CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T21.05411] Ontwerp omgevingsvisie 1.0 gemeente Lansingerland

Gemeenteraad 30 november 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Nota van Uitgangspunten Leeuwenhoekweg 10224.911 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Geur

Woonwijken Hogere ambitie milieukwaliteit

Standaard kwaliteit

Daarnaast wordt ook voor de andere milieufactoren een hogere ambitie dan gemiddeld in Lansingerland nagestreefd. Lagere ambitie milieukwaliteit

Ontwerp omgevingsvisie

73

4.2.4. Bleiswijk Omschrijving gebied Bleiswijk is van oorsprong een tuindersdorp en heeft een knusse en authentieke uitstraling. De kern kan worden gekarakteriseerd als een hechte gemeenschap met een sterke sociaal maatschappelijke binding, voorzien van een krachtig verenigingsleven, een actieve kerkgemeenschap en veel vrijwilligers.

Ambities Verbonden in de Metropool ^ De verbinding tussen het centrum van Bleiswijk en de Rotte wordt verbeterd. Dit gaat niet alleen om fysieke verbindingen, maar ook over de beleefbaarheid van het gebied. De Lange Vaart, het Kooipad en de Merenweg zijn groenblauwe ribben die het recreatiegebied Rottemeren verbinden met de omgeving. ^ De oversteekbaarheid van de N209 moet verbeterd worden, met name voor voetgangers en fietsers. ^ De noordelijke entree aan de N209 moet aantrekkelijker en herkenbaarder worden. ^ Het versterken van openbaar vervoer en fietsverbindingen naar knooppunten bij station Lansingerland-Zoetermeer en de E-lijn is van belang het station optimaal te kunnen benutten. Nu is de reistijd met het openbaar vervoer van en naar verschillende plekken in de gemeente vaak dubbel zo lang als met de auto. Dat maakt het geen aantrekkelijk alternatief. Vindingrijk en ondernemend ^ ^ ^

Kern Bleiswijk

74

Het centrum van Bleiswijk heeft een lokale functie. De toegestane activiteiten en milieunormen sluiten hierop aan. In het recreatieseizoen verwelkomt Bleiswijk extra bezoekers. Eventuele evenementen en activiteiten passen bij de aard en schaal van het centrum. De mogelijke uitbreiding van het vaarnetwerk van de Rotte biedt op termijn kansen voor toerisme en recreatie in Bleiswijk.

^

centrum). Naast de Merenweg en Lange Vaart/Korenmolenweg is er ruimte voor nieuwe ontwikkelingen zolang die bijdragen aan de ruimtelijke vitaliteit van Bleiswijk en die voorzien in de behoefte van ouderen om, in de nabijheid van voorzieningen, gelijkvloers te wonen.

Gewenste milieukwaliteit Centrum Bleiswijk centrum is nu een gezellige dorpskern. Dit moet zo blijven. Er is ruimte voor specifieke centrumvoorzieningen en activiteiten, maar wel in beperkte mate. Het toegestane geluidniveau/geluidprofiel sluit hierop aan. Alleen een beperkt aantal kleine festiviteiten, zoals een braderie, is toegestaan. Bovendien zijn deze beperkt tot een maximaal aantal dagen in het jaar. Evenementen en horeca mogen hier dan ook minder geluid voortbrengen dan in de twee andere centra.

GEMEENTE

Gezond Samen Leven ^ De vraag naar woningen is in Bleiswijk met name kwalitatief van aard. Er is behoefte aan woningen voor senioren en starters in de vorm van appartementen, gelijkvloerse woningen en betaalbare woningen. Naast het tegemoetkomen aan de behoefte van de eigen (oudere) inwoners, is er behoefte aan ‘jonge’ aanwas om het krachtige verenigingsleven en de sterke sociale structuur in stand te houden. ^ Aan de Merenweg en Lange Vaart wordt ingezet op woongebieden met een passende mix (starters en toekomstbestendig) en een koppeling met relevante voorzieningen (o.a. zorg voor ouderen en verbinding richting

Bleiswijk centrum Hogere ambitie mi heukwa hteit

Standaard kwa hteit

Lagere ambitie milieukwaliteit

Woonwijken Voor de woonwijken geldt dezelfde gewenste milieukwaliteit zoals beschreven onder 4.2.3.

Ontwerp omgevingsvisie

75

4.2.5. Linten en buurtschappen Omschrijving gebied De bebouwingslinten bepalen het oorspronkelijke karakter van Lansingerland. Ze blijven belangrijk voor de ruimtelijke structuur en de ervaring van het landschap. De variatie in (monumentale) bebouwing met historische boerderijen, (historische) woonhuizen, bedrijfsgebouwen, tuinders- en arbeiderswoningen, nieuwbouw, en een gemaal bepalen de kenmerkende uitstraling van de linten. Dit is illustratief voor het karakter van Lansingerland als ‘ondernemende’ gemeente. De panden dateren uit verschillende tijden en zijn in verschillende stijlen gebouwd en de percelen hebben verschillende kavelbreedtes. Het is belangrijk dat deze worden beschermd. Lansingerland heeft drie doorgaande noord-zuid linten. De linten van Berkel en Rodenrijs en Bleiswijk en Bergschenhoek zijn polderlinten die door de kernen lopen. De Rottekade/Rottedijk is een dijklint. De buurtschappen Noordeinde, Rotte en Kruisweg liggen aan de linten. Berkelseweg-Julianalaan en Leeweg zijn twee dorpslinten die van west naar oost lopen. Met name de polderlinten zijn bepalend voor de ruimtelijke structuur. De drie kernen liggen aan de linten en het zijn nog deels belangrijke ontsluitingsroutes. Linten zijn altijd in ontwikkelingen, omdat nieuwe initiatieven zich blijven zich aandienen. Zolang die zich voegen in het karakter van het lint hoeft dit geen probleem te zijn.

Linten en buurtschappen

76

Ambities

acceptabel. Geluid van verkeer dient beperkt te worden, om een prettige leefkwaliteit te kunnen behouden.

De N209 heeft verschillende ruimtelijke en verkeerskundige opgaven en verdient, als belangrijke entree, een kwaliteitsimpuls.

Lansinserland

Vindingrijk en ondernemend ^ Aangezien historisch gezien in de linten gewoon en gewerkt wordt, is hier in de toekomst ook ruimte voor, zolang beide functies geen hinder van elkaar ondervinden.

X

^

Gewenste milieukwaliteit De linten huisvesten een mix van wonen en werken. Enig geluid van activiteiten van karakteristieke (kleinschalige) bedrijvigheid is daarom

gemeente

Verbonden in de Metropool ^ De linten zijn belangrijke identiteitsdragers maar ze zijn ook altijd in ontwikkeling. Daarbinnen is er ruimte voor initiatieven zolang de kenmerkende structuur, opbouw, samenhang en doorzichten naar het open landschap niet aangetast worden. Bij voorkeur worden deze kenmerken versterkt. • Watergangen (onder andere voormalige molentochten) blijven behouden.

