[T25.03983] Beantwoording technische vragen VVD - Perspectiefnota
Tekst van het document
Formulier beantwoording technische vragen gemeenteraad en commissies Soort vraag:
Cie AB (Gezamenlijke Commissie)
Steller van de vraag en partij: Ed van Santen - VVD Datum:
10 juni 2025
Onderwerp:
Technische vragen t.a.v. Perspectiefnota 2026
Vraag:
n.t.b.
Antwoord: Indexatie verbonden partijen 5,2% Vraag 1.: Is er een onderbouwing hoe gemeentesecretarissen tot deze indexatie komen? Antwoord: Ja, er is een vaste rekenmethodiek die gehanteerd wordt om te komen tot de indexatie. Dit betreft een mengpercentage van 80% van de index prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers en 20% consumentenprijsindex (cpi) voor het begrotingsjaar, met daarbij een correctie over drie voorgaande jaren. Deze methodiek is de afgelopen jaren gehanteerd. Er wordt op dit moment door een werkgroep geëvalueerd of deze methodiek nog steeds passend is, of dat een andere indexatie geschikter zou zijn.
Ons kenmerk
T25.03983
1/4
Vraag 2.: reden?
Klopt het dat de voorgestelde indexatie hoger is dan de inflatie? Zo ja wat is hiervan de
Antwoord: De inflatie kan op verschillende manieren berekend worden. De consumentenprijsindex (cpi) is hier wel een belangrijke indicator voor. Als je puur naar de indexatie voor 2026 kijkt, dan komt deze uit op 2,20%, terwijl de cpi 3,00% is, door de lagere loonvoet. Echter, omdat de indexatie van de eerdere jaren hoger uitvallen dan eerder geprognosticeerd, volgt hier nog een bijstelling uit. Opgeteld leidt dit inderdaad tot een hogere indexatie dan de inflatie over 2026. Vraag 3.:
Indien LL een lagere indexatie wenst, kan zij dat voorstellen?
Antwoord: In het najaar van 2024 is de indexatie voor 2026 berekend en namens de deelnemende colleges via een indexeringsbrief gedeeld met de desbetreffende gemeenschappelijke regelingen om hiermee aan de voorkant een eenduidig uitgangspunt voor de begroting mee te geven. De berekende indexatie is het uitgangspunt voor de begroting van de gemeenschappelijke regelingen, waarbij er ook afgeweken kan worden van deze indexatie (bijv. omdat een gemeenschappelijke regeling niet de volledige indexatie verwacht nodig te hebben). Het is uiteindelijk aan het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke 2/4
regeling om de begroting al dan niet vast te stellen. Het college kan ervoor kiezen om de indexatiebrief niet mede te tekenen en eventueel een andere indexatie voor te stellen. Een kanttekening hierbij is dat als alle deelnemende gemeenten dit doen, er geen eenduidig uitgangspunt is voor de gemeenschappelijke regelingen. Overigens kan een deelnemende gemeente, ook bij instandhouding van de indexatie, de gemeenschappelijke regelingen oproepen om tot bezuinigingen te komen. Gemeente Lansingerland heeft van deze optie gebruik gemaakt, samen met andere deelnemende gemeenten. De gemeenschappelijke regelingen hebben hierop in verschillende mate bezuinigingen doorgevoerd in hun conceptbegroting 2026. Hiernaast zal er nog een aanvullende oproep tot bezuinigingen gedaan worden, waarover u als raad nog geïnformeerd zal worden middels een raadsinformatiebrief.
Vraag 4.:
Kan LL niet akkoord gaan met de voorgestelde indexatie? Zo nee, waarom niet?
Antwoord: Ja, gemeente Lansingerland kan ervoor kiezen om de indexatiebrief niet mede te tekenen en om niet in te stemmen met de begroting van een gemeenschappelijke regeling of deze te amenderen. Het is dan afhankelijk van de andere deelnemende gemeenten of dit daadwerkelijk leidt tot een andere indexatie in de definitieve begroting.
