleine beurs hebben daarbij onze aandacht in het kader van bestrijding van energie-armoede. De gemeente heeft hierbij een faciliterende en aanjagende rol en zoekt naar voor Laren toepasbare innovaties.

De Standaard voor isolatie van woningen De Rijksoverheid heeft voor het wenselijke isolatieniveau van woningen een Standaard opgesteld, die los staat van de warmteoplossing in de woning. De Standaard heeft grofweg twee categorieën: -

een voor vooroorlogse woningen (verwarmen is mogelijk op 70 graden), Deze is vergelijkbaar met label D (zonder pv-panelen);

-

en een standaard voor naoorlogse woningen (verwarmen is mogelijk op 50 graden). Deze is vergelijkbaar met een woning van label A of B (zonder pv-panelen).

Sinds 1 januari 2021 is er tevens een nieuwe bepalingsmethode voor de energieprestatie van woningen (de NTA8800). Hiermee is ook de wijze waarop energielabels worden bepaald gewijzigd. Op alle energielabels die vanaf 2021 zijn afgegeven staat aangegeven of de woning voldoet aan deze standaard. Hoewel de gemeente Laren maar een geringe hoeveelheid direct of indirect maatschappelijk vastgoed kent, is de voorbeeldwerking daarvan significant. Daarom geven we als gemeente het goede voorbeeld en verduurzamen we het gemeentelijk vastgoed. 2.3.2

Verduurzaming energiebronnen

Landelijke doelstellingen 2050: energievoorziening duurzaam - 2030: 70% hernieuwbare elektriciteit (Klimaatakkoord) - 2030: 32% van de in de EU opgewekte energie

Gemeentelijke (sub)doelen 2050: energievoorziening duurzaam -

Benutten van grote daken door stimuleren van coöperatieve projecten voor zon op dak. Potentie zon op grote daken in Laren: 14.700

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

Indicatoren voor monitoring Klimaatmonitor: - % lokaal opgewekte elektriciteit t.o.v. totale gebruik - % hernieuwbare energie t.o.v. totale gebruik

14

(elektriciteit, gas en warmte) duurzaam

MWh = besparing van 2,8 kiloton CO2-uitstoot.4

-

2050: Nederland aardgasvrij

Stimuleren van zon op overige daken Potentie zon op overige daken: 17.835 MWh = besparing van 3,3 kiloton CO2-uitstoot. 2050: Laren aardgasloos - Nieuwbouw gasloos - vanaf 2026 starten we met verkenningsbuurten en zo mogelijk met het maken van Wijkuitvoeringsplannen; - Exponentiële toename van het aantal woningen dat van aardgas is overgegaan op duurzame energie:  2025: 34  2030: 70  2035: 200  2040: 614  2045: 1816

Op basis van data via de energiecoöperatie of netbeheerder: - Hoeveelheid (coöperatief) opgewekte zonne-energie

Klimaatmonitor: - Aardgasverbruik - Aantal aardgasvrije woningen Netbeheerder: - Aantal gasaansluitingen

Zonne-energie Om de hoeveelheid duurzaam opgewekte energie in Laren te vergroten volgen we de strategie zoals bepaald in de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 van de Gooi en Vechtstreek: we zetten in op snel realiseerbare projecten zoals zonnepanelen op grote daken, boven parkeerterreinen, op geluidsschermen en in wegbermen. Daarnaast stimuleren en faciliteren we inwoners om zelf energie op te wekken. Onder andere bij de herziening van de welstandnota kijken we goed waar wel zonnepanelen geplaatst kunnen worden, en waar niet. In potentie kunnen we met het opwekken van zonne-energie op daken in Laren ruim 6 kton CO2-uitstoot per jaar voorkomen. Geen plannen voor windturbines Er zijn geen concrete plannen voor windturbines. Zonder windturbines is het echter niet haalbaar om de totale hoeveelheid elektriciteit die in Laren verbruikt wordt ook lokaal op te wekken. Elektriciteit die we niet lokaal kunnen opwekken, zullen we duurzaam moeten inkopen. Duurzame warmte In de Transitievisie Warmte (TVW) is de doelstelling opgenomen om in 2050 aardgasvrij te zijn. De gemeente Laren kent ongeveer 5.300 woningen en 700 utiliteitsgebouwen, die in 2050 aardgasvrij moeten zijn. We gaan in Laren uit van een tijdspad waarin de komende jaren nog geen woningen van het aardgas gaan en dat we daarna gaandeweg steeds verder versnellen om uiteindelijk het doel van 2050 aardgasvrij te halen.

