CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

20201210 M&F transcript

Commissie Maatschappij en Financiën 11 februari 2021, gemeente larenBij agendapunt: Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie M&F d.d. 10 december 202016.473 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

En daar komen we op een bedrag van zeven- à achthonderdduizend euro. Dus wij denken in het fonds nog tweehonderdduizend euro speling te hebben voor aanvragen die we nog niet voorzien hebben. Met de toevoeging voor de ondernemers die ik eerder genoemd heb, lijkt dat me voorlopig voldoende. De voorzitter: De heer Van Midden, u heeft nog een vraag? De heer Van Midden: Nee, dat was mijn vraag. Ik zal mijn handje weer omlaag doen. Dankuwel, mijnheer de wethouder, voor uw antwoord. De voorzitter: Zijn er nog meer vragen over dit? Ja, de heer Jacobse? De heer Jacobse: Ja, dat is niet zozeer een vraag als wel een feitelijke vaststelling. Ik lees ook hier in het stuk dat de omvang van het noodfonds, de basis ook de limiet is voor de ter verlenen steunmaatregelen. Dat betekent eigenlijk in goed Nederlands op is op. Nou, dat is dan nu een beetje uitgelegd hoe dat zit, daar zit al niet zo heel veel meer aan. Ik hoop dat de wethouder gelijk heeft, dat dat genoeg is voor wat wij bedoelen. Waar ik in ieder geval erg tevreden mee ben, is dat het geen openeinderegelingssituatie is, want daar hebben we geloof ik niet zulke plezierige herinneringen aan. Dus laten we hopen met elkaar dat we met dit geld de coronaperikelen het hoofd kunnen bieden. Dankuwel. De voorzitter: Dankuwel.

Ik denk dat we dit stuk nu genoeg behandeld hebben en dat we dit kunnen doorleiden naar de raad, maar wel gezien het belang als bespreekpunt. Mee eens? Dankuwel.

Pagina 19 van 29

5.4 Legesverordening 2021 Laren De voorzitter: Dan gaan we over naar 5.4, Legesverordening 2021 Laren. Wie mag ik het woord geven voor dit onderwerp? Mijnheer De Jong, mag ik met u beginnen? De heer De Jong: Ja. Ik had verder, het ziet er allemaal netjes uit, ieder krijgt 1.9 procent meer, dus ja, wij kunnen ons hier verder in vinden. De voorzitter: Dankuwel. De heer Grunwald. De heer Grunwald: Dankuwel, voorzitter. Ja, bij ons rest de vraag of die inclusief de verhogingen, de leges nu niet hoger zijn dan de kosten die eigenlijk gemaakt worden. De vraag is van, kan de wethouder uitleggen hoe dat nou zit en of we daar dan nog ons aan de wettelijke regelingen in deze houden? De voorzitter: Dankuwel. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Nou, om het heel kort te houden, ik sluit mij even aan bij de vraag van de heer De Jong. Ik ben benieuwd naar het antwoord. De voorzitter: De heer De Jong had dacht ik geen vraag, maar dat was de heer Grunwald die de vraag had. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik zeg het een en ik bedoel het ander, excuses. De voorzitter: Dankuwel, daar zijn we het over eens. De heer Van den Berg: Ik ben natuurlijk helemaal van slag dat onze lijsttrekker is afgetreden. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer …: In Laren? De heer Van den Berg: Wil je me kwijt, ‘…’? Nee, onze, maar daar moet u nu niet deze vergadering mee lastigvallen.

Maar mijnheer De Jong is teruggetrokken als lijsttrekker van het CDA. De heer …: We hadden het gezien, ja. De voorzitter: Mijnheer Van Midden, gaat uw gang. De heer Van Midden: Nee, ik heb geen vragen of opmerkingen. Ik zit het allemaal netjes uit. Dankuwel. De voorzitter: De heer Jacobse. De heer Jacobse: Ja, ik heb een informatieve vraag, die kan heel kort beantwoord worden, misschien. Op pagina drie staat relatie BEL-gemeente en BEL-combinatie. Iedere gemeente stelt haar eigen verordeningen vast. De vraag ligt voor de hand, waarom is dat? En is het niet gewoon om dat met elkaar een beetje beter af te spreken? Dankuwel. De voorzitter: De heer Vos. Pagina 20 van 29