Linten en buurtschappen Hogere ambitie milieukwaliteit

Gezond Samen Leven ^ De linten lopen als herkenbare, doorgaande elementen door de kernen. De structuur en opbouw van ieder lint (type bebouwing, percelen, dichtheid, watergang, bruggen en bomen) is leidend voor wat er mogelijk is. Zo zijn in

^

sommige linten de oorspronkelijke structuren nog deels intact, waarbij het van belang is om de gebieden die nog cultuurhistorisch betekenisvol zijn, zoveel mogelijk te behouden. Bij linten die ingrijpend zijn getransformeerd, zijn weer andere uitgangspunten van belang, zoals het verbeteren van ruimtelijke kwaliteit. De buurtschappen Kruisweg en Rotte hebben een vergelijkbaar karakter als de linten waarbij doorzichten bij de Rotte op de achtergelegen dreef behouden moeten blijven. Aan de Kruisweg worden alleen nog ontwikkelingen geaccepteerd die passen in de identiteit van de buurtschap.

Standaard kwaliteit

Lagere ambitie milieukwaliteit

īgeluid

geluid .(verkeer) ^^Mactiviteit)

rbodem-^^ŗ Externe kwaliteit^Bveiligheic

Ontwerp omgevingsvisie

77

4.3. Groene flanken 4.3.1. Omschrijving deelgebied Aan de randen van de gemeente zijn omvangrijke open en groene gebieden aaneengeschakeld. De Rotte vormt de oostelijke gemeentegrens waar de recreatiegebieden aan liggen. De bosrijke deelgebieden die in Lansingerland liggen, bestaande uit het Hoge en Lage Bergse Bos, het Hoekse Park, de Bleiswijkse Zoom en Bleiswijkse Fles, worden beter op elkaar aangesloten door de ontwikkeling van nieuw bos en slim bosbeheer. In de noordelijke polders met de deelgebieden die in Lansingerland en Zuidplas liggen, wordt samen met de provincie, de agrariërs en andere stakeholders verkend wat een duurzame toekomst voor dit gebied kan zijn. Langs de stadse Rotte worden de oevers groener en worden langzame verbindingen tussen stad en buitengebied gemaakt. Het recreatiegebied langs de Rotte wordt als één samenhangend landschap vormgegeven: een landschapspark. Via het Triangelpark en de Vlinderstrik gaat de groene verbinding in westelijke richting door naar Midden-Delfland. Het gebied rondom de Rotte kenmerkt zich door een afwisselend geheel van openheid, beplanting en water. De Bergboezem en Groenzoom zijn ontstaan als onderdeel van de Groenblauwe Slinger, die van Midden-Delfland via de westkant van Zoetermeer naar Alphen aan den Rijn loopt.

Het is de groenblauwe ruggengraat van Lansingerland en legt een verbinding met het Groene Hart en Midden-Delfland. Het Annie M.G. Schmidtpark is hét park van Lansingerland en volgt de lijn van de oude Landscheiding (de naamgever van de gemeente). Langs de gehele lengte van deze landscheiding bevindt zich groen. Verder hebben alle kernen een rijke aaneenschakeling van kleinere en grotere groen- en waterstructuren, waar de vaak groene tuinen van de inwoners verder aan bijdragen.

Deelgebied Groene Flanken

78

GEM EENTE

Het afwegingskader laat zien welke ambities extra belangrijk zijn in dit deelgebied.

igR

Oog voor mensen Gezond en veilig Ontwikkelen met karakter Innovatieve kennisteelt Slimme verduurzaming

f

Lokaal en regionaal werken en ondernemen Sterke ruimtelijke structuren en groengebied Toekomstbestendige omgeving Modern bereikbaar en verbonden

Ontwerp omgevingsvisie

79

4.3.2. Algemene uitgangspunten Centraal in dit gebied staan het versterken van groenstructuren, het vergroten van biodiversiteit, het toekomstbestendig maken van het buitengebied en het verbeteren van recreatieve routes en activiteiten voor fietsers en wandelaars. Er zijn verschillende koppelkansen met andere ontwikkelingen, zolang die het karakter van het gebied versterken.

de biodiversiteit door ecologische vormen van beheer toe te passen, bijvoorbeeld door verschillende zaaimengsels te gebruiken en insectenhotels en nestgelegenheden voor vogels en vleermuizen te plaatsen. Ook zorgen we dat de juiste voedselbronnen aanwezig zijn voor de soorten die we willen aantrekken.

Verbonden in de Metropool

Modern bereikbaar en verbonden

Sterke ruimtelijke structuren en groengebieden In regionaal verband verhogen we de waarde van doorgaande groenstructuren en versterken we de verbinding met de verschillende kernen aan die route. De ecologische en recreatieve verbindingen tussen de grote groenstructuren en vaarten worden versterkt. Hetzelfde geldt voor het fijnmazig groen en water in de kernen, glasgebieden en bedrijventerreinen. Er is speciale aandacht voor het verbinden van woongebieden met de groengebieden en het versterken van de groene oost-west verbindingen via ‘groeneblauwe ribben’. Die ribben verbinden de gebieden voor mensen en dieren en dragen zo bij aan het verbeteren van respectievelijk de recreatieve waarde en de lokale biodiversiteit. De N209 is daarbij een, zij het te nemen, obstakel. Toekomstbestendige omgeving In het Landschapspark De Rotte hebben zich veel ecologische kwaliteiten kunnen ontwikkelen waardoor het hele gebied in potentie één grote ecologische verbinding is geworden. Wij bouwen voort op de huidige kwaliteiten en zorgen voor een structurele verbetering van de huidige natuurwaarden. Daartoe richten we het beheer meer dan nu op het verhogen van de biodiversiteit en vragen andere terreinbeheerders en eigenaren dit ook te doen. We verbeteren

80

In dit gebied is de auto te gast. In de Groenzoom, Vlinderstrik en het Annie M.G. Schmidtpark is de auto helemaal niet welkom. De prioriteit ligt bij het faciliteren van fietsers en voetgangers. Daarom zorgen we voor veilige en aantrekkelijke routes, die zowel van recreatieve hoge waarde zijn, als functioneel. Zo kunnen bewoners zich snel van A naar B bewegen in de gemeente, maar ook lopend boodschappen doen, een ommetje maken, zelf naar school fietsen en onderweg even op een bankje zitten. We zoeken naar de beste locaties voor snelfietsroutes. wij zien het als prioriteit om betere oost-west fietsverbindingen te realiseren. In het landschapspark worden er speciale routes gemaakt voor snelle fietsers, recreatieve fietsers, mountainbikers, ruiters, kanoërs en wandelaars. De auto krijgt een minder prominente rol bij de ontsluiting van het gebied en de bereikbaarheid met het openbaar vervoer wordt verbeterd. Op parkeerplaatsen en OV-haltes komen ‘Gastvrije Ontvangsten’.

Vindingrijk en ondernemend Innovatieve kennisteelt Er is geen ruimte voor de ontwikkeling van bedrijvigheid, met uitzondering van bedrijvigheid die is gericht op recreatie en horeca. Plekken die nu voor de landbouw bedreven wordt, maar waar dat in de toekomst niet meer rendabel is, of waar een noodzaak is voor andere ontwikkelingen, kunnen een andere functie krijgen. Ze worden dan onderdeel van de groenstructuur aan de Rotte. Hier streven we naar een natuurinclusieve landbouw met meer biodiversiteit en recreatieve voorzieningen. De noordelijke polders hebben primair een agrarische functie, maar op de langere termijn is hier ook een transitie mogelijk naar een meer natuurinclusieve landbouw met recreatieve voorzieningen waarbij de nadruk ligt op het behoud van het open landschap.

