CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T25.04258] Memo Bevindingen Cebeon/Rijnconsult-onderzoek Sociaal Domein

Gemeenteraad 3 juli 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Perspectiefnota 20261.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Gemeente Lansingerland

Onderwerp

Memo Bevindingen Cebeon/Rijnconsult-onderzoek Sociaal Domein

Datum

24 juni 2025

Ons kenmerk

T25.04258

Ten behoeve van de behandeling van de Perspectiefnota 2026 gaat deze memo in op de bevindingen over het taakveld Jeugd uit het rapport van het Cebeon/Rijnconsult-onderzoek (2024). Tevens verwijzen we conform de toezegging naar informatie over de taakvelden Participatie en Maatschappelijke Ontwikkeling (Wmo). Dit onderzoek is uitgevoerd als onderdeel van het begrotingsproces 2025. Voor het onderzoek zijn begrotingscijfers over 2023 gebruikt. In dit memo gaan we in op de conclusies uit het rapport Het onderzoek richtte zich, op taakveldniveau, op: - een vergelijking met het gemeentefonds (saldo baten en lasten); - een benchmark met vier referentiegemeenten (Katwijk, Barneveld, Gooise Meren en PijnackerNootdorp). Voor het taakveld vatten we de onderzoeksbevindingen samen uit het eindrapport van Cebeon/Rijnconsult. Vervolgens gaan we in op de bevindingen en vragen uit het rapport. In de reactie geven we een appreciatie en aanvullende verklaringen. Tevens leest u in de reacties terug hoe we als gemeente op deze onderwerpen sturen: bijvoorbeeld via het maken van keuzes bij het vaststellen van nieuw beleid of het vaststellen van de Verordening sociaal domein. Rapporteren over bevindingen Cebeon/Rijnconsult (2024) bij de beleidsplannen Bij de behandeling van de beleidsplannen over het sociaal domein informeert het college telkens over de bevindingen uit het Cebeon/Rijnconsult-rapport.

Deze informatie is opgenomen in de raadsvoorstellen bij de beleidsplannen: - Beleidsplan Kansrijk opgroeien (BR2400111; vastgesteld op 20 februari 2025); - Beleidsplan Vitaal en waardig ouder worden (BR2400112; vastgesteld op 20 februari 2025); - Beleidsplan Grip op het leven (‘Beleidsplan volwassenen’; behandeling in raad voorzien na het zomerreces 2025). In deze memo bundelen we informatie uit het raadsvoorstel over taakveld Jeugd. Bij de stukken voor het beleidsplan Grip op het leven ontvangt u daarnaast de informatie die gaat over het taakveld Participatie. Deze stukken ontvangt u in juli 2025. De informatie over taakveld Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) ontving uw raad bij het beleidsplan Vitaal en waardig ouder worden. De informatie kunt u terugvinden in het raadsvoorstel met kenmerk BR2400112.

1/4

Taakveld Jeugdzorg Samenvatting onderzoeksbevindingen Jeugd  De netto lasten aan jeugdzorg zijn volgens Cebeon/Rijnconsult in Lansingerland circa 100 euro per inwoner hoger dan Lansingerland ontvangt uit het gemeentefonds en ligt boven het referentiegemiddelde. Dit betreft grotendeels jeugdhulp zonder verblijf, maar ook gesloten jeugdzorg en jeugdbescherming. Bij basisvoorzieningen (sociale basis) is juist sprake van relatief lage netto lasten. 

Het onderzoek biedt geen verdere kwantitatieve analyse van de hogere netto lasten. Lansingerland heeft een ander extern onderzoeksbureau (TransitiePartners) gevraagd een aanvullende analyse te doen op de bevindingen. Dit is een bureau dat het jeugdhulpdomein en onze regio goed kent. De aanvullende analyse is nog niet definitief afgerond. Bij tussentijdse bespreking van de analyse is geconstateerd dat meer kwantitatieve analyse geen nieuwe keuzes of kostenbesparingen in beeld brengt, die niet ook al onder de analyse van de opgave jeugdhulp lagen (Maatregelenpakket 2024). Cebeon is gebaseerd op cijfers van het CBS, daar wij zelf gebruikmaken van rechtstreekse data uit ons berichtenverkeer.

