CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

20210707 transcript raad docx

Gemeenteraad 29 september 2021, gemeente larenBij agendapunt: Vaststellen besluitenlijst openbare raadsvergadering d.d. 30 juni en 7 juli 202121.714 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Toen ik heel jong was, heel lang geleden, meneer Wegter. Toen moest ik lezen het gedicht Awater van meneer Nijhoff. Van die brug, weet u wel? En er is eigenlijk maar één zin die je daarvan onthoudt. Althans, ik onthouden heb. Lees, maar er staat niet wat er staat. En dat is ook precies wat volgens mij de lading is van het document waar we het over hebben. Daar staan heel veel letters, heel veel getallen. En ze zijn heel overzichtelijk en als je begint te lezen, dan begin ik heel vrolijk. Nou, het rekenresultaat laat een tekort zien van vierentwintig duizend. Nou, Pagina 15 van 31

dat is wel een ‘…’ van een ton, maar op een begroting van een paar miljoen, denk ik nou, dat is goed nieuws. Dat gaat hartstikke goed. Haal de vlag maar tevoorschijn, want het gaat goed in dit dorp. Maar als je dan doorleest, dan valt het toch een beetje tegen. En meneer De Jong, onze Nostradamus van onze raad die geeft al aan dat de solvabiliteit ernstig tekort komt en dat er allerlei dingen niet in orde zijn. Ja, je kan het allemaal wel lezen en ik kan het ook wel lezen en Laren is klein. En de kosten en de baten, die zijn redelijk overzichtelijk, maar toch. Kijk, we zitten hier met een aantal mensen heel gewichtig te wezen en we doen net alsof we het allemaal begrepen hebben. Maar als ik echt kijk kan ik me nou een redelijk beeld vormen van hoe we ervoor staan, dan is dat gewoon niet het geval. En toch ben ik nou ja, misschien ben ik beperkt in mijn denkraam. Dat zou heel goed kunnen hoor. Maar ik wees alleen maar eventjes naar allerlei vertekeningen en verschuivingen vooruit en achteruit. Dingen die niet gerealiseerd zijn of wel gerealiseerd zijn. En of dat nou legitiem is of niet, daar wil ik nog eventjes vanaf zien. Want bijvoorbeeld het duurzaamheidsbeleid. Nou, dat is niet nodig gebleken, blijkt uit het jaarverslag. Dus die drie ton, dat is weer een meevallertje. Wel een beetje gek meevallertje trouwens.

Maar goed, dat zal een aantal raadsleden en dat werd zojuist ook al gememoreerd, als muziek in de oren klinken. Die drie ton en geen duurzaamheidsbeleid. Nou, dat komt goed uit. De RES. Ja, er wordt beschreven dat we daar wat mee gaan doen. Nou, inmiddels weten we al wat de RES hier aan tafel voor een betekenis heeft. Kortom, niet alles is even begrijpelijk en even helder en is even deugdelijk en daardoor volgens mij ook niet inzichtelijk. Sommige keuzes begrijp ik wel hoor. Bijvoorbeeld de verkeerslichten. Die moeten dan geoptimaliseerd worden. Dan kunnen de auto’s lekker doorrijden. Maar een fietsnetwerk, dat levert nog wat denkwerk. Dat is dan wel weer vreemd. Maar dat begrijp ik wel, want de wethouder die schrijft om vanuit de fiets over te stappen, dan begrijp je al een heel klein beetje hoe zijn gedachtewereld in elkaar zit. Als je vanuit de fiets over moet stappen. De kern zit voor mij op bladzijde 84. Daar staat de lastendruk en als ik dan kijk naar de OZB in Laren, dan is hij minstens en of ik het nou over de eenpersoonshuishouden of tweepersoonshuishouden heb. Twee keer zal minstens. En dan zal de wethouder zeggen ja, maar dat is nogal logisch, want wij hebben heel dure huizen en die zijn van heel rijke mensen. Dus die heel rijke mensen, die kunnen heel veel betalen. Ja, dat begrijp ik ook wel.

Meneer Calis zegt dan altijd, een dorp van rijke mensen met een arme gemeente. Maar dat is dan gek, want als die arme mensen zoveel betalen en in verhouding ook zoveel meer dan arme mensen in andere dorpen, dan begrijp ik niet waar dat geld gebleven is. En dat is al een paar keer gememoreerd hier aan tafel, we geven heel veel geld uit aan heel veel dure dingen. Wij hebben een welvaartsniveau of een voorzieningenniveau waar de gemiddelde stad zijn vingers bij aflikt. En dat is hartstikke mooi, maar dat kost wel geld. Dus ik denk dat we toch maar eens moeten gaan kijken en dan zeg ik niet wij, dan bedoel ik niet de mensen hier aan tafel, moeten gaan kijken wat we wel willen en wat we niet willen. En een Brinkhuis waar heel veel geld bij moet en het Singer waar heel veel geld bij moet. Dat tonnetje eraf, tonnetje erbij. Dat begrijp ik. Het zwembad. Ik begrijp dat hij in de etalage komt te staan volgens de VVD, als winkeldochter denk ik dan waarschijnlijk. Want ik denk niet dat er veel mensen in de rij gaan staan. Maar goed, er komen nog wel wat dingetjes op ons af die waarschijnlijk geld gaan kosten. Hè, het doelgroepenvervoer. We hebben besloten dat we een OV-organisatie gaan worden. Nou, het begon al goed met de aantekening dat de BTW al niet in orde is. Dus, meneer De Jong, u kunt uw borst natmaken. Daar komen nog wat dingetjes aan.

Als ik kijk op bladzijde 25, dan staat daar en dan heb ik het over het jaarverslag hè, de participatienota moet aangepast worden. Dat was ook een rood vakje. En dat begrijp ik ook wel. Want ik begon met te constateren dat ik sommige dingen wel begrijp, maar ook een hele hoop dingen niet begrijp. En ik ga geen specifieke vraag stellen over een getalletje duizend of tweeduizend, één of andere kant op. Dat vind ik niet zo bar interessant. Ik heb een veel interessantere vraag en dat is eigenlijk een uitdaging aan het college, met name aan de verantwoordelijke wethouder om voor november als we opnieuw over getallen gaan praten, om eens met een stuk te komen waarin ik de straat op kan en een willekeurige mevrouw Vos, mevrouw Calis, mevrouw De Boer of mevrouw Huppeldepup of wie dan ook een document kan overhandigen, die begrijpt waar het over gaat. En die ook begrijpt welke keuzes wij moeten maken. Gaan wij geld geven aan Pagina 16 van 31

het Singer? Een nobele instelling. Ga ik geld geven aan Het Brinkhuis? Veel voor te zeggen. Of mag ik misschien blijven zwemmen in een gemeentelijk zwembad? En ik wil vragen aan de wethouder om die uitdaging aan te nemen en in november als we het opnieuw hebben over centen bij de begroting om dan eens na te gaan denken hoe je het werkelijk aan wil pakken. Want in de documenten die er nu staan, ontbreekt het aan iedere visie, aan enig plan en aan enige keuze. En ik zou het heel plezierig vinden als ik in november met dat document op pad zou kunnen. De voorzitter: Meneer Vos, dat was uw eerste termijn? Dan hebben alle fracties hun eerste termijn gedaan en schors ik de vergadering voor tien minuten. Dan kan het college even overleggen over de gestelde vragen en wie welke vraag gaat beantwoorden. We lopen voor op schema. Dat komt goed en zodra wij klaar zijn met de schorsing, komen wij ook weer terug. Dan kunnen we de vergadering hervatten. Dan houden we het tempo een beetje vast. Dank u wel. [Pauze] De voorzitter: Beste mensen, we beginnen met de tweede termijn. En ik geef als eerste het woord, alle leden van het college zullen vragen beantwoorden, maar ik begin natuurlijk bij onze enige eigen wethouder van financiën, wethouder Calis. Start u alstublieft met de tweede termijn. De heer Calis: Dank u wel, voorzitter. Ja, eerste de jaarrekening.