De heer Vos: Ja, eigenlijk heb ik hier niet zoveel bijzonders over op te merken. Behalve dat natuurlijk het ruimte biedt voor mijnheer Van den Berg om door te stromen, maar de tarieven zien er allemaal prima uit, volgens mij. De voorzitter: Goed. De heer Calis, mag ik vragen uw vragen, voor zo ver die er zijn, te beantwoorden? De heer Calis: Ja, dankuwel, voorzitter. De vraag van de heer Grunwald, die zegt, komen er geen hogere kosten als u de leges verhoogt? Begrijp ik hieruit… Ja, eerlijk gezegd begrijp ik de vraag niet helemaal, want de leges die zijn in principe kostendekkend en die worden met een afgesproken index van 1.9 procent verhoogd. En de verhoging van 1.9 procent zie ik niet in relatie tot verhoging van kosten voor het opleggen van de leges. Dus misschien kan hij dat nog verduidelijken. Dan de vraag van de heer Jacobse van iedere gemeente heeft zo zijn eigen manieren, blijkbaar. Het zijn ook twee lijsten. En ik kan dat verklaren. In Eemnes waren verschillende tariefsverhogingen onderdeel van de begroting. En om eens wat te noemen, het is maar indicatief, het zijn niet precies de getallen, maar voor één dag de BABS, Buitengewoon Ambtenaar van de Burgerlijke Stand, daar zou Eemnes graag een verhoging willen hebben van honderd euro naar driehonderd euro. Zoiets dergelijks.

En Blaricum en Laren zeiden nou, dat vinden wij wel een steile verhoging en het mag van 100 wel naar 105, maar niet naar 300. En zo zijn er een paar van die posten waar Eemnes onder aanvoering van Ronald van Benthem natuurlijk flink kijkt naar alle kleine postjes die hij mee kan nemen. Maar wij zeggen ja, deze zaken, zoals hoe vaak wordt er nou getrouwd in Laren en hoeveel levert dat dan op? En wij zien liever geen stukken in de krant van een bepaalde journalist die zegt van, extensieve stijging van leges in de gemeente Laren. Dus wij hebben dat geprobeerd binnen de perken te houden en acceptabel. Dankuwel. De voorzitter: De heer Grunwald, wilt u uw vraag nog een keer duidelijk maken aan de wethouder? De heer Grunwald: Ja, graag, voorzitter. Wat ik bedoelde te vragen, was, wettelijk is bepaald dat de leges niet hoger mogen zijn dan de kosten die daarmee gemaakt worden. En de vraag is dan … En dat geldt dus voor alle lege soorten afzonderlijk. En de vraag is van, hoe zit dat in Laren, zijn de leges hoger dan de kosten die daarmee gemaakt worden, of is dat precies kostendekkend, of lager? Dankuwel. De voorzitter: De heer Calis, dit antwoord meteen… De heer Calis: Dat is… Ja, dankuwel, voorzitter. Dat is niet voor alle kosten kostendekkend, maar wij willen ook niet… Kijk, bijvoorbeeld, daar hebben we al jarenlang over gesproken, kostendekkendheid van begraafrechten.

Als we dat kostendekkend gaan maken, dan gaan grafrechten denk ik van ordergrootte zesduizend euro naar tienduizend euro, ik noem maar wat. En dan zal je zien dat er niemand zich meer laat begraven en dan gaat iedereen naar het crematorium, want dat is veel te duur, dat is onbetaalbaar geworden. Dus we moeten hier een zorgvuldige afweging maken tussen wat is redelijk, wat zijn de kosten? En veel van die zaken, ja, ze staan er hier niet bij, dat komt bij de volgende, meen ik, bij de belastingverordeningen. Of hier, de leges bijvoorbeeld voor inschrijfbewijzen, paspoorten en rijbewijzen, dat houdt ongeveer gelijke tred, maar is ook gebonden aan maximale tarieven die door het rijk worden voorgeschreven. Dus zo… De voorzitter: De heer… De heer Calis: Proberen we tot een zeer weloverwogen afweging te komen. De voorzitter: De heer Van den Berg, u heeft uw hand op. Dankuwel.

Pagina 21 van 29

De heer Van den Berg: Ik sloot zojuist aan bij de vraag van de heer Grunwald en die heeft inmiddels een antwoord gekregen, maar ik zou hem nog even met uw instemming, voorzitter, wat nader willen duiden. En dat gaat eigenlijk over het volgende. Bijvoorbeeld het Singer, maar zo zijn er nog wel een paar projecten, waar toch zeg maar de leges, de bouwleges dan weliswaar, maar iets wordt verhoogd. En dan kunnen we twee kanten op redeneren dat bouwen in Laren, daar waar het nog mogelijk is en de economie in die zin kennelijk goed gaat, dat volstrekt recht is om daar inkomsten uit te halen. Dat is volgens mij ook een van onze weinige inkomstenbronnen. Als je hem even van een andere kant aanvliegt, bij het Singer bijvoorbeeld, dat het dan toch ook over forse bedragen gaat die aan leges afgedragen moeten worden. En heeft de wethouder daar een idee bij dat dat dan in de pas loopt, of moeten wij zo meteen het Singer vanuit het coronafonds een bijdrage gaan betalen en innen wij aan de andere kant hoge bouwleges? Het is een hele… Het gaat me om het beeld, heer Calis. Het gaat me niet sec om het Singer, maar die noem ik als voorbeeld. De voorzitter: De heer Calis, wilt u hierop antwoorden? De heer Calis: Ja. We hebben al in een eerder stadium van Singer het verzoek gekregen om in het kader van een subsidiebeleid af te zien van het heffen van leges voor de nieuw te bouwen vleugel.

