[T25.06424] Bijlagen Beantwoording vragen die zijn gesteld tijdens de informatiebijeenkomst Molenweg
Tekst van het document
Beantwoording vragen Molenweg Dit bestand bevat vragen en zorgen die bewoners hebben geuit tijdens de informatieavonden en die per mail zijn binnengekomen. Daaronder zijn onze antwoorden vermeld. Bijgevoegd vindt u een bijlage met alle ingescande kaartjes (T25.06062) en de vragenlijst die per e-mail is binnengekomen (I25.15133). In enkele antwoorden wordt verwezen naar de Q&A die op 26 augustus 2025 naar raad en inwoners is toegestuurd (T25.05343) en die te vinden is op onze webpagina Omgevingsvisie. Ook heeft een bewoner een brief toegestuurd met daarin de zorgen en opvattingen. (I25.15252)
Vragen en zorgen die op de kaartjes zijn geschreven > T25.06062 M1 Graag de bijgevoegde zienswijze alsnog behandelen en een serieuze participatie van belanghebbenden organiseren. Alles is ook in het belang van de gemeente: zonder dat geen geloofwaardigheid en vertrouwen.
M2 Graag uitnodigingen ontvangen voor 24 september, 7 oktober + 4 november Wat is de invloed op onze woningwaarde en woongenot (naast de schade aan de oude huizen na hevige bouw)? Welke overlast kunnen we verwachten met een hogere milieubelasting? Antwoord uitnodigingen: Vergaderingen van de commissies, gemeenteraad en beeldvormende avonden zijn openbaar en dus vrij toegankelijk. U hoeft zich alleen van te voren aan te melden wanneer u wilt inspreken. Antwoord woningwaarde en overlast: Zie Q&A vraag 9 en vraag 5.
M3 Delen jullie het proces naar vaststelling Omgevingsvisie en daarop volgend programma? Zo ja, graag naar alle omwonenden, belanghebbenden. Antwoord: Zie Q&A vraag 14. De planning van de vaststelling Omgevingsvisie 2.0 is: 24 september: Beeldvormende avond (presentatie aan de raad waarin raadsleden verhelderende vragen kunnen stellen). 7 oktober (onder voorbehoud): Commissie Ruimte. Belanghebbenden hebben de mogelijkheid om in te spreken. 4 november (onder voorbehoud): Raadsvergadering, (definitief besluit Omgevingsvisie 2.0). Belanghebbenden hebben de mogelijkheid om in te spreken.
1
M4 Uit wiens initiatief is dit kleine gebiedje opgenomen in de visie en wie heeft er het meeste belang bij? Ook wil ik weten (??)mijn percelen onder deze visie vallen wat de mogelijkheden ik krijg ten opzichte van nu. Antwoord: Zie Q&A vraag 2. De kaart in de Omgevingsvisie 2.0 geeft indicatief aan wat het transformatiegebied is. De ontwerp Omgevingsvisie 2.0 kan hier geraadpleegd worden: https://www.lansingerland.nl/directregelen/wonen-verhuizen-verbouwen/wonen/omgevingsvisie-lansingerland/ --> onder het kopje “Ontwerp Omgevingsvisie 2.0 ter inzage”.
M5 Wordt in de omgevingsvisie de zorg van de omwonenden opgenomen ten opzichte verkeersbeweging, milieubelasting, gezonde leefomgeving, geluidsoverlast Antwoord: De ontwerp Omgevingsvisie 2.0 spreekt veel ambities uit om een gezonde leefomgeving te behouden of te verbeteren en om gevoelige bestemmingen te beschermen, onder andere: • P.19: Onze leefomgeving stimuleert een gezonde leefstijl voor iedereen. We gaan vervuiling van water, bodem en lucht tegen. … En we zorgen dat bedrijven in onze gemeente zich veilig en schoon kunnen ontwikkelen. Zo werken we aan een omgeving waarin iedere inwoner gezond kan leven. • P.21: Kortom, we streven naar een economie die in 2050 duurzaam, gezond en inclusief is. • P.33: We zetten ons in om de geluidsbelasting niet te laten toenemen en treffen maatregelen om de negatieve effecten van geluidsoverlast te compenseren. • P.34: We zetten ons in voor een significante verbetering van de luchtkwaliteit in 2050. • P.34: We accepteren geen activiteiten in de gemeente die een aanzienlijke toename van de uitstoot van stikstofoxiden of fijnstof veroorzaken. • P.34: De lichtemissie in de gemeente neemt niet toe en we zetten ons in om deze waar mogelijk te verlagen. • P.34: We kunnen veilig verblijven in Lansingerland. • P.34: We staan geen activiteiten toe die bodemvervuiling veroorzaken.