Dat hebben we in de commissie uitgebreid behandeld. Daar heeft ook de accountant zijn presentatie gegeven. Waarin door verschillende van u naar verwezen is. En ook in die presentatie van de accountant heb ik dat volmondig mee ingestemd dat zijn analyse natuurlijk uitermate correct is. En dat de algemene reserve precair is, dat de solvabiliteit wel verbeterd moet worden. Maar al die getallen die de heer De Jong noemt, die herken ik niet allemaal. En ik heb er een ander beeld van. Maar daarom wil ik graag de heer De Jong uitnodigen om daar eens apart op terug te komen, zodat we door zijn lijstjes en bevindingen heen kunnen gaan. Want ik ben ervan overtuigd, zoals hij zegt, dat het constructieve kritiek is. De visie die wij hebben, is dat de algemene reserve rond de vier miljoen is, in plaats van … Maar goed, daar gaan we nou niet over kibbelen. Daar komt … Binnenkort verwachten wij incidentele opbrengsten van de verkoop van Het Raadhuis, van de verkoop van De Ligweide, van de Harmen Vosweg. Er komen ook belangrijke leges van de bouw van de appartementen in de Stationsweg en de Rabobank, die hoger zijn dan gemiddeld. En dat neemt niet weg dat we natuurlijk heel goed moeten kijken naar het structurele evenwicht tussen lasten en baten.

En wat dat betreft is het natuurlijk fantastisch dat we de verwachting hebben dat de algemene uitkering nu toe zal nemen omdat erkend wordt dat de gemeenten veel te weinig geld hebben gekregen. Mijn verwachting is dat dat 400 duizend, 412 duizend euro is voor jaarrekening 2021. En de verwachting is dat die bedragen zich door zullen zetten naar de volgende jaren, 22, 23, 24, 25. Maar het huidige demissionaire kabinet laat dat aan het nieuw te vormen kabinet. Maar dat het wel zeer sterk de insteek, de beantwoording van huidige ministers en het standpunt van VVNG. Wij hebben in de brief die we vanmiddag hebben uitgestuurd laten zien dat we verwachten dat de algemene uitkeringen al behoorlijk verbeterd. Daar zijn deze verbeteringen nog niet in meegenomen. En waarom niet? Omdat ja, het is toch nog omgeven met enige onzekerheid. Daarnaast die onzekerheid over de meevallers, daar aan de andere kant ook al langsgekomen vanavond. Daar hebben we natuurlijk verwachte tegenvallers, zoals extra kosten voor het overhevelen van de belastingtaken. Zo zijn er nog een paar meer punten genoemd. De BV Vervoer, de BTW-kwestie die uitgebreid in het nieuws is gekomen. Voor Laren is dat beperkt tot een paar duizend euro.

En dat is meer een begrotingsprobleem dan een BTW-probleem, omdat enfin, de regio heeft de bedragen opgegeven zonder daarbij de BTW te vermelden, terwijl die altijd al wel gedeclareerd werden. Dus dat is een foutje in de administratie, maar is niet een nieuw probleem. Er werd ook gevraagd… Pagina 17 van 31

De voorzitter: Meneer Calis. Ho, wacht even, een interruptie van de heer De Jong. De heer De Jong: Interruptie. U had het over de algemene reserve, maar als u op bladzijde 150 kijkt, algemene reserve, boekwaarde 31-12-2020, 3,3 miljoen. Dus als u wat, iets anders zegt, dan kent u uw eigen cijfers niet. De voorzitter: De heer Calis. De heer Calis: Ja, ik zal dat nakijken, voorzitter, maar… Oké. Er werd ook gerefereerd naar de coronaperikelen. Daar hebben we natuurlijk het coronafonds voor opgezet van één miljoen. Daarvan verwachten we een belangrijke teruggave van het Rijk, wat ook weer terug zal vloeien naar de algemene reserve. Er werd ook gevraagd naar het zwembad. Dat valt daar ook onder. Dat zwembad heeft ervoor gezorgd, omdat we de jaarrekening van het zwembad mee moesten nemen voor het aanvragen van coronasteun in 2020. Dat was een bedrag van 275 duizend euro. Anders was het resultaat aanmerkelijk hoger uitgekomen. Maar dus wij verwachten dat ook het Rijk ons zal steunen in uitgaven voor het Coronafonds. Ja, het structureel evenwicht. D66 blijft het hardnekkige misverstand vasthouden dat de OZB in Laren een van de hoogste is in Nederland. En inderdaad gemiddeld wat hier betaald wordt, is het hoogst in Nederland, net als in Bloemendaal. En dat komt inderdaad echt omdat het hier in Laren veel dure huizen staan.

Het gaat erom, wat is het tarief dat je betaalt? Het tarief in Laren is tien promille. Als je kijkt in de tarieven van de gemeenten in Nederland, kom je tarieven tegen van vijftien, zestien, zeventien promille. En een van de oorzaken van de mogelijke korting in herverdeling van één miljoen is gebaseerd op de veronderstelling van het Rijk dat Laren een groot potentieel aan onbenut OZB-vermogen heeft. Zo van, u kunt dat makkelijk nog veertig, vijftig, zestig procent verhogen. En dan kunt u dat ene miljoen wat wij korten zo wegblazen met uw inkomsten. Ja, kijk, wij hebben natuurlijk steeds gezegd, de OZB moet dus zo min mogelijk naar beneden. We moeten bezuiniging hebben. We gaan niet de inwoners belasten. Zeker niet de armere inwoners. Nou is een schrale troost daar dat echt bijvoorbeeld de sociale woningen, daar wordt de OZB betaald door de woningcorporaties. Maar dan nog is er denk ik een groot middengebied waar we heel erg voorzichtig mee moeten zijn om OZB verhogingen te gaan invoeren. Maar het is wel een feit dat de twee grote inkomensstromen van de gemeenten zijn algemene uitkering, die dus nu gunstig ontwikkelt en de OZB. Als je structureel het inkomensplaatje van de gemeente wil verhogen, dan ontkom je er niet aan over enkele jaren de OZB toch substantieel te verhogen. En ja, dat willen we allemaal niet.

En dan zegt u, we moeten alle luxe schrappen en wat zijn dan de keuzes? Ik denk dat … We hebben in de afgelopen tijd maatregelen ingezet die tot een miljoen bezuiniging leidden over de komende jaren. Daar investeren we voor, maar dat verwachten we. Dat monitoren we. Daarvan zeggen we, we moeten op dit moment die oefening niet weer gaan doen. De verbonden partijen, zoals de regio en ook Goois Natuurreservaat, die allemaal aangeschreven zijn om bezuinigingen op hun kadernota’s te realiseren. Die hebben er ook positief op gereageerd. En als je dan zegt ja, u moet verder nog meer dingen schrappen en wat zijn dan de duidelijke keuzes? Zoals Groen Laren, de heer De Vos zegt van, moeten we dan nog wel blijven zwemmen? Kijk, de drie grote kostenposten in Laren zijn inderdaad Singer, De Biezem en Het Brinkhuis. En Singer wil ik daarbij zeggen dat … De heer De Vos: Ja, wacht even de meneer Calis, u heeft een interruptie van ‘…’ godverdomme. De heer …: Wat hoor ik u nu zeggen, voorzitter? De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer De Vos. De heer De Vos: Ik wil even één misverstand rechtzetten. Ik heb absoluut niet willen zeggen dat er niet meer gezwommen zou moeten worden. Ik heb aangegeven dat er keuzes gemaakt moeten worden. En ik haakte aan Pagina 18 van 31

op de opmerking van meneer De Bondt, die zei dat hij het zwembad wel in de etalage wilde zetten. Maar ik heb nooit enige suggestie willen doen tot het vervreemden van het zwembad, integendeel. De heer Calis: Maar als er een keuze gemaakt zou worden, zou dat één van de keuzes kunnen zijn, zeg ik alleen. De heer De Vos: Dat heb ik ook gezegd. De heer Calis: En meer wou ik er ook niet van zeggen, maar de accountant zegt ook, dames en heren, Laren is een arm dorp met rijke inwoners. En u leeft gewoon boven uw stand, met deze voorzieningen. En ja, als je dus de tering naar de nering wil zetten, dan denk ik … Ik ben ervan overtuigd dat de citroen van de bezuinigingen hebben we nou wel tot de laatste druppel uitgeknepen. En als u zegt, u moet luxe voorzieningen laten vallen, dan wil ik wel graag weten welke luxe voorzieningen. En als je dan met suggesties komt terwijl wij proberen de zaak te bezuinigen en met een piepklein positief getalletje voor 2023 eindigen. Als je dan zegt ja, maar we moeten wel bladcampagne hebben en we moeten mantelzorgcompliment doen en we moeten weet ik wat meer allemaal extra doen. Nou, dat helpt natuurlijk niet in de bezuiniging. Maar ik ben vrij optimistisch dat door de toename van de algemene uitkering, een ruimte kunnen vinden om deze wensen van u te realiseren. De voorzitter: De heer Wegter. Gaat uw gang.