In de TVW is vastgesteld om vanaf 2026 te starten met de 4

Bron: Zonnedakje.nl/noord-holland. Zie ook Bijlage II bij dit Koersdocument.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

15

verkenningsbuurten en mogelijk al te beginnen met het maken van Wijkuitvoeringsplannen om buurten aardgasvrij te maken. Tot aan 2030 voorzien we dat nog er geen volledige buurten van het aardgas worden afgesloten. Voor verduurzaming van warmtebronnen volgen we de landelijke onderzoeken, bijvoorbeeld naar de mogelijkheden van geothermie, en andere initiatieven.

Routekaart naar een aardgasvrij Laren. Bron: Transitievisie Warmte 1.0 Laren Bij projecten voor grootschalige opwek van duurzame energie en het aardgasvrij maken van wijken, heeft de gemeente een regierol. Daarbij wordt actief de samenwerking gezocht met betrokken organisaties en inwoners. Bewonerspanel Laren: interesse in aardgasvrij maken van woningen We vroegen het bewonerspanel (366 respondenten) of zij interesse hebben in het aardgasvrij maken van hun woning.  Al gedaan of mee bezig: 9 %  Nog niet gedaan, wel interesse: 50 %  Nog niet gedaan, geen interesse: 41 %

Hierboven valt af te lezen dat de inwoners nog weinig aan maatregelen hebben uitgevoerd. Hier valt veel winst te behalen. 2.3.3

Infrastructuur

Landelijke doelstellingen

Gemeentelijke (sub)doelen - Voldoende capaciteit op het elektriciteitsnet.

-

Indicatoren voor monitoring Monitoring door netbeheerder; Plannen voor verzwaren van het net van de netbeheerder.

Infrastructuur voor duurzame warmte

Aanpassing van de infrastructuur wordt met name door netwerkbedrijven uitgevoerd. Vanuit de gemeente Laren is op regelmatige basis overleg met de netwerkbedrijven.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

16

2.4 Regionale en lokale samenwerking Regionale samenwerking Binnen het thema Energie maken we de strategische keuze om waar mogelijk regionaal samen te werken. De gemeenten in de regio staan immers voor soortgelijke uitdagingen. Door samen te werken op verschillende deelgebieden van de energietransitie kan sneller en efficiënter resultaat geboekt worden. Als gemeente Laren hoeven we zo niet zelf het wiel uit te vinden. Samen met Blaricum en Eemnes stellen we daarom een samenwerkingsagenda voor de energietransitie binnen de gebouwde omgeving op. Daarin maken we afspraken over samenwerking op opgaven die in de verschillende gemeenten grote mate van overeenkomst vertonen. Daarnaast zetten we de samenwerking binnen de RES-regio en de Gooi- en Vechtstreek voort. Lokale samenwerking De energietransitie is een complexe opgave waarvoor gemeenten samen met haar stakeholders; de inwoners middels bijvoorbeeld de energie coöperatie Hut van Mie, maatschappelijke organisaties en bedrijven aan de lat staan. Duidelijk is dat alle partijen elkaar nodig hebben om de transitie tot een succes te maken. Samenwerking met alle betrokkenen bij de uitvoering van het duurzaamheidsprogramma is daarom van belang.

2.5 Samenwerking binnen BEL De gemeenten Laren, Blaricum en Eemnes staan binnen de energietransitie in grote lijnen voor eenzelfde opgave. Op initiatief van de wethouders van Eemnes, Blaricum en Laren is daarom onderzocht op welke deelgebieden in de uitvoering samengewerkt kan worden. Door samen te werken en op verschillende deelgebieden van de energietransitie kan sneller en efficiënter resultaat geboekt worden. De gemeenten hoeven dan niet ieder voor zich het wiel uit te vinden. Daarom slaan de drie gemeenten de handen ineen op de onderstaande onderwerpen. o

Uitvoering TVW: Lokale isolatieprogramma NIP Gezamenlijke aanpak voor isolatie en energiebesparing bij koopwoningen. Daaronder valt onder andere een aanpak in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma. Denk aan acties zoals collectieve inkoopacties, showroomcontainer, fysieke bijeenkomsten over energiebesparing, buurtof straatacties.

o

Uitvoering TVW: Duurzaamheidscommunicatie en bewustzijnsontwikkeling Een gezamenlijke communicatiestrategie en contentkalender, waarbij wordt samengewerkt met energiecoöperaties en overige lokale duurzaamheidsorganisaties. Daarnaast kunnen gezamenlijk fysieke bijeenkomsten georganiseerd worden.

