[T23.02968] Toelichting financiële mutaties (Bijlage Kaderbrief 2024)
Tekst van het document
Toelichting financiële mutaties Kaderbrief 2024
Afdeling: Financiën Datum: 6-6-2023 Corsanummer: T23.02968
Inhoudsopgave 1 2 3 4
Financiële mutaties Kaderbrief 2024 ........................................................................... 3 Financiële uitgangspositie ......................................................................................... 4 Algemene uitkering ................................................................................................. 5 Autonome ontwikkelingen en reeds genomen besluiten ................................................... 6 4.1 Indexaties ....................................................................................................... 6 4.2 Stelpost Ontwikkeling CAO 2024 ............................................................................ 7 4.3 Sociaal Domein ................................................................................................. 7 4.4 Bijstelling budgetten bestaande taken ..................................................................... 9 4.5 Omgevingswet ................................................................................................ 10 4.6 Rechtmatigheidsverantwoording en Wet Politiegegevens (Wpg) ..................................... 10 4.7 SIEM/SOC ...................................................................................................... 10 4.8 Energiecontract ..............................................................................................
10 4.9 Dividend nutsbedrijven ..................................................................................... 10 5 Actualisatie OZB .................................................................................................... 11 6 Capaciteit ............................................................................................................ 12 7 Interne ontwikkelingen/actualisaties .......................................................................... 14 8 Overige Interne ontwikkelingen ................................................................................ 15 9 Posten afhankelijk van kabinetsbesluit ....................................................................... 16 10 Incidentele claims.................................................................................................. 17
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
2
1
Financiële mutaties Kaderbrief 2024
In de Kaderbrief 2024 presenteren we het financiële meerjarenbeeld 2024-2027. Hieronder vindt u de samenvattende tabel en verderop in deze bijlage lichten we de financiële mutaties nader toe.
Financieel meerjarenbeeld 2024-2027 Baseline beginsaldi 2. Structureel begrotingssaldo na Slotwijziging en 1e BW 2023 2. Bijstelling algemene uitkering Totaal bovenstaande posten (A) 4. Autonome ontwikkelingen 5. Actualisatie OZB 3. Meicirculaire 6. Capaciteit 7. Interne ontwikkelingen/actualisaties 8. Overige interne ontwikkelingen 9. Posten afhankelijk van kabinetsbesluit Totaal bovenstaande posten (B) Totaal (A+B)
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
2024
2025
Bedragen x € 1.000 2026 2027
-1.988 2.267 279 -11.711 1.103 PM -411 -34 -600 PM -11.653 -11.374
-2.263 161 -2.102 -11.701 1.073 PM -1.108 912 -600 PM -11.424 -13.526
-6.446 -30 -6.476 -11.520 1.081 PM -2.491 397 -600 PM -13.133 -19.609
-9.304 -1.117 -10.421 -12.215 1.089 PM -3.866 516 -600 PM -15.076 -25.497
3
2
Financiële uitgangspositie
Bij het opstellen van de Kaderbrief 2024 zijn we gestart met een financiële uitganspositie. Deze financiële uitganspositie is ontstaan uit de Begroting 2023 met wijzigingen en de bijstelling van de algemene uitkering op basis van de Decembercirculaire 2022 (de laatst gepubliceerde). Het betreft het structurele saldo dat is geschoond van de incidentele baten en lasten, aangezien de Gemeentewet (en daarmee de PZH als toezichthouder van de gemeente) een structureel sluitende begroting vraagt. Het meerjarenbeeld bij de start van de Kaderbrief 2024 is als volgt:
Financiële uitgangspositie Structureel begrotingssaldo na Slotwijziging en 1e BW 2023 Bijstelling algemene uitkering o.b.v. decembercirculaire 2022 met nieuwe maatstaven Bijstelling algemene uitkering o.b.v. prijspeil 2024 Bijstelling algemene uitkering: schrappen opschalingskorting Beginstand begrotingssaldo 2024-2027
2024 -1.988
2025 -2.263
-1.004 3.271 0 279
-3.110 3.271 0 -2.102
Bedragen x € 1.000 2026 2027 -6.446 -9.304 -1.395 3.271 -1.906 -6.476
-2.482 3.271 -1.906 -10.421
De jaren 2024-2027 starten we, na de Begroting 2023 tezamen met de structurele effecten van de Slotwijziging 2022 en de 1e begrotingswijziging 2023, met een tekort van € 2,0 mln. negatief in 2024. Dit tekort loopt op tot € 9,3 mln. in 2027. Hiermee hebben we voor 2024 (en 2023) geanticipeerd op extra compensatie, voor onder andere inflatie, vanuit het Rijk. Deze compensatie zien we terug bij de bijstelling van de Algemene Uitkering o.b.v. de Decembercirculaire 2022 met het prijspeil 2024. De aanpassing naar het prijspeil 2024 levert een plus op van € 3,3 mln. per jaar. Per saldo betekent dit een positieve bijstelling van de algemene uitkering en daarmee een dekking van het tekort. Echter, daar staan aan de lastenkant ook aanvullende loon- en prijsstijgingen tegenover, die op dit moment op basis van de nu bekende informatie niet volledig door de Algemene Uitkering gedekt worden. Daarnaast is de Algemene Uitkering bijgesteld o.b.v. de meest recente maatstaven. De aangepaste maatstaven leveren, met name door de lagere inwoneraantallen (zie hiervoor 1.3 in T23.02967), een negatieve bijstelling op van ca. € 1 mln. in 2024 en ca. € 3,1 mln. in 2025. Een verdere tegenvaller is de opschalingskorting die vanaf 2026 weer toegepast wordt. Tot en met 2025 is de opschalingskorting geschrapt.
