[T25.03353] Evaluatie Duurzaamheidslening Lansingerland 2025
Tekst van het document
Evaluatie Duurzaamheidslening Lansingerland Mei 2025
T25.03353 1
Inhoud 1.
Inleiding Opdracht en doelen ..................................................................................................... 3 1.1
2.
Ondersteuning inwoners bij versnelling energietransitie..................................................... 3
Evaluatie duurzaamheidslening Lansingerland ........................................................................... 3 2.1
Besluitvorming m.b.t. de duurzaamheidslening .................................................................. 3
2.2
Wat heeft de duurzaamheidslening ons opgeleverd? ........................................................... 4
2.3
Welke kosten heeft de gemeente gemaakt voor de duurzaamheidslening? ......................... 5
3.
Inventarisatie financiële regelingen energietransitie voor inwoners Lansingerland ................... 6
4.
Criteria voor de duurzaamheidslening ........................................................................................ 7
5.
Scenario’s vervolg duurzaamheidslening .................................................................................... 7
6.
Conclusie en advies .................................................................................................................... 8
7.
Bijlagen....................................................................................................................................... 9 7.1
Omschrijving financiële regelingen voor inwoners van Lansingerland maart 2025 .............. 9
7.2
Toelichting besluitvorming duurzaamheidslening .............................................................. 12
2
1. Inleiding Opdracht en doelen 1.1 Ondersteuning inwoners bij versnelling energietransitie Gemeente Lansingerland wil een realistisch duurzame gemeente zijn. Op dit moment kent Lansingerland een Duurzaamheidslening voor inwoners om hen beter in staat te stellen hun woningen te verduurzamen. Ook inwoners die niet over voldoende eigen middelen beschikken, worden zo in staat gesteld om onder voorwaarden toch hun woning te verduurzamen. Op dit moment zijn de duurzaamheidslening en de Isolatiesubsidie de financiële instrumenten van de gemeente waarmee dit gebeurt. In het coalitieakkoord 2022-2026 heeft het college aangegeven onderzoek te doen naar het succes van de duurzaamheidslening om deze versnelling teweeg te brengen en op basis hiervan een passend financieel fonds te ontwikkelen. Met deze verkenning wordt deze opdracht afgedaan aan de hand van een analyse van de volgende zaken: 1. Evaluatie Duurzaamheidslening Lansingerland 2. Een overzicht van alle financiële regelingen ter bevordering van energietransitie voor onze inwoners 3. Criteria voor een aanvullende financiële regeling vanuit de gemeente 4. Scenario’s vervolg duurzaamheidslening Lansingerland
2. Evaluatie duurzaamheidslening Lansingerland De duurzaamheidslening is sinds 2021 beschikbaar waarvoor €5.000.000 is gereserveerd. De duurzaamheidslening is een zogenaamd ‘revolverend fonds’. Dit is een fonds dat in principe in stand kan blijven doordat aflossingen terugvloeien naar het fonds en de kosten worden gedekt. Inwoners weten de duurzaamheidslening goed te vinden. Tussen begin 2021 en mei 2025 is de duurzaamheidslening 416 keer verstrekt aan inwoners. We kunnen hiermee wel concluderen dat deze regeling de afgelopen jaren succesvol is geweest. De duurzaamheidslening voldoet dus (mede door de lage rente) aan een behoefte.
2.1 Besluitvorming m.b.t. de duurzaamheidslening De duurzaamheidslening is ontstaan vanuit de wens van de raad om met een revolverend fonds middelen van de gemeente in te zetten om inwoners te stimuleren de eigen woning te verduurzamen. Dit was vooral gericht op maatregelen in het kader van de energietransitie. De besluitvorming over de ontwikkeling en inzet van een dergelijk fonds is in grote lijnen als volgt tot stand gekomen:
3
11-7-2019
18-7-2019
7-11-2019
• Kaderbrief 2020 (T19.10331) • Besluit tot het opzetten van een Revolverend Fonds voor duurzaamheidsmaatregelen (BW1900296)
• Bespreking Visie Lansingerland Duurzaam • Aangenomen motie M2019-025 "Energiebesparing voor iedereen" (T19.12078)
• Begroting 2020-2023 (T19.14381) • Wens om naast het revolverend fonds ook op andere manieren duurzaamheidsinitiatieven te stimuleren
• Criteria voor de duurzaamheidslening gecommuniceerd (U19.09186) 20-11-2019
30-1-2020
• Uitvoeringsagenda Duurzaamheid 2019-2022 vastgesteld (T19.20731) • Project revolverend fonds opgenomen icm oproep motie M2019-25 om vooral lagere inkomensgroepen te ondersteunen
• Raadsbesluit duurzaamheidslening (BR2000093). Dit is een revolverend fonds. 17-12-2020
• Raadsinformatiebrief m.b.t. Leeftijdsgrens aanvrager duurzaamheidslening 1-11-2022
In hoofdstuk 7.2 worden deze stappen nader toegelicht.
