20210630Rvs38 Grondstoffenvisie regio Gooi en Vechtstreek
Tekst van het document
BESLISVOORSTEL RAAD LAREN Besluitvormend orgaan 2021/38.
Gemeentecode Laren.,
Onderwerp
Grondstoffenvisie regio Gooi en Vechtstreek. Portefeuillehouder A.H.M. Stam. Openbaar Ja.
Korte inhoud
In afstemming met de gemeenteraden werken de portefeuillehouders Milieu en
Duurzaamheid aan een nieuwe grondstoffenvisie. De raden hebben hieraan richting
gegeven door zich uit te spreken over een aantal vraagstukken. De opbrengst van deze
consultatie is verwerkt in de concept grondstoffenvisie. Met dit voorstel wordt de concept grondstoffenvisie ter consultatie aan de gemeenteraden voorgelegd zodat kan worden getoetst hoe de richtinggevende uitspraken zijn verwerkt. Na de zomer zal de visie worden vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Regio. Besluiten 1.
kennis te nemen van de concept grondstoffenvisie regio Gooi en Vechtstreek, waarin
wordt aangegeven hoe we in de regio Gooi en Vechtstreek met onze grondstoffen en reststromen willen omgaan en hoe we deze inzetten in de weg naar een circulaire en
2.
toekomstbestendige economie;
geen bedenkingen te uiten ten aanzien van de concept grondstoffenvisie.
Aanleiding voorstel
In 2020 is het lopende regionale programma VANG van de GAD geëvalueerd en
aansluitend zijn de portefeuillehouders Milieu en Duurzaamheid samen met de raden aan de slag gegaan met het ontwikkelen van een nieuwe grondstoffenvisie. Als grondslag
Pagina 1 van 5
voor de visie is een analyse gemaakt van de ontwikkelingen in de context van de
gemeentelijke afvalinzameling en -verwerking, de ontwikkelingen in het rijksbeleid, de markt van afvalverwerking en in de circulaire economie in bredere zin. Voor twee
systeemkeuzes, PMD-inzameling en Diftar, met grote impact op lange termijn, is een verdiepend onderzoek uitgevoerd om deze op voorhand mee te kunnen wegen in de invulling van de visie.
De raden hebben richting gegeven aan de visie in het vierde kwartaal van 2020 door zich uit te spreken over een viertal vraagstukken (te weten: Ontwikkelscenario’s, Bron- of nascheiding PMD, Diftar en Koppelkansen). De raden hebben hierbij een duidelijke
voorkeur aangegeven voor een nieuw ontwikkelperspectief en zich daarbij uitgesproken over Diftar, de inzameling van PMD en het benutten van kansen in relatie tot andere
maatschappelijke opgaven. De visie die nu voorligt is het resultaat van het traject dat samen met de raden is doorlopen. Doel
De grondstoffenvisie beschrijft hoe we in Gooi en Vechtstreek met onze grondstoffen en reststromen willen omgaan en hoe we deze inzetten in de weg naar een circulaire en toekomstbestendige economie. De grondstoffenvisie vormt het kader voor het GAD
uitvoeringsplan, dat na vaststelling van de grondstoffenvisie zal worden opgesteld. De grondstoffenvisie geeft daarnaast richting aan de samenwerking binnen en buiten de regio.
Toelichting besluit (argumenten)
1.1 De raad is vanaf het begin meegenomen in het ontwikkelen van een nieuwe
grondstoffenvisie
In afstemming met de gemeenteraden werken de portefeuillehouders Milieu en
duurzaamheid aan een nieuwe grondstoffenvisie. De raden hebben in 2020 hieraan
richting gegeven door zich uit te spreken over een aantal vraagstukken. De opbrengst van deze consultatie is verwerkt in de concept grondstoffenvisie. Met dit voorstel wordt de
concept grondstoffenvisie ter consultatie aan de gemeenteraden voorgelegd zodat kan worden getoetst hoe de richtinggevende uitspraken zijn verwerkt. Na de zomer zal de visie worden vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Regio.
