20211215 Transcript R&I
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE RUIMTE & INFRASTRUCTUUR VAN GEMEENTE LAREN d.d. 15 december 2021
1.
Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Dames en heren. Ik zeg dames en heren. Mijnheer De Bondt, ik zeg dames en heren. Goedenavond. Hartelijk welkom bij deze vergadering van de commissie R&I. Op deze woensdag. We beginnen op een iets eerder tijdstip, gezien de lengte van de agenda is besloten door het presidium om dat iets te vervroegen, het openingstijdstip. Er is bericht van verhindering van mevrouw Berghorst van D66 en de heer Van Hest van het CDA. Hetgeen betekent dat ondergetekende die voorzitter is, op bepaalde momenten mogelijkerwijs één seconde zijn pet afzet om mogelijkerwijs een geluid te laten horen van één van de partijen die niet aan de tafel zit. Als u dat toestaat. We hebben we agenda. En ik zou willen voorstellen wat die agenda zelf betreft om iets te wijzigen in die zin dat we de laatste punt van de agenda, te weten de Diaconaal woonproject, dat we dat naar voren halen. Omdat er een paar insprekers zijn die anders de hele avond zouden moeten wachten. Dus ons voorstel zou zijn om dat punt, dus de Diaconaal woonproject als punt 6.1 van de agenda te beschouwen. En dan vervolgens de bespreking van de Crailo als punt 6.2 te beschouwen. Dan krijgen we dus: punt 6.1 krijgen we Diaconaal woonproject. Punt 6.2 het Crailo. En dan wordt wat nu 6.1 is wordt 6.3. Bent u daarmee akkoord? Daar kunt u mee leven? Dank u zeer.
Ik verzoek u vriendelijk, dat moet ik nog steeds herhalen, dat u … U spreekt via de voorzitter, maar dat weet u al. En in verband met livestreaming is dat natuurlijk van belang. Hebt u opmerkingen verder over de agenda? Dat is niet het geval.
2.
Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie R&I d.d. 17 november 2021 De voorzitter: Dan is die agenda daarmee gearresteerd en dan kom ik bij punt twee van de agenda. Te weten de lijst adviezen en conclusies van de vergadering van onze commissie op 17 november laatstleden. Zijn daar op- of aanmerkingen over? Dat is blijkbaar niet het geval.
3.
Mededelingen De voorzitter: Dan kom ik bij de mededelingen. Ze zijn er van het college, waarbij ik de beide heren van het college van harte welkom heet. Dat ze vanavond kunnen vrijmaken. De heren zijn van harte welkom en mogelijk hebben ze ook mededelingen. De heer Calis. De heer Calis: Dank u wel, voorzitter. Zoals u bekend heeft de gemeente in principe ingestemd met het afsluiten van een samenwerkingsovereenkomst met DELTA Fiber. Om glasvezel in Laren aan te gaan leggen. En ik wil u graag vertellen dat we de afgelopen week ook overleg hebben gehad met KPN. KPN heeft samen met het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds een gezamenlijke onderneming opgericht: Glaspoort. En Glaspoort stelt zich ook een doel om glasvezelnetwerken aan te leggen. En het beeld wat zich hier voordoet is dat DELTA Fiber mogelijkerwijs in eerste instantie niet erg genegen is om KPN op hun netwerk toe te laten. En KPN wil graag hun diensten aan blijven bieden, maar het liefst over hun eigen netwerk. Dus dat is een dilemma. Waar we in gesprek zijn met de partijen en hopelijk dat we daar goed uitkomen. Maar dat wil ik u toch wel even meegeven. De voorzitter: Dank u zeer. De heer Stam. De heer Stam: Geen opmerkingen.
De voorzitter: Geen mededelingen? Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman: Ik wilde eigenlijk reageren op hetgeen wat wethouder Calis heeft gezegd. Ik ben heel blij, want anders had ik het in de rondvraag gevraagd. Want er is nogal wat onrust in het dorp door Caiway, op welke manier langs de deuren gaat en vertelt dat ze nooit meer een ander televisietoestel kunnen kopen enzovoorts enzovoorts, als ze niet de glasvezel bij hen bestellen en een abonnement nemen. En als je dan inderdaad gaat kijken naar de referenties van dit bedrijf, dan is dat eigenlijk meer dan schandalig. En omdat ze ook in de Rabo zitten, DELTA, was mijn vraag eigenlijk bij de rondvraag: welke connecties heeft de gemeente hiermee? Dus ik ben blij dat het gemeentebestuur met KPN bezig is. Dank u wel. De voorzitter: Oké, deze opmerking neemt … Het college. De heer Calis: Mag ik hier op reageren, voorzitter? De voorzitter: Ja, zeker. De heer Calis: Er bestaat een Telecomwet. En die Telecomwet zegt dat je als gemeente moet gedogen dat een aanvrager, als die infrastructuur aan wil leggen, dat je dat moet toestaan. Dat kan je in eerste instantie nog tegen houden door daar nee tegen te zeggen, maar dan kan de telecomaanbieder dat via de rechter afdwingen. En het is dus verstandig om daar juist in onderlinge, goede verstandhouding afspraken te maken hoe die aanleg tot stand zal komen en hoe dat zal gaan.
Precies wat mevrouw Timmerman hier nou verwoordt, is onze zorg. En daarom is ook, wat ik u meldde, die bespreking geweest. Is: hoe kunnen wij aan de inwoners garanderen dat de bestaande diensten van bijvoorbeeld KPN en bijvoorbeeld Ziggo, die door veel mensen in Laren gebruikt worden, gecontinueerd worden op het nieuwe netwerk? Het lijkt mij dat het ook in belang is van DELTA Fiber om daar een passend antwoord op te vinden. Omdat ik me kan voorstellen dat dat een belangrijke factor is in het beslissen van het nemen van een abonnement of het aankondigen van bereidheid om een abonnement te nemen bij DELTA Fiber. De voorzitter: Oké, dank u zeer. Verder geen opmerkingen? Geen … Ja, de heer Loeff. De heer Loeff: Ja, ik heb eigenlijk een technische vraag. Naar aanleiding van deze uitleg. Zou dat kunnen betekenen dat er straks op twee momenten gegraven wordt om glasvezelnetwerk aan te leggen, en dat die naast elkaar komen te liggen? Is dat dan wat de twee concurrenten zullen mogen gaan doen? Of is daar een andere weg die bewandelbaar is? De heer Calis: Ja, het idee is … Als het mag, voorzitter. De voorzitter: Jazeker. De heer Calis: Het idee is dat in een samenwerkingsovereenkomst staat ook dat de gemeente zal streven naar een graafrust van tenminste twee jaar.
Maar het is ook denkbaar dat … Het belangrijkste en natuurlijk meest verstorende element van het aanleggen van het netwerk, is het opengraven van alle straten. Het graven van de geulen en het weer dichtmaken daarvan. En wellicht is het een mogelijkheid, en dat hebben wij geprobeerd te onderzoeken, dat de KPN mee legt met DELTA Fiber. Maar dat is nog in status nascendi, zoals de voorzitter dat graag uitdrukt. De voorzitter: Heel goed. De heer De Bondt.
De heer De Bondt: Ik ben een beetje uit beeld sinds ik bij mijn vrienden van Larens Behoud zit. Maar bij TenneT is het bijvoorbeeld verplicht om iedereen toegang te verlenen tot de kabel. Hoe zit dat bij DELTA? Voor mij is het heel interessant om dat te weten. Immers, ik betaal bij KPN veel minder als bij DELTA. Dat vind ik wel interessant. De heer Calis: Het is de Telecomwet en Autoriteit Consument & Markt waar de telecom onder valt. Is het verplicht voor de dominante marktpartij, en dat is in Nederland KPN, om zijn netwerk voor andere providers open te stellen. Maar dat geldt niet noodzakelijkerwijs voor andere aanbieders zoals DELTA Fiber. Maar de strekking en de aard van die instructie, die nemen we natuurlijk graag mee in het gesprek. Maar het is niet zo dat ze verplicht zijn. De voorzitter: Oké, dus we wachten met spanning de ontwikkelingen af. Ik denk dat we daarvoor moeten onthouden dat het onderwerp op zich natuurlijk belangrijk genoeg is. Het woord is nog aan de heer Vos. Groen Laren. De heer Vos: Die even zijn microfoon aanzet. Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik ben een beetje verrast door deze mededelingen. En vooral omdat ik denk dat in deze neoliberale coalitie volgens mij toch concurrentie een heilig ding is. En ik begrijp dat daar in deze zaak geen sprake van is.
