CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T23.04091] Assetbeheerplan Groen, onderdeel IBP

Commissie Ruimte 6 februari 2024, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Integraal Beheerplan Openbare Ruimte4.824 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Assetbeheerplan GROEN Voor de beheerperiode 2024-2032 Corsanummer T23.04091

1 Inleiding Voor u ligt het assetsbeheerplan Groen van de gemeente Lansingerland. Dit hoort bij het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBP) van de gemeente Lansingerland (T22.06297). Groen bestaat uit de volgende assets: - Bomen; - Bosplantsoen; - Hagen; - Beplanting; - Gazon; - onderhoud van Wadi’s; - Vlakken met grassen en kruiden (Bermen). Het beheer en onderhoud aan deze assets bestaat uit de volgende beheeractiviteiten: - Periodieke inspectie van bomen en plantsoenen - Dagelijks klein en regulier onderhoud aan: bomen, plantsoenen, hagen, grasbetontegels, bermen en gazons; - Bestrijding van invasieve soorten (bijvoorbeeld Japanse duizendknoop, reuzenberenklauw); - Groot onderhoud van groen (plaatselijk herstel en revitalisering). - Vervanging en reconstructie van groen (volledige vervanging) Het beheer van het Hoge en Lage Bergsche bos, Provinciaal grondgebied en sportvelden/accommodaties maken geen onderdeel uit van het assetbeheerplan Groen. In het algemene deel van het IBP (T22.06297) zijn alle algemene kaders en strategieën opgenomen. Ook geeft dat op hoofdlijnen een overzicht van alle assets in de openbare ruimte.

In dit Assetbeheerplan vindt u achtereenvolgens alle assets van het thema Groen: - Specifieke kaders (paragraaf 2); - Korte terugblik op de Beheerperiode 2017-2023 (paragraaf 3); - Beschrijving van de huidige situatie (paragraaf 4); - Beheerstrategie voor de komende beheerperiode 2024-2032 (paragraaf 5); - Budgetten voor de beheerperiode 2024-2032 (paragraaf 6). - Overzicht van de belangrijkste assetspecifieke risico’s (paragraaf 7). -

2 Specifieke kaders voor Groen De algemene kaders voor het beheer en onderhoud van (alle assets in) de openbare ruimte staan in het algemene deel van het IBP (T22.06297) Deze algemene kaders hebben betrekking op aspecten als:  beeldkwaliteit (regulier areaal op B en centra en stationsgebieden op A);  veiligheid;  beleving;  duurzaamheid. Voor Groen gelden tevens onderstaande kaders. Groenstructuur Lansingerland 2016-2026 De Groenstructuur Lansingerland 2016-2026 is een kompas voor de inrichting, renovatie en beheer van groenstructuren. In het document zijn de belangrijkste structuren aangaande het groen vastgelegd.

1

Het is een uitwerking van de “Structuurvisie 2010-2025” en het visiedocument “Op weg naar 2040” Jaar van vaststelling: 2016 Door wie vastgesteld: Raad Corsa nr.: I16.03192 Link naar beleid: Niet van toepassing

Omgevingsvisie Lansingerland In de Omgevingsvisie beschrijven we wat voor een gemeente we in de toekomst willen zijn. De Omgevingsvisie schetst de gewenste ontwikkelingen voor thema’s als wonen, werken, recreëren, natuur, duurzaamheid, mobiliteit, cultuurhistorie, ruimtelijke kwaliteit en gezondheid. Jaar van vaststelling: 2022 Door wie vastgesteld: Raad Corsa nr.: T22.00152 Link naar beleid: Niet van toepassing DIOR De leidraad DIOR is het uitvoeringsdocument waarin we de minimale eisen voor partijen die de openbare ruimte ontwerpen, ontwikkelen en realiseren beschrijven. Deze eisen gelden bij alle nieuw te ontwikkelen nieuwbouw- en herinrichtingsprojecten in de openbare ruimte die de gemeente gaat beheren. Jaar van 23 april 2019 Door wie College vaststelling: vastgesteld: Corsa nr.: T18.16396 Link naar beleid: www.Lansingerland.nl/openbareruimte Wet Natuurbescherming/Omgevingswet per 1-1-2024 De Wet natuurbescherming (per 1-1-2024 overgegaan in de Omgevingswet) is de Nederlandse wet die de bescherming van natuurgebieden, soorten en bos regelt. Gemeente Lansingerland hanteert de gedragscode Flora- en faunawet van Stadswerk.

