CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T25.04396] Was/Wordt-tabel Vierde Wijziging Verordening Sociaal Domein

Gemeenteraad 27 november 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vierde Wijziging van de Verordening Sociaal Domein 202317.788 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

of die de gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van jeugdreclassering. 3. De gemeente informeert huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen welke jeugdhulp bij welke aanbieder gecontracteerd is dan wel waar deze informatie beschikbaar is. 4. Als de inwoner of zijn ouders na een verwijzing door huisarts, medisch specialist of jeugdarts kiezen voor een aanbieder van jeugdhulp die geen contract of subsidierelatie met de gemeente heeft en de gemeente soortgelijke jeugdhulp wel kan laten leveren door een jeugdhulpaanbieder waarmee de gemeente een contract of subsidierelatie heeft, geeft de gemeente geen toewijzing voor deze aanbieder af. De inwoner kan wel een Pgb aanvragen om de zorg op die manier te vergoeden. 5. De verwijzing van een huisarts, medisch specialist of jeugdarts is 1 jaar geldig. Verlenging van de toewijzing is onder voorwaarden eenmaal mogelijk.

Artikel 5.2.2

Artikel 5.2.2 Veiligheidseisen jeugdhulp 1. Voor de veiligheid van de inwoner dienen jeugdhulpverleners te voldoen aan de voor de functie vereiste deskundigheid, vaardigheden en wettelijke eisen. Zij dienen te beschikken over een gelet op de hulpvraag adequate zorgopleiding en een recente VOG. Ook dient men als professional verzekerd te zijn tegen beroeps- en/of bedrijfsaansprakelijkheid en te beschikken over een SKJ-registratie of BIGregistratie. 2. De gemeente werkt de in het eerste lid bedoelde eisen verder uit in haar beleid en in de contracten met leveranciers.

Artikel 5.2.2 Veiligheidseisen jeugdhulp 1. Voor de veiligheid van de inwoner dienen jeugdhulpverleners te voldoen aan de voor de functie vereiste deskundigheid, vaardigheden en wettelijke eisen. Zij dienen te beschikken over een gelet op de hulpvraag adequate zorgopleiding en een recente VOG (niet ouder dan 3 maanden). Ook dient men als professional verzekerd te zijn tegen beroepsen/of bedrijfsaansprakelijkheid en te beschikken over een SKJ-registratie of BIGregistratie. 2. De gemeente werkt de in het eerste lid bedoelde eisen verder uit in haar beleid en in de contracten met leveranciers.

Artikel 5.3.1

Artikel 5.3.1 Vormen van jeugdhulp 1. De volgende algemene voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. preventieve diensten ten behoeve van opgroeien en opvoeden, zoals: 1) informatie, advies en training 2) jeugdgezondheidszorg

Artikel 5.3.1 Vormen van jeugdhulp 1. De volgende vrij toegankelijke voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. preventieve diensten ten behoeve van opgroeien en opvoeden, zoals: 1) informatie, advies en training 23/44

Artikel 5.3.3

3) opvoedondersteuning b. lichte ambulante jeugd- en opvoedhulp 2. De volgende individuele voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. GGZ Basis b. Diagnose en behandeling ernstig dyslexie c. Begeleiding Ambulant d. Behandeling Groep e. Behandeling Individueel f. Dagbesteding g. Kortdurend Verblijf h. Vervoer i. Pleegzorg j. Opname k. Gesloten Jeugdhulp l. Opname met behandeling m. Gedwongen opname n. Langdurig verblijf Gezinshuis o. Langdurig Verblijf Training Zelfstandig Wonen p. Langdurig verblijf Open Residentieel q. Steun, hulp of behandeling r. Ambulante hulpverlening in thuissituatie s. Crisishulp t. Laag frequente medicatie controle u. Onderwijszorgarrangement

2) jeugdgezondheidszorg 3) opvoedondersteuning b. lichte ambulante jeugd- en opvoedhulp 2. De volgende individuele voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. GGZ Basis b. Diagnose en behandeling ernstige dyslexie c. Begeleiding Ambulant d. Behandeling Groep e. Behandeling Individueel f. Dagbesteding g. Medicatie controle h. Onderwijszorgarrangement i. Jeugdhulpvervoer j. Kortdurend Verblijf k. Pleegzorg l. Langdurig verblijf m. Opname (met behandeling) n. Gedwongen opname (met behandeling) o. Jeugdzorgplus (gesloten jeugdhulp) p. Crisishulp 3. De gemeente verschaft informatie over jeugdhulp en het aanbod via de website van gemeente Lansingerland.

Artikel 5.3.3 Uitgangspunten individuele voorzieningen 1. De gemeente verleent een individuele voorziening binnen een arrangement van één of meerdere van de volgende resultaatgebieden: a. ondersteunen van het sociaal en persoonlijk functioneren; b. herstel, vermindering, stabilisatie stoornis bij de inwoner; c. opvoeding, versterken mogelijkheden ouders. 2. De gemeente zet de volgende ondersteuningselementen in wanneer deze aanvullend nodig zijn om de in het eerste lid genoemde resultaten te bereiken: a. vervangende opvoeding; b. dagbehandeling of dagbesteding;

Artikel 5.3.3 Uitgangspunten individuele voorzieningen 1. De gemeente verleent een individuele voorziening gericht op één of meerdere van de volgende resultaatgebieden: a. ondersteunen van het sociaal en persoonlijk functioneren; b. herstel, vermindering, stabilisatie stoornis bij de inwoner; c. opvoeding, versterken mogelijkheden ouders. 2. De gemeente zet de volgende vormen van ondersteuning in wanneer deze aanvullend nodig zijn om de in het eerste lid genoemde resultaten te bereiken: a. vervangende opvoeding; b. dagbehandeling of dagbesteding;

24/44

Artikel 5.3.8

3. De gemeente kan daarnaast zorgdragen voor een individuele voorziening in de vorm van een vervoersvoorziening voor het vervoer van een inwoner van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden, indien deze voorziening noodzakelijk is in verband met een medische noodzaak of beperkingen in de zelfredzaamheid. 4. De gemeente stelt de omvang van de voorziening, bedoeld in het eerste lid, en de ondersteuningselementen, bedoeld in het tweede lid, vast in de intensiteitstreden “beperkt”, “midden” of “intensief”, dan wel een combinatie daarvan, afhankelijk van de omvang van de ondersteunings-behoefte en de zorgzwaarte van de inwoner. 5. De voorzieningen die worden verstrekt dienen veilig te zijn voor de inwoner en zijn omgeving en mogen de gezonde ontwikkeling niet belemmeren. Zij zijn afgestemd op de individuele, reële behoefte van de inwoner en de eventuele andere voorzieningen waarover de inwoner beschikt of kan beschikken. 6. De voorziening wordt verstrekt voor de periode die nodig is om het gewenste resultaat te bereiken en voor zolang de inwoner valt onder de doelgroep van de Jeugdwet. 7.

