20220706 transcript raad
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE LAREN d.d. 6 juli 2022
1.
Opening en vaststelling agenda. De voorzitter: Gaan de leden van de raad hun plaatsen zoeken, want het is bijna acht uur. Ik zie weer dat de leden van de VVD en Groen Laren het moeilijk vinden. U moet lekker gaan zitten, alvast. Heel goed. Beste mensen, van harte welkom. De raadsvergadering van 6 juli is begonnen. Geachte raadsleden, geachte leden van het college, mensen op de publieke tribune en de inwoners thuis, graag wil ik u mededelen dat de heer Merckx van de VVD-fractie en mevrouw Timmerman van de fractie van Liberaal Laren vanavond verhinderd zijn. Wij gaan vandaag de jaarrekening vaststellen en de kaderbrief. Daarvoor verwelkomen wij ook onze eigen accountant, de heer Vriesen, die in ons midden is en ook een toelichting zal geven op zijn bevindingen bij de jaarrekening. En dit is ook de vergadering waarbij we na afloop tijdens de borrel elkaar een goede vakantie gaan wensen, want het is de laatste vergadering voor het zomerreces. U heeft ook een motie ontvangen, de motie begrijpelijk Nederlands van de fracties van Groen Laren en het CDA. Ik stel voor deze motie te agenderen als agendapunt 10. Verder heb ik geen aanvullingen op de agenda ontvangen dus stel ik u voor deze conform voorstel vast te stellen. Dat doen we dan hierbij.
2.
Mededelingen. De voorzitter: Dan kom ik bij de mededelingen. Zijn er mededelingen vanuit het college? Ik kijk naar de zijde van het college. De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: Ja. Voorzitter, geachte leden van de raad. Wij vangen op dit moment Oekraïners op en daar is natuurlijk ook een heel gesprek in de regio over. Er is ook op dit moment gesprekken over het ontlasten van Ter Apel. Zoals u al een beetje begrepen heeft uit de media zal er een beroep worden gedaan op de regio’s. We hebben vandaag daarover bestuurlijk overleg gehad, we gaan dat goed in de gaten houden. Het kan zijn dat ze richting onze kant een versnelling vragen van de regio. Dat betekent niet dat we dan op op, plus plus krijgen, maar dat het versnelt met wat we eigenlijk al zullen gaan doen. We hebben daarbij wel duidelijk aangegeven richting ook het COA en de andere bestuurders: dan moeten er ook wel middelen en capaciteit komen, want wij zitten wat betreft opvang hier met onze Oekraïners al aardig aan onze taks van de samenleving en hier zelf binnen ambtelijk, dus die boodschap is meegegeven. Maar dat is een discussie die op dit moment loopt. Ik denk dat het wel goed is dat u daarvan op de hoogte bent. De voorzitter: Dank, mijnheer Westerkamp. Ik kijk nog even naar de heer Van Midden. De heer Van Midden: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. Een korte mededeling.
Tijdens de raadsvergadering vorige week presenteerde ik enthousiast de mooie woorden van GNR langs de A27. Naar aanleiding waarvan de heer Van den Berg vroeg waarom die borden langs de A27 staan er niet langs de A1. Ik heb even geïnformeerd bij het GNR wat daar de reden van was en inderdaad, wat ik al vermoedde blijkt zo te zijn. Het GNR heeft ook gevraagd om die borden langs de A1 te plaatsen alleen dat heeft Rijkswaterstaat vanwege verkeersveiligheidsoverwegingen afgewezen. Maar niet getreurd: GNR gaat in beroep om te kijken of ze alsnog langs de A1 geplaatst kunnen worden. Dus ik hou u op de hoogte van de ontwikkelingen. Dank u wel, mijnheer de voorzitter.
Pagina 1 van 38
De voorzitter: Nou, mijnheer Van den Berg, zo vlot worden uw vragen opgevolgd. Bent u daar niet tevreden mee? Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Nee, u haalt mij de woorden uit de mond, ik wil de wethouder hartelijk danken, want die vraag was echt serieus en u heeft hem op deze manier adequaat beantwoord. En ik ben zeer blij met deze vlotte en ook attente handelswijze van de wethouder. De voorzitter: Dank, mijnheer Van den Berg. Mevrouw Niekus, is het naar aanleiding van een mededeling van de wethouder? Mevrouw Niekus: Ja, van de eerste wethouder. De voorzitter: Oh. Gaat uw gang. Mevrouw Niekus: Wethouder Westenberg, dank u voorzitter. De voorzitter: Westendorp. Mevrouw Niekus: Oh, Westendorp, sorry, het is even wennen, het is allemaal nieuw natuurlijk. De heer Westendorp: Mag ook Westerkamp worden. De voorzitter: Westerkamp. De heer Westerkamp: Of de heer Westendorp moet van plaats willen wisten met mij, maar … Mevrouw Niekus: Wie is nou wie? Nou oké, mijn vraag gaat even over de Oekraïners. U zegt dat de huisvesting van de Oekraïners hier vlot verloopt in Laren. Ik heb van u ook een informatiebrief gezien waarin u over de statushouders iets schrijft. Er moeten nog zeven statushouders moeten er nog gehuisvest worden.
Wie gaat voor, zijn dat de Oekraïners of zijn dat de statushouders hier op dit moment? De heer Westerkamp: Ja, dat is altijd een ingewikkelde vraag, wat voor gaat. Op dit moment hebben wij vanuit het Rijk krijgen wij die opdracht om statushouders te vestigen. Als wij daar niet aan voldoen, dan gaat de provincie ons daarop aanspreken, dus daar is in ieder geval de inzet op om te zorgen dat wij die taakstelling die wij hebben ook als gemeente te halen. De heer …: Voor de scherpte: de Oekraïense vluchtelingen zijn vluchtelingen, dus die huisvesten we in tijdelijke huisvesting om ze op te vangen. Bij statushouders gaat het echt ook om doorverwijzing naar permanente huisvesting en maken we dus ook onderdeel van de opgave voor de woningbouwcoöperatie. En ter aanvulling op wat de heer Westerkamp zegt, wij kunnen heel legitiem zeggen dat we eigenlijk al onze capaciteiten kwijt zijn aan de mensen die we nu opvangen. Omdat wij de kleinste regio zijn van het land maar wel hetzelfde aantal moeten opvangen als andere regio’s, betekent dat een dorp als Laren met elfduizend inwoners veel meer moet opvangen dan een gemeente van een gemiddelde omvang. Wij voldoen ruimschoots aan die capaciteit, maar dat betekent ook wel dat zegt: alles waar we mensen kunnen huisvesten zit vol.
De capaciteit van vrijwillige inwoners en de gemeentelijke organisatie is volop benut, dus we kunnen gewoon niet meer ruimte als capaciteit leveren en daar hebben wij ook gewoon een goed verhaal in. Wat misschien nog wel goed is om toe te voegen is dat wij ook hebben gezegd: nou, dat vrijwilligerscomité, ons burgerinitiatief onder leiding van Marc Vos, Saskia Vos en Mariëtte Nieuwboer, die hebben zo hard gewerkt de Pagina 2 van 38
afgelopen maanden om dit tot stand te brengen en dat geldt ook voor onze medewerkers vanuit sport, toezicht en handhaving en ‘…’, die alles uit hun handen hebben laten vallen om die opvang mogelijk te maken. We hebben gezegd: die mensen moeten weer aan hun werk toekomen en weer een normaal leven gaan leiden. Dus we hebben als BEL iemand van het Rode Kruis in dienst genomen die de begeleiding en opvang van de Oekraïense vluchtelingen overneemt. En daarmee eigenlijk de medewerkers van de BEL en het burgerinitiatief ontlast. Onze vrijwilligers blijven gewoon nodig en onze medewerkers vanuit de BEL blijven ook nodig, maar die gaat eigenlijk die opvang door ontwikkelen. En we hebben gezegd: wij gaan even geen extra energie steken in de opvang van nog meer mensen, maar de honderd mensen die er nu zijn, die gaan we goed opvangen, goed begeleiden naar werk, scholing, et cetera. Nu even de focus daarop. Als er nood aan de man is, als het water overal over de schoenen stroomt, dan moeten wij ook leveren. Maar op dat moment schakelen wij u ook gewoon in. De voorzitter: Dan heb ik nog een mededeling. Oh, de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Een mededeling van enige huishoudelijke aard, denk ik. Zoals u weet is ondergetekende mede namens deze raad ook samen met de heer De Jong en de heer Grunwald afgevaardigd in GEM Crailo BV raden- adviescommissie.