Conform het eerdere advies van de VNG waren wij ervan uitgegaan dat de opschalingskorting structureel geschrapt zou worden (zie ook raadsbrief U22.02205). Dit betekent vanaf 2026 een negatieve aanpassing van € 1,9 mln. De VNG gaat over het toepassen van de opschalingskorting in gesprek met het Rijk, omdat er voor 2026 vooralsnog geen aanvullende compensatie komt vanuit het Rijk.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
4
3
Algemene uitkering
De Algemene Uitkering (AU) in de Begroting 2023 – 2026 werd gebaseerd op de Meicirculaire 2022, die door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) wordt gepubliceerd. In de eerste begrotingswijziging is dit bijgesteld met de gepubliceerde Septembercirculaire 2022. Bij het opstellen van deze Kaderbrief 2024, is de Meicirculaire 2023 echter nog niet gepubliceerd. Dit betekent dat er bij deze Kaderbrief nog niet bekend is wat de effecten van Meicirculaire 2023 voor onze gemeente zullen zijn. Het Rijk heeft wel reeds een extra inflatiecorrectie over 2022 aangekondigd. Wij weten ook hiervan nog niet wat dit voor Lansingerland betekent. De doorrekening van de Meicirculaire, waarin deze extra inflatiecorrectie op zal worden genomen, wordt verwerkt in een raadsinformatiebrief, die we voor de behandeling van de Kaderbrief 2024 aan de Raad zullen verstrekken. Op die manier kunt u zich toch een completer (en minder onzeker) beeld vormen van de financiële uitgangspositie voor de begroting 2024.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
5
4
Autonome ontwikkelingen en reeds genomen besluiten
Autonome ontwikkelingen zijn de ontwikkelingen in 2024 en latere jaren waarvan nagenoeg zeker is dat die op ons afkomen. Wij kunnen als gemeente niet of maar beperkt invloed uitoefenen op deze ontwikkelingen. Het gaat hierbij met name om indexaties, bijstellingen binnen het sociaal domein en reeds vastgesteld beleid.
Autonome ontwikkelingen 4.1. Indexaties 4.2. Stelpost ontwikkeling CAO 2024 4.3.1. GRJR oplopende aantallen 4.3.2. Bijstelling Participatie 4.3.3. Bijstelling Wet Inburgering 4.3.4. Bijstelling GGD 4.3.5. Bijstelling Jeugd 4.3.6. Bijstelling Wmo 4.4. Bijstelling budgetten bestaande taken 4.5. Omgevingswet 4.6. Rechtmatigheidsverantwoording 4.7. SIEM/SOC 4.8. Energiecontract 4.9. Dividend nutsbedrijven Totaal
4.1
2024 -3.694 -1.796 -2.233 -418 220 -282 -804 -71 -961 -1.000 -100 -190 -383 PM -11.711
2025 -3.943 -1.796 -2.272 -418 220 -282 -732 156 -961 -1.000 -100 -190 -383 PM -11.701
Bedragen x € 1.000 2026 2027 -4.012 -4.107 -1.796 -1.796 -2.272 -2.272 -418 -431 220 220 -282 -282 -735 -735 408 -178 -961 -961 -1.000 -1.000 -100 -100 -190 -190 -383 -383 PM PM -11.520 -12.215
Indexaties
Ieder jaar indexeren we onze budgetten. De indexatie heeft zowel betrekking op onze eigen (materiële) budgetten, alsook de bijdragen aan verbonden partijen en gesubsidieerde instellingen. Indexatie materiële budgetten (4,54%) Met het oog op verantwoord financieel beleid en systematiek indexeren we jaarlijks de aan inflatie gerelateerde materiële budgetten. Wij achten het van belang om bij het opstellen van de Begroting 2024 rekening te houden met het realistisch ramen van loon- en prijsindexering. De indexatie is van toepassing op tal van budgetten in de gemeente zoals uitbesteed werk, onderhoud, uitvoeringsbudgetten, accountantskosten, onderzoek en advies, maar bijvoorbeeld ook gas en elektriciteit en overige budgetten. Er is gerekend met één vast indexpercentage (4,54%). Hierbij is geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende onderdelen/budgetten. Het percentage is gebaseerd op de Voorjaarsnota 2023 van het Rijk. In het gemeentefonds volgt door middel van het accres, compensatie voor de indexatie van de materiële budgetten. Richting de begroting kan zowel de indexatie als het accres nog behoorlijk wijzigingen als gevolg van de Meicirculaire 2023. De Provincie Zuid-Holland heeft vanuit haar rol als toezichthouder het uitgangspunt dat de toe te passen indexatie minimaal zo hoog zijn als de percentages die toegepast worden in de Mei- of Septembercirculaire 2023.