• P.43: De schaarse ruimte zetten we in voor bedrijven die bijdragen aan brede welvaart. Bijvoorbeeld bedrijven die oplossingen hebben voor verduurzaming, energietransitie, om de kwaliteit van de leefomgeving te verhogen, passen in een circulaire economie of vele doelgroepen als werknemer betrekken in hun werkproces. • P.55: Wij streven ernaar dat in onze woonwijken er rustig kan worden gewoond in een gezonde leefomgeving. Onze inwoners brengen hier immers een groot deel van hun tijd door. Er is ruimte voor het geluid van spelende kinderen en jeugd, maar geluidsoverlast van verkeersaders proberen we te beperken. Ook streven we waar mogelijk naar verbetering van de luchtkwaliteit.
2
• P.56: De kwaliteit van de leefomgeving heeft in deze gebieden een hoge prioriteit. (deze gebieden zijn de woonwijken). • P.66: In de linten komen wonen en werken samen. We zorgen dat er ruimte is voor bedrijfsmatige activiteiten, maar borgen ook een gezonde leefomgeving voor de bewoners van de linten. We houden overlast van bedrijfsmatige activiteiten beperkt. • P.68: De glastuinbouwgebieden zijn de plekken in de gemeente waar we milieubelastende activiteiten proberen te centreren. Dit kan een hogere milieubelasting dan in de rest van de gemeente tot gevolg hebben. Dit mag echter niet ten kosten gaan van de gezonde leefomgeving in Lansingerland. We wegen altijd het effect van deze activiteiten op aangrenzende gebieden af en beschermen de kwaliteit van de leefomgeving van deze aangrenzende gebieden. Waar mogelijk verminderen we lichtemissie vanuit de glastuinbouw. • P.72: De bedrijventerreinen zijn de plekken in de gemeente waar we milieubelastende activiteiten proberen te centreren. Dit kan een hogere milieubelasting dan in de rest van de gemeente tot gevolg hebben. Dit mag echter niet ten koste gaan van de gezonde leefomgeving in Lansingerland. We wegen altijd het effect van deze activiteiten op aangrenzende gebieden af en beschermen de kwaliteit van de leefomgeving van deze aangrenzende gebieden.
• P.72: We besteden extra aandacht aan bedrijventerreinen die nabij woongebieden zijn gelegen of zijn komen te liggen door de ontwikkeling van de dorpskernen. Op de grens tussen bedrijventerrein en woonwijk kunnen meer mengbare activiteiten plaatsvinden. Deze plekken zijn ook geschikt voor activiteiten die de kracht en de leefbaarheid van de woonwijken versterken.
M6 Ik ben tegen en wil dat het plan van tafel gaat.
M7 SCHAAM JULLIE!
M8 Het blijkt dat burgerparticipatie weer niet goed is uitgevoerd. Men voelt zich voor het blok gesteld. Men staat op grote achterstand. Dus alles opnieuw: problematiek in zijn totaliteit inventariseren, voorleggen en uitwerken (inclusief Bleizo bestemming)
M9 CONCLUSIE: WE ZIJN TEGEN Bewoners Molenweg Rodenrijseweg
3
M10 Het inspraakproces is slecht verlopen. Blijvend probleem hierin de gemeente. Essentiële basisinfo wordt niet gedeeld. - Graag meer duidelijkheid over betere participatie? - Hoe gaan de belangen van de betrokkenen meegenomen worden? - Zorg dat helder is wat de maximale categorie is voor Molenweg. Eigenlijk < 2.0! Hoe krijg ik info over veranderingen van visie, beleid van je eigen woonstek. Antwoord voorzijde: Zie Q&A vraag 5, vraag 7, en vraag 13. Antwoord achterzijde: Zodra de visies en het beleid van de gemeente voor verschillende locaties in de gemeente worden vastgesteld, worden deze gepubliceerd op www.officielebekendmakingen.nl en kunnen deze daar geraadpleegd worden.
