[U24.04572] Septembercirculaire 2024 Gemeentefonds
Tekst van het document
De leden van de Gemeenteraad Postbus 1 2650 AA BERKEL EN RODENRIJS
Van
College van B&W
Onderwerp
Septembercirculaire2024 Gemeentefonds
Datum
17 oktober 2024
Ons kenmerk
U24.04572
Geachte raadsleden,
Aanleiding Het nieuwe kabinet Schoof heeft na de Miljoenennota de Septembercirculaire Gemeentefonds 2024 gepubliceerd met daarin de laatste ontwikkelingen aangaande de algemene uitkering voor gemeenten. Zoals gebruikelijk informeren wij u over de kernboodschap van deze circulaire en wat deze betekent voor de gemeentelijke financiën van Lansingerland. Kernboodschap Naast (taak)mutaties en actualisatie zijn dit de belangrijkste punten: » Het volumeaccres en het accres loon- en prijsontwikkelingen zijn geactualiseerd t.o.v. de Meicirculaire 2024; » Positief voorschot in 2024 wegens onderschrijding van het BTW-compensatiefonds (BCF); » Het kabinet zet de uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd door en laat de besparing Jeugdzorg vanaf 2026 structureel vervallen; » Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm is in de Septembercirculaire 2024 vanaf 2026 een jaarlijks bedrag voor indexatie Wmo demografie opgenomen; » Voor de gemeente Lansingerland is het netto-effect van de Septembercirculaire 2024 op de begroting 2025 een voordeel van C 135.000. Het college is van mening dat bij de uw voorliggende begroting een gebalanceerd maatregelenpakket ligt voor 2025. Het is nu aan u als Raad om rekening houdend met de uitkomsten van de Septembercirculaire 2024 en de Begroting 2025-2028 te amenderen waar u dat nodig vindt.
Daarbij willen wij wel uw aandacht vragen dat een amendement met een structureel begrotingseffect vanaf 2025 ten laste van het begrotingssaldo ook effect heeft op de volgende jaren waarin al een significant tekort voorzien wordt, en daarmee de opgave in die jaren vergroot. Door het moment van publicatie van de Septembercirculaire 2024 was het niet mogelijk deze ontwikke lingen mee te nemen in het geschetste financiële beeld van de Begroting 2025-2028. De Begroting 2025-2028 is daarom gebaseerd op de (herijkte) Meicirculaire 2024. 1/5
Met deze brief informeren wij u over de financiële effecten die voortkomen uit de Septembercirculaire 2024 die betrekking hebben op het meerjarenbeeld, evenals het lopende begrotingsjaar 2024. Hierna volgt een puntsgewijze toelichting per mutatie ten opzichte van de Meicirculaire 2024. Gevolgen Septembercirculaire2024 op het begrotingssaldo Voor 2025 levert de Septembercirculaire een voordeel van C 419.000 op. Kanttekening hierbij is dat ruim C 194.000 volgt uit de additionele taakmutatie Openbare bibliotheken. Voor 2025 is het netto-effect op het structurele begrotingssaldo C 135.000 voordelig. Hiermee komt het structurele begrotingssaldo na verwerking van de Septembercirculaire 2024 uit op C 228.000 positief. 1 Tabel 1 Structureel begrotingssaldo 2Ū25-2Ū28 Netto-effect Septembercirculaire 1 Structureel begroting&saldo 2025-2028 na September Circulaire
2025
2026
2027
2028
93
-7.Ū93
-8.553
-5.351 -1.33Ū -6.681İ
135
-546
-702
228
-7.639
-9.255
Toelichting structurele ontwikkelingen Septembercirculaire 2024 t.o.v. de (herijkte) Meicirculaire 2024 Voor 2024 en verder laat de Septembercirculaire 2024 de volgende ontwikkelingen zien met structurele effecten: a) Autonome ontwikkelingen b) Taakmutaties c) Overige mutaties, waaronder decentralisatie-uitkeringen d) Mutaties in stelposten Onderstaand presenteren wij u het cijfermatige overzicht van deze effecten ten opzichte van de (herijkte) Meicirculaire 2024, zoals verwerkt in de Begroting 2025-2028. Daarna volgt een nadere toelichting per onderwerp. Tabel 1
2024
2025
2026
2027
2028
95.141 100.392
100.650 101.788
102.843 96.197
98.123 98.182
100.671 101.571İ
1. Ontwikkeling Accres en uitkeringsbasis
-638
32
-16
-161
-379
2. Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2Ū24
1.181
0
Ū
0
0
178
2Ũ6
-147
-77
■426
Stand Meicirculaire informatiebrief Stand Meicirculaire na herriikina fbiiaestelde SVHW ramina iuli 20241 A. Autonome ontwikkelingen
3. Hoeveelheidsverschillen Overige autonome ontwikkelingen
-64
-32
-8
-24
-8
Totaal A. Autonome ontwikkelingen
657
206
-171
-262
-813
4. Besparingsverlies jeugd
Ū
0
1.Ū27
1.064
1.Ū88
5. Indexatie tì/mo demografie
Ū
0
126
253
379
Overige taakmutaties
■34
-26
■47
-57
-69
Totaal B. Taakmutaties
-34
-26
1.106
1.26Ũ
1.398
B. Taakmutaties
C. Overige mutaties 6. Openbare bibliotheken
Ũ
194
194
0
0
7. WOZ-waarden op basis van SVHW raming 3Ũ september 2024
-23
-3
-43
-121
-334
Overige kleinere mutaties
107
48
43
27
24
84
239
194
-94
-310
707 101.099
419 102.207
1.129 97.326
904 99.086
275 101.846
2024
2025
2026
2027
2028
707
419
1.129
9Ū4
275
-1.388
-1.278
-1.278
Totaal C. Overige mutaties 8. Effect septembercirculaire Berekening eindstand Berekening Netto-effect septembercirculaire op begroting Lansingerla Mutatie septembercirculaire (zie punt 8) D. Correcties Stelposten Correctie eerder opgenomen stelpost jeugd (zie punt 4) Correcte eerder opgenomen stelpost BCF op basis van afrekening BCF (zie punt 2)
Ū
0
-1.514
-284
-287
■328
■327
Netto-effect septembercirculaire
-807
135
-546
-702
-1.330
2/5
Ad a) Autonome ontwikkelingen 1.
