[T26.00419] Memo Frauderisiscoanalyse 2025
Tekst van het document
Memo Gemeente Lansingerland
Van
Wanda Bouwmeester
Aan
College van B&W, Directieteam
Onderwerp
Memo Frauderisicoanalyse 2025
Datum
17 januari 2026
Ons kenmerk
T26.00419
Zorgvuldige inzet van publieke middelen vragen om een effectieve interne beheersing. Het inrichten van een beheersingsproces, waaronder een frauderisicoanalyse, speelt hierin een cruciale rol. Om die reden maakte de frauderisicoanalyse integraal deel uit van het interne controleplan 2025 zodat het een vast onderdeel is van de interne beheersingsmaatregelen. In dit memo staan de belangrijkste risico’s die we als organisatie zien op het gebied van frauderisicobeheersing en welke maatregelen we hebben genomen. Dit memo wordt voorgelegd aan het college en wordt geagendeerd in de BAC van 11 maart 2026. Dit vloeit voort uit het vereiste dat de accountant op grond van zijn beroepsvoorschriften jaarlijks de frauderisico’s bespreekt met het toezichthoudende orgaan binnen een organisatie. Samenvatting en conclusie Door de uitgebreide analyse uit voorgaande jaren periodiek te actualiseren, aan te vullen en onder de aandacht te brengen van de directie (en via de directie met de MT’s van de domeinen) blijft het management zich bewust van de frauderisico’s die er zijn en op welke wijze deze ‘beheerst’ kunnen worden. De gemeente beschikt over spelregels op het gebied van integriteit, zij heeft voorzieningen getroffen om vraagstukken bespreekbaar te maken waar dat nodig is en er zijn mogelijkheden om (anoniem) melding te doen.
Vanuit het DT en de organisatie zijn in 2025 bij de verantwoordelijke organen geen signalen bekend (gemaakt) dat er sprake is van vermoedens van fraude of onregelmatigheden. Dat is goed nieuws. Tegelijk zijn we ons ervan bewust dat frauderisicobeheersing blijvende aandacht vraagt en dat een handelingsperspectief helpt als er een vermoeden van fraude is. Dat is vastgelegd in een frauderesponsplan. De rechtmatigheids-verantwoording en de vereisten rondom het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik helpen in de doorontwikkeling dan ook breder te kijken dan onze eigen organisatie. Belangrijk is om ons ervan bewust te zijn dat we fraude en onregelmatigheden nooit geheel kunnen voorkomen, zeker niet als er sprake zou zijn van samenspanning tussen meerdere personen binnen en buiten de organisatie. Als organisatie kunnen we er wel alles aan doen om dit zo veel mogelijk te voorkomen.
1/8
1. Algemene maatregelen in het kader van frauderisico’s en integriteit 1.1 Integriteitsbeleid In 2023 is geactualiseerd integriteitsbeleid vastgesteld inclusief een gedragscode, het melden van ongewenst gedrag en melden van vermoedens van misstanden. Daarmee voldoen we ook aan de nieuwe wettelijke eisen op grond van de Wet bescherming klokkenluiders. Daarbij is ook het ‘Reglement gebruik digitale middelen 2021’ (T21.05139) van belang. De actuele informatie is voor medewerkers te vinden in het Personeelshandboek en op @work (intranet) (https://lansingerland.embracecloud.nl/social/groups/U29jaWFsR3JvdXA6OWY3NTE0MDEtNjEwNy00MzY4LW JkYWQtYmI3YWIzZjFmNGFi/dashboard). Nieuwe medewerkers leggen allemaal de ambtseed af. Voorafgaand daaraan worden zij uitgenodigd voor een presentatie over integriteit, waarbij ook een dialoog plaatsvindt over verschillende integriteitscasussen. 1.2 Nevenfuncties en melding hiervan In aanvulling op het integriteitsbeleid worden met ingang van 2014 ook van de DT-leden en de Concerncontroller eventuele nevenfuncties gemeld op de website van de gemeente. Zie de daarvoor geldende verordening: http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Lansingerland/337512/337512_1.html.