De heer Wegter: U spreekt over die citroen die bijna is uitgeknepen voor de bezuinigingen. U doelt niet specifiek op een sociaal domein, waar overigens wel een aantal bezuinigingen in gang zijn gezet. Maar ik neem aan dat uw collega dat verder nog gaat uitwerken. Want ik heb eerder vorige week begrepen dat het scorebord aangeeft dat er wel degelijk nog accenten mogelijk zijn die tot bezuinigingen zouden kunnen leiden. Maar ik wacht met belangstelling af wat de heer Den Dunnen erover gaat zeggen. De voorzitter: De heer Calis. De heer Calis: Zeker. Er is ook het een en ander gezegd over Het Brinkhuis. Daar hebben we ook al een presentatie over gegeven. Dat kwartier maken ze rapport dat vordert. De huisvesting van het gemeentebestuur, maar daar gaat u over, zal een flink positieve impuls geven voor de exploitatie. Maar ook op ander gebied denken wij dat exploitatie van Het Brinkhuis aanmerkelijk verbeterd kan worden. En hopelijk dat bijstorting vanuit de gemeente in elk geval aanmerkelijk verlaagd en hopelijk ook minimaal zal zijn in de komende jaren. En ja, dan blijven de punten voor mijn collega’s, voorzitter. De voorzitter: Dan geef ik eerst het woord aan wethouder Den Dunnen over de jeugdhulp in Noord-Holland. Het toezicht en de prestaties daarover. De heer Den Dunnen: Ja, dank u wel, meneer de voorzitter. Ik begrijp dat u de olifant in de kamer haalt.

En we weten allemaal dat die olifant hier in ons midden staat. En dat daar een groot probleem zit. We zijn bezig om dat probleem op te lossen. In zoverre, voor zover dat tot onze mogelijkheden behoort. De heer De Bondt verwees naar het rapport dat recent is verschenen van de inspectie. En dat toont precies aan de spagaat waarin we zitten. Er is een Rijksorganisatie, die komt inspecteren hoe wij het doen. Die zegt vervolgens tegen ons, u moet zorgen dat de wachtlijsten weg zijn en u moet zorgen dat u de medewerkers meer betaalt. Maar ze brengen er geen geld bij. En vervolgens stellen ze de organisaties onder toezicht. Wat weer leidt dat de organisaties zeggen van, wij willen wel graag aan het inspectierapport voldoen gemeente, maar dan moet u wel met geld over de brug komen om voor ons dat mogelijk te maken. De regio Gooi en Vecht steekt daar Pagina 19 van 31

gelukkig nog goed bij af. Wij hebben geen wachtlijsten hier op dit moment voor de jeugdzorg, maar wij worden wel geconfronteerd met ja, zeg maar, de wensen van verschillende partijen dat er meer voor hun activiteiten betaald moet worden. Wat wij tegen die partijen ook wel gezegd hebben, dat komt ook uit het inspectierapport, dat we toch ook wat meer de nadruk willen leggen op de kwaliteit die geleverd wordt. En dat ze ook één ding waar we nu met partijen in gesprek zijn dat we zeggen, we willen jullie met jullie graag lumpsumafspraken maken. Dat we een bepaald behandeltraject hebben met een bepaalde tijd en met bepaalde kwaliteit. Zodat we aan het einde van de rit ook inderdaad kunnen zeggen van, daar hebben we wat aan. En we willen af van het zonder meer verlengen van behandeltrajecten door de behandelaar zelf. We hebben gezegd van, dat kan niet mogelijk zijn. Daar heeft degene die dus dat doen, ja, die keuren als het ware hun eigen vlees. En die zeggen van ja, we zijn nog niet klaar met de cliënt en we willen graag een half jaar tot een jaar verlengen. Daar zijn we op dit moment ook mee bezig. De huishoudelijke hulp zoals we die besparingen ingezet hebben, dat loopt goed. Dat heeft zijn effecten al. En ten aanzien van de dure woningaanpassingen, hebben we gezegd dat we daar niet meer akkoord gaan met één aanbieding, maar dat we daar meerdere aanbiedingen voor vragen.

En dat we ook in de uitvoeringsorganisatie het vierogenprincipe toe gaan passen, zodat niet maar één consulent met een-op-een met de aannemer zijn zaken doet. Daarnaast hebben we gezegd van, we willen ook niet hebben dat de, zeg maar, aanbiedingen die gedaan worden, dat die dus ook uitgevoerd worden. We worden nu geconfronteerd soms met een traplift en dan en passant heeft degene die de traplift geplaatst heeft, heeft ook nog even de leuning aan de andere kant aangepast. En die heeft ook nog even een toiletje bijgetimmerd. En zo wordt het toch een hele grote rekening zonder dat daar directe opdrachten voor gegeven zijn. De voorzitter: Meneer Den Dunnen, u heeft een interruptie van de heer Wegter. De heer Wegter: Nog even terugkomen op die inspectierapport, wat ik alleen maar in de krant iets over gelezen heb. Klopt het dat de inspectie eigenlijk ook het signaal afgeeft dat de gemeente zich er minder mee moet bemoeien? Dat lees ik in de krant. Dat moet men blijkbaar, als ik het in de krant goed begrijp, aan de experts overlaten en daar moet niet te veel bureaucratie bij komen, zegt de inspectie. Maar als ik u goed begrijp, is precies het tegenovergestelde wat u wilt bewerkstelligen. En dat laatste, daar ben ik het mee eens. Maar daarmee komt u wel in conflict met de inspectie of vergis ik me daarin? Meneer Den Dunnen: Nee, dat klopt. Maar dat is wat ik zeg de spagaat.

We zijn verantwoordelijk gesteld en vervolgens komt er een andere instantie. Die komt ons inspecteren en die zegt van wat u doet is niet voldoende. U moet daar meer aan doen. Maar de derde partij die ons daar geld voor zou moeten geven, die is er niet. En dat is het dilemma waar we tegenaan lopen. We hebben intussen de regeling voor chronisch zieken en gehandicapten aangepast. Dat hebben we overgeheveld naar de bijzondere bijstand. En we zijn nog in overleg met de huisartsen, want we hebben intussen ook geconstateerd wie de verwijzers zijn, met name in de jeugdhulp en met name in de eenvoudige jeugdhulp. Daar zien we dus toch een grote verwijzer, de huisartsen. En we proberen met hen toch tot overeenstemming te komen om een praktijkondersteuner bij hen daar te plaatsen. Dus zo proberen we op meerdere fronten, zeg maar, het geheel beheersbaar te maken. En ik heb zelf de indruk dat we in de participatie en in de WMO er al redelijk grip op krijgen. Maar ten aanzien van de jeugdzorg, dat blijft toch echt wel zorgelijk. Ik dank u wel. De voorzitter: Volgens mij heeft de heer Calis ook nog een toevoeging daaraan. Anders geef ik het woord aan de heer Stam. De heer Calis: Ja, inderdaad. Ik was nog wat vergeten. Ik wil de toezegging doen en warm omarmen, de suggestie van de heer Vos om een ja, jip-en-janneke-begroting te maken. Want we hebben altijd die enorme Pagina 20 van 31

documenten. Die moeten ingericht worden volgens de BBV. Dat is besluit, begroting en verantwoording. Waarin al die verschillen genoteerd worden. En dan ben je inderdaad gauw door de bomen zie je het bos niet meer. Dus wij zullen bij de begroting zekere een zeer inzichtelijk en makkelijk te presenteren verhaal maken. De voorzitter: ‘…’ De heer Stam: Meneer de voorzitter, dank u wel. Ik zal proberen op een paar vragen in te gaan. Meneer Loef namens Larens Behoud heeft een vraag gesteld over de manier waarop het college omgaat met subsidies voor sport. Ja, ik wil er nog even op wijzen dat ja, dat is iets wat we in het coalitierapport hebben afgesproken, wat we in de begroting door de raden is geaccepteerd. Wij voeren, voor zover we dat kunnen doen op een behoorlijke manier, op een verantwoorde manier dat beleid ook uit. Als u meent dat in het vervolg dat op een andere manier moet, dan ben ik graag nog eens bereid aan de hand van een notitie bijvoorbeeld met u na de zomer nog eens te praten over hoe dat in de toekomst zal moeten gaan. Als u zegt: ‘Ja, die wilde ook die ton schrappen voor het komend jaar’. Ik zou dat buitengewoon jammer vinden, omdat dat een uitgangspunt was in de afspraken die we met elkaar hebben gemaakt. Dat zijn uiteindelijk politieke keuzes die dadelijk in de begroting aan de orde komen.

