CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T25.00451] Leefomgevingsfoto Omgevingsvisie 2.0

Commissie Ruimte 11 maart 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen Ontwerp Omgevingsvisie 2.0 - afwijkende spreektijd 5/328.256 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

a antea'group

1 1

Leefomgevingsfoto Lansingerland

Antea Group

Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0

Understanding today.

projectnummer 0489196.100 definitief 21 januari 202512 december 2024

www.anteagroup.nl

j

antea'group

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 definitief 21 januari 2025

Opdrachtgever Gemeente Lansingerland Postbus 1 2650 AA BERKEL EN RODENRIJS

datum 21 januari 2025

beschrijving definitief

vrijgave

2

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Inhoudsopgave 1.

Inleiding

6

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding Wat is een leefomgevingsfoto? Kenschets Lansingerland Leeswijzer

6 6 6 6

2.

Aanpak van de leefomgevingsfoto

7

2.1 2.2 2.2.1

Opbouw van de beoordeling De beoordelingsmethode Scorebord en beoordelingsmethode

7 8 8

3.

Mobiliteit

9

3.1 3.2 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.4 3.5 3.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Infrastructuur Openbaar Vervoer Verkeersveiligheid Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

9 9 10 10 11 12 13 14 14

4.

Geluid

15

4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4 4.3.5 4.4 4.5 4.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Wegverkeerlawaai Industrielawaai Spoorweglawaai Luchtvaartlawaai Cumulatief geluid Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

15 15 16 16 17 17 18 20 21 22 22

5.

Luchtkwaliteit

24

5.1 5.2 5.3 5.3.1 5.3.2 5.3.3 5.3.4 5.3.5 5.4 5.5 5.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Stikstofdioxiden Fijnstof (PM10) Fijnstof (PM2,5) Roet Geur Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

24 24 25 25 26 27 28 29 29 30 31

6.

Omgevingsveiligheid

32

6.1 6.2 6.3 6.3.1

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Aandachtsgebieden

32 32 34 34 3

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

6.3.2 6.3.3 6.3.4 6.3.5 6.3.6 6.4 6.5 6.6

antea'group

Risicovolle inrichtingen Transportroutes gevaarlijke stoffen Buisleidingen Overige risicobronnen Straling Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

36 38 39 40 41 41 43 44

7.

Lichthinder

45

7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

45 45 46 47 47 47

8.

Bodem, water en ondergrond

49

8.1 8.2 8.3 8.3.1 8.3.2 8.3.3 8.3.4 8.3.5 8.3.6 8.4 8.5 8.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Bodemsamenstelling en bodemgebruik Zettingsgevoeligheid en bodemdaling Waterkwaliteit (grond/oppervlakte) Watersysteem Bodemverontreinigingen Grondwaterbeschermingsgebieden Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

49 49 50 50 52 53 55 57 59 59 60 61

9.

Klimaatadaptatie

62

9.1 9.2 9.3 9.3.1 9.3.2 9.3.3 9.4 9.5 9.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Hittestress Wateroverlast Droogte Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

62 62 63 63 64 65 66 66 67

10.

Ecologie

68

10.1 10.2 10.3 10.3.1 10.3.2 10.3.3 10.4 10.5 10.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Natura 2000 Natuurnetwerk Nederland Biodiversiteit Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

68 68 69 69 69 70 71 71 72

11.

Cultuurhistorie en archeologie

73

11.1 11.2

Introductie Beleids- en beoordelingskader

73 73 4

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

11.3 11.3.1 11.3.2 11.4 11.5 11.6

antea'group

Huidige situatie Cultuurhistorie Archeologische waarden Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

74 74 75 77 78 78

12.

Energietransitie en circulariteit

79

12.1 12.2 12.3 12.3.1 12.3.2 12.3.3 12.3.4 12.4 12.5 12.6

Introductie Beleids- en beoordelingskader Huidige situatie Energieverbruik Energieopwekking COz-Emissies Circulariteit Referentiesituatie Trends en ontwikkelingen Beoordeling

79 79 80 80 81 82 82 83 84 84

13.

Conclusie

85

5

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding

antea'group

Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Onder de Omgevingswet is het opstellen van een omgevingsvisie verplicht voor een gemeente. In de omgevingsvisie leggen het rijk, de provincies en alle Nederlandse gemeentes haar ambities en beleidsdoelen voor de lange termijn vast. In het eerste kwartaal van 2022 heeft Lansingerland haar Omgevingsvisie 1.0 met de titel: 'Verbonden, vindingrijk en gezond'. In dit document is de integrale visie op de fysieke leefomgeving van Lansingerland tot 2040 uiteengezet. De gemeente is bezig een Omgevingsvisie 2.0 op te stellen, waarin de ambities en doelstellingen uit de Omgevingsvisie 1.0 aangescherpt en aangevuld worden. Als opmaat naar de Omgevingsvisie 2.0 is deze leefomgevingsfoto opgesteld. Dit document dient als een nulmeting, die gebruikt kan worden als input voor de nieuwe omgevingsvisie en als toetsingsmiddel voor de gemaakte beleidskeuzes uit de omgevingsvisie.

1.2

Wat is een leefomgevingsfoto? Een leefomgevingsfoto (LOF) is een afdruk van de staat van de fysieke leefomgeving op een gegeven moment, een nulmeting. Een LOF wordt opgesteld op basis van openbare bronnen. Uit de nulmeting kunnen conflicterende belangen in de fysieke leefomgeving naar voren komen. In een Omgevingsvisie worden meerdere keuzes met betrekking tot de leefomgeving gemaakt. De gemeente Lansingerland en haar inwoners willen immers ergens naartoe werken de komende decennia en hebben tegelijkertijd te maken met allerlei (ruimtelijke) ontwikkelingen. Met deze leefomgevingsfoto wordt de staat van het milieu en klimaat betrokken in de besluitvorming van de Omgevingsvisie. Het milieu- en klimaatgeweten krijgt op deze manier een plek in het proces.

1.3

Kenschets Lansingerland Lansingerland, gelegen tussen Rotterdam en Den Haag, is een veelzijdige gemeente met een centrale positie in de Randstad. De drie kernen - Berkel en Rodenrijs, Bergschenhoek en Bleiswijk - hebben elk hun eigen ruimtelijke en sociaal-economische kenmerken, variërend van moderne uitbreidingswijken tot meer traditionele dorpscentra. De gemeente heeft een sterke focus op het combineren van stedelijke groei met behoud van een groene leefomgeving. Met recreatiegebieden zoals de Rottemeren en nabijgelegen voorzieningen biedt Lansingerland een aantrekkelijke balans tussen stedelijke en natuurlijke elementen. Economisch is Lansingerland sterk verbonden met de glastuinbouw, een sector die niet alleen lokaal, maar ook internationaal van belang is. Qua bevolkingssamenstelling is Lansingerland relatief jong, al laat de vergrijzing zich steeds sterker voelen. Dit brengt specifieke vraagstukken met zich mee, zoals de behoefte aan meer levensloopbestendige woningen en voorzieningen die inspelen op een veranderende demografie. De gemeente heeft ambitieuze doelen op het gebied van duurzaamheid, mobiliteit en woningbouw. Via samenwerkingen met regio- en rijksoverheden wordt ingezet op het versnellen van woningbouw, het verbeteren van sociale huisvesting en het verduurzamen van bestaande woonwijken.

Lansingerland staat voor complexe opgaven, zoals het verbinden van economische ontwikkeling met maatschappelijke en ecologische doelen, maar behoudt een centrale positie in het realiseren van regionale groei en innovatie.

1.4

Leeswijzer Deze leefomgevingsfoto bestaat uit de volgende onderdelen: ^ In hoofdstuk 2 wordt aandacht besteed aan de wijze van beoordeling van de milieuaspecten; ^ Hoofdstukken 3 t/m 12 gaan in op de beschouwde milieuaspecten voor Lansingerland. Hier is telkens kort de huidige situatie, de referentiesituatie en een beoordeling beschreven; ^ In hoofdstuk 13 zijn de aandachtspunten samengevat.

6

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

2.