En in die raden- adviescommissie, die is donderdagavond bij elkaar geweest en daarin hebben de aanwezigen unaniem besloten dat ondergetekende voorzitter is voor de komende jaren. En het leek me goed dat u dat weet. We zijn dus de eerste keer bij elkaar geweest. Ik kijk ook even, de wethouder financiën zit geloof ik ook in de BV schuine streep in de aandelenstructuur. Het zal niet een heel spannend onderwerp in directe zin zijn dat het hier heel vaak op de agenda komt, maar dan zal het ook vaker in de adviescommissie van BLS terugkomen. De voorzitter: Dank mijnheer Van den Berg en ik denk dat ik namens iedereen kan zeggen dat we blij zijn dat u die rol op zich wil nemen want het is belangrijk dat we daar goed vertegenwoordigd zijn. Dan heb ik nog een mededeling: ik heb namens u en alle inwoners van Laren afgelopen zondag aan pastoor Jan Vriend de gemeentelijke erepenning overhandigd. Als dank voor zijn grote diensten voor het dorp die hij gedurende 41 jaar heeft bijgedragen. Dat is een ongelofelijk lange periode waarin hij dat ambt heeft gedragen en dat mogen we ook wel onze waardering voor uitspreken. 3.
Beantwoording Vragen. De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 3, de beantwoording van vragen. Er zijn geen vragen toegestuurd. U heeft geen vragen ingediend daarvoor.
4.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen. De voorzitter: Dus dan ga ik naar agendapunt 4, de mededelingen van portefeuillehouders met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen. Zijn er mededelingen vanuit het college? Dat is niet het geval. U ontvangt vandaag genoeg nog de … Oh, u heeft al de raadsinformatiebrief over het besluit van de veiligheidsregio ontvangen, dus daar hoef ik verder mondelinge mededeling over te doen.
5.
Vaststellen besluitenlijst openbare raadsvergadering d.d. 29 juni 2022. De voorzitter: De besluitenlijst van de raad van 29 juni, die is nog niet verstuurd. Dus ik stel voor die na de zomer vast te stellen.
Pagina 3 van 38
6.
Vaststellen lijst ingekomen stukken. De voorzitter: En dan is tijdens de raad van 29 juni de meeste recente lijst met ingekomen stukken vastgesteld, dat was vorige week. Nou, zo snel lukt het niet om een nieuwe lijst van ingekomen stukken te maken, dus ik stel voor dat we die ook in de volgende raadsvergadering vaststellen.
7.
Bekrachtigen geheimhouding. De voorzitter: Dan hebben wij ook geen voorstellen voor geheimhouding ontvangen.
8.
Benoemingen. De voorzitter: En we hebben geen benoemingen. Dit is de eerste keer sinds een lange tijd. Iedereen is iets, volgens mij, hè? Ja. Heel goed.
9.
Raadsvoorstellen: De voorzitter: Dan kom ik bij de raadsvoorstellen. En we hebben slechts twee raadsvoorstellen.
9.1. Jaarrekening 2021. De voorzitter: Ik begin bij de jaarrekening. En ik stel voor de jaarrekening in twee rondes te behandelen, eerst een technische ronde waarbij u vragen kunt stellen aan de accountant plenair en openbaar en waarbij de accountant ook zijn visie op de jaarrekening kan geven. Ik verzoek u dat met name technisch van aard te houden. En daarna is het, kunt u in gesprek met de wethouder van financiën. Dus ik zou willen vragen aan de fracties om het spreekgestoelte te gebruiken om vragen te stellen, technische vragen over de jaarrekening. En dan verzoek ik de heer Vriesen naar het spreekgestoelte te komen. Ik kijk rond. Wie heeft er technische vragen over de jaarrekening? Als dat helemaal niet het geval is kan de heer Vriesen zelf een verhaal natuurlijk houden, maar ik kijk eerst even naar de heer De Jong, welke vragen heeft u? U mag het vanaf het katheder doen, hoor. Of als u zegt: nou, het is zo kort, we doen het even in een rondje zittend, dat mag ook. De heer De Jong: Het is technisch, aan de accountant. Vorig jaar zagen we in de accountantscontrole geen tekortkoming in de administratieve organisatie en nu wel.
De vraag is: was het er vorige jaar wel maar was dat niet van belang om echt op te nemen? En wat gaat er dan nu mis? Hetzelfde geldt voor: de BEL is nau… en inclusief de gemeente Laren zijn nauwelijks in staat op de afgesproken momenten de interne controles af te hebben. Vorig jaar werd dat niet gemeld, was het toen ook, maar was het niet van belang? Of en waarom en wat gaat er dan mis dat dat nu zo is? Dan heb ik mijn laatste vraag is: de accountant doet een controle op het verschil tussen verwachte belastingopbrengst en werkelijke belastingopbrengsten. Dit dient de gemeente Laren zelf te doen. Dan vragen wij ons af waarom de accountant dat gaat doen en waarom de accountant niet aan de gemeente vraagt: goh, doet u deze controle? Want het is gewoon basisadministratie, om het zo te noemen, als je een jaarverslag maakt. En controleert het daarna? Want nu doet u het zelf, maar ja, u zelf controleren vinden wij niet echt de goede gang van zaken. De voorzitter: Dank, mijnheer De Jong. De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dank u wel voorzitter. Ik vervang overigens raadslid Merckx, die net op het laatste moment toch nog positief getest is op corona, helaas. Dus ik twijfel even of het een technische dan wel een politieke vraag is, maar ik stel eerst het technische gedeelte, dan kan ik straks nog bepalen of het een politiek Pagina 4 van 38
vervolg gaat krijgen. Ik had een vraag over de Tozo-voorziening. Daarvan is de vraag eigenlijk: is die niet veel te hoog ingeschat wat betreft ook het risico zoals u misschien ook aangeeft. En wat adviseert u dan om te doen als er blijkt dat er toch veel meer nog geïnd kan worden aan terugbetalingen? Afhankelijk van het antwoord zal ik er straks nog op terugkomen. En dan in de accountantsverklaring bij punt 7.7, komt me een beetje cryptisch voor hoe het omschreven is, waarbij het gaat om een stichting wiens naam wij niet kennen of mogen weten, lijkt het dan. En de vraag is natuurlijk: waarom niet? Maar ook: wat is hier aan de hand als het gaat om de te verwachten oninbaarheid van iets van 130.000 euro? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ik kijk even, de fractie van Groen Laren, nog technische vragen? De heer …: Nee, dank u voorzitter. De voorzitter: Ga ik weer verder. Fractie van Larens Behoud. De heer Loeff: Dank u voorzitter. Ja, het zijn eigenlijk een paar technische vragen aan de accountant via de wethouder of rechtstreeks. Inderdaad de vraag hoe de stichting, die was ons ook opgevallen: welke stichting betreft dit? Een andere was waar we een beetje op vastliepen, dat was dat IBOR-contract, waarover de accountant schrijft: hoe zit dat nu precies in elkaar? We weten het eigenlijk niet.
Hij schrijft: omdat een voortzetting van de huidige inzet in de komende jaren niet het streven is, dus ook een extrapolatie van de overschrijdingen in de budgetten niet een op een te maken. Ik vond dat hele stukje duidelijk, maar die regel snapte ik echt niet, dus graag uitleg over wat hier nu precies aan de hand is en welk risico of wat er dan staat te gebeuren? En een andere vraag betreft eigenlijk 7.10, daar staat dat we 45.000 euro mislopen aan leges. Hoe wordt gecontroleerd op de inning of wat zijn de stappen? Misschien is dat ook politieke, straks, dan mag die worden doorgeschoven. Hoe worden de stappen gezet om daaraan te werken dat die 45.000 euro terugkomt? En de andere betrof de 250.000 euro aan rechtsmatigheidsfouten. De accountant is denk ik bij meer gemeenten aan het onderzoeken en ik ben wel benieuwd als we kijken naar de totale begroting of dit nu een groot bedrag is of een klein bedrag of dat dit binnen de marge valt, hoe ziet u dit bedrag aan rechtsmatigheidsfouten in het kader van, ja, wat er nog meer aan jaarrekeningen van gemeenten voorligt? En een andere, dat is ook een technische, wat ik begrepen uit de vorige raadsperiode is dat het gebruikelijk is en misschien zelfs wet- en regelgeving dat wij elke drie jaar van accountant wisselen. Ik las in het slot dat uw kantoor is aangesloten nu bij een ander accountantskantoor.