Na afloop van de indicatie kan voor de hulpvormen uit artikel 5.3.1, tweede lid, onder c, d en e waar het lokaal ingekochte jeugdhulp betreft een waakvlamconstructie worden ingezet zodat de jeugdige en/of het gezinssysteem kortdurend nog een beroep kan doen op eerder geboden hulpverlening ter borging van het aangeleerde. Een waakvlamconstructie bestaat uit een maximale inzet van 12 uur gedurende 1 jaar.

3. De voorzieningen die worden verstrekt dienen veilig te zijn voor de inwoner en zijn omgeving en mogen de gezonde ontwikkeling niet belemmeren. Zij zijn afgestemd op de individuele, reële behoefte van de inwoner en de eventuele andere voorzieningen waarover de inwoner beschikt of kan beschikken. 4. De voorziening wordt verstrekt voor de periode die nodig is om het afgesproken resultaat te bereiken en voor zolang de inwoner valt onder de doelgroep van de Jeugdwet. 5. Na afloop van de indicatie kan voor de hulpvormen uit artikel 5.3.1, tweede lid, onder c, d en e waar het lokaal ingekochte jeugdhulp betreft een waakvlamconstructie worden ingezet zodat de jeugdige en/of het gezinssysteem kortdurend nog een beroep kan doen op eerder geboden hulpverlening ter borging van het aangeleerde. Een waakvlamconstructie bestaat uit een maximale inzet van 12 uur gedurende 1 jaar.

Artikel 5.3.8 Aanvullende criteria voor het ondersteuningselement vervangende opvoeding jeugdige In aanvulling op de in artikel 5.3.7 genoemde criteria geldt dat vervangende opvoeding alleen kan worden ingezet als gedurende een behandelingssituatie hulp vanwege een of

Artikel 5.3.8 Aanvullende criteria voor vervangende opvoeding jeugdige In aanvulling op de in artikel 5.3.7 genoemde criteria geldt dat vervangende opvoeding alleen kan worden ingezet als gedurende een behandelingssituatie hulp vanwege een of

25/44

meerdere van de volgende omstandigheden niet in de thuissituatie kan worden geboden: a. de opvoedsituatie is niet veilig genoeg voor de inwoner; b. de inwoner vormt een gevaar voor zichzelf of de omgeving, welk gevaar niet door de opvoeders, al dan niet in combinatie met ambulante hulp, kan worden weggenomen; c. de noodzakelijke hulp aan de inwoner kan niet in afdoende mate door de opvoeders of ambulante hulp worden geboden; en/of d. vervangende opvoeding levert betere en effectievere hulp aan de inwoner op.

meerdere van de volgende omstandigheden niet in de thuissituatie kan worden geboden: a. de opvoedsituatie is niet veilig genoeg voor de inwoner; b. de inwoner vormt een gevaar voor zichzelf of de omgeving, welk gevaar niet door de opvoeders, al dan niet in combinatie met ambulante hulp, kan worden weggenomen; c. de noodzakelijke hulp aan de inwoner kan niet in afdoende mate door de opvoeders of ambulante hulp worden geboden.

Artikel 5.3.9

Artikel 5.3.9 Aanvullende criteria voor het ondersteuningselement dagbehandeling of dagbesteding In aanvulling op de in artikel 5.3.7 genoemde criteria geldt dat ondersteunende dagbehandeling of dagbesteding alleen kan worden ingezet als een of meerdere van de volgende omstandigheden aan de orde zijn: a. vanwege een beperking of stoornis is het voor de inwoner niet mogelijk om, al dan niet tijdelijk, deel te nemen aan onderwijs; b. de inwoner heeft een stoornis of beperking die met dagbehandeling effectief te behandelen is; c. de inwoner is gebaat bij het aanleren van vaardigheden in het kader van sociaal en persoonlijk functioneren, waaronder het verkrijgen van een dagstructuur.

Artikel 5.3.9 Aanvullende criteria voor dagbehandeling of dagbesteding In aanvulling op de in artikel 5.3.7 genoemde criteria geldt dat ondersteunende dagbehandeling of dagbesteding alleen kan worden ingezet als een of meerdere van de volgende omstandigheden aan de orde zijn: a. vanwege een beperking of stoornis is het voor de inwoner niet mogelijk om, al dan niet tijdelijk, deel te nemen aan onderwijs; b. de inwoner heeft een stoornis of beperking die met dagbehandeling effectief te behandelen is; c. de inwoner is gebaat bij het aanleren van vaardigheden in het kader van sociaal en persoonlijk functioneren, waaronder het verkrijgen van een dagstructuur.

Artikel 5.3.11

Artikel 5.3.11 Aanvullende criteria individuele voorziening dierentherapie 1. In aanvulling op de criteria in artikel 5.3.7 wordt individuele voorziening in de vorm van dieren-therapie alleen verstrekt als: a. De dierentherapie wordt uitgevoerd in combinatie met een behandeling of begeleiding; en b. De uitvoerende hulpverlener BIG- of SKJgeregistreerd is; en c. De aanbieder beschikt over een keurmerk; en

Artikel 5.3.11 Aanvullende criteria individuele voorziening dierentherapie 1. In aanvulling op de criteria in artikel 5.3.7 wordt individuele voorziening in de vorm van dieren-therapie alleen verstrekt als: a. De dierentherapie wordt uitgevoerd als onderdeel van een concreet hulpverleningstraject met afgesproken resultaten; en b. De uitvoerende hulpverlener BIG- of SKJgeregistreerd is; en c. De aanbieder beschikt over een keurmerk. 26/44

d. De inzet van dieren is onderbouwd in een resultaatgericht hulpverleningsplan. 2. De gemeente hanteert voor dierentherapie hetzelfde tarief als het tarief dat voor de passende begeleiding zonder de ondersteunende inzet van een dier zou gelden. Artikel 5.3.16 (nieuw)

2.

De gemeente hanteert voor dierentherapie maximaal hetzelfde tarief als het tarief dat voor de passende begeleiding zonder de ondersteunende inzet van een dier zou gelden.

Artikel 5.3.16 Vervoer 1. De ouder(s) van de jeugdige zijn in beginsel zelf verantwoordelijk voor het (regelen van) vervoer van de jeugdige naar en van de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden. Dit kan met de fiets, het openbaar vervoer, de auto of een ander voertuig. 2. Van de ouder(s) wordt verwacht dat zij hiervoor hun werktijden of andere zaken rondom het gezinssysteem aanpassen. Bij de beoordeling van de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouder(s), neemt de gemeente de draagkracht en belastbaarheid van de ouder(s) in overweging mee. Daarnaast kijkt de gemeente naar de mogelijkheden en bereidheid van personen uit het sociaal netwerk om de jeugdige te vervoeren of te begeleiden. 3. De gemeente kan een vervoersvoorziening alleen onder de volgende voorwaarden verstrekken: a. de jeugdige heeft een indicatie voor jeugdhulp voor minimaal twee contactmomenten per week voor een periode van minimaal een maand; en b. de afstand tot de locatie waar jeugdhulp wordt geboden is groter dan 6 km vanaf het woonadres waarop de jeugdige in de Basisregistratie Personen (BRP) staat ingeschreven; en c. het vervoer vindt alleen plaats tussen het woonadres waarop de jeugdige in het BRP staat ingeschreven of de locatie waar de jeugdige onderwijs geniet en de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden; en

