CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

20210428Rvs20 Zienswijze t a v voorstel transitiecommissie MRA

Gemeenteraad 28 april 2021, gemeente larenBij agendapunt: Zienswijze t.a.v. voorstel transitiecommissie MRA2.921 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESLISVOORSTEL RAAD LAREN Besluitvormend orgaan 2021/20.

Gemeentecode Laren.

Onderwerp

Zienswijze t.a.v. voorstel transitiecommissie MRA. Portefeuillehouder P.A.M. Calis. Openbaar Ja. Korte inhoud

De transitiecommissie MRA heeft voorstellen gedaan voor de toekomstige organisatie van de MRA. Het college stelt voor om vanuit de regio Gooi & Vechtstreek een gezamenlijke

zienswijze te sturen. De raad wordt gevraagd op die conceptzienswijze te reageren. Het college heeft daarbij de ingediende motie van een viertal fracties uit de raad reeds betrokken. Besluiten

1. Een instemmende reactie te geven op de conceptzienswijze van de regio Gooi & Vechtstreek op de voorstellen van de transitiecommissie MRA;

2. Daarbij wel te vragen om in die zienswijze extra aandacht te hebben voor het uitgangspunt dat de MRA gebaseerd is op vrijwillige samenwerking waarbij:

a. de positie van de raad aan het hoofd van de gemeente niet beperkt wordt, b. de bijdrage het liefst gelijk blijft, maar in ieder geval niet verder toeneemt dan maximaal met het inflatiepercentage,

c. de MRA duidelijk maakt op welke wijze de focus op de genoemde doelen

gerealiseerd wordt en voorkomen wordt dat (zoals de MRA zelf schrijft) de MRA “alle regionale kwesties naar zich toe trekt”;

3. Het college te verzoeken dit standpunt binnen de regio Gooi & Vechtstreek in te brengen.

Pagina 1 van 9

Inleiding

De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is een samenwerkingsverband van 32 gemeenten, 2 provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Aan de samenwerking ligt een convenant ten

grondslag. Gooi en Vechtstreek is een van de zeven deelregio’s in de MRA. De MRA is een bestuurlijk netwerk. De democratische legitimatie van besluiten vindt plaats in de raden en staten van de deelnemers.

Historie evaluatie

In de regiegroep van 10 oktober 2018 is afgesproken de MRA samenwerking te evalueren op basis van de afspraken uit het convenant dat in 2017 is gesloten. De evaluatie is

uitgevoerd door een onafhankelijk team van deskundigen, bestaande uit Ralph Pans, Staf Depla en Hannie te Grotenhuis. De hoofdvraag bij de evaluatie was:

‘In hoeverre heeft het in 2017 ondertekende Convenant Versterking samenwerking

Metropoolregio Amsterdam, en de werkwijze die daaruit voortvloeit, bijgedragen aan verwezenlijking van de ambities die in het Convenant zijn verwoord? En wat kan er worden gedaan om de regionale bestuurlijke samenwerking in de MRA-regio te versterken, inclusief de betrokkenheid van raden en staten?’

In de zomer van 2019 heeft de evaluatiecommissie het rapport ‘Meer richting en

resultaat’ gepresenteerd. In de Regiegroep van oktober 2019 zijn naar aanleiding van de aanbevelingen vervolgstappen bepaald. De belangrijkste vervolgstappen waren; 

Opstellen position paper, rekening houdend met lopende trajecten als de

Verstedelijkingsstrategie  

SBAB en de MRA agenda 2.0

Onder leiding van Amsterdam leidende principes voor de samenwerking

formuleren als   

Bouwsteen voor de governance

Betere verbinding met de Economic Board Stroomlijnen van de governance

In 2020 is invulling gegeven aan bovengenoemde vervolgstappen. Een projectgroep is

aan de slag gegaan met het stroomlijnen van de governance en heeft hiervoor interviews afgenomen en vanuit het platform economie is gewerkt aan de verbinding met de

Economic Board. Ben Verwaayen is gevraagd aan de slag te gaan met het position paper en heeft, na twee strategiesessies met burgemeesters, zijn bevindingen gepresenteerd tijdens de State of the Region op 2 december 2020.

