CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

T23.03536-Aanvraagformulier Basis VU 2022-Lansingerland

Commissie Samenleving 20 juni 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Raadsvoorstel Aanvraag vangnetuitkering 20227.255 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanvraag Vangnetuitkering Participatiewet over 20221 Versie: basisverzoek

Wat is een vangnetuitkering? Gemeenten ontvangen op grond van de Participatiewet budget voor bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Dit budget wordt ook wel het BUIG-budget genoemd. Gemeenten die een tekort hebben kunnen in aanmerking komen voor een vangnetuitkering. De voorwaarden op hoofdlijnen: -

het tekort is groter dan een bepaalde toegangsdrempel; het college verklaart maatregelen te hebben getroffen om te komen tot tekortreductie; het college geeft een toelichting op deze verklaring; de gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college.

Bekostiging door en verantwoording aan andere gemeenten Met de verklaring verantwoordt u zich als college niet alleen naar de gemeenteraad, maar ook naar andere gemeenten. Deze gemeenten dragen financieel bij aan de vangnetuitkering waarop uw gemeente een beroep doet. Het gaat dus om solidariteit tussen gemeenten. De vangnetuitkeringen worden bekostigd uit het macrobudget (voor alle gemeenten) van twee jaar na het tekortjaar. Daarom moet het college inzicht geven in de maatregelen die het heeft getroffen om het tekort te reduceren.

Wat wordt verwacht van het college en de gemeenteraad? Bij het indienen van het verzoek moet het college verklaren dat het maatregelen heeft getroffen om tot tekortreductie te komen. Deze verklaring moet de instemming hebben van de gemeenteraad. Ook moet deze verklaring worden toegelicht, zoals gevraagd in het aanvraagformulier (op het formulier de onderdelen A, B en C).

Wat is de autonome rol van de gemeenteraad t.a.v. de vangnetuitkering? Het college vraagt de gemeenteraad om in te stemmen met de verklaring van het college. Met deze instemming bevestigt de gemeenteraad dat het college inzicht heeft gegeven in de maatregelen die zijn getroffen om het tekort te reduceren. De gemeenteraad moet in staat worden gesteld om de verklaring van het college adequaat te kunnen beoordelen. Het gaat hierbij dus om een gelijkwaardige informatiepositie van de gemeenteraad ten opzichte van het college. Daarom moet het college een samenvatting van de verklaring maken. De toetsingscommissie heeft een checklist voor raadsleden gemaakt, waarmee raadsleden de verklaring inhoudelijk kunnen controleren Deze checklist wordt tezamen met andere informatie door VNG aangeboden op de website van VNG, zie link website VNG pagina raadsleden.

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? Een belangrijke veronderstelling bij het vangnet is dat gemeenteraad en college regelmatig in gesprek zijn over ontwikkelingen in het bijstandsvolume (bijv. middels kwartaalrapportages). Op dit niveau wordt inhoudelijk gesproken over maatregelen (beleid en uitvoering) om eventuele tekorten

1

Versie aanvraagformulier d.d. 5 oktober 2021 1

te reduceren. Het college wordt verzocht te beschrijven op welke wijze de gemeenteraad is betrokken vanaf het moment dat het tekort door het college wordt gesignaleerd tot en met het treffen van de maatregelen en de monitoring daarvan. Dit onderdeel is opgenomen na de samenvatting.

Wat mag de gemeenteraad van het college verwachten?  

 

Het college en de gemeenteraad moeten een gelijkwaardige informatiepositie hebben, daarom maakt het college een samenvatting van de toelichting. Het college beschrijft op welke wijze de gemeenteraad is betrokken vanaf het moment dat het tekort door het college wordt gesignaleerd tot en met het treffen van de maatregelen en de monitoring daarvan. Onderdeel A: Het college geeft de gemeenteraad via een analyse inzicht in de oorzaken van het tekort op de gebundelde uitkering (ook wel BUIG genoemd). Deze analyse kan zowel kwantitatieve als kwalitatieve elementen bevatten. Onderdeel B: Het college geeft de gemeenteraad inzicht in de (interne en externe) maatregelen, met een kwantitatieve en kwalitatieve toelichting waarom die naar verwachting leiden tot een reductie van het tekort. Onderdeel C: Het college geeft de gemeenteraad inzicht in welke mate (interne en externe) maatregelen beogen bij te dragen aan het (verder) reduceren van het tekort. Het college geeft de gemeenteraad inzicht in de planning en control-cyclus ten aanzien van het vangnet.

Bovenstaande informatie staat ook op de website van de VNG2.

Op welke wijze wordt de gemeenteraad gefaciliteerd? De toetsingscommissie heeft een checklist gemaakt voor gemeenteraadsleden. Het is een handzaam lijstje vragen en aandachtspunten. Raadsleden kunnen dit lijstje gebruiken bij het beoordelen van de vangnetaanvraag van het college. Deze checklist is opgesteld in samenwerking met raadsleden uit verschillende gemeenten en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. De checklist staat samen met andere informatie op de website van de VNG. De gemeenteraad heeft de mogelijkheid om in de aanvraag vangnetuitkering zijn opvattingen te geven over de verklaring van het college (in de verklaring staan de oorzaken van het tekort, de maatregelen om het tekort te reduceren, etc.). In het formulier zal op hoofdlijnen het proces worden beschreven hoe de gemeenteraad betrokken is. Dit is vanaf het moment van signalering van het tekort en het daaropvolgend proces van treffen van maatregelen waar de raad bij betrokken is voordat de raad instemt met de verklaring van het college. De voorzitter van de gemeenteraad en de griffier tekenen voor de juistheid hiervan en worden in de gelegenheid gesteld om dit overzicht aan te vullen.