27/44

d. er bestaat geen recht op leerlingenvervoer (voorliggende voorziening) voor (een deel van) het vervoer naar de locatie waar jeugdhulp wordt geboden; e. de jeugdige komt in aanmerking voor groepsvervoer als hij voldoet aan de voorwaarden onder a tot en met d en niet kan reizen met het openbaar vervoer, fiets of scooter, ook niet onder begeleiding van een volwassene en de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van zijn ouder(s) ontoereikend zijn om zelf voor het vervoer te zorgen of te laten zorgen. 4. De gemeente verstrekt het vervoer in de vorm van: a. een vergoeding voor het openbaar vervoer naar of van de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden, mits er openbaar vervoer beschikbaar is en de reistijd niet langer is dan 45 minuten enkele reis; b. een vergoeding voor eigen (gemotoriseerd) vervoer door een ouder of vrijwilliger naar of van de locatie waar jeugdhulp wordt geboden; c. aangepast (groeps)vervoer dat in natura wordt geboden. Een combinatie van de vormen onder a, b en c behoort tot de mogelijkheden, mits de ouder(s) onderbouwen waarom hiervoor wordt gekozen. 5. De hoogte van de vergoeding is: a. voor het openbaar vervoer als bedoeld in het vorige lid, onder a: gelijk aan de werkelijke kosten van openbaar vervoer per maand.

In overleg met de gemeente wordt binnen de mogelijkheden van de jeugdige de optimale route bepaald en vervolgens de minimale kosten voor deze route; b. voor eigen (gemotoriseerd) vervoer als bedoeld in het vorige lid, onder b: het bedrag per kilometer dat gelijk is 28/44

gesteld aan de door de rijksoverheid vastgestelde onbelaste reiskostenvergoeding (op grond van de kortste route volgens de ANWBrouteplanner). Artikel 5.4.1

Artikel 5.4.1 Verzoek 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor een pgb dient de inwoner of zijn ouders bij de aanvraag om een jeugdhulpvoorziening tevens een pgb plan en een recente VOG (niet ouder dan 3 maanden) van de directe hulpverlener(s), in te dienen. 2. Bij een verzoek tot formeel Pgb moet aanvullend op lid 1 een offerte van de jeugdhulpaanbieder, een kopie van het (zorg) diploma, bewijs van verzekering tegen beroeps- en/of bedrijfsaansprakelijkheid van de zorgverlener, een uitdraai uit het handelsregister van de zorgverlener en een SKJ- of BIG registratie worden ingediend. 3. Op het moment dat de aanvraag gaat over het verlengen van een bestaande indicatie dan dient bij het verzoek ook het bijgehouden zorgplan te worden ingediend, inclusief een overzicht van welke doelen wel en niet behaald zijn en een toelichting daarop. 4. Om in aanmerking te kunnen komen voor een Pgb voor dyslexiezorg dient het protocol voor dyslexie op correcte wijze te zijn gevolgd.

Artikel 5.4.1 Verzoek 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor een pgb als financieringsvorm dient de inwoner of zijn ouders bij de aanvraag om een jeugdhulpvoorziening tevens een pgb plan (als bedoeld in artikel 5.4.2) en een recente VOG (niet ouder dan 3 maanden) van de directe hulpverlener(s), in te dienen. 2. Bij een verzoek tot formeel Pgb moet aanvullend op lid 1 een offerte van de jeugdhulpaanbieder, een kopie van het (zorg) diploma, bewijs van verzekering tegen beroeps- en/of bedrijfsaansprakelijkheid van de zorgverlener, een uitdraai uit het handelsregister van de zorgverlener en een SKJ- of BIG registratie worden ingediend. 3. Op het moment dat de aanvraag gaat over het verlengen van een bestaande indicatie dan dient bij het verzoek ook het bijgehouden zorgplan te worden ingediend, inclusief een overzicht van welke doelen wel en niet behaald zijn en een toelichting daarop. 4. Om in aanmerking te kunnen komen voor een Pgb voor dyslexiezorg dient het protocol voor dyslexie op correcte wijze te zijn gevolgd.

Artikel 5.4.2

Artikel 5.4.2 Pgb plan 1. Om voor een pgb in aanmerking te komen dient de inwoner of zijn ouders in een pgbplan toe te lichten dat een individuele jeugdhulpvoorziening in de vorm van een pgb aantoonbaar tot een goede, doelmatige en effectieve hulp leidt die beter is dan wat de gemeente door middel van zorg in natura kan bieden. De inwoner maakt hiermee een bewuste keuze voor het pgb. 2. Het pgb plan bevat in elk geval de volgende punten:

Artikel 5.4.2 Pgb plan 1. Om voor een pgb in aanmerking te komen dient de inwoner of zijn ouders in een pgbplan toe te lichten dat een individuele jeugdhulpvoorziening in de vorm van een pgb aantoonbaar tot een goede, doelmatige en effectieve hulp leidt die beter is dan wat de gemeente door middel van zorg in natura kan bieden. De inwoner maakt hiermee een bewuste keuze voor het pgb. 2. Het pgb plan bevat in elk geval de volgende punten:

29/44

a.

Artikel 5.4.3

de reden waarom de inwoner of zijn ouders het zorg in natura aanbod van de gemeente niet passend vindt en hij in aanmerking wil komen voor een pgb; b. een beschrijving van de hulp of voorziening die de inwoner of zijn ouders in wil kopen; c. de naam van de beoogde hulpverlener of aanbieder; d. een toelichting op de keuze voor deze aanbieder en/of hulpverlener; e. de kosten die de leverancier/hulpverlener in rekening brengt, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief; f. de wijze waarop de inwoner of zijn ouders, conform het model van de SVB, een contract aangaat met de Pgbaanbieder; g. de wijze waarop de kwaliteit van de hulp is gewaarborgd; h. de wijze waarop de hulpverlener wordt aangestuurd in de praktijk; i. de wijze waarop de hulp wordt gecontroleerd; j. de wijze waarop een juiste administratie wordt bijgehouden; k. hoe omgegaan wordt met geconstateerde onjuistheden; en l. hoe de continuïteit van de jeugdhulp is gewaarborgd op het moment dat er zich een calamiteit voordoet. 3. In aanvulling op het tweede lid bevat het pgb plan in elk geval de volgende punten indien aanspraak wordt gemaakt op het formele pgbtarief voor de inhuur van een professional: a. Een uitdraai uit het handelsregister van de leverancier; en b. Bewijs van verzekering tegen beroepsen/of bedrijfsaansprakelijkheid van de leverancier.

a.

de reden waarom de inwoner of zijn ouders het zorg in natura aanbod van de gemeente niet passend vindt en hij in aanmerking wil komen voor een pgb; b. een beschrijving van de hulp of voorziening die de inwoner of zijn ouders in wil kopen; c. de naam van de beoogde hulpverlener of aanbieder; d. een toelichting op de keuze voor deze aanbieder en/of hulpverlener; e. de kosten die de aanbieder/hulpverlener in rekening brengt, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief; f. de wijze waarop de inwoner of zijn ouders, conform het model van de SVB, een contract aangaat met de Pgbaanbieder; g. de wijze waarop de kwaliteit van de hulp is gewaarborgd; h. de wijze waarop de hulpverlener wordt aangestuurd in de praktijk; i. de wijze waarop de hulp wordt gecontroleerd; j. de wijze waarop een juiste administratie wordt bijgehouden; k. hoe omgegaan wordt met geconstateerde onjuistheden; en l. hoe de continuïteit van de jeugdhulp is gewaarborgd op het moment dat er zich een calamiteit voordoet. 3. In aanvulling op het tweede lid bevat het pgb plan in elk geval de volgende punten indien aanspraak wordt gemaakt op het formele pgbtarief voor de inhuur van een professional: a. Een uitdraai uit het handelsregister van de aanbieder; en b. Bewijs van verzekering tegen beroepsen/of bedrijfsaansprakelijkheid van de aanbieder.