De publicatie vindt plaats op de gemeentelijke website: https://www.lansingerland.nl/politiek-en-organisatie/organisatiestructuur-en-nevenfunctieregister/
1.3 Meldingen integriteit De gemeente heeft een externe vertrouwenspersoon integriteit. Op moment van schrijven is de rapportage van de externe vertrouwenspersoon nog onderhanden. 1.4 Misbruik en oneigenlijk gebruik Met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording is er meer nadruk komen te liggen op het begrip Misbruik en oneigenlijk gebruik. Als gemeente hebben wij ook de nota misbruik en oneigenlijk gebruik (T23.03378) vastgesteld om onze aanpak op dit onderwerp weer te geven. Strikt formeel zit er een scheiding tussen fraude en misbruik, echter in hoe wij ernaar kijken en handelen maken wij geen onderscheidt. Het verschil tussen misbruik en fraude zit namelijk in het feit wie de handeling uitvoert. Als een burger of bedrijf probeert voordeel te behalen door misleiding dan spreken wij over misbruik en wanneer een medewerker van de gemeente dit probeert spreken we van fraude. In onze frauderisicoanalyse en in onderstaande uitwerking nemen wij alle risico’s mee in het kader van fraude en misbruik. 2. Frauderisico’s in bedrijfsprocessen: risico op onrechtmatige onttrekkingen van geld/goederen Gezien de aard van de gemeentelijke activiteiten kennen een aantal daarvan een hoger initieel risico (dus zonder rekening te houden met aanvullende maatregelen) op materiële1 fraude of onregelmatigheden in de vorm van het onrechtmatig onttrekken van geld of goederen aan de gemeente.
1
Er zijn meer risico’s op het onrechtmatig onttrekken van geld of goederen, maar die zijn veelal beperkter in financiële omvang en worden daarom in dit memo niet verder toegelicht; zie ook de analyse uit 2010. 2/8
Het betreft: 1. Factuurafhandeling en betalingsprocedure; 2. Inkoop- en aanbesteding; 3. Aan- en verkoop van gronden c.q. sluiten van overeenkomsten grondexploitaties; 4. Bewaring ICT-activa; 5. Prestatielevering van gewerkte uren door eigen medewerkers en ingehuurde medewerkers. Hierna lichten we deze risico’s toe en op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst. 2.1 Factuurafhandeling en betalingsprocedure De factuurafhandeling en de betalingsprocedure is het slot op de deur qua uitgaande geldstroom. Zowel bij de factuurafhandeling (route in Key2Financien) als de betalingsprocedure zijn altijd minimaal twee verschillende medewerkers betrokken. Er is in opzet sprake van functiescheiding tussen het verstrekken van een opdracht, het vaststellen van geleverde prestaties (het inhoudelijk goedkeuren van de factuur), het vaststellen van de juiste boekingsgang van de factuur en het betalen van facturen2. Uit de standaardroutes voor de factuurafhandeling in Key2Financien blijkt dat facturen nooit door één en dezelfde persoon kunnen worden goedgekeurd en betaald3. Overigens zijn er altijd situaties denkbaar waarbij deze werkwijze wordt omzeild (ambtenaar en leverancier spannen samen) of niet goed werkt (iemand let bijvoorbeeld niet goed op en keurt een factuur onterecht goed of stelt niet goed vast of een prestatie is nagekomen).
In dergelijke gevallen is het zaak dit zo snel mogelijk te signaleren en adequaat actie te ondernemen. De gemeente kent een betalingsprocedure. De afdeling Financiën verzorgt de betalingen voor alle soorten opdrachten binnen de gemeente. Dus zowel de reguliere facturen als uitkeringen als salarissen. Er zijn altijd minimaal twee verschillende elektronische handtekeningen nodig van de BNG. Er vinden voordat de goedkeuring van de betalingen plaatsvindt zichtbare controles plaats op de betaallijsten. Er zijn in 2025 interne controles uitgevoerd op de factuurafhandeling waarbij ook specifiek controle heeft plaatsgevonden van de feitelijke levering van het gefactureerde. Het blijkt dat niet voor alle verplichtingen die zijn aangegaan, de prestatielevering even makkelijk te achterhalen is. De aanbeveling is gedaan om het proces van totstandkoming prestatielevering te verbeteren. Voor 2025 zijn alle prestatieleveringen die in de steekproef zaten vastgesteld. 2.2 Inkoop en aanbesteding Bij de inkoop en aanbesteding bestaat initieel het risico op bevoordeling van partijen (gunnen van werk of diensten c.q. te hoge vergoedingen voor geleverde werken of diensten).