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Het college dient het aanvraagformulier in bij de onafhankelijke Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. De commissie moet de aanvraag uiterlijk op 15 augustus 2023 hebben ontvangen. De aanvraag dient met behulp van dit, door de minister vastgestelde aanvraagformulier, voor

2

Vangnetuitkering Participatiewet: informatie voor raadsleden | VNG 2

instemming aan de raad te worden voorgelegd en wordt naar ondertekening aangeboden aan de commissie via de website. De Toetsingscommissie beoordeelt de aanvraag procedureel. Dit betekent dat wordt beoordeeld of het college en de gemeenteraad een aantal processtappen hebben doorlopen: het tekort is groter dan de drempelwaarde; het college heeft in de verklaring toegelicht dat maatregelen zijn getroffen om het tekort te reduceren en de gemeenteraad heeft ingestemd met de verklaring. De commissie geeft dus geen inhoudelijk oordeel over de aanvraag. Vervolgens adviseert deze commissie de Minister. Deze adviezen worden in beginsel overgenomen. Gemeenten die interesse hebben in de maatregelen van andere gemeenten, kunnen terecht op de website van het vangnet. Hier zijn alle aanvragen gepubliceerd en gerubriceerd naar type maatregel, omvang van de gemeente en omvang van het tekort. Aan het eind van het aanvraagformulier is een uitgebreide toelichting per vraag opgenomen voor de ambtelijke ondersteuning van het college. Voor een verdere toelichting op dit formulier wordt verwezen naar de informatie op de website: https://www.toetsingscommissievp.nl/vangnetuitkering-2022

3

1. Verklaring college bij een basisverzoek

Dit gedeelte bestaat de volgende onderdelen: -

Samenvatting van de verklaring De beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college A. Analyse van de oorzaken van het tekort B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren C. Beoogde effect van de genoemde maatregelen D. Ondertekening door het college

4

Samenvatting van de verklaring van het college De verklaring van het college bestaat uit vier subonderdelen: A) analyse van de oorzaken van het tekort, B) getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren, C) beoogd effect van de genoemde maatregelen & D) ondertekening door het college. Het college geeft hieronder een samenvatting van onderdeel A, B en C. Dat geeft de gemeenteraad een kernachtig overzicht, op basis waarvan het raadslid kan vaststellen waarmee hij instemt voordat hij ondertekent. Voor het gemeenteraadslid dat zich wil verdiepen in de verklaring van het college, wordt verwezen naar onderdelen A, B, C en D van het aanvraagformulier. A. Samenvatting onderdeel analyse van de oorzaken van het tekort Het college maakt in dit onderdeel duidelijk wat het probleem is. Het BUIG-budget Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet. Het BUIG-budget dient ter dekking van de uitkeringslasten. Indien een gemeente cumulatief over 3 jaar een tekort heeft van meer dan 7,5% overschrijding, kan een vangnetuitkering worden aangevraagd. Lansingerland komt hiervoor in aanmerking voor het jaar 2022. De hoogte van het BUIG-budget baseert het Rijk op een prognose die zij voor iedere gemeente maken.

Een model berekent de objectieve kans dat huishoudens in de gemeente afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering. Die kans is afhankelijk van allerlei indicatoren: de conjunctuur van de economie; aantal sociale huurwoningen; alleenstaande moeders; medicijngebruik; migranten, etc. Op basis van de kenmerken van de Lansingerlandse bevolking ontvangen wij bij een lager BUIGbudget dan gemiddeld. Het Rijk verwacht dat wij minder uitkeringen hebben dan menig andere gemeente. Indien je als gemeente minder uitkeringen verstrekt dan de prognose van het Rijk, mag je het resterende budget houden. Indien je meer uitkeringen verstrekt, moet je met eigen geld bijbetalen. Lansingerland heeft over 2021 en 2022 een tekort op het BUIG-budget. Wij verstrekken sinds 2021 meer uitkeringen dan het Rijk prognosticeert.  In 2020 hadden wij een overschot op het BUIG-budget.  In 2021 hadden we een tekort op het BUIG-budget. Echter, nog geen recht op de vangnetuitkering.  In 2022 hadden wij wederom een tekort. Ditmaal komen wij wel in aanmerking voor een vangnetuitkering, omdat het gecumuleerde tekort over 2020-2022 meer was dan 7,5%. Het tekort voor 2022 bedraagt € 1.158.715. Daarvan is € 844.679 voor eigen risico en bedraagt de aan te vragen vangnetuitkering € 314.036.

Waarom komen wij boven de prognose van het Rijk uit? Vanaf de zomer van 2021 geven wij meer uitkeringen uit dan het Rijk van ons verwacht. Sindsdien geven wij ruim 10% meer geld uit dan wij krijgen toegekend van het Rijk. Dit betekent dat wij in 2022 ruim 70 uitkeringsdossiers ‘teveel’ hadden. Alhoewel wij als gemeente meer uitkeringen verstrekken dan de prognose van het Rijk, wil dit niet zeggen dat ons uitkeringenbestand stijgt. Dit aantal schommelt al vele jaren rond de 600, terwijl de bevolkingsgrootte stijgt.

5

Meest significante oorzaken voor het tekort op het BUIG budget in Lansingerland 1) Taakstelling statushouders De taakstelling huisvesting statushouders was in 2021 en 2022 het dubbele van de jaren daarvoor. Dit betekent dat wij tweemaal zoveel statushouders moeten huisvesten in onze gemeente. Ondertussen is ruim 1 op de 3 uitkeringsgerechtigden in Lansingerland een statushouder. Echter, de instroom van statushouders wordt vertraagd (-2 jaar) meegenomen in de BUIG-beschikking. Het hoge aantal gehuisveste statushouders in 2022 wordt dus pas in 2024 toegevoegd aan het BUIGbudget. 2) Controle aan de poort Voor iedere aanvraag levensonderhoud wordt een rechtmatigheidsonderzoek uitgevoerd. Vanaf januari 2020 tot en met juni 2021 voerden wij additionele controles uit om onterechte verstrekking van bijstandsuitkeringen tegen te gaan. Deze controles werden uitgevoerd i.s.m. team Veiligheid en kwamen bovenop de toetsing die onze rechtmatigheidsconsulenten van team Participatie doen. Halverwege 2021 moesten we stoppen met dit project door een tekort aan personeel. Vanaf dat moment zijn onze prestaties verder gaan afwijken van de prognose van het Rijk. Door blijvende personeelstekorten, maar wel nieuwe opgaven voor dezelfde teams (zoals leefgeld Oekraïners en de energietoeslag) is het niet gelukt dit project weer op te starten.

Het percentage aanvragen dat in Lansingerland wordt goedgekeurd, ligt 10% boven het landelijk gemiddelde. Wij kennen nu dus mogelijk meer uitkeringen toe dan nodig. 3) Complex uitkeringenbestand Bijna iedereen die kan en wil werken heeft nu een baan. De reden dat veel van onze kandidaten een uitkering ontvangen, is niet een tekort aan beschikbare banen, maar allerlei persoonlijke belemmeringen die hen weerhouden. Dit betekent dat de mogelijkheid om terug te keren naar de arbeidsmarkt voor een aanzienlijk deel van de bijstandsgerechtigden moeilijk of niet mogelijk is. De twee grootste doelgroepen zijn inwoners van 50 jaar en ouder (42%) en statushouders, of statushouders die recent genationaliseerd zijn (36%). B.