Aanpak van de leefomgevingsfoto

2.1

Opbouw van de beoordeling De staat van de leefomgeving van Lansingerland is per thema in kaart gebracht en beoordeeld. Dit is gedaan aan de hand van milieuaspecten, die tezamen een beeld geven van de stand van de leefomgeving. Waarom een thema en aspect in de Leefomgevingsfoto wordt belicht, is in de introductie per thema beschreven. Het gaat om de volgende milieuthema's en aspecten: Thema's en aspecten in de leefomgevingsfoto Mobiliteit

^ ^

Infrastructuur Verkeersveiligheid

Bodem, water en ondergrond

^

• • ^ • • ^

Bodemsamenstelling en bodemgebruik Zettingsgevoeligheid en bodemdaling Waterkwaliteit (grond/oppervlaktewater) Watersysteem Bodemverontreiniging Grondwaterbeschermingsgebied Hittestress Wateroverlast Droogte

Ecologie

• • ^

Natura 2000 Natuurnetwerk Nederland Biodiversiteit

Cultuurhistorie en archeologie

• •

Cultuurhistorie Archeologische waarden

Energietransitie en circulariteit

• ^ ^ ^

Energieverbruik Energieopwekking CO2-emissies Circulariteit

• ^

Geluid

Luchtkwaliteit

Omgevingsveiligheid

Lichthinder

^ ^ ^ • ^ • ^ ^ • ^ • • • • • ^ •

Wegverkeerlawaai Industrielawaai Spoorweglawaai Luchtvaartlawaai Cumulatief geluid Stikstofdioxiden Fijnstof (PM10) Fijnstof (PM2,5) Roet Geur Aandachtsgebieden Risicovolle inrichtingen Transportroutes gevaarlijke stoffen Buisleidingen Overige risicobronnen Straling Lichthinder

Klimaatadaptatie

Tabel 2-1 Thema's en aspecten in deze leefomgevingsfoto

Methode Ieder milieuthema is volgens eenzelfde methode geanalyseerd. De huidige situatie in de gemeente Lansingerland is in beeld gebracht, waar mogelijk met behulp van kaartmateriaal en op basis van openbare informatie. Om een completer beeld te krijgen van hoe deze situatie is ontstaan, zijn de oorzaken en bijvoorbeeld specifieke emissiebronnen onderzocht en beschreven. Om te kunnen bepalen wat de effecten zijn van ambities en doelstelling uit beleid, is ook de zogeheten referentiesituatie in beeld gebracht. De referentiesituatie is de staat van de fysieke leefomgeving in de toekomst in 2050, zonder gemeentelijke beleidsinspanningen. Na de analyse van de huidige- en referentiesituatie volgt een conclusie. Beleids- en beoordelingskader Per thema en aspect zijn er relevante beleids- en beoordelingskaders opgenomen. Dit zijn kaders op EU-, Rijks- of provinciaal niveau die aansluiten bij relevante indicatoren voor thema's en aspecten. Bijvoorbeeld bij luchtkwaliteit zijn de Rijks- en WHO-normen gangbaar om de luchtkwaliteit te beschrijven.

7

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Noot: het gemeentelijke beleid is niet opgenomen. In de LER zullen alle strategische beleidsuitspraken uit de OV2.0 het afwegingskader vormen. Daarmee is de OV 2.0 het overkoepelende strategische instrument. In de omgevingsprogramma's van Lansingerland, die volgen op de omgevingsvisie, kunnen vervolgens de uitspraken uit vigerende tactische beleidstukken worden opgenomen als kader.

2.2

De beoordelingsmethode

2.2.1

Scorebord en beoordelingsmethode Op basis van de thema's en aspecten uit Tabel 2-1wordt elk omgevingsaspect afzonderlijk beoordeeld aan de hand van: ^ de huidige situatie, de situatie beschreven met de meest up-to-date openbare data, ^ de referentiesituatie, de situatie in 2050 als er geen maatregelen worden genomen door de gemeente. ^ expert judgement, een inschatting van deskundigen op basis van kennis en ervaring Hierbij is aan elk thema een waarde toegedicht voor zowel de huidige als de referentiesituatie middels onderstaande scorebalk. Het verschil tussen een positieve (of negatieve) en een zeer positieve (of zeer negatieve) beoordeling is relatief. Per milieuaspect is de beoordeling kort toegelicht. Een voorbeeld van een scorebord is hieronder weergegeven.

Figuur 2-1 Een voorbeeld van een scorebord per thema

8

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

3.

Mobiliteit

3.1

Introductie

antea'group

Mobiliteit speelt een belangrijke rol in de fysieke leefomgeving, verkeer en vervoer nemen ruimte in en hebben effecten op inwoners en de leefomgeving. Het is dus van belang om te weten hoe het gesteld is met de mobiliteit binnen een gemeente, wat de vervoersmogelijkheden zijn en hoe het gesteld is met de verkeersveiligheid. Het waarborgen van verkeersveiligheid is essentieel om ongevallen te voorkomen en een veilige leefomgeving voor alle weggebruikers te creëren. Daarbij is een goed ontwikkelde infrastructuur cruciaal voor de bereikbaarheid en economische vitaliteit van een gebied, en beïnvloedt daarmee de dagelijkse leefomgeving van de bewoners. Dit hoofdstuk richt zich op de infrastructuur, de OV-bereikbaarheid en de verkeersveiligheid. Thema

Aspecten

Mobiliteit

Infrastructuur Ov-bereikbaarheid Verkeersveiligheid

3.2

Beleids- en beoordelingskader Mobiliteitsvisie 2050 Het rijk heeft in 2023 de Mobiliteitsvisie 2050 opgesteld. Hierin zijn de landelijke doelstelling voor mobiliteit uiteengezet. Het doel van het landelijk opstellen van een mobiliteitsvisie is het uitzetten van een eenduidige richting waaraan door provinciale en gemeentelijke overheden een lokale invulling gegeven kunnen worden. Op deze manier werken alle lagere overheden aan dezelfde doelstellingen, met ruimte om daar passend bij de plaatselijke situatie beleidsmatig op te sturen. Zo hebben de provincie Zuid-Holland, de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag en de gemeente Lansingerland zelf ook mobiliteitsdoelstellingen en -visies uitgewerkt. De 4 hoofdlijnen van het beleid zijn: ^ integrale doelen voor bereikbaarheid; ^ het inzetten van de juiste mobiliteit op de juiste tijd en plaats; ^ een mobiliteitssysteem dat voldoet aan de normen voor duurzaamheid, gezonde leefomgeving en veiligheid; ^ een gebiedsgerichte uitwerking van deze hoofdlijnen. Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 In het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 (SPV 2030) wil de Rijksoverheid de (groeiende) behoefte aan mobiliteit accommoderen en gelijktijdige verbetering van de veiligheid en leefbaarheid bewerkstelligen.

De belangrijkste instrumenten daarvoor zijn: ^ Beter benutten van bestaande infrastructuur; ^ Beprijzen van mobiliteit door variabiliseren en differentiëren van de kosten; ^ Nieuwe infrastructuur bouwen waar knelpunten blijven bestaan. Het doel op het gebied van verkeersveiligheid is een permanente verbetering van de verkeersveiligheid door reductie van het aantal verkeersdoden en ernstige verkeersgewonden: ^ Nul verkeersslachtoffers in 2050; ^ De grootste risico's zijn tegen 2030 teruggedrongen; ^ Per thema meetbare resultaten voor 2030 geformuleerd op basis van risico-indicatoren en het ontwikkelen van SPI's. Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid Zuid-Holland 2021-2030 In het 'Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid Zuid-Holland 2021-2030' zijn een aantal doelen vastgesteld. De provincie Zuid-Holland heeft zich ten doel gesteld om op korte termijn (tot 2027) het aantal verkeersdoden terug te dringen tot minder dan 100. Het aantal verkeersgewonden moet dan lager zijn dan 6.570 per jaar.

9

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

De stijgende lijn in het aantal verkeersslachtoffers wil de provincie Zuid-Holland ombuigen in een dalende trend. Op de middellange termijn van 2027 tot 2030 streeft de provincie naar maximaal 85 tot 95 verkeersdoden en maximaal 5.585 tot 6.242 gewonden per jaar. Dat bekent een daling van minimaal 5 tot liefst 15 procent ten opzichte van 2018. Als gevolg van deze doelstelling zijn onderstaande ambities in het uitvoeringprogramma geformuleerd: ^ Meer sturen op risico's (alle partijen steviger regie voeren (provincie); ^ Krachtiger samenspel tussen partners (alle partijen); ^ 80 km-wegen veiliger inrichten (provincie, waterschappen); ^ Polderwegen veiliger inrichten (waterschappen); ^ 50 km-wegen veiliger inrichten (gemeenten) meer fietspaden langs 50 km-wegen (gemeenten); ^ Meer 30 km-zones inrichten (gemeenten); ^ Focus op fietsers, jongeren & ouderen (regionaal ondersteuningsbureau verkeersveiligheid); ^ Vaker afspraken maken over handhaving (politie).