M11 Dringend verzoek om bij afwezigheid van alle formele en officiële procedures (inspraak, belanghebbenden niet gesproken) de gehele visie procedure opnieuw en correct in te steken. We voelen ons geschoffeerd en gepasseerd!
Aanvullende vragen per mail ontvangen Zie document I25.15133 M12.1 Ik maak mij zorgen over de voorgenomen verhoging van de milieucategorie rond de Molenweg naar categorie 3 en hoger. Wij als bewoners zijn hierover niet actief geïnformeerd en konden daardoor geen zienswijze indienen, terwijl dit direct invloed heeft op onze leefomgeving. Bovendien is een ondernemer al in maart betrokken bij gesprekken over plannen rondom de Molenweg terwijl wij niet zijn gehoord. Kunt u uitleggen waarom bewoners zo laat worden betrokken en een ondernemer al eerder (maart) in gesprek is geweest op uitnodiging van de gemeente en hoe de gemeente dit verschil in participatie gaat rechtzetten? En hoe denkt de gemeente dat dit besluit past binnen de omgevingswet die juist inzet op vroegtijdige participatie? Antwoord: Zie Q&A vraag 13. Bij de behandeling van de Omgevingsvisie 2.0 hebben we gemerkt dat er publiekelijk over twee begrippen onrust is ontstaan, deze zijn 1) transformatielocaties en 2) hogere milieubelasting.
4
Via de informatieavonden heeft u de mogelijkheid gehad om uw zorgen en vragen te uiten en heeft de gemeente een toelichting gegeven. Deze zorgen en vragen geven we aan de raad mee voor de behandeling van de Omgevingsvisie 2.0. Het traject van de Omgevingsvisie 2.0, waaronder de participatie, wordt geëvalueerd. Ook hierbij zullen wij uw punten meenemen.
M12.2 Zijn de lokale natuur- en milieuorganisaties betrokken of gekend bij de plannen rond de Molenweg, en hoe worden hun belangen meegenomen in de besluitvorming? Worden lokale natuurorganisaties structureel betrokken bij wijzigingen? Antwoord: In het participatieproces voor de Omgevingsvisie 2.0 zijn lokale natuur- en milieuorganisaties betrokken. De volgende organisaties en hebben gereageerd op de Omgevingsvisie 2.0 met een zienswijze: Natuur- en vogelwacht Rotta (Rotta) Natuurmonumenten (NM) Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard Hoogheemraadschap van Delfland GGD Rotterdam-Rijnmond De zienswijzen van Rotta en NM hebben aanleiding gegeven tot aanpassingen (scherpere formulering beschermen groene flanken). Althans, dat is het voorstel in de Nota van beantwoording zoals die nu bij de gemeenteraad ter besluitvorming voorligt. De zienswijze van beide waterschappen heeft aanleiding gegeven tot aanpassingen (concretere beschrijving van het beleid rond (de belasting van) waterzuiveringen en riolering, hoe we omgaan met klimaatadaptatie, regionale watersystemen). Dit is ter besluitvorming van de gemeenteraad.
De zienswijze van de GGD heeft aanleiding gegeven tot aanpassingen (toevoegen dat we adviezen van GGD omtrent vraagstukken over straling in overweging nemen, dat we zorgen voor schaduwrijke plekken bij de inrichting van locaties waar kinderen spelen om hen te beschermen tegen huidkanker en de toevoeging dat kans op infectieziekten toeneemt en het pollenseizoen langer wordt). Ook dit is nog ter besluitvorming van de gemeenteraad. Het gehele overzicht van de zienswijzen die ingediend zijn en de aanpassingen die hierop volgden kunt u vinden in de nota van beantwoording op de website van Lansingerland, de gemeenteraad neemt hierover een besluit: https://lansingerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/5c05b46d-4e52-495a-99eb8197ae1d3590?documentId=914ef6ae-83d5-4494-a9b8-03e1d9554620&agendaItemId=4de7a66e5412-4ee3-b2c2-ae0dbedce834
M12.3 Zijn de nabijgelegen natuurgebieden, zoals de Zuidpolder, Ackerdijkse Plassen en De Groenzoom, meegenomen in de milieueffectrapportage?