Maar dat vinden we een hele ongezonde manier om zaken met elkaar te verwarren, want iedereen moet leges betalen als je gaat bouwen, want anders dan heeft iedereen wel redenen om minder of kwijtschelding van leges te vragen. Als u het moeilijk heeft om de leges te betalen, kunt u een aanvullende subsidieaanvraag doen, waarvan we toen op dat moment gezegd hebben, de kans dat u dat krijgt, achten wij tamelijk klein. Maar die zaken houden we graag gescheiden. De verhoging van de bouwleges van 4.1 naar 4.5 procent is enerzijds ingegeven door het feit dat het toch particuliere belangen zijn, dat de mensen die een huis bouwen of een verbouwing maken, dat die toch dat vooral voor zichzelf doen, voor het eigenbelang. En ten tweede is het bij lange na nog niet kostendekkend, maar leek deze verhoging redelijk. De voorzitter: Dankuwel. De heer Van den Berg: Dankuwel voor uw antwoord. De voorzitter: Ik zie geen enkele hand meer. We kunnen deze 5.4, Legesverordening doorleiden naar de raad, maar wel als bespreekpunt, gezien het belang voor velen. De heer …: Hoeft voor mij niet. Ik heb hier verder geen vragen, niet om te bespreken, nee. De voorzitter: Goed. De heer… De heer …: Als er één ding een hamerstuk is, dan is dit het wel, lijkt mij. De voorzitter: Hamerstuk? De heer Van den Berg eens? De heer Van den Berg: Ja hoor, ik ben het daarmee eens, voorzitter.

De voorzitter: De heer Jacobse? De heer Jacobse: Zeer mee eens. De voorzitter: De heer Grunwald? Nee, microfoon aan, graag. Microfoon aan.

Pagina 22 van 29

De heer Grunwald: Sorry, ja, dankuwel. Ja, ik ben het daar niet zo mee eens, dus die antwoorden, die roepen toch nog wel wat vragen, denk ik, bij ons op. Dus wij zouden het graag als bespreekpunt willen zien. Dankuwel. De voorzitter: Een meerderheid is voor een hamerstuk, maar dat onthoudt u niet van het recht om toch vragen te stellen. Ja? 5.5, Belastingverordeningen 2021 Laren. De heer Vos: U slaat mij over, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Neem me niet kwalijk, mijnheer Vos. Uw… De heer Vos: ‘…’. Ja, kijk, vanzelfsprekend ondersteun ik de heer Grunwald. Want kijk, als één iemand graag iets erover wil zeggen, dan… Kijk, het is een beetje een rare manoeuvre die we nu maken. We zeggen of een hamerstuk, of een bespreekstuk, maar het kan ook een hamerstuk zijn, maar we kunnen er wel over spreken. Ja, dat vind ik een beetje raar. Het is het een of het ander, volgens mij. En laten we gewoon zeggen, als nou echt honderd procent iedereen zegt een hamerstuk, nou, prima. En anders, als niemand wat te melden heeft, dan is de hamer ook al heel snel gevallen. Dus ik zou het verzoek van mijnheer Grunwald graag ondersteunen en er gewoon een bespreekgeval van maken. De voorzitter: We zullen voorstellen aan de griffie dit als bespreekpunt op de agenda van de raad te doen. 5.5 Belastingverordeningen 2021 Laren De voorzitter: Dan gaan we naar 5.5, Belastingverordening 2021.

De heer Van Midden, mag ik bij u beginnen? De heer Van Midden: Dat mag, maar ik ben snel klaar, want ik heb verder geen opmerkingen daarover. Dankuwel. De voorzitter: Liberaal Laren, de heer De Jong. De heer De Jong: Ja, wij hadden nog één punt. Dat is de afvalstoffenheffingsstijging met dertien procent. Klopt het dat de kosten dus ook met dertien procent gestegen zijn, of zijn die niet zo hoog gestegen? En als die met dertien procent gestegen zijn, hoe, waar is die forse stijging door te verklaren? Misschien dat het al een keer behandeld is, maar ik ben dat kwijt, vandaar dat ik het nu nog een keer vraag. De voorzitter: Goed. De heer Van Midden hebben we gehad. Larens Behoud. De heer …: Wij hebben geen opmerkingen. De voorzitter: De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, voorzitter, één mooie opmerking. Ik weet niet of het daarmee te maken heeft, maar ik zag vandaag in de krant staan dat de gele zakken weer gratis verspreid worden, dus ik kan me voorstellen dat daar, daar is ons op gewezen dat dan misschien de kosten weer wat zouden stijgen. Aan de andere kant wil ik ook opmerken dat het mij opvalt dat we daar pas een maand geleden over spraken en een motie over aannamen en die nu al zeg maar breed weer uitgevoerd wordt. En daar wilde ik bij dit punt even gelegenheid van maken om daaraan te refereren en de wethouder ook voor zijn inzet daarvoor te danken.