Jaar van vaststelling: 2024 Door wie vastgesteld: Rijk Corsa nr.: Niet van toepassing Link naar beleid: Wetten.overheid.nl Bomenverordening Lansingerland 2018 In de Bomenverordening zijn de gemeentelijke regels over kap, behoud, bescherming, handhaving en compensatie van bomen vastgelegd. Jaar van vaststelling: 2018 Door wie vastgesteld: Raad Corsa nr.: T18.11756 Link naar beleid: Wetten.overheid.nl Nationale Bijenstrategie De gemeente heeft in 2018 de Nationale Bijenstrategie ondertekend en zich daarmee aan de volgende doelstellingen gecommitteerd: : 1) het bevorderen van de biodiversiteit, 2) het verbeteren van de wisselwerking tussen landbouw en natuur en 3) het helpen van imkers om de gezondheid van de honingbij te verbeteren. Jaar van vaststelling: 2018 Door wie vastgesteld: Rijk Corsa nr.: Niet van toepassing Link naar beleid: nvt Burgerlijk Wetboek Het Burgerlijk Wetboek is de wet die in een land het burgerlijk recht regelt, dat wil zeggen de legale verhoudingen tussen personen. Voor “groen” zijn relevant: Artikel 5:42 en 5:44 Burenrecht, artikel 6:162 Zorgplicht, 5:56 ladder- of steigerrecht

2

Jaar van vaststelling: Corsa nr.:

2021 nvt

Door wie vastgesteld: Link naar beleid:

Rijk Wetten.overheid.nl

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is de basis voor een groot deel van de vergunningen in het domein van de fysieke leefomgeving. De Wabo maakt het mogelijk om, binnen een project, met één omgevingsvergunning verschillende activiteiten (bouw, aanleg, oprichten, gebruik) uit te voeren. Jaar van vaststelling: 2008 Door wie vastgesteld: Rijk Corsa nr.: Niet van toepassing Link naar beleid: Wetten.overheid.nl Europese wet- en regelgeving invasieve exoten De EU heeft een lijst (Unielijst) samengesteld van invasieve soorten die ergens in Europa voorkomen en schade veroorzaken, of dit in de toekomst waarschijnlijk gaan doen. Het bezitten, verhandelen, kweken, transporteren en importeren van deze soorten is in de hele EU verboden. Het is de taak van de lidstaten om deze soorten, waar mogelijk, uit te roeien in het wild (dus ook Nederland). Als uitroeien niet lukt, moeten de lidstaten de soort beheren en de nadelige effecten zoveel mogelijk beperken. Deze taak is belegd is bij de grondeigenaar. Jaar van vaststelling: 1 januari 2015 Door wie vastgesteld: EU Corsa nr.: N.v.t.

Link naar beleid: www.rvo.nl Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden De Wgb stelt algemene regels voor de handel in en het gebruik van bestrijdingsmiddelen in Nederland, zowel uit een oogpunt van deugdelijkheid voor het doel waarvoor zij bestemd zijn, als uit een oogpunt van veiligheid en gezondheid van mens en dier, waarvan instandhouding gewenst is. In 2016 is het gebruik van chemische onkruidbestrijding deels verboden en vanaf 2016 in ieder geval op openbare verharding (bestrating) Jaar van vaststelling: 17 oktober 2007 Door wie vastgesteld: Rijk Corsa nr.: N.v.t. Link naar beleid: Wetten.overheid.nl

3 Terugblik Beheerperiode 2017-2023 Wij hebben de afgelopen jaren gewerkt conform het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2017– 2024 en het deelbeheerplan Groen 2017-2024 (T16.11581/T16.11577). In 2019 is het beeldkwaliteitsniveau verhoogd als onderdeel van het collegeprogramma en is er ook differentiatie aangebracht (hogere beeldkwaliteit in centra en stationsgebieden). Om deze differentiatie in kwaliteitsniveaus en gebieden mogelijk te maken, hebben wij de consequenties voor de uit te voeren werkzaamheden in kaart gebracht. Contracten van aannemers en werkafspraken met de buitendienst zijn hierop aangepast. Voor de gevraagde kwaliteitsverhoging is kort extra inzet gepleegd, om het gewenste beeld te kunnen realiseren. Het minimale niveau wordt, over het gehele jaar genomen, overal bereikt. Er zijn echter ook perioden in het jaar dat op enkele plekken de vereiste kwaliteit lager is. De oorzaak hiervan zijn pieken in de groeicurve van vooral kruiden en beplanting. In dergelijke gevallen wordt de kwaliteit door de aannemer hersteld. Tussen de periode 2017-2022 is er sprake geweest van areaaluitbreiding door de oplevering van buurten in Westpolder/Meerpolder/Oudeland in de kern Berkel en Rodenrijs en Parkzoom in de kern Bergschenhoek. De groei aan areaal heeft geleid tot een toename van werkzaamheden en 3