o

Uitvoering TVW: Verduurzaming bronnen Focus op bodemwarmte en aquathermie.

o

Uitvoering TVW: Verduurzaming gemeentelijk vastgoed

o

Bestrijding energiearmoede Bijvoorbeeld door de inzet van energiecoaches van de lokale energie coöperaties en externe partners, zoals Duurzaam Bouwloket.

o

Uitvoering RES: Ontwikkeling van zonnecarports en zon op grote daken O.a. door het delen van resultaten haalbaarheidsonderzoeken.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

17

o

Soortenmanagement Een voorwaarden voor isolatie van woningen is dat er een soortonderzoek plaatsvindt, naar o.a. vleermuizen. Door dit samen uit te voeren worden kosten voor inwoners beperkt.

o

Bevorderen van samenwerking tussen energiecoöperaties

o

Energiebesparingsplicht voor bedrijven

o

Aanvraag van subsidies voor verduurzaming bij Rijk of provincies

2.6 Uitvoeringsprogramma De maatregelen en interventies die de gemeente in 2023-2024 neemt om de doelstellingen te bereiken zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma 2023-2024. Daarin wordt per maatregel benoemd welke rol de gemeente op zich neemt.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

18

3. Groen en klimaatbestendig Laren is één van de groenste gemeenten van Nederland. Van kleinschalig groen tot de heidevelden van het Gooisch Natuurreservaat (GNR) en de grote hoeveelheid bos- en laanbomen. Dat is iets om trots op te zijn en dat willen we graag zo houden. Het groen in onze gemeente helpt ook om de toenemende gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast, hittestress, droogte, te beperken. Het verkleinen en beheersbaar houden van de effecten van klimaatverandering wordt klimaatadaptatie genoemd.

3.1 Kaders Om het verlies aan biodiversiteit tegen te gaan én om goed voorbereid te zijn op de toenemende gevolgen van klimaatverandering, zijn slimme keuzes nodig bij de inrichting en het beheer van onze leefomgeving. Een groene leefomgeving is goed voor de biodiversiteit en draagt bij aan het tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering. Wereldwijd staat het behoud van de biodiversiteit (het aantal soorten dieren en planten) onder druk. In Nederland neemt de Rijksoverheid daarom samen met provincies, gemeenten en waterschappen maatregelen om het verlies aan biodiversiteit tegen te gaan. Dat gebeurt onder andere via het Deltaplan Biodiversiteitsherstel. Daarnaast is een programma ‘Versterken Biodiversiteit’ in ontwikkeling. Eén van de doelen van dit programma is de instandhouding van alle soorten uit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Ook moet de ecologische voetafdruk van Nederland met de helft worden teruggebracht in 2050. Uiterlijk 2030 moet een halt worden toegeroepen aan de bijensterfte en aan het verdwijnen van andere insecten die een belangrijke rol spelen bij de bestuiving van bloemen en planten. Tegelijkertijd zorgt klimaatverandering voor meer extreme weersomstandigheden met droge, hete periodes en plotselinge extreme buien. In het Nationale Deltaprogramma is de ambitie opgenomen dat Nederland in 2050 zo klimaatbestendig als mogelijk is ingericht.

In de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie is vastgelegd dat 'klimaatbestendig en waterrobuust inrichten uiterlijk in 2020 onderdeel is van het beleid en handelen’ van overheden in Nederland.

3.2 Stand van zaken Het klimaat is aan het veranderen. Het regent steeds vaker heel hard. Tegelijkertijd is het soms ook extremer droog. In Laren merken we de effecten vooral bij hevige regenval, dan staan grote delen van het dorp te maken met wateroverlast. In 2014 is als gevolg van een extreme regenbui zichtbaar geworden dat de riolering in Laren regenwater niet voldoende kon opvangen. Dit had een ernstige overstroming van vervuild rioolwater op straatniveau tot gevolg. Om dat tegen te gaan is een Masterplan Laren Regenklaar opgesteld, dat momenteel wordt uitgevoerd. In de openbare ruimte zijn de afgelopen jaren al stappen gezet om ruimte te geven aan groen en biodiversiteit. Zo wordt al minder vaak gemaaid in de openbare ruimte en worden bermen insectvriendelijker ingericht zodat insecten en planten de ruimte krijgen en er meer voedsel is voor dieren. Ook heeft de raad heeft een terughoudend kapbeleid voor bomen vastgesteld dat in 2023 wordt geëvalueerd.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