En dan laat ik het daarbij verder.

Pagina 23 van 29

De voorzitter: Dank u. De heer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dankuwel, voorzitter. Ja, ik heb een aantal vragen. Nou, in gedachte de schriftelijke vragen die we er al eerder over gesteld hebben in de raad over de OZB, wat dan gaat over dat de tarieven de vorige keer ondanks een toezegging van de wethouder, niet zijn aangepast aan de juiste prijsstijging van de woning, waardoor de inwoners gezamenlijk dus dit jaar 200.000 euro te veel betaald hebben. Ja, dat is natuurlijk wel een cumulatief bedrag. Als we dat niet aanpassen, dan komt dat elk jaar terug en in vijf jaar tijd kom je zo op één miljoen euro uit die teveel in rekening gebracht worden. Dus ons voorstel is dus nu eerst de tarieven te verlagen met de correctie van vorig jaar en daarna pas de nieuwe berekening te maken en daarbij rekening houden met de echte waardestijging van de 10.9 procent. En wat betreft die 10.9 procent dus de vraag dan ook nog, is dat dan het juist percentage? Want in de begroting komen we ook een percentage van zeven procent tegen. En ja, met welk inflatiepercentage wordt nu gerekend eigenlijk? Of dat is de aanvullende vraag, met welk inflatiepercentage dan gerekend wordt.

Wat is het extra bedrag dat de wethouder eigenlijk wil ontvangen en welk percentage verhoging betekent dat dan? Is dat die vijf procent volgens de begroting? Verder valt ons op dat in Laren wel heel vaak bezwaar gemaakt wordt tegen de vaststelling van de OZB in relatie tot andere gemeentes in de regio. Heeft de wethouder daar een idee van hoe dat komt en hoe dat wellicht getackeld kan worden? Want 10.4 procent, dat is wel heel veel. Dus een op de tien is ontevreden over de WOZ, of zeer ontevreden, laat ik het maar zo, de meeste mensen zijn ontevreden, maar 10.4 procent zijn zeer ontevreden. Even kijken wat we nog verder hebben. Ja, hoe is de procedure eigenlijk geregeld? Is het zo dat het ambtelijk apparaat de uiteindelijke aanslagen vaststelt en de deur uitstuurt en dat is het dan, of wordt de raad ook nog geïnformeerd van tevoren over de definitieve berekening? Omdat er dus heel vaak in de raad nog dingen zijn die nog niet helemaal duidelijk zijn, het inflatiepercentage en andere zaken. Wat is de procedure daarin? Ja en wij hadden ook een opmerking over de afvalstoffen, ‘…’ procent omhoog gaat, hoe komt dat, is de vraag? Dankuwel, voorzitter. De heer …: Microfoon weer. De heer …: Voorzitter, uw microfoon staat uit. De voorzitter: De heer Vos, mag ik u het woord geven? De heer Vos: Dat mag altijd, mijnheer de voorzitter.

Maar ik heb eigenlijk niet zo veel toe te voegen, om u de waarheid te zeggen. Dus ik wou het hier graag bij laten. De voorzitter: Goed. De heer Calis, mag ik u vragen de vragen te beantwoorden? De heer Calis: Jazeker, voorzitter. Met genoegen. De vraag van Liberaal Laren, mijnheer De Jong, over de stijging van de afvalstoffenheffing, die is ook toegelicht in de begroting. Tijdens de begrotingsdiscussie was daar al enige discussie over, omdat de twee paragrafen die eraan gewijd zijn, niet helemaal synchroon lopen. Maar de stijging van de kosten zijn te wijten aan stijgende kosten van het GAD. En zoals al gezegd door mijnheer Van den Berg, de extra PMD-zakken komen nu weer in de supermarkten. En voor laten we zeggen 100.000 huishoudens in Gooi en Vechtstreek kost dat 100.000 euro, dus dat is al één euro per gezin, dus dat valt nog wel mee. Maar het GAD heeft met name veel kosten gemaakt ook in de afvoer van vuilnis, in de scheiding, in nieuwe contracten. Met name zagen ze zich geconfronteerd en ik weet niet of dat corona gerelateerd is, maar met een fikse daling van de verkoopprijzen van de grondstoffen zoals plastic. Dan de vraag van de heer Grunwald over de OZB. Ik moet D66 prijzen voor de vasthoudendheid om dit onderwerp steeds weer ter tafel te brengen. Het is echt fantastisch. Het idee, dat hebben we toch wel, de gedachte enige Pagina 24 van 29