Mocht de indexatie in de Meicirculaire 2023 hoger uitvallen, dan zullen we de Begroting 2024-2027 hierop bijstellen. Indexatie Wmo en Jeugd (voor zover lokaal ingekocht) (4,74%) Ook de budgetten van het sociaal domein worden jaarlijks geïndexeerd. Het gaat onder andere om Hulp bij het huishouden, Dagbesteding, Mantelzorg, Collectief vervoer (allen Wmo) en Jeugd met een beperking, Basis GGZ en Ernstige enkelvoudige dyslexie (allen Jeugd). Om onze wettelijke taken te kunnen blijven uitvoeren is het van belang om deze budgetten jaarlijks te indexeren. Dit is bovendien conform de contractafspraken die wij met onze zorgaanbieders hebben. Er zijn overigens signalen dat er individuele aanbieders stoppen met de dienstverlening binnen de huidige contracten Kaderbrief 2024 (T23.02867)
6
en aanzienlijk hogere indexaties rekenen, wat erop duidt dat de toegepaste indexatie mogelijk nog aan de lage kant is. Indexatie verbonden partijen (8,4%) De budgetten van de verbonden partijen worden geïndexeerd met een vastgesteld indexpercentage voor het komende begrotingsjaar 2024. In opdracht van de Kring van Gemeentesecretarissen Rotterdam-Rijnmond en Goeree-Overflakkee berekent een financiële werkgroep jaarlijks het indexpercentage voor gemeenschappelijke regelingen (GR’en). Hiermee kunnen GR’en de door de deelnemende gemeenten te leveren bijdragen verhogen in verband met loon- en prijsstijgingen waar deze GR’en zich mee geconfronteerd zien. Het gaat om de verbonden partijen: Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR), Greenport West-Holland, Recreatieschap Rottemeren, GR Jeugdhulp Rijnmond, SVHW, DCMR, MRDH en GGD. Voor 2024 is het percentage berekend op 8,4%. Dit percentage bestaat uit CPI, loonindexatie en een eventuele bijstelling (naar boven óf beneden) op het afgegeven indexpercentage van de afgelopen 3 jaar. Indexatie raamcontracten Sport en Openbare Ruimte (11,7% tot 24,3%) In diverse raamcontracten, zoals op het gebied van Sport en Openbare Ruimte, liggen al indexatiecijfers vast. Zo wordt voor Openbare Ruimte gerekend met de indexatiecijfers van het CBS/GWW per 1 januari.
Aangezien deze indexen reeds hoger liggen dan eerder geraamd, vindt hier een bijstelling op plaats over 2023. Daarnaast is ook de indexatie over 2024 toegepast. Indexatie subsidies (8,4%) Tot slot indexeren we de subsidies. Bijdragen aan gesubsidieerde instellingen zijn een aparte categorie en hebben betrekking op de hoofddoelen Samenleving, Jeugd, Volwassenen en Ouderen. De geïndexeerde budgetten vallen niet onder de indexatie van de materiële budgetten, verbonden partijen, of Wmo en Jeugd lokaal. Het gehanteerde percentage is 8,4%.
4.2
Stelpost Ontwikkeling CAO 2024
Zoals we in paragraaf 1.4.2. van T23.02967 aangeven, hanteren we voor 2024 een Cao-stijging van 4%. De Provincie Zuid-Holland heeft vanuit haar rol als toezichthouder het uitgangspunt dat de toe te passen indexaties minimaal zo hoog zijn als de percentages die toegepast worden in de Mei- of Septembercirculaire 2023. Mocht de indexatie in de Meicirculaire 2023 hoger uitvallen, dan zullen we de Begroting 2024-2027 hierop bijstellen.