bijbehorend beheerbudget. Door de omvang van deze groei en specialistische aard van sommige werkzaamheden, hebben er ook enkele taakverschuivingen plaatsgevonden van de buitendienst naar de aannemers. Deze werkzaamheden worden nu efficiënter uitgevoerd. Door het ondertekenen van en de aansluiting bij de Nationale Bijenstrategie hebben we de afgelopen jaren meer aandacht gegeven aan biodiversiteit. Dit is terug te zien in bepaalde soortkeuzes van beplanting, de grotere variëteit, het (maai)beheer van bermen en onze oevers en de inrichting van verblijfplaatsen voor bijvoorbeeld bijen en vlinders. De impact van klimaatverandering en de noodzaak om hierop te anticiperen heeft gevolgen voor het groenbeheer. Vanwege de steeds heviger regenbuien en hete en droge zomers is onze opgave veranderd. Groenbeheer speelt een belangrijke rol in het bewerkstelligen van ambities op het gebied van biodiversiteit en klimaatadaptatie. Denk daarbij aan de opnamecapaciteit (meer waterafvoer naar groen) en de verkoeling die groen op hete dagen kan bieden aan mens en dier. Een bijkomend effect van klimaatverandering is de toegenomen overlast van invasieve exoten zoals de Japanse Duizendknoop en de Reuzenberenklauw.

4 Huidige situatie – 2023 Kwantiteit Tabel 1 Beeld omvang areaal Beheervorm Bomen Groenvlakken

Hoeveelheden/oppervlakte 24.261 stuks 5.385117 m²

Kaders Veiligheid Beeldkwaliteit A centra/stations, beeldkwaliteit B overig Peildatum juli 2022

Een gedeelte van het gemeentelijk groen wordt onderhouden door Parkmanagementorganisaties of VVE’s. Het betreft Parkmanagement Oudeland (Berkel en Rodenrijs), Weg en Land (Bergschenhoek), Prisma (Bleiswijk), VVE Parkwijk (Berkel en Rodenrijs) en Right to Challenge in De Leeuwenkuil (Bergschenhoek). De Groenzoom is onderdeel van een Bijzonder Provinciaal Landschap tussen Pijnacker-Nootdorp en Lansingerland, dat weer onderdeel uitmaakt van de groene schil rond Lansingerland. Het gebied wordt in samenwerking met Pijnacker-Nootdorp beheerd. De gemeente Lansingerland is penvoerder (eerste aanspreekpunt) en heeft een regierol in de Groenzoom. In de Groenzoom sturen we voornamelijk op specifieke natuurdoelstellingen. Een externe beheercombinatie is verantwoordelijk voor het dagelijkse beheer en onderhoud. Er is ook een Gebruikersplatform Groenzoom actief, dat gevraagd en ongevraagd advies geeft over beheer- en inrichtingsaspecten die van invloed zijn op natuur en recreatie. Kwaliteit De kwaliteit van groen wordt door interne en externe partijen gemeten conform de CROWbeeldkwaliteit systematiek. De CROW maakt voor de kwaliteit van beheer- en onderhoudswerkzaamheden onderscheid in vijf niveaus: A+, A, B,C en D. Met behulp van beelden is het mogelijk om de beheerkwaliteit in de openbare ruimte objectief te meten.

Voor elke voorziening in de openbare ruimte, zoals bomen, beplanting, paaltjes en verharding zijn beeldmeetlatten opgesteld met de vijf niveaus. De beeldmeetlatten zijn gebaseerd op landelijke 4

systematiek van de CROW. Deze systematiek gaat uit van een standaardisering per beeldmeetlat, waarin normen en foto’s per kwaliteitsniveau zijn opgenomen. De schouwen die verricht zijn voor groen geven de afgelopen jaren aan, dat voor 97% het gestelde niveau wordt behaald. 3% voldeed niet en de oorzaak hiervan zijn pieken in de groeicurve van vooral kruiden en beplanting geweest. Dit werd in het algemeen snel verholpen en bleef ruim binnen de bandbreedte van de contractuele resultaatsverplichting. Hierin is maximaal een afwijking van 10% toegestaan. Technische staat, beleving en vervanging Anders dan bij civieltechnische voorzieningen zoals riool en wegen is het voor groen lastig te “voorspellen” wat het ‘slijtgedrag’ is; het gaat immers om levend materiaal. Door weersomstandigheden, werkzaamheden van bijvoorbeeld nutsbedrijven in plantvakken, grondslag, ziekten en plagen kunnen groenvoorzieningen onvoorspelbaar verslechteren of verbeteren. We hanteren als vuistregel dat beplanting (heesters) en gazon gemiddeld 25 jaar meegaan. Na 25 jaar is er over het algemeen sprake van kale plekken en krijgt de beplanting een versleten en oude uitstraling. Na deze periode draagt de beplanting ook minder bij aan biodiversiteit, duurzaamheid en beleving. Deze beplanting moeten we dan vervangen.