Heb ik dat dan nou goed begrepen, mijnheer de wethouder? De voorzitter: De heer Calis als laatste. En dan sluiten we dit punt af. De heer Calis. De heer Calis: De inspraak die uit zich in het opgestelde wens van DELTA Fiber. Met de uitnodiging aan de bewoners van Laren om zich aan te melden voor een glasvezelabonnement. En het aspect van inspraak zal zich dus tonen als meer dan twintig procent van de inwoners zich hiervoor uitspreken. Als dat niet het geval is zal DELTA Fiber dus geen netwerk aanleggen. De voorzitter: Oké. Ik denk dat we dit punt hierbij moeten laten. We zullen ongetwijfeld hier in de komende tijd nog meer over horen. 4.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Rekeningen De voorzitter: En daarmee zijn we bij het volgende punt bij de agenda, te weten meldingen van de portefeuillehouders met betrekking tot Gemeenschappelijke Regelingen. En dat is de heer Stam, is aan het woord. Wethouder Stam. De heer Stam: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik heb vandaag verstuurd een raadsinformatiebrief. Helaas deze keer, als ik het goed heb gezien, ook zonder datum. Maar u moet het lezen als een raadsinformatiebrief van vandaag. Waarbij tot onze grote teleurstelling de Rijksoverheid beslist heeft om zowel de ingediende aanvraag van Blaricum als de ingediende aanvraag van Gooische Meren, die het namens Laren en Hilversum was gedaan, voor 4,1 miljoen in het kader van de Regeling Woningbouwimpuls, af te wijzen. En dat betekent dus dat wij op dit moment zullen moeten na gaan op welk moment, op welke manieren we de onderdoorgang die wij ons voor ogen hadden voor fietsers en voetgangers tussen Crailo en Tergooi toch tot leven te kunnen brengen in de komende tijd. Komende jaren, wellicht. Het zal hopelijk zo zijn dat het Rijk wel meer subsidiepotten ter beschikking zal kunnen stellen in de loop van de komende tijd. En ook de provincie, die ik vandaag heb besproken, is bereid om daar alle steun aan te geven. Dus deze keer hebben we bot gevangen,
om het zo te zeggen. Maar ik hoop dat in de komende tijd toch dit prachtige project weer in de vaart der volkeren kunnen opstoten. De voorzitter: Dank u zeer. Op- of aanmerkingen daarvan? Dat is niet het geval. 5.
Stand van zaken Omgevingswet De voorzitter: Dan zijn we daarmee aangekomen bij punt vijf van de agenda. Stand van zaken Omgevingswet. Ik wijs de commissie er op dat er nog een paar punten na die tijd volgen, die verband houden met de Omgevingswet. Maar misschien heeft de heer Stam nog een nadere toevoeging. De heer Stam: Nee, ik zou u eigenlijk willen voorstellen om … Er zijn twee agendapunten inderdaad aan de orde en dat lijkt mij voldoende om vanavond eens te behandelen in het kader van de Omgevingswet. Ondertussen zijn we natuurlijk in gespannen afwachting wat de al of niet nieuwe minister van Binnenlandse Zaken gaat besluiten over de invoeringsstaten van de Omgevingswet. Eind juli staat tot noch toe vast, maar of dat zo blijft dat zullen we moeten afwachten. De voorzitter: Die Omgevingswet is, om met de heer Calis te spreken, ook in status nascendi, maar misschien nog in het stadium daarvoor, als ik het goed begrijp? De heer Stam: Nou, ik zal u vertellen: de wet is geboren, maar de opvoeding daar scheelt het nog een beetje aan. De voorzitter: Oké. Goed. Dank u zeer.
6.
Raadsvoorstellen 6.7 Diaconaal Woonproject De voorzitter: Dan komen we nu bij de raadsvoorstellen. En dan is het eerste punt wat we nu gaan behandelen, dat is het onderwerp Diaconaal Woonproject. Wij worden geacht vanavond ons licht te laten schijnen op een technisch niveau. Weliswaar met betrekking tot het in te stemmen met de kaders, zoals in de bijlage zijn opgenomen voor de bouw van zeven sociale huurwoningen voor ouderen, waarvan één woning wordt gebruikt als ontmoetingsruimte en noodopvang. Op een perceel naast Eemnesserweg 12c. Vooraleer de commissieleden het woord te verlenen, hebben we de grote eer eerst een aantal inwoners van Laren hier te mogen verwelkomen. Daar zijn we zeer mee vereerd. Dat u vanavond de gelegenheid gebruikt om hier in te spreken. U weet dat we daarin tamelijk karig zijn wat betreft het aantal minuten dat u daarvoor krijgt. Dat is echt niet meer dan vijf minuten per persoon. En de wethouder, of wat zeg ik, de voorzitter moet uitermate streng zijn in dit geval. En dat gezegd zijnde is als eerste aan het woord de heer Peels. Neemt u daar plaats en het woord is aan u. Mijnheer Peels. Ja, die microfoon. Ja. De heer Peels: Goedenavond. Voor degenen die mij niet kennen, een aantal van u ken ik wel. Ik ben Joost Peels en ik woon aan de Eemnesserweg 12A in Laren. En ik ga iets zeggen over het punt … Over het voorstel dat voor ligt.
Geachte voorzitter, al een tijdje gaan er geruchten rond dat er plannen zijn om het stukje groen naast het perceel van de Eemnesserweg 12C te bebouwen, op initiatief van de diaconie. Voor het eerst staat het nu formeel op de agenda van deze commissie en ik zou de commissie graag mee willen nemen in hoe het proces door omwonenden is ervaren, enkele overwegingen aan uw commissie mee willen geven en uw
commissie ervan te willen overtuigen om vooralsnog niet over te gaan tot een positief advies aan de raad, met betrekking tot de kaders in dit voorstel. De strekking van mijn betoog heeft de steun van eigenaren van bewoners van de Eemnesserweg 12B, 12C en nummer 14. En alle genoemde adressen liggen in de directe omgeving van het perceel, waar in het voorstel over gesproken is. Ik zal ingaan op een drietal aspecten. Het eerste aspect is dat ik van mening ben dat er onvoldoende gesproken is met omwonenden. En dat daarover in een eerdere raadsvergadering op 17 februari een onjuiste voorstelling van zaken is gegeven. Het tweede aspect is dat er onvoldoende aandacht voor de mate van waarin de bebouwing … Sorry. Er is onvoldoende aandacht voor de mate waarin de bebouwing van dit stuk grond past in de omgeving. En het derde aspect gaat over de verkeers- en parkeersituatie. In het Larens Journaal heb ik gelezen dat er zich voor dit voorstel een meerderheid lijkt af te tekenen. En ik spreek de hoop uit dat uw commissie open zal staan voor de signalen die ik af zal geven en iets met deze zorgen zal doen. Het eerste aspect, over het proces en de betrokkenheid van omwonenden. Als omwonende van het beoogde perceel hebben mij slechts geruchten bereikt over de voorgenomen plannen voor dit perceel. Dat geldt ook voor andere directe omwonenden.
We hebben het over de percelen die letterlijk op steenworp afstand liggen van dit stuk grond. In de raadsvergadering van 17 februari jongstleden heeft de wethouder terecht aangegeven dat het plan van de kerk niet is opgenomen in de bouwvisie, noch in coalitieprogramma’s. En dat de diaconie derhalve is verzocht om draagvlak te creëren in de omgeving en bij politieke partijen. En dat de diaconie dat gedaan zou hebben. Dat laatste is voor wat betreft omwonenden onvoldoende het geval. Het is namelijk zo dat de eigenaresse van Eemnesserweg 12C, het direct naastgelegen perceel dat in de stukken ook meermaals wordt aangehaald, op geen enkele manier betrokken is in het proces. En datzelfde geldt voor de eigenaren van de Eemnesserweg 12B, 12A, dat ben ik zelf en nummer 14. Deze percelen liggen op een steenworp afstand van het plantsoen waar het om gaat.