4.3
Sociaal Domein
In het eerste kwartaal van 2023 heeft de gemeenteraad de Samenlevingsvisie vastgesteld. Deze visie is ons kompas en afwegingskader voor beleid en uitvoering in het domein samenleving. In 2023 en de jaren daarna werken we eraan om de visie uit te werken naar ambities en uitvoering. Onze gemeente groeit in de komende jaren verder en ook onze demografische samenstelling verandert. Het aantal 65-plussers in onze gemeente groeit sterk, maar ook wonen er steeds meer jongeren in onze gemeente. Daarnaast zijn in toenemende mate nieuwkomers in Lansingerland gehuisvest, denk aan de ontheemde Oekraïners, statushouders, maar ook aan het wetsvoorstel van de Spreidingswet waarmee asielopvang een taak van gemeenten wordt. Deze ontwikkelingen zullen invloed hebben op het aanbod en gebruik van gemeentelijke voorzieningen.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
7
4.3.1
GRJR oplopende aantallen
Naar aanleiding van de voorlopige begroting van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) stellen we het budget in onze begroting bij. Het bedrag is exclusief loon- en prijsindexatie; dit is verwerkt bij de indexatie van de verbonden partijen. De bijstelling heeft een negatief effect, met name als gevolg van oplopende aantallen cliënten in de specialistische ambulante hulpverlening (perceel E), die we inkopen bij de GRJR. Onderstaande tabel laat zien dat we in januari 2021 310 kinderen hadden die deze zorg nodig hadden. Eind 2022 waren dit 479 kinderen. Een analyse van de data laat zien dat deze stijging in 2022 naar alle waarschijnlijkheid is veroorzaakt doordat tijdens de lockdowns in 2020-2021 het normale leven van kinderen (school, kinderopvang, verenigingen, sociaal netwerk) stillag, en daardoor ook preventieve hulp niet kon worden ingezet. Vervolgens hebben deze kinderen en hun ouders hulp gezocht, kwamen ze op de wachtlijst en zijn problemen tijdens het wachten soms verergerd. In 2020-2021 was de wachtlijst voor ambulante hulp gemiddeld 29 weken. Halverwege 2021 en gedurende 2022 hebben zorgaanbieders op perceel E extra middelen gekregen om hun capaciteit uit te breiden om de wachtlijsten weg te werken. We zien dat de instroom toen sterk toenam. Aantal cliënten 2022
Jan
Feb
Mrt
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Perceel E
332
349
369
383
412
414
424
448
467
493
475
479
Aantal cliënten 2021
Jan
Feb
Mrt
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Perceel E
310
305
322
308
298
297
294
282
281
285
302
327
4.3.2
Bijstelling Participatie
Eind april 2023 is de voorlopige beschikking voor de BUIG (bijstandsuitkeringen) beschikbaar gekomen. Het is gebruikelijk om het BUIG-budget bij te stellen naar de laatst bekende beschikking. De bijstelling van het budget leidt vooralsnog tot een negatief effect. Eind september 2023 volgt de definitieve beschikking. Te zijner tijd zal daarom een nieuwe (definitieve) bijstelling van de BUIG plaatsvinden. In 2024 is een wijziging van de Participatiewet voorzien met als doel om de menselijke maat meer terug te brengen. Onze gemeente zal zich in 2023 voorbereiden op de wetswijziging zodat we tijdig de veranderingen kunnen uitvoeren. Het CPB voorspelt landelijk een stijging in het aantal personen in armoede en in de werkeloosheid (Centraal Economisch Plan 2023). In combinatie met de bevolkingsgroei, wijziging in de bevolkingssamenstelling en grotere taakstelling statushouders in Lansingerland leidt dit ertoe dat: • Meer inwoners een beroep doen op een bijstandsuitkering. • Meer inwoners in aanmerking komen voor onze inkomensondersteunende voorzieningen. • Het aantal aanvragen bijzondere bijstand stijgt. Dit houdt in dat we een stijging voorzien in de kosten van bijstandsuitkeringen, reintegratievoorzieningen en bijzondere bijstand.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
8
4.3.3
Bijstelling Wet Inburgering
Wij verwachten dat de hoge taakstelling voor (asiel)statushouders de komende jaren aanhoudt. Het budget voor de inkoop van inburgeringsvoorzieningen (zoals de leerroutes) wordt ieder jaar vastgesteld via een SPUK-uitkering en is volume-afhankelijk. Indien de aantallen statushouders lager of hoger uitvallen wijzigen de baten en lasten mee. Ook voor de organisatiekosten gaan we uit van dekking vanuit het Rijk. Omdat de opbrengsten nog niet volledig waren meegenomen in de eerdere begroting, terwijl de kosten dat wel waren, levert de aanpassing daarvan in de Kaderbrief 2024 een positief resultaat op.
4.3.4
Bijstelling GGD
Er is voor de GGD een nieuwe meerjarenbegroting 2024-2027 opgesteld. Vanwege een toenemende infectiedruk, aangepaste wet- en regelgeving en bijkomende werklast, is de huidige begroting niet meer toereikend om alle wettelijke basistaken die bij de GGD belegd zijn per 2024 en verder uit te voeren. Het leidt tot meerkosten voor specifiek drie basistaken, te weten: 1. Ondersteuning bestuur gemeenschappelijke regeling (A1); 2. GROP en crisisbeheersing (A3) 3. Infectieziektebestrijding Het budget van de GGD wordt daarnaast geïndexeerd met het indexcijfer dat is vastgesteld door de Kring van Gemeentesecretarissen. 4.3.5
Bijstelling Jeugd
De Rijksoverheid werkt met partners waaronder gemeenten aan de Hervormingsagenda Jeugd met als doel om het stelsel van jeugdzorg te verbeteren en financieel houdbaar te laten zijn. Deze ontwikkeling heeft een impact op onze gemeente en dat betekent dat we zowel in beleid als in uitvoering extra werk moeten verrichtten om uitvoering te geven aan de Hervormingsagenda Jeugd.
