[T23.04460] Stellingen beeldvormende avond 14 juni 2023
Tekst van het document
Parkeerbeleid Lansingerland Stellingen t.b.v. beeldvormende avond gemeenteraad
Versie: 13 juni 2023
Gespreksonderwerpen
Gesprek met de voeten
1. Ruimtegebruik
^
Er is ruimte om 3 à 4 onderwerpen te doen
2. Sturing op vraag en aanbod
^
Elk onderwerp bespreken we in 3 stappen: ^ Verkennen ^ 4 vragen in 5 minuten voor snelle indruk ^ Dialoog ^ Vrije uitwisseling in 10 minuten ^ Stelling ^ Conclusie in 5 minuten
^
Aard van de avond: Beeldvormend ^ Kennisnemen van verschillende feiten ^ Kennisnemen van verschillende meningen ^ Gaat niet over oordelen en standpunten
3. Parkeernorm bij nieuwbouw en HOV 4. Parkeerproblemen bespreekbaar maken 5. Fietsparkeerplaatsen 6. Autodelen
1. Ruimtegebruik Verkenning: a. Het klimaat verandert en we moeten ons ruimtegebruik daarop aanpassen (meer groen, tijdelijke wateropvang, etc.). b. De klimaatopgave en de woningbouwopgave vragen in de (nabije) toekomst om meer ruimte. c. Voor een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving is ook ruimte nodig. d. Een (groot) deel van die benodigde ruimte wordt ingenomen door geparkeerde auto's. Dialoog: Welke conclusie trekt u hieruit? Stelling: De huidige dominantie van parkeren in de openbare ruimte staat veilig en prettig wonen in de weg.
2. Sturing op vraag en aanbod Verkenning: a. Bevolkingsgroei leidt tot meer vervoersbehoefte (vraagzijde). b. De huidige infrastructuur kan het verkeersaanbod nu al onvoldoende afwikkelen (aanbodzijde). c. Tot hoeveel extra autoverkeer een nieuwe wijk leidt hangt af van beschikbare alternatieven: OV, Fiets, Lopen, voorzieningen, deelmobiliteit (aanbodzijde). d. Tot hoeveel extra autoverkeer een nieuwe wijk leidt hangt af van het aantal parkeerplaatsen en het parkeerregime (aanbodzijde). Dialoog: De provincie ziet graag dat wij invloed uitoefenen op het autobezit en autogebruik. Kan dat en hoe wenselijk vindt u dat? Stelling: Minder parkeerfaciliteiten dragen bij aan een lager autobezit en meer verplaatsingen via vervoersalternatieven.
3. Parkeernorm bij nieuwbouw en HOV Verkenning: a. Nieuwe woningen krijgen een voldoende en bij de doelgroep passend parkeeraanbod. b. Bij nieuwbouw kan je het mobiliteitsgedrag van nieuwe bewoners nog goed beïnvloeden. c. Wie voor wonen bij een HOV-locatie kiest is eerder geneigd het OV te pakken. d. Bij een zeer ambitieus woningbouwprogramma is het niet erg als de parkeernorm niet gehaald wordt. Dialoog: Om de ambities voor woningbouw Bleizo-West waar te maken moet de parkeernorm nog veel lager worden dan wat met de correctiefactor van 15% kan worden bereikt. Dat is voor Bleizo-West ook prima, omdat nieuwe bewoners die daar gaan wonen bewust kiezen voor een woning bij een OV knooppunt met verbindingen naar onder meer Den Haag, Utrecht en Rotterdam. Stelling: Een lagere parkeernorm rond nieuwe woningen op een HOV-locatie is een verdedigbare ingreep.
4. Parkeerproblemen bespreekbaar maken Verkenning: a. Wanneer er sprake is van een parkeerprobleem ligt voor iedereen anders. b. Met objectieve normen maak je meetbaar of er sprake is van parkeerdruk. c. De gemeente mag die objectieve normen bepalen. d. Bij overschrijding van de norm is de volgorde: 1. omgevingsgesprek, 2. gedragsverandering, 3. beter benutten bestaande parkeerplekken, 4. meer parkeerplekken aanleggen en 5. parkeerregulering Dialoog: Wat vindt u van de volgende norm? Er is sprake van een parkeerprobleem als: - iemand niet binnen een acceptabele loopafstand van zijn woning (bijv. 200 meter) kan parkeren én - er sprake is van een hoge parkeerdruk (bijv. > 90%). Stelling: Met een 'objectieve norm' en de 'Parkeerladder van Lansingerland' zijn parkeerproblemen goed te bespreken en op te lossen.
5. Fietsparkeerplaatsen Verkennen: a. De gemeente moet het fietsgebruik onder bewoners, forenzen en bezoekers maximaal stimuleren. b. Aanleg van voldoende fietsparkeerplaatsen in alle ruimtelijke ontwikkelingen is een randvoorwaarde. c. Wat de gemeente in de openbare ruimte doet mag zij ook vragen van particulieren op eigen terrein. d. Voor bezoekersaantrekkende functies ligt er een extra taak. Dialoog: Als we het over parkeernormen hebben wordt automatisch aan de auto gedacht, niet aan de fiets. Is dat terecht? Stelling: Als het voor de fiets goed geregeld is kunnen de autoparkeernormen omlaag.
6. Autodelen Verkenning: a. Als je deelauto's inzet hoef je minder reguliere parkeerplaatsen aan te leggen in een ontwikkeling. b. In bestaande gebieden mag je parkeerplekken exclusief voor deelauto's reserveren, zonder deze te compenseren. c. Autodelen gaat werken als je benadrukt dat je er een groenere woonomgeving voor terugkrijgt. d. Voor jongeren zijn (auto)deelconcepten al veel vanzelfsprekender dan voor oudere generaties. Dialoog: Het bewijs dat autodelen werkt is nu nog zwak. Is het een kwestie van tijd of wordt het niks? Stelling: Om autodelen in de toekomst een succes te laten zijn moet je daar nu al op inzetten.
KN WERELD TE WINNEN