Samenvatting onderdeel getroffen maatregelen om het tekort te reduceren. Het college maakt in dit onderdeel duidelijk dat dit pakket van maatregelen afdoende is om de geschetste problemen aan te pakken.

1) Taakstelling statushouders  Nieuwe inkoop van re-integratievoorzieningen apart voor statushouders (eind 2021).  Ingang van de nieuwe Wet inburgering (1-1-2022). De nieuwe wet geeft de gemeente de regie en maakt het mogelijk leerroutes te combineren met de toeleiding naar arbeid.  Meer formatie in de uitvoering vanaf 2022 waardoor er meer focus komt op deze doelgroep. 2) Maatregelen gericht op preventie van instroom  Voordat een aanvraag wordt ingediend, wordt In een verkennend gesprek beoordeeld of iemand direct naar werk kan worden begeleid, of dat een andere route, zoals onderwijs, passender is.  Binnen de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC) werken we samen met het Regionaal Mobiliteitsteam en het Leerwerkloket in om- en bijscholing en toeleiding naar werk.  Door scholingsadviesgesprekken, een Jongerensteunpunt en intensieve begeleidingstrajecten zorgen we ervoor dat jongeren naar school of werk gaan.  Binnen de arbeidsmarktregio ZHC start in 2023 een project gericht op het bevorderen van het behalen van een startkwalificatie voor vroegtijdig schoolverlaters.

6

3) Complex uitkeringenbestand: maatregelen gericht op uitstroom  Nieuwe inkoop van re-integratievoorzieningen, aansluitend op de specifieke behoefte van verschillende doelgroepen in het bestand.  Versoepeling van beleidsregels stelt consulenten in staat kandidaten beter tegemoet te komen om praktische belemmeringen, die uitstroom in de weg staan, weg te halen.  Het programma ‘Lansingerland Start’, waarin uitkeringsgerechtigden deelnemen aan workshops waarin rechten, plichten en het aspect werk en participatie belicht worden.  Samenwerking met werkgevers bij het matchen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Binnen de arbeidsmarktregio ZHC werken we samen met het Werkgeversservicepunt.  Meer inzet op inwoners met een arbeidsbeperking door uitbreiding van formatie in de uitvoering en start met een lokale pilot vanaf medio 2023.  Middels social return verplichtingen bij inkoop wordt de arbeidsparticipatie van bijstandsgerechtigden en inwoners met een arbeidsbeperking bevorderd.  Door mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen, bevorderen we het werken met loonkostensubsidie. Hiermee verlagen we de kosten van de gemiddelde uitkering.  Inzet op hernieuwde aandacht voor de groep 50-plussers die lang in de bijstand zitten.

 Handhaving vindt plaats middels incidentele her-controles op rechtmatigheid, op basis van signalen en middels inzet van team Toezicht en Handhaving. C. Samenvatting onderdeel beoogd effect van de genoemde maatregelen Het college maakt in dit onderdeel duidelijk dat dit pakket van maatregelen tezamen leidt tot tekortreductie, waarbij het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief is beschreven en inzichtelijk is gemaakt. De verschillende maatregelen zetten vooral in op het tegengaan van instroom, het bevorderen van uitstroom en de inzet van specifiek beleid en bedrijfsvoering op het zittende bestand. De getroffen maatregelen hebben in 2021 en 2022 als effect gehad dat het totale uitkeringenbestand vrijwel gelijk is gebleven aan eerdere jaren, ondanks het feit dat de taakstelling huisvesting statushouders in 2021 en 2022 verdubbeld is. De helft van alle instroom van uitkeringsgerechtigden in 2022 bestond uit statushouders. Ondertussen is ruim 1 op de 3 uitkeringsgerechtigden in Lansingerland een statushouder. De toegenomen taakstelling statushouders is daarmee de belangrijkste oorzaak van de overschrijding op het BUIG-budget in 2022.

Door de inkoop van reintegratievoorzieningen apart voor statushouders (eind 2021), nieuw beleid in het kader van de Wet inburgering en extra formatie in de uitvoering zijn er verschillende maatregelen getroffen om deze doelgroep sneller te laten integreren op de arbeidsmarkt. De effecten van deze maatregelen worden vanaf Q4 2023 geëvalueerd. Maatregelen gericht op de preventie van instroom betreffen vooral controle op rechtmatigheid van aanvragen, de regionale samenwerking met het Regionaal Mobiliteitsteam en het Leerwerkloket. Daarnaast zetten we extra in op preventie van jeugdwerkeloosheid. De getroffen maatregelen op het zittende (complexe) bestand zijn gericht op de activering en reintegratie van de verschillende doelgroepen, met als doel uitstroom naar werk. Gezamenlijk hebben deze maatregelen in 2022 een fictieve besparing van € 2.567.000 opgeleverd (zie verklaring onder C op p. 18), bovenop de reguliere uitstroom.

7

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? In dit onderdeel wordt het proces op hoofdlijnen beschreven hoe de raad betrokken is vanaf het moment van signalering van het tekort op het BUIG-budget en het daaropvolgend proces van bepalen en treffen van maatregelen, tot aan het moment dat de verklaring van het college voor instemming wordt voorgelegd aan de raad. Ten einde dit zo eenvoudig mogelijk te beschrijven wordt gevraagd aan te kruisen op welke momenten de raad hierbij is betrokken. Dit geschiedt d.m.v. het plaatsen van een X voor het betreffende onderdeel. Daarnaast is er ruimte voor aanvullingen. Op welke momenten werd de raad geïnformeerd over beleid, uitvoering en sturing van de Participatiewet en meer specifiek over het tekort op de BUIG, de maatregelen en de beoogde effecten daarvan? X

Moment in het proces

X

De kadernota, de begroting.

X

Voorjaars- en najaarsbericht en jaarrekening.

X

Maand-, kwartaal- of halfjaarrapportage. (ook wel genoemd Turap, Marap etc)

X

Beleidsplannen, strategie- of koersdocumenten, plannen van aanpak of evaluaties. Informatie over bestandsontwikkelingen of over de voortgang van maatregelen. Nieuwsbrieven, bijeenkomsten en/of presentaties.