De vraag rijst daarom: met welke omwonenden is er, naast de witte boerderij in de nabijheid van het perceel, dan allemaal wel gesproken? En wie heeft met die omwonenden gesproken? Is uw commissie met mij van mening dat de bewoners in de omgeving van het perceel betrokken dienen te worden alvorens er wordt ingestemd met kaders om basis waarvan een concreet voorstel zal worden uitgewerkt? Goed om te vermelden, is dat ik het transcript van de raadsvergadering van februari pas recent heb gelezen en dat na de verworpen motie later dit jaar samen met de andere omwonenden in de veronderstelling leefde, dat het van de baan was. Dan het tweede aspect. Dat gaat over aandacht voor de omgeving. Het stukje groen waar het om gaat wordt in het voorstel van beperkte waarde geschat. Men kan zich afvragen of de gemeente dit stukje groen niet beter had kunnen onderhouden. Maar los daarvan bevindt het stuk grond zich in beschermd dorpsgezicht en is één van de weinige stukjes groen die in het centrum te vinden zijn. In het voorliggende voorstel lijkt het erop alsof de gemeente zegt: in het centrum staan alle gebouwen dicht op elkaar, dus dat is hier ook geen probleem. Een onderbouwing hiervan ontbreekt in mijn ogen. En de redenering andersom, namelijk: er is in het centrum al zo weinig groen, laten we dit stukje behouden en beter onderhouden, klinkt mijn inziens veel logischer.
Is uw commissie dat met mij eens? De Eemnesserweg vanuit het raadshuis tot aan de oude Prinsemarij vormt de entree van dit historische centrum en is, zoals gezegd, beschermd dorpsgezicht. Vindt uw commissie ook, dat dit aspect moet worden meegenomen in de overwegingen bij het wel of niet bebouwen van dit stuk groen? En in het geval het onverhoopt toch tot bebouwing komt, moet worden meegenomen in het ontwerp. Overigens zouden in het huidige plan zeven woningen op 700 vierkante meter grond worden gerealiseerd. En dan kan men ook spreken van volbouwen in plaats van bebouwen. Dat er klaarblijkelijk een ambitie ligt om zoveel mogelijk sociale huurwoningen te realiseren, ik refereer dan aan de doelstelling van dertig procent, neemt niet weg dat er een zorgvuldig proces moet worden gevolgd en er alternatieve mogelijkheden moeten worden onderzocht. Is uw commissie dat met mij eens? In het voorstel wordt niet gesproken over alternatieve mogelijkheden en dus ook geen analyse daarvan. Het laatste aspect betreft de parkeer- en verkeerssituatie. Dat is één van de belangrijke zorgen bij de omwonenden. In de vorm van mevrouw Sonja Bakker is over de verkeerssituatie contact met de gemeente namens een grote groep bewoners tussen de kruising … Over de
situatie tussen de kruising met de Kerklaan en de oude Prinsemarij. En hoewel haar schrijven zich meer had kunnen richten op de verkeersveiligheidsaspecten, zijn er nog geen concrete acties ondernomen op de feitelijke situatie. Ik weet wel dat er contact is en dat er onderzoek wordt gedaan, maar de feitelijke situatie is nog niet veranderd. Op rollatorafstand van het centrum, dat klinkt leuk, maar om het u toch even te schetsen: waar krijgen deze hulpbehoevende ouderen dan mee te maken? Bussen, tractoren en ander zwaar verkeer dat over de stoep rijdt om elkaar te kunnen passeren. Roekeloze inhaalmanoeuvres van veel te hard rijdende auto’s. En uitkijken dat je niet van je sokken wordt gereden op het zebrapad. Als aanwonende van dit stukje Eemnesserweg ben ik van mening: je moet iets kunnen hebben, je kiest er immers bewust voor om aan een drukkere weg te gaan wonen. Tegelijkertijd is het wel een dertig kilometerzone en neemt de drukte, mede door het onaantrekkelijk maken van andere routes zoals de Blaricummertollaan, alleen maar toe. En komt de veiligheid onder druk te staan. Is uw commissie het met mij eens dat een gedegen onderzoek en aanpassing van de verkeerssituatie noodzakelijk is? Los van de verkeerssituatie is er ook sprake van een parkeerprobleem. Niet op de avonden of op zondag, maar wel op andere momenten.
De omliggende parkeergelegenheden staan dan ramvol en er wordt dikwijls geparkeerd op plekken waar dat niet is toegestaan. Door het aanleggen van zeven nieuwe woningen in een gebied waar nu slechts vijf woningen zijn, zal dit alleen maar toenemen. Bewoners kunnen zelf een auto bezitten, zoals ook in het voorstel staat … De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Peels: Ik rond af. Ik heb nog een paar zinnen. Bewoners kunnen zelf een auto hebben, maar door het hulpbehoevende karakter zullen ook veel zorgverleners hun auto moeten parkeren. Is uw commissie het met mij eens dat de parkeernorm van een halve per eenheid veel te laag is en dat de huidige parkeervoorzieningen en het parkeergedrag in het voorstel van de gemeente wordt onderschat? Ik heb een aantal vragen gesteld. Even samenvattend … Ik zal die samenvatting overslaan ten behoeve van de tijd. Ik hecht er wel aan om op de drie onderwerpen die ik heb benoemd nog even kort samen te vatten wat ik uw commissie vraag. En dat is: adviseer om echt met alle omwonenden te gaan praten en daadwerkelijk en aantoonbaar draagvlak te creëren. Adviseer om serieuze en toereikende verkeers- en parkeermaatregelen te nemen. Adviseer om kritischer te kijken naar deze locatie en alternatieven, en niet te kort door de bocht te gaan. En adviseer om vooralsnog niet akkoord te gaan met het voorliggende voorstel.
Tot slot, mijn betoog strekt er niet toe om het voorstel van de kerk af te schieten. Ik wil echt constructief kritisch zijn. Maar ik roep wel op om het doorlopen van een zorgvuldig proces. Ik herhaal dat de bewoners in de directe omgeving van de Eemnesserweg 12B, C en 14 de strekking van mijn betoog ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. Zijn er vragen aan de heer Peels van de zijde van de commissie? De heer Vos. Groen Laren. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst ben ik heel blij met de zorg die u heeft voor de buren maar vooral ook voor uw aanstaande buren. Ik denk dat dat ook heel fijn is voor die mensen die daar komen te wonen. Maar ik heb toch wel twee vragen aan u. U zegt dat u de transcriptie van februari gelezen hebt. Ik heb eigenlijk dus twee vragen en de eerste is aan u. Hoe kan het zo zijn dat u ontgaan is dat dus in februari één en ander ook gemeld is? En de vervolgvraag is eigenlijk aan de wethouder, maar die zal daar vast ongetwijfeld straks op ingaan en niet nu: hoe kan het nou dat de omwonenden hiervan niet op de hoogte waren? Zijn ze daar dan niet in meegenomen ofzo? Dat verbaast mij. De voorzitter: De laatste vraag is dus voor straks. De heer Vos: Ja die is indirect denk ik.
De voorzitter: ‘…’ De eerste vraag is voor de heer Peels. De heer Vos: Ja, dat klopt. De heer Peels: Daar kan ik kort over zijn. Ik heb vanaf het moment dat er geruchten rondgingen en mij hebben bereikt de formele agenda in de gaten gehouden en bij mijn weten is dit geen formeel agendapunt geweest, maar is dit een vraag geweest op basis van geruchten. En die kon ik dus niet in de agenda zien. En ik heb achteraf, toen ik van de week in Larens Journaal hierover las, gezocht op de site van de gemeente. En toen kwam ik dat transcript tegen. En later overigens, ik sprak ook over de vorige motie, en die is mij ook weer via het geruchtencircuit bereikt. De voorzitter: Zijn er van andere leden van de commissie vragen aan de heer Peels? Dat is niet het geval. Dank u zeer, mijnheer Peels. U krijgt straks aan het einde van de discussie nog gelegenheid om nog een kleine toevoeging te doen als u daar behoefte aan hebt. Het woord is nu aan de heer Harenberg. Secretaris van de diaconie Protestantse Gemeente Laren-Eemnes. Het woord is aan de heer Harenberg. De heer Harenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Weet u eigenlijk wel, commissieleden, wat er hier zich achter voordeuren afspeelt in Laren? Achter heel wat voordeuren. Stilte. Eenzaamheid. Soms wel verdriet. En die mensen die hebben vaak alleen een AOW of een klein pensioentje. En die hebben af en toe ook een handicap.