19

In Laren bestaat een aanzienlijk deel van de ruimte uit private percelen. Groen in tuinen is belangrijk voor het opvangen van regenwater en voor de biodiversiteit. Door ontwikkelingen op deze percelen, zoals (woning) bouw of betegeling, kan deze ruimte in Laren verstenen. Behoud en vergroening van de private ruimte is een opgave die bijdraagt aan het voorkomen van hittestress en wateroverlast en bijdraagt aan de biodiversiteit in onze gemeente. Het buitengebied van Laren bestaat voor een groot deel uit het Natuur Netwerk Nederland (NNN). Belangrijk voor Laren is het Goois Natuurreservaat (GNR). De natuurwaarden van het GNR staan onder druk. Zo hebben heidegebieden te maken met de impact van stikstofbelasting en toenemende recreatiedruk. De opgave is het tegengaan van biodiversiteitsverlies en het creëren van verbinding tussen natuurgebieden. De provincie Noord-Holland werkt plannen uit voor een natuurverbinding over de N525 op het grondgebied van GNR. Die verbinding is de laatste schakel van een systeem van verbindingen en is met name gericht op het robuuster maken van de leefgemeenschappen door uitwisseling mogelijk te maken tussen planten, insecten en andere diersoorten.

3.3 Ambitie en doelstellingen Ambitie: Behouden en versterken van het groene karakter van Laren Landelijke doelstellingen Klimaatbestendig Nederland klimaatbestendig in 2050

Groen en biodiversiteit Tegengaan verlies aan biodiversiteit - Uiterlijk 2030: bijensterfte en verdwijnen van andere insecten stoppen

Gemeentelijke (sub)doelen

Indicatoren voor monitoring

Laren regenklaar in 2025 en klimaatbestendig in 2050 - 2025: Laren bestand om buien tot 46 mm per uur op te kunnen vangen zonder grootschalige schade, voor nieuwbouw 60 mm per uur

-

Bevorderen van groen en biodiversiteit in openbare ruimte en op privaat terrein: - Samen met inwoners zorgen voor kwalitatief hoogwaardig groen en bevorderen van biodiversiteit in de openbare ruimte - Met inwoners en organisaties private terreinen vergroenen In samenwerking met GNR de natuur beschermen en tegelijk de recreatieve toegankelijkheid verbeteren

Monitoring d.m.v. stresstest klimaatadaptatie

-

Klimaatbestendig Laren loopt voorop als het gaat om klimaatadaptatie. De afgelopen jaren zijn al grote stappen om de gemeente bestand te maken tegen hevige regenbuien aan de hand van het Masterplan Laren

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

20

Regenklaar. Aan de hand van dat plan zorgen we dat Laren in 2025 hevige regenbuien aankan en toekomst bestendig is. In het masterplan worden de maatregelen voor Laren beschreven per gebied en vanuit het perspectief van het openbare- en particuliere domein. De openbare ruimte vervult op veel plekken een rol als ruggengraat waarlangs overtollig regenwater zonder overlast of schade naar een berging of voorziening wordt geleid. Daarnaast stimuleren we inwoners om ook hun eigen tuin te vergroenen, bijvoorbeeld door deelname aan Operatie Steenbreek. Beleidsmatig zetten we in op het terugdringen van de mate van verstening, het afkoppelen van regenwater, het terugbrengen van het aantal vuilwater overstorten en het stimuleren van eigenaren om private terreinen te vergroenen. In de huidige bestuursperiode wordt Laren Regenklaar afgerond. De meest ingrijpende keuzes worden samen met de samenleving en de gemeenteraad gemaakt. Uitvoering van het Masterplan Laren Regenklaar zorgt er ook voor dat het vuilwaterstelsel minder belast wordt door afkoppeling van hemelwater in zowel openbaar gebied en op particulier terrein. Dat houdt in dat er minder afvoer van water naar de zuivering plaatsvindt. Dat scheelt niet alleen in energie, maar ook in minder transportbewegingen (CO 2-reductie) ten behoeve van afvoeren van het slib vanaf de zuivering.