2.1 De richtinggevende vraagstukken zijn in de visie verwerkt
De raden hebben richting gegeven aan de visie op basis van een viertal voorgelegde vraagstukken:
De sturing op afval verschuift van kwantitatieve sturing naar sturing op kosten, duurzaamheid en kwaliteit
In de nieuwe visie worden de ‘10R’-strategieën voor circulariteit van het rijk en de
rijksdoelstellingen voor CE omarmd. Daarmee wordt richting gegeven aan de transitie Pagina 2 van 5
naar een circulaire economie. Het accent in het afvalbeheer verschuift daarbij van
recycling en nuttige toepassing (de achterkant van de keten) naar preventie, slimmer ontwerp en hergebruik van producten en materialen (de voorkant van de keten).
De raden hebben in het kader van de nieuwe Rijksbrede programma circulaire economie
een voorkeur uitgesproken voor een nieuw ontwikkelperspectief (‘B’) dat meer gebaseerd is op kosten, duurzaamheid en kwaliteit van afzonderlijke afvalstromen en minder op de huidige kwantitatieve sturing op basis van kilogrammen en percentages van de totale hoeveelheid huishoudelijk afval (HHA). Afvalscheiding voor hoogwaardige
materiaalstromen blijft belangrijk, maar meer scheiden leidt niet bij al het afval tot betere milieuprestaties.
Geen invoering van Diftar
In de nieuwe context van de transitie naar een circulaire economie bieden de huidige kwantitatieve generieke prestatie-indicatoren voor afvalbeheer (in kilogrammen en percentages) onvoldoende basis en houvast om te sturen op circulariteit en
toekomstbestendigheid, om de kosten te beheersen en om door te ontwikkelen. In lijn hiermee hebben de raden aangegeven niet voor de invoering van Diftar te zijn. De inzet van Diftar als instrument is vooral gericht op het stimuleren van afvalscheiding en bronscheiding van de totale hoeveelheid aangeboden HHA, en minder op de
duurzaamheidsprestaties van afzonderlijke stromen en zal daarom in de Gooi en
Vechtstreek niet worden ingevoerd. Daarbij vraagt Diftar om aanzienlijke investeringen. Tenslotte is de ‘nascheidingstechniek’ voor bepaalde materialen in opkomst wat slecht verenigbaar is met Diftar.
Analyse afvalstroom PMD; bron- of nascheiding
Vanuit verschillende raden is aangegeven dat zij de wijze van inzamelen van PMD in onze regio vervroegd tegen het licht willen houden en een opnieuw een keuze willen maken
over de wijze van inzamelen. Het gaat hierbij vooral om de keuze tussen bronscheiding
en nascheiding. Gelijktijdig aan de consultatieronde met betrekking tot de zienswijze van de grondstoffenvisie worden de raden daarom ook hierover geconsulteerd. Kansen en verbindingen benutten
We benutten kansen en leggen slimme verbindingen waar het gaat om hergebruik van waardevolle producten en materialen en kansen voor werkgelegenheid en circulaire
bedrijvigheid. Dit is geen hoofddoel maar ‘bijvangst’. De regionale grondstoffenvisie en uitvoeringstaken op afval- en grondstoffenbeheer kunnen zo een bredere
maatschappelijke bijdrage leveren door bijvoorbeeld de koppeling aan het sociaal domein (werkgelegenheid) en het stimuleren van product en materiaal hergebruik in gemeenten.