En die mensen ontmoeten wij als diaconie. Ook bij de voedselbank. We geven ze een cadeautje. We bezoeken ze. Binnenkort krijgen ze een kerstpakket. Ik durf te stellen dat de diaconie in de haarvaten van de Larense samenleving zit. En met name aan die kant waar eenzaamheid is. Het probleem is dat voor deze mensen geen alternatief is dan de woning waar ze nu zitten. Vaak zijn de woningen iets te groot. Die mensen zoeken meer gezelligheid. Niet meer eenzaam. Vroeger gingen die mensen naar een bejaardenhuis. Maar dat is van rijkswege afgeschaft, die mogelijkheid. De mensen moeten zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. De gemeente biedt daar voorzieningen voor via de WMO. En als dat ook niet meer gaat, dan gaan ze naar het verpleeghuis. Het trieste lot. En zo ontstond bij ons bij de diaconie het idee van een woonproject. Een aantal mensen bij elkaar, meestal op wat hogere leeftijd. En die kunnen we dan bij elkaar brengen en we kunnen ze dan weer onderling met elkaar in contact brengen. Vandaar ook die ontmoetingsruimte die we voor ogen hebben. We zullen in samenwerking met Vivium en Versa Welzijn programma’s ontwikkelen om ook gezamenlijke activiteiten te ontplooien, zodat die mensen die wat meer in het leven krijgen dan dat ze nu hebben. Het klinkt dramatisch, maar dat zijn onze ervaringen.
En nu gaat het erom: waar? De gemeente Laren die heeft een stuk grond op het oog voor ons, waar wij dit project kunnen realiseren. Belangrijk punt bij het zoeken van een stuk grond voor deze mensen is dat het dichtbij het centrum moet zijn. Dichtbij de markt, dichtbij de Jumbo, de Albert Heijn. En dat stuk grond dat leent zich erg goed voor de bewoning voor deze mensen. Aanvankelijk was het idee om tien woningen te realiseren, maar met het oog op de belangen ook van omwonenden zijn we teruggegaan naar nu zeven woningen. We hopen dat deze groep mensen weer een toekomst hebben. We hebben één van die woningen wordt een ontmoetingsruimte. En daar tegelijkertijd hebben we daar ruimte voor een noodopvang. Want daar is Laren heel schaars mee. Terwijl het probleem heel erg groot is. We krijgen regelmatig aanvragen van diaconie. Als de relatie is uit elkaar gespat, en één van de partners moet ergens anders gaan wonen. We huren daar vaak andere ruimtes voor en we zouden het heel fijn vinden als ze zo’n ruimte ook in Laren zouden kunnen realiseren. En dat zou dus die zevende woning zijn. De diaconie heeft een kerkelijke achtergrond, dat is bekend. Maar we helpen iedereen die in nood is en om onze hulp vraagt. En we proberen dat zo goed mogelijk te realiseren, die hulp. Dat betekent ook: bij de woningtoewijzing wordt niet gekeken of iemand wel of niet kerkelijk is.
En we denken dat we via een stichting, die losstaat van de diaconie, de woningtoewijzing kunnen gaan regelen op een objectieve manier en heel
transparant. Jaarlijks rapporteren we aan de gemeente hoe de toewijzing heeft plaatsgevonden en hoe het helemaal het reilen en zeilen gaat in die woongroep. Eén van de aspecten van het project is dat wij graag mensen uit Laren in die woningen willen hebben. Dat gaat nu niet zo. Het is noodzakelijk om er een woongroep van te maken met mensen met gelijksoortig profiel. Als we dat niet doen, dan is de regionale woonakkoord is dan van kracht en dat betekent dat de corporatie mensen vanuit Hilversum, vanuit Naarden daar in die woningen kan zetten. En dat je dus mensen uit Laren komen gewoon op de wachtlijst. En dan krijg je niet de ontwikkeling die wij voor ogen zien door een woongroep te organiseren daar. Verder is er nog een aspect wat ik onder uw aandacht wil brengen. En dat is dat de woningcorporatie, Het Gooi en Omstreken, zit te popelen om te gaan bouwen. Eén van de redenen is dat zij een kans zien om doorstroom te bewerkstelligen. Het is algemeen bekend dat veel mensen in een sociale huurwoning er niet uit gaan omdat ze niet kunnen. Maar dan is de woning vaak net te groot voor eigenlijk die ene bewoner. De voorzitter: Wilt u het afronden? De heer Harenberg: Ja. En dan kunnen we via dit project kunnen we dan die doorstroming een stimulans geven. Door deze mensen deze woning aan te bieden. Het gaat vooral om de kwetsbare eenzame.
En we weten dat er een afweging is tussen groen aan de ene kant, dat hebben we net van de ene spreker gehoord, en sociaal aan de andere kant. Wij hopen dat u, en misschien is dat ook wel een soort kerstgedachte, wilt helpen die kwetsbaren in Laren een mooi onderkomen te brengen. Zij hebben uw steun nodig. De voorzitter: Dank u zeer. Zijn er vragen aan de heer Harenberg? De heer Vos en mevrouw Timmerman. De heer Vos. De heer Faas, VVD. En de heer Van Den Berg, CDA. Het woord is aan de heer Faas, VVD. De heer Vos: Nou begrijpen wij het niet meer. We lijken wel heel erg op elkaar, maar we begrijpen het niet meer. De voorzitter: Zo krijg je praatjes … Het woord is aan de heer Faas, VVD. De heer Faas: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Harenberg, dank voor uw betoog. Een roerend betoog mag ik wel zeggen. Ik wil er wel op wijzen dat er niemand in deze zaal aanwezig is die het geen sympathiek plan vindt. Dat is niet wat er ter discussie is. Opvangen van eenzame ouderen, dat is een hoogstaand doel en ik weet zeker dat eenieder dat wil omarmen. Dat is niet de context van mijn vraag. Mijn vraag is: zou u er mee kunnen leven als wij in Laren in of nabij het centrum een andere mooie locatie zouden kunnen vinden voor dit plan? De voorzitter: Het woord is aan u, mijnheer Harenberg. De heer Harenberg: Ja, dat zou kunnen, ja.
En ik wil er nog wel op wijzen dat wij de grond van de gemeente nodig hebben omdat die betaalbaar is voor deze sociale woningbouwproject. Dus als de gemeente een ander stuk grond heeft … Er was een ander stuk grond, dat was alleen een stuk kleiner. Daar konden we drie huizen op realiseren. Dat was te klein. En daar was nogal wat bezwaar van de omwonenden. Dus ze hebben daar ook diverse opties gekeken en dat kijken we nog steeds. Maar er is niet een andere optie gevonden tot noch toe. De voorzitter: Het woord is aan mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk maar één vraag: is dit hun eerste project als diaconie? Woningbouwproject.
De heer Harenberg: We hebben een project in Eemnes ook. Het is Hervormde Protestantste Gemeente LarenEemnes, en in Eemnes hebben we ook een dergelijk klein, heel kleinschalig project. Ja. De voorzitter: Het woord is aan mijnheer Van Den Berg. CDA. De heer Van Den Berg: Voorzitter, mijn vraag is eigenlijk meer aan u gericht. Althans, via u. Ik heb de heer Harenberg op zich geen vragen horen stellen. Een warm, gloedvol betoog dus waarvoor dank. Mag ik hieruit opmaken dat alles wat er door de heer Harenberg gezegd is in ieder geval door de wethouder dadelijk wordt ingebracht in zijn ronde bij het bespreken van dit voorstel? Want het college staat volgens mij hier aan de lat om het voorstel te verdedigen. En ik wil voorkomen dat we Larenberg situaties krijgen van enkele maanden geleden. De voorzitter: Ik wacht af dadelijk de positiebepaling van de zetel van het college. En dan kunnen we daarop reageren. Dus dat is nu niet direct een punt waar de heer Harenberg bij betrokken is. Als er geen verdere vragen zijn, dan komen we nu bij … En ik dank de heer Harenberg. Oh nee, de heer De Bondt. De heer De Bondt. VVD. De heer De Bondt: Het is toch wel een lastigere plek hier.