Naast ‘Regenklaar’ worden bij alle reconstructies klimaatadaptatieve maatregelen integraal meegenomen. Bijvoorbeeld door het aanbrengen van infiltratieriolen en andere voorzieningen ten behoeve van opvang en infiltreren van hemelwater in de bodem. In de afgelopen jaren is aan de hand van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) uit 2018 gezorgd dat het riool ook bij extreme regenbuien goed blijft werken, terwijl wateroverlast wordt voorkomen. In 2023 wordt een nieuw plan opgesteld in de geest van de Omgevingswet. Om te monitoren in hoeverre Laren klimaatbestendig is, wordt in regionaal verband door het waterschap periodiek een stresstest klimaatadaptatie uitgevoerd. Die stresstest brengt in kaart waar de klimaatrisico’s liggen voor gemeente Laren. 5 In het kader van het nieuwe rioleringsplan worden nieuwe doorrekeningen gemaakt met daarbij oppervlaktekaarten en de al gerealiseerde maatregelen van Regenklaar. Tevens worden dakoppervlakten van woningen en de kolken hierin meegenomen. Bevorderen van groen en biodiversiteit in openbare ruimte en op privaat terrein Groen in Laren zorgt voor een prettige leefomgeving, draagt bij aan de biodiversiteit en zorgt er voor dat onze gemeente klimaatbestendiger is. Het is belangrijk dat het groen die rol blijft vervullen. Momenteel wordt een Groenbeleidsplan opgesteld.

Daarin kijken we naar wat er al goed gaat, waar we kansen zien voor verbetering en hoe we dit kunnen aanpakken. Daarbij vragen we ook aan onze inwoners wat zij zelf willen en kunnen doen. Bijvoorbeeld door het adopteren van het onderhoud van een stukje openbaar groen in de buurt. Het Groenbeleidsplan geeft ook handvatten voor het beoordelen van ontwikkelingen in de openbare ruimte. Bij het Groenbeleidsplan zijn inwoners, natuurorganisaties en andere belanghebbenden betrokken. Deze partijen betrekken we straks ook bij de uitvoering.

5

Zie: https://agv.klimaatatlas.net/

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

21

Voor de Gooiergracht is met de andere BEL-gemeenten en het waterschap Amstel, Gooi, en Vecht een integrale aanpak uitgewerkt die zorgt voor de gewenste inrichting en beheer van zowel de Gooiergracht als de direct omliggende omgeving en sanering van de waterbodem van de Gooiergracht. Bewonerspanel Laren: interesse in buurtinitiatief om de straat groener te maken We vroegen het bewonerspanel (366 respondenten) of zij interesse hebben om deel te nemen in een buurtinitiatief om hun straat groener te maken.  Al gedaan of mee bezig: 11 %  Nog niet gedaan, wel interesse: 48 %  Nog niet gedaan, geen interesse: 41 %

Goois Natuurreservaat (GNR) Voor de bewoners en de bezoekers aan het GNR-gebied willen we actief bijdragen aan de plannen van Stichting GNR om de natuur te beschermen en tegelijk de recreatieve toegankelijkheid te verbeteren. We nemen een actieve rol binnen het Goois Natuurreservaat op ons om zowel het bestuur en de financiën als de natuur en recreatie goed te borgen. We zien het GNR niet als separate partner, maar zoeken juist de verbinding met ons eigen beleid. Het GNR staat voor een organisatorische vernieuwing door de uittreding van Amsterdam en de Provincie Noord-Holland. De afkoopsommen moeten een structurele bijdrage leveren aan het behoud en de vernieuwing van onze prachtige Gooise Natuur.

3.4 Uitvoeringsprogramma De maatregelen en interventies die de gemeente in 2023-2024 neemt om de doelstellingen te bereiken zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma 2023-2024. Daarin wordt per maatregel benoemd welke rol de gemeente op zich neemt.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

22

4. Circulaire economie In een circulaire economie worden producten en grondstoffen na gebruik weer ingezet om nieuwe waarden te genereren: afval wordt grondstof. Een circulaire economie draagt in belangrijke mate bij aan de klimaatdoelstellingen, een gezonde leefomgeving en schept kansen voor werkgelegenheid.