Slimme verduurzaming Grootschalige energieopwekking is in principe niet toegestaan in de groengebieden. Alleen voldoende ingepaste initiatieven met breed draagvlak komen in aanmerking, maar pas nadat alle andere mogelijkheden op daken en binnenstedelijk uitvoerig onderzocht zijn. We zoeken naar slimme combinaties van energieopwekking en koppelkansen met onder meer natuurontwikkeling, waterberging of recreatieve activiteiten. Lokaal en regionaal werken en ondernemen We zoeken een balans tussen recreatieve en natuurlijke waarden. Specifieke waardevolle gebieden worden gekoesterd en in de andere groengebieden is plek voor intensieve of extensieve recreatie. In de Groenzoom is geen ruimte voor

recreatieve kansen. Dit is samen met het Recreatieschap Rottemeren uitgewerkt in het Ontwikkelplan Rottemeren.

Gezond Samen Leven Oog voor mensen Groen kan pas optimaal gewaardeerd worden als mensen het weten te vinden en het kunnen beleven. Daarom is een goede toegankelijkheid van de gebieden van groot belang. Hiervoor zijn in eerste instantie duidelijke routes nodig, ondersteund door goede bewegwijzering vanaf de omliggende wegen en paden, waardoor de entrees van de gebieden goed te vinden zijn. De entrees zelf moeten bovendien herkenbaar zijn vanuit de omgeving. Bewegwijzering is eveneens van belang in de groene gebieden zelf, zodat mensen routes kunnen vinden en met gemak kunnen volgen. Ook minder mobiele mensen moeten

Lansingerland

Er is ruimte voor initiatieven op het gebied van natuureducatie, als dat waarde kan toevoegen is en als er een link met de kennis uit het glastuinbouwcluster gelegd kan worden. Dit doen we samen met relevante partners in de gemeente.

Schmidtpark is een groene plek waar meer mogelijkheden zijn op het gebied van recreatie en evenementen. In het Rottegebied is juist meer ruimte voor

kunnen genieten van het groen. Daarom zijn er speciale routes die extra goed toegankelijk worden gemaakt. In het Landschapspark De Rotte wordt een overkoepelend routenetwerk gemaakt met duidelijke parkentrees en randen, gastvrije ontvangstgebieden en lommerrijke verbindingen met de omgeving. Hier wordt gewerkt aan een nieuwe bewegwijzering. Ook wordt er onderscheid gemaakt in routes voor gewone fietsers, racefietsers en mountainbikers zodat deze groepen elkaar niet in de weg zitten. Als er meer behoefte is aan gescheiden routes voor bepaalde recreanten, wordt daar op termijn naar gekeken. Hetzelfde geldt voor de routes in de Groenzoom en verbindingen richting Midden-Delfland.

intensieve recreatie en het organiseren van grote evenementen. Het Annie M.G.

Ontwerp omgevingsvisie

81

Gezond en veilig Het is van belang dat in de groengebieden gezondheidsrisico’s zoveel mogelijk beperkt worden. Mensen komen hier voor hun ontspanning en welzijn. De omgeving moet dat ondersteunen. Geur-, geluid en luchtvervuilende bronnen die als storend worden ervaren, zijn niet wenselijk. Daarnaast worden gezondheidsrisico’s zoals blauwalg, processierupsen en plantensoorten die allergische reacties veroorzaken in de gaten gehouden. Indien onacceptabele risico’s voor de gezondheid ontstaan, onderneemt de gemeente of de

Ontwikkelen met karakter De grote groenstructuren worden gekoesterd. Deze mogen dan ook niet worden aangetast door nieuwe ontwikkelingen. De Rottezoom, Bleiswijkse fles en het gebied tussen de Chrysantenweg (zuidkant) en Heulslootweg (noordkant Lange Vaart) zijn de enige open gebieden die verbonden zijn met

gebiedsbeheerder actie.

met de stakeholders.

Naast gezondheidsbescherming is gezondheidsbevordering een belangrijke

Voor het recreatiegebied Rottemeren is een visie gemaakt met uitwerkingen voor de realisatie van het Landschapspark De Rotte. Dit gebied kan meer betekenen voor de maatschappelijke opgaven in het stroomgebied van de Rotte. De betekenis van het gebied wordt versterkt door een koppeling te leggen met de maatschappelijke agenda’s van de gemeenten en de organisaties die hier (mede) uitvoering aan geven.

pijler van een gezonde en veilige leefomgeving. De gezondheid wordt bevorderd door de openbare ruimte groen en zodanig in te richten dat het bewegen wordt gestimuleerd. Dit doen we door op termijn groene ommetjes vanuit de woonwijken en werkgebieden richting de Groene flanken te faciliteren. Hierbij is sociale veiligheid van groot belang. Mensen moeten zich op hun gemak voelen. De omgeving wordt daarop ingericht door te zorgen dat er voldoende licht en levendigheid (ogen) is en er sprake is van een hoge ruimtelijke kwaliteit. Voor wat betreft milieufactoren maken we een nader onderscheid per gebied. Daarbij houden we rekening met het karakter van de plek.

82

de hoofdgroenstructuur. De openheid van deze gebieden wordt zoveel mogelijk in stand gehouden. Toekomstige recreatieve mogelijkheden in de noordelijke polders worden in het door de provincie geïnitieerde gebiedsproces besproken

Gewenste milieukwaliteit groene flanken Voor de groengebieden maken we onderscheid tussen gebieden met een intensiever en extensiever recreatiekarakter. De exacte gebiedsindeling werken we in het Omgevingsplan verder uit.

van recreatieve natuurwaarden met water- en groenverbindingen, gericht op het verhogen van biodiversiteit en gekoppeld aan natuurrecreatie en -educatie (vogelkijkhut, natuurpad, excursies). Bij extensieve recreatie past rust en geluiden van de natuur. Het geluidprofiel sluit aan bij deze functie, evenals de andere gewenste milieunormen. Groen met intensieve recreatie In tegenstelling tot de extensieve recreatiegebieden accepteren we hier het geluid van recreatieve activiteiten (speeltuin, klimmuur, tijdelijke recreatieve evenementen, outdoor activiteiten). Er is zelfs ruimte om recreatieve activiteiten verder uit te breiden. Het geluidniveau is een balans tussen rust en geluid van recreatieve activiteiten. Hier gaat onder andere om verschillende gebieden in het Landschapspark de Rotte.