Voorzitter, ik zou graag … Want er werd daarnet een prangende vraag gesteld: als er nou een ander perceel was, zou u daar ook op willen bouwen? Mijn vraag is: zou u daar ook een tweede project op willen bouwen? Want de behoefte aan de dergelijke voorzieningen, dat leid ik af uit uw betoog, is aanmerkelijk groter dan die zes of zeven woningen. Het tweede is: u heeft het over doorstroming als belangrijk argument voor dit project. Ik begrijp dat u een belangrijke rol zou kunnen spelen bij de toewijzing. Maar hoe bereiken wij, of u, als ze gerealiseerd zijn, dat die woningen dan ook inderdaad gaan naar Laarders die woonruimte achterlaten? De voorzitter: Het woord is aan de heer Harenberg. De heer Harenberg: Dat staat nog … Er zal een lijst van criteria opgesteld worden wie voor deze woningen in aanmerking komen. Daar hebben we nu nog … We hebben wel ideeën daarover, maar één van de aspecten zal zijn: wat voor woning laat deze persoon achter? We hebben al een lijst van mensen die zich gemeld hebben voor een woning. En dan zal dat één van de aspecten zijn. Maar het zal niet een harde voorwaarde zijn of iemand een sociale huurwoning achterlaat. De voorzitter: De heer De Bondt. De heer De Bondt: Dat zal voor sommigen in mijn fractie wel een belangrijk criterium zijn. En dat tweede project, hoe denkt u daar over? De heer Harenberg: Nou, dat staat allemaal nog in de sterren.
Maar dat … We gaan eerst deze stap zetten, en als zich er een mogelijkheid voordoet om nog een tweede project te realiseren dan zullen we ook met de ervaring die we nu hebben opgedaan met de samenwerking met de gemeente Laren en de wooncorporatie Het Gooi en Omstreken, zeker dat ook aangrijpen om daar dat te ontwikkelen. De voorzitter: Oké, dank u zeer. Andere vragen? Dat is niet het geval. Dank u wel, mijnheer Harenberg. Ook u krijgt straks de gelegenheid om nog een kleine toevoeging te doen. Het woord is aan de heer Hilbrink, omwonende. De heer Hilbrink. Hij staat aan, hij staat aan.
De heer Hilbrink: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik heb tien bladzijden en dat moet ik in vijf minuten moet ik dat aan de aanwezigen kenbaar maken. Nou, dat is een opgave op zich. Wat wel interessant is, is mijn ervaring met de gemeente Laren. Ik heb toentertijd heb ik een boerderij, ook wel getypeerd als de witte boerderij heb ik nu begrepen, heb ik gekocht van de gemeente. Daar waren krakers in. Ik heb hem helemaal met hart en ziel heb ik hem laten restaureren in de oude vorm terug. Onder architectuur. In de boerderij zaten krakers. Ook niet een entree voor Laren waar je van zegt: nou, dat staat. Maar in ieder geval, ik zal u meenemen in een paar korte zaken. In ’82 kocht ik dus die boerderij. Ik heb de complimenten van de gemeente gekregen van hoe dat allemaal is tot stand gekomen. Wat voor een mooi stuk daar is blijven staan. Tot het moment, ik had al meerdere keren ook aangegeven: plantsoenendienst, mijnheer Burema heb ik daar toentertijd meerdere malen voor aangeschreven en gesproken. Van: doe wat aan die kwekerij, want het overwoekert ook mijn tuin. Nou, daar is toentertijd wel wat aan gedaan. Wel onvoldoende, want de bomen die gekweekt waren zijn nu zo breed. Dus die moeten nu het loodje leggen. Ik heb toen zelf maar de elektrische heggenschaar genomen om het merendeel van het onkruid, grenzend aan mijn tuin, te bestrijden. En dat doe ik drie keer per jaar.
Dat is het nou eenmaal. We hebben het over, in eerste instantie werden we geconfronteerd via architect Ronald Spaan. En die zei: ja, ik ben benaderd door de kerk Laren-Eemnes, waar ik tegenover woon, en die willen dus eigenlijk hier in jouw aangrenzende tuin dertien woningen plaatsen. Tien woningen was correct wat er gezegd was, en er werden drie appartementen boven gesitueerd. Volgens de gemeente waren die voor de zorg, voor de politie, de brandweer, om deze mensen dus aan Laren te binden. Nou, dat is natuurlijk ontzettend onzinnig want dat is geen bedrijfswoning en u weet allemaal wat de omschrijving, de juridische omschrijving is van een bedrijfswoning. Nou, we zijn in gesprek gegaan met mijnheer Tom Stam. En mijnheer Huub De Jong en later werd dat Karin Loman. Over: hoe kunnen we dat realiseren, dat alle partijen tevreden zijn met datgene dat gebouwd zou moeten worden, of dat er een alternatief gebied zou zijn. Wij hebben een achttal locaties aangewezen, maar helaas, daar werd niet op ingegaan. Dat is jammer, want wij zijn niet tegen de diaconie. Het betoog van Bert was daar heel duidelijk over en u was daar ook al duidelijk over. Uw commissie is ook niet tegen de diaconie. Maar alleen de plaats om, zoals de wethouder zegt, een groenstrook, maar het is helemaal geen groenstrook, het is een stukje bos waar heel veel kwaliteit is. Waar kwaliteit is in fauna en flora.
Een boom is niet waardeloos. Een boom heeft een hele nuttige functie. Ook de egeltjes en de eekhoorns en tientallen verschillende vogels die daar broeden en leven. Ja, daar gaat zo meteen de bulldozer tegenaan. Dat is niet nodig, aanwezigen. Dat is zonde. Groen is niet versiering. Ja, in de kersttijd. Maar daarna niet meer. Groen heeft een functie. Groen beïnvloed ons welzijn. Ons woongenot. Groen betekent ook dat we kinderen die op de school op het schoolplein spelen, graag toch ook worden voorzien van minder CO2-lucht. Als we dat weghalen, stellen we onze kinderen daaraan meer bloot. En u weet allemaal dat de Eemnesserweg voor ons allemaal een doorn in het oog is. Het verkeersintensiteit, de parkeersituatie vooral op vrijdag is erbarmelijk. Haal de bomen maar weg, waardeloos. De voorzitter: Ik vrees dat u moet afronden, helaas. De heer Hilbrink: Nou, dan … De voorzitter: Ik kan u alvast zeggen dat als u die tekst die u hebt, als u zo vriendelijk wil zijn om die ook aan de griffie te geven, dan ben ik ervan overtuigd dat de commissieleden zeker daarvan nota zou willen nemen. Als u mij toestaat. De heer Hilbrink: Prima. Ik zal zorgen dat dat er komt, mijnheer Wegter. De voorzitter: Dank u zeer.
De heer Hilbrink: En ik zal het afronden. Er wordt gezegd: met een rollator moeten we er kunnen komen. Wij hebben een prachtig sociaal centrum, dat heet het Brinkhuis. En wat ook een punt is: diaconie is prachtig, maar ze hebben te weinig geld en wat er allemaal op de gemeente afkomt is een fractie … Nee, is een veelvoud van de kosten waar u voor komt te staan. De voorzitter: Dank u zeer. De heer Van Den Berg, CDA. De heer Van Den Berg: Voorzitter, u tipte net al even aan. Mijn vraag was eigenlijk of ik met uw instemming de stukken die de heer Hilbrink niet heeft voorgelezen, onverkort deel mag laten uitmaken van de motiebehandeling. De voorzitter: Zeker, dat is wat is gesuggereerd heb. En de heer … De heer Van Den Berg: Nee, maar dan is dat maar uitgesproken. De voorzitter: Absoluut. Dat is zeker het geval. De heer Vos, Groen Laren. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk maar één vraag aan mijnheer Hilbrink. Eigenlijk twee. Want u zegt … Wat zegt u? De heer Hilbrink: Het mogen er wel tien zijn. De heer Vos: Oh, ja, maar dat ga ik niet doen omwille van de tijd en onze voorzitter is streng. De voorzitter: De heer Vos, gaat uw gang. De heer Vos: Ik wil geen toorn over mij afroepen, mijnheer Hilbrink. U noemde zojuist in uw inleiding, dat u wel acht locaties weet die als mogelijk alternatief zouden kunnen dienen. Nou, dat is natuurlijk hartstikke mooi nieuws.