4.1 Kaders Nederland wil in 2050 volledig circulair zijn. Die ambitie is vastgelegd in het Rijksbrede programma Nederland Circulair 2050 en het daaraan gekoppelde Grondstoffen-akkoord. Het tussendoel voor 2030 is om dan 50 procent minder primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) te gebruiken. Hoewel gemeenten beperkt invloed hebben op de realisatie van die ambitie, kunnen gemeenten daaraan wel direct bijdragen door bijvoorbeeld duurzaam en circulair in te kopen en door de inzameling van huishoudelijk afval te optimaliseren. In het Landelijk Afvalbeheerplan 2017-2029 (LAP3) en Uitvoeringsprogramma VANG (Van Afval Naar Grondstof) is de doelstelling opgenomen om de hoeveelheid huishoudelijk afval in 2020 terug te dringen tot 100 kg per inwoner per jaar in 2020, en maximaal 30 kg per inwoner per jaar in 2025. Vanaf 2025 wordt LAP3 opgevolgd door het Circulair materialenplan (CMP1). Daarin wordt de reikwijdte van het huidige LAP uitgebreid met meer sturing op de hogere treden van de afvalhiërarchie die van belang zijn voor een circulaire economie, zoals hergebruik en preventie van afval.

4.2 Stand van zaken Huishoudelijk afval De landelijke doelstellingen voor het vermindering van de hoeveelheid huishoudelijk afval worden nog niet behaald in Laren. De ontwikkeling is wel in de richting van de doelstellingen. Op basis van de gegevens van het CBS werd in de gemeente Laren in 2019 in totaal 502 kg grof en fijn huishoudelijk afval per inwoner per jaar ingezameld (inclusief de gescheiden ingezamelde fracties). Hiermee produceert Laren gemiddeld iets meer afval dan het landelijk gemiddelde van 492 kg per inwoner per jaar. Laren scoort met een afvalscheidingspercentage voor het huishoudelijk afval van 66 procent in 2019 beter het landelijk gemiddelde (55 procent). De hoeveelheid restafval die overblijft was 143 kg per inwoner per jaar in 2019.

80

75

60

200

55 56

58 62

2017

250

% scheiding huishoudelijk afval

2015

Kg huishoudelijk restafval per inwoner

66

40

150 100

20

50 0

Kg restafval per inwoner

Doelstelling

Aantal kilogram huishoudelijk restafval per inwoner per jaar in Laren

% scheiding huishoudelijk afval

2025

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2016

2014

2013

2012

2011

2010

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025

0

Doelstelling

Scheidingspercentage huishoudelijk afval gemeente Laren

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

23

Gemeentelijk inkoopbeleid Laren werkt binnen de Metropool Regio Amsterdam aan circulaire inkoop. Circulariteit is impliciet soms onderdeel van inkoopprocessen (bijv. de GWW aanbestedingen waar hergebruik van bestratingsmateriaal soms voorgeschreven wordt dan wel dat asfalt deels hergebruik materiaal is). Circulariteit is echter nog niet structureel ingebed in de inkoopprocessen van de BEL Combinatie. Hoewel de ambitie voor circulair inkopen van de Metropool Regio Amsterdam is onderschreven, is nog geen kwartiermaker aangesteld om daar binnen de BEL-combinatie vorm aan te geven. Faciliteren van circulaire initiatieven Het faciliteren van circulaire initiatieven wordt mede namens Laren gedaan binnen de Regio Gooi en Vechtstreek. In de Grondstoffenvisie voor de Gooi- en Vechtstreek (2021) zijn vervolgstappen opgenomen, zoals het sturen op kosten en duurzaamheidsprestaties van de afzonderlijke afvalstromen.

4.3 Ambitie en doelstellingen Gemeenten hebben maar deels invloed op de totstandkoming van een circulaire economie. Vooral bedrijfsleven en de Rijksoverheid zijn aan zet om een de hoeveelheid primaire grondstoffen die we verbruiken terug te dringen. Daar waar we wel invloed hebben geven we zelf het goede voorbeeld of kiezen we voor regionale samenwerking om onze impact op de circulaire economie te maximaliseren. Ambitie: Laren is in 2050 circulair binnen een duurzame Gooi en Vechtstreek Landelijke doelstellingen 2050: Nederland circulair - 2030: 50 procent minder primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) gebruiken

Gemeentelijke (sub)doelen 2050: Laren in 2050 circulair binnen een duurzame Gooi en Vechtstreek

Huishoudelijk afval - Terugdringen van - Verbetering van de kwaliteit hoeveelheid huishoudelijk van de afvalstroom voor restafval naar maximaal 30 bijvoorbeeld hergebruik. kg per inwoner per jaar in 2025. - verhogen van het aandeel afvalscheiding (fijn en grof) huishoudelijk afval naar minimaal 75% (via bron- of nascheiding). Inkoopbeleid gemeentelijke organisatie Circulair inkopen en aanbesteden volgens MRAdoelstellingen: - In 2025 kopen we 50% van alle producten, goederen en diensten circulair in

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

Indicatoren voor monitoring Landelijk wordt gewerkt aan indicatoren en data voor monitoring van circulariteit op lokaal niveau. Zodra de data beschikbaar zijn maken we daar gebruik van. Monitoring aan hand van gegevens van GAD over hoeveelheid en kwaliteit van de verschillende afvalstromen.