We inspecteren naast beeldkwaliteit en technische kwaliteit ook op veiligheid (bijvoorbeeld bij verkeershoeken. De inspecties op deze aspecten combineren we en vinden gelijktijdig plaats gedurende het hele jaar. Onze eigen toezichthouders zetten we in voor de inspectie van de technische staat van beplanting en gazon in alle kernen. We kijken daarbij naar de mate van aanwezigheid van agressieve onkruiden, de leeftijd van de beplanting, de mate van slijtage, kaalheid en/of uitholing. Ook kijken we naar de wenselijkheid van gemaakte inrichtingskeuzes. Het kan voorkomen dat er sprake is van een verkeerde plantkeuze waardoor zicht op bijvoorbeeld verkeershoeken te beperkt is. De inspectie wijst uit binnen welk termijn het noodzakelijk is de beplanting te vervangen. In het plantseizoen gebruiken we deze inspectiegegevens om op aangegeven locaties de beplanting te vervangen. Jaarlijks voeren we een belevingsonderzoek openbare ruimte uit, waarbij groen ook aan bod komt. Uit de laatste editie van dit onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de inwoners tevreden is over hoe we het groen onderhouden. Driekwart van de inwoners vindt dat er voldoende en gevarieerd groen in de buurt aanwezig is.

5 Beheerstrategie 2024-2032 In onderstaande paragrafen geven we aan hoe het groenbeheer binnen de gemeente is georganiseerd en uit welke onderdelen dit bestaat.

5.1 Organisatie beheer en onderhoud De groenwerkzaamheden zijn voor het grootste deel meerjarig uitbesteed via het integrale onderhoudsbestek van Groen en oppervlaktewater en stof en onkruidbestrijding, zwerfvuil. Bij de aanbesteding is het areaal in 3 percelen opgedeeld, zodat het behapbaar en aantrekkelijk blijft voor de aanbestedende partijen. Onder de uitbestede werkzaamheden vallen, naast het groenonderhoud en de oevers, ook onkruidbestrijding op bestrating, regulier vegen van de wegen (machinaal en handmatig), bladvegen en een vuurwerkveegronde na de jaarwisseling.

5

Het groenonderhoud in de centra van de kernen, stations en rondom het gemeentehuis wordt uitgevoerd door het team Exploitatie van de gemeente Lansingerland (‘de buitendienst’). Het team Exploitatie is daarnaast verantwoordelijk voor de vervanging van plantmateriaal dat na aanplant niet is aangeslagen of beschadigd is geraakt (inboet), de boompalen, het beheren van watergeefvoorzieningen bij bomen en het knotten van wilgen. Calamiteiten in het groen (bij voorbeeld stormschade opruimen of het veiligstellen van bomen) vallen ook onder de werkzaamheden. Alle contract- en werkafspraken zijn gebaseerd op het behalen van het vereiste beeldkwaliteitsniveau. Op deze werkzaamheden houdt de gemeente toezicht volgens de normen van de beeldkwaliteit van CROW. Voor dit toezicht heeft de gemeente gespecialiseerde toezichthouders in dienst. Deze toezichthouders controleren of het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau wordt behaald.

5.2 Werkwijze toezicht en inspecties Beeldkwaliteitsmetingen, inspecties en de begeleiding ervan voeren we uit om de beoogde kwaliteitsniveaus te monitoren en te realiseren. Beeldkwaliteitsmetingen en inspecties op technische kwaliteit laten we uitvoeren door goed opgeleide, gecertificeerde toezichthouders en inspecteurs. Per perceel is er een toezichthouder aangewezen, die per maand een meting uitvoert conform de beeldmeetsystematiek van het kennisinstituut CROW. De meting heeft als doel om de resultaatverplichting van de aannemer in beeld te brengen en bij te sturen waar nodig. Gelijktijdig met deze inspectie beoordelen we ook de technische staat van het groen. Eens per jaar voert een extern bureau een onafhankelijke beoordeling uit op beeldkwaliteit. Dit is ook het geval voor technische kwaliteit, elk jaar worden twee buurten onderzocht. Daarnaast nemen de toezichthouders meldingen over de openbare ruimte in behandeling en controleren zij dagelijks de voortgang van de aannemers. Voor bomen geldt dat zij de wettelijk vereiste BVC-inspectie (Boomveiligheidcontrole) ondergaan. Eens per 3 jaar vindt tegelijk met de boomveiligheidscontrole ook een onderhoudsinventarisatie plaats voor elke gemeentelijke boom. Voor bomen met een hoger risico geldt dat de frequentie van inspectie hoger kan liggen. Deze inspectie wordt uitgevoerd door een externe gecertificeerde boomspecialist.