3.3

Huidige situatie

3.3.1

Infrastructuur De infrastructuur in de gemeente Lansingerland bestaat uit verschillende dragers zoals te zien op onderstaande kaart.

' t : Z'óotdorp

ĩviowCv

^ ^ (ktuİsw*!

iap«Uc

lUtwiJlwrlaan

Píjnacker

Zevenhuizen Bleiswijk

D«r

i&ŗkel en

Oudt

Acken

Rji^enrijs

Bergse henhoek

Luchthaven Rotterdam Schiebroek .

'^•îtieohoven) f

Iŵlometers .

1

*

Terbrcggc

Figuur 3-1: Belangrijke wegen in en rondom de gemeente Lansingerland.

Ten eerste er is de A12 die door het noorden van de gemeente loopt, binnen de gemeente is één op- en afrit aanwezig naar deze autosnelweg. De A12 vormt de voornaamste verbinding tussen Den Haag en Utrecht. Daarnaast lopen verschillende provinciale wegen door de gemeente die de regio verbinden met Rotterdam en andere omliggende kernen als Zoetermeer en Pijnacker. Binnen Berkel en Rodenrijs, Bleiswijk en Bergschenhoek liggen weer verschillende ontsluitingswegen naar de provinciale wegen, bijvoorbeeld de Berkelseweg en Oudelandselaan.

10

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Ten zuiden van Lansingerland liggen de A20 en A16. De A16 wordt doorgetrokken naar de A13, aan de zuidgrens van de gemeente. Deze nieuwe rijksweg zal deels door het zuiden van de gemeente Lansingerland lopen en aangesloten worden op de lokale N-wegen N209 en N471. Naar verwachting wordt de doortrekking van de A16 bij Rotterdam in 2025 afgerond. Deze snelweg is aangelegd met het doel de A20 en A13 te ontzien van grote verkeersdrukte en de doorstroming op de ring van Rotterdam te verbeteren. In het oosten van de gemeente bij de Rottemeren loopt een landelijke fiets- en wandelroute. Daarnaast lopen door de gemeente verschillende regionale fietsroutes. Een van de belangrijkste doelstellingen van het mobiliteitsbeleid van de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag is de versterking van (snel)fietsroutes in de regio. Zo worden de gemeentes onderling beter bereikbaar voor langzaam verkeer.

Figuur 3-2: Landelijke fietsroutes (donkergroen), regionale fietsnetwerk (lichtgroen) en lange afstand wandelroutes (rood) in en rondom Lansingerland.

3.3.2

Openbaar Vervoer Lansingerland is met het openbaar vervoer bereikbaar op verschillende manieren. Er is een tram- en treinstation genaamd Lansingerland-Zoetermeer dat bediend wordt door sprinters en trams. Daarnaast zijn er twee metrostations die deel uitmaken van het grotere metronetwerk van Rotterdam en Den Haag. Deze stations zijn: Berkel Westpolder en Rodenrijs. Er rijden drie buslijnen door de gemeente: 170,173 en 174, die worden uitgevoerd door de RET. De gemeente wordt doorkruist door het Hogesnelheidslijn traject Rotterdam-Centraal - Schiphol Airport, maar deze treinen stoppen niet in de gemeente. Zoals te zien op onderstaande lijnenkaart van het openbaar vervoer in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag zijn er verbindingen van de gemeente Lansingerland met de omliggende gemeentes aanwezig en tussen de kernen binnen de gemeente. Alleen de kernen en werkgebieden zijn met name via dus bus ontsloten, aangezien ze op afstand liggen van trein- en metrostations. Voor verplaatsingen binnen de gemeente lijkt het openbaar vervoer 11

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

minder dan ook minder toereikend. Met name voor minder mobiele mensen kunnen bushaltes soms te ver weg liggen om nuttig te zijn. Vanaf de tram en metrostations zijn de steden Den Haag, Rotterdam en Gouda wel goed bereikbaar. zone 5431 ï Z « fî.ìŵ—,'

^Rokkavaan A cn A*® -

i

ļļ

''

Į

Ga''

^

Rokkavaan

trnwiMt

1

Atktrtwoude’

Moleri'

'Sterferi'

Kofiinçihof

Ofanjvwiik 8om«n

Keitfrfs-

.

1 Starran, 1 |ldřlîf-rn 1 ' 1 wijk

Jr JF

Į.

/i

#'

®1 "^Vogelwiik '

wijk

í

■’i;

J ....... . /OD

i

^ompo'

r-

nistf:

Havan-

.'wurl

Oottffiftiliche Ak«tr Aergsche ,

Akkíf

Bergschenhoek Botardorp

Berkel en Rodenrijs

Figuur 3-3 Lijnenkaart Lansingerland (Bron: Lijnenkaart 2024 MRDH)

3.3.3

Verkeersveiligheid In het kader van het opstellen van een nieuw verkeersveiligheidsplan voor de gemeente Lansingerland is onderzoek gedaan naar de huidige verkeersveiligheidssituatie. De huidige situatie is in de volgende alinea's uiteengezet. Objectieve verkeersveiligheid In de periode van 2017 tot en met 2023 vonden in Lansingerland in totaal 1.361 geregistreerde verkeersongevallen plaats, waarbij 483 slachtoffers vielen, waaronder vijf dodelijke slachtoffers. De meeste ongevallen (50%) vonden plaats op wegen met een maximumsnelheid van 50 km/u, zoals de Boterdorpseweg en de Klapwijkseweg. Deze

12

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

wegen hebben een belangrijke verbindingsfunctie binnen de gemeente, maar combineren verschillende verkeersstromen, wat leidt tot een hoger risico op ongelukken. Kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals fietsers en bromfietsers, zijn vaak betrokken bij ongevallen. Zo zijn fietsers betrokken bij 12% van alle geregistreerde incidenten, maar vertegenwoordigen zij samen met bromfietsers 66% van de slachtoffers. Met name de rotondes op de Boterdorpseweg en Klapwijkseweg blijken problematisch door de combinatie van hoge verkeersintensiteit en beperkte overzichtelijkheid. Subjectieve verkeersveiligheid Naast feitelijke cijfers speelt de veiligheidsbeleving van inwoners een grote rol. Via een participatieplatform zijn bijna 1.900 reacties verzameld over knelpunten in het verkeer. Deze reacties wijzen vooral op onoverzichtelijke kruispunten, snelheidsovertredingen en drukte bij schoolomgevingen. Voetgangers uitten relatief veel zorgen (25% van de reacties), terwijl zij in slechts 1% van de geregistreerde ongevallen betrokken zijn. Dit benadrukt de discrepantie tussen feitelijke veiligheid en de perceptie daarvan. Specifieke aandachtspunten ^ Kwetsbare verkeersdeelnemers: Naast fietsers en bromfietsers lopen voetgangers een verhoogd risico bij oversteekplaatsen zonder duidelijke markering of goede verlichting.

^ E-bike-gebruikers: De stijgende populariteit van elektrische fietsen zorgt voor hogere snelheden op fietspaden, wat extra risico's oplevert, vooral bij smalle infrastructuur en onduidelijke verkeersregels. ^ Drukke verkeerspunten: Locaties zoals de Boterdorpseweg en Klapwijkseweg blijven terugkeren als knelpunten waar maatregelen noodzakelijk lijken om de verkeersveiligheid te verbeteren.

3.4

Referentiesituatie Het verkeer neemt de komende jaren autonoom toe. De landelijke trend is dat er elk jaar meer en meer motorvoertuigen de weg op gaan. Daarnaast neemt ook de frequentie op het spoor toe. Het gevolg van de toename van verkeer is dat de druk op de bestaande infrastructuur zal toenemen. De spitsperioden worden langer en doorstroming op de kruispunten gaat langzaamaan achteruit. Daarnaast neemt ook het aantal verkeersongevallen toe bij de toename van verkeer. Vooral in de kernen waar meer niet-gescheiden verkeerstromen aanwezig zijn, gaat het in toenemende mate mis. Daarnaast verslechtert mogelijk ook de doorstroming binnen de gemeente als gevolg van de ingebruikname van de verlengde A16 in 2025. Een ander effect van de inwerkstelling van de A16 is dat ontsluitingsroutes mogelijk anders gaan lopen, waardoor verkeersaantallen per locatie kunnen wijzigen. Sommige plekken worden drukker, terwijl andere rustiger worden. Zodoende leidt de aansluiting van de A16 op het lokale wegennet naar verwachting tot een toename van de filedruk en opstoppingen op de N-wegen in Lansingerland. Deze conclusies volgen uit onderzoek uitgevoerd door Royal Haskoning DHV (bron: Mulitmodaal Mobiliteitsonderzoek N209). Hoewel de coronapandemie gezorgd heeft voor een tijdelijke krimp van de hoeveelheid verkeer op de weg is de stijgende lijn sindsdien weer ingezet.