Capaciteit Vraag 5.: met hoeveel stijging FTE wordt op dit moment rekening gehouden gedurende het jaar 2026 Dit mag ook in een bandbreedte worden aangegeven? Antwoord: Er wordt op dit moment rekening gehouden met ca. 25-30 extra fte toename in 2026. Dit betreft ca. 15 fte voor nieuwe taken en het anders organiseren van taken (bijvoorbeeld omzetten van inhuur naar vast voor gebiedsprojecten, tijdelijke extra inzet bij de servicebalie in verband met een paspoortpiek en capaciteit voor areaaluitbreiding van riolering), waarbij er deels reeds dekking is binnen de begroting via projecten, leges of gesloten systemen (rioolheffing en afvalstoffenheffing). De overige 10-15 fte zijn als gevolg van groei van reeds bestaande taken (inwonergroei, groei aantal cliënten). Het effect op de organisatie van het inhoudelijk kader dat beschreven is in de Perspectiefnota (scenario’s voor maatregelen), zal na de vaststelling uitgewerkt worden volgens het principe ‘capaciteit volgt beleid’.
Waardestijging huizen wordt OZB tarief niet meer voor gecompenseerd 6. Hoeveel extra uitkering in euro’s uit het gemeentefonds levert dit naar verwachting op in 2026, dus los van de extra OZB inkomsten? Kunt u laten zien hoe u aan dit bedrag komt en uit welke tekst blijkt dat er daadwerkelijk meer geld wordt uitgekeerd? Ik vraag dit omdat enige tijd geleden in een beeldvorming over dit onderwerp expliciet door een (externe) spreker - specialist op dit onderwerp- werd aangegeven dat een verhoging van de OZB niet tot een daadwerkelijke hogere afdracht uit het gemeentefonds leidt, maar dat het Rijk bij de hoogte van de uitkering er slechts rekening mee houdt dat een hogere OZB mogelijk is, niet meer dan dat. Dit is toen tweemaal bevestigd door de spreker. Antwoord: 3/4
Het niet langer corrigeren van het OZB-tarief woningen voor de waardestijging levert geen extra inkomsten op uit het gemeentefonds. Het Rijk kijkt naar de totale belastingcapaciteit die de gemeente heeft voor OZB (gebaseerd op een rekentarief en de WOZ-waarde). Over die totale belastingcapaciteit voert het Rijk via het gemeentefonds een korting door. Deze korting staat los van het daadwerkelijke OZB-tarief dat een gemeente in rekening brengt. De korting stijgt wel als de woningen in waarde stijgen. Met de waardestijging stijgt namelijk ook de totale belastingcapaciteit die de gemeente kan benutten. Het loslaten van de correctie is wel van invloed op de OZB-inkomsten van de gemeente, omdat het een wijziging van het OZB-tarief voor woningen betekent.
OZB-stijging 7. Klopt het dat de verhoging van de OZB inkomsten wordt gegeneerd door zowel 1) inflatiecorrectie als 2) niet meer compenseren voor waardestijging huizen als 3) extra verhogen OZB-tarief? Ja, dat klopt. Aanvullend daarop is er een effect van de uitbreiding van areaal (nieuwe woningen). 8. Met hoeveel totale opbrengst in euro’s wordt nu rekening gehouden, graag uitgesplitst in bovenstaande 3 componenten? Ook graag effect van deze 3 gezamenlijk laten zien voor een gemiddelde huisbezitter (zowel absoluut als relatief). Antwoord: Zie de tabellen hieronder
Extra OZB-inkomsten woningen (t.o.v. Jaarschijf 2026 in Begroting 2025-2028) Reeds meegenomen in Bedrag financieel meerjarenbeeld? 1. Indexatie € 326.000 Ja 2. Loslaten correctie waardestijging € 703.000 Nee 3a. Extra verhoging in scenario € 5 mln. € 1.288.000 Nee 3b. Extra verhoging in scenario € 7 mln. € 2.100.000 Nee Voor het effect op een gemiddelde huisbezitter hebben we de tabel uit de Perspectiefnota 2026 uitgebreid met de gearceerde kolommen.
4/4