4.3.6
Bijstelling Wmo
De ontwikkelingen van loonkosten (indexaties) en de wachtlijsten hebben aan de ene kant een verhogend effect en aan de andere kant een dempende werking op de kosten voor de Wmo. Ook zien we dat de groei minder hard stijgt dan in de tijd van de inwerkingtreding van het abonnementstarief. Het kabinet heeft aangekondigd aanpassingen te gaan doen in het abonnementstarief, bijvoorbeeld door herinvoering van een inkomensafhankelijke bijdrage, om de grip op groei uitgaven te vergroten. Deze gewijzigde eigen bijdrage systematiek zal naar verwachting op zijn vroegst 1 januari 2026 in gaan. Qua inschatting groei van cliëntenaantallen houden we nog geen rekening met de voorgestelde wetswijziging.
4.4
Bijstelling budgetten bestaande taken
In een aantal gevallen is er een bijstelling nodig van het budget voor bestaande taken ten opzichte van het reeds beschikbare budget, of worden recent genomen besluiten in deze Kaderbrief financieel verwerkt. Denk hierbij aan het verwerken van de aangenomen motie voor het thuisbezorgen van reisdocumenten, het mobiel servicepunt, een bijstelling van de vergoeding voor raadsleden en de premie voor de aansprakelijkheidsverzekering voor wethouders, en het bijstellen van de budgetten voor leerlingenvervoer en onderwijsachterstanden en voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Kaderbrief 2024 (T23.02867)
9
4.5
Omgevingswet
Afgelopen jaren zijn we druk bezig geweest met de voorbereiding van de Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking zal treden. Voor de implementatie van de Omgevingswet hebben we een rijksbijdrage ontvangen. Voor de uitvoering van de wet stelt het Rijk geen extra middelen ter beschikking. De aanname van het Rijk is dat op langere termijn (periode van 10 jaar) de Omgevingswet budgettair neutraal zal zijn. Zeker in de eerste 5-10 jaar zal dit wel meer werk met zich mee brengen. De exacte impact wordt momenteel onderzocht.
4.6
Rechtmatigheidsverantwoording en Wet Politiegegevens (Wpg)
Met ingang van 2023 geldt de rechtmatigheidsverantwoording. Het college is dan zelf verantwoordelijk voor het afgeven van een verklaring over de het rechtmatig naleven van wet- en regelgeving bij het tot stand komen van de jaarrekening, waar dit eerst door de accountant gebeurde. Dit vereist extra inzet op de systematische inzet en dossiervorming van interne controles. Daarnaast is ook de Wet Politiegegevens van kracht. Hiervoor moet er elke vier jaar een externe audit plaatsvinden en er zijn veel maatregelen waar een gemeente aan moet voldoen. Voor de uitvoering is extra budget vereist.
4.7
SIEM/SOC
Om de informatiebeveiliging verder te verbeteren is een systeem nodig dat in de gaten houdt welke bedreigingen er zijn, deze kan rapporteren en een medewerker die deze bedreigingen afhandelt/mitigeert. In jargon: een SIEM/SOC. Dit is voor gemeenten ook een vereiste op grond van de Baseline informatiebeveiliging overheden (BIO). Er is een inschatting gemaakt van het budget dat hiervoor nodig is.
4.8
Energiecontract
Sinds de oorlog in Oekraïne zijn de energiekosten zeer volatiel. Net als inwoners en ondernemingen loopt ook onze gemeente tegen hoge energieprijzen aan. De inschatting is vooralsnog dat de energiekosten voor 2024 in lijn zijn met de huidige raming van 2023. Deze post is echter nog onzeker.
4.9
Dividend nutsbedrijven
Als aandeelhouder in Stedin en de BNG ontvangt de gemeente jaarlijks dividend. Wij hebben momenteel nog geen zicht op een eventuele aanpassing van het dividendbedrag. Daarmee is deze post nog onzeker.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
10
5
Actualisatie OZB
In de Kaderbrief 2024 hebben we niet alleen gekeken naar de lasten, maar ook naar de baten. De OZB-opbrengsten vormen daarin een belangrijk onderdeel. Bij de OZB spelen een aantal factoren een rol, namelijk de WOZ-waardes, de areaaluitbreiding, de inflatiecorrectie en de eventuele tariefsaanpassingen. In de Kaderbrief 2024 hebben wij een aanpassing gedaan voor de inflatie. We hebben ook hier de indexatie van 4,54% uit de Voorjaarsnota van het Rijk toegepast. Het SVHW levert ons tweemaal per jaar een rapportage aan met een raming van de grondslagen voor onze lokale heffingen, deze ontvangen wij in juni en september. De OZB-raming in de Kaderbrief 2024 is bijgewerkt met de grondslagen uit de raming van september 2022. Voor de Begroting 2024 dient onze OZB-raming nog te worden herijkt op basis van de SVHW-rapportage van juni 2023. Daarnaast is de OZB voor eigenaren en gebruikers van niet-woningen samengevoegd. Hiervoor waren wij eerder uitgegaan van een behoedzaam scenario voor derving van inkomsten, namelijk 5%. Ervaring over 2022 heeft geleerd dat de derving lager is geweest dan verwacht en in lijn lag met de dervingspercentages van pre-coronajaren, namelijk 3%. In de Kaderbrief 2024 gaan we dan ook weer uit van 3%.