En het zijn … Wat eerder vanavond aan de orde is gekomen zijn politieke keuzes. Gaan wij als we de … Ik noem maar eens wat, de Vredelaan opnieuw reconstrueren, dan kost dat 1 miljoen en als we andere zaken doen, die zoals daarnet ook werd genoemd, gaan we de bladcampagne doen, kost 80.000 euro. Als we vinden dat sport een belangrijke maatschappelijke functie heeft en dat we verenigingen moeten ondersteunen, dan is het een keuze die de raad zou moeten maken, of daar voor komend jaar al of niet een ton voor ter beschikking moet komen. Dus ik ben graag bereid daar nog eens met de raad over in gesprek te gaan. Wat het onderwijs betreft, een vraag die door Liberaal Laren werd gesteld over de gebouwen, dat is toch zelf wel een punt. We hebben door mijn … Door de voorganger van mijnheer Den Dunnen is een aanvang gemaakt met wat heet een kwaliteitskader onderwijs, onderwijshuisvesting in het bijzonder. Daar hebben wij de laatste bijeenkomst met de schoolbesturen, vlak voor de zomer. En ik wil na de zomer graag met de raad in discussie over wat dat voor consequenties zou kunnen hebben. En als u wijst op het feit dat in de begroting er iets voor is opgenomen, dan zijn we inderdaad heel voorzichtig begonnen om daar eens enig fonds voor te gaan vormen.

Omdat ik verwacht dat in de komende jaren … En dan heb ik het niet alleen over komende 10 jaar, maar misschien ook wel in de eerste 5 jaar, dat nog wel wat kosten op ons af zullen komen. Maar ik zal daar in de presentatie na de zomer … Hoop ik met de raad uitgebreid over te kunnen praten, omdat we dan ook met alle schoolbesturen tot conclusies zijn gekomen. De raadhuis, daar stelde mijnheer De Jong ook een vraag over. Het is de raad bekend en daar is ook een afspraak over gemaakt, dat wij … Het college heeft zo goed als een rapport klaar, als het gaat om te zien of we in het raadhuis ook werkelijk zouden kunnen verkopen, daar gaan wij ons zodanig wel over, maar we doen dat natuurlijk alleen maar in relatie tot een aantal andere vraagstukken. Namelijk: wat gaan we met het Brinkhuis doen? Wat gaan we doen met de plek van het bestuur? Het college aan de ene kant en de raad aan de andere kant. En we hebben afgesproken dat … In september convergeren die zaken naar elkaar toe en we zullen dan met de raad uiteindelijk een besluit moeten gaan nemen of aan u gaan voorleggen; wat gaan we nou in werkelijkheid doen? En in het verband van een energielabel C, het is bekend dat dat een lage energielabel heeft, dus zeker waar.

Maar ik ga … U mag van mij wel verwachten dat ik op dit moment niet het energielabel van ‘…’ ga aanpassen op het moment dat ik het idee heb dat ik het misschien wel zou kunnen gaan verkopen. En ik neem aan dat u die logica ook wel met mij eens zult zijn. Dan heeft mijnheer De Bondt een vraag gesteld over De Biezem. Zoals mijnheer Vos zei: ‘In de etalage zetten’, ik weet niet of het zo bedoeld is. Maar in ieder geval, dat is nog niet zo simpel. Het probleem daarvan is in de eerste plaats dat … De boekwaarde die wij hebben op het pand, want het zwembad zelf is natuurlijk nog steeds heel hoog, we hebben daar 4/4,5 miljoen in geïnvesteerd en dat schrijven we inmiddels een jaar of 5 op af. Er loopt een lening waar we geprobeerd van Pagina 21 van 31

hebben om die om te zetten naar een lager rentetarief. Dat lukte ons niet, omdat dat een lening is waar de bank, waar wij te maken hebben, geen millimeter van af wil wijken. En zoals de burgemeester wel eens tegen me zegt: ‘Ik behoor nog niet tot de tot de vereniging van wethouders die van het zwembad af willen’. Dus ik vind ook dat we bezig zijn … Bezig waren, moet ik eigenlijk zeggen, dat is in de presentatie van het bestuur van de voorzitter van de SBL aan de raad enkele maanden geleden ook duidelijk gemaakt. We waren bezig om een behoorlijk aantal maatregelen te nemen, we zijn wat dat betreft ook in het zwembad natuurlijk enorm overvallen door corona. Vanaf maart vorig jaar is de hele exploitatie van het zwembad ook helemaal op hol geslagen natuurlijk. Je kunt er niet een duidelijke conclusie meer over trekken. Ik hoop echt dat het nu beter zal gaan en dat dat … Maar het punt, het verkopen van het zwembad op zichzelf zou interessant zijn als we iemand zouden kunnen vinden die hele ‘…’ goed van ons zou overnemen. Maar dat zal, verwacht ik, niet gebeuren. En zwembaden in het algemeen, je zou nog eens kunnen kijken in hoeverre je in staat bent die 4 ton, 4,5/5 ton die wij met elkaar kwijt zijn. Waarvan gelukkig Eemnes en Blaricum ook nog 2 ton betalen.

Als je dat weer vergelijkt met wat er vroeger aan de hand was, toen maakten we, geloof ik als Laren, alleen al 8 ton verlies op het zwembad. Dan zijn we wel op zichzelf ons bewust van het feit dat het heel veel geld is, maar is het onder de huidige omstandigheden niet zo simpel om daar verandering in aan te brengen. Maar ik wilde graag met de raad waar nodig, nog verder uitgebreid over praten. Dat was het wat mij betreft, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Even kijken of ik zo beter … Hé, het gaat goed. Een mogelijke verklaring voor de … Volgens mij gaat het nu goed. Ja? Nee, nog steeds niet? Ik ga wel aan de andere kant zitten. ‘…’ (buiten microfoon). De heer …: Deze doet het wel. De voorzitter: Hier beter. Ik zit op een aardstraal, denk ik. Zo, opgelost. Er zijn nog twee vragen gesteld die ik als portefeuillehouder moet beantwoorden. Namelijk de vragen gesteld door de fractie van de VVD over de commissie boven lokale aangelegenheden. In het presidium in september ligt er een besluitvormer voor het presidium om de verordening aan te passen, zodat … Die heeft de griffier zorgvuldig voorbereid, zodat wij daarmee vanaf dat moment verder kunnen. Dus aan de nieuwe griffier: u heeft er per september een commissie bij. En de tweede vraag had betrekking op een eenvoudige begroting die ook op straat is uit te leggen.

Wethouder Calis heeft al aangegeven: ‘Wij gaan een begroting opstellen, ik ga tegemoetkomen aan het verzoek van de heer Vos om een eenvoudig leesbare begroting te maken’. Maar de gemeentesecretaris, de griffier en ikzelf hebben recent met de voorzitters van de politieke partijen gesproken en ook nieuwe partijen uitgenodigd om daar met ons in gesprek te gaan in de voorbereiding op de gemeenteraadsverkiezingen. En wij hebben aangegeven dat wij na de zomer, dat de controller en de gemeentesecretaris een staat van de gemeente gaan opstellen. Een heel helder overzicht over de actuele financiële staat van onze gemeente, die de politieke partijen kunnen gebruiken in de voorbereiding van hun verkiezingsprogramma en ook kunnen gebruiken in hun presentaties richting inwoners en hoe keuzes gemaakt kunnen worden. En dan gaan we ook een speciale informatieavond over organiseren voor iedereen: wat is nou precies de start van de verkiezingscampagne? Dan ter conclusie van de eerste termijn de beantwoording van de zijde van het college werd … ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: U heeft … U ontvangt … Terecht wordt ik hierop gewezen door wethouder Calis: de heer Vos heeft gevraagd over de stand van zaken van de Participatienota. De medewerker die ons op dat dossier Pagina 22 van 31

ondersteunt, heeft zeer zwaar corona gehad afgelopen jaar. Dus de wording van de Participatienota en het participatieproces rondom de Participatienota heeft stilgelegen, maar u heeft deze week in de raadsinformatiebrief … Komt … U ontvangt deze week een raadsinformatiebrief over het proces hoe we gaan komen tot de Participatienota en hoe we dat samen met de inwoners gaan doen, want uiteindelijk moet je met inwoners praten over hoe ze betrokken willen worden, dat moeten wij niet eenzijdig gaan bedenken. Dan even de toezeggingen uit de eerste termijn van de zijde van het college: wethouder Calis heeft u toegezegd met de heer De Jong te gaan overleggen over de interpretatie van de cijfers uit de Kadernota en de jaarrekening, zoals hij die ziet. En de heer Calis wil er graag ook over praten en ook over de diverse suggesties die De Jong daarover heeft gegeven, als andere fracties willen aanhaken, dan kan dat natuurlijk ook. Hij heeft een toezegging gedaan over een goed leesbare begroting en de heer Stam heeft volgens mij de toezegging gedaan om het gesprek aan te gaan met de raad over de uitgangspunten rondom de nota Sport voor in de toekomst, waar volgens mij ook een vraag over is gesteld. En dezelfde toezegging heeft hij gedaan om te spreken over de toekomstige exploitatie van het zwembad, volgens mij.