Met het maatregelenpakket van de opgave jeugdhulp werken we aan: - Contact met huisartsen geïntensiveerd en afspraken gemaakt over passende doorverwijzingen (minder dure specialistische zorg); - Uitvoering zowel kwantitatief (extra consulenten ter voorkoming van wachtlijst) als kwalitatief (gedragsdeskundigheid, casusregisseur) (tijdelijk) versterkt; - Analyse gemaakt op de duurste en meest intensieve cases en op basis daarvan werkproces verbeterd en aangepast; - Normaliseren verankert in verordening; - Opgave doorontwikkeling toegang (stevige lokale teams) gestart ter versterking en verduurzaming van onze uitvoering/toegang; - Netwerk van zorgpartners, voorveld en maatschappelijk middenveld geactiveerd en waar nodig aangevuld als basis voor de brede maatschappelijke dialoog; - Bestuurlijke tafel onderwijs ingericht ter realisatie van de Lokale Educatieve Agenda (LEA); - Conferentie in september 24 en september 25.

Zowel het aantal jongeren, als het deel van de jongeren dat een beroep doet op jeugdhulp, in Lansingerland is volgens het onderzoek vergelijkbaar met het referentiegemiddelde. Dit betekent volgens Cebeon/Rijnconsult dat de hogere netto lasten in Lansingerland worden verklaard door een hogere prijs zorg per cliënt.

De benchmark van Cebeon/Rijnconsult is op diverse parameters vergelijkbaar gemaakt, maar de aanvullende analyse wijst op parameters die een vergelijkende analyse compliceren (zoals bevolkingsdichtheid, oppervlakte, sociaal-economische status inwoners). Bijvoorbeeld: bij een relatief lage bevolkingsdichtheid, zoals bijvoorbeeld in Lansingerland het geval is, is het aannemelijk dat de kosten voor hetzelfde voorzieningenniveau hoger liggen, bijvoorbeeld door reistijd van professionals. Het rapport van Cebeon/Rijnconsult blijft een goed vertrekpunt om naar eerder gemaakte keuzes te kijken.

Zowel Cebeon/Rijnconsult als TransitiePartners (op basis van de tussentijdse bespreking) wijzen uiteindelijk naar dezelfde keuzes die gemeente Lansingerland kan maken. Het advies is om over te gaan van analyse naar actie. Het bevestigt dat we met het beleidsplan Kansrijk opgroeien, de opgave Jeugdhulp en de doorontwikkeling van de toegang sociaal domein de juiste keuzes in beeld brengen. Het 2/4

gaat dan onder meer om de regio (regie op kosten, arrangementenmodel), de zorgvraag in de samenleving (maatschappelijke dialoog over normalisering), de toegang (doortonwikkeling toegang sociaal domein en samenwerking huisartsen) en contractmanagement (sturen op aanbod, in-, door- en uitstroom). 

In 2025 constateert de landelijke deskundigencommissie Van Ark (2025) in het rapport ‘Groeipijn’ dat de financiële tekorten op jeugdzorg een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid zijn van rijk en gemeenten.

Toelichting onderzoeksbevindingen Jeugd Wat is de achtergrond van de hoge kosten van zorg per jongere die wordt afgenomen van de GRJR? We nemen de specialistische jeugdhulp af van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR). De kosten van de specialistische jeugdhulp waren in 2023 hoger dan begroot. De stijging zat vooral in ambulante hulp en in opname (in een open of gesloten instelling). Dit kwam door een toename van het aantal kinderen dat deze hulp nodig heeft en ook door gestegen kosten per kind. Ook de kostprijs van opname is hoog. De gesloten opname wordt afgebouwd, maar open alternatieven zijn nog in ontwikkeling. Meer kinderen maken gebruik van de zeer specialistische zorg die we landelijk inkopen. Per 1 januari 2023 zijn de tarieven hiervoor gewijzigd en zorgt indexatie voor een hogere kostprijs. Om de kostenstijging te dempen was reeds een Taakstelling van ongeveer € 1.7 miljoen vastgesteld vanaf 2024 op de specialistische jeugdhulp. Hiervoor is een pakket aan maatregelen opgesteld waarmee we deze kostenontwikkeling willen terugdringen (T23.07948; en zie toelichting onder tweede bullet) en waarvoor de opgave Jeugdhulp is ingericht. We blijven voortdurend aandacht hebben voor de kostenontwikkeling en nieuwe informatie die beschikbaar komt en stellen zo nodig de uitvoering van ons beleid bij.