De gemeente heeft in 2023 het inkoop- en aanbestedingsbeleid geactualiseerd en beschikt daarmee over een actueel inkoop- en aanbestedingsbeleid dat voldoet aan de externe wetgeving en een centrale ondersteunende inkooporganisatie. Door de teammanagers in samenwerking met team inkoop wordt erop toegezien dat dit beleid ook wordt nageleefd. Een helpend instrument hierin zijn de periodieke accountgesprekken. Het raamcontract voor de inhuur van personeel waardoor teams en teammanagers inhuur centraal verloopt verkleint het risico op ‘onrechtmatige’ inkoop van inhuur. 2
Hierbinnen is ook sprake van functiescheiding (zie volgende alinea): opstellen betaalbatch, controle betaalbatch, betaling in de bank zetten, 2e handtekening in de bank.
3
Er van uitgaande dat medewerkers de afspraak nakomen dat inloggegevens voor het systeem en Key2Financien niet met andere medewerkers/personen worden gedeeld. 3/8
Om collega’s nog beter te ondersteunen bij het uitvoeren van rechtmatige en doelmatige inkoop, is er een inkooppagina beschikbaar op @Work. Op deze pagina zijn factsheets opgenomen over belangrijke inkoopprocedures. Uitleg over rechtmatigheidseisen en aandachtspunten. Praktische hulpmiddelen voor het voorbereiden van een inkooptraject. De pagina wordt regelmatig aangevuld en geactualiseerd, zodat iedereen altijd werkt met de meest recente informatie. Als onderdeel van de interne rechtmatigheidscontrole wordt jaarlijks de naleving van het Inkoop- en aanbestedingsbeleid en de daarbij behorende procedures vastgesteld. Als vooraf wordt afgeweken van het beleid dan ligt hier een besluit van het college en/of directie aan ten grondslag. Hiermee treffen we in opzet voldoende maatregelen om die kwetsbaarheden te beperken. 2.3 Aan- en verkoop onroerende zaken (panden en grond) In 2025 hebben enkele aan- en verkooptransacties plaatsgevonden in het kader van onroerend goed. Het college is bevoegd te besluiten tot aan- en verkoop mits deze passen binnen de financiële kaders (begroting, MPG etc.). Alle transacties dienen onderbouwd te zijn met een besluit van het college. Uitgangspunt is dat aan de prijsvorming van de aan- en verkooptransacties de marktconformiteit aangetoond is. Dit kan door taxaties door een ‘beëdigd’ taxateur of een vastgestelde gronduitgifteprijs.
Het college stelt jaarlijks de kaderbrief Grondprijzen vast. De doelstelling van de kaderbrief is het op transparante wijze richting geven aan de grondprijzen die de gemeente hanteert bij gronduitgiftes. De beleidsuitgangspunten zijn opgenomen in de nota Grondbeleid 2019-2022. De kaderbrief grondprijzen bevat de richtinggevende gronduitgifteprijzen voor het betreffende jaar. Daarnaast wordt bij de verkoop van onroerende zaken het uitgangspunt gehanteerd dat er géén een-op-een overeenkomsten worden gesloten; in beginsel vindt er altijd een openbare selectieprocedure plaats. Er zijn uitzonderingen mogelijk, zoals vastgelegd in de door het college vastgestelde richtlijn uitgifte van gemeentelijke onroerende zaken. Binnen Lansingerland wordt de gronduitgifteprijs voor de woningbouwlocaties in principe residueel bepaald4. In dergelijke gevallen bepaalt het bouwprogramma (geschatte opbrengsten VON -/- bouwkosten en rekening houdend met bijkomende kosten voor de ontwikkelende partij) de opbrengstpotentie (gronduitgifteprijs) van de locatie. Indien sprake is van dergelijke afspraken wordt door de planeconomen continu beoordeeld of de residueel bepaalde grondprijs marktconform is.
Deze toets vindt plaats door bijvoorbeeld de opbrengstpotentie van het bouwprogramma (de VON-prijzen) te toetsen aan vergelijkbare programma’s bij andere gemeenten en de bouwkosten/stichtingskosten te toetsen. Hierbij wordt ook gebruikt gemaakt van taxateurs en kostendeskundigen/externe planeconomen. Voor vrije kavels woningbouw worden de gronduitgifteprijzen bepaald op basis van vaste prijzen per m², met hierbij onderscheid in een aantal type locaties. De kwaliteit van de locatie bepaalt daarbij de prijs per m². Binnen Lansingerland wordt voor de bedrijventerreinen in principe gewerkt met comparatief bepaalde grondprijzen (vaste prijzen per m² die gebaseerd zijn op vergelijking met de markt) en in sommige situaties residueel.