2.2 Wat heeft de duurzaamheidslening ons opgeleverd? De duurzaamheidslening is ingezet voor diverse (combinaties van) duurzaamheidsmaatregelen m.b.t. de energietransitie. Verreweg de meeste leningen zijn verstrekt voor het plaatsen van zonnepanelen. Sinds 2021 hebben in totaal 416 huishoudens in Lansingerland een lening verstrekt gekregen. Elk jaar is het aantal verstrekte duurzaamheidsleningen flink toegenomen. Deze financiële regeling kunnen we dan ook als succesvol beschouwen. 2021 2022 2023 2024 2025 (t/m april) Totaal
Aantal verstrekte leningen 42 111 162 80 21 416
Gemiddeld leenbedrag € 7.390,17 € 11.840,05 € 10.649,20 € 13.071,15 € 13.076,57 € 11.226,21
Totaalbedrag leningen € 310.387,€ 1.314.245,20 € 1.725.170,97 € 1.045.692,19 € 274.608,€ 4.670.103,36
Tabel 1: overzicht van verstrekte leningen per jaar
4
Categorie Isolatie Overig Thuisbatterij Warmtepomp Warmtepomp en isolatie Warmtepomp en zonnepanelen Warmtepomp, zonnepanelen en isolatie Warmtepomp, zonnepanelen en thuisbatterij Zonnepanelen Zonnepanelen en isolatie
percentage 12% 3% 4% 4% 1% 7% 4% 1% 57% 7%
Tabel 2: Verstrekte duurzaamheidsleningen per categorie Verreweg de meeste aanvragen zijn gedaan voor het installeren van zonnepanelen. We zien echter dat de afgelopen periode (2024/2025) ook meer aanvragen worden gedaan voor de andere categorieën.
2.3 Welke kosten heeft de gemeente gemaakt voor de duurzaamheidslening? Bij de start van de duurzaamheidslening kon de gemeente de middelen verstrekken uit de eigen reserve. Voor het verder in stand houden van de duurzaamheidslening moet echter vreemd vermogen aangetrokken worden, als gevolg van de algemene, financiële situatie van de gemeente. Dit betekent dat over uit te zetten middelen voor de duurzaamheidslening, we moeten rekenen op een rentepercentage van gemiddeld 3%. We rekenen zelf 1,7% door aan onze inwoners. Hiermee lopen de kosten voor de gemeente voor het in stand houden van de duurzaamheidslening over de jaren verder op tot ongeveer €65.000 per jaar. Daarnaast heeft de gemeente (beperkt) uitvoeringskosten doordat een deel van de aanvraag voor een duurzaamheidslening via de gemeente loopt. Het gaat om een paar uur per week die we kunnen dekken vanuit de SPUK CDOKE.
5
3. Inventarisatie financiële regelingen energietransitie voor inwoners Lansingerland Naast onze duurzaamheidslening zijn er verschillende (landelijke) regelingen beschikbaar voor inwoners van Lansingerland. In deze inventarisatie maken we een onderscheid tussen leningen, subsidies en belastingvoordelen. In paragraaf 7.1 worden de regelingen kort toegelicht.