In 2023 was de filedruk in Nederland hoger dan voor het begin van de pandemie. Het aantal reisbewegingen in totaal ligt ook hoger dan voor de pandemie. Het resultaat daarvan is ook dat het aantal verkeersongelukken met dodelijke afloop in Nederland is toegenomen van 661 in 2019 naar 737 in 2022 en 684 in 2023. In de referentiesituatie zal de verkeersveiligheid, als de gemeente Lansingerland geen maatregelen neemt, verder verslechteren. Locaties zoals de rotondes Boterdorpseweg/Klapwijkseweg blijven ongevalshaarden, ondanks eerdere investeringen, terwijl drukke schoolomgevingen en slecht ingerichte 30 km/u-wegen risicovolle situaties veroorzaken. Nieuwbouwlocaties worden vaak pas later veilig ingericht, waardoor langdurige onveilige situaties ontstaan. Demografische groei, technologische ontwikkelingen zoals e-bikes, en een toenemende verkeersdruk versterken de risico's. Kwetsbare groepen, zoals ouderen, fietsers en kinderen, blijven extra blootgesteld, met smalle fietspaden en gevaarlijke oversteeklocaties zoals de Merenweg als belangrijke knelpunten. Zonder ingrijpen neemt het aantal ongevallen verder toe, evenals het gevoel van onveiligheid bij inwoners.

13

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

3.5

3.6

antea'group

Trends en ontwikkelingen ^

Multimodaal bereikbaar houden van de gemeente bij groei: Groei van de gemeente kan ervoor zorgen dat knelpunten ontstaan op het huidige netwerk van bestaande wegen, fietspaden en OV-routes.

^

Vergroten van het aandeel duurzame mobiliteit: Inzet op duurzame mobiliteit (o.a. stimuleren lopen en fietsen, meer elektrisch autoverkeer, faciliteren deelmobiliteit, instellen zero emission zones, optimaliseren van de stadslogistiek en voorkomen onnodige mobiliteit) is nodig om de nadelige effecten van mobiliteit op de gezondheid van mensen (o.a. uitstoot, geluid) terug te dringen, CO2-uitstoot te verminderen in verband met klimaatdoelstellingen, de kwaliteit van de leefomgeving in Lansingerland te verbeteren (o.a. beperken verkeersdrukte op straat en parkeeroverlast) en hiermee te stimuleren dat zij zich gezond verplaatsen. De meest duurzame wijze van mobiliteit is het voorkomen van onnodige mobiliteit.

Beoordeling

Huidige situatie De infrastructuur in Lansingerland wordt in de huidige situatie als licht positief beoordeeld. Het netwerk is namelijk relatief goed met belangrijke verbindingen zoals de A12 en provinciale wegen, en er wordt gewerkt aan de uitbreiding van de A16, wat de regio beter toegankelijk maakt. Echter, de verkeersveiligheid is een belangrijk aandachtspunt, gezien het aantal ongevallen, vooral met kwetsbare verkeersdeelnemers zoals fietsers en voetgangers. De beperkte infrastructuur voor langzaam verkeer en de drukke verkeerspunten, zoals de Boterdorpseweg en Klapwijkseweg, verhogen de risico's. De toegenomen verkeersdrukte door demografische groei en technologische ontwikkelingen (zoals e-bikes) vormt een uitdaging. Er is een duidelijke discrepantie tussen de objectieve verkeersveiligheid en de subjectieve beleving van veiligheid onder bewoners. De verkeersveiligheid wordt hierdoor als neutraal beoordeeld. Referentiesituatie In de referentiesituatie verschuift de beoordeling van licht positief naar neutraal en van het aspect verkeersveiligheid van neutraal naar licht negatief. In de referentiesituatie wordt namelijk een toename van verkeer verwacht en een aanzienlijke verslechtering van de verkeersveiligheid verwacht.

De toename van het verkeer door demografische groei en de ingebruikname van de verlengde A16 zal de druk op de infrastructuur verder verhogen, met name op de N-wegen in Lansingerland. Dit zal de doorstroming verminderen en de kans op verkeersongevallen vergroten, vooral bij de bestaande risicopunten zoals rotondes en schoolomgevingen. De beperkte aandacht voor de inrichting van nieuwbouwlocaties en de stijgende risicogroepen (zoals fietsers, ouderen, en kinderen) dragen bij aan de verslechterende situatie. Zonder ingrijpen neemt de doorstroming naar verwachting af en neemt zowel de objectieve als subjectieve verkeersveiligheid verder af. De referentiesituatie is dan ook licht negatiever beoordeeld.

14

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

4.

Geluid

4.1

Introductie

antea'group

Geluid is een belangrijke factor in de leefomgeving, met directe gevolgen voor het welzijn en de gezondheid van mens en dier. Hard of specifiek geluid kan zorgen voor overlast. Geluidsoverlast door wegverkeer, industrie, trein en luchtvaart kan de levenskwaliteit verminderen en heeft negatieve effecten op de gezondheid van mensen. Daarbij kunnen deze geluidsbronnen ook nog een cumulatief effect hebben. Geluidoverlast kan bijvoorbeeld leiden tot slaapverstoring, een verhoogd risico op hart- en vaatziekten andere gezondheidsklachten bij omwonenden. Dit hoofdstuk behandelt de verschillende geluidsbronnen die de regio beïnvloeden, zoals wegverkeerlawaai, spoorweglawaai, luchtvaartgeluid en cumulatief geluid. De beoordeling van wegverkeerlawaai richt zich op de geluidsbelasting veroorzaakt door het verkeer op de grote wegen, terwijl spoorweglawaai en luchtvaartgeluid de impact van transportmodi op de omgevingen rondom spoorlijnen en luchthavens belichten. Cumulatief geluid, dat het resultaat is van de gecombineerde geluidsbronnen, is ook onderzocht, omdat het een belangrijk aspect is voor de algehele geluidsbelasting in een gebied. De beoordeling biedt inzicht in de mate van geluidsoverlast in de regio en de mogelijke effecten op de gezondheid van de bewoners. Thema

Aspecten

Geluid

Wegverkeerslawaai Industrielawaai Spoorweglawaai Luchtvaartlawaai Cumulatief geluid

4.2

Beleids- en beoordelingskader Nederlandse standaard (streef)- en grenswaarden In onderstaande tabel zijn de wettelijke, Nederlandse standaard- en ontheffings (grens)waarden voor geluidsbelasting Lden (level day, evening, night) per geluidsbron aangegeven. Deze waarden gelden als maximale waarden voor de geluidsbelasting 'op de gevel' van woningen. Voor andere, niet geluidgevoelige functies, gelden net iets hogere waarden. Boven de grenswaarden is het verplicht geluidmitigerende maatregelen te treffen. Tussen de standaard- en grenswaarden is het verplicht te onderzoeken welke doelmatige en realistische maatregelen er getroffen kunnen worden. De Nederlandse standaard- en grenswaarden zijn opgenomen in tabel 5.78t en 5.78u van de Omgevingswet. Type

Juridische standaardwaarde

Industrie

50 dB Lden 40 dB Lnight 55 dB Lden

Spoorweg Wegverkeer

Juridische maximale ontheffingswaarde 55 dB(A)

WHO maximale advieswaarde

65 dB Lden

54 dB (44 dB in de nachturen) 53 dB (45 dB in de nachturen)

Luchtvaart

50 dB Lden (provinciale en rijskwegen) 53 dB Lden (gemeente- en waterschapswegen) 48 dB

60 dB Lden (provinciale en rijskwegen) 70 dB Lden (gemeente- en waterschapswegen) -