Artikel 5.4.3 Beheer 1. Om in aanmerking te komen voor een Pgb dient de inwoner of zijn ouder(s) in staat te

Artikel 5.4.3 Beheer 1. Om in aanmerking te komen voor een Pgb dient de inwoner of zijn ouder(s) in staat te

30/44

zijn de taken als budgethouder op zich te nemen. Dit betekent dat hij: a. In staat is aan te geven welke hulp hij nodig heeft aan de hulpverlener/leverancier; b. Geen problematische schulden heeft; c. Geen ernstige verslavingsproblematiek heeft; d. Geen aanmerkelijke verstandelijke beperking, een ernstig psychiatrisch ziektebeeld of een blijvende cognitieve stoornis heeft; e. Geen aangetoonde fraude heeft gepleegd in de afgelopen vier jaar; en f. De Nederlandse taal in woord en geschrift voldoende beheerst. 2. Indien de inwoner of zijn ouders niet over de in het eerste lid genoemde vaardigheden beschikt dan kan iemand uit het netwerk van de inwoner het beheer van het pgb op zich nemen. Dit kan een wettelijk vertegenwoordiger of gemachtigde zijn. In aanvulling op de in het eerste lid genoemde voorwaarden dient deze persoon: a. Een recente VOG te overleggen; b. Regelmatig een bezoek aan de inwoner te brengen en zo de ondersteuning ter plekke te controleren (er moet sprake zijn van voldoende nabijheid in de vorm van fysieke aanwezigheid en tijd); c. In staat te zijn tot communicatie met de inwoner en zijn ouders; en d. Niet dezelfde persoon te zijn als de beoogde hulpverlener en geen nauwe band hebben met de beoogd hulpverlener waardoor er een belangenconflict zou kunnen optreden. 3.

Een inwoner of zijn ouders krijgt maximaal twee keer de mogelijkheid om iemand uit zijn netwerk als bedoeld in het tweede lid aan te dragen. Indien geen geschikte derde wordt aangedragen, zal de aanvraag voor ondersteuning in de vorm van een Pgb worden afgewezen.

zijn de taken als budgethouder op zich te nemen. Dit betekent dat hij: a. In staat is aan te geven welke hulp hij nodig heeft van de hulpverlener/aanbieder; b. Geen problematische schulden heeft; c. Geen ernstige verslavingsproblematiek heeft; d. Geen aanmerkelijke verstandelijke beperking, een ernstig psychiatrisch ziektebeeld of een blijvende cognitieve stoornis heeft; e. Geen aangetoonde fraude heeft gepleegd in de afgelopen vier jaar; en f. De Nederlandse taal in woord en geschrift voldoende beheerst; g. Niet dezelfde persoon mag zijn als de beoogde hulpverlener. 2. Indien de inwoner of zijn ouders niet over de in het eerste lid genoemde vaardigheden beschikt dan kan iemand uit het netwerk van de inwoner het beheer van het pgb op zich nemen. Dit kan een wettelijk vertegenwoordiger of gemachtigde zijn. In aanvulling op de in het eerste lid genoemde voorwaarden dient deze persoon: a. Een recente VOG (niet ouder dan 3 maanden) te overleggen; b. Regelmatig een bezoek aan de inwoner te brengen en zo de ondersteuning ter plekke te controleren (er moet sprake zijn van voldoende nabijheid in de vorm van fysieke aanwezigheid en tijd); c. In staat te zijn tot communicatie met de inwoner en zijn ouders; en d. Niet dezelfde persoon te zijn als de beoogde hulpverlener en geen nauwe band hebben met de formele beoogd hulpverlener waardoor er een belangenconflict zou kunnen optreden. 3.

Een inwoner of zijn ouders krijgt maximaal twee keer de mogelijkheid om iemand uit zijn netwerk als bedoeld in het tweede lid aan te dragen. Indien geen geschikte derde wordt aangedragen,

31/44

zal de aanvraag voor ondersteuning in de vorm van een Pgb worden afgewezen. Artikel 5.4.5

Artikel 5.4.5 Niet in het tarief 1. De gemeente verstrekt geen Pgb voor bemiddelings- of administratiekosten of een combinatie hiervan, in verband met de aanvraag of uitvoering van het Pgb, of een combinatie hiervan, al dan niet in combinatie met de kosten van de Pgb-beheerder. 2. Het Pgb bevat geen vrij besteedbaar deel.

Artikel 5.4.5 Niet in het tarief 1. Het pgb is uitsluitend bedoeld voor de inkoop van jeugdhulp. De gemeente verstrekt dan ook De gemeente verstrekt geen Pgb voor bemiddelings- of administratiekosten of een combinatie hiervan, in verband met de aanvraag of uitvoering van het Pgb, of een combinatie hiervan, al dan niet in combinatie met de kosten van de Pgb-beheerder. 2. Het Pgb bevat geen vrij besteedbaar deel en mag dan ook niet worden besteed aan:  Reiskosten van zowel zorgverlener als jeugdige of ouder  Feestdagenuitkeringen  Een vrij besteedbaar bedrag/vrijwilligersvergoeding.

Artikel 5.4.6

Artikel 5.4.6 Gebruik pgb 1. Een Pgb moet door de inwoner of zijn ouders binnen drie maanden na toekenning worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt, tenzij hier in de beschikking een andere termijn voor wordt vastgesteld. 2. Het is niet toegestaan om minder uren zorg in te kopen omdat de hulpverlener een hoger uurtarief hanteert.

Artikel 5.4.6 Gebruik pgb 1. Een Pgb moet door de inwoner of zijn ouders binnen drie maanden na toekenning worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt, tenzij hier in de beschikking een andere termijn voor wordt vastgesteld. 2. Het is niet toegestaan om minder uren zorg in te kopen omdat de hulpverlener een hoger uurtarief hanteert. 3. Het recht op pgb eindigt wanneer:  De budgethouder verhuist naar een andere gemeente.  De budgethouder overlijdt.  Als de indicatieperiode of geldigheidsduur is verstreken.  Als de budgethouder aangeeft dat zijn situatie is veranderd en (de gemeente) vaststelt dat de voorziening niet meer voldoet.  De budgethouder geen verantwoording aflegt.  De budgethouder zijn pgb laat omzetten in Zorg in Natura.