Half december 2020 heeft de Regiegroep besloten vanuit haar eigen gelederen een

transitiecommissie in te stellen die de beschikbare bouwstenen op korte termijn zou

verwerken in een voorstel voor zowel de doelen en profilering van de MRA als voor de

Pagina 2 van 9

governance. Op 9 maart 2021 is het voorstel van de transitiecommissie vrijgegeven voor consultatie.

Inbreng gemeenten

De gemeenten in de Gooi en Vechtstreek kiezen ervoor hun inbreng in de MRA in dit

traject zoveel mogelijk gezamenlijk vorm te geven. Het Algemeen Bestuur van de Regio heeft in het voorjaar 2019 een gezamenlijke zienswijze ingediend voorafgaand op de evaluatie en in oktober 2019 bij de vaststelling van vervolgstappen.

De gemeenteraden zijn in het najaar van 2019 geconsulteerd over de begroting 2019 en de discussienotitie MRA agenda 2.0. In het najaar van 2020 zijn de raden geconsulteerd

over de begroting 2020 en de MRA agenda 2.0. In deze consultaties is de voortgang van

de evaluatie betrokken en zijn naast de inhoud ook standpunten ingenomen over de vorm van de samenwerking.

Met dit voorstel worden de gemeenteraden geconsulteerd over het voorstel van de Transitiecommissie. De inbreng van alle raden en staten wordt betrokken bij de definitieve uitwerking van nieuwe samenwerkingsafspraken. Deze

samenwerkingsafspraken worden in juni ter bespreking en zo mogelijk vaststelling aan de raden voorgelegd. Doel

Met dit voorstel worden de gemeenteraden geconsulteerd over het voorstel van de Transitiecommissie. De inbreng van alle raden en staten wordt betrokken bij de

definitieve uitwerking van nieuwe samenwerkingsafspraken. Doel van dit voorstel is een

gezamenlijke reactie vanuit de gemeenten in de Gooi en Vechtstreek op het voorstel van de transitiecommissie inbrengen in de Regiegroep. Toelichting besluit (argumenten)

1.1 De MRA heeft meerwaarde voor de gemeenten in de Gooi en Vechtstreek

Binnen Gooi en Vechtstreek is sprake van een unieke dichtheid van gemeenten waar

wonen, werken, ‘groen’ (natuur en landbouw) samengaan met een hoge concentratie van doorsnijdende infrastructuur (wegen, spoor, water). Nergens anders is een regio zo

ingeklemd tussen twee grote buren (Amsterdam en Utrecht) en twee wat kleinere buren (Almere en Amersfoort).

Gooi en Vechtstreek is op veel vlakken een sterke regio. Maar als het om economische

dynamiek, ontwikkeling van de werkgelegenheid en voorzieningen gaat scoort de regio niet zo goed. De werkgelegenheid loopt terug, hetgeen het voorzieningenniveau onder druk zet. Binnen de metropoolregio is de Gooi en Vechtstreek van waarde voor de vitaliteit en internationale aantrekkingskracht van de metropoolregio.

Pagina 3 van 9

Voor Gooi en Vechtstreek is de noordelijke metropool een logische schaal van

samenwerking op ruimtelijk-economische opgaven. De noordelijke metropool bestaat bestuurlijk uit de MRA en de MRU (metropoolregio Utrecht). Onderlinge relaties in dit gebied zijn sterk. Het vormt een zogenaamd ‘daily urban system’. Onze inwoners,

werknemers en bedrijven bewegen zich op deze schaal. De MRA en de EBU verbinden als netwerkorganisaties mondiale en lokale opgaven. Gooi en Vechtstreek vormt de schakel tussen Amsterdam en Utrecht en wil zich als verbinder inzetten. De gemeenten participeren in de MRA maar via Hilversum ook in de Economic Board Utrecht.

Vooral waar het gaat om verstedelijking (wonen en werk), mobiliteit en landschap is het belangrijk dat wij gezamenlijk optrekken met MRA partners. De waarde van deze samenwerking zit op verschillende aspecten:

- kennisuitwisseling en het op de hoogte zijn van wat er speelt op ruimtelijke en economische gebied in andere gemeenten

- het gezamenlijk uitvoeren van onderzoek en verkenningen - belangenbehartiging richting Rijk en Europa.

