CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

20211216 Transcript M&F

Commissie Maatschappij en Financiën 16 december 2021, gemeente larenBij agendapunt: Opening en vaststelling agenda18.015 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE MAATSCHAPPIJ & FINANCIËN VAN GEMEENTE LAREN d.d. 16 december 2021

1.

Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Dames en heren, het is acht uur. Ik zou willen beginnen. Ik heet u van harte welkom. Ik wil u nogmaals vragen de regels van de coronaregels in acht te nemen. Anderhalve meter. Indien u niet zit het mondkapje. Daarnaast, het is een livestream. Dus als u het woord wil, via de voorzitter alstublieft. Dan kan ik uw naam herhalen. Dat is voor de luisteraars thuis prettiger. Afwezig is meneer Robert Winkel van het CDA. En meneer Wegter die doet het CDA als plaatsvervanger. Ja, ik ben wat in de war. Voor D66 als plaatsvervanger. Goed, dank u wel. Goed. Vaststelling agenda. Heeft iemand op- of aanvullingen op de agenda. Zo niet, dan is die bij deze vastgesteld.

2.

Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie M&F d.d. 18 november 2021 De voorzitter: Agendapunt twee. Adviezen en conclusies van de commissie M&F van 18 november. Bladzijde één, heeft iemand daar vragen, opmerkingen, aanvullingen op? Niet. Griffier, bedankt voor de vastlegging.

3.

Mededelingen De voorzitter: Mededelingen. Mijnheer Den Dunnen, heeft u mededelingen? De heer Den Dunnen: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Wij zijn met huisartsen die gehuisvest zijn in het gemeentehuis tot overeenstemming gekomen om daar een praktijkondersteuner jeugd bij te positioneren. En wel direct met de start zo snel mogelijk in januari. Het tweede wat wij vanmorgen hebben besloten in regioverband is dat we voor de minima een aantal zelftests zullen inkopen. En die zullen we ook verstrekken aan de mensen die gebruik maken van de voedselbank. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Calis, heeft u nog mededelingen? De heer Calis: Ja, dank u wel, voorzitter. Jeetje mina. Wat gebeurt er hier. Ik heb er gisteravond in de commissie R&I al het één en ander over gezegd, maar ik zie vanavond zeven nieuwe gezichten. Dus wellicht verstandig om het nog even te herhalen. Het gaat namelijk over de aanleg van glasvezel in het dorp. Wij hebben samen met Eemnes en Blaricum een principeovereenkomst gesloten met Delta Fiber. Delta Fiber gaat glasvezel aanleggen in de drie dorpen. Er was enige haast geboden omdat met name in Blaricum zijn er grootse plannen, zoals u wellicht weet, voor de Bijvanck. Om de hele Bijvanck te reorganiseren. En dan leek het de Blaricumse wethouder en college uitermate verstandig om dan, als dat het geval is, ook meteen glasvezel aan te laten leggen.

Wij hebben intussen ook contact gehad met KPN. Eerder dit jaar hadden wij een bespreking met KPN, maar die hadden plannen die wat verder vooruitgeschoven waren in de tijd. Dan moet u denken aan 2024-2025. Waar het ons om gaat in dat gesprek met KPN is: wij willen er graag zeker van zijn dat aan de inwoners, onze inwoners, een zo breed mogelijk dienstenpakket kan worden aangeboden. En dat is natuurlijk inclusief KPN en bijvoorbeeld Ziggo. En ja, KPN wil graag diensten aanbieden over hun eigen glasvezelnetwerk. En Delta Fiber die zegt: ons netwerk is open voor allerlei providers. Maar wij hebben ervaring dat KPN niet op ons netwerk wil. Nou, dan is dus onze insteek om die partijen toch bij elkaar te brengen. En een mogelijke oplossingsrichting zou kunnen zijn dat als Delta Fiber gaat graven, dat KPN meteen mee legt in dezelfde sleuf. Maar dat loopt dus nog. En het is goed om te bedenken dat onder de telecomwet

als er een netwerkoperator is die aankondigt om infrastructuur aan te leggen in de gemeente, dat je volgens de telecomwet niet kan tegenhouden. Je moet dat gedogen en meewerken. Je kan alleen proberen als je een partij zoals wij nu aan Delta Fiber gegund hebben, als je daarmee een overeenkomst maakt, om dan nog een zekere periode van graafrust in acht te nemen, zodat niet meteen daarna weer de straat opengaat. Maar we doen daar ons best voor. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja. De wethouder heeft gisteravond er inderdaad al iets over gezegd. Maar ik had hem in de commissie van M&F als rondvraag, maar ik kan hem dan nu meteen wel vragen. Kunt u nog even iets vertellen, u zegt: we hebben het gegund of gegeven aan Delta Fiber. Is dat iets met aanbesteding? Kan KPN of Ziggo of een ander daar nog wat van vinden? Het is een informatieve vraag hoor. Het is geen politieke vraag, maar een informatieve vraag. U heeft al gezegd hoe u erin staat. Mooi dat u ook zorgt dat misschien KPN meedoet, maar ik begrijp dat Ziggo dus wel op Delta Fiber wil. En hoe gaat dat met andere gemeentes in de gemeenten? Misschien dat u daar nog even iets over kan zeggen. En wij worden nu bestookt, zeg maar. Als je lid bent van verschillende verenigingen, dan gaan al die verenigingen. Ik heb nu, geloof ik, al vijf mails ontvangen.

Kunt u nog iets zeggen wanneer het definitief doorgaat? Hoe dat werkt als inwoners, zeg maar, bij één van de verenigingen inschrijven bij Delta Fiber. Maar bijvoorbeeld je hebt KPN. Moet je dan eigenlijk bij Delta Fiber inschrijven terwijl je zo meteen bij KPN ook een glasvezel moet betalen? De heer Calis: Wat in elk geval interessant is, is dat ik heb gevraagd aan Delta Fiber of ze een reverentie hebben. En in dit verband is het wel aardig om te noemen dat ze ook in Bloemendaal bezig zijn. Dus ik heb een ons niet onbekende burgemeester gevraagd: wie kan ik navragen hoe dat staat met Delta Fiber en hoe hun prestatie is. Elbert Roest heeft mij dus aan de naam van een projectmanager van Bloemendaal voor het glasvezelproject geholpen. En die was uitermate lovend. Delta Fiber is, meen ik, in drie kernen bezig om dat aan te leggen. En die zeiden. En eigenlijk word ik getriggerd door de opmerking van meneer Van den Berg. Delta Fiber is vrij agressief in hun marketing. Maar hoe ze het doen, hoe ze het werk aanpakken, dat is prima. En als er een tekortkoming geconstateerd wordt, dan acteren ze daar meteen op en maken het goed. Nu even terug naar de vraag van meneer Van den Berg. Hoe zit het dan met die diensten van KPN en Ziggo.

Nou, het lijkt mij dat dat ook voor Delta Fiber een enorm belangrijke vraag is, want de aanleg zal pas doorgaan als twintig procent van de inwoners van Laren zich aangemeld hebben als geïnteresseerde in een glasvezelabonnement. En als. Ik denk, maar dat is geheel mijn mening, als Delta Fiber daarbij kan verzekeren dat ze door één of andere samenwerking met KPN of op hun netwerk of door een netwerk van KPN de gezamenlijke diensten kunnen aanbieden, dat dat voor hun werving van geïnteresseerde zeer belangrijk zou zijn. Wat natuurlijk altijd mogelijk is, is dat KPN en Ziggo, die leveren nu diensten aan over hun kopernetwerk. En dat kopernetwerk gaat voorlopig niet weg, dus je kunt gewoon van de diensten van KPN en Ziggo gebruik blijven maken. Maar zonder de voordelen die een glasvezelverbinding dan zou kunnen betekenen. De voorzitter: Mijnheer Van den Berg, nog één vraag. Het is een mededeling. De heer Van den Berg: Ja, daarom. Maar daarom zeg ik: ik had hem als rondvraag. Dan hoef ik geen rondvraag meer te stellen. Dan nog een laatste vraag. Het klopt. Ik heb het gelezen, twintig procent. Het wordt ook een beetje. U zegt al: de telecomwet, et cetera. Dus het is ook een soort van publieke nutsfunctie. Je kan er ook geen leges voor vragen of iets dergelijks.