Niet voor iedere boom zullen maatregelen nodig zijn, maar voor bomen waarvoor dit wel nodig is voeren we voorgeschreven onderhoudsmaatregelen in het aansluitende najaar uit. Voor alle onderhoudswerkzaamheden is de Wet natuurbescherming/Omgevingswet van toepassing. Dit houdt in dat we zorgvuldig handelen in relatie tot flora en fauna. De toezichthouder zorgt bij de onderhoudswerkzaamheden voor de borging en naleving hiervan.

5.3 Dagelijks klein en regulier onderhoud Onder dagelijks klein en regulier onderhoud verstaan we dagelijks onderhoud zoals maaien, schoffelen en snoeien. Voor dit dagelijks onderhoud zoeken we actief de samenwerking met andere beheerdisciplines op om waar mogelijk in één werkgang de benodigde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Deze gezamenlijke aanpak zorgt voor meer efficiëntie, minder kosten in de uitvoering en minder overlast voor de omgeving. Na uitvoering leveren we een plantsoen/straat/buurt in één keer schoon en netjes op. Voor het product Groen gaat het bijvoorbeeld om afstemming met de producten Stof- & Onkruidbestrijding, Wegen, Water en Spelen. De afstemming kan bijvoorbeeld betrekking hebben op het maaien van oevers, verlagen van

6

bermen ten behoeve van afwatering, het schonen van sloten en het verwijderen van zwerfafval en blad uit speelplekken en groen. Dagelijks klein en regulier onderhoud van groen gebeurt conform het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau. Voor een aantal objecten is geen landelijke beeldkwaliteit-meetlat beschikbaar, hiervoor gelden andere onderhoudscriteria. Deze zijn in de navolgende sub-paragrafen omschreven.

5.3.1 Bomen Bomen moeten kunnen uitgroeien tot vitale volwassen bomen. Door het uitvoeren van planmatig en preventieve zorg voor bomen, kunnen we werkzaamheden doelgericht en efficiënt uitvoeren en houden we onderhoudskosten zo laag mogelijk. Door reguliere snoei worden mooie en duurzame boomkronen en –structuren ontwikkeld, waardoor de bomen vitaal blijven en langer meegaan. Om dit in stand te houden, vindt het volgende snoeionderhoud plaats: - Begeleidingssnoei (BGS): Dit zijn bomen tot circa 20 jaar die hun eindbeeld nog niet hebben bereikt. Snoeiwerkzaamheden betreffen voornamelijk het verwijderen van takken in de tijdelijke kroon. Doel is een bepaalde takvrije zone, doorgaande stam en goed ontwikkelde blijvende kroon tot ontwikkeling te laten komen; - Onderhoudssnoei (OHS): Dit vindt plaats als de boom zijn eindbeeld heeft bereikt. Maatregelen zijn het voorkomen en verwijderen van probleemtakken in de blijvende kroon. - Vormsnoei (VS): Vormsnoei passen we voornamelijk toe bij leibomen en knotwilgen of vanuit veiligheidsoverwegingen. Bij bomensnoei hanteren we maximaal 20% snoeien per beurt. Door meer weg te snoeien dan nodig wordt de groei van de boom belemmerd. We geven prioriteit aan het snoeien van probleemtakken voor de vitaliteit (schurende takken, etc.) en dood hout in verband met de veiligheid.

5.3.2. Bermen (extensief gras) Bij bermen, in delen van parken, groengebieden en langs waterkanten passen wij ecologisch maaibeheer toe. Ecologisch bermbeheer vergroot de biodiversiteit, de overlevingskans van insecten en de belevingswaarde van bermen. Ecologisch bermbeheer houdt in dat we minder maaien, meer gefaseerd maaien en maaisel afvoeren. Van onze aannemers verlangen wij dat ze Kleurkeurgecertificeerd zijn en ons areaal in hun onderhoud ontwikkelen richting Kleurkeur. Kleurkeur staat symbool voor goed en ecologisch maaibeheer van bermen en andere groenstroken en is ontwikkeld door de Vlinderstichting en stichting Groenkeur. We houden hierbij ook oog voor de veiligheid van (weg-)gebruikers.

5.4 Groot onderhoud groen Na verloop van tijd gaan groenvoorzieningen (gestaag) achteruit en is groot onderhoud nodig. Groot onderhoud omvat maatregelen gericht op het langdurig en duurzaam in stand houden van de groenvoorziening. Groot onderhoud verrichten we op basis van inspecties. Activiteiten bestaan ondermeer uit dunning (een selectieve kapping die we uitvoeren om de blijvende bomen meer ruimte te geven), inboet, klein herstel en snoei. Afhankelijk van de gewenste levensduur voeren we een aantal keren groot onderhoud uit, totdat groot onderhoud niet meer toereikend is en het groen aan vervanging toe is.