malen uitgelegd te hebben, dat u stelt dat de inwoners van Laren te veel betalen, dat is een hele fraaie, leuk bedachte redenering. Maar ik kan u ook vertellen dat bijvoorbeeld een huis aan de Diepenbrocklaan bijvoorbeeld, of aan de Sint Janstraat, ik noem maar twee willekeurige adressen, die zijn nauwelijks in waarde gestegen met de WOZ, maar die zijn wel gecompenseerd met zeven procent. Dus bijvoorbeeld die huiseigenaren waarvan de waardestijging minder is dan waarvoor de compensatie geldt, die betalen eigenlijk te weinig. Als er huizen zijn die aanmerkelijk hoger stijgen, dus in plaats van zeven procent waardestijging twintig procent waardestijging, ja, die zien hun OZB-rekening met dertien procent stijgen. Dus het is een gemiddelde en er is absoluut geen sprake van dat de bewoners te veel betalen. Dat is totaal afhankelijk van de individuele waardestijgingen en een gevolg van de manier van berekening waarbij je uitgaat van gemiddelden. Als u het heeft over 2021, dan hebben wij het totale WOZ-areaal geanalyseerd en daaruit geconcludeerd dat er een gemiddelde waardestijging is van 10.9 procent. Als u naar uw eigen WOZ kijkt, mijnheer Grunwald en u ziet dat de waardestijging in ’21 slechts vijf procent is, dan mag u zich gelukkig prijzen, want dan betaalt u vijf procent minder dan wat wij met z’n allen vinden dat u aan stijging moet betalen.

Dus en dan spreekt u over de bezwaren OZB, u bedoelt natuurlijk de bezwaren tegen een vaststelling van de WOZ, de onroerende zaak waarde. Daar hebben afgelopen jaar zo’n driehonderd bewoners bezwaar tegen gemaakt. En het grote probleem eigenlijk met die bezwaren is de enorme marketingcampagnes en publiciteit van bureaus die zeggen van, bij ons kunt u gratis bezwaar indienen tegen uw WOZ-vaststelling. En ja, dat vergemakkelijkt de zaak niet. Het is het verdienmodel van die bureaus dat als er iets wordt toegevoegd, dat de gemeente dan ook die bureaus moet betalen. En ik zou eigenlijk ook willen vragen om samen met Blaricum en Eemnes, dat we een grote campagne voeren om te zeggen, als u uw bezwaar indient bij de gemeente, dan gaat dat sneller en zeker zo redelijk als dat u een bureau inschakelt. Kijk, het tarief is zo’n tien promille. Als u zegt, mijn WOZ-waarde moet vijftigduizend naar beneden, dan scheelt dat vijftig euro. En dan is het natuurlijk in het kader van kostenoverweging, energie en inspanning veel beter om meteen te zeggen tegen iedereen die zoiets heeft van oké, we doen het vijftigduizend naar beneden, we praten er niet meer over. Maar dat kan je natuurlijk ook niet roepen, want dan schrijft iedereen zo’n brief en dat is ook weer niet de bedoeling.

U zegt, hoe gaat de procedure? Nou, dat is toevallig dat u dat vraagt, want we hebben een berekening voorgesteld en ook op basis van welke waarde dit nu vastgesteld is. en het tarief, dat stelt u nu vast met deze belastingverordening. Dankuwel. De heer …: Microfoon. De voorzitter: Mijnheer Van den Berg, u heeft uw handje omhoog. Gaat uw gang. De heer Van den Berg: Ik moet de wethouder complimenteren met zijn zeer gedetailleerde, specifieke dossierkennis als hij het heeft over woningen op de Diepenbrocklaan en de Sint Janstraat. En ik moet daarom grappig, daarom lachen, wethouder, want dat vind ik toch een leuke manier om de beantwoording van de heer Grunwald te geven. Ik moet u zeggen dat ik, vanuit het CDA zit ik ook met een dilemma, want aan de ene kant is de OZB, mag geen melkkoe zijn, maar ik wil u toch ook in die zin wel toch gek genoeg ook bijvallen, want er kunnen driehonderd bezwaren zijn, maar niemand, maar dan ook helemaal niemand in Laren gaat zijn WOZ-waarde verkopen. En dat staat haaks op natuurlijk dat je als politieke partij zegt, de WOZ-waarde mag niet omhoog. Maar het is ook uiterst charmant en vasthoudend van D66 om de vraag te stellen. En ik zou nog bijna in de verleiding komen om daarin mee te gaan, maar aan de andere kant is de werkelijkheid natuurlijk ook wel een beetje zoals de wethouder het hier uitlegt. En deze discussie, die komt steeds weer terug.