De heer Loeff: Voorzitter, mag ik daar nog een aanvullende vraag over stellen? Want de wethouder zegt van: ‘U hebt die ton die in de meerjarenraming staat vastgesteld’. Volgens mij hebben wij hem niet vastgesteld, hij is gepresenteerd door het college. Maar dat komt gewoon bij de begroting aan de orde, dus in principe is het niet zo dat in de vaststelling is dat we die ton gaan uitgeven volgend jaar, toch? De voorzitter: Dat is een korte verhelderende vraag die volgens mij meteen beantwoord kan worden, dat scheelt in de tweede termijn. De heer Stam. De heer Stam: Dat is ook zo, natuurlijk. Ik doelde, heb ik het waarschijnlijk verkeerd gezegd, ik doelde op het feit dat er voor de bedragen die we in de afgelopen jaren en dit jaar toe hebben gezegd aan sportverenigingen, dat die in de begroting zijn vastgesteld door de raden. En die ton is uiteraard iets wat in de begroting aan de orde gaat komen. Het is overigens een interessant punt, dat wij ook in dit verband na 2022 nul hebben opgenomen, juist om het nieuwe college de kans te geven om keuzes te maken. De voorzitter: Wacht even, wacht even. Mijnheer Loeff. De heer Loeff: Voorzitter, ‘…’ nog een verduidelijkende vraag, want nu zegt de wethouder: ‘De bedragen die we aan de sport hebben toegekend, die staan in het … Die zijn vastgesteld’.

Volgens mij hebben we een totaalbedrag vastgesteld en heeft u de verdeling gemaakt op basis van de Sportnota en een interpretatie, zo zeg ik dan maar even van een beleid, waarvan ik denk: daar kunnen we nog wel eens een debatje over voeren. De voorzitter: Kunt u dit even bewaren voor de tweede termijn? Volgens mij is de situatie als volgt: u stelt de nota vast met uitgangspunten, u keurt een bedrag in de begroting goed. Het college verdeelt vervolgens de middelen uit de begroting op grond van de Sportnota, als u van mening bent: ik vind daar wat anders van, dan moet u daar de tweede termijn voor gebruiken. Wethouder heeft in ieder geval toegezegd daarover in gesprek te willen met de commissie, maar gebruikt u alstublieft daar de tweede termijn voor. Dan volg ik daarbij de sprekersvolgorde die we in het eerste termijn hebben gehanteerd, nu is als eerste aan het woord: de heer Van den Berg van het CDA. De heer Van den Berg: Ja, ik denk dat ik met de … Waar eigenlijk net de heer Loeff over begint, ik denk dat we allemaal en gelukkig ook de coalitiepartijen, positief zijn met wat er nu voorligt. Maar aan de andere kant ook al stenen in de vijver gooien waar we na de zomer over gaan praten. En de ton, waar de heer Loeff het net over had, dat is al één. Maar het zwembad verkopen of dat dan wel of niet kan. Waar het om gaat is dat de Pagina 23 van 31

VVD-fractie natuurlijk eigenlijk een punt op tafel legt en probeert ergens gespreksstof te krijgen en ik snap goed dat de wethouder dan zegt: ‘Ja, technisch gezien kan het niet’. Dus ja, weet je, zo kunnen we bij alles wel iets blijven vinden met elkaar. Zo vind ik bijvoorbeeld dat als we het over het raadhuis verkopen hebben, als CDA, dat dat wel een hele gemakkelijke is. Hele dure grond met een gebouw midden in het dorp en dat die energielabel niet helemaal denderend is, geloof ik meteen. Aan de andere kant denk ik: we hebben daarmee ook een stukje goud in handen, waar je nog eens even heel goed over na moet denken als je dat gaat verkopen. En tegelijkertijd hoor ik de wethouder dan zeggen dat we over de scholen nog een discussie gaan beginnen. Die discussie, die moeten we denk ik dan maar in het najaar voeren. Het enige wat ik nog wel ook dan in het najaar … Als we het over de begroting hebben, is die motie die we eind vorig jaar unaniem hebben aangenomen … Om ook als het over De Biezem gaat, toch nog eens even bij Eemnes en Blaricum elkaar diep in de ogen kijken van wat hun bijdrages daaraan zijn. Die zijn ook vastgesteld aan de voorkant en dat weet ik wel, maar dat is ook weer zo’n punt. Je mag best ergens een keer over beginnen, ondanks dat het is vastgelegd of dat dan is vastgelegd in het coalitieprogramma of niet.

En of het nou is vastgelegd in een overeenkomst of niet, we zullen gewoon echt de broekriem aan moeten trekken. Omdat anders … Wat de heer Wegter van D66 natuurlijk zegt. We zijn wel zelfstandig, maar als we dat zo meteen gewoon niet meer zijn omdat we gewoon eigenlijk, volgens mij nu nog maar een tonnetje of 4/5, jaarlijks op onze begroting vrij te besteden hebben. Wie houdt nou wie dan straks voor de gek? En daarom zei ik straks aan het begin in de eerste termijn: voor ons gaat het ook maar inzet worden van de verkiezingen van … Om de cadeautjes weggeven, die tijd is wel even geweest. Dat hoor ik overigens de VVD-fractie ook zeggen. Gelukkig gaan we daar dus dan ook vanuit de gemeentewegen een neutraal stuk over krijgen, hoor ik net onze burgemeester, voorzitter van de raad zeggen. Dat alles samenvattende is volgens mij zo dat we alles maar gaan vaststellen zoals het nu ligt. Iedereen doet zijn best, dat compliment wil ik ook … Het is ook niet gemakkelijk, ik denk ook niet overigens dat als ik aan de andere kant van mijn schermpje had gezeten en mijnheer Calis had aan mijn kant gezeten … Dat we het allemaal heel veel anders hadden kunnen doen, dat is denk ik ook wel een beetje de makke van een gemeente. Dat we maar heel weinig speelruimte hebben. Maar toch mijnheer de voorzitter, verzamelen wij alle punten denk ik maar.

Dan moeten we wel in het najaar voorkomen en dat zou ik wel graag willen horen van u nog misschien wel als voorzitter van de raad, dat wij niet fragmentarisch zo meteen een keuze maken over een Brinkhuis waarbij … Of over een raadshuis verkopen zonder dat we toch het totaalpakketje duidelijk hebben. Dat is eigenlijk het allerbelangrijkste wat ik vind. En ik moet ook eigenlijk wel bijna lachen als de wethouder … Maar dat doet hij leuk … Wethouder Stam zegt tegen de heer Loeff: ‘Daarom hebben we na 2022 niks meer begroot voor sport, want dan kan het nieuwe college daarover gaan’. Maar ik denk dat iedereen hier aan tafel denkt: ‘Ja, maar dan is er ook niet zoveel meer te verdelen’. Nee, maar dat denk ik dan. Maar goed, kort samengevat: CDA, zullen we de beide stukken omarmen, maar wel met een aantal kritische kanttekeningen, hebben we alvast wat voorzetjes. En het enige dan nog: die motie die we dan toen hebben aangenomen, die gaan we dan ook met de begrotingsvergadering op terugkomen. Omdat wij toch menen dat met betrekking tot zwembad … Als dat inderdaad ook echt zo'n zorgenkindje is, dat daar misschien toch nog eens een keer opnieuw naar gekeken moet worden. De voorzitter: Dank mijnheer Van den Berg. De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, dank voorzitter. Ik zal niet verder gaan over de sport, maar ik was eigenlijk in de eerste termijn nogal geïntegreerd door twee opmerkingen.