Cumulatief

-

-

-

45 dB (40 dB in de nachturen) -

Tabel 2 Wettelijke grenswaarden en WHO-advieswaarden

15

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Nieuwe geluidsregels provinciale wegen De belangrijkste provinciale verantwoordelijkheden voor geluid concentreren zich op de provinciale infrastructuur, provinciale inrichtingen, regionale luchthavens en stiltegebieden. De inzet is gericht op het voorkomen en verminderen van geluidhinder door weg- (en rail) verkeer, luchtvaart en industrie (zonering en vergunningverlening) en het aanwijzen en beschermen van stiltegebieden. Van 2018-2023 gold het Actieplan Provinciale Wegen in de provincie Zuid-Holland. Met het intreden van de Omgevingswet is die komen te vervallen. De provincie is bezig een nieuw actieplan op te stellen. Voor elke weg worden geluidproductieplafonds (GPP's) vastgesteld, gebaseerd op het gemiddelde geluidsniveau van het voorgaande jaar plus 1,5 dB, wat neerkomt op 40% maximale verkeersgroei. Deze plafonds beperken verdere groei van verkeersgeluid en verplichten de provincie om bij overschrijding maatregelen te nemen, zoals het verlagen van de maximumsnelheid, het aanbrengen van stil asfalt of het plaatsen van geluidsschermen. De GPP's worden tussen 2024 en 2026 berekend en vastgelegd in een openbaar geluidregister. Jaarlijkse monitoring en vijfjaarlijkse evaluaties zorgen ervoor dat de geluidsniveaus onder controle blijven.

4.3

Huidige situatie

4.3.1

Wegverkeerlawaai De hoogste geluidniveaus veroorzaakt door wegverkeer zijn in de gemeente Lansingerland te vinden langs de Rijks­ en provinciale wegen. Het gaat in het noorden om de Rijksweg A12. Daarnaast zijn de N470, N471, N472 en N209 de grootste bronnen van wegverkeerslawaai. De provinciale wegen lopen langs of door de kernen Bleiswijk, Berkel en Rodenrijs en Bergschenhoek.

Figuur 4-1 Geluid van wegverkeerslowooi (Bron: RIVM, 2021)

16

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Bovenstaande figuur toont, op hoog schaal- en abstractieniveau, de geluidbelasting binnen de gemeente Lansingerland. Overgrote delen van de gemeente vallen, gelet op de geluidsbelasting in de categorieën 'redelijk' tot 'goed'. In de kernen is sprake van hoge geluidsbelasting door wegverkeerlawaai. In het buitengebied is dit minder het geval. Dit betekent ook dat in de kernen niet overal aan de WHO-advieswaarden wordt voldaan, wat resulteert in een aanzienlijk verhoogd risico op gezondheidseffecten voor de inwoners van de betreffende kernen. De geluidbelasting per locatie is verschillend. Direct aan de doorgaande wegen gelegen - de wegen waar een grote hoeveelheid gemotoriseerd verkeer per etmaal gebruik van maakt - is de geluidbelasting aanmerkelijk hoger dan op verder weg liggende bebouwing. Daarbij speelt de afschermende werking van bebouwing langs wegen ook een rol. Het zorgt ervoor dat er in de woonwijken veelal wel wordt voldaan aan de WHO-advieswaarden maar aan de doorgaande wegen niet. Aan de doorgaande wegen wordt de geluidbelasting grotendeels geclassificeerd als 'matig' of slechter. Deze gegevens stammen uit 2021. Er is in de berekening van de gemiddelde geluidsbelasting gecorrigeerd voor de afname in wegverkeer als gevolg van de coronapandemie. Sindsdien is de hoeveelheid wegverkeer verder gegroeid en daardoor is de hoeveelheid geluid ook mogelijk gestegen.

In 2023 en 2024 zijn er geluidsschermen geplaatst aan de N209 ter oosten van Bergschenhoek. De laatst bekende geluidsdata bij het RIVM stamt uit 2021, de geluidsschermen zijn daarin nog niet opgenomen. Een verbetering van het geluidsniveau in de Bergschenhoekse woonwijken direct ten westen van de N209 gelegen is te verwachten. 4.3.2

Industrielawaai Geluid kan afkomstig zijn van individuele bedrijven, maar ook van milieugezoneerde industrieterreinen. Deze gezoneerde industrieterreinen kennen een zogeheten geluidszone waarbinnen grote lawaaimakers zich mogen vestigen. Hiermee wordt planologisch geborgd dat de geluidbelasting op nabijgelegen woningen niet boven vastgestelde waarden komen: doorgaans wordt hier een waarde van 50 dB(A) voor gehanteerd. Binnen de geluidszone zijn wel bedrijfswoningen toegestaan die niet hetzelfde beschermingsregime kennen al s 'gewone' woningen (en andere geluidgevoelige bestemmingen). In de gemeente zijn geen gezoneerde industrieterreinen aanwezig.

4.3.3

Spoorweglawaai Het spoorweglawaai in de gemeente wordt veroorzaakt door twee trajecten: de HSL van Rotterdam naar Amsterdam en de spoorlijn tussen Den Haag en Gouda. De HSL is gesitueerd in de smalle strook tussen Berkel en Rodenrijs en Bergschenhoek. De geluidsbelasting van het railverkeer is in het grootste deel van de woonkernen lager dan 55 dB (Lden). De spoorlijn ligt hier namelijk grotendeels in een verdiepte bak. Desondanks is langs het spoor sprake van enige geluidhinder. Er zijn door ProRail inmiddels geluidsabsorberende panelen aangelegd langs de hogesnelheidslijn in de gemeente wat het geluid ook enigszins dempt. De spoorlijn Den Haag-Gouda loopt parallel aan de A12. Deze trajecten vormen samen een grote geluidsbron in het noorden van de gemeente. Door Berkel en Rodenrijs loopt ook de RandstadRail die Rotterdam Centraal verbindt met Den Haag Centraal. Het geluidsniveau als gevolg van deze metrolijn is niet opgenomen in de bovenstaande kaart, maar de metrolijn zorgt wel voor geluidsbelasting in Berkel en Rodenrijs, met name de eerste lijn bebouwing direct aan het spoor gelegen. Het geluidniveau als gevolg van treinverkeer is in onderstaande afbeelding weergegeven. De gegevens komen uit 2021 maar zijn gecorrigeerd voor een afgenomen hoeveelheid treinverkeer als gevolg van de coronapandemie.

In de jaren daarna is de hoeveelheid treinverkeer niet zo hard gegroeid als het wegverkeer. In 2023 heeft de NS de Intercity Next Generation (ICNG) in gebruik genomen. Deze nieuwe, moderne trein vervangt geleidelijk de rijtuigen met Traxx-locomotieven. De ICNG is bij dezelfde snelheid stiller dan een rijtuig met Traxxlocomotief. De ICNG kan echter een snelheid tot 200 kilometer per uur rijden. Bij dit hogere snelheidsniveau is het verschil met de Traxx-locomotief (160 km/u) naar verwachting erg klein. Op het moment van schrijven (5-12-2024) kunnen treinen niet op volle snelheid over delen van de HSL tussen Rotterdam en Amsterdam rijden vanwege haarscheurtjes in enkele viaducten. Vanwege deze zwakheden in de constructies is de maximumsnelheid verlaagd naar 80 km/u op het traject tussen de Groene Hart tunnel en Hoofddorp. Deze verlaging van de snelheid duurt naar verwachting tot 2026. Hoewel dit traject niet in de gemeente ligt, drukt de geluidsbelasting rond de HSL in Lansingerland enigszins. De trein rijdt immers op de hele lijn tussen Rotterdam en Schiphol een lagere snelheid.

17

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Figuur 4-2 Geluid treinverkeer (Bron: RIVM, 2019)

4.3.4

Luchtvaartlawaai Hoewel de luchthaven Rotterdam-The Hague airport buiten het grondgebied van de gemeente Lansingerland ligt, is er sprake van geluidsbelasting van de luchtvaart in de gemeente en is het belangrijk om in beeld te hebben hoe de inwoners die de geluidsbelasting ervaren. In Figuur 4-3Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. zijn de geluidscontouren van vliegveld Rotterdam-The Hague airport zichtbaar. Deze reiken tot ver in de gemeente Lansingerland. Vanwege de oriëntatie van de start- en landingsbanen van het vliegveld ervaren met name inwoners van Bergschenhoek geluidsbelasting van het vliegverkeer rondom het vliegveld. Onderzoek naar ervaren geluidshinder door luchtvaart wijst uit dat in Bergschenhoek men grotere hinder ervaart dan de andere kernen in de gemeente: 13-28% van de inwoners ervaart hier hinder. In Bleiswijk en in Berkel en Rodenrijs ervaart men ook hinder, maar in mindere mate: 5-13% van de inwoners (GGD Nationale Gezondheidsmonitor 2020). Het geluid van de luchtvaart heeft ook effect op de slaap van de inwoners van Lansingerland. In de Gezondheidsmonitor van de GGD Rijnmond heeft 21% van de inwoners van de gemeente aangegeven dat hun slaap matig tot ernstig verstoord werd in het voorgaande jaar door luchtvaartlawaai (GGD Rijnmond Gezondheidsmonitor 2022). In 2023 is Rotterdam - The Hague Airport binnen de toegewezen geluidsruimte gebleven.