Dus een goede informatievoorziening vanuit de gemeente, maar bovenal ook het aanscherpen en het versterken en het verbeteren van de uitvoering van de WOZ, de OZB, de belastingen, ik zie de wethouder knikken, dat daar… Laat hem daar zijn energie op zetten dat die in gesprek met Huizen stappen maakt. En dan zou ik daar Pagina 25 van 29

meer aan hebben, wethouder, voorzitter, excuses, dan als de wethouder nu keer op keer het uit te laten leggen hoe het technisch werkt. De voorzitter: Dankuwel, de heer Van den Berg. De heer Calis, wilt u nog wat zeggen? De heer Calis: Ja, ik wil nog even aanhaken bij de opmerking van mijnheer Van den Berg. En het lijkt me ook wel relevant met het oog op de waardestijgingen. Hij zegt ja, bijna niemand verkoopt in Laren zijn huis voor de WOZ-waarde. In de afgelopen twee, drie weken heb ik daar een beetje naar gekeken en ik zag bijvoorbeeld één huis met een WOZ-waarde van 575.000 euro. Dat staat nu bij de makelaar voor meer dan één miljoen. 1.025.000, meen ik. Een ander huis heeft een WOZ-waarde van ik meen 875.000, staat nu te koop bij de makelaar voor 1.450.000. Ja, de WOZ-waarde dient de waarde te representeren die in het economische verkeer geldt. Dus ik zou eerder zeggen, ook nog in aansluiting op de opmerking van mijnheer Grunwald, dat de mensen in Laren, de betalen niet te veel, maar die betalen al jaren allemaal te weinig. De voorzitter: Dankuwel. Ik zie geen enkele hand meer om het verder te bespreken. Dan gaan we het doorleiden naar de raad. Heeft iemand iets tegen als we dit als hamerstuk doen, of wilt u dat in de raad nog bespreken? Niemand? Dan gaat het als hamerstuk.

5.6 RRE: subsidieregeling kleine maatregelen De voorzitter: Dan komen we naar 5.6, de subsidieregeling kleine maatregelen. De heer Calis, wilt u dat toelichten, alstublieft? De heer Calis: Dit is meer voor de heer Stam, voorzitter. De voorzitter: Neemt u me niet kwalijk. De heer Stam, wilt u dat toelichten, alstublieft? De heer Stam: Ja, het lijkt mij een regeling die in het kader van de Urgenda-afspraak dat door het rijk in het leven is geroepen, CO2 naar beneden te brengen. En ik ben altijd op zoek naar leuke dingen voor de mensen, dus dit is er een, waarbij het rijk een groot bedrag ter beschikking heeft gesteld aan ons om die op een bepaalde manier te verdelen, zou ik zeggen, onder inwoners. Die kunnen een voucher aanvragen, met die voucher kunnen ze dingen doen als het inregelen van cv-installaties, het isoleren van de radioteren, tochtstrippen plaatsen van ledlampen, of andere isolerende werkzaamheden. Nou, het lijkt mij, dat is zelf een regeling waarvan ik heb gedacht van ja, of het nou heel veel zal helpen, dat weet ik ook niet zeker, maar het is in ieder geval een mogelijkheid voor burgers en inwoners van ons om zich aan te melden bij het duurzaam bouwloket. En die zullen dan proberen om zo veel mogelijk inwoners in de gelegenheid te stellen die vouchers te ontvangen en daar gebruik van te maken. Nou, het lijkt me op zichzelf een mooie regeling.

Het is misschien in de uitvoering wat aan de hoge kant qua kosten, maar u moet zich realiseren dat dat betekent als ik net uitging van bijvoorbeeld duizend gezinnen of duizend woningen, dat dat natuurlijk heel veel werk is om dat allemaal een voor een te behandelen, want dat moet dan allemaal netjes natuurlijk volgens de regels gebeuren. En dat vraagt nogal wat inspanningen. Maar het is ook leuk dat het duurzaam bouwloket, wat toch een wat onbekende factor is in het dorp en ook in de regio, op die manier zich wat kan profileren. Dat is wat mij betreft een korte toelichting, voorzitter. De voorzitter: Dankuwel. Wie mag ik het woord geven over dit raadsvoorstel? Subsidieregeling? Ik zie geen een handje. Het is voor iedereen duidelijk? De heer Grunwald, gaat uw gang.