Vooral in het licht natuurlijk van het gloedvolle betoog van mijnheer Harenberg zojuist. Zou het een idee zijn om die potentiële locaties te delen met de heer Harenberg? Want die is naarstig op zoek naar locaties. En als die er al geen tijd en geld heeft, is natuurlijk de woningbouwvereniging Gooi en Omstreken ook zeer geïnteresseerd in locaties. Dus ik denk dat uw lijstje met gejuich ontvangen gaat worden. Dus als u dat zou willen delen, dat zou heel plezierig zijn. Mijn tweede vraag. U geeft aan dat bomen niet nutteloos zijn. Nee, zeker niet. Nee. In tegendeel. Ik denk dat bomen waanzinnig nuttig zijn en ik heb daar in het Larens Journaal een gloedvol betoog over mogen schrijven, dus dat zal u waarschijnlijk wel ontgaan zijn, dat kan ik me voorstellen. Mijn vraag is eigenlijk heel simpel: gaan voor uw idee bomen voor mensen? De voorzitter: Dat is dus de vraag die … Mijnheer Hilbrink. De heer Hilbrink: Eerst terugkomend op uw eerste vraag, en dat was: wilt u die locaties die wij kennen delen. Het antwoord is ja. Maar vergeet u niet, wij zijn al vanaf 2019 met de wethouder in gesprek. Die weet ook die locaties. Dus het kan niet zo zijn dat dat, ook voor uw commissie, nu een vraag zou zijn. De heer Vos: Mag ik daar op reageren, voorzitter? De voorzitter: Een ogenblik. We wachten nog op het antwoord op de tweede vraag en dan komen de andere commissieleden. Tweede vraag was …
De heer Vos: De tweede vraag was … De voorzitter: De bomen. Of bomen voor de mensen gingen. De heer Hilbrink: Natuurlijk gaan bomen niet voor mensen. Maar de leefbaarheid aan waar die mensen moeten verkeren moet ook in ogenschouw genomen worden. Natuurlijk, ik heb al aangegeven in het begin, dat de diaconie heel erg goed werk doet. Dat is ook niet de discussie hier. En dan is ook die discussie niet: dat bomen voor mensen gaan. Nee. We moeten alleen in harmonie met elkaar dit kunnen afwegen. De voorzitter: Oké. Andere vragen. De heer Loeff, Larens Behoud. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Ik begrijp uit het betoog van de heer Hilbrink dat het van dertien woningen naar nu het voorliggende fase zeven woningen zijn. Dat lijkt me een substantiële vermindering. In de … Er wordt voortdurend gesproken over voortraject, wandelgangen. Ik heb eens een brief gelezen, ik meen dat hij van u is maar ik kan me vergissen. Waarin u claimt dat u een eerste kooprecht zou hebben. Daar hoor ik u vanavond niet over. Ik zou heel graag willen weten: hebt u dat kooprecht? En waarom, als u dat heeft, zou u dat dan nu met ons willen delen? Ik heb iets gehoord dat u dat alleen in een procedure zou willen. En de tweede vraag is, uw laatste zin was: ja, het gaat de gemeente heel veel kosten. Ik zou heel graag een verduidelijking willen wat u met die opmerking bedoelt. De voorzitter: De heer Hilbrink.
De heer Hilbrink: Ja. Om te beginnen de kosten. De kosten voor het bouwwerk maken om al die bomen dus ondersteboven te halen en gas, water, elektra aan te leggen. Riolering. In een gebied wat vroeger bestond uit zot en riet. Ik heb nog foto’s vanuit de krant dat het water tot bij mij aan de voordeur stond. En in het midden meer dan een halve meter diep was. Ja, je krijgt daar wel wat problemen. En vroeger was daar een brede sloot. Die liep van het centrum liep die naar de Eem toe. Of naar de Gooiergracht beter gezegd. Ja, nu in tijden dat er wat meer water mogen verwachten, kunt u daar ellende zien. Nou, bouwrijp maken is een punt. De tal van procedures die dat met zich mee roept. U roept al mijn eigen procedure in verband met het optierecht. En wat ons enorm heeft geïrriteerd is de communicatie van de wethouder via de krant. Ik heb nooit de krant gezocht. Vind dat ook niet netjes. We moeten er samen uitkomen. En niet via de media. Ook heb ik daar gelezen dat de grond verkocht zou zijn. Nou, dat maakt me woedend natuurlijk. Want dat betekent dat de hele raad buitenspel gezet zou zijn door de wethouder om eerst de grond te verkopen aan de diaconie en later dus maar tot een bouwsituatie te komen. Ja. Dan wil ik ook nog even wijzen op het arrest wat er is. Die is, meen ik uit mijn hoofd, 3 december is dat gepubliceerd door de Hoge Raad.
Zoals u weet is dat ons hoogste rechtscollege in dit land. En daar wordt dus duidelijk in gesteld dat de aanbieding van grond niet meer onderhands mag. En dat er geïnventariseerd moet worden of er meer geïnteresseerden zijn. Dat heeft ook gevolgen voor lopende ontwikkelingen. Dat is alleen maar heet van de pers, 3 december, Hoge Raad … De voorzitter: Ja. De heer Loeff nog één keer. De heer Loeff: Ja, voorzitter. De vraag die we stelden is naar mijn idee toch niet helemaal duidelijk door de heer Hilbrink beantwoord dus daarom stel ik hem nog een keer. Ik noemde het een claim, ik begrijp dat u het noemt optierecht. Er blijkt dus iets te kloppen dat u beweert dat u een eerste kooprecht zou hebben, of een eerste optierecht. En ik heb gehoord, gelezen, dat u dat niet vooraf aan de wethouder wenst te overleggen maar dat u dat alleen in een procedure zou willen doen. Ik vraag u nu heel rechtstreeks: heeft u dat
optierecht, en zo ja, waarom wilt u dat nu niet met ons delen? Want dan kunt u de discussie denk ik een hoop vergemakkelijken vanavond. De voorzitter: Mijnheer Hilbrink. De heer Hilbrink: Ja, ik meen dat ik dat optierecht heb. De wethouder heeft meerdere keren naar die stukken gevraagd. In het overleg is mij gebleken dat er maar gewoon besluiten werden genomen en stukken naar buiten werden gegooid zonder dus inhoudelijk van de historie te weten. Ik heb een hele historie met de gemeente Laren. En het vertrouwen in deze wethouder was van mij niet van die aard dat ik alle stukken maar open en bloot wilde neerleggen. De voorzitter: Oké. Dan gaan we naar de heer De Bondt. De heer De Bondt: Ja. Misschien geldt datgene, uw bezwaren tegen te wethouder, niet tegen de leden van de commissie. De heer Hilbrink: Absoluut niet. De heer De Bondt: Optierecht is nog niet iets waar u ook gebruik van moet maken. En mijn vraag is of u dat in dat geval zou doen? Maar ik zou het zeer op prijs stellen als uw betoog wat verspreid wordt, vergezeld gaat van twee stukken. In de eerste plaats die optie, en in de tweede plaats dat lijstje van die acht locaties waar u het over heeft. Want deze eenvoudige lieden die de commissie uitmaken beschikken daar niet over. En dan kunnen we ook beoordelen, want hoe was het, de rollatorloopafstand van het centrum, was wel belangrijk.
En als ze allemaal langs de Gooiergracht liggen, dan gaat dat toch niet helemaal op. De voorzitter: De heer Hilbrink. De heer Hilbrink: Ik zal mij beraden over uw verzoek met betrekking tot het optierecht ook in documenten aan u voor te leggen. Want dat heb ik juist afgesproken met mijn adviserende advocaat, een specialist op dit gebied. En de tekst die ik hier heb die krijgt u zeer zeker. En het is natuurlijk vreemd dat u vraagt naar de stukjes grond die wij, en dat is niet alleen ik maar ook de omwonenden, hebben aangebracht. Terwijl u als raad dat had horen te weten uit de stukken die de wethouder voor u heeft neergelegd. De voorzitter: Oké. Andere vragen van de zijde van de commissie? Dat is niet het geval. Dank u zeer, de heer Hilbrink. U hebt straks nog de gelegenheid voor een toevoeging. Op het einde van het debat. Het woord is aan de Boogaard. De heer Boogaard: Goedenavond, heren wethouders, commissieleden en voorzitter. Dank voor de gelegenheid om hier te spreken. Mijn vertrouwen in de lokale politiek was de afgelopen jaren enigszins afgenomen. Maar nu weer, als een duveltje uit een doosje, voor kerst alsnog de bebouwing van de Larense Kweek door de raad wordt geleid is dat vertrouwen weg. Helemaal als ik hoor dat partijen die het belang van Laren en het belang van groen voorop hebben staan, mogelijk gaan instemmen met de voorgestelde plannen.