Subsidies
Leningen
Financiële regelingen maart 2025
Aanbieder
Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE)
RVO
Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars (SVVE) Energietoeslag/ energiefonds voor aanpak energiearmoede
RVO
Isolatiesubsidie Energiebespaarlening
Duurzaamheidslening
Fiscale voordelen
Stichting Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) Gemeente Warmtefonds
Extra geld lenen via de hypotheek korting op de hypotheekrente bij energielabel A Duurzame monumentenlening BTW-tariefverlaging aanschaf en installatie zonnepanelen
Gemeente Lansingerland Hypotheekverstrekkers Hypotheekverstrekkers Restauratiefonds Belastingdienst
Verlaagd BTW-tarief bij isoleren woning
Belastingdienst
6
4. Criteria voor de duurzaamheidslening De gemeente kan het eigen beleid en ambities stimuleren door het inzetten van eigen financiële regelingen. In het verleden heeft de gemeente Lansingerland dit m.b.t. energietransitie gedaan door de inzet van de duurzaamheidslening, onder een aantal voorwaarden/ criteria: 1. Kostendekkend: de duurzaamheidslening mocht voor ons als gemeente geen grote kostenpost worden. Dit betekent dat: de rente die wij betalen voor het aantrekken van middelen voor de duurzaamheidslening minimaal gelijk is aan de rente die onze inwoners betalen; De gemeenteraad heeft steeds gesproken over een ‘revolverend fonds’: een fonds dat in de vorm van een lening ingezet kan worden waardoor de investering ook weer terug komt; 2. Aanvullend op bestaande maatregelen: de duurzaamheidslening moest een aanvulling zijn op andere financiële instrumenten voor inwoners waarmee ze hun woning kunnen verduurzamen; 3. In ieder geval specifiek aandacht schenken aan de positie van lage inkomensgroepen, om zo ook deze in staat te stellen duurzaamheidsmaatregelen te treffen, conform motie M2019-025. 4. Later is specifiek voor inwoners ouder dan 75 de overeenkomst met de uitvoerder aangepast zodat ook deze inwoners gebruik kunnen maken van deze regeling. In de praktijk wordt echter niet altijd voldaan aan deze criteria. Dit komt o.a.
door wijzigende regelingen van het Rijk, onmogelijkheid om de rente te differentiëren naar inkomen van aanvragers (er is een vaste rente) en een veranderende financiële positie van de gemeente. Door de opgelopen rente en de financiële positie van de gemeente, is de duurzaamheidslening niet meer kostendekkend. Ook is er veel overlap met andere regelingen zoals het Warmtefonds.
5. Scenario’s vervolg duurzaamheidslening Er zijn verschillende scenario’s om het vervolg van de duurzaamheidslening vorm te geven. Hieronder worden deze scenario’s omschreven. 1) Huidige duurzaamheidsregeling in deze vorm behouden De duurzaamheidslening past in de huidige vorm niet binnen de in het verleden gestelde criteria. We raden daarom dit scenario af, zo lang als het criterium dat de duurzaamheidslening ‘kostendekkend’ moet zijn in stand blijft. De duurzaamheidslening is in de huidige vorm wel een mooie aanvulling voor met name huishoudens met een verzamelinkomen hoger dan €60.000 door de gunstiger rente dan die van het Warmtefonds. 2) Vanaf 1 januari 2026 stoppen met de duurzaamheidslening en verwijzen naar andere regelingen. De duurzaamheidsleningen zijn dan afgelost in 2041. Gezien de eerder gestelde criteria, beëindigen we de duurzaamheidslening per 1 januari 2026 en verwijzen we naar landelijke alternatieven, in het bijzonder de Energiebespaarlening van het Nationaal Warmtefonds. Hierin worden alle maatregelen die in onze huidige duurzaamheidslening voorkomen ook aangeboden.
7
Het grote verschil tussen deze twee leningen is voornamelijk het hogere rentepercentage van het Nationaal Warmtefonds van 4,35%. Dit geldt niet voor huishoudens met een inkomen lager dan 60.000 per jaar. Voor deze huishoudens geldt een rentepercentage van 0%. Een verwijzing naar het Warmtefonds is daarmee gunstig voor lagere inkomens, maar ongunstig voor inwoners met wat hogere inkomens. Dit sluit echter wel aan bij de wensen die de raad heeft meegegeven met motie M2019-025. Daarnaast bestaan er ook subsidies, zoals de ISDE subsidie, om de energietransitie voor inwoners te versnellen. Alles afwegend (kostendekkend, aanvullend op bestaande regelingen en oog voor lage inkomens) raden we aan dit scenario uit te voeren. 3) Omzetten van de duurzaamheidslening in een stimuleringslening De duurzaamheidslening wordt beheerd door SVn die ook andere producten aanbiedt zoals de Stimuleringslening. De stimuleringslening is vergelijkbaar met de Duurzaamheidslening met als belangrijk verschil dat het rentepercentage aan te passen is. Het voordeel van dit scenario is dat wij als gemeente kostendekkend kunnen zijn door het rentepercentage voor nieuwe leningen gelijk te stellen met het percentage waarmee wij de middelen aantrekken voor deze lening.