Pagina 26 van 29

De heer Grunwald: Ja, dankuwel, voorzitter. Ja, ik moet zeggen, het is een mooie regeling, maar 130.000 euro is inderdaad wel een fors bedrag om dat aan het bureautje te betalen voor de uitvoering daarvan. Is er nagedacht voor alternatieven? Bijvoorbeeld, zijn er vrijwilligersorganisaties die dat zouden kunnen doen in Laren zelf, of zo? Dankuwel, voorzitter. De voorzitter: De heer Stam, mag ik u… De heer Stam: Ja, we hebben erover nagedacht natuurlijk. Nou, in de BEL zelf is het een onmogelijke klus voor ons. Ik zou niet graag zelf aan vrijwilligers 130.000, ik vertrouw ze allemaal natuurlijk als de beste, maar om nou 130.000 euro aan ze te geven om dat vervolgens te mogen uitdelen aan onze bewoners, dat is toch wel een beetje de kant op het spek binden. Wij gaan natuurlijk, dat duurzaam bouwloket is in het bijzonder, ik gaf het net al aan, een instituut wat zich in de komende jaren zal moeten gaan bezighouden om burgers, dat doen ze al, maar dat zal meer moeten worden, voor te lichten over de aanpak van het energiegebruik. Nou, dat lijkt me een goede opstap om hun bekendheid groter te maken. En wij zullen dat natuurlijk goed controleren, maar vertrouwen in ieder geval die opzet beter dan een andere. De voorzitter: Goed. Niemand van de aanwezigen die hier over dit onderwerp nog iets wil zeggen? De heer Vos: Jawel, mijnheer de voorzitter.

De voorzitter: Gaat uw gang, de heer Vos. De heer Vos: Ja, mijnheer Stam noemt het leuke dingen voor de mensen. Als je nou echt leuke dingen, dan volgens mij had misschien het bedrag wel een beetje omhoog gemoeten. En ik ga verder geen vraag stellen, maar ik denk, ik hoop dat dit toch wel een discussiepunt wordt en geen hamerstuk in de raad. En dat wilde ik eigenlijk eventjes zeggen in de raad. De voorzitter: Wil er nog iemand anders het woord over dit onderwerp? Ik zie geen enkele hand. Dan stel ik voor dat we dit naar de raad brengen als bespreekpunt. 6.

Rondvraag De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 6, rondvraag. Wie mag ik het woord geven? De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Uit pure interesse, met geen enkele achterliggende gedachte, zou ik graag willen vragen aan u, voorzitter, of de heer Stam even een korte reflectie kan geven op zijn eerste stappen als wethouder van het sociaal domein. En nogmaals, niet om het politiek te maken, maar echt om hem even de gelegenheid te geven op dat dossier wat te zeggen. De heer Stam: Ja, dat is een interessante uitdaging, natuurlijk. U realiseert zich wel dat mijnheer ‘…’ meeluistert, dus ik ga nu proberen me buitengewoon diplomatiek uit te drukken. Laat ik het zo zeggen, ik ben nu, als ik goed tel, nog geen tweeënhalve week in functie. Ik constateer dat het inderdaad een tamelijk ingewikkelde materie is. Wij hebben inmiddels in het college van afgelopen week, afgelopen dinsdag natuurlijk een eerste opzet met elkaar gedeeld in de notitie die ik had gemaakt om te kijken of er eventueel ook in het licht van een motie die door mijnheer De Jong in de laatste raad ingebracht is, om eens goed te kijken naar de mogelijkheden om eventueel wat extra inspanning te leveren in het licht van mogelijke tegenvallers die het Pagina 27 van 29

komend jaar zouden kunnen optreden. Ik zeg het maar heel voorzichtig. En niet te worden verrast door de tegenvallers, met name in het sociaal domein, waar we natuurlijk het afgelopen jaar weleens mee te maken hebben gehad. Nou ja, dat betekent dat ik een aantal van die gesprekken aan het voeren ben met vertegenwoordigers van de BEL, van de HBEL en ook vandaag dat weer heb gedaan. Ik hoop en verwacht eigenlijk wel, maar dan ga ik mijn boekje misschien alweer te buiten, dat Larens Behoud in staat is om een snelle opvolger te vinden. En dan hoop ik dat die wethouder met, maar dan ga ik mezelf op de schouders kloppen, met dezelfde voortvarendheid als ik nu natuurlijk dit dossier beet zal pakken. En ook de zorg die we vanuit het college hebben, dat is een door het hele college ook wel gedeelde zorg en met name ook van mijnheer Calis, dat we weer niet worden, dat we opnieuw worden verrast door tegenvallers die pas in het algemeen oktober, november op ons bord kwamen en die daardoor unmanageable waren.