Binnen de MRA zitten verschillende invloedrijke medeoverheden. Door gezamenlijk op te trekken en krachten te bundelen geven we een sterk(er) signaal richting Rijk en Europa. Ontwikkelingen elders in de metropoolregio kunnen zowel positieve als negatieve

effecten hebben op de Gooi en Vechtstreek. Denk bijvoorbeeld aan de ambitie om Amsterdam autoluw te maken of de verkenning naar een metroverbinding tussen

Amsterdam en Almere. De economische ontwikkelingen in de hele metropoolregio heeft effect op onze inwoners. Bijvoorbeeld door de acquisitie van EMA maar ook door

gezamenlijk op te trekken in het herstel na Corona. Het is belangrijk om aan tafel te

zitten en mee te praten zodat de effecten voor onze regio worden meegenomen in de verkenningen.

De MRA is een belangrijke gesprekspartner voor het Rijk, voor de invulling van de

gebiedsprogramma’s als vertaling van de Nationale omgevingsvisie. De belangen van het

gebied en de verschillende deelregio’s worden via de Verstedelijkingsstrategie bij het Rijk ingebracht in het MIRT-overleg en het Bestuurlijk overleg Leefomgeving (BOL).

Tenslotte draagt de MRA bij aan investeringen in de Gooi en Vechtstreek. De MRA

samenwerking heeft bijvoorbeeld geleid tot €7,5 miljoen aan OV-SAAL budget om het gebied rondom het spoor van Gooise Meren en Hilversum aan te pakken en recent de

bijdrage bouwimpuls van € 6 miljoen voor het stationsgebied Hilversum. In 2019 is een

onderzoek uitgevoerd naar quickwins in de doorstroming van de A27. Dit heeft eind 2020 geleid tot het MIRT-besluit te gaan werken aan de realisatie van de quickwins.

Een voorbeeld van samenwerking en afstemming is de inzet op spreiding toerisme die

heeft geleid tot een gezamenlijke hotel- en accommodatiestrategie en toekenning van Pagina 4 van 9

een budget van € 75.000 voor een gebiedsgerichte aanpak in onze regio. Bussum zuid is aangewezen als buitenpoortstation en er is een cycleseeingroute ontwikkeld van Amsterdam door Muiden en Weesp naar Abcoude.

De participanten in de MRA werken ook samen aan de uitdieping van het economisch

profiel van de metropoolregio met aandacht voor onderscheidende economische thema’s in de deelregio’s. Voor onze deelregio zijn onderscheidende economische thema’s

media/IT, recreatie en meekoppelkansen als ‘healthy urban living’. Er wordt ook gekeken naar de mogelijkheden hierbij passend hoger onderwijs in de regio te realiseren.

1.2 Het voorstel van de transitiecommissie leidt tot verbetering van de samenwerking

Het voorstel van de transitiecommissie bestaat uit twee onderdelen. Ten eerste wordt de gedeelde ambitie van de MRA beschreven onder de noemer ‘Een metropool van grote klasse’. De ambitie bouwt voort op de historische ontwikkeling van de regio en moet

zorgen voor een grotere herkenbaarheid en onderscheidende kracht van de regio. De ambitie is uitgewerkt in drie doelen:

- De meest inventieve regio van Europa, met de best opgeleide bevolking - Een regio voor iedereen, naar de menselijke maat

- Een duurzaam verbonden regio Naast een betere profilering landelijk en internationaal moet de ambitie bijdragen aan meer focus en sturing in de samenwerking.

Naast het beschrijven van de ambitie worden voorstellen gedaan voor verbetering van de structuur van de samenwerking. De grootste verandering is dat de agendacommissie en de regiegroep worden vervangen door een algemene vergadering en een bestuur. De transitiecommissie zet met haar voorstellen in op meer slagkracht en duidelijkheid

waarbij de democratische legitimatie niet wordt aangetast. De deelregio’s worden in het voorstel sterker in positie gebracht. Hier werkt in ons voordeel dat de regio Gooi en Vechtstreek zich al sterk georganiseerd heeft. Hier wordt met belangstelling naar gekeken.

1.3 Het voorstel van de transitiecommissie geeft een antwoord op de vooraf vanuit Gooi en Vechtstreek meegegeven verbeterpunten

De gemeenten in de Gooi en Vechtstreek hebben ervoor gekozen hun inbreng in de MRA in dit traject zoveel mogelijk gezamenlijk vorm te geven. Hieronder staat beschreven

welke standpunten de regio Gooi en Vechtstreek heeft ingebracht en daaronder in cursief hoe dit verwerkt is in het voorstel van de Transitiecommissie.