Ontwikkeling Accres en uitkeringsbasis
Uitgangspunt met ingang van 2024 is dat het gemeentefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgt. Het accres is gesplitst in een volume- en een nominaal deel. Het volumedeel dient ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Het nominale deel dient ter compensatie van loon- en prijsstijgingen. Het volume accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. In de Septembercirculaire 2024 is een nieuwe raming voor het accres 2025 en verder opgenomen. Dit betreft de actuele raming van de ontwikkeling van het bbp door het Centraal Planbureau (CPB; MEV25). Hierdoor is het volume accres vanaf 2025 voor alle jaren lager dan in de Meicirculaire 2024. De indexatie voor inflatie volgt de prijsontwikkeling van het bbp van het lopende jaar. Voor 2025 is de raming voor de prijs bbp omhoog bijgesteld. De raming van de prijs bbp lijkt structureel te laag te zijn. Zo is als voorbeeld het percentage van de prijs bbp voor het jaar 2024 vastgezet in de Meicirculaire 2024 op basis van de CEP24 op 4%. De werkelijke cijfers zijn gebaseerd op de MEV25 (5,1%). Er vindt in deze circulaire geen compensatie plaats voor de hogere prijsontwikkeling in 2024. Per saldo betekent dit een negatieve bijstelling van de algemene Uitkering van C 638.000 voor 2024.
Voor de jaren 2025 en verder worden de loon- en prijsontwikkelingen (LPO) gedeeltelijk gecompenseerd door Rijk. De ontwikkeling van het Accres en de uitkeringsbasis laten voor 2026 en verder een negatieve bijstelling van de algemene uitkering zien welke oploopt van C 0,2 miljoen in 2027 naar C 0,4 miljoen in 2028. 2. Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2024 Het BTW-Compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Dit plafond muteert jaarlijks met het accrespercen tage. In 2024 bedraagt het BCF-plafond voor gemeenten C 4,3 miljard. Als de gezamenlijke declaraties onder dit plafond blijven, wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding volgt een uitname. Jaarlijks wordt bij de Septembercirculaire een voorschot verstrekt op basis van de verwachte afwijking van dat kalenderjaar. In de Meicirculaire van het volgende jaar volgt dan de afrekening. In deze circulaire bedraagt het totale voorschot voor het jaar 2024 C 447 miljoen, waarvan C 1,2 miljoen voor de gemeente Lansingerland. Na verrekening van de reeds eerder opgenomen stelpost BCF is de financiële impact op het begrotingssaldo 2024 C 0,3 miljoen nadelig. 3. Hoeveelheidsverschillen De berekening van de algemene uitkering bestaat uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle maatstaven met het bijbehorende bedrag per eenheid.
De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor. Door wijzigingen in aantallen eenheden, bedrag per eenheid en de uitkeringsfactor wijzigt de algemene uitkering. Voorbeelden van maatstaven zijn het aantal inwoners, oppervlakte in hectares, aantal woningen, aantal uitkerings gerechtigden etc. De grootste afwijking tussen de Meicirculaire 2024 en de Septembercirculaire 2024 voor het begrotingsjaar 2025 wordt veroorzaakt door een andere definitie en berekeningssystematiek van de maatstaf ‘Huishoudens met een laag inkomen boven drempel’.
3/5
In de Septembercirculaire 2024 is de maatstaf ‘huishoudens laag inkomen met drempel’ opnieuw gedefinieerd door het Ministerie van Binnenlandse Zaken. De wijziging van de definitie zorgt voor nieuwe berekende eenheden (een nieuwe Q) in de jaren 2025 en verder. In 2025 levert dit een voordeel op van C 0,2 miljoen. In de jaren hierna ontstaat er een nadeel welke oploopt tot C 0,4 miljoen in 2028.