En daar heeft het college ook wel iets over gezegd, maar ik ben er toch wel benieuwd naar om het debat ook een beetje los te krijgen. De overbodige luxe waar de heer De Jong over spreekt namens Liberaal Laren, ik zie hem namelijk in onze uitgaven niet echt terugkomen. We geven veel uit, maar of dat nou luxe is? Ik vraag het me heel erg af. Vervolgens wordt er de hele tijd gesproken over drie belangrijke onderdelen: Brinkhuis, Singer en het zwembad. Ja, dat zijn grote posten, maar er zitten Pagina 24 van 31

natuurlijk in de begroting en in de jaarrekening veel meer andere grote posten en de vraag is of je aan deze knoppen moet draaien. En dan ben ik ook wel een beetje verbaasd over de heer Vos die zegt: ‘Nou college, maakt u de keuze maar’. Ik daag de heer Vos toch uit om zelf een keuze te maken en om te zeggen van: Nou, ik zou dat en dat wel voorstellen’. De heer Vos: Mijnheer de voorzitter, interruptie. De voorzitter: Ho, ho, ho mijnheer Vos. Wilt u vragen om een interruptie? De heer Vos: Ja, ik zou graag een interruptie willen. De voorzitter: Dat kan met de vinger, dat kunt u zo doen. Wilt u een interruptie? Er is een interruptie voor de heer Vos. De heer Vos: U heeft niet goed geluisterd ben ik bang, mijnheer Loeff. Integendeel, ik heb gezegd: laten we inzichtelijk maken welke keuzes er gemaakt moeten worden. En daarmee heb ik geenszins het van mij afgeworpen, helemaal niet. Ik heb juist aan willen geven dat we dat voor moeten leggen aan de mensen die volgens mij in het dorp wonen en die inzichtelijk maken. En dat was een van de dingen die ik ook gevraagd had van de wethouder om duidelijk te maken: waar geven we het aan uit? Welke keuzes kunnen we maken? En dat voor te leggen aan de mensen die het aangaat en niet aan deze tafel … De heer Loeff: Maar mijnheer Vos … De heer Loeff: En juist die woorden heb ik gebruikt. De voorzitter: Ho, ho. Ja.

Dat was … Mijnheer Loeff, gaat uw gang. De heer Loeff: We hebben een half jaar geleden met elkaar gezeten en toen hebben we uitgebreid bezuinigingsvoorstellen ingediend. Het credo van de VVD was nieuw voor oud, daar werden behoorlijke bedragen voorgesteld en een aantal partijen hebben daar ook lijstjes van gemaakt. Dus ik ben heel benieuwd naar het lijstje van Groen Laren, wat u dan indient om hierop te bezuinigen. Want ik hoor nog steeds van: ‘Ja, u moet dat inzichtelijk maken’. U hebt alle stukken gekregen, u kunt volgens mij heel duidelijk zeggen wat u nou precies graag wil en wat u minder graag wil. De voorzitter: De heer Vos, voor de laatste keer. De heer Vos: Nou, ik ga nog één poging wagen bij mijnheer Loeff … De voorzitter: Wacht even mijnheer Vos. Mijnheer Loeff, wilt u wel uw microfoon uitdoen op het moment dat u klaar bent? Mijnheer Vos. De heer Vos: U wilt van mij graag horen wat ik zou willen of wat wij zouden willen, dat wil ik met alle plezier vertellen, maar dat is niet mijn voorstel. Integendeel, want ik heb juist aangegeven dat we daar niet aan deze tafel over moeten beslissen. Maar dan moeten we namelijk het gaan vragen aan de mensen die het aangaat, dat zullen we dus aan de mensen in Laren moeten vragen. En dan lijken mij, eerlijk gezegd, de verkiezingen een buitengewoon goede methode.

En ten tweede zou ik heel graag willen pleiten voor het invoeren van een burgerbegroting. En niet via allerlei papieren, die maar slechts door een enkeling te begrijpen zijn, daarna de beslissing laten nemen door een aantal mensen. Ik zou die beslissing veel breder willen trekken en u kunt mijn Pagina 25 van 31

mening gerust krijgen, maar die doet niet zo ter zake. Want daar ben ik namelijk niet op uit, om mijn mening door te drukken, ik ben er op uit om meer mensen, een groter aantal mensen dan de 25 mensen die hier verzameld zijn, om die beslissing te laten nemen. De voorzitter: Helder. Een interruptie van de heer Wegter. En daarna gaan we dit debatje afsluiten. De heer Wegter. De heer Wegter: Als u het toestaat, voorzitter. Ik vind het een interessant betoog van de heer Vos, maar hij heeft geen antwoord gegeven op de opmerking van de kant van Larens Behoud. Onze vraag is ook: wat stelt u voor? U wilt natuurlijk een nieuwe procedure, die lijkt me prima en een burgerbegroting, vind ik allemaal prachtig. Maar als u naar de kiezer gaat volgend jaar, dan gaat de kiezer u vragen, u die hier in de zaal zit: ‘Wat stelt u voor? Wilt u het zwembad houden? Wat doet u met Singer? Wat gaan we doen met de OZB?’ Dat zijn de cruciale onderwerpen waar vanavond de wethouder over spreekt. Ik ben echt benieuwd wat u daar dan van gaat vinden. De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Ja, ik dreig in herhaling te vervallen, daar heb ik een ontzettende hekel aan. Maar wat ik zojuist tegen mijnheer Loeff gezegd heb, dat kan ik ook nog een keer tegen u zeggen, mijnheer Wegter.

Ik denk dat we voor dat soort vragen nou juist niet bij mij moeten wezen, maar daarvoor nou juist bij de mensen zijn die willen zwemmen en naar het Singer willen of eventueel van het Brinkhuis gebruik willen maken. Want er zullen keuzes gemaakt moeten worden en die keuzes, die worden niet gemaakt door een paar mensen, die moeten gemaakt worden of op 16 maart aanstaande, of … En dat is eigenlijk de koninklijke oplossing en die ga ik nog een keer suggereren: via een burgerbegroting, waarbij je alle dingen open legt en niet voorgebakken besluiten door een college of door de raad laat nemen. De voorzitter: Helder. Mijnheer Loeff, vervolgt u uw betoog. De heer Loeff: Dank u, mijnheer de voorzitter. Ik ben blij met dit soort debatjes, want dat maakt volgens mij de avond ook wel wat levendiger. Dus vandaar dat ik ook bewust even wat vragen heb gesteld aan mijn collega's. Om verder te gaan in de tweede termijn, eigenlijk heel kort: het is interessant dat de wethouder financiën zegt dat er een aantal grote bedragen richting Laren komen, als we het wat verder doorkijken na de periode van de verkiezingen, laten we het dan zo zeggen. En in die zin denk ik dat het verstandig is en kijk even naar de collega van de VVD, dat we daarmee inderdaad onze financiële reserve verder op peil brengen.

Omdat dat dat iets is waar we echt aan moet gaan werken, dus wat dat betreft sluit ik me aan bij onze collega's van de VVD, dat dat een belangrijke basis zal moeten worden voor de doorkijkjes naar 2024 en verder. Dank u. De voorzitter: Dank mijnheer Loeff. Het woord is aan de heer Wegter van de fractie van D66. De heer Wegter: Dank u voorzitter. Voorzitter, ik worstel met de vraag of dat vaststellen van die Kadernota en de jaarstukken, of dat ook betekent dat we die goedkeuren. Vaststellen, is dat synoniem met goedkeuren? Daar ben ik niet helemaal uit, maar misschien kan de wethouder me helpen. De wethouder zegt in zijn eerste repliek dat hij de analyse van de accountant volstrekt deelt. En de accountant zegt dat we op te grote voet leven en dat we dus moeten bezuinigen, dat zegt de accountant. En ik begrijp zelfs dat u bij de commissievergadering daartoe gezegd hebt, dat u ook nog een inspanning zal doen om in het licht van de bestaande begroting nog met aanvullende ideeën te komen. Dat juich ik toe als ik in die zin die Kadernota mag begrijpen, dan heb ik de neiging om die Kadernota zelfs te kunnen goed… Kunnen vaststellen. Maar u moet Pagina 26 van 31

me toch nog even duidelijk maken … U zegt, u spreekt kennelijk uw collega … De fractie van de Liberaal … Van de VVD nog ‘…’ tegen, die beide van mening zijn dat mochten er meevallers komen, dan moeten die in de algemene reserve gestopt worden. Kortom: het algemene reserve is in hun opvatting nu al te laag, krijgen we meevallers, moeten die daarin gestopt worden. Oké, dus daar schieten we niet veel mee op als het gaat om een besluitende begroting te krijgen. Want u zegt: ‘We krijgen in de komende tijd wel incidentele meevallers, we krijgen de Rabobank, we krijgen de Ligweide, we krijgen nog Harmen Vosweg, we krijgen leges van de Chinees. En dat levert allemaal extra geld op en dus kunnen we op die manier toch tot een structureel evenwicht komen. Is dat inderdaad de situatie dat we de meevallers gaan stoppen in de algemene reserve in de komende jaren? En dat we toch tot een structureel evenwicht kunnen komen? Op grond van die paar meevallers die we hier … Die ik net genoemd heb. Als u mij duidelijk kunt maken dat u de garantie denkt te kunnen geven dat ook langs die weg we er komen en dat er dus geen reden is om de OZB te verhogen. Dat daar dus geen reden voor is en dat u dus volgend jaar ook niet in het licht van de verkiezingen daarmee zult komen.