Monitoring op basis van gegevens van de gemeentelijke organisatie. Daarvoor moet eerst een nulmeting worden uitgevoerd. 24

-

In 2030 nagenoeg alle producten, goederen en diensten circulair aanbesteden

Ondersteunen circulaire initiatieven Nederland circulair in 2050 Deelnemen aan de samenwerkingsagenda Gooi- en Vechtstreek

-

Procesmonitoring

Huishoudelijk afval Samen met de regio en GAD zorgen we voor een beter en hoogwaardiger hergebruik van huishoudelijk afval. In 2021 is in regionaal verband de visie op de toekomst van afvalscheiding in relatie tot circulaire economie en de landelijke doelstellingen geformuleerd: de Grondstoffenvisie regio G&V. We sturen op de kosten en duurzaamheidsprestaties van de afzonderlijke afvalstromen en stellen de huidige kwantitatieve generieke doelstellingen als ‘75% afvalscheiding van huishoudelijk afval (HHA)’ en ‘aantal kilogrammen restafval per huishouden’ niet meer centraal. Op basis van de Grondstoffenvisie is het GAD-uitvoeringsplan opgesteld wat vanaf 2022 wordt uitgevoerd. Onder andere voor het beter hergebruiken van GFT-afval is hierin een aanpak opgenomen. Gemeentelijk inkoopbeleid De BEL Combinatie heeft zich verbonden namens Laren aan de agenda van de Metropoolregio Amsterdam met betrekking tot circulair inkopen, de MRA Intentieverklaring Circulair Inkopen. We streven naar tenminste 10% circulair inkopen van producten, goederen en diensten in 2022 en 50% in 2025. Het doel is om in 2030 nagenoeg alle projecten circulair aan te besteden een volledig circulaire in te kopen. In het MRA-plan wordt uitgegaan van een kwartiermaker om dit denken in de organisatie in te bedden.

We onderzoeken hoe we hier binnen de BEL-combinatie in de looptijd van dit programma duurzaamheid vorm aan kunnen geven. Op regionaal niveau circulaire initiatieven ondersteunen Via de samenwerking binnen de regio Gooi- en Vechtstreek ondersteunen we circulaire initiatieven. De toekomst van de circulaire economie ligt in Gooi en Vechtstreek in het ontwikkelen en faciliteren van circulaire initiatieven en het daaraan verbinden van lokale werkgelegenheid en circulaire bedrijvigheid. Gedacht kan worden aan het terugdringen en voorkomen van afval, het stimuleren van kringloopbedrijvigheid en de deeleconomie, slimme retourlogisitiek en het verduurzamen van bouwen materiaalketens in de regio. De regiogemeenten zetten daarnaast in op uitbreiding van de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven voor milieuverantwoorde verwijdering van consumptiegoederen en verpakkingen en het dragen van de kosten daarvoor.

4.4 Uitvoeringsprogramma De maatregelen en interventies die de gemeente in 2023-2024 neemt om de doelstellingen te bereiken zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma 2023-2024. Daarin wordt per maatregel benoemd welke rol de gemeente op zich neemt.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

25

5. Duurzame mobiliteit Het thema mobiliteit heeft verschillende duurzaamheidsaspecten op gemeentelijk niveau. Denk hierbij aan het stimuleren van (duurzaam) elektrisch vervoer en het verduurzamen van mobiliteitsgedrag (stimuleren om te fietsen, eenvoudig wisselen van modaliteiten, zuinige rijstijl, minder reizen, enzovoort). Directe invloed heeft de gemeente op het eigen wagenpark en doelgroepenvervoer. Het thema hangt nauw samen met de energietransitie en met een gezonde leefomgeving.