Samenvattend: De autonome ontwikkelingen resulteren in een negatieve bijstelling van de algemene uitkering welke oploopt van C 0,2 miljoen in 2026 naar C 0,8 miljoen in 2028. Ad b) Taakmutaties en decentralisatieuitkeringen 4. Besparingsverlies Jeugd Het kabinet Schoof zet de uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd door en laat de besparing Jeugdzorg vanaf 2026 structureel vervallen. In de Septembercirculaire 2024 is dit verwerkt door een toevoeging aan het cluster Individuele voorzieningen jeugd van C 500 miljoen in 2026 en C 511 miljoen vanaf 2027. Dit verloopt voor gemeenten budgettair neutraal, omdat zij in de begroting voor Jeugdzorg voor de jaren 2026 tot en met 2028 rekening mochten houden met de voorgenomen besparing en een lagere raming van de uitgaven door het opnemen van een stelpost. Voor onze gemeente wordt structureel voor de jaren 2026, 2027 en 2028 gemiddeld C 1,1 miljoen uitgekeerd. In onze begroting 2025 zijn hier reeds stelposten voor opgenomen. Het netto-effect op het begrotingssaldo voor de jaren 2026, 2027 en 2028 bedraagt gemiddeld C 0,2 miljoen negatief. Zie hiervoor de mutaties van de stelposten in de tabel 2. 5. Indexatie WMO demografie Het Rijk en gemeenten werken aan de beheersbaarheid van de uitgaven van gemeenten voor de wettelijke zorgtaken WMO.
De verwachting is dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de WMO niet langer via de algemene uitkering van het gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm is in de Septembercirculaire 2024 vanaf 2026 een jaarlijks bedrag van C 75 miljoen oplopend tot C 300 miljoen in 2029 opgenomen. Voor onze gemeente levert dit voor de jaren 2026, 2027 en 2028 een voordeel op van respectievelijk C 0,1 miljoen, C 0,3 miljoen en C 0,4 miljoen. Ad c) Overige mutaties, waaronder decentralisatie-uitkeringen 6. Openbare bibliotheken In de periode 2023-2024 konden gemeenten een specifieke uitkering ontvangen voor het versterken van het lokale bibliotheekstelsel. Daarna zal een wettelijke zorgplicht voor gemeenten worden ingevoerd ten aanzien van de openbare bibliotheek. Voor het uitvoeren van deze taak zullen gemeenten een structurele bijdrage via het gemeentefonds ontvangen. In de periode tussen de specifieke uitkering en de invoering van de wettelijke zorgplicht ontvangen de gemeenten een decentralisatie-uitkering, om zich op de periode van de zorgplicht te kunnen voorbereiden. Hiervoor is in 2025 en 2026 in totaal een bedrag van C 59,3 miljoen beschikbaar. Dit bedrag wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van een bedrag van C 2,95 per inwoner.
Voor de gemeente Lansingerland levert dit voor de jaren 2025 en 2026 een voordeel op van C 0,2 miljoen.
4/5
7. WOZ-waarden op basis van de meeste recente gegevens De nieuwe SVHW raming (dd. 30 september 2024) laat een grotere WOZ-waardeontwikkeling zien dan eerder verwacht ten tijde van de Meicirculaire 2024, voor zowel woningen als niet-woningen. Als gevolg daarvan is de correctie op de algemene uitkering hoger (negatief effect) dan bij de Meicirculaire 2024. Met andere woorden, wij ramen nu een lagere algemene uitkering dan eerder ingeschat. Het grootste effect zien we in de jaren 2027 en 2028. Ad d) Mutaties stelposten Afboeken Stelpost Jeugdzorg In lijn met de adviezen van de provincie hebben wij eerder stelposten opgenomen voor het besparings verlies jeugd (punt 4). In deze Septembercirculaire zijn deze maatregelen verwerkt. De stelpost jeugd moet daarom vervallen. Aangezien de stelpost jeugd in de begroting 2025-2028 hoger is geraamd dan het bedrag dat in de Septembercirculaire 2024 wordt berekend, leidt dit tot een negatief effect op het begrotingssaldo voor de jaren 2026, 2027 en 2028. Zie hiervoor de mutatie van de stelpost in de tabel 2. Herijking Stelpost BCF Voor het voorziene voordeel van de onderschrijding van het BCF is in de Begroting 2024 een stelpost opgenomen ter hoogte van C 1,5 miljoen, destijds gebaseerd op de Meicirculaire 2024. Op basis van de Septembercirculaire 2024 is dit verwachte voordeel bijgesteld naar C 1,2 miljoen.
De bijstelling van deze post heeft geleid tot een negatief effect op het totale begrotingssaldo van C 0,3 miljoen. De stelpost BCF is meerjarig bijgesteld op basis van de definitieve afrekening over 2023, derhalve heeft dit geleid tot een structurele negatieve bijstelling van gemiddeld C 0,3 miljoen per jaar. Tot slot De effecten van de Septembercirculaire 2024 op het lopende begrotingsjaar 2024 zullen verwerkt worden in de Slotwijziging 2024. De meerjarige effecten 2025 - 2028 zullen in de Zomerrapportage 2025 worden verwerkt.
t een vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Lansingerland
Mickel Beckers gemeentesecretaris
burgemeester
5/5