8

1. Verklaring college bij een basisverzoek Dit gedeelte bestaat uit de volgende vier onderdelen: A. Analyse van de oorzaken van het tekort B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren C. Beoogde effect van de genoemde maatregelen D. Ondertekening door het college

A. Analyse van de oorzaken van het tekort Hieronder beschrijft het college de analyse van de oorzaken van het tekort. Hoe wordt het BUIG-budget vastgesteld?  

Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet. Voor 2004 werd het budget voor uitkeringen vastgesteld op basis van declaraties die gemeenten zelf indienden. Hierdoor was er geen financiële prikkel voor gemeenten om mensen aan het werk te helpen. In 2004 is het Rijk overgestapt op een budget dat wordt vastgesteld op basis van een volumeraming per gemeente. Het Rijk maakt voor iedere gemeente een prognose hoeveel uitkeringen zij gaan verstrekken (dit heet: objectief). Een model berekent de objectieve kans dat huishoudens in de gemeente afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering. Die kans is afhankelijk van allerlei indicatoren (beschikbaarheid van banen, aantal sociale huurwoningen, alleenstaande moeders, medicijngebruik, aantal migranten, etc.). Voor gemeenten met meer dan 40.000 inwoners wordt het aantal uitkeringen uit het verleden (dit heet: historisch) hierin niet meegenomen. Op basis van deze indicatoren prognosticeert het Rijk een lager aantal uitkeringen voor Lansingerland dan de gemiddelde gemeente. Wij krijgen dus bij voorbaat een lager budget toegekend dan een Leidschendam-Voorburg, of een Schiedam. Dat zijn gemeenten met een ander type populatie en het Rijk verwacht dat zij meer uitkeringsgerechtigden zullen hebben.

Ook de conjunctuur van de economie neemt het Rijk mee in de berekening. Indien het goed gaat met de arbeidsmarkt, krijgen alle gemeenten bij voorbaat minder budget toegekend, want het Rijk verwacht dat er minder uitkeringen zijn. Indien je als gemeente minder uitkeringen verstrekt dan de prognose van het Rijk, mag je het resterende budget houden. Indien je meer uitkeringen verstrekt, moet je met eigen geld bijbetalen. Wanneer de overschrijding cumulatief over 3 jaar meer dan 7,5% van het BUIG-budget bedraagt (de zogenaamde eigen risicodrempel), komt de gemeente in aanmerking voor een vangnetuitkering.

Hoeveel BUIG-budget hebben wij de afgelopen drie jaar van het Rijk ontvangen en hoeveel bedraagt het tekort? Over de jaren 2020-2022 zag de ontwikkeling er als volgt uit:

Jaar

2020

2021

2022

Ontvangen BUIG-budget

€ 9.220.580

€ 8.929.752

€ 8.446.789

Tekort BUIG-budget

€ -221.138

€

€ 1.158.715

Maximaal tekort 10%

NVT

Vangnetuitkering

€

-

€

765.748 NVT

€

844.679

-

€

314.036 9

   

In 2020 hadden wij een overschot op het BUIG-budget. In 2021 hadden we een tekort op het BUIG-budget. Echter, nog geen recht op de vangnetuitkering, omdat het gecumuleerde tekort over 2019-2021 minder dan 7,5% was. In 2022 hadden wij wederom een tekort. Ditmaal komen wij wel in aanmerking voor een vangnetuitkering, omdat het gecumuleerde tekort over 2020-2022 meer was dan 7,5%. Het tekort voor 2022 bedraagt € 1.158.715. Daarvan is € 844.679 voor eigen risico en bedraagt de aan te vragen vangnetuitkering € 314.036.

Waarom komen wij boven de prognose van het Rijk uit? 

 

Vanaf 2021 lopen wij uit de pas met de prognose. Wij verstrekken meer uitkeringen dan het Rijk van ons verwacht. Het verschil was in eerste instantie echter beperkt. Vanaf de zomer van 2021 nam dit verschil toe. Sindsdien geven wij ruim 10% meer geld uit dan wij krijgen toegekend van het Rijk. Dit betekent dat wij in 2022 ruim 70 uitkeringsdossiers meer hadden dan de prognose. Hoewel wij als gemeente meer uitkeringen verstrekken dan de prognose van het Rijk, wil dit niet zeggen dat ons uitkeringenbestand enorm stijgt. Dit aantal schommelt al vele jaren rond de 600, terwijl de bevolkingsgrootte stijgt. De uitkeringstand op 31 december: 31 december 2019

31 december 2020

31 december 2021

31 december 2022

579

605

598

608

Het aantal personen met een bijstandsuitkering ligt in Lansingerland ruim onder het landelijk gemiddelde.

2,5% van onze huishoudens heeft een bijstandsuitkering ten opzichte van 4,7% landelijk. De grafiek hieronder illustreert dit. Volgens de prognose van het Rijk horen wij 2,2% te scoren.

10

De economische structuur van de gemeente en de regio De economische structuur van onze gemeente biedt momenteel voldoende mogelijkheden voor werkzoekenden om een baan te vinden. De beschikbaarheid van banen in Lansingerland ligt iets onder het landelijk gemiddelde, maar is desondanks goed gezien er momenteel een grote krapte op de arbeidsmarkt bestaat. Kenmerkend voor Lansingerland is wel het type banen dat beschikbaar is. Er is bovengemiddeld veel werk in de landbouw en de handel (o.a. tuinbouw en logistiek), maar bijvoorbeeld weinig banen in de collectieve diensteverlenging (onderwijs, zorg, openbaar bestuur). Dit maakt dat er voldoende banen aanwezig zijn, maar niet voor iedere type werkzoekende. Dit wordt echter (grotendeels) gecompenseerd doordat juist dat type banen in de omringende gemeenten (Den Haag, Rotterdam) bovengemiddeld veel aanwezig is.

Wel zijn er andere oorzaken te benoemen die verklaren waarom wij meer uitkeringen verstrekken dan de prognose van het Rijk. Wij benoemen de 3 meest significante. Meest significante oorzaken voor het tekort op het BUIG-budget in Lansingerland 1) Taakstelling statushouders 

De taakstelling huisvesting statushouders was in 2021 en 2022 het dubbele van de jaren daarvoor. Dit betekent dat wij tweemaal zoveel statushouders moesten huisvesten in onze gemeente. Ondertussen is ruim 1 op de 3 uitkeringsgerechtigden in Lansingerland een statushouder. 2019

2020

2021

2022

2023

42

42

87

85

140-160

Echter, de instroom van statushouders wordt vertraagd (-2 jaar) meegenomen in de BUIGbeschikking. Het hoge aantal gehuisveste statushouders in 2022 wordt dus pas in 2024 toegevoegd aan het BUIG-budget. Vooral gemeenten met een laag percentage uitkeringen voelen de impact hiervan. Voor Lansingerland komt dit verhoudingsgewijs harder aan dan voor bijvoorbeeld Rotterdam. Ook onze buren Pijnacker-Nootdorp en Zuidplas zien nu dat hun prestaties teruglopen ten opzichte van de prognose.