4
Zie Nota Grondbeleid 2019 – 2022 paragraaf 5.3 (T18.11092) (wordt herzien bij ontwikkeling programma’s) 4/8
Voor wat betreft grond aan- en verkopen geldt dat er in alle situaties sprake is van meerdere personen (minimaal vier-ogen principe) die betrokken zijn bij de aan- en verkopen inclusief de bijbehorende onderhandelingen (projectleiders, planeconomen, juristen en leden van het college). Bij de interne controle wordt vastgesteld of aan deze voorschriften is voldaan. De in 2025 verantwoorde grond aan- en verkopen zijn via deelwaarneming in de interne controle betrokken. Er zijn daarbij geen bijzonderheden geconstateerd. Op basis van het voorgaande is de conclusie dat grond aan- en verkopen altijd een kwetsbaar proces blijft, maar de gemeente in opzet voldoende maatregelen neemt om die kwetsbaarheid te beperken. 2.4 Bewaring ICT-activa Nu het hybride werken steeds gebruikelijker is en er meer gebruik wordt gemaakt van verschillende ICTdevices, bestaat ook initieel het risico dat devices ‘kwijt’ raken bij levering/ontvangst, uitgifte/voorraadbeheer (in- en uitdiensttreding of reparatie). We hebben binnen de organisatie het Reglement gebruik digitale middelen (I21.10726). Uitgangspunt hierbij is dat iedere medewerker een laptop en telefoon krijgt. Uitzondering hierop zijn bijvoorbeeld de BOA’s die twee telefoons hebben i.v.m. het gebruik van Sigmax City Control en de college- en raadsleden die een Ipad hebben. De uitzonderingen zijn dus functie gebonden.
De voorraad van devices is te herleiden uit TOPdesk. Medewerkers tekenen voor ontvangst van de apparatuur via de Bruikleenovereenkomst (T21.00391). Daarnaast worden alle apparaten geregistreerd in TOPdesk (asset management). De servicedesk is bezig de taken (omgang nieuwe apparatuur, uitleveren apparaat, innemen apparaten) op te nemen in procedures. Hier vindt momenteel een professionaliseringsslag plaats. 2.5 Prestatielevering van gewerkte uren door eigen medewerkers en ingehuurde medewerkers. Sinds de coronaperiode heeft het werken op afstand een blijvende plek gekregen binnen de organisatie. Waar medewerkers en teamleiders voorheen voornamelijk op kantoor aanwezig waren en direct toezicht vanzelfsprekend was, is thuiswerken inmiddels grotendeels gestandaardiseerd. Een aanzienlijk deel van het personeel werkt structureel vanuit huis of andere locaties. Hierdoor is het directe, fysieke toezicht op de dagelijkse werkzaamheden afgenomen en wordt er in toenemende mate gestuurd op vertrouwen, resultaatverantwoordelijkheid en digitale samenwerking. Deze ontwikkeling vraagt om een andere manier van leidinggeven en het opnieuw inrichten van beheersingsmaatregelen, zodat transparantie, verantwoording en continuïteit ook in een hybride werkomgeving goed zijn geborgd.
Vanuit landelijke nieuwsberichten is gebleken dat niet alle medewerkers (en inhuur) goed met deze vrijheid kunnen omgaan en zijn er steeds meer gevallen bekend waarbij wordt vastgesteld dat onterecht uren worden gedeclareerd of niet gewerkt wordt conform contracturen. Onze CAO is nog steeds gebaseerd op te maken uren en niet op te leveren output. In Lansingerland zijn op dit moment geen situaties van dergelijk misbruik bekend. Controles op nevenfuncties van medewerkers worden daarmee steeds belangrijker. Ook een goed werkend systeem van meldingen over ongewenst gedrag en bewustwording bij medewerkers is daarbij essentieel.