Wat is de achtergrond van de hoge uitgaven aan lokale zorg per jongere? Er is een autonome stijging van het aantal jeugdigen dat lokaal jeugdhulp krijgt en de lasten voor de lokale jeugdhulp stijgen bij de onderdelen begeleiding en behandeling. Het lokale behandelingsaanbod is per 2023 uitgebreid met de lichtste vorm van specialistische hulp van de GRJR. In 2023 steeg het aantal kinderen dat werd geholpen door deze lokale hulpvorm. De inzet van lokale hulp is ook in 2024 sterker gegroeid dan verwacht. Om deze groei op te kunnen vangen en te dempen is een verkleining van de reikwijdte van jeugdhulp dringend aan de orde. Deze zelfde ontwikkeling zien we ook landelijk. In 2025 gaan we inzetten met de Opgave Jeugd op grotere en meer fundamentele ingrepen zoals het versterken van de toegang (Stevige Lokale Teams) en het verwerken van de gevolgen van ‘normaliseren’ in onze lokale verordening (inperken lokale reikwijdte) om zo de kosten terug te kunnen dringen. Kan de gemeente een grotere rol te pakken bij de toegang door meer zelf te verwijzen of betere afspraken te maken met externe verwijzers? Lansingerland heeft in 2024 ingezet op de samenwerking met huisartsen. Zowel om de onderlinge samenwerking rondom jeugd en Wmo te versterken, alsook om huisartsen bekender te maken met de lokale jeugdhulp (wat vaak een passend alternatief is voor duurdere regionale jeugdhulp).

We werken met één aanspreekpunt vanuit team Jeugd voor de huisartsen, o.a. voor huisartsen om te kunnen overleggen bij complexe casuïstiek. Met een aantal huisartsen (een per kern van de gemeente) hebben we een intensievere samenwerking om ontwikkelingen en signalen door te nemen, ons werk beter op elkaar te laten aansluiten en verbeteringen te bespreken. Deze huisartsen verspreiden de informatie in hun netwerken. Tweemaal per jaar organiseren we een jeugdhulpbijeenkomst met alle huisartsen. Onderwerpen van gesprek zijn dan het (lokale) aanbod, de ontwikkelingen van de Hervormingsagenda Jeugd en de lokale opgave, crisishulp, de 3/4

samenwerking en verwijspatronen. Er is een website opgericht waar huisartsen het jeugdhulpaanbod kunnen vinden (jeugdhulp.lansingerland.nl). De samenwerking met huisartsen continueren we in 2025. Is zorgstapeling een verklaring voor dure zorg? In het 3e kwartaal van 2024 is een analyse gemaakt van de hoge kosten op het perceel opname en op de zeer specialistische vormen van jeugdhulp (die landelijk worden ingekocht door de VNG). Bij met name de zeer specialistische vormen van jeugdhulp worden ook vaak andere vormen van zorg ingezet. Het Erasmus MC heeft bijvoorbeeld zorgvormen die wij niet regionaal of lokaal hebben ingekocht (omdat dit hele specifiek zorgvormen zijn) en deze zorgproducten zijn dan aanvullend op elkaar. Zorgstapeling kan dus ook een hele bewuste keuze zijn. Het is uiteraard belangrijk dat de zorgproducten niet in tegenstrijd met elkaar zijn en we hetzelfde doel nastreven. De werkwijze om zorgstapeling te voorkomen is inmiddels aangescherpt door een melding in ons systeem in te bouwen wanneer er een naast een bestaande beschikking een nieuwe beschikking voor een cliënt wordt ingediend (die via een verwijzing door een arts binnenkomt en de toegang niet zelf indiceert). Hier acteren de toegangsmedewerkers actief op.

Wanneer de toegang zelf betrokken is bij het afgeven van een indicatie checken zij of er reeds een zeer specialistische vorm van jeugdhulp is ingezet en gaan zij na wat deze inzet is om ongewenste stapeling te voorkomen. Ook is geïnvesteerd in de samenwerking met een grote aanbieder die zeer specialistische zorg levert waardoor goede afstemming met elkaar plaats vindt.

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=7566c028-ec41-4ae4-9ae8-4878dbbbb5bc