11

Naast het hoge aantal statushouders met een uitkering, zien we dat inwoners met een nietwesterse achtergrond in z’n algemeen vaker een uitkering ontvangen dan het Rijk prognosticeert voor ons (69 dossiers meer dan de prognose). Dit betreft voor een groot deel voornoemde statushouders (Syrisch, Somalisch/Eritrees, Afghaans, Iraans). Het geldt echter ook voor andere migrantengroepen (zoals met een Marokkaanse achtergrond). Wat betreft onze inwoners zonder migratie achtergrond komen wij lager uit dan volgens de prognose wordt verwacht (9 dossiers minder ten opzichte van de prognose van het Rijk voor deze subgroep). Wij zien breder, ook bijvoorbeeld bij de WMO, dat wij als gemeente nog niet goed zijn ingespeeld op een diverser wordende populatie en hoe hen te bereiken. Zij vereisen misschien andere vormen van ondersteuning.

2) Controle aan de poort

Het percentage aanvragen voor een bijstandsuitkering dat in Lansingerland wordt goedgekeurd ligt 10% (83% ten opzichte van 75%) boven het landelijk gemiddelde.

Vanaf januari 2020 tot en met juni 2021 voerden wij extra controles (zogeheten QuickScans) uit om onterechte verstrekking van bijstandsuitkeringen tegen te gaan. Deze QuickScan werd uitgevoerd i.s.m. team Veiligheid en kwam bovenop de toetsing die onze rechtmatigheidsconsulenten van team Participatie doen. Halverwege 2021 moesten we stoppen met dit project door een structureel tekort aan personeel. Vanaf dat moment zijn onze prestaties gaan afwijken van de prognose van het Rijk. Wij vermoeden dan ook een causaal verband. De impact van de QuickScan is terug te zien in het percentage toegekende aanvragen per jaar:

2018 72,8 % 

2019 78,0 %

2020 65,8 %

2021 77,3 %

2022 82,7 %

Het project kon door een blijvend personeelstekort bij team Veiligheid en bij team Participatie niet meer worden opgestart. Hierbij speelde ook mee dat nieuwe opgaven op

12

ons afkwamen (energietoeslag en het leefgeld voor Oekraïners) die door dezelfde teams moesten worden uitgevoerd. Dit maakte een herstart van de QuickScan steeds onhaalbaar. In bovenstaande grafiek is te zien dat Pijnacker-Nootdorp sinds mei 2022 zelfs een hoger percentage aanvragen toekent dan wij. Sinds deze periode zien zij dan ook een trend wijziging. Na jaren overschot op het BUIG-budget kennen ook zij nu een tekort en verstrekken nu meer uitkeringen dan de prognose van het Rijk.

3) Complex uitkeringenbestand 

Volgens onze consulenten heeft bijna iedereen die kan en wil werken nu een baan. De reden dat veel van onze kandidaten een uitkering ontvangen, is niet een tekort aan beschikbare banen, maar allerlei persoonlijke belemmeringen die hen weerhouden. Denk aan schulden, (chronische) gezondheidsklachten, slechte taalbeheersing, psychische problemen, verslavingsproblemen, complexe familiesituaties, etc. Dit betekent dat de mogelijkheid om terug te keren naar de arbeidsmarkt voor een aanzienlijk deel van de bijstandsgerechtigden moeilijk is. Zij hebben langdurige begeleiding nodig op verschillende leefgebieden voordat zij kunnen re-integreren, ondanks de krapte op de arbeidsmarkt. Voor een aanzienlijk deel is arbeidsmarktparticipatie niet haalbaar. Van alle uitkeringsgerechtigden in Lansingerland is 36% een statushouder, of een statushouder die recent is genationaliseerd. 10% betreft arbeidsbeperkten of multi-problem dossiers. Het restant wordt ingedeeld als regulier, hoewel ook zij veelal kampen met persoonlijke belemmeringen zoals hierboven aangegeven. Wanneer we kijken naar leeftijd zien we dat 42% van alle uitkeringsgerechtigden 50 jaar of ouder is. Van deze groep heeft een aanzienlijk deel een ontheffing van de arbeidsverplichting o.b.v. medische en/of psychische klachten.

B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren Hieronder beschrijft het college maatregelen die zijn getroffen om een bijdrage te leveren aan het reduceren van het tekort. 1) Taakstelling statushouders 

Instroom: De instroom van statushouders wordt vertraagd (-2 jaar) meegenomen in de BUIGbeschikking. Hier kunnen wij echter niets aan doen. De taakstelling is voor 2023 zelfs verder verhoogd ten opzichte van 2022. Dit betekent dat ook in 2023 meer mensen moeten huisvesten en van een uitkering moeten voorzien, terwijl het bijbehorende budget 2 jaar vertraagd naar ons toekomt. Cultureel sensitieve aanbieders: Om beter aan te sluiten op de hulpvragen van bijstandsgerechtigde inwoners, hebben we eind 2021 de re-integratievoorzieningen voor statushouders apart ingekocht van de overige kandidaten. De ingangsdatum van de contracten was 1 april 2022. De obstakels waarmee zij te maken hebben op weg naar een baan zijn anders dan bij de overige kandidaten. Taal, culturele verschillen, kinderopvang en het volgen van de inburgeringscursus/leerroute zijn belangrijke aandachtspunten om rekening mee te houden bij de begeleiding. Gespecialiseerde aanbieders zijn naar verwachting beter in staat om deze obstakels te adresseren, wat uiteindelijk tot meer uitstroom leidt.

