[T25.00723] Motivering wijziging omgevingsplan bouwsteen 1 gemeente Lansingerland.
Tekst van het document
Hierdoor is de onderzoekslast bij de wijziging van het omgevingsplan minder zwaar; pas op het moment dat er voor een concreet initiatief een vergunning wordt aangevraagd, hoeven bepaalde aspecten pas te worden onderzocht (bijvoorbeeld de geluidssituatie bij een nieuwe woning). In bouwsteen 1 worden nagenoeg geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt, omdat de mogelijkheden uit de voormalige bestemmingsplannen zoveel mogelijk in stand worden gehouden. Daar waar wel nieuwe mogelijkheden worden geboden is een vergunningplicht in de regels opgenomen. Het beoordelingskader voor het verlenen van de vergunning bevat open normen. Doormiddel van de open normen kan een belangenafweging in zijn totaliteit plaatsvinden. Op dat moment zal beoordeeld moeten worden, aan de hand van de relevante onderzoeken, of een initiatief uitvoerbaar is.
Paragraaf 8.2 Kostenverhaal Deze wijziging van het omgevingsplan bevat geen nieuwe gebiedsontwikkeling waar sprake is van kostenverhaalplichtige activiteiten. Er worden ook geen kosten gemaakt die voor verhaal in aanmerking komen. Kostenverhaal is voor deze wijziging daarom niet van toepassing.
Paragraaf 8.3 Nadeelcompensatie Het begrip planschade uit de Wet ruimtelijke ordening staat niet in de Omgevingswet. Onder de Wet ruimtelijke ordening was de planschade als een afzonderlijke vorm van nadeelcompensatie in deze afzonderlijke wet geregeld. De Algemene wet bestuursrecht bevatte regels over andere vormen van nadeelcompensatie. Met inwerkingtreding van de Omgevingswet is ervoor gekozen om de term ‘planschade’ niet meer te laten terugkomen als afzonderlijke vorm van nadeelcompensatie. De beoordeling en afwikkeling van nadeelcompensatie door besluiten die gebaseerd zijn op de Omgevingswet loopt via de Algemene wet bestuursrecht. De Omgevingswet kent wel een specifieke aanvulling op de regels in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Een van de belangrijkste wijzigingen van de Omgevingswet ten opzichte van de Wet ruimtelijke ordening, is de verandering van het ‘schadeveroorzakende besluit’. Onder de Wet ruimtelijke ordening werd als juridische oorzaak (het schadeveroorzakende besluit) van planschade aangewezen een bestemmingsplan of een (buitenplanse) vergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan. 87
Doordat het omgevingsplan – anders dan het bestemmingsplan – niet meer vooraf volledig en gedetailleerd hoeft vast te leggen welke nieuwe ontwikkelingen mogelijk zijn, is het omgevingsplan in veel gevallen niet het schadeveroorzakende besluit. Immers, dat een omgevingsplan bepaalde nieuwe ontwikkelingen mogelijk maakt, betekent nog niet dat deze ook daadwerkelijk (en in die omvang) zullen worden gerealiseerd. Een omgevingsplan kan bijvoorbeeld een mogelijkheid bieden om, met een vergunning een gebouw van 50 meter te bouwen. De vergunningaanvraag wordt getoetst op aspecten als invloed op omliggende percelen en hun gebruiksmogelijkheden, stedenbouwkundige uitstraling, etc. Dat kan erin resulteren dat er geen gebouw van 50 meter hoog wordt vergund, maar wel een gebouw van 20 meter hoog. Het kan ook de keuze zijn van de initiatiefnemer om niet 50 meter hoog te bouwen, maar slechts 40 meter hoog. In zo'n geval is het ‘schadeveroorzakende besluit’ niet het omgevingsplan (dat 50 meter mogelijk maakte), maar de vergunning voor het bouwen (waarin een hoogte van 20 of 40 meter wordt vergund). Aanvullende schadeveroorzakende besluiten onder de Omgevingswet zijn: maatwerkvoorschrift; binnenplanse omgevingsvergunning (zie het voorbeeld hierboven); activiteiten die rechtstreeks toegestaan zijn in het omgevingsplan.