7

5.5 Vervanging en reconstructie groen Groen vervangen we aan het einde van de technische levensduur of wanneer herstelkosten groter zijn dan de vervangingskosten. Door bijvoorbeeld ouderdom, ziekten en plagen en gebruik neemt de kwaliteit van beplanting geleidelijk af. De gemiddelde levensduur van beplanting bedraagt 30 tot 40 jaar. Door jaarlijks versleten groen te vervangen kan de kwaliteit op lange termijn op niveau gehouden worden. Vervanging van groen voeren we hoofdzakelijk uit in het najaar. Bij vervanging is duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt en kijken we naar de mogelijkheden met betrekking tot een dubbelfunctie, klimaatadaptie en duurzame materialen. Een concreet voorbeeld is het parkeren op grasbetontegels (functie parkeren + hemelwaterinfiltratie). Daar waar mogelijkheden zijn, vindt een integrale aanpak plaats. Een integrale aanpak kan een verschuiving in de uitvoeringsplanning betekenen, uit efficiency-overwegingen en om eventuele overlast voor onze inwoners te minimaliseren. In algemene deel van het IBP (T22.06297) is de integrale meerjarenplanning voor wijkrenovaties opgenomen. In wijken waar geen andere maatregelen te verwachten zijn, voeren we de groenreconstructies separaat uit.

5.6 Duurzaam beheer Lansingerland streeft naar een duurzaam beheer van de openbare groene buitenruimte. Dat wordt onder meer bewerkstelligd door een verbod op schadelijke bestrijdingsmiddelen. Daarnaast passen we een selectie van beplanting toe, die past bij de groeiomstandigheden in de gemeente. Deze standaard plantlijst waarborgt variatie in soorten per plantsoen en waarborgt duurzaamheid: de juiste plant op de juiste plek geeft de minste uitval. Hierin zijn ook soorten opgenomen die passen bij het veranderende klimaat en bevorderlijk zijn voor de biodiversiteit. Een ander hulpmiddel bij uitvoering is de snoeicatalogus (sinds 2013). Toepassing van de snoeicatalogus zorgt voor levensduurverlenging van de beplanting en daarmee ook voor verduurzaming. De snoeicatalogus is een dynamisch document dat we op basis van ervaring continu verrijken. Het instrument helpt ook in de communicatie tussen aannemer en toezichthouder. Bij de aanplant van bomen hanteren we de richtlijnen vanuit het Handboek Bomen van norminstituut Bomen (onderdeel leidraad DIOR). Door bomen te voorzien van een goede ondergrondse groeiruimte is een vitale groei te realiseren. Daardoor hebben bomen minder snel last van ziekten en plagen en leven ze langer. Ook zorgt het voor minder wortelopdruk in bestrating.

Deze wijze van aanplanten vraagt voor de aanplant een wat groter budget, maar vermindert de kosten in de rest van de levensduur. Het planten van toekomstbestendige bomen is vastgelegd in de DIOR (Leidraad Duurzame Inrichting Openbare Ruimte). Bij uitbesteding van onderhoudswerkzaamheden stellen we eisen aan duurzaamheid en/of kennen we bij gunning van opdrachten extra punten toe aan duurzaamheidaspecten. Daarbij valt onder anderen te denken aan de toepassing van elektrisch gereedschap, het gebruik van elektrische voertuigen en de invulling van social return.

5.7 Participatie Sinds 2014 is er voor de inwoners van Lansingerland de mogelijkheid om openbaar groen zelf in onderhoud te nemen. Hiervoor zijn spelregels opgesteld die te raadplegen zijn op de gemeentelijke website. Er zijn verschillende vormen van participatie: zelfbeheer van groen, adoptie van een boomspiegel (dit is het stuk grond rondom de stam van een boom), geveltuinen en meehelpen met bijvoorbeeld het knotten van wilgen, tot initiatieven waar de gemeente de bewoners faciliteert

8

binnen de beleidskaders. De plukberm aan de Hoeksekade is een goed voorbeeld van een dergelijk initiatief waarbij we als gemeente faciliteren. De gemeente heeft de grond na een uitgewerkt plan aan de initiatiefnemers beschikbaar gesteld die er een stukje eetbaar groen met fruitbomen hebben gerealiseerd waar iedereen gebruik van mag maken. Bewoners uit de buurt beheren deze plukberm. Inwoners waarderen deze mogelijkheid. Het versterkt de betrokkenheid bij de openbare ruimte.