In 2023 reisden ruim 2.2 miljoen passagiers via Rotterdam - The Hague Airport. Dat was een toename van ongeveer 200.000 reizigers ten opzichte van 2019, het laatste jaar met beschikbare informatie over geluidsbelasting en ervaren geluidshinder.

18

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Legenda Geluid vliegverkeer (Iden) 45 dB 46

50 dB

51

55 dB

56

60 dB

61

65 dB

Zotiermeer

Moert sop

lCaAM|kef1aan

66 70 dB 71 dB

BletavMtk Oeltl

en Rodannis Berļpcher

aan

schaam RoOerdam Figuur 4-3 Geluid van vliegverkeer (Bron: RIVM, 2020)

19

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Figuur 4-4 Ernstige geluidshinder door vliegverkeer in Berkel-Rodenrijs en Bergschenhoek (Bron: RIVM, 2020)

4.3.5

Cumulatief geluid De gecombineerde impact van alle verschillende geluidsbronnen kan leiden tot significante overlast en gezondheidsrisico's. Op de onderstaande kaart is de cumulatieve geluidbelasting in de gemeente Lansingerland te zien. De cumulatieve geluidskaart van Nederland is opgebouwd door de totale geluidsbelasting van wegverkeer, treinverkeer, industrie en windturbines1 bij elkaar op te tellen. Geluidbelasting als gevolg van Rotterdam The Hague Airport en de RandstadRail door Berkel en Rodenrijs is echter niet opgenomen in deze kaart. Uit de kaart valt op te maken dat de cumulatieve geluidbelasting vooral in de kernen het hoogst is en langs de aders van de A12 en de HSL. In het buitengebied is de cumulatieve geluidbelasting beperkt, met uitzondering van het gebied direct grenzend aan de A12 en de HSL.

1 Op dit moment niet aanwezig in de gemeente Lansingerland, maar wel aan de gemeentegrens, in de buurgemeenten 20

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Figuur 4-5 Geluid cumulatief (Bron: RIVM, 2020)

4.4

Referentiesituatie Een algemene landelijke trend is dat de geluidbelasting als gevolg van gemotoriseerd verkeer op individuele schaal steeds verder afneemt. Dit komt door stiller wordende motoren, maar ook door de steeds grotere toepassing van stil asfalt. Per rijdende auto wordt de geluidsbelasting dus minder. Ruimtelijke ingrepen, zoals geluidschermen, dienen gematigd toegepast te worden als gevolg van de landschappelijke en ruimtelijke impact hiervan. Daarentegen neemt het aantal inwoners, woningen en auto's in Nederland toe en neemt zodoende de hoeveelheid verkeer toe. Door deze verwachte toename aan de hoeveelheid verkeer neemt de totale geluidsbelasting ondanks eerdergenoemde geluidsbeperkende maatregelen mogelijk niet af. Bovendien neemt de frequentie op de spoorlijnen door de gemeente de komende jaren ook toe - er gaan meer metro's en meer treinen rijden om het toenemende reizigersaanbod te vervoeren. Zonder maatregelen aan deze geluidbronnen wordt de potentiële hinder op (bestaande) woningen en andere geluidgevoelige objecten als gevolg hiervan groter. In de referentiesituatie is de Groene Boog (A16/A13) gerealiseerd. Deze loopt door de gemeente, maar ligt langs Bergschenhoek en Berkel en Rodenrijs grotendeels verdiept. Hierdoor blijft de geluidbelasting en uitstraling ervan op de omgeving enigszins beperkt tot de bak waarin de weg ligt.

Dit is ook een afspraak in het kader van 'Saldo nul' waarbij omwonenden de nieuwe snelweg niet mogen zien, horen of ruiken. Het aandeel vliegverkeer neemt niet zondermeer toe. De luchtvaartbranche kan enkel groeien wanneer de potentiële hinder afneemt - dit is opgenomen in de Luchtvaartnota van het Rijk. In hoeverre Rotterdam-The Hague Airport dus verder groeit, is afhankelijk van technologische ontwikkelingen en het milieu- en gezondheidsbeleid hieromtrent. Tevens is er onder de Omgevingswet een nieuw rekenmodel gehanteerd voor cumulatief geluid, waarin luchtvaartlawaai een grotere bijdrage aan de algehele cumulatieve geluidbelasting levert dan voorheen. Het vliegveld heeft een nieuwe vergunning nodig, een zogeheten luchthavenbesluit. Op dit moment wordt hier

21

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

aan gewerkt. Zolang er geen nieuw luchthavenbesluit genomen is gelden de bestaande regels. De effecten van het nieuwe luchthavenbesluit op de geluidsbelasting in Lansingerland zijn dus nog onbekend. Het vliegveld zelf hoopt verder te kunnen groeien door het gebruik van stillere vliegtuigen. De ontwikkeling van de geluidshinder in Lansingerland is dus deels afhankelijk van hoe de nieuwe vergunning van het vliegveld eruit gaat zien, wat het aantal toegestane vluchten zal gaan zijn en de implementatie van technologische ontwikkelingen in de luchtvaartindustrie die geluidsoverlast van vliegtuigen verlagen. De gevolgen voor de geluidsoverlast van het vliegveld op de bevolking in Lansingerland is afhankelijk van de uitkomst van de ruimte die de luchthaven krijgt in het nieuwe luchthavenbesluit.

4.5

4.6

Trends en ontwikkelingen ^

Basisgeluidsemissie-programma: De gemeente gaat de geluidsbelasting van het verkeer monitoren via het basisgeluidsemissie-programma. Dit landelijke programma is ingevoerd onder de Omgevingswet en helpt gemeentes grip te hebben op de hoeveelheid geluid. Zo kunnen tijdig maatregelen getroffen worden.

^

Geluid van warmtepompen: De laatste jaren wordt geluidsoverlast door warmtepompen steeds vaker een aandachtspunt. Deze pompen, die vaak in woningen en bedrijfspanden worden geïnstalleerd, kunnen geluid produceren door compressoren en ventilatoren. In dichtbevolkte gebieden kan dit bijdragen aan de geluidsbelasting, vooral als de installatie niet optimaal is. Het is belangrijk dat de gemeente hierop let en indien nodig maatregelen neemt om overlast te beperken.

^

Stillere infrastructuur: Gemeenten en provincies investeren in maatregelen zoals stil asfalt, geluidswallen en geluidsarme spoorrails. Hoewel dit de geluidshinder lokaal vermindert, blijft de effectiviteit beperkt zonder bredere aanpak van verkeersintensiteit en luchtvaart. De kosten van dergelijke maatregelen vormen bovendien een belemmering voor grootschalige implementatie.