De schadeveroorzakende besluiten staan in artikel 15.1, eerste lid Omgevingswet. Deze wijziging van het omgevingsplan voor bouwsteen 1 maakt geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk waardoor nadeelcompensatie kan ontstaan. Daar waar er wel nieuwe ontwikkelingen van enige omvang mogelijk zijn, is er een vergunningplicht in het omgevingsplan opgenomen. Of en zo ja, in hoeverre, er sprake is van een situatie dat aanspraak gemaakt kan worden op nadeelcompensatie, wordt meegenomen in de beoordeling rondom vergunningverlening, aangezien dit dan het schadeveroorzakende besluit is.
88
Hoofdstuk 9 Maatschappelijke belangenafweging Paragraaf 9.1 Participatie Met het oog op transparante besluitvorming en het actief betrekken van de samenleving (inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties) bij de totstandkoming van bouwsteen 1 van het omgevingsplan, heeft de gemeente drie dialoogbijeenkomsten georganiseerd. Deze interactieve sessies hebben inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties de gelegenheid gegeven om actief bij te dragen aan de vormgeving van het omgevingsplan, specifiek gericht op bouwsteen 1 (bestaande woonwijken). Daarbij stonden zes onderwerpen centraal, verdeeld over drie thema's. Wonen en zorg: Meer huishoudens op één adres Nu mag er één huishouden op één adres wonen. Wat als meer huishoudens op één adres mogen wonen? Bijvoorbeeld wanneer u voor iemand wilt zorgen of een woonplek wilt bieden aan iemand die dat tijdelijk niet heeft? Andere functie leegstaand gebouw Nu mag een leegstaand gebouw, bijvoorbeeld een kantoorgebouw, niet zomaar een andere functie krijgen. Wat als leegstaande gebouwen makkelijker kunnen veranderen in plekken waar mensen bijvoorbeeld zelfstandig wonen én begeleiding en/of zorg krijgen? Vergunning stalling scootmobiel (vanaf nu ook bekend als hulpmiddelstalling) Nu is er een vergunning nodig voor een stalling voor een scootmobiel in de voortuin.
Wat als er geen vergunning meer aangevraagd hoeft te worden en er alleen regels zijn over de hoogte/breedte/lengte van de stalling? Wonen en duurzaamheid: Natuurinclusief bouwen Bij het ontwerp voor een nieuw gebouw of woning zijn natuurinclusieve maatregelen nu niet verplicht. Dit zijn maatregelen die bijdragen aan de biodiversiteit, bijvoorbeeld nestkasten, een groen dak of halfbestrating. Zou verplichting een goed idee zijn? Vergunning warmtepomp Voor een warmtepomp moet nu soms een vergunning worden aangevraagd. Wat als dit niet meer hoeft en er alleen aan bepaalde regels moet worden voldaan? Zonnepanelen Nu mogen zonnepanelen niet altijd op de grond in de achtertuin worden geplaatst. Wat als dit wel mag? En als mensen iets op het dak willen bouwen dat nadelig is voor de zonnepanelen van de buren? Moeten hier dan regels voor komen? De conclusies van de dialoogbijeenkomsten hebben op bepaalde onderwerpen tot nieuwe regels in het omgevingsplan geleid, namelijk met betrekking tot de hospitaregeling, hulpmiddelenstallingen en warmtepompen. Over de overige onderwerpen worden in bouwsteen 1 geen regels opgenomen. Dit zijn de onderwerpen natuurinclusieve maatregelen, zonnepanelen en een andere functie voor leegstaande gebouwen.
Op 18 april 2024 zijn deze uitkomsten ook met de burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven gedeeld tijdens een informatieavond op het gemeentehuis. Daarnaast zijn andere onderwerpen waarover juridische regels zijn opgenomen in de wijziging van het omgevingsplan ook besproken op deze avond. 89
Voor meer informatie over de burgerparticipatie wordt verwezen naar de nota burgerparticipatie bouwsteen 1 - bestaande woonwijken en de uitwerking van de inloopbijeenkomst bouwsteen 1 – 18 april 2024.