5.8 Invasieve exoten De toename van invasieve exoten is een ontwikkeling die een grote invloed kan hebben in het groenbeheer. Bestrijding van deze exoten brengt extra kosten met zich mee, omdat de gemeente moet voldoen aan de zorgplicht. Vanuit Europese wet- en regelgeving geldt sinds 2016 een Unielijst waarop invasieve exoten staan vermeld die moeten worden bestreden. De bekendste voorbeelden van invasieve exoten zijn de Japanse Duizendknoop en de Reuzenberenklauw. De Reuzenbereklauw is een gevaar voor de volksgezondheid en de Japanse duizendknoop kan veel schade aanrichten aan zijn omgeving. Bij aanzienlijke schade kan dit tot aansprakelijkheidsclaims leiden, in gevallen waarin de gemeente niet tijdig handelt vanuit de zorgplicht. De Reuzenberenklauw en de Japanse duizendknoop komen beiden voor in de gemeente Lansingerland. Om deze actief te bestrijden en te beheersen hebben we een plan van aanpak (T22.04949) en protocol (T22.04950) opgesteld. De gemeente volgt daarmee de landelijke trend in de aanpak van de bestrijding en beheersing van de genoemde invasieve exoten.

5.9 Klimaatadaptatie Klimaatverandering heeft gevolgen voor het beheer van openbaar groen. Door de risico’s te beoordelen en er in het beheer rekening mee te houden, zijn de gevolgen beheersbaar. -

De gemiddelde temperatuur neemt toe. Die is nu 1°C hoger dan enkele decennia geleden en wordt nog hoger. Samen met de toename van uitwisseling van internationaal verkeer en stikstofdepositie leidt dat tot een hogere gevoeligheid van groen voor ziektes en plagen. Vooral bomen hebben hier last van. De gevoeligheid voor ziekten en plagen is minder, wanneer de bomen goede ondergrondse groeiomstandigheden hebben gekregen. In het budget voor het onderhoud van bomen en groot onderhoud houden we hier rekening mee.

-

Er is grotere kans op storm en windstoten, vooral tijdens de extreme buien in de zomer. Aangezien bomen dan vol in het blad staan, neemt de kans op stormschade toe. Extra attentie voor goede snoei verlaagt die risico’s.

-

Vooral in de zomer neemt de kans op extreme neerslag toe. Daarmee is de kans op wateroverlast groter. Een dure oplossing is het vergroten van de afvoercapaciteit van de riolering. Een goedkopere oplossing is het vergroten van het oppervlak doorlaatbare grond: tuinen, plantsoenen en wadi’s (groene greppels met een Water Afvoer Drainage en Infiltratie). Een wadi heeft een duidelijke waterbergende of bufferende functie en valt daarmee onder de verantwoordelijkheid van de vakgroep Stedelijk Water. Het onderhoud van eventueel aanwezig groen valt onder dit assetbeheerplan. Het onderhoud is hierbij niet alleen geënt op de uitstraling, maar ook op het functioneren van de infiltratie.

9

-

In de zomer komen extreme hitte-perioden vaker voor. Groen geeft dan verkoeling, want het absorbeert meer warmte dan bestrating en bebouwing en geeft schaduwwerking. Daarnaast zorgt verdamping voor circulatie van luchtstromen, dit zorgt ook voor verkoeling. De bebouwde kom koelt af door meer groen aan te leggen in plaats van bestrating. Groeninvulling kan ook afgestemd worden op de klimaatontwikkeling. Hiervoor hanteren we een plantenlijst die bomen en plantsoorten bevat die goed groeien in Lansingerland en afgestemd zijn op het veranderende klimaat.

5.10 Biodiversiteit Biodiversiteit in groenbeheer draagt bij aan een duurzame leefomgeving. De gemeente streeft een goed ontwikkelde ecologische structuur na en is aangesloten bij de Nationale Bijenstrategie. Het belang van biodiversiteit is ook verwoord in de gemeentelijke Omgevingsvisie. Kansen voor verbetering doen zich vooral voor in de vorm van koppelkansen in (groot-)onderhoud of in (her)inrichtingen. Bij vervanging van beplanting of bomen kiezen we voor gevarieerde beplanting en houden we rekening met bloeibogen of bloeitijden. Hiermee creëren we een gevarieerd voedselaanbod, wat de biodiversiteit ten goede komt. Voor groenbeheer betekent dit: - kiezen voor duurzaam materiaal. We kiezen zoveel mogelijk voor de inkoop van biologische en regionale producten, indien mogelijk kiezen we voor circulaire producten - uitvoeren van ecologisch maaibeheer conform Kleurkeur. - toepassen diversiteit in boom- en beplantingssoorten, die goed beheerbaar zijn. - gefaseerd snoeien van knotwilgen - zorgen voor ecologische netwerken, deze in stand houden en verblijfplaatsen bieden voor dieren (bijvoorbeeld houtrillen, bijenburchten, etc).