Wordt het dan in heel Laren aangelegd? Of wordt het straks toch nog dat in bepaalde wijken waar minder aanmeldingen zijn het niet aangelegd?

De heer Calis: In eerste instantie zijn de komborden de afgrenzing. Maar er is een mogelijkheid om percelen of terreinen die daarbuiten vallen ook te bekijken. De voorzitter: Dank u wel. 4.

Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Ga ik naar punt vier. Meldingen portefeuillehouders gemeenschappelijke regelingen. Zijn daar meldingen. Mijnheer Den Dunnen. De heer Den Dunnen: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. De wet inburgering gaat 1 januari van start. De regelingen zijn zodanig afgesloten dat het binnen budget plaatsvindt. We hebben ook uitvoerig gesproken over het toepassen van boetes. En daarvan hebben we afgesproken dat als er geen enkele andere weg meer openstaat, dus eerst naar gesprek, een corrigerend gesprek, nog een keer een gesprek, als dat allemaal niet gelukt is, dan wordt pas overgegaan tot het opleggen van boetes. Das was nog een vraag die hier in de raad leefde. Tweede wat per 1 januari ingaat dat is dat voor de jeugd het woonplaatsbeginsel gaat gelden. Dat houdt in dat alle jeugd die op dit moment in tehuizen verblijft, dat die een gemeente krijgen aangewezen waar ze van oorsprong thuishoren. En die gemeente wordt verplicht voor die kinderen dan, zeg maar, hun financiële regelingen te treffen. Ook daarvan hebben we vanmorgen afgesproken, dat gaat in ons geval maar om één persoon. Maar er zijn er een stuk of drie die we nog niet helemaal geplaatst hebben. Maar in ieder geval is de zorg voor die jongelui gegarandeerd. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Calis. De heer Calis: Dank u wel, voorzitter.

Ja, wat mij betreft tamelijk verheugend bericht. Is dat vooral op aandringen van de raad van Laren is er vandaag een raad van advies geïnstalleerd bij de bv vervoer, het taxibedrijf van de regio. En daar zijn we ontzettend blij mee, want dat zijn drie mensen. Elisabeth Post en Edwin Besseling. Die grote bestuurlijke ervaring hebben en ervaring in de transport- en taxiwereld. Die namens de gemeentes dus toezicht houden en het allemaal in het bestuur van de regio kunnen adviseren over het reilen en zeilen van de vervoers-bv. Dus daar was ik ontzettend blij mee. De voorzitter: Dank u wel. U had nog een vraag, mevrouw Niekus? Mevrouw Niekus: Dank u, voorzitter. Het was even voor de wethouder Den Dunnen. De jeugd die straks per 1 januari naar de gemeente gaat die nu ergens anders woont. Hoe zit het met het Papageno huis? Want daar zitten jongeren die vanuit heel Nederland hier komen wonen. Gaan die ook meetellen op de regels van Laren? De heer Den Dunnen: Die zullen zeker meetellen. Maar je wordt, zeg maar, ingedeeld in de gemeente waar je van oorsprong woonde. En dat is de gemeente die voor jouw zorg in moet staan. De voorzitter: Dank u wel.

5.

Raadsvoorstellen De voorzitter: Dan gaan we naar de raadsvoorstellen.

5.1 Regionaal beleidsplan Bescherming en Opvang 2022-2025 De voorzitter. 5.1, regionaal beleidsplan bescherming en opvang 2022 tot 2025. Er zijn geen insprekers. Meneer Den Dunnen wordt ondersteunt door ambtenaar mevrouw Hartkamp. Een medewerkster van de regio. Welkom. Mag ik u vragen te beginnen, mijnheer Wegter? De heer Wegter: Dank u, voorzitter. Kunt u een korte inleiding geven misschien? De voorzitter: Pardon. Gaat uw gang. De heer Den Dunnen: Het beleidsplan bescherming en opvang, zoals u gelezen heeft, is een opvolging van een vorig beleidsplan dat tot 1 januari nog van kracht is. Dat vorige beleidsplan is uitvoerig geëvalueerd met alle partijen die daarmee te maken hebben. Vervolgens zijn hun opmerkingen verwerkt in het nieuwe beleidsplan. Dat is weer ter inzage gegaan naar alle partijen die daarmee te maken hebben. U heeft het beleidsplan ook hier al een keer gehad met het verzoek om zienswijzen in te dienen. Dat was toen niet het geval. En nu zijn, zeg maar, alle zienswijzen die in het traject gedaan zijn, zijn op dit moment verwerkt in het plan. En de gedachte is dat we inderdaad in de maand december in alle gemeenteraden in het Gooi en Vecht dit plan vaststellen, zodat het op 1 januari van kracht kan worden. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Wegter. De heer Wegter: Voorzitter, we hebben met zeer veel genoegen en met grote interesse dit hele stuk gelezen.

Het is een voortreffelijk stuk, vinden wij. Het is ook nog voor een buitenstaander ook nog goed leesbaar. Daar moet ik de ambtenaar die hier zit voor complimenteren. En ook de grote aanpak die hier in feiten aan orde is en die eigenlijk een vervolg is op wat in 2017 geïnitieerd is, als ik het goed begrijp, wordt nu voortgezet. En in grote lijnen kunnen we dit volledig volgen. Wat betreft de financiën is er enig voorbehoud gemaakt. En dat lijkt me om een aantal redenen verstandig. Temeer de laatste ontwikkeling in Den Haag geeft een mogelijke aanleiding tot een veronderstelling dat er mogelijk nog wat meer geld vrijkomt voor deze sector. En dat zal mogelijk daarbij betrokken kunnen worden voordat we definitieve keuzes gaan maken met betrekking tot de financiën. Maar misschien zie ik dat verkeerd en heeft u daar al voldoende zicht op. Maar als ik het goed begrijp houdt u nog enige slagen om de arm met betrekking tot de financiële implicaties van het geheel. Dat lijkt mij op zich verstandig, zoals ik net heb uitgelegd. Dat gezegd zijnde, voorzitter. Alleen maar complimenten voor deze ingewikkelde materie. Ik wou er nog één vraag aan toegevoegd. Het wordt natuurlijk beschermd wonen. Is één van de speerpunten, als ik het zo mag zeggen.

In hoeverre zal Laren daaraan tegemoet kunnen komen? Kunnen wij ook inderdaad de potentie hebben dat we dat beschermd wonen die functie ook in Laren waar kunnen maken? We hebben gisteravond daar in ander verband gesproken over een mogelijk project in Laren wat dicht tegen beschermd wonen aanleunt. En daar was nogal wat controverses over. En dat is voor zover ik weet het enige alternatief wat op dit moment in bespreking is. En mijn vraag is eigenlijk: kunnen we in de komende tijd nog iets meer verwachten op dit gebied als het met name over Laren gaat? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Den Dunnen, wil u eerst een rondje en dan antwoorden? Of meteen? De heer Den Dunnen: Nou, ik wil wel meteen antwoorden. De voorzitter: Gaat uw gang.

De heer Den Dunnen: Voor wat betreft het financieel voorbehoud wat het college heeft gemaakt, dat gaat inderdaad op dit punt. Het is namelijk zo dat beschermd wonen in de huidige situatie grotendeels wordt ingevuld door de gemeente Gooische Meren en een deel in Hilversum. Daar maken wij als Laren gebruik van. En wij zouden dus op het moment dat wij, zeg maar, woningbouw plegen rekening ermee moeten houden dat we ten aanzien van beschermd wonen misschien ook wel een taakstelling hebben. We hebben sowieso al een taakstelling ten aanzien van statushouders. En ook met deze groep zouden we rekening moeten houden. Het college heeft voorzien dat wij in Laren daarvoor weinig mogelijkheden hebben. En vandaar ook, en daar staat dan een verrekening clausule staat er dan in het stuk. Maar daar heeft het college een voorbehoud voor gemaakt en gezegd van: dat zullen we toch eerst nog nader uit moeten werken. Want wij zijn wel één van de eerste gemeentes die in aanmerking zouden kunnen komen voor die verrekening clausule, omdat wij weinig mogelijkheden hebben om hierin te voorzien. Dus vandaar het voorbehoud zoals het college dat gemaakt heeft in het voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Gaat uw gang. De heer Wegter: Mocht blijken dat Laren daarvoor niet in aanmerking komt, wat ik begrijp. Wat we betreuren natuurlijk.