Als dat allemaal door u bevestigd wordt, wat niet in de Kadernota staat, maar als dat de uitleg is, dan ben ik bereid deze feestelijke dag met een feestelijke vaststelling af te sluiten. De voorzitter: Helder. Was dat uw termijn? Mijnheer Wegter. De heer Wegter: Dank u zeer voorzitter. De voorzitter: De heer Wegter wil zaken doen met de heer Calis, daar gaat hij vast op terugkomen. Het woord is aan de heer De Jong van Liberaal Laren. En u bent nog maar de enige vertegenwoordiger van uw fractie vanavond. De heer De Jong: Ja, tien kleine negertjes, maar dat mag je niet meer zeggen tegenwoordig. De voorzitter: Dat heeft u helemaal aan het rechte eind. De heer Bogaers: Sorry, mijnheer de voorzitter. Ik maak wel aanstoot aan deze opmerking, ik hoop dat u dit terug wil trekken. De voorzitter: Ja, daar heeft de heer Bogaers gelijk in. De heer De Jong: Sorry. Ja, ik had het over overbodige luxe, maar hebben wij geen hele forse luxe in dit dorp? Als ik dan kijk naar het Brinkhuis, wat een hele dure investering geweest is, waar veel … En overbodig betekent niet dat je het af moet stoten, maar als je zorgt dat dat beter gaat functioneren, dat bedoel ik daarmee. Het raadhuis, waar je mogelijk ook nog wat meer of andere dingen in kwijt kan. De Biezem, wat net ook al aangehaald is, is natuurlijk ook een luxe die we hebben.

Waar wij in het verleden 7 ton betaalde in 2010 en waar we nu alweer op 525.000 euro zitten voor onze rekening. Dan zeg ik, ja en die andere partners waarmee we dat doen en veel minder betalen, ook dat is een hele grote luxe waar we ook moeten kijken dat de ander ook mee extra gaan meebetalen. Want hun kinderen en ouderen zwemmen ook in De Biezem en maken daar ook gebruik van en misschien wel evenveel als het aantal inwoners van Laren. Sociaal domein: afgelopen jaren gigantisch gestegen toen we begonnen 2015 en wat we nu uitgeven, kijk eens naar de verschillen. Er wordt heel, heel, heel veel aan uitgegeven en dat groeit alleen, dus … De voorzitter: Mijnheer De Jong, bent u er scherp op dat u niet uw eerste termijn herhaald?

Pagina 27 van 31

De heer De Jong: Nee, maar ik werd aangevraagd op luxe en dan wil ik ook aangeven wat dat is. Dat iedereen helder is, dat wij heel luxe leven in het dorp. Dure adviseurs die voor allerlei activiteiten binnengehaald worden, sport waar we afgelopen jaren tonnen naar uitgeven. Ik noem dat echt heel veel luxe die we ons eigenlijk niet hadden kunnen permitteren. Ik zou graag gebruik maken van de afspraak om met de wethouder financiën een keer mijn betoog door te nemen en gewoon in algemene zin eens rond de tafel te zitten. Misschien is het handig dat Theo daarbij aanwezig is. De voorzitter: Mijnheer De Jong dat was uw … Oké, helder. Dan kom ik bij de fractie van de VVD, mijnheer De Bondt. De heer De Bondt: Dank u wel voorzitter. Ik dank het college voor de uitgebreide beantwoording van de vragen en opmerkingen die gemaakt zijn, laat ik daarmee beginnen voorzitter. Wat betreft de toezegging van de heer Calis voor een Jip en Janneke begroting, Henk en Ingrid zeggen sommigen. Daar heb ik niet zo'n behoefte aan. Ik heb ook eerlijk gezegd niet het vertrouwen in dat als daar een wat eenvoudige begroting … Dat Laren massaal die begroting gaat lezen en met constructieve voorstellen komt, zodat de raad daar … Hoe zou ik het zeggen … Zonder slag of stoot gevolg aan wil geven. Ik ben bang dat het vaak zal neerkomen op nieuwe geuite wensen.

En daarvan zegt de wethouder: ‘De geuite wensen zouden we kunnen honoreren door toename uitkering’. Ik wijs u erop dat ik geen dure wensen heb, ik heb überhaupt geen wensen. Anders dan een op maat, misschien nog wat scherper bezuinigen geuit. De Jeugdzorg vinden wij geen luxe. Jeugdzorg is iets wat we wettelijk verplicht zijn en wat we dus ook gewoon moeten doen. Ik dank ook de wethouder die daar klip en klaar en helder antwoord op heeft gegeven. En ik kan niet anders zeggen dan dat ik toejuich dat, met name de automatische verlenging en verlenging door de behandelaars, dat daar kritisch naar gekeken wordt. En dat daar ook een fiat van de gemeente voor nodig is, dat dat ongetwijfeld, ook in financieel opzicht een effect zal hebben. Evenals de aanpassingen aan de woning. Laat ik sluiten met de opmerking te maken dat ik het met het college eens ben, dat we met de kaasschaafmethode zo langzamerhand wel uitgeschaafd zijn. En dat betekent dus dat, als er verdere bezuinigingen zijn, we het niet op die manier zullen moeten doen. Dan moet de raad ruggengraat tonen en keuzes maken en die zijn onvermijdelijk en het zal bij de begroting ongetwijfeld een belangrijke rol spelen. Zelfs voorzitter, als de uitkering uit het gemeentefonds niet door herijking worden verminderd en alleen maar toenemen doordat we meer geld voor de Jeugdzorg krijgen, ook dan zullen we die ruggengraat moeten tonen.

Dank u wel. De voorzitter: Dank aan de heer De Bondt. Dan is als laatste het woord aan de heer Vos van de fractie van Groen Laren. Mijnheer Vos, gaat uw gang. De heer Vos: Ja, dank u wel voorzitter. Eerst maar eventjes reageren op de toezegging van de wethouder om een Jip en Janneke versie voor Henk en Ingrid of mijnheer Calis of mevrouw Van den Brink of mevrouw Vos toe te zenden. Dat lijkt me een hele, hele leuke en bijzondere uitdaging. En ik kan me daarop verheugen, want dat maakt het gesprek ook breder. En als mijnheer De Bondt zegt: ’Nou, maar daar gaan de mensen echt heus niks mee doen hoor’, dan denk ik dat hij toch een beetje de mensen onderschat. En het is natuurlijk een beetje een kip en een ei; gaan de mensen het niet lezen, omdat ze het niet begrijpen of begrijpen ze het niet, omdat ze het niet lezen. Ik denk dat het buitengewoon verstandig zou zijn om mensen niet te onderschatten, ze serieus te nemen en zeker in het licht van de aanstaande verkiezingen, mijnheer De Bondt. Want ik kan me zo voorstellen dat … De heer De Bondt: Voorzitter, ik neem ook aan als zo'n eenvoudige begroting er komt, dat hij dan ook huis aan huis bezorgd wordt?

Pagina 28 van 31

De heer Vos: Dat weet ik niet, mijnheer De Bondt. Daar ga ik niet over. De voorzitter: Volgens mij ga ik … Kan ik u beiden helpen. Mijnheer Calis, want volgens mij wordt er een gewone begroting gemaakt en de begroting in één oogopslag. Dus wordt zowel de heer De Bondt bedient voor een volledige begroting als dat de heer Vos. En dat er voor de heer Vos ook een eenvoudige in één oogopslag wordt gemaakt, die eventueel ook nog … Ik kijk naar de heer Calis, wat hij daarmee kan doen. Verlost u ons meteen eventjes? De heer Calis: Ja, ik denk dat beide gehonoreerd kunnen worden, want natuurlijk moeten we een uitgebreide begroting maken om alle onderdelen inzichtelijk te maken. En die Jip en Janneke begroting denk ik dat dat helpt, ook voor de raad om de begroting inzichtelijk te maken. Maar als we dat presenteren, dan denk ik dat op dat moment we moeten discussiëren met de raad in hoeverre we daar de publiciteit of de participatie mee gaan zoeken. En dat is dan niet aan mij, maar aan de raad. De voorzitter: Excuus mijnheer Vos, maar dan bent u meteen … Hebt u meteen antwoord op uw vraag. Gaat uw gang. De heer Vos: Ja, dat is wel een beetje teleurstellend, maar goed. Ik was zo blij met de toezegging en nou ben ik toch weer een klein beetje teleurgesteld.