5
Zo ja, hoe wordt hun bescherming gewaarborgd bij de voorgenomen verhoging van de milieucategorie? Antwoord: Voor de Omgevingsvisie 2.0 is er een Leefomgevingsfoto en een effectbeoordeling opgesteld. Dit is een beoordeling op visieniveau, niet specifiek voor de natuurgebieden. Verdere effecten kunnen pas inzichtelijk gemaakt worden als er concretere plannen zijn en bekend is wat deze effecten gaan zijn.
M12.4 Wat beoogt de gemeente met de verplaatsing van voormalige bedrijfswoningen naar de Molenweg of met het toekennen van een hogere milieucategorie aan dit gebied? Welke maatschappelijke of economische doelen worden hiermee gediend? Antwoord Zie Q&A vraag 1.
M12.5 Op basis van welke onderzoeken en criteria is besloten om de Molenweg geschikt te verklaren voor hogere milieucategorieën? Zijn er alternatieve locaties onderzocht voor bedrijven met een hogere milieucategorie en waarom is uiteindelijk voor de Molenweg gekozen? Antwoord Zie Q&A vraag 2.
M12.6 Wat gebeurt er als de grondeigenaren niet meewerken aan deze plannen? Heeft de gemeente alternatieve strategieën, en welke juridische instrumenten kunnen worden ingezet? Antwoord Zie Q&A vraag 12.
M12.7 Bij de toekenning van een hogere milieucategorie wordt vaak een minimale categorie aangegeven, bijvoorbeeld categorie 3. Als de gemeente al weet dat milieucategorie 4 vanwege
6
de afstand tot woningen niet mogelijk is, waarom wordt er dan geen maximale categorie 3 vastgesteld? Antwoord Zie Q&A vraag 7.
M12.8 Kunt u toelichten onder welke milieucategorie de verschillende bedrijven rondom de Molenweg vallen, en hoe de richtafstanden uit de VNG-richtlijnen in de praktijk worden toegepast om de leefomgeving te beschermen? Hoe gaat de gemeente de richtafstanden volgens de VNGrichtlijnen handhaven bij toekomstige uitbreidingen of nieuwe bedrijven? Antwoord Het vigerend bestemmingsplan voor bedrijvigheid in het transformatiegebied Molenweg geeft ruimte tot en met milieucategorie 2. Voor de percelen met de bestemming agrarische glastuinbouw geldt een minimale afstand van 30 meter vanaf de kas tot woningen. Zie Q&A vraag 7.
M12.9 Volgens het principe van ‘inwaarts zoneren’ plaatst de gemeente bedrijven met de grootste milieubelasting op ruime afstand van woningen en scholen, daaromheen bedrijven met lagere milieubelasting, en aan de randen bedrijven zonder milieubelasting of buffers zoals bomen. Kunt u toelichten hoe dit concreet wordt toegepast bij de plannen rond de Molenweg? En welke waarborgen legt de gemeente vast om te voorkomen dat bedrijven met een zwaardere milieucategorie onze woonkwaliteit aantasten? Antwoord: De Omgevingswet bevat regels die de kwaliteit van de leefomgeving beschermen en bevorderen. Deze zijn te vinden in: Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl): regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring bescherming en bevordering van de kwaliteit van de leefomgeving. Besluit activiteiten leefomgeving (Bal): algemene regels voor activiteiten en de fysieke leefomgeving, waaronder milieubelastende activiteiten. De ontwerp Omgevingsvisie 2.0 spreekt veel ambities uit om een gezonde leefomgeving te behouden of te verbeteren en om gevoelige bestemmingen te beschermen, zie vraag M5. Inwaarts zoneren is een belangrijk principe dat wordt gebruikt om hinder van bedrijvigheid te minimaliseren. Dit principe wordt ook aangeraden door de GGD.
Het komt er op neer dat je de bedrijvigheid met de grootste milieubelasting het verst weg plaatst van gevoelige bestemmingen. Daaromheen plaats je dan bedrijven met een lagere milieubelasting. Aan de randen plaatst je bedrijven die geen milieubelasting hebben of een buffer om de gevoelige bestemmingen
7
voldoende te kunnen beschermen. Hoe dit er concreet uit kan zien voor de Molenweg is nog niet bekend. De plannen voor de transformatiegebieden zullen verder worden uitgewerkt in een omgevingsprogramma. Bij deze uitwerking zullen we de GGD en de DCMR betrekken. De GGD heeft een kernwaarde Voorzieningen Dichtbij (https://ggdghor.nl/onderwerp/kernwaardevoorzieningendichtbij/) We zullen deze kernwaarde serieus in overweging nemen bij het verder uitwerken van de plannen.