Betekent dat, dat andere dan die taak erbij krijgen? Want we hebben in regionaal verband een bepaald commitment, neem ik aan. Kan Laren niet leveren, dan moet iemand anders leveren. Heb ik dat goed gezien? De heer Den Dunnen: Ja, en dat is natuurlijk een beetje pijnlijk. We zullen als Laren misschien ook eens een keer zelf aan de bak moeten. We willen geen. Op andere gebieden vinden we ook dat we een specifieke positie hebben die niet toelaat om bepaalde dingen te doen. Als dat ook hier geldt, dan betreur ik dat wel. Dus ik vind dat ook Laren niet te snel moet zeggen: dat kunnen wij niet waarmaken. Ik denk dat we een extra inspanning zouden moeten doen. Maar, goed. Dat gezegd zijnde. Ik twijfel niet aan uw goede bedoelingen, wethouder. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Larens Behoud, mijnheer Jacobse. De heer Jacobse: Dank u wel, voorzitter. Ik heb twee vragen. Kunt u ook kort beantwoorden. Een inhoudelijke vraag en een algemene vraag. De inhoudelijke vraag is: zou het niet handig zijn geweest voor de beeldvorming als we de uittreding van de gemeente Weesp ook in beeld hadden gebracht? Respectievelijk hadden betrokken bij wat er nu gebeurt. Ik ben op zoek naar zuivere beelden en rechte verhalen. Als het dan meer wat blijft zwalken, dan denk ik van: goed. Dat is één. En de tweede vraag aan de wethouder.

Kunt u aangeven in welke mate dit stuk, deze maatregelen en deze afspraken, zich verhouden tot de bezuinigingen die u al op het sociaal domein heeft ingezet voor Laren? Dus dat is dan eigenlijk de regionale regeling in relatie tot uw bezuinigingsmodule voor Laren. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Den Dunnen. De heer Den Dunnen: Ja, bij mijn weten komen de onderwerpen die hier aan de orde zijn, dus beschermd wonen, vrouwenopvang en veilig thuis en dergelijke, komen niet in de bezuinigingsvoorstellen voor. Ik kijk even naar de wethouder financiën. Dus derhalve worden die daar niet door geraakt. Voor wat betreft het uittreden van Weesp. Dat is een, zeg maar, een algemeen iets voor de hele regio. En daar zult u vanuit de regio Gooi en Vecht een uitgebreid voorstel krijgen te zijner tijd wanneer zij uittreden en wat de consequenties daarvan zijn. Daar wordt in de begroting van de regio Gooi en Vecht wordt daar nog aan gewerkt voor wat precies de consequenties daarvan zijn.

De heer Jacobse: Apart? De heer Den Dunnen: Ja. De heer Jacobs: Dank u wel. De voorzitter: Graag via de voorzitter. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voorzitter, dank u wel. Met betrekking tot dit onderwerp hebben we geprobeerd om maar even een paar vragen te stellen. Om dan daarmee enig licht in de duisternis van het beschermd wonen te krijgen. En het gaat eigenlijk een beetje over de tekorten, waar overigens mijn collega net al over sprak. De andere collega sprak al over: waar gaan we dat, waar kunnen we dat überhaupt in Laren doen, wethouder. Maar hoe ziet u dat bijvoorbeeld in het verband met covid nu en een extra slag misschien dat mensen eenzaam raken dan wel misschien extra in de verwarring raken. Gaat dat nog extra, zeg maar, drukken op wat hier nu als beleid is neergetekend? En hoe gaat u met die andere kosten of met die hogere lasten daarmee om? En kunt u daar nog iets gewoon over zeggen, hoe u daar, zeg maar, gewoon als wethouder naar kijkt zo in de laatste dagen van dit college. En hoe dat de komende jaren zich gaat ontwikkelen. Maar ook over hoe andere gemeentes erin staan om dit probleem wat er is, zeg maar, nou ja, hoger op de agenda te krijgen. En dan heb ik het over gewoon beschermd wonen, dus niet over betaalbaar wonen voor zielige oude mensen. Maar wel over de slag die echt beschermd moeten wonen.

Of u daar nog iets extra over kan zeggen hoe dat ook beleefd wordt in andere gemeentes en hoe Laren daartussen zit. De voorzitter: Mijnheer Den Dunnen. De heer Den Dunnen: Het is zo dat op dit moment is er natuurlijk beschermd wonen. En beschermd wonen zit vooral in de vorige gemeente Bussum en Hilversum en in Naarden. Daar wordt, zeg maar, op dit moment invulling gegeven aan beschermd wonen. De verwachting is op dit moment dat wat wij hebben, dat dat voldoende is. Maar dat we toch op termijn moeten rekenen dat we. Ja, we willen graag hebben dat de mensen meer zelfstandig thuis blijven wonen. En deze vormen van beschermd wonen zijn toch wel vaak dat de mensen voorbereid worden in die beschermd woonsituatie om later weer zelfstandig in een eigen huis te kunnen wonen. De andere gemeentes die, ja, hebben tot nu toe steeds loyaal ook eventuele mensen uit Laren opgevangen. En dat geldt ook met name voor Hilversum in een cocon. En daar zijn vooral dak- en thuislozen opgevangen. En hoe word je nou dakloos. Nou, je kan heel eenvoudig dakloos worden door scheiding. En dan zegt je vrouw vervolgens: u moet het huis uit. En dan op dat moment ben je dakloos. En dan gaan onze mensen in eerste instantie naar de cocon. En dan worden ze vandaaruit worden ze verder geplaatst. Dus de collega-gemeentes zijn zeer loyaal ten opzichte van Laren.

Maar zeggen wel ook op gegeven moment van: prima, maar u zult voor uw eigen cliënten zult u ook uw eigen lasten moeten dragen. Daar komt bij: u krijgt ook zelf een vergoeding daarvoor. Tot nu toe is het zo dat voor de vrouwenopvang krijgt het centrumgemeente Hilversum de vergoeding. Maar vanaf 2022 worden de gemeentes voorzien. Zeg maar ieder krijgt dan een vergoeding binnen de gemeentelijke begrotingen. En die worden geacht dan doorbetaald te worden aan de regio. En hetzelfde geldt ook voor. Wat nog wel een moeilijk punt is. Dat is dan de inflatiecorrecties die er in de verschillende contracten zitten. Die krijgen de gemeentes in het acres uitbetaald. En dat moet dan wel vrijgemaakt worden voor deze, zeg maar, bijzondere posten. En dat is begrotingstechnisch nog wel een ding waar we extra aandacht aan moeten geven. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Berg.

De heer Van den Berg: Eigenlijk alleen maar op het allerlaatste, want ik zag de wethouder financiën even naar beneden kijken. Is dat iets wat we, zeg maar, afgelopen jaren in de begroting al wel een beetje een doorkijkje hebben gekregen? Of is dat weer nieuw, zeg maar, wat komend jaar gaat komen? De heer Den Dunnen: Dit laatste is nieuw. Dat begint pas vanaf 2022. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Vos. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik ben het ten deel eens en ten deel heel erg oneens met meneer Wegter. Inderdaad, het is een toegankelijk stuk. Maar ik heb het niet met plezier gelezen, moet ik u eerlijk zeggen. Want als ik dit lees denk ik: potverdorie, wat is er een boel narigheid waarin voorzien moet worden. Nou, er staan een heleboel getallen waarvan ik denk: nou, ik ben gelukkig dat ik niet in één van die categorieën verzeild ben geraakt. Dus in die zin ben ik het niet eens. Ook goed dat het inderdaad gebaseerd is op eerder onderzoek. Volgens mij zeer zorgvuldig opgezet en consequenties getrokken uit de dingen die in het verleden geleerd zijn. Dus in die zin een compliment aan de mensen die ermee bezig geweest zijn. Toch één concrete vraag. Dat betreft met name de cijfers die betrekking hebben op de situatie veilig thuis. Misschien moet u mij even corrigeren.