Hogere ambitie mi heukwa hteit

Standaard

GEM EENTE

Groen met extensieve recreatie In een aantal delen van de Groene flanken, zoals de Groenzoom, ligt de nadruk op extensieve recreatie. Hier wordt gestreefd naar het verhogen

Groen extensief

kwa hteit

Lagere ambitie mi heukwa hteit

Groen intensief Hogere ambitie milieukwaliteit

Standaard kwaliteit

Lagere ambitie milieukwaliteit

m r geluid geluid 1 .(verkeer) ^^MactiviteitT

m

m

m

m

Trillingen

bodem-^^j Externe kwaliteit^Bveiligheic

Geur

Ontwerp omgevingsvisie

83

4.4. Hoogwaardige bedrijvigheid 4.4.1. Omschrijving deelgebied In Lansingerland heeft zich een krachtig bedrijfsleven ontpopt dankzij (onder andere) de aanwezigheid van verschillende regionale bedrijventerreinen, een logistiek cluster en meerdere kleine en grote terreinen met een lokale en regionale functie zoals Leeuwenhoekweg, Hoefslag en Klappolder. Bovenal heeft zich hier een unieke Greenport ontwikkeld die is gericht op wereldwijde kennis en innovatie op het gebied van voeding en gezondheid. Lokale ondernemers zijn hier uitgegroeid tot innovatieve wereldspelers. Greenportbedrijven uit Lansingerland vervullen een grote rol in de veredeling van en wereldhandel in groenten, fruit, bloemen en planten. Bovendien zitten Wageningen University en Research Center, het meest toonaangevende tuinbouwinstituut ter wereld, in onze gemeente. De clustering van innovatieve bedrijven heeft geleid tot een sterk kennisnetwerk voor het hele (glas) tuinbouwcomplex. Het Horti Science park met de WUR en Delphy, meerdere wereldmarktleiders (Anthura, Bayer Crop Science en Koppert Biological Systems) en diverse andere toonaangevende greenportbedrijven genieten internationaal veel aanzien vanwege hun innovatieve producten en diensten.

Deelgebied Hoogwaardige bedrijvigheid

84

GEM EENTE

Het afwegingskader laat zien welke ambities extra belangrijk zijn in dit deelgebied.

«SB»

oog voor mensen Gezond en veilig Ontwikkelen met karakter Innovatieve kennisteelt Slimme verduurzaming Lokaal en regionaal werken en ondernemen Sterke ruimtelijke structuren en groengebieden Toekomstbestendige omgeving

f

Modern bereikbaar en verbonden

Ontwerp omgevingsvisie

85

4.4.2. Algemene uitgangspunten Ambities In dit gebied ligt de nadruk op het faciliteren van lokale en regionale ondernemers, het aanjagen van innovatie en het ontwikkelen van Lansingerland tot ‘Home of Horti Science’. Hier spelen ook belangrijke vraagstukken rondom klimaatadaptatie en energietransitie.

Verbonden in de Metropool Sterke ruimtelijke structuren en groengebieden Ruimtelijke structuren in het glastuinbouwgebied worden verbeterd door groene bermen en zomen te accentueren. Ook hier is specifiek aandacht voor het versterken van de oost-west groenstructuren die door het glastuinbouwgebied lopen. Waar mogelijk worden oevers natuurvriendelijk gemaakt. Toekomstbestendige omgeving Om voldoende gietwater beschikbaar te hebben in tijden van droogte, wordt het vergroten van de opslag van regenwater gestimuleerd. De opslag kan gezocht worden in de zandlaag in de bodem, maar ook in grotere waterbassins. Het aanleggen van collectieve systemen heeft de voorkeur. Dit kan bovendien gecombineerd worden met drijvende zonnepanelen.

86

Modern bereikbaar en verbonden In dit deelgebied is de mobiliteitsprioritering als volgt: eerst de emissieloze auto, dan de brandstofauto, dan openbaar vervoer en de fiets. Hiervoor is het van belang dat er voldoende voorzieningen voor emissieloos autoverkeer op de terreinen en in de glasgebieden beschikbaar zijn. Bereikbaarheid in dit gebied wordt daarnaast verbeterd door zowel langzaamverkeersverbindingen te versterken als de doorstroming van logistieke bewegingen te optimaliseren. Goede OV- en fietsnetwerken dragen bij aan het verlagen van de druk op het wegennet. Dit bereiken we ook door te stimuleren dat medewerkers met de fiets naar het werk komen. Daartoe zouden ook fietsen beschikbaar moeten komen bij OV-haltes en op plaatsen waar arbeidsmigranten wonen. Grote werkgevers dienen goed bereikbaar te zijn met het openbaar vervoer.

Vindingrijk en ondernemend Home of Horti Science Home of Horti Science worden is de richtinggevende ambitie in het glasgebied. Om bestaande en nieuwe bedrijven die bijdragen aan innovatie en kennisontwikkeling op het gebied van Horti Science ontwikkelperspectief te bieden, gaan we aanvullende ontwikkelingen in het glasgebied toestaan. Dat betekent dat er ruimte is voor andere verschijningsvormen en bedrijvigheid,

Slimme verduurzaming Binnen de Warmte Samenwerking Oostland (WSO) wordt gewerkt aan een

zolang die maar actief bijdragen aan de Home of Horti Science-ambities. We beginnen hiermee in het innovatiecluster rondom het Horti Science Park. Afhankelijk van het initiatief en de locatie staan we ook open voor vergelijkbare

glastuinbouw in Lansingerland. Samen met belanghebbenden werken we heel concreet aan uitbreiding van dit warmtenet naar alle glastuinbouwgebieden in Lansingerland. De aanwezigheid van een warmtenet draagt namelijk

ontwikkelingen op andere plekken in dit deelgebied.

sterk bij aan de toekomstbestendigheid van gebieden. Het gebiedsdekkende warmtenet kan ook gevoed worden met warmte uit duurzame warmtebronnen, zoals geothermiebronnen. Naast bestaande bronnen zijn er ook nieuwe

kleine en wat oudere bedrijven. Het gebied biedt minder toekomstperspectief aan ondernemers. Het ligt daarom voor de hand om na te denken over een functieverandering die past binnen de Horti Science ambities. Het FES-gebied aan de Kleihoogt kan een kwaliteitsimpuls gebruiken. In lijn met de structuurvisie zijn ondernemers in samenwerking met de gemeenten Lansingerland en Pijnacker-Nootdorp al begonnen met het identificeren van de kansen. De glasfunctie blijft centraal staan en er is geen plek voor andere

aardwarmtebronnen in onderzoek of ontwikkeling. Wij faciliteren dat. Wij zien geen of een zeer beperkte rol van biomassaverbranding in het energiesysteem van de toekomst. Dus de bouw van nieuwe biomassa-installaties is onwenselijk. Voor individuele, maar ook samenwerkende ondernemers zijn er volop kansen om daken te benutten voor zonne-energie. De gemeente zet de beschikbare juridische mogelijkheden in om zon op nieuwe daken (en in de toekomst bestaande daken) af te dwingen.

bedrijvigheid of woningbouw.

Een volgende stap (als zon op daken onvoldoende energie oplevert) is de

Lokaal en regionaal werken en ondernemen Met de invulling van grote bedrijventerreinen als Prisma en Oudeland ligt de

aanleg van tijdelijke energielandschappen op langdurig braakliggende kavels of onrendabele ‘overhoeken’ en hellingen. Dit vraagt afstemming met het provinciale beleid. Tenslotte is het zaak dat de elektriciteit die door bedrijven

nadruk de komende tijd op kwaliteitsbehoud en waar nodig -verbetering. Er komen geen nieuwe bedrijventerreinen bij en bestaande bedrijven worden in principe niet uitgebreid.

Lansingerland

Het gebied rondom de Chrysantenweg is een in omvang beperkt glasgebied met

gebiedsdekkend warmte- en CO2-net voor de glastuinbouw en een deel van de bebouwde omgeving. In Lansingerland ligt nu al het RoCa-netwerk (gevoed met warmte van de RoCa warmtekrachtcentrale in Rotterdam en beperkt met restwarmte) dat sinds de jaren negentig warmte levert aan de

rechtstreeks van het net wordt betrokken, groene elektriciteit is of duurzaam in het tuinbouwgebied wordt opgewekt door windmolens of zonnecollectoren.