Paragraaf 9.2 Belangen andere bestuurslagen en ketenpartners Al in een heel vroeg stadium – vanaf oktober 2023 - is de omgevingsdienst intensief betrokken bij het vormgeven van de regels van het omgevingsplan. Vanwege de complexiteit van de milieuregels uit de bruidsschat en de verwerking daarvan in het nieuwe deel van het omgevingsplan, zijn er verschillende overleggen gevoerd, zijn aanpassingen doorgevoerd en is opnieuw overlegd over verschillende versies van de regels. Op 18 april 2024 was de concept-ontwerpwijziging van het omgevingsplan voldoende gereed om in conceptvorm te delen met de vooroverlegpartners. Toen is het vooroverleg gestart. Het wettelijke vooroverleg uit de Wet ruimtelijke ordening bestaat formeel niet meer onder de Omgevingswet. Toch vinden wij het vooroverleg nog steeds een goede manier om vroegtijdig met alle ketenpartners in gesprek te gaan. Het vooroverleg is gestart door middel van een memo waarin de structuur van het omgevingsplan van de gemeente Lansingerland werd uitgelegd en waarin per omgevingsaspect werd uitgelicht wat de gekozen aanpak is en waarom. Daarnaast is aangegeven dat de gemeente graag in gesprek wilde gaan met de ketenpartners om samen bouwsteen 1 door te nemen. Naar aanleiding van die uitnodigingen en memo's, zijn gesprekken gevoerd met onder andere de provincie, de waterschappen, omgevingsdienst, ProRail en GasUnie.
Ook zijn via de e-mailreacties ontvangen op de concept-ontwerpwijziging van het omgevingsplan. Voor meer informatie over het vooroverleg wordt verwezen naar de nota vooroverleg.
Paragraaf 9.3 Zienswijzen en vaststellingsprocedure In het gemeenteblad van 26 februari 2025 is bekend gemaakt dat met ingang van 27 februari 2025 de ontwerpwijziging van het omgevingsplan – bouwsteen 1 bestaande woonwijken zes weken ter inzage lag. De stukken waren in te zien via https://omgevingswet.overheid.nl/regels-opdekaart/documenten/akn-nl-act-gm1621-2020-omgevingsplan-akn-nl-bill-gm1621-2025-430/overzicht. Gedurende deze termijn werd eenieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen op de genoemde ontwerpwijziging van het omgevingsplan in te dienen. In totaal zijn er 5 zienswijzen ontvangen. Geconcludeerd is dat de inhoudelijke gronden van twee van deze zienswijzen zien op zaken die buiten het plangebied liggen. Naar aanleiding daarvan heeft één reclamant, na ambtelijk contact, besloten de zienswijze in te trekken. De andere vier zienswijzen zijn beantwoord in de nota beantwoording zienswijzen en staat van wijzigingen bouwsteen 1 (T25.03432).
Paragraaf 9.4 Conclusie De belangen die naar voren zijn gekomen in het burgerparticipatietraject en het vooroverleg zijn meegewogen in het opstellen, aanvullen of veranderen van de regels van deze wijziging. Om goed uit te leggen hoe deze afweging heeft plaatsgevonden zijn de nota's burgerparticipatie en vooroverleg opgesteld. Hierin is op detailniveau te lezen hoe de belangen zijn afgewogen en zijn meegenomen in het omgevingsplan.
90
Bijlagen
91
Nota beantwoording burgerparticipatie - bouwsteen 1 bestaande woonwijken (T24.02519); Verslag dialoogavond 9 januari 2024 (T25.00626); Verslag dialoogavond 12 januari 2024 (T25.00627); Verslag dialoogavond 15 januari 2024 (T25.00628); Uitwerking inloopbijeenkomst 18 april (T24.02518); Nota vooroverleg bouwsteen 1 - bestaande woonwijken (T24.03350); Nota beantwoording zienswijzen en staat van wijzigingen - bouwsteen 1 (T25.03432).