OZB Actualisatie OZB Totaal
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
2024 1.103 1.103
2025 1.073 1.073
Bedragen x € 1.000 2026 2027 1.081 1.089 1.081 1.089
11
6
Capaciteit
We hanteren het principe ‘capaciteit volgt beleid, groei en (wettelijke) taak’. De benodigde capaciteit (formatie en inhuur samen) is afhankelijk van de hoeveelheid werk. Door toename van onder andere het aantal inwoners van 64.744 naar 71.000 in 2027 (bijv. door de geplande op te leveren woningen op Wilderszijde), de groei van het aantal jongeren van 16.100 naar 16.800, de uitbreiding van het areaal met ca. 2,5% per jaar, het aantal Wmo-gebruikers dat oploopt naar ca. 3.900 in 2027, de toenemende zorgcasuïstiek en de mogelijke uitbreiding van het aantal wethouders in 2026, voorzien wij een groeiende capaciteitsbehoefte over de jaren. Hieronder volgt een overzicht van de groei factoren per programma. De cijfers vormen een voorlopige doorrekening waarin wij denken stappen te hebben gemaakt. Verdere uitwerking hiervan in lijn met het door de Raad aangenomen amendement volgt, in de vorm van een overzicht van de benodigde budgetten voor de groei van de capaciteit per programma/beleidsonderdeel, bij de Begroting 2024-2027.
Programma
Overhead
Programma 1
Programma 2 Programma 3
Programma 4 Programma 5
Programma 6 Programma 7
Capaciteitsgroei (x € 1.000) Indicatoren 2024 Aantal teams, aantal inwoners, aantal wethouders, aantal medewerkers (in dienst en inhuur), aantal WOO-verzoeken, aantal bezwaren, toenemende complexiteit -311 Aantal inwoners, aantal aanvragen, aantal vragen/contactmomenten, toenemende complexiteit 4 Aantal inwoners, aantal meldingen, aantal handhavingszaken, aantal vergunningaanvragen, toenemende complexiteit 8 toenemende complexiteit -33 Aantal WMO-gebruikers, aantal jeugdhulpdossiers, aantal uitkeringen, toenemende complexiteit -100 Areaaluitbreiding, aantal meldingen, aantal -187 gebouwen, toenemende complexiteit Aantal inwoners, aantal vergunningaanvragen, toenemende -67 complexiteit Aantal inwoners, toenemende complexiteit -6
2025
2026
2027
-439
-772
-1.219
-48
-310
-439
-37 -66
-155 -99
-269 -133
-324
-708
-1.102
-359
-532
-708
-125 -18
-183 -41
-242 -63
Ieder jaar actualiseert de gemeente de personeelsbegroting. De actualisatie betreft onder andere het effect van de huidige Cao-verhoging (CAO 2023), de onregelmatigheidstoeslag en de toeslag voor gladheidsbestrijding. De Cao-verhoging over 2023 is op 6 april definitief vastgesteld. Dit was te laat om de personeelsbegroting definitief door te rekenen voor de Kaderbrief, vandaar dat de voorlopige doorrekening verwerkt is. Het opleidingsbudget van de gemeente is gekoppeld aan de personeelsbegroting. De vuistregel daarbij is dat we 2% van de personeelsbegroting reserveren voor opleidingsbudget. Hiervan gaat 0,5% naar het centrale opleidingsbudget; de overige 1,5% gaat naar de afzonderlijke teams.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
12
Capaciteit a. Capaciteitsraming d. Meegroeien centraal opleidingsbudget met p-begroting Totaal
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
2024 -367 -43 -411
Bedragen x € 1.000 2025 2026 2027 -1.066 -2.449 -3.824 -43 -43 -43 -1.108 -2.491 -3.866
13
7
Interne ontwikkelingen/actualisaties
Interne ontwikkelingen/actualisaties a. MIP b. MPG 2023 (uren/overhead/rente) c. AOK's (uren en overhead) d. MJOP Totaal
2024
2025 -34 PM PM 0 -34
912 PM PM 0 912
Bedragen x € 1.000 2026 2027 397 516 PM PM PM PM 0 0 397 516
a. Meerjaren Investeringsplan (MIP) Elk jaar vindt er een actualisatie plaats van het MIP. Gekeken wordt onder andere welke investeringen kunnen worden afgesloten of doorgeschoven, welke nieuwe- technische noodzakelijke- en vervangingsinvesteringen gepland staan en hoe de afschrijven van de afgesloten investeringen en nieuwe investeringen zich verhouden ten opzichte van de huidige begroting. Dit is een technische exercitie waarvan de financiële effecten in het structurele begrotingssaldo worden meegenomen. De cijferreeks is nog onzeker, aangezien de actualisatie van het MIP nog gaande is. b. Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG) 2023 Bij de grondexploitaties worden alle te relateren kosten toegerekend. Het gaat daarbij om het toerekenen van uren, overhead en rente, inclusief de doorwerking van de gebiedsexploitatie Wilderszijde. Momenteel brengen we in beeld wat de effecten van het MPG 2023 zijn op de begroting 2024-2027. In het MPG gaan we alleen uit van de projecten die we in exploitatie hebben. Het is echter aannemelijk dat er in de komende jaren weer nieuwe projecten bij zullen komen. Om die reden is er in de regel van het MPG een stelpost verwerkt waarin de nog niet zichtbare, toekomstige, dekking van de projecten is opgenomen. c. Anterieure overeenkomsten (AOK’s) Ook aan de AOK’s worden uren en overhead toegerekend.