Ontwerp omgevingsvisie

87

Gezond Samen Leven

Gewenste milieukwaliteit bedrijventerreinen

Oog voor mensen Ondernemers dienen te zorgen voor goede woon- en werkomstandigheden

Op de bedrijventerreinen is ruimte voor bedrijfsactiviteiten. Ook in de toekomst wordt dit gefaciliteerd. Het toegestane geluidprofiel zal activiteiten mogelijk maken. Ook al is er meer mogelijk op de bedrijventerreinen, ook hier is achteruitgang van de luchtkwaliteit geen optie.

voor arbeidsmigranten en andere medewerkers. De gemeente faciliteert dit afhankelijk van de locatie en het type ontwikkeling. Gezond en veilig In dit deelgebied zijn de ambities op het gebied van geluidsoverlast en de uitstoot van gevaarlijke stoffen iets minder hoog dan in de woon- en groengebieden, om bedrijven voldoende ruimte te geven om hun activiteiten uit te kunnen voeren. We willen echter geen toename van bodem en luchtvervuiling. Om de bijdrage van de glastuinbouw aan waterverontreiniging terug te dringen, is in het Afsprakenkader Emissieloze Kas afgesproken dat emissies (van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen) vanuit de glastuinbouw in 2027 teruggebracht zijn tot bijna nul. Water- en bodemkwaliteit moeten aan gezondheids- en veiligheidsnormen voldoen. Grote bronnen van norm­ overschrijdende lucht-, licht- en geluidsbelasting worden aangepakt. Voor de precieze aanpak wordt een nota van uitgangspunten opgesteld.

De overgang van woongebieden naar gebieden waar bedrijven zitten die veel geluid maken wordt zo veel als mogelijk geleidelijk opgevuld. Zo kan bijvoorbeeld een rand van voorzieningen een natuurlijke buffer vormen tussen wonen en wat zwaardere bedrijvigheid.

Bedrijventerreinen Hogere ambitie milieukwaliteit

Standaard kwaliteit

Lagere ambitie milieukwaliteit geluid ^^F geluid ' (verkeer) ^^*activiteit)

88

Trillingen

s

s

bodem-^^F Externe' kwaliteit^Bveiligheid

Geur

t ŭ-.-Ą iï&m

Hfífi -pàaţg»

í ůįtt

ŴsĘŕS ummvösvAv

awMwvfe

Mlļ Ik Ĥ gįg^flįį _____

'ì,'.

aeŚŴfò j*'J'

'rå«M

íŵŵįs V

mm

įg*B5

,*

fMŕā J'* V ť;

- /Vť Vį

.;

-

' /v.’N; . ' M W M:'; .--;-y ;V ‘V \

r-

JU

rmnrFl khMLUb- «as;

HL|5—ŵ

T\

' ż. Vw

5

Werken met de Omgevingsvisie

5.1. Inleiding

We beschrijven hier verder de diverse (kern)instrumenten die we aanvullend op de visie gaan opstellen en geven we aan hoe we omgaan met het actualiseren van de visie. Dit laatste hoofdstuk van de visie sluit af met een projectenmatrix. In deze matrix hebben we inzichtelijk gemaakt welke acties voortvloeien uit de visie, wat de rol van de diverse betrokken partijen is en hoe we deze projecten denken te realiseren. Dit samenvattende overzicht is uiteraard samenge-steld op basis van de huidige kennis en stand van zaken van initiatieven en kan daarom herzien worden wanneer dat nodig is.

De sturingsstijl van de gemeente bestaat uit de rol van de overheid (reguleren, samenwerken of ondersteunen) plus de mix van instrumenten die we kiezen. De basis voor de keuzes, en de uitwerking van de concrete sturingsstijl, hoort te staan in de Omgevingsvisie. Dit noemen we ook wel sturingsfilosofie. GEM EENTE

In dit hoofdstuk beschrijven we hoe we de visie denken uit te voeren. Hierbij dragen we een aantal concrete projecten aan die we als gemeente graag gerealiseerd willen zien. Omdat we daarbij ook afhan-kelijk zijn van andere initiatiefnemers, beschrijven we in sommige gevallen ook wat er moet gebeuren om een project of ontwikkeling van de grond te krijgen, zodat dit betrokken kan worden in gesprekken over initiatieven.

5.2. Sturingsfilosofie

Het gaat niet alleen over de rolneming van de gemeente ten opzichte van de samenleving maar ook de rolneming van de raad ten opzichte van het college. Het is denkbaar overwegend een bepaalde sturingsstijl aan te nemen, maar te allen tijde moet het hele palet aan stijlen gebruikt kunnen worden. De raad moet hierover nog een standpunt innemen.

Ontwerp omgevingsvisie

91

5.3. De Omgevingsvisie en de andere Omgevingswetinstrumenten Instrumentenmix Met de komst van de Omgevingswet verandert de manier waarop we als gemeente omgaan met onze leefomgeving. Enerzijds is dit omdat de wet ons nieuwe instrumenten biedt die we kunnen inzetten. Anderzijds omdat we de komende tijd aan de slag moeten om alle ontwikkelingen die op ons afkomen en ambities die we hebben goed te stroomlijnen en uit te voeren. In deze paragraaf beschrijven we hoe we de verschillende instrumenten van de Omgevingswet inzetten in Lansingerland.

Terugkoppeling

Beleidsontwikkeling

Handhaving Monitoring Evaluatie

Omgevingsvisie Programma

"Kleine Beleidscycli!.

Beleidscyclus De Omgevingswet gaat uit van beleidsontwikkeling op basis van de beleidscyclus. De verschillende instrumenten worden in samenhang ontwikkeld en actief gemonitord en aangescherpt. Dat betekent dat de Omgevingsvisie een ‘dynamisch' document is dat we in samenhang met de andere instrumenten en samen met betrokken blijven aanscherpen. De Omgevingswet bevat verschillende instrumenten, elk met hun eigen toepassing. 1. 2. 3. 4. 5.

De Omgevingsvisie De programma's Het Omgevingsplan De omgevingsvergunning Het projectbesluit.

Doorwerking in het Omgevingsplan Een belangrijke bepaling in de Omgevingswet is dat een gemeente één gebiedsdekkend Omgevingsplan vheeft. Het Omgevingsplan bevat alle regels over de fysieke leefomgeving voor het hele gemeentelijk grondgebied. Het plan vervangt straks alle bestemmingsplannen en een groot deel van de verordeningen. Het Omgevingsplan wordt, net als de Omgevingsvisie, vastgesteld door de gemeenteraad. Het Omgevingsplan is voor iedereen bindend.

92

Activiteiten Omgevings­ vergunning Toezicht Uitvoering

Programma Omgevingsplan

Beleidsdoorwerking

Beleidsontwikkeling op basis van de beleidscyclus.

De gemeente hoeft niet al bij inwerkingtreding van de Omgevingswet te beschikken over een actueel Omgevingsplan dat voldoet aan de eisen van de wet. Vooralsnog is 31 december 2029 het moment dat een gemeente volledig moet voldoen aan de wet. Tijdens die periode vormen de huidige bestemmingsplannen, andere ruimtelijke besluiten en een aantal verordeningen van rechtswege het Omgevingsplan. De regels vanuit het Rijk krijgen hier ook tijdelijk een plek in, de zogenaamde ‘bruidsschat'.