32/44

Artikel 5.4.7

Artikel 5.4.7 Zorgplan 1. Een inwoner of zijn ouders die er voor kiest om een jeugdhulpvoorziening in de vorm van een dienst door middel van een Pgb te verzilveren moet binnen drie maanden na toekenning een zorgplan inleveren dat hij samen met de ondersteuningsverlener heeft opgesteld. De inwoner of zijn ouders en zijn hulpverlener tonen hiermee aan dat de ondersteuning veilig en cliëntgericht wordt verstrekt. 2. Het zorgplan bevat in elk geval de volgende punten: a. welke leverancier de hulp gaat verlenen; b. wie de directe hulpverlener(s) is; c. wat de deskundigheid is van de directe hulpverlener(s); d. [Vervallen]; e. [Vervallen]; f. welke doelen behaald moeten worden; g. welke concrete acties ingezet worden om de gestelde doelen te bereiken; h. de prognose; i. waar en wanneer de ondersteuning gaat plaatsvinden. 3. De inwoner en de ondersteuningsverlener zorgen voor een periodieke evaluatie van het zorgplan en zorgen dat het plan, door het bijhouden en vastleggen van wijzigingen, actueel blijft.

Artikel 5.4.7 Zorgplan 1. Een inwoner of zijn ouders die er voor kiest om een jeugdhulpvoorziening in de vorm van een dienst door middel van een Pgb te verzilveren moet binnen drie maanden na toekenning een zorgplan inleveren dat hij samen met de hulpverlener heeft opgesteld. De inwoner of zijn ouders en zijn hulpverlener tonen hiermee aan dat de ondersteuning veilig en cliëntgericht wordt verstrekt. 2. Het zorgplan bevat in elk geval de volgende punten: j. welke leverancier de hulp gaat verlenen; k. wie de directe hulpverlener(s) is; l. wat de deskundigheid is van de directe hulpverlener(s); m. [Vervallen]; n. [Vervallen]; o. welke doelen behaald moeten worden; p. welke concrete acties ingezet worden om de gestelde doelen te bereiken; q. de prognose; r. waar en wanneer de ondersteuning gaat plaatsvinden. 3. De inwoner en de hulpverlener zorgen voor een periodieke evaluatie van het zorgplan en zorgen dat het plan, door het bijhouden en vastleggen van wijzigingen, actueel blijft. 4. De gemeente kan de toekenning van het pgb herzien dan wel intrekken, wanneer het zorgplan niet binnen drie maanden is ingediend of het niet de punten als bedoeld in het tweede lid bevat.

Artikel 5.4.8

Artikel 5.4.8 Weigering pgb 1. De gemeente wijst het verzoek om een pgb af als: a. De hulp die de inwoner of zijn ouders met het Pgb wenst in te kopen naar het oordeel van de gemeente niet van voldoende kwaliteit is en dus veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht is. De kwaliteit van de ondersteuning wordt getoetst door middel van het zorgplan. Daarnaast dient de uitvoerder van de hulp te beschikken over een

Artikel 5.4.8 Weigering pgb 1. De gemeente wijst het verzoek om een pgb af als: a. De hulp die de inwoner of zijn ouders met het Pgb wenst in te kopen naar het oordeel van de gemeente niet van voldoende kwaliteit is en dus niet veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht is. Daarnaast dient de uitvoerder van de hulp te beschikken over een recente VOG en om in aanmerking te komen voor het professionele tarief ook over een 33/44

recente VOG en om in aanmerking te komen voor het professionele tarief ook over een adequate zorgopleiding en een SKJ of BIG registratie; b. Niet in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het in het ondersteuningsplan opgenomen beoogde resultaat; c. Het om behandeling gaat en de inwoner of zijn ouders een hulpverlener uit het eigen sociale netwerk in willen zetten; d. Het beheer niet voldoende is geborgd; e. Er druk is uitgeoefend om de dienstverlening, in welke vorm dan ook, van deze persoon of organisatie te betrekken. 2. Een Pgb is alleen mogelijk indien naar het oordeel van de gemeente wordt voldaan aan alle voorwaarden om in aanmerking te komen voor een Pgb. Het niet voldoen aan de voorwaarden heeft tot gevolg dat de gemeente de aanvraag van de cliënt voor ondersteuning in de vorm van een Pgb afwijst. 3. In afwijking van het tweede lid kan de gemeente in een individuele situatie gemotiveerd afwijken van de eis dat de professionele hulpverlener over SKJ of BIG registratie moet beschikken.

Artikel 5.4.9

Artikel 5.4.9 Opschorting betaling uit het pgb 1. De gemeente kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken als er ten aanzien van een cliënt een ernstig vermoeden is gerezen dat sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid, onder a, d of e, van de Jeugdwet. 2. De gemeente stelt de inwoner of zijn ouders aan wie het pgb is verstrekt schriftelijk op de hoogte van een verzoek als bedoeld in het eerste of tweede lid.

2.

3.

recente VOG (niet ouder dan 3 maanden) en om in aanmerking te komen voor het professionele tarief ook over een adequate zorgopleiding en een SKJ of BIG registratie; b. Niet in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het in het ondersteuningsplan opgenomen beoogde resultaat; c. Het om behandeling gaat en de inwoner of zijn ouders een hulpverlener uit het eigen sociale netwerk in willen zetten; d. Het beheer niet voldoende is geborgd; e. Er druk is uitgeoefend om de dienstverlening, in welke vorm dan ook, van deze persoon of organisatie te betrekken. Een Pgb is alleen mogelijk indien naar het oordeel van de gemeente wordt voldaan aan alle voor-waarden om in aanmerking te komen voor een Pgb. Het niet voldoen aan de voorwaarden heeft tot gevolg dat de gemeente de aanvraag van de cliënt voor ondersteuning in de vorm van een Pgb afwijst. In afwijking van het tweede lid kan de gemeente in een individuele situatie gemotiveerd afwijken van de eis dat de professionele hulpverlener over SKJ of BIG registratie moet beschikken.

Artikel 5.4.9 Opschorting betaling uit het pgb 1. De gemeente kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken als er ten aanzien van een cliënt een ernstig vermoeden is gerezen dat sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid, onder a, d of e, van de Jeugdwet. 2. De gemeente stelt de inwoner of zijn ouders aan wie het pgb is verstrekt schriftelijk op de hoogte van een verzoek als bedoeld in het eerste lid.

34/44

Was-wordt-tabel Wijziging Hoofdstuk 6. Werk en re-integratie Toelichting In de ‘nieuwe tekst’ zijn de woorden en zinnen waaraan iets verandert, cursief gezet en vetgedrukt. Weglatingen in de ‘oude tekst’ zijn doorgehaald. Alle wijzigingen zijn geel gemarkeerd. Een toelichting op de wijzigingen staat achter in dit document.