Ja en wat zijn de gevolgen daarvoor als we dan kijken naar de wissel die eerst niet mogelijk leek en misschien nu mogelijk is en misschien een papieren wissel is, of nou, misschien kunt u daar een toelichting op geven hoe u dat het komende jaar denkt in te vullen, of althans de gemeente of de BEL-combinatie. Dat waren de vragen die wij hadden. De voorzitter: De heer Van den Berg. Mevrouw Van Dorst, excuus. Gaat uw gang. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Mijn vraag was: er wordt gesproken over proceskwaliteit voor het sociaal domein laat te wensen over. Maar wat is precies de proceskwaliteit voor het sociaal domein? En hoe kunnen we dat verbeteren? De voorzitter: Mijnheer Vriesen, ik nodig u uit naar het katheder te komen. Maakt u dat ook eens een keer mee. De heer Vriesen: Ja, dank u voorzitter, voor het mogelijk maken van deze unieke ervaring. Ik begin even met een aantal opmerkingen die vanuit de zaal komen. Kijk, als ik vroeger altijd laat thuiskwam vroeg mijn moeder altijd: goh, is er iets? En toen zei ik altijd: ma, ik heb goed nieuws en ik heb slecht nieuws. En als je naar het Pagina 5 van 38
accountantsverslag kijkt en in feite de uitkomsten voor Laren, dan moet je ook eigenlijk constateren: er is goed nieuws en er is slecht nieuws. Er is een positief resultaat, dat is mooi. Versterking van de vermogenspositie, dat is ook mooi. En je zou bijna vergeten met de toch wel aanzienlijke lijst van controleverschillen ook nog een goedkeurende verklaring ook. Dus gefeliciteerd daarmee. De zorgen in deze brief en ook in de controle van de jaarrekening zitten vooral in de toekomst en in de interne beheersing binnen de BEL. Daar zijn ook een aantal vragen over gesteld en daar kom ik zo meteen op terug. En als je dan kijkt naar de toekomst, dan zie je natuurlijk dat het perspectief voor de komende jaren positief is, maar dat er voor de wat langere termijn, de term het ravijn is u allen ongetwijfeld bekend, is natuurlijk voor het perspectief voor 2026 aanmerkelijk minder gunstig. En die uitdaging gaat u te lijf vanuit een, wat ik in het verleden wel gezegd heb, matige vermogenspositie, want een solvabiliteit van veertien procent dit jaar is niet bepaald wat je zegt het landelijk gemiddelde. Dus met andere woorden: het positieve nieuws in de zin van vermogensontwikkeling en resultaat, maar er is nog steeds wel werk aan de winkel voor de gemeente Laren.
En wat er aan de hand is en dan kom ik eigenlijk ook meteen op de vragen van mijnheer De Jong, wat je ziet is dat de Rijksoverheid gezegd heeft tegen gemeenten: goh, dat rechtmatigheidsoordeel van accountants, dat moet maar terug naar het college en dat moet maar onderdeel worden van het spel tussen college en raad. Dat is al een voorstel uit 2012 van de commissie Depla, dat kent u allemaal. Maar tegelijkertijd de achterliggende gedachte is versterking van interne beheersing van gemeentelijke organisaties. Dat is dus met andere woorden: de lat gaat omhoog. En de lat gaat ook omhoog als het gaat over de AVG, de wet open overheid en al dat soort regelgeving die op u afkomt, de Omgevingswet niet te vergeten. Dus met andere woorden: er wordt heel veel gevraagd van gemeenten, gemeentelijke organisaties en de lat gaat dus omhoog. En wat je dus ziet is dat de BEL moeite heeft om die ontwikkelingen te volgen. De BEL heeft dat afgelopen jaar geprobeerd en daar hebben wij ook afspraken over gemaakt met de BEL-organisatie om een aantal interne controles zelf eerder op te pakken. Nou en dan zie je dat dat dus nog niet zo goed lukt. En daar komt dus ook die opmerking over voldoende kwaliteit. We kennen allemaal, daar hebben we het eerder over gehad, met elkaar de problemen die er zijn binnen het cluster heffen en waarderen.
Nou, ook daar zie je dat de basiskwaliteit van informatie wel toeneemt maar nog niet op niveau is. Ook dat element is een kwestie van, ja, aanpakken. Nou, daar is een besluit over genomen en er wordt geacteerd en gewerkt aan een overgang per 1 januari 2023. Dus op die manier zie je dat een aantal problemen wel geadresseerd zijn maar nog niet zijn opgelost. Ja en dan kom je dus eigenlijk op een belangrijk punt voor een gemeente als Laren: namelijk, hoe heb je vanuit college en raad eigenlijk de lijntjes met alle partijen waarmee je samenwerkt, het is niet voor niets dat mededelingen vanuit gemeenschappelijke regelingen een belangrijk, of al een van de eerste agendapunten op de, worden genoemd. Dat je dus op die manier dus eigenlijk de regie op dat soort verbonden partijen goed moet organiseren. En of dat nou is in de richting van de veiligheidsregio, in de richting van de BEL-combinatie, in de richting van de gemeente Huizen als het gaat over het sociaal domein, al dat soort lijntjes moet je goed strak aansturen. En ook daarin zie je dat het belang van die verbonden partijen voor Laren heel groot is en dat je dus ook navenant daarin moet investeren. En eigenlijk als je kijkt naar wat er, wat wij constateren in onze controle is dat de echte scherpte op zo’n moment ontbreekt.
En dat is de uitnodiging die ik ook aan de BELcombinatie heb gedaan: ja, investeer nou straks in het organiseren van die scherpte, de rechtmatigheidsverantwoording komt eraan met ingang van 2023 en daarin ligt voor u de uitdaging. En dat kom je op tal van onderwerpen tegen en daar zijn ook een aantal vragen over gesteld. Als het gaat over de Tozo, dat is de vraag van mijnheer Koldam als ik mij niet vergis dan zie je dat Huizen voor jullie een inschatting maakt: goh, wat denken we dat we terugkrijgen aan die Tozo-bedrijfskredieten? Die inschatting is negentig procent komt niet terug, dat staat ook gewoon in de jaarrekening toegelicht. Ja en mijn reactie was: ja, ik denk dat dat percentage veel te hoog is op basis van het betaalgedrag wat de afgelopen maanden al gezien hebben. En vandaar ook dat ik op dat punt wat ik dan vanuit mijn vak moet noemen een controleverschil, in dit geval een onzekerheid, moet aanmerken. Dus ik ben het met u eens, ik denk inderdaad dat die voorziening aan de Pagina 6 van 38
hoge kant is. Alleen u vaart daarbij, de BEL vaart daarbij op in feite de inschatting van Huizen en, ja, ik ben van mening dat dus de BEL-organisatie vanuit die regiefunctie waar ik het net over had, dus ook kritische vragen moet stellen: goh, hoe komen jullie daaraan? Wat is de onderbouwing van zo’n inschatting? Nou en dat vind ik belangrijk. En dat geldt dus bijvoorbeeld ook voor de heffing van leges. Dat geldt ook voor een aantal aanbestedingsissues die daarin zitten, hoewel het belangrijkste aanbestedingsissue natuurlijk als het over de foutenevaluatie gaat het Latax-contract is geweest. Nou en dan kom je dus ook op een aantal verschillen rondom heffen en waarderen waarbij mijnheer De Jong terecht de vraag stelt: goh, accountant, als u zelf die controles doet, bent u uzelf dan niet aan het controleren? Nou, gelukkig niet. Alleen op het moment dat wij proberen om een jaarrekening te controleren en de organisatie kan zelf de informatie niet aanleveren, zelf de analyses niet maken, ja, dan doen wij dat. En dat is in die zin geen zelftoetsing maar wel gewoon werken aan een goed gedocumenteerde en gecontroleerde jaarrekening. Dan even het IBOR-verhaal. Daar hebt u ook al een raadsinformatiebrief, dat was de vraag van de heer Loeff als ik me niet vergis, raadsinformatiebrief gekregen over dat dossier.