De Omgevingsvisie biedt de beleidsmatige basis voor het Omgevingsplan. Toch kan het Omgevingsplan aanleiding zijn om de Omgevingsvisie bij de actualisering op onderdelen aan te passen, bijvoorbeeld omdat een ambitie voor de korte termijn te hoog blijkt te zijn en niet in regels te vatten is of andersom omdat de visie scherpere keuzes moet maken om regels te kunnen stellen.

Doorwerking in programma’s Gemeenten kunnen strategisch beleid uit de Omgevingsvisie verder uitwerken of operationaliseren via programma’s. Programma’s kunnen gebiedsgericht en thematisch ingezet worden en gericht zijn op verschillende schaalniveaus. Binnen de Omgevingswet zijn er vier verschillende soort programma’s, elk met eigen kenmerken. In tegenstelling tot de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan is het programma een bevoegdheid van het college, wat overigens niet betekent dat de gemeenteraad nooit betrokken wordt. Het programma is, net zoals de Omgevingsvisie, zelfbindend voor het gemeentebestuur maar niet voor andere partijen en inwoners.

Omgevingswaarden De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om in het Omgevingsplan voor de gehele gemeente omgevings-waarden vast te leggen. Bijvoorbeeld ten aanzien van de uitstoot van schadelijke stoffen, de productie van geluid of andere vormen van hinder of mogelijke overlast. In dat geval is ook een programma verplicht. In dat geval ligt het voor de hand dit in de Omgevingsvisie al aan te geven. Vooralsnog zien wij echter geen noodzaak om omgevingswaarden te stellen. Mocht in de toekomst blijken dat bepaalde ‘doelen’ niet worden gehaald dan kunnen we alsnog overwegen om in het Omgevingsplan omgevingswaarden vast te stellen en deze te koppelen aan een programma. Dit is ook een aspect wat aan bod komt bij de monitoring en evaluatie van deze eerste Omgevingsvisie.

Ontwerp omgevingsvisie

Lansingerland

Wij kiezen ervoor om het Omgevingsplan in stappen op te bouwen richting 2029. Wij zijn van plan te beginnen met de uitwerking van de woongebieden in onze gemeente. Dat doen we in een eerste Omgevingsplan dat we ‘Omgevingsplan 1.0’ noemen. Op basis van de ervaring uit het Omgevingsplan 1.0 werken we toe naar een gemeentedekkend plan. In het Omgevingsplan werken we onze ambities concreet uit in regels die bindend zijn voor iedereen. Hierbij kan gedacht worden aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en bijvoorbeeld regels over bepaalde activiteiten. Ook wordt in het Omgevingsplan vastgelegd voor welke activiteiten in de toekomst een vergunning moet worden aangevraagd.

Het programma geluid is het enige verplichte programma voor een aantal gemeenten (artikel 3.6. van de Omgevingswet). Dat geldt niet voor Lansingerland. Daarnaast wordt in navolging op de uitvoeringsparagraaf onderzocht of de gemeente nog andere programma’s gaat opstellen. Om te voorkomen dat er een oerwoud aan nieuw sectoraal beleid ontstaat, zijn we echter voorzichtig met het maken van programma’s. We willen op termijn zoveel mogelijk sectoraal beleid opnemen in de Omgevingsvisie, zodat er uiteindelijk één Omgevingsvisie, één Omgevingsplan en een beperkt aantal programma’s resteert. Het is goed om zo vroeg mogelijk te bedenken welke programma’s logisch zijn. Bijvoorbeeld programma’s passend bij drie pijlers of deelgebieden in de Omgevingsvisie.

93

5.4. Lokale en regionale samenwerking

5.5. Uitvoering

Ontwikkelingen in Lansingerland staan natuurlijk niet op zichzelf. Ook in de regio vinden allerlei ontwikkelingen plaats die van invloed kunnen zijn op onze gemeente. Daarom hebben we actief contact met buurgemeenten, de provincie Zuid-Holland en ketenpartners en nemen we deel aan verschillende regionale

De gemeente wil actief werk maken van de ambities die neergelegd zijn in de Omgevingsvisie. Dat kan in de vorm van een programma zijn, het ontwikkelen van nieuw beleid, de juridische vertaling in het Omgevingsplan, het stimuleren

samenwerkings-verbanden. In hoofdstuk 2.5. is gereflecteerd op een aantal belangrijke regionale visies van onze partners. Samen met die partners blijven we werk maken van belangrijke regionale opgaven. Alle aangrenzende gemeenten waren uitgenodigd om deel te nemen aan ketenpartnersessies tijdens de totstandkoming van deze Omgevingsvisie. Daarnaast hebben ze allemaal een uitnodiging gekregen om te reageren op de Omgevingsvisie tijdens de inzageperiode.

94

van gedrag door subsidies en educatie of daadwerkelijke projecten. In bijlage 2 is een tabel opgenomen met de verschillende projecten en processen die de gemeente heeft lopen of op gaat starten, welke een relatie hebben met de ambities uit de Omgevingsvisie. We hebben de projecten gerangschikt naar thema. We hebben aangegeven wie trekker is van een project; dit hoeft niet altijd de gemeente te zijn, maar ook een waterschap, een maatschappelijke organisatie of een particulier initiatiefnemer.

5.6. Financiële uitvoerbaarheid en kostenverhaal Financiële uitvoerbaarheid De gemeente Lansingerland heeft in de omgevingsvisie ambities en opgaven opgenomen waarvoor investeringen nodig zijn. De financiële uitvoerbaarheid hiervan is dynamisch en voortdurend aan verandering onderhevig. Enerzijds is dit omdat nog niet alle ambities zijn uitgewerkt. Anderzijds is dit het geval, omdat er in de loop der tijd vaak ook projecten afvallen en/of nieuwe projecten bijkomen. Ook de daadwerkelijke kosten en opbrengsten van projecten kunnen veranderen op basis van prijsontwikkelingen en aangescherpte eisen en regelgeving. Het is dan ook belangrijk om de financiële uitvoerbaarheid - op basis van dit soort nieuwe inzichten en projecten - periodiek te evalueren, te actualiseren en waar nodig bij te stellen. Op projectniveau maakt de financiële uitvoerbaarheid deel uit van het Omgevingsplan.

Lansingerland

Kostenverhaal De gemeente zal als initiator van de maatschappelijke opgaven een groot deel van de benodigde investeringen bekostigen. Gebiedsontwikkelingen hebben ook profijt van deze investeringen. Op basis van de Omgevingswet en de daarin opgenomen Aanvullingswet grondeigendom is de gemeente verplicht tot het naar evenredigheid verhalen van kosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen op de initiatiefnemers die profijt hebben van de investeringen. Het kostenverhaal wordt toegepast op basis van de criteria ‘profijt’, ‘toerekenbaarheid’ en ‘proportionaliteit’ (ptp-criteria). Sommige investeringen zijn van nut voor meer dan één ontwikkeling. Deze kosten worden naar evenredigheid verdeeld over de verschillende ontwikkelingen. Naast het kostenverhaal kunnen we onder voorwaarden een (verplichte) financiële bijdrage opnemen in het Omgevingsplan voor investeringen die niet vallen onder het kostenverhaal en waar de ptp-criteria niet voor van toepassing zijn.