13

Nieuwe Wet inburgering: Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet inburgering ingegaan. Gemeenten zijn nu verantwoordelijkheid voor het aanbieden van een passend inburgeringsaanbod. De nieuwe wet geeft de gemeente de regie en maakt het mogelijk (taal)leerroutes te combineren met de toeleiding naar arbeid. De gedachte is dat dit resulteert in snellere arbeidsparticipatie. Om invulling te geven aan deze nieuwe verantwoordelijkheden stelden wij een beleidsplan Wet inburgering op. Het hoofddoel is om inburgeringsplichtigen snel en volwaardig mee te laten doen aan de Nederlandse maatschappij. Vanaf 2021 besteden wij extra geld aan de maatschappelijke begeleiding van statushouders. We trachten door extra ondersteuning te voorkomen dat persoonlijke belemmeringen en obstakels ontstaan die men vervolgens weerhouden van arbeidsparticipatie. In mei 2023 wordt er geworven voor 2 extra consulenten inburgering (het Rijk stelt structureel geld beschikbaar voor een organisatie uitbreiding). Met meer personeel is er nog meer focus op deze doelgroep. We financieren de Bibliotheek Oostland om extra aandacht te geven aan statushouders. De Bibliotheek biedt verschillende programma’s (zoals taalcafés, de projectgroep Eritreeërs, taalwandelingen, taalmaatjes, etc.) om statushouders op weg te helpen.

2) Controle aan de poort: maatregelen gericht op preventie van instroom Ondanks dat het QuickScan project is gestopt, waardoor de extra controles op aanvragen niet meer plaatsvinden, zetten we op de volgende wijzen in op preventie van instroom: 

Controle aan de poort: Onze consulenten voeren een verkennend gesprek met elk persoon dat zich bij ons meldt, voordat hij/zij daadwerkelijk een aanvraag voor een uitkering indient. Tijdens dit gesprek wordt beoordeeld of iemand direct naar werk kan worden begeleid, of dat een andere route, zoals onderwijs, passender is. Dit voorkomt uitkeringen. Daarnaast wordt in de aanvraagperiode een rechtmatigheidsonderzoek uitgevoerd, voordat een voorziening wordt toegekend of afgewezen. Voorkomen instroom door samenwerking in de arbeidsmarktregio: We zetten in op gratis scholings- en loopbaanadvies door middel van samenwerking met het Leerwerkloket Zuid-Holland Centraal. Ook werkten we in de regio samen met het Regionaal Mobiliteitsteam Zuid-Holland Centraal (RMT ZHC), dat werkzoekenden, werknemers en ondernemers met onder andere kosteloze (om)scholing en begeleiding helpt. Inzet op jongeren/jeugdpreventie: Daarnaast zetten we extra in op de preventie van jeugdwerkloosheid en instroom van jongeren in de bijstand. Door scholingsadviesgesprekken, een Jongerensteunpunt en intensieve begeleidingstrajecten zorgden we ervoor dat jongeren naar school of werk gaan. Voor jongeren werken we samen met De Jonge Krijger, een gespecialiseerde partij die coaching- en adviestrajecten voor jongeren aanbiedt.

Startkwalificatie stimuleren: Binnen de arbeidsmarktregio ZHC start in 2023 een project gericht op het bevorderen van het behalen van een startkwalificatie voor vroegtijdige schoolverlaters, omdat een diploma de beste start is op de arbeidsmarkt.

14

3) Complex uitkeringenbestand: maatregelen gericht op uitstroom 

Nieuwe re-integratie aanbieders ingekocht: Om beter aan te sluiten op de hulpvragen van bijstandsgerechtigde inwoners, hebben we eind 2021 de re-integratievoorzieningen opnieuw ingekocht. De nieuwe aanbieders die sinds 1 april 2022 onder contract staan spelen beter in op de specifieke behoeften van verschillende doelgroepen die we terugzien in ons bestand, zoals de groep nieuw arbeidsbeperkten (voor een groot deel voorheen Wsw en Wajong), en kandidaten die verder van de arbeidsmarkt afstaan en eerst geactiveerd moeten worden. Beleidsregels zijn versoepeld: We hebben verschillende beleidsregels versoepeld. Dit stelt consulenten in staat kandidaten beter tegemoet te komen om praktische belemmeringen weg te halen die uitstroom in de weg staan. Denk aan het vergoeden van werkschoenen; sneller overgaan tot een vergoeding van reiskosten; een ruimere inzet van de uitstroompremie om het wegvallen van toeslagen te compenseren, etc. Start programma: Consulenten van de gemeente zijn in 2022 begonnen met het programma ‘Lansingerland Start’. Kandidaten die een uitkering hebben aangevraagd nemen deel aan workshops waarin rechten en plichten, maar vooral het aspect werk en participatie belicht worden. Uit deze groepen zijn direct matches ontstaan waardoor er geen uitkering meer nodig was of direct beëindigd kon worden.

Ook hebben de consulenten een nauwe samenwerking opgebouwd met het Leerwerkloket, waardoor kandidaten gratis scholings- en loopbaanadvies kregen. Preventie in de regio door verbetering van werkgeversdienstverlening: We werken samen met werkgevers bij het matchen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Dit doen we onder andere door, samen met onze samenwerkingspartners in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC), onze werkgeversdienstverlening structureel te versterken en door loopbaanontwikkeling en om- en bijscholing van werkzoekenden te stimuleren. Er zijn aparte projecten gestart voor de doelgroepen statushouders, kwetsbare jongeren, mensen uit de banenafspraak, mensen met een GGZachtergrond en kansrijke sectoren/doelgroepen. Binnen de arbeidsmarktregio ZHC werken we samen met het Werkgeversservicepunt. Inzet op mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt: Door het sluiten van de toegang tot de Wsw en het beperken van de toegang tot de Wajong voor alleen mensen die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn, is jaarlijks een steeds grotere nieuwe doelgroep met een arbeidsbeperking afhankelijk van ondersteuning vanuit de Participatiewet. In mei 2023 is er een extra consulent NAB (gericht op cliënten met een arbeidsbeperking) aangenomen.