Dank overigens voor de opmerking over de leesbaarheid van het accountantsverslag. Ik zal deze specifieke zin even toelichten. Waar het om gaat is dat de afgelopen twee jaar vanuit de aanbesteding die gedaan is gebleken is dat de kosten aanzienlijk hoger uitvielen. Nou, als je kijkt naar het effect op de jaarrekening van Laren was dat effect beperkt, alleen het was een contract van de drie gemeenten gezamenlijk en dat betekent dus dat je daar ook gezamenlijk naar moet kijken. Nou en dan zie je dus dat er een forse kostenoverschrijding is. Het Europees aanbestedingsrecht zit zo in elkaar dat daar wel wat marge inzit, een marge van tien procent, dat je zegt: ja, het kan altijd een beetje tegen zitten, het kan een beetje mee zitten. Je had niet helemaal inzichtelijk hoeveel vierkante meters er onderhouden moesten worden. Dus daar zit wat marge in. Alleen op het moment dat je over die marge heengaat en dat is wat dreigt te gebeuren, ja, dan moet je dus ook gaan nadenken: ja, wat heeft dat dan voor effect op de rechtmatigheid van die aanbesteding? Bovendien en dat is primaire insteek geweest vanuit de BEL-directie, is om te zeggen: ja, wij willen die kostenbeheersing op orde hebben. Wij willen dus beter grip krijgen op dat contract. En dat is wat mij betreft ook volkomen terecht.
En daarmee is het zo dat er gezegd wordt: ja, we gaan dus kijken hoe we de komende twee jaar dat contract gaan invullen om dus inderdaad die kostenoverschrijding terug te dringen. En dat betekent dus dat de kostenoverschrijding van de afgelopen jaren niet automatisch te projecteren zijn naar de toekomst toe. Want er wordt dus ingegrepen. Dan … De voorzitter: Mijnheer Vriesen, ik denk een verduidelijkende vraag van de heer Van den Berg. Dan hebben we hem maar. De heer Van den Berg: De verduidelijkende vraag heeft hier betrekking op: u maakte net de opmerking, de aanbesteding wordt door drie gemeentes gedaan dus ook in totaalpakket bekeken. Is die overschrijding in die vierkante meters, is die nu naar een van de gemeentes toe te voeren of is het een … Hoe kijkt u daar als accountant naar, zeg maar, of is dat gewoon grosso modo het gemiddelde van alle partijen, alle drie de gemeentes? Hoe moet ik dat, hoe moet ik uw zin daarin beluisteren? De heer Vriesen: U mag concluderen dat u als Laren daar relatief weinig last van gehad heeft. En laat ik het zo zeggen: ik heb een geheimhoudingsplicht, dus u zult mij geen bedragen over Blaricum en Eemnes horen zeggen. Oh, wacht even. De voorzitter: Misschien … We komen wel nu in het vaarwater van vragen voor de wethouder terecht, maar … Ik denk mijnheer Loeff, technisch, neem ik aan.
De heer Loeff: Het is heel technisch nog even, want ik ben heel erg geïnteresseerd eigenlijk naar aanleiding van wat u zegt, het is verduidelijkend, maar ik probeer het nog even scherper te krijgen. Betekent dat dan dat Pagina 7 van 38
op het moment dat een klus die is aanbesteed aan een partij en er is een overschrijding van meer dan tien procent, u zegt: nou, dat dreigt te gebeuren. Dan zou dat onrechtmatig kunnen zijn omdat er zeg maar te veel kosten worden gemaakt door dat bedrijf. En dat betekent dat het eigenlijk opnieuw moet worden aanbesteed. Is dat, klopt dat? Of… De heer Vriesen: Nou, waar het om gaat is, daar zit een hele analyse achter en ik wil het niet te technisch laten worden, hoewel dit wel de technische vragenronde is. Kijk, waar het om gaat is: heb je aan de voorkant voldoende nagedacht over wat je in de markt zet? En op het moment dat je te veel afwijkt, ja, dan zegt het Europees aanbestedingsrecht, ja, dan heb je misschien wel onvoldoende aan de voorkant nagedacht. Nou, dat is hier niet aan de hand want je blijft dus voorlopig binnen die marges, maar de vervolgvraag is: had je het kunnen weten? Nou en kijk en zeker in deze tijd als je zegt: goh, we dachten voor twee ton iets te kunnen bouwen en vervolgens door kostenstijgingen wordt het drie ton, ja, dan is het maar de vraag of je die huidige kostenontwikkeling in de bouw had kunnen voorzien.
Nou, maar dan kom je dus op een, ja, een zachtere invulling in feite van zo’n contract en hier zie je dus gewoon dat, nou ja, dat er afwijkingen zijn op technische details waarvan je kunt afvragen, ja, had je dat niet beter kunnen inschatten? Nou, dus dat is wat er aan de hand is. U had ook een vraag over die 45.000 euro aan leges. Nou, wat ik ook in het accountantsverslag heb opgeschreven is dat wij op een aantal posten en dus ook op deze onvoldoende informatie hebben kunnen, hebben gekregen om gewoon vast te kunnen stellen of dat bedrag goed was. Met andere woorden: er staat een vordering in de balans en hebben geen onvoldoende onderbouwing ontvangen om te zeggen: nee, die post klopt. Nou, dan is die voor ons onzeker maar dat betekent niet automatisch dat dat bedrag niet binnen gaat komen. Alleen ik weet het niet. Feit is wel dat op het moment dat wij vorige week de controle afronden het bedrag nog niet binnen was. Dan de vraag over, ja, 250.000 euro aan rechtmatigheidsfouten, is dat nou veel of weinig? Ja, ik zou bijna zeggen: dat is wel bijna een politieke vraag. U maakt hem wel heel mooi door te zeggen: goh, u komt bij andere gemeenten en wat treft u daar aan? Ja, maar niet alle gemeenten hebben elfduizend inwoners dus dat is ook een beetje afhankelijk van de omvang. Dus als u het niet erg vindt speel ik die even door naar de portefeuillehouder.
U zegt overigens ook dat er een driejaarstermijn is voor de wisseling van accountants. Dat is overigens niet waar. Die termijn is zeven jaar. En die zevenjaarstermijn is overigens een soort van adviestermijn in de zin van: goh, na zeven jaar moet je en dat is primair ligt dat bij mij als accountant om te zeggen van goh, vind ik mezelf nog fris genoeg om na zeven jaar nog accountant van Laren te zijn? Nou en dat heeft dus ook te maken met: ja, zit daar nog steeds dezelfde gemeentesecretaris? Zit daar nog steeds dezelfde mensen in de ambtelijke organisatie? Heb je nog steeds met dezelfde portefeuillehouder te maken? Dat soort factoren spelen daarin een rol en dat kan een afweging zijn, want als je zegt: ik ben toe aan de derde raad en de vierde gemeentesecretaris en de vijfde portefeuillehouder, ja, dan is dat een ander verhaal dan op het moment dat het speelveld in zijn geheel niet wijzigt. Dus dat is een zachtere termijn. Daarbij hebben wij overigens voor het jaar 2022 en 2023 nog afspraken met elkaar. Zeg ik dat goed? Ja. Dat zeg ik goed. Ja. En dan ben ik ook inderdaad aan mijn zevenjaarstermijn toe, dus dat betekent inderdaad dat u mij na 2023 in persoon in ieder geval niet meer terugziet.
