20210929Rvs49 Verruiming inkomensgrens minimaregelingen
Tekst van het document
BESLISVOORSTEL RAAD LAREN Besluitvormend orgaan 2021/49.
Gemeentecode Laren.
Onderwerp
Verruiming inkomensgrens minimaregelingen. Portefeuillehouder J. den Dunnen. Openbaar Ja.
Korte inhoud
Verruiming van de huidige inkomensgrens van 110% naar 120% van de geldende
bijstandsnorm, zodat de doelgroep werkenden met een bescheiden inkomen wordt bereikt met aanvullende regelingen van de gemeente. Besluiten 1.
In te stemmen met de verruiming van de huidige inkomensgrens van 110% naar 120%
van de geldende bijstandsnorm en deze in te laten gaan per 1 januari 2022.
Aanleiding voorstel
In de Participatiewet is opgenomen dat inwoners die niet over middelen beschikken om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien, recht hebben op bijstand. Dit geldt zowel voor een bijstandsuitkering als voor aanvullende minimaregelingen. Voor de
bijstandsuitkering geldt de bijstandsnorm welke, afhankelijk van de gezinssituatie,
verschillende hoogtes kent. De bijstandsnorm wordt door de Rijksoverheid vastgesteld. De inkomensgrens voor minimaregelingen bepalen de colleges van gemeenten zelf.
Voor de HBEL-gemeenten geldt voor de minimaregelingen een huidige inkomensgrens van 110% van de geldende bijstandsnorm. Voor het Kindarrangement geldt de inkomensgrens van 120% van de geldende bijstandsnorm.
Pagina 1 van 5
Steeds vaker blijkt dat met de huidige inkomensgrens de doelgroep van werkenden met
een bescheiden inkomen niet wordt bereikt. Dit terwijl deze doelgroep het financieel vaak zwaarder heeft dan de doelgroep met een inkomen tot 110% van de geldende
bijstandsnorm, omdat deze laatste doelgroep meer profiteert van zowel gemeentelijke als landelijke regelingen. Doel
De koopkracht van werkenden met een bescheiden inkomen wordt verhoogd, zodat
schuldenontwikkeling en hierdoor een beroep op de gemeentelijke schuldhulpverlening wordt voorkomen.
Toelichting besluit (argumenten)
1.1 De doelgroep van werkenden met een bescheiden inkomen wordt beter bereikt.
Door verruiming van de inkomensgrens naar 120% van de geldende bijstandsnorm wordt ook de gemeentelijke minimaregelingen voor deze doelgroep toegankelijk gemaakt.
1.2 Analyse verruiming van de inkomensgrens Om te bepalen welke doelgroep de gemeentelijke hulp het hardst nodig heeft, is al eerder in het kader van het Kindarrangement (een minimaregeling van de BEL-gemeenten voor kinderen uit armere gezinnen) een analyse gemaakt van de doelgroepen die, op basis van inkomen en het al dan niet ontvangen van aanvullende gemeentelijke regelingen, de grootste kans om in financiële problemen te komen. Hiervoor is een berekening gemaakt van de vrij besteedbare middelen (koopkracht) van werkende en niet werkende minima. In onderstaande tabellen wordt uitgegaan van huishoudens met een gemiddeld aantal kinderen en gemiddelde vaste lasten en gebruik van alle mogelijke landelijke en lokale voorzieningen. Voor huishoudens zonder kinderen geldt eenzelfde beeld. Alleenstaande ouder
100%
110%
120%
130%
Inkomen netto incl. vakantietoeslag
1075
1.182
1.290
1.397
Toeslagen
844
844
844
844
Kinderbijslag gemiddeld
177
177
177
177
Minimaregelingen
110
110
0
0
Totaal inkomsten
2.206
2.313
2.311
2.418
Vaste lasten
-1.800
-1.800
-1.838
-1.838
406
513
473
580
Vrij te besteden/koopkracht
Pagina 2 van 5
Meerpersoonshuishouden
100%
110%
120%
Inkomen netto incl. vakantietoeslag
1.536
1.690
1.843
1.997
Toeslagen
670
670
667
606
Kinderbijslag gemiddeld
177
177
177
177
Minimaregelingen
115
115
0
0
met kinderen
130%
Totaal inkomsten
2.498
2.652
2.687
2.780
Vaste lasten
-2.000
-2.000
-2.038
-2.038
498
652
649
742
Vrij te besteden/koopkracht
Uit de tabellen blijkt dat huishoudens tot en met een inkomen van 120% van de
bijstandsnorm de minst vrij te besteden middelen overhouden. Voor huishoudens met een inkomen rond de 120% van de bijstandsnorm geldt daarbij dat zij zelfs
minder te besteden hebben dan huishoudens met een inkomen van 110% van de
bijstandsnorm. Bij een inkomen rond 130% van de bijstandsnorm is de koopkracht aanzienlijk groter.