Ontwerp omgevingsvisie

95

Financiële bijdragen De Omgevingswet biedt mogelijkheid om publiekrechtelijk financiële bijdragen aan ontwikkelende partijen te vragen. Dan moet worden aangetoond dat de ptp- criteria niet kunnen worden toegepast. Financiële bijdragen worden publiekrechtelijk vastgelegd in het Omgevingsplan waarbij de functionele samenhang wordt aangetoond. De investeringen die voor het verhalen van financiële bijdragen in aanmerking komen, zijn vastgelegd in een limitatieve lijst (zie kader). De wetgeving rondom het verhalen van financiële bijdragen en de limitatieve lijst is nog niet definitief. De categorieën en voorwaarden kunnen dus nog aangepast worden. Daarom zullen we het beleid over de financiële bijdragen en de uitvoeringsregels bij de eerstvolgende actualisatie van de Omgevingsvisie nader uitwerken.

96

Bij de volgende categorieën kunnen financiële bijdragen worden gevraagd: a. wijziging inrichting landelijk gebied ter verbetering van landschappelijke waarden; b. aanleg of wijziging van Natura 2000-gebieden of gebieden die zijn aangewezen in een omgevingsplan met onder meer maatregelen ter vermindering van stikstofdepositie; c. aanleg van infrastructuur voor verkeers-en vervoersnetwerken van gemeentelijk of regionaal belang; d. aanleg van recreatievoorzieningen die behoren tot de gemeentelijke of regionale groenstructuur; e. compensatieregeling bouw sociale huuren koopwoningen indien in een ontwikkellocatie onvoldoende van deze woningen worden gerealiseerd; f. stedelijke herstructurering ter verbetering van woon-en leefklimaat in verouderde wijken of gebieden met leegstandsproblemen met maatregelen in de fysieke leefomgeving.

5.7. Samenhang met leefomgeving effectrapportage

Beoordelingen postte!

Een leefomgeving effectrapportage (rapport; LER) is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvormingsprocedure een plaats te geven. Een LER brengt op voorgeschreven wijze de milieugevolgen van een plan of project in beeld voordat het besluit wordt genomen of het plan wordt vastgesteld. Zo kan het bevoegd gezag de milieugevolgen bij haar afwegingen betrekken en krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming over projecten en plannen met mogelijk aanzienlijke gevolgen voor het milieu. Hieronder zijn de resultaten van de LER weergegeven. Beoordeling De beoordeling van de Omgevingsvisie voor Lansingerland op de relevante

Gezond en veilig Mobi iteit

Omge vinaskwaliteit Leefbaarheid

Duurzaamheid

Gezond en veilig

Geuid

Luchtkwaliteit

Externe veiligheid

Omge vinos kwaliteit

Lčċ'caarheia Duurzaamheid

Gezond en veilig Omge vinaskwaliteit Leefbaarheid Duurzaamheid

Gezond en veilig Omgevingskwaliteit

Leefbaarheid Duurzaamheid

Gerond en veihg Gezondheid

Omgevingskwaliteit

Leefbaarheid Duurzaamheid

Bodem

Gezond en veihg Omgevingskwaliteit LeefCaarheid Duurzaamheid

Lansingerland

milieueffecten (hoofdstukken 4 t/m 13) is samengevat in de figuur hiernaast te zien. Onder de figuur volgt een toelichting en worden enkele adviezen voor de vervolgstappen uiteengezet.

zeer positief

Gerond en veilig Omge vingskA’ahteit Leefbaarheid Duurzaamheid

Ecologie

Gezond en veihg Omgevingskivai/teit

iLeefbaarheid Duurzaamheid

Gezond en veilig

Cultuurhistorie en

Omge vmgs kwa hteit

archeologie

Leefbaarheid Duurzaamheid

Duurzaamheid

gezond en veihg Omge vmgskwaliteň

-Ťřiaamen

Duurzaamheid

Ontwerp omgevingsvisie

97

Mobiliteit De ambitie van de gemeente is om alternatieven voor autogebruik zoals fiets en openbaar vervoer te stimuleren. Dit leidt bij de inwoners van Lansingerland tot meer leefruimte en meer bewegingsruimte ten opzichte van de automobilist. Er liggen aandachtspunten ter verbetering van de verkeersveiligheid en het borgen van de prioritering in modaliteiten. Een overkoepelende Mobiliteitsvisie zal bijdragen aan grip krijgen op het aspect mobiliteit en om ambities en doelstellingen beter te formuleren. Geluid De geluidbelasting in meerdere delen van de gemeente is hoog. Hoewel Lansingerland wel de ambitie uitspreekt om de geluidbelasting en de hinderbeleving ervan te verminderen, wordt in de Omgevingsvisie nergens een uitspraak gedaan hoe en in welke mate zij actief de geluidbelasting omlaag wil brengen. Ook met zicht op het nieuwe luchthavenbesluit voor Rotterdam-The Hague Airport is het nog onduidelijk hoe de cumulatieve geluidbelasting boven de gemeente ontwikkelt Daar komt nog bij dat er meerdere woningbouwlocaties in de gemeente zijn aangewezen op locaties waar al een relatief hoge gecumuleerde geluidbelasting aanwezig is, waardoor nieuwe bewoners onvermijdelijk in geluidbelast gebied komen te wonen.

Hoewel Lansingerland wel de ambitie uitspreekt om de geluidbelasting en de hinderbeleving ervan te verminderen, wordt in de Omgevingsvisie nergens een uitspraak gedaan hoe en in welke mate zij actief de geluidbelasting omlaag wil brengen.

98

Luchtkwaliteit De luchtkwaliteit verbetert autonoom. Zonder enig ingrijpen van de gemeente is er positieve trend te herleiden in de technologische vooruitgang. Daarnaast heeft de gemeente zich aangesloten bij het Schone Lucht Akkoord in 2020 waarmee zij zich committeert aan het verbeteren van de luchtkwaliteit door maatregelen door te voeren. Desondanks zijn er nog wel enkele aandachtspunten om mee te geven bij de verdere uitwerking van toekomstig milieubeleid, zoals de mogelijkheden onderzoeken milieuzones toe te kennen of door kwetsbare groepen niet dichtbij vervuilende bronnen te positioneren. Externe veiligheid Er zijn diverse risicobronnen in de gemeente aanwezig: transportroutes, buisleidingen en een deel van de gemeente ligt onder de aanvliegroute van Rotterdam-The Hague Airport. Enkele toekomstige woningbouwontwikkelingen kennen mogelijke veiligheidsrisico’s. Ondanks dat veiligheid een speerpunt in de Omgevingsvisie is, wordt niet duidelijk op welke manier de gemeente invulling gaat geven aan het veranderende omgevingsveiligheidsbeleid. Gezondheid De inwoners van de gemeente Lansingerland kennen relatief hoge milieugezondheidsrisico’s. Dit komt door de hoge geluidbelasting, veiligheidsrisico’s en lokaal matige luchtkwaliteit. Daarnaast is hittestress in mindere mate in de kernen en in grotere mate in het kassengebied een probleem.