Hoe kan een partij als Groen Laren instemmen met een plan waarbij een prachtig stuk kwetsbaar groen wordt opgeheven? Het is ook zeer zorgelijk dat Larens Behoud, die toch staat voor het behouden van het dorpse karakter, deze plannen lijkt te steunen. Waarop kunnen wij als burger dan nog vertrouwen? Het zo karakteristieke stuk dorpsgroen langs de Eemnesserweg in één stemronde versteend. Mag ik erop wijzen, dat nergens in de huidige geldende Bouwnota staat beschreven dat er plannen zijn voor bebouwing van de
Larense Kweek? Sterker nog, bij de bekrachtiging van het bestemmingsplan centrum, vastgesteld in november 2019, is de Larense Kweek wederom bestempeld als enkel bestemming groen, met archeologische waarde binnen beschermd dorpsgezicht. De Larense Kweek is dorpsgroen met historische en karakteristieke waarde, maar het heeft mogelijk nog wel meer waarde bij de klimaatadaptatie. De Larense Kweek is noodzakelijk gebied voor bij een klimaatbestendige en water robuuste inrichting van Laren. Het Rijk geeft subsidies om stukken groen te ontwikkelen met dit doel, maar Laren versteent deze. Denk daar eens over na. En check daarvoor ook het bestuursakkoord Klimaatadaptatie van de overheid. Zorgelijk is dat er in het beslisvoorstel wordt gesteld dat er nog diverse milieuonderzoeken gedaan moeten worden, maar dat deze onderzoeken bebouwing niet in de weg staan. Hoe kan dat gesteld worden als onderzoek dit juist moet uitwijzen? De verantwoordelijk wethouder spreekt zich ook tegen over groen in ons dorp. In het Gooi- en Eemlander spreekt hij over enkele nutteloze bomen op de Larense Kweek, die zonder enige waarde gekapt kunnen worden. In een ander artikel staat hij geportretteerd met twee kleine boomambassadeurs, leerlingen van de Brinkhorst tegenover de Kweek, het belang van bomen te verdedigen. Ik constateer dat het college een visieloos en wispelturig beleid verweten kan worden.
Er is niets opgenomen in de Bouwvisie over het bebouwen van de Larense Kweek. Het staat daarentegen sinds eind 2019 in het bestemmingsplan, wederom bekrachtigd als groen. En nu sta ik hier, ons Larens dorpsgroen te beschermen. Is dat niet zorgelijk? U denkt mee, komt met een idee en de verantwoordelijk wethouder wijst zonder blikken of blozen de Kweek aan. Het kwaad is geschied. De wethouder en het college lapt vervolgens alle normen en waarden van politieke ethiek aan de laars. Daarnaast is in mijn mening de politieke uitruil voor de padelbanen en het diaconaal project overduidelijk te zien. De bebouwing van de Larense Kweek was van de radar en een onderwerp voor na de verkiezingen in 2022. Dat waren de laatste berichten. Maar door de politieke onhandige keuze voor de padelbanen komt dit proces in een stroomversnelling. Er moet gescoord worden. Wederom zonder die lange termijnvisie. Het proces wordt gekenmerkt door onzorgvuldigheid en wordt in omgekeerde volgorde gevoerd. Maar deze discussie laat ik aan de politiek. En ik wijs de raad er op dat ze een controlerende rol hebben in deze. Kort ga ik nog in op het Diaconaal Woonproject. Zeven woningen voor maximaal veertien personen. Zes ouderenwoningen en één woning voor crisisopvang. Deze woningen geven huisvesting aan kwetsbare senioren die eenmalig doorschuiven vanuit een andere sociale woning. Daarna zit het wederom op slot.
Doorstroming is niet gewaarborgd. Daarnaast is er onvoldoende rekening gehouden met de parkeerdruk in de omgeving. Drie gecreëerde plekken voor mogelijk veertien bewoners en eventueel verzorgers, is dik onder de maat. En de omgeving biedt te weinig parkeeralternatief. Elke dag van de week zijn de parkeerplaatsen vol. En waarom moet het project in Laren landen, en niet in Eemnes? Nou, ik heb net gehoord dat er ook in Eemnes een project draait en ik heb eigenlijk ook gehoord dat de diaconie zich eigenlijk een soort van projectontwikkelaar ziet. Want elk gebied dat aangeboden kan worden, zal bebouwd worden voor zo’n project. Ook de toekomstbestendigheid van een stichting en de uitvoeringsovereenkomst tussen kerk, gemeente en woningbouwvereniging is zeer uitdagend en uitvoerend zeer ingewikkeld. Daar werden al wat vragen over gesteld. Graag wijs ik ook op de woon-zorgcomplexen die Laren rijk is. Een concreet alternatief, en daar is voldoende ruimte. Nog vele bezwaren kunnen aangevoerd worden bij de Diaconaal Project en de politieke keuzes die gemaakt worden. Maar helaas laat de tijd dit niet toe. Hopelijk voert de oppositie die bezwaren aan en ik ben bereid om hierover van gedachten te wisselen. Samenvattend: de politieke keuzes in Laren worden gemaakt, in mijn ogen, met een korte termijnvisie. Enkel voor politiek gewin en met een vleugje eigenbelang.
Helaas niet kijkend hoe volgende en opvolgende generaties ons dorps bewonen met alle klimaatuitdagingen van dien. Eenmaal versteend, blijft versteend. Inmiddels ben ik 45 jaar en woon dertig jaar in Laren. In Laren opgegroeid, en mijn kinderen groeien hier nu ook op. Ik heb Laren zien veranderen. Zaken ten goeden, maar ook zaken ten slechte. De verstening van het kwetsbare groen is wederom een verandering ten slechte. Voor mij is Laren het allermooiste dorp van het land, en daar zijn vele Nederlanders het mee eens.
U heeft als bestuurders en als raad een taak om dit te beschermen op korte maar nog veel meer voor de lange termijn. Mijn advies: stem voor behoud van het groen en stem tegen de verstening. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u zeer. Vragen aan de heer Boogaard? Dat is niet het geval, ik dank … O, pardon. De heer Vos. De heer Vos, Groen Laren. De heer Vos: Ja, dank u wel. Ja, mijnheer de voorzitter, ik kan toch niet nalaten om een vraag te stellen na gewoon een aanvaring van langszij natuurlijk hè. En laten we eerlijk zijn, ik prijs uw zorgen over de leefbaarheid van het klimaat en de omgeving, en daarin gaan we elkaar zeker vinden. Maar ik ga mijn vraag aan u herhalen die ik ook aan de heer Hilbrink heb gesteld, want u heeft ook de heer Hardenberg horen vertellen over het plan en mijn vraag aan u is eigenlijk dezelfde: stelt u bomen boven mensen? De voorzitter: De heer Boogaard. De heer Boogaard: Dat is natuurlijk een hele flauwe vraag want dat is natuurlijk nee. Alleen als ik zie dat, als ik zie dat de Diaconie zich opwerpt als een soort van projectontwikkelaar die elk stuk groen eigenlijk zichzelf zou willen toe-eigenen om daar een bebouwing te laten plaatsvinden, daarnaast als we het hebben over dit soort stukken groen in het dorp wat echt wel een functie heeft worden opgegeven voor dit soort projecten, vind ik dat alternatieven bekeken moeten worden.
Niet in het dorp, daarbuiten ofwel helemaal niet, want wat is het nut van deze, überhaupt van deze … De voorzitter: Oké. De heer Boogaard: Van dit project. De voorzitter: Zijn er andere vragen van de zijde van de commissie? Dat is niet … Ja, de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, het is een beetje formeel maar ook de vraag of de inbrenger zijn stuk ook wil indienen. De voorzitter: Zeker. De heer Boogaard: Dit ligt vanavond bij alle raadsleden en het college in de email. De voorzitter: Ik neem aan dat voor alle insprekers voor zover er een schriftelijke tekst aanwezig is, dat daar de griffie dadelijk over kan beschikken zodat dat zal worden verdeeld aan de betrokkenen. Ik dank u zeer, mijnheer Boogaard, geen andere vragen op dit moment. Dank u wel. De heer Boogaard: Oké. De voorzitter: Dan zijn we nu toe aan de commissie zelf om het woord hierover te voeren maar ik neem aan dat de wethouder eerst nog behoefte heeft aan een kleine inleiding waarna we vervolgens naar de ronde gaan plegen met betrekking tot dit onderwerp. Het woord is aan de heer Stam, wethouder. De heer Stam: Ja, ik … Het lijkt me niet op dit moment zinvol om nou op de insprekers in te gaan, dat zullen de raadsleden neem ik aan ook wel nog een keer doen.