En dat zegt overigens niets over mijn nieuwe organisatie want, inderdaad, wij zijn gefuseerd met een andere partij en dat zegt dus niks over dat die organisatie niet met een andere externe accountant verder zou kunnen. Nou en dan hoop ik dat ik de vraag van mevrouw Van Dorst over de proceskwaliteit in het sociaal domein al een klein beetje geduid heb. Want waar het gaat over heb je zicht op cijfers, heb je zicht op de processen die daarachter liggen en de informatievoorziening ook die raad en college van Laren daarover krijgen, ja, dat leidt dus tot allerlei verschillen in controle, ontbrekende informatie, dingen waar we niet goed de vinger achter kunnen krijgen. En dat vindt zijn oorzaak in een stukje proceskwaliteit. Waarbij overigens ik wel de opmerking maak dat dat ook in hoofdzaak buiten de BEL ook georganiseerd is en ook buiten Laren georganiseerd is. Dat is natuurlijk tenslotte alles wat u uitbesteed hebt aan HBEL en ‘…’ Pagina 8 van 38
De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw …: Inderdaad verbaast het mij omdat men zo trots is op het dashboard waar echt dagelijks gegevens op zetten. Dus daar ligt het niet aan. De heer Vriesen: En dan in dit soort gremia ben ik altijd van mening, of ben ik altijd gewend dat ik een vraag vergeet en dan bent u vast wel zo vriendelijk om mij even te helpen met wat die vraag was. Sorry? Ja. Laat ik het zo zeggen, dat gaat over de stichting Hart van Laren. Kijk, daar staat een vordering op de balans en de financiële positie van die stichting is op dit moment dusdanig dat ik twijfels heb over de wijze waarop die terugbetaling zou kunnen plaatsvinden. En nogmaals: het is een onzekerheid, ik kan net zoals u niet in de toekomst kijken, dus ik weet ook niet hoe dat verder gaat. Maar ja, dat, op het moment dat een stichting ervoor staat zoals de stichting ervoor staat, ja, dan moet ik daar vanuit mijn vak een opmerking overmaken. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank mijnheer Vriesen. Dat is een hele uitgebreide technische toelichting, dank daarvoor. Dan komen we bij de tweede deel van de bespreking van de jaarrekening en dan nodig ik de fracties uit naar het katheder te komen om een standpunt over de jaarrekening kenbaar te maken en eventuele vragen aan de wethouder te stellen. En ik begin bij mevrouw Van Dorst. U keek zo enthousiast.
Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja, goedenavond voorzitter, leden van de raad. We zijn nu ruim honderd dagen geïnstalleerd als raad. Voor de meesten van ons is het de eerste keer dat wij ons goed in de financiële situatie van Laren hebben kunnen verdiepen. Te beginnen met tweehonderd pagina’s met uitgaven over 2021 en de daarbij behorende inkomsten, dertig miljoen uitgaven tegenover 32 miljoen inkomsten. Daarnaast kregen we het concept accountantsverslag, oftewel: klopt wat er staat in het verslag van B&W? Lopen we risico’s, fraude, gebrekkige informatie en hoe verhouden we ons tot andere gemeenten? En last but not least, de kaderbrief die de contouren schetst waarbinnen raad en B&W moeten acteren bij het opstellen van de begroting voor 2023. We moeten niet wat wenselijk en haalbaar is door elkaar halen. Bij de jaarrekening stemt het positieve saldo van twee miljoen op het eerste gezicht tevreden, zoals de accountants ook al zei. Maar pas op: 2021 was een uniek jaar met veel extra inkomsten als gevolg van corona waarbij de Rijksoverheid gemeenten niet in steek liet. Maar ook de extra bijdrage voor de jeugdzorg. Het college stelt voor het batig saldo voor een groot deel over te hevelen naar het lopende jaar, 2022 en deels aan de algemene reserve toe te voegen. Dat lijkt redelijk maar het beeld wordt geflatteerd en leest gunstiger dan in een gewoon jaar.
Voor onze gemeente blijft de grote zorg dat ons eigen vermogen van ruim zes miljoen op een zorgelijk laag niveau verkeert terwijl de schulden van ruim vijf miljoen zijn toegenomen. Daarenboven hebben we in 2021 ook voor meer dan tien miljoen aan garantiestellingen in de boeken gekregen. Dat was eerst 22 miljoen en is nu 32 miljoen geworden. Met de solvabiliteit, ja, nu is het twaalf procent, zitten we ver onder de landelijke norm van twintig procent. Daar moeten we wat aan doen. Vandaar dat wij als D66 een drietrapsraket bepleiten voor een adequate aanpak van onze gemeentefinanciën in de periode tot aan 26. Ten eerste: bij het overhevelen van de batige saldo’s naar volgende jaren geven wij prioriteit deze eerst aan te wenden voor de reeds toegekende uitvoeringsprogramma’s in het sociaal domein, de ouderen- en jeugdzorg. Ten tweede: er is dringend behoefte aan inzicht hoe de gemeente achterstallig en ander onderhoud van schoolgebouwen en infrastructuur als wegen en parkeren in kaart heeft gebracht en hoe deze uit afschrijvingen en of investeringen te financieren. Met andere woorden: over welke bedragen hebben we het? En zijn die beschikbaar? Ten derde: onze rijke gemeente staat er qua financiële ratio’s relatief slecht voor. Andere gemeenten doen het stukken beter en wij vinden dat zo’n situatie niet verdedigbaar is en het kan onze zelfstandigheid in gevaar brengen.
Onze financiële deskundigen stellen dan ook voor bij de komende begrotingen vanaf het najaar en
Pagina 9 van 38
die van 2023 als uitgangspunt de volgende criteria mee te nemen. Eén, het totaal aan ruimtelasten zou niet hoger moeten zijn dan het jaar tevoren. Het totaal aan schuld zou ook niet hoger mogen zijn dan het jaar tevoren. Het totaal aan nieuwe investeringen zou bij voorkeur gelijk moeten blijven aan het totaal aan afschrijvingen. Mochten we toch hiervan af willen wijken, dan zouden we moeten aantonen met een langere termijnprognose dat deze investeringen de financiën van Laren niet schaadt. Ik dank u voor uw aandacht. De voorzitter: Dank, mevrouw Van Dorst. Ik kijk naar de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voorzitter, dank u wel. Een mooie aftrap en een mooi betoog van mevrouw Van Dorst van D66. Kritisch zoals altijd, alleen miste ik de opmerking over de wel heel late aanlevering van de stukken. Dat was ook altijd een D66 punt, maar die ga ik dan nu als CDA maar maken. Het is al gezegd: het zal altijd een reden hebben, we zitten ook in een jaar waarin er een nieuwe gemeenteraad is, maar in ieder geval wil ik dan een klemmend beroep doen dat wij in ieder geval over vier jaar maar eigenlijk in de komende jaren toch gewoon onze stukken ook eerder krijgen. Ook wij hebben een voorbereidende avond gehad onder leiding van de nieuwe wethouder met ook ambtelijke ondersteuning daarbij. En daar hebben wij het volgende uit opgetekend om aan u mee te geven.
En het zijn niet allemaal specifieke vragen maar wel een lijn en ik hoop ook dat de wethouder straks in politieke zin daar een toezegging opdoet. En hij heeft vanavond aan het begin al laten zien dat hij goed luistert en ook zomaar een week later al met een adequaat antwoord komt. En ik hoop dat dat ook voor dit onderwerp geldt. Tijdens die financiële werkgroep is het volgende aan de orde geweest en hebben wij als CDA de volgende opmerkingen gemaakt: het is volgens ons opmerkelijk dat de begroting 2021 na de meest recente aanpassingen een negatief saldo vertoont van 481.000 terwijl de nu gerapporteerde resultaat een positief saldo oplevert van 2,3 miljoen, afgerond. En nog in maart van dit jaar, rond de raadsverkiezingen, moesten we van het genoemde verlies uitgaan en nu opeens verschijnt er een dikke winst. En dan nog even over het voorgaande jaar: hoe kan dat nu? Ik wil niet zover gaan dat we dan denken: goh, we worden gepiepeld. Maar het is wel goed om nu hier toch een keer duidelijkheid over te krijgen. Dus dit is in ieder geval een opmerking naar de wethouder: hoe kan dit nu? En hoe stabiel is die financiële administratie als dan ook in een paar weken in april en mei van dit jaar er met betrekking tot dit boekjaar zulke fundamentele verschuivingen voordoen? Dat bevreemdt ons zeer en u zult daar ongetwijfeld een goed antwoord op hebben, dan wel een antwoord op hebben.