Want ik heb begrepen dat met name de coronatijd ervoor gezorgd heeft dat er heel veel onplezierige situaties zijn ontstaan in de periode waarin mensen thuis moesten blijven. En daar, nou, laat ik het voorzichtig formuleren, minder plezierige situaties zijn ontstaan. Terwijl als ik uw rapport lees, dan constateert u wellicht de daling. Nou kan ik twee kanten op redeneren. Dan valt het dus wel mee. Of het heeft effect gesorteerd hetgeen wat er gebeurd is. Ik denk dat u mij heel goed, volgens mij, bij kunt praten hoe dat dan komt. Want het heeft mij verbaast. Maar dat zit misschien meer in mijn hoofd dan in uw rapport. De voorzitter: Mevrouw Hartkamp. Mevrouw Hartkamp: Ja, dank u wel. Het klopt dat er een lichte daling zichtbaar is. Dat is natuurlijk op zich goed nieuws. Wat wel aan de gang is, is dat de meldingen die binnenkomen wel ernstiger zijn. Dus minder meldingen, maar wel heftigere meldingen. Ook in relatie tot wat u schetst, corona en mensen die toch al in een moeilijke thuissituatie nog dichter op elkaar moeten leven. Dat er minder meldingen zijn, dus dat het bij minder gezinnen of echtparen plaatsvindt, dat komt wel door het effect wat gesorteerd is door de zorg die dichterbij is waardoor ook heel veel voorkomen wordt. De voorzitter: Mijnheer Vos. De heer Vos: Mag ik daarop reageren, mijnheer de voorzitter.

Dus ik mag constateren dat eigenlijk het ingezette beleid ook zijn vruchten begint af te werpen? Mag ik dat zo kort door de bocht zeggen? De voorzitter: Mevrouw Hartkamp. Mevrouw Hartkamp: Dat is een mooie samenvatting. De voorzitter: De vragen beantwoord, mijnheer Vos? Oké. Liberaal Laren, mijnheer De Jong. De heer De Jong: Ja, wij hebben het stuk gelezen en zijn het eens met de inhoud. Dus dit is nodig en het zit goed in elkaar. Maar we hebben toch nog één vraag. Op gegeven moment lezen we dat de maximale Rijksbijdrage besteed gaat worden, maar elders lezen we ook dat de gemeente Laren ook als er tekorten zijn

moet bijspringen. Hoe zit het nu als er dus veel meer gebruikers komen. En ja, die moeten we natuurlijk helpen. Draait de gemeente daar dan voor op? En lopen wij daarmee grote risico’s? De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Den Dunnen. Of mevrouw Hartkamp. Mevrouw Hartkamp: Het is zo dat alles wat binnen de begroting bescherming en opvang plaatsvindt, daar zitten ook contracten onder. Daar zitten plafonds aan vast. Dus die kunnen niet zomaar overschreden worden. Dus het is niet zo dat als de vraag toeneemt dat dan ook het geld harder wordt uitgegeven. Waar de kostenregeling op zit, waar meneer Den Dunnen het ook over had, waar nog naar gekeken moet worden. Het gaat juist over het stukje van dat mensen thuis blijven wonen. En iedereen die thuis begeleid wordt, die wordt ook betaald vanuit de middelen van de gemeente. En dit beleidsplan en de voorzieningen die daarin zitten, die worden allemaal betaald vanuit de Rijksmiddelen, vanuit de overheid, de landelijke overheid. En die zitten dus in de begroting bij de regio. Ja? De voorzitter: Dank u wel. Dat was het, mijnheer De Jong? Dank u wel. De VVD, mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Dank u, voorzitter. Ik wilde inderdaad de ambtenaar ook bedanken inderdaad voor het uitgebreide stuk. Want u bent er lang mee bezig geweest met heel veel andere mensen. Het is een mooi stuk geworden.

Ik ben blij dat er op de contracten een plafond zit, zodat we daar meer controle op kunnen houden. Ik heb ook begrepen dat de aanbestedingen binnenkort allemaal weer de deur uitgaan. En dat we dan de lumpsum in de gaten kunnen houden. Toch? Mijn vraag is nog even, want dat weet ik niet helemaal goed hoe dat werkt. Ik begrijp dat het stuk pas in werking gaat als de regionale solidariteitsregeling, want die zou separaat bestuurlijk vastgesteld moeten worden staat hierbij. Kunt u mij daar een toelichting op geven? Wat dat inhoudt en wanneer dat dan is en wanneer dat dan echt in werking gaat. De voorzitter: Mijnheer Den Dunnen. De heer Den Dunnen: Ja, het is een voorbehoud wat het college gemaakt heeft, het college van Laren. Dat voorbehoud hebben we nog niet terug gezien bij andere gemeentes. Maar omdat het ons vrij snel kan raken hebben wij daarom dat voorbehoud gemaakt. En er wordt in het stuk zelfs gesproken over een boeteregeling. Nou, daarvan is al gezegd: ja, dat is wel een beetje een vreemd woord. We noemen het maar solidariteitsregeling. Maar die regeling, zoals die er nu instaat, zeggen wij: dat kan voor ons heel ongunstig uitpakken. Dus daar willen we toch eerst de discussie over hebben. En daar willen we ook apart bestuurlijke besluitvorming over hebben. Dus dat stukje hebben we er even uitgehaald. Dat zijn ik meen artikel 17A en B. Zoiets.

Waar daar over geschreven wordt. En daarvan hebben we gezegd: de rest kan wat ons betreft allemaal gewoon in uitvoering gaan. Maar op het moment dat dit aan de orde komt, dat wij solidariteitsgelden moeten gaan betalen aan andere gemeentes, daar willen we eerst nog besluitvorming over hebben. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Is er behoefte aan een tweede ronde? Mijnheer Wegter, gaat uw gang. De heer Wegter: Ik heb dit stuk geprezen als goed leesbaar. Maar het zou ook fantastisch zijn dat we nu eens een kleine samenvatting daarvan zouden kunnen krijgen die we ook aan de burgers kunnen geven. Want dit stuk is natuurlijk prachtig, maar richting de burgers waar het allemaal om draait. Ik ben bang dat u met dit stuk niet veel verder komt. Dus mijn visie is dat een taak van de lokale overheden om dat te doen. Maar misschien kan de regio daarin assisteren om op één of andere wijze een bevattelijke, twee pagina’s ofzo, om de essenties nog eens een keer op een rijtje te zetten. Het is alleen maar een suggestie hoor. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Niemand? Dan kunnen we dit stuk door leiden naar de raad voor volgende week. Gezien de opmerkingen die er nu zijn denk ik dat het daar als hamerstuk kan. Mee eens? Goed. Dan sluit ik 5.1 af. Mevrouw Hartkamp, bedankt voor uw inbreng. Het stuk was al duidelijk. Met uw toelichtingen is het nog duidelijker geworden voor de meeste. Dank u wel. 5.2 Uittredingsovereenkomst GNR Provincie Noord Holland en Gooise gemeenten De voorzitter: 5.2, onderwerp: uittredingsovereenkomst GNR-provincie Noord-Holland en Gooise gemeenten. Voorstel kennis te nemen van het onderhandelingsresultaat en geen zienswijzen in te dienen ten aanzien van de uittredingsovereenkomst. Er zijn geen insprekers. Mijnheer Calis, wil u een toelichting geven? De heer Calis: Zeker. Pardon. Zeker, voorzitter. Dank u wel. Het is denk ik al drie-vier jaar geleden dat Amsterdam en de provincie te kennen hebben gegeven dat ze uit willen treden als participant in het bestuur van het Goois Natuurreservaat. Voor Amsterdam geldt dat zelfs vanaf 2012. Daar zijn toen ook rechtszaken over geweest waarin Amsterdam niet werd toegestaan om uit te treden.

Ondertussen verwachten de achterblijvende bestuursleden, de vijf Gooise gemeenten, dat mocht het nu weer tot een rechtszaak komen, dat er alle grond was om te veronderstellen dat een rechter een uitspraak zou kunnen doen over de verschuldigde uittreedsommen die aanmerkelijk lager waren dan de gemeentes zich hadden voorgesteld. In elk geval met het oog op die mogelijke rechtszaken en met het oog op de wens om Amsterdam en de provincie, dat die willen uittreden, zijn er toen toch onderhandelingen begonnen, vriendelijke onderhandelingen, om tot een vergelijking te komen. En in december 2020 is dat overeenkomst met Amsterdam gesloten. Dat moet nog wel ondertekent worden. De provincie had in een vroeger stadium al een dermate laag bod op tafel gelegd dat de Gooise gemeenten toen gezegd hebben van: dat heeft weinig zin om hier verder over te praten. Toen de overeenkomst met Amsterdam tot stand was gekomen en we daardoor, denk ik, ook in de ogen van Amsterdam een behoorlijke sterke zaak hadden mocht dit tot een rechtszaak komen, hebben we Amsterdam dus kunnen verleiden om volgens diezelfde richtlijnen tot een aanmerkelijk hoger bedrag te komen dan hun oorspronkelijke bod van 16 miljoen euro.