Artikel 6.1.1

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 6.1.1 Begrippen In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, sub a, van de Participatiewet; b. grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen een half jaar; c. korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs mogelijk binnen een half jaar; d. interne werkbegeleiding: door een collega geboden dagelijkse werkbegeleiding op de werkvloer omdat de werknemer anders niet in staat is zijn werkzaamheden uit te voeren, en waarbij sprake is van meer dan de gebruikelijke begeleiding van een werknemer op een werkplek; e. jobcoaching: door een erkende deskundige geboden methodische ondersteuning aan personen met een arbeidsbeperking en aan werkgevers, gericht op het vinden en behouden van werk; f. overige voorzieningen: voorzieningen als bedoeld in artikel 8a, lid 2, onder f, van de wet; g. persoonlijke ondersteuning bij werk: ondersteuning als bedoeld in artikel 10, lid 1 en 3, van de wet en begeleiding op de werkplek als bedoeld in artikel 10da van de wet; h. praktijkroute: het proces om de persoon, behorend tot de doelgroep, toegang tot het doelgroepenregister te laten verkrijgen op basis van loonwaardevaststelling op de werkplek; i.

voorziening: door de gemeente noodzakelijk geachte voorziening, gericht op arbeidsinschakeling waaronder mede wordt begrepen

Artikel 6.1.1 Begrippen In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, sub a, van de Participatiewet; b. grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen een jaar; c. korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs binnen een jaar; d. interne werkbegeleiding: door een collega geboden dagelijkse werkbegeleiding op de werkvloer omdat de werknemer anders niet in staat is zijn werkzaamheden uit te voeren, en waarbij sprake is van meer dan de gebruikelijke begeleiding van een werknemer op een werkplek; e. jobcoaching: door een erkende deskundige geboden methodische ondersteuning aan personen met een arbeidsbeperking en aan werkgevers, gericht op het vinden en behouden van werk; f. overige voorzieningen: voorzieningen als bedoeld in artikel 8a, lid 2, onder f, van de wet; g. persoonlijke ondersteuning bij werk: ondersteuning als bedoeld in artikel 10, lid 1 en 3, van de wet en begeleiding op de werkplek als bedoeld in artikel 10da van de wet; h. praktijkroute: het proces om de persoon, behorend tot de doelgroep, toegang tot het doelgroepenregister te laten verkrijgen op basis van loonwaardevaststelling op de werkplek; i.

voorziening: door de gemeente noodzakelijk geachte voorziening, gericht op arbeidsinschakeling waaronder mede wordt begrepen 35/44

persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van opgedragen taken; j. werkgever: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst de bevoegdheid heeft om de arbeid van een werknemer gedurende een overeengekomen periode aan te wenden in zijn organisatie; k. werknemer: persoon die op basis van een arbeidsovereenkomst arbeid verricht bij de werkgever, daaronder begrepen een persoon als bedoeld in artikel 10d, lid 1 of 2, van de wet met wie de werkgever een dienstbetrekking is aangegaan, dan wel dit van plan is; l. wet: Participatiewet.

persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van opgedragen taken; j. werkgever: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst de bevoegdheid heeft om de arbeid van een werknemer gedurende een overeengekomen periode aan te wenden in zijn organisatie; k. werknemer: persoon die op basis van een arbeidsovereenkomst arbeid verricht bij de werkgever, daaronder begrepen een persoon als bedoeld in artikel 10d, lid 1 of 2, van de wet met wie de werkgever een dienstbetrekking is aangegaan, dan wel dit van plan is; l. wet: Participatiewet.

Artikel 6.2.2

Artikel 6.2.2 Sociale activering 1. De gemeente kan een persoon die behoort tot de doelgroep activiteiten aanbieden in het kader van sociale activering voor zover de mogelijkheid bestaat dat hij op enig moment algemeen geaccepteerde arbeid kan verkrijgen waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening. 2. De gemeente stemt de duur van de in het eerste lid bedoelde activiteiten af op de mogelijkheden en capaciteiten van die persoon. 3. De gemeente biedt de activiteiten uitsluitend aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt.

Artikel 6.2.2 Maatschappelijke participatie 1. De gemeente kan een persoon die behoort tot de doelgroep activiteiten aanbieden in het kader van maatschappelijke participatie voor zover de mogelijkheid bestaat dat hij op enig moment algemeen geaccepteerde arbeid kan verkrijgen waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening. 2. De gemeente stemt de duur van de in het eerste lid bedoelde activiteiten af op de mogelijkheden en capaciteiten van die persoon. 3. De gemeente biedt de activiteiten uitsluitend aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt.

Artikel 6.2.10

Artikel 6.2.10 Financiële ondersteuning 1. De gemeente kan in bijzondere situaties aan een bijstands- of uitkeringsgerechtigde een voorziening in de vorm van een gerichte tegemoetkoming in specifieke kosten in het kader van een re-integratietraject die praktische belemmeringen verwijderen verstrekken, indien aannemelijk is dat dit zal leiden tot duurzame uitstroom uit de uitkering. 2. Bij het al dan niet overgaan tot het verstrekken van deze voorziening wordt de

Artikel 6.2.10 Financiële ondersteuning 1. De gemeente kan in bijzondere situaties aan een bijstands- of uitkeringsgerechtigde een voorziening in de vorm van een gerichte tegemoetkoming in specifieke kosten in het kader van een re-integratietraject die praktische belemmeringen verwijderen verstrekken, indien aannemelijk is dat dit zal leiden tot duurzame uitstroom uit de uitkering. 2. Bij het al dan niet overgaan tot het verstrekken van deze voorziening wordt de 36/44

situatie van de persoon integraal bekeken, waarbij in elk geval de vaardigheden van de persoon, de getoonde motivatie van de persoon, de (eventuele) bijdrage van de persoon en/of zijn netwerk en de hoogte van de kosten worden betrokken.

situatie van de persoon integraal bekeken, waarbij in elk geval de vaardigheden van de persoon, de getoonde motivatie van de persoon, de (eventuele) bijdrage van de persoon en/of zijn netwerk en de hoogte van de kosten worden betrokken. 3. De tegemoetkoming, als bedoeld in het eerste lid, kan bestaan uit een incidentele vergoeding of een periodieke vergoeding. 4. De periodieke vergoeding kan voor de duur van maximaal zes maanden worden verstrekt. Indien dit naar het oordeel van de gemeente nodig is, kan deze periode worden verlengd.

37/44

Was-wordt-tabel Wijziging Hoofdstuk 7. Inkomen Toelichting In de ‘nieuwe tekst’ zijn de woorden en zinnen waaraan iets verandert, cursief gezet en vetgedrukt. Weglatingen in de ‘oude tekst’ zijn doorgehaald. Alle wijzigingen zijn geel gemarkeerd. Een toelichting op de wijzigingen staat achter in dit document.

Paragraaf 7.2

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Paragraaf 7.2 Studietoeslag Artikel 7.2.1 Indienen verzoek Een verzoek als bedoeld in artikel 36b, lid 1 Participatiewet, wordt ingediend op de manier zoals beschreven in artikel 2.3.1, lid 1.