Of het een goed antwoord is, dat zullen we gaan horen. We weten inmiddels ook wel wat meer over de achterliggende gebeurtenissen: u geeft aan, werk is doorgeschoven uit 2021 naar 2022, uitkeringen uit het gemeentefonds vielen mee, de kosten van het sociaal domein waren lager en er werd meer aan lokale belastingen opgehaald. Prima allemaal, dat kan allemaal gebeuren, overkomt ons allemaal, ook in de voorgaande jaren. Maar waarom is dat nu pas in mei 2022 bekend? En wat zegt dat dan, voorzitter, wat zegt dat dan over de kwaliteit van onze financiële administratie als stuurmechanisme voor het gemeentebestuur en de gemeenteraad? En eigenlijk heeft natuurlijk onze accountant daarstraks ook al iets over gezegd, dat baart zorgen. In de jaarstukken van 2021 met de bijlage uitvoeringsinfo beslaat 263 pagina’s. Ik weet niet of ze precies overeenkomen met het aantal wat mevrouw Van Dorst noemde, wij hebben er 263 geteld. 263 pagina’s met cijferopstellingen. En dat gaat dan om een organisatie met een omzet dus inderdaad van twintig miljoen en een balanstotaal van 38 miljoen. Een indrukwekkende verantwoordingsadministratie maar nauwelijks geen managementadministratie. Een managementinformatie.
En die geïnteresseerde lezer, los van wij ons hier maar ook in het dorp, begeeft zich in een doolhof van details waarbij die zoektocht nog eens onnodig wordt gecompenseerd door een volstrekt eigenzinnig omgekeerd gebruik van plus- en mintekens. Ik zie nu mensen lachen, voor degenen die thuis zitten. Maar u gaat het nog maar eens even uitleggen waarom wij nou toch in overheidsland, of in ieder geval in de gemeente Laren, in de BEL, dit nu doen. Het zal ongetwijfeld weer om een antwoord geven maar heel Nederland rijdt rechts en in Laren rijdt men links. Zegt dan onze fractiespecialist. En ik ben daar vanuit de Pagina 10 van 38
politiek hier als raadslid ook heel erg mee eens. Leg dit nog eens een keer heel goed uit, maar kan dit niet anders? De combinatie van die twee genoemde omstandigheden maakt dat het CDA moet concluderen dat financiële administratie als basis voor de financiële besturing van de gemeente ernstig tekortschiet. Dat is niet nieuw, dat hebben we afgelopen jaren vaak geconstateerd, maar met een nieuwe frisse wind moet hier dan nu toch eindelijk eens een keer echt iets aan gebeuren. Het is al door de accountant gezegd: we haken daar ook op aan: er is geen inzicht in risico’s of er is in ieder geval onvoldoende inzicht in risico’s. De inflatie neemt toe, de rente stijgt en tevens zijn op vrijwel alle beleidslijnen onzekerheden over de ontwikkelingen van kosten maar ook over de bijdrage van de overheid. 2026 is al genoemd maar de komende jaren zal het niet minder en anders zijn. Het probleem met de huidige gedetailleerde rapportage is dat er dan eigenlijk geen totaaloverzicht is van risico’s. En het integrale risicobeeld is er dus niet. En dit leidt er volgens ons toe dat de gemeente keer op keer verrast is en zal worden door meevallers en tegenvallers. Dan wel als we even tussendoor gemeentehuis verkopen dan kan het cijfermatig misschien net wat beter klinken, maar in de grote lijn is het een zorg. Hierdoor breekt volgens ons ook de sturing op de gemeentefinanciën.
Voorzitter, de resultatenrekening van de gemeente sluit af met wat omschreven staat als geraamd saldo van baten en lasten. En daar volgt dan nog een regel aan toe met toevoegingen en onttrekkingen van reserves om af te sluiten met de omschrijving: geraamd begrotingsresultaat. Naar onze mening lopen hier de beginselen van resultaatbepaling en resultaatbestemming door elkaar heen. Het is ongebruikelijk om deze zaken volgens ons met elkaar te vermengen en het begrote resultaat is het saldo van de baten en lasten. Wat er dan in de reserves gebeurt hoort een afzonderlijke paragraaf schuine streep beleidsparagraaf te zijn. En ons voorstel en dat is niet een vraag maar een suggestie aan de wethouder, aan het college, voorzitter, ons voorstel is om in deze zin de opbouw van de resultatenrekening aan te passen. En we hebben daarbij nog een aantal aanbevelingen. De verantwoordelijk wethouder neemt op zich om een voorstel aan de gemeenteraad te doen toekomen met betrekking tot de modernisering van de financiële administratie en verslaglegging. En dit voorstel omvat tenminste: het omvormen van onze financiële administratie zodat inkomsten en toevoegingen met een plusteken worden aangeduid en uitgaven onttrekkingen met een minteken. En die opsplitsing van de financiële rapportage in een onderdeel van de managementinformatie en een ander onderdeel verantwoordingsadministratie.
Die opsplitsing geeft dan binnen de managementinformatie een korte en bondige samenvatting van gegevens die voor goed begrip van de financiële conditie van de gemeente noodzakelijk zijn. De andere samenvatting is betreft de resultatenrekening, de balans en de kasstromenoverzicht en het risicoprofiel. En de primaire invalshoek voor ons van die rapportage in de resultatenrekening is naar kosten en opbrengstensoort. En ik heb het allemaal uitgeschreven, mijnheer de wethouder, dus u krijgt na afloop van de vergadering deze tekst gewoon overhandigd. Maar naar onze mening is het zo mogelijk dat we dan op één pagina van een A4 de relevante gegevens samen kunnen vatten. En waarmee we dus cijfermatig en met kentallen en grafieken de beleidsmatige essentiële gegevens kunnen weergeven. In vier pagina’s heeft u dan het hele plaatje, hebben wij als dorp, als raadsleden maar zeker ook het dorp en de mensen die dat interesseert, dan hebben wij in een heel plaatje over de financiële conditie van onze gemeente. En desgevraagd stellen we eventueel als CDA die voorbeelden ter beschikking, maar ik denk dat u volstrekt, bijdehand genoeg bent om het zelf te maken. Maar mochten we een bijdrage kunnen leveren doen we dat graag. Ik kom tot een afronding, voorzitter. Het integrale risicoraamwerk willen we ontwikkelen voor de gemeente Laren, althans, u komt daarvoor met voorstellen naar ons toe.
En dat integrale risicoprogramma schui… sorry, rapportage wordt ieder kwartaal gedeeld met ons in de vorm van een dashboard, het is net ook al gevallen in een ander verband. Het is niet alleen een modern begrip maar het kan ons helpen en u helpen. Wij hebben begrepen dat in de commissie M&F door u, wethouder, daar inmiddels op aangegeven is dat u daar al aan denkt en mee aan het voorbereiden bent van zo’n dashboard. Maar wij zouden het graag meedenken in dit proces en meegenomen worden. En we horen ook graag in dit verband uw planning daarin. En die planning om voorstel tot procesverbetering in te dienen en tot een behandeling van de Pagina 11 van 38
jaarrekening 2022 te komen in de gemeenteraad van volgend jaar april 23. Dus niet 6 juli 2023 maar eind april 2023. En als dat dan te ambitieus is om tot die behandeling van de jaarrekening 2022 te komen in die gemeenteraad van april mei 2023 en de behandeling van de jaarrekening 2023 in de gemeenteraad van april 2024. Dan krijgt u nog een klein beetje speling maar dan heeft u de komende twee jaren tijd om de boel bij te schaven zodat we vele malen eerder als nu hierover kunnen spreken. Gelukkig hebben we nog twee jaar lang de beschikking over dezelfde accountant, dus die heeft geen inwerktijd verloren gegaan. En ik sluit af dat de gemeenteraad dan op voorstel van uw aanpak zou kunnen besluiten dat die management inventaris kunnen behandelen als een afzonderlijk agendapunt. En dat we dat loskoppelen van de verantwoordingsadministratie. En naar onze mening komt dat laatste dan afzonderlijk beter aan de orde. Het voorstel beoogt het gesprek over de complete financiële condities van de gemeente een prominente plaats te geven en het moet ertoe leiden dat ook in een deeldiscussie zoals die veelvuldig plaatsvinden in commissies et cetera, de relatie met het totale plaatje voldoende blijvend wordt vastgehouden. En dat is denk ik waar we als CDA in dit hele verhaal op aansturen: u heeft een ambitie om het beter neer te zetten en duidelijker te maken en wij scherpen het graag wat aan.