En daar bovenop heeft de provincie zich enorm druk gemaakt en is geslaagd om voor het bestrijden van het stikstofprobleem in het Gooi nog eens een extra 1,4 miljoen aan het GNR ter beschikking te kunnen stellen. Dus die overeenkomsten liggen nu voor. Worden behandeld in de gemeenteraden voor op- of aanmerkingen of zienswijzen. Het enige verschil in de twee overeenkomsten is dat uiteraard het bedrag is anders. Daarboven, toen wij begonnen met een intentieovereenkomst met Amsterdam en de provincie hebben we ook gesteld: we stellen een Gooise natuuragenda op. Die treft u ook aan als bijlage. Die Gooise natuuragenda die is erop gericht om ook op de lange termijn de samenwerking van Amsterdam en de provincie te bewerkstelligen met de belangen van de Gooise natuur. En na de overeenkomst met Amsterdam is er door verschillende raden erop aangedrongen dat het naleven van die Gooise natuuragenda nog eens expliciet in de uittredingsovereenkomst zou kunnen worden aangemerkt. En dat is dan het enige verschil wat we in de overeenkomst met Amsterdam kunnen zien. Wat nu speelt. Vanmiddag was er een bestuursvergadering van het Goois Natuurreservaat. Dus daar wordt ernstig nagedacht. Er is ook een werkgroep en er wordt zeer druk over gedelibereerd hoe die gelden, die uittreedsommen, nu het beste beheert kunnen worden. Wat de verschillende alternatieven zijn.

Hoe dat belegt kan worden en hoe dat belegt mag worden. Wat dan het eventuele ingroeimodel is. Dus op wat voor manier, min of meer afhankelijk van het beheer ook, zullen de bijdragen van de gemeente al of niet moeten groeien om te zijner tijd het wegvallen van de bijdrage van Amsterdam en de provincie op te kunnen vangen. Maar dat staat dus nog op de rol voor volgend jaar. Het gaat er nu om dat de overeenkomst met Amsterdam en de provincie worden getekend. De provincie had als voorwaarde gesteld om akkoord te gaan met de overeenkomst van Amsterdam, waartoe ze natuurlijk verplicht waren als lid van het bestuur van het Goois

Natuurreservaat, zeiden we: we gaan pas tekenen als jullie ook met ons rond zijn. Dus dat leverede een aanmerkelijke vertraging op. En de overeenkomsten die specificeren een betaling van deze sommen na ondertekening van de overeenkomst. Dus het is ons wel zeer gelegen aan een spoedige ondertekening. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor deze uitgebreide toelichting. Larens Behoud, mag ik bij u beginnen? Mijnheer Jacobse. De heer Jacobse: Dank u wel. Wij vinden eigenlijk dat wat er nu uit onderhandeld is met Amsterdam en de provincie, dat dat adequaat is. We kunnen natuurlijk. We kunnen heel lang delibereren, dat hebben we dan ook gedaan, over of dat meer of minder moet zijn. Daar is de wethouder deels bij betrokken geweest in eerste instantie. Later hebben we dat natuurlijk in de eigen geleding gedaan. Mijn vader zei altijd: tel je zegeningen. Als ik zo kijk naar de bedragen, dan is dat aanzienlijk. Ik heb wel een opmerking. En ik begrijp dat de collega van de VVD zo meteen een vraag over heeft. Het zijn aanmerkelijke gelden zo even in de gauwigheid. Dat moet serieus behandeld worden. En dat moet goed ingevuld worden. Het is een mijlpaal. We sluiten iets af. We sluiten de samenwerking met Amsterdam af op termijn. We sluiten dat met de provincie af.

En samengevat zien wij prima mogelijkheden om voor een aantal decennia het Gooise Natuurreservaat met elkaar in de lucht te houden. Dus ik ben het eens met wat hier in dit stuk staat. En ik dank de wethouder voor zijn inspanningen daarvoor. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voorzitter, dank u wel. Nou, wij hebben een aantal weken of maanden geleden al eens een keer gezegd dat het resultaat waar toen over gesproken werd, dat dat een onderhandelingsresultaat is. Dat heet een onderhandelingsresultaat, dus dan is dat het. Daar kan je van alles van vinden. Ik denk wel dat het moment nog even is om, ik denk ook zelfs wel dat de wethouder dat op zichzelf met mij eens zal zijn, dat het eigenlijk wel doodzonde is dat de gemeente Amsterdam eruit treedt. Kijk, dat de provincie eruit stapt, dat is eigenlijk wel volstrekt helder. Want de provincie, nergens in Nederland, doet nog zo actief mee in een gemeentelijke natuurbeschermingsorganisatie die het Gooi toch eigenlijk is. Maar dat de gemeente Amsterdam eruit stapt binnen het kader van de metropoolregio Amsterdam en dat tien jaar geleden besloten heeft en kennelijk in de afgelopen jaren niet meer te bewegen is geweest tot andere ideeën daarover, dan is dit wel het moment om daar nog even een paar woorden aan te wijden. En nogmaals, daar kan de wethouder niks aan doen.

Dat doet niks af aan zijn resultaat. Maar dit is het moment om dat nog één keer aan te halen. Dat dat wel zeer zuur is. Maar ik geloof ook niet dat iemand, een andere wethouder, dat anders of beter had kunnen regelen. Het is een politiek gegeven. Aan de andere kant kunnen we ook zeggen dat wij hiermee nu volstrekt op eigen benen staan als Gooi. Dus ik denk dat het GNR met de opbrengsten, en ik denk dat daarop gehint werd door collega’s, zodanig daarmee omgaat dat zij ook gewoon dit overleven. En dat moet ook eigenlijk wel kunnen met 3,5 duizend hectare hei en bos. Weliswaar in een drukke omgeving moeten zij eigenlijk een levensvatbare en exploitabele organisatie in stand kunnen houden. Dus dat gezegd hebbende, wethouder, wil ik eindigen met complimenten dat dit een eindeloos dossier is geweest. En fijn dat het zo opgelost is. Maar wel met de kritische kanttekening richting de gemeente Amsterdam. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Vos. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ten deel eens met de vorige spreker. Ja, als je een overeenkomst sluit en die wordt eenzijdig opgezegd, dan moet je zorgen dat je eruit komt. Dan kan je van alles en nog wat concluderen over de afkoopsom die gerealiseerd is. Ik heb me daar in een eerdere fase nogal kritisch over

uitgelaten. Het is een lange termijn waarover de afkoopsom is betaald. Dus ik mag hopen dat er ook over een langere termijn gekeken gaat worden van: hoe en wat en wat voor een beleid gaan we hierop loslaten. Want het zijn comfortabele bedragen, maar het is ook een behoorlijk bezit. En met een huidig inflatiepercentage en een rente die bijna negatief is verdampt het eerder dan het water in de vennetjes op de hei heb ik het angstige vermoeden. Dus ik hoop van harte, en ik denk dat het Goois Natuurreservaat dat zich ook wel doordrongen is en ze daar voldoende capabel zijn, om op lange termijn een goede visie uit te zetten. Want het Goois Natuurreservaat is natuurlijk een enorm belangrijk instituut voor onze omgeving en onze gemeente. Het is een verzekering, denk ik altijd maar, om het groen het te houden. Dus het verdient alle steun. En ik hoop van harte, en dat zal misschien de wethouder zo dadelijk kunnen bevestigen. En dat is ook mijn vraag aan hem. In hoeverre hij denkt dat het Goois Natuurreservaat ertoe in staat is en hoe we daar eventueel in kunnen helpen. Want dat is natuurlijk de tweede vraag. Als we vinden dat mensen belangrijk zijn, dan moeten we ze ook faciliteren. Dus dat is mijn tweede vraag. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Calis, wil u reageren? De heer Calis: Ik kan het betoog van meneer Vos volledig onderschrijven.