Beoordeling

Huidige situatie Alle aspecten binnen het thema geluid worden in de huidige situatie licht negatief beoordeeld, op industrielawaai en spoorweglawaai na. Deze worden neutraal beoordeeld. Geluid is namelijk een belangrijk aandachtspunt in Lansingerland, waar diverse bronnen zoals wegverkeer, spoorwegen en luchtvaart bijdragen aan de geluidsbelasting en de ervaren hinder hiervan. De verspreiding en impact hiervan verschilt sterk per locatie, met vooral uitdagingen in de stedelijke kernen en langs infrastructuur. In het algemeen valt de geluidsbelasting in de normcategorieën 'redelijk' tot 'goed'. Industrielawaai wordt als neutraal beoordeeld aangezien er in de gemeente geen gezoneerde industrieterreinen aanwezig zijn. In de gemeente Lansingerland is de geluidsoverlast door wegverkeer een belangrijk probleem, vooral langs de A12, N470, N471, N472 en N209. In de kernen is de geluidsbelasting vaak hoger dan de aanbevolen WHO-waarden, wat

22

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

de gezondheid van de bewoners kan beïnvloeden. De plaatsing van geluidsschermen langs de N209 biedt enige verbetering, maar de algehele geluidsbelasting in de kernen blijft een zorg. Spoorweglawaai veroorzaakt enige hinder, maar dit is grotendeels beperkt door geluidsabsorberende maatregelen van ProRail. Luchtvaartlawaai van Rotterdam-The Hague Airport beïnvloedt met name Bergschenhoek, maar is minder problematisch in andere kernen. De cumulatieve geluidbelasting is aanwezig in de gehele gemeente. In de kernen is deze hoog, maar beperkt in het buitengebied. Referentiesituatie In de referentiesituatie zijn wegverkeerlawaai, luchtvaartlawaai en cumulatief geluid verslechterd naar negatief. In de referentiesituatie wordt de geluidshinder in Lansingerland namelijk mogelijk groter door de groei van het verkeer, het aantal trein- en metroverbindingen en de luchtvaart. De geluidsbelasting als gevolg van gemotoriseerd verkeer zou kunnen afnemen door stillere motoren en stiller asfalt, maar de verwachte toename in verkeer door groei van de bevolking en het aantal voertuigen zou de totale geluidsbelasting weer kunnen verhogen. Ook zal het aantal trein en metro ritten toenemen, wat leidt tot meer geluidsimpact in de gemeente.

Voor luchtvaartlawaai is de situatie afhankelijk van de verdere groei van Rotterdam-The Hague Airport en de technologische ontwikkelingen die de geluidsimpact kunnen verlagen. De impact van deze groei kan leiden tot hogere geluidshinder, vooral als er geen aanvullende maatregelen getroffen worden. De effecten van de nieuwe luchthavenvergunning zijn nog onbekend, wat zorgt voor onzekerheid in de toekomst van luchtvaartlawaai in Lansingerland. Gelet op de onzekerheden en mogelijke ontwikkelingen is de referentiesituatie slechter beoordeeld dan de huidige situatie.

23

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

5.

Luchtkwaliteit

5.1

Introductie

antea'group

Luchtkwaliteit is van groot belang voor de gezondheid van de inwoners en de algehele leefbaarheid in een regio. Daarom is het van belang om zicht te hebben op bepaalde schadelijke stoffen in de lucht. Dit hoofdstuk richt zich op de concentraties van luchtverontreinigende stoffen, zoals stikstofdioxiden, fijnstof (PM10), roet en geur. Hoge concentraties NOz in de lucht kunnen leiden tot irritatie van de luchtwegen en een verminderd functioneren van de longen. Langdurige blootstelling verhoogt het risico op luchtwegaandoeningen zoals astma en bronchitis. Daarnaast draagt NOz bij aan de vorming van fijnstof en ozon, wat verdere gezondheidsrisico's met zich meebrengt. Fijnstof bestaat uit kleine deeltjes die diep in de luchtwegen kunnen doordringen. De twee meest kritieke stoffen die luchtverontreiniging veroorzaken zijn stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2.5). Fijnstof bestaat uit een verzameling van diverse elementen, waaronder ook natuurlijke stoffen zoals zeezout en bodemstof. Het overgrote deel van de fijnstofuitstoot komt uit menselijke bronnen zoals industrie en verkeer. PM10-deeltjes (kleiner dan 10 micrometer) kunnen de bovenste luchtwegen bereiken en leiden tot irritatie en ontstekingen.

PM2,5-deeltjes (kleiner dan 2,5 micrometer) zijn nog schadelijker, aangezien ze dieper in de longen doordringen en in de bloedbaan kunnen terechtkomen, wat kan leiden tot cardiovasculaire aandoeningen en longziekten. Roetdeeltjes, voornamelijk afkomstig van verbrandingsprocessen zoals dieselmotoren en houtstook, maken deel uit van de fijnere fractie van fijnstof en hebben typisch een afmeting kleiner dan 0,3 micrometer. Een groot deel van de roetdeeltjes zit in de ultrafijne fractie. Deze deeltjes kunnen bij inademing diep in de longen terechtkomen en zijn geassocieerd met luchtwegklachten en hart- en vaatziekten. Stelselmatige blootstelling aan roetdeeltjes, kunnen grote gezondheidseffecten - zoals ademhalingsproblemen - veroorzaken. Geur is overal om ons heen. Vaak is er nauwelijks besef dat we verschillende geuren ruiken. Echter kan geur ook een negatief effect hebben, dan spreken we van geurhinder of geuroverlast. Als iemand geurhinder ervaart, betekent dat nog niet dat het maatschappelijk of volgens wetgeving onacceptabel is. De emissie van geur kan leiden tot gezondheidsklachten zoals een negatief effect op het welbevinden of een belemmering voor mensen in de dagelijkse bezigheden. Thema

Aspecten

Luchtkwaliteit

Stokstofoxiden Fijnstof (PM10) Fijnstof (PM2,5) Roet Geur

5.2

Beleids- en beoordelingskader Schone Lucht Akkoord (SLA) De gemeente Lansingerland is medeondertekenaar van het Schone Lucht Akkoord (SLA) dat in 2020 is gesloten tussen het Rijk, provincies en gemeenten. Hiermee committeert de gemeente zich aan het treffen van maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Nederlandse wet- en regelgeving en WHO-advieswaarden In de Nederlandse wet- en regelgeving zijn de grenswaarden voor verschillende luchtverontreinigende stoffen opgenomen. De belangrijkste staan in de tabel hieronder. Daarnaast wordt in toenemende mate getoetst aan de strengere streefwaarden van de World Health Organisation (WHO). Ook deze zijn opgenomen in de tabel. Met name op het gebied van fijnstof zijn de WHO-advieswaarden strenger. Vanaf 2030 moet Nederland voldoen aan (op dit moment nieuwe) Europese luchtkwaliteitseisen. De nieuwe normen zijn in 2024 op Europees niveau vastgesteld en moeten in 2026 in elke lidstaat gaan gelden. Deze zijn ook opgenomen in onderstaande tabel:

24

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Stof

Toetsingsperiode

Wettelijke grenswaarde

WHO Streefwaarde

NO2

Jaargemiddeld

Maximaal 40 ^g/m3 (EU 2030: 20 ^g/m3)

Maximaal 10 ^g/m3

PM10

Jaargemiddeld

Maximaal 40 ^g/m3 (EU 2030: 20 ^g/m3)

Maximaal 15 ^g/m3

PM2,5

Jaargemiddeld

Maximaal 25 ^g/m3 (EU 2030: 10 ^g/m3)

Maximaal 5 ^g/m3

Er zijn per type stof wettelijke normen vastgesteld waar de waardes onder dienen te blijven. Dat betekent niet dat de aanwezigheid van deze stoffen onder deze norm vervolgens geen gezondheidsrisico's voor bewoners van een gebied meer oplevert. Vooral kinderen, ouderen en mensen met luchtwegaandoeningen of hart- en vaatziekten zijn vatbaar voor klachten ten gevolge van luchtverontreiniging. Voor de uitstoot van roet bestaan geen Europese of nationale normen. Ook de WHO heeft in 2024 geen advieswaarde vastgesteld, alleen een informeel (gezondheidskundige) richtwaarde van 1,03 ^g/m3. Geurhinderbeleid Zuid-Holland In dit 2024 geactualiseerd beleid is door de provincie Zuid-Holland vastgesteld wat de grenswaarden zijn voor geuroverlast, en welk typen gebouwen wel of niet geurgevoelig zijn. Voor de regio Rijnmond gelden ietwat strengere gebiedsspecifieke regels. Het geurhinderbeleid van de provincie Zuid-Holland is een verdieping van het landelijke geurbeleid, zoals vastgelegd in het Activiteitenbesluit en de Beleidsnota Actualisatie geurhinder. Het doel van dit beleid is om geurhinder door industriële activiteiten en veehouderij te beperken tot een acceptabel niveau, waarbij geurgevoelige objecten worden beschermd. Er worden drie types geurgevoelige objecten gehanteerd: Type 1 (bijvoorbeeld woningen en scholen), type 2 (winkels en kantoren) en type 3 (industriële bestemmingen).