Dus we proberen vanuit een voorzichtigheidsprincipe wat korter op de bal te zitten en te kijken of we dat sneller in het snotje kunnen krijgen om vervolgens maatregelen en maat-op-maatregelen te nemen die wellicht op dit moment wat strenger zijn dan misschien tot nog toe gedacht, maar die uiteindelijk een resultaat zullen opleveren dat we in ieder geval binnen het budget kunnen blijven. De heer Van den Berg: Voorzitter, ik waardeer zeer dat de wethouder op deze gedegen manier op deze vraag heeft gereageerd. Dankuwel. De voorzitter: Dankuwel, de heer Van den Berg. De heer Van Midden. De heer Van Midden: Ja, ik had één vraag, daar had ik in de vorige commissievergadering ook al naar gevraagd en ik begreep dat in november daar een besluit over genomen zou worden. En dat is de inrichting van de raad van commissarissen bij ons taxibedrijf. Zijn daar verder nog ontwikkelingen over, mijnheer de wethouder? De voorzitter: Wie mag ik daar van de twee het woord… De heer Calis. De heer Calis: Ja, dankuwel, voorzitter. Inderdaad zijn daar ontwikkelingen. Er waren verschillende varianten bedacht door de regio. Raad van commissarissen, raad van advies en benchmark. Raad van commissarissen, daar zei men van, ja, juridisch is dat een moeilijker figuur, want raad voor commissarissen heeft ook bevoegdheid om directieleden aan te stellen of te ontslaan.

De benchmark denk ik, vanuit zakelijk oogpunt en ik verwacht dat de heer Van Midden dat totaal met me eens zal zijn, doet volstrekt niet aan het beeld wat wij hebben om regelmatig de zakelijke ontwikkelingen van de doelgroepen vervoer bv in de gaten te houden en waar nodig bij te sturen. Dus ik heb in de laatste vergadering van het algemeen bestuur van de regio sterk bepleit dat daar voor een raad van advies gekozen moet worden. Daarin kreeg ik luid bijval van Wijdemeren, Gooise Meren en Huizen. En de toezegging van de voorzitter dat er op 17 december, dus dat is bij de volgende algemene bestuursvergadering, een voorstel zal worden gepresenteerd om te komen tot een vorming van een adviesraad. De voorzitter: Dankuwel, de heer Calis. De heer Van Midden: Ja, dankuwel, mijnheer de wethouder. Dat doet mij zeer deugd, kan ik vertellen. Ik hoop ook dat de raad van advies in ruime mate bezet wordt door mensen met externe expertise. De voorzitter: Dankuwel. De heer Vos. Rondvraag. De heer Vos: Ja, dat weet ik, voorzitter, maar ik moest eventjes de materialen aanzetten. Ja, hij staat misschien een beetje buiten het verband van deze commissie, hij hoort eigenlijk denk ik bij de bestuurlijke Pagina 28 van 29

vernieuwing, maar ik ga hem toch eventjes hier agenderen, omdat we hier volgens mij wat dingetjes kunnen noemen die niet een-twee-drie heel erg volgens de documenten binnengebracht kunnen worden. Het heeft al niet bepaald mijn voorkeur om digitaal te vergaderen, maar goed, ik leg me neer bij de meerderheid van het presidium die dat wel wil. Maar ik vind het wel heel erg onhandig dat ik op zo’n heel klein ‘…’ zit en ik en nu mijn documenten moet lezen en tegelijkertijd ook nog allerlei mensen moet zien te onderscheiden die het woord voeren. Dus ik zou graag zien dat we en misschien moeten we dat in het presidium eens even gaan bespreken, dat we er eens over na gaan denken hoe we op een beetje een fatsoenlijke manier kunnen vergaderen. Want of je moet er een tweede computer bij hebben, of je moet op een andere manier allerlei strapatsen uithalen. Ik vind het een hele onplezierige manier van vergaderen. Dus er is niet zozeer een vraag, als wel een vraag naar het opnemen op de agenda in het presidium om hier eens even over door te praten. Want ik vermoed dat meer mensen mijn problemen delen. De voorzitter: Mijn steun heeft u in ieder geval. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, prima om daarover door te spreken, maar de suggestie die de heer Vos doet, is inderdaad wel en dat gebeurt steeds meer, dat je eigenlijk twee schermen moet hebben.

En dan valt het ook wel weer beter te doen. Maar goed om daar nog eens in het presidium blijvend over te blijven praten. 7.

Sluiting De voorzitter: Goed, dankuwel. Niemand iets meer voor de rondvraag? Zo niet, het is nu negen minuten voor tien. Dan sluit ik de vergadering bij deze. Dankuwel. Wel thuis. De heer …: Dankuwel. De heer …: Dankuwel, fijne avond. De heer …: Tot ziens. De heer …: Bedankt, voorzitter.

Pagina 29 van 29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9748350/1