De directie en gemeenteraad hebben akkoord gegeven op deze formatie-uitbreiding om betere focus te hebben op de groeiende doelgroep met een arbeidsbeperking. Om voor inwoners uit deze doelgroep duurzaam een passende plek op de arbeidsmarkt te creëren starten we vanaf medio 2023 met een pilot. Deze is erop gericht om, in samenwerking met een lokale ondernemer, ontwikkeltrajecten en een passende werkplek te creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. Social Return: Social return blijft onderdeel uitmaken van de inkoopvoorwaarden van de gemeente. Hiermee wordt de arbeidsparticipatie van bijstandsgerechtigden en inwoners met een arbeidsbeperking verder bevorderd. Verlagen van de kosten van de gemiddelde uitkering: Door meer in te zetten op het aan het werk helpen van mensen met een arbeidsbeperking, bevorderen we het werken met loonkostensubsidie. Hiermee verlagen we de kosten van de gemiddelde uitkering. Met ingang van 2022 is namelijk de financieringssystematiek voor 15

loonkostensubsidie (LKS) gewijzigd. Gemeenten worden vanaf dit moment niet meer via het objectief verdeelmodel voor LKS gefinancierd, maar op basis van de laatst bekende realisaties. Dit biedt dit kansen om meer mensen hierin onder te brengen. Hernieuwde aandacht voor mensen die lang in de bijstand zitten: Het gros van de 50+’ers heeft al meerdere jaren een uitkering. In 2022 is een consulent gestart om specifiek deze groep beter in beeld te krijgen en iedere kandidaat te spreken. Handhaving: Dit vindt nu plaats middels incidentele her-controles op rechtmatigheid, op basis van signalen. En middels inzet van team Toezicht en Handhaving.

C. Beoogd effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie Hieronder maakt het college inzichtelijk dat de getroffen maatregelen bijdragen aan het reduceren van het tekort. Hierbij gaat het om een inschatting van het beoogde effect. 1) Taakstelling statushouders 

Instroom: Wij kunnen helaas geen invloed uitoefenen op de hoogte van de taakstelling. De taakstelling is voor 2023 wederom verhoogd ten opzichte van 2022. De voorspellingen zijn dat dit de komende jaren hoog blijft. Dit betekent dat wij continu hoge aantallen statushouders van een uitkering moeten voorzien, terwijl het bijbehorende budget 2 jaar vertraagd naar ons toekomt. Cultureel sensitieve aanbieders: Wij monitoren de prestaties van de aanbieders. Zij moeten voor elke kandidaat een eindrapportage aanleveren. Hierin staat opgenomen wat het begeleidingsdoel was, de genomen stappen en of het einddoel is behaald. Periodiek voeren wij voortgangsgesprekken met de aanbieders om de prestaties te bespreken. Voor 1 april 2024 beoordelen wij de resultaten en of het contract wordt verlengd of niet, en/of de prestatieafspraken worden aangescherpt. Nieuwe Wet inburgering: De wet ging in op 1 januari 2022. Maar pas medio september 2022 zijn de eerste statushouders ingestroomd die onder de nieuwe wet inburgeringsplichtig waren. Gelijktijdig startten we ook met de monitoring. Dit is voor onze eigen sturingsinformatie, maar tevens een verplichting van het Rijk. De indicatoren hebben betrekking op de deelname en afronding van de onderdelen van de inburgeringsplicht, de gevolgde leerroutes, het behaalde taalniveau en arbeidsparticipatie.

Gedurende 2023 kunnen we pas de eerste resultaten opmerken van de nieuwe aanpak. In 2024 evalueren wij het nieuwe beleid. Indien nodig stellen we het beleid bij per Q2 van 2024.

2) Controle aan de poort: maatregelen gericht op preventie van instroom 

Controle aan de poort: Een deel van de inwoners die een aanvraag levensonderhoud doet, wordt direct doorgeplaatst naar werk door gebruik te maken van ons lokale netwerk. Tijdens de aanvraagfase wordt een deel van de aanvragen afgewezen op basis van het rechtmatigheidsonderzoek. In 2022 werden in totaal 8 aanvragen afgewezen/buiten behandeling gesteld, met een fictieve besparing van € 128.000.

16

Voorkomen instroom door samenwerking in de arbeidsmarktregio: Het Leerwerkloket ontving en adviseerde in 2022 in totaal 50 inwoners tijdens de maandelijkse spreekuren op het gemeentehuis. Het Regionaal Mobiliteitsteam ZHC bood in 2022 ondersteuning aan 29 inwoners uit Lansingerland bij vragen rondom opleiding en werk. Zowel het Leerwerkloket als het RMT ZHC zetten hun werk in 2023 voort. Voor beide partijen geldt dat zij niet monitoren welke stappen mensen zetten naar aanleiding van het advies. Het is daarom niet mogelijk om het effect te kwantificeren. Inzet op jongeren/jeugdpreventie: De Jonge Krijger adviseerde of coachte in 2022 33 jongeren richting school of werk. Deze jongeren zijn hierdoor niet in de bijstand terecht gekomen. Dit betekent een fictieve besparing van ruim € 528.000. Startkwalificatie stimuleren: Dit regionale project start in de loop van 2023. De effecten hiervan kunnen wij vanaf 2024 monitoren.

3) Complex uitkeringenbestand 

Nieuwe re-integratie aanbieders ingekocht: In 2022 zijn in totaal 135 uitkeringsdossiers beëindigd door uitstroom. Een vergelijkbaar aantal is echter ook ingestroomd, waarvan de helft viel onder de taakstelling huisvesting statushouders. Voor 198 unieke personen is in 2022 een re-integratie voorziening ingezet. Dit kan gaan om verschillende activiteiten, van een werkfit-traject tot een reiskostenvergoeding naar een werkplek. Beleidsregels zijn versoepeld: De versoepelingen dragen bij aan het bevorderen van uitstroom door het wegnemen van belemmeringen. Denk aan het vergoeden van werkschoenen; sneller overgaan tot een vergoeding van reiskosten; een ruimere inzet van de uitstroompremie om het wegvallen van toeslagen te compenseren, etc. Jaarlijks wordt gemonitord of de wijzigingen bijdragen aan het stimuleren van uitstroom en of er nog meer aanpassingen aan de beleidsregels nodig zijn. Start programma: Sinds de start van het programma ‘Lansingerland Start’ hebben 15 inwoners die een bijstandsaanvraag hebben ingediend deelgenomen. Drie kandidaten zijn direct uitgestroomd tijdens het traject, met een besparing van € 48.000. Door personele wisselingen is het programma tijdelijk gestopt. Dit wordt in het najaar van 2023 weer opgestart.