Vanwege de complexiteit van geurbronnen in de regio Rijnmond, waar veel industriële activiteiten dicht bij elkaar gelegen zijn, heeft de provincie Zuid-Holland specifieke maatregelen vastgesteld voor deze regio in het Geurhinderbeleid voor de Regio Rijnmond. Het doel is om geurhinder buiten de inrichting zoveel mogelijk te voorkomen door het gebruik van de beste beschikbare technieken (BBT). Geurgevoelige objecten, zoals woningen en scholen, worden beschermd tegen onaanvaardbare geurhinder door het vaststellen van specifieke geurgrenzen. Daarbij zijn er specifieke grenzen vastgesteld voor wat als hinderlijke en ernstige geurhinder wordt beschouwd. Deze normen zijn strenger in de regio Rijnmond. geurtype C{H ^ -2) < 5 ouE/mS

emissie-uren Hindergrens per jaar ^ 3.500 0,5 ouEZnn3 als 98-percentiel < 3.500

C{H ^ -2) ž 5 ouE/mS

^ 3.500 < 3.500

Ernstige Hindergrens

[0]

C(H ^ -2) als 98-percentiel

2,5 ouE7m3 als 99,99percentiel 0,5 ouE7m3 als 98-percentiel

5xC(H = -2) als 99,99percentiel 5 ouEym3 als 98-percentlel

2,5 ouEZm3 als 99,99percentiel

25 ouE7m3 als 99,99percentlel

Tabel 3 tabel hinder- en grenswaardes geurhinder Zuid-Holland (bron: Provincie Zuid-Holland, 2021)

5.3

Huidige situatie

5.3.1

Stikstofdioxiden In de onderstaande kaart zijn de concentraties stikstofdioxide te zien (NO2). Deze liggen onder de grenswaarde van 40 ^g/m3. De grootste uitschieters zijn te zien rond de A12 en sporadisch rond de N209, hier liggen de waarden tussen de 25 en 30 ^g/m3. In het buitengebied zijn de concentraties het laagst tussen de 14/16 en 20 ^g/m3. In Bleiswijk, Berkel en Rodenrijs en Bergschenhoek liggen de concentraties NO2 tussen de 20 en 25 ^gZm3. De stikstofwaardes liggen overal boven de WHO-advieswaarde. Stikstofconcentraties zijn op lokaal niveau moeilijker te beïnvloeden dan bijvoorbeeld fijnstof. Hoewel bijvoorbeeld nabij wegen en industrie de concentraties vaak hoger zijn, bepalen de achtergrondconcentraties voor een groot deel de hoeveelheid stikstofdioxiden in de lucht. Met name in West- en Zuid-Nederland zijn de achtergrondconcentraties hoger vanwege de hoge dichtheid aan uitstootbronnen (bron: Ministerie van I&W, Stikstofdioxide | Publicatie | Rijksoverheid.nl , 2024). 25

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Nabij Lansingerland is bijvoorbeeld de haven van Rotterdam een grote bron van de uitstoot van stikstofdioxiden. Vrachtverkeer over de rijkswegen in de regio is ook een significante bron van stikfstofuitstoot. De glastuinbouw in Lansingerland en de rest van de regio is, in vergelijking met andere sectoren binnen de landbouw, een relatief kleine bron van stikstofuitstoot. De glastuinbouw stoot daarnaast geen ammoniak uit. Landelijk gezien stoot de traditionele landbouw en veehouderij een veelvoud aan ammoniak en stikstof uit (CBS, 2024, Bijlage 1. Detailoverzicht van emissies naar landbouwproductgroep | CBS), In de glastuinbouw komt de stikstofuitstoot met name door de verwarming van de kassen met aardgas en het transport van de geproduceerde gewassen. De glastuinbouw is daarentegen wel een grote bron van CO2. Binnen de gemeente Lansingerland stoot de glastuinbouw ongeveer even veel stikstof uit als de verkeers- en transportsector (Emissieregistratie, 2025, Emissieregistratie). Vanwege de hoge dichtheid van glastuinbouwbedrijven is de NO2-emissie per vierkante kilometer vrij hoog in vergelijking met andere gemeentes.

Figuur 5-1: Concentraties stikstofdioxide (NO2) in 2022. Bron: RIVM. 5.3.2

Fijnstof (PM10) In de onderstaande kaart zijn de concentraties fijnstof (PM10) te zien. Deze liggen in de gehele gemeente onder 18 ^g/m^, In het buitengebied liggen de concentraties lager dan in de kernen, zo rond de 16-17 ^g/m^. Overal liggen de waarden ruim onder de grenswaarde van 40 ^g/m^ en soms bijna onder de WHO-grenswaarde van 15 ^g/m^.

26

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Figuur 5-2: Concentraties fijnstof (PMio) in 2022. Bron: RIVM.

Bron fijnstof PM10

Absolute hoeveelheid fijnstof PM10 in kg

Percentage van totale uitstoot Lansingerland

Verkeer en vervoer

15.535

317o

Binnenshuis stoken (open haard, centrale verwarming op gas/pellets/hout etc.)

11.876

247o

Bouw

5.152

107o

Overige industrie

3.925

87o

Overige bronnen

3.147

67o

Afsteken van vuurwerk

3.003

67o

Chemische industrie

2.749

57o

Landbouw

2.357

57o

Tabel 4 Grootste bronnen van uitstoot van fijnstof PM10 in Lansingerland (bron: Emissieregistratie, 2022, aangeleverd door gemeente Lansingerland)

5.3.3

Fijnstof (PM2,5) Voor de jaargemiddelde concentratie PM2,5 geldt een grenswaarde van 25 ^g/m^. PM2,5 (zeer fijn stof) is een deelverzameling van PM10, de PM10- en PM2,5-concentraties zijn dan ook sterk aan elkaar gerelateerd. Ook aan de wettelijke grenswaarden voor PM2,5 wordt voldaan in de gemeente. De streefwaarden van de WHO worden niet gehaald. In figuur 5-3 is te zien dat de hoogste concentraties fijnstof rond de woonkernen liggen.

27

Leefomgevingsfoto Lansingerland Ten behoeve van Omgevingsvisie 2.0 projectnummer 0489196.100 21 januari 2025 Gemeente Lansingerland

antea'group

Kluisw(?y

Moofkapotlľ

Legenda: Fijn stof conc. (microgram PM2,5Zm3) WHO advieswaarde ■Oude

9 -10 10 -11 11 -15 s 15 Figuur 5-3 Concentraties fijnstof (PM2,5) in 2022. Bron: RIVM.

Bron fijnstof PM2,5

Absolute hoeveelheid fijnstof PM2,5 in kg

Percentage van totale uitstoot Lansingerland 35"Zo

Binnenshuis stoken (open haard, centrale verwarming op gas/pellets/hout etc.)

11.295

Verkeer en vervoer

8.029

25"Zo

Overige bronnen

2.796

9"Zo

Bouw

1.760

6"Zo

Landbouw

1.570

5Zo

Afsteken van vuurwerk

1.561

5Zo

Chemische industrie

1.526

5Zo

Sigaretten

1.299

4Zo

Tabel 5 grootste bronnen van uitstoot van Fijnstof PM2,5 in Lansingerland (Bron: Emissieregistratie, 2022, aangeleverd door gemeente Lansingerland)

5.3.4

Roet Roet is elementair koolstof (EC) en ontstaat bij de onvolledige verbranding van koolstofhoudende brandstoffen (hout, gas, kolen, olieproducten). Hoewel de grootste hoeveelheid roetdeeltjes bijzonder klein kunnen zijn, tussen de 100 en 300 nanometer, bestaat roet niet exclusief uit ultrafijnstof maar ook uit grotere deeltjes. Er zijn geen grenswaarden voor roet opgesteld omdat het vanwege het kleine formaat van de meeste deeltjes een subset, of significante component van PM2,5 fijnstof is. Hoe groot het aandeel roet in PM2,5 fijnstof is, correleert deels met het type uitstoot dat de PM2,5 concentraties veroorzaakt. In stedelijke gebieden waar een groter deel van de PM2,5 concentratie veroorzaakt wordt door verbranding van brandstof heeft roet een groter aandeel. In landelijke gebieden waar fijnstofuitstoot voornamelijk uit agrarische bronnen komt is dit aandeel lager. De belangrijkste bronnen van uitstoot van roet zijn het verkeer, de scheepvaart en de industrie, maar ook houtstook en barbecues zijn belangrijke bronnen van roetuitstoot (Compendium voor de Leefomgeving, 2023).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=61a4d17a-9857-425d-842f-d2c8cbfe1af3