5/8
3. Frauderisico’s als gevolg van onrechtmatige beïnvloeding van cijfers in de jaarrekening en administratie Er bestaat initieel het risico dat de jaarrekening en de cijfers in de administratie beïnvloed kunnen worden door personen om daar persoonlijk voordeel uit te halen (in financiële zin of reputatie). Hierna spitsen we dit risico toe op de gemeente Lansingerland en geven we aan welke maatregelen we nemen om dit te voorkomen. 3.1. Risico op onrechtmatig beïnvloeden getrouwe beeld jaarrekening Als het saldo van de concept jaarrekening te hoog is in relatie tot bijvoorbeeld eerdere ramingen kan de tendens zijn dit saldo te beïnvloeden en naar beneden te brengen en vice versa. Belangrijke schattingsposten die hiervoor gebruikt kunnen worden zijn o.a. onterecht aanwenden van reserves, misbruik van afschrijvingstermijnen, niet nemen van verwachte verliezen op de grondexploitatie c.q. misbruik van de toegerekende rente aan de grondexploitaties en doorschuiven van lasten naar begrotingsjaar 2026 en verder. De gemeente heeft in 2025 de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie Lansingerland 2025 geactualiseerd. Hierbij zijn nota planning en control Lansingerland, Treasurystatuut 2020 en de nota garantstellingen Lansingerland 2015 geïntegreerd in de Verordening financieel beleid. De financiële verordening is verder uitgewerkt in o.a.
een nota reserves en voorzieningen en een nota activabeleid. Beide nota’s zijn geactualiseerd en door de Raad vastgesteld. Deze nota’s zijn van toepassing op de begrotingsjaren vanaf 2025. Onderdeel van de interne controle en opstelproces van de jaarrekening is dat wordt vastgesteld dat mutaties in de reserves rechtmatig zijn geweest (besluit van de Raad aan ten grondslag) en de uitgangspunten uit de nota activabeleid zijn nageleefd. Bij deze controle zijn geen bijzonderheden geconstateerd die wijzen op bewuste manipulatie van cijfers. Voor wat betreft de waardering van de grondexploitaties incl. de hoogte van de toegerekende rente is uitgebreide documentatie beschikbaar die de waardering onderbouwt. Er zijn specifieke onderzoeken uitgevoerd naar o.a. de effectieve vraag naar bedrijventerreinen en woningbouw. De beloningen en beoordelingen van de medewerkers c.q. collegeleden hebben geen rechtstreeks verband met het financieel gerealiseerde resultaat. Vanuit die achtergrond zijn er ook geen specifieke redenen om cijfers te ‘manipuleren’. 3.2 Beïnvloeden administratie door memoriaalboekingen Memoriaalboekingen worden door team financiën ingevoerd. Voor het boeken van memoriaalposten is een procedure afgesproken. Deze procedure is echter niet schriftelijk vastgelegd.
Afspraak is, dat een memoriaalboeking altijd opgesteld dient te worden door de ene medewerker en geaccordeerd door een andere medewerker en voorzien te zijn van achterliggende brondocumenten waaruit blijkt waarom de memoriaalboeking is gemaakt en daarmee de audit trail zichtbaar is. Daarnaast zijn er ook memorialen waarin het vier-ogen principe op de boeking niet door het systeem wordt afgedwongen. De drie financieel beheerders kunnen zelfstandig memoriaalboekingen maken en doorvoeren, de zogenoemde super user rechten. Via procesafspraken is functiescheiding aangebracht in memoriaalboekingen. Een memoriaal wordt altijd ter controle aangeboden aan een business controller en/of een financial controller. Overigens zijn er geen indicaties aanwezig zijn dat de financieel beheerders gebruik hebben gemaakt van hun super user rechten voor het boeken van memorialen. Het invoeren van memorialen via deze technische route is om praktische redenen het geval, bijvoorbeeld om systeemboekingen door te voeren (bijvoorbeeld vanuit de activamodule kapitaallasten doorboeken). 6/8
Via de budgetanalyses t.b.v. zomerrapportage, slotwijziging en de voorbereiding van de ‘in control’ gesprekken en de analyse bij de jaarstukken zouden materiële afwijkingen als gevolg van foutieve memoriaalboekingen c.q. onreglementaire boekingen geconstateerd moeten worden. 4. Overige frauderisico’s Voor een overzicht van de overige frauderisico’s die de gemeente loopt en op welke wijze we daarmee omgaan wordt verwezen naar de frauderisicoanalyse (T26.00418).