1. De regiegroep als ‘algemeen bestuur’ (bewaken integraliteit) en

agendacommissie als dagelijks bestuur functioneren onvoldoende door de opzet, vorm en vergaderfrequentie. De agendacommissie voert regie op een aantal dossiers terwijl hier niet alle deelregio’s in vertegenwoordigd zijn.

Pagina 5 van 9

In het voorstel van de transitiecommissie worden de Regiegroep en Agendacommissie vervangen door een Algemene Vergadering en een bestuur. Het bestuur heeft de dagelijkse leiding over de samenwerking in de MRA. En is ook het gezicht naar buiten richting Den Haag en Brussel. Dit zorgt voor meer duidelijkheid bij alle participanten hoe en door wie zij vertegenwoordigd worden. In de Algemene Vergadering zijn alle participanten (dus alle gemeenten en provincies) vertegenwoordigd en hebben één stem. De Algemene Vergadering is het centrale orgaan en bewaakt de identiteit en cultuur van de MRA en toetst of het bestuur handelt binnen de vastgestelde kaders. 2. Alle deelregio’s moeten vertegenwoordigd zijn in de bepalende gremia van de

MRA. Het niet vertegenwoordigd zijn aan bepaalde tafels maakt dat Gooi en Vechtstreek

niet of onvoldoende deelneemt aan / profiteert van strategisch bepalende afspraken met Rijk en/of provincie(s). Het gaat hierbij met name om de agendacommissie (niet alle

deelregio’s vertegenwoordigd) en platform mobiliteit (getrapte vertegenwoordiging van regio’s IJmond, Zuid-Kennemerland en Gooi en Vechtstreek).

De transitiecommissie stelt voor om alle deelregio’s toe te voegen aan het platform mobiliteit. De agendacommissie vervalt en in de Algemene Vergadering zullen alle participanten vertegenwoordigd zijn. 3. De bevoegdheden van betrokken partijen zijn de basis voor afspraken die

binnen de MRA gemaakt worden. De MRA dient niet in verantwoordelijkheden van deelnemende partijen te treden en moet geen vierde bestuurslaag worden. De

democratische legitimiteit is belangrijk bij het maken van strategische keuzes en

afspraken met het Rijk vanuit de platforms van de MRA. Aandacht hierbij voor de rol van de provincie vanuit haar taken en bevoegdheden.

Het voorstel van de transitiecommissie gaat nadrukkelijk uit van behoud van macht bij de democratisch gelegitimeerde bestuurslagen. Niemand wil een extra bestuurslaag creëren. Er wordt geïnvesteerd in draagvlak door cruciale besluiten bij de democratische organen te beleggen, door goede afstemming met de deelregio’s en tijdige openbaarmaking van agenda’s, stukken en verslagen op de MRA-website. Via de maandelijkse raads- en statenberichten worden de raadsleden op een laagdrempelige manier op de belangrijkste items geattendeerd. 4. De governance moet worden ingevuld vanuit het principe vorm volgt inhoud.

Wij kunnen ons vinden in een lichte opzet van de samenwerking, dit werkt echter alleen als de samenwerking meer focus krijgt.

Meer focus is alleen mogelijk als er een gedeelde visie is met betrekking tot ambities en prioriteiten. Dit wordt in het voorstel van de transitiecommissie ingevuld met de Pagina 6 van 9

beschrijving van de ambitie van de MRA, uitgewerkt in drie doelen. De geformuleerde doelen sluiten goed aan bij het karakter van de Gooi en Vechtstreek. De beschreven kansen en ontwikkelingen zijn herkenbaar. Ook is er aandacht voor de verbinding met gebieden buiten de MRA. Onze regio vervult een scharnierfunctie naar Utrecht en heeft meermalen aandacht gevraagd voor deze verbinding naar buiten. 5. Het gebied van de MRA vraagt om een integraal meerjarig toekomstbeeld,

waarin strategische opgaven als verstedelijking, economie, landschap en mobiliteit een plek krijgen. (Slechts) een agenda is daarvoor onvoldoende.

Dit punt is naar onze mening ingevuld in de Verstedelijkingsstrategie. Vastgesteld wettelijk- en beleidskader

Samenwerking MRA, Gemeenschappelijke regeling regio G&V. Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie

In Blaricum is door het college aan de gemeenteraad voorgesteld om géén zienswijze vast te stellen.