Pagina 3 van 5
Vastgesteld wettelijk- en beleidskader
Wet milieubeheer, Gemeenschappelijke regeling Gooi en Vechtstreek, Regionaal
Uitvoeringsprogramma VANG (Van Afvalstof Naar Grondstof), Rijksbreed programma Circulaire Economie, LAP 3
Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie
De gemeente Blaricum is ook aangesloten bij de GAD, de gemeenteraad van Blaricum zal eveneens worden geconsulteerd. Kanttekeningen
1.1 Het landelijk beleid is nog in ontwikkeling
In 2018 is het programma VANG HHA (Huishoudelijk Afval) opgegaan in het Rijksbrede
programma Circulaire Economie (CE). Het huidige kader (landelijk) is nog wel gericht op meer afvalscheiding en het terugdringen van de hoeveelheid restafval. Gemeenten zijn
vanuit de Wet milieubeheer (WM) verantwoordelijk voor het inzamelen en het verwijderen van het afval van huishoudens. Deze zorgplicht is uitgewerkt in het Landelijk
Afvalbeheerplan (LAP3). Het LAP3 bevat ook een richtlijn om via afvalscheiding het
restafval per inwoner terug te brengen tot 30 kg per inwoner in 2025. Dit is echter een richtlijn en geen harde eis. Op de richtlijn wordt door het Rijk gestuurd via het VANG-
beleid (gericht op meer afvalscheiding), financiële prikkels via inzamelvergoedingen voor
bepaalde materiaalstromen in het kader van producentenverantwoordelijkheid (met name verpakkingsmateriaal) en het heffen van verbrandingsbelasting op restafval.
De verwachting is dat ook landelijk de koers steeds meer zal worden bijgesteld. Zo zal er geen nieuw Landelijk Afvalbeheerplan (LAP4) komen als vervolg op LAP3, maar een
Circulair Materialenbeheer Plan. In 2018 is het programma VANG al opgegaan in het
Rijksbrede programma circulaire economie. Door nu al na te denken over de toekomst, in beweging te komen en de juiste keuzes te maken, haken we aan en geven we samen met onze ketenpartners en hogere overheden vorm aan de transitie. Daarmee dienen we het belang van onze inwoners het beste en bouwen we actief mee aan een gezonde
leefomgeving en circulaire economie. De nieuwe grondstoffenvisie gaat ons daarbij
helpen. Gelet op de transitie naar CE waarin we ons bevinden en het nog ontbreken van een transitie kader voor gemeenten vanuit het Rijk zijn lange termijn investeringen in
nieuwe afvalinzamelsystemen risicovol in deze fase. We zijn daarom terughoudend ten aanzien hiervan.
1.2 Gemeenten hebben alleen invloed op de achterkant van de keten
Gemeenten hebben geen invloed op de kwaliteit van de verwerking als het gaat om niet-
duurzaam ontworpen en geproduceerde producten en materialen. Hier zien wij een grote
verantwoordelijkheid voor het bedrijfsleven dat deze producten op de markt brengt en de consument. De regiogemeenten zetten in op uitbreiding van de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven voor milieuverantwoorde verwijdering van consumptiegoederen en
Pagina 4 van 5
verpakkingen en het dragen van de kosten daarvoor, bij het behartigen van onze belangen en die van de inwoners richting het Rijk. Financiën
De grondstoffenvisie op zichzelf heeft geen financiële consequenties. Wel ziet de regio een stijging van kosten in de uitvoering door marktomstandigheden en ligt er een bezuinigingstaakstelling voor de Regio vanuit de gemeenten. Om alleen al de
kostenstijging op te vangen moeten keuzes gemaakt worden in de uitvoering. Deze keuzes worden afgewogen in lijn met de grondstoffenvisie. Begrotingswijziging nodig? Nee.
Uitvoering
De concept grondstoffenvisie ligt met dit voorstel ter consultatie voor aan de raden. Het portefeuillehoudersoverleg Fysiek Domein doet een voorstel voor de verwerking van de
inbreng van de zeven gemeenteraden in de grondstoffenvisie. De grondstoffenvisie wordt vervolgens na het zomerreces vastgesteld door het Algemeen Bestuur in het kader van de overgedragen taak. Zij betrekken daarbij de inbreng van de raden en het advies van het
portefeuillehoudersoverleg hierover. De uitvoering van de afvalinzameling en verwerking ligt bij de GAD. De grondstoffenvisie wordt door de GAD na vaststelling vertaald in een uitvoeringsplan. Communicatie -
Bijlagen
1. Grondstoffenvisie regio Gooi en Vechtstreek 2. Concept raadsbesluit Steller
H. Rietdijk(hirie). Registratiedatum 11 mei 2021.
Burgemeester en wethouders van Laren,
S. van Waveren
drs. N. Mol
secretaris
burgemeester Pagina 5 van 5