Het nadeel is dat het verschil tussen het aangeboden rentepercentage vanuit de gemeente ten opzicht van het Nationaal Warmtefonds een stuk kleiner wordt, waardoor de gemeentelijke lening minder aantrekkelijk wordt. Voor lage inkomens is het Warmtefonds bovendien veel voordeliger dan deze stimuleringslening. Dit scenario is daarom niet aan te raden.
6. Conclusie en advies Op de vraag of het huidige financieel instrumentarium voldoet om de energietransitie onder bewoners te versnellen is het antwoord ja. De duurzaamheidslening voldoet aan de behoefte: er wordt veel gebruik van gemaakt en het biedt gunstigere voorwaarden dan landelijke regelingen, behalve voor inwoners met een verzamelinkomen lager dan €60.000 (zij betalen 0% rente wanneer ze van het Warmtefonds gebruik maken). Daarnaast is een belangrijke kanttekening dat de duurzaamheidslening in de huidige vorm niet past binnen de eerder gestelde criteria. Zo is de duurzaamheidslening niet meer kostendekkend, is er een goed alternatief en houdt deze geen rekening met inwoners met een laag inkomen. In het overzicht van financiële instrumenten zien wij bovendien veel overlap van onze duurzaamheidslening met de Energiebespaarlening van het Nationaal Warmtefonds. Daarom adviseren we de duurzaamheidslening van de gemeente per 1 januari 2026 te beëindigen. Gezien de reeds bestaande financiële regelingen voor inwoners om maatregelen te nemen in hun woning i.v.m. de energietransitie (zoals de ISDE subsidie), is er op dit moment geen noodzaak om een nieuw, financieel instrument voor dit doel te ontwikkelen door de gemeente.
8
7. Bijlagen 7.1 Omschrijving financiële regelingen voor inwoners van Lansingerland maart 2025 Subsidies Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) De overheid geeft subsidie om het huis te verduurzamen: de Investeringssubsidie Duurzame energie en Energiebesparing (ISDE). Bijvoorbeeld voor zonneboilers, warmtepompen, elektrische kookplaten, isolatiemaatregelen en voorbereidingen voor aansluiting op een warmtenet. Huiseigenaren moeten de kosten eerst zelf betalen. Daarna kunnen ze subsidie aanvragen. Ze krijgen dan een deel van de kosten vergoed als ze aan de voorwaarden voldoen. ISDE: Subsidie voor verduurzaming van uw woning | RVO.nl
Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (SVVE) Verenigingen van Eigenaren (VvE) kunnen via de SVVE subsidie krijgen voor het verduurzamen van hun gebouw. Je kunt bijvoorbeeld subsidie krijgen voor isolatie, zonneboilers, warmtepompen en een centrale aansluiting op het warmtenet. SVVE: Subsidieregeling verduurzaming voor VvE's
Isolatiesubsidie Eigenaar-bewoners met een woning gebouwd voor 1992 en een energielabel D,E,F of G kunnen tot € 2000,- subsidie ontvangen voor isolatie- en ventilatiemaatregelen. Inwoners ontvangen 50% van de gemaakte kosten. De subsidie geldt ook voor doe-het-zelvers en woningen die onderdeel zijn van een VvE.
Tijdelijk Noodfonds Energie (aanpak energiearmoede) Het Tijdelijk Noodfonds Energie is er voor huishoudens met een laag inkomen en een hoge energierekening. Het Noodfonds helpt mensen om energieschulden te voorkomen.