En ook wat meneer Van den Berg te bedden bracht over het uittreden van Amsterdam en de provincie. Zeer betreurenswaardig. De verantwoordelijk wethouder van Amsterdam hebben we daar ook meermaals op gewezen en gezegd van: ga nou terug naar die gemeenteraad en zeg dat het heel verstandig is van Amsterdam om in het bestuur te blijven. En hoewel meneer Van den Berg begrip heeft voor de provincie vanwege hun zuivere situatie als subsidiegever en bestuurslid van een organisatie denk ik: als Laren hebben we ook een zetel in de stichting beheer van Singer. En wij geven ze ook subsidie, dus het is zeker geen onbekend fenomeen. Dus ik betreur persoonlijk, en ook het hele bestuur, zeer ernstig het uittreden van beide bestuursleden, Amsterdam en de provincie. Wat ik vertelde is: de wethouder van Amsterdam zei: ja, dat is leuk en aardig. Ik zou het misschien zelf graag willen. Maar dat is een beslissing van de gemeenteraad die niet terug te voeren is. Eenzelfde verweer kwam van de gedeputeerde van Amsterdam. Die zei: ja, dat is een besluit van de gedeputeerde staten en dat ligt er. En dat heb ik maar te respecteren. Dus zogezegd, als we dit als kennisgeving aannemen was het aan ons de taak om op zo’n goed mogelijke manier af te spreken hoe deze met beide partijen konden uittreden. En dan de vraag van meneer Vos van: hoe gaat u dat allemaal beheren.

Daar heb ik van aangegeven dat daar wordt nog heel erg hard op gestudeerd. Er zijn verschillende ideeën en scenario’s. Eén van de mogelijke problemen als u zegt van: laat het geld maar overgemaakt worden aan het GNR. Dat dan GNR gezien zou kunnen worden als een zeer rijke organisatie. En het GNR zelf is nogal bevreesd dat dat een ongunstige uitwerking zou kunnen hebben op de donateurs. En niet in het minst op de bijdrage van de postcodeloterij, die aanzienlijk is. Dus al die verschillende aspecten, zowel langjarige bijdrage, de positie van het GNR en hoe die stichting nou georganiseerd gaat worden. Voor die organisatie van de stichting komen we zeker nog bij uw raad terug voor op- en aanmerkingen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Calis, voor deze toelichting. Meneer Vos heeft daar nog een vraag over. De heer Vos: Nou, ja. Ik had nog een tweede vraag. En die was eigenlijk een beetje suggestief in de richting van de wethouder. Namelijk: hoe zouden wij als raad kunnen faciliteren? En die vraag heeft u volgens mij nog even opengelaten. De voorzitter: Mijnheer Calis, wil u daar nog even op antwoorden?

De heer Calis: Ja, het is een vrij open vraag moet ik zeggen. Ik denk dat als ik mijn pet opzet als bestuurslid van het GNR, dan zou ik zeggen dat deze raad dat kan faciliteren door als eerste te besluiten om de bijdrage aan het GNR in de komende jaren substantieel te verhogen. Dan kan je dat zeker faciliteren. De voorzitter: Ik denk niet dat dat de vraag van meneer Vos was. De heer Vos: Dat was het wel degelijk, mijnheer de voorzitter. De heer Calis: Neem mij niet kwalijk. Het was een kwestie van de bal erin lopen. De voorzitter: Dank u wel. Liberaal Laren, mijnheer De Jong. De heer De Jong: Ja, wij kunnen ons ook vinden in het onderhandelingsresultaat wat er nu na een hele lange tijd gekomen is en zullen hier ook mee akkoord gaan. Wij zullen hier geen, willen ook hier geen zienswijze op. Wij hebben wel een heel ander punt. Want er wordt op gegeven moment in dit stuk genoemd een brug over de weg tussen de Wester- en de Zuiderheide tussen Laren en Hilversum. Dat is daar moet komen. En wij zien die brug toch als een behoorlijke zichtvervuiling. En daardoor zal deze mooie laan ook voor een groot stuk van zijn bomen moeten worden ontdaan. En gaat ook het zicht vanuit Hilversum op de begraafplaats en het geologisch museum gaat helemaal weg, omdat daar toch een heel fors gevaarte komt. En wij zijn eigenlijk van mening dat daar een tunnel zou moeten komen.

Nou, het wordt in dit stuk genoemd. Dat de provincie dat gaat doen. Maar je kan het ook daar los van zien. Mag ik mijn stuk afmaken? Want het hoeft niet aan dit gekoppeld te zijn. Maar ik wil eens even horen hoe hierbinnen hierover gedacht wordt. Op het moment dat je daar een tunnel van maakt. Er is al een fietserstunnel, dus die tunnel die er komt, er hoeft ook geen fietspad bij. Daardoor blijft het zicht mooi op die laan en krijg je daar een tunnel onderdoor wat evengoed functioneert. We zien bij de A27 hoe mooi dat geworden is. Dus wij zouden eigenlijk willen pleiten voor een tunnel. Mij is bekend dat de vereniging van vrienden van het Gooi kortgeleden bij de provincie een verzoek gedaan heeft om daar ook een tunnel te maken. De heer Hurink: Mijnheer de voorzitter. De heer De Jong: Ja, mag ik het even afmaken? De voorzitter: Nee, hij vraagt een interruptie. De heer De Jong: Ja, daar kom ik op. De voorzitter: Hoe weet u wat die gaat vragen? De heer De Jong: Ja, omdat die dat al gemeld heeft. De heer Hurink: Is dit nou M&F of is dit nou R&I? Een tunnel? Dat is mijn vraag. Volgens mij hoort dat niet in deze commissie thuis. De heer De Jong: Het staat in dit stuk dat de provincie dat gaat doen. Ik wil daar een amendement op maken, op dit stuk. Die mogelijkheid is er, om dat te amenderen. Maar ik wil graag ook weten van: nou, hoe wordt hier met elkaar over gedacht.

Moeten we dat gezamenlijk met Hilversum en GNR gaan doen? Moeten we dit los van dit punt zien en dat op gegeven moment een verzoek bij de provincie neerleggen van: zou u willen nadenken over een tunnel. Beide opties zijn mogelijk. Of we maken een amendement hierop. Of we kijken

met elkaar. Of het college gaat ermee aan de slag ook met Hilversum en GNR om te kijken van: wat kunnen we daaraan doen. Maar de eerste vraag is: hoe wordt hierover gedacht? En hoe wordt hier tegenaan gekeken? Van ons uit zouden wij dit uitermate belangrijk vinden en het liefst ook hiervan loskoppelen. Maar desnoods doen we het met een amendement. Dat is het punt. De voorzitter: Ik wil meteen een rondje. Mijnheer Calis, wil u daarop reageren? De heer Calis: Dank u wel, voorzitter. Ja, er is meen ik ongeveer een jaar geleden een informatieavond gehouden over die tunnel. Of het wel een tunnel zou moeten worden of een brug of een verdieping. Maar daar zijn een heleboel aspecten naar voren gekomen met name ook grote bezwaren van aanwezigen tegen het zeer ruimschoots kappen van bomen als toevoer van deze oversteek. Ik kan alleen maar zeggen dat GNR, net zoals ze ook betrokken zijn bij andere provinciale projecten hier in de regio, zoals het project de groene schakel. Dat is het herinrichten van de afslag rond de A27, waarin ook Hilversum een belangrijke rol speelt omdat ze daar waterbergingen willen maken. Dan is het, meen ik, het project harde Koperweg. Een ander project wat voorbij is gekomen ondertunneling van de fietstunnel in Maartensdijk. Het GNR geeft daar adviezen. Maar dit project voor de ecologische verbinding van de Westerheide naar de Zuiderheide is zeker.

Het is een suggestie. Het is een verantwoordelijkheid van de provincie. Ik denk dat GNR zich daar nog niet over uitspreekt. En dat daar nog aanmerkelijke inspraakrondes moeten volgen. En uitwerkingen van de mogelijkheden, plussen en minnen, van deze verbinding. Dus ik denk dat. Ik begrijp de zorgen van meneer De Jong. Ik kan het er ook mee eens zijn. Maar ik denk dat het onverstandig zou zijn om nu als Laren te zeggen: maar wij willen graag een tunnel. Want ik denk dat we nog niet voldoende alle mogelijkheden en consequenties hebben overdacht of en hoe we daar wat kunnen doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting. De VVD. De heer Van Midden: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ja, allereerst ook namens de VVD gefeliciteerd met de deal. 16 miljoen is niet niks. En met het geld van Amsterdam hebben we ruim 21 miljoen in kas. Ik moet heel eerlijk bekennen dat vanuit een soort vreemd soort hobbyisme de wethouder en ik de afgelopen dagen wat heen en weer gerekend hebben, omdat ik heel nieuwsgierig was naar de drivers achter een dergelijke deal. Van: wat bepaald nou uiteindelijk dat je tot zo’n deal komt. En hoe reken je dat op een goede manier uit. Ik heb het idee dat ik nu ongeveer begrijp hoe die in elkaar zit, ook, zeg maar, wiskundig. Dat is op zich wel aardig. De belangrijkste vraag is eigenlijk een soort vraag die meneer Vos ook al opperde.