Paragraaf 7.2 Vervallen

Artikel 7.2.2 Eenmaal per studiejaar individuele studietoeslag verlenen Een inwoner kan eenmaal per studiejaar in aanmerking komen voor een studietoeslag. Artikel 7.2.3 Hoogte studietoeslag De hoogte van de studietoeslag is afhankelijk van de leeftijd van de inwoner en komt overeen met het op dat moment geldende bedrag wat de rijksoverheid hanteert. Artikel 7.2.4 Betaling individuele studietoeslag De studietoeslag wordt maandelijks uitbetaald.

38/44

Artikelsgewijze toelichting HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1.1.2 Begrippen verordening We voegen een aantal nieuwe begrippen toe. HOOFDSTUK 2 TOEGANG Artikel 2.2.3 Onderzoek feiten en af te wegen belangen Redactionele aanpassingen. Artikel 2.4.3 Afwijking procedure Redactionele aanpassing. HOOFDSTUK 3 ADVIESRAAD SOCIAAL DOMEIN Artikel 3.1.2 Taken Op grond van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) stelt de gemeente bij verordening regels over cliëntenparticipatie vast met betrekking tot de inwoners met een Wsw-indicatie. Voor de gemeente Lansingerland is de Adviesraad Sociaal Domein de cliëntenraad. Voor de goede orde vermelden we Wsw hier ook in dit artikelen. Daarnaast hecht de gemeente waarde aan advisering van de ASD op het gebied van armoedebeleid, daar dit raakvlakken heeft met de andere sociaal domein-wetten. HOOFSTUK 4 MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING Artikel 4.1.4 Beschikking Lid 3, onder g: in principe betaalt iedere inwoner die gebruik maakt van een maatwerkvoorziening een eigen bijdrage. De verordening bepaalt in welke gevallen dat niet het geval is of wanneer een lagere eigen bijdrage moet worden betaald. Met een redactionele aanpassing maken we dan ook duidelijk dat een eigen bijdrage moet worden betaald. Artikel 4.2.1 Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning Redactionele aanpassing.

Artikel 4.2.2 Veiligheidseisen maatschappelijke ondersteuning Redactionele aanpassing Artikel 4.3.1 Beschikbare maatwerkvoorzieningen De Beleidsregels Sociaal Domein bevat dezelfde opsomming. Om dubbele artikelen te voorkomen voegen we enkele maatwerkvoorzieningen uit de beleidsregels aan dit artikel toe. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 4.3.3 Weigeringsgronden Lid 1, onder e: redactionele aanpassing ten behoeve van de leesbaarheid

39/44

Lid 2, onder b: enkele redactionele aanpassingen. We maken daarnaast duidelijk dat het bezoek of logeerverblijf minimaal 18 dagen per jaar is. Dit is geen nieuw beleid, dit komt namelijk uit de landelijke afspraken over het bezoekbaar maken en logeerbaar houden van de echtelijke woning en voeren we al uit. Artikel 4.4.1 Verzoek Redactionele aanpassing. Artikel 4.4.2 Pgb plan Redactionele aanpassingen. Artikel 4.4.3 Beheer Lid 1 bevat redactionele aanpassingen. We voegen in lid 2 opnieuw de voorwaarde toe dat de pgb-beheerder niet dezelfde persoon mag zijn als de beoogde ondersteuningsverlener. Voorheen stelden we ook de voorwaarde dat deze persoon ook geen nauwe band mocht hebben met de inwoner, maar die voorwaarde laten we los. In de praktijk zien we dat het pgbbeheer juist wordt uitgevoerd door een persoon uit het sociaal netwerk, maar die zelf niet de ondersteuningsverlener is. Artikel 4.4.4 Uitgangspunten vaststellen Pgb budget We voegen toe dat het pgb ook bedoeld is voor de reparatie en pechhulp van de maatwerkvoorziening. We maken daarnaast duidelijk dat het pgb ook bedoeld is voor een WA-verzekering. In het geval de inwoner de maatwerkvoorziening in natura zou afnemen, dan vallen reparatie en pechhulp ook onder het contract van de aanbieder. Vanwege de keuzevrijheid van de inwoner voor een pgb, willen we deze ‘voordelen’ ook kunnen bieden.

Artikel 4.4.5 Hoogte Pgb budget Lid 1: de Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft in augustus 2023 twee uitspraken gedaan die gevolgen hebben voor de hoogte van het Pgb-uurtarief waarmee een persoon uit het sociaal netwerk wordt ingehuurd (ECLI:NL:CRVB:2023:1394 en ECLI:NL:CRVB:2023:1580). Als gevolg van die uitspraken moet de gemeente in de verordening uitgaan van de volgende tarieven:  Onderdeel a begeleiding: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG 30) van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren.  Onderdeel b hulp bij huishouden: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao VVT (Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg), te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. Vanwege salarisverhogingen in de cao VVT per 1 januari 2025 passen wij bovengenoemde tarieven ook aan. Lid 2: redactionele aanpassing, net als in artikel 4.4.4. Lid 3 tot en met 6: met een redactionele aanpassing maken we duidelijk dat het bij deze voorzieningen niet om een kostendekkende pgb gaat, maar om een vergoeding in de kosten.

40/44

Lid 3: we passen een indexatie toe van 6,4% toe op de sportrolstoel of andere sportvoorziening Lid 4: we maken duidelijk dat een vergoeding in verband met verhuizing ook kan zien op stofferingskosten. Deze bepaling komt uit de Beleidsregels Sociaal Domein en hevelen we over naar de Verordening Sociaal Domein. Lid 7: redactionele aanpassing ten behoeve van de leesbaarheid. Artikel 4.4.6 Niet in het tarief De Beleidsregels Sociaal Domein bevat een soortgelijk artikel met een opsomming van elementen die niet onder het pgb vallen. Omdat artikel 4.4.6 van de Verordening en het artikel uit de Beleidsregels hetzelfde doel hebben, voegen we die in de Verordening samen. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 4.4.7 Gebruik pgb Lid 3: redactionele aanpassing ten behoeve van de leesbaarheid Artikel 4.4.8 Zorgplan In dit artikel is het zorgplan als voorwaarde voor het pgb uitgewerkt. We voegen hier, in aanvulling op artikel 2.3.10, eerste lid, onder d, Wmo 2015, in het nieuwe lid 4 toe dat de gemeente het pgb kan intrekken als niet aan de voorwaarden wordt voldaan. Dat wil zeggen dat het zorgplan niet de punten bevat zoals genoemd in lid 2 van dit artikel waardoor de veiligheid en kwaliteit van de ondersteuning niet beoordeeld kan worden.