9
Leningen Energiebespaarlening De Energiebespaarlening is een aantrekkelijke lening waarmee eigenaar-inwoners energiebesparende investeringen voor hun eigen woning kunnen financieren. Nationaal Warmtefonds wil het mogelijk maken dat iedere eigenaar-bewoner de eigen woning kan verduurzamen. Daarom komen ook huizenbezitters die ouder zijn dan 75 jaar of onvoldoende leenruimte hebben mogelijk in aanmerking voor deze lening. Er zijn ook leenmogelijkheden voor eigenaar-inwoners met beperkte leenruimte. De rente voor eigenaar-inwoners met een verzamelinkomen minder €60.000 is 0%. Energiebespaarlening voor particulieren - Warmtefonds
Duurzaamheidslening Zie hoofdstuk 2 voor uitgebreide beschrijving.
Extra geld lenen via de hypotheek Bij het afsluiten van je hypotheek mag je extra lenen voor energiebesparende maatregelen: tot 6 procent van de waarde van je woning, met een maximum van € 9.000 euro. Voor € 9.000 heb je in een gemiddelde eengezinswoning bijvoorbeeld 10 zonnepanelen, spouwmuurisolatie en vloerisolatie.
Korting op de hypotheekrente bij energielabel A Veel hypotheekverstrekkers geven een korten (van ongeveer 0,1 a 0,15%) op de hypotheekrente wanneer de woning minimaal energielabel A heeft.
Duurzame monumentenlening Een Duurzame Monumenten-Lening is een laagrentende lening die wordt verstrekt aan een eigenaar van een rijksmonument die het pand wil verduurzamen. De hoogte van de lening is afhankelijk van de investeringen in energiebesparende maatregelen. Duurzame Monumenten-Lening | Restauratiefonds
10
Fiscale maatregelen BTW-tariefverlaging aanschaf en installatie zonnepanelen Het btw-tarief voor de levering en installatie van zonnepanelen op of bij een woning is 0%. Voor de volgende zonnepanelen geldt het btw-tarief van 0%:
niet-geïntegreerde zonnepanelen: Deze zonnepanelen worden het meest gebruikt. Ze worden op het dak of ergens anders bij de woning gemonteerd. geïntegreerde zonnepanelen: Dit zijn zonnepanelen die ook fungeren als dakbedekking. Let op: voor geïntegreerde zonnepanelen op een nieuwbouwwoning geldt het 21%-tarief. Onderaan deze pagina leest u hier meer over.
Verlaagd BTW-tarief bij isoleren woning Voor het isoleren van de woning betalen inwoners voor de arbeidskosten voor het aanbrengen van isolatiemateriaal aan vloeren, muren en daken bij woningen ouder dan 2 jaar 9% BTW. Voorbeelden van isolatiemateriaal zijn:
glaswol steenwol piepschuim (isolatie)glas polyurethaan (PUR/PIR) thermoskussens schelpen kleikorrels Deuren, kozijnen en riet zijn voorbeelden van zaken die niet gelden als isolatiemateriaal.
11
7.2 Toelichting besluitvorming duurzaamheidslening Kaderbrief 2020 In de kaderbrief 2020 (T19.10331) wordt in juli 2019 de duurzaamheidslening voorgesteld als revolverend fonds dat betaald zou worden uit eigen middelen, eventueel uit de te verkopen Eneco-aandelen. In deze kaderbrief staat “In het vorige hoofdstuk zagen we dat de hoogte van de algemene reserve circa C 100 miljoen (inclusief resultaatbestemming jaarrekening 2018) is. Na inzetten van deze middelen ter dekking van de incidentele lasten, blijft er nog een fors bedrag in de reserve zitten. Indien Eneco wordt verkocht, stijgt het eigen vermogen nog meer en dalen de schulden (afhankelijk van keuzes) ook nog verder. De verkoop van Eneco en de ruime reservepositie vragen het komende jaar om een gedegen onderzoek rondom mogelijkheden tot verdere inzet van reserves en dergelijke ‘revolving fondsen.” Visie Lansingerland Duurzaam Bij de bespreking van de Visie Lansingerland Duurzaam is motie M2019 “Energiebesparing voor iedereen” unaniem aangenomen.