M12.10 Heeft de gemeente heeft gekeken naar de optelsom van alle effecten in het gebied, en niet alleen naar elk bedrijf afzonderlijk? Antwoord: Voor de Omgevingsvisie 2.0 is er een Leefomgevingsfoto en een effectbeoordeling opgesteld. Dit is een beoordeling op visieniveau, niet specifiek voor de Molenweg. In de Leefomgevingsfoto wordt voor bijna alle onderzochte thema’s gebruik gemaakt van cumulatieve (opgetelde) data.
M12.11 Wordt er gekeken naar luchtkwaliteit, geluidsoverlast en veiligheid in de plannen rondom de Molenweg? Antwoord Ja, bij elke BOPA-aanvraag (omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit) of Omgevingsplanwijziging wordt dit getoetst.
M12.12 Welke concrete maatregelen neemt de gemeente om de hinder van bedrijvigheid voor bestaande woningen te beperken? Antwoord Zie antwoord M12.9
M12.13 Welke mogelijkheden hebben bewoners om zienswijzen of bezwaar in te dienen als plannen eenmaal zijn vastgesteld?
8
Antwoord Zie Q&A vraag 9 en 10. Een visie is geen plan. Zie voor bezwaar- en beroepsmogelijkheden (inclusief zienswijzen) het antwoord hierna bij M13.14 over de wijziging van het omgevingsplan en de BOPA. Dit zijn zogenaamde juridisch planologische instrumenten om plannen mogelijk te maken.
M12.14 Op welke manier wil de gemeente ervoor zorgen dat bewoners voortaan vroegtijdig worden geïnformeerd over veranderingen in milieucategorieën of nieuwe bestemmingsplannen? Antwoord: Het omgevingsplan (voorheen: bestemmingsplan) bevat de juridisch planologische regeling voor een gebied. Als er een initiatief komt dat daarmee in strijd is, dan kan er een procedure gevolgd worden gericht op het mogelijk maken van dat initiatief. Dat kan via een wijziging van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning ter afwijking van het omgevingsplan (afgekort: BOPA, buitenplanse omgevingsplanactiviteit). Hieronder staat voor de volledigheid de procedure beschreven inclusief participatie: 1.
wijziging van een omgevingsplan
De gemeente organiseert participatie over de voorgenomen wijziging. De procedure daarna: het ontwerp van de wijziging ligt zes weken ter inzage; iedereen kan dan een zienswijze indienen, de gemeenteraad stelt de wijziging vast en beslist over de zienswijzen; daarna kan een belanghebbende beroep bij de Raad van State instellen. 2.
BOPA (omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit)
Participatie door de initiatiefnemer is verplicht indien door de raad aangewezen (raadsbesluit d.d. 22 september 2022: het bouwen van een bedrijf – glastuinbouw uitgezonderd – gesitueerd buiten een bedrijventerrein). Zie ook: https://www.lansingerland.nl/politiek-enorganisatie/betrek-de-buurt-burgerparticipatie-in-lansingerland/ De procedure daarna: in principe geldt de reguliere procedure, dit houdt in dat de gemeente binnen 8 weken een besluit neemt over de aanvraag. Tegen het besluit kunnen belanghebbenden bezwaar en beroep bij de rechtbank en een hoger beroep bij de Raad van State instellen. De gemeente kan echter de uitgebreide procedure van toepassing verklaren (artikel 16.65 lid 4 Omgevingswet). Dan gaat, net als de wijziging van het omgevingsplan, het ontwerp van de BOPA ter inzage met de mogelijkheid voor een ieder om een zienswijze in te dienen. Daarna kan een belanghebbende beroep instellen bij de rechtbank en een hoger beroep bij de Raad van State.
Vragen vanuit de gesprekstafels M13 Waarom moet er een bedrijventerrein komen op de Molenweg? Antwoord: Zie Q&A vraag 1 en 2
9
M14 Wat gaan we doen aan de mobiliteitsproblemen op de Molenweg? Antwoord: Er zijn op dit moment geen plannen voor aanpassingen van de Molenweg.
10