4.1 Risico’s als gevolg van Misbruik (fraude door bewoners of bedrijven) bij opbrengstenstromen De opbrengsten van de gemeente bestaan hoofdzakelijk uit uitkeringen van het Rijk en opbrengsten uit belastingen en heffingen. Er zijn geen opbrengstgerelateerde ‘beloningen’ die een potentieel risico zouden vormen om opbrengsten ‘op te blazen’. De belastingen en heffingen zijn uitbesteed aan de SVHW. Jaarlijks ontvangen wij een door de externe accountant van de SVHW gecertificeerde verantwoording. Op basis van deze verantwoording over 2025 en de informatie die wij hebben als lid van het ‘algemeen bestuur’ van de SVHW zijn er geen aanwijzingen of signalen van fraude. Op een aantal opbrengsten vindt verbijzonderde interne controle plaats (detailcontroles) in combinatie met cijferbeoordelingen. Dit betreft de bouwleges, huuropbrengsten en de leges burgerzaken. Ook voor deze opbrengsten geldt dat er geen signalen zijn van fraude of misbruik. Voor wat betreft de huuropbrengsten (vaste en incidentele verhuren gemeentelijke accommodaties) blijft er natuurlijk altijd een risico dat er verhuurd wordt zonder dat de opbrengst bij de gemeente wordt verantwoord. Dit is alleen te ondervangen door onaangekondigde ‘leegstands’-controles uit te voeren. Deze controles kosten ook tijd en geld.
Het risico dat er dusdanig veel incidenteel wordt verhuurd zonder dat de gemeente hier opbrengsten van krijgt dat sprake zou zijn van een risico op een materiële onjuistheid in de jaarrekening of materiële fraude wordt beperkt geacht. De verhuur van het merendeel van de gemeentelijke accommodaties is na Europese aanbesteding vanaf januari 2023 uitbesteed aan Optisport. 4.2 Risico’s op misbruik en fraude bij Uitkeringen, WMO-verstrekkingen en toekenning Jeugdzorg Er is in 2025 interne controle uitgevoerd op de betalingen via de uitkeringsadministratie (betalingen sociale uitkeringen en WMO). De gecontroleerde betalingen zijn als rechtmatig beoordeeld waarbij wij geen vermoedens van misbruik of fraude hebben geconstateerd.
4.3 Kinderopvangtoeslag Als gemeente voeren wij ook de taken uit in het kader van de kinderopvangtoeslagaffaire. Hierbij moeten wij als gemeente inwoners helpen die mogelijk gedupeerd zijn. De regeling (kosten die wij als gemeente moeten vergoeden) is breed opgesteld. Het kan voor inwoners aantrekkelijk zijn om kosten die buiten de regeling vallen toch in te dienen en vergoedt te krijgen. Als beheersmaatregel hebben wij ingesteld dat alle declaraties integraal worden gecontroleerd om daarmee het risico op misbruik te voorkomen. 4.4 Mandaatregeling 2025 Vanuit de organisatievisie liggen de verantwoordelijkheden zo laag mogelijk in de organisatie. Een belangrijke wijziging in 2025 is dat het mandaat voor ondertekening van opdrachten en/of contracten vanaf
7/8
€ 1 miljoen door het directieteam genomen worden, voorheen was dat het college. Vanuit de interne controles zijn geen bijzonderheden geconstateerd of mandaatregeling juist is toegepast. 4.5 Frauderesponseplan In december 2025 is door de raad het frauderesponseplan vastgesteld. Hoewel dit plan geen preventieve maatregel is en pas in werking treedt wanneer er sprake is van een vermoeden of incident van fraude, draagt het substantieel bij aan het beperken van dergelijke gebeurtenissen. Het frauderesponseplan beschrijft de stappen die de organisatie (een deel) volgt bij signalen van fraude, waaronder meldprocedures, verantwoordelijkheden, onderzoekshandelingen en interne- en externe communicatie. Door deze processen vooraf vast te leggen, wordt geborgd dat de organisatie consistent, zorgvuldig en tijdig handelt wanneer zich een fraude-incident voordoet.
Met een vriendelijke groet, gemeente Lansingerland
Wanda Bouwmeester Concern Controller
Nadere informatie
Marko Voorspuij
Team
Concernstaf
Domein Email
marko.voorspuij@lansingerland.nl
Telefoon
45 40
Postbus 1 2650 AA Lansingerland www.lansingerland.nl Bijlage(n):
Frauderisicoanalyse 2025 (T26.00418)
8/8