Momenteel brengen we in beeld wat de effecten van de nieuwe AOK-ramingen zijn op de begroting 2024-2027. Net als bij de grondexploitatie neemt over de jaren de dekking vanuit de AOK’s af, omdat de huidige AOK’s aflopen en er dus minder kosten kunnen worden doorbelast. Daarom is in de regel van de AOK’s een stelpost verwerkt waarin de nog niet zichtbare, toekomstige dekking is opgenomen. d. Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) Eens in de vier jaar wordt het Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) geactualiseerd. Bij deze actualisatie komt naar voren dat in 2024 groot onderhoud aan de Windas nodig is en in 2025 aan het gemeentehuis. Gezien de aard van dit onderhoud aan onder andere installaties zijn deze uitgaven te kapitaliseren, waardoor de investeringen over een langere periode afgeschreven kunnen worden en, conform ons activabeleid, de afschrijving start in het jaar na gereed komen van de investering. Dit wordt nog verder uitgezocht voor de begroting 2024.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
14
8
Overige Interne ontwikkelingen
Overige interne ontwikkelingen a. Vrijval stelpost herverdeeleffect b. Vrijval stelpost BTW compensatiefonds c. Financieringsfunctie d. Areaaluitbreiding buitenruimte Totaal
2024 PM PM -600 PM -600
2025 PM PM -600 PM -600
Bedragen x € 1.000 2026 2027 PM PM PM PM -600 -600 PM PM -600 -600
a. Vrijval stelpost herverdeeleffect Bij de Begroting 2023-2026 is de stelpost herverdeeleffect opgenomen om een mogelijk nadelige hercalculatie van de suppletie-uitkering op te vangen. Een deel van deze stelpost is ingezet ter dekking van amendementen. Indien zich in de Meicirculaire 2023 geen onverwachte mutaties voordoen in de suppletie-uitkering stelt het college voor om de resterende stelpost bij de Begroting 2024-2027 vrij te laten vallen. Het gaat dan om een bedrag van € 980.000 voor 2024 en 2025 en € 1.050.000 voor de jaren erna. b. Vrijval stelpost BTW-compensatiefonds (BCF) Met het oog op de huidige financiële onzekerheden, die de omvang van het BCF mogelijk negatief beïnvloeden, is de dekking van het BCF in de eerdere begroting verlaagd van 100% (€ 1.040.000) naar 50% (€ 520.000). Dit is tevens conform het advies van de VNG om een buffer aan te houden waarmee tegenvallers in de afrekening van het BCF worden opgevangen. Afhankelijk van de uitkomsten van de Meicirculaire 2023 kan de raad overwegen deze stelpost bij de begroting op te hogen, met inachtneming van het risico dat daarmee genomen zou worden. Mocht dit leiden tot een tegenvaller bij de jaarrekening in enig begrotingsjaar dan komt dit nadeel (incidenteel) ten laste van het rekening resultaat (en daarmee de algemene reserve). c. Stelpost Financieringsfunctie Begin 2023 is een grote lening afgelost.
Daardoor is het saldo aan liquide middelen (incl. uitzettingen in de schatkist van het Rijk) sterk gedaald. Gezien de huidige investeringsplannen is het wellicht nodig om al in 2024 nieuwe externe financiering aan te trekken. Wat voor financiering nodig is (tijdelijk of langlopend) en onder welke condities brengen we op dit moment in beeld. Op basis van de noodzaak die er vooralsnog ligt op basis van de investeringsplannen voor 2023 en 2024, stellen wij voor een stelpost financiering op te nemen voor een lening van € 15 mln. met een looptijd van 10 jaar en een rente van 4% (zie uitgangspunt 1.6 in T23.02967). d. Areaaluitbreiding buitenruimte De areaaluitbreiding van de buitenruimte bekostigen we vanuit een stelpost. De kosten van areaaluitbreiding hebben o.a. betrekking op groenpercelen, verlichting, wegen, straatreiniging, kunstwerken en oppervlaktewater. Momenteel wordt er onderzocht of de huidige stelpost dekkend is voor de geplande areaaluitbreiding.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
15
9
Posten afhankelijk van kabinetsbesluit
Een aantal posten in de baseline zijn afhankelijk van een kabinetsbesluit. Bij het opstellen van de Kaderbrief is alvast geanticipeerd op deze besluiten.