Van: we hebben nu dat geld, die 21 miljoen. Wat gaan we ermee doen? Zeker als je kijkt naar het rendement waarmee over 25 jaar dat geld contact gemaakt is. Dat is 3,75 procent. Ja, dan moet je uiteindelijk, zeg maar, op het moment dat je die pot hebt en je gaat beleggen meer dan die 3,75 procent halen wil je uiteindelijk ook met dat geld inderdaad die toekomstige bijdrage kunnen financieren. En eigenlijk spelen nu twee discussies nu we dat geld hebben. Eén, wie is nou de eigenaar van het geld. Nou, dat wil blijkbaar het GNR niet, omdat ze dan een rijke organisatie worden, dus wordt er gekeken naar een stichting die dan die gelden moet gaan beheren. Nou, dat is prima. Maar de tweede vraag is veel belangrijker. Van: wie wordt uiteindelijk de vermogensbeheerder van dat geld? Want die moet uiteindelijk een topprestatie gaan leveren om ervoor te zorgen dat die bijdrage van die 16 miljoen en die 5 miljoen van Amsterdam voldoende is om die periode te overbruggen. En dat zal toch nog wel een heel kunstje zijn. Meneer Vos gaf ook al aan dat we met de huidige, het is negatieve rente trouwens. -0,25 procent. Plus de inflatie. Dat een klein rekensommetje leert dat de pot binnen tien jaar leeg is. En dat gaat dus vrij snel dan. Dus dat vermogensbeheer is hartstikke belangrijk.

Daarmee is het ook belangrijk voor wat die stichting betreft, omdat wij uiteindelijk als gemeente het grootste belang hebben dat het vermogensbeheer goed plaatsvindt. Want op het moment dat het niet goed gaat, dan

moeten wij bijbetalen. Dat we ook daar op de één of andere manier een stem in krijgen. En daar in ieder geval ook als gemeentes toezicht op kunnen houden. Dus ik zou er ook voor willen pleiten dat als er een stichting of iets dergelijks opgericht wordt, dat we ook in de governance rondom die stichting uiteindelijk de gemeentes toezicht kunnen houden op wat er nou gebeurt en hoe dat rendement zich ontwikkelt. Ik weet niet of ik meneer Vos aan het vervelen ben, want hij is aan het zuchten. De heer Vos: In tegendeel, mijnheer Van Midden. In tegendeel. De heer Van Midden: Nou, ik zag u zuchten. Dus ik denk dat dat wel een punt van aandacht is. En de wethouder gaf al aan dat er vanmiddag al gesprekken geweest zijn om te kijken van: hoe kunnen we die consulatie naar de toekomst toe gaan inrichten. Ik zou dat graag mee willen geven hoor. Dat we in die governance ook als gemeente daar een steek in willen hebben. In ieder geval daar dicht op willen zitten. Omdat wij uiteindelijk in financiële zin het grootste belang daarbij hebben. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Vos, had u een vraag? De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wil graag de woorden van meneer Van Midden graag ook even vertalen in een vraag. Hij heeft het over 3,75 procent. Dat was dus een exercitie die u via de telefoon heeft gedaan.

Ik zou graag van de wethouder willen weten: is 3,75 als percentage voor het contant maken van de toekomstige vergoeding gebruikt? De heer Calis: In de berekening van de netto contante waarde is 3,75 procent gebruikt. De heer Vos: Dat is mooi hoog. Ik heb nog wat spaargeld. De heer Calis: Even de opmerking van meneer Van Midden. De overeenkomsten zijn gesloten of worden ondertekent tussen de vijf Gooise gemeenten en respectievelijk Amsterdam en de provincie. Dat betekent dat het geld wordt uitgekeerd aan de vijf Gooise gemeenten. En het GNR staat wel genoemd in de overeenkomst zoals u kunt zien, maar is geen deelnemer aan deze overeenkomst. Maar het is natuurlijk wel zo dat de gemeenten graag met GNR overleggen hoe dat geld het beste beheert kan worden. Er zijn verschillende mogelijkheden. Of je stort het naar de gemeentes naar rato van hun bijdrage. Of je stort het op rekening van GNR. Of je brengt het onder in een stichting. Dus dat is nog een onderwerp van gesprek. Zelf ben ik groot voorstander van het onderbrengen in een stichting. Want GNR had ik al geschetst, wat die voor mogelijke risico’s zien. Als de bedragen ondergebracht worden bij de gemeenten, dan heb ik alle vertrouwen in deze commissie en deze raad. Maar zou ik willen voorkomen dat in één van de gemeenten andere ideeën zouden kunnen gaan ontstaan over het beheer van dat geld.

Meneer Van Midden vraagt naar de beheerder. Wie gaat die beleggingen beheren. Aan de ene kant zijn er natuurlijk gespecialiseerde bedrijven die beheert beleggen aanbieden en ook de afgelopen jaren rendementen maken van vijf-zes-zeven procent. En als je zes procent maakt op 21 miljoen, dan heb je 1,2 miljoen. Dan hoef je dus bijna niks in te groeien. Maar als je zegt: ja, de rente is nu negatief. Ik geloof vijf jarige staatsleningen zijn -0,5 procent. De bijdrages zijn eigenlijk allemaal geïndexeerd met de inflatie. Dus in plaats van 3,75 procent plus zou je als netto contante waarde berekening misschien wel -2,5 of -3 procent moeten nemen. Dan kom je op bedragen ordergrootte 60-70 miljoen. En daarvan bestond toch zeer de overtuiging dat dat in de onderhandelingen niet haalbaar was. Dus daar hebben we ook verschillende experts op bevraagd van wat wij konden verwachten. Hoe onze redenering was. Wat de uitkomst zou kunnen zijn. En daarom is het resultaat nu wat voorligt. Voor de beleggingen geldt ook nog de stichting, in hoeverre heeft de stichting hun relatie met de gemeente. Want gemeenten mogen maar zeer beperkt beleggen, die mogen niet risicovol beleggen. Dat betekent dat als de stichting zich houdt aan de

gemeenteregels, ze in elk geval nooit zes procent kunnen maken, dat bestaat niet. Maar die aspecten zijn nog niet duidelijk en ik zal zeker meenemen, ik vind het ook een uitstekende suggestie van de heer Van Midden, dat regelmatig de stichting rapporteert over beleggingsresultaat en uitkeringsplannen. De heer Nanning: Dank u wel voor die toelichting. De heer Wegter. De heer Wegter: De laatste elementen door de heer Van Midden aangereikt zijn uitermate cruciaal, daar ben ik het geheel mee eens. Ik heb toch niet helemaal begrepen nu wat u precies bedoelt. U zegt, we moeten oppassen dat het niet bij de gemeente ‘…’ zoals bij de gemeentes maar dan moet er nog besloten worden dat het met een stichting gaat zegt u. Om te vermijden dat de gemeentes individueel ermee op de loop gaan, dat is duidelijk. Maar wie bepaalt dan dit feitelijke financieel beheer? Is dat dan de stichting, heb ik dat goed begrepen? En even misschien nog een paar andere vragen aan toevoegen. Ik lees in het stuk dat er wordt dus zestien miljoen genoemd, er wordt ook nog een bedrag van 1,4 miljoen genoemd. Dan wordt er ergens gesproken verderop dat het bij elkaar betekent dat men voor zeventien jaar, dat getal wordt ook genoemd, eigenlijk heeft men de samenwerking verzekerd althans financieel.