Kanttekeningen

Samenwerken is compromissen sluiten

Samenwerken in een groter verband is noodzakelijk om de belangen van onze inwoners zo goed mogelijk te dienen. Maar samenwerken in een groter verband betekent ook

compromissen sluiten en vertrouwen op andere spelers in die samenwerking. Zeker voor kleinere gemeenten is het lastig goed aangehaakt te blijven. Het behoud van

democratische legitimiteit en voortdurende communicatie over doelen en behaalde resultaten is hierbij belangrijk.

Aandachtspunten in verdere uitwerking

De transitiecommissie heeft niet alle aspecten van de governance volledig uitgewerkt. Het is goed om in de zienswijze voor deze uitwerking aandachtspunten mee te geven. Dat

gaat bijvoorbeeld over de invulling van de platforms waar de ambities voor duurzaamheid en sociaal evenwicht een plek moeten krijgen en goed moet worden nagedacht over de

functionaliteit en wenselijkheid van portefeuillehoudersoverleggen onder de platforms. De vertaalslag van de ambitie en doelen naar de MRA agenda en de uitvoeringslijnen moet nog gebeuren en wordt samen met de platforms ingevuld.

Ook de invulling van de Raadtafel vraagt nog om aandacht. Via de Raadtafel houden

bestuur en algemene vergadering voeling bij de raden en staten en de Raadtafel kan hen adviseren over het proces. Het is belangrijk bij de positionering van de Raadstafel

rekening te houden met de beperkte vertegenwoordiging vanuit de Raden. Op inhoud

Pagina 7 van 9

moet de formele lijn van wensen en bedenkingen gebruikt worden om de mening van de raden en staten te kunnen peilen.

Sociaal evenwicht vanuit ruimtelijk-economische opgave

Het streven naar sociaal evenwicht moet worden ingevuld vanuit de ruimtelijk-

economische opgaven en betekent wat ons betreft niet dat thema’s en taken vanuit het sociaal domein binnen de MRA worden opgepakt. Dit is hiervoor niet de wenselijke

schaal. Dit past bij het uitgangspunt in het voorstel dat de MRA geen rupsje nooit genoeg moet zijn dat alle regionale kwesties naar zich toetrekt. Financiën

Bij het afsluiten van het convenant in 2016 is een bijdrage per inwoner vastgesteld van €

1,50. Bij de vaststelling van de begroting 2021 is de bijdrage verhoogd naar € 1,53. Bij de uitwerking van de voorstellen van de transitiecommissie is het streven het budget en dus de kosten voor gemeenten gelijk te houden. Begrotingswijziging nodig? Nee.

Uitvoering

De transitiecommissie bereidt voorstellen voor. De Regiegroep neemt hierover besluiten. De inbreng van alle raden en staten wordt betrokken bij de definitieve vaststelling van

ambitie en prioriteiten en bij de uitwerking van nieuwe samenwerkingsafspraken. Deze

samenwerkingsafspraken worden na het zomerreces ter besluitvorming aan de raden en staten voorgelegd.

De inbreng van de gemeenteraden van de Gooi en Vechtstreek wordt verwerkt in een

gezamenlijke zienswijze waarover door het Algemeen Bestuur wordt besloten. Het staat gemeenten overigens vrij om een eigen aanvullende zienswijze in te dienen als lokale

omstandigheden hier om vragen. Het streven is alle elementen in de regionale zienswijze te betrekken.

De deadline voor de zienswijze is gesteld op 5 mei. Dit is conform de afspraken in het

convenant dat gemeenten twee maanden de tijd hebben voor een consultatieronde. De bedoeling is vervolgens in juni al de samenwerkingsafspraken aan de raden voor te

leggen. Hoewel het goed is om de voortgang en energie in dit traject te bewaken is de eerste deadline krap en de tweede deadline feitelijk onhaalbaar. We zullen daarom voorstellen om de tweede ronde na het zomerreces te plannen. Communicatie

De zienswijze wordt via de regio G&V ingebracht.

Pagina 8 van 9

Bijlagen

1. Voorstel transitiecommissie MRA met begeleidende brief 2. Conceptzienswijze MRA regio Gooi & Vechtstreek 3. Concept raadsbesluit Steller

(swave). Registratiedatum 26 maart 2021.

Burgemeester en wethouders van Laren,

S. van Waveren

drs. N. Mol

secretaris

burgemeester

Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10074461/1