Hierin wordt het college opgeroepen om: -Te onderzoeken hoe de gemeente kan bijdragen aan het voorkomen dan wel verminderen van energiearmoede en welke rol zij daarin kan spelen; -Te onderzoeken hoe de energiebesparingsmogelijkheden actief meegenomen kunnen worden in de huidige hulp die geboden wordt aan huishoudens die moeite hebben hun energierekening te betalen, bijvoorbeeld via schuldhulpverlening, vroegsignalering van geldzorgen, de voedselbank, wijkteams en welzijnsorganisaties; -De uitkomsten van bovenstaande onderzoeken te delen met de raad en waar mogelijk mee te nemen in de uitvoeringsplannen van de visie Lansingerland Duurzaam; -Bij de uitwerking van het revolverend duurzaamheidsfonds specifiek in beeld te brengen hoe inwoners met minder financiële middelen gebruik kunnen maken van het fonds en/of mogelijk aanspraak kunnen maken op het Warmtefonds van het Rijk. Begroting 2020-2023 In de begroting 2020-2023 (T19.14381) staat vervolgens: “In de Kaderbrief 2020 is een revolverend fonds ingericht. In 2020 werken wij dit voorstel verder uit als onderdeel van de uitvoeringsagenda. We richten dit fonds in op basis van de behoefte en onze strategische doelen. Dit fonds biedt financiële ondersteuning bij onze duurzaamheidsopgave.
In 2020 willen we, naast dit fonds, ook op andere manieren duurzaamheidsinitiatieven blijven stimuleren.” Criteria voor de duurzaamheidslening In een raadsinformatiebrief (U19.09186) van november 2019 over de stand van zaken mbt het revolverende fonds (duurzaamheidslening) zijn de inhoudelijk criteria aan de raad meegegeven, 12
die daarna in het raadsbesluit/verordening zijn vastgelegd. In deze brief is geen informatie opgenomen m.b.t. de dekking. Uitvoeringsagenda Lansingerland Duurzaam 2019-2022 In de “Uitvoeringsagenda Lansingerland Duurzaam 2019-2022” (T19.20731) wordt opnieuw verwezen naar de kaderbrief voor de dekking. Daarnaast wordt wat meer toelichting gegeven op de criteria voor het opzetten van een duurzaamheidslening: “Op nationaal niveau zijn er tevens regelingen in voorbereiding met een zelfde doel. Zo is er in het klimaatakkoord het ‘warmtefonds’ aangekondigd. Wij willen voorkomen dat wij lokaal een regeling treffen die op nationaal niveau al invulling krijgt. Tegelijkertijd willen wij geen kostbare tijd verloren laten gaan, in afwachting van wat er op nationaal niveau precies komen gaat. Daarom onderzoeken wij voor de korte termijn hoe wij, bijvoorbeeld via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn), een Revolverend Fonds kunnen inzetten over onze inwoners en ondernemers. Eventueel zal die regeling dan later aangepast worden, wanneer blijkt dat een nationale regeling in onderdelen daarvan gaat voorzien.
In een breder verband willen wij met ons financiële arrangement in ieder geval specifiek aandacht schenken aan de positie van lage inkomensgroepen, om zo ook deze in staat te stellen duurzaamheidsmaatregelen te treffen, conform motie M2019-025.” Uit de ons beschikbare informatie kunnen we niet opmaken in hoeverre de duurzaamheidslening inwoners met minder financiële middelen bereikt. Met motie 2019-025 heeft de raad het college wel opgeroepen om dit in beeld te brengen. In de uitvoering van de duurzaamheidslening is geen differentiatie in bijvoorbeeld de rente voor inwoners met een lager inkomen. In het Warmtefonds wordt dit wel gedaan. Raadsbesluit duurzaamheidslening In het raadbesluit (BR2000093) voor de duurzaamheidslening in december 2020 wordt een jaar later opnieuw verwezen naar een revolverend fonds dat budgetneutraal uitgevoerd kan worden.
Raadsinformatiebrief m.b.t. Leeftijdsgrens aanvrager duurzaamheidslening Op 1 november 2022 informeer het college de raad dat de overeenkomst met de uitvoerder van de duurzaamheidslening (SVn) is aangepast zodat deze lening ook verstrekt kan worden aan inwoners ouder dan 75
13