1.3 Vastleggen nieuwe inkomensgrens
Om uitvoering te kunnen geven aan de uitbreiding van de minimaregelingen dient de
draagkrachtregeling Bijzondere Bijstand te worden verhoogd van 110% naar 120% van de geldende bijstandsnorm. De inkomensgrens is opgenomen in de richtlijnen
Bijzondere Bijstand Laren. De richtlijnen blijven verder inhoudelijk ongewijzigd. Het
vaststellen van de Richtlijnen Bijzondere Bijstand is een bevoegdheid van het college. Vastgesteld wettelijk- en beleidskader Participatiewet
Richtlijnen Bijzondere Bijstand Laren Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie
Eenzelfde raadsvoorstel wordt aangeboden aan de gemeenten Blaricum en Eemnes. Kanttekeningen
De inkomensgrens is vastgelegd in de richtlijnen Bijzondere Bijstand. Als u niet instemt met de verruiming van de inkomensgrens dan wordt de doelgroep werkenden met een
bescheiden inkomen niet bereikt. Daarnaast heeft het invloed op een separaat voorstel dat voorligt om een aantal forfaitaire vergoedingen op te nemen in de richtlijnen
Bijzondere Bijstand in verband met de beëindiging van de Regeling Tegemoetkoming Chronisch zieken en gehandicapten waarbij de inkomensgrens van belang is.
Pagina 3 van 5
Financiën
Op basis van 100% gebruik kost de verruiming op jaarbasis € 27.002,- . In de praktijk ligt het gebruik van minimaregelingen door rechthebbenden eerder rond de 35%. Dit is gelijk aan het landelijk gemiddelde. Voor het bepalen of het budget voldoende ruimte biedt, wordt gerekend met het landelijk gemiddelde. Jaarrekening 2020
Bijzondere Bijstand € 110.400
Begroting 2021
Verruiming
Verruiming obv
Bijstand
120%
gemiddelde 35%
Bijzondere € 128.991
Bijzondere Bijstand € 27.002
landelijk € 9.451
De begroting voor 2022 is nog niet bepaald. Deze is in concept in de eerste week van juli beschikbaar. Omdat de meerjarenbegroting 2022-2024 gelijk is aan de begroting 2021 kunnen we nu alleen uitgaan van de begroting 2021. Ten opzichte van de jaarrekening
2020 bestaat een overschot van € 18.591,-. Dit is derhalve voldoende ruimte binnen het
bestaande budget om de verruiming, uitgaande van een gebruik van 35%, ad € 9.451,- te dekken uit de begroting.
Begrotingswijziging nodig? Nee.
Uitvoering
Gelijktijdig met dit voorstel, wordt uw raad op basis van een separaat voorstel,
voorgesteld om de RTC-regeling per 1 januari 2022 te beëindigen. In plaats daarvan wordt op basis van bijzondere bijstand en de daarbij behorende inkomensgrens
(120% van de geldende bijstandsnorm) een aantal forfaitaire vergoedingen opgenomen
van de meest voorkomende extra kosten die personen met een chronische ziekte en/of handicap hebben. De forfaitaire vergoedingen worden opgenomen in de richtlijnen Bijzondere Bijstand Laren, welke ingaan per 1 januari 2022.
Afdeling Maatschappelijke Zaken in Huizen voert de Participatiewet uit op basis van een uniforme regeling voor de HBEL-gemeenten. Communicatie
Met dit raadsvoorstel zal het college hierna een voorstel ontvangen om de Richtlijnen Bijzondere Bijstand Laren opnieuw vast te stellen met hierin opgenomen de
inkomensnorm van 120%. De richtlijnen Bijzondere Bijstand Laren wordt op de voorgeschreven wijze bekend gemaakt en gepubliceerd. Bijlagen
Concept raadsbesluit ‘Verruiming inkomensgrens minimaregeling’.
Pagina 4 van 5
Steller
(jkani). Registratiedatum 18 juni 2021.
Burgemeester en wethouders van Laren,
S. van Waveren
drs. N. Mol
secretaris
burgemeester
Pagina 5 van 5