Ik heb niet anders op te merken dan dat we inderdaad een tijd geleden zijn benaderd door de Diaconie dat wij, dat ik en het college de Diaconie op zichzelf het project wat ze voor wilden stellen een interessant en bovendien sympathiek plan vonden. Je kunt vervolgens,
en dat zie ik wel, dat hoor ik ook in het commentaar van de insprekers, de hamvraag is altijd van zijn we nou bereid om toch nog wat huizen te bouwen voor mensen die het nodig hebben of niet, in het dorp? En als je kijkt wat we de afgelopen jaren hebben gebouwd dan bouwen we misschien honderd woningen op een totaal van 5.500 woningen en dat, je kunt niet bepaald zeggen dat dit nou een college is wat overal maar woningen neerzet ten koste van al dat groen wat opgeofferd wordt. Waar het wel mee te maken heeft is tuurlijk de vraag: als we te maken hebben met, en ik ga ervan uit dat dat zo is, vereenzamende ouderen die we een plekje zouden willen geven in het licht van sociaal domein wat in verzorgingshuizen deze mensen niet meer kan opvangen, dan is het college bereid om te gaan kijken naar de mogelijkheden daartoe. En we hebben daar serieus naar gekeken, ik kan me, ik zal nog eens kijken naar de acht mogelijkheden die mijnheer Hilbrink noemt, ik kan ze me niet herinneren. Maar we hebben gekeken naar mogelijkheden en een van die mogelijkheden die bevindt zich natuurlijk altijd in het, op het vlak van de mogelijkheden die de gemeente heeft in als zij grond in eigendom heeft.
Want het is heel gemakkelijk om te zeggen ik wijs u een stukje grond aan, maar grond in Laren als het niet van de gemeente is of tenzij er een enorme weldoener is die dat voor weinig wil verkopen kost 800 tot 1.000 euro per vierkante meter, dus dan kun je het al vergeten met sociale woningen. Dat is de reden dat je uiteindelijk op dit soort plekken uitkomt. Wij zijn inderdaad zoals gezegd door mijnheer Hilbrink begonnen met dertien woningen, daar hebben we vrij snel van gezegd: dat is een onhaalbaar project. Ik wil ook niet woningen op de tien woningen hebben, dat is inderdaad voor degene die erachter woont helemaal moeilijk verteerbaar, dat hebben we ook met hem gecommuniceerd volgens mij. En we zijn uiteindelijk in goed overleg met de Diaconie gekomen tot een plan wat leidt tot zeven woningen uiteindelijk. Zeven woningen met een, met één laag en een kap. En natuurlijk is het argument wat gebruikt wordt van groen versus wonen is een punt waar je serieus over na moet denken, dat hebben we ook gedaan en uiteindelijk leidt ons dat tot een besluit om u voor te leggen datgene wat we vanavond aan u voorleggen.
En het lijkt me toch nog eens goed om te benadrukken, ook naar de insprekers, voordat daar misverstanden over ontstaan: wat wij vanavond aan de commissie voorstellen, hopelijk uiteindelijk volgende week aan de raad, is om het college de kaders mee te geven waarlangs er onderzoek kan gebeuren om uiteindelijk te komen tot een definitief voorstel aan de raad. Er wordt gezegd: u moet nog onderzoek doen, u heeft niet eens onderzoek gedaan. Nee, dat klopt, we hebben dat onderzoek nog niet gedaan, dat moet pas gebeuren aan de hand op het moment dat de raad tegen ons zegt: wij vinden het een project met deze kaders en gaat u als college aan de gang om er een voorstel van te maken. Ik sluit ook helemaal niet uit dat dat mogelijk tot allerlei strubbelingen aanleiding kan geven of tot blokkades of tot problemen. Ik ga er niet van uit, maar het zou mogelijk kunnen zijn. Dus het zijn kaders die alleen gegeven worden aan het college, waarom willen we dat ook? In de eerste plaats omdat we als college, maar de raad gaat erover natuurlijk, het belangrijk vinden dat de raad kaders aangeeft om het college te laten werken. Natuurlijk stond het niet in de woningbouwnota, dat is ook zo, maar dat is ook iets wat natuurlijk gaande de rit is opgekomen en waar we serieus, ik vind ook op een bepaalde manier, serieus naar willen kijken.
Dat heeft niks te maken volgens mij met uitruilen van politieke stellingen of van uitruilen tegen andere projecten. Politiek is scoren zonder langetermijnvisie. Er doet zich een mogelijkheid voor op basis van een initiatief en daar gaan we serieus naar kijken en ik vraag de raad, en dat vind ik een belangrijk uitgangspunt, maar het college kaders mee te geven. Die kunt u amenderen, u kunt het op een andere manier doen dan wij het hebben geformuleerd, maar het gaat ons erom dat bent u bereid ons op dit stuk kaders mee te geven om het uit te werken? Dat lijkt me, mijnheer de voorzitter, in eerste instantie mijn inbreng. De voorzitter: Dank u zeer. Mag ik de heer Loeff vragen om het spits af te bijten en dan gaan we langs deze zijde de tafel rond. O, de heer Stam nog heel even.
De heer Stam: Ja, misschien is het goed, want er worden door insprekers een aantal dingen gezegd die waar ik op zichzelf wel behoefte zou hebben om daar tegenin te gaan, dat doe ik nu even niet. Maar het idee dat wij de grond al verkocht zou hebben is echt krankzinnig. Dat hebben we natuurlijk niet gedaan, en het is onzin om dit nou naar voren te brengen als zie je wel, de wethouder deugt niet, de grond is ook al verkocht. Zo werkt het niet. De voorzitter: Oké, dank u zeer. Het woord is aan … ‘…’ gaan we nu in een ronde verder en het eerste krijgt het woord de heer Loeff. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. De voorzitter: Larens Behoud. De heer Loeff: Ja. Dank u, voorzitter, dank ook aan de insprekers en fijn dat zij allen de moeite hebben genomen om hier naartoe te komen en om hun bedenkingen te uiten c.q. hun idee toe te lichten. Dat zijn tegengestelde belangen en die tegengestelde belangen is natuurlijk iets waar wij ook vanuit Larens Behoud mee worstelen en over nadenken van goh, hoe gaan we daarmee om? Want natuurlijk is het zo dat er groen is op dat perceel en dat er een historie ligt op dat perceel en dat er heel lang niets is gebeurd, maar het voorstel spreekt ook van dat er in 2019 een initiatief is gekomen om daar zorgwoningen te creëren en duidelijk is ook geworden dat dat er van dertien inmiddels zeven zijn geworden.
We hebben de stukken bestudeerd en als we kijken naar de invulling dan, en dit is een technische commissie, hebben we eigenlijk een enkele vraag daarover. U geeft aan dat het inderdaad woningen worden met een kap en een hoogte van zeven meter en een parkeernorm van 0,5. Dat zou betekenen dat het dus gewoon eigenlijk op het plekje gewoon ook moet passen. Als je kijkt naar de stoepen zoals die er nu liggen en de bomen die er staan, dan is de eerste vraag van, daar gaan wij van uit dat de linden zoals die aan de Eemnesserweg staan gewoon blijven staan. Ik hoop dat de wethouder dat positief kan beantwoorden, omdat die lindelaan waar de Eemnesserweg natuurlijk bekend om staat eigenlijk een, ja, een heel structurerend groenelement is. En als je dan kijkt naar de stoep dan zijn we eigenlijk, ja, we vragen ons eigenlijk af: gaat dat samen met de schoolkinderen die daar oversteken op het zebrapad? En wat zijn dan de looproutes en is dit de manier om verder te werken, of moeten daar nog heel ingrijpende maatregelen worden genomen om dat op een andere manier op te lossen? Dat is eigenlijk onze hoofdvraag, de andere vraag, ja, gaat eigenlijk over de Oude Kerkweg, dat is een soort van tussenweggetje. Ik weet dat we het vroeger, de mensen die lang in Laren woonden gebruikten als een soort fietspad, je ziet het ook wel als een soort rollatorpad.