5.1 Kaders De doelstelling die in het Klimaatakkoord is vastgelegd, is om in de komende decennia toe te groeien naar een mobiliteit zonder schadelijke uitlaatgassen voor mensen en goederen. In 2050 moet het verbruik van fossiele brandstoffen voor mobiliteit tot nul gereduceerd zijn. Dit betekent onder andere meer inzet van duurzame energie voor mobiliteit op de weg, het water en in de lucht. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat nieuwe auto’s vanaf 2030 emissieloos zijn. Om te zorgen dat de laadinfrastructuur daarop wordt voorbereid, is de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Een groot deel van de afspraken uit de NAL moet op regionaal en gemeentelijk niveau worden uitgevoerd. Naast het faciliteren van elektrisch vervoer streeft de Rijksoverheid er naar om het aantal autokilometers terug te dringen, en andere vormen van mobiliteit, zoals fietsen, te stimuleren. In bijlage I is een nadere toelichting op de kaders voor dit thema opgenomen.

5.2 Stand van zaken CO2-uitstoot door mobiliteit In onderstaande tabel is de CO2-uitstoot door de sector mobiliteit in beeld gebracht. jaar

CO2-uitstoot uitlaatgassen, excl. snelwegen in Laren [kiloton] 1990 10,8 2000 10,1 2010 8,4 2020 7,3 Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat In dit programma duurzaamheid laten we de uitstoot van verkeer over snelwegen buiten beschouwing. Als gemeente Laren hebben we daar immers maar zeer beperkt invloed op. We richten ons op de uitstoot door uitlaatgassen exclusief de snelwegen. De CO2-uitstoot door mobiliteit (excl. snelwegen) bedraagt in Laren zo’n 18 procent van de totale uitstoot (excl. snelwegen). De afgelopen decennia is de CO2-uitstoot door uitlaatgassen afgenomen van 10,8 kiloton in 1990 tot 7,3 kiloton in 2020, een afname van 32,2 procent. Elektrische voertuigen en laadinfrastructuur De afgelopen jaren is het aantal elektrische voertuigen in Nederland snel toegenomen. Dat is ook in Laren het geval. Hier is de toename zelfs relatief groter dan in de meeste andere gemeenten, zo blijkt uit de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat. De komende jaren zal die groei doorzetten. Er liggen daarom uitdagingen om de laadinfrastructuur aan te laten sluiten op de toenemende vraag en te zorgen voor voldoende groene stroom om elektrische mobiliteit te voeden.

| Koersdocument duurzaamheid gemeente Laren

26

2016 2017 2018 aantal geregistreerde plug-in hybride 73 91 107 voertuigen (PHEV) aantal geregistreerde elektrische voertuigen 67 79 111 (BEV) Totaal aantal (semi)publieke laadpunten Geen Geen Geen voor elektrische auto's data data data Elektrische voertuigen en laadpunten (Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat)

2019 134

2020 189

158

219

55

52

Duurzame verplaatsingen Volgens Waarstaatjegemeente.nl vindt in Laren 55,4 procent van het aantal verplaatsingen per dag met de auto plaats. Dat is meer dan gemiddeld in Nederland (47,2 procent). Het aantal verplaatsingen per fiets (28,1 procent) is ook hoger dan gemiddeld (27,0 procent). Het aantal verplaatsingen te voet of met het openbaar vervoer ligt onder het Nederlands gemiddelde. Gemeentelijke organisatie Bij de aanschaf van wagens voor het gemeentelijk wagenpark worden voertuigen al duurzaam ingekocht.

5.3 Ambitie en doelstellingen Het toegankelijk en bereikbaar maken van wonen, werk, landschap, bezienswaardigheden, recreatie, toerisme en cultureel erfgoed vereist bereikbaarheid van en binnen de regio. We zorgen er samen voor de mobiliteit in Laren klimaat- en milieuvriendelijker wordt. Daarmee dragen we bij aan het halen van de landelijke ambitie: een emissieloze vervoerssector in 2050. Om te voldoen aan de landelijke doelstelling, willen we de CO2-uitstoot van mobiliteit (excl. snelwegen) in Laren in 2030 terugdringen tot maximaal 5,9 kiloton (55 procent besparing ten opzichte van 1990). Ambitie: Klimaatneutraal verkeer en vervoer in 2050 Landelijke doelstellingen Terugdringen CO2-uitstoot Emissieloos vervoer in 2050 - Reductie van uitstoot met 55% in 2030 t.o.v. 1990

Gemeentelijke (sub)doelen

Indicatoren voor monitoring

Reductie van CO2-uitstoot wegverkeer (exclusief snelwegen) met 55% in 2030 t.o.v. 1990, tot 5.9 kiloton

-

CO2-uitstoot wegverkeer, excl. snelwegen (Klimaatmonitor)

-

Aantal laadpunten (Klimaatmonitor)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12932748/1