Preventie in de regio door verbetering van werkgeversdienstverlening: Door intensieve samenwerking met het Werkgeversservicepunt ZHC zijn in 2022 plaatsingen op een werkplek gerealiseerd voor 45 inwoners uit Lansingerland. Dit betekent een fictieve besparing van € 720.000 op uitkeringen. Inzet op mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt: Het team van consulenten dat gericht is op de doelgroep inwoners met een arbeidsbeperking heeft in 2022 13 bijstandsgerechtigden aan het werk geholpen, met een fictieve besparing van € 208.000. Social Return: We werken collegiaal samen in de regio en behouden korte lijnen met de lokale gegunde partijen waardoor we inwoners met een arbeidsbeperking via social return (SR) aan het werk helpen. In 2022 waren er meer dan 40 mensen op lopende SR-opdrachten werkzaam vanuit onze gemeente, met een fictieve besparing van € 640.000. Verlagen van de kosten van de gemiddelde uitkering: Gemiddeld genomen heeft 6,4% van de bijstandsgerechtigden parttime werk met daarnaast 17

een aanvullende uitkering. Vanaf 2023 zal de intensievere inzet door consulenten op inwoners met een arbeidsbeperking betekenen dat er meer gebruik wordt gemaakt van loonkostensubsidie. Ook dit draagt bij aan het verlagen van de kosten van de gemiddelde uitkering en daarmee aan het reduceren van het tekort op het BUIG budget. Hernieuwde aandacht voor mensen die lang in de bijstand zitten: Uit de gesprekken met de doelgroep 50-plussers blijkt hoe lastig het is hen aan werk te helpen. Het overgrote deel heeft een ontheffing van de arbeidsverplichting o.b.v. medische en/of psychische klachten, of heeft nog een lange weg te gaan naar werkfitheid. Handhaving: Bij lopende dossiers wordt naar aanleiding van interne en externe (fraude) meldingen een handhavingsonderzoek gestart. Wanneer het onderzoek leidt tot de conclusie dat de toegekende voorziening niet meer rechtmatig is, wordt deze beëindigd. In 2022 werden naar aanleiding van handhavingsonderzoeken in totaal 18 dossiers beëindigd en 1 dossier gewijzigd voortgezet, met een fictieve besparing van € 295.000.

Totale fictieve besparing door getroffen maatregelen Maatregel Rechtmatigheidsonderzoek aan de poort Handhaving Jeugdpreventie (de Jonge Krijger) Regionale samenwerking met Werkgeversservicepunt Social Return Lansingerland Start Inzet op doelgroep met een arbeidsbeperking

Fictieve besparing € 128.000 € 295.000 € 528.000 € 720.000 € 640.000 € 48.000 € 208.000

Totale fictieve besparing

€ 2.567.000

Voor de berekeningen is het normbedrag van € 16.000 gebruikt. Dit betreft de gemiddelde bijstandsnorm voor Lansingerland in 2022. Bovengenoemde besparing komt bovenop de reguliere uitstroom van bijstandsgerechtigden.

18

D. Ondertekening Een verzoek tot vangnetuitkering dient door het college van burgemeester en wethouders te worden ingediend, ook indien de uitvoering van de Participatiewet aan een samenwerkingsverband is overgedragen. De ondertekening geschiedt door burgemeester en secretaris. De ondertekening is volledig indien de naam van de gemeente en de naam van de ondertekenaar zijn ingevuld, de datum is ingevuld en de handtekening is gezet. De verklaring is slechts geldig indien dit door middel van het door de minister van SZW ter beschikking gestelde aanvraagformulier wordt aangeboden aan de raad. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente [zet hier de naam van uw gemeente] verklaart dat het voor 15 augustus 2023 de genoemde maatregelen heeft getroffen om te komen tot tekortreductie. Datum: ___________ De secretaris,

Naam van de ondertekenaar: ___________ De burgemeester,

Naam van de ondertekenaar: ___________

19

2. Instemming gemeenteraad In artikel art. 10, eerste lid, onderdeel d, BPw staat dat de verklaring van het college de instemming van de gemeenteraad moet hebben. De instemming is pas geldig indien de verklaring aan de raad is aangeboden in de vorm van het door de minister vastgestelde aanvraagformulier.

De gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college. Daarmee bevestigt de gemeenteraad dat het college: 1. 2. 3.

voldoende duidelijk heeft gemaakt wat de oorzaken zijn van het tekort; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat het pakket van maatregelen effectief is om de geschetste problemen aan te pakken, binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat dit pakket van maatregelen, voor zo ver door de gemeente beïnvloedbaar is, leidt tot een beoogde tekortreductie. Daarbij wordt het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief inzichtelijk gemaakt.

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? Voorafgaand aan, het hiervoor opgenomen onderdeel A. Analyse, is door het college het proces op hoofdlijnen beschreven hoe de raad betrokken is: vanaf het moment van signalering van het tekort op het BUIG-budget en het daarop volgend proces van bepalen en treffen van maatregelen, tot aan het moment dat de verklaring van het college voor instemming wordt voorgelegd aan de raad. Hieronder is er ruimte voor de gemeenteraad voor aanvullingen op het genoemde overzicht.

Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad In de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad staat op hoofdlijnen op welke onderwerpen de raad heeft gereageerd op de verklaring van het college. De onderdelen van de verklaring zijn vaak al eerder in de raad besproken. Het gaat dus om het gehele proces vanaf de signalering van het tekort. Verder betreft het hier alleen onderwerpen die in de raadsbesluiten zijn opgenomen, die afwijkend zijn van het raadsvoorstel. Om de beschrijving zo eenvoudig mogelijk te houden wordt gebruik gemaakt van een checklist die kan worden aangevuld. Het verzoek is om aan te kruisen welke onderwerpen in de raadsbesluiten zijn opgenomen. Dit geschiedt d.m.v. het plaatsen van een X voor de betreffende onderdelen. Daarnaast is er ruimte voor aanvullingen. X

Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend, waardering over analyse en maatregelen uitgesproken Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk

20

Afkeurend en gevraagd het plan te herzien Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen. Verzoek om het tempo van invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen. Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek on meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen Motie om een andere beleidsmaatregel te treffen

Ondertekening De ondertekening geschiedt door voorzitter en griffier. De gemeenteraad dient voor het moment van indiening van het verzoek zijn instemming te hebben gegeven. De aanvraag dient uiterlijk 15 augustus 2023 door de Toetsingscommissie te zijn ontvangen. De gemeenteraad van de gemeente [zet hier de naam van uw gemeente] stemt in met de onder 1 afgegeven verklaring door het college van deze gemeente.

Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geïnformeerd door het college en met de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad.

De voorzitter,

Naam van de ondertekenaar: ___________ De griffier,

Naam van de ondertekenaar: ___________

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=e59b78b3-d263-4b3b-85d9-cd5d3ffee3b1