6 Budgetten 6.1 Uitgangspunten 

    

Budgetten zijn gebaseerd op hetgeen noodzakelijk is om de assets te onderhouden op beeldkwaliteit (B voor het reguliere areaal en A voor de centra en stationsgebieden), technische kwaliteit en veiligheid. Aanvullend daarop zijn de specifieke kaders beschreven in paragraaf 2 van toepassing. Budgetten zijn inclusief het door de raad vastgestelde (stapsgewijze) duurzaamheidskader IBP (BR200060, 16 juli 2020) Prijspeil voor het benodigd budget is 1 januari 2024, jaarlijkse indexatie op 1 januari is conform de GWW-index van het CBS. Benodigde financiële middelen zijn reeds opgenomen in de meerjarenbegroting 2024-2027 en de Slotwijziging 2023. Afschrijftermijnen zijn conform de Nota Activa (T20.11073) Bij investeringsprojecten is Groen doorgaans volgend op Wegen en Riolering. Zie ook de integrale meerjarenplanning in het algemene deel van dit IBP (T22.06297, paragraaf 6.2)

10

Tabel 2 Financieel overzicht 2024

2025 €

€

€

€

€

€

€

€ 427.042

448.748

448.748

448.748

448.748

448.748

448.748

448.748

€ 448.748

€ 3.861

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

€ 4.057

en inspectie

€ 64.341

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

€ 67.611

Overige kosten

€ 5.676

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 5.964

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

€ 13.159

Dagelijks/ Klein / Regulier onderhoud

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

Parkmanagement (en VVE's) Onderzoek, advies

Duurzaamheidskader (excl. kapitaallasten verduurzaming)

€

€

€

€

€

€

€

€ 500.920

539.538

539.538

539.538

539.538

539.538

539.538

539.538

€

€

€

€

€

€

€

(investeringen)

€ 146.027

198.372

266.089

297.807

297.660

297.660

297.660

297.660

€ 297.660

Gas en energie

€ 20.092

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 21.113

€ 1.153

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€ 1.212

€

€

€

€

€

€

€

€ 230.584

230.767

230.731

229.942

229.942

229.942

229.942

229.942

€ 229.942

€ 42.184

€ 40.955

€ 40.859

€ 37.907

€ 36.102

€ 36.102

€ 36.102

€ 36.102

€ 36.102

€

€

€

€

€

€

€

€ 440.040

492.419

560.004

587.981

586.029

586.029

586.029

586.029

€

€

€

€

€

€

€

333.125

333.125

333.125

333.125

333.125

333.125

333.125

Totaal exploitatie per jaar Kapitaallasten Vaste kosten

€ 539.538

Belastingen en heffingen Doorbelasting personeel Overige doorbelasting Totaal vaste kosten per jaar

Investeringen Investeringen

€ 343.125

Peildatum December 2023

11

€ 586.029 € 333.125

7 Risico’s In onderstaande tabel zijn asset-specifieke risico’s opgenomen. De risico’s die integraal van toepassing zijn op alle assetbeheerplannen zijn opgenomen in het algemene deel van het IBP (T22.06297, hoofdstuk 8). Tabel 3 Assetspecifieke risico’s Groen

Impact op doelen Kwaliteit/Beleving/Veiligheid

Onderwerp Extreem weer, droogte, storm

Kwaliteit/Beleving/Veiligheid

Ziektes en plagen / invasieve exoten

Kwaliteit/Beleving/veiligheid

Onverzorgd beeld, Slechte kwaliteit groen

Ongemak voor bewoners of gebruikers van de buitenruimte, slechtere kwaliteit, ongevallen/ schadeclaims

Kwaliteit/Beleving/Veiligheid

Vandalisme aan groen

Ongemak voor bewoners of gebruikers van de buitenruimte, ongevallen/schadeclaims

12

Risico Sterfte bomen en beplanting, ongemak voor bewoners of gebruikers van de buitenruimte, ongevallen/schadeclaims, slechter kwaliteitsbeeld, negatieve beleving Ongemak voor bewoners of gebruikers van de buitenruimte, ongevallen/schadeclaims, slechter kwaliteitsbeeld

Te beperken door Periodiek schouwen en adequaat reageren op meldingen. Watergeven en klimaatbestendige beplanting toepassen Periodiek schouwen en adequaat reageren op meldingen. Invasieve exoten aanpakken Periodiek schouwen en adequaat reageren op meldingen. Groot onderhoud groen uitvoeren Periodiek schouwen en adequaat reageren op meldingen. Communiceren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=e99dda65-0282-4700-b603-308ef1ed77bf