Nou ja goed, we zullen wel zien en het lijkt mij gewoon goed dat het in ieder geval zo transparant mogelijk is en zo duidelijk mogelijk is, zodat er volgens mij verstandige keuzes gemaakt kunnen worden, mijnheer Loef. En het lijkt mij goed dat als die er is en we hebben dat tonnetje ook voor die padelbaan, dat wij het nog wat levendiger gaan maken door feestelijk de eerste spelletje padel te gaan spelen onder toezicht van mijnheer Stam, om het nog wat levendiger te maken. Dus bij deze heeft u deze uitnodiging en uitdaging alvast van mij tegoed. Maar toch nog even terugkomen op wat serieuze zaken, ik ben het in de eerste termijn een beetje vergeten te zeggen. De rekening zoals het ligt en de vooruitzichten zoals ze geschetst worden, zijn eigenlijk wel heel erg … De wethouder noemde het zelf al onvoorzien en een beetje gebaseerd op dingen die zouden kunnen gebeuren. Een beetje gebaseerd op meevallers, misschien op tegenvallers, alvast een beetje gaan speculeren op de verkoop van het raadhuis en dat soort dingen, een tegemoetkoming van het Rijk. Ja, echte keuzes worden vooruitgeschoven en dat is toch wel heel erg heel erg problematisch volgens mij. En daar moeten we niet al te lang mee wachten, daar moeten we echt in november met Jip en Janneke en wat andere mensen over gaan praten. Dus niet zozeer een vraag als wel constatering. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer Vos.

Daarmee komen we aan het einde van de tweede termijn van de zijde van de raad … Toch een interruptie van de heer Van den Berg? De heer Van den Berg: Ja, maar dat is een hele andere interruptie, maar die sluit aan op de interruptie van Sean Bogaers. Kijk, ik wil niet naar de opmerking terug van de 10 kleine negertjes, degene die het uitspreekt. Maar wat net zo erg is, is dat wij in de lach schieten. Dus denk ‘…’ nog even iets in de zomer te hebben overdenken, dat dat misschien wel net zo erg is als het zeggen. De voorzitter: Mijnheer Van den Berg, ik heb de heer De Jong verzocht andere woorden voor zijn uitspraak te kiezen. De heer Van den Berg … Of de heer De Jong heeft zijn excuses gemaakt. Ik denk dat uw toevoeging een hele waardevolle is, dat we met zijn allen daar scherp op moeten zijn. En dat we met zijn allen ook een voorbeeldfunctie daarvoor hebben richting de inwoners. Dit soort foutjes kunnen gemaakt worden en volgens mij stralen we met zijn allen uit dat wij staan voor een goede voorbeeldfunctie.

Pagina 29 van 31

De heer De Jong: Ik heb echt niemand willen beledigen hoor. De heer Van den Berg: Nee, nee. Nee, maar dat is al … Daarom is het een excuus, maar ik maak nog een ander punt. Wij schieten er om in het lach, dat is net zo erg. De voorzitter: Ja, daar heeft u gelijk in, mijnheer Van den Berg. Mijnheer Bogaers. De heer Bogaers: Ik wil me graag even aansluiten bij deze woorden, want ik kan zeggen dat ik het enorm kleinerend vind. En ik zit hier op dit moment nog steeds mee dat dat net gezegd is en op de manier hoe er net om gelachen is. Dus ik hoop echt dat dit soort dingen niet meer voorkomen, want het kan niet dat je de politieke arena gebruikt om met dit soort grappen te komen en het feit dat er op deze manier om gelachen wordt, vind ik ook echt belachelijk. De voorzitter: Volgens mij … Mijnheer Bogaers, dank, ook een waardevol punt, heeft u helemaal gelijk in. Maar volgens mij proberen we hier allemaal het goede te doen en ook met zijn allen naar een goede toekomst toe te bewegen. Ik kijk nog eventjes naar de tweede termijn van de zijde van de raad. Er is één toezegging gevraagd van de zijde van D66 aan de wethouder van Financiën. Ik kijk dus voor de tweede termijn aansluitend naar de heer Calis. De heer Calis: Dank u wel voorzitter.

De heer Wegter, die stelt een principiële vraag over de Kadernota: ‘Stellen we die vast, of stellen we … Keuren we hem goed?’ En het punt is dat als goedkeuring impliceert dat alles wat daarin gesuggereerd wordt ook al meteen aangenomen en positief beoordeeld is door de raad, dan zeg ik: dat is niet de bedoeling. Want de Kadernota, dat staat ook in de inleiding, is richtinggevend voor het college om een begroting op te stellen. Dus de discussie van vanavond, alle overwegingen, die nemen we mee naar de begroting waar nu al mee begonnen is om dat op te stellen. Dus ik zou bijzonder ingenomen zijn als u kunt zeggen: ‘We stellen de Kadernota vast’, want dat geeft ons de basis om verder te werken naar de begroting. En dan heeft u ook nog iets gezegd over de accountant dat die aan zou dringen op bezuinigingen, dat heeft hij niet gedaan. De accountant zegt: ‘U moet inderdaad kijken hoe u structureel evenwicht kan bereiken tussen inkomsten en uitgaven, tussen baten en lasten’. de Kadernota laat juist zien dat met alle mitsen en maren … Wij verwachten dat dit een sluitende begroting is met een … Dat noemen sommige mensen ‘speculeren’. Maar wij hebben echt zeer duidelijk omlijnde plannen om die algemene reserve aanmerkelijk te verbeteren.

En als mijnheer De Jong zegt: ‘Hier op bladzijde 150 staat 3,8’, dan zeg ik: dat is 31 december 2020, maar ondertussen hebben we er alweer een half miljoen bij gestopt en zo is dat toch een dynamisch geheel. Maar we gaan dat even precies … Ik denk dat het lijstje, wat wij met zijn tweeën kunnen maken mijnheer De Jong, dat het ook een uitstekende opmaat is naar het document waar voorzitter aan refereerde om te presenteren aan de politieke partijen, van: wat is de financiële staat van Laren? dus ik ben er erg blij mee. De voorzitter: De heer Wegter. De heer Wegter: Ik heb goed naar u geluisterd en ik begrijp nu dat u eigenlijk zegt: ‘Stel dit nu maar vast, want wat er staat, dat moet u interpreteren in het licht van de verklaring die u vanavond gegeven hebt’. En dan worden bepaalde stellingen die in de Kadernota genoemd worden tenminste genuanceerd, laten we het zo zeggen. Als ik in die zin dus mag interpreteren, dus ook daarmee noterend dat u geen bezwaar hebt tegen de opmerking van de zijde van Larens Behoud en van VVD, dat de toekomstige meevallers in principe naar de algemene reserve moeten. Als het allemaal onderdeel uitmaakt van de vaststelling van deze Kadernota, dan ben ik daarmee akkoord. Pagina 30 van 31

De voorzitter: Helder. De heer Calis, kunt u dit bevestigen? De heer Calis: Dat kan ik bevestigen en bovendien kan ik u ook toezeggen dat er in de behandeling van de begroting, daar geen onderwerpen zullen zijn waarin ik zal refereren aan. Maar in de Kadernota heeft u dat al goed gevonden, dat is echt de richting en daar worden geen verdere consequenties aan verbonden. Anders dan dat we dit natuurlijk uiterst ter harte moeten nemen en aan de begroting moeten werken, zoals we hier vanavond besproken hebben. De heer Wegter: Oké, prima. De voorzitter: Helder. Volgens mij hebben we daarmee … Kunnen we daarmee met de tweede termijn afsluiten, ook van de zijde van het college en kunnen we overgaan tot besluitvorming. En stel ik als eerste aan bod: het vaststellen van de jaarstukken. Ligt een verklaring van de accountant bij, getrouwe weergave van de feitelijke situatie. Het is nou eenmaal wat dat is. Wenst er een fractie stemming over de jaarstukken? Dat is niet het geval. Dan zijn de jaarstukken 2020 inclusief de bestemmingen van het nadelige resultaat hierbij vastgesteld. Dan kom ik bij de Kadernota, het gevraagde beslispunt betreft de Kadernota 2022-2025 vaststellen. Er zijn fracties die aan hun goedkeuring van de vastgelegde Kadernota toezegging hebben verbonden, die zijn door het college toegezegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10601869/1