Kunt u die zeventien jaar nog even plaatsen want ik begrijp dat die zestien miljoen betrekking heeft op zeven jaar, heb ik dat goed gezien? Oh goed. De laatste vraag is: deze hele affaire is begonnen met het besluit van Amsterdam om uit te treden. Was het besluit van Amsterdam toen puur financieel gemotiveerd of wat was eigenlijk de werkelijke reden dat Amsterdam toentertijd meende deze stap te moeten zetten? Dank u wel. De heer …..: Dank u wel mijnheer Wegter voor uw vragen. De wens van Amsterdam om uit te treden uit het bestuur van het Goois Natuurreservaat ligt al enige tijd in het verleden, 2012. Maar wat ik begreep is dat de gemeenteraad zei: wij zijn in allerlei regelingen doen wij mee en Amsterdam moet overal voor betalen en laten we er dan maar schoon schip mee maken want dat doen we niet meer. Ik heb geprobeerd een gloedvol betoog te houden voor het feit dat het Gooise natuur uitermate belangrijk is voor Amsterdam en voor Amsterdamse inwoners. Maar daar viel niet aan de tornen. Het is zo dat op een bepaalde manier is er een bedrag berekend en dat bedrag dat vertegenwoordigt zeventien keer de jaarlijkse bijdrage nu. Dus de provincie betaalt zo rond de acht ton en zeventien keer acht ton is zestien miljoen. Amsterdam betaalt drie ton, zeventien keer drie is vijf en een half. De heer Nanning: Dank u wel. Mijnheer De Jong wilt u misschien nog even toelichten.

U zei een amendement maar in het basisstuk staat de tunneltocht niet genoemd, die staat in een van de bijlagen. De heer De Jong: Ja het staat in een van de bijlagen, klopt. De wethouder gehoord hebbende gaan wij niets doen. Ik was het helemaal eens met zijn verklaring. De heer Nanning: Ik denk niet gezien de discussie dat er nog behoefte is aan een tweede ronde? Niet, dank u wel. Dan zullen we door naar de raad. Gezien het feit zelf uit het financieel beheer dat er geen vragen meer zijn, over de overeenkomst is geen vragen gesteld. De heer De Vos? De heer De Vos: Niet zozeer vragen als wel, daar heb ik heel kort even aan gerefereerd, dat ik vind dat met name Amsterdam met een koopie er vanaf gekomen is. Maar dat heb ik al eerder mogen constateren. De heer Nanning: Dat heeft u al eerder een keer in de raad gemeld. Ik denk niet dat het noodzakelijk is dat we in de raad weer dezelfde discussie gaan krijgen, daar wou ik heen. Dus zolang beheer van de gelden er buiten blijven denk ik dat het verder een hamerstuk is voor de raad.

5.3 Legesverordening 2022 Laren De heer Nanning: Dan gaan we naar vijf punt drie, legesverordening 2022 Laren. Er zijn geen insprekers. Voorstel is de legesverordening 2022 met bijbehorende tarieven tabel A en B vast te stellen. De heer Van den Berg, CDA, mag ik u het woord geven? De heer Van den Berg: Er staat al het woord verordening. Dus dat houdt vaak in hier dat het eigenlijk door kan maar ik complementeerde de wethouder dat hij voor de laatste keer deze collegeperiode deze legesverordening presenteert en ga over tot orde van de dag. De heer Nanning: Dank u wel. De heer Vos. De heer Vos: Ik ben het wel vaker met mijnheer Van den Berg eens en helaas nu ook in dit geval. De heer Nanning: De heer De Jong. De heer De Jong: We hebben hier geen op- of aanmerkingen over. De heer Nanning: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Wij hebben ook geen op- en aanmerkingen hierover. Dank u wel. De heer Nanning: De heer Wegter. De heer Wegter: Dank u wel, nee. De heer Nanning: Larens Behoud? De heer Jacobse: Dank u wel voorzitter. Misschien niet in de volle breedte maar dan toch rekening houdend met opmerkingen uit onze achterban heb ik drie gedachten die ik met u wil delen. Dan moeten we maar kijken hoe we die verwerken. De eerste gedachte is dat als je kijkt naar de kosten van het kappen van een boom, nu praat Larens Behoud over een boom, zijn 169 euro vijftig.

Dat is een aanzienlijk bedrag en nou lijkt het er bijna op dat als je meer bomen kapt dat je een soort bonus krijgt want daar staat een heel ander bedrag. Je kunt twintig bomen voor slechts 336 euro kappen. Het moment … De heer ….: Maar mijnheer Jacobse dat is toch logisch. Dat ziet u bij Albert Heijn toch ook? De heer Jacobse: Ik dank u voor uw betrokkenheid maar mijn idee is dat we voor elke boom moeten knokken en laten we ze nou niet per bosjes van twintig verkopen voor 336 euro. Wij vinden eigenlijk, en ik vind dat eigenlijk ook wel, dat dat ook voor een koopje is. Een boom maar zeker drie en in het bijzonder twintig. Ik reken de kapitaalkrachtige Larense inwoners ertoe in staat om maar vrolijk een paar honderd euro af te tikken en een beetje in de rondte te kappen, nog los van de vergunning. Maar goed, dat is een. Het tweede waar ik het over wil hebben dat is eigenlijk heel snel. Er wordt gesproken over de gehandicaptenhond of de blindengeleidenhond. Er kwam iemand uit onze achterban die zei: dat is eigenlijk niet meer van deze tijd, zullen we dan maar een hulphond van maken? Hartelijk dank. Nou weet ik niet in hoeverre dat wettelijk mogelijk is, we hebben eerder iets met de Wet op de lijkbeschouwing gehad, dat kon ook al niet anders maar goed. Ik pleit voor een hulphond, dat is twee.

Drie, overigens uit dezelfde hoek, 56 euro vijftig voor het plaatsen van een speelmachine in het kader van de kansspelen: één zestien, één één. 56 euro vijftig om een

jaar zo een machine neer te zetten, daarmee stimuleer je natuurlijk ook niet echt de onthouding in de gokhandel. Dat is inhoud, dat is content, daar werd over gesproken. Ik heb beloofd het door te geven, ik moet eerlijk zeggen dat ik het ook een beetje een verdrietig bedrag vind. Maar goed, wat we daarmee moeten doen is niet aan mij maar ik wou het gezegd hebben. Dank u vriendelijk. De heer Nanning: De heer Calis. De heer Calis: Dank u wel voorzitter. De bedragen voor het aanvragen van een vergunning om een boom te kappen dat heeft alleen betrekking op de vergunning. Dat heeft niet betrekking op de schade die mogelijk veroorzaakt kan worden of veroorzaakt geacht wordt te worden door het verdwijnen van de boom. De meeste gevallen wordt er daar ook een herplantplicht opgelegd en die herplantplicht die is natuurlijk niet inbegrepen in deze vergunningsbedragen. Dus de vergunning gaat er alleen maar om hoe de aanvragen behandeld wordt door de ambtenaren. Los daarvan staat dat wel degelijk er ook een beleid is en ik meen dat zeer snel zal u daarover informatie bereiken wat het sanctiebeleid zal zijn voor kappen. Ook in dit verband zijn ook al eens ideeën geopperd dat zeker voor het illegaal kappen van een boom wel eens flinke bedragen op zouden gesteld kunnen worden. Maar dit gaat dus alleen over de vergunning en niet om het verlies van een boom te compenseren. Dan de hond.

Is het een gehandicapte hond of is het een gehandicaptenhond? De heer Nanning: Mijnheer Jacobse. De heer Jacobse: Voorzitter. Om die reden willen wij het graag een hulphond noemen want dan ben je daar in ieder geval vanaf. De heer Calis: Ik denk dat hulphond een veel breder begrip is. Ik ken ook een hondje en dat helpt mij enorm om buiten een wandelingetje te maken. Daarmee is het mijn hulphond. Maar ik ben niet gehandicapt dus ik zou het toch gehandicaptenhond willen laten blijven. De heer Nanning: De heer Jacobse. De heer Jacobse: De vraag is natuurlijk of het hondje de wethouder uitlaat of de wethouder het hondje. De heer Calis: Nou dat is wel duidelijk. Dan de vergunning voor een speelmachine. Naar mijn beste weten bestaat er in Laren niet één speelmachine. Dorpsradio. De heer Nanning: Mijnheer Hurink, via de voorzitter alstublieft. De heer Hurink: Er staan er twee in Laren. De heer….: Wat goed. De heer Hurink: Ik kom er iedere week maar niet om te spelen. De heer Nanning: Maar goed. Gaat u door mijnheer Calis. De heer Calis: Ik neem dat dat een businessmodel is waar dus geld verdiend wordt en daar wordt door de ondernemers belasting op betaald. De heer Nanning: Dank u wel. De heer Van den Berg.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10992982/2