Ook de lichthinder van de glastuinbouw levert verdere gezondheidsrisico’s op. Geadviseerd wordt om een hittestressplan op te stellen om de hittestress te beperken. Ter beperking van de lichthinder wordt geadviseerd om samen met de glastuinbouwsector te onderzoeken welke mogelijkheden (financieel) doelmatig zijn om emissies terug te dringen.

Bodem Er spelen geen grote problemen rondom de bodemkwaliteit in de gemeente. Bij toekomstige ontwikkelingen worden eventueel vervuilde gronden gesaneerd. De toename van drukte in de ondergrond is wel een punt van aandacht en vraagt mogelijk om een visie op de ondergrond. Water en klimaatadaptatie De Omgevingsvisie zet sterk in op het integreren van klimaatadaptie in het

koppeling tussen water en ecologie te maken.

Duurzaamheid In dit stadium worden enkele duurzaamheidsambities (zowel nationaal als regionaal) verder uitgewerkt. Zo wordt gewerkt aan de Regionale Energiestrategie (RES) voor de regio Rotterdam-Den Haag waar Lansingerland vooral een rol voor zonne-energie speelt. Maar ook andere manieren om aan de doelstellingen te voldoen dragen hier aan bij, zoals de Duurzaamheidsvisie, Uitvoeringsagenda, Warmte Samenwerking Oostland (WSO), het Handelingsperspectief Biomassa, Transitievisie Warmte. Om de doelstellingen te behalen is een verdere concretiseringsslag nodig.

Ecologie Het algemene beeld is dat Natura 2000 op verre afstand is gelegen van de gemeente waardoor effecten niet worden verwacht. Op Natuurnetwerk Nederland bestaan mogelijke effecten indien gekozen wordt te ontwikkelen langs de Rottemeren of in het uiterste zuidwesten van de gemeente langs de Bovenvaart. De Rottemeren en het (Hoge/Lage) Bergsche bos worden door groen gekenmerkt. Bovendien bevinden zich in de gemeente zelf enkele karakteristieke bomenrijen. Bij ontwikkelingen kunnen deze karakteristieke elementen verloren gaan. Ook dient rekening gehouden te worden met de biodiversiteit, vooral in

Conclusie De uitgebreide toelichting per thema is te lezen in de losse bijlage. De belangrijkste conclusies worden verwerkt in de definitieve Omgevingsvisie 1.0 na de inzageperiode of worden meegenomen richting de Omgevingsvisie 2.0.

Lansingerland

beleid. Het creëren van een robuust watersysteem heeft een positief effect op de omgevingskwaliteit, het voorkomt bijv. wateroverlast en hittestress. Het klimaatbestendig inrichten van de leefomgeving betekent ook meervoudig ruimtegebruik (denk aan groene daken). Ook worden er meer groenstructuren aangelegd bij nieuwe ontwikkelingen bij die positief bijdragen aan een goede afwatering en het verbeteren van de waterkwaliteit. Er valt een directe

Cultuurhistorie en archeologie Bij cultuurhistorie en archeologie spelen weinig problemen. De gemeente wordt aangeraden behoudenswaardige objecten en elementen te voorzien van een beschermingsregime. Daarnaast wordt aandacht gevraagd hoe duurzaamheidsambities te integreren zijn met de verduurzaming en/of renovatie en behoud van cultuurhistorisch erfgoed.

de parken en in het NNN en de gemeentelijke groenstructuren.

Ontwerp omgevingsvisie

99

5.8. Monitoring, aanvulling en herziening Levend document Wij beschouwen de Omgevingsvisie, en in het verlengende daarvan alle Omgevingswetinstrumenten, als levende documenten. De wereld verandert continu en daarom moeten we dus ook regelmatig onze instrumenten herijken. Liggen we nog op koers, zijn er nieuwe ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden, halen we onze ambities wel met onze huidige aanpak? Het afwegingskader wordt naar verwachting een belangrijk element bij de monitoring en evaluatie. Het gebruiken maken van meetbare indicatoren is een logische stap bij de verdere aanscherping van de Omgevingsvisie. De MER kan hier een bijdrage aan leveren. Qua actualisering van de visie zijn we voornemens om de Omgevingsvisie jaarlijks te controleren op uitvoerbaarheid en nieuwe ontwikkelingen en vierjaarlijks op lange termijnperspectieven. Stap richting Omgevingsvisie 2.0 Deze Omgevingsvisie 1.0 zet een stap richting volledige strategische beleidsintegratie. Het uiteindelijke doel is dat de Omgevingsvisie de centrale plek wordt voor al het strategisch ruimtelijk beleid. Dat betekent dat er op termijn geen andere thematische visies als losstaand beleid worden gemaakt. Om die beleidsintegratie te realiseren beschouwen we de Omgevingsvisie als een ‘levend’ document dat continue aangescherpt wordt.

Vanzelfsprekend gaan we wel verder met het uitwerken van bepaalde thema’s parallel aan de Omgevingsvisie. Maar dat wordt uiteindelijk niet opgenomen in losstaande beleidsstukken. De strategische uitspraken van zo een verdiepingsslag moeten uiteindelijk weer landen in de Omgevingsvisie en eventuele juridische consequenties in het Omgevingsplan. Via programma’s werken we bijvoorbeeld aan de uitvoering, een specifieke gebiedsuitwerking of aan ‘zachte’ maatregelen zoals het opzetten van subsidietrajecten en samenwerkingsverbanden.

100

In deze 1.0 versie hebben we alle ruimtelijke thema’s en de verschillende beleidstrajecten en ontwikkelingen met elkaar verbonden. In 2021 en 2022 worden verschillende thematische visies uitgewerkt en vastgesteld door de gemeenteraad. We hebben er bewust voor gekozen om die trajecten in samenspraak met de Omgevingsvisie op te stellen en de processen niet te vertragen door ze allemaal in een keer samen te voegen. In de Omgevingsvisie 2.0 zetten we een volgende stap in het integreren van strategisch ruimtelijk beleid. De volgende thema’s werken we de komende periode verder uit in verschillende trajecten. In 2022 en 2023 starten we met de eerste actualisatieslag waar we deze onderwerpen verder integreren in de Omgevingsvisie 2.0 en verdere opvolgers. » Regionale Energie Strategie Rotterdam - Den Haag: de RES-aanpak is ook gebaseerd op een cyclisch proces waarbij de RES tweejaarlijks verder uitgewerkt wordt richting 2025. De RES 1.0 is op 1 juli 2022 afgerond. Op dit moment zijn alle globale zoekgebieden in de Omgevingsvisie 1.0 opgenomen. Richting 2023 verwachten we dat de zoekgebieden verder geconcretiseerd worden en werken we als gemeente de lokale kansen voor zon en wind verder uit en besluiten of we per zoekgebied aanvullende voorwaarden stellen.

Parallel hieraan onderzoeken we hoe en wanneer we bestaande woonwijken, bedrijven en de glassector kunnen voorzien van alternatieve warmtebronnen. » De Woonvisie is vastgesteld op Q2 van 2021 en schetst de belangrijke opgaven en ambities op het gebied van woningbouw in de gemeente. In de Omgevingsvisie 2.0 integreren we de strategische uitspraken verder en wordt bepaald hoe een eventueel uitvoeringsprogramma voor het onderwerp wonen uitgewerkt kan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=fdf70be4-3515-4cbd-971d-c7a781e65f23