De gemeente kan het pb intrekken dan wel herzien als tijdens evaluatiemomenten blijkt dat met de geleverde ondersteuning het resultaat niet behaald kan worden (artikel 2.3.10, eerste lid, onder c Wmo). Als de inwoner dat ook wenst, kan de gemeente kan in dat geval de ondersteuning eventueel laten voorzetten via zorg in natura. Artikel 4.4.9 Weigering pgb Redactionele aanpassing. Verder hoeft bij de aanvraag van het pgb nog geen zorgplan te worden ingediend. Dat hoeft pas binnen 3 maanden nadat het pgb is verstrekt (zie artikel 4.4.8). Artikel 4.4.10 Opschorting betaling uit het pgb Correctie verschrijving Artikel 4.6.1 Waardering mantelzorgers We bepalen de blijk van waardering na overleg met het steunpunt mantelzorg en werken dit niet verder uit in de beleidsregels. Het derde komt te vervallen. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 4.6.2 Ondersteuning mantelzorgers Tekstuele aanpassing HOOFDSTUK 5 JEUGDHULP Artikel 5.1.2 Onderzoek Tekstuele aanpassing. Artikel 5.2.2 Veiligheidseisen jeugdhulp Redactionele aanpassing. 41/44

Artikel 5.3.1 Vormen van jeugdhulp Vanwege overlap hebben we de opsomming opgeschoond en op een aantal punten verduidelijkt om wat voor soort voorziening het gaat. Verder maken we duidelijk het aanbod ook op onze website is te vinden. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 5.3.3 Uitgangspunten individuele voorzieningen

We schrappen het oude lid 3, dat namelijk gaat over vervoersvoorzieningen maar die werken wij verder uit in het nieuwe artikel 5.3.16. Het oude lid 4 gaat over de voorzieningen uit de GRJR (Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond) en hoort niet in dit artikel thuis en schrappen we die ook. De leden uit dit artikelen zijn vernummerd. De overige aanpassingen zijn tekstueel. Artikel 5.3.8 Aanvullende criteria voor vervangende opvoeding jeugdige Een tekstuele aanpassing in de opschrift. Verder schrappen we de laatste voorwaarde omdat we alleen vervangende opvoeding inzetten als het om veiligheidskwesties gaat en noodzakelijk is. Jeugdige horen bij hun gezin op te groeien en opvoeding buiten het gezin is daarmee niet beter, enkel in sommige situaties noodzakelijk. Artikel 5.3.9 Aanvullende criteria voor dagbehandeling of dagbesteding Tekstuele aanpassing. Artikel 5.3.11 Aanvullende criteria individuele voorziening dierentherapie We hebben de voorwaarden uit de onderdelen a en d samengevoegd tot één concretere voorwaarde. Daardoor komt onderdeel d te vervallen. We hanteren de voorwaarde dat dierentherapie enkel onderdeel kan zijn van een breder behandelplan met concrete resultaten. Dit doen we zodat de hulp effectief wordt ingezet. Daarnaast geven we meer duidelijkheid over het tarief dat voor dierentherapie hanteren.

Artikel 5.3.16 Vervoer Dit artikel komt uit de Beleidsregels Sociaal Domein en hevelen we over naar de Verordening. Daarnaast hebben we de voorwaarden voor jeugdhulpvervoer korter en duidelijker beschreven en aangescherpt. Op bepaalde punten gaat het om een versobering van het beleid. Het is bijvoorbeeld niet meer mogelijk om een jeugdige op te halen in een andere woonplaats dan Lansingerland. Het is namelijk de verantwoordelijkheid voor ouders om er voor te zorgen dat de jeugdige vanaf zijn woonadres of een adres in Lansingerland kan worden opgehaald. Artikel 5.4.1 Verzoek Redactionele aanpassingen. Artikel 5.4.2 Pgb plan Tekstuele aanpassingen. Artikel 5.4.3 Beheer Enkele redactionele aanpassingen. Verder passen we de voorwaarden aan: bij een informeel pgb waarbij de ouder(s) zelf de hulp biedt aan het kind, mag deze ouder in dat geval niet ook de pgb-beheerder zijn. Is er sprake van een formeel pgb waarbij de hulp door een professional wordt geboden én de ouders of de jeugdige wijzen iemand anders aan als pgb-houder, dan mag die persoon geen nauwe band hebben met de professionele hulpverlener om een belangenconflict te voorkomen. 42/44

Artikel 5.4.5 Niet in het tarief De Beleidsregels Sociaal Domein bevat een soortgelijk artikel met een opsomming van elementen die niet onder het pgb vallen. Omdat artikel 5.4.5 van de Verordening en het artikel uit de Beleidsregels van hetzelfde doel hebben, voegen we die hier samen. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 5.4.6 Gebruik pgb Het derde lid hevelen we over van de Beleidsregels Sociaal Domein naar de Verordening. Daarmee maken we in de verordening duidelijk in welke situaties het recht op pgb eindigt. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 5.4.7 Zorgplan Wanneer er niet aan de gestelde eisen wordt voldaan, bijvoorbeeld het niet tijdig indienen van het zorgplan of als deze niet de gestelde punten uit lid 2 bevat, kan de gemeente de toekenning van het pgb herzien dan wel intrekken. Artikel 5.4.8 Weigering pgb Redactionele aanpassing. Verder hoeft bij de aanvraag van het pgb nog geen zorgplan te worden ingediend. Dat hoeft pas binnen 3 maanden nadat het pgb is verstrekt (zie artikel 5.4.7). Artikel 5.4.9 Opschorting betaling uit het pgb Tekstuele aanpassing. HOOFDSTUK 6 WERK EN RE-INTEGRATIE Artikel 6.1.1 Begrippen Binnen de gemeente Lansingerland verandert de populatie snel en daarmee neemt ook de complexiteit toe. In de praktijk zien we dan ook geen kandidaten meer die binnen een half jaar te re-integreren of die jobready zijn.

Re-integratie vraagt dan ook om maatwerk. We kiezen er daarom voor om kandidaten met een korte en lange afstand tot de arbeidsmarkt niet meer te duiden met de periode waarin zij kunnen reintegreren. Artikel 6.2.2 Maatschappelijke participatie In de Participatiewet wordt de term ‘sociale activering’ vervangen door maatschappelijke participatie. Wij deze nemen dit over in de verordening. Het gaat hier om een redactionele aanpassing. Artikel 6.2.10 Financiële ondersteuning Ten behoeve van de uitvoerbaarheid maken we met het nieuwe lid 3 en 4 duidelijk welke tegemoetkoming de gemeente kan verstrekken. Bij een incidentele vergoeding kan gedacht worden aan de aanschaf van werkattributen, bijvoorbeeld werkschoenen. Bij een periodieke vergoeding zal het in de praktijk vaak om een reiskostenvergoeding gaan. Volgens lid 4 kan de gemeente die voor een maximale duur van in totaal 12 maanden verstrekken.

43/44

Hoofdstuk 7 Inkomen Paragraaf 7.2 Studietoeslag Per 1 april 2022 is de wettelijke plicht om de studietoeslag bij verordening te regelen vervallen (het oude artikel 8 lid 3 van de Participatiewet). We verplaatsen de paragraaf met bijbehorende artikelen per 1 januari 2026 daarom naar de Beleidsregels Sociaal Domein gemeente Lansingerland 2022, waar ook een aantal andere artikelen over de studietoeslag is geregeld. Het gaat hier om een redactionele aanpassing.

44/44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=165d2fd6-ceb8-4773-bc99-139ff6fe1b17