Posten afhankelijk van kabinetsbesluit a. Compensatie Jeugdzorg: resterende 25% b. Nieuwe financieringssystematiek Rijk c. Hervormingsagenda Jeugd Totaal
2024
2025
PM PM PM
PM PM PM 0
Bedragen x € 1.000 2026 2027 PM PM PM PM PM PM 0 0 0
a. Compensatie Jeugdzorg In de Begroting 2022 is de compensatie voor Jeugdzorg in 2022 incidenteel voor 100% ingeboekt en in 2023 en latere jaren structureel voor 75%. Dit naar aanleiding van de uitspraak van de Commissie van Wijzen. Er is nog geen duidelijkheid over de resterende 25%. b. Nieuwe financieringssystematiek Rijk Door het Rijk is er besloten om na 2025 een nieuwe financieringssystematiek te hanteren voor lagere overheden, waarbij mogelijk ook een uitbreiding van het lokaal belastinggebied betrokken wordt. Voor 2026 is er vooralsnog geen nieuwe regeling. In de recente Voorjaarsnota 2023 heeft het Rijk een stelselwijziging aangekondigd die van kracht zal zijn vanaf 2027. Het principe ‘trap op, trap af’ waarbij het accres van het gemeentefonds de uitgaven van het Rijk volgt, zal vervangen worden door een systematiek waarbij de omvang van het gemeentefonds gekoppeld wordt aan de historische ontwikkeling van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Welk effect dit zal hebben voor onze gemeente is nog onbekend. c. Hervormingsagenda Jeugd Rondom Jeugdzorg wordt er door het Rijk een Hervormingsagenda opgesteld. Deze agenda moet concrete maatregelen opleveren die leiden tot een houdbaar jeugdstelsel, zowel kwalitatief als financieel. In aanloop naar deze hervormingsagenda zijn er in eerdere jaren besparingen aangekondigd.
Er is op 18 april 2023 een principeakkoord getekend door het Rijk en VNG m.b.t. de financiën van deze hervormingsagenda. Afgesproken is dat het ingroeipad voor de besparingen wordt verzacht door de Rijksbezuinigingen van 2024 en 2025 terug te draaien. De financiële uitwerking hiervan zal naar alle waarschijnlijkheid in de Meicirculaire 2023 tot uitdrukking komen.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
16
10 Incidentele claims Naast de structurele posten in de Kaderbrief zijn er ook incidentele claims. De reserves bieden voldoende ruimte voor het dekken van noodzakelijke incidentele claims. In onderstaand overzicht staan de incidentele claims waarvan wordt voorgesteld om die uit de reserves te dekken:
Incidentele claims a. Opgaveteam Oekraïneopvang incl. Sporthoeklaan (saldo baten en lasten) b. Zorg- en revalidatiecentrum (ZRC) Bleiswijk c. Tweede langdurige Oekraïneopvang d. Kluisarchivering Totaal incidentele claims
2024 0 PM PM -271 -271
2025 0 PM PM -271 -271
Bedragen x € 1.000 2026 2027 PM PM PM -271 -271
PM PM PM 0 0
a. Opgaveteam Oekraïneopvang incl. Sporthoeklaan Ook in 2024 en 2025 zullen we Langdurige Opvang voor Oekraïners organiseren aan de Sporthoeklaan. De exploitatie van deze locatie, de voorzieningen voor de Oekraïners en het opgaveteam lopen door. De lasten van €6,2 miljoen in 2024 en €3,4 in 2025 worden gedekt door de baten vanuit het rijk. Derhalve wordt dit opgenomen met een incidenteel budgettair neutraal saldo. b. Zorg- en revalidatiecentrum (ZRC) in Bleiswijk De oorlog in Oekraïne heeft ervoor gezorgd dat veel Oekraïners naar Nederland zijn gekomen. Een deel van deze ontheemden is ziek of gewond. Voor deze kwetsbare doelgroep zijn in de regio Rotterdam – Rijnmond te weinig opvangplekken om onder medisch toezicht, bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname, te herstellen. We hebben besloten om een zorg- en revalidatielocatie voor Oekraïners te realiseren. Omdat deze opvang een medische kostencomponent kent, is het mogelijk dat hier kosten uit voortvloeien. Deze kosten zijn incidenteel van aard. Wanneer hier meer over bekend is, zal de raad hierover geïnformeerd worden. c. Tweede langdurige Oekraïneopvang (LOO2) Op dit moment wordt de mogelijkheid van een tweede Langdurige Opvanglocatie voor Oekraïners onderzocht. Hierbij gaan we ervan uit dat de kosten die gemaakt worden voor de opvang van Oekraïners worden vergoed door het rijk.
Uitgangspunt is om ook op de tweede locatie een combinatie te maken met het huisvesten van spoedzoekers. Dit zal waarschijnlijk tot kosten leiden. Het overgaan tot ontwikkelen van een tweede locatie zal, voor wat betreft deze kosten, middels een raadsbesluit aan u voor worden gelegd. In dat besluit zal een gedetailleerde kosten- en batenraming worden opgenomen. d. Kluisarchivering In de fysieke kluis van het gemeentehuis staan verschillende archiefblokken die een groot deel van het geheugen en cultuurhistorisch erfgoed van de gemeente vormen en die nog bewerkt en gewaardeerd moeten worden. Dit als vereiste vanuit wettelijke regels (Archiefwet) en vanuit het oogpunt van een goed, geordend en toegankelijk archief waardoor informatie ook vindbaar is. Op basis van het aantal meters archief is een inschatting gemaakt voor de kosten voor het laten bewerken, waarvoor meerjarig incidenteel budget is aangevraagd.
Kaderbrief 2024 (T23.02867)
17