En voor nu, voorzitter, wil ik het in deze eerste termijn daarbij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer Van den Berg. Ik hoop dat uw inbreng niet in de pers vertaald wordt als dat het CDA bepleit van alle minnen een plus te maken. Ik ga naar de heer De Jong van Liberaal Laren. De heer De Jong: Geachte aanwezigen en luisteraars thuis. Voor ons ligt de jaarrekening van de gemeente Laren over het jaar 2021. Het totaalbeeld: in 2021 overstegen de baten de lasten met 700.000 euro, een positief vermogensverschil. Zonder incidentele baten en lasten zouden we een miljoen lager uitkomen, een klein verlies in 2021. Structureel dus een klein verlies. Een forse verbetering ten opzichte van de voorgaande jaren. Het positieve verschil met het structurele verlies van 2020 wordt per saldo verklaard door één miljoen hogere bijdrage gemeentefonds, een forse bijdrage, hogere OZB-opbrengsten en opbrengsten leges en grondverkopen. Terwijl de lasten niet verder stegen. Deze inkomsten blijven onzeker en de opbrengsten precario ondergrondse leidingen verdwijnen dit jaar. Alertheid blijft geboden. De algemene reserve. De algemene reserve van de gemeente Laren daalt in 2021 met zes ton naar 2,7 miljoen. Om op de ondergrens van de VNG-stresstest uit te komen is een versterking met ongeveer vijf miljoen nodig.
Het nettoresultaat van 2021 van 1,3 miljoen wordt in ieder geval dit jaar in 2022 nog toegevoegd aan de algemene reserve. De schuldpositie van de gemeente Laren. Het totale schuldniveau en dan noem ik dus de som van de daggeldleningen en de lange leningen, is gestegen naar 34 miljoen. In een jaar tijd is er een miljoen schuld bijgekomen. Van de geleende gelden wordt 14,6 miljoen doorgeleend aan verbonden partijen waarover de gemeente Laren een risico loopt. Des te meer leningen, des te meer eigen vermogen is er nodig om weer gezond te worden. Zorg voor minder leningen. De solvabiliteit. De solvabiliteitsratio van de gemeente Laren bedraagt nu 9,2 procent ten opzichte van 12,6 miljoen 2020, waarmee de gemeente zich in het hoogste risicoprofiel bevindt. De minimale eis is twintig procent, daar zitten we dus heel ver onder. De verdere afname van de solvabiliteit ten opzichte van 2020 is daarbij voornamelijk veroorzaakt door een afname van de reserveposities terwijl de totale schuldpositie in 2021 is gestegen. De baten en lasten. De totale lasten van de gemeente Laren stabiliseren zich het afgelopen jaar. Terwijl bij sociale zaken er een forse verlaging van de kosten is opgetreden door een ingezet goed nieuw beleid het afgelopen jaar. Bij het grotendeels open eind sociale zaken beleid blijven de risico’s echter groot.
De inkomsten werden sterk beïnvloed door hoge bijdragen van het Rijk. Als dit zo blijft zijn er op korte termijn daarom geen echte zorgen en het Rijk geeft aan voldoende middelen ter beschikking te stellen de komende jaren. Maar dat is geen garantie, dat die grotere bijdrage gemeentefonds niet ineens kan wijzigen. We zullen de kosten in de hand moeten blijven houden. De extra kosten voor de BEL-organisatie in de kaderbrief en de effecten van de herverdeling gemeentefonds stemmen tot zorg voor komende jaren. Interne organisatie en interne controle. Uit het accountantsrapport blijkt dat de Pagina 12 van 38
gemeente Laren controlemodellen moet maken om de uitvoering door de BEL te monitoren. Pas dan is het mogelijk inzicht te hebben in het rechtmatig handelen van de BEL en kan er betrouwbare informatie opgeleverd worden. De BEL en de gemeente Laren zijn nauwelijks in staat om op de afgesproken momenten de interne controles af te hebben. Basiscontroles vinden daardoor niet plaats. Dit is onacceptabel. Het is noodzakelijk hierover op korte termijn afspraken te maken zodat dit volgend jaar niet meer kan voorkomen. Onze conclusies: door de komende jaren alle structurele kosten en opbrengsten te begroten en te zorgen dat deze in evenwicht zijn moet het mogelijk zijn geen verliezen meer te maken. Maar begroot ook alle kosten en niet zoals tot voor kort een te laag bedrag aan kosten en een te hoog bedrag aan inkomsten. Daarnaast dienen alle incidentele baten zoals verkoopgronden en overige incidentele opbrengsten gebruikt te worden om de algemene reserve en de rest van het eigen vermogen te versterken tot de minimale eis voor de gemeente. Dat is de twintig procent solvabiliteitsnorm. Kijk eens naar de gemeente Eindhoven, die al vier jaar lang een positief resultaat laat zien en het vermogen versterkt na enkele slechte jaren daarvoor. Neem hun manier van werken over. Op deze manier moet het mogelijk zijn, om aan het eind van deze coalitieperiode weer een gezonde gemeente Laren te hebben.
Wij zullen de ontwikkelingen kritisch volgen en wensen u veel succes de komende jaren. Wij zullen de jaarrekening goedkeuren. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer De Jong. Ik kijk naar de fractie van de VVD, dat is de heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dank u wel voorzitter. Nou, in verband met de afwezigheid van onze financieel woordvoerder zal ik het wat korter houden en wat minder technisch dan de vorige sprekers. Maar gelukkig zijn er een aantal vorige sprekers die er technisch goed op in zijn gegaan, waarvoor namens de VVD veel dank. Wat in ieder geval denk ik op zijn plaats is, complimenten voor het gevoerde beleid aan het college van het afgelopen jaar. We hebben gezien dat het best ingewikkeld is geweest om überhaupt nog zeg maar de boel gaande te houden juist vanwege corona en vanwege allerlei andere zaken die op de gemeente zijn afgekomen. Het zijn gewoon echt moeilijke omstandigheden geweest. En ik denk dat het ook wat dat betreft ook dankbaar mogen zijn, om maar dat woord eens te gebruiken, dat het allemaal wel gewoon is gebeurd en dat het allemaal wel is gedaan. En met dat betreft denk ik ook dat we vanuit de raad een compliment uit mag gaan naar alle medewerkers van de gemeente die hier zich ondanks alle moeilijke omstandigheden hard voor hebben ingezet.
Dat heeft natuurlijk ook zijn effect op de financiële resultaten en vast en zeker ook op, is dat van invloed geweest natuurlijk ook op de reactie van de accountant. Niettemin is het toch wel iets om trots op te zijn dat uiteindelijk een goedkeurende verklaring voorligt en ik denk dat we dat gewoon, dat we daar ook gewoon blij om kunnen zijn en dat we die lijn in ieder geval, als het allemaal zo doorgaat, hopelijk kunnen voortzetten. Wat ik me afvraag is: er is ook een heel deel niet uitgevoerd vanwege corona of vanwege andere omstandigheden, bijvoorbeeld ook door het gebrek aan medewerkers in de gemeente. Nou wordt er wel voorgesteld om een aantal zaken door te schuiven, dat is ook al eerder met een besluit door de vorige raad zo vastgesteld. Maar mijn vraag is of dat wel realistisch is nu we halverwege het jaar zijn. En dat vraag ik dan met name ook in het licht van de komende begroting, die de nieuwe wethouder zal gaan opstellen of daar misschien al wel mee bezig is. Om in ieder geval te kijken om daar een realistische inschatting van te maken en dan ook gewoon een mededeling kan doen wat mij betreft: jongens, dit gaan we gewoon helemaal niet meer redden, we stoppen hiermee en, nou ja, dat is wel jammer dan, maar … Of we maken een andere planning, laat ik het dat positief formuleren.
Nou, zoals gezegd, dit college of deze raadsperiode zijn we gestart onder een niet al te positief gesternte maar toch eigenlijk ook wel met in ieder geval een positief resultaat. Maar de toekomst ziet er niet heel erg rooskleurig uit na een aantal jaren. Er wordt gesproken over het zogenaamde ravijnmoment, dat had ik nog niet eerder gehoord maar het wordt dan een nieuwe term in deze vier jaar: ben je al toe aan het ravijnmoment of nog niet? En hoe zorgen we, beste college, dat het ravijnmoment ons niet gaat overkomen, sterker nog, dat we helemaal uiteindelijk in 2026 geen ravijnmoment zullen kennen? Ik snap Pagina 13 van 38
dat daarvoor alles ingezet moet worden op het zorgen dat wij onze financiële huishouding in zijn algemeenheid op orde hebben. En dat is dan ook de lijn die de VVD ondersteunt, namelijk het doortrekken van die lijn dat we ons weerstandsvermogen versterken. En dat kan bijvoorbeeld, gelukkig dan, door de actie die nu al wordt ondernomen door de inkomsten uit verkoop van het raadhuis. En wat deze wethouder ook al in zijn, volgens mij zijn aanvaardingspeech heeft gezegd, een van mijn grootste ambities is om een meerjarenraming op te gaan stellen die gewoon veel verder naar voren uitkijkt: wat komt er op ons af en hoe kunnen we daar veel meer op sturen? Dus ik kan alleen maar zeggen dat uiteraard de VVD deze wethouder daarin zeer serieus gaat nemen en ook veel succes in zal wensen. Nou is het wel zo dat wij ook politieke wensen hebben neergelegd in het coalitieakkoord en dat die ook nog wel even betaald moeten gaan worden de komende jaren. Dat willen wij ook allemaal graag, dus als wordt gesteld of als de lijn zou worden dat alles wat we overhouden naar de algemene reserve gaat en daar wordt gebruikt voor alleen maar voor het verhogen van de solvabiliteit, dan zou ik dat wel zeer betreuren. Want de wereld staat niet stil, onze burgers willen ook het een en ander, dat doen wij voor hen. Dus het kan niet zo zijn wat de VVD betreft dat we daar helemaal niks voor kunnen betekenen.
En natuurlijk zal altijd de vraag blijven: is daar dan nog ruimte voor om iets te bezuinigen? Maar aan de andere kant denk ik ook dat we wel moeten blijven investeren in onze samenleving. En dat doen we ook juist voor die burgers en ik heb niet de indruk dat wij hier heel erg zwaar lopen te investeren in de eigen organisatie, wat vaak tot frustratie leidt van de raadsleden maar ook van de burgers zelf. En wat merken wij daarvan? Dus in die zin zou ik wel die lijn willen openhouden. Toch nog een paar concrete vragen ter afronding, voorzitter. Er is al veel gezegd ook met de accountant erbij over de solvabiliteit. Er is een minimumlijn bepaald voor Nederland, maar wat is onze minimumlijn? Dat weet ik eigenlijk niet. Is, gelet op de situatie die we kennen in Laren een lagere minimumlijn te rechtvaardigen of juist een veel hogere minimumlijn? En ik zou in ieder geval willen wegblijven van uw bezoek aan de gemeente Eindhoven, zoals net wordt gesuggereerd, want dat is echt wel een extreem andere situatie dan een klein dorp, laat ik het zo zeggen, als Laren. Maar niet te min, hoe groot zijn onze risico’s en wat rechtvaardigt dat dan zodat wij dat de wethouder van financiën ook kan meenemen in het vooruitzicht? Hoe lang gaan wij erover doen om een aanvaardbare solvabiliteitsratio te kunnen presenteren? Ik had al in de technische vragen nog wat gesteld over de Tozo-regeling.
Nou, de accountant heeft daar, dank u wel, op gereageerd. Maar nu wil ik dan graag de reactie hebben van de wethouder hoe hij daartegen aankijkt, of hij dus vindt dat dat risico veel te hoog is ingeschat en of dat inderdaad nog tot iets zou kunnen leiden, waardoor in ieder geval dat risico kan worden bijgesteld. Ik heb naar mijn gevoel nog niet voldoende antwoord gekregen op de cryptische omschrijving bij punt 7.7 van de accountantsverklaring over ene geheimzinnige stichting waar het een en ander mee zou zijn. Oh, dan heb ik hem net niet goed … Dan trek ik die terug, voorzitter. En dan is eigenlijk nog een algemene vraag waar ik hier in Laren nog niet mee bekend ben is de vraag: er komt een, er is een accountantsverslag, maar komt er ook een reactie op het accountantsverslag van het college? Komt er een algemene reactiebrief? En dan steun ik inderdaad de suggesties eigenlijk ook die mijnheer Van den Berg van het CDA doet over, ja, als we dat nou even uit elkaar houden, dan kunnen we ook daarop focussen in plaats van dat het nu allemaal bij elkaar opgeteld wordt. Concluderend zullen we de voorgestelde besluiten positief ondersteunen, voorzitter. Dank u. De voorzitter: Dank mijnheer Koldenhof. Dan kijk ik naar de fractie van Groen Laren en dat is de heer Grunwald. De heer Grunwald: Dank u wel voorzitter.
Ik wil even beginnen met al mijn collega’s en ook de accountant te bedanken voor hun uitvoeringen. Met name de uitvoeringen van de heer Van den Berg onderschrijven wij volledig, dus daar ga ik niet in herhaling vallen. Het cirkeltje is hier bijna rond, dus er is ook al heel veel gezegd. Dus ik denk dat ik met mijn betoog even een stapje verder ga. Graag wil ik dat ook in begrijpelijk Nederlands Pagina 14 van 38
doen, om mij bewegende redenen. Voor ons ligt de jaarrekening 2021. Hierin staat hoe wij als gemeente Laren het financieel in het afgelopen jaar gedaan hebben. De jaarrekening bevat een grote hoeveelheid aan informatie over wat we allemaal aan de nodige zaken en dingen voor Laren betaald hebben. Er staat ook in waar het geld hiervoor vandaan komt. Wat de gemeente bij het Rijk en bij de inwoners en de bedrijven van Laren aan geld opgehaald heeft. Ikzelf kijk echter elk jaar uit naar de wettelijk verplichte controle door de accountant, zeg maar boekhouder die ervoor doorgeleerd heeft en zijn of haar verslag. De accountant weet feilloos de vingers op de zere plekken te leggen, al is dat dan in zorgvuldig gekozen woorden. Zoals bij hoofdstuk één hoofdlijn van onze controle, staat er bij de verslaglegging en WNT: daarnaast herhalen wij onze boodschap dat uw inschatting van de risico’s laag is in vergelijking met andere gemeenten. Daardoor komt de ratio voor het weerstandsvermogen relatief hoog uit en wordt met name gedekt door het verzilveren van stille reserves en dus de verkoop van activa. Ook geeft de accountantsverklaring aanleiding tot opmerkingen over controleverschillen. De kwaliteit van de interne beheersing, belangrijke schattingen in de jaarrekening, de vermogenspositie van de gemeente Laren en ga zo maar door. Voorzitter, de accountant komt eigenlijk vingers tekort.
Dan op bladzijde tien, eigen vermogen. Het eigen vermogen is de afgelopen jaren gedaald naar een zorgelijk niveau. Het resultaat over 2021 zorgt voor een kleine kentering maar een solvabiliteit van veertien procent is gemeten na de stresstest en in vergelijking met andere gemeenten erg laag. Het perspectief voor 2023 en 24 is weliswaar positief maar zelfs met de positieve bijstelling in de meicirculaire komt u niet in de buurt van de ondergrens van twintig procent waar de stresstest vanuit gaat. Dit is nou precies wat wij als Groen Laren bedoelden in onze campagne met: Laren is bezig met het verkopen van het tafelzilver. Betekent dus dat als je je eigen bezittingen verkoopt je geen tegenwaarde meer hebt voor je leningen en dat brengt dus je financiële huishouding in gevaar. En dan nog, ja, dan worden, als dit sneller wordt de opmerking gemaakt over dat de oppositie altijd zuur reageert terwijl toch een resultaat van 1,5 miljoen positief in het verschiet ligt. Nou, wat moeten we nou met dit soort opmerkingen doen? We kunnen ons afvragen of dat niet een beetje de realiteit verdoezelt. Maar goed, daar zijn eerdere sprekers ook al op ingegaan. Voorzitter, inmiddels is er een nieuw team van wethouders met frisse moed aangetreden. Het vaste voornemen van het team is, blijkens het